CConstaterende datTytsjerksteradiel
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2 - Transitievisie warmte (warmtevisie).pdf

RAADSVERGADERING 2018 t/m 2024 18 februari 2021, gemeente TytsjerksteradielBij agendapunt: Duurzaamheidsagenda, transitievisie warmte, RKC-rapport: Raad weten met Energie (besluitvormend)31.237 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

2 / 142

3 / 142

Colofon Deze warmtevisie is vastgesteld op [datum] door de gemeenteraden van Achtkarspelen en Tytsjerksteradiel. De visie is opgesteld in nauwe samenwerking tussen de gemeente Achtkarspelen, de gemeente Tytsjerksteradiel, partners, inwonersinitiatieven en Over Morgen.

4 / 142

Inhoudsopgave Begrippenlijst ......................................................................................................................................5 Samenvatting Warmtevisie Tytsjerksteradiel en Achtkarspelen .....................................9 1.

Inleiding ..................................................................................................................................... 15 1.1 Landelijke en regionale ambities ............................................................................... 15 1.2 Lokale ambities ................................................................................................................. 17 1.3 Wie hebben er meegedacht?........................................................................................ 17 1.4 Randvoorwaarden ............................................................................................................ 18 1.5 Leeswijzer ........................................................................................................................... 19

2.

Gezamenlijke uitgangspunten ........................................................................................... 21

3.

De warmtetransitie in Achtkarspelen en Tytsjerksteradiel .................................... 23 3.1 Inzicht in de opgave ........................................................................................................ 23 3.2 De transitie naar aardgasvrij ....................................................................................... 27

4.

Waar gaan we naartoe? ....................................................................................................... 39 4.1 Richting voor de gemeenten Achtkarspelen en Tytsjerksteradiel ................. 39 4.2 Selectiecriteria fasering ................................................................................................. 41 4.3 Waarmee gaan we starten?.......................................................................................... 42

5.

Hoe verder? Handreiking tot uitvoering ........................................................................ 53 5.1 Doel en aandachtsgebieden van het uitvoeringsprogramma .......................... 53 5.2 Uitvoeringsstrategie voor de brede aanpak en in de startgebieden ............. 55 5.2.1 Brede aanpak voor beide gemeenten ................................................................... 56 5.2.2 Programma kansrijke dorpen of buurten ............................................................ 57 5.3 Belangrijke stakeholders waar het uitvoeringsprogramma zich op richt ... 58 5.4 Tussentijdse resultaten.................................................................................................. 59 5.5 Benodigde capaciteit en middelen ............................................................................. 62

6.

Tot slot ........................................................................................................................................ 64 Bijlage A Warmteopties .................................................................................................................. 67 Bijlage B Warmte Transitie Model ................................................................................................ 76 Bijlage C Warmtekaart en Kansenkaart ....................................................................................... 81 Bijlage D Kaarten kwh/m2 ............................................................................................................. 90 Bijlage E Kansrijke startgebieden ............................................................................................... 105 Bijlage F Resultaten Informatieavond 12/11 ............................................................................ 114 Bijlage G Dorpsindeling ................................................................................................................ 120 Bijlage H Mienskipsenergieplan Ryptsjerk ................................................................................. 123

5 / 142

Begrippenlijst All-electric: De volledige energievraag van een gebouw wordt voorzien door elektriciteit. ANNO: Agenda Netwerk Noordoost. Een regionaal samenwerkingsverband voor de sociaaleconomische ontwikkeling van Noordoost-Friesland. De vier betrokken gemeenten zijn Noardeast-Fryslân, Dantumadiel, Achtkarspelen en Tytsjerksteradiel. EKG: Enerzjy Koöperaasje Garyp. Energieneutraal: Er wordt evenveel energie duurzaam opgewekt als er gebruikt wordt. Daarbij gaan we uit van een situatie waarbij over een jaar gemeten het energiegebruik van een gebouwd object (of wijk, buurt, dorp, kunstwerk, en dergelijke) ten minste nul is: er wordt niet meer energie uit het gasen elektriciteitsnet betrokken dan er vanuit duurzame bronnen aan wordt toegeleverd. Het gaat dus om het gebruik van duurzame energie. Voor het gebied van de gemeente Achtkarspelen en Tytsjerksteradiel wordt de volgende afbakening van deze definitie gehanteerd: ▪ Een fossiel energieverbruik van ten hoogste nul omdat er niet méér energie uit het openbare net wordt gebruikt, dan de duurzame energie die wordt opgewekt uit duurzame bronnen. ▪ De duurzame opwek van de gebouwde omgeving, mobiliteit en bedrijven vindt ten minste plaats binnen de gemeentegrenzen. ▪ De grootschalige behoefte van energie voor de industrie mag ook buiten de gemeentegrenzen opgewekt worden. ▪ Het energieverbruik wordt over een jaar gemeten.

We spitsen ons dus toe op alle energie om te kunnen wonen, werken en rijden binnen onze gemeenten, met uitzondering van industriële activiteiten. De focus ligt bij zaken binnen de directe gemeentelijke invloedssfeer, in lijn met het Klimaatakkoord en de Regionale Energie Strategie ESCo: Energy Service Company. Een ESCo ontzorgt woningeigenaren en financiert investeringen uit energiebesparing in de woning. GGF: Gebouwgebonden financiering. De financiering is gekoppeld aan het vastgoed, niet aan de bewoner. GIS: Geografisch informatiesysteem. Dit is een informatiesysteem om op basis van kaartmateriaal en met verschillende data allerlei analyses te maken. HT (hoogtemperatuur): Bestaande warmtenetten in oudere wijken leveren een temperatuur van maximaal 90°C aan de woningen en gebouwen. Hybride oplossingen: Oplossingen die gebruikmaken van een combinatie van technieken. Bijvoorbeeld een elektrische warmtepomp die op de koudste momenten van het jaar de HR-ketel inschakelt en wordt gebruikt voor de bereiding van het warme tapwater. Klimaatakkoord: Dit is het akkoord tussen veel verschillende organisaties en bedrijven in Nederland om de uitstoot van broeikasgassen tegen te gaan en daarmee de opwarming van de aarde te beperken. Laagst maatschappelijke kosten: In een maatschappelijke kosten-batenanalyse wordt een optelsom gemaakt van investeringen, operationele kosten en baten.

In het Nederlandse Klimaatakkoord is afgesproken dat de warmtevisies uitgaan van de laagste maatschappelijke kosten van de gehele warmteketen. Dit zijn de kosten voor het aanpassen van de gebouwen, de kosten voor het vervangen van de energie-infrastructuur en de ontwikkeling van duurzame energiebronnen. LT (laagtemperatuur): Bij nieuw te bouwen wijken kan worden overwogen om de aanvoertemperatuur verder te verlagen naar 40°C (laagtemperatuur). In woningen moet dan wel een aanvullende warmtapwaterbereiding geplaatst worden voor warm tapwater. MT (middentemperatuur): Woningen in nieuwere wijken zijn beter geïsoleerd en dan is een aanvoertemperatuur die lager ligt, circa 70°C, voldoende.

6 / 142

Proeftuinwijk: Geselecteerde wijken, buurten of dorpen waarin gewerkt wordt om deze met een wijkgerichte aanpak aardgasvrij te maken. Deze proeftuinwijken ontvangen een bijdrage van de Nederlandse overheid. In de proeftuinen wordt ervaring opgedaan met de transitie naar aardgasvrij. RES: Regionale Energie Strategie. Nederland is opgedeeld in 30 verschillende RES-regio’s. Binnen de regio's werken regionale partijen en inwoners samen aan de keuzes voor de opwekking van grootschalige duurzame elektriciteit (zon- en windenergie). Deze strategie draagt bij aan een betaalbare, betrouwbare, schone en veilige energievoorziening voor iedereen in de regio in 2050. Alle Friese gemeenten, Achtkarspelen, Ameland, Dantumadiel, De Fryske Marren, Harlingen, Heerenveen, Leeuwarden, Noardeast-Fryslân, Ooststellingwerf, Opsterland, Schiermonnikoog, Smallingerland, Súdwest-Fryslân, Terschelling, Tytsjerksteradiel, Vlieland, Waadhoeke, Weststellingwerf, vormen met Provincie Fryslân en Wetterskip Fryslân samen een van de 30 RES-regio’s. RSW: Regionale Structuur Warmte. De RSW is in de RES geïntroduceerd om de inzet van duurzame warmtebronnen op regionaal niveau inzichtelijk te maken. RWZI: Rioolwaterzuiveringsinstallatie.

