Kadernota 2022 (exploitatieruimte aangepast).pdf
Tekst van het document
Ook het terugdringen van afval en het bevorderen van hergebruik van grondstoffen heeft een hoge prioriteit. We doen dit alles in maximale verbondenheid met onze inwoners. Op Urk werken we samen aan een omgeving waar mensen veilig zijn en zich veilig voelen. Bestrijden ondermijning is een serieus aandachtspunt. Net als het borgen van maatschappelijke voorzieningen in de nieuwe wijken. Wettelijke ontwikkelingen De uitvoeringspraktijk van politie, justitie en gemeente op het terrein van openbare orde en veiligheid verandert sterk door de komst van nieuwe wet- en regelgeving. De rol en verantwoordelijkheden van de gemeente op het terrein van veiligheid nemen toe, zoals blijkt uit de aandacht voor toezicht en handhaving. De gemeente wil de wet- en regelgeving correct toepassen en uitvoeren.
d.d. 24 juni 2021
24
Maatschappelijke opgaven Nederlandse overheid • Samen aan de slag voor het klimaat (opgave 1) • Naar een vitaal platteland (opgave 4) • Overkoepelende thema’s (opgave 10)
Gemeente Urk • Goed schaken op twee borden: groei accommoderen én verbeteren (opgave 1) • Het bestrijden van ondermijning (opgave 4) • Versnellingen en intensiveringen in de duurzaamheidstransitie (opgave 5) • •
Nederland Gasloos 2050 Klimaat adaptatie
Wat willen we bereiken en wat gaan we ervoor doen? Maatschappelijke effecten
Beleidsuitvoering
Looptijd
Fase (jaar 2022)
B/K
Voldoende en passende woningaanbod
1. Oranjewijk
2022-2024
Realisatie
B
2. Zeeheldenwijk
2022-2040
Realisatie
B
3. Huisvesting arbeidsmigranten
2022-2023
Definitie
4. Bijdrage Urk in het kader extra 100.000 woningen (motie Koerhuis)
2022-2050
Initiatief
5. Visie herontwikkeling locatie Noorderzand
2022
Realisatie
B
6. Actualisatie woonvisie
2022
Afsluiting
B
7. Implementatie Nieuwe Omgevingswet
2022-2029
Voorbereiding
K
8. Warmtenet Zeeheldenwijk
2022-2024
Realisatie
B
9. Brandweerkazerne
2022-2023
Realisatie
B
10. Doorontwikkeling afvalinzamelingsysteem i.c.m. stabilisering afvalstoffenheffing 11. Herinrichting Singel
2022-2023
Realisatie
B
2022-2023
Realisatie
B/K
12. Uitbreiding begraafplaats 'De Vormt'
2022
Afsluiting
13. Huisvestingsopgave wonen met zorg
2022
Realisatie
B
14. Inclusieve samenleving 15. Verkeersinfrastructuur: domineesweg/randweg
2022 2022-2030
Voorbereiding
B
16. Verbetering Openbaar Vervoer (2 haltevoorzieningen)
2022-2023
Voorbereiding
17. Herstructurering dorpsingang
2022-2023
Definitie
18. Michiel de Ruyter Allee
2022-2023
Realisatie
B
19. Reconstructie Urkerweg
2022-2023
Realisatie
B
20. Michiel de Ruyterbrug
2022-2023
Realisatie
B B
Leefbare, veilige en duurzame omgeving
Betere fysieke bereikbaarheid en doorstroming
Initiatief
B
21. Vaarduiker Oranjewijk, Zeeheldenwijk
2022-2023
Realisatie
Behouden Urker cultuur en bezienswaardigheden
22. Haveninrichting (visueel aantrekkelijk)
2022-2023
Voorbereiding
Passend sporten recreatiestimuleringsaanbod
23. Sporthal Zeeheldenwijk
2022-2023
Ontwerp
B
24. Heroriëntatie accommodatiebeleid/-visie op gemeentelijke sportgebouwen
2022
Afsluiting
B
d.d. 24 juni 2021
25
2.5 URK VERBINDT Inhoud en doelstelling Kenmerkend voor Urk is de hoge mate van maatschappelijke participatie. Bestuur en organisatie, burgers, bedrijven en ketenpartners zoeken verbinding onderling en met elkaar. Iedereen levert zijn of haar bijdrage aan de slagkracht van de gemeente. Nieuwe mogelijkheden voor communicatie en voor het aanvragen van diensten en producten vraagt een digitale volwassenheid. Een doorontwikkeling van de organisatie en lCT-middelen vindt plaats om een optimale dienstverlening te waarborgen. Gemeenten worden geconfronteerd met ‘een verandering van tijdperken’ in plaats van ‘een tijdperk van verandering’. Van een hiërarchische top-down samenleving gaan we naar een netwerkmaatschappij. Dit vraagt goed bestuur, toekomstbestendige organisatie en passend en gezamenlijk beleid met betreffende ketenpartners. Gemeente Urk werkt op tal van terreinen samen met andere gemeenten, provincies, bedrijven en maatschappelijke instellingen. Ook participatie van inwoners en bedrijven speelt hierbij een belangrijke rol. Er wordt ingezet op een intensievere samenwerking met de regio. Samen met de buurgemeenten Dronten en NOP zoekt Urk nadrukkelijk de samenwerking met provincie Flevoland en regio Zwolle.
Om de burgers betrouwbaar te kunnen bedienen is langdurige stabiliteit in de gemeentefinanciën noodzakelijk (en) om maatschappelijke opgaven met de juiste democratische afweging op te kunnen pakken, is financiële armslag noodzakelijk. Een sluitende begroting voorzien van een meerjarenraming die in evenwicht is. Ook de jaarrekening behoort in evenwicht te zijn. Daarbij voldoen we aan de richtlijnen van de begrotingscirculaire van de provincie Flevoland. Verder is het streven om de woonlasten nabij het landelijke gemiddelde te brengen. Dit vraagt samenwerking met en inzet van onze burgers. Wettelijke ontwikkelingen Burgers en bedrijven moeten gemakkelijker online zaken kunnen doen met de overheid. Uitbreiding van het digitale dienstenpakket verhoogt de efficiency en vermindert de regeldruk. Daarbij staat bij de overheid één ding voorop: gegevens van burgers moeten goed beschermd zijn. In de praktijk betekent dit dat kosten zullen toenemen. In 2022 zal de Omgevingswet vermoedelijk in werking treden. Met de Omgevingswet wordt het huidige stelsel van ruimtelijke regels volledig herzien. De Omgevingswet bundelt de wetgeving en regels voor ruimte, wonen, infrastructuur, milieu, natuur en water. En regelt daarmee het beheer en de ontwikkeling van de leefomgeving. Het vraagt om een heel andere werk- en denkwijze van overheden, burgers en bedrijven.
Open, samenhangend, flexibel, uitnodigend en innovatief zijn daarbij de kernwoorden. Door minder en overzichtelijke regels, meer ruimte voor initiatieven en lokaal maatwerk en het geven en vragen van vertrouwen. Daarbij moet het doel van een initiatief in de fysieke leefomgeving centraal staan in plaats van de vraag: ‘mag het wel?’. Al deze veranderingen zullen invloed hebben op de rol van de gemeenteraad, de rol van het college en de ambtelijke organisatie van de gemeente Urk. In 2022 en verder wordt doorgewerkt aan de transformatie naar een organisatie die is toegesneden op de nieuwe wet. Dit vraagt een forse inspanning. In het spoorboekje Omgevingswet zijn voor 2021 en 2022 concrete doelen benoemd. Maatschappelijke opgaven Nederlandse overheid • Goed openbaar bestuur in een veranderende samenleving (opgave 8) • Passende financiële verhoudingen (opgave 9) • Overkoepelde thema’s (opgave 10)
d.d. 24 juni 2021
Gemeente Urk • Goed schaken op twee borden: groei accommoderen én verbeteren (opgave 1) • Het bestrijden van ondermijning (opgave 4) • Versnellingen en intensiveringen in de duurzaamheidstransitie (opgave 5) • Samenhang en samenwerking in de regio versterken (opgave 6)
26
Wat willen we bereiken en wat gaan we ervoor doen? Maatschappelijke effecten
Beleidsuitvoering
Looptijd
Fase (jaar 2022)
B/K
Sterk bestuur
1. Samenwerking binnen Flevoland 2. Samenwerking regio Zwolle
2022 (doorl.) 2022 (doorl.)
Realisatie Realisatie
B B
3. Interbestuurlijk Toezicht
2022 (doorl.)
Realisatie
B
4. Planning- en controlcyclus
2022 (doorl.)
