CConstaterende datUrk
Koppel je AI →
Document · PDF

Begroting 2025 -2028

Commissie Wonen, Werken en Veiligheid 16 oktober 2024, gemeente UrkBij agendapunt: Programmabegroting 2025-202830.585 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

We ontwikkelen constant het beleid ten aanzien van sociale media en kijken welke kansen dit biedt voor onze gemeente om de communicatie met inwoners en bedrijven verder te bevorderen. Ook monitoren we steeds het imago van Urk. Hierin speelt citymarketing en branding een belangrijke rol. Het sterke verhaal van Urk is volop in ontwikkeling, waarbij veel aandacht is voor de geschiedenis en de economische en culturele eigenheid van Urk. Omdat een visuele en herkenbare uitstraling van gemeente Urk hieraan meewerkt is er een nieuw logo en nieuwe huisstijl ontwikkeld. De mogelijkheden van het vorige logo voldeden niet aan de eisen van deze tijd door vorm en kleurgebruik. Mede door de groei van Urk als gemeente op alle fronten (ruimtelijk, economisch en sociaal) is een eigentijdse en herkenbare stijl ontwikkeld die multifunctioneel is voor de vele terreinen van onze gemeente. In het logo en kleurgebruik van de huisstijl komen geschiedenis (wapen), cultuur (kleurgebruik) en toekomst (huisstijl en vormgebruik) samen. Met deze uitstraling kunnen we als gemeente Urk de groei en vooruitgang van Urk tegemoet zien. Juridische zaken Inmiddels zijn de Wet open overheid (Woo) en de Wet hergebruik overheidsinformatie (Who) van kracht. De Woo is de vervanger van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob). De Woo beoogt een meer transparante en actief openbaar makende overheid.

Daarom kent deze wet de verplichting om uit eigen beweging bepaalde categorieën informatie openbaar te maken. Ook schrijft de wet maatregelen voor om digitale documenten duurzaam toegankelijk te maken. De Who verplicht gemeenten om op verzoek overheidsinformatie als open data beschikbaar te stellen voor hergebruik. Dat hergebruik kan zowel maatschappelijke als commerciële doelstellingen hebben. Binnen onze organisatie wordt ook in 2025 gewerkt aan de implementatie van de nieuwe wetgeving. Daarnaast wordt verder gewerkt aan de steeds voortschrijdende wettelijke verplichtingen op het gebied van privacy. Rechtmatigheidsverantwoording Het verslagjaar 2023 was het eerste jaar dat het College van B&W een rechtmatigheidsverantwoording heeft opgenomen in de jaarrekening. Hiermee legt B&W verantwoording af over de naleving van de regels, die relevant zijn voor het financiële reilen en zeilen van de gemeente. Over de naleving van de voorwaarden voor subsidies en Europese bestedingen bijvoorbeeld, maar ook over misbruik en oneigenlijk gebruik en lasten, waarvoor geen voorafgaande dekking opgenomen was in de begroting.

52

De verantwoordelijkheid van het college van B&W voor de rechtmatigheid wordt hiermee benadrukt doordat het college een verantwoording over rechtmatigheid af moet gaan geven in plaats van de accountant. Het college van B&W geeft in de paragraaf bedrijfsvoering een toelichting op alle afwijkingen die in de rechtmatigheidsverantwoording zijn opgenomen voor zover deze de rapportagegrens overschrijden en welke maatregelen worden genomen om deze afwijkingen in de toekomst te voorkomen.

Overzicht salarissen, toeslagen en vergoedingen Overzicht salarissen, toelagen en vergoedingen

rekening 2023

begroting 2024

begroting 2025

Ambtelijke organisatie

14.021.077

16.464.366

19.710.307

College van B & W

615.154

684.524

653.344

Gemeenteraad

398.568

318.288

347.640

Griffie

95.468

157.286

229.019

-

12.000

12.000

15.130.267

17.636.464

20.952.310

Rekenkamer

Totaal

53

Verbonden partijen Inleiding De paragraaf verbonden partijen geeft inzicht in de relaties van de gemeente Urk in de samenwerkingsverbanden c.q. rechtspersonen waarin bestuurlijke invloed wordt uitgeoefend en financiële belangen zijn gemoeid. Onder bestuurlijk belang wordt verstaan dat de gemeente zeggenschap heeft bijvoorbeeld doordat een wethouder, raadslid of ambtenaar zitting heeft in het bestuur of namens de gemeente stemrecht heeft. Het financiële belang is het bedrag dat ter beschikking is gesteld en dat niet verhaalbaar is of waarvoor aansprakelijkheid bestaat, indien de verbonden partij failliet gaat of haar verplichtingen niet nakomt. Een verbonden partij kan een deelneming zijn in de zin van artikel 2:379 BW, dat wil zeggen een participatie in een kapitaalvennootschap, maar het kan ook een deelneming in een vereniging, stichting, gemeenschappelijke regeling of andere publiek- en privaatrechtelijke rechtsvormen betreffen. De keuze voor een specifieke rechtsvorm is onder andere afhankelijk van het te bereiken doel. Bovenstaande definitie betekent ook dat er relaties met derde partijen kunnen zijn die niet onder de verbonden partijen vallen. Het gaat dan om relaties waarbij alleen sprake is van of een financieel of een bestuurlijk belang. Er zijn ook derde partijen waarin de gemeente uitsluitend en alleen een financieel belang heeft.

Deze relaties behoren niet tot de verbonden partijen. Gezien het belang van de verbonden partijen in de realisatie van de doelstellingen van de gemeente is het noodzakelijk inzicht te geven in deze partijen. In deze paragraaf wordt allereerst enige informatie verstrekt per verbonden partij. Daarnaast is er een overzicht verbonden partijen opgenomen waarin onder meer de financiële belangen en risico´s worden weergegeven.

Informatie over verbonden partijen NV Rova Holding ROVA is door een aantal gemeenten opgericht met als doel een optimale invulling van de afvalzorgplicht van de bij haar aangesloten gemeenten. Op dit moment is ROVA eigendom van 23 gemeenten. In het kader van deze zorgplicht verzorgt ROVA het logistieke afvalinzamelingsproces. Statutair is bepaald dat aandelen uitsluitend in handen kunnen zijn van overheden met een zorgtaak op het gebied van huishoudelijk afval. De gemeente Urk is per 1 januari 2001 tot de ROVA toegetreden en heeft haar zorgtaken op het gebied van de afvalverwijdering aan de ROVA overgedragen. NV Huisvuilcentrale Noord-Holland HVC is een afvalnutsbedrijf dat eigendom is van 52 gemeenten en acht waterschappen, vooral in Noord-Holland, Zuid-Holland en Flevoland. Sinds de oprichting in de jaren negentig streeft HVC ernaar te groeien van afvalverbrander naar regisseur van de afvalketen in haar verzorgingsgebied. Het bedrijf tekent voor inzameling van afval, logistiek, recycling en compostering, verbranding en de levering van energie en warmte. De gemeente Urk is in 1996 tot de HVC toegetreden. NV Vitens Vitens is het grootste drinkwaterbedrijf van Nederland en levert drinkwater aan 31% van de Nederlandse huishoudens in de provincies Flevoland, Friesland, Gelderland, Utrecht, Overijssel en een aantal gemeenten in Drenthe en Noord-Holland. Vitens is een publiek 54

bedrijf. De aandelen van de NV zijn (in)direct in handen van provinciale en gemeentelijke overheden. NV Wadinko Wadinko is een participatiemaatschappij met de doelstelling het stimuleren van gezonde bedrijvigheid en daarmee de werkgelegenheid in het werkgebied van haar aandeelhouders. De aandelen van de onderneming zijn in handen van de provincie Overijssel en 24 gemeenten. NV Bank Nederlandse Gemeenten De Bank Nederlandse Gemeenten (BNG), opgericht in 1914 en gevestigd in Den Haag, is de bank van en voor overheden en instellingen voor het maatschappelijk belang. Met gespecialiseerde dienstverlening draagt de BNG bij aan zo laag mogelijke kosten van maatschappelijke voorzieningen voor de burger. Klanten van de BNG zijn overheden en instellingen op het gebied van volkshuisvesting, gezondheidszorg, onderwijs en nut. De BNG biedt financiële diensten op maat, zoals kredietverlening, betalingsverkeer, advisering en elektronisch bankieren. Technofonds Flevoland BV In 2009 is de gemeente Urk als aandeelhouder toegetreden tot Technofonds Flevoland BV. Naast de gemeente Urk (1%) zijn de gemeenten Almere (20%), Lelystad (10%), Dronten (3%) en Noordoostpolder (4%) aandeelhouder. In totaal nemen de Flevolandse gemeenten voor 38% deel in de vennootschap.

De overige 62% van de aandelen zijn in handen van Ontwikkelingsmaatschappij Flevoland BV, waarvan provincie Flevoland 100 % aandeelhouder van is. Technofonds Flevoland BV heeft als doelstelling het verstrekken van risicodragend kapitaal in de vorm van leningen en aandelenkapitaal aan startende en doorstartende technologische gerichte ondernemingen binnen Flevoland, die vanwege hun status moeilijkheden ondervinden bij het realiseren van de financiering van hun initiatief. Port of Urk BV De Port of Urk BV is per 20 april 2017 opgericht. De BV richt zich op het beheren, ontwikkelen en exploiteren van een deel van de buitendijkse haven met bijbehorend terrein. Port of Urk BV neemt voor 1/9 deel in de Maritieme Servicehaven Noordelijk Flevoland B.V. (MSNF B.V). MSNF BV zal in de toekomst de zorg dragen voor het beheer, onderhoud, herstel dan wel vernieuwing voor het in stand houden van de maritieme servicehaven. Hiertoe zijn tevens de benodigde toekomstige vervangingsinvesteringen gerekend, namelijk van de golfbreker, buitendijkse ontsluitingsweg, uitgeefbaar terrein, bootliftsteigers, de vaargeul en de havenkom. GR Veiligheidsregio Flevoland De Veiligheidsregio Flevoland is een samenwerkingsverband van alle gemeenten in Flevoland, Politie Flevoland, Brandweer Flevoland en de GHOR Flevoland (GGD).

