Begroting 2026 - Versie Raad 24-9-2025
Tekst van het document
Met uw auditcommissie bespreken wij de resultaten van de door ons ingerichte verbijzonderde interne controle en mogelijk aanvullend accountantsonderzoek.
55
Verbonden partijen Inleiding De paragraaf verbonden partijen geeft inzicht in de relaties van de gemeente Urk in de samenwerkingsverbanden c.q. rechtspersonen waarin bestuurlijke invloed wordt uitgeoefend en financiële belangen zijn gemoeid. Onder bestuurlijk belang wordt verstaan dat de gemeente zeggenschap heeft bijvoorbeeld doordat een wethouder, raadslid of ambtenaar zitting heeft in het bestuur of namens de gemeente stemrecht heeft. Het financiële belang is het bedrag dat ter beschikking is gesteld en dat niet verhaalbaar is of waarvoor aansprakelijkheid bestaat, indien de verbonden partij failliet gaat of haar verplichtingen niet nakomt. Een verbonden partij kan een deelneming zijn in de zin van artikel 2:379 BW, dat wil zeggen een participatie in een kapitaalvennootschap, maar het kan ook een deelneming in een vereniging, stichting, gemeenschappelijke regeling of andere publiek- en privaatrechtelijke rechtsvormen betreffen. De keuze voor een specifieke rechtsvorm is onder andere afhankelijk van het te bereiken doel. Bovenstaande definitie betekent ook dat er relaties met derde partijen kunnen zijn die niet onder de verbonden partijen vallen. Het gaat dan om relaties waarbij alleen sprake is van of een financieel of een bestuurlijk belang. Er zijn ook derde partijen waarin de gemeente uitsluitend en alleen een financieel belang heeft.
Deze relaties behoren niet tot de verbonden partijen. Gezien het belang van de verbonden partijen in de realisatie van de doelstellingen van de gemeente is het noodzakelijk inzicht te geven in deze partijen. In deze paragraaf wordt allereerst enige informatie verstrekt per verbonden partij. Daarnaast is er een overzicht verbonden partijen opgenomen waarin onder meer de financiële belangen en risico's worden weergegeven. Informatie over verbonden partijen NV ROVA Holding ROVA is door een aantal gemeenten opgericht met als doel een optimale invulling van de afvalzorgplicht van de bij haar aangesloten gemeenten. Statutair is bepaald dat aandelen uitsluitend in handen kunnen zijn van overheden met een zorgtaak op het gebied van huishoudelijk afval. De deelnemende gemeenten blijven daarbij volledig autonoom. Zij stellen ieder afzonderlijk hun gemeentelijk beleid en de tarieven voor de burger vast. De gemeente Urk is per 1 januari 2001 tot de ROVA toegetreden en heeft haar zorgtaken op het gebied van de afvalverwijdering aan de ROVA overgedragen. NV Huisvuilcentrale Noord Holland HVC is een afvalnutsbedrijf dat eigendom is van 52 gemeenten en acht waterschappen, vooral in Noord-Holland, Zuid-Holland en Flevoland. Sinds de oprichting in de jaren negentig streeft HVC ernaar te groeien van afvalverbrander naar regisseur van de afvalketen in haar verzorgingsgebied.
Het bedrijf tekent voor inzameling van afval, logistiek, recycling en compostering, verbranding en de levering van energie en warmte. De gemeente Urk is in 1996 tot de HVC toegetreden. NV Vitens Vitens is het grootste drinkwaterbedrijf van Nederland en levert drinkwater aan 31% van de Nederlandse huishoudens in de provincies Flevoland, Friesland, Gelderland, Utrecht, Overijssel
56
en een aantal gemeenten in Drenthe en Noord-Holland. Vitens is een publiek bedrijf. De aandelen van de NV zijn (in)direct in handen van provinciale en gemeentelijke overheden. NV Wadinko De vennootschap is een participatiemaatschappij met de doelstelling het stimuleren van gezonde bedrijvigheid en daarmee de werkgelegenheid in het werkgebied van haar aandeelhouders. De aandelen van de onderneming zijn in handen van de provincie Overijssel en 24 gemeenten. NV Bank Nederlandse Gemeenten De Bank Nederlandse Gemeenten (BNG), opgericht in 1914 en gevestigd in Den Haag, is de bank van en voor overheden en instellingen voor het maatschappelijk belang. Met gespecialiseerde dienstverlening draagt de BNG bij aan zo laag mogelijke kosten van maatschappelijke voorzieningen voor de burger. Klanten van de BNG zijn overheden en instellingen op het gebied van volkshuisvesting, gezondheidszorg, onderwijs en nut. De BNG biedt financiële diensten op maat, zoals kredietverlening, betalingsverkeer, advisering en elektronisch bankieren. Technofonds Flevoland BV In totaal nemen de Flevolandse gemeenten voor 38% deel in de vennootschap. De overige 62% van de aandelen zijn in handen van Ontwikkelingsmaatschappij Flevoland BV, waarvan provincie Flevoland 100 % aandeelhouder van is.
Technofonds Flevoland BV heeft als doelstelling het verstrekken van risicodragend kapitaal in de vorm van leningen en aandelenkapitaal aan startende en doorstartende technologische gerichte ondernemingen binnen Flevoland, die vanwege hun status moeilijkheden ondervinden bij het realiseren van de financiering van hun initiatief. Port of Urk BV De Port of Urk BV is per 20 april 2017 opgericht. De BV richt zich op het beheren, ontwikkelen en exploiteren van een deel van de buitendijkse haven met bijbehorend terrein. Port of Urk BV neemt voor 1/9 deel in de Maritieme Servicehaven Noordelijk Flevoland B.V. (MSNF B.V). MSNF BV zal in de toekomst de zorg dragen voor het beheer, onderhoud, herstel dan wel vernieuwing voor het in stand houden van de maritieme servicehaven. Hiertoe zijn tevens de benodigde toekomstige vervangingsinvesteringen gerekend, namelijk van de golfbreker, buitendijkse ontsluitingsweg, uitgeefbaar terrein, bootliftsteigers, de vaargeul en de havenkom. GR Veiligheidsregio Flevoland De Veiligheidsregio Flevoland is een samenwerkingsverband van alle gemeenten in Flevoland, Politie Flevoland, Brandweer Flevoland en de GHOR Flevoland (GGD). De veiligheidsregio heeft tot doel de veiligheid van haar inwoners tijdens rampen en crisissen te vergroten.
Door eenduidige bestuurlijke aansturing en door adequate planning wordt de samenwerking tussen brandweer, gemeenten, Geneeskundige Hulpverlening bij Ongevallen en Rampen (GHOR) en politie zowel tijdens de voorbereiding als bij de uitvoering verbeterd. De veiligheidsregio is namens de deelnemende gemeenten verantwoordelijk voor de taken op gebied van: Brandweerzorg; Geneeskundige hulpverlening bij ongevallen; Ongevallen en rampen; Rampenbestrijding en crisisbeheersing;
57
Beheer van de gemeenschappelijke meldkamer.
GR Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst Flevoland De Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst Flevoland is een samenwerkingsverband van alle gemeenten in Flevoland, Regionale Ambulance Voorziening (RAV) en de GHOR Flevoland (GGD). De gezondheidsdienst heeft tot doel het bewerkstelligen van een doelmatig en effectief georganiseerde en gecoördineerde uitvoering van de zorg voor openbare gezondheidszorg. GR IJsselmeergroep Het werkvoorzieningsschap draagt zorg voor aangepaste werkgelegenheid voor personen met medische- of sociale beperkingen. De GR heeft een werkmaatschappij waar de feitelijke uitvoering van de WSW (Wet Sociale Werkvoorziening) is ondergebracht: Concern voor Werk NV. GR Regionaal Historisch Centrum Het Flevolands Archief Het Flevolands Archief beheert de overgebrachte archieven van de gemeenten Dronten, Lelystad, Urk en Zeewolde, Waterschap Zuiderzeeland en de provincie Flevoland en houdt toezicht op de niet-overgebrachte archieven. GR Omgevingsdienst Flevoland & Gooi en Vechtstreek Deelnemers van de GR zijn de provincies Flevoland en Noord-Holland en de gemeenten Almere, Zeewolde, Dronten, Lelystad, Noordoostpolder, Urk, Blaricum, Gooise Meren, Hilversum, Huizen, Laren en Wijdemeren. De GR richt zich op de uitvoering van de vergunningverlening, toezicht en handhavingstaken in het omgevingsrecht en geeft daar advies over.
Hierdoor wordt het mogelijk de taken op het beleidsterrein milieu efficiënter en effectiever uit te voeren. Door het samenbrengen van kennis, kwaliteit en capaciteit van de deelnemende gemeenten en de provincies, ontstaat een robuuste en toekomst vaste organisatie. Het onderbrengen van taken in een Omgevingsdienst leidt tot kostenreductie en continuïteit voor alle aangesloten partijen. Centrumregeling Sociaal Domein Flevoland De centrumregeling geeft vorm aan de samenwerking rondom jeugd en Wmo in Flevoland en streeft daarbij naar kwaliteit, borging van continuïteit, solidariteit en verhoging van de efficiency. De gemeente Almere is aangewezen als centrumgemeente, waarbinnen de taken zijn ondergebracht in de Aankoopcentrale Regio Flevoland. De aankoopcentrale richt zich op de inkoop en subsidiëring van specialistische jeugdhulp. Daarbij is het doel dat de inkoop en sturing op de uitvoering van zodanige kwaliteit is dat inkoopvoordelen en beleidsdoelen gehaald worden, efficiencywinst wordt gerealiseerd en de administratieve lastendruk van aanbieders wordt beperkt. Stichting FlevoMeer Bibliotheek De stichting heeft als doelstelling het bieden van een voorziening waar boeken en andere informatiedragers kunnen worden geleend voor ontwikkeling of ontspanning.
