Zeeheldenwijk Toelichting.pdf
Tekst van het document
Zeeheldenwijk
66
c. De mogelijkheid conform artikel 7c Bu Chw lid 10 dat een exploitatieplan kan worden vastgesteld bij de omgevingsvergunning. (zie par. 6.1). Hiermee kan het kostenverhaal worden geregeld op het moment dat zich een concrete ontwikkeling voordoet. Indien toepassing wordt gegeven aan het tiende lid, geldt (onder andere) dat afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht niet van toepassing is op de voorbereiding van het exploitatieplan, in het bestemmingsplan een of meer exploitatiegebieden worden aangewezen en de omgevingsvergunning voor het bouwen kan worden geweigerd als de exploitatieopzet, een tekort bevat, dat niet is gedekt. In het bestemmingsplan is ten behoeve van de ontwikkelingen een exploitatiegebied aangewezen. Ja. Maatwerkregels: Op basis van de Wet geluidhinder is het vaststellen van een hogere grenswaarde geluid een separaat besluit naast het ruimtelijke besluit. Nu de grondslag en de ruimtelijke verantwoording van een ontheffing van de voorkeursgrenswaarde voortvloeien uit en zijn opgenomen in het bestemmingsplan met verbrede reikwijdte, wordt dit plan het vehikel voor het vaststellen van de hogere grenswaarde. Dit besluit is daarmee geïntegreerd in het bestemmingsplan. Dit besluit is al genomen in het kader van het vigerende plan en voldoet nog steeds. Nee. 5.2.2
Toepassing Chw
In de vorige paragraaf zijn de mogelijkheden van een bestemmingsplan Verbrede Reikwijdte beschreven. In deze paragraaf wordt toegelicht welke instrumenten voor dit plan zijn toegepast. Planperiode Vanwege de omvang van het plan kan het niet binnen de reguliere planperiode van 10 jaar worden gerealiseerd. Op basis van de Chw is de planperiode voor dit plan dan ook 20 jaar. Met een bouwvolume van gemiddeld circa 90-95 woningen per jaar kan het plan binnen deze planperiode worden gerealiseerd. Dit is een realistisch bouwvolume als het wordt vergelijken met de ervaringscijfers op Urk in de afgelopen jaren, waarin het bouwvolume ruim hoger is en de omstandigheid dat de realisatie van het plan start vanaf 2021. Bedrijven en milieuzonering Uit paragraaf 4.2 en 4.7 volgt, dat er vanwege het bedrijventerrein Zwolschehoek in een deel van het plangebied niet zonder meer milieugevoelige functies kunnen worden gerealiseerd. Het wordt enerzijds veroorzaakt door de milieucontouren voor wat betreft de aspecten geur, geluid, stof en gevaar die vanwege de toegestane bedrijven op het terrein Zwolschehoek over het plangebied liggen. Daarnaast heeft dit te maken met het cumulatieve geluidniveau, dat optreedt in het plangebied vanwege het wegverkeer en de bedrijfsactiviteiten op Zwolschehoek.
Om die reden is in de planregels opgenomen, dat er bij de realisatie van milieugevoelige functies sprake moet zijn van een goed woon- en leefklimaat. De wijze waarop hieraan wordt getoetst is opgenomen in de beleidsregels 'Goed woon- en leefklimaat'. De beoordeling vindt plaats enerzijds aan de richtafstanden, die op basis van de VNG-handreiking 'Bedrijven en Milieuzonering' (2009) moeten worden aangehouden. Anderzijds wordt beoordeeld of het plan in een gebied ligt waar de cumulatieve geluidbelasting niet meer bedraagt dan 61 dB exclusief aftrek. Daarvoor is in de beleidsregels een kaart opgenomen met de cumulatieve geluidscontouren. Verkeersafwikkeling Er dient zorgvuldig te worden omgegaan met de verkeerskundige situatie van het plan. Uit het verkeersonderzoek volgt, dat er in de toekomst mogelijk knelpunten te verwachten zijn bij de verkeersafwikkeling op de kruispunten. De gemeente zal met de provincie afspraken maken over monitoring van de verkeerssituatie en hoe om te gaan met de mogelijke maatregelen. Geluid Met het geldende plan zijn al hogere waarden vastgesteld. Nieuwbouw van woningen is alleen toegestaan als aan de vastgelegde geluidnormen kan worden voldaan en de bebouwing voldoet aan de beleidsregels 'Hogere waarde geluid'. Waterhuishouding De nieuwe inrichting van het gebied heeft effecten op de waterhuishouding in het plangebied en zijn omgeving.