Realisatie
B
5. Het doorontwikkelen organisatie
2022-2024
Realisatie
B
6. Strategisch personeelsplan
2022
Afsluiting
B
7. Burgerparticipatie (Omgevingsvisie)
2022-2023
Realisatie
B
8. ZZL subsidies en projecten (aanvraag ontsluitingsweg)
2022
Afsluiting
B
Participerende samenleving
9. Leader-projecten (2 projecten)
2022-2023
Realisatie
B
Klantgedreven dienstverlening
10. Uitvoeringsplan 2022/2023 Informatiebeleid
2022-2023
Realisatie
B
(samen, slim, snel en soepel)
11. Informatievoorziening (zaakgericht werken / archief)
2022-2024
Realisatie
B/K
d.d. 24 juni 2021
27
3. ONTWIKKELINGEN PARAGRAFEN 3.1 WEERSTANDSVERMOGEN EN RISICOBEHEERSING Risico-inventarisatie Een risico is de onzekerheid (kans) dat een gebeurtenis met (negatieve) gevolgen zich voordoet. Risicomanagement komt dus op de eerste plaats. Pas als een risico, ondanks de inspanningen op het gebied van risicomanagement, toch optreedt en negatieve financiële gevolgen heeft voor de gemeente, dan komt het weerstandsvermogen in beeld. Het weerstandsvermogen (beschikbare weerstandscapaciteit) wordt gerelateerd aan de benodigde weerstandscapaciteit welke wordt berekend aan de hand van het totaal van de geïnventariseerde en gekwantificeerde risico’s. Actuele risico’s In de begroting worden de risico’s van de gemeente Urk op een rij gezet en ingedeeld in de volgende risicocategorieën: • Algemeen • Concreet • Specifiek Uitgangspunt bij het bepalen van de risico’s is het gegeven dat ze nooit allemaal tegelijk en met een maximale omvang zullen optreden. In een risicoprofiel van meerdere risico’s is het ondenkbaar dat ze tegelijk in één jaar zullen optreden. Sommige risico’s zullen zich nooit voordoen, terwijl andere zich echter in hun maximale omvang manifesteren. In dit hoofdstuk worden allereerst de algemene risico’s zoveel mogelijk in beeld gebracht. Voor algemene risico’s worden in de regel geen afzonderlijke reserves aangehouden.
De concrete risico’s zijn in principe zoveel mogelijk gedekt door de aanwezige reserves en voorzieningen. De nadruk zal voor de berekening van de benodigde weerstandscapaciteit op de gemeente specifieke risico’s komen te liggen. De risico´s die er in deze kadernota worden uitgelicht, zijn: ▪ Economische conjunctuur / Coronavirus De economisch conjunctuur leek goed tot het moment Coronavirus zijn intrede deed. Het is op dit moment onmogelijk te bepalen hoe groot de financiële impact zal zijn. Wij monitoren onze risico’s en die van onze stakeholders voortdurend. Onze organisatie loopt geen risico voor de continuïteit. We bewaken onze liquiditeitspositie goed en nemen zo nodig maatregelen om onze taken gedurende deze crisis zo goed mogelijk te blijven uitvoeren. Voorzichtigheid blijft geboden. Een langdurige recessie heeft gevolgen voor de gemeentebegroting. Met name aan de opbrengstenkant brengt dit risico’s met zich mee. Te denken valt aan de lagere opbrengsten wegens: grondverkopen, leges bouwactiviteiten, verhuur van gronden en gebouwen, etc. ▪ Grondverkopen (grondexploitatie) De woningbouw verloopt vooralsnog goed. De verwachting is dat er eind 2022 de eerste kavels in Zeeheldenwijk worden verkocht. Uitgeefbare bedrijfsgrond is zeer beperkt. Het complex Zwolse Hoek 5 telt nog enkele kavels.
Het wordt nog een hele uitdaging om het nieuwe bedrijventerrein Port of Urk conform de planning te realiseren. ▪ Het bestemmingsplan Port of Urk is in de raad van 18 februari 2021 vastgesteld en is inmiddels onherroepelijk. De voorbereidingen voor het bouwrijpmaken zijn in volle gang. In de raad van 8 april 2021 is de grondexploitatie vastgesteld. Het verwachtte verlies is teruggebracht van € 3.308.000 naar € 1.363.000. De verliesvoorziening is aangepast. ▪ Programma Aanpak Stikstof (PAS) Veel bouwplannen sneuvelden de afgelopen periode als gevolg van de uitspraak Raad van State met betrekking tot de Programmatische Aanpak Stikstof. Het stikstofprobleem zien we voorlopig als een risico en niet als een feit. De extra gevolgen brengen wij in beeld. Het mogelijk risico wordt gekwantificeerd en meegenomen in de risicoparagraaf van het project. Dit zal leiden tot het verhogen van het risicoprofiel per project, maar niet direct de financiële waardering van gronden.
d.d. 24 juni 2021
28
▪ Renteontwikkelingen Door de recessie en onrust op de financiële markten schommelen de rentetarieven nogal. De gemeente loopt hier risico. De door ons gehanteerde algemene rekenrente voor investeringen is voor 2021 vooralsnog gesteld op 1,7%. De door te berekenen rente aan de grondexploitaties is vastgesteld op 1,4%. De percentages zijn de laatste jaren behoorlijk verlaagd. Dit is enerzijds ingegeven door opmerkingen van de toezichthouder (provincie Flevoland) en anderzijds de nieuwe BBV richtlijnen op dit gebied. ▪ Algemene uitkering uit het Gemeentefonds. De uitkomst van de herverdeling is bekend en ligt momenteel voor advies bij de Raad voor het Openbaar bestuur. Daarna zal ook nog de VNG worden geconsulteerd. Na afronding van de besluitvorming door het volgend kabinet vindt zo spoedig mogelijk de verwerking in de circulaire van het gemeentefonds plaats. De herverdeeleffecten zullen op dat moment definitief worden vastgesteld. Als ingangsjaar staat nog steeds 2023. De voorlopige uitkomst is dat wij een voordeelgemeente zijn, zowel in het sociale als in het klassieke domein en wel in het bovenste segment (€ 174 per inwoner). Maar het noorden van ons land kent echter vele nadeelgemeenten.
Het risico is reëel dat er toch nog wat aanpassingen gedaan worden dan wel tijdelijk extra steun wordt verleend aan de grootste nadeelgemeenten in de vorm van een fonds, dat uit het gemeentefonds zal moeten worden bekostigd. Vooralsnog hebben wij gemeend het geëigende ingroeimodel van € 15 per inwoner, cumulatief per jaar te kunnen toepassen vanaf 2023. ▪ EMU-norm Bij overschrijding van de norm van 3% kan de minister boetes opleggen. Dit is gebaseerd op het voorstel betreffende de Wet HOF. VNG adviseert bij het opstellen van de begroting naast het sluiten van baten en lasten niet op de individuele referentiewaarde voor het EMU-saldo te letten maar op de ontwikkeling van de hoogte van de gemeenteschuld. ▪ Majeure investeringen Opgaven en uitdagingen liggen de komende jaren zowel op het terrein van wonen als werken. Om antwoord te kunnen geven op de blijvende en toenemende vraag naar woningen (Zeeheldenwijk), moet Urk fors investeren. Daarnaast wordt Urk gevraagd haar bijdrage te doen in de economische ontwikkeling van Noordelijk Flevoland (Buitendijkse haven en bedrijventerrein). Bijdragen in de uitbreiding en verbeteringen van de infrastructuur (o.a. randweg) is in deze kadernota geen rekening gehouden. ▪ Beheersplannen Het beheer openbare ruimte is sinds 2017 vervat in het vastgestelde plan Integraal Beheer Openbare Ruimte (IBOR).
In combinatie met het rioolbeheerplan en het vervangingsplan openbare verlichting wordt over iedere nieuwe begrotingscyclus van 4 jaar op basis van inspectie bezien binnen welke wijken onderhoud en of rehabilitatie van wegdelen aan de orde is. Op deze manier worden de beschikbare middelen effectief ingezet. De overige beheer-/vervangingsplannen worden jaarlijks geactualiseerd. Het is de bedoeling dat binnenkort enkele beheerplannen in z’n totaliteit worden herzien. ▪ Sociaal domein De budgetten binnen het sociale domein staan onder druk. Er is een toename van (dure) zorgvraag waar te nemen. Bij een dergelijke tendens dreigen daarom in meerjarenperspectief forse overschrijdingen. Incidenteel kunnen tekorten vanuit de reserve Sociaal Domein gedekt worden. Dat de reserve dan blijvend over voldoende middelen moet beschikken mag als vanzelfsprekend worden beschouwd. Structurele dekking vanuit de reserve is echter niet mogelijk en ook niet toegestaan. In hoofdstuk 3.4 is een aantal risico’s benoemd. ▪ Vennootschapsbelasting Gemeenten en andere overheden betalen vennootschapsbelasting (Vpb) over de winst die ze met hun ondernemingsactiviteiten maken. Gemeente Urk is nagegaan in hoeverre zij belastingplichtig is. Met medewerking van een adviesbureau zijn alle activiteiten doorgelopen en beoordeeld.