Speerpunten zijn verbetering van de digitale infrastructuur en kenniscentrumprojecten en professionalisering van basisbibliotheken.
58
Overzicht van de verbonden partijen Het onderstaand overzicht geeft inzicht in de financiële gegevens en de eventuele risico's van de verbonden partijen. Er is in het overzicht uitgegaan van de werkelijke cijfers over 2020-2024 die bij het samenstellen van deze verantwoording beschikbaar zijn.
Verbonden partij
ROVA Holding
Huisvuilcentrale Noord Holland
Vitens
Wadinko
Rechtsvorm
NV
NV
NV
NV
Belang
6,571% (B) 1,370% (totaal)
0,629% (A) 0,530% (totaal)
0,281%
1,47%
Soort belang
Gewone aandelen (B)
Gewone aandelen (A)
Gewone aandelen
Gewone aandelen
2021: € 5,1 mln.
2021: € 26,4 mln.
2021: € 19,4 mln.
2021: € 8,6 mln.
2022: € 4,3 mln.
2022: € 28,1 mln.
2022: € 8,2 mln.
2022: € 12,9 mln.
2023: € 5,4 mln.
2023: € 25,0 mln.
2023: € 27,2 mln.
2023: € 1,8 mln.
Resultaat 2021 e.v.
Eigen Vermogen eind 2021 e.v.
Vreemd Vermogen eind 2021 e.v.
Dividend
Verplichte afdekking van het tekort
2024: € 4,8 mln.
2024: € 24,4 mln.
2024: € 34,5 mln.
2024: € 3,6 mln.
2021: € 36,5 mln.
2021: € 169 mln.
2021: € 600 mln.
2021: € 74 mln.
2022: € 37,6 mln.
2022: € 199 mln.
2022: € 650 mln.
2022: € 83 mln.
2023: € 39,5 mln.
2023: € 231 mln.
2023: € 678 mln.
2023: € 83 mln.
2024: € 44,2 mln.
2024: € 258 mln.
2024: € 714 mln.
2024: € 85 mln.
2021: € 58,8 mln.
2021: € 845 mln.
2021: € 1.388 mln.
2021: € 6,9 mln.
2022: € 63,4 mln.
2022: € 868 mln.
2022: € 1.447 mln.
2022: € 8,5 mln.
2023: € 60,0 mln.
2023: € 918 mln.
2023: € 1,558 mln.
2023: € 8,7 mln.
2024: € 63,7 mln.
2024: € 966 mln.
2024: € 1.685 mln.
2024: € 10,2 mln.
2021: € 61.147
2021: € 45.747
2021: € nihil
2021: € nihil
2022: € 43.998
2022: € 40.488
2022: € nihil
2022: € 37.659
2023: € 86.055
2023: € 38.810
2023: € nihil
2023: € 21.976
2024: € 66.252
2024: € 35.101
2024: € nihil
2024: € 21.976
Nee, de aandeelhouder Ja, de aandeelhouders van Nee, de aandeelhouder van een NV is niet de NV zijn gezamenlijk van een NV is niet aansprakelijk voor de aansprakelijk voor de aansprakelijk voor de schulden van de NV. ontstane tekorten. schulden van de NV.
Aandelenkapitaal van € Verstrekte garanties en Aandelenkapitaal van € 1.044; 23 aandelen A á € geldleningen en 18.152 Gebaseerd op 160 45,45. Garantiestelling aandelenkapitaal aandelen B á € 113,45. van € 35.101 (2024) € 38.810 (2023).
Risico´s afgedekt door andere partners
Overige risico's bij faillissement
Geen, met uitzondering van het door partijen verstrekte aandelenkapitaal.
Nee, de aandeelhouder van een NV is niet aansprakelijk voor de schulden van de NV.
Aandelenkapitaal van € Aandelenkapitaal van € 162.150; 16.215 9.652; 3.861 aandelen à € aandelen à € 10. 2,50.
De garantiestelling is hoofdelijk, met verrekening naar rato van aandelen.
Geen, met uitzondering van het door partijen verstrekte aandelenkapitaal.
Geen, met uitzondering van het door partijen verstrekte aandelenkapitaal.
In de begroting 2025 Het saldo wordt rekening gehouden garantiestellingsprovisie met een winstuitkering. 2024 bedraagt € 35.101.
In de begroting 2025 wordt geen rekening gehouden met een winstuitkering.
In de begroting 2025 wordt geen rekening gehouden met een winstuitkering.
Beoordeling van de begroting en de jaarrekening.
Beoordeling van de begroting en de jaarrekening.
Beoordeling van de begroting en de Monitoring van risico´s jaarrekening. Beoordeling van het nakomen van de prestaties.
Beoordeling van de begroting en de jaarrekening.
59
Verbonden partij
Bank Nederlandse Gemeenten
Technofonds Flevoland
Port of Urk
Veiligheidsregio Flevoland
Rechtsvorm
NV
BV
BV
GR
Belang
0,00%
1,01%
100%
n.v.t.
Soort belang
Gewone aandelen
Gewone aandelen
Gewone aandelen
n.v.t.
2021: € 236 mln.
2021: € 16,3 mln.
2021: € -25k
2021: € 1.789 mln.
2022: € 300 mln.
2022: € 12,6 mln.
2022: € -11k
2022: € 164k
2023: € 254 mln.
2023: € -1,1 mln.
2023: € -11k
2023: € -1,56 mln.
Resultaat 2021 e.v.
Eigen Vermogen eind 2021 e.v.
Vreemd Vermogen eind 2021 e.v.
2024: € 294 mln.
2024: € -1,0 mln.
2024: € -11k
2024: € -2,32 mln.
2021: € 4,329 mld.
2021: € 8,2 mln.
2021: € -18k
2021: € 12,3 mln.
2022: € 4,306 mld.
2022: € 7,9 mln.
2022: € -29k
2022: € 9,8 mln.
2023: € 4,700 mld.
2023: € 6,7 mln.
2023: € -40k
2023: € 8,8 mln.
2024: € 4,777 mld.
2024: € 5,7 mln.
2024: € -51k
2024: € 10,0 mln.
2021: € 144 mld.
2021: € 16k
2021: € 19k
2021: € 6,7 mln.
2022: € 107 mld.
2022: € 16k
2022: € 31k
2022: € 11,1 mln.
2023: € 111 mld.
2023: € 11k
2023: € 77k
2023: € 12,6 mln.
2024: € 123 mld.
2024: € 21 k
2024: € 72k
2024: € 12,2 mln.
2021: € 8.803
2021: € n.v.t.
2021: € n.v.t.
2021: € n.v.t.
2022: € 9.653
2022: € n.v.t.
2022: € n.v.t.
2022: € n.v.t.
2023: € 7.089
2023: € n.v.t.
2023: € n.v.t.
2023: € n.v.t.
2024: € 8.237
2024: € n.v.t.
2024: € n.v.t.
2024: € n.v.t.
Nee, de aandeelhouder van een NV is niet aansprakelijk voor de schulden van de NV.
Nee, de aandeelhouder van een BV is niet aansprakelijk voor de schulden van de BV.
Nee, de aandeelhouder Ja, de deelnemers in een van een BV is niet GR zijn gezamenlijk aansprakelijk voor de aansprakelijk voor de schulden van de BV. ontstane tekorten.
Verstrekte garanties en Aandelenkapitaal van € Aandelenkapitaal van € geldleningen en 9.652; 3.861 aandelen á € 100.285; 221 aandelen á aandelenkapitaal 2,50. € 453,78.
Bekostiging via jaarlijkse Aandelenkapitaal van € bijdrage: € 917.584 (2021) 100.000; 100.000 € 967.052 (2022) € aandelen á €1. 1.013.583 (2023), € 1.134.215 (2024).
Dividend
Verplichte afdekking van het tekort
Risico´s afgedekt door andere partners
Geen, met uitzondering van het door partijen verstrekte aandelenkapitaal.
Geen, met uitzondering van het door partijen verstrekte aandelenkapitaal.
Geen, met uitzondering van het door partijen verstrekte aandelenkapitaal.
Andere gemeenten nemen naar evenredigheid deel.
Overige risico's bij faillissement
In de begroting 2025 wordt rekening gehouden met een winstuitkering.
In de begroting 2025 wordt geen rekening gehouden met een winstuitkering.
In de begroting 2025 wordt geen rekening gehouden met een winstuitkering.
Gemeenten moeten het tekort aanvullen.
Monitoring van risico´s
Beoordeling van de begroting en de jaarrekening.
Beoordeling van de begroting en de jaarrekening.
Beoordeling van de begroting en de jaarrekening.
Beoordeling van de begroting en de jaarrekening.
60
Verbonden partij
Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst Flevoland
IJsselmeergroep
Het Flevolands Archief
Omgevingsdienst Flevoland & Gooi- en Vechtstreek
Rechtsvorm
GR
GR
GR
GR
Belang
n.v.t.
14,13%
n.v.t.
2,17%
Soort belang
n.v.t.
Participaties
n.v.t.
n.v.t.
Resultaat 2021 e.v.
Eigen Vermogen eind 2021 e.v.
Vreemd Vermogen eind 2021 e.v.
Dividend
Verplichte afdekking van het tekort
2021: € 797k
2021: € -52k
2021: € 160k
2021: € 570k
2022: € -211k
2022: € -61k
2022: € 133k
2022: € 924k
2023: € 310 mln.
2023: € 71k
2023: € 116k
2023: € 1,17 mln.
2024: € 11k
2024: € 74k
2024: € 0k
2024: € 144k
2021: € 6,5 mln.
2021: € 2,7 mln.
2021: € 723k
2021: € 1,6 mln.
2022: € 6,7 mln.
2022: € 2,6 mln.
2022: € 696k
2022: € 2,5 mln.
2023: € 7 mln.
2023: € 2,7 mln.
2023: € 384k
2023: € 3,2 mln.
2024: € 7,1 mln.
2024: € 3,3 mln.
2024: € 299k
2024: € 2,8 mln.