De veiligheidsregio heeft tot doel de veiligheid van haar inwoners tijdens rampen en crisissen te vergroten. Door eenduidige bestuurlijke aansturing en door adequate planning wordt de samenwerking tussen brandweer, gemeenten, Geneeskundige Hulpverlening bij Ongevallen en Rampen (GHOR) en politie zowel tijdens de voorbereiding als bij de uitvoering verbeterd. De veiligheidsregio is namens de deelnemende gemeenten verantwoordelijk voor de taken op gebied van: • Brandweerzorg; • Geneeskundige hulpverlening bij ongevallen; • Ongevallen en rampen; • Rampenbestrijding en crisisbeheersing; • Beheer van de gemeenschappelijke meldkamer.

55

GR Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst Flevoland De Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst Flevoland is een samenwerkingsverband van alle gemeenten in Flevoland, Regionale Ambulance Voorziening (RAV) en de GHOR Flevoland (GGD). De gezondheidsdienst heeft tot doel het bewerkstelligen van een doelmatig en effectief georganiseerde en gecoördineerde uitvoering van de zorg voor openbare gezondheidszorg. GR IJsselmeergroep Het werkvoorzieningsschap draagt zorg voor aangepaste werkgelegenheid voor personen met medische- of sociale beperkingen. De GR heeft een werkmaatschappij waar de feitelijke uitvoering van de WSW (Wet Sociale Werkvoorziening) is ondergebracht: Concern voor Werk NV. In 2008 is op landelijk niveau besloten tot een modernisering van de WSW. Als gevolg daarvan is de gemeente ingaande 2009 volledig financieel verantwoordelijk voor de WSW. GR Regionaal Historisch Centrum Het Flevolands Archief Het Flevolands Archief beheert de overgebrachte archieven van de gemeenten Dronten, Lelystad, Urk en Zeewolde, het waterschap Zuiderzeeland en de provincie Flevoland. GR Omgevingsdienst Flevoland, Gooi en Vechtstreek (OFGV) De Omgevingsdienst Flevoland & Gooi en Vechtstreek is per 1 mei 2012 opgericht en op 1 januari 2013 operationeel.

Deelnemers van de GR zijn de provincies Flevoland en NoordHolland en de gemeenten Almere, Zeewolde, Dronten, Lelystad, Noordoostpolder, Urk, Blaricum, Bussum, Hilversum, Huizen, Laren, Muiden, Naarden en Wijdemeren. De GR richt zich op de uitvoering van de vergunningverlening, toezicht en handhavingstaken in het omgevingsrecht en geeft daar advies over. Hierdoor wordt het mogelijk de taken op het beleidsterrein milieu efficiënter en effectiever uit te voeren. Door het samenbrengen van kennis, kwaliteit en capaciteit van de deelnemende gemeenten en de provincies, ontstaat een robuuste en toekomst vaste organisatie. Het onderbrengen van taken in een Omgevingsdienst leidt tot kostenreductie en continuïteit voor alle aangesloten partijen. Met ingang van 2018 wordt gewerkt aan de hand van een productcatalogus. Jaarlijks geeft elke deelnemende gemeente een inschatting van de aantallen uren, van de in de productcatalogus genoemde dienst, die zij zal afnemen. De som van het aantal uren vermenigvuldigd met het vastgestelde uurtarief vormt de basis voor het door de gemeente te betalen jaarbedrag. Centrumregeling Sociaal Domein Flevoland De zes gemeenten in de provincie Flevoland werken sinds 2011 samen aan de transities en transformatie in het sociaal domein.

Bij aanvang van de decentralisaties is er gekozen om de samenwerking te formaliseren in de vorm van de Centrumregeling ‘Sociaal Domein Flevoland’. De centrumregeling geeft vorm aan de samenwerking rondom jeugd en Wmo in Flevoland en streeft daarbij naar kwaliteit, borging van continuïteit, solidariteit en verhoging van de efficiency. De gemeente Almere is aangewezen als centrumgemeente, waarbinnen de taken zijn ondergebracht in de Aankoopcentrale Regio Flevoland. De aankoopcentrale richt zich op de inkoop en subsidiëring van specialistische jeugdhulp. Daarbij is het doel dat de inkoop en sturing op de uitvoering van zodanige kwaliteit is dat inkoopvoordelen en beleidsdoelen gehaald worden, efficiencywinst wordt gerealiseerd en de administratieve lastendruk van aanbieders wordt beperkt. Stichting FlevoMeer Bibliotheek De stichting heeft als doelstelling het bieden van een voorziening waar boeken en andere informatiedragers kunnen worden geleend voor ontwikkeling of ontspanning. Speerpunten

56

zijn verbetering van de digitale infrastructuur en kenniscentrumprojecten en professionalisering van basisbibliotheken.

Overzicht van de verbonden partijen Het onderstaand overzicht geeft inzicht in de financiële gegevens en de eventuele risico´s van de verbonden partijen. Er is in het overzicht uitgegaan van de werkelijke cijfers over 2020-2023 die bij het samenstellen van deze verantwoording beschikbaar zijn. Verbonden partij

ROVA Holding

Huisvuilcentrale Noord Holland

Vitens

Wadinko

Rechtsvorm

NV

NV

NV

NV

Belang

6,571% (B) 1,370% (totaal)

0,687% (A) 0,571% (totaal)

0,281%

1,47%

Soort belang

Gewone aandelen (B)

Gewone aandelen (A)

Gewone aandelen

Gewone aandelen

Resultaat 2020 e.v.

2020: € 5,1 mln.

2020: € 15,2 mln.

2020: € 23,9 mln.

2020: € -3 mln.

2021: € 5,1 mln.

2021: € 26,4 mln.

2021: € 19,4 mln.

2021: € 8,6 mln.

2022: € 4,3 mln.

2022: € 29,1 mln.

2022: € 8,2 mln.

2022: € 12,9 mln.

2023: € 5,4 mln.

2023: € 25,0 mln.

2023: € 27,2 mln.

2023: € 1,8 mln.

2020: € 38,9 mln.

2020: € 142 mln.

2020: € 557 mln.

2020: € 65 mln.

2021: € 36,5 mln.

2021: € 169 mln.

2021: € 600 mln.

2021: € 74 mln.

2022: € 37,6 mln.

2022: € 196 mln.

2022: € 650 mln.

2022: € 83 mln.

2023: € 39,5 mln.

2023: € 231 mln.

2023: € 678 mln.

2023: € 83 mln.

2020: € 53,3 mln.

2020: € 850 mln.

2020: € 1.340 mln.

2020: € 6 mln.

2021: € 58,8 mln.

2021: € 845 mln.

2021: € 1.388 mln.

2021: € 6,9 mln.

2022: € 63,4 mln.

2022: € 868 mln.

2022: € 1.447 mln.

2022: € 8,5 mln.

2023: € 60,0 mln.

2023: € 918 mln.

2023: € 1.558 mln.

2023: € 8,7 mln.

2020: € 62.617

2020: € 49.598

2020: € nihil

2020: € nihil

2021: € 61.147

2021: € 45.747

2021: € nihil

2021: € nihil

2022: € 43.998

2022: € 40.488

2022: € nihil

2022: € 37.659

2023: € 86.055

2022: € 38.310

2023: € nihil

2023: € 21.976

Eigen Vermogen eind 2020 e.v.

Vreemd Vermogen eind 2020 e.v.

Dividend

Verplichte afdekking van het tekort

Nee, de aandeelhouder van een NV is niet aansprakelijk voor de schulden van de NV.

Nee, de Ja, de aandeelhouders Nee, de aandeelhouder van van de NV zijn aandeelhouder van een NV is niet gezamenlijk een NV is niet aansprakelijk voor aansprakelijk voor de aansprakelijk voor de de schulden van de ontstane tekorten. schulden van de NV. NV.

57

Aandelenkapitaal van € 1.044; 23 aandelen A á Aandelenkapitaal Verstrekte Aandelenkapitaal van € Aandelenkapitaal van € 45,45. van € 162.150; garanties en 18.152 Gebaseerd op 160 € 9.652; 3.861 Garantiestelling van € 16.215 aandelen à € geldleningen en aandelen B á € 113,45. aandelen à € 2,50. 38.810 (2023) € 41.645 10. aandelenkapitaal (2022).

Risico´s afgedekt door andere partners

De garantiestelling jegens financiers is op Geen, met Geen, met Geen, met uitzondering grond van de uitzondering van het uitzondering van het van het door partijen ballotageovereenkomst door partijen door partijen verstrekte hoofdelijk, met verstrekte verstrekte aandelenkapitaal. onderlinge verrekening aandelenkapitaal. aandelenkapitaal. op basis van het aantal aandelen.

Het saldo In de begroting 2025 In de begroting 2025 In de begroting 2025 garantiestellingsprovisie wordt geen rekening wordt rekening Overige risico's bij wordt rekening gehouden 2023 bedraagt € gehouden met een gehouden met een faillissement met een winstuitkering. 38.810. winstuitkering. winstuitkering.

