Bijlage 1 - Ruimtelijke onderbouwing Zonnepark Stoppelsoal
Tekst van het document
Ruimtelijke onderbouwing Zonnepark Stoppelsoal Zonnepark Stoppelsoal B.V. 722220 | Definitief V3.0 20-6-2023
Pondera
Colofon
Hoofdvestiging Nederland
Soort document
Amsterdamseweg 13 6814 CM Arnhem 088 – pondera (088-7663372) info@ponderaconsult.com
Ruimtelijke onderbouwing
Postadres
Versienummer
Postbus 919 6800 AX Arnhem
Vestiging South East Asia Jl. Mampang Prapatan XV no 18 Mampang Jakarta Selatan 12790 Indonesia
Vestiging North East Asia Suite 1718, Officia Building 92 Saemunan-ro, Jongno-gu Seoul Province Republic of Korea
Projectnaam Zonnepark Stoppelsoal
Definitief V3.0
Datum 20-6-2023
Project nummer 722220
Opdrachtgever Zonnepark Stoppelsoal B.V.
Auteur Roy van Alst Lisa Meissl
Nagekeken door Martijn Edink
Disclaimer In het onderzoek is gebruik gemaakt van algemeen geaccepteerde uitgangspunten, modellen en informatie die ten tijde van het opstellen van dit rapport ter beschikking stonden. Aanpassingen in de uitgangspunten, modellen of gebruikte gegevens kunnen leiden tot andere uitkomsten. De aard en de nauwkeurigheid van de gebruikte gegevens voor het onderzoek bepalen in belangrijke mate de nauwkeurigheid en de onzekerheden van de berekende uitkomsten. Pondera is niet aansprakelijk voor gederfde inkomsten of schade die wordt geleden door opdrachtgever(s) en/of derden uit conclusies die gebaseerd zijn op gegevens die niet van Pondera afkomstig zijn. Deze rapportage is opgesteld met de intentie dat deze alleen gebruikt wordt door de opdrachtgever en slechts voor het doel waarvoor de rapportage is opgesteld. Er mag geen beroep worden gedaan op de informatie uit deze rapportage voor andere doeleinden zonder schriftelijke toestemming van Pondera. Pondera is niet verantwoordelijk voor de consequenties die kunnen voortvloeien uit het oneigenlijk gebruik van de rapportage. De verantwoordelijkheid voor het gebruik van (de analyse, resultaten en bevindingen in) de rapportage blijft bij de opdrachtgever.
De Rechtsverhouding opdrachtgevers – architect, ingenieur en adviseur conform DNR 2011 is te allen tijde van toepassing.Pondera werkt met een kwaliteitsmanagementsysteem dat door EIK gecertificeerd is volgens de ISO 9001:2015 norm.
Inhoudsopgave 1
Inleiding 1.1 1.2 1.3 1.4
2
Beleidskader 2.1 2.2 2.3 2.4 2.5
3
4
5
6
26
Bedrijven en milieuzonering _________________________________________________ 26 Natuur _________________________________________________________________ 27 Cultuurhistorie en archeologie _______________________________________________ 28 Waterhuishouding ________________________________________________________ 32 Overige aspecten _________________________________________________________ 33
Uitvoerbaarheid 6.1 6.2
22
Keuze voor een grootschalig zonnepark _______________________________________ 22 Locatiekeuze ____________________________________________________________ 22 Beschrijving van het plan ___________________________________________________ 23
Onderzoek 5.1 5.2 5.3 5.4 5.5
17
Functionele structuur ______________________________________________________ 17 Landschappelijke structuur _________________________________________________ 20
Planbeschrijving 4.1 4.2 4.3
8
Rijksbeleid nut en noodzaak zonne-energie _____________________________________ 8 Provinciaal beleid _________________________________________________________ 11 Regionale Energie Strategie (RES) ___________________________________________ 13 Gemeentelijk beleid _______________________________________________________ 13 Conclusie beleid __________________________________________________________ 14
Huidige situatie 3.1 3.2
3
Ligging plangebied _________________________________________________________ 3 Geldende bestemmingsplan _________________________________________________ 4 Procedurele context ________________________________________________________ 6 Leeswijzer _______________________________________________________________ 7
37
Economische uitvoerbaarheid _______________________________________________ 37 Maatschappelijke uitvoerbaarheid ____________________________________________ 37
Bijlage 1 – Landschapsplan / natuuranalyse Bijlage 2 – Landschappelijk ontwerp Bijlage 3 – Technisch ontwerp Bijlage 4 – Aerius-berekening Bijlage 5 – Participatieverslag
Ruimtelijke onderbouwing 722220 | Zonnepark Stoppelsoal | Definitief V3.0 | 20-6-2023 Pagina 2
1 Inleiding Zonnepark Stoppelsoal b.v. (hierna te noemen: initiatiefnemer) heeft het voornemen om in de gemeente Tytsjerksteradiel, nabij de kernen Burgum en Noardburgum, een zonnepark te realiseren op agrarische gronden direct ten noorden van een hoogspanningsstation in beheer van TenneT. Het voornemen staat bekend onder de naam Zonnepark Stoppelsoal. Het zonnepark bestaat uit een terrein van circa 34 hectare, waarvan ongeveer 25 hectare veldopstellingen van zonnepanelen met bijbehorende infrastructuur. Het zonnepark wekt elektriciteit op uit zonne-energie en heeft een verwacht opgesteld vermogen van circa 30 megawattpiek. De grondeigenaren hebben Zonnepark Stoppelsoal B.V. opstalrecht verleend voor het gebruik van de kavels benodigd voor het beoogde zonnepark. Het zonnepark Stoppelsoal levert een grote bijdrage aan de duurzaamheiddoelstellingen van de gemeente Tytsjerksteradiel en de RES-regio Fryslân. Voor de realisatie van het zonnepark is een omgevingsvergunning noodzakelijk. Voor het planologisch mogelijk maken van het zonnepark wordt een aanvraag Omgevingsvergunning in afwijking van het bestemmingsplan, als bedoeld in artikel 2.12, lid 1, sub a, onder 3 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) aangevraagd. Voor het kunnen verlenen van de vergunning moet er sprake zijn van een goede ruimtelijke ordening.
Om dit te kunnen toetsen wordt een Goede Ruimtelijke Onderbouwing (GRO) opgesteld als onderdeel van de aanvraag. Dit rapport betreft deze GRO.
1.1
Ligging plangebied Het plangebied ligt in het noordoosten van de gemeente Tytsjerksteradiel, ten zuidoosten van de kern Noardburgum en ten noordoosten van de hoofdkern Burgum. Zoals zichtbaar in figuur 1.1. bestaat het plangebied uit een aantal agrarische percelen en deze worden aan de westkant begrensd door de Koumarwei. Aan de oostkant worden deze deels begrensd door waterweg Stoppelsoal (vandaar de naam van het zonnepark) en aan deze zijde ligt ook een recreatiepark. Direct ten zuiden van het plangebied bevindt zich een hoogspanningsstation in beheer van TenneT en een energiecentrale in beheer van Engie. Tevens lopen er enkele bovengrondse hoogspanningsverbindingen door het plangebied. Binnen het plangebied wordt invulling gegeven aan het ontwerp van het zonnepark en aan de landschappelijke inpassing daarvan. Dat betekent dat er naast het windpark ruimte wordt geboden voor landschap, natuur en recreatie.
Ruimtelijke onderbouwing 722220 Zonnepark Stoppelsoal | Definitief V3.0 | 20-6-2023 Pagina 3
Figuur 1.1 Ligging en begrenzing van het plangebied
1.2
Geldende bestemmingsplan Ter plaatse van het plangebied van het zonnepark geldt het bestemmingsplan ‘Buitengebied Tytsjerksteradiel’, vastgesteld op 27 juni 2013. In een groot deel van het plangebied is de enkelbestemming ‘Agrarisch gebied’ van toepassing, zie Figuur 1.2. Deze gronden zijn bestemd voor onder meer agrarische bedrijvigheid, extensieve openluchtrecreatie (wandelen en fietsen) en sloten en andere watergangen. Op de tot ‘agrarisch’ bestemde gronden mogen uitsluitend bouwwerken ten dienste van de bestemming worden gebouwd. In het midden van het plangebied ligt een gebied waarop de bestemming ‘Bos’ van toepassing is, zie Figuur 1.2. Dit bos maakt geen onderdeel uit van het plangebied. Deze gronden zijn bestemd voor bos en bebossing, waaronder houtsingels en houtwallen, groenvoorzieningen, al dan niet met als doel het beperken van geluidsbelasting op geluidsgevoelige objecten door nabijgelegen industrieterrein. Recreatief gebruik, speelvoorziening, parkeervoorziening en openbare nutsvoorziening zijn daaraan ondergeschikt. Het bos maakt onderdeel uit van het plangebied, maar er vinden geen ingrepen binnen deze bestemming plaats. Het gehele plangebied valt daarnaast onder de dubbelbestemming ‘Waarde – Landschap (open landschap)’. Deze gronden zijn mede bestemd voor het behoud en herstel van cultuurhistorische, landschappelijke en natuurwaarden van het open landschap.
Zonder omgevingsvergunning mogen er ter plaatse van deze dubbelbestemming, ongeacht het bepaalde bij de andere daar voorkomende
Ruimtelijke onderbouwing 722220 Zonnepark Stoppelsoal | Definitief V3.0 | 20-6-2023 Pagina 4
bestemmingen geen werken, geen bouwwerk zijnde of werkzaamheden worden uitgevoerd, die betrekking hebben op: •
Het wijzigen van de verkavelingsstructuur;
•
Het ontgronden, afgraven, egaliseren en ophogen van gronden t.o.v. het bestaande maaiveld;
•
Het aanplanten van houtopstanden.
Bij de afweging om omgevingsvergunning voor bovenstaande wordt rekening gehouden met de cultuurhistorische, landschappelijke en/of natuurwaarden van het gebied en de rust en de openheid van voor weidevogels geschikte gebieden. Figuur 1.2 Bestemmingsplan Buitengebied Tytsjerksteradiel1. In rood is het plangebied globaal aangegeven.
Door het plangebied lopen ook meerdere hoogspanningsleidingen met bijbehorende hoogspanningsmasten, zie Figuur 1.2. Deze leidingen zijn planologisch vastgelegd in het bestemmingsplan. Voor de gronden waar hoogspanningsmasten op staan of -leidingen boven lopen, geldt de dubbelbestemming ‘Leiding – Hoogspanning’. De hiertoe aangewezen gronden zijn mede bestemd voor bovengrondse hoogspanningsleidingen. Ter plaatse van deze dubbelbestemming mogen, onafhankelijk van andere bestemmingen op deze locatie , geen gebouwen of andere bouwwerken worden geplaatst anders dan ten behoeve van deze dubbelbestemming. Het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunning hiervan afwijken en
1
Bron: ruimtelijkeplannen.nl Ruimtelijke onderbouwing 722220 Zonnepark Stoppelsoal | Definitief V3.0 | 20-6-2023 Pagina 5
toestemming geven voor het bouwen op deze gronden, mits er geen onevenredige aantasting plaatsvindt van de hoogspanningsleiding en er vooraf advies is ingewonnen van de betreffende leidingbeheerder. Een omgevingsvergunning is onder andere nodig als er voorwerpen dieper dan 1 meter onder peil worden ingebracht en voor het aanleggen van kabels en daarmee verband houdende constructies dieper dan 1 meter onder peil. De realisatie van een (grondgeboden) zonnepark past niet in het geldende bestemmingsplan. Een afwijking van het bestemmingsplan is dus noodzakelijk om het plan juridisch-planologisch mogelijk te maken.
1.3
Procedurele context Hieronder wordt in gegaan op de procedurele context voor dit plan.
Planvorm afwijkingsbesluit Omdat het planvoornemen niet past in het geldende bestemmingsplan is een planologische procedure benodigd om het plan mogelijk te maken. De initiatiefnemer is voornemens voor het bouwplan een aanvraag in te dienen in afwijking van het bestemmingsplan. Via deze procedure (ex artikel 2.12 lid 1 sub a onder 3 Wabo) is het mogelijk om af te wijken van het geldende planologisch regime. Voorwaarde voor verlening van de vergunning is dat de activiteit niet in strijd mag zijn met een goede ruimtelijke ordening. Deze ‘goede ruimtelijke onderbouwing’ voorziet in de onderbouwing daarvan.
Relatie met de m.e.r. In bijlage C en D van het Besluit milieueffectrapportage (Besluit m.e.r.) is aangegeven welke activiteiten plan-m.e.r.-plichtig, project-m.e.r.-plichtig of m.e.r.-beoordelingsplichtig zijn. Een zonnepark staat als zodanig niet op de D-lijst. Wel staan landinrichtingsprojecten, een stedelijke ontwikkeling en industriële installaties genoemd op de D-lijst in het Besluit m.e.r.. Sinds de inwerkingtreding m.e.r. richtlijn (mei 2017) geldt voor alle activiteiten die voorkomen op de D-lijst dat onder de drempelwaarde een vormvrije m.e.r.-beoordeling moet worden gedaan (voor plannen/besluiten in kolom 3 en 4). Hierover moet het bevoegd gezag een besluit nemen; dat besluit is nodig voor o.a. de aanvraag voor omgevingsvergunning. Een zonnepark staat als zodanig niet op de Dlijst in het Besluit m.e.r. waardoor er geen vormvrije m.e.r.-beoordeling nodig is. Ook indien het project zou worden geschaard onder de categorie D9 (landinrichtingsproject) blijft het echter ruimschoots onder de drempelwaarde voor landinrichtingsprojecten uit het Besluit m.e.r. (125 hectare). In de uitspraak 201807860/1/A1 van de Raad van State op 14 augustus 2019, wordt aangegeven dat het in dat proces beschouwde zonnepark van 4,3 hectare niet als een landinrichtingsproject, een stedelijke ontwikkeling, of een industriële installatie gezien kan worden.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (AbRvS) heeft in uitspraak 2770 besloten dat zonneparken niet onder onderdeel C en D van het Besluit m.e.r. vallen en dus niet (meer) m.e.r.beoordelingsplichtig zijn2.
2
Kenniscentrum infoMil, Milieueffectrapportage. Ruimtelijke onderbouwing 722220 Zonnepark Stoppelsoal | Definitief V3.0 | 20-6-2023 Pagina 6
Gelet op de omvang van het project Burgum (circa 26 hectare veldopstellingen), de kenmerken van het project (zonnepark), het gebied (agrarisch dichtbij reeds gerealiseerde zonneparken) en de aard van de effecten (zeer beperkt), wordt geconcludeerd dat het uitvoeren van een m.e.r.-beoordeling of het doorlopen van een m.e.r.-procedure niet nodig is.
Bevoegd gezag De bouw en het gebruik van het zonnepark zijn vergunningplichtig op grond van artikel 2.1, lid 1, onder a en c van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo). Zonneparken met een omvang vanaf 50 MW kunnen vallen onder de Rijkscoördinatieregeling3. Het opgestelde vermogen van dit project is ongeveer 25 MW. Voor het zonnepark Stoppelsoal, met een capaciteit van minder de 50 MW, is geen rijkscoördinatie vereist. Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Tytsjerksteradiel is bevoegd gezag voor het verlenen van een omgevingsvergunning in afwijking van het bestemmingsplan. Normaliter dient de gemeenteraad een verklaring van geen bedenkingen af te geven. Binnen de gemeente Tytsjerksteradiel worden verzoeken van initiatiefnemers om zonnepanelen te plaatsen beoordeeld aan de hand van de Zonneladder Tytsjerksteradiel. Deze zonneladder is 18 februari 2021 opgesteld, in samenspraak met de gemeente Achtkarspelen en geldt tevens voor die gemeente. In Hoofdstuk 2.3 wordt dit beleidskader nader behandeld. Voor het voornemen geldt eveneens dat dit aan de hand van de zonneladder wordt beoordeeld.
1.4
Leeswijzer Dit hoofdstuk geeft de inleiding tot het project. In hoofdstuk 2 wordt het beleidskader geschetst. Hoofdstuk 3 geeft een beschrijving van de huidige situatie in en om het plangebied. Het plan voor het voornemen komt in hoofdstuk 4 aan de orde. In hoofdstuk 5 worden de resultaten van de onderzoeken beschreven. Hoofdstuk 6 geeft ten slotte een toelichting op respectievelijk de economische en maatschappelijke uitvoerbaarheid van dit plan.
3
Voor projecten met een capaciteit (opgesteld vermogen) van meer dan 50 MW, is in beginsel, op grond van artikel 9b, eerste lid, onder b, en het vierde lid van de Elektriciteitswet 1998, de Minister het bevoegd gezag voor de coördinatie van de procedure. Ruimtelijke onderbouwing 722220 Zonnepark Stoppelsoal | Definitief V3.0 | 20-6-2023 Pagina 7
2 Beleidskader Dit hoofdstuk beschrijft beleid en wet- en regelgeving specifiek op het gebied van duurzame energie en ruimtelijke ordening. Hierbij komen eveneens nut en noodzaak van zonne-energie aan de orde, waarbij de doelstellingen van Rijk, provincie en gemeente voor duurzame energie zijn toegelicht. In de volgende hoofdstukken (4 en verder) wordt specifiek ingegaan op welke wijze het beoogde voornemen aan het in hoofdstuk 2 beschreven beleidskader voldoet.
2.1
Rijksbeleid nut en noodzaak zonne-energie Energieakkoord voor duurzame groei De Nederlandse energiehuishouding moet duurzamer en minder afhankelijk worden van eindige fossiele brandstoffen, aldus het Energierapport 2015. Energie is een noodzakelijke voorwaarde voor het functioneren van de samenleving in alle facetten. Afnemers moeten kunnen rekenen op betrouwbare energie tegen concurrerende prijzen. Met het oog op het klimaat en de afnemende beschikbaarheid van fossiele brandstoffen is een overgang naar een duurzame energiehuishouding nodig. De energiesector in Nederland is verantwoordelijk voor meer dan twintig procent van de uitstoot van broeikasgassen. De uitstoot van broeikasgassen als gevolg van de energiebehoefte kan worden beperkt door energiebesparing en door grootschalige inzet van duurzame energiebronnen. Een dergelijke omschakeling in de Nederlandse energievoorziening betekent een forse inspanning. Deze ambities sluiten aan bij in Europees verband geformuleerde doelstellingen waaraan de lidstaten zich gecommitteerd hebben. In 2013 hebben ruim veertig organisaties, waaronder de overheid, werkgevers, vakbeweging, natuur- en milieuorganisaties, andere maatschappelijke organisaties en financiële instellingen zich verbonden aan het Energieakkoord voor duurzame groei (hierna: Energieakkoord, 2013)4.
Met het Energieakkoord komt een duurzame energievoorziening een stap dichterbij. In het Energieakkoord is vastgelegd dat in 2020 14% van alle energie duurzaam moet zijn opgewekt met een verdere stijging van dit aandeel naar 16% in 2023. Het doel van het akkoord is bovendien dat het nieuwe banen oplevert en een positief effect heeft op de energierekening van consumenten. In het akkoord zijn tien pijlers opgenomen die moeten leiden tot een duurzame energieopwekking. Het opschalen van hernieuwbare energieopwekking vormt één van deze pijlers.
Energierapport 2016 Het Energierapport 20165 geeft aan dat Nederland voor de uitdaging staat om de uitstoot van broeikasgassen drastisch terug te brengen, waarbij in de 2e helft van de 21e eeuw, zoals afgesproken in het klimaatakkoord van Parijs (2015) er mondiaal een balans moet zijn tussen de uitstoot en vastlegging van broeikasgassen (ofwel klimaatneutraliteit). Het kabinet houdt dus onverkort vast aan de Europese afspraken voor 2020, 2030 en 2050 en aan de afspraken uit het Energieakkoord die samen met milieuorganisaties, bedrijfsleven en overheden zijn gemaakt. Het Energierapport geeft daarom een integrale visie op de toekomstige energievoorziening van Nederland. Het kabinet stelt voor de transitie naar duurzame energie drie uitgangspunten centraal: 4
"Energieakkoord voor duurzame groei", Sociaal-Economische Raad (SER), september 2013. Geraadpleegd van: http://www.energieakkoordser.nl/energieakkoord.aspx 5 "Energierapport 2016 - Transitie naar duurzaam", Ministerie van Economische Zaken, januari 2016. Geraadpleegd van: https://www.rijksoverheid.nl/documenten/rapporten/2016/01/18/energierapport-transitie-naar-duurzaam Ruimtelijke onderbouwing 722220 Zonnepark Stoppelsoal | Definitief V3.0 | 20-6-2023 Pagina 8
1. Sturen op CO2-reductie; 2. Verzilveren van de economische kansen die de energietransitie biedt; 3. Integreren van energie in het ruimtelijk beleid. De Nederlandse energiehuishouding moet duurzamer en minder afhankelijk worden van eindige fossiele brandstoffen. Het kabinet wil onder meer de uitstoot van broeikasgassen in 2050 met 80-95% terugdringen op Europees niveau. Op dit moment zijn we voor onze energievoorziening nog voor ruim 90% afhankelijk van fossiele brandstoffen. De energietransitie biedt bovendien kansen voor behoud en ontwikkeling van het Nederlandse verdienvermogen. Volgens het Energierapport 20166 zijn de belangrijkste vormen van hernieuwbare energie in Nederland zonne-energie, windenergie, bio-energie en aardwarmte. Een kleinere rol spelen waterkracht, omgevingswarmte (warmtepompen in woningen) en energie uit potentieel verschil zoet-zout (osmoseenergie of ‘blue energy’). Hoewel grijze energie uit fossiele energiebronnen in de komende decennia nodig blijft, zal hernieuwbare energie een steeds groter onderdeel gaan uitmaken van de energiemix. Zonneenergie speelt daarbij een belangrijke rol omdat het relatief eenvoudig te installeren is in tegenstelling tot bijvoorbeeld wind op zee. Daarnaast is de winning van zonne-energie middels PV-panelen een beproefde technologie.
Ten slotte heeft de energietransitie alleen kans van slagen als vroegtijdig en zorgvuldig het gesprek wordt aangegaan met burgers, bedrijven en maatschappelijke organisaties over de ruimtelijke inpassing van productie, opslag en transport van energie. Zoveel als mogelijk moet gezamenlijk de afweging plaatsvinden tussen de bijdrage van een initiatief aan de energievoorziening en de overlast of risico's die dit voor omwonenden met zich meebrengt. Dit wordt de ‘energiedialoog’ genoemd.
Nationaal Klimaatakkoord 20197 Om de doelen te halen die in het Klimaatakkoord van Parijs zijn afgesproken heeft Nederland een nationaal Klimaatakkoord opgesteld. In het Klimaatakkoord, onder regie van het kabinet, hebben bedrijven, maatschappelijke organisaties en overheden concrete afspraken gemaakt over de maatregelen waarmee de CO2-uitstoot in Nederland gehalveerd kan worden. Het centrale doel is het terugdringen van de uitstoot van broeikasgassen in Nederland met ten minste 49% ten opzichte van 1990. Het vergroten van de opwek van hernieuwbare energie levert hier een belangrijke bijdrage aan. Het kabinet wil zoveel mogelijk elektriciteit halen uit zon en wind. Naast wind op zee zullen ook op land kansen worden verzilverd voor meer productie van hernieuwbaar opgewekte elektriciteit. Voorzien wordt een rijk geschakeerd, overwegend decentraal, hernieuwbaar elektriciteitssysteem in 2050 met richting 2030 vooraleerst Wind op Land (WOL) en Zon-PV. Voor de opgave wordt onderscheid gemaakt tussen de kleinschalige productie van Zon-PV bij voornamelijk huishoudens en de meer grootschalige productie op land en op daken, zoals op dit moment gestimuleerd wordt met behulp van de SDE+. De productie van hernieuwbare energie moet vervijfvoudigen. De productie op zee moet worden uitgebreid, maar ook de productie zon en wind op land.
In de hoofdlijnen staat als doel beschreven dat in 2030 via windenergie en zonne-energie 35 TWh (Terawattuur) wordt gerealiseerd. Ook wordt benadrukt
6 7
Ministerie van Economische Zaken, januari 2016 Gepubliceerd door het kabinet op 28 juni 2019 Ruimtelijke onderbouwing 722220 Zonnepark Stoppelsoal | Definitief V3.0 | 20-6-2023 Pagina 9
dat de beschikbare ruimte zo efficiënt mogelijk benut moet worden door meervoudig ruimtegebruik. Vraag en aanbod dienen zoveel mogelijk bij elkaar gebracht te worden. Ten slotte is gesteld dat het belangrijk is om te zoeken naar functiecombinaties en aan te sluiten bij specifieke kwaliteiten van het gebied. Overheden zullen de initiatieven voor de duurzame elektriciteitsproductie voornamelijk aan de markt overlaten. De markt is in dit geval een verzamelterm voor alle soorten van initiatiefnemers: van projectontwikkelaars tot energiecoöperaties. Vanuit dat uitgangspunt geredeneerd moet het voor de initiatiefnemers aantrekkelijk worden gemaakt om projecten op te zetten.
Klimaatwet De Eerste Kamer heeft op 28 mei 2019 het initiatiefwetsvoorstel voor de Klimaatwet aangenomen. Het voorstel stelt klimaatdoelstellingen voor de regering vast. Tegelijkertijd is het een kader voor de ontwikkeling, effectmeting en wijze van verantwoording van het beleid dat moet leiden tot het halen van de wettelijke vastgelegde klimaatdoelstellingen. Hoofddoel van het voorstel is het als resultaat bereiken van 95% broeikasgasreductie in Nederland in 2050 ten opzichte van 1990 en als tussendoel streven naar 49% broeikasgasreductie in 2030 ten opzichte van 1990. Daarnaast bevat het voorstel als nevendoel het streven naar 100% CO2-neutrale elektriciteitsproductie in 2050 (bron: website Eerste Kamer der StatenGeneraal8).
Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte De Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) geeft het integrale ruimtelijke beleidskader van het Rijk weer. In dit beleidsstuk worden ruimtelijke nationale opgaves, doelen en belangen voor de komende tientallen jaren geschetst. Een nationaal belang dat wordt besproken is het belang van ruimte voor het hoofdnetwerk voor (duurzame) energievoorziening en energietransitie. Het Rijk stelt op het gebied van energie dat voor de opwekking en het transport van energie voldoende ruimte gereserveerd moet worden. Het aandeel van duurzame energiebronnen als zon, wind, biomassa en geothermie in de totale energievoorziening moet omhoog. Verder wordt beschreven dat het bieden van ruimte aan duurzame energie als zonne-energie en biomassa de primaire taak is van de provincies en gemeenten. Rijksbeleid op het gebied van duurzame energie beperkt zich enkel tot windenergie.
Nationale Omgevingsvisie Op nationaal niveau is het vigerend ruimtelijk beleid vastgelegd in de Nationale Omgevingsvisie (NOVI). De NOVI werd op 11 september 2020 gepubliceerd. Met de NOVI geeft het Rijk een langetermijnvisie op de toekomst en de ontwikkeling van de leefomgeving in Nederland. Het gaat daarbij om het uitzetten van een koers om opgaven op het gebied van klimaatverandering, energietransitie, circulaire economie, bereikbaarheid en woningbouw, in goede banen te leiden. Het streven is daarbij de kwaliteit van de leefomgeving te behouden en zoveel mogelijk te versterken. In de NOVI is een voorkeursvolgorde voor de uitrol van zonnepanelen opgenomen. Om te stimuleren dat locaties zorgvuldig worden uitgekozen, heeft het Rijk in samenwerking met medeoverheden en andere stakeholders een voorkeursvolgorde uitgewerkt. De voorkeursvolgorde is als volgt:
8
Geraadpleegd via: https://www.eerstekamer.nl/nieuws/20190528/klimaatwet_aangenomen_door_eerste Ruimtelijke onderbouwing 722220 Zonnepark Stoppelsoal | Definitief V3.0 | 20-6-2023 Pagina 10
•
Zonnepanelen op daken en gevels van gebouwen: omdat hier al sprake is van bebouwing zal het introduceren van zonnepanelen op deze plekken volgens de overheid doorgaans minder invloed hebben op de kenmerken of identiteit van een gebied;
•
Onbenutte terreinen in bebouwd gebied de voorkeur: vanuit de principes hiervoor hebben de onbenutte terreinen in bebouwd gebied de tweede voorkeur;
•
Landelijk gebied: om aan de gestelde energiedoelen te voldoen, kan blijken dat ook locaties in het landelijk gebied nodig zijn. Ook in dat geval gaat de voorkeur uit naar het zoeken van slimme functiecombinaties. Hoewel natuur- en landbouwgebieden daarbij niet volledig worden uitgesloten, ligt de voorkeur bij gronden met een andere primaire functie dan landbouw of natuur, zoals waterzuiveringsinstallaties, vuilnisbelten, binnenwateren of areaal in beheer van het Rijk (zoals Rijkswaterstaat, ProRail, Staatsbosbeheer), waaronder waar mogelijk bermen van spoor- en autowegen.
Zonnepark Stoppelsoal past binnen de voorkeursvolgorde uit de NOVI. Het gebied is namelijk, naast de agrarische functie, ook in gebruik door elektrische infrastructuur (hoogspanningsmasten) en een direct ten zuiden van het plangebied grenzend hoogspanningsstation van TenneT. Zoals in de NOVI is beschreven ligt de voorkeur in het landelijk gebied bij gronden met een slimme functiecombinatie.
Ladder duurzame verstedelijking In artikel 3.1.6, lid 2 Besluit ruimtelijke ordening (Bro) is voorgeschreven, dat indien een bestemmingsplan 'een nieuwe stedelijke ontwikkeling' mogelijk maakt, in de toelichting van het plan een verantwoording daarvan moet plaatsvinden volgens de systematiek van de ladder voor duurzame verstedelijking. Een zonnepark betreft geen stedelijke functie in de zin van de ladder voor duurzame verstedelijking. Dit vloeit voort uit jurisprudentie (uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van 23 januari 2019, ECLI:NL:RVS:2019:178): “Uit overweging 6.2 van de uitspraak van 28 juni 2017, ECLI:NL:RVS:2017:1724, blijkt dat de Afdeling diverse voorzieningen op het gebied van energieopwekking en -distributie niet als stedelijke ontwikkeling heeft aangemerkt. Genoemd worden: een hoogspanningsverbinding, een windturbinepark en een transformatorstation. Naar het oordeel van de Afdeling is er geen aanleiding voor een andere benadering met betrekking tot een zonnepark, dat naar zijn aard niet wezenlijk verschilt van een windturbinepark. Daarbij neemt de Afdeling in aanmerking dat een zonnepark, net als een windturbinepark, zich bij uitstek niet goed leent om binnen bestaand stedelijk gebied te worden gerealiseerd.
De toepasselijkheid van de ladder voor duurzame verstedelijking als bedoeld in artikel 3.1.6, tweede lid, van het Bro op een dergelijke voorziening zou daarentegen juist tot gevolg hebben dat het bevoegde bestuursorgaan telkens zou moeten motiveren waarom deze voorziening niet binnen bestaand stedelijk gebied kan worden voorzien. Dit vindt de Afdeling in het licht van het doel en de strekking van de ladder voor duurzame verstedelijking een onlogische consequentie.”
2.2
Provinciaal beleid In deze paragraaf wordt het provinciaal ruimtelijk beleid besproken voor de aanleg van een zonnepark op deze locatie. Dit ruimtelijk beleid wordt als toetsingskader gebruikt voor de ruimtelijke onderbouwing van het initiatief.
Ruimtelijke onderbouwing 722220 Zonnepark Stoppelsoal | Definitief V3.0 | 20-6-2023 Pagina 11
Omgevingsvisie Provincie Fryslân In de Omgevingsvisie Provincie Fryslân (2020) heeft de provincie de ambitie uitgesproken om in 2050 klimaatneutraal te zijn om te voldoen aan het Klimaatakkoord van Parijs. Daarbij zijn concreet de volgende ambities vastgelegd: •
Besparen; voor 2030 wordt 25% energie bespaard ten opzichte van 2010
•
Opwekken; voor 2030 wordt 33% van de Friese energie duurzaam opgewekt, daarbij uitgaande van een mix van opwekkingsmogelijkheden, waaronder wind, zon, biomassa en geothermie
•
Verduurzamen; verduurzamen van verkeer, vervoer en landbouw
•
Samenleving betrekken; creëren van een positief imago/draagvlak, versterken van regionale samenwerking, en organiseren van participatie door omwonenden, overheden en bedrijven in duurzame energieprojecten
Provinciale verordening Fryslân Volgens de provinciale verordening “Romte Fryslân 2014”, geconsolideerde versie van 23 maart 2021, bevindt het plangebied voor het zonnepark zich in landelijk gebied (buiten bestaand stedelijk gebied). In de verordening zijn speciale regels opgenomen voor het realiseren van zonneparken in dit gebied: Artikel 9.5 ‘Zonneladder’ van de verordening bepaalt dat een nieuwe opstelling voor zonne-energie op gronden in het landelijk gebied alleen wordt toegestaan als uit onderzoek blijkt dat de opstelling noodzakelijk is om te kunnen voldoen aan de gemeentelijke ambitie. Bij het vinden van locaties voor zonne-energie moet daarbij de volgende prioritering worden toegepast: 1. op daken en gevels; 2. op gronden binnen het bestaand stedelijk gebied; 3. op gronden met een andere primaire functie dan landbouwgrond zoals vuilstorten, nutsvoorzieningen, zandwinputten en infrastructuur; 4. op landbouwgronden of in natuurgebieden. Volgens artikel 9.6.2. mag een ruimtelijk plan voor het landelijk gebied daarnaast alleen in een opstelling voor zonne-energie voorzien op: a. een bestaand bouwperceel, mits het opgestelde vermogen is afgestemd op de energiebehoefte en verbruik van het perceel; b. een zandwinlocatie (die geen deel uitmaakt van de ecologische hoofdstructuur); c. gronden met een bestemming voor infrastructuur voor weg, spoor, water en vliegverkeer; d.
gronden met een bestemming voor nutsvoorzieningen; e. gronden die deel uitmaken van de ecologische hoofdstructuur of op gronden die zijn aangewezen als natuur buiten de ecologische hoofdstructuur, mits de opstelling qua functie en vermogen is gericht op de energiebehoefte die samenhangt met het fysieke beheer en onderhoud van het gebied; f.
gronden die aansluiten op het bestaand stedelijk gebied die niet in gebruik zijn voor landbouw- of natuurdoeleinden en niet zijn voorzien van een agrarische- dan wel natuurbestemming, mits de gronden geen functie hebben voor de landschappelijke inpassing van andere functies;
In het kader van het versterken van de biodiversiteit, verwacht de provincie van initiatiefnemers van zonneparken dat er ter plaatse van de opstelling ruimte aanwezig is voor het versterken van de biodiversiteit. Ruimtelijke onderbouwing 722220 Zonnepark Stoppelsoal | Definitief V3.0 | 20-6-2023 Pagina 12
Conform artikel 10.1.1 van de verordening, kunnen Gedeputeerde Staten op aanvraag van Burgemeester en Wethouders een ontheffing verlenen voor een ruimtelijke ontwikkeling in het landelijk gebied, als het gaat om functies die bijdragen aan het opwekken van duurzame energie, waaronder zonne-energie. Hierbij moet de gemeente eveneens aantonen dat de opstelling noodzakelijk is om te kunnen voldoen aan de gemeentelijke ambitie in het kader van haar ruimtelijk beleid.
2.3
Regionale Energie Strategie (RES) In het nationale Klimaatakkoord is afgesproken dat alle gemeenten in Nederland in dertig verschillende regio’s een Regionale Energie Strategie (RES) opstellen. De gemeente Tytsjerksteradiel behoort tot de RES-regio Fryslân. De RES-regio Fryslân geeft invulling aan het vraagstuk van het opwekken van elektriciteit uit zonne- en windenergie op land. In de RES 1.0 (2021) is opgenomen dat de RES-regio Fryslân de ambitie heeft om in 2030 tenminste 3 TWh aan duurzame energie te produceren. Een groot deel van de Friese bijdrage is afkomstig van bestaande of vergunde projecten. Voor nieuwe grootschalige zonneprojecten geldt dat hiervoor in de RES geen specifieke zoeklocaties zijn opgenomen, maar dat dergelijke initiatieven langs de provinciale zonneladder gelegd worden. De provincie heeft de Zonneladder ontwikkeld vanwege: •
het beschermen van het Friese landschap. De zonneladder is bedoeld om de vanzelfsprekendheid om te kiezen voor zonnepanelen op landbouwgronden te veranderen.
•
initiatieven te dwingen om te starten met een onderzoek naar een geschikte locatie op basis van de kwaliteiten van een gebied. Hiermee wil de provincie voorkomen dat een initiatief start met een specifieke (aangekochte) locatie.
•
het kunnen stellen van extra voorwaarden aan initiatieven die op de hogere treden uitkomen. Deze initiatieven zullen een zorgvuldig locatieproces moeten doorlopen (sinnetafel/omgevingstafel voor zonne-energie initiatief) en daarnaast zal het initiatief naar minimaal 50% lokaal in eigendom moeten streven, zodat de lusten terecht komen bij de omgeving.
2.4
Gemeentelijk beleid In de duurzaamheidsagenda Dursum Tegearre Dwaan van de gemeente Tytsjerksteradiel wordt gesteld dat de gemeente als ambitie stelt om in 2040 energieneutraal te zijn. Daarvoor acht de gemeente noodzakelijk dat ook zonnevelden een significante bijdrage hieraan leveren, omdat enkel met zon op daken en windenergie de doelstellingen niet gehaald zullen worden. De ambitie is om in 2040 ruim 746 TJ aan zonne-energie op te wekken met zonnevelden, gelijk aan 253 hectare, met als tussenstap 345 TJ (117 ha) in 2030. Voor de toetsing van zonne-energieprojecten maakt de gemeente gebruik van de aanpak van Sinnetafels. In de duurzaamheidsagenda wordt de aanpak als volgt omschreven: “Met de dorpen in Tytsjerksteradiel gaan we aan de slag met de Zonneladder. We kiezen voor de aanpak van Sinnetafels9. Samen met inwoners, energiecoöperaties en landschapsarchitecten onderzoeken we wat de energievraag per dorp is en hoe we deze duurzaam kunnen invullen. We doorlopen elke trede van de Zonneladder. Eerst zoomen we in op de potentie van zon op daken en erven in het dorp en het buitengebied, vervolgens bepalen we per trede van de ladder welk deel van de restopgave daarmee
Concreet worden sinnetafels gedefinieerd als “rondetafelgesprekken met diverse belanghebbenden en deskundigen op het gebied van landschapsinrichting” 9
Ruimtelijke onderbouwing 722220 Zonnepark Stoppelsoal | Definitief V3.0 | 20-6-2023 Pagina 13
ingevuld kan worden. Mocht er zon op gronden in het buitengebied nodig zijn, dan wordt in de Sinnetafel ook met het dorp bekeken waar dit zou kunnen.” Concreet komt het erop neer dat in de Zonneladder zonne-energieprojecten worden gerangschikt, op volgorde van wenselijkheid: 1. zon op daken en erven in dorp en buitengebied (meest wenselijk) 2. 3.
zon op overige (bebouwde) terreinen in dorp en buitengebied zon op gronden in buitengebied, aangrenzend aan bestaande bebouwing
4. 5.
zon op gronden in buitengebied, in nabijheid van een energieknooppunt zon op overige gronden in het buitengebied (minst wenselijk)
De vijf treden van de zonneladder geven de volgorde in wenselijkheid, kansrijkheid en ruimtelijke impact weer. Initiatieven uit de lagere treden hebben meer ruimtelijke impact dan die uit de hogere treden. De zonneladder stelt voor om zoveel mogelijk gebruik te maken van de eerste trede. Dat betekent echter niet dat de eerste trede volledig benut moet zijn, voordat een initiatief uit de tweede of derde trede kan worden erkend. De gemeente Tytsjerksteradiel stelt in haar zonneladder10 vijf voorwaarden voor verlening van gemeentelijke medewerking aan een verzoek om een zonnepark: 1.
Omwonenden, grondeigenaar en overige belanghebbenden worden vroegtijdig en actief betrokken bij de ontwikkeling van het zonnepark.
2.
Het zonnepark komt voor tenminste 50% in lokaal eigendom. Lokale energie-coöperaties dienen in het project betrokken te zijn.
3.
Het zonnepark wordt zorgvuldig geïntegreerd in het landschap. Dit komt neer op het: a. afpassen van de projectschaal op de grootte van het dorp en het bijbehorende landschap b. c.
4. 5.
afpassen van de hoogte en oriëntatie van de opstelling groene inkleding
d. het ontwerp komt tot stand met sinnetafels, zie voetnoot 9 De gronden waarop het zonnepark wordt ontwikkeld zijn minder geschikt voor landbouw. De gronden waarop het zonnepark wordt ontwikkeld dragen actief bij aan het versterken van de biodiversiteit.
De gemeente stelt in haar duurzaamheidsagenda dat “de regionale energiestrategie (RES) van RES-regio Fryslân op dit moment het plaatsen van windturbines en de realisatie van zonneparken in de gemeente zeer beperkt toestaat.” De gemeente ziet daarom vooral kansen voor het stimuleren en enthousiasmeren van participatie in wind op zee, hoewel laatstgenoemde niet meetelt in het kader van de RES-opgave en het toewerken naar een energie-neutrale gemeente.
2.5
Conclusie beleid De realisatie van zonnepark Stoppelsoal draagt bij aan de ambitie en doelstellingen van het Rijk om het aandeel van duurzame energiebronnen als zon, wind, biomassa en geothermie in de totale energievoorziening te verhogen en is daarmee passend binnen de beleidskaders op rijksniveau.
10
https://cuatro.sim-cdn.nl/tytsjerksteradiel/uploads/zonneladder-tytsjerksteradiel.pdf Ruimtelijke onderbouwing 722220 Zonnepark Stoppelsoal | Definitief V3.0 | 20-6-2023 Pagina 14
De realisatie van zonnepark Stoppelsoal draagt daarnaast ook bij aan de provinciale doelstellingen om in 2030 33% van de energie in Friesland duurzaam op te wekken. Het plangebied voor het zonnepark bevindt zich in landelijk gebied. De bouw van zonneparken is hier toegestaan, indien de energieopbrengst noodzakelijk is voor het behalen van de gemeentelijke doelstellingen. De gemeente Tytsjerksteradiel heeft de ambitie om in 2040 energieneutraal te zijn. Om dit doel te kunnen bereiken acht de gemeente de realisatie van zonnevelden, aanvullend op zon op dak en windenergie, als noodzakelijk (zie hoofdstuk 2.4) en wordt de volgorden van de treden in de zonnelader niet hard gesteld. Eerst alle daken vol leggen met zon is niet langer voorwaarde voor het ontwikkelen van grondgebonden zonneparken binnen de gemeente. Het zonnepark past binnen de provinciale zonneladder Volgens provinciaal beleid moet voor de locatiekeuze van zonneparken in landelijk gebied de provinciale zonneladder gevolgd worden. Trede 1, dus de eerste prioriteit, ziet toe op het zoveel mogelijk plaatsen van zonnepanelen op daken en gevels. Baserend op de gemeentelijke ambitie om in 2040 energieneutraal te zijn en in verband met de verwachte energievraag in de toekomst, is het echter niet voldoende om zonnepanelen alleen op daken en gevels te plaatsen.
Het plangebied voor zonnepark Stoppelsoal ligt weliswaar niet binnen bestaand stedelijk gebied (trede 2), maar grenst aan gebied dat bestemd is als wooncentrum (Noordburgum). Daarmee ligt het zonnepark dichtbij woningen en horeca voorzieningen en grenst het direct aan gebied dat onderdeel uitmaakt van trede 2. In het zuiden grenst het plangebied tenslotte aan een hoogspanningsstation. Daardoor komt het park strategisch binnen woningen en een bestaande nutvoorziening met de enkelbestemming ‘elektriciteitsopwekking en verdeelstations’ te liggen. Het plangebied betreft weliswaar agrarische gronden, echter zijn deze voor een groot deel mede bestemd voor hoogspanningsleidingen (zie hoofdstuk 1.2). Daarmee heeft het plangebied ook reeds een andere functie dan alleen agrarisch (trede 3). Slimme functiecombinaties in het landelijk gebied sluiten tevens aan bij de voorkeursvolgorde van de Nationale Omgevingsvisie (zie hoofdstuk 2.1). Ondanks dat het voornemen geen onderdeel uitmaakt van de eerste treden van de zonneladder, past het wel binnen de latere trede en de visie en opgave waar de gemeente en regio voor staan.
Het zonnepark draagt bij aan regionale doelstellingen en voldoet aan de voorwaarden van de RES Op regionaal niveau draagt de realisatie van zonnepark Stoppelsoal bij aan de doelstellingen van de RES Fryslân om in 2030 tenminste 3 TWh duurzame energie op te wekken uit zon en wind. Volgens de RES Fryslân dienen zonne-energieprojecten eveneens aan te sluiten bij de voorkeursvolgorde van de provinciale zonneladder. Zoals hierboven toegelicht is dat voor zonnepark Stoppelsoal het geval. De initiatiefnemers zijn daarnaast bereid om invulling te geven aan het streven van de RES Fryslân naar 50% lokaal eigendom bij energieprojecten. Zo krijgt de lokale coöperatie de mogelijkheid om voor 50% toe te treden. Het zonnepark past binnen de gemeentelijke zonneladder De gemeente Tytsjerksteradiel stelt in haar duurzaamheidsagenda dat zonne-energie uit zonnevelden een significante bijdrage moet gaan leveren om de gemeentelijke en regionale duurzaamheidsdoelen te halen. Om zonneveldprojecten te toetsen heeft de gemeente een beleidskader (Zonneladder) opgesteld. Daarin ziet de gemeente, naast het aansluiten bij bestaande bebouwing, ook het oprichten van zonneparken nabij energieknooppunten als wenