IBOR-Beleidsplan 2022-2027
Tekst van het document
Beleidsplan Integraal Beheer Openbare Ruimte Urk IBOR 2022-2027
december 2021
Beleidsplan Integraal Beheer Openbare Ruimte Urk Gemeente Urk, december 2021
Colofon Opdrachtgever: Gemeente Urk, Astrid Dijkstra Project: IBOR Beleidsplan 2022-2027 Auteur: Ingeborg Baars Advies: Cyber
Marjel Das Frans Bouwman
Bijdragen: Harry de Wit, Leo Brussé, Harm van Otterloo, Yasser al Keflauwi, Jos Fraza, René de Vries e.a. Datum: 10 november 2021 Datum vaststelling: 16 december 2021
“De openbare ruimte is het bindmiddel in onze samenleving. De openbare ruimte – onze straten, parken en pleinen – vervult haar functie bijna als vanzelfsprekend. Het vormt de basis voor het openbare leven. Het is de plek waar mensen elkaar ontmoeten, naar hun werk gaan, spelen, sporten en ontspannen. Het beheer van de openbare ruimte is daarmee eigenlijk één van de belangrijkste werkterreinen van een gemeente.”
Wethouder P.N. Middelkoop
Inhoudsopgave Samenvatting
9
1
Inleiding
11
1.1 Aanleiding integraal beleid
11
1.2 Doelstelling
11
1.3 Afbakening
11
1.4 Relatie met ander beleid en de Omgevingswet
12
1.5 Evaluatie IBOR-Beleidsplan 2017-2021
13
1.6 Wijzigingen t.o.v. de vorige versie
14
1.7 Actuele situatie
15
1.8 Leeswijzer
15
Waarde van beheer
16
2.1 Openbare ruimte
16
2.2 Waarde van de openbare ruimte
17
2
3
2.2.1
(Vervangings)waarde, financieel en door technische staat
17
2.2.2
Waardering door de gebruikers
18
2.2.3
Waardevol door maatschappelijke en bestuurlijke doelstellingen
19
2.3 Doel beheer
19
2.4 Waarde en levensduur
19
2.5 Waarden per gebiedstype
21
Areaal
23
3.1 Groen
24
3.2 Verharding (Wegen)
25
3.3 (Oppervlakte)water
26
3.4 Riolering
26
3.5 Civiele kunstwerken
27
6 Beleidsplan Integraal Beheer Openbare Ruimte Urk Gemeente Urk /printdatum: 10 november 2021
4
5
6
7
3.6 (Straat)meubilair
27
3.7 Openbare Verlichting
28
3.8 Recreatie (spelen)
29
3.9 Overkoepelende activiteit arealen: Schoon (Reiniging)
30
Huidige situatie en ambities
31
4.1 Ambitieniveaus - meetlatten
31
4.2 Ambities 2017-2021
32
4.3 Huidige situatie - enquête
33
4.4 Huidige situatie - schouw
35
4.5 Ambities 2022-2027
36
Beheerkosten
37
5.1 Beheerkosten berekenen
37
5.2 Cyclisch doorrekenen
37
5.3 Uitvoering
38
5.4 Aanvullende kosten
39
5.5 Berekende beheerkosten & vergelijking op hoofdlijnen
39
5.6 Kostenberekening Impact Online© Dagelijks en Groot Onderhoud
41
5.7 Kostenberekening Impact Online© Vervanging
42
5.8 Aangevulde onderdelen
43
Areaalgroei
44
6.1 Areaalgroei door uitbreiding
44
6.1.1
Overdracht van Ontwikkeling naar Beheer
44
6.1.2
Groei beheerbudget door uitbreiding
45
6.2 Areaalgroei en -wijzigingen door inbreiding
45
6.3 Planning areaalgroei
46
Samenwerking
47
7.1 Participatie vanuit de omgevingswet
47
7.2 Wensen uit samenleving en politiek
47
7.3 Burgerparticipatie en budget
48
8
7.4 Provincie en Waterschap
49
Budget en bekostiging
50
8.1 Beschikbaar budget
50
8.2 Bekostiging IBOR-Beleidsplan 2022-2027
51
8.3 Bekostiging spelregels
52
8.4 Calamiteiten en vandalisme
52
8.5 Financiering overige doelstellingen
52
Bijlagen
54
Bijlage 1.
Beheer en eigendom gebiedstypen
55
Bijlage 2.
Kwaliteitskaarten
56
Bijlage 3.
Resultaten enquête inwoners Urk openbare ruimte 2021
59
Bijlage 4.
Arealen
61
Bijlage 5.
Beheer en eigendom gebiedstypen
66
Bijlage 6.
Aanvullende taken
72
Bijlage 7.
Inhoudelijke wijzigingen t.o.v. Beleidsplan 2017-2021
73
Bijlage 8.
Areaalgroei – Lijst vooruitblik uitbreiding en inbreiding
74
8 Beleidsplan Integraal Beheer Openbare Ruimte Urk Gemeente Urk /printdatum: 10 november 2021
Samenvatting Het adequaat beheren van de openbare ruimte is een kerntaak van de gemeente. Het beheer van de openbare ruimte draagt bij aan de veiligheid, de gezondheid en het welzijn van alle inwoners en bezoekers op Urk. Zij ervaren het beeld van de openbare ruimte als totaalplaatje; één onderdeel kan het gehele beeld van de buitenruimte beïnvloeden. Urk heeft daarom één integraal beleidsplan voor het beheer van de openbare ruimte opgesteld. Hierin is de kwaliteit en ambitie van de openbare ruimte integraal vastgelegd. Voorliggend IBOR-Beleidsplan 2022-2027 is de actualisatie van het plan uit 2016. Openbare ruimte De openbare ruimte in relatie tot het beheer van de openbare ruimte, gaat om de publieke ruimte buiten, die voor iedereen toegankelijk is met alle elementen die daartoe behoren. Denk daarbij aan alle straten en parken, die bijvoorbeeld bestaan uit de elementen verharding, bomen, lantaarnpalen et cetera.
Waarde van beheer De openbare ruimte vertegenwoordigt een bepaalde waarde. Grofweg kan deze waarde worden uitgelegd aan de hand van drie invalshoeken op basis van de Waardemonitor CROW. Deze waarden vullen elkaar aan, waarbij beheer van de openbare ruimte de balans zoekt tussen de drie waarden, waarbij het bestuur de kaders en de richting aangeeft. Het gaat daarbij om de volgende waarden: De openbare ruimte heeft (VERVANGINGS) WAARDE financieel en door technische staat De openbare ruimte krijgt WAARDERING van gebruikers De openbare ruimte is WAARDEVOL voor maatschappelijke en bestuurlijke doelstellingen
De openbare ruimte kent naast de waarde een bepaalde levensduur. Beheermaatregelen worden uitgevoerd om een areaal gedurende de gewenste levensduur op een bepaald kwaliteitsniveau te houden of weer te krijgen. Dit is erop gericht om het (technisch) naar behoren te laten functioneren en een bepaalde representativiteit te laten behouden (beeldkwaliteit). De beheermaatregelen zijn onderverdeeld in dagelijks onderhoud, groot onderhoud en vervanging. Het kwaliteitsniveau is in dit IBOR-Beleidsplan 2022-2027 vastgelegd.