Transitiegereed: Een woning is transitiegereed als deze klaar is om van het aardgas af te gaan en er geen grote maatregelen (zoals vervanging van radiatoren of isolatie) meer nodig zijn tot 2050. Dat

wil zeggen dat zij hun woningen zodanig gaan isoleren dat ze klaar zijn voor de overstap op aardgasvrij. Deze maatregelen staan los van de uiteindelijke energie-infrastructuur die in de buurt aangelegd gaat worden. Transitievisie Warmte of warmtevisie: De warmtevisie is een beleidsdocument waarin voor de buurten en dorpen waar de transitie voor 2030 staat gepland een realistisch tijdspad is vastgelegd. Ook wordt ingegaan op welke toekomstige energievoorziening in welke buurt het meest kansrijk lijkt op basis van de huidige stand der techniek. Utiliteit/utiliteitsbouw: Alle gebouwen in de gemeente waarin niet gewoond wordt, zoals scholen, winkels, kantoren en fabrieken. Weq(‘s): Woningequivalent. Deze term wordt gebruikt om verschillende typen gebouwen te kunnen vergelijken en op te kunnen tellen tot één geheel. Een woningequivalent staat gelijk aan 1 woning en 100 m2 utiliteitsbouw. Wijkanalyse: Een wijkanalyse omvat een beschrijving van een wijk: aantal bewoners, leeftijdsopbouw, aantal en soort huishoudens, gemiddeld inkomen, aantal woningen, bouwjaar woningen, woningtypen, aantal auto’s, energieverbruik. WKO: Warmte Koude Opslag, vaak in combinatie met een warmtepomp. WKO is een vorm van allelectric die veelal interessant is wanneer er naast een warmte- ook een koudebehoefte bestaat.

Het principe is vergelijkbaar met een warmtepomp, met het verschil dat bij WKO sprake is van opslag. Een WKO-systeem onttrekt energie aan de bodem om een gebouw, of meerdere gebouwen, mee te verwarmen of te koelen. De bodem wordt gebruikt om in de zomer warmte op te slaan en de koude uit de bodem te onttrekken om het gebouw mee te koelen. In de winter is dit andersom, dan wordt de warmte die in de bodem is opgeslagen gebruikt en wordt koude opgeslagen. Woonlastenneutraal: In het Klimaatakkoord is afgesproken dat het aardgasvrij maken van woningen woonlastenneutraal moet zijn. Dit betekent dat de maandelijkse lasten die een huishouden betaalt aan energie (gas, elektriciteit, warmte) en hypotheeklast of huur niet stijgen. Het kabinet ziet ‘woonlastenneutraliteit’ als het gelijk blijven of lager worden van deze maandelijkse lasten. Dat wil zeggen dat de verlaging van de energierekening van een huishouden minimaal gelijk is aan de maandelijkse financieringskosten of huurverhoging op het moment dat de energiebesparende maatregelen worden genomen1.

1 Klimaatakkoord, Afspraken voor Gebouwde omgeving, Vraag en antwoord, https://www.klimaatakkoord.nl/gebouwde-omgeving/vraag-

en-antwoord/woonlastenneutraliteit, bezocht 17 maart 2020.

7 / 142

WTA: Warmte Transitie Atlas. Een kaartsysteem van Over Morgen om feiten en kansen in beeld te krijgen voor de warmtetransitie. Inhoudelijk beantwoordt de WTA drie vragen: waar staan we nu? Waar gaan we naartoe? En waar kunnen we morgen aan de slag? WTM: Warmtetransitiemodel. Dit model geeft inzicht in het volgende: de opties en kosten voor een aardgasvrije gebouwde omgeving, de laagste maatschappelijke transitiekosten per buurt voor verschillende warmteopties en de gebieden die kansrijk zijn voor het starten van een collectieve warmtevoorziening op basis van vastgoedkenmerken. WUP: Wijk uitvoeringsplan. Een plan waarmee je met alle betrokkenen in een wijk, buurt of dorp een verdiepingsslag maakt om het gebied van het aardgas te krijgen

8 / 142

Aan de inwoners van Achtkarspelen en Tytsjerksteradiel: wat betekent de warmtevisie voor u en wat kunt u doen? De gemeenten Achtkarspelen en Tytsjerksteradiel werken aan een duurzame toekomst. In deze warmtevisie leest u hoe we toewerken naar een 100% duurzame opwek van energie binnen de gemeentegrenzen. We gaan in op de dorpen en buurten die kansrijk zijn om voor 2030 van het aardgas af te gaan en welke vervolgstappen we willen nemen. Ook geeft de visie een richting voor de dorpen en buurten die dit proces na 2030 zullen inzetten. Het hebben van deze visie betekent niet dat we morgen aardgasvrij zijn of dat morgen de schop in de grond gaat. In de kansrijke startgebieden beginnen we met een verkenning (bijvoorbeeld om te kijken of een uitvoeringsplan kansrijk lijkt). Meestal doen we dit door een haalbaarheidsonderzoek uit te voeren naar de warmteoplossing en mogelijke duurzame bronnen. Daarbij wordt ook meegenomen hoe we de woningen en gebouwen geschikt moeten maken voordat ze comfortabel met de nieuwe oplossing verwarmd kunnen worden. Als u in een van de voorgestelde startgebieden woont, zult u ruim van tevoren worden geïnformeerd. Ook vragen we u om mee te denken. Wij houden vast aan de richtlijn van het nationale Klimaatakkoord om inwoners minimaal acht jaar van tevoren ervan op de hoogte te stellen dat een buurt van het aardgas wordt afgesloten.

Lang niet alle dorpen en buurten komen ervoor in aanmerking om voor 2030 van het aardgas af gaan. De kans is dus groot dat u niet in een potentieel startgebied woont. Wilt u toch al (kleine) stappen zetten? Dan zijn er ook nu al mogelijkheden waarmee u aan de slag kunt gaan. Door uw huis te isoleren bespaart u al direct energie. Veel inwoners zijn hier ook al mee bezig, individueel of samen in een van de vele inwonersinitiatieven of lokale energiecoöperaties. Hierdoor worden woningen en gebouwen helemaal of grotendeels voorbereid op een toekomstige aardgasvrije oplossing. De warmtevisie geeft focus en richting, maar is niet in beton gegoten. Integendeel, we willen juist ruimte bieden voor inwoners, bedrijven en andere organisaties om initiatieven te starten. Als gemeenten proberen we kansrijke initiatieven zo goed mogelijk te faciliteren en verder te helpen.

9 / 142

Samenvatting Warmtevisie Tytsjerksteradiel en Achtkarspelen Mei-inoar wurkje oan in takomst sûnder ierdgas De gemeenten Tytsjerksteradiel en Achtkarspelen werken samen aan een duurzame toekomst, in lijn met het Klimaatakkoord. We streven naar 100% duurzame opwek van energie - geheel aardgasvrij - binnen de eigen gemeentegrenzen. Om deze ambitie waar te kunnen maken, is een route ontwikkeld met stappen voor een breed toepasbare aanpak voor beide gemeenten. Dit noemen we een warmtevisie, ook wel bekend als 'Transitievisie Warmte'.

De opgave Met de strategie en aanpak beschreven in deze warmtevisie geven de gemeenten Achtkarspelen en Tytsjerksteradiel invulling aan de verplichtingen uit het Klimaatakkoord en de daaruit volgende stappen naar aardgasvrije en energieneutrale gemeenten. Elke gemeente moet uiterlijk in 2021 een warmtevisie hebben vastgesteld. De warmtetransitie is een complex proces dat vraagt om een programmatische aanpak. In de warmtevisie staat daarom een tijdspad hoe we als gemeenten samen met alle betrokkenen onze warmtevraag op een aardgasvrije en duurzame manier willen gaan invullen. De CO2-uitstoot moet in 2030 49% lager zijn dan het niveau in 1990. Dat is de opgave waar we in Nederland voor staan. Ook in Achtkarspelen en Tytsjerksteradiel beginnen de gemeenten vanuit hun regierol vroeg met het maken van plannen hiervoor. Tytsjerksteradiel wil in 2040 al energieneutraal zijn. De gemeente Achtkarspelen committeert zich aan de landelijke doelstelling om in 2050 geen aardgas meer te gebruiken voor de gebouwde omgeving.