Omdat er bij het grondbedrijf Urk winst wordt gemaakt is gemeente Urk belastingplicht bij dit onderdeel. Met de belastingdienst is er medio 2021 een vaststellingsovereenkomst aangegaan, die ook voor 2022 en volgende jaren geldt. ▪ Claims Op 28 april 2021 heeft Rechtbank Rotterdam het vonnis uitgesproken over de aansprakelijkheid voor de schade die op 3 januari 2018 is ontstaan door het losslaan van de ‘VerhalenArk’. Rechtbank stelt vast dat gemeente Urk ten tijde van bijzondere weersomstandigheden als toezichthouder tekort is geschoten en een ondeugdelijke ligplaats heeft aangeboden. De aansprakelijkheid is voor 70% aan de gemeente Urk toe te rekenen en voor 30% voor de eigenaar van de Ark. Tegen het vonnis kan hoger beroep worden ingesteld. Op dit moment is nog niet te bepalen welk bedrag voor rekening van de gemeente Urk komt. Indien beide partijen instemmen met het vonnis zal het afwikkelingsproces van ingediende claims naar verwachting een periode van 1 tot 2 jaar in beslag nemen.
d.d. 24 juni 2021
29
3.2
GRONDBELEID
Urk maakt gebruik van situationeel grondbeleid met een actieve basis. Dit uitgangspunt is vastgelegd in de Kadernota Grondbeleid 2020-2024. Situationeel grondbeleid biedt de gemeente de vrijheid om per situatie het grondbeleid toe te passen dat het meest geschikt is. Voor uitleglocaties heeft de gemeente Urk gekozen voor actief grondbeleid. Maar faciliterend grondpolitiek wordt bij voorbaat niet uitgesloten. Zeker niet bij “binnenstedelijke’ (her)ontwikkelingen. Bij actief grondpolitiek ontstaan risico´s. Binnen de gemeentelijke grondexploitaties wordt daarom een algemene reserve aangehouden ter dekking van risico’s en verliezen. De voeding van de algemene reserve grondzaken vindt hoofdzakelijk plaats door voordelige resultaten van grondexploitaties. Omgevingswet De omgevingswet is volgens de regering nodig om een aantal redenen. De huidige wetgeving sluit niet meer goed aan op de huidige en toekomstige (ruimtelijke) ontwikkelingen. De huidige regelgeving houdt onvoldoende rekening met onder meer regionale verschillen en de behoefte aan maatwerk in projecten. Het huidige omgevingsrecht is versnipperd en niet inzichtelijk genoeg. Hierbij ligt vooral de nadruk op ruimtelijke ordening terwijl de actualiteit bundeling van alle regelgeving op het gebied van omgevingsbeleid vraagt.
Regels die invloed hebben op grondbeleid zullen via de aanvullingswet grondeigendom Omgevingswet in de Omgevingswet worden opgenomen. Het gaat om de instrumenten die ingrijpen in het eigendomsrecht van de grond: voorkeursrecht, onteigening, herverkaveling en kavelruil in landelijk en stedelijk gebied. Verder wordt via de aanvullingswet een aantal wijzigingen aangebracht in de bestaande regeling voor het kostenverhaal bij gebiedsontwikkelingen. De regeling kostenverhaal is in hoofdstuk 12 van de omgevingswet opgenomen. Het doel van de wijzigingen is om het kostenverhaal te vereenvoudigen, te verbeteren en flexibeler te maken. Hierbij moet worden opgemerkt dat de regeling voor kostenverhaal gaat over het verhalen van kosten voor investering in publieke voorzieningen bij private partijen. De regeling gaat niet over de ‘gemeentelijke grondexploitaties’. De gemeentelijke grondexploitatie wordt gereguleerd door het BBV. Naar verwachting zullen de regels van het BBV wel worden aangepast, zodat deze aansluiten bij de omgevingswet. De regelgeving van het BBV sluit op dit moment ook aan de Wet ruimtelijke ordening (Wro) en Besluit ruimtelijke ordening (Bro). Port of Urk Het doel is om een thematisch bedrijventerrein te realiseren dat aansluit bij de te ontwikkelen Maritieme Servicehaven in Urk.
De provincie realiseert een Maritieme Servicehaven in Noordelijk Flevoland (Urk) welke een ‘maakhaven’ zal worden. Dat wil zeggen, een haven die zich richt op (internationale) maritieme dienstverlening in de vorm van pitstop-activiteiten, zoals het (af)bouwen van grote jachten, dienstverlening bij waterbouw- en offshore activiteiten en maritieme innovatie en productontwikkeling. Het binnendijkse maritiem bedrijventerrein sluit aan bij de maritieme servicehaven. Dat wil zeggen dat het bedrijventerrein zich tevens zal richten op de maritieme maakindustrie, maritieme dienstverlening en maritieme innovatie en productontwikkeling. In overeenstemming met het nationaal, provinciaal en gemeentelijk beleid wordt tevens de focus gelegd op een duurzame en klimaatbestendige ontwikkeling die innovatie bevordert. De beoogde toekomstige bedrijven op het binnendijkse bedrijventerrein kunnen in de volgende drie categorieën worden onderverdeeld: - Bedrijvigheid (visgerelateerd) die in de directe nabijheid van de visafslag gevestigd wil zijn. Voor visgerelateerde bedrijven is het namelijk belangrijk om onderdeel uit te (blijven) maken van het viscluster en zo profiteren van de locatievoordelen die dit cluster met zich meebrengt.
- Spin-off van de Maritieme Servicehaven, bestaande uit bedrijven in het maritieme cluster die in de directe nabijheid van de bedrijvigheid in de buitendijks haven gevestigd willen zijn. - Bestaande of nieuwe bedrijven afkomstig van Urk, niet specifiek gericht op de maritieme sector.
d.d. 24 juni 2021
30
De gemeenteraad heeft op 18 februari 2021 het bestemmingsplan, exploitatieplan en beeldkwaliteitsplan ‘Port of Urk- binnendijks bedrijventerrein’ vastgesteld. Deze plannen liggen momenteel ter inzage. De beroepsperiode eindigt op 17 mei 2021. Als er geen beroep wordt ingesteld zal het bestemmingsplan ook onherroepelijk worden. Dan kan ook gestart worden overgaan tot vergunningaanvragen en kan de nieuwebouw van het bedrijventerrein aanvangen. Zonder vertraging kunnen de eerste bedrijfskavels in 2023 verkocht worden. De provincie Flevoland is direct betrokken bij de ontwikkeling van het binnendijks bedrijventerrein door de provinciale ontwikkeling van de Maritieme Servicehaven, direct grenzend aan de oostzijde van het plangebied van het binnendijks bedrijventerrein. Zowel het binnendijks bedrijventerrein als de Maritieme servicehaven kunnen profiteren van een goede aansluiting (fysiek, maar ook met name economisch) op elkaar. De provincie Flevoland is daarnaast betrokken bij de ontsluiting van het binnendijks bedrijventerrein: de ontsluiting van de maritieme servicehaven zal tenslotte over het binnendijks bedrijventerrein lopen. Goede afstemming is noodzakelijk om een efficiënte ontsluiting van beide plangebieden te realiseren. Bereikbaarheid Urk De impact van de groei van Urk reikt verder dan de gemeentegrenzen.
Een samenwerking met gemeente Noordoostpolder, tezamen met de provincie Flevoland, is noodzakelijk op het gebied van verkeer en ontsluiting. Provincie Flevoland en de gemeenten Urk en Noordoospolder hebben in 2020 een verkenning laten uitvoeren naar een nieuwe ontsluitingsweg Urk. De belangrijkste conclusies uit dit onderzoek is dat een nieuwe ontsluitingsweg nodig is. De huidige ontsluitingsweg (Domineesweg) zal mede door de groei van Urk richting het maximaal toelaatbare aantal verkeersbewegingen gaan. Eind 2021 zal een bestuursovereenkomst gesloten worden zodat een planstudie gestart kan worden. Woningbouw en de Zeeheldenwijk De gemeente Urk groeit de komende jaren van 21.000 tot 27.000 inwoners in 2040. Daarom is de gemeente Urk bezig met het ontwikkelen van het gebied ten zuiden van de Urkervaart genaamd ‘Zeeheldenwijk’. Met de ontwikkeling van het gebied Zeeheldenwijk wordt met de woningbouw en bijbehorende voorzieningen de sprong over de Urkervaart gemaakt. In de Zeeheldenwijk zullen circa 1.600 woningen en diverse voorzieningen worden gebouwd. De eerste woningen en voorzieningen in Zeeheldenwijk zullen in het jaar 2022 worden gebouwd. Geprognosticeerde resultaten actieve grondexploitaties Op grond van het BBV dienen de actieve grondexploitaties jaarlijks te worden herzien.