2021: € 6,2 mln.
2021: € 3,7 mln.
2021: € 108k
2021: € 4,3 mln.
2022: € 9,1 mln.
2022: € 5,6 mln.
2022: € 273k
2022: € 5,6 mln.
2023: € 8,4 mln.
2023: € 4,6 mln.
2023: € 120k
2023: € 4,6 mln.
2024: € 22,0 mln.
2024: € 5,5 mln.
2024: € 329k
2024: € 3,7 mln.
2021: € n.v.t.
2021: € n.v.t.
2021: € n.v.t.
2021: € n.v.t.
2022: € n.v.t.
2022: € n.v.t
2022: € n.v.t.
2022: € n.v.t.
2023: € n.v.t.
2023: € n.v.t.
2023: € n.v.t.
2023: € n.v.t.
2024: € n.v.t.
2024: € n.v.t.
2024: € n.v.t.
2024: € n.v.t.
Ja, de deelnemers in een Ja, de deelnemers in een Ja, de deelnemers in een Ja, de deelnemers in een GR zijn gezamenlijk GR zijn gezamenlijk GR zijn gezamenlijk GR zijn gezamenlijk aansprakelijk voor de aansprakelijk voor de aansprakelijk voor de aansprakelijk voor de ontstane tekorten. ontstane tekorten. ontstane tekorten. ontstane tekorten.
Garantiestelling van € 693.900 voor nieuwbouw Bekostiging via jaarlijkse Bekostiging via jaarlijkse kwekerij. Bekostiging via Bekostiging via jaarlijkse Verstrekte garanties en bijdrage: € 466.180 (2021) bijdrage: € 353.657 (2021) jaarlijkse bijdrage: € bijdrage: € 46.466 (2021), geldleningen en € 486.892 (2022) € € 362.535 (2022) € 1.657.766 (2021) € € 47.750 (2022), € 49,790 aandelenkapitaal 524.000 (2023) € 588.508 380.809 (2023), € 269.315 1.646.719 (2022) (2023), € 79.307 (2024). (2024). (2024). 1.764.135 (2023), € 1.7844.442 (2024) .
Risico´s afgedekt door andere partners
Andere gemeenten nemen naar evenredigheid deel.
Andere gemeenten nemen naar evenredigheid deel.
Andere gemeenten nemen naar evenredigheid deel.
Andere gemeenten nemen naar evenredigheid deel.
Overige risico's bij faillissement
Gemeenten moeten het tekort aanvullen.
Gemeenten moeten het tekort aanvullen.
Gemeenten moeten het tekort aanvullen.
Gemeenten moeten het tekort aanvullen.
Monitoring van risico´s
Beoordeling van de begroting en de jaarrekening.
Beoordeling van de begroting en de jaarrekening.
Beoordeling van de begroting en de jaarrekening.
Beoordeling van de begroting en de jaarrekening.
61
Verbonden partij
Centrumregeling Sociaal Domein Flevoland
Stichting FlevoMeer Bibliotheek
Rechtsvorm
Centrumregeling
Stichting
Belang
n.v.t.
n.v.t.
Soort belang
n.v.t.
n.v.t.
2021: € n.v.t.
2021: € -81k
2022: € n.v.t.
2022: € 16k
2023: € n.v.t.
2023: € -99k
2024: € n.v.t.
2024: € -31k
2021: € n.v.t.
2021: € 1,65 mln.
2022: € n.v.t.
2022: € 1,78 mln.
2023: € n.v.t.
2023: € 1,95 mln.
2024: € n.v.t.
2024: € 1,92 mln.
2021: € n.v.t.
2021: € 2,64 mln.
2022: € n.v.t.
2022: € 2,58 mln.
2023: € n.v.t.
2023: € 2,15 mln.
2024: € n.v.t.
2024: € 2,91 mln.
2021: € n.v.t.
2021: € n.v.t.
2022: € n.v.t.
2022: € n.v.t.
2023: € n.v.t.
2023: € n.v.t.
2024: € n.v.t.
2024: € n.v.t.
Ja, de deelnemers dragen elk de kosten voor de hulp aan de eigen cliënten.
n.v.t.
Resultaat 2021 e.v.
Eigen Vermogen eind 2021 e.v.
Vreemd Vermogen eind 2021 e.v.
Dividend
Verplichte afdekking van het tekort
Bekostiging via jaarlijkse Bekostiging via jaarlijkse Verstrekte garanties en bijdrage: € 2.255.392 bijdrage: € 378.014 geldleningen en (2021) € 860.889 (2022) € (2020), € 398.652 (2021) € aandelenkapitaal 559.731 (2023) € 433.720 475.689 (2022) € 520.344 (2024). (2023) 547.508 (2024).
Risico´s afgedekt door andere partners
Het totale budget mag niet worden overschreden. Er zijn afspraken t.a.v. solidariteit.
Andere gemeenten nemen naar evenredigheid deel.
Overige risico's bij faillissement
Gemeenten moeten het tekort aanvullen.
n.v.t.
Monitoring van risico´s
Beoordeling van de begroting en de jaarrekening.
Beoordeling van de begroting en de jaarrekening.
62
Grondbeleid Inleiding De paragraaf Grondbeleid gaat in op het te voeren grondbeleid en de te verwachten resultaten. De inhoud van deze paragraaf is in lijn met het Besluit Begroting en Verantwoording Provincies en Gemeenten (BBV) en bevat:
De visie op het grondbeleid; De manier waarop het grondbeleid wordt uitgevoerd; Een prognose van de resultaten van de totale grondexploitaties; Een onderbouwing van de geraamde winstneming; Risico’s in relatie tot het weerstandsvermogen.
De visie op het grondbeleid Grondbeleid is doelgericht overheidsoptreden in de grond- en vastgoedmarkt. Het grondbeleid is een hulpmiddel bij het uitvoeren van het omgevingsbeleid van de gemeente om ruimtelijke doelstellingen op het gebied van de volkshuisvesting, economie, natuur en groen, duurzaamheid, infrastructuur en maatschappelijke voorzieningen te realiseren. Daarnaast heeft het grondbeleid een grote financiële impact. Het gaat in het grondbeleid om grote belangen en grote hoeveelheden geld. De resultaten op grondexploitaties en de financiële risico's zijn van groot belang voor de algemene financiële positie van de gemeente. De gemeenteraad heeft een nota grondbeleid op 3 oktober 2024 vastgesteld. De gemeente Urk kiest voor situationeel grondbeleid met een actieve basis. Door een actieve grondpolitiek kan de gemeente Urk sterke invloed uitvoeren op de betaalbaarheid, beschikbaarheid en kwaliteit van nieuwe woningen op Urk. Een belangrijk doel voor de gemeente in haar grondbeleid is het hebben van maximale sturing en regie op ontwikkelingen die voor de gemeente van belang zijn, zoals het hebben van voldoende woningen en bedrijfsgronden. Een actieve grondpolitiek, zeker voor de uitleggebieden, ligt dan voor de hand. Dat betekent echter niet dat deze keuze in beton is gegoten.
Faciliterende grondpolitiek wordt bij voorbaat niet uitgesloten, zeker niet bij “binnenstedelijke” (her)ontwikkelingen. De keuze voor een actief of faciliterend beleid wordt onder andere ingegeven door onze ruimtelijke doelstellingen, de grondposities, het gewenste programma en de financiële middelen/risico’s van de gemeente. Bouwgrond in exploitatie (BIE) Bouwgrond in exploitatie (BIE of grondexploitaties) heeft in alle gevallen betrekking op grondexploitaties in de uitvoeringsfase. Bij een BIE zijn de gronden in eigendom van de gemeente. Het startpunt van de BIE is het raadsbesluit met de vaststelling van de grondexploitatiecomplex, inclusief grondexploitatiebegroting. Het grondexploitatiecomplex bevat tenminste de volgende onderdelen:
63
een kaart van het grondexploitatiecomplex; een beschrijving van de bouwkavels; de bestemming en toegestane bouwvolumes; de omschrijving van de werken en werkzaamheden voor het bouwrijp maken van de gronden; de omschrijving van de aanleg van nutsvoorzieningen; de omschrijving van het inrichten van de openbare ruimte in het gebied.
De gemeente Urk heeft een zevental grondexploitaties. Onderstaand zijn de resultaten en de verwachte looptijd per grondexploitatie weergeven. Bouwgrond in Exploitatie
Resultaat zoals verwacht in 2024 (ncw)
Resultaat zoals Verwachte looptijd Laatst vastgestelde verwacht in 2025 complex exploitatie (ncw)
1. Oranjewijk (afronding)
4.402.000
4.570.000
2014 - 2026
nov-25
2. Zeeheldenwijk
-4.402.000
-3.864.000
2022 - 2037
nov-25
3. Staartweg
-321.000
-320.000
2020 - 2029
nov-25
4. Zwolse Hoek fase 5
1.540.000
1.610.000
2007 - 2026
nov-25
5. Port of Urk
-1.530.000
-1.395.000
2019 - 2043
nov-25
6. Westgat
-507.000
-516.000
2019 - 2028
nov-25
-
-215.000
2025 - 2028
nov-25
-818.000
-130.000
7. De Noord 11 Totaal resultaat
Door de geactualiseerde grondexploitaties per november 2025 moeten voor de complexen Zeeheldenwijk, Port of Urk, Staartweg en Westgat bij de jaarrekening 2025 voorzieningen gevormd worden. Deze voorzieningen worden gevormd ten laste van de reserve Grondzaken. Voor De Noord 11 zal een verliesvoorziening worden gevormd ten laste van de algemene reserve. Op grond van het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) dienen de actieve grondexploitaties te worden herzien. De herziene grondexploitaties worden gelijktijdig met de begroting 2026 aangeboden aan de gemeenteraad. In deze begroting zijn de cijfers verwerkt van de grondexploitaties 2025.