Om een goede waterhuishouding te borgen heeft de gemeente in overleg met het waterschap
Zeeheldenwijk
67
beleidsregels 'Goede waterhuishouding' opgesteld. Bij het aanvragen/verlenen van omgevingsvergunningen moet aan deze beleidsregels worden voldaan. Beleidsregels De Chw biedt de mogelijkheid te werken met open normen, waarbij de uitleg nader wordt vastgelegd in een beleidsregel. De normen zijn dusdanig geformuleerd, dat deze naleefbaar, uitvoerbaar en handhaafbaar zijn. De gemeente stelt de volgende beleidsregels vast: 1. Beleidsregels Parkeren: in deze beleidsregel worden de parkeernormen voor Urk vastgelegd. Bij aanvragen omgevingsvergunning en (wijziging van) het gebruik wordt aan deze parkeernormen getoetst. 2. Beleidsregels Goed woon- en leefklimaat: In deze beleidsregel wordt bepaald op welke wijze bij aanvragen omgevingsvergunning wordt getoetst aan de eis of er sprake is van een goed woon- en leefklimaat. 3. Stedenbouwkundig plan: In het stedenbouwkundig plan worden middels themakaarten de stedenbouwkundige eisen aan bebouwing en inrichting van de openbare ruimte vastgelegd. 4. Beleidsregels Beeldkwaliteit onderdeel groene clusters: In deze beleidsregels is bepaald hoe de oorspronkelijke agrarische bouwpercelen ingericht dienen te worden. 5. Beleidsregels Hogere waarde geluid: In deze beleidsregels is bepaald waar woningen aan moeten voldoen als ze worden gebouwd in een gebied waarvoor een hogere grenswaarde geluid is vastgelegd in het bestemmingsplan. 6.
Beleidsregels 'Wonen en werken aan huis gemeente Urk 2008': Deze beleidsregel is in 2008 vastgesteld. Uitgangspunt is dat een beroep en/of bedrijf in de bestemming 'Wonen - 1' en 'Wonen 2' niet is toegestaan. Hiervan kan worden afgeweken, mits wordt voldaan aan de voorwaarden zoals in deze beleidsregel zijn vastgelegd. 7. Beleidsregel 'Internetwinkels': Het gebruik van gebouwen voor internetwinkels wordt beschouwd als strijdig met het bestemmingsplan. Via een omgevingsvergunning kan hiervan worden afgeweken. Hierbij wordt getoetst aan de randvoorwaarden zoals opgenomen in de beleidsregels 'Internetwinkels'.
5.3
Bestemmingen
Over de wijze van het digitaal presenteren van de bestemmingsplannen is zoveel mogelijk aangesloten bij de RO Standaarden 2012. Er is niet altijd aangesloten op de benaming van aanduidingen die in de SVBP zijn voorgeschreven Dit is geen beperking bij het plaatsen van de plannen op www.ruimtelijkeplannen.nl, mits de objectenindeling maar blijft gehandhaafd: hoofdstukken, artikelen en (sub)leden. Hoofdstuk1 Inleidende regels Artikel 1 Begrippen In dit artikel worden de begrippen uitgelegd die voorkomen in de planregels. Deze begrippen zijn waar relevant afgestemd op de verplichte begripsomschrijvingen uit de SVBP 2008. Uit de begripsomschrijving wordt één begrip gelicht, namelijk bouwperceel. Het bouwperceel wordt als volgt omschreven: 'een aaneengesloten stuk grond, waarop ingevolge de regels een zelfstandige, bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten'. Hiermee wordt het deel van het eigendomsperceel bedoeld, welke in het bouwvlak valt. De onderstaande afbeelding illustreert het begrip bouwperceel.
Achtererfgebied is over het algemeen een moeilijk uit te leggen begrip. Ter verduidelijking en ter illustratie van dit begrip is onderstaande afbeelding in deze toelichting opgenomen.
Zeeheldenwijk
68
Artikel 2 Wijze van meten In dit artikel is bepaald op welke wijze gemeten moet worden bij het toepassen van de regels. Hoofdstuk2 Bestemmingsregels In dit tweede hoofdstuk zijn de regels van de bestemmingen opgenomen. Dit gebeurt in alfabetische volgorde. Per bestemming is het toegestane gebruik geregeld en zijn bouwregels en, eventueel, ook regels met betrekking tot het uitvoeren van werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden opgenomen. De dubbelbestemmingen zijn ook in dit hoofdstuk opgenomen. Deze volgen in alfabetische volgorde, op de bestemmingsregels, de enkelbestemmingen. Ieder artikel kent een vaste opzet. Eerst wordt het toegestane gebruik geformuleerd in de bestemmingsomschrijving. Vervolgens zijn bouwregels opgenomen. Aansluitend volgen afwijkingsregels met betrekking tot bouw- en/of gebruiksregels. Ten slotte zijn eventueel regels met betrekking tot het uitvoeren van werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden en/of wijzigingsbevoegdheden opgenomen. Belangrijk om te vermelden is dat naast de bestemmingsregels ook in andere artikelen relevante informatie staat die mede gelezen en geïnterpreteerd moet worden. Alleen zo ontstaat een volledig beeld van wat in dit plan is geregeld.
Artikel 3 Gemengd - 1 Deze gronden zijn bestemd voor verschillende functies, namelijk bedrijfsmatige activiteiten (categorieën 1 tot en met 2), indoor-leisure, parkeervoorzieningen en ondersteunende horeca. Binnen de bestemming is perifere detailhandel en grootschalige detailhandel toegestaan. Er zijn diverse maatvoeringseisen opgenomen. De bouwregels zijn afgestemd op de aangetoonde behoefte in het ladderonderzoek (zie paragraaf 3.1.1). Hierbij geldt ondermeer dat bouwkavels van de bedrijfsmatige activiteiten (categorieën 1 tot en met 2) maximaal 2.500 m² groot mogen zijn. Een bouwperceel ten behoeve van perifere detailhandel en grootschalige detailhandel mag niet groter zijn dan 1.250 m2. Via een binnenplanse afwijking kan voor perifere detailhandel en grootschalige detailhandel onder voorwaarden een groter bouwperceel worden toegestaan. Bij het verlenen van de omgevingsvergunningen wordt aan de bouw- en gebruiksregels getoetst. De regels ten aanzien van parkeren zijn vastgelegd in zogenaamde beleidsregels. Ook aan deze regels moet uiteraard worden voldaan. Artikel 4 Gemengd - 2 De gronden globaal gelegen in het centrum van het plangebied hebben deze bestemming gekregen. Enerzijds wordt een aantal maatschappelijke functies hier ondergebracht, maar ook is detailhandel mogelijk in combinatie met woningbouw.
De bouwregels zijn ook hier afgestemd op de aangetoonde behoefte van het ladderonderzoek (zie paragraaf 3.1.1). Bij de maatschappelijke functies moet in het bijzonder gedacht worden aan scholen, een sporthal, kerk, wijkgebouw en gezondheidszorg. Er is een wijzigingsbevoegdheid die het mogelijk maakt om meer woningbouw te realiseren mocht blijken dat de behoefte aan de maatschappelijke functies minder groot zijn dan nu wordt ingeschat. Er kan daarbij zowel grondgebonden als gestapelde woningbouw mogelijk worden gemaakt. Een supermarkt is middels een wijzigingsbevoegdheid toegestaan, mits de behoefte hieraan
Zeeheldenwijk
69
aangetoond is. Een tweede supermarkt is eveneens middels een wijzigingsbevoegdheid toegestaan, deze supermarkt kan enkel in de plaats komen van minimaal 650 m2 detailhandel, ook hiertoe dient de behoefte aangetoond te zijn. Artikel 5 Groen Aan de gronden die deel uitmaken van de hoofdgroenstructuur is de bestemming Groen toegekend. Deze gronden zijn bestemd voor onder meer groenvoorzieningen, speelvoorzieningen en voet- en fietspaden. Het aanleggen van waterpartijen en watergangen, het dempen van watergangen en de aanleg van fiets- en voetpaden is alleen toegestaan via een omgevingsvergunning. Artikel 6 Maatschappelijk Deze gronden zijn in dit bestemmingsplan bestemd voor verschillende functies, namelijk een kinderboerderij met bijbehorende voorzieningen, zorgwonen met bijbehorende voorzieningen en wonen en dagbesteding. Er zijn diverse maatvoeringseisen opgenomen. Het aantal zorgwoningen is afgestemd op de aangetoonde behoefte in het ladderonderzoek (zie paragraaf 3.1.1 De gronden met de huidige kinderboerderij hebben ook een maatschappelijke bestemming gekregen. Binnen de bestemming Maatschappelijk als geheel is slechts 1 kinderboerderij toegestaan. Er is een wijzigingsbevoegdheid opgenomen voor het perceel met de bestaande kinderboerderij. Deze wordt geëffectueerd als de nieuwe kinderboerderij is aangelegd.