Op 10 december 2020 (overige grondexploitaties) , 18 februari 2021 (Port of Urk) en 8 april (Zeeheldenwijk) heeft de gemeenteraad de actieve grondexploitaties geactualiseerd. De herzieningen zijn gebaseerd op de nieuwe regels uit het BBV. Ook zijn op basis van het BBV de fondsafdrachten geschrapt uit de grexen. De afdrachten worden nu niet meer als kostenregel opgenomen, maar worden afzonderlijk zichtbaar gemaakt. Dit zodat deze als resultaatbestemming kunnen worden genomen bij winstname of afsluiting van het plan. Voor de volledigheid zijn de bedragen voor fondsafdracht in bovenstaande tabel wel zichtbaar gemaakt. Complex
Geraamd resultaat ultimo 2019 (incl. afdrachten)
Positief / negatief
1. Zeewijk 2. Oranjewijk afronding 3. Zeeheldenwijk 4. Grex Staartweg 5. Zwolse Hoek, fase 5 6. Port of Urk *) 7. Westgat *) Totaal resultaat
512.989 3.087.897 3.627.876
positief positief
160.935 positief -3.308.681 negatief -470.246 negatief 3.610.770 positief
Geraamd resultaat ultimo 2020 (incl. afdrachten)
Positief / negatief
Geraamd bedrag afdrachtsfondsen
2.286.568 5.213.313 174.433 76.980 -1.362.962 -470.246 5.918.086
positief 488.648 positief 3.385.930 positief 36.828 positief 60.669 negatief 0 negatief 0 positief 3.972.075
Looptijd verkoop
2007 - 2020 2014 - 2022 2022 - 2038 2020 - 2029 2007 - 2022 2019 - 2041 2019 - 2022
Exploitatie laatst vastgesteld
gereed dec-20 feb-21 dec-20 dec-20 apr-21 dec-20
*) Voor de complexen Port of Urk en Grex Westgat zijn verliesvoorzieningen gevormd tot een bedrag van respectievelijk € 1.362.962 en € 470.246. NB: De resultaten zijn exclusief af te dragen vennootschapsbelasting.
d.d. 24 juni 2021
31
Algemene reserve grondexploitatie
Door de gemeenteraad (Kadernota, grondbeleid) is bepaald dat de reserve grondzaken een stand moet hebben gelijk aan een vastgesteld percentage van de totale boekwaarden. Vanwege het hoge risicoprofiel van het nieuw te ontwikkelen bedrijventerrein is een hoger percentage gehanteerd. Vanuit een financiële doorkijk voor de komende 10 jaar is een reservestand van € 7 miljoen noodzakelijk. Op dit moment is, ten opzichte van de gewenste stand van deze reserve (€ 6,85 miljoen), sprake van een tekort van € 0,15 miljoen. Bij een toekomstige winstneming zal de reserve grondexploitatie worden aangezuiverd in verband met dekking mogelijke toekomstige risico’s. De reservestand heeft zich op onderstaande wijze ontwikkeld in 2021: Stand per 1 januari 2021
6.198.800
Mutaties 2021
1. Diverse winstnemingen 2021 2. Bijdrage strategische aankopen 3. Afdracht VPB (schatting) 4. Afsluiting bedrijfspanden Oost 5. Woonwensen beleid Stand 31 december 2021 Noodzakelijke stand reserve grondzaken Benodigde aanvulling weerstandvermogen
d.d. 24 juni 2021
978.790 -172.500 -125.000 -4.637 -15.000 661653 6.860.453 7.000.000 139.547
32
3.3 LOKALE HEFFINGEN Gemiddelde woonlasten voor een huishouden van 3 personen voor de periode 2021-2025 Belastingsoort OZB eigenaar Rioolrechten Afvalstoffenheffing TOTAAL
2021
2022
2023
2024
2025
Ontwikkeling Ontwikkeling 2021/2022 2021/2025 in % in %
€ 397
€ 403
€ 410
€ 417
€ 424
1,60%
6,87%
€ 245
€ 249
€ 253
€ 257
€ 262
1,60%
6,87%
€ 250
€ 245
€ 240
€ 240
€ 240
-2,13%
-4,26%
€ 892
€ 897
€ 903
€ 915
€ 926
0,59%
3,82%
Landelijk steeg de onroerende-zaakbelasting (OZB) in 2021 met 4,7%. Ver boven het door het CBS verwachte inflatiecijfer van 1,4%. Ook de afvalstoffenheffing steeg landelijk met 8% fors. De afvalstoffenheffing werd landelijk met gemiddeld 8,2 % (+ €20) opvallend veel duurder. Om gescheiden afvalinzameling en hergebruik te bevorderen en het verbranden van restafval te ontmoedigen betalen gemeenten sinds vorig jaar € 31 verbrandingsbelasting per 1.000 kilo restafval. Voorheen was dit € 13. Deze belasting zal naar verwachting de komende jaren verder stijgen. En deze verhoging wordt door de gemeenten via de afvalstoffenheffing doorberekend aan huishoudens. De gemeente Urk daarentegen heeft bij het vaststellen van de begroting 2021 besloten de lastendruk de niet te laten stijgen. Alleen de OZB steeg met 1,6%, dit is nagenoeg gelijk aan de inflatiecorrectie. Ook in meerjarenperspectief zal de OZB slechts licht stijgen. Begroot is een stijging van 1,7% per jaar. Gelet op de jaarlijkse inflatie is deze stijging zeer beperkt. Hierbij is er wel een bepaalde onzekerheid. De gevolgen op lange termijn door de Coronacrisis zijn niet bekend. Er is met name onzekerheid over de gevolgen voor de inkomsten vanuit het gemeentefonds. Lagere inkomsten kunnen gevolgen hebben voor de OZB. Wij hechten er grote waarde aan om de financiële weerbaarheid van de gemeente Urk op peil te houden.
Het opvangen van lagere inkomsten door onttrekking vanuit de reserves heeft daarom niet onze voorkeur. Te meer daar deze nog niet voldoende op peil zijn. Kenmerkend voor onze gemeente is dat wij gaan voor een degelijk en solide financieel beleid. Het voorstel is om op de OZB en de rioolrechten voor 2022 de inflatiecorrectie van 1,6% toe te passen. En vervolgens voor de jaren 2023 t/m 2025 1,7%. Dit betekent een totale correctie voor de komende vier jaar van 6,87%. Wij merken wel op dat de stijging van de rioolheffing is vastgesteld op basis van het huidige Gemeentelijk RioleringsPlan. Daarin staan de noodzakelijke kosten van de werkzaamheden en wat dit voor gevolgen heeft voor de rioolheffing. Dit GRP wordt momenteel vernieuwd en het is nog niet duidelijk wat de financiële consequenties zijn. Bij de vaststelling van het nieuwe GRP zult u hierover uiteraard geïnformeerd worden. Ondanks de stijgende kosten van afvalverwerking kon het tarief in 2021 verlaagd worden! Dit is een direct gevolg van het beter scheiden van afval door de burgers. Dit is ingezet met het nieuwe beleid sinds april 2020. Terwijl, zoals al eerder geschreven, landelijk de tarieven gemiddeld met 8,2% stegen (+ € 20).
Wij hebben er vertrouwen in dat onze burgers deze inhaalslag verder doorzetten, Wij zijn er nog zeker niet, maar we gaan er samen alles aan doen om de komende jaren verdere tariefstijgingen te voorkomen De gemeente is voor haar inkomsten voor het grootste deel afhankelijk van de uitkering Gemeentefonds. Omdat, door de structuur en samenstelling van onze gemeente, deze vaak nadelig uitpakt, kunnen de belastingen in vergelijking met soortgelijke gemeenten hoger zijn. Dit is over het algemeen een gevolg van de hogere woningbezetting en de kleine oppervlakte van onze gemeente. Gemeenten als bijvoorbeeld de Noordoostpolder of Zeewolde hebben voordeel bij de uitkeringsstructuur van het Gemeentefonds. Dat vertaalt zich in lagere belastingtarieven. De Rijksuniversiteit Groningen doet elk jaar een uitgebreid onderzoek naar de gemiddelde belastingdruk van de gemeenten en maakt hiervan een ranglijst op. Bij een huishouden van drie personen staat Urk op plek 283 (van 370 gemeenten). Waarbij nummer 1 de laagste woonlasten heeft. Hierbij dient wel aangetekend te worden, dat de verschillen tussen de gemeenten in euro’s bezien over het algemeen klein zijn.
d.d. 24 juni 2021
33
3.4
SOCIAAL DOMEIN
Herverdeling gemeentefonds / Sociaal Domein Tot 2019 ontving de gemeente Urk een specifieke doeluitkering voor de (nieuwe) taken in het Sociaal Domein. Met ingang van 2019 is deze uitkering opgenomen in de algemene uitkering van het gemeentefonds. Herverdeeleffecten werden nog wel gecompenseerd, maar aan de hand van onderzoek zou het budget met behulp van nieuwe maatstaven op macro niveau herverdeeld moeten worden. Dit gebeurt tegelijk met de herijking van het gemeentefonds. De concept gepresenteerde resultaten liet grote herverdeeleffecten zien. Urk bleek daarin een voordeelgemeente te zijn. De Raad voor het Openbaar Bestuur en VNG zijn gevraagd om advies te geven. De nieuwe verdeling van het gemeentefonds zou aanvankelijk ingaan op 1 januari 2021. De invoeringsdatum is echter een jaar uitgesteld om aanvullende berekeningen uit te voeren: Extra incidentele / structurele middelen Vanaf 2019 heeft de Rijksoverheid een extra uitkering Jeugdzorg beschikbaar gesteld tot en met 2021. Hoewel sommige gemeenten deze middelen structureel als stelpost hebben opgenomen, zijn deze extra gelden door de gemeente Urk niet structureel opgenomen in de exploitatie. Dat laat ook de teruggang in beschikbare middelen zien in onderstaand overzicht vanaf 2022 (onderdeel Jeugdzorg).
Bovenop deze middelen stelt het kabinet voor 2021 € 613 miljoen extra beschikbaar voor het oplossen van de acute problematiek in de jeugdzorg. Met dit geld komt er o.a. ruimte om de crisiscapaciteit in de jeugdggz uit te breiden en wachttijden aan te pakken. Daarnaast is afgesproken dat gemeenten en Rijk aan de slag gaan met maatregelen om de structurele houdbaarheid van de uitvoering van de Jeugdwet te verbeteren. Het geld komt bovenop de eerder toegezegde incidentele middelen. In de meicirculaire 2021 worden de extra middelen verdeeld. Deze zijn daarom nog niet meegenomen in onderstaand overzicht. Landelijk onderzoek laat zien dat gemeenten ondanks deze extra middelen met grote tekorten kampen op het Sociaal Domein (macro € 1,8 miljard). Vanuit het overleg tussen VNG en Rijk en het ontbreken van concreet perspectief heeft het VNG-bestuur te kiezen voor arbitrage. De uitkomst van de arbitrage is ‘semibindend’, wat inhoudt dat het kabinet een voorbehoud maakt voor de instemming van de Eerste en Tweede Kamer. Structurele risico’s opvangen voor positief herverdeeleffect? Het financiële proces binnen de gemeente, en specifiek binnen het sociaal domein, is complex. Na de decentralisatie in 2015 werden de onderbouwingen in meerjarenperspectief steeds reëler. Ook de beschikbare data kon beter geïnterpreteerd worden. In het alles bleef budgetneutraliteit een belangrijk uitgangspunt.
Net zoals dat geldt voor de transformatie in de zorg, waarvoor de gemeente nog wel een paar jaar denkt nodig te hebben. Vooral omdat daarvoor ook het nieuwe instrument van de resultaatgerichte bekostiging voor wordt gebruikt. Maar ook het vormgeven van preventie en algemene voorzieningen, wat op lange termijn zijn voordeel moet halen, is zo’n belangrijk uitgangspunt. Een data- en financiële analyse na de jaarrekening 2020 laat zien dat de gemeente Urk tot en met 2020, vooral dankzij incidentele meevallers, de kosten in het Sociaal Domein kon opvangen. In meerjarenperspectief lijkt het vooralsnog ook grotendeels onder controle te zijn. Daarbij wordt vooral rekening gehouden met het feit dat Urk in de herijking daadwerkelijk een voordeelgemeente blijkt te zijn. Dit is nog niet verwerkt in onderstaand overzicht. Dat geldt ook voor de hieronder genoemde risico’s.
d.d. 24 juni 2021
34
Ontwikkelingen die effect kunnen hebben op beschikbare budgetten Vanuit de bovengenoemde analyse kunnen een aantal zaken benoemd worden die invloed kunnen hebben op de nu beschikbare budgetten. Met behulp van het overzicht kunt u zien in hoeverre een risico’s groot is. Budgettaire consequenties aanbestedingen lokaal maatwerk Op dit moment vindt de afronding plaats van de aanbestedingen van het lokale maatwerkdeel Jeugdhulp en Wmo. Op basis van de reële tarief AMvB en een kostprijsonderzoek heeft de gemeente Urk de tarieven en bandbreedtes moeten aanpassen. En hoewel we door een nieuwe werkwijze (resultaat gericht indiceren) grip willen blijven houden op de budgetten is de verwachting dat de kosten zullen stijgen. Een hogere kostenpost is al wel concreet te zien na de aanbesteding voor het budget Huishoudelijke Hulp. Een dergelijke stijging wordt ook verwacht door de aanbesteding van hulpmiddelen. Dit budget is door de perikelen van de oude leverancier echter al structureel aangepast in de Kadernota. Doordecentralisatie Beschermd Wonen (BW) Het nieuwe verdeelmodel rond de doorcentralisatie BW zal stapsgewijs binnen tien jaar doorgevoerd worden. Uiteindelijk leidt dat wel tot een regionale korting van circa € 10 miljoen. Bestuurlijk is inmiddels afgesproken om de kosten tot 2026 blijvend te financieren vanuit het regionale budget Beschermd Wonen.
In de tussentijd moet gewerkt worden aan de financiële consequenties van de doorcentralisatie, waarbij ook de solidariteit in verband met een scheve verdeling van voorzieningen moet worden betrokken. De huidige regionale uitkering BW is meer dan voldoende. Jaarlijks heeft de regio hierop een overschot. Het nieuwe verdeelmodel en bovenstaande besluitvorming brengen wel bepaalde financieel risico’s met zich mee. • Vanuit het huidige overschot BW worden ook andere beleidsterreinen structureel bekostigd. Wanneer het overschot minder wordt en/of ingezet wordt voor continuering van regulier beleid staat deze noodzakelijk dekking onder druk. Gemeenten moeten hiervoor dan een oplossing vinden. • In de gemeentebegroting wordt structureel rekening gehouden met een bijdrage vanuit het regionale overschot BW. In hoeverre dit minder of helemaal wordt (en wanneer) is onbekend omdat het verdeelmodel fasegewijs wordt ingevoerd. Overigens wordt opgemerkt dat deze opbrengst (veel) lager is begroot dan daadwerkelijk jaarlijks wordt ontvangen. Woonplaatsbeginsel Per 2022 vindt wetswijziging plaats ten aanzien van woonplaatsbeginsel. Dit heeft ook effect op de regionale afspraken rond jeugdhulp met verblijf. Dan geldt het principe dat als woonplaats geldt: de gemeente waar de jeugdige onmiddellijk voorafgaande aan het verblijfstraject zijn woonadres volgens de BRP had.