Monitoring van risico´s

Beoordeling van de begroting en de jaarrekening. Beoordeling van het nakomen van de prestaties.

Beoordeling van de begroting en de jaarrekening.

Verbonden partij

Bank Nederlandse Gemeenten

Technofonds Flevoland

Veiligheidsregio Flevoland

Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst Flevoland

Rechtsvorm

NV

BV

GR

GR

Belang

0,00%

1,01%

n.v.t.

n.v.t.

Soort belang

Gewone aandelen

Gewone aandelen

n.v.t.

n.v.t.

Resultaat 2020 e.v.

2020: € 221 mln.

2020: € -731k

2020: € 1.579 mln.

2020: € 360k

2021: € 236 mln.

2021: € -3,8 mln.

2021: € 1.789 mln.

2021: € 797k

2022: € 300 mln.

2022: € -370k

2022: € 164k

2022: € -211k

2023: € 254 mln.

2022: € -1,1 mln.

2023: € -1,56 mln.

2023: € 310k

2020: € 4,4 mld.

2020: € 4,4 mln.

2020: € 10,8 mln.

2020: € 7,3 mln.

2021: € 4,329 mld.

2021: € 8,2 mln.

2021: € 12,3 mln.

2021: € 6,5 mln.

2022: € 4,306 mld.

2022: € 7,9 mln.

2022: € 9,8 mln.

2022: € 6,7 mln.

2023: € 4,700 mld.

2023: € 6,7 mln.

2023: € 8,8 mln.

2023: € 7 mln.

2020: € 156 mld.

2020: € 26k

2020: € 7,0 mln.

2020: € 11 mln.

2021: € 144 mld.

2021: € 16k

2021: € 6,7 mln.

2021: € 6,2 mln.

2022: € 107 mld.

2022: € 16k

2022: € 11,1 mln.

2022: € 9,1 mln.

Eigen Vermogen eind 2020 e.v.

Vreemd Vermogen eind 2020 e.v.

Beoordeling van de Beoordeling van de begroting en de begroting en de jaarrekening. jaarrekening.

58

Dividend

2023: € 111 mld.

2023: € 11k

2023: € 12,6 mln.

2023: € 8,4 mln.

2020: € 6.988

2020: € n.v.t.

2020: € n.v.t.

2020: € n.v.t.

2021: € 8.803

2021: € n.v.t.

2021: € n.v.t.

2021: € n.v.t.

2022: € 9.653

2022: € n.v.t.

2022: € n.v.t.

2022: € n.v.t.

2023: € 7.089

2023: € n.v.t.

2023: € n.v.t.

2023: € n.v.t.

Nee, de Ja, de deelnemers in Ja, de deelnemers in aandeelhouder van een GR zijn een GR zijn een BV is niet gezamenlijk gezamenlijk aansprakelijk voor aansprakelijk voor aansprakelijk voor de de schulden van de de ontstane tekorten. ontstane tekorten. BV.

Verplichte afdekking van het tekort

Nee, de aandeelhouder van een NV is niet aansprakelijk voor de schulden van de NV.

Verstrekte garanties en geldleningen en aandelenkapitaal

Bekostiging via Bekostiging via jaarlijkse bijdrage; € jaarlijkse bijdrage; € Aandelenkapitaal van € Aandelenkapitaal 849.799 (2020) € 409.724 (2020) € 9.652; 3.861 aandelen á € van € 100.285; 221 917.584 (2021) € 466.180 (2021) € 2,50. aandelen á € 453,78. 967.052 (2022) € 486.892 (2022) € 1.013.583 (2023) € 524.000 (2023) € 1.145.160 (2024). 532,000 (2024).

Geen, met Risico´s afgedekt Geen, met uitzondering van uitzondering van het Andere gemeenten het door partijen verstrekte door partijen nemen naar door andere aandelenkapitaal. verstrekte evenredigheid deel. partners aandelenkapitaal.

Overige risico's bij faillissement

Monitoring van risico´s

Andere gemeenten nemen naar evenredigheid deel.

In de begroting 2025 In de begroting 2025 wordt wordt geen rekening Gemeenten moeten Gemeenten moeten rekening gehouden met gehouden met een het tekort aanvullen. het tekort aanvullen. een winstuitkering. winstuitkering.

n.v.t.

Werkvoorzieningschap Verbonden partij IJsselmeergroep Concern voor Werk

Beoordeling van de Beoordeling van de begroting en de begroting en de jaarrekening. jaarrekening.

Port of Urk

Beoordeling van de begroting en de jaarrekening.

Omgevingsdienst Flevolands Archief Flevoland & Gooi- en Vechtstreek (OFGV)

Rechtsvorm

GR

BV

GR

GR

Belang

14,13%

100%

n.v.t.

2,17%

Soort belang

Participaties

Gewone aandelen

n.v.t.

n.v.t.

Resultaat 2020 e.v.

2020: € 12k

2020: € -10k

2020: € -11k

2020: € 555k

2021: € -52k

2021: € --25k

2021: € 160k

2021: € 570k

2022: € -61k

2022: € -11k

2022: € 133k

2022: € 924k

2023: € 71k

2023: € -11k

2023: € 133k

2023: € 1.17 mln.

2020: € 3,4 mln.

2020: € 7k

2020: € 800k

2020: € 1,3 mln.

2021: € 2,7 mln.

2021: € -18k

2021: € 723k

2021: € 1,6 mln.

2022: € 2,6 mln.

2022: € -29k

2022: € 696k

2022: € 2,5 mln.

Eigen Vermogen eind 2020 e.v.

59

Vreemd Vermogen eind 2020 e.v.

Dividend

2023: € 2,7 mln.

2023: € -40k

2023: € 384k

2023: € 3,2 mln.

2020: € 1,7 mln.

2020: € 4k

2020: € 129k

2020: € 5,1 mln.

2021: € 3,7 mln.

2021: € 19k

2021: € 108k

2021: € 4,3 mln.

2022: € 5,6 mln.

2022: € 31k

2022: € 273k

2022: € 5,6 mln.

2023: € 4,6 mln.

2023: € 77k

2023: € 120k

2023: € 4,6 mln.

2020: € n.v.t.

2020: € n.v.t.

2020: € n.v.t.

2020: € n.v.t.

2021: € n.v.t.

2021: € n.v.t.

2021: € n.v.t.

2021: € n.v.t.

2022: € n.v.t

2022: € n.v.t.

2022: € n.v.t.

2022: € n.v.t.

2023: € n.v.t

2023: € n.v.t.

2023: € n.v.t.

2023: € n.v.t.

Verplichte afdekking van het tekort

Ja, de deelnemers in een GR zijn gezamenlijk aansprakelijk voor de ontstane tekorten.

Nee, de Ja, de deelnemers in Ja, de deelnemers in aandeelhouder van een GR zijn een GR zijn een BV is niet gezamenlijk gezamenlijk aansprakelijk voor aansprakelijk voor aansprakelijk voor de de schulden van de de ontstane tekorten. ontstane tekorten. BV.

Verstrekte garanties en geldleningen en aandelenkapitaal

Garantiestelling van € 693.900 voor nieuwbouw kwekerij. Bekostiging via jaarlijkse bijdrage. € 1.620.728 (2020) € 1.657.766 (2021) € 1.646.719 (2022) € 1,764.135 (2023) € 1.890.742 (2024).

Aandelenkapitaal van € 100.000; 100.000 aandelen á €1.

Risico´s afgedekt door andere partners

Geen, met uitzondering van het Andere gemeenten Andere gemeenten nemen door partijen nemen naar naar evenredigheid deel. verstrekte evenredigheid deel. aandelenkapitaal.

Overige risico's bij faillissement

Gemeenten moeten het tekort aanvullen.

Monitoring van risico´s

Beoordeling van de begroting en de jaarrekening.

Verbonden partij

Centrumregeling Sociaal Domein Flevoland

Stichting FlevoMeer Bibliotheek

Rechtsvorm

Centrumregeling

Stichting

Belang

n.v.t.

n.v.t.

Soort belang

n.v.t.

n.v.t.

Resultaat 2020 e.v.

2020: € n.v.t.

2020: € 202k

2021: € n.v.t.

2021: € -81k

Bekostiging via Bekostiging via jaarlijkse bijdrage; € jaarlijkse bijdrage; € 45.156 (2020) € 269.315 (2020) € 46.466 (2021) € 353.657 (2021) € 47.750 (2022) € 362.535 (2022) € 49,790 (2023) € 379.916 (2023) € 49,790 (2024). 380,809 (2024).

Andere gemeenten nemen naar evenredigheid deel.

In de begroting 2025 wordt geen rekening Gemeenten moeten Gemeenten moeten gehouden met een het tekort aanvullen. het tekort aanvullen. winstuitkering. Beoordeling van de Beoordeling van de begroting en de begroting en de jaarrekening. jaarrekening.

Beoordeling van de begroting en de jaarrekening.

60

Eigen Vermogen eind 2020 e.v.

Vreemd Vermogen eind 2020 e.v.

Dividend

2022: € n.v.t.

2022: € 16k

2023: € n.v.t.

2023: € -99k

2020: € n.v.t.

2020: € 1,77 mln.

2021: € n.v.t.

2021: € 1,65 mln.

2022: € n.v.t.

2022: € 1,78 mln.

2023: € n.v.t.

2023: € 1,95 mln.

2020: € n.v.t.

2020: € 2,79 mln.

2021: € n.v.t.

2021: € 2,64 mln.

2022: € n.v.t.

2022: € 2,58 mln.

2023: € n.v.t.

2023: € 2,15 mln.

2020: € n.v.t.

2020: € n.v.t.

2021: € n.v.t.

2021: € n.v.t.

2022: € n.v.t.

2022: € n.v.t.

2023: € n.v.t.

2023: € n.v.t.

Ja, de deelnemers dragen Verplichte afdekking van het elk de kosten voor de hulp aan de eigen cliënten. tekort

n.v.t.

Bekostiging via Bekostiging via jaarlijkse jaarlijkse bijdrage; € Verstrekte bijdrage € 2.447.000 (2020) 378.014 (2020) € garanties en € 2.255.392 (2021) € 398.652 (2021) € geldleningen en 860.889 (2022) € 559,731 475.689 (2022) € aandelenkapitaal (2023).€ 437.000 (2024). 587,354 (2023). € 582,016 (2024).

Risico´s afgedekt door andere partners

Het totale budget mag niet Andere gemeenten worden overschreden. Er nemen naar zijn afspraken t.a.v. evenredigheid deel. solidariteit.

Overige risico's bij faillissement

Gemeenten moeten het tekort aanvullen.

n.v.t.

Monitoring van risico´s

Beoordeling van de begroting en de jaarrekening.

Beoordeling van de begroting en de jaarrekening.

61

Grondbeleid Inleiding Grondbeleid is doelgericht overheidsoptreden in de grond- en vastgoedmarkt. Het grondbeleid is een hulpmiddel bij het uitvoeren van het omgevingsbeleid van de gemeente om ruimtelijke doelstellingen op het gebied van de volkshuisvesting, economie, natuur en groen, duurzaamheid, infrastructuur en maatschappelijke voorzieningen te realiseren. Daarnaast heeft het grondbeleid een grote financiële impact. Het gaat in het grondbeleid om grote belangen en grote hoeveelheden geld. De resultaten op grondexploitaties en de financiële risico's zijn van groot belang voor de algemene financiële positie van de gemeente. De gemeenteraad heeft een nota grondbeleid. De gemeente Urk kiest voor situationeel grondbeleid met een actieve basis. Door een actieve grondpolitiek kan de gemeente Urk sterke invloed uitvoeren op de betaalbaarheid, beschikbaarheid en kwaliteit van nieuwe woningen op Urk. Een belangrijk doel voor de gemeente in haar grondbeleid is het hebben van maximale sturing en regie op ontwikkelingen die voor de gemeente van belang zijn, zoals het hebben van voldoende woningen en bedrijfsgronden. Een actieve grondpolitiek, zeker voor de uitleggebieden, ligt dan voor de hand. Dat betekent echter niet dat deze keuze in beton is gegoten. Faciliterende grondpolitiek wordt bij voorbaat niet uitgesloten, zeker niet bij “binnenstedelijke” (her)ontwikkelingen.

Het grondbeleid is een belangrijk instrument voor het realiseren van het beleid op het gebied van ruimtelijke ordening en volkshuisvesting, verkeer en vervoer, cultuur, sport en recreatie en economische zaken. Daarnaast heeft het grondbeleid een grote financiële impact. Het gaat in het grondbeleid om grote belangen en om veel geld. De resultaten op grondexploitaties en de financiële risico's zijn van groot belang voor de algemene financiële positie van de gemeente.

Bouwgrond in exploitatie (BIE) Bouwgrond in exploitatie (BIE) heeft in alle gevallen betrekking op grondexploitatie in de uitvoeringsfase. Bij een BIE zijn de gronden in eigendom van de gemeente. Het startpunt van de BIE is het raadsbesluit met de vaststelling van het grondexploitatiecomplex, inclusief grondexploitatiebegroting. Het grondexploitatiecomplex bevat ten minsten de volgende onderdelen: • • • • • • •

een kaart van het grondexploitatiecomplex; een beschrijving van de bouwkavels; de bestemming en toegestane bouwvolumes; de omschrijving van de werken en werkzaamheden voor het bouwrijp maken van de gronden; de omschrijving van de aanleg van nutsvoorzieningen; de omschrijving van het inrichten van de openbare ruimte in het gebied; een grondexploitatiebegroting, waarbij de kosten en opbrengsten gefaseerd zijn in tijd.

De gemeente Urk heeft een zestal bouwgrond in exploitaties. Onderstaand zijn de resultaten en de verwachte looptijd per Bie weergeven.

62

Verwachte Laatst looptijd vastgestelde complex exploitatie

Resultaat zoals werd verwacht in 2023

Resultaat zoals verwacht in 2024

719.000

4.842.000

2014 - 2026

nov-24

-1.522.000

-4.402.000

2022 - 2038

nov-24

3. Staartweg

143.000

-321.000

2020 - 2029

nov-24

4. Zwolse Hoek fase 5

242.000

1.540.000

2007 - 2025

nov-24

5. Port of Urk

-1.812.000

-1.530.000

2019 - 2042

nov-24

6. Westgat

-497.000

-507.000

2019 - 2027

nov-24

-2.727.000

-378.000

Bouwgrond in Exploitatie 1. Oranjewijk (afronding) 2. Zeeheldenwijk

Totaal resultaat

Door de geactualiseerde grondexploitaties per november 2024 moeten voor de complexen Zeeheldenwijk, Port of Urk, Staartweg en Westgat bij de jaarrekening 2024 voorzieningen gevormd worden. Deze voorzieningen worden gevormd ten laste van de reserve Grondzaken. De grondexploitaties Zwolse Hoek en Oranjewijk zijn in een nieuw grondexploitatiemodel berekend. In het vorige model werd de nog te realiseren winst gepresenteerd. In het nieuwe model wordt de totale winst gepresenteerd. Dit verklaart de toename van het geraamde resultaat. Op grond van het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) dienen de actieve grondexploitaties te worden herzien. De herziene grondexploitaties worden gelijktijdig met de begroting 2025 aangeboden aan de gemeenteraad. In deze begroting zijn de cijfers verwerkt van de grondexploitaties 2024. Overzicht ontwikkeling boekwaarden actieve grondexploitaties: Bouwgrond in Exploitatie

Categorie

2023

2024

2025

2026

2027

2028

1. Oranjewijk (afronding)

woningbouw

145.000

579.000

1.013.000

-579.000

0

0

2. Zeeheldenwijk

woningbouw

43.132.000 40.912.000 43.264.000 35.051.000 28.703.787 22.844.000

verliesvoorz. Zeeheldenwijk 3. Staartweg

woningbouw

-1.552.000 -4.402.000 -4.402.000 -4.402.000 -4.402.000 -4.402.000

woningbouw

556.000

Verliesvoorz. Staartweg woningbouw 335.000

573.273

627.026

698.000

850.000

354.000

-321.000

-321.000

-321.000

-321.000

-321.000

-91.000

0

0

0

0

4. Zwolse hoek fase 5

bedrijventerrein

5. Port of Urk

bedrijventerrein 15.187.000 18.098.000 27.621.000 25.969.000 24.656.000 24.656.000

verliesvoorz. Port of Urk bedrijventerrein -1.812.000 -1.530.000 -1.530.000 -1.530.000 -1.530.000 -1.530.000 6. Westgat verliesvoorz. Westgat Totaal

bedrijventerrein

836.000

853.000

893.000

1.038.000

507.000

0

bedrijventerrein

-497.000

-507.000

-507.000

-507.000

-507.000

0

56.330.000 54.164.273 66.658.026 55.417.000 47.956.787 41.601.000

63

Toelichting per exploitatiegebied Ad 1. Oranjewijk afronding Het plan Oranjewijk fase I en Fase II zijn in 2020 afgesloten en samengevoegd in het plan Oranjewijk afronding. De woonrijpmaak werkzaamheden in de Oranjewijk zijn eind 2023 afgerond. In de Oranjewijk zijn nog een tweetal kavels te koop. Deze kavels zijn bestemd voor appartementen. De kavels zijn toegewezen aan een bouwclaimpartner. Deze bouwclaimpartner heeft deze kavels nog niet afgenomen. Deze kavels zullen naar verwachting in 2026 worden verkocht. Nadat deze gronden zijn verkocht kan de grondexploitatie worden afgesloten. Het noordelijk deel van de Oranjewijk is inmiddels overgedragen aan beheer. Ad 2. Zeeheldenwijk De Zeeheldenwijk is het nieuwe uitleggebied van de gemeente Urk waar de komende 15 jaar 1650 woningen worden gebouwd. Dit in combinatie met diverse voorzieningen en een overgangszone waar bedrijven zich kunnen vestigen. In 2024 zijn de meeste bouwkavels in fase één van de Zeeheldenwijk verkocht. De eerste bewoners zijn in 2023 in de Zeeheldenwijk gaan wonen. Het komende jaar zal de eerste fase Zeeheldenwijk volledig worden uitgegeven. Op dit moment wordt de tweede fase uitgewerkt. Dit zodat deze fase aansluitend aan fase 1 kan worden uitgegeven.

De volgende fase van de Zeeheldenwijk betreft de Akkers, vooral grondgebonden woningen en het centrumgebied, een mix-use zone met appartementen, scholen, een sporthal en detailhandelsfuncties. Ad 3. Grex Staartweg Op 16 december 2021 heeft de raad de grondexploitatie voor het plan Staartweg vastgesteld. In augustus 2020 zijn de gronden en opstallen Staartweg 18 aangekocht. De opstallen zijn inmiddels gesloopt. Deze gronden zullen nu worden ontwikkelt voor het plan "de rentemeester". Hiervoor is bij de herzieningen van de grondexploitatie een voorstel gedaan. Ad 4. Zwolse Hoek, fase 5 Op 23 maart 2023 is de biedprocedure "kantoorlocaties Het Spijk" gestart. Deze biedprocedure is inmiddels afgerond. Er zijn twee partijen geselecteerd die een kantoorlocatie mogen ontwikkelen. Één partij heeft inmiddels de gronden afgenomen. De andere partij heeft een koopovereenkomst getekend. Naar alle waarschijnlijkheid worden de gronden in 2025 gepasseerd bij de notaris. Wanneer dat is gebeurd, kan de grondexploitatie worden afgesloten. Ad 5a en 5b. Port of Urk In 2021 is het Bestemmingsplan Port of Urk onherroepelijk geworden. Medio 2022 is de nota gronduitgifte bedrijfslocaties gemeente Urk 2022-2026 vastgesteld door de gemeenteraad. Deze nota is het uitgangspunt voor het opstellen van uitgifteprotocollen, die nodig zijn om de verschillende deelgebieden binnen Port of Urk te kunnen uitgeven.

In 2024 is gestart met de uitgifteprocedure voor de eerste fase van Port of Urk (circa 3,5 ha netto). De definitieve verkoop (passering bij notaris) zal in 2024 plaats vinden. In 2024 is de eerste fase van Port of Urk bouwrijp gemaakt (circa 35 ha.). Deze werkzaamheden worden in 2025 afgerond. Dit zodat de eerste bedrijven in 2025 kunnen starten met het bouwen van hun bedrijfsopstallen. Qua verwerving, realisatie en ook uitgifte lopen we op schema. Momenteel lopen de gesprekken voor de verwerving van de tweede fase Port Of Urk. Naar verwachting wordt deze fase 2027/2028 bouwrijp gemaakt.

64

Ad 6a. en 6b. Grex Westgat Eind 2020 is de eerste fase van de revitalisering van het Westgat afgerond. In 2022 heeft de gemeente Urk een subsidie ontvangen. De openbare ruimte is opgeknapt en er is ruimte vrijgekomen voor nieuwe bedrijvigheid. Een bestemmingsplanprocedure voor de (her)invulling van de braakliggende grond is inmiddels opgestart. Naar verwachting kunnen de eerste kavels in 2027 worden verkocht. Totaaloverzicht te verwachte verkopen bouwgrond in 2022 t/m 2025 per complex: Aantallen m2 per complex

Voorraad Prognose Prognose Prognose Prognose Prognose Voorraad per eind verkocht verkocht verkocht verkocht verkocht per eind 2023 2024 2025 2026 2027 2028 2028

Oranjewijk (afronding)

6.000

Zeeheldenwijk (woningen en overig)

342.000

Zeeheldenwijk (bedrijven)

49.000

Staartweg

4.000

Zwolse Hoek fase 5

3.000

Port of Urk

600.000

Westgat

3.000

Totaal

1.007.000

6.000 40.000

40.000

40.000

20.000

20.000

0 40.000

40.000

142.000 9.000 4.000

1.500

1.500

0

60.000 41.500

121.500

50.000 116.000

30.000

30.000

430.000

3.000

0

0

73.000

70.000

585.000

Grondprijzen De gemeente Urk kiest er voor om bij de vaststelling van de grondwaarde uit te gaan van de marktwaarde van de grond. Op Urk worden de minimale uitgifteprijzen voor bouwgrond door de gemeenteraad vastgesteld. Aanpassing van de grondprijs ten gevolge van prijsstijgingen vindt jaarlijks plaats door het college van burgemeester en wethouders. De te hanteren grondprijzen worden jaarlijks vastgelegd in de zogenaamde grondprijzennota. Op deze wijze informeert het college een ieder over de grondprijzen binnen de gemeente Urk. Het vormt tevens een kader voor de verschillende actoren die binnen de gemeentelijke organisatie betrokken zijn bij het verkoopproces van bouwgrond. De vastgestelde grondprijzen vormen de input voor de te actualiseren grondexploitaties. De grondprijzen 2025 worden vastgesteld in het najaar van 2024. Planning woningbouw (op te leveren woningen) Urk 2021- 2028 Opgeleverd 2021 Oranjewijk (afronding)

2022

90

Prognose 2024-2028

2023

2024

23

27

Zeeheldenwijk

205

Overig

24

Totaal aantal woningen

90

0

23

256

2025

2026

2027

2028

33 100

150

150

150

100

150

183

150

65

Planning bedrijventerrein (op te leveren bedrijven) Urk 2021-2028 Opgeleverd 2021

2022

Prognose 2024-2028

2023

2024

Zwolse Hoek fase 5

3

Port of Urk

8

Westgat Totaal aantal Bedrijven

2025

2026

2027

2028

10

15

10

10

15

10

10

4 94

87

87

11

14

Risico's In de begrotingsraad worden naast de begroting ook de actualisaties van de grondexploitaties aan de raad voorgelegd. Een onderdeel daarvan is een risicoanalyse. Naar de betreffende bijlage bij dat raadsvoorstel wordt hier kortheidshalve verwezen. De risico's die voortkomen uit de grondexploitaties maken onderdeel uit van de risicoanalyse van de gemeente als geheel zoals die wordt beschreven in de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing. Bij het bepalen van het noodzakelijke weerstandsvermogen wordt 10% meegenomen over de waarde van de grondexploitaties woningbouw en 20% over de waarde van de voorraden bedrijventerreinen.

66

Lokale heffingen Inleiding Het totale pakket van gemeentelijke belastingen en heffingen bestaat uit verschillende belastingheffingen die opgelegd worden op grond van een door de gemeenteraad vastgestelde belastingverordening. De doelstelling van de lokale heffingen is het verwerven van eigen middelen uit belastingen en heffingen voor de dekking van de algemene en specifieke uitgaven in het kader van de uitvoering van de gemeentelijke taken. De uitvoering en de verantwoordelijkheid voor het uitvoeren van de heffingswerkzaamheden liggen op grond van artikel 231 van de Gemeentewet bij de heffingsambtenaar. Hierbij valt te denken aan het vaststellen en opleggen van de aanslagen en taxatiewaarden, het doen van uitspraken op bezwaren en het verweer bij beroepszaken. De gemeentelijke heffingen zijn na de algemene uitkering uit het Gemeentefonds de belangrijkste bron van inkomsten. Bij gemeentelijke heffingen wordt onderscheid gemaakt tussen algemene belastingen en retributies. Belastingen hebben een algemeen karakter. Een directe relatie tussen de belasting en de gemaakte kosten van de gemeente is in het algemeen niet aanwezig. Bij de retributies is er wel sprake van een directe relatie tussen de heffing en de gemeentelijke taak. Bij retributies mogen de geraamde opbrengsten niet hoger zijn dan de geraamde kosten van de gemeente voor de uitoefening van de taak.

Tarievenbeleid Voor de hoogte van tarieven gelden de volgende uitgangspunten: De belastingen en heffingen worden trendmatig verhoogd, tenzij op grond van een besluit van de gemeenteraad of hogere wetgeving een andere verhoging is vastgelegd. Voor 2025 is de trendmatige verhoging vastgesteld op 2,2%. Extra verhogingen worden slechts voorgesteld, wanneer daar tegenover de realisering van aanwijsbare voorzieningen ten behoeve van de gemeenschap staan, dan wel hier al expliciete besluitvorming over is geweest. Algemeen genomen behoort dienstverlening door of vanwege de gemeente kostendekkend te zijn. De opbrengsten uit de lokale belastingen en heffingen zijn als volgt begroot:

67

Gemeentelijke heffing (x € 1.000) 1.1 Onroerende-zaakbelastingen

Rekening Begroting Begroting Begroting Begroting Begroting 2023 2024 2025 2026 2027 2028 5.614

6.017

6.214

6.277

6.341

6.404

1.2 Hondenbelasting

75

85

85

85

85

85

1.3 Precariobelasting

23

19

19

19

19

19

1.4 Toeristenbelasting

120

133

133

133

133

133

Totaal Belastingen

5.832

6.255

6.451

6.514

6.578

6.641

2.1 Afvalstoffenheffingen

1.943

1.928

2.266

2.525

2.593

2.672

2.2 Rioolheffing

2.233

2.304

2.356

2.356

2.356

2.356

2.3 Haven- en kadegelden

968

853

853

853

853

853

2.4 Marktgelden

34

35

35

35

35

35

2.5 Begraafrechten

443

360

400

400

400

400

2.6 Secretarieleges (Titel 1)

191

242

198

198

198

198

2.7. Omgevingsvergunningen (Titel 2)

900

1.776

610

460

460

460

2.8 Leges (Titel 3)

14

14

14

14

14

14

2.9 Overig

0

0

0

0

0

0

Totaal Retributies

6.725

7.512

6.732

6.841

6.909

6.988

Totaal

12.556

13.767

13.183

13.355

13.487

13.629

Belastingen Belastingen hebben een algemeen karakter. Een directe relatie tussen de belasting en de gemaakte kosten van de gemeente is in het algemeen niet aanwezig. De opbrengsten van de algemene belastingen worden gebruikt als algemeen dekkingsmiddel. De gemeenteraad bepaalt dus zelf waaraan de gemeente dat geld besteedt. Voorbeelden van algemene belastingen zijn de onroerendezaakbelasting (OZB), precariobelasting en de hondenbelasting. 1.1 Onroerende-zaakbelastingen (OZB) Onder de naam "onroerende-zaakbelastingen" worden over binnen de gemeente gelegen onroerende zaken, drie directe belastingen geheven: • eigenarenbelasting voor woningen; • eigenarenbelasting voor niet-woningen; • gebruikersbelasting voor niet-woningen De peildatum voor de belastingplicht is 1 januari van het belastingjaar. Grondslag is de WOZ-waarde. Elk jaar wordt de onroerende zaak gewaardeerd o.g.v. de Wet waardering onroerende zaken (WOZ). Hiermee volgt de WOZ-waarde jaarlijks de marktontwikkeling. De gemeente Urk voert de werkzaamheden voor de Wet WOZ grotendeels zelf uit met gebruikmaking van de taxatiesoftware van xxllnc en de inhuur van een externe taxateur. Voor het belastingjaar 2025 geldt de WOZ-waarde naar prijspeil van 1 januari 2024.