Randvoorwaarden

Om de warmtetransitie werkelijk in te kunnen zetten, zijn er een aantal randvoorwaarden: > een passende energie-infrastructuur, aangevuld met de mogelijkheid om energie op te slaan > capaciteit en middelen bij zowel de gemeenten als bij de stakeholders en alle partijen die een taak hebben in de uitvoering van de warmtetransitie > een visie die door zoveel mogelijk betrokken partijen wordt gedragen

De uitgangspunten De gemeenten Achtkarspelen en Tytsjerksteradiel werken samen met betrokken partijen aan de warmtevisie, die ter besluitvorming aan de gemeenteraden van beide gemeenten zal worden aangeboden. Als eerste onderdeel van het proces om tot deze warmtevisie te komen, zijn uitgangspunten opgesteld. Deze uitgangspunten gelden als leidende principes om de keuzes die door de gemeenten en betrokken partijen gemaakt worden in het warmtetransitieproces, te kunnen onderbouwen. De uitgangspunten zijn opgesteld door de projectgroep (vertegenwoordigers van verschillende afdelingen van de gemeenten, Liander, Stedin, Wetterskip Fryslân, Stichting Woningbouw Achtkarspelen, WoonFriesland). Iedereen kan meedoen We hebben oog voor de eindgebruiker. Betaalbaarheid en draagvlak zijn essentieel. Daarnaast kost de transitie naar energieneutrale gemeenten en een aardgasvrije gebouwde omgeving tijd. We hebben in Tytsjerksteradiel tot en met 2040 en in Achtkarspelen tot 2050, en die tijd willen we gebruiken om de beste keuzes te maken. Breed draagvlak van inwoners, bedrijven, andere organisaties en gemeenteraden We streven naar een breed draagvlak onder inwoners, bedrijven, andere organisaties en de gemeenteraden. Om dat te bereiken zorgen we dat inwoners goed geïnformeerd zijn en de tijd hebben om over te gaan op een aardgasvrije warmtevoorziening.

10 / 142

Betaalbare en kostenefficiënte oplossingen De warmtetransitie brengt kosten met zich mee. Betaalbare oplossingen voor inwoners zijn essentieel. Om te zorgen dat we in de beginfase de juiste keuzes maken, starten we op de plekken waar de maatschappelijke kosten het laagst zijn en waar de keuze voor een alternatief voor aardgas het meest voor de hand ligt. Duidelijk en gedragen kader voor investeringen De opgave wacht niet. De betrokken partijen committeren zich aan een gezamenlijke visie met uitgangspunten en selectiecriteria waar gedurende de warmtetransitie op teruggevallen kan worden. Daarmee scheppen we een duidelijk en gedragen kader om mee aan de slag te kunnen en weten alle betrokkenen wat hen te wachten staat. Integrale bril en koppelkansen We streven naar een optimale afstemming van de investeringen en werkzaamheden die in een gebied plaatsvinden. Daarbij betrekken we zoveel als mogelijk ook andere onderwerpen, want de warmtetransitie is geen losstaande opgave. Slimme oplossingen, technologische vernieuwing We willen de CO2-uitstoot reduceren. Daarom is een nieuwe bron voor warmte bij voorkeur duurzaam: hernieuwbaar en niet-fossiel. Goede samenwerking, een slagvaardig (tijdig) proces en duidelijke rollen Door planningen waar mogelijk op elkaar af te stemmen, proberen we overlast zoveel mogelijk te beperken en inwoners te ontzorgen.

In de onderzoeken en wijkuitvoeringsplannen die mogelijk gaan volgen op de warmtevisie, betrekken we alle betrokken energiegebruikers in het dorp of de buurt. Leren van elkaar, kennisbank We willen dat we met deze visie gezamenlijk aan de slag kunnen in de eerste projecten. De gemeenten kunnen dit niet alleen en zoeken daarom de samenwerking met partners in de dorpen en buurten. We halen informatie op en verbinden kennis om zo duidelijk te krijgen wat de beste oplossingen zijn. Deze uitgangspunten zijn op verschillende momenten gedeeld met inwoners, ondernemers, de gemeenteraden, inwonersinitiatieven en energiecoöperaties.

De aanpak Per dorp en buurt is onderzocht en berekend welke toekomstige warmteoplossing het meest geschikt is. De warmtevisie geeft focus en richting en dient als leidraad op basis van het WarmteTransitieModel van Over Morgen. Dit model geeft inzicht in de laagste maatschappelijke transitiekosten per buurt voor de verschillende warmteoplossingen, en in gebieden die het meest kansrijk zijn om in te starten. Hiervoor gebruiken we onder andere de vastgoedkenmerken en de lokale kennis en omstandigheden. De warmtevisie is geen statisch document. Minimaal elke vijf jaar wordt deze herijkt op basis van nieuwe ontwikkelingen en leerervaringen uit de eerste dorpen en buurten die aardgasvrij worden. De daadwerkelijke uitvoering van de plannen uit deze warmtevisie wordt in een volgend stadium per dorp of buurt beschreven in uitvoeringsplannen.

Een visie van en voor iedereen Betrokkenheid van de inwoners van beide gemeenten bij de transitie naar duurzame energie is voor Achtkarspelen en Tytsjerksteradiel erg belangrijk. Daarom is de warmtevisie ontwikkeld in samenspraak met zoveel mogelijk stakeholders, verzameld in een projectgroep met daarin onder andere Liander, Stedin, Wetterskip Fryslân, Stichting Woningbouw Achtkarspelen, WoonFriesland, de Bewonersraad, Contactraad SWA, dorpsinitiatieven, dorpsbelangen,

11 / 142

energiecoöperaties en ter zake kundige medewerkers van beide gemeenten. Om tot realistische plannen te komen, wordt in de warmtevisie bovendien gebruikgemaakt van regionale inzichten die zijn verkregen bij het opstellen van de regionale energie strategie (RES) en de Regionale Structuur Warmte. De gemeenten werken samen in een werkmaatschappij. Waar nodig wordt de eigenheid van de gemeenten gerespecteerd.

Bredere duurzaamheidsacties Parallel aan het proces om te komen tot een warmtevisie is door de gemeenten Achtkarspelen en Tytsjerksteradiel gewerkt aan de duurzaamheidsagenda voor beide gemeenten. De duurzaamheidsagenda plaatst projecten in een uitvoeringsprogramma dat is geordend naar de korte, middellange en lange termijn. Dit wordt gedaan binnen de thema’s energietransitie, duurzame mobiliteit, circulaire economie, klimaatbestendigheid, biodiversiteit en de eigen organisatie, en het maatschappelijk vastgoed. De duurzaamheidsagenda vormt daarmee het overkoepelende beleidsdocument waarmee de gemeenten kunnen sturen op het gebied van duurzaamheid. De warmtevisie maakt onderdeel uit van het thema energietransitie.

Participatie Om inwoners, ondernemers en andere betrokkenen te informeren over de warmtevisie, zijn diverse informatieavonden georganiseerd, is een online enquête gehouden, zijn mensen op straat geïnformeerd en gefilmd en is via social media informatie verstrekt. Ook de jeugd van beide gemeenten is erbij betrokken, via een enquête op diverse scholen in de gemeenten. Draagvlak is belangrijk, want de gemeenten Achtkarspelen en Tytsjerksteradiel zijn in de warmtetransitie erg afhankelijk van de beslissingen die particuliere woningeigenaren maken. Beide gemeenten hebben namelijk een hoog percentage aan particuliere woningeigenaren en een overstap op basis van vrijwilligheid is leidend.