Deze vrijkomende gronden zijn bestemd voor verschillende functies, te weten verkeer, halte voor de streekbussen, fietsparkeervoorzieningen, horeca 1 en 2, een kiosk en zorgwoningen. Er zijn diverse maatvoeringseisen opgenomen. Artikel 7 Verkeer De bestemming Verkeer is toegekend aan de Urkerweg, de Domineesweg en de nieuwe gebiedsontsluitingsweg die in noordzuidelijke richting loopt met de bijbehorende rotondes en bruggen. De aanleg van watergangen en waterpartijen, dempen van oppervlaktewater, aanbrengen terreinverharding en de aanleg van wegen is alleen toegestaan via een omgevingsvergunning. Artikel 8 Verkeer - Verblijfsgebied De bestemming Verkeer - Verblijfsgebied is toegekend aan de erftoegangswegen in het plangebied. De gronden zijn bestemd voor woonerven, woonstraten, parkeerplaatsen, voet- en fietspaden, speelplaatsen en buurtgroen, water en bouwwerken, geen gebouwen zijnde. De aanleg van watergangen en waterpartijen, dempen van oppervlaktewater, aanbrengen terreinverharding en de aanleg van wegen is alleen toegestaan via een omgevingsvergunning. Bij de aanleg van parkeerplaatsen wordt ook getoetst aan de beleidsregels 'Parkeren'. Artikel 9 Water De Urkervaart en de tochten aan de oost- en aan de westkant van het plangebied zijn bestemd als Water.
De gronden zijn bestemd voor watergangen, waterpartijen, oevers, groen en taluds, waterhuishouding, aanbrengen terreinverharding, beroeps- en recreatievaart, instandhouding en ontwikkeling van daar voorkomende natuur- en landschapswaarden, het behoud van de vliegroute van vleermuizen, die is aangeduid met de aanduiding 'ecologie', i.c de Urkervaart, waarbij het bepaalde in lid 21.3 van toepassing is. Deels voorziet de bestemming nog in de realisatie van natuurcompensatie. Artikel 10 Wonen - Erfsingel Dit artikel bevat de regeling voor de bestaande woningen die al als woning waren bestemd. De regeling is uit het vigerende plan integraal overgenomen in onderhavig plan. De bestemming voorziet eveneens in de instandhouding en ontwikkeling van afschermende erfbeplanting met bijbehorende erfsloot. Artikel 11 Woongebied De gronden met de bestemming Woongebied zijn bestemd voor wonen. Daarbij zijn beroep en bedrijf aan huis bij recht toegestaan. Er zijn diverse bouwregels opgenomen voor de woningen, zoals een minimale en maximale goothoogte, een minimale en maximale bouwhoogte en een maximaal aantal woningen. Bij het verlenen van de omgevingsvergunningen wordt aan de bouw- en gebruiksregels getoetst. De regels ten aanzien van de goed woon- en leefklimaat zijn vastgelegd in zogenaamde beleidsregels. Ook aan deze regels moet worden voldaan.