68

Waardeontwikkeling Om waardeontwikkelingen van woningen en niet-woningen niet van invloed te laten zijn op de opbrengst, worden de tarieven conform de waardeontwikkelingen aangepast. Dit uitgangspunt is in het verleden altijd bij herwaarderingen gehanteerd. In de huidige markt worden dus de stijgende WOZ-waarden gecompenseerd door een gelijke daling van de tarieven. De verwachte stijging van woningen is 4,5%. Met deze stijging wordt het tarief dan ook verlaagd en daarna verhoogd met de trendmatige verhoging van 2,2%. Bij de niet-woningen was sprake van een gemiddelde stijging van 3,6%. De tarieven zijn opgenomen in de Verordening Onroerende-zaakbelastingen. De opbrengsten 2025 en volgende jaren zijn gebaseerd op het huidige areaal aan onroerend goed aangevuld met de groei van het aantal onroerende zaken en de tariefsaanpassingen op basis van de nieuwe waarden in het kader van de hertaxaties Wet WOZ. Op grond van eerder besluitvorming dienen de tarieven zodanig vastgesteld te worden dat de geraamde opbrengsten gerealiseerd worden. 1.2 Hondenbelasting Onder de naam "hondenbelasting" wordt een directe belasting geheven ter zake het houden van een hond binnen de gemeente. Het is niet nodig dat de gemeente een relatie legt tussen de opbrengst van de hondenbelasting en de kosten die voor de gemeente aan de bevuiling door honden zijn verbonden.

De opbrengst wordt dan ook als algemeen dekkingsmiddel gebruikt. Het tarief voor 2025 is met 2,2% verhoogd. 1.3 Precariobelasting De gemeente heft een precariobelasting als vergoeding voor het gebruik van openbare grond. De precariobelasting wordt specifiek geheven voor het plaatsen van voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond. Voorbeelden van belaste voorwerpen zijn kabels en leidingen, terrassen, bouwmaterialen, zonneschermen, luifels, lichtreclames en vlaggen. Precariobelasting wordt wel gezien als de fiscale tegenhanger van een privaatrechtelijke vergoeding om de gemeentegrond te kunnen gebruiken. De opbrengst wordt als een algemeen dekkingsmiddel gebruikt. 1.4 Toeristenbelasting Dit betreft een belasting die wordt geheven voor het houden van verblijf met overnachting binnen de gemeente tegen vergoeding in welke vorm dan ook door personen die niet als ingezetene zijn opgenomen in de Basisregistratie Personen (BRP). Door het heffen van een toeristenbelasting dragen ook niet-inwoners bij in de kosten van de algemene voorzieningen. De toeristenbelasting is een algemeen dekkingsmiddel. Bij de behandeling van de belastingenvoorzieningen 2024 (9 november 2023) heeft de gemeenteraad de motie "Toeristenbelasting" aangenomen. Hiermee zijn de tarieven voor 2025 vastgesteld € 2,00 per persoon per overnachting.

Omdat deze belasting na afloop van het jaar geheven wordt, betreft dit de overnachtingen van 2024.

Retributies De retributies vallen uiteen in bestemmingsheffingen en leges. Hierbij geldt dat de gemeente niet meer mag heffen dan de begrote kosten die gedekt worden met de heffing. Voorbeelden hiervan zijn de rioolheffing en de afvalstoffenheffing, die worden gebruikt voor doeleinden met een duidelijk algemeen belang. De belangrijkste retributies zijn de leges. Deze dienst levert met name individueel voordeel op. Zo betalen inwoners van de gemeente een bijdrage voor het aanvragen van een

69

paspoort of vergunning. Ook voor de leges geldt dat deze niet meer dan kostendekkend mogen zijn. Voor de navolgende heffingen geldt dat de opbrengsten niet uit mogen gaan boven de geraamde kosten, ofwel geldt dat deze maximaal kostendekkend mogen zijn: • Afvalstoffenheffing; • Rioolrecht; • Haven- en kadegelden; • Leges; • Marktgelden; • Begraafrechten. In onderstaande tabel is de kostendekkendheid van de retributies weergegeven. Bij iedere retributie ziet u verder een overzicht van de baten en de lasten in 2025. Kostendekking Retributies en Leges Gemeentelijke heffing (x € 1.000)

Rekening 2023

Begroting 2024 primitief

Begroting 2025

lasten

baten dekking

lasten

baten dekking

Afvalstoffenheffingen

98%

2.281

2.040

0

2.719

2.266

83%

Rioolheffing

113%

2.272

2.304

0

2.453

2.356

96%

Haven- en kadegelden

84%

1.401

819

0

1.194

853

71%

Marktgelden

41%

54

31

0

58

35

61%

Begraafrechten

17%

641

360

0

689

400

58%

Secretarieleges (Titel 1)

24%

927

374

0

988

330

33%

Omgevingsvergunningen (Titel 2)

58%

1.459

1.776

0

981

610

62%

Leges (Titel 3)

82%

17

14

0

17

14

82%

2.1 Afvalstoffenheffing Afvalstoffenheffing wordt geheven van degene die in de gemeente feitelijk gebruik maakt van een perceel ten aanzien waarvan ingevolge art. 10.11 van de Wet Milieubeheer een verplichting tot het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen geldt. De hoogte van de aanslag is afhankelijk van de gezinsgrootte en de soort container. In de tarieven zijn ook de kosten voor de milieustraat en het straatvegen verwerkt. De laatste jaren is een stijging van de afvalstoffenheffing voorkomen, het tarief is stabiel gebleven. Voor 2025 zullen de tarieven wel weer moeten stijgen. In 2024 is het nieuwe Grondstoffenbeleidsplan 2025-2028 vastgesteld. Aanleiding hiervoor was het niet behalen van de doelstellingen op het gebied van afvalscheiding. In het nieuwe plan worden verschillende specifieke uitgaven gedaan, bijvoorbeeld in containermanagement, ondergrondse inzamelcontainers in het oude dorp en een campagne om de kwaliteit van gft te verbeteren. Deze investeringen moeten er toe leiden dat de afvalinzameling toekomstbestendig is en het doel van 100 kg restafval per inwoner per jaar gehaald wordt. Het verdisconteren in het tarief leidt tot een tariefstijging van € 34,00. De opbrengst van de afvalstoffenheffing dient de kosten te dekken. In de afgelopen jaren is er in de berekening een vast bedrag in het tarief meegenomen voor de btw-kosten.

De daadwerkelijke btw-kosten liggen echter hoger. In het nieuw vastgestelde grondstoffenplan is

70

dit gecorrigeerd. Bij het vaststellen van het grondstoffenbeleidsplan heeft de raad ingestemd met een stapsgewijze verhoging van de tarieven zodat de daadwerkelijke btw-kosten meegenomen worden in de berekening van de afvalstoffenheffing. Dit leidt ook tot een jaarlijkse stijging van het tarief met € 13 tot 2028. Het merendeel van de kosten van afvalverwerking wordt uitgevoerd door de ROVA. Onlangs is de begroting van ROVA ontvangen. Deze verwerken in de tarieven. Dit leidt tot een verhoging van het tarief met € 3,00. Bij het vaststellen van de belastingverordeningen worden de tarieven definitief vastgesteld. 2.2 Rioolheffing Rioolheffing wordt geheven van de eigenaar van een perceel dat direct of indirect is aangesloten op de gemeentelijke riolering en van de gebruiker van een perceel waaruit afvalwater direct of indirect op de gemeentelijke riolering wordt afgevoerd, dan wel dat belang heeft bij de nakoming van de gemeentelijke zorgplichten. De opbrengst van de rioolheffing mag alleen worden gebruikt ter dekking van de kosten van: • het inzamelen en transporteren van huishoudelijk en bedrijfsafvalwater en het zuiveren van huishoudelijk afvalwater; • het inzamelen van afvloeiend hemelwater en het verwerken hiervan alsmede maatregelen om structureel nadelige gevolgen van de grondwaterstand te voorkomen of te beperken.