De gemeente Urk is nauw betrokken bij de wetswijziging omdat dit behoorlijk veel effect zal hebben voor de gemeente. De wetswijziging heeft effect op de gemeentebegroting. Niet alleen in de kosten, maar ook in de inkomsten. Met de invoering van het woonplaatsbeginsel wordt immers ook de gemeentefondsuitkering aangepast. Of dit in evenwicht is, is vooralsnog onbekend. De wetswijziging vergt veel van gemeenten en regio’s (administraties). We verwachten dat dit niet vlekkeloos zal verlopen in Nederland. Dit kan effect hebben op de zorgverlening van kinderen en liquiditeit/solvabiliteit van zorginstellingen. Regionale aanbesteding Jeugdhulp met Verblijf De Jeugdwet verplicht gemeenten om voor de zwaardere vormen van hulpverlening samen te werken. De verschillende vormen van ‘Jeugdhulp met Verblijf’ zijn na een aanbestedingsronde belegd bij één opdrachtnemer (samenwerkingsverband) op basis van een vast budget (lumpsum). In de afgelopen jaren is om verschillende redenen het budget met het samenwerkingsverband diverse keren aangepast. Dit heeft er wel voor gezorgd dat het contract niet verlengd zal worden. Een nieuwe aanbesteding zal worden opgestart. De budgettaire consequenties zijn vooralsnog onbekend.
d.d. 24 juni 2021
35
3.5 INFORMATIEVOORZIENING EN AUTOMATISERING 1. Algemeen In de omgeving van de gemeente Urk spelen talloze ontwikkelingen die enerzijds kansen bieden om zaken anders te organiseren (o.a. participatie, ketensamenwerking) en anderzijds een verplichting vormen (o.a. Omgevingswet, Wet open overheid, Wet Inburgering). Ook ontwikkelingen op het gebied van duurzaamheid, energievoorziening en technologische ontwikkelingen zoals o.a. internet of things, apps en big-data beïnvloeden de dienstverlening en werkwijze van de gemeente. De lat binnen de informatiesamenleving ligt hoog. Burgers en bedrijven stellen hoge eisen aan dienstverlening. Deze veranderende omgeving haakt in op de organisatie, processen, dienstverlening, houding en gedrag en op de informatievoorziening. De rollen binnen de gemeentelijke organisatie veranderen daarbij continue om de leefomgeving en haar inwoners optimaal te kunnen bedienen. Informatievoorziening draagt bij aan het behalen van de strategische doelen van de organisatie. In juni 2020 heeft u het nieuwe informatiebeleidsplan 2020-2024 vastgesteld. In dit plan is rekening gehouden met de suggesties en aanbevelingen die de rekenkamercommissie heeft laten optekenen in een rapport waarbij de ICT-functie binnen de gemeente Urk werd onderzocht. Het informatiebeleidsplan geeft richting aan de ontwikkeling van de informatievoorziening.
Via vaarroutes (ontwikkelsporen) en thema’s is deze richting bepaald. Daarbij zijn er ook kaders meegegeven waarbinnen deze ontwikkeling moet plaatsvinden, ten aanzien van ICT-Infrastructuur, Informatiearchitectuur en de Governance.
2. I-Visie 2020-2024 Vaarroute A – Organisatieontwikkeling De gemeente Urk is een groeigemeente en de gemeentelijke organisatie groeit hierin mee. Ook onze omgeving verandert en onze inwoners hebben andere (hogere) verwachtingen over de dienstverlening vanuit de gemeente. Professionalisering van de organisatie van de informatievoorziening, het vergroten van de wendbaarheid van de organisatie en het vergroten van het ICT-bewustzijn is dan ook noodzakelijk. Daarnaast is het van belang om aan te haken op het landelijke samenwerkingsinitiatief Samen Organiseren. Doel van dit programma is om als gemeenten samen te werken aan één krachtige lokale overheid, vanuit de gedachte “één keer ontwikkelen, 355 keer toepassen”. De gemeente Urk sluit zich aan bij deze ontwikkeling, vanuit het principe “pas toe, of leg uit”. Thema A1 – Interne samenwerking versterken Een toekomstbestendige organisatie die in staat is om de verdergaande digitalisering effectief en efficiënt in te kunnen zetten voor maatschappelijke en wettelijke opgaven. Hiervoor moet er duidelijkheid komen over benodigde taken/rollen en de capaciteit en kwaliteit hiervan op peil gebracht moeten worden.
Daarnaast willen we de samenwerking tussen team ICT en de organisatie versterken, waarbij we elkaars taal leren spreken en ieder vanuit zijn eigen rol en verantwoordelijkheid invulling gaan geven aan de thema’s en projecten uit het informatiebeleidsplan. In 2021 is het programma “doorontwikkeling organisatie” gestart. Dit wordt de kapstok van waaruit de activiteiten/projecten gaan plaatsvinden. Thema A2 – Externe Samenwerking versterken Door de externe samenwerking te versterken willen we de kwetsbaarheid in de eigen organisatie verminderen en onze ICT budgetten zo efficiënt mogelijk inzetten. We zetten hierbij vooral in op landelijke samenwerking, die vanuit de VNG in het programma Samen Organiseren wordt opgezet (waaronder ook de ontwikkeling van Common Ground). Samen Organiseren is het initiatief om samen te werken aan één krachtige lokale overheid in tijden van snelle digitalisering. Het moet eenvoudiger, sneller, beter, onder meer te realiseren door krachtenbundeling. De strategie t.a.v. de regionale samenwerking is om eerst de basis in onze eigen organisatie op een goed niveau te krijgen om vervolgens vanuit deze sterkere positie de samenwerking met buurgemeenten verder te verkennen. Eén van de pijlers van het “programma doorontwikkeling” is de externe samenwerking. Ook van hieruit wordt samenwerking in DUN verband gezocht.
Voorbeeld hiervan is de samenwerking op het gebied van salarisadministratie. Het hoger gelegen doel is de zelfstandigheid van Urk behouden. De samenwerking moet aantoonbaar meerwaarde bieden op 1 van de 4 k’s (kosten, kwetsbaarheid, kwaliteit en klantwaarde).
d.d. 24 juni 2021
36
Thema A3 – Tijd- en plaats onafhankelijk werken Medewerkers moeten op veilige wijze altijd en overal relevante informatie kunnen inzien, bewerken en delen om optimale dienstverlening aan burgers te kunnen realiseren en om het werk zo efficiënt mogelijk te kunnen uitvoeren. Dat is waar het om draait in de toekomst van flexibel en mobiel werken. In de visie op tijd- en plaats onafhankelijk werken is aangegeven dat de digitale werkomgeving optimaal faciliterend aan de medewerker moet zijn. Een gestandaardiseerde werkplek is voor iedereen beschikbaar, aangevuld met een gepersonaliseerde werkplek, die aansluit bij het eigen profiel, de behoefte en taak. Tot slot is het belangrijk dat medewerkers met elkaar in verbinding blijven. Medewerkers hebben middelen nodig om samen doelen te halen, snel beslissingen te nemen en goed te communiceren, op momenten dat zij elkaar nodig hebben om verder te komen. Eind 2020 is door het college een roadmap vastgesteld voor 2021 en 2022 met tal van maatregelen om plaats- en tijdonafhankelijk werken mogelijk te maken. Denk hierbij aan: overgang naar Microsoft 365, iedereen voorzien van passende devices, overgang van vast naar mobiel bellen en de overgang naar een social intranet (gericht op onderlinge verbinding en interactie).
Vaarroute B – Datagestuurd werken Doordat de samenleving (en de organisatie) steeds meer digitaal wordt neemt de hoeveelheid beschikbare data exponentieel toe. Data wordt daarmee in toenemende mate een middel wat we kunnen gebruiken om ons werk te doen. Tegelijkertijd is het ook steeds meer een bron van verantwoording naar de samenleving met een open en vrij beschikbaar karakter. Voorbeelden zijn de Wet open overheid en de Wet hergebruik overheidsinformatie die worden ingevoerd. Data kan, mits goed vastgelegd en ontsloten, belangrijke informatie geven voor het nemen van besluiten op verschillende niveaus. Tot slot biedt het mogelijkheden om de kwaliteit van gemeentelijke dienstverlening te verbeteren en maatschappelijke opgaven effectiever aan te pakken. De gemeente Urk wil de komende jaren geleidelijk groeien naar een datavolwassen organisatie. Het begint ermee dat we de basis op orde moeten brengen. Om datagestuurd te werken moeten we de kwaliteit van de data kunnen vertrouwen. De komende jaren zal dit nog onze aandacht vergen. Gelijk opgaand hiermee willen we beginnen met concrete, merkbare toepassingen van data. Door kleine stappen te zetten en te experimenteren leren we ook waar de behoeften liggen en wat we nodig hebben om daar invulling aan te geven. Daar hoort bij dat we moeten investeren in tijd en het opdoen van kennis.
Het gaat daarbij niet alleen om interne databronnen, maar we kunnen ook gebruik maken van externe databronnen. Dat vraagt ook om overzicht en inzicht in de hoeveelheid data die beschikbaar is en de wijze waarop deze kan worden ontsloten. Thema B1 – Basis op orde/grip op de zaak De basis op orde brengen is een belangrijke randvoorwaarde voor datagestuurd werken. We moeten zorgen voor juiste en actuele gegevens en onze data in goede, geordende en toegankelijke staat brengen. Ook dragen we zorg voor tijdige vernietiging of duurzaam toegankelijke bewaring, zodat overdracht naar het e-depot van het Flevolands Archief op een goede manier kan plaatsvinden. Daarnaast moeten we voldoen aan wetgeving rondom privacy en informatiebeveiliging. Zo zijn wij in staat om betrouwbare data binnen de informatiehuishouding te vinden en te delen, in alle levensfasen van die data. We zijn al goed op weg om de basis op orde te brengen en op alle onderdelen is gestart met de uitvoering van (verbeter)plannen. Verwachting is dat we eind 2022 op het gewenste niveau zitten. Thema B2 – Data als sturingsinstrument De organisatie heeft behoefte aan betrouwbare sturingsinformatie om beter te weten hoe we ervoor staan en waar we op moeten (bij)sturen. Hiervoor is het van belang dat we helder krijgen waar we op willen sturen, zowel intern als extern.
Indien ketenpartners hierbij betrokken zijn nemen we ook de sturing/regievoering op deze ketenpartners mee. Anderzijds kan ook data van ketenpartners betrokken worden voor eigen sturing. Daarnaast gaan we data inzetten als instrument voor op te stellen beleid of voor uitvoering van beheersprocessen. Denk bijvoorbeeld aan het doen van voorspellingen op het gebied van demografische ontwikkeling en wat dat voor onze leefomgeving betekent op basis van historische gegevens. Maar ook bijvoorbeeld data gestuurd beheer in de openbare ruimte. In 2021 wordt een plan opgesteld voor de komende jaren om datagestuurd werken te implementeren in de organisatie.
d.d. 24 juni 2021
37
Thema B3 – Open Data, delen Met de komst van de Wet open overheid (naar verwachting in 2022) ontstaat de verplichting om gegevens die maatschappelijk relevant zijn actief openbaar te maken. In de concept wetgeving zijn in totaal 11 categorieën benoemd. Voorbeelden zijn: wet- en regelgeving, raadstukken, bestuur stukken, beschikkingen en klachten. Daarnaast verplicht de Wet hergebruik overheidsinformatie (naar verwachting in 2022) gemeenten om op verzoek overheidsinformatie als open data beschikbaar te stellen voor hergebruik. Dit hergebruik kan zijn voor maatschappelijke en commerciële doeleinden. Deze wetten gaan ook eisen stellen aan het op orde hebben van de digitale informatiehuishouding en aan de wijze van beschikbaar stellen en ontsluiting. We gaan onderzoeken wat de mogelijkheden en impact van deze nieuwe wetten zijn en op basis hiervan uitvoering geven aan de nieuwe wetgeving. Vaarroute C – Dienstverlening dichtbij De vraag van onze inwoners en het bedrijfsleven verandert en de digitalisering neemt toe. En daarmee ook de complexiteit en afhankelijkheid van informatie en ICT. Zowel op lokaal, regionaal als landelijk niveau zijn er veel ontwikkelingen die invloed hebben op onze ICT-infrastructuur, werkwijzen, samenwerking en dienstverlening. Ook wet- en regelgeving over informatieveiligheid, privacy en de Omgevingswet stellen hogere eisen.
Onze gemeentelijke organisatie staat niet meer op zichzelf. We maken deel uit van een complex netwerk van samenwerkingsverbanden, ketenpartners, informatievoorzieningen en gegevensuitwisseling. Inwoners en bedrijven moeten hun zaken met de overheid veilig en makkelijk online kunnen doen. Wetgeving vanuit de centrale overheid verplicht ons ook om hier invulling aan te geven via de Wet digitale Overheid en de Wet modernisering elektronisch bestuurlijk verkeer. Dichtbij zijn helpt om het persoonlijk te maken. Natuurlijk kunnen inwoners en ondernemers op afspraak naar het gemeentehuis komen. Maar de gemeente maakt het ook dichterbij mogelijk. De gemeente is daar waar de doelgroep is. In de buurt, aan tafel, bij het project. De gemeente is daar waar het gesprek plaatsvindt, in verzorgingstehuizen, in de bibliotheek, in de sportkantine of op scholen. Waar nodig komt de gemeente thuis aan de keukentafel, iets wat ook online gebeurd. Online biedt de oplossing om zonder afstand met elkaar en met de gemeente in contact te komen. Thema C1 – Digitaal, sociaal Wij streven een zo groot mogelijke beschikbaarheid van onze online diensten na, zodat alle gemeentelijke producten en diensten die worden aangeboden ook online zijn te raadplegen en waar mogelijk aan te vragen. De dienstverlening is voor iedereen toegankelijk, inwoners met minder digitale vaardigheden worden persoonlijk ondersteund.
De dienstverlening wordt gepersonaliseerd aangeboden via de Berichtenbox van Mijn Overheid. Middels social media is het mogelijk om met de gemeente te communiceren over o.a. de dienstverlening. Daarnaast willen we de achterliggende dienstverleningsprocessen zoveel mogelijk digitaliseren en zo efficiënt mogelijk inrichten. Tot slot willen we er voor zorgen dat informatie op de locaties waar onze medewerkers werken (bijv. aan de keukentafel) beschikbaar is en directe registratie mogelijk is. Thema C2 – Monitoring en Integraal klantbeeld Om proactieve dienstverlening te kunnen bieden is het nodig om te weten wat er speelt bij de burger in relatie met de leefomgeving. Informatievoorziening speelt daarbij een belangrijke rol als het gaat om het bijeen brengen van alle relevante gegevens. Momenteel handelt het Klant Contact Centrum ongeveer 65% van de klantcontacten af. De overige 35% wordt door de backoffice afgehandeld. Landelijk trend is dat een hoger percentage niet haalbaar is, vanwege de benodigde diepgaande kennis op vele inhoudelijke terreinen. We willen de klanttevredenheid ook gaan monitoren via klanttevredenheidsonderzoeken. Tot slot willen we de data uit onze applicaties “monitoren” (analyseren) om onze (digitale) dienstverlening te verbeteren. Een voorbeeld hiervan is de nieuwe applicatie voor “meldingen openbare ruimte”.
Vanuit deze applicatie kunnen trends in beeld gebracht worden t.a.v. de gedane meldingen, waardoor we proactief aanpassingen kunnen doen in bijv. het beheer van een bepaalde wijk.
d.d. 24 juni 2021
38
Thema C3 – Omgevingswet Met de invoering van de Omgevingswet per 1 januari 2022 gaan we een nieuwe richting geven aan de (e-)dienstverlening, procesinrichting en informatievoorziening voor omgevingsvergunningen. De Omgevingswet vraagt een sneller en inzichtelijker proces voor vergunningsverlening van gemeenten. Het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO) fungeert hierin straks als een omgevingsloket waar inwoners en bedrijven straks eenvoudig de regels voor de leefomgeving in kunnen zien en een aanvraag kunnen indienen. Via toepasbare regels en vragenbomen – een vertaling van juridische regels – kunnen zij vroegtijdig achterhalen of een vergunning of melding voor hun initiatief nodig is. Bovendien worden de lokale systemen van overheden rondom vergunningverlening op het DSO aangesloten. Overheden en betrokken partijen kunnen het DSO dan gebruiken om informatie en documenten uit te wisselen, de zogeheten “samenwerkingsruimte”.