Zeeheldenwijk
70
Artikel 12 Gemengd - Uit te werken Deze gronden zijn bestemd als Gemengd - Uit te werken 1. Deze gronden zijn bestemd voor wonen, bedrijfsmatige activiteiten die zijn genoemd in Bijlage 2 behorende bij deze regels onder de categorieën 1 tot en met 2, maatschappelijke voorzieningen, indoor-leisure, bedrijfswoningen, perifere detailhandel en grootschalige detailhandel, parkeervoorzieningen en nutsvoorzieningen met de daarbij behorende ondersteunende horeca. Er mag pas een omgevingsvergunning worden verleend nadat het Uitwerkingsplan is vastgesteld. Artikel 13 Woongebied - Uit te werken, In de regels zijn de uitwerkingsregels opgenomen. Er mag pas een omgevingsvergunning worden verleend nadat het betreffende Uitwerkingsplan is vastgesteld. De bestemming maakt wonen, maatschappelijke voorzieningen (onderwijs en intramurale zorg), woonerven, woonstraat, parkeervoorzieningen, voet- en fietspaden, groenvoorzieningen, kunstwerken, water en watervoorzieningen mogelijk. Voor wat betreft de scholen en zorgvoorzieningen zal de noodzaak via ladderonderzoek moeten worden aangetoond. Voor de uitwerking van het gebied zal moeten worden voldaan aan de normen in de verschillenden beleidsregels. Artikel 14 Leiding - Gas en Artikel 15 Leiding - Riool Deze dubbelbestemmingen dienen ter bescherming van de aanwezige gasleiding en rioolpersleiding aan de noordkant van het plangebied.
Artikel 16 Waarde - Archeologie 1, Artikel 17 Waarde - Archeologie 2 en Artikel 18 Waarde Archeologie 3 Deze dubbelbestemmingen dienen ter bescherming van de aanwezige archeologische waarden en archeologische verwachtingswaarden. Middels de dubbelbestemming Waarde - Archeologie 1 worden gronden met een bekende archeologische waarde beschermd. Ter plaatse van de dubbelbestemmingen Waarde - Archeologie 2 en Waarde - Archeologie 3 geldt een hoge archeologische verwachtingswaarde. Hoofdstuk3 Algemene regels Artikel 19 Anti-dubbeltelregel Hiermee blijven gronden die eenmaal in aanmerking zijn genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, buiten beschouwing bij de beoordeling van latere bouwplannen.
Artikel 20 Algemene bouwregels 20.1 Bestaande bebouwing Het gaat hierbij om een bouwregel voor bestaande bebouwing die bepaalt dat indien de bestaande bebouwing op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan afwijkt van de in de planregels gegeven regels, in afwijking van deze regels, de bestaande goot- en bouwhoogte, oppervlakte van een bouwwerk, oppervlakte van een bouwvlak, de inhoud en afstanden als maximaal toelaatbaar worden aangehouden, mits deze afwijkende maatvoering, inhoud of oppervlakte op een legale wijze bij of krachtens de Wet op de Ruimtelijke Ordening, Wet ruimtelijke ordening en -voorzover van toepassingde Woningwet of Wet algemene bepalingen omgevingsrecht tot stand is gekomen. 20.2 Hogere waarde geluid In dit lid is bepaald dat wanneer bij uitwerkingsplannen een besluit hogere waarde geluid moet worden vastgesteld de beleidsregels 'Hogere waarde geluid' gelden. Artikel 21 Algemene gebruiksregels In dit artikel is ten eerste bepaald wat sowieso als strijdig met de bestemmingsregels wordt beschouwd. Dit artikel bevat tevens een voorwaardelijke verplichting ter bescherming van de vliegroute voor vleermuizen (i.c. de Urkervaart).
Hierbij is samengevat bepaald dat het op zodanig wijze aanbrengen van verlichting langs de Urkervaart waardoor de vliegroute van vleermuizen niet meer als zodanig zal worden gebruikt wordt gezien als strijdig met het bestemmingsplan. Met het oog hierop dient bij het aanbrengen van nieuwe verlichting langs de Urkervaart uit een door een deskundige opgestelde verklaring of rapport te blijken, dat deze verlichting de vliegroute van vleermuizen niet zodanig zal verstoren, dat het gebruik
Zeeheldenwijk
71
hiervan afneemt. Verder zijn regels opgenomen voor wat betreft parkeergelegenheid en laad- en losmogelijkheden binnen het plangebied. Ook is bepaald dat een omgevingsvergunning slechts wordt verleend als sprake is van een duurzame ontwikkeling, zoals opgenomen in de beleidsregels. Tot slot bevat dit artikel een regeling die inhoud dat internetwinkel als strijdig met de bestemmingen wordt gezien. Een internetwinkel kan worden toegestaan als er sprake is van een acceptabele uitstraling, hetgeen is bepaald in de beleidsregels 'Internetwinkels'. Artikel 22 Algemene afwijkingsregels In dit artikel zijn algemene afwijkingsregels opgenomen voor: het aanbrengen van geringe wijzigingen in de plaats, richting en/of afmetingen van bebouwingsgrenzen, voorzover niet zijnde bestemmingsgrenzen, mits het wijzigingen betreft ten behoeve van de praktische uitvoering van het plan, waarbij belangen van derden niet onevenredig worden geschaad, dan wel ter correctie van afwijkingen of onnauwkeurigheden in de analoge verbeelding; het oprichten van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, in de vorm van palen en masten, met een hoogte van niet meer dan 12 meter.
Artikel 23 Algemene wijzigingsregels Dit artikel bevat een algemene wijzigingsregel die het mogelijk maakt dat burgemeester en wethouders het plan wijzigen voor wat betreft het aanbrengen van geringe wijzigingen in de plaats, richting en/of afmetingen van bestemmingsgrenzen, mits het wijzigingen betreft ten behoeve van de praktische uitvoering van het plan, waarbij belangen van derden niet onevenredig worden geschaad, dan wel ter correctie van afwijkingen of onnauwkeurigheden in de verbeelding. Artikel 24 Algemene procedureregels Dit artikel geeft de procedure voor het stellen van nadere eisen. Deze procedure is bij wet niet geregeld. Artikel 25 Overige regels 25.1 Algemene nadere eisen Hiermee wordt geregeld dat burgemeester en wethouders nadere eisen kunnen stellen aan de situering van bebouwing en beplanting in verband met het in acht te nemen van afstanden tot wegen ten aanzien van verkeersveiligheid en in verband met het in acht nemen van afstanden tot watergangen. 25.2 Werking wettelijke regelingen Dit lid regelt dat de wettelijke regelingen waarnaar in de regels van dit plan wordt verwezen, gelden zoals deze gelden op het moment van vaststelling van dit plan.
Hoofdstuk4 Hogere grenswaarden Wet geluidhinder Artikel 26 Hogere grenswaarden verkeerslawaai Artikel 7c lid 9 van het Besluit Uitvoering Crisis- en Herstelwet biedt de mogelijkheid om een besluit tot het vaststellen van hogere grenswaarden voor industrie- en/of wegverkeerslawaai op te nemen in het bestemmingsplan met verbrede reikwijdte, in plaats van het nemen van aparte hogere waardenbesluiten. Waar ter hoogte van de genoemde bestaande woning en toekomstige woningen een geluidbelasting als gevolg van wegverkeerslawaai optreedt van meer dan de voorkeursgrenswaarde van 48 dB, wordt met dit bestemmingsplan een hogere grenswaarde vastgesteld. Per adres/zone is genoemd wat de vastgestelde hogere waarde is. Hoofdstuk5 Overgangs- en slotregels Artikel 27 Overgangsrecht Het overgangsrecht ten aanzien van bouwen en gebruik is opgenomen conform de eisen van het Besluit ruimtelijke ordening. Opgemerkt wordt, dat het bestaande gebruik van de agrarische gronden en gebouwen opnieuw onder
Zeeheldenwijk
72
het overgangsrecht wordt gebracht. Dit legale gebruik viel onder het vigerende bestemmingsplan al onder het overgangsrecht. Hierbij geldt, dat wanneer een situatie reeds onder het overgangsrecht valt, en de gemeenteraad vervolgens een nieuw bestemmingsplan vaststelt, de raad moet beslissen wat het met deze overgangsrechtelijke situatie doet. Het opnieuw, voor een tweede maal, onder het overgangsrecht brengen van zo'n situatie is onder omstandigheden aanvaardbaar. Hiervoor is in ieder geval vereist dat de gerechtvaardigde verwachting bestaat dat het bestaande gebruik binnen de planperiode zal worden beëindigd. De planperiode van onderhavig plan is 20 jaar. Ten opzichte van het ontwerpplan en het vigerende bestemmingsplan zijn de verschillende vooronderzoeken meer gedetailleerd uitgevoerd. Het bestemmingsplan en programma hebben een meer specifieke invulling gekregen. Het is aannemelijk dat binnen de planperiode de beoogde bestemming wordt gerealiseerd. Artikel 28 Slotregel Dit artikel bevat de citeertitel van het bestemmingsplan.
