Kadernota 2024-2027; Overzicht (aanvullende) vragen en antwoorden raden 8KTD
Tekst van het document
b) Kloppet it dat it ús gemeente gjin ekstra jild kostet? Antwurd: De proeftuin wordt momenteel bekostigd uit tijdelijke NPO middelen (Nationaal Programma Onderwijs) en loopt eind 2023 af. Gezien de bemoedigende resultaten wordt voorgesteld de proeftuin in 2024 te verlengen (incidenteel). Met inachtneming van de definitieve onderzoeksresultaten in het najaar van 2023 kan in het voorjaar 2024 voor de daaropvolgende jaren een structurele bekostiging worden overwogen.
GBA 1.
Pagina 44, 06.02 - Digitaliseren fysiek archief Inkomen en Participatie a) Kan dit digitaliseren van documenten niet tijdens de dagelijkse routine? Antwoord: Onze ICT en werkprocessen zijn op dit moment nog niet op die wijze ingericht voor Inkomen en Participatie. Vanaf 2024 richten wij de werkprocessen dusdanig in dat digitaal archiveren vanaf het begin van een werkproces plaatsvindt. b) Mocht het gaan over het digitaliseren van achterstallige documenten, zijn dit dan alle documenten of zijn er meer die gedigitaliseerd moeten worden? Antwoord: 31
Het gaat om het digitaliseren van openstaande/lopende dossiers. Als gevolg van digitalisering van de documenten is een dossier, zonder aanvraag en wachttijd bij het archief, beschikbaar voor de consulenten. Gesloten dossiers blijven fysiek. PvdA/GroenLinks 1.
06.08 - Gebiedsregisseur in de huisartsenpraktijk (POH Jeugd) (blz. 44 en 45) Eerder is tussen de LHV en VNG afgesproken dat de Praktijk Ondersteuner Huisartsenzorg (POH) een ondersteunende functie binnen de huisartsenzorg is. Als het gaat om ondersteuning van jeugdigen (0-18 jaar) kunnen in de praktijk verschillende invullingen worden vastgesteld, met verschillende termen. De volgende (basis)indeling (met dank aan de LNV) biedt houvast: • Zorg voor de jeugd in het kader van de huisartsenzorg: een POH-GGZ (met aandachtsgebied jeugd) biedt huisartsenzorg voor patiënten met psychische problematiek en valt onder de zorgverzekeringswet. • Zorg voor de jeugd in het kader van jeugdhulp: ondersteuner jeugd. Het gaat hierbij om extra zorg die niet onder de Zorgverzekeringswet valt, maar om jeugdhulp in het kader van de Jeugdwet. Dat is zorg die onder de verantwoordelijkheid van de gemeente valt en niet van de huisarts. Geadviseerd wordt daarom in dit geval niet de term POH te gebruiken. • Een combinatie van beide. Hier biedt de POH zowel zorg zoals de POH-GGZ (huisartsenzorg bij veelvoorkomende psychische problematiek), en doet daarnaast taken vanuit de Jeugdwet (verbindende functie vanuit wijkteam, vormen van jeugdhulp). Dan kan er een deel door de gemeente en een deel door de zorgverzekeraar worden gefinancierd.
In onze gemeente is sprake van een ‘gebiedsregisseur in de huisartsenpraktijk’, ook met ‘POH Jeugd’ aangeduid. Het voorstel is om de formatie uit te breiden en uit te rollen naar alle huisartsenpraktijken in Achtkarspelen en Tytsjerksteradiel. De kosten daarvan worden voor Achtkarspelen geschat op € 102.000 per kalenderjaar. Een deel daarvan (€ 45.000) kan worden gefinancierd uit de beschikbare POK-middelen. Het gaat hierbij om extra geld van het rijk voor gemeenten om de dienstverlening aan mensen in kwetsbare posities te versterken. De middelen komen naar aanleiding van de Parlementaire Ondervragings-commissie Kinderopvangtoeslagen (POK). De POK-middelen hebben een structureel karakter, met dien verstande, dat zij in elk geval tot en met 2027 beschikbaar zullen zijn. Voor het resterende deel (€ 57.000 per jaar) wordt voorgesteld deze kosten “in het kader van de aanstaande organisatiewijziging als gevolg van de keuze van de raden” voor de jaren 2024 en 2025 als incidentele lasten aan te merken en ten laste te brengen van de Algemene Reserve. Al spreekt het college de verwachting uit dat de benodigd € 57.000 kan worden terugverdiend door ‘de te verwachten besparingen op de maatwerkvoorzieningen Jeugd als gevolg van de inzet van de POH Jeugd in de huisartsenpraktijk’.
Onze concrete vragen: a) Wij willen graag een volledige beschrijving van de betreffende functie en de wijze waarop die tot nu toe is ingevuld en in de toekomst zal worden ingevuld (voor zover er sprake is van wijziging bijvoorbeeld op basis van praktijkervaringen c.q. een andere wijze van werken). Antwoord: - de gebiedsregisseur in de huisartsenpraktijk is medewerker van het jeugdteam en opereert als externe partij in de huisartsenpraktijk, zodat verantwoordelijkheden en risico’s goed gescheiden blijven, - de huisartsen kunnen kinderen doorverwijzen naar het spreekuur van de gezinswerker; ter plekke (indien beschikbaar op dat moment) of door de contactgegevens van de patiënt (met diens instemming) door te geven aan de gezinswerker, - de gezinswerker plant zelf afspraken in met cliënten, - de gezinswerker heeft een vast moment/tijdstip waarop de arts of de POH-GGZ haar vrijblijvend kan raadplegen. Op dit vaste moment worden geen cliënten gezien door de gezinswerker, zodat de huisartsen daadwerkelijk kunnen binnenlopen. 32
Beoogde effect Het beoogde effect van de inzet van een gezinswerker in de huisartsenpraktijk is dat de inwoner het geboden zorgaanbod als één en integraal ervaart; één samenhangende voorziening. Dit merken de kinderen en gezinnen door: - kwalitatief goede en toegankelijke zorg op het gebied van JGGZ- en opvoed- en opgroeiproblematiek voor jeugd en gezinnen, - passende zorg of ondersteuning die snel en dicht bij het kind en gezin beschikbaar, - betere afstemming en terugkoppeling tussen de huisartsen en de gezinswerkers. Doelstellingen - (vroeg)tijdig inschakelen van de specialistische expertise (gezinswerker) in de eigen omgeving van de jongere (huisartsenpraktijk en evt. huisbezoek), - waar nodig gerichte verwijzing naar specialistische jeugdhulp, - de samenwerking tussen huisartsen en jeugdteam versterken, - integrale aanpak van JGGZ- en opvoed- en opgroeiproblematiek in gezinnen en/of huishoudens, - kwaliteitsverbetering van de ondersteuning en innovatie van methodieken en processen, - versterking van de signaleringsfunctie door uitwisseling van expertises tussen huisartsen en gebiedsteams, - kostenreductie door een verschuiving van de specialistische jeugdhulp naar het jeugdteam en het voorliggend veld, - gedeelde visie in het veld over inzet van instrumenten, middelen en capaciteit, zowel in strategisch als praktisch opzicht.
b) Daarbij willen wij graag tevens een beschrijving van de tot nu toe behaalde resultaten en van de concrete effecten daarvan op de kosten van de zorg, dit om de verwachting van het college te kunnen toetsen. Antwoord: Voor 2022 is de besparing geschat op 86.250,- euro. Dit geldt voor de huisartsenpraktijk in Harkema. Dit is de praktijk waar de pilot loopt. c) Het gaat om een uitbreiding van de bestaande functie naar 1 fte. Wij gaan er van uit dat de genoemde kosten logischerwijze uitsluitend betrekking hebben op de uitbreiding. Om een beeld te krijgen van de werkelijke kosten: - hoeveel bedraagt de huidige functie uitgedrukt in fte en concrete kosten? - hoeveel kost de functie in totaal bij 1 fte? Antwoord: De inzet van uren in Harkema is 5 uur per week. 1 fte kost 102.000 euro. d) Het lijkt ons op dit moment onwenselijk om de functie nog binnen de Werkmaatschappij 8KTD uit te breiden tot 1 fte. Graag worden wij geïnformeerd over de mogelijkheid om de functie op korte termijn uit de samenwerking los te weken en voor Achtkarspelen te verzelfstandigen en uit te bouwen. Antwoord: 8K kan nu al zelfstandig besluiten om de functie uit te breiden met 1 fte of niet. Dit staat los van de samenwerking c.q. ontvlechting met TD.
e) Uit de indruk die wij op dit moment hebben omtrent de inhoud van de functie komt het ons voor dat de bekostiging wellicht mede zou kunnen plaatsvinden vanuit de Zorgverzekerings-wet. Is deze mogelijkheid verkend en zo ja, wat is daarvan de uitkomst? Zo nee, waarom niet? Antwoord: De gebiedsregisseur in de huisartsenpraktijk valt onder de Jeugdwet en niet onder de Zorgverzekeringswet. 33
Bijkomend feit is dat er in het kader van de Hervormingsagenda Jeugd de komende jaren minder jeugdbudget binnen komt. Als een van de besparingsmogelijkheden als gevolg van het teruglopende budget wordt door het Rijk de inzet van de gebiedsregisseur in de huisartsenpraktijk genoemd. Met het oog op de Hervormingsagenda Jeugd is het wenselijk om als gemeente te investeren in de gebiedsregisseur in de huisartsenpraktijk. Door als gemeente aan de voorkant te investeren in de gebiedsregisseur in de huisartsenpraktijk, boek je aan de achterkant je besparing in. f) In het verlengde hiervan: is de betiteling in relatie tot de feitelijke inhoud van de functie ‘Praktijk Ondersteuner Huisartsenzorg’ juist, mede gelet op wat de LNV hierover opmerkt? Antwoord: Functienaam is Gebiedsregisseur in de huisartsenpraktijk
34
TD - Programma 6 - Sociaal domein Programma 6 - Sociaal domein (Tytsjerksteradiel) VVD 1.
Gebiedsregisseur in de huisartsenpraktijk (pagina 52, 06.08) Is dit niet een taak van de zorgverzekeraars? Waarom neemt de gemeente deze rol op zich? Antwoord: De gebiedsregisseur in de huisartsenpraktijk valt onder de Jeugdwet en niet onder de Zorgverzekeringswet. Bijkomend feit is dat er in het kader van de Hervormingsagenda Jeugd de komende jaren minder jeugdbudget binnen komt. Als een van de besparingsmogelijkheden als gevolg van het teruglopende budget wordt door het Rijk de inzet van de gebiedsregisseur in de huisartsenpraktijk genoemd. Met het oog op de Hervormingsagenda Jeugd is het wenselijk om als gemeente te investeren in de gebiedsregisseur in de huisartsenpraktijk. Door als gemeente aan de voorkant te investeren in de gebiedsregisseur in de huisartsenpraktijk, boek je aan de achterkant je besparing in.
2.
Uitvoeringsplan Participatiewet - Inzet Jobhunter (pagina 54, 06.07) Waarom worden deze diensten niet ingekocht bij een externe dienstverlener en/of bij een uitzendbureau? Zij hebben veelal kanalen binnen bedrijven en kennen de banenmarkt als geen ander. Antwoord: Het inkopen via een externe dienstverlener en/of bij een uitzendbureau is inderdaad een optie. Ook nu al is er regelmatig contact met dit soort bedrijven. Dat we deze diensten niet standaard inkopen maar kiezen voor een (interne) jobhunter, heeft een aantal redenen: • Ook aan deze diensten zijn uiteraard kosten verbonden. De inkoop ervan komt in dat geval niet ten laste van de werkmaatschappij, maar van het participatiebudget. Dit budget zou dan in principe verhoogd moeten worden; • De praktijk wijst uit dat vooral de korte lijnen die er zijn tussen inwoner, sociaal werker, werkgever en jobhunter erg goed werken; • Het klopt dat deze diensten veelal kanalen hebben binnen bedrijven en de banenmarkt goed kennen. Daar staat tegenover dat ook ons werkgeversteam, waar de jobhunter deel van uitmaakt, de banenmarkt goed kent. Vooral wanneer het gaat om de markt gekoppeld aan de doelgroep die het hier veelal betreft. • De meerwaarde van een interne jobhunter zit dan ook in de doelgroep waar het hier vaak om gaat.
Deze bestaat bijna niet meer uit mensen die vrij snel richting werk kunnen, maar veel vaker uit mensen die ver van de arbeidsmarkt staan. De doelgroep bestaat daarmee meestal niet uit mensen waar genoemde diensten (met name uitzendbureaus) in eerste instantie op mikken; het vergt namelijk echt aandacht, goed afstemmen en diepgaande kennis om deze doelgroep goed te kennen en te kunnen bedienen. Met de jobhunter spelen we hierop in.
35
8K - Programma 7 - Volksgezondheid en milieu Programma 7 - Volksgezondheid en milieu (Achtkarspelen) CDA 1.
Pagina 47, 07.02 - Formatie stikstof Wat zijn de werkzaamheden van een stikstofambtenaar? Antwoord: Advisering en toetsing initiatieven In de afgelopen jaren hebben een opeenstapeling van politieke ontwikkelingen, nieuwe wetgeving en rechterlijke uitspraken – met als belangrijkste startpunt het onderuitgaan van het PAS bij de Raad van State op 29 mei 2019 - ertoe geleid dat stikstof een steeds belangrijker en uitgebreider onderdeel is geworden in de gemeentelijke ruimtelijke taken. Concrete algemene werkzaamheden van een stikstofmedewerker zijn hieronder uitgewerkt. Deze lijst is niet uitputtend.
Advisering over (on)mogelijkheden door stikstofwetgeving in alle ruimtelijke initiatieven OAR, maar ook voor de afdelingen vergunningverlening en beheer; Toetsing van aangeleverde stikstofonderzoeken bij ruimtelijke initiatieven; Advisering bij eigen projecten en toekomstige ontwikkelingen; Intern en extern aanspreekpunt voor uiteenlopende vragen m.b.t. stikstof en milieu; Contactpersoon richting provinsje Fryslân, andere gemeenten en Rijk; Beoordelen concrete impact van rechtelijke uitspraken, wetswijzigingen, wijzigingen landelijk/provinciaal beleid op (projecten binnen) onze gemeente; Algemene milieuadvisering bij ruimtelijke initiatieven. Het niet uitvoeren van bovenstaande taken leidt tot vertraging van projecten en meer zienswijzen, bezwaar en beroep op vergunningen en ruimtelijke procedures. Met het bijkomend risico dat in de rechterlijke procedure een vergunning/bestemmingsplan wordt vernietigd. Advisering en informatievoorziening richting college en raad Onder andere de vele rechterlijke uitspraken zorgen ervoor dat het toetsingskader voor stikstof continu verandert. Rechterlijke uitspraken - maar ook landelijk en provinciaal beleid - hebben direct impact op (lopende) ontwikkelingen in onze gemeente.
Informeren en adviseren college bij rechterlijke uitspraken (voorbeelden uitspraken met impact: afschaffing bouwvrijstelling, onvoldoende onzekerheid emissiearme vloeren), wetswijzigingen (voorbeeld: ingang Wet stikstofreductie en natuurherstel), wijzigingen landelijk (voorbeelden: impact subsidieregeling piekbelasters, NPLG) /provinciaal beleid (voorbeeld: FPLG);
Beleidsontwikkeling
Evalueren en opstellen milieubeleid (in samenwerking met het team milieu); Advisering binnen ontwikkelingen Omgevingswet (zowel stikstof als milieukundig, in samenwerking met het team milieu); Deelname interne projectgroep FPLG.
GBA 1.
Pagina 47, 07.02 - Formatie stikstof Uit de tekst blijkt dat de milieutaak vanuit de nationale overheid, naar de provincie en vervolgens bij ons op het bordje komt. Dit terwijl wij het principe ‘geen knaken, geen taken’ hanteren. Hoe kan het dan dat wij structureel 0,6 fte in moeten zetten voor deze milieutaak? Antwoord: 36
Gemeenten zijn verantwoordelijk voor de omgevingsvergunningverlening (Wabo) en de bestemmingsplanprocedures. Stikstof is een verplichte toetsingsgrond in beide en daarmee een gemeentelijke taak. Een plan of initiatief mag niet leiden tot een significant negatief effect op een stikstofgevoelig Natura 2000-gebied. Het gaat hier dus niet om een gedecentraliseerde taak die ontstaat vanuit landelijk en provinciaal beleid (zoals deze wel vanuit het NPLG en het FPLG voort zal komen) maar om een wettelijke verplichting.
37
TD - Programma 7 - Volksgezondheid en milieu Programma 7 - Volksgezondheid en milieu (Tytsjerksteradiel) VVD 1.
Formatie stikstof (pagina 58, 07.02) Kunt u concreet aangeven welke werkzaamheden de “medewerker stikstof” in de afgelopen jaren heeft uitgevoerd? In de beantwoording willen we geen algemene zaken zien, maar een exacte beschrijving van de werkzaamheden. Antwoord: Gemeenten zijn verantwoordelijk voor de omgevingsvergunningverlening (Wabo) en de bestemmingsplanprocedures. Stikstof is een verplicht toetsingsgrond in beide en daarmee een gemeentelijke taak. Een plan of initiatief mag niet leiden tot een significant negatief effect op een stikstofgevoelig Natura 2000-gebied. Het gaat hier dus niet om een gedecentraliseerde taak die ontstaat vanuit landelijk en provinciaal beleid (zoals deze wel vanuit het NPLG en het FPLG voort zal komen) maar om een wettelijke verplichting. Advisering en toetsing initiatieven In de afgelopen jaren hebben een opeenstapeling van politieke ontwikkelingen, nieuwe wetgeving en rechterlijke uitspraken – met als belangrijkste startpunt het onderuitgaan van het PAS bij de Raad van State op 29 mei 2019 - ertoe geleid dat stikstof een steeds belangrijker en uitgebreider onderdeel is geworden in de gemeentelijke ruimtelijke taken. Concrete algemene werkzaamheden van een stikstofmedewerker zijn hieronder uitgewerkt. Deze lijst is niet uitputtend.
Advisering over (on)mogelijkheden door stikstofwetgeving in alle ruimtelijke initiatieven OAR, maar ook voor de afdelingen vergunningverlening en beheer; Toetsing van aangeleverde stikstofonderzoeken bij ruimtelijke initiatieven; Advisering bij eigen projecten en toekomstige ontwikkelingen (concrete voorbeelden: MFC Tytsjerk, MFA Jistrum en woningbouwprojecten); Door ligging van Earnewâld in het overbelast stikstofgevoelig Natura 2000-gebied de Alde Feanen is dit een focusdorp. Bij de meeste initiatieven die voor dit dorp binnenkomen, zowel bij OAR als bij team vergunningen, is stikstof de bepalende factor. Grotere projecten zijn in Earnewâld alleen uitvoerbaar door gebruik te maken van interne of externe saldering. Toetsing interne saldering ligt bij gemeenten. Intern en extern aanspreekpunt voor uiteenlopende vragen m.b.t. stikstof en milieu; Contactpersoon richting provinsje Fryslân, andere gemeenten en Rijk; Beoordelen concrete impact van rechtelijke uitspraken, wetswijzigingen, wijzigingen landelijk/provinciaal beleid op (projecten binnen) onze gemeente; Algemene milieuadvisering bij ruimtelijke initiatieven. Het niet uitvoeren van bovenstaande taken leidt tot vertraging van projecten en meer zienswijzen, bezwaar en beroep op vergunningen en ruimtelijke procedures. Met het bijkomend risico dat in de rechterlijke procedure een vergunning/bestemmingsplan wordt vernietigd.
Advisering en informatievoorziening richting college en raad Onder andere de vele rechterlijke uitspraken zorgen ervoor dat het toetsingskader voor stikstof continu verandert. Rechterlijke uitspraken - maar ook landelijk en provinciaal beleid - hebben direct impact op (lopende) ontwikkelingen in onze gemeente. Informeren en adviseren college bij rechterlijke uitspraken (voorbeelden uitspraken met impact: afschaffing bouwvrijstelling, onvoldoende onzekerheid emissiearme vloeren), wetswijzigingen (voorbeeld: ingang Wet stikstofreductie en natuurherstel), wijzigingen landelijk (voorbeelden: impact subsidieregeling piekbelasters, NPLG) /provinciaal beleid (voorbeeld: FPLG); 38
Beleidsontwikkeling Evalueren en toekomstig herschrijven stikstofbeleid; Evalueren en opstellen milieubeleid (in samenwerking met het team milieu); Advisering binnen ontwikkelingen Omgevingswet (zowel stikstof als milieukundig, in samenwerking met het team milieu); Deelname interne projectgroep FPLG.
39
8K - Programma 8 - Volkshuisvesting, Ruimtelijke ordening en stedelijke vernieuwing Programma 8 - Volkshuisvesting, RO en stedelijke vernieuwing (Achtkarspelen) CDA 1.
Pagina 48/49, 08.02 - Beleid op verhuur van panden Betekent dit dat we een externe partij in gaan huren voor het schrijven van beleid om te zorgen voor een uniforme en transparante prijsbepaling bij de verhuur van panden? Antwoord: Ja, de gemeente heeft geen capaciteit om dit te doen.
FNP 1.
Side 48, 08.02 - Beleid op verhuur van panden Om hoefolle en hoksoarte gebouwen giet dit yn Achtkarspelen? Antwurd: Het gaat om ca. 100 gebouwen. Dit gaat bijvoorbeeld om: - Sportaccommodaties; kantines, kleedkamers, gymzalen, sporthallen. - Welzijnsgebouwen; dorpshuizen, jeugdhonken, peuterspeelzalen, Kindcentra en MFC. - Woningen en garages.
TD - Programma 8 - Volkshuisvesting, Ruimtelijke ordening en stedelijke vernieuwing Programma 8 - Volkshuisvesting, RO en stedelijke vernieuwing (Tytsjerksteradiel) BVNL Geen vragen ingediend. 1. CDA 1.
Op pag 62 gaat het over Beleid op verhuur panden door een externe partij. Bestaat hier, bijv vanuit de VNG, geen bestaand format voor? Antwoord: Er is geen format bekend. Elke gemeente heeft een andere vastgoedportefeuille en daardoor ook een ander beleid op vastgoed. Beleidskeuzes zullen door de gemeente zelf gemaakt moeten worden.
VVD 1.
Beleid op verhuur van panden (pagina 62, 08.02) Recentelijk hebben we in de raad een casus besproken van de verhuur van een gemeentelijke woning aan statushouders tegen een laag huurtarief. Wordt deze huurprijs ook aangepast naar een marktconform tarief? Daarnaast heeft het college al een keer aangegeven dat dergelijk vastgoed op een natuurlijk moment wordt verkocht. Blijft deze afspraak staan met de invoering van dit nieuwe beleid? Antwoord: Op basis van het nog te schrijven beleid zal blijken welke overeenkomsten zullen moet worden herzien. Het afstoten van gemeentelijk vastgoed wordt per situatie beoordeeld.
40
41
8K - Overhead Overhead (Achtkarspelen) CDA 1.
Pagina 56, 00.04.01 - Managementsecretariaat a) Wat is de span of control van deze teamleiders binnen het cluster Organisatie en Ontwikkeling? Antwoord: De span of attention van teamleiders binnen O&O varieert van ca. 18 medewerkers tot ca. 47 medewerkers. Daarbij aangetekend dat teams nog niet overal op sterkte zijn. b) Is dan een managementsecretariaat nodig? Antwoord: De vraag is om de zes teamleiders in dit cluster te ondersteunen met één managementassistent. Dat verlaagt de kosten van ondersteunende werkzaamheden omdat de management-assistent op een lagere schaal in ingedeeld dan de teamleiders, vergroot de effectiviteit, efficiency en kwaliteit ervan en levert zowel bij de teamleiders als de management-assistent meer werkplezier op.
2.
Pagina 61, 00.04.35 - Publiekszaken - Piek reisdocumenten 2024 t/m 2028 a) Door de invoering van de gezichtsscanner (zie pagina 57) gaat dit ook tijd schelen voor de medewerkers zodat de uitbreiding voor de extra formatie niet nodig is? Antwoord: De gezichtsscanner wordt gebruikt om de identiteit van inwoners vast te stellen (i.v.m. fraude) dit heeft niets te maken met het aanvraagproces van reisdocumenten. b) Er komen dan ook meer inkomsten binnen via de leges, is dit in mindering gebracht op dit bedrag? Antwoord: De inkomsten van de leges op reisdocumenten worden niet verrekend met de benodigde kosten voor inzet FTE. Daarnaast is het niet goed in te schatten hoeveel geld er aan leges binnenkomen in welke exacte periode.
FNP 1.
Side 60, 00.04.28 - I&A - Structureel maken thuiswerkvoorzieningen ICT Komme dizze materialen (sa as bygelyks byldskermen) ek werom as meiwurkers stopje by ús gemeente en kinne we dizze materialen dan ek wer opnij útliene? Antwurd: Het losse beeldscherm voor de thuiswerkplekken krijgen mensen in bruikleen. Op het moment dat mensen uitdienst gaan en deze middelen ontvangen hebben wordt hen gevraagd om ten samen met laptop en telefoon het weer in te leveren. Deze materialen worden waar mogelijk opnieuw gebruikt. Voor bureaus en stoelen geldt een andere regeling. Die worden eigendom van de medewerker. Voor uitdiensttreding binnen bepaalde termijnen geldt een terugbetalingsregeling.
GBA 1.
Pagina 53, 00.04.52 - I&A Continuïteit en kwaliteit van informatievoorziening Heeft de gebruiker de licenties die hij/zij nodig heeft in plaats van nodig wenst te hebben? Ofwel: wordt er periodiek gekeken naar wat er nodig is en wat ze hebben? Antwoord: 42
Het gebruik van applicaties is gekoppeld aan medewerkersprofielen. Niet aan individuele medewerkers of gebruikers. Bij het wisselen van rol of functie wordt ook het profiel heroverwogen en krijgt de medewerkers de licenties benodigd voor die specifieke rol of functie. 2.
Pagina 56, 00.04.01 - Managementsecretariaat a) Wat is de noodzaak van het inzetten van een extra managementsecretariaat? Antwoord: De vraag is om de zes teamleiders in dit cluster te ondersteunen met één managementassistent. Dat verlaagt de kosten van ondersteunende werkzaamheden, vergroot de effectiviteit, efficiency en kwaliteit ervan en levert zowel bij de teamleiders als de management-assistent meer werkplezier op. b) En is dit nog wel relevant, gezien de ontvlechting met T-diel? Antwoord: Ons advies is om vooral nieuw personeel te blijven werven en aan te nemen om de volgende redenen a. Het verloop is nog altijd hoog en de verwachting is dat het verloop eerder hoger wordt dan lager door de keuze voor ontvlechting van de werkmaatschappij b. Het is aannemelijk dat de beide nieuwe organisaties gezamenlijk minstens net zo veel medewerkers nodig hebben als de werkmaatschappij nu c. De werkmaatschappij werkt met een groot aantal externen. Hoewel het wenselijk is om met een flexibele schil van externen te werken om tijdelijk capaciteit en deskundigheid in te huren, is het aandeel daarvan in de huidige organisatie hoog d. Een vacaturestop is een slecht signaal naar de al krappe arbeidsmarkt e. In de kadernota sorteren we nu eerst voor op incidentele formatie voor de komende twee jaar vanwege de nog onduidelijke toekomst.
3.
Pagina 59, 00.04.24 - I&A Applicaties naar de cloud a) Wat is het effect op de langere termijn? Antwoord: Dit is een breed geformuleerde vraag waarop een antwoord niet hier en nu geformuleerd kan worden. b) Voordat we deze applicatie opbouwen voor WM8KTD, is het niet verstandiger om het twee/drie jaar uit te stellen en dan deze applicatie voor onze gemeente alleen te realiseren met het oog op de ontvlechting? Antwoord: Een hele relevante vraag die niet eerder beantwoord kan worden dan wanneer de opdracht voor ontvlechting eenduidig is geformuleerd en de scenario’s, mogelijkheden en onmogelijkheden zijn verkend. Je kunt dit dus niet eerder vaststellen dan dat duidelijk is.
4.
Pagina 61, 00.04.35 - Publiekszaken- Piek reisdocumenten 2024 t/m 2028 Als het huidige stramien 5 jaar is, hoe kan dan 10 jaar voor een piekmoment zorgen in plaats van een daling? Bovendien gaat alles toch op afspraak? Antwoord: In het kamerstuk 33 440 (R 1990) van 17-10-2012, Wijziging van de Paspoortwet is opgenomen: “De verlenging van de geldigheidsduur van nationale paspoorten en Nederlandse identiteitskaarten van vijf naar tien jaar zal een vermindering van werkzaamheden betekenen van de uitgevende instanties. De gevolgen daarvan zullen echter pas vijf jaar na uitgifte van de documenten met een langere geldigheidsduur merkbaar worden. Dit geldt ook voor de financiële consequenties.” In 2014 werd de geldigheidsduur van reisdocumenten voor volwassenen verlengd van vijf 43
naar tien jaar. Vanaf 2024 gaan de gemeenten de effecten merken van de nieuwe cyclus die is ontstaan door invoering van de langere geldigheidsduur van paspoorten en identiteitskaarten. In 2019 t/m 2023 zijn er dus minder verlengingen geweest, echter hierdoor ontstaat er nu wel een piek. Het is mogelijk om de aanvraag digitaal op te starten, het blijft echter noodzakelijk om het proces fysiek op het gemeentehuis af te handelen. Dit moet in verband met fraudebestrijding. Deel van de aanvraag online starten: Zo werkt het • U start de aanvraag en u maakt een afspraak via de knop hieronder. • U betaalt gelijk online via iDEAL. • Daarna komt u langs op de afgesproken datum en tijdstip om uw aanvraag af te ronden. • Neem een geldige pasfoto(externe link) mee (deze kleurenpasfoto mag niet ouder zijn dan 6 maanden). • Neem alle paspoorten en identiteitskaarten mee die u heeft, óók als ze verlopen zijn. • Bij ons zet u uw handtekening en wij nemen uw vingerafdrukken af. • Daarna ligt uw paspoort na 5 werkdagen klaar op het gemeentehuis. • Ophalen doet u zonder afspraak. • Haal uw paspoort binnen 3 maanden op. Anders vervalt het document en moet u een nieuwe aanvraag doen. FVD 1.
Pagina 53: I&A - Continuïteit en kwaliteit van informatievoorziening 00.04.52 Er wordt een uitbreiding voor in totaal 5,75 FTE gevraagd, dan is er nu dus sprake van een duidelijke onderbezetting van ICT. Waar zit dit precies in? (Ted Baas) Antwoord: Een belangrijke factor is de grote in- en uitstroom van medewerkers. Medewerkers moeten voorzien voor van de benodigde apparatuur en een ingericht werkomgeving zoals licenties voor applicaties en e-mailaccount. Daarnaast worden applicaties vervangen (bv SD applicatie) en zijn er ICT aanpassingen noodzakelijk door wetswijzigingen zoals de Omgevingswet.
2.
Pagina 56: Management secretariaat 00.04.01 In de kadernota staat: “Binnen de overige clusters van de organisaties wordt reeds gewerkt met managementsecretaresses, waardoor er een ongelijkheid in de facilitering van de groep leidinggevenden zal blijven bestaan, wat zal leiden tot ontevredenheid onder de medewerkers.” Zoals het hier beschreven staat, lijkt het erop dat leidinggevenden het niet eerlijk vinden dat andere leiddinggeven wel gebruik kunnen maken van een managementsecretaresse. Is deze ondersteuning daadwerkelijk nodig? (Ted Baas) Antwoord: De betrokken zes teamleiders ervaren een hoge werkdruk, mede als gevolg van de vele administratieve taken die zij dagelijks moeten uitvoeren op het gebied van personele zaken, agendabeheer, organiseren van bijeenkomsten enz,. Dit neemt een wezenlijk aantal uren van hun werkweek in beslag. De inzet van managementsecretaresses geeft ook deze teamleiders meer ruimte om zich te kunnen richten op hun managementtaken, zoals teamontwikkeling/organisatie ontwikkeling enz.
3.
Pagina 57: Publiekszaken - Gezichtsscanner Burgerzaken 00.04.32 Leidt de inzet van een gezichtsscanner juist niet tot meer werk voor de medewerkers? Identificatie kan toch ook plaatsvinden door de foto op het identiteitsbewijs te vergelijken met de persoon die voor je staat? (Ted Baas)
44
Antwoord: Bij identiteitsvaststelling controleer je of het document waarmee iemand zich identificeert rechtsgeldig is, en of de persoon die zich wil inschrijven overeenkomt met de persoon die op het document staat. Dit laatste is een beslissing die vaak binnen dertig seconden gemaakt moet worden. Met de gezichtsscanner waarmee we iemands pasfoto op het identiteitsdocument kunnen vergelijken met gezicht van de inwoner, voorkomen we dat de onjuiste identiteit wordt vastgesteld en iemand onterecht in de BRP geregistreerd wordt. Aan de hand van registratie in de BRP worden allerlei rechten en plichten toegekend aan personen. Hierbij kun je onder andere denken aan verschillende toeslagen zoals kinderbijslag, zorgtoeslag e.d. Het is daarom heel belangrijk dat deze gegevens kloppen en dat alleen personen die aan de voorwaarden voldoen zich kunnen inschrijven in de BRP. Wanneer personen onterecht worden ingeschreven, dan werkt dat door naar alle overheidsregistraties. Mensen kunnen dan onterecht gebruik maken van toeslagen, zorg, onderwijs en verblijfsrecht. Op 12 juli hebben raadsleden het team Publieksdiensten bezocht. Hier is de werking van de gezichtsscanner in Burgum getoond. Het verslag van dit bezoek wordt met dhr. Baas gedeeld. 4.
Pagina 58: Teamleider I&A 00.04.02 Bij tekst voor nadere toelichting staat: “De bijkomende kosten voor vaste overhead bedragen € 4.000 en de overige overhead €14.000.” Hoe komen we tot een bedrag van €18.000 aan bijkomende kosten? Dit is een fors bedrag. (Ted Baas) Antwoord: Het cluster bedrijfsvoering is een cluster dat de rest van de organisatie ‘bedient’ door het bieden van advies, ondersteuning, beheer en faciliteiten en middelen. De werklast van het cluster staat in verhouding tot de omvang van de organisatie. De organisatie bepaalt het aantal interne klanten en is daarmee de werklastbepalende factor. Om de kwaliteit van dienstverlenging vanuit Cluster Organisatie & Ontwikkeling te kunnen continueren en waarborgen moet het cluster en de aanverwante budgetten meebewegen met de rest van de organisatie. In de kadernota wordt onderscheid gemaakt tussen vaste en overige overhead. Deze kosten bestaan uit kosten die worden gemaakt t.b.v. de werkplekinrichting en het functioneren van nieuwe medewerkers. Zo worden de vaste overheadkosten onder andere verdeeld aan arbo-activiteiten, centraal opleidingsbudget, centraal ziektevervangingsbudget, ICT en persoonlijk opleidingsbudget. De overige overheadkosten worden verdeeld naar ondersteunende diensten.
Hierbij valt te denken aan HR beleid, HR verzekering, HR werving & selectie, ICT, organisatieontwikkeling en ondersteuning en advies van financiën, juridische zaken en personeelsadministratie.
5.
Pagina 59: I&A - Sociaal Intranet applicatie 00.04.25 €40.000 voor een internetpagina is wel heel veel geld. Is dit daadwerkelijk nodig? (Ted Baas) Antwoord: Het sociaal intranet is geen losse webpagina, maar het platform waarom de hele organisatie informatie brengt en haalt. Het intranet is van essentieel belang voor de interne organisatie. Een goede onderlinge communicatie, gericht op verbinden van afdelingen en collega’s op een eigentijdse wijze, draagt bij aan betrokkenheid en werkplezier. Een eigentijds sociaal intranet bevordert de onderlinge interactie, kennisdeling en samenwerking binnen onze sterk gegroeide en divers gehuisveste organisatie Daarnaast voldoet het huidige intranet niet aan de eisen van informatieveiligheid.
6.
Pagina 61: Publiekszaken - Piek reisdocumenten 2024 t/m 2028 00.04.35 Er zijn tussen 2019 en 2023 minder reisdocumenten uitgegeven. Is er in deze periode ook 0,25 FTE bezuinigd bij Burgerzaken? (Ted Baas) Antwoord: Er is in deze periode inderdaad minder FTE ingezet voor het uitgeven van de reisdocumenten. Deze FTE zijn echter hard nodig geweest voor andere ontwikkelingen 45
zoals het digitaliseren van processen binnen Burgerzaken, het anders werken i.v.m. Covid, en bv de toestroom van Oekraïners.
46
TD - Overhead Overhead (Tytsjerksteradiel) BVNL Geen vragen ingediend. 1.
Pagina 68 - Preventiemedewerker Op welke manier wordt de preventiemedewerker ingezet bij de genoemde diverse noodzakelijke activiteiten (onder andere de RIE’s, Lymescreening, griepprik en vaccinaties voor Hepatitis A en B en Tetanus)? (mevr. Jose Giesing). Antwoord: De preventiemedewerker wordt ingezet op coördinatie van de activiteiten die nodig zijn zoals het versturen van de uitnodigen.
CDA 1.
Op pag 64 wordt de behoefte aan een bestuurscommunicatie adviseur geduid. Is deze behoefte, gezien de gevolgen van het raadsbesluit van 22 juni jl. nog functioneel? Wat als we het nu niet doen, maar dit uitstellen tot de nieuwe organisatievorm krijgt? Antwoord: Ook tijdens de opbouw van de twee gemeentelijke organisaties is strategische positionering van het college en de individuele bestuurders belangrijk. Deze functionaris speelt een grote rol in woordvoering, reputatie en beeldvorming. Tijdens de opbouw van de nieuwe organisatie is de continuïteit daarvan belangrijk. Als we dit uitstellen totdat de nieuwe organisatievorm krijgt, een periode waarin veel energie van de organisatie zal uitgaan naar de verandering, lopen we een risico.
FNP 1.
Side 64: Bestuurscommunicatieadviseur kin dit omzetten wurde nei Bestuursadviseur? Antwurd: De funksjetitel "Bestuursadviseur”is op it stuit al yn gebrûk foar in oare funksjonaris dy't û.o. dwaande is mei de gearwurking yn ANNO-ferbân en ûndersteuning fan de bestjoeren op alle gebieden. De "Bestuurscommunicatieadviseur” docht wurdfiering, is dwaande mei reputaasje en positionering fan it kolleezje en de individuele bestjoerders.
2.
Side 70: Under it kopke: Wat stellen we voor? Het gaat om een uitzetting van 11,5 fte. Yn de foarljochting op 1 juny 2023 hat dhr Jalvingh in presintaasje joen weryn hy it hat oer 9,5 fte. Wer sit 'm dit ferskil yn? Antwurd: We hebben naar aanleiding van uw vraag onderzocht waar dit verschil vandaan komt. Het blijkt dat de 11,5 FTE correct is en het eerder door dhr. Jalvingh genoemde aantal een kleine omissie was.
3.
(Side 71 boppe oan stiet 'De kosten voor gemeente Achtkarspelen' dit moat wêze 'Tytsjerksteradiel') Antwurd: Wurdt oanpast.
4.
Side 75: Under it kopke 'Wat willen we?' En ûnder 'Wat stellen we voor?' , en by 'Wat als we het niet doen?' Stiet by alle trije: managementsecretaresses. Dit jout de yndruk dat allinich froulje hjir foar yn oanmerking komme. Dit soarte frouwelike wurden komme eins net mear foar yn de Nederlânske taal. It soe dus 'secretaris' wêze moatte mar moaier is 'management assistent'. Antwurd: 47
Wij hechten aan diversiteit en inclusiviteit. We passen de benaming aan. VVD 1.
Bestuurscommunicatieadviseur (pagina 64, 00.04.06) Binnen de werkmaatschappij hebben we al een groot aantal FTE’s, die dagelijks werkzaam zijn voor communicatie. Dat doen zij voor beide gemeenten. Een wethouder in Tytsjerksteradiel heeft een salaris van EUR 7.500,00 bruto en een burgemeester in Tytsjerksteradiel verdient EUR 9.500,00 bruto. Wij zijn van mening dat onze bestuurders met een dergelijk salaris handig genoeg zijn om zelf te kunnen communiceren. We zijn een plattelandsgemeente. Kunnen deze werkzaamheden niet door de bestuurders of de eigen communicatieafdeling zelf worden uitgevoerd? Is dit niet een beetje over de top voor een gemeente als Tytsjerksteradiel? Antwoord: We zijn het met u eens dat we zeer kundige bestuurders hebben. De huidige tijd vraagt echter om expertise op het gebied van woordvoering en reputatiemanagement. Om te zorgen dat de bestuurders individueel en als collectief goed beslagen ten ijs komen bijvoorbeeld in media-optreden en bij lastige en gevoelige dossiers is het belangrijk dat zij op dit gebied beter dan nu het geval is ondersteund worden. Wij beschikken inderdaad over een aantal functionarissen die werkzaam zijn binnen het vakgebied Communicatie, maar zij komen door de grote hoeveelheid werk vanuit de inhoud niet voldoende toe aan de specifieke ondersteuningsbehoefte van onze bestuurders.
2.
I&A - Continuïteit en kwaliteit van informatievoorziening (pagina 70, 00.04.52) Wat bedoelt u ermee dat een gymzaal van technologie moet worden voorzien? U schrijft dat de licentiebehoefte is gestegen naar 900 in 2023? Betekent dit dat er bij de twee gemeenten en bij de werkmaatschappij in totaal 900 verschillende mensen werkzaam zijn? Volgens onze informatie heeft I&A een formatie van bijna 42 FTE. Er wordt een uitbreiding gevraagd van 11,5 FTE. Dat is meer dan 25% uitbreiding op een forse formatie. Er is een fors bedrag gemoeid met de gevraagde uitbreiding. Op welke manier kan de gevraagde uitbreiding fors worden gereduceerd? Antwoord: 1. Gymzalen: Het betreft hier verbindingen die nodig zijn voor bijvoorbeeld bereikbaarheid en digitale sleutelkluizen, zodat deze op afstand kunnen worden beheerd. 2. De licentiebehoefte is gestegen om meerdere redenen: - er zijn meer medewerkers in dienst gekomen - er is een toename van het aantal schaduwfractieleden te zien, die alle middels een Ipad en een account worden gefaciliteerd. - de archiefwet verplicht ons om agenda en mail van B&W en mail van management eeuwig of langere tijd te bewaren. Vooralsnog is ervoor gekozen de accounts van deze vertrokken functionarissen passief in stand te houden.
- in kader van informatieveiligheid moeten alle in-en externe medewerkers en ook alle vrijwilligers over een account van onze organisatie beschikken. Bij vrijwilligers moet gedacht worden aan mensen die worden ingezet bij het openbaar archief, bij de opvang van Oekraïners en bij de Kruidhof. 3. Het team I&A bestaat uit drie subteams: BAG/WOZ beheer, Documentaire Informatievoorziening en ICT. ICT bestaat uit Informatiemanagement en Informatieveiligheid (5,5 fte), Systeem- en netwerkbeheer (5 fte) en Helpdesk (2fte). De extra formatie is alleen bedoeld voor het subteam ICT. Als we deze niet invullen kunnen we - niet voldoen aan wettelijke eisen op gebied van informatieveiligheid, - niet rechtmatig zijn - systemen (hardware en software) onvoldoende up-to-date houden qua versies. - de werkzaamheden rondom personeelsmutaties niet aan en zal de uitlevering van devices aan medewerkers en raadsleden stagneren of ernstig vertragen 48
-
Kunnen wij de beschikbaarheid van systemen en ondersteuning van medewerkers niet altijd garanderen.
49