Monitor ICT-projecten (uitvoeringsplan) Om invulling te geven aan de vaarroutes en thema’s wordt jaarlijks een uitvoeringsplan opgesteld. Hieronder zijn de projecten die in 2022 (gaan) spelen in beeld gebracht met daarbij de fase die eind 2022 zal zijn bereikt. In dit overzicht zijn ook de projecten opgenomen die overlopen vanuit 2021 (aangezien deze een meerjarige looptijd hebben). Vaarroute
Thema
Beleidsuitvoering
Looptijd
Fase (jaar 2022)
A. Organisatieontwikkeling
A1. Interne samenwerking versterken
A1.1 Optimalisatie organisatie informatievoorziening
2021-2022
Afsluiting
A2. Externe samenwerking versterken
A2.1 Wet digitale overheid (Wdo)
2022-2024
Realisatiefase
A3. Plaats- en tijd onafhankelijk werken
A3.1 Uitvoeringsplan Plaats- en tijd onafhankelijk werken
2021-2022
Afsluiting
B1. Basis op orde
B1.1 Uitvoeringsplan AVG
2020-2022
Afsluiting
B1.2 Uitvoeringsplan “archief op orde”
2021-2024
Realisatiefase
B1.3 Herzien informatiebeveiligingsbeleid en uitvoeringsplan B1.4 Basisregistratie ondergrond
2021-2022
Afsluiting
2020-2022
Afsluiting
B1.5 Nieuwe archiefwet
2022
Afsluiting
B1.6 Optimalisatie applicatielandschap Beheer Openbare Ruimte
2021-2023
Realisatiefase
B2.1 Data-gestuurd werken invoeringsplan
2021-2024
Realisatiefase
B2.2 Onderzoek samenhangende objectregistratie
2022
Afsluiting
B3. Open data, delen
B2.2 Invoering Wet Open Overheid
2021-2024
Realisatiefase
B2.3 Invoering Wet Hergebruik overheidsinformatie
2021-2024
Realisatiefase
C1. Digitaal, sociaal
C1.1 Wet modernisering elektronisch bestuurlijk verkeer
2021-2022
Afsluiting
C1.2 Zaakgericht werken
2021-2023
Realisatiefase
C1.3 Rode loper beleid
2021-2022
Afsluiting
C1.4 Klantportaal Sociaal Domein
2022
Afsluiting
C3.1 Aansluiting digitaal stelsel omgevingswet
2020-2022
Afsluiting
D1.1 Optimalisatie inrichting lokale ICT-infrastructuur
2021-2022
Afsluiting
D1.2 Vervanging audiovisuele middelen
2022
Afsluiting
D1.3 Invoering wet Inburgering
2021-2022
Afsluiting
B. Data-gestuurd werken
B2. Data als sturingselement
C. Dienstverlening dichtbij
D. Overige projecten
C2. Monitoring en integraal klantbeeld C3. Omgevingswet
d.d. 24 juni 2021
Het project C1.2 zaakgericht werken is ook gericht op het thema Monitoring en integraal klantbeeld
39
ICT-kosten De uitgaven aan ICT bij de gemeente Urk liggen tot en met vorig jaar in lijn met het landelijke gemiddelde. In 2020 besteedde gemeente Urk € 91 aan ICT-kosten per inwoner. In 2021 investeert gemeente Urk zeer fors in ICT (€ 29 per inwoner). Dit is grotendeels toe te schrijven om plaats- en tijdonafhankelijk werken mogelijk te maken en implementatie Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO). Het vorig jaar vastgestelde Informatiebeleidsplan maakte al duidelijk dat er de komende 2-3 jaar een inhaalslag nodig is. Het aantrekken van kwalitatief goed personeel was hierin (zeer) bepalend. Eind 2020/begin 2021 hebben we dit kunnen realiseren. Dit heeft een positieve uitwerking op de hoogte van inhuur van personeel. De verhouding ICT-personeel ten opzichte van de totale formatie van de gemeente Urk ligt met 6,2% iets lager dan het landelijk gemiddeld (2019: 6,7%).
d.d. 24 juni 2021
40
DUURZAAMHEID In deze paragraaf wordt een toelichting gegeven over de ontwikkelingen op het gebied van duurzaamheid aan de hand van de in de duurzaamheidsvisie beschreven thema’s. Daarnaast zijn er enkele overkoepelende aspecten benoemd. Duurzaamheid Urk Duurzaamheid krijgt een steeds prominentere plaats binnen de samenleving en hierdoor alle beleidsterreinen binnen de gemeente Urk. Waar we de afgelopen jaren op basis van ad-hoc maatregelen invullingen hebben gegeven aan duurzaamheid heeft de raad in juni 2020 de Duurzaamheidsvisie voor Urk vastgesteld. Doel hiervan is om de stip op de horizon voor duurzaamheid op Urk te bepalen, evenals kaders aan de uitvoering ervan. Door middel van de juiste stappen kunnen wij doorwerken naar dat doel. De duurzaamheidsopgave voor Urk is gebaseerd aan de hand van de vier thema’s Energie, circulaire economie, klimaatadaptatie en mobiliteit. Ook de komende jaren zullen de nodige duurzaamheidsprojecten geïnitieerd moeten worden en zullen we bedrijven en bewoners actief moeten informeren, verleiden en inspireren om bij te dragen aan de duurzaamheidsdoelstellingen voor Urk. Energie Een belangrijk thema binnen duurzaamheid is de energietransitie. Urk streeft ernaar in 2050 95% CO2 neutraal te zijn, met als tussenstap in 2030 een CO2 reductie van 49% ten opzichte van 1990.
CO2 neutraal wil zeggen dat de gebruikte energie volledig wordt opgewekt uit hernieuwbare bronnen. Dit willen wij doen door de komende jaren in te zetten op isolatie van woningen, plaatsen van zonnepanelen en te werken aan de warmtetransitie (opstellen warmteplannen per wijk) om van het aardgas te kunnen. Regionale Energie Strategie (RES) Nederland heeft zich gecommitteerd aan de klimaatafspraken van Parijs. Dit betekent dat stapsgewijs afscheid genomen gaat worden van energie opgewekt door middel van fossiele brandstoffen. Om dit mogelijk te maken moet het aandeel duurzaam opgewekte energie uitgebreid worden. Vandaar dat het Rijk de opgave heeft geformuleerd om tot 2030 35 TWh duurzame energie op te wekken. Binnen Flevoland wordt gewerkt aan de RES Flevoland. Juli 2021 moet het RES bod Flevoland vastgesteld en aangeleverd worden. Deze wordt vervolgens 2 jaarlijks geactualiseerd. Transitievisie Warmte Urk Eén van de opgaven waar de gemeente Urk voor staat is het aardgasvrij maken van de gemeente Urk in 2050. Hiertoe moet er dit jaar een Transitievisie Warmte Urk opgesteld worden. Dit is de routekaart hoe de gemeente Urk deze opgave wil vormgeven. Vervolgens is het de bedoeling dat via een wijkgerichte aanpak de wijken aardgasvrij gemaakt moeten worden. Aan deze transitie zitten zowel formatief als qua uitvoering hoge kosten verbonden.
Het formatieve gedeelte wordt verderop in deze paragraaf besproken. De uitvoeringskosten zijn voor Urk nog niet duidelijk. Dit is afhankelijk van de keuzes die wij maken bij het opstellen van de Transitievisie Warmte. Het Rijk heeft aangegeven dat zij garant staan voor de onrendabele top van deze opgave, vandaar dat in deze kadernota geen middelen zijn opgenomen. Faciliteren energietransitie Belangrijk thema in de hele duurzaamheidsopgave is ervoor te zorgen dat iedereen mee kan doen. Financiering is daarbij een belangrijk thema, maar ook is belangrijk om bewoners te faciliteren bij deze energietransitie. Vandaar dat het van belang is om in de periode tot 2023 te onderzoeken op welke wijze wij bewoners optimaal kunnen betrekken en kunnen ondersteunen. Denk dan aan faciliteren van een postcode roos, het oprichten van een energie coöperatie of het verstrekken van duurzaamheidsleningen via de SVN. Klimaatadaptatie De gevolgen van klimaatverandering zijn ook in Nederland merkbaar. Extreme neerslag komt nu al duidelijk meer voor dan in de jaren vijftig en ook hittegolven dienen zich vaker aan. Onze bijdrage is om als Urk ‘klimaatrobuust’ te zijn in 2050. Dit betekent dat bij extreem weer de schade aan gebouwen, infrastructuur of vitale functies zoveel mogelijk beperkt blijft.
Ook wanneer het gaat om gezondheidsrisico’s op Urk, als gevolg van klimaatverandering, neemt de gemeente hierin, vanuit de algemene zorgplicht die zij heeft, haar verantwoordelijkheid.
d.d. 24 juni 2021
41
Resultaten stresstesten Urk Uit de stresstesten die zijn uitgevoerd mag Urk zich gelukkig prijzen dat er geen hele grote opgaven naar boven komen op het gebied van wateroverlast, droogte en hitte. De zaken ten aanzien van hitte en droogte moeten worden betrokken in de verschillende projecten om dit integraal aan te pakken. Wat betreft de wateroverlast problematiek die op een aantal plekken op Urk ervaren wordt, wordt voorgesteld de financiering van de aanpak van de maatregelen mee te nemen bij het in 2021 op te stellen Gemeentelijk rioleringsplan dan wel de opvolger in de Omgevingswet. Versteende tuinen Op Urk zijn vele tuinen grotendeels verhard. Dit zorgt in extreme situaties voor water overlast en hittestress. Het is dan ook wenselijke meer groen te realiseren in de tuinen. De raad heeft dit ook onderkend en verzocht te onderzoeken om aan te sluiten bij landelijke trajecten als “Operatie Steenbreek” of de actie “Tegelwippen”. Dit wordt opgepakt. Met name verlangt dit ambtelijke capaciteit. Naar verwachting kunnen de kosten binnen de reguliere middelen gefinancierd worden. Circulaire economie In een circulaire economie is afval de nieuwe grondstof. Vrijwel alle producten en materialen die Nederlanders in de toekomst gebruiken zullen worden hergebruikt.