Huidig verbruik In Achtkarspelen zorgt aardgas in de gebouwde omgeving momenteel voor meer dan een derde van het energiegebruik. Voor Tytsjerksteradiel ligt het aardgasverbruik in de gebouwde omgeving momenteel op ongeveer een kwart van het energiegebruik. Een gemiddeld huishouden in een koopwoning in Achtkarspelen verbruikt gemiddeld 1900 m3 aardgas per jaar, in een huurwoning is dit iets meer dan 1400 m3 per jaar. In Tytsjerksteradiel ligt het gemiddelde verbruik op bijna 1800 m3 aardgas per jaar31, voor een huurwoning ligt het gemiddelde gasverbruik er iets boven de 1300 m3 per jaar.

Transitiegereed maken De gemeenten Achtkarspelen en Tytsjerksteradiel zetten nadrukkelijk in op een brede aanpak die in beide gemeenten op de meeste plekken in te zetten is. Voor beide gemeenten geldt dat de transitie naar een aardgasvrij alternatief zoveel mogelijk op basis van natuurlijke momenten (vervanging van de HR-ketel of keuken, verhuizing, verbouwing) plaatsvindt. Ook nu al kunnen inwoners van Tytsjerksteradiel en Achtkarspelen actie ondernemen ter voorbereiding op de warmtetransitie. Zij kunnen hun huis al ‘transitiegereed’ maken door het goed te isoleren en te ventileren. Hierdoor wordt de woning geschikt voor warmteoplossingen op lagere temperaturen en kan het gasfornuis worden verruild voor een vorm van elektrisch koken. Het is noodzakelijk dat iedere woningeigenaar zo snel mogelijk start met het nemen van warmtebesparende maatregelen. Minder energiegebruik binnen de gemeenten is essentieel om de warmtetransitie een stap verder te brengen.

Criteria In eerste instantie is de warmtevisie gericht op alle dorpen en buurten waar de transitie voor 2030 staat gepland. Dit zijn plekken waar de oplossingen om van het aardgas af te gaan het meest kansrijk zijn. Vervolgens willen we stap voor stap de overige plekken op de juiste manier aardgasvrij maken. Op een enkele plek wordt overgestapt op een duurzaam alternatief collectief, op andere plekken

12 / 142

liggen verschillende individuele oplossingen voor de hand. De plekken om te starten zijn geselecteerd aan de hand van een aantal selectiecriteria: > een betaalbaar alternatief > bewezen technieken > draagvlak > natuurlijke investeringsmomenten > uniformiteit > koppelkansen > de aanwezigheid van een duurzame bron

Startgebieden/kansrijke gebieden De warmtevisie richt zich eerst op de dorpen en gebieden die relatief ‘makkelijk’ kunnen worden voorzien van een alternatieve bron. Wie in dit gebied woont, hoeft niet morgen al van het gas af, maar zal ten minste acht jaar voor de voorziene einddatum worden geïnformeerd. In de gemeenten Tytsjerksteradiel en Achtkarspelen gaat het om: > Garyp (all-electric alternatieven) > Harkema > Ryptsjerk (kleinschalig warmtenet) > de zuidelijke buurten van Buitenpost (all-electric) > het centrum van Surhuisterveen (kleinschalig warmtenet) > het bedrijventerrein van Sumar (restwarmtebronnen) In de delen van Achtkarspelen en Tytsjerksteradiel die niet zijn benoemd als kansrijke dorpen of buurten waarvoor mogelijk een 'buurtaanpak' wordt opgesteld, hoeft men niet stil te zitten. Op veel plekken zal een all-electric oplossing het beste alternatief voor aardgas blijken en kan er nu al gestart worden om ook buiten de start- of focusgebieden naar dit eindbeeld toe te werken. Maar ook in de gebieden waar het gasnet voorlopig nog blijft liggen of waar gebruikgemaakt kan gaan worden van groen gas, kunnen stappen gezet worden om vastgoed te verduurzamen en energie te besparen.

Uitdaging: het buitengebied Tytsjerksteradiel en Achtkarspelen hebben relatief veel vooroorlogse woningen en gebouwen in buitengebieden. Momenteel zijn hiervoor nog geen duurzame en betaalbare warmtebronnen voorhanden. Deze gebieden zullen vooralsnog aan het aardgas blijven, tot er geschikte alternatieven zijn. Wel wordt er gekeken naar hybride oplossingen en besparingsmaatregelen. Op termijn kan dit gebied mogelijk worden voorzien van duurzaam gas of andere nieuwe technieken.

Welke stappen gaan we zetten? De volgende vervolgstappen komen in de warmtevisie als belangrijkste punten naar voren: 1. Een communicatiestrategie en -plan maken om inwoners en organisaties te informeren, bewust te maken, te betrekken en te faciliteren bij de warmtetransitie 2. Een plan van aanpak opstellen gericht op het transitiegereed maken van gebouwen. Het gaat daarbij om besparing én om het klaarmaken van woningen voor wonen zonder aardgas in de toekomst 3. Verder haalbaarheidsonderzoek doen voor de meest kansrijke locaties op dorps- of buurtniveau 4. (Financiële) capaciteit organiseren om de warmtetransitie te realiseren We beginnen met de belangrijkste maatregelen, zoals het verlagen van het energieverbruik van onze woningen, kantoren en bedrijven. Ook kijken we welke aardgasvrije alternatieven het beste passen per dorp of buurt. De gemeenten Achtkarspelen en Tytsjerksteradiel willen inwoners actief betrekken bij de warmtevisie en andere thema’s die spelen in de dorpen en buurten en dit koppelen aan de uitvoering van de warmtetransitie. Op die manier kunnen we samen met inwoners en professionele stakeholders concreet aan de slag. Zo ontstaat er een tijdspad waarin we de dorpen en buurten in

13 / 142

gaan om kansen verder te verkennen. We starten op de plekken waar de oplossingen het duidelijkst zijn, om daarna stap voor stap verder te kunnen ontwikkelen. We gaan in deze warmtevisie in op mogelijke bronnen voor lokale duurzame warmte, zoals biomassa, bodemenergie en oppervlaktewater. In de warmtetransitie zal elektriciteit een grote rol spelen. Hoewel we het dus over de warmtetransitie hebben, moeten we ons realiseren dat we ook veel duurzame elektriciteit nodig gaan hebben. Door de toename van het elektrisch verwarmen van gebouwen, het elektrisch vervoer en de elektrificatie van andere processen, moeten we ons voorbereiden op een flinke uitbreiding in de opwek van duurzame elektriciteit. Dit heeft uiteraard consequenties voor het elektriciteitsnet, dat op veel plekken verzwaard zal moeten worden. Naast maatschappelijke kosten kan dit ook (tijdelijke) hinder veroorzaken, omdat straten open moeten en er meer zichtbare infrastructuur zal worden geplaatst in de openbare ruimte. Bovendien vraagt een grote verzwaring van het elektriciteitsnet een lange doorlooptijd.

Lokale keuzes Welke energie-infrastructuur of warmteoplossing voor een buurt of dorp het meest geschikt is, is afhankelijk van de eigenschappen van het aanwezige vastgoed. Diverse factoren, zoals bouwjaar, gebouwtype, gebouwfunctie, bebouwingsdichtheid en schaal spelen een rol. Daarnaast is uiteraard de beschikbaarheid van bronnen van belang. De keuzes voor de gemeenten Achtkarspelen en Tytsjerksteradiel zijn gemaakt op basis van data- en expertanalyses, lokale kennis en de selectiecriteria en uitgangspunten van de stakeholders in de projectgroep. Grootschalige collectieve oplossingen zijn hier geen optie door de geringe dichtheid van de bebouwing. Ook hebben beide gemeenten een groot aantal particuliere woningeigenaren. In Achtkarspelen en Tytsjerksteradiel zal de all-electric oplossing naar verwachting een grote rol gaan spelen en ziet de netbeheerder potentie voor de inzet van groen gas. We gaan kijken hoe we zonne-, wind- en omgevingsenergie, en op termijn ook innovatieve technieken met bijvoorbeeld waterstof, kunnen gebruiken om te komen tot een volledig duurzame energiemix. Dat doen we niet alleen, want bronnen kunnen de gemeentegrenzen overschrijden. Dat geldt zowel voor grote opweklocaties voor zon en wind als voor potentiële warmtebronnen (denk bijvoorbeeld aan het Prinses Margrietkanaal). In RES-verband werken we hiernaartoe.