64
Overzicht ontwikkeling boekwaarden actieve grondexploitaties Boekwaarde BIE
Categorie
1. Oranjewijk (afronding) woningbouw
2025
2026
2027
2028
2029
773.138
-375.138
-
-
-
2. Zeeheldenwijk
woningbouw
46.236.128
37.178.415
30.497.866
24.872.249
24.272.817
verliesvoorz. Zeeheldenwijk
woningbouw
-3.864.000
-3.864.000
-3.864.000
-3.864.000
-3.864.000
woningbouw
603.154
662.650
792.695
323.853
-
Verliesvoorz. Staartweg woningbouw
-320.000
-320.000
-320.000
-320.000
-
3. Staartweg 4. Zwolse hoek fase 5
bedrijventerrein
280.923
-208.295
-
-
-
5. Port of Urk
bedrijventerrein 19.617.159
31.146.978
40.369.260
41.324.467
41.327.144
bedrijventerrein -1.395.000
-1.395.000
-1.395.000
-1.395.000
-1.395.000
bedrijventerrein
912.360
1.065.291
529.311
-
-
bedrijventerrein
-516.000
-516.000
-516.000
-
-
maatschappelijk
152.930
-71.370
105.465
233.351
-
Verlievoorz. De Noord maatschappelijk 11
-215.000
-215.000
-215.000
-215.000
-
62.265.793
63.088.531
65.984.597
60.959.919
60.340.961
verliesvoorz. Port of Urk 6. Westgat verliesvoorz. Westgat 7. De Noord 11
Totaal
Toelichting per grondexploitatie Ad 1. Oranjewijk afronding In de Oranjewijk zijn nog een tweetal kavels nog niet verkocht. Deze kavels zijn bestemd voor koop- en middenhuurappartementen. De kavels zijn in 2025 opnieuw toegewezen aan een ontwikkelaar/bouwer. We verwachten deze kavels eind 2025 of begin 2026 te verkopen. Nadat deze gebouwen zijn verkocht kunnen we de laatste civiele werkzaamheden uitvoeren. De grondexploitatie kan waarschijnlijk eind 2026 worden afgesloten. De eerste fase van de Oranjewijk is inmiddels overgedragen aan beheer. Ad 2. Zeeheldenwijk In de Zeeheldenwijk bouwen we de komende 15 jaar circa 1.650 woningen. Dit gebeurt in combinatie met diverse voorzieningen en een overgangszone waar bedrijven, detailhandel en maatschappelijke voorzieningen zich kunnen vestigen. In 2025 zijn de meeste woningen (320) van de eerste fase van de Zeeheldenwijk opgeleverd. De eerste bewoners zijn in 2023 in de Zeeheldenwijk komen wonen. In 2025 is gestart met de uitgifte van de tweede fase van de Zeeheldenwijk. In de zomer heeft de loting plaatsgevonden van de eerste particuliere woningen. Deze fase heet De Akkers en bestaat vooral uit grondgebonden woningen. In het najaar wordt vervolgens een start gemaakt met het centrumgebied: een mixed-use zone met appartementen, scholen, een sporthal en detailhandelsfuncties.
Momenteel werken we aan de stedenbouwkundige plannen voor de vierde fase van de Zeeheldenwijk: De Oevers en Het Eiland. Deze fase geven we uit nadat alle woningen in De Akkers zijn uitgegeven.
65
Ad 3. Grex Staartweg Op 16 december 2021 heeft de raad de grondexploitatie voor het plan Staartweg vastgesteld. In augustus 2020 zijn de gronden en opstallen Staartweg 18 aangekocht. De opstallen zijn inmiddels gesloopt. Deze gronden reserveren we voor het plan "de rentemeester". Hiervoor is bij de herzieningen van de grondexploitatie een voorstel gedaan. Ad 4. Zwolse Hoek, fase 5 In 2025 kopen we een onbebouwde kavel terug van een ondernemer. Zodat we deze kavel opnieuw kunnen uitgegeven aan een ondernemer die de kavel wél wil bebouwen. We starten een uitgifteprocedure voor deze kavel in 2026, zodat we deze samen met een nog braakliggende kavel kunnen verkopen. Nadat we deze hebben verkocht, kunnen we de grondexploitatie afsluiten. Ad 5a en 5b. Port of Urk In 2021 is het Bestemmingsplan Port of Urk onherroepelijk geworden. Medio 2022 is de nota gronduitgifte bedrijfslocaties gemeente Urk 2022-2026 vastgesteld door de gemeenteraad. Deze nota is het uitgangspunt voor het opstellen van uitgifteprotocollen, die nodig zijn om de verschillende deelgebieden binnen Port of Urk te kunnen uitgeven. In 2024 is gestart met de uitgifteprocedure voor de eerste fase van Port of Urk (circa 3,5 ha netto). De definitieve verkoop (passering bij notaris) vond in 2025 plaats. In 2025 werd de eerste fase bouwrijp maken van Port of Urk afgerond (circa 35 ha.).
Hierdoor konden de eerste bedrijven rond de zomer van 2025 starten met het bouwen van hun bedrijfsopstallen. Qua verwerving, realisatie en ook uitgifte lopen we op schema. Momenteel lopen de gesprekken voor de verwerving van de tweede fase Port Of Urk. Naar verwachting wordt deze fase 2027/2028 bouwrijp gemaakt. De gevolgen van netcongestie en tekort aan water maken dat bedrijven een pas op de plaats maken als het gaat om nieuwbouw op Port of Urk. De impact hiervan op de grondverkoop laat zich lastig voorspellen. In de GREX houden we vooralsnog rekening met een jaar waarin geen grond wordt verkocht. Ad 6a. en 6b. Grex Westgat Eind 2020 is de eerste fase van de revitalisering van het Westgat afgerond. In 2022 heeft de gemeente Urk een subsidie ontvangen. De openbare ruimte is opgeknapt en er is ruimte vrijgekomen voor nieuwe bedrijvigheid. Een bestemmingsplanprocedure voor de (her)invulling van de braakliggende grond is inmiddels opgestart. Naar verwachting kunnen we de eerste kavels in 2027 verkopen. Ad 7a. en b. De Noord 11 In 2025 is de oude brandweerkazerne aan de Noord 11 gesloten. De opstallen zijn in 2025 gesloopt. Voor de gronden is inmiddels een intentieovereenkomst getekend met Patrimonium en stichting Eleos. Deze partijen gaan op deze locatie een woonzorgcomplex realiseren. Voor deze ontwikkeling is daarom in 2025 een grondexploitatie vastgesteld.
De gronden zullen in verwachting in 2026 worden verkocht aan Patrimonium.
66
Totaaloverzicht te verwachten verkopen bouwgrond Aantallen m2 per complex
Voorraad per eind 2024
Oranjewijk (afronding)
Prognose Prognose Prognose Prognose Prognose Voorraad verkocht verkocht verkocht verkocht verkocht per eind 2025 2026 2027 2028 2029 2029
4.689
-
4.689
-
-
-
-
Zeeheldenwijk (woningen en overig)
281.941
10.000
30.000
40.000
20.000
20.000
161.941
Zeeheldenwijk (bedrijven)
48.893
-
10.000
10.000
10.000
5.000
13.893
Staartweg
4.056
-
-
-
4.056
-
-
Zwolse Hoek fase 5
3.000
-
3.000
-
-
-
-
Port of Urk
594.672
40.000
32.233
-
30.000
40.000
452.439
Westgat
3.018
-
-
3.018
-
-
-
De Noord 11
1.400
-
1.400
-
-
-
-
941.669
50.000
81.322
53.018
64.056
65.000
628.273
Totaal
Grondprijzen De gemeente Urk kiest er voor om bij de vaststelling van de grondwaarde uit te gaan van de marktwaarde van de grond. Op Urk worden de minimale uitgifteprijzen voor bouwgrond door de gemeenteraad vastgesteld. Aanpassing van de grondprijs ten gevolge van prijsstijgingen vindt jaarlijks plaats door het college van burgemeester en wethouders. De te hanteren grondprijzen worden jaarlijks vastgelegd in de zogenaamde grondprijzennota. Op deze wijze informeert het college eenieder over de grondprijzen binnen de gemeente Urk. Het vormt tevens een kader voor de verschillende actoren die binnen de gemeentelijke organisatie betrokken zijn bij het verkoopproces van bouwgrond. De vastgestelde grondprijzen vormen de input voor de te actualiseren grondexploitaties. De grondprijzen 2026 worden vastgesteld in het najaar van 2025. Planning woningbouw (op te leveren woningen) Urk 2022-2029 Opgeleverd 2021 Oranjewijk (afronding)
2022
Prognose 2025-2029
2023
2024
2025
2026
2027
2028
2029
90
-
23
27
-
-
45
-
-
Zeeheldenwijk
-
-
-
205
197
30
150
150
150
Overig
-
-
-
24
-
-
20
-
50
90
0
23
256
197
30
215
150
200
Totaal aantal woningen
67
Planning bedrijventerrein (op te leveren bedrijven) Urk 2022-2029 Opgeleverd 2021
2022
Prognose 2025-2029
2023
2024
2025
2026
2027
2028
2029
Zwolse Hoek fase 5
-
-
-
3
1
-
2
-
-
Port of Urk
-
-
-
0
5
15
10
5
10
Westgat
-
-
-
-
-
-
-
-
4
94
87
87
3
6
15
12
5
14
Totaal aantal Bedrijven
Risico's In de begrotingsraad worden naast de begroting ook de actualisaties van de grondexploitaties aan de raad voorgelegd. Een onderdeel daarvan is een risicoanalyse. Naar de betreffende bijlage bij dat raadsvoorstel wordt hier kortheidshalve verwezen. De risico's die voortkomen uit de grondexploitaties maken onderdeel uit van de risicoanalyse van de gemeente als geheel zoals die wordt beschreven in de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing. Bij het bepalen van het noodzakelijke weerstandsvermogen wordt 10% meegenomen over de waarde van de grondexploitaties woningbouw en 20% over de waarde van de voorraden.