9 Beleidsplan Integraal Beheer Openbare Ruimte Urk Gemeente Urk / printdatum: 10 november 2021
Huidige situatie en ambities Om het kwaliteitsniveau te bepalen, is gekeken naar het vorige IBOR-Beleidsplan 2017-2021 en wat de conclusie is na vier jaar uitvoeren van het beleid. Om deze conclusie te kunnen trekken, is een enquête gehouden onder de inwoners van Urk waarin hen is gevraagd hoe zij de openbare ruimte in hun eigen wijk en op de rest van Urk ervaren. Daarnaast zijn de resultaten uit de schouw die wordt uitgevoerd om de beeldkwaliteit objectief te meten gebruikt. Naar aanleiding van die bevindingen, wordt het ambitieniveau van het Oude Dorp teruggebracht van niveau A naar B en het ambitieniveau van groen in de woonwijken te verhogen van C naar B. Omdat het kwaliteitsniveau A in het Oude Dorp niet werd gehaald, en het in praktijk uitkomt op B-niveau, zal het beeld van het Oude Dorp niet wijzigen. Door het ambitieniveau van groen in de woonwijken te verhogen, zal dit een positieve invloed hebben op de leefbaarheid en beleving van de openbare ruimte. Overig
Beheerkosten en bekostiging Op basis van het ambitieniveau en het te beheren areaal, is doorgerekend wat de beheerkosten zijn. Het totaalbedrag is vervolgens vergeleken met het budget zoals dat in de begroting van 2021 is opgenomen en hoe het verschil tussen beide gedekt kan worden. Daarmee komen we tot de volgende bekostiging: Bekostiging IBOR-Beleidsplan 2022-2027 Beheerkosten Scenario Beleidsplan 2022-2027
€ 3.782.000
Budget in de begroting 2021
€ 2.619.500 Subtotaal (Tekort)
€ 1.162.500
Stelpost Areaaluitbreiding
€ 598.000
Inzet personeel gedekt binnen begroting
€ 400.000 Restbedrag (Tekort)
€ 164.500
Ten behoeve van de bekostiging wordt naast het budget dat in de begroting 2021 is opgenomen de stelpost areaaluitbreiding ingezet, die nog niet was toegerekend aan het budget. Vervolgens is de aanname dat vanuit de post Beleid, Voorbereiding & Toezicht en systemen een bedrag van €400.000 toe te rekenen valt aan personele inzet. Daarbij gaan we uit van bestaande formatie(budgetten/eigen mensen) die zijn gedekt binnen de begroting. Binnen de bekostiging blijft daarmee een restbedrag (tekort) over van €164.500. Gezien de druk op de begroting en de theoretische benadering van de beheerkostenberekening ten opzichte van de praktijk, wordt geen budgetverhoging voorgesteld, maar brengen we het IBOR-Beleidsplan 2022-2027 eerst in praktijk, waarbij de budgetten worden gemonitord in relatie tot de werkelijke kosten.
10 Beleidsplan Integraal Beheer Openbare Ruimte Urk Gemeente Urk /printdatum: 10 november 2021
Inleiding 1.1 Aanleiding integraal beleid Het adequaat beheren van de openbare ruimte is een kerntaak van de gemeente. Het beheer van de openbare ruimte draagt bij aan de veiligheid, de gezondheid en het welzijn van alle inwoners en bezoekers op Urk. Zij ervaren het beeld van de openbare ruimte als een integraal totaalplaatje; één onderdeel kan het gehele beeld van de buitenruimte beïnvloeden. Integraal beheer zorgt voor een optimale afstemming tussen diverse beheeronderdelen en beheerkosten, zodat uitvoering goed op elkaar kan worden afgestemd en waar mogelijk gecombineerd. Daarmee wordt bijvoorbeeld voorkomen dat het ene jaar de weg wordt herstraat en dat het jaar erna alles weer wordt opengebroken omdat de verlichting en het straatmeubilair worden vervangen. Urk heeft daarom één integraal beleidsplan voor het beheer van de openbare ruimte opgesteld. Hierin is de kwaliteit en ambitie van de openbare ruimte integraal vastgelegd. Dat resulteerde in 2016 in het eerste Beleidsplan Integraal Beheer Openbare Ruimte; IBOR-Beleidsplan 2017-2021. Het beleidsplan biedt een overkoepelend kader voor diverse deelplannen en de gewenste beheerkwaliteit per beheeronderdeel. Voorliggend IBOR-Beleidsplan 2022-2027 is de actualisatie van het plan uit 2016.
1.2 Doelstelling Het doel van het Beleidsplan IBOR is het vaststellen van beleidskaders voor de best haalbare beheerkwaliteit van de openbare ruimte in relatie tot de beschikbare middelen. Het Beleidsplan IBOR beschrijft welke beheerkwaliteit op welke plek gewenst is en welke kosten met deze keuze gemoeid zijn. De beleidskaders geven ruimte aan de kaderstellende rol van de raad en bieden duidelijkheid voor zowel de uitvoering door de ambtelijke organisatie als voor de verwachting van de gebruiker.
1.3 Afbakening Het IBOR omvat de totale openbare ruimte in onze gemeente, met uitzondering van de gemeentelijke begraafplaatsen, de sportvelden, kunstobjecten1, haven en de gemeentelijke riolering. Deze onderdelen hebben - naast vaak een eigen exploitatie - een eigen beleidskader en bijbehorend beheerplan. De begraafplaatsen en sportvelden hebben daarnaast ook een ander karakter dan de openbare ruimte, omdat deze ’s avonds door middel van een hek worden afgesloten van publiek (semi-openbaar). Incidenteel zijn er
1 Kunstobjecten zijn kunstuitingen zoals beeldhouwwerken en monumenten
11 Beleidsplan Integraal Beheer Openbare Ruimte Urk Gemeente Urk / printdatum: 10 november 2021
wel elementen die onder IBOR vallen, zoals reguliere verlichting op de sportvelden. Waar dit van toepassing is, wordt dat aangegeven in het plan. Het idee is om in de toekomst de haven en waar mogelijk en gewenst ook de kunstobjecten onder te brengen bij het IBOR-beleidsplan. Vanwege de complexiteit van de beheeropgave van de haven in combinatie met het goed organisatorisch regelen, is ervoor gekozen de haven in deze versie van het beleidsplan nog niet toe te voegen. Gezien de emotionele waarde van de kunstobjecten en de inhaalslag van het beheer van die objecten is er op dit moment voor gekozen eerst het beheerplan te actualiseren voordat dit kan worden geïntegreerd. Voor wat betreft riolering bestaat er een grote ruimtelijke samenhang met de elementen die behoren tot het IBOR-beleidsplan. De scheiding van riolering en IBOR is op dit moment nog ingegeven door de financieringsbron; het beheer van de riolering wordt gedekt uit de rioolheffing, terwijl de middelen voor het IBOR wordt gegenereerd uit de algemene middelen. Vanwege de directe samenhang wordt het Gemeentelijk Water en Rioleringsplan (GWRP) in nauwe afstemming met het IBOR opgesteld, met daarbij een integrale meerjarenplanning. In een volgende versie kunnen onderdelen uit het GWRP ook hun beslag gaan vinden in het IBOR-beleidsplan.
De stelregel voor het beheer van de openbare ruimte is dat wat in eigendom is van de gemeente, ook wordt beheerd door de gemeente. De uitvoering hiervan kan dan wel door andere partijen gebeuren. In sommige gevallen heeft de gemeente een overeenkomst afgesloten waarbij het beheer is afgekocht. Daarbij zijn beheerafspraken gemaakt. Andersom is het ook mogelijk dat de gemeente beheer voor haar rekening neemt op gebieden die niet tot haar eigendom behoren. Ook daar liggen afspraken aan ten grondslag.
1.4 Relatie met ander beleid en de Omgevingswet Zoals in de vorige paragraaf al beschreven in relatie tot riolering, verhoudt het IBOR-Beleidsplan zich tot een aantal andere (beleids)documenten binnen gemeente Urk.
Figuur 1 Relatie IBOR-beleidsplan met ander beleid
12 Beleidsplan Integraal Beheer Openbare Ruimte Urk Gemeente Urk /printdatum: 10 november 2021
Het IBOR-Beleidsplan valt vanaf 2022 binnen de kaders van de Omgevingswet en daarmee de Omgevingsvisie. Binnen de omgevingswet is er sprake van het verplicht opstellen van programma’s. Voor het beheer van de openbare ruimte is geen sprake van het verplicht opstellen van een programma, en is de wijze waarop het beheer wordt vastgelegd vormvrij. De insteek vanuit Beheer is daarom om het IBORBeleidsplan in voorliggende vorm te behouden, waarbij aansluiting wordt gezocht bij het assetmanagement. Daarmee kan dit document ook met de titel Strategisch Assetmanagement Plan worden aangehaald (SAMP). Het assetmanagement van de openbare ruimte houdt in dat elk onderdeel en elke actie met betrekking tot een areaal in totale context wordt bekeken en welke invloed dat onderdeel en de context op elkaar hebben. Dat sluit aan bij de integrale benadering van het IBOR. In een SAMP worden de strategische kaders vastgelegd, wat overeenkomt met de kaders en ambities in dit plan. Het assetmanagement helpt om alle onderdelen die betrekking hebben op het beheer met elkaar in context te zien. Denk hierbij onder andere aan trends, beheerplannen, processen, organisatie en relaties tot stakeholders. Binnen de kaders van de Omgevingsvisie zijn de uitgangspunten die zijn vastgelegd in dit IBOR-beleidsplan leidend voor het beheer van de openbare ruimte en de daarbij behorende kosten en budget.
Indien er aanvullend gemeentelijk beleid wordt geformuleerd dat kostenverhogend werkt, zal aanvullend budget in dat beleidsdocument moeten worden vastgelegd. Denk bijvoorbeeld aan opgaven binnen het Gemeentelijk Verkeers- en Vervoersplan.
1.5 Evaluatie IBOR-Beleidsplan 2017-2021 Het IBOR-Beleidsplan 2017-2021 was het eerste integrale beleidsplan voor het beheer van de openbare ruimte. De belangrijkste elementen waren het beeldgericht werken, het integraal beheer, differentiatie in kwaliteitsniveaus en een bezuinigingsdoel dat gehaald moest worden. Om in voorliggend document vooruit te kunnen kijken, blikken we terug op het eerste plan om te leren wat is goed gegaan, en wat nog beter of anders kan. De succesfactoren van het IBOR-Beleidsplan 2017-2021 zijn onder andere de eenduidigheid die is ontstaan in het beheer, en het feit dat het plan heeft geleid tot geactualiseerd beleid en beheerplannen, zoals het groenbeleidsplan en -beheerplan. Daarnaast is het IBOR-Beleidsplan het uitgangspunt geweest om de areaalmutaties in het beheersysteem GBI te verbeteren. De actualiteit en juistheid van die gegevens zorgen voor grip op de buitenruimte. Intern is de afstemming tussen beleid en wijkbeheer verbeterd, waardoor ook naar buiten toe steeds beter wordt gecommuniceerd. Wat ook de bewoners is opgevallen, is de inzet van het participatiebudget. Bewoners hebben zich daarmee ingezet om samen speeltoestellen op te knappen, vuil te prikken en vlinderbeplanting aan te leggen en te verzorgen.
Dankzij het beleidsplan zijn er daarnaast ook regelmatig (buurt)schouwen die worden vastgelegd om de kwaliteit te monitoren en met buurten in gesprek te gaan. Communicatie blijft echter wel een aandachtspunt, ook in het nieuwe beleidsplan. Wat we leren van het afgelopen beleidsplan is dat er ook in beheer steeds meer aandacht komt voor de actuele trends rondom duurzaamheid, klimaatadaptatie en circulariteit. Dat vertaalt zich inmiddels onder
13 Beleidsplan Integraal Beheer Openbare Ruimte Urk Gemeente Urk / printdatum: 10 november 2021
andere al terug in het Handboek openbare ruimte waar deze thema’s in zijn vertaald naar concrete voorbeelden. Een verbeterpunt wat in het voorliggende beleidsplan ook aan de orde komt is de overdracht van projecten naar de beheerafdeling. Dat proces moet worden aangescherpt. Wat tijdens de looptijd van het IBOR-Beleidsplan 2017-2021 buiten vooral is opgevallen, is de kwaliteit van het groen. Door de keuze in ambitieniveau is het groen in vooral de woonwijken niet wat men ervan verwacht, maar wat wel hoort bij het ambitieniveau. Deze conclusie kan helaas echter pas getrokken worden door het ambitieniveau daadwerkelijk uit te voeren. Het groen is in die zin heel beeldbepalend en het contrast met de centrumgebieden en het Oude Dorp die op een ander niveau zijn beheerd is daarmee groot. Bij de uitvoering van het beleid is ook goed gekeken naar welke arealen nog niet volledig in het plan zijn opgenomen, terwijl die daar wel toe behoren. Dit zijn onder andere de gerestaureerde palenschermen. Ook andere hiaten worden in dit nieuwe beleidsplan benoemd en ingevuld. Een spanningsveld dat is opgevallen binnen het beheer en bijbehorend beheerbudget zijn de relaties tussen wensen en vragen van bewoners, politiek, onvoorziene omstandigheden als calamiteiten en vandalisme en beschikbaar budget. Ook daar zal in voorliggend plan meer duidelijkheid over worden geschept.
1.6 Wijzigingen t.o.v. de vorige versie De nieuwe versie van het IBOR-beleidsplan is in de eerste plaats een actualisatie van het IBOR-beleidsplan 2016-2021. De basisinformatie die ten grondslag ligt aan het IBOR-beleidsplan 2016-2021 is geüpdatet naar de actuele situatie. Hierbij gaat het zowel om de technische gegevens (arealen, hoeveelheden) als de financiële informatie (eenheidsprijzen, kostenverdeling). Daaruit volgt ook een nieuwe kostenberekening. Het IBOR beleidsplan is uitgebreid met een aantal onderwerpen waartoe in het eerste plan een aanzet is gedaan of die voortkomen uit de evaluatie, nieuw beleid en voortschrijdend inzicht: zo zijn een aantal werkzaamheden toegevoegd die in 2016 nog niet aan de orde waren of waar op dat moment geen rekening mee was gehouden. Denk aan het verplaatsen van banken en afvalbakken en het schilderen van de palenschermen. Deze wijzigingen, die een sterke invloed hebben op de beheerkosten, worden benoemd met daarbij de daaruit voortvloeiende kostenverhoging. Daarnaast is kritisch gekeken naar hoe de (beleids)keuzes uit het vorige plan hebben uitgewerkt in de praktijk. Zijn de ambities gehaald, en hadden deze ambities het effect dat we voor ogen hadden? Vooral het effect van de keuze voor ambitieniveau C voor groen in de woonwijken sluit niet aan bij wat het bestuur wenst voor haar bewoners op het gebied van leefbaarheid en tevredenheid.
Op de belangrijkste bevindingen wordt dieper ingegaan. Naast bovenstaande hebben we ook te maken met een veranderende wereld om ons heen. Volgens het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (verder: BBV) moeten met ingang van 2017 investeringen in de openbare ruimte met maatschappelijk nut (bruggen, wegen etc.) worden geactiveerd. Dit heeft invloed op de vervangingsinvesteringen met bijbehorende rentekosten. Het onderscheid tussen groot onderhoud en vervanging wordt hiermee nog belangrijker. De definities van de soorten onderhoud
14 Beleidsplan Integraal Beheer Openbare Ruimte Urk Gemeente Urk /printdatum: 10 november 2021
zijn daarom aangescherpt, waarbij de relatie wordt gelegd tussen definities en de financiële vertaling daarvan in het kader van de BBV.
1.7 Actuele situatie Om de actuele situatie van de openbare ruimte in beeld te brengen, worden regelmatig schouwen uitgevoerd. Aanvullend daarop is in de zomer van 2021 een enquête uitgevoerd onder bewoners om zicht te krijgen op hun indruk van de openbare ruimte in hun wijk en van heel Urk. In het hoofdstuk Huidige situatie en ambities wordt op de resultaten van beide dieper ingegaan, omdat de huidige situatie het nieuwe vertrekpunt is voor het Beleidsplan IBOR 2022-2027. Vanuit de politiek is daarnaast meegegeven dat er zorgen zijn met betrekking tot de leefbaarheid in de wijken, wat hiermee nauw is verbonden.
1.8 Leeswijzer In hoofdstuk 2 wordt eerst ingegaan op de waarde van het beheer van de openbare ruimte. Daar wordt ook toegelicht wat wordt verstaan onder het beheer en wordt de relatie gelegd met de verschillende gebieden die op Urk te onderscheiden zijn. Vervolgens komt in hoofdstuk 3 aan de orde wat het areaal van Urk is en welke activiteiten worden ondernomen om dit areaal te beheren. Daarbij wordt ook benoemd wat in dit plan gewijzigd is of aangevuld is ten opzichte van de vorige versie van het IBOR-beleidsplan. Hoofdstuk 4 gaat in op hoe de openbare ruimte wordt beoordeeld en wat het ambitieniveau is voor de komende periode. De keuze hiervoor wordt uitgelegd aan de hand van de huidige situatie die onder andere is beoordeeld door middel van schouwen en de enquête onder inwoners. In hoofdstuk 5 wordt uitgelegd hoe we komen tot de berekening van de beheerkosten, en wat het beheer voor de openbare ruimte van Urk kost naar aanleiding van het in hoofdstuk 4 bepaalde ambitieniveau. Hoe wordt omgegaan met toevoeging van areaal gedurende de looptijd van dit IBOR-beleidsplan wordt uitgelegd in hoofdstuk 6. In hoofdstuk 7 komt de samenwerking aan de orde, zowel met inwoners als met andere instanties. Hoofdstuk 8 laat zien wat het budget is in de begroting van 2021 en hoe het huidige IBOR-beleidsplan wordt gefinancierd.
Ook wordt ingegaan op het proces van financiering van aanvullende zaken die niet gefinancierd worden vanuit dit plan, zoals calamiteiten en acties vanuit andere beleidsvelden.
15 Beleidsplan Integraal Beheer Openbare Ruimte Urk Gemeente Urk / printdatum: 10 november 2021
Waarde van beheer Dit hoofdstuk gaat in op de openbare ruimte en de invloed van beheer en de uitgangspunten voor dit beleidsplan. Om daar een goed beeld bij te krijgen, wordt uitgelegd wat beheer inhoudt en wat wij verstaan onder de openbare ruimte. stilgestaan wordt bij de vraag welke betekenis - of liever waarde - de openbare ruimte heeft.
2.1 Openbare ruimte Als we in dit document spreken over de openbare ruimte in relatie tot het beheer van de openbare ruimte, gaat het hierbij om de publieke ruimte buiten, die voor iedereen toegankelijk is met alle elementen die daartoe behoren. Denk daarbij aan alle straten en parken, die bijvoorbeeld bestaan uit de elementen verharding, bomen, lantaarnpalen et cetera. Het gaat dus niet om openbare gebouwen, of locaties waar een hek omheen staat zoals de sportvelden en begraafplaatsen. Ook gebieden die een zelfstandig exploitatiemodel hebben zoals de haven, vallen in dit document buiten de definitie. Dit geldt ook voor een aantal specifieke elementen zoals kunstobjecten en de aanlichting van gebouwen.
Figuur 2 Openbare ruimte
16 Beleidsplan Integraal Beheer Openbare Ruimte Urk Gemeente Urk /printdatum: 10 november 2021
2.2 Waarde van de openbare ruimte Er kan vanuit verschillende invalshoeken naar de openbare ruimte worden gekeken, waarbij de openbare ruimte steeds een andere waarde vertegenwoordigt, maar die wel een duidelijke relatie hebben. In een werkgroep Waardemonitor van het CROW2 met gemeenten (2019) zijn deze waarden benoemd en onderverdeeld naar drie hoofdwaarden: De openbare ruimte heeft (VERVANGINGS) WAARDE financieel en door technische staat De openbare ruimte krijgt WAARDERING van gebruikers De openbare ruimte is WAARDEVOL voor maatschappelijke en bestuurlijke doelstellingen
Deze waarden vullen elkaar aan, waarbij beheer van de openbare ruimte de balans zoekt tussen de drie waarden, waarbij het bestuur de kaders en de richting aangeeft. 2.2.1 (Vervangings)waarde, financieel en door technische staat Wanneer we met een financiële blik naar de openbare ruimte kijken, zien we een weg die geld heeft gekost om aan te leggen, een weg die geld kost om veilig en netjes te houden en een weg die, afhankelijk van zijn leeftijd en technische staat op een bepaald moment ook weer vervangen moet worden. Financieel gezien willen we zoveel mogelijk ‘waar voor ons geld’ en willen we kapitaalvernietiging voorkomen. Wanneer we de openbare ruimte van Urk in één keer in zijn geheel zouden moeten vervangen (even los gezien van riolering en de watergangen), zou dat ruim €53 miljoen euro kosten (zie tabel 1). Deze waarde helpt om de kosten van beheer – waar we later op ingaan – financieel gezien in perspectief te zien. Maar zoals gezegd is niet alle waarde van de openbare ruimte in geld uit te drukken. *De vervangingswaarde Water en Riolering zijn in dit overzicht niet meegenomen.
Technische vervangingswaarde Groen
5.300.000,-
Bomen
2.800.000,-
Openbaar groen
2.500.000,-
Wegen
32.400.000,-
Gesloten verharding
5.600.000,-
Open verharding
26.800.000,-
Kunstwerken (civiel)
9.400.000,-
Bruggen (niet beweegbaar)
2.300.000,-
Bruggen (beweegbaar)
6.900.000,-
Waterbouwkundige werken
200.000,-
Straatmeubilair (incl. bebording)
1.000.000,-
Openbare verlichting
4.300,000.-
Speelvoorzieningen
1.100.000.Totaal
53.500.000,-
Tabel 1 Technische vervangingswaarde openbare ruimte Urk
2 CROW is een Nederlandse stichting die zich opstelt als kennisinstituut voor infrastructuur, openbare ruimte, verkeer en vervoer,
en werk en veiligheid (Bron: Wikipedia).
17 Beleidsplan Integraal Beheer Openbare Ruimte Urk Gemeente Urk / printdatum: 10 november 2021
2.2.2 Waardering door de gebruikers Mensen gebruiken de openbare ruimte voor verschillende dingen. Om veilig naar school of het werk te fietsen of te rijden, om de hond uit te laten, buiten te spelen of te wandelen, of goederen van de ene plek naar de andere te krijgen. Zo heeft de openbare ruimte een economische en sociaal maatschappelijke waarde. Maar hoe waarderen mensen nu zelf de openbare ruimte? Dat hangt grotendeels af van hun beleving. De beleving van de openbare ruimte is subjectief. Iemand kan het niet erg vinden dat er een gat in de weg zit, maar ergert zich wel aan de wilde struiken die in het plantsoen staan. Of men mist een boom in de straat, terwijl een ander een park om de hoek heeft en geen boom in zijn straat verwacht. Het gaat dus niet alleen om het beheer (gat in de weg), maar ook om de inrichting (wel of geen boom) en hoe men de openbare ruimte wil gebruiken (wandelen in het park om de hoek). Beleving openbare ruimte Beheer, inrichting en gebruik zijn de factoren die het beeld van de openbare ruimte beïnvloeden. Een goede afstemming tussen beheer, inrichting en gebruik is essentieel om de kwaliteit van de openbare ruimte gedurende de gebruiksduur te handhaven. Inrichting De inrichting van de buitenruimte zorgt voor de gekozen functionaliteit van de buitenruimte en definieert het initiële beeld dat bijdraagt aan de beleving van de buitenruimte.
Een duidelijke inrichting, een kenmerkend karakter en beeldbepalende of opvallende elementen zijn van invloed voor de beleving en het gebruik van de openbare ruimte. Beheer Met het beheer wordt gezorgd voor een openbare ruimte die veilig, heel en schoon is. Het beheren van de openbare ruimte bestaat uit onderhoud en vervanging ten behoeve van de functionaliteit en heeft directe invloed op het beelden van de bestaande buitenruimte. Gebruik Bewoners, bedrijven en bezoekers maken gebruik van de openbare ruimte. Het gebruik van de buitenruimte staat in verbinding met de inrichting en het beheer. De inrichting en het beheer roepen een bepaald type gebruik op. Andersom kan ruimte ook gebruikt worden waar het in eerste instantie niet voor is ingericht. Ander gebruik kan zowel een positieve als negatieve invloed kan hebben op de beleving, daarnaast kan ander gebruik kan aanleiding zijn om de inrichting of het beheer aan te passen aan de desbetreffende functionaliteit. Kader 1 Beleving openbare ruimte
Via enquêtes kunnen we een beeld krijgen bij wat mensen van hun omgeving vinden en hoe zij tegen het beheer van de openbare ruimte aankijken. Om het beeld van de openbare ruimte objectief te kunnen meten, is een landelijke standaard systematiek ontwikkeld door het CROW. In het beheer kan daarmee worden gekozen tussen de verschillende beheerniveaus op basis van meetlatten. Het bestuur kan op basis hiervan een keuze maken voor het ambitieniveau binnen de gemeente, en dat ook uitleggen aan haar bewoners. Op basis van die meetlatten kan het niveau ook worden gemonitord. In het hoofdstuk Huidige
18 Beleidsplan Integraal Beheer Openbare Ruimte Urk Gemeente Urk /printdatum: 10 november 2021
situatie en ambities worden de meetlatten verder uitgelegd en worden de gekozen ambitieniveaus voor Urk toegelicht.
2.2.3 Waardevol door maatschappelijke en bestuurlijke doelstellingen Naast het gebruik van de openbare ruimte door haar inwoners en bezoekers, heeft het bestuur nog meer doelstellingen die een plek vinden in de openbare ruimte. Denk bijvoorbeeld aan de doelstelling dat Urkers elkaar moeten kunnen ontmoeten en kunnen bewegen. Door plekken te creëren draagt de openbare ruimte daaraan bij. Dat zijn lokale doelstellingen. Maar ook aan landelijke doelstellingen zoals het vergroten van biodiversiteit of reduceren van CO2 kan de openbare ruimte van Urk bijdragen. Door op de juiste plekken diverse soorten (grote) bomen toe te voegen of vegetatie aan te brengen, kan daaraan lokaal worden bijgedragen. Dit heeft direct weer invloed op de beleving van de openbare ruimte en de gezondheid van mensen. Zo kan de openbare ruimte nog meer van waarde zijn voor allerlei andere lokale en nationale doelstellingen. Veel van deze doelstellingen zijn benoemd in specifiek voor dat onderwerp geformuleerd beleid, zoals de Duurzaamheidsvisie Urk 2050 en de Transitievisie Warmte Urk, en hoeven hier niet te worden herhaald. Een aantal onderdelen zoals klimaatdoelstellingen, circulariteit en duurzaamheid hebben inmiddels al een vertaling gekregen in het Handboek Openbare Ruimte.
2.3 Doel beheer Het doel van beheer was in vroeger tijden de in stand houding van arealen. Tegenwoordig is het uitgangspunt om de gewenste functionaliteit te borgen, maar wel tegen een balans van technische kwaliteit en het voorkomen van kapitaalvernietiging. Voor het beheren en het berekenen van bijbehorende beheerkosten blijft het vertrekpunt wel de instandhouding. De bestaande situatie en de instandhouding daarvan is het enig houvast op basis waarvan kosten kunnen worden berekend en discussies kunnen worden gevoerd. Het beheer van de buitenruimte is in die zin ook gericht op een langdurige instandhouding van de gewenste functionaliteit, waarbij de trits veilig, heel en schoon wordt aangehouden om te zorgen voor een gezonde leefomgeving. Het beheer kan op diverse niveaus uitgevoerd worden en sluit zoveel mogelijk aan op de inrichting en het gebruik. Een hoogwaardige inrichting met een hoge gebruikersdruk vraagt om meer onderhoud en vice versa. Het IBOR-beleidsplan richt zich op het beheeraspect van de openbare ruimte. Op de kwaliteitsniveaus wordt in het volgende hoofdstuk verder ingegaan.
2.4 Waarde en levensduur De openbare ruimte kent een bepaalde levensduur. Beheermaatregelen worden uitgevoerd om een areaal gedurende de gewenste levensduur op een bepaald kwaliteitsniveau te houden of weer te krijgen. Dit is erop gericht om het (technisch) naar behoren te laten functioneren en een bepaalde representativiteit te laten behouden (beeldkwaliteit). Dagelijks onderhoud en groot onderhoud zijn noodzakelijk om de kwaliteit op peil te houden; het betreft een tijdelijke verbetering. Dit onderhoud is gepland en erop gericht om de vooraf bepaalde levensduur te kunnen behalen. Langzaam gaat de kwaliteit, ondanks dit onderhoud, achteruit en is onderhoud niet meer
19 Beleidsplan Integraal Beheer Openbare Ruimte Urk Gemeente Urk / printdatum: 10 november 2021
afdoende om het aan het kwaliteitsniveau te laten voldoen. Dat is het moment om het te vervangen of te herinrichten. Dan begint het proces weer van voren af aan. Dat wordt de beheercyclus genoemd. De volgende figuur laat dit verloop zien:
Figuur 3 Beheercyclus
Op basis hiervan worden ook de gemiddelde kosten per jaar over de gehele levensduur berekend, de Lifecycle Costs (LCC). Meer daarover komt terug in hoofdstuk 5 Beheerkosten. Beheer kan dus, afgezien van beheerplanningen, innovaties, inspecties en dergelijke, grofweg worden onderscheiden in een aantal onderhoudsvormen. De Notitie Materiële Vaste Activa van het BBV benoemt ‘klein onderhoud’ en ‘groot onderhoud’. Alle maatregelen anders dan dit zijn ‘investeringen’. Het IBOR-plan omvat het dagelijks (klein) onderhoud (DO), het groot onderhoud (GO) en de cyclische vervanging (VV, de vervangingsinvesteringen) om de openbare ruimte op het afgesproken beheerkwaliteitsniveau te houden. Het volgende kader geeft een toelichting op de onderhoudsvormen, conform BBV. Definities onderhoud en investeringen volgens BBV (notitie Materiële Vaste Activa). 1.
Klein onderhoud: Bij klein onderhoud gaat het om dagelijkse reparaties die noodzakelijk zijn om het object in goede werkende en veilige staat te houden op een van te voren vastgesteld kwaliteitsniveau. Hierbij moet worden gedacht aan maatregelen die noodzakelijk zijn om het object blijvend naar behoren te laten functioneren of haar representativiteit te laten behouden. Klein onderhoud is het onderhoud dat vanaf het eerste of het lopende planjaar op een klein gedeelte van het object wordt uitgevoerd.
2.
Groot onderhoud: Lasten van groot onderhoud ontstaan na een langere periode van gebruik van een object als gevolg van slijtage. Groot onderhoud is gepland onderhoud van veelal ingrijpende aard als gevolg van slijtage, dat op een substantieel deel van het object wordt uitgevoerd en na een langere periode van gebruik moet worden verricht.
3.
Investeringen: Indien de componentenbenadering wordt toegepast en het betreffende onderdeel van het kapitaalgoed is afgeschreven (einde gebruiksduur), is er geen sprake van groot onderhoud maar van
20 Beleidsplan Integraal Beheer Openbare Ruimte Urk Gemeente Urk /printdatum: 10 november 2021
vervangingsinvesteringen. In het BBV worden meerdere vormen van investeringen onderscheiden. Voor het beheer van openbare ruimte zijn er 2 belangrijk: •
•
Vervangingsinvesteringen: Investeringen ten behoeve van de vervanging van een bestaand actief als gevolg van economische veroudering of slijtage. Een bijzondere vervangingsinvestering is een rehabilitatie van een weg. Dit betreft een vervanging op basis van einde levensduur, waarbij groot- en klein onderhoud (economisch) niet meer toereikend is. De weg wordt weer volledig nieuw aangelegd op het oorspronkelijke structurele en functionele niveau, zonder aanpassingen in vormgeving of gebruik. Er is sprake van een nieuw actief met een nieuwe levensduur. Levensduur verlengende investeringen: Dit zijn investeringen die worden gepleegd ten behoeve van een bestaand actief en expliciet leiden tot een substantiële levensduurverlenging van betreffend actief. Het gaat expliciet niet om (groot)onderhoud. Het BBV noemt als voorbeeld het renoveren (= vernieuwen naar de huidige maatstaven en normen) van een gebouw. Onderhoud is niet levensduurverlengend, maar dient om het actief gedurende zijn levensduur in goede staat te houden. Aansprekend voorbeeld is het relinen van een rioolbuis, waarmee de levensduur (gebruiksduur!) wordt verlengd c.q. moment van vervangingsinvestering substantieel kan worden uitgesteld.
Kader 2 Definities onderhoud en investeringen volgens Besluit Bestuurlijke Verantwoording
2.5 Waarden per gebiedstype Voor het beleidsplan is Urk in een aantal gebiedstypen opgedeeld. Gebiedstypen zijn gebieden met een gelijksoortige gebruiksfunctie en inrichting. Dit is om per gebiedstype onderscheid te kunnen maken in de beeldkwaliteit. Door onderscheid te maken in de gebiedstypen is het mogelijk om te differentiëren met kwaliteitsniveaus van beheer, maar is het ook mogelijk om rekening te houden met kosten naar aanleiding van de bodemsoort (i.v.m. verzakking) en verkeersintensiteiten, maar ook hoe snel een gebied vervuilt door gebruikers en of er gemiddeld veel meldingen worden gedaan bij een type gebied. Gebiedstypen Oude Dorp Woongebied Bedrijventerrein Hoofdinfrastructuur Winkelcentra Parken Buitengebied Recreatieve gebieden Stranden
Grondsoort Vervuilingsnelheid Verkeersintensiteit Leem Hoog Gemiddeld Klei/Veen Gemiddeld Gemiddeld Klei/Veen Hoog Gemiddeld Klei/Veen Gemiddeld Hoog Klei/Veen Hoog Hoog Klei/Veen Gemiddeld Licht Klei/Veen Zeer laag - Buitengebied Licht Klei/Veen Gemiddeld Licht Zand Zeer hoog Licht
Gem. aantal meldingen Normaal Normaal Normaal Normaal Normaal Normaal Normaal Normaal Normaal
Tabel 2 Gebiedstypen binnen IBOR
Noot: Een groot deel van de recreatieve gebieden zijn geen eigendom van gemeente Urk, maar voert de gemeente wel beheer. Welke onderdelen vallen onder het beheer van de gemeente staat in Bijlage 1. Gebied(styp)en die buiten het IBOR vallen, zijn: Haven Sportvelden Begraafplaats
Klei/Veen Klei/Veen Klei/Veen
Hoog Hoog Laag
Licht Licht Licht
Normaal Normaal Laag
Tabel 3 Gebiedstypen buiten IBOR
21 Beleidsplan Integraal Beheer Openbare Ruimte Urk Gemeente Urk / printdatum: 10 november 2021
De kaart geeft de ligging van de gebiedstypen weer. De ambities per gebied komen in hoofdstuk 4 aan de orde.
Figuur 4 Gebiedstypen gemeente Urk
Noot: Deze kaart behelst het totale grondgebied van gemeente Urk, ongeacht de specifieke eigendomssituatie en geeft ook de gebieden weer die buiten het IBOR vallen. Daarnaast is het gebied van de toekomstige buitendijkse haven op deze kaart nog niet ingetekend.
22 Beleidsplan Integraal Beheer Openbare Ruimte Urk Gemeente Urk /printdatum: 10 november 2021
Areaal De basis van het IBOR-beleidsplan begint bij de vraag wat er valt onder het beheer van de openbare ruimte. Enerzijds gaat het om de gebieden die worden beheerd, en anderzijds om uit welke typen areaal dat gebied bestaat. De gemeente valt uiteen in gebieden die de gemeente in eigendom heeft en beheert, gebieden die de gemeente in eigendom heeft maar die door derden worden beheert, en gebieden die de gemeente niet in eigendom heeft maar wel een bijdrage levert aan het beheer. Vanwege de looptijd van het beleidsplan is het ook belangrijk om te weten wat de exploitatiegebieden van de gemeente zijn, en wanneer deze worden overgedragen naar beheer. Dat komt aan de orde in hoofdstuk 6. Voor de uitvoering van beheer is het belangrijk het onderscheid te weten tussen exploitatie- en beheergebied (vooral in het veld), zodat beheerbudget niet per abuis wordt uitgegeven op exploitatiegebied en op andere plekken tekorten ontstaan in beheer. Binnen beheer onderscheiden we de volgende hoofdgroepen areaal, waarvan de belangrijkste uitgangspunten in de volgende paragrafen worden beschreven: 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8.
Groen Verharding (wegen) (Oppervlakte)water Riolering* Civiele kunstwerken (Straat)meubilair Openbare Verlichting Recreatie (spelen)
*Riolering valt onder een andere financieringsbron dan de overige arealen. Dit geldt gedeeltelijk ook voor een aantal watertaken. Dit is vastgelegd in beleid buiten het IBOR-beleidsplan. De relevantie tussen het IBOR-beleid en deze onderwerpen wordt waar relevant toegelicht.
Na de toelichting per paragraaf over de arealen volgt nog een overkoepelende paragraaf met betrekking tot de actie schoon (reiniging) die op meerdere areaalsoorten betrekking heeft.
23 Beleidsplan Integraal Beheer Openbare Ruimte Urk Gemeente Urk / printdatum: 10 november 2021
3.1 Groen Voor het groen binnen gemeente Urk onderscheiden we voor het gemak een viertal vormen: 1. Bomen 2. Openbaar groen 3. Parken 4. Recreatiegebieden Bomenrijen en individuele bomen hebben een structurerende werking in de openbare ruimte. Daarnaast geldt voor bomen een zorgplicht en hebben zij specifiek beheer nodig. Bomen hebben veel aandacht nodig om uit te groeien tot een gezonde boom van formaat. Het gaat daarbij vooral om vormsnoei, snoei ten behoeven van gezonde groei en verwijderen van stam- en wortelopschot. Maar ook wordt, mede dankzij het veranderende klimaat, extra water geven in de zomer steeds belangrijker voor bomen die net ge- of herplant zijn. Daarnaast worden elk jaar de attentiebomen gecontroleerd op veiligheid. Het totale bomenbestand wordt binnen drie jaar geheel gecontroleerd volgens de Boom Veiligheidscontrole (BVC). Indien nodig worden bomen gekapt, om te voorkomen dat zij schade opleveren door vallende takken of omvallen bij storm. Dit is niet altijd te voorkomen met de intensere stormen van de laatste jaren. Het beheren van het openbaar groen houdt voor het dagelijks onderhoud in het maaien van gras, steken van graskanten, plaatsen van bladkorven en het verwijderen van onkruid tussen planten. Waar te grote gaten in de beplanting zijn gevallen worden nieuwe planten toegevoegd (inboet).
Als de kwaliteit van de beplanting of gazon te sterk achteruit is gegaan, of als onkruid teveel kans heeft gekregen om te overwoekeren, komt het regelmatig voor dat het geheel moet worden vervangen. Omdat dit vaak gaat per plantvak of gazon, gebruiken we bij groen vaak eerder de term groot onderhoud dan de term vervanging. De parken op Urk zijn een bijzonder deel van het openbaar groen, omdat die een specifiek en intensief gebruik beogen en het groen nog meer dan elders gepaard gaat met speeltoestellen en straatmeubilair. Het beheer wijkt wat betreft activiteiten weinig af van het overige openbaar groen, maar zit het verschil vooral in de intensiteit. De recreatiegebieden op Urk zijn voornamelijk in het bezit van partners van de gemeente. Via afspraken draagt de gemeente op een aantal plekken bij aan het dagelijks beheer. Om de kwaliteit van het openbaar groen dat in beheer is van de gemeente te monitoren, worden naast de BVC elk jaar schouwen uitgevoerd.
24 Beleidsplan Integraal Beheer Openbare Ruimte Urk Gemeente Urk /printdatum: 10 november 2021
3.2 Verharding (Wegen) Met het areaal ‘verharding’, waarvoor ook wel de term ‘wegen’ wordt gebruikt, wordt bedoeld alle verharding, (bijbehorende) verkeersgeleiders en ‘ANWB’-bewegwijzering. Onder verharding vallen de toegangswegen, rondwegen, straten, parkeerplaatsen, fietspaden, voetpaden en pleinen. Het gaat daarbij om divers materiaalgebruik waarbij te denken valt aan asfalt, beton en klinkerverharding. Voor het beheer van de verharding wordt elke twee jaar een wegenbeheerplan opgesteld. Dit plan heeft een duur van vier jaar, maar wordt elke twee jaar op basis van de tweejaarlijkse technische inspectie bijgesteld. Het dagelijks onderhoud bestaat uit verhelpen van kleine gebreken zoals losliggende tegels of opvullen van gaten. Onder groot onderhoud valt het toepassen van nieuwe deklagen/slijtlagen of het ‘ophalen’ van verharding waarbij verzakkingen worden hersteld en gebruik wordt gemaakt van het bestaande materiaal aangevuld met een deel nieuw materiaal in geval van breuk. Tussenlagen en onderlagen (en uiteraard de funderingen) blijven daarbij intact.
Er is sprake van vervanging als ook tussenlagen en onderlagen worden vervangen. Vervangingskosten zijn berekend op het realiseren van hetzelfde dat wordt vervangen, maar hierbij kan wel andere gelijkwaardige materialen worden gebruikt naar aanleiding van nieuwe inzichten, voorschriften en technologieën. Binnen het reguliere onderhoud vallen ook de tweejaarlijkse weginspecties, op basis waarvan de een concrete vierjarige planning wordt opgesteld met een cyclische doorkijk voor de vijf jaar daarna. In deze planning, die dus elke twee jaar op basis van inspecties wordt bijgesteld, worden alle typen beheer meegenomen (DO, GO en VV). Jaarlijks vinden daarnaast ook de beeldschouwen plaats (zie ook paragraaf 4.4). De bewegwijzering (vroeger beter bekend als de ANWB-borden) en de belijning en markering vallen ook binnen wegbeheer. Voor de bewegwijzering is een contract met de Nationale Bewegwijzeringsdienst (NBD) afgesloten ten behoeve van de dekking van hun wettelijke taken zoals het bijwerken van de database. Het beheer zelf valt binnen het wegbeheer. Vegen van de weg valt binnen onderdeel Schoon (paragraaf 3.9). Verkeersborden vallen binnen het areaal straatmeubilair. Wegen ontvangt vanuit de riolering een dotatie (bepaald in het Gemeentelijk Water en Rioleringsplan GWRP). Dit is ten behoeve van wegherstel nadat reparaties aan de riolering zijn uitgevoerd.
Vooraf wordt altijd integraal bekeken of werkzaamheden aan riolering en weg kunnen worden afgestemd.
25 Beleidsplan Integraal Beheer Openbare Ruimte Urk Gemeente Urk / printdatum: 10 november 2021
3.3 (Oppervlakte)water Onder de term Water wordt het stedelijk water of oppervlaktewater bedoeld. Afvalwater valt onder Riolering. Voor het beheer van het water op Urk (met uitzondering van de watergangen die in beheer zijn bij Rijkswaterstaat) is een maatwerkovereenkomst afgesloten met Waterschap Zuiderzeeland. Bij die overeenkomst hoort ook een zogeheten beheer- en onderhoudsplan Urk. In de overeenkomst staan de taakverdeling en verantwoordelijkheden van de gemeente en het waterschap. Voor een deel is het waterschap verantwoordelijk voor het beheer (bijvoorbeeld voor het baggeren) en voor andere taken ligt de verantwoordelijkheid bij de gemeente (bijvoorbeeld maaien van riet). De werkzaamheden waar de gemeente voor verantwoordelijk is worden wel betaald door de gemeente, maar in verband met effectiviteit en specifieke deskundigheid worden de werkzaamheden uitgevoerd door het waterschap. De overeenkomst is inmiddels ruim 10 jaar gebruikt en wordt in 2022 geactualiseerd, onder andere met betrekking tot de nieuwe inzichten rondom het rietmaaibeheer. Ook worden de verantwoordelijkheden voor bijvoorbeeld duikers beter verwoord. Duikers vallen – met uitzondering van het schoonmaken - onder riolering en daarmee binnen het Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP).