Kosten en financieringsopties In het nationale Klimaatakkoord is aangegeven dat de transitie zoveel mogelijk woonlastenneutraal moet zijn. Op dit moment hebben alle alternatieven voor de aardgasaansluiting echter nog een flinke onrendabele top. De warmtetransitie is een ingrijpend proces dat investeringen vraagt. Hoe die kosten verdeeld worden en hoe we zorgen dat de transitie naar aardgasvrij voor iedereen betaalbaar is, zijn vraagstukken die voor een groot deel op landelijk niveau moeten worden opgelost. De kosten voor de warmtetransitie kunnen enorm verschillen van woning tot woning of van gebouw tot gebouw. Daarom is het belangrijk dat het Rijk een manier vindt om te komen tot een eerlijke verdeling van kosten tussen alle betrokken partijen en inwoners. Bovendien zijn nieuwe manieren van financiering nodig om ervoor te zorgen dat iedereen de stap naar een aardgasvrije woning of gebouw kan maken. Subsidies, leningen en andere financieringsmaatregelen zijn nu nog niet toereikend om inwoners financieel volledig te ondersteunen in het aardgasvrij maken van de woning. De vraag is echter of dat ook zal gaan gebeuren. Duurzame, toekomstbestendige en comfortabel verwarmde woningen worden steeds hoger gewaardeerd. Er zijn dus naast besparing op de energierekening meer financiële voordelen aanwezig, zoals waardevermeerdering van het vastgoed.

In de uitwerking per buurt of dorp die volgt in de fase na vaststelling van de warmtevisie, wordt onderzocht hoe tot een aantrekkelijk aanbod te komen voor inwoners.

Realisme en toekomstgerichtheid Met de strategie en aanpak in de warmtevisie, geven de gemeenten Achtkarspelen en Tytsjerksteradiel invulling aan de verplichtingen uit het Klimaatakkoord en de daaruit volgende stappen naar aardgasvrije en energieneutrale gemeenten. We dragen hiermee bij aan de leefbaarheid van toekomstige generaties die ook graag in onze gemeenten willen wonen en werken.

14 / 142

We beseffen dat de warmtetransitie in de gemeenten Achtkarspelen en Tytsjerksteradiel geen duidelijke antwoorden vooraf heeft. Huidige wetgeving, lastige businesscases en de beleving van onze inwoners maken het een complex en uitdagend geheel. Dit is echter het begin en vraagt iets wat lastig is: keuzes maken op basis van de kennis die we nu hebben. Maar de voorgestelde aanpak biedt ook ruimte om, als de situatie daar om vraagt, te kunnen bijsturen of de koers aan te passen. Deze warmtevisie is geen eindpunt en dient op basis van ontwikkelingen herijkt te worden. In het Nederlandse Klimaatakkoord is afgesproken dat de warmtevisie minimaal eens in de vijf jaar2 geactualiseerd moet worden. De komende jaren zal de warmtetransitie verder invulling krijgen door toenemende kennis en de ervaring die we opdoen op de plekken waar we gaan starten. Wat we leren, zal bijdragen tot betere wetgeving, betere producten en nieuwe concepten. Daarbij zullen zich kansen voordoen voor lokale ondernemers, maar ook voor onze inwoners. Voor onze kinderen en kleinkinderen gaan we voor een duurzame toekomst. Daarom moeten we keuzes maken. We zijn ons ervan bewust dat als we dat niet doen, fossiel de norm blijft.

2

Uiterlijk in 2022 evalueren VNG en Rijk of deze actualisatietermijn van iedere 5 jaar de juiste is.

15 / 142

1. Inleiding De gevolgen van een veranderend klimaat zijn inmiddels voor iedereen zichtbaar en worden ook door de inwoners van Achtkarspelen en Tytsjerksteradiel opgemerkt3. Deze warmtevisie geeft weer welke stappen we willen gaan zetten om uiteindelijk aardgasvrije en energieneutrale gemeenten te worden en welke duurzame oplossingen er zijn als alternatief voor aardgas. Dit is de eerste in een reeks van warmtevisies, want een transitie van tientallen jaren is niet op voorhand volledig voorspelbaar of planbaar. We willen als gemeenten op termijn energieneutraal zijn. Dat wil zeggen dat alle energie die binnen het gebied van de gemeenten Achtkarspelen en Tytsjerksteradiel wordt verbruikt 100% duurzaam wordt opgewekt, binnen de gemeentegrenzen en op jaarbasis bekeken. Dat is nu nog een stip op de horizon waar we over 20 en 30 jaar willen zijn, maar we zijn wel op weg naar dit doel. Als onderdeel van het duurzaamheidsbeleid stellen de gemeenten een duurzaamheidsagenda op en parallel aan dit proces is deze warmtevisie tot stand gekomen. In Achtkarspelen en Tytsjerksteradiel starten we tijdig met de warmtetransitie, want het is een gecompliceerde opgave. Deze warmtevisie helpt om de komende periode met en van elkaar te leren en zo ervaring op te doen voor een succesvolle verdere uitrol van de warmtetransitie.

We gaan als gemeenten Achtkarspelen en Tytsjerksteradiel voor een duidelijke aanpak die door iedereen in beide gemeenten breed toepasbaar is. Daarnaast geven we inzicht in de plannen om de dorpen en buurten in Achtkarspelen en Tytsjerksteradiel in de toekomst aardgasvrij te maken. En zoals elke gemeente in Nederland, hebben ook Achtkarspelen en Tytsjerksteradiel daarbij eigen opgaven, ambities en punten ter besluitvorming geformuleerd (zie hoofdstuk 1.2). Wanneer in algemene zin wordt gesproken over besluitvorming, is dit van toepassing op beide gemeenten. De warmtevisie richt zich op het verduurzamen van de woningen en andere gebouwen in Achtkarspelen en Tytsjerksteradiel. Het gaat dus om de gebouwde omgeving en niet om het gasverbruik voor de processen van de lokale industrie. De warmtetransitie in Nederland bevindt zich nog in de beginfase. Op nationaal, regionaal en lokaal niveau zijn er continu nieuwe ontwikkelingen die invloed kunnen hebben op de warmtetransitie in Achtkarspelen en Tytsjerksteradiel. Het is daarom belangrijk om flexibel te kunnen blijven in de uitvoering. Het nationale Klimaatakkoord verplicht om de warmtevisie in eerste instantie eens in de vijf jaar te actualiseren. Het is dus mogelijk om telkens nieuwe startgebieden aan te wijzen met bijbehorende kansrijke warmtealternatieven.

Daarnaast kunnen de leerervaringen uit de eerste dorpen en buurten daarin worden meegenomen. Zo blijven we nieuwe ontwikkelingen volgen en kunnen we tijdig bijsturen als blijkt dat het einddoel of de tussendoelen buiten beeld raken. Op deze manier bouwen we stap voor stap aan het duurzaam verwarmen van Achtkarspelen en Tytsjerksteradiel.

1.1 Landelijke en regionale ambities Het gebruik van fossiele energie is een van de belangrijkste oorzaken van klimaatverandering. In het Klimaatakkoord van Parijs (Mondiaal klimaatakkoord) heeft Nederland daarom in 2015 samen met 194 landen afspraken gemaakt om de uitstoot van broeikasgassen drastisch terug te dringen4. In 2050 moet de uitstoot met 80-95% zijn teruggebracht ten opzichte van 1990 5.

3 Zie ook antwoorden in de online enquête, bijlage G. 4 Ingangsdatum 2020, indien voldoende geratificeerd op de nationale niveaus. 5

Rijksoverheid, ‘Klimaatwet’, 1 september 2019, artikel 2.

16 / 142

De Nederlandse overheid heeft zelf een nationaal Klimaatakkoord opgesteld, waarin de verplichtingen uit Parijs zijn vertaald naar landelijke ambities en een tussendoel voor het jaar 2030. Mondiaal Klimaatakkoord (Parijs)

1,5 miljoen bestaande woningen aardgasvrij in 2030

Nationaal Klimaatakkoord

Transitievisie Warmte (warmtevisie)

Gebouwde omgeving aardgasvrij in 2050

CO2-reductie van 49% in 2030

Onderzoeksfase & Wijkuitvoeringsplannen

Stappen naar realisatie

Figuur 1 – Overzicht geldende afspraken en toekomstige plannen.