68
Lokale heffingen Inleiding Het totale pakket van gemeentelijke belastingen en heffingen bestaat uit verschillende belastingheffingen die opgelegd worden op grond van een door de gemeenteraad vastgestelde belastingverordening. De doelstelling van de lokale heffingen is het verwerven van eigen middelen uit belastingen en heffingen voor de dekking van de algemene en specifieke uitgaven in het kader van de uitvoering van de gemeentelijke taken. De uitvoering en de verantwoordelijkheid voor het uitvoeren van de heffingswerkzaamheden liggen op grond van artikel 231 van de Gemeentewet bij de heffingsambtenaar. Hierbij valt te denken aan het vaststellen en opleggen van de aanslagen en taxatiewaarden, het doen van uitspraken op bezwaren en het verweer bij beroepszaken. De gemeentelijke heffingen zijn na de algemene uitkering uit het Gemeentefonds de belangrijkste bron van inkomsten. Bij gemeentelijke heffingen wordt onderscheid gemaakt tussen algemene belastingen en retributies. Belastingen hebben een algemeen karakter. Een directe relatie tussen de belasting en de gemaakte kosten van de gemeente is in het algemeen niet aanwezig. Bij de retributies is er wel sprake van een directe relatie tussen de heffing en de gemeentelijke taak. Bij retributies mogen de geraamde opbrengsten niet hoger zijn dan de geraamde kosten van de gemeente voor de uitoefening van de taak.
Tarievenbeleid Voor de hoogte van tarieven gelden de algemene uitgangspunten zoals vastgelegd in de kadernota 2026: De belastingen verhogen wij met 5%. Heffingen worden met 10% verhoogd beiden exclusief inflatiecorrectie. De inflatiecorrectie is vastgesteld op 2,7%. In de kadernota 2026 zijn voorstellen gedaan rond de betaling van rioolheffing. Deze voorstellen zijn verwerkt in de tariefstelling van zowel de tariefstelling als de onroerendzaakbelasting.
69
De opbrengsten uit de lokale belastingen en heffingen zijn als volgt begroot: Gemeentelijke heffing (x € 1.000) 1.1 Onroerende-zaakbelastingen
Rekening 2024
Begroting 2025
Begroting 2026
Begroting 2027
Begroting 2028
Begroting 2029
6.040
6.306
7.525
7.589
7.652
7.716
1.2 Hondenbelasting
83
87
91
91
91
91
1.3 Precariobelasting
23
23
24
24
24
24
1.4 Toeristenbelasting
130
133
174
174
174
174
Totaal Belastingen
6.276
6.549
7.814
7.878
7.941
8.005
2.1 Afvalstoffenheffingen
1.955
2.524
3.053
3.092
3.171
3.171
2.2 Rioolheffing
2.343
2.359
2.515
2.515
2.515
2.515
2.3 Haven- en kadegelden
1.103
958
982
982
982
982
2.4 Marktgelden
32
35
40
40
40
40
2.5 Begraafrechten
382
400
452
452
452
452
2.6 Secretarieleges (Titel 1)
420
406
470
470
470
402
1.786
950
776
776
776
776
2.8 Leges (Titel 3)
14
14
14
14
14
14
2.9 Overig
0
0
0
0
0
0
Totaal Retributies
8.034
7.646
8.300
8.339
8.418
8.350
Totaal
14.310
14.195
16.114
16.217
16.359
16.355
2.7. Omgevingsvergunningen (Titel 2)
Belastingen Belastingen hebben een algemeen karakter. Gemeente Urk legt vier soorten belasting op: 1. 2. 3. 4.
Onroerende zaakbelasting (OZB) Hondenbelasting Precariobelasting Toeristenbelasting
1.1 Onroerende zaakbelastingen (OZB) Onder de naam "onroerende zaakbelastingen" worden over binnen de gemeente gelegen onroerende zaken, drie directe belastingen geheven:
Eigenarenbelasting voor woningen; Eigenarenbelasting voor niet-woningen; Gebruikersbelasting voor niet-woningen
De peildatum voor de belastingplicht is 1 januari van het belastingjaar. Grondslag is de WOZwaarde. Wet WOZ Alle onroerende zaken dienen jaarlijks opnieuw getaxeerd te worden op grond van de Wet Waardering Onroerende Zaken. De uitvoering van deze wet ligt in handen van de 70
heffingsambtenaar van de gemeente. Door de Waarderingskamer wordt op deze uitvoering toezicht gehouden. De gemeente Urk scoort bij deze beoordeling al jaren 5 van de 5 sterren, de hoogste score! Elk jaar wordt de onroerend zaak gewaardeerd op grond van de Wet waardering onroerende zaken (WOZ). Hiermee volgt de WOZ-waarde jaarlijks de marktontwikkeling. De gemeente Urk heeft delen van de jaarlijkse herwaardering uitbesteed. Voor het belastingjaar 2026 geldt de WOZ-waarde naar prijspeil van 1 januari 2025. Waardeontwikkeling Om waardeontwikkelingen van woningen en niet-woningen niet van invloed te laten zijn op de opbrengst, worden de tarieven conform de waardeontwikkelingen aangepast. Dit uitgangspunt is in het verleden altijd bij herwaarderingen gehanteerd. In de huidige markt worden dus de stijgende WOZ-waarden gecompenseerd door een gelijke daling van de tarieven. De verwachte stijging van woningen is 5.9%. Bij de niet-woningen is sprake van een gemiddelde stijging van 5,0%. Met deze stijging wordt het tarief dan ook verlaagd en daarna verhoogd met in de kadernota opgenomen 5% en de trendmatige verhoging van 2,7%. De tarieven zijn opgenomen in de Verordening Onroerende zaakbelastingen.
De opbrengsten 2026 en volgende jaren zijn gebaseerd op het huidige areaal aan onroerend goed aangevuld met de groei van het aantal onroerende zaken en de tariefsaanpassingen op basis van de nieuwe waarden in het kader van de hertaxaties Wet WOZ. Op grond van eerder besluitvorming dienen de tarieven zodanig vastgesteld te worden dat de geraamde opbrengsten gerealiseerd worden. 1.2 Hondenbelasting Onder de naam "hondenbelasting" wordt een directe belasting geheven ter zake het houden van een hond binnen de gemeente. Het is niet nodig dat de gemeente een relatie legt tussen de opbrengst van de hondenbelasting en de kosten die voor de gemeente aan de bevuiling door honden zijn verbonden. De opbrengst wordt dan ook als algemeen dekkingsmiddel gebruikt. Het tarief voor 2026 is met 7,7 % verhoogd. 1.3 Precariobelasting De gemeente heft een precariobelasting als vergoeding voor het gebruik van openbare grond. De precariobelasting wordt specifiek geheven voor het plaatsen van voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond. Voorbeelden van belaste voorwerpen zijn kabels en leidingen, terrassen, bouwmaterialen, zonneschermen, luifels, lichtreclames en vlaggen. Precariobelasting wordt wel gezien als de fiscale tegenhanger van een privaatrechtelijke vergoeding om de gemeentegrond te kunnen gebruiken.
De opbrengst wordt als een algemeen dekkingsmiddel gebruikt. 1.4 Toeristenbelasting Dit betreft een belasting die wordt geheven voor het houden van verblijf met overnachting binnen de gemeente tegen vergoeding in welke vorm dan ook door personen die niet als ingezetene zijn opgenomen in de Basisregistratie Personen (BRP). Door het heffen van een toeristenbelasting dragen ook niet-inwoners bij in de kosten van de algemene voorzieningen. De toeristenbelasting wordt voor belastingjaar 2026 verhoogd met 7,7%. Bij de behandeling van de belastingenvoorzieningen 2024 (9 november 2023) heeft de gemeenteraad de motie "Toeristenbelasting" aangenomen. Ofschoon de toeristenbelasting een 71
algemeen dekkingsmiddel is, is overeenkomstig de motie een gedeelte van de opbrengst bestemd voor activiteiten binnen de toeristische sector. Retributies De rechten, ook wel retributies genoemd, vallen uiteen in bestemmingsheffingen en leges. Hierbij geldt dat de gemeente niet meer mag heffen dan de begrote kosten die gedekt worden met de heffing. Riool- en afvalstoffenheffing zijn bestemmingsheffingen en vallen onder belastingen maar hebben het karakter van een recht. Ze worden gebruikt voor doeleinden met een duidelijk algemeen belang. De belangrijkste rechten zijn de leges. Deze dienst levert met name individueel voordeel op. Zo betalen inwoners van de gemeente een bijdrage voor het aanvragen van een paspoort of vergunning. Ook voor de leges geldt dat deze niet meer dan kostendekkend mogen zijn. Voor de navolgende heffingen geldt dat de opbrengsten niet uit mogen gaan boven de geraamde kosten, ofwel geldt dat deze maximaal kostendekkend mogen zijn:
Afvalstoffenheffing; Rioolheffing; Haven- en kadegelden; Leges; Marktgelden; Begraafrechten.
In onderstaande tabel is de kostendekkendheid van de rechten weergegeven. Bij ieder recht ziet u verder een overzicht van de baten en de lasten in 2026. Kostendekking Retributies en Leges Gemeentelijke heffing (x € 1.000)
Rekening 2024
Begroting 2025 primitief lasten
baten
dekking
Begroting 2026 lasten
baten
dekking
Afvalstoffenheffingen
83%
2.918
2.527
87%
3.570
3.408
95%
Rioolheffing
100%
2.854
2.356
83%
3.451
2.737
79%
Haven- en kadegelden
69%
1.194
853
71%
1.108
982
89%
Marktgelden
34%
58
35
61%
56
40
71%
Begraafrechten
60%
689
400
58%
736
452
61%
Secretarieleges (Titel 1)
45%
988
330
33%
734
470
64%
Omgevingsvergunningen (Titel 2)
116%
1.504
610
41%
915
776
85%
Leges (Titel 3)
82%
17
14
82%
17
14
82%
2.1 Afvalstoffenheffing Afvalstoffenheffing wordt geheven van degene die in de gemeente feitelijk gebruik maakt van een perceel ten aanzien waarvan ingevolge art. 10.11 van de Wet Milieubeheer een verplichting tot het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen geldt. De hoogte van de aanslag is afhankelijk van de gezinsgrootte en de soort container. In de tarieven zijn ook de kosten voor de milieustraat en het straatvegen verwerkt.
72
Bij de kadernota 2026 is besloten de tarieven van de heffingen met 10% plus de inflatiecorrectie te laten stijgen. In 2024 is het nieuwe Grondstoffenbeleidsplan 2025-2028 vastgesteld. Aanleiding hiervoor was het niet behalen van de doelstellingen op het gebied van afvalscheiding. In het nieuwe plan worden verschillende specifieke uitgaven gedaan, bijvoorbeeld in containermanagement, ondergrondse inzamelcontainers in het oude dorp en een campagne om de kwaliteit van gft te verbeteren. Het uitgangspunt is dat de opbrengst van de afvalstoffenheffing de kosten moet dekken. In de afgelopen jaren is er in de berekening een vast bedrag in het tarief meegenomen voor de btwkosten. De daadwerkelijke btw-kosten liggen echter hoger. In het nieuw vastgestelde grondstoffenplan is dit gecorrigeerd. Bij het vaststellen van het grondstoffenbeleidsplan heeft de raad ingestemd met een stapsgewijze verhoging van de tarieven zodat de daadwerkelijke btw-kosten meegenomen worden in de berekening van de afvalstoffenheffing. Dit leidt ook tot een jaarlijkse stijging van het tarief met € 13 tot 2028. Bij het vaststellen van de belastingverordeningen worden de tarieven definitief vastgesteld.
2.2 Rioolheffing Rioolheffing wordt geheven van de eigenaar van een perceel dat direct of indirect is aangesloten op de gemeentelijke riolering en van de gebruiker van een perceel waaruit afvalwater direct of indirect op de gemeentelijke riolering wordt afgevoerd, dan wel dat belang heeft bij de nakoming van de gemeentelijke zorgplichten. De opbrengst van de rioolheffing mag alleen worden gebruikt ter dekking van de kosten van:
het inzamelen en transporteren van huishoudelijk en bedrijfsafvalwater en het zuiveren van huishoudelijk afvalwater; het inzamelen van afvloeiend hemelwater en het verwerken hiervan alsmede maatregelen om structureel nadelige gevolgen van de grondwaterstand te voorkomen of te beperken.
Bij het bepalen van de hoogte van de tarieven van de rioolheffing houden we er rekening mee dat de baten niet hoger mogen zijn dan de lasten. Uitgangspunten zijn 100% kostendekkendheid en gedifferentieerde tarieven per huishoudtype, waarbij de huishoudens met 4 of meer personen meer betalen, dan huishoudens tot en met 3 personen. Bij niet-woningen wordt naast een vast bedrag van de eigenaar, belasting geheven over het waterverbruik van de gebruiker. Tenslotte is in de kadernota 2026, in afwijking tot het GWRP, in het kader van riolering een aantal besluiten genomen. Naast de verhoging van de heffingen met 10% en de toerekening van de inflatiecorrectie van 2,7% is besloten dat de rekening voor de grote vervuilers meer bij hen zal worden neergelegd. Het Gemeentelijk Water- en Rioleringsplan (verder te noemen GWRP) is in 2023 door u vastgesteld. Uit een GWRP blijken de verwachte exploitatie en investeringslasten in de uitvoeringsperiode. Verder worden in het GWRP de belangrijkste uitgangspunten voor de rioolheffing vermeld. Uitgangspunt is dat eventuele exploitatieoverschotten ten gunste moeten komen van voorziening riolering derden of de bestemmingsreserve riolering. Investeringen moeten zo mogelijk direct worden afgeboekt vanuit de spaarvoorziening riolering.
2.3 Havengelden Onder de naam "havengelden" wordt een recht geheven voor het gebruik of genot van de gemeentelijke havens. De afgelopen jaren is er hard gewerkt om de voorzieningen op niveau te 73
brengen. Werkzaamheden die overigens nog steeds doorgaan. Als gevolg hiervan zijn de tarieven de afgelopen jaren gestegen. Ook voor 2026 stijgen de tarieven. 2.4 Marktgelden In de gemeente wordt onder de naam "marktgeld" een recht geheven voor het innemen van een standplaats op de voor de markt aangewezen plaats, gedurende de voor de markt geldende tijd. De tarieven zijn opgenomen in de Verordening Marktgelden. De tarieven stijgen overeenkomstig de uitgangspunten uit de kadernota met 10% plus 2,7% inflatiecorrectie. 2.5 Begraafrechten Op basis van de verordening op de graf- en begrafenisrechten worden in de gemeente Urk rechten geheven voor het gebruik van de begraafplaats en voor het door de gemeente verlenen van diensten in verband met de begraafplaats. Voor de begrafenisrechten geldt dat landelijk dat deze maximaal kostendekkend mogen zijn. Op Urk is een raadsbreed besluit genomen dat begraven maximaal 80% kostendekkend behoeft te zijn. Overeenkomstig de kadernota 2026 stijgen de rechten met 10% plus 2,7% inflatiecorrectie. Met deze tariefsverhoging wordt de kostendekkendheid van 80% nog niet bereikt. 2.6 Legesverordening Onder de naam "leges" wordt een aantal verschillende rechten geheven voor het genot van door, of vanwege het gemeentebestuur, verstrekte diensten. Het gaat hier vooral om de secretarieleges en de leges Omgevingswet.
De verordening is met ingang van 2024 volledig aangepast naar de nieuwe Omgevingswet. Daarbij zijn ook nieuwe tarieven ingevoerd en is de berekening van de leges gewijzigd. Van sommige leges wordt het tarief vastgesteld door het Rijk. Bij het berekenen van een kostendekkend tarief mogen overigens alleen de kosten van het verlenen van een vergunning of dienst in rekening worden gebracht. Kosten van onder andere toezicht en handhaving mogen niet doorberekend worden. Voor 2026 worden de tarieven verhoogd met 12,7%. Kwijtscheldingen Op grond van de Invorderingswet en het gemeentelijk kwijtscheldingsbeleid kan een belastingschuldige die niet in staat is anders dan met buitengewoon bezwaar een belastingaanslag geheel of gedeeltelijk te betalen, gehele of gedeeltelijke kwijtschelding worden verleend. Bij Ministeriële regeling worden inkomensnormen vastgesteld, welke van toepassing zijn voor de eventuele toekenning van kwijtscheldingsaanvragen. De gemeente Urk hanteert ten aanzien van de normbedragen een kwijtscheldingspercentage van 100%. Kwijtschelding kan alleen worden aangevraagd indien het een aanslag betreft voor onroerendezaakbelasting, afvalstoffenheffing en rioolheffing. De overige heffingen zijn in de desbetreffende belastingverordeningen uitgesloten van kwijtschelding.
Lokale lastendruk Alle onroerende zaken dienen jaarlijks opnieuw getaxeerd te worden op grond van de Wet Waardering Onroerende Zaken. De uitvoering van deze wet ligt in handen van de heffingsambtenaar van de gemeente. Door de Waarderingskamer wordt op deze uitvoering toezicht gehouden. De gemeente Urk scoort bij deze beoordeling al jaren 5 uit 5 sterren. De hoogste score! In de tarieven en berekende opbrengst is rekening gehouden met de steeds maar stijgende kosten voor het behandelen van bezwaarschriften van zogenaamde WOZ-bureaus. Zij adverteren met het “gratis” indienen van bezwaar, maar de kosten hiervoor komen ten laste van de gemeente. De kosten voor het behandelingen van bezwaren bedroegen in 2023 ongeveer € 74
2.000 per bezwaarschrift (in totaal € 150.000). Wanneer een burger zelf bezwaar indient, bedragen de kosten ongeveer € 200 per bezwaarschrift. De kosten bestaan in hoofdzaak uit personeelskosten, kosten inhuur taxateur en juridisch advies. De oorzaak is dat WOZ-bureaus zeer uitgebreide en juridisch ingewikkelde bezwaarschriften indienen die gerobotiseerd tot stand komen. De bestreden WOZ-waarde is daarbij vaak bijzaak. Doel is namelijk om een kostenvergoeding te verkrijgen. Daarbij streeft men soms naar het laten vastlopen van het bezwaarproces zodat ze op die manier in aanmerking kunnen komen voor kostenvergoedingen. In bezwaar gaan is helaas een verdienmodel geworden. Als gevolg van nieuwe wetgeving is de kostenvergoeding voor No-Cure-No-Pay bureau's in 2024 fors verlaagd. Dit heeft geleid tot minder bezwaarschriften. Helaas heeft de Hoge Raad onlangs uitspraak gedaan waarbij deze wetgeving vernietigd is en de kostenvergoeding zelfs verdubbeld is ten opzichte van 2023. Aanvullende regelgeving heeft geleid tot een nieuwe proceskostenvergoeding die nu leidend is. Kern van de vergoeding is dat onderscheid wordt gemaakt in fasen van procesvoering. Zo ontvangt het bureau een hogere vergoeding wanneer er sprake is van de beroepsfase dan wanneer er sprake is van een bezwaarprocedure.
Het is zaak om in de bezwaarprocedure de burger van de volledig informatie te voorzien, zodat de beroepsperiode zoveel als mogelijk kan worden voorkomen. Naast budgettaire redenen is het altijd een goede zaak de burger tijdig van de juiste informatie te voorzien. Vooralsnog lijkt het dat we binnen het budget kunnen blijven. Mogelijke aanpassingen verwerken we in de tussenrapportage 2026. Er is altijd grote belangstelling voor de lokale belastingen, vooral landelijk. Diverse instanties berekenen jaarlijks de stijging van de lokale lasten en de uitkomsten hiervan hebben grote aandacht van de landelijke pers. Met name de verschillen tussen de diverse gemeenten krijgen daarbij veel aandacht. Dit terwijl de gemeentelijke belasting een klein deel uitmaken van de zogenaamde bijkomende woonlasten. Ook de WOZ-waarde genereert veel aandacht. Met name door de zogenaamde WOZ-bureaus die groot belang hebben bij negatieve uitingen omdat ze daarmee klanten binnenhalen die via hen een bezwaar indienen. Ontwikkeling gemiddelde woonlasten voor een 3- persoonshuishouden Gemiddelde woonlasten voor een huishouden van 3 personen voor de periode 2024-2026
Ontwikkeling 2025/2026 in %
Belastingsoort OZB eigenaar
2024 € 480
2025 € 494
2026 € 636
Afvalstoffenheffing
€ 263
€ 269
€ 327
22%
Rioolheffing
€ 251
€ 289
€ 196
-32%
Totaal
€ 994
€ 1.052
€ 1.159
10%
29%
De woonlasten zijn gebaseerd op een gemiddelde. Werken met gemiddelden betekent dat de feitelijke lastenontwikkeling voor een individuele burger hiervan kan afwijken. De hoogte van de belasting wordt onder andere beïnvloed door de grootte van het huishouden en de feitelijke waardeontwikkeling van de woning. Om een beeld te krijgen hoe de woonlasten op Urk zich verhouden tot gemeenten in Flevoland, treft u hierna de gegevens aan van een aantal gemeenten uit de Atlas van de lokale lasten 2024 van het COELO, zoals gepubliceerd op de website. In de onderstaande vergelijking staat de gemiddelde aanslag 2025 voor een 3-persoonshuishouden. In deze aanslag is inbegrepen de OZB, afvalstoffenheffing en de rioolheffing. 75
2025
Almere
Dronten
Lelystad
NOP
Urk
Zeewolde
OZB eigenaar
€ 465
€ 512
€ 492
€ 435
€ 494
€ 657
Afvalstoffenheffing
€ 472
€ 418
€ 466
€ 404
€ 269
€ 416
Rioolheffing
€ 249
€ 180
€ 237
€ 191
€ 289
€ 132
€ 1.186
€ 1.110
€ 1.195
€ 1.030
€ 1.052
€ 1.205
Totaal
Openbaarheid Wet Open Overheid De Wet open overheid (Woo) is per 1 mei 2022 in werking getreden en vervangt de Wet openbaarheid van bestuur (Wob). De Woo heeft als doel om het – proactief - openbaar maken van overheidsinformatie te bevorderen. Binnen de gemeente Urk hebben we ons beleid en normstelling onderzocht op ‘openbaarheid’ en toegankelijkheid. Daarnaast hebben we de algemene informatie over de gemeente, inclusief de openbare besluitvorming, beoordeeld en waar mogelijk en waar nodig aangepast. Zo hebben we nieuwe software aangeschaft die speciaal is ontworpen om informatie, welke actief openbaar moet worden gemaakt, te anonimiseren. Deze software speelt een cruciale rol bij het op orde houden van onze informatiehuishouding. Bij het publiceren van informatie volgt gemeente Urk vanzelfsprekend de richtlijnen en standaarden die de die de Wet open overheid voorschrijft. De software zorgt ervoor dat we gegevens geanonimiseerd kunnen publiceren, waardoor de transparantie van de overheid samenvalt met de bescherming van de privacy van betrokkenen. Deze belangrijke stap maakt de gemeente Urk nog meer ‘open en toegankelijk’ voor haar inwoners.
76
Financiële begroting Meerjarenraming 2026-2029
Overzicht baten en lasten
(art 17 BBV / x € 1.000)
2026
2027
2028
2029
Saldo Lasten Baten
Lasten
Baten
Saldo
Lasten
Baten
Saldo
Lasten
Baten
Programma
106.212
64.552 -41.660
88.168
48.066 -40.102
92.087
48.861 -43.226 77.741 38.046 -39.695
Basis op Orde
5.200
488 -4.713
4.971
488 -4.484
4.969
Wonen
45.449
36.472 -8.976
38.755
30.072 -8.683
42.943
31.212 -11.730 28.016 19.611 -8.404
Werken
28.472
21.961 -6.511
17.423
11.706 -5.717
16.698
11.156 -5.542 17.404 11.924 -5.480
Leven
27.091
5.631 -21.460
27.019
5.800 -21.219
27.477
6.005 -21.472 27.375
Algemene dekkingsmiddelen
12.270
51.200 38.930
13.321
52.376 39.055
12.954
52.768 39.814 15.013 54.525 39.513
Algemene en overige uitk. gemeentefonds
1.912
43.245 41.333
2.690
44.357 41.667
1.911
44.686 42.775
Overhead
10.135
122 -10.013
10.965
122 -10.843
12.120
Treasury
-235
152
387
9
152
144
Overige baten en lasten
25
-ㅤ
-25
-775
-ㅤ
OZB woningen
295
4.191
3.896
295
OZB niet-woningen
-ㅤ
3.328
3.328
Belastingen overig
136
162
Vennootschapsbelasting (VpB)
-ㅤ
-ㅤ
488 -4.482
4.946
Saldo
420 -4.527
6.091 -21.284
3.135 46.379 43.244
122 -11.998 13.047
122 -12.924
67
152
86
-26
152
178
775
-1.575
-ㅤ
1.575
-1.575
-ㅤ
1.575
4.237
3.942
295
4.283
3.988
295
4.329
4.034
-ㅤ
3.346
3.346
-ㅤ
3.363
3.363
-ㅤ
3.381
3.381
26
136
162
26
136
162
26
136
162
26
-ㅤ
-ㅤ
-ㅤ
-ㅤ
-ㅤ
-ㅤ
-ㅤ
-ㅤ
-ㅤ
-ㅤ
Resultaat voor bestemming 118.481 115.752 -2.730 101.488 100.442 -1.047 105.040 101.629 -3.412 92.753 92.571
-182
Mutaties reserves
361
3.112
2.751
579
1.627
1.049
361
4.108
3.747
361
980
620
Programma Basis op Orde
361
3.112
2.751
579
1.627
1.049
361
4.108
3.747
361
980
620
Programma Werken
-ㅤ
-ㅤ
-ㅤ
-ㅤ
-ㅤ
-ㅤ
-ㅤ
-ㅤ
-ㅤ
-ㅤ
-ㅤ
-ㅤ
Programma Leven
-ㅤ
-ㅤ
-ㅤ
-ㅤ
-ㅤ
-ㅤ
-ㅤ
-ㅤ
-ㅤ
-ㅤ
-ㅤ
-ㅤ
Programma Wonen
-ㅤ
-ㅤ
-ㅤ
-ㅤ
-ㅤ
-ㅤ
-ㅤ
-ㅤ
-ㅤ
-ㅤ
-ㅤ
-ㅤ
335 93.114 93.551
438
Resultaat na bestemming
118.842 118.863
21 102.067 102.069
2 105.401 105.736
77
Meerjarige balans Activa (x € 1.000)
Rekening
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
Vaste activa
2024
2025
2026
2027
2028
2029
Immateriële vaste activa
316.436
333.220
320.682
308.144
295.606
283.069
Materiële vaste activa
90.486.446
119.711.762
154.715.793
154.212.226
148.977.433
143.885.159
Financiële vaste activa
8.170.802
8.052.730
7.929.324
7.800.341
7.665.527
7.524.613
Totaal vaste activa
98.973.684
128.097.712
162.965.799
162.320.712
156.938.566
151.692.840
Vlottende activa
2024
2025
2026
2027
2028
2029
Voorraden
57.429.524
62.265.793
63.088.531
65.984.597
60.959.919
60.340.961
Uitzettingen
10.197.019
p.m.
p.m.
p.m.
p.m.
p.m.
Liquide middelen
343.898
p.m.
p.m.
p.m.
p.m.
p.m.
Overlopende activa
2.443.810
p.m.
p.m.
p.m.
p.m.
p.m.
Totaal vlottende activa
70.414.251
62.265.793
63.088.531
65.984.597
60.959.919
60.340.961
Totaal activa
169.387.935
190.363.504
226.054.330
228.305.309
217.898.485
212.033.801
Rekening
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
Vaste Passiva
2024
2025
2026
2027
2028
2029
Eigen vermogen
41.645.547
40.056.548
35.654.445
34.668.037
30.964.251
30.720.831
Resultaat
569.977
-1.691.863
21.435
2.239
335.481
437.644
Voorzieningen
5.488.457
5.506.614
6.506.794
6.951.602
7.951.782
8.951.962
Vaste schulden
98.830.711
110.940.659
101.709.133
92.841.369
88.044.725
83.238.812
Totaal vaste passiva
146.534.692
154.811.957
143.891.806
134.463.246
127.296.239
123.349.248
Vlottende Passiva
2024
2025
2026
2027
2028
2029
Netto vlottende schulden
16.429.465
35.551.547
82.162.524
93.842.062
90.602.246
88.684.553
Overlopende passiva
6.423.778
p.m.
p.m.
p.m.
p.m.
p.m.
Totaal vlottende passiva
22.853.243
35.551.547
82.162.524
93.842.062
90.602.246
88.684.553
Totaal passiva
169.387.935
190.363.504
226.054.330
228.305.309
217.898.485
212.033.801
Gewaarborgde geldleningen
4.526.129
4.295.759
4.074.323
4.074.323
4.074.323
4.074.323
Passiva (x € 1.000)
78
Overzicht baten en lasten per taakveld Taakveldbegroting
2026
2027
2028
2029
BBV x € 1.000
Lasten 1.519
Baten
Saldo Lasten
18 -1.501
Saldo Lasten
0,10
Mutaties reserves
361
3.112
2.751
579
1.627
1.049
361
4.108
3.747
361
980
620
0,11
Resultaat rekening van baten en lasten
-ㅤ
-ㅤ
-ㅤ
-ㅤ
-ㅤ
-ㅤ
-ㅤ
-ㅤ
-ㅤ
-ㅤ
-ㅤ
-ㅤ
0,2
Burgerzaken
749
470
-280
749
470
-280
749
470
-280
729
402
-328
0,3
Beheer overige gebouwen en gronden
44
2
-42
44
2
-42
44
2
-42
44
2
-42
0,4
Overhead
10.135
122
10.013
10.965
122
10.843
12.120
122
13.047 11.998
122
12.924
0,5
Treasury
-235
152
387
9
152
144
67
152
86
-26
152
178
0,61
OZB woningen
295
4.191
3.896
295
4.237
3.942
295
4.283
3.988
295
4.329 4.034
0,62
OZB niet-woningen
-ㅤ
3.328
3.328
-ㅤ
3.346
3.346
-ㅤ
3.363
3.363
-ㅤ
3.381 3.381
0,64
Belastingen overig
136
162
26
136
162
26
136
162
26
136
0,7
Algemene en overige uitk. gemeentefonds
1.912
43.245 41.333
2.690
44.357 41.667
1.911
0,8
Overige baten en lasten
25
-ㅤ
-25
-775
-ㅤ
775
-1.575
-ㅤ
0,9
Vennootschapsbelasting (VpB)
-ㅤ
-ㅤ
-ㅤ
-ㅤ
-ㅤ
-ㅤ
-ㅤ
-ㅤ
1,1
Crisisbeheersing en brandweer
1.669
-ㅤ -1.669
1.456
-ㅤ -1.456
1,2
Openbare orde en veiligheid
1.263
-ㅤ -1.263
1.263
2,1
Verkeer en vervoer
3.742
199 -3.543
3.773
2,3
Recreatieve havens
327
564
237
334
564
230
333
564
231
332
564
232
2,4
Economische havens en waterwegen
575
419
-156
660
419
-241
657
419
-238
646
419
-227
2,5
Openbaar vervoer
43
-ㅤ
-43
58
-ㅤ
-58
111
-ㅤ
-111
110
-ㅤ
-110
3,2
Fysieke bedrijfsinfrastructuur
18.785
18.785
-ㅤ
8.530
8.530
-ㅤ
7.980
7.980
-ㅤ
8.748
8.748
-ㅤ
3,3
Bedrijvenloket en bedrijfsregelingen
178
276
98
175
276
101
174
276
102
174
276
102
3,4
Economische promotie
3.289
501 -2.788
1.639
501 -1.138
1.105
501
-604
1.105
501
-604
4,2
Onderwijshuisvesting
2.357
7 -2.350
3.124
7 -3.117
3.488
7 -3.481
3.438
7 -3.431
4,3
Onderwijsbeleid en leerlingzaken
2.917
1.408 -1.509
2.917
1.408 -1.509
2.917
1.408 -1.509
2.917
1.408 -1.509
5,1
Sportbeleid en activering
532
5,2
Sportaccommodaties
2.760
5,3
Cultuurpresent,productie,-participatie
123
5,4
Musea
312
414
1.079 -1.681
3.225
-ㅤ
-123
123
58
-254
260
1.503
Saldo Lasten Baten Saldo
Bestuur
-128
18 -1.485
Baten
0,1
404
1.503
Baten
18 -1.485
44.686 42.775
1.503
18 -1.485
162
26
3.135 46.379 43.244
1.575 -1.575
-ㅤ 1.575
-ㅤ
-ㅤ
1.454
-ㅤ -1.454
1.451
-ㅤ -1.451
-ㅤ -1.263
1.263
-ㅤ -1.263
1.263
-ㅤ -1.263
135 -3.638
11.742
4.824 -6.918
3.935
135 -3.800
116
-298
411
1.402 -1.823
3.698
-ㅤ
-123
123
58
-202
260
111
-ㅤ
106
-ㅤ
-300
408
-302
1.402 -2.296
3.661
-ㅤ
-123
123
-ㅤ
-123
158
-102
259
158
-101
1.402 -2.259
79
5,5
Cultureel erfgoed
110
31
-79
110
31
-79
110
31
-79
110
31
-79
5,6
Media
817
114
-703
716
114
-602
714
114
-600
684
114
-570
5,7
Openbaar groen en (openlucht) recreatie
2.172
75 -2.097
2.149
72 -2.077
2.160
72 -2.088
2.158
72 -2.086
6,1
Samenkracht en burgerparticipatie
4.245
289 -3.956
4.046
289 -3.757
4.047
289 -3.758
4.046
289 -3.757
6,2 6,21
6,22
6,23
Toegang en eerstelijnsvoorzieningen Toegang en eerstelijnsvoorzieningen WMO Toegang en eerstelijnsvoorzieningen Jeug Toegang en eerstelijnsvoorzieningen Inte
-ㅤ
-ㅤ
-ㅤ
-ㅤ
-ㅤ
-ㅤ
-ㅤ
-ㅤ
-ㅤ
-ㅤ
-ㅤ
-ㅤ
386
71
-315
386
71
-315
386
71
-315
386
71
-315
85
-ㅤ
-85
85
-ㅤ
-85
85
-ㅤ
-85
85
-ㅤ
-85
228
-ㅤ
-228
228
-ㅤ
-228
228
-ㅤ
-228
228
-ㅤ
-228
3.097
-973
4.147
3.174
-973
4.257
3.284
-973
4.348
3.375
-973
69 -2.651
2.598
69 -2.529
2.467
69 -2.398
2.323
6,3
Inkomensregelingen
4.070
6,4
WSW en beschut werk
2.720
6,60
Hulpmiddelen en diensten (WMO)
606
2
-604
606
2
-604
606
2
-604
606
2
-604
6,711
Huishoudelijke hulp (Wmo)
800
-ㅤ
-800
800
-ㅤ
-800
800
-ㅤ
-800
800
-ㅤ
-800
6,712 Begeleiding (WMO)
693
-ㅤ
-693
693
-ㅤ
-693
693
-ㅤ
-693
693
-ㅤ
-693
6,713 Dagbesteding (WMO)
484
-ㅤ
-484
484
-ㅤ
-484
484
-ㅤ
-484
484
-ㅤ
-484
Overige 6,714 maatwerkarrangementen (WMO)
47
-ㅤ
-47
47
-ㅤ
-47
47
-ㅤ
-47
72
-ㅤ
-72
6,751
Jeugdhulp ambulant lokaal
2.325
175 -2.150
2.325
175 -2.150
2.325
175 -2.150
2.325
6,752
Jeugdhulp ambulant regionaal
78
-ㅤ
-78
78
-ㅤ
-78
78
-ㅤ
-78
78
-ㅤ
-78
6,753
Jeugdhulp ambulant landelijk
45
-ㅤ
-45
45
-ㅤ
-45
45
-ㅤ
-45
45
-ㅤ
-45
6,761
Jeugdhulp met verblijf lokaal
104
-ㅤ
-104
104
-ㅤ
-104
104
-ㅤ
-104
104
-ㅤ
-104
6,762
Jeugdhulp met verblijf regionaal
511
-ㅤ
-511
511
-ㅤ
-511
511
-ㅤ
-511
511
-ㅤ
-511
6,791 PGB WMO
153
67
-86
153
227
74
153
227
74
153
227
74
6,792 PGB Jeugd
102
-ㅤ
-102
102
-ㅤ
-102
102
-ㅤ
-102
102
-ㅤ
-102
Beschermd wonen (WMO)
49
100
51
49
-ㅤ
-49
49
-ㅤ
-49
49
-ㅤ
-49
6,821 Jeugdbescherming
230
-ㅤ
-230
230
-ㅤ
-230
230
-ㅤ
-230
230
-ㅤ
-230
6,822 Jeugdreclassering
79
-ㅤ
-79
79
-ㅤ
-79
79
-ㅤ
-79
79
-ㅤ
-79
-ㅤ -1.323
1.323
-ㅤ -1.323
1.323
-ㅤ -1.323
1.323
-903
903
-903
903
-903
903
15 -2.283
2.117
15 -2.102
2.139
15 -2.124
2.148
6,811
69 -2.254
175 -2.150
6,91
Coördinatie en beleid WMO
1.323
6,92
Coördinatie en beleid Jeugd
903
7,1
Volksgezondheid
2.298
7,2
Riolering
2.167
2.737
570
2.161
2.737
576
2.156
2.737
581
2.150
2.737
587
7,3
Afval
2.538
3.053
515
2.441
3.092
651
2.441
3.171
730
2.441
3.171
730
7,4
Milieubeheer
1.665
326 -1.339
1.660
326 -1.334
1.677
326 -1.351
1.695
-ㅤ
-ㅤ
-ㅤ
-ㅤ -1.323 -ㅤ
-903
15 -2.133
326 -1.369
80
7,5
Begraafplaatsen en crematoria
537
452
-85
543
452
-91
541
452
-89
540
452
-88
8,1
Ruimte en leefomgeving
884
1
-883
884
1
-883
884
1
-883
684
1
-683
8,2
Grondexpl. (nietbedrijventerreinen)
29.748
28.819
-929
23.304
22.444
-860
19.243
18.816
-427 12.309 11.904
-405
8,3
Wonen en bouwen
1.827
871
-956
1.814
871
-943
2.009
Totaal
118.842 118.863
21 102.067 102.069
871 -1.138
2 105.401 105.736
2.004
871 -1.133
335 93.114 93.551
438
81
Reserves en voorzieningen Reserves Algemene reserve (Bedragen x € 1.000)
2025 Saldo
2026 Bij
Af
2027 Saldo
31-dec
Bij
Af
2028 Saldo
31-dec
Bij
Af
2029 Saldo
31-dec
Bij
Af
Saldo
31-dec
31-dec
Algemene reserve
16.762