Zeeheldenwijk
73
Zeeheldenwijk
74
Hoofdstuk 6
6.1
Uitvoerbaarheid
Economische uitvoerbaarheid
Het bestemmingsplan Zeeheldenwijk maakt bouwplannen als bedoeld in artikel 6.2.1 van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) mogelijk. Op grond van artikel 6.12 lid 1 van de Wet op de ruimtelijke ordening (Wro) dient de gemeenteraad een exploitatieplan vast te stellen voor gronden waarop dergelijke bouwplannen zijn voorzien. De gemeenteraad kan bij een besluit tot vaststelling van een bestemmingsplan ook besluiten geen exploitatieplan vast te stellen als het verhaal van kosten van de grondexploitatie van de gronden anderszins is verzekerd en het bepalen van een tijdvak of fasering en het stellen van eisen en regels niet noodzakelijk is. Het overgrote deel van de gronden in het bestemmingsplangebied is in eigendom van de gemeente, waardoor kostenverhaal op bouwplannen op grondeigendom van derden daarvoor niet aan de orde is. De gronden die niet in eigendom van de gemeente zijn, zijn of conserverend bestemd, waardoor er geen nieuw bouwplan mogelijk wordt gemaakt, of de kosten voor ontwikkeling van deze gronden zijn anderszins verzekerd. Hierdoor hoeft er geen exploitatieplan opgesteld te worden. Op de gronden vigeert momenteel een exploitatieplan, deze wordt bij vaststelling van het bestemmingsplan Zeeheldenwijk ingetrokken. De gemeentelijke grondexploitatie is minimaal sluitend.
Hiermee is de financieel economische uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan geborgd en is het bestemmingsplan daarmee economisch uitvoerbaar.
6.2
Maatschappelijke uitvoerbaarheid
Maatschappelijke opgave Met dit bestemmingsplan wordt uitvoering gegeven aan de opdracht van de provincie Flevoland om te voorzien in de bouw van woningen voor de eigen behoefte. In het kader van de maatschappelijke uitvoerbaarheid wordt het bestemmingsplan voorgelegd aan een ieder. Vooroverleg ex artikel 3.1.1 Bro In het kader van het wettelijke verplichte overleg op grond van artikel 3.1.1 van het Besluit ruimtelijke ordening is het voorontwerpbestemmingsplan toegezonden aan de vooroverlegpartners met de mogelijkheid tot het geven van een reactie. De ingekomen vooroverlegreacties zijn verwerkt in de nota van beantwoording vooroverleg in Bijlage 21. Inspraak Het voorontwerpbestemmingsplan heeft gedurende zes weken ter inzage gelegen. In de nota van beantwoording inspraak in Bijlage 22 zijn de uitkomsten van de inspraak verwerkt. Tervisielegging ontwerpbestemmingsplan Het ontwerpbestemmingsplan heeft gedurende zes weken ter inzage gelegen. Tijdens de terinzageleggingstermijn zijn zienswijzen op het plan ingediend. De zienswijzen zijn beantwoord in de nota van zienswijzen en wijzigingen in Bijlage 23. Na onder meer afstemming met het waterschap Zuiderzeeland zijn enkele ambtshalve wijzigingen doorgevoerd in het vastgestelde bestemmingsplan. Deze ambtshalve wijzigingen zijn eveneens weergegeven in de Nota van zienswijzen en wijzigingen in Bijlage 23.
Vaststelling bestemmingsplan Het bestemmingsplan wordt daarna ter vaststelling aan de gemeenteraad van Urk aangeboden. Daarna wordt het vaststellingsbesluit en het bestemmingsplan 6 weken ter inzage gelegd, gedurende welke
Zeeheldenwijk
75
periode beroep kan worden aangetekend bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Zeeheldenwijk
76