Een van de opdrachten die volgt uit het nationaal Klimaatakkoord is dat elke gemeente in Nederland voor het einde van 2021 een warmtevisie moet hebben vastgesteld.

"In de transitievisie warmte legt de gemeenteraad een realistisch tijdspad vast waarop wijken van

het aardgas gaan. Voor de wijken waarvan de transitie vóór 2030 gepland is, zijn ook de potentiële alternatieve energie-infrastructuren (all-electric, (type) warmtenet etc.) bekend. Nadat in de transitievisie warmte de mogelijke alternatieven in beeld gebracht zijn, bepaalt de gemeente het uitvoeringsplan (een planning op uitvoeringsniveau vergelijkbaar met het instrument programma in de Omgevingswet) de uitvoering op wijkniveau en besluit zij over de alternatieve energieinfrastructuur van een wijk."7 6

Plannen op drie niveaus In lijn met het door het kabinet gepresenteerde nationale Klimaatakkoord werken we als gemeenten Achtkarspelen en Tytsjerksteradiel aan plannen op drie niveaus: de Regionale Energiestrategie (RES), de warmtevisie en de uitvoeringsplannen. Regionaal zijn de gemeenten Achtkarspelen en Tytsjerksteradiel betrokken bij de RES, waarin de mogelijkheden voor grootschalige duurzame elektriciteitsopwek binnen de provincie Fryslân in kaart worden gebracht en worden gekoppeld aan de vraag naar elektriciteit in de Friese gemeenten. We stemmen dus af met onze buren en gaan samen onderzoeken welke plekken in de regio het meest geschikt zijn voor welke manier van energie-opwek. De RES besteedt ook aandacht aan beschikbare duurzame warmtebronnen in de regio, in de vorm van de Regionale Structuur Warmte (RSW). De gemeenteraden van Achtkarspelen en Tytsjerksteradiel hebben in september 2019 ingestemd met deelname aan het proces van de RES. De concept-RES is al in 2020 beschikbaar gekomen. Besluitvorming over de RES 1.0 vindt in 2021 in de gemeenteraden plaats. De warmtevisie kan worden gebruikt als input voor de RES en RSW en andersom geldt dit ook. Zo komen we tot een strategie om energieneutraal te worden op een manier die realistisch is en ook ruimtelijk ingepast kan worden.

Op gemeentelijk niveau hebben we vanuit het Rijk een regierol toebedeeld gekregen en starten we met deze warmtevisie. De warmtevisie beschrijft hoe we als gemeenten, samen met onze betrokken stakeholders, onze warmtevraag op een aardgasvrije en duurzame manier kunnen gaan invullen. Dit vraagt om een nieuwe energie-infrastructuur en aanpassingen aan gebouwen, zodat (lokale) duurzame bronnen ontsloten kunnen worden. In de warmtevisie is opgenomen hoe we invulling geven aan de - door het Rijk gevraagde - wijkgerichte aanpak om de gebouwde omgeving te isoleren en aardgasvrij te maken. In onze gemeenten is het vooral belangrijk dat de gekozen aanpak

6

Nationaal Klimaatakkoord, juni 2019.

17 / 142

breed inzetbaar is. Voor de buurten en dorpen waar de transitie voor 2030 staat gepland, werken we toe naar uitvoeringsplannen. Deze uitvoeringsplannen geven we samen met inwoners en ondernemers in het dorp of de buurt vorm. In deze fase maken we pas definitief de keuze voor het alternatief en wordt in kaart gebracht welke kosten hiermee gepaard gaan. Ook wordt inzichtelijk of en hoe iedereen op een betaalbare manier kan overstappen. Samenhang Omgevingsvisie De warmtevisie is, net zoals de RES, een van de bouwstenen voor de Omgevingsvisie. Naar verwachting treedt de Omgevingswet in 2021 in werking. De Omgevingswet kent zes kerninstrumenten waarin al het beleid van de gemeenten voor de fysieke leefomgeving zal worden ondergebracht. Deze kerninstrumenten betreffen Omgevingsvisie, Programma, Omgevingsplan, Algemene Rijksregels, Omgevings-vergunning en projectbesluit. De warmtevisie biedt de strategieschets van welke buurten of dorpen wanneer van het aardgas af kunnen gaan. Dit zal vervolgens in een omgevingsplan opgenomen moeten worden om de wijziging door te voeren. Daarbij bestaat er dus een beroepsmogelijkheid voor belanghebbenden. De Omgevingswet biedt de nieuwe mogelijkheid om een gebodsbepaling op te nemen waarmee verplichtingen rond het treffen van bepaalde maatregelen opgenomen kunnen worden.

De Omgevingswet verwacht een hoge mate van participatie van betrokken partijen, dus in dit geval van netbeheerders, bedrijven, inwoners, vastgoedeigenaren en overheden.

1.2 Lokale ambities Het startsein voor de parallel lopende trajecten van de duurzaamheidsagenda en de warmtevisie is gegeven met de Startnotitie Duurzaamheidsagenda7. De gemeenten Achtkarspelen en Tytsjerksteradiel werken op ambtelijk niveau samen in de vorm van een werkmaatschappij, waarbij een 'samen tenzij'-principe wordt aangehouden. Dit biedt de voordelen van gebundelde dienstverlening, maar het blijft ook mogelijk om op een eigen manier met bepaalde onderwerpen om te gaan. In de Startnotitie is door beide gemeenten aangegeven in 2040 energieneutraal te willen zijn. Voortschrijdend inzicht heeft er echter voor Achtkarspelen toe geleid om in de duurzaamheidsagenda en de Transitievisie Warmte in te zetten op een zo spoedig mogelijk, en uiterlijk in 2050, energieneutraal Achtkarspelen. De duurzaamheidsagenda plaatst projecten in een uitvoeringsprogramma. Dit is geordend naar de korte, middellange en lange termijn8 en heeft de thema’s energietransitie, duurzame mobiliteit, circulaire economie, klimaatbestendigheid, biodiversiteit en de eigen organisatie, en het maatschappelijk vastgoed. De duurzaamheidsagenda vormt daarmee het overkoepelende beleidsdocument waarmee de gemeenten kunnen sturen op het gebied van duurzaamheid. De warmtevisie is onderdeel van het thema energietransitie.

De gemeentelijke ambities en doelstellingen zijn meegenomen in de uitgangspunten van deze visie. Met de warmtevisie willen we als gemeenten duidelijkheid bieden aan onze inwoners, bedrijven en andere organisaties en verbinding leggen tussen partijen die aan zet zijn om van de warmtetransitie een succes te maken.

1.3 Wie hebben er meegedacht? De warmtetransitie heeft impact op alle kernen en het buitengebied van Achtkarspelen en Tytsjerksteradiel. De gemeenten Achtkarspelen en Tytsjerksteradiel gaan dan ook niet alleen met de warmtetransitie aan de slag. Er wordt samengewerkt met belangrijke partners die een rol spelen in deze transitie. Zo kunnen betrokken partijen investeringsplanningen op elkaar afstemmen, schaalgrootte behalen, van elkaar leren en gezamenlijk de transitie versnellen. Partners die onder 7 Zaak / StuknummerZ2019-00480 / S2019-01077 (Tytsjerksteradiel) en Zaaknummer Z2019-01714 (Achtkarspelen). 8

2022, 2030 en 2040.