Bij het bepalen van de hoogte van de tarieven van de rioolheffing houden we er rekening mee dat de baten niet hoger mogen zijn dan de lasten. Uitgangspunten zijn 100% kostendekkendheid en gedifferentieerde tarieven per huishoudtype, waarbij de huishoudens met 4 of meer personen meer betalen, dan huishoudens tot en met 3 personen. Bij nietwoningen wordt naast een vast bedrag van de eigenaar, belasting geheven over het waterverbruik van de gebruiker. Het Gemeentelijk Water- en Rioleringsplan (verder te noemen GWRP) is in 2023 door u vastgesteld. Uit een GWRP blijken de verwachte exploitatie en investeringslasten in de uitvoeringsperiode. Verder worden in het GWRP de belangrijkste uitgangspunten voor de rioolheffing vermeld. Uitgangspunt is dat eventuele exploitatieoverschotten ten gunste moeten komen van voorziening riolering derden of de bestemmingsreserve riolering. Investeringen moeten zo mogelijk direct worden afgeboekt vanuit de spaarvoorziening riolering. De tarieven voor de rioolheffing worden vastgesteld op grond van het GWRP. Op grond daarvan stijgen de tarieven voor woningen in 2025 met de trendmatige verhoging van 2,2% en van niet-woningen met 3,2% (Conform het GWRP 1% boven de trendmatige verhoging). 2.3 Havengelden Onder de naam "havengelden" wordt een recht geheven voor het gebruik of genot van de gemeentelijke havens.

De afgelopen jaren is er hard gewerkt om de voorzieningen op niveau te brengen. Werkzaamheden die overigens nog steeds doorgaan. Als gevolg hiervan zijn de tarieven de afgelopen jaren gestegen. Ook voor 2025 zullen de tarieven stijgen. 2.4 Marktgelden In de gemeente wordt onder de naam "marktgeld" een recht geheven voor het innemen van een standplaats op de voor de markt aangewezen plaats, gedurende de voor de markt geldende tijd.

71

De tarieven zijn opgenomen in de Verordening Marktgelden. De tarieven zijn met 2,2% gestegen. 2.5 Begraafrechten Op basis van de verordening op de graf- en begrafenisrechten worden in de gemeente Urk rechten geheven voor het gebruik van de begraafplaats en voor het door de gemeente verlenen van diensten in verband met de begraafplaats. Voor de begrafenisrechten geldt dat deze maximaal kostendekkend mogen zijn. In juli 2017 is er een nieuwe beheersverordening begraven vastgesteld met bijbehorende financiële onderbouwing. Op grond daarvan stijgen de tarieven met 1,5% of 1,7%. 2.6 Legesverordening Onder de naam "leges" worden een aantal verschillende rechten geheven voor het genot van door, of vanwege het gemeentebestuur, verstrekte diensten. Het gaat hier vooral om de secretarieleges en de leges Omgevingswet. De verordening is met 2024 volledig aangepast naar de nieuwe Omgevingswet. Daarbij zijn ook nieuwe tarieven ingevoerd en is de berekening van de leges gewijzigd. In de loop van 2025 zal geëvalueerd worden wat de (financiële) gevolgen hier van zijn. Van sommige leges wordt het tarief vastgesteld door het Rijk. Bij het berekenen van een kostendekkend tarief mogen overigens alleen de kosten van het verlenen van een vergunning of dienst in rekening worden gebracht. Kosten van onder andere toezicht en handhaving mogen niet doorberekend worden.

Voor 2025 worden de tarieven verhoogd met 2,2%.

Kwijtscheldingen Op grond van de Invorderingswet en het gemeentelijk kwijtscheldingsbeleid kan een belastingschuldige die niet in staat is anders dan met buitengewoon bezwaar een belastingaanslag geheel of gedeeltelijk te betalen, gehele of gedeeltelijke kwijtschelding worden verleend. Bij Ministeriële regeling worden inkomensnormen vastgesteld, welke van toepassing zijn voor de eventuele toekenning van kwijtscheldingsaanvragen. De gemeente Urk hanteert ten aanzien van de normbedragen een kwijtscheldingspercentage van 100%. Kwijtschelding kan alleen worden aangevraagd indien het een aanslag betreft voor onroerende zaakbelasting, afvalstoffenheffing en rioolheffing. De overige heffingen zijn in de desbetreffende belastingverordeningen uitgesloten van kwijtschelding.

Lokale lastendruk Alle onroerende zaken dienen jaarlijks opnieuw getaxeerd te worden op grond van de Wet Waardering Onroerende Zaken. De uitvoering van deze wet ligt in handen van de heffingsambtenaar van de gemeente. Door de Waarderingskamer wordt op deze uitvoering toezicht gehouden. De gemeente Urk scoort bij deze beoordeling al jaren 5 uit 5 sterren. De hoogste score! In de tarieven en berekende opbrengst is rekening gehouden met de steeds maar stijgende kosten voor het behandelen van bezwaarschriften van zogenaamde WOZ-bureaus. Zij adverteren met het “gratis” indienen van bezwaar, maar de kosten hiervoor komen ten laste van de gemeente. De kosten voor het behandelingen van bezwaren bedroegen in 2023 ongeveer € 2.000 per bezwaarschrift (in totaal € 150.000). Wanneer een burger zelf bezwaar indient, bedragen de kosten ongeveer € 200 per bezwaarschrift. De kosten bestaan in hoofdzaak uit personeelskosten, kosten inhuur taxateur en juridisch advies. De oorzaak is dat WOZ-bureaus zeer uitgebreide en juridisch ingewikkelde bezwaarschriften indienen die gerobotiseerd tot stand komen. De bestreden WOZ-waarde is daarbij vaak bijzaak. Doel is namelijk om een kostenvergoeding te verkrijgen. Daarbij streeft men soms naar het laten

72

vastlopen van het bezwaarproces zodat ze op die manier in aanmerking kunnen komen voor kostenvergoedingen. In bezwaar gaan is helaas een verdienmodel geworden. Als gevolg van nieuwe wetgeving is de kostenvergoeding voor No-Cure-No-Pay bureau's in 2024 fors verlaagd. Dit heeft geleid tot minder bezwaarschriften. Helaas heeft de Hoge Raad onlangs uitspraak gedaan waarbij deze wetgeving vernietigd is en de kostenvergoeding zelfs verdubbelt is ten opzichte van 2023. De hoop is dat er snel reparatiewetgeving komt. Mogelijke aanpassingen zullen in de tussenrapportage 2025 worden verwerkt. Er is altijd grote belangstelling voor de lokale belastingen, vooral landelijk. Diverse instanties berekenen jaarlijks de stijging van de lokale lasten en de uitkomsten hiervan hebben grote aandacht van de landelijke pers. Met name de verschillen tussen de diverse gemeenten krijgen daarbij veel aandacht. Dit terwijl de gemeentelijke belasting een klein deel uitmaken van de zogenaamde bijkomende woonlasten. Ook de WOZ-waarde genereert veel aandacht. Met name door de zogenaamde WOZ-bureaus die groot belang hebben bij negatieve uitingen omdat ze daarmee klanten binnenhalen die via hen een bezwaar indienen. Ontwikkeling gemiddelde woonlasten voor een 3- persoonshuishouden Gemiddelde woonlasten voor een huishouden van 3 Ontwikkeling personen voor de periode 2023-2025 2023/2025 Belastingsoort

2023

2024

2025

in %

OZB eigenaar

€ 455

€ 480

€ 490

7,6%

Rioolrechten

€ 253

€ 263

€ 268

5,9%

Afvalstoffenheffing

€ 251

€ 251

€ 289

15,2%

Totaal

€ 959

€ 994

€ 1.047

9,10%

De woonlasten zijn gebaseerd op een gemiddelde. Werken met gemiddelden betekent dat de feitelijke lastenontwikkeling voor een individuele burger hiervan kan afwijken. De hoogte van de belasting wordt onder andere beïnvloed door de grootte van het huishouden en de feitelijke waardeontwikkeling van de woning. Om een beeld te krijgen hoe de woonlasten op Urk zich verhouden tot gemeenten in Flevoland, treft u hierna de gegevens aan van een aantal gemeenten uit de Atlas van de lokale lasten 2024 van het COELO, zoals gepubliceerd op de website. In de onderstaande vergelijking staat de gemiddelde aanslag 2024 voor een 3-persoonshuishouden. In deze aanslag is inbegrepen de OZB, afvalstoffenheffing en de rioolheffing. 2024

Almere

Dronten

Lelystad

N.O. Polder

OZB

€ 409

€ 474

€ 480

€ 417

€ 480

€ 656

Afvalstoffenheffing

€ 440

€ 358

€ 407

€ 366

€ 251

€ 419

Rioolheffing

€ 229

€ 169

€ 222

€ 181

€ 263

€ 151

€ 1.078

€ 1.000

€ 1.110

€ 964

€ 994

€ 1.226

Totaal

Urk Zeewolde

73

Wet Open Overheid De Wet open overheid (Woo) is per 1 mei 2022 in werking getreden en vervangt de Wet openbaarheid van bestuur (Wob). De Woo heeft als doel om het – proactief - openbaar maken van overheidsinformatie te bevorderen. Binnen de gemeente Urk hebben we ons beleid en normstelling onderzocht op ‘openbaarheid’ en toegankelijkheid. Daarnaast hebben we de algemene informatie over de gemeente, inclusief de openbare besluitvorming, beoordeeld en waar mogelijk en waar nodig aangepast. Zo hebben we nieuwe software aangeschaft die speciaal is ontworpen om informatie – welke actief openbaar moet worden gemaakt – te anonimiseren. Deze software speelt een cruciale rol bij het op orde houden van onze informatiehuishouding. Bij het publiceren van informatie volgt gemeente Urk vanzelfsprekend de richtlijnen en standaarden die de die de Wet open overheid voorschrijft. De software zorgt ervoor dat we gegevens geanonimiseerd kunnen publiceren, waardoor de transparantie van de overheid samenvalt met de bescherming van de privacy van betrokkenen. Deze belangrijke stap maakt de gemeente Urk nog meer ‘open en toegankelijk’ voor haar inwoners.

74

Financiële begroting Meerjarenraming 2025-2028 Overzicht baten en lasten

(art 17 BBV / x € 1.000)

2025

2026

2027

2028

Lasten Baten

Saldo Lasten Baten

Saldo Lasten Baten

Saldo Lasten Baten

Saldo

Programma

67.415 29.587 37.828 66.900 28.255 38.645 57.114 19.853 37.261 63.186 23.599 39.587

Basis op Orde

4.661

Wonen

348 -4.313 4.308 348 -3.960 4.248 348 -3.900 4.158 348 -3.810 21.317 11.224 10.093 27.404 18.083 -9.321 19.150 10.292 -8.858 26.559 14.685 11.874

Werken

17.210 12.849 -4.361 10.923

Leven

Algemene dekkingsmiddelen Overhead

24.227

5.166 19.061 24.266

4.720 -6.203

9.341

5.104 19.162 24.375

4.381 -4.960

8.094

3.734 -4.360

4.832 19.543 24.376

4.832 19.544

10.269 47.311 37.042 11.203 45.365 34.162 12.579 47.105 34.526 13.445 48.549 35.104 10.008 130 -9.878 10.542 130 10.412 11.094 130 10.964 11.664 130 11.534

Treasury

-229

148

377

-129

148

277

530

148

-382

530

148

-382

OZB woningen

316

3.205

2.889

316

3.251

2.935

316

3.297

2.981

316

3.343

3.027

OZB niet-woningen

-ㅤ

3.003

3.003

-ㅤ

3.020

3.020

-ㅤ

3.038

3.038

-ㅤ

3.055

3.055

Belastingen overig

149

151

2

149

151

2

149

151

2

149

151

2

Algemene en overige uitk. gemeentefonds

-ㅤ 40.674 40.674

Overige baten en lasten

25

-ㅤ

-25

25

-ㅤ

-25

25

-ㅤ

-25

25

-ㅤ

-25

-ㅤ

-ㅤ

-ㅤ

-ㅤ

-ㅤ

-ㅤ

-ㅤ

-ㅤ

-ㅤ

-ㅤ

-ㅤ

-ㅤ

-ㅤ

-ㅤ

-ㅤ

-ㅤ

-ㅤ

-ㅤ

-ㅤ

-ㅤ

-ㅤ

-ㅤ

-ㅤ

-ㅤ

Vennootschapsbelasting (VpB) Heffing vennootschapsbelasting

Resultaat voor bestemming

77.684 76.898

300 38.665 38.365

465 40.341 39.876

761 41.722 40.961

-786 78.103 73.620 -4.483 69.693 66.958 -2.735 76.631 72.148 -4.483

Mutaties reserves

72

1.215

1.143

72

2.963

2.891

72

1.366

1.294

72

3.827

3.755

Programma Basis op Orde

72

1.215

1.143

72

2.963

2.891

72

1.366

1.294

72

3.827

3.755

Programma Leven

-ㅤ

-ㅤ

-ㅤ

-ㅤ

-ㅤ

-ㅤ

-ㅤ

-ㅤ

-ㅤ

-ㅤ

-ㅤ

-ㅤ

Programma Werken

-ㅤ

-ㅤ

-ㅤ

-ㅤ

-ㅤ

-ㅤ

-ㅤ

-ㅤ

-ㅤ

-ㅤ

-ㅤ

-ㅤ

Programma Wonen

-ㅤ

-ㅤ

-ㅤ

-ㅤ

-ㅤ

-ㅤ

-ㅤ

-ㅤ

-ㅤ

-ㅤ

-ㅤ

-ㅤ

357 78.175 76.583 -1.592 69.765 68.324 -1.441 76.703 75.975

-728

Resultaat na bestemming

77.756 78.113

75

Meerjarige balans rekening

begroting

begroting

begroting

begroting

begroting

Vaste activa

2023

2024

2025

2026

2027

2028

Immateriële vaste activa

728

372

238

226

213

201

Materiële vaste activa

83.248

102.132

110.361

123.421

119.100

114.990

Financiële vaste activa

8.292

7.844

8.063

7.943

7.816

7.685

Totaal vaste activa

92.268

110.348

118.662

131.590

127.129

122.876

Vlottende activa

2023

2024

2025

2026

2027

2028

Voorraden

56.330

48.230

63.492

53.217

50.395

50.395

Uitzettingen

14.214

p.m.

p.m.

p.m.

p.m.

p.m.

p.m.

p.m.

p.m.

Activa (x € 1.000)

Liquide middelen

202

p.m.

p.m.

Overlopende activa

733

p.m.

p.m.

p.m.

p.m.

p.m.

Totaal vlottende activa

71.479

48.230

63.492

53.217

50.395

50.395

Totaal activa

163.747

158.578

182.154

184.807

177.524

173.271

Passiva (x € 1.000)

rekening

begroting

begroting

begroting

begroting

begroting

Vaste Passiva

2023

2024

2025

2026

2027

2028

Eigen vermogen

42.429

42.996

43.408

40.808

37.857

32.595

Resultaat

3.798

1.415

357

-1.592

-1.441

-728

Voorzieningen

7.105

4.806

5.138

6.165

7.191

8.218

Vaste schulden

78.463

73.831

98.831

90.941

83.042

75.508

Totaal vaste passiva

131.795

123.048

147.734

136.322

126.649

115.593

Vlottende Passiva

2023

2024

2025

2026

2027

2028

Netto vlottende schulden

26.322

35.530

34.420

48.485

50.875

57.678

Overlopende passiva

5.630

p.m.

p.m.

p.m.

p.m.

p.m.

Totaal vlottende passiva

31.952

35.530

34.420

48.485

50.875

57.678

Totaal passiva

163.747

158.578

182.154

184.807

177.524

173.271

5.060

5.330

4.593

4.593

4.593

4.593

Gewaarborgde geldleningen

76

Overzicht baten en lasten per taakveld Taakveldbegroting

2025

2026

2027

2028

BBV x € 1.000 0,1

Bestuur

Lasten Baten Saldo Lasten Baten Saldo Lasten Baten Saldo Lasten Baten Saldo

1.394

18 -1.376

1.394

18 -1.376

1.394

18 -1.376

1.394

18 -1.376

0,10 Mutaties reserves

72

1.215

1.143

72

2.963

2.891

72

1.366

1.294

72

3.827

3.755

Resultaat rekening van 0,11 baten en lasten

-ㅤ

-ㅤ

-ㅤ

-ㅤ

-ㅤ

-ㅤ

-ㅤ

-ㅤ

-ㅤ

-ㅤ

-ㅤ

-ㅤ

0,2

Burgerzaken

707

330

-377

687

330

-357

687

330

-357

687

330

-357

0,3

Beheer overige gebouwen en gronden

44

2

-42

44

2

-42

44

2

-42

44

2

-42

130 -9.878 10.542

130 10.412 11.094

130 10.964 11.664

130 11.534

0,4

Overhead

10.008

0,5

Treasury

-229

148

377

-129

148

277

530

148

-382

530

148

-382

0,61 OZB woningen

316

3.205

2.889

316

3.251

2.935

316

3.297

2.981

316

3.343

3.027

0,62 OZB niet-woningen

-ㅤ

3.003

3.003

-ㅤ

3.020

3.020

-ㅤ

3.038

3.038

-ㅤ

3.055

3.055

0,64 Belastingen overig

149

151

2

149

151

2

149

151

2

149

151

2

0,7

Algemene en overige uitk. gemeentefonds

-ㅤ 40.674 40.674

0,8

Overige baten en lasten

25

-ㅤ

-25

25

-ㅤ

-25

25

-ㅤ

-25

25

-ㅤ

-25

0,9

Vennootschapsbelasting (VpB)

-ㅤ

-ㅤ

-ㅤ

-ㅤ

-ㅤ

-ㅤ

-ㅤ

-ㅤ

-ㅤ

-ㅤ

-ㅤ

-ㅤ

1,1

Crisisbeheersing en brandweer

1.452

-ㅤ -1.452

1.462

-ㅤ -1.462

1.402

-ㅤ -1.402

1.402

1,2

Openbare orde en veiligheid

1.108

-ㅤ -1.108

765

2,1

Verkeer en vervoer

3.873

109 -3.764

4.019

2,3

Recreatieve havens

476

465

-11

481

465

-16

481

465

-16

481

465

-16

2,4

Economische havens en waterwegen

507

388

-119

432

388

-44

432

388

-44

432

388

-44

2,5

Openbaar vervoer

4

-ㅤ

-4

43

-ㅤ

-43

43

-ㅤ

-43

43

-ㅤ

-43

3,2

Fysieke bedrijfsinfrastructuur

9.781

9.781

-ㅤ

1.652

1.652

-ㅤ

1.313

1.313

-ㅤ

666

666

-ㅤ

3,3

Bedrijvenloket en bedrijfsregelingen

271

286

15

271

286

15

268

286

18

268

286

18

3,4

Economische promotie

1.314

473

-841

3.137

473 -2.664

1.487

473 -1.014

987

473

-514

4,2

Onderwijshuisvesting

1.901

7 -1.894

1.990

7 -1.983

2.400

7 -2.393

2.300

7 -2.293

4,3

Onderwijsbeleid en leerlingzaken

2.916

1.447 -1.469

2.916

1.447 -1.469

2.916

1.447 -1.469

2.916

1.447 -1.469

5,1

Sportbeleid en activering

5,2

Sportaccommodaties

2.463

5,3

Cultuurpresent,productie,-participatie

127

-ㅤ

-127

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Urk&id=18186060-bfbb-4a4f-a65c-6672d0321300