In het kader van de aanpassingen aan de omgevingswet komt het beleid voor oppervlaktewater ook in het GRP terecht, wat onder de nieuwe naam Gemeentelijk Water- en Rioleringsplan (GWRP) gestalte krijgt.
3.4 Riolering Aan riolering vindt ook dagelijks en groot onderhoud plaats, en worden regelmatig delen vervangen. Zoals in paragraaf 1.3 ook vermeld is riolering op dit moment geen onderdeel van het IBOR-Beleidsplan vanwege de aparte financieringsbron. De ruimtelijke samenhang en wederzijdse impact van de beheeractiviteiten met de andere arealen is echter groot. Daarom vindt nauw afstemming plaats in het beheer en is er intensief afstemming tussen groot onderhouds- en vervangingsprojecten. Dit komt terug in de jaarlijks bijgestelde meerjarenplanning en in het GWRP.
26 Beleidsplan Integraal Beheer Openbare Ruimte Urk Gemeente Urk /printdatum: 10 november 2021
3.5 Civiele kunstwerken Wanneer in het beheer van de openbare ruimte wordt gesproken over Kunstwerken, worden daarmee de civiele kunstwerken bedoeld. Er ontstaat wel eens verwarring met kunstuitingen in de openbare ruimte, zoals monumenten en beelden. Deze vallen technisch gezien onder de term Kunstobjecten. Onder civiele kunstwerken vallen onder andere de houten en betonnen bruggen, maar ook grondkeringen. Het palenscherm is binnen het beheer van de openbare ruimte nu ook toegevoegd aan het onderdeel civiele kunstwerken. Dit is een wijziging ten opzichte van het IBOR-Beleidsplan 2017-2021. Het beheer van het palenscherm viel destijds onder een eenmalig project en was niet in een beheerplan opgenomen, ook niet in dat voor de Monumenten. De keuze om het palenscherm op dit moment wel toe te voegen aan het areaal waarop voorliggend beleidsplan is gebaseerd, komt voort uit het feit dat het palenscherm op een groot aantal locaties niet alleen een cosmetische functie heeft, maar daadwerkelijk een grondkerende functie heeft. Voor de eenduidigheid en samenhang is daarom het gehele palenscherm opgenomen. Het dagelijks en groot onderhoud van de civiele kunstwerken omvat het repareren van kleine onderdelen als slijtlagen en dekdelen, maar ook het schilderen (conserveren) ten behoeve van het behoud van materiaal. Inspecties maken onderdeel uit van het reguliere onderhoud.
Ook kunstwerken moeten vervangen worden. Een houten brug vervangen is wel van een andere orde dan wat er komt kijken bij het vervangen van een beweegbare brug. Dat geldt ook voor het onderhoud van de elektrotechnische onderdelen van de brug. De beweegbare bruggen zijn daarom apart inzichtelijk gemaakt. Voor de besturing op afstand is met de Provincie een contract afgesloten. Op basis van dat contract kan de Provincie ook dagelijks onderhoud uitvoeren, maar die kosten vallen buiten de contractkosten en worden separaat doorberekend aan de gemeente. De afmeervoorzieningen, zoals de stalen steigers, en remmingswerken zijn integraal verbonden aan de beweegbare bruggen. Deze worden daarom bij het overzicht van de bruggen toegevoegd.
3.6 (Straat)meubilair In de openbare ruimte bevindt zich veel straatmeubilair. Het gaat daarbij om de voor de hand liggende elementen als bankjes en prullenbakken, maar ook fietsenrekken en fietssluisjes behoren tot het straatmeubilair. Daarnaast vallen ook de paaltjes in de openbare ruimte onder het meubilair, net als de
27 Beleidsplan Integraal Beheer Openbare Ruimte Urk Gemeente Urk / printdatum: 10 november 2021
straatnaamborden en de verkeersborden (deze laatste niet te verwarren met de bewegwijzering, die binnen het areaal verharding is opgenomen). Elementen als blikvangers en depodogs (alternatieve soorten prullenbak) vallen ook binnen de categorie meubilair. Het dagelijks en groot onderhoud van straatmeubilair omvat voornamelijk het leegmaken, rechtzetten, schilderen en repareren van kleine gebreken. Vervanging van straatmeubilair vindt regelmatig plaats, waarbij de elementen in het geheel worden vervangen door een nieuw exemplaar. Straatmeubilair is zeer gevoelig voor vandalisme en overige schades aangebracht door derden, die buiten normaal gebruik vallen. Vervanging of reparatie naar aanleiding van zulke externe factoren vallen niet binnen het beheer en de beheerkosten als zodanig. Hoe daar mee wordt omgegaan staat omschreven in paragraaf 8.4 Calamiteiten en Vandalisme. Bij meubilair gaat het per element relatief gezien om lage bedragen voor beheer. Echter de hoeveelheid waarin straatmeubilair aanwezig is, zorgt ervoor dat er toch veel geld in omgaat. Daarom is in 2021 een inventarisatie opgestart voor het in kaart brengen van al het meubilair, met uitzondering van de straatnaamborden en de verkeersborden. Deze inventarisatie is op moment van schrijven nog niet geheel afgerond.
Daarom zijn voor de berekeningen in dit beleidsplan de hoeveelheden aangescherpt ten opzichte van de vorige versie. Ook de hoeveelheid straatnaamborden is opnieuw ingeschat. De plaatsing van verkeersborden wordt bijgehouden in het Nationaal Dataportaal Wegverkeer. De daarin bekende hoeveelheden voor Urk zijn voor de berekeningen in dit plan gebruikt.
3.7 Openbare Verlichting Openbare verlichting (OVL) valt niet binnen het straatmeubilair, maar is een aparte categorie binnen het beheer. Bij openbare verlichting wordt onderscheid gemaakt tussen masten en armaturen, die samen de ‘lantaarnpaal’ vormen. Voor beide onderdelen is een beheerregime opgesteld.
28 Beleidsplan Integraal Beheer Openbare Ruimte Urk Gemeente Urk /printdatum: 10 november 2021
Het dagelijks en groot onderhoud bestaat uit het verhelpen van storingen, vervangen van enkele elementen of bijvoorbeeld het vastzetten van afdekkapjes. Bij vervanging gaat het om het vervangen van grote hoeveelheden armaturen of masten tegelijk in een bepaalde wijk of buurt. Op dit moment wordt bij het vervangen van armaturen overgestapt op de duurzamere ledverlichting.
Laadpalen lijken wat betreft voorkomen en het gebruik van elektriciteit enigszins op openbare verlichting. Vanwege hun plek in de openbare ruimte en vanwege een landelijke trend om lichtmasten ten behoeve van de openbare verlichting met de functie van laadpalen te combineren vinden wij het belangrijk ze hier te benoemen. De laadpalen zijn echter binnen de beheeropgave niet meegenomen. Voor het plaatsen en uitbaten hiervan is de gemeente een concessie aangegaan, een en ander binnen het beleid van het Gemeentelijk Verkeer- en Vervoerplan en het onderliggende laadpalenbeleid. De beheerder OVL toetst de aanvragen op de gestelde eisen per locatie, maar speelt daar verder geen rol. Ook kabels en leidingen vallen buiten het beheer van de gemeente. Dat nemen de netbeheerders voor hun rekening. De gemeente geeft wel de tracés af waar deze komen te liggen.
3.8 Recreatie (spelen) Urk is een kinderrijke gemeente, wat ook tot uiting komt in het aantal speelplekken en speeltoestellen op Urk. Elke drie weken vindt per toestel een visuele inspectie plaats, waarbij kleine gebreken direct worden verholpen. Dit kan het vastdraaien van schroeven of het schilderen zijn, maar ook kleine reparaties aan ondergronden vallen onder dit dagelijks onderhoud. Bewoners houden de speeltoestellen ook in de gaten en zorgen onder andere voor papierprikken rondom de speeltoestellen. De buurtverenigingen houden de speeltoestellen op Urk schoon. De technische inspectie vindt circa elke anderhalf jaar plaats. Op basis van deze inspecties wordt het groot onderhoud en het vervangen van toestellen gebaseerd.
29 Beleidsplan Integraal Beheer Openbare Ruimte Urk Gemeente Urk / printdatum: 10 november 2021
Buiten de planning van het groot onderhoud of vervangen om, vragen bewoners soms om het eerder vervangen, aanvullen of moderniseren van speeltoestellen. Met het juiste draagvlak en met een bijdrage van de bewoners wordt dit via het burgerparticipatiebudget geregeld (zie ook paragraaf 7.3).
Speelplekken die onlangs zijn toegevoegd, zijn onder andere de playgrounds. Een playground is een grote omheinde speelplaats met een bijzondere ondergrond die voor meerdere doeleinden van sport en spel kan worden gebruikt. Het dagelijks en groot onderhoud wijkt gezien de verschijningsvorm af van de reguliere speelplaatsen. Het gaat hierbij om onder andere het onderhoud aan het hekwerk. Daarnaast hebben de ondergronden elke vijf jaar extra aandacht nodig om de kwaliteit te behouden.
3.9 Overkoepelende activiteit arealen: Schoon (Reiniging) Een activiteit die voor meerdere areaaltypen binnen het dagelijks onderhoud valt, is de reiniging. Reiniging heeft geen betrekking op het groot onderhoud of vervanging. Bij het dagelijks onderhoud gaat het onder andere om het branden van onkruid en vegen met de veegwagen. Enerzijds zorgt de veegwagen voor het verwijderen van onkruid op verharding ten behoeve van de veiligheid van voetgangers en fietsers. Anderzijds worden veegvuil, zwerfafval en indien van toepassing afgevallen bladeren opgeveegd, zodat dat niet in de kolken en vervolgens in de riolering terecht komt. Onder reiniging vallen ook het prikken van zwerfvuil op diverse locaties en het legen van de prullenbakken.
30 Beleidsplan Integraal Beheer Openbare Ruimte Urk Gemeente Urk /printdatum: 10 november 2021
Huidige situatie en ambities In het IBOR-Beleidsplan 2017-2021 zijn de ambities vastgelegd op welk niveau het beheer van de openbare ruimte de afgelopen jaren heeft plaatsgevonden en welk budget daar tegenover stond. Hieronder worden eerst ingegaan op de beeldmeetlatten waar de ambitieniveaus op zijn gebaseerd. Daarna wordt teruggekeken op het scenario van 2017-2021 met daarbij een beoordeling van de huidige situatie, op basis van de schouw en input uit de resultaten uit de enquête die in 2021 onder de bewoners is gehouden. Gezamenlijk leidt dit tot de conclusies en het voorstel voor het ambitieniveau voor 2022-2027.
4.1 Ambitieniveaus - meetlatten In het hoofdstuk Waarde van beheer is reeds genoemd dat de openbare ruimte objectief kan worden beoordeeld door de systematiek van het CROW op basis van beeldkwaliteit. Dit wordt gedaan aan de hand van beeldmeetlatten. Een beeldmeetlat is een reeks van vijf beelden (A+, A, B, C en D), waarin in aflopende mate de kwaliteit is vastgelegd. A+ wordt beoordeeld als een zeer hoog kwaliteitsbeeld en D als zeer laag. Met behulp van de beelden op een beeldmeetlat is het mogelijk om de beheerkwaliteit objectief om te zetten naar kwaliteitsbeelden, zie de volgende figuur. Voor elk onderdeel (zwerfafval, bomen, onkruid in beplanting, e.d.) in de openbare ruimte kan gekozen worden voor een kwaliteitsbeeld van A+ t/m D op een beeldmeetlat.
Tabel 4 Voorbeeld meetlat
31 Beleidsplan Integraal Beheer Openbare Ruimte Urk Gemeente Urk / printdatum: 10 november 2021
Toelichting beeldmeetlat De beeldmeetlatten tonen naast foto’s ook een technische aanduiding en een populaire omschrijving ter ondersteuning bij de beelden. De technische aanduiding geeft de beoordelaar enkele parameters per beeld aan, aan de hand waarvan de visuele beoordeling van het betreffende beeld getoetst wordt. De technische aanduiding is te gebruiken bij uitvoeringsinstructies en werkomschrijvingen, zoals bestekken. De populaire omschrijving vertaalt de technische aanduiding in een begrijpelijke omschrijving. Met de beelden op een beeldmeetlat is het mogelijk om de beheerkwaliteit om te zetten naar beeldkwaliteit. Een beeldmeetlat zorgt voor eenduidigheid van het kwaliteitsniveau bij het beheer. Kader 3 Toelichting beeldmeetlat
De niveaus A+ (Zeer hoog) en D (Zeer laag) zijn de referentieniveaus die de uitersten omschrijven. Een A+ kwaliteit is een opleverkwaliteit bij aanleg en geen kwaliteit die voor langere tijd kan worden gewaarborgd. Bij bijvoorbeeld (straat)reiniging betekent dit dat er gelijk een onderhoudsmedewerker moet klaar staan om iets op te ruimen zodra iemand iets laat vallen. Een D kwaliteit is ongewenst als ambitie of prestatie-eis, omdat dit niveau – naast kapitaalvernietiging - tot onveilige situaties kan leiden. Tevens kan dit leiden tot een verhoogd aansprakelijkheidsrisico. Gemeente Urk heeft daarom gekozen om alleen de drie beheerniveaus A, B en C te gebruiken als ambitie. Doordat deze niveaus één op één gerelateerd aan de niveaus op de CROW-meetlatten zijn zij ook goed te monitoren. Om zowel de gemeente als inwoners een duidelijk beeld te geven van een niveau zijn voor de gekozen niveaus kwaliteitskaarten gemaakt, zie Bijlage 2. De kwaliteitskaarten geven aan welke beelden verwacht kunnen worden bij welke kwaliteit. Met betrekking tot de toestand van het areaal vullen de kwaliteitskaarten en technische inspecties elkaar aan.
4.2 Ambities 2017-2021 In het IBOR-Beleidsplan 2017-2021 is gekozen voor een scenario waarbij het Oude Dorp voor alle arealen op kwaliteit A moet worden onderhouden, het woongebied, de bedrijventerreinen en het buitengebied op kwaliteit C en de hoofdinfrastructuur, winkelcentra en de parken op niveau B. De reiniging (zwerfafval, bladval, onkruid, veegvuil) is destijds voor alle gebieden op Urk bepaald op kwaliteit B kwaliteit. In onderstaand schema is dat overzichtelijk weergegeven. Overig r(ecr.) gebied
Tabel 5 Ambitieniveaus IBOR-Beleidsplan 2017-2021
32 Beleidsplan Integraal Beheer Openbare Ruimte Urk Gemeente Urk /printdatum: 10 november 2021
Nu het beheer een aantal jaar op dit ambitieniveau is uitgevoerd, is buiten het resultaat daarvan zichtbaar. In de volgende paragrafen wordt dit aan de hand van de enquête en de schouwen besproken.
4.3 Huidige situatie - enquête In het derde kwartaal van 2021 is een enquête gehouden onder de inwoners van Urk. Daarin zijn zij bevraagd over wat zij vinden van de openbare ruimte in de buurt waar zij wonen, maar ook over de andere delen van Urk. De vragen en een grafische weergave van de bijbehorende resultaten zijn opgenomen in Bijlage 3. Het aantal respondenten is iets te laag om representatief te zijn voor de gehele gemeente, maar de antwoorden en aanvullende opmerkingen uit de enquête sluiten aan bij de resultaten uit de schouw en het beeld dat de politiek heeft, waardoor de reacties goede input en bevestiging zijn. De enquête is ingevuld door 112 respondenten, waarbij de leeftijdsgroepen 21-35, 36-50 en 51-65 het sterkst vertegenwoordigd zijn. De verhouding van die groepen is 19%-42%-36%. Deze verdeling is herkenbaar uit de opbouw van de bevolkingscijfers van Urk. Alle wijken zijn in de beantwoording van de enquête vertegenwoordigd. Het grootste aandeel van de deelnemers woont in de omgeving Urkerhard (24%), gevolgd door Polderwijk (13%). Lemsterhoek, Kamperhoek, Staartweg en het buitengebied hadden het laagst aantal deelnemers (allen 1%). De respondenten zijn het meest tevreden over het onderhoud van de Lantaarnpalen, Groen en Wegen. Zij zouden het onderhoud met betrekking tot Netheid, Groen en Speeltoestellen graag verbeterd zien.