18 / 142

andere hebben meegedacht en input hebben geleverd bij het maken van deze visie zijn Liander, Stedin, Wetterskip Fryslân, Stichting Woningbouw Achtkarspelen, WoonFriesland, de Bewonersraad, Contactraad SWA, dorpsinitiatieven, dorpsbelangen en de lokale energiecoöperaties. Deze partijen vormden samen de projectgroep of dienden als klankbord en hebben gezamenlijk bijgedragen aan deze visie en de aanpak die erin beschreven staat. Ook binnen de gemeentelijke organisatie hebben verschillende disciplines op het gebied van openbare ruimte, wonen, beheer en onderhoud, economische zaken en communicatie meegewerkt. In zes projectgroepbijeenkomsten is input opgehaald en zijn we samen gekomen tot een keuze voor de gekozen aanpakken in de buurten en dorpen. Om inwoners, ondernemers en andere organisaties voor te bereiden op de warmtetransitie, hebben we ook een aantal informatieavonden9 georganiseerd waar informatie is gedeeld en vragen konden worden gesteld. Bovendien zijn de avonden gebruikt om bij de aanwezige inwoners en ondernemers te inventariseren wat er bij hen leeft over de warmtetransitie, maar ook over duurzaamheid in de brede zin, in het kader van de duurzaamheidsagenda.

Ook hebben we toelichting gegeven tijdens algemene vergaderingen van dorpsbelangen en zijn vertegenwoordigers van de vele inwonersinitiatieven en energiecoöperaties die de gemeenten rijk zijn, bijgepraat en om input gevraagd. Om zoveel mogelijk inwoners te bereiken is een enquête online gezet en zijn inwoners via social media geïnformeerd. In februari 2020 is op diverse plekken binnen de gemeenten inwoners om hun mening gevraagd over aardgasvrij wonen. Dit is gefilmd om ook andere groepen inwoners te kunnen bereiken die mogelijk niet naar de informatieavonden konden komen. Eveneens is de online enquête met leerlingen van verschillende scholen gedeeld om de jeugdigere stem binnen de gemeenten ook door te laten klinken.

1.4 Randvoorwaarden De warmtetransitie in Achtkarspelen en Tytsjerksteradiel kent een aantal randvoorwaarden voor een succesvolle start en voortgang. Een passende energie-infrastructuur, aangevuld met de mogelijkheid om energie op te slaan, is een randvoorwaarde om het lokale aanbod aan duurzame energiebronnen te kunnen ontsluiten en de transitie naar een aardgasvrije en op termijn duurzame warmtevoorziening te kunnen maken. Aangezien het elektriciteitsnetwerk niet onbeperkt zwaarder belast kan worden en we nu al te maken hebben met beperkte netcapaciteit op het gebied van elektriciteit, speelt dit een grote rol in de (on)mogelijkheden. De netbeheerder van het elektriciteitsnet geeft aan dat met name het tempo van de ontwikkeling van zonne-energie voor beperkingen zorgt. Het is te verwachten dat wind- en zonprojecten worden gerealiseerd op dunbevolkte plekken, maar tegelijkertijd is de netwerkcapaciteit daar lager omdat de energievraag op deze plekken ook lager ligt. Ondanks de vele investeringen die Liander als beheerder van het elektriciteitsnet van plan is te doen, in Achtkarspelen en Tytsjerksteradiel, kan dit leiden tot een vertraging in de warmtetransitie, tenzij deze bovenstaande projecten tijdig en zorgvuldig met Liander worden afgestemd.

Capaciteit en middelen bij zowel de gemeenten als de stakeholders en alle partijen die een taak hebben in de uitvoering van de warmtetransitie, zijn nodig om na het vaststellen van de warmtevisie tempo te kunnen maken. Daarnaast ligt er een gedeelde verantwoordelijkheid bij alle partijen in de financiering van de warmtetransitie en verwachten we ook vanuit het Rijk dat er duidelijkheid komt op dit vlak. Deze visie is gedragen door de meeste partijen die betrokken zijn bij de projectgroep. De partijen spannen zich in om succesvol uitvoering te geven aan deze warmtevisie. De gemeenten hebben de regie.

9

12 november 2019 en 20 januari 2020.

19 / 142

1.5 Leeswijzer In het volgende hoofdstuk worden de gezamenlijke uitgangspunten waarop deze warmtevisie is gebaseerd, toegelicht. De visie spreekt namens beide gemeenten en de betrokken organisaties, tenzij anders wordt vermeld. In hoofdstuk 3 wordt ingegaan op de transitie naar aardgasvrij en bespreken we de verschillende warmteoplossingen. In hoofdstuk 4 geven we een richting voor een aardgasvrij Achtkarspelen en Tytsjerksteradiel weer en zoomen we in op de manier waarop we de komende tijd een start willen maken met de warmtetransitie. Hoofdstuk 5 gaat in op de manier waarop we dit samen gaan organiseren en welke stappen we de komende tijd zetten om te komen tot een programmatische aanpak van de warmtetransitie in Achtkarspelen en Tytsjerksteradiel. Indien in algemene zin wordt gesproken over besluitvorming is dit van toepassing op beide gemeenten. Daarbij geldt voor de gemeente Achtkarspelen de ambitie van energieneutraliteit zo snel als mogelijk, maar uiterlijk in 2050, en streeft de gemeente Tytsjerksteradiel ernaar om energieneutraal te zijn in 2040.

20 / 142

Houd het volgende in gedachten bij het lezen van de warmtevisie

De route naar aardgasvrij is niet in beton gegoten De fasering die is aangegeven is een visie. Deze ligt dus niet vast. De warmtetransitie is een proces van ervaring opdoen en leren met de brede aanpak in beide gemeenten en met de projecten in de eerste buurten. We vinden het belangrijk om initiatieven die passen binnen de uitgangspunten van deze warmtevisie te stimuleren. Het kan dus ook zo zijn dat er in buurten die nu nog niet zijn aangewezen om te starten, toch al stappen worden gezet richting aardgasvrij. Initiatief nemen en rekening houden met flexibiliteit in de uitvoering en fasering zijn daarbij belangrijk.

Niet ingekleurd betekent niet niks doen De noodzaak van het verbeteren van woningen door te isoleren, geldt voor alle woningen in alle buurten. De dorpen en buurten die nu zijn aangemerkt als startgebieden zijn daarom niet de enige dorpen en buurten waar iets staat te gebeuren voor 2030. Individuele gebouweigenaren kunnen er altijd voor kiezen om zelf toe te werken naar de overstap om de woning aardgasvrij te maken. De brede aanpak die de gemeenten in beide gemeenten voor ogen hebben sluit hier bij aan.

Grenzen liggen niet vast We kiezen in de warmtevisie voor een brede aanpak in beide gemeenten en een gebiedsgerichte aanpak, waar dorpen, buurten of een deel van een dorp of buurt centraal staan. Dit betekent natuurlijk niet dat de aanpak ophoudt bij de grens van een dorp of buurt, of dat een bewonersinitiatief altijd maar in één buurt mag plaatsvinden. De buurtgrenzen mogen daarom ook niet beperkend zijn. Ze kunnen wel helpen om richting te geven en kunnen gebruikt worden om de communicatie op te starten.

Een buurt of gebied is niet van de ene op de andere dag aardgasvrij Met de warmtevisie wordt een tijdsaanduiding geschetst voor de eerste buurten of dorpen waarin we starten met de warmtetransitie. Let wel, het jaar dat is aangeduid om te starten is het jaar dat we met de voorbereidingen gaan beginnen om toe te werken naar wonen zonder aardgas. Dit betekent niet dat in dat jaar de overstap naar aardgasvrij al gemaakt wordt. Starten betekent in dit geval dat we samen met de belangrijke stakeholders in de buurt verkenningen starten met het opstellen van een concreet uitvoeringsplan voor de buurt. Daarbij worden ook bewoners in de buurt betrokken. In het plan van aanpak worden keuzes gemaakt over de techniek, de organisatie, de financiering, de koppeling met andere opgaven in de buurt en de communicatie- en participatieaanpak. Het totale proces naar een aardgasvrije buurt kan vijf à tien jaar en soms zelfs langer duren, afhankelijk van de complexiteit en de daaraan gekoppelde benodigde acties en investeringen en de grootte van het gebied. Daarnaast kan de overstap versneld worden als de Rijksoverheid ruimte creëert op het gebied van financiering en juridische mogelijkheden.

Er is keuzevrijheid, maar wel onder voorwaarden Voor woningeigenaren geldt dat zij in principe zelf mogen kiezen welke warmteoplossing ze willen toepassen. De praktijk zal echter ook uitwijzen dat er niet altijd een keuze is. Zo is duurzaam gas maar beperkt beschikbaar, zal er niet in alle buurten een warmtenet mogelijk zijn en zal all-electric soms vragen om een netverzwaring die niet is voorzien. Het is maatschappelijk gezien niet kosteneffectief om een dubbele energie-infrastructuur aan te leggen of een warmtenet aan te leggen, waar maar een beperkt deel van de woningen, verspreid over de buurt, op aansluit. We zullen daarom in een buurt waar een collectieve warmteoplossing wordt onderzocht, particulieren niet aanmoedigen om te kiezen voor een individuele warmtepomp. De buurtprioritering en de bijbehorende warmteoplossingen die we beschrijven, geven de voorkeursrichting aan waar de betrokken partners zich gezamenlijk voor in willen zetten om zo de warmtetransitie voor iedereen betaalbaar en uitvoerbaar te kunnen houden. We gaan in nauw overleg met inwoners in de buurt aan een aanpak werken en maken tijdig duidelijk welke einddatum er komt voor het aardgasnet.

21 / 142

2. Gezamenlijke uitgangspunten De warmtetransitie zal breed worden gevoeld door iedereen die in de gemeenten Achtkarspelen en Tytsjerksteradiel woont of werkt. Daarom is het van groot belang dat duidelijk is welke uitgangspunten we hanteren. In dit hoofdstuk gaan we in op deze leidende uitgangspunten. In zes projectgroepbijeenkomsten hebben vertegenwoordigers van de gemeenten en betrokken professionele partijen toegewerkt naar deze warmtevisie. Het is belangrijk dat alle betrokken partijen eenzelfde visie nastreven. Deze visie is niet van de ene op de andere dag te realiseren. De partijen zijn dus lange tijd aan elkaar verbonden. Daarom heeft de projectgroep de volgende succesfactoren vastgesteld. Deze succesfactoren vormen de gezamenlijke uitgangspunten die aan de basis liggen van deze warmtevisie en aan de toekomstige uitvoering ervan10.

Iedereen kan meedoen We hebben oog voor de eindgebruiker. De transitie naar energieneutrale gemeenten en een aardgasvrije gebouwde omgeving kost tijd. We hebben in Tytsjerksteradiel tot en met 2040 en in Achtkarspelen tot 2050, en die tijd willen we gebruiken om de beste keuzes te maken.

Breed draagvlak van inwoners, bedrijven, andere organisaties en gemeenteraden We streven naar een breed draagvlak onder inwoners, bedrijven, andere organisaties en de gemeenteraden. Om dat te bereiken zorgen we dat inwoners goed geïnformeerd zijn en de tijd hebben om over te gaan op een aardgasvrije warmtevoorziening.

Betaalbare en kostenefficiënte oplossingen De warmtetransitie brengt kosten met zich mee. Om te zorgen dat we in deze beginfase de juiste keuzes maken, starten we op de plekken waar de maatschappelijke kosten het laagst zijn en waar de keuze voor een alternatief voor aardgas het meest voor de hand ligt. Laagste maatschappelijke kosten In het Nederlandse Klimaatakkoord is afgesproken dat de warmtevisies uitgaan van de laagste maatschappelijke kosten van de gehele warmteketen. Daarmee wordt bedoeld: de kosten voor het aanpassen van de gebouwen, de kosten voor het vervangen van de energie-infrastructuur en de ontwikkeling van duurzame energiebronnen. Hierbuiten vallen de kosten voor bijvoorbeeld het opnieuw bestraten na vervanging van de energie-infrastructuur. De warmtevisie geeft geen antwoord op de vraag hoe de laagste kosten eerlijk worden verdeeld, of een doorrekening van de kosten per vermeden ton CO2.

10 WoonFriesland onderschrijft deze uitgangspunten niet volledig. “Voor WoonFriesland staat betaalbaarheid voor de huurder centraal.

Als WoonFriesland houden we vast aan onze eigen verduurzamingsbeleid op basis van onze portefeuillestrategie en financiële uitgangspunten. We bepalen staps- en complexgewijs de verduurzaming van onze woningen, waarbij betaalbaarheid voor onze huurders centraal staat. Ook voorzien we alle woningen indien mogelijk van zonnepanelen. Daarnaast verwijst WoonFriesland naar de prestatieafspraken waarin staat: randvoorwaarden van WoonFriesland bij het ontwikkelen van plannen voor de energietransitie zijn: - eenvoudige en gebruiksvriendelijke toepassingen van energieconcepten en voor onze huurders - principe van woonlastenneutraliteit voor huurders hanteren (meerkosten voor aansluiting en levering niet hoger dan terugverdiend aan energiebesparing) - duurzame (collectieve/publieke) warmtevoorzieningen, met name warmtenetten, dienen voor onze huurders goedkoper te zijn dan alternatieven die voor warmte en warmtapwater worden aangebracht. - omdat ook op langere termijn te garanderen, zijn we kritisch op lockin-situaties; d.w.z.

wij willen monopolieposities op productie, distributie en levering vermijden, geen lange termijncontracten afsluiten en contractueel altijd een exit-strategie opnemen.” WoonFriesland heeft daarnaast als één van de professionele partijen in de projectgroep aangegeven om ten aanzien van het eigen beleid (onder voorwaarde dat financiële middelen het toestaan), aan te sluiten bij het landelijke uitgangspunt van een CO2-neutrale gebouwde omgeving in 2050, februari 2020.

22 / 142

Duidelijk en gedragen kader voor investeringen De opgave wacht niet. De betrokken partijen committeren zich aan een gezamenlijke visie met uitgangspunten en selectiecriteria waar gedurende de warmtetransitie op teruggevallen kan worden. Daarmee scheppen we een duidelijk en gedragen kader om mee aan de slag te kunnen en weten alle betrokkenen wat hen te wachten staat.

Integrale bril en koppelkansen We streven naar een optimale afstemming van de investeringen en werkzaamheden die in een gebied plaatsvinden. Daarbij betrekken we zoveel als mogelijk ook andere onderwerpen, want de warmtetransitie is geen losstaande opgave.

Slimme oplossingen, technologische vernieuwing We willen de CO2-uitstoot reduceren. Daarom is een nieuwe bron voor warmte bij voorkeur duurzaam: hernieuwbaar en niet-fossiel.

Goede samenwerking, een slagvaardig (tijdig) proces en duidelijke rollen Door planningen op elkaar af te stemmen waar mogelijk, proberen we overlast zoveel mogelijk te beperken en inwoners te ontzorgen. In de onderzoeken en wijkuitvoeringsplannen die mogelijk op de warmtevisie gaan volgen, betrekken we alle betrokken energiegebruikers in het dorp of de buurt.

Leren van elkaar, kennisbank We willen dat we met deze visie gezamenlijk aan de slag kunnen in de eerste projecten. De gemeenten kunnen dit niet alleen en zoeken daarom de samenwerking met partners in de dorpen en buurten. We halen informatie op en verbinden kennis om zo duidelijkheid te krijgen over de beste oplossingen. Deze uitgangspunten zijn op verschillende momenten gedeeld met inwoners, ondernemers, de gemeenteraden, inwonersinitiatieven en energiecoöperaties.

23 / 142

3. De warmtetransitie in Achtkarspelen en Tytsjerksteradiel Dit hoofdstuk beschrijft de opgave waar de gemeenten Achtkarspelen en Tytsjerksteradiel voor staan. We bekijken hoeveel gebouwen er zijn aangesloten op het aardgasnet, welk verbruik daar bij hoort en door welk type woningen de gemeenten zich laten kenmerken. Vervolgens gaan we in op de transitie die moet worden doorlopen om deze gebouwen zonder aardgas van warmte en warm water te voorzien. Eveneens wordt besproken hoe we de transitie met financiering op gang kunnen brengen. Want, om comfortabel te leven én de warmtetransitie te realiseren, moeten er maatregelen genomen worden, zodat: > de warmtevraag wordt beperkt; > de energie-infrastructuur in dorpen en buurten toekomstbestendig is; > potentiële energiebronnen worden gerealiseerd en kunnen worden benut.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Tytsjerksteradiel&id=6583ba94-740a-471b-a882-72039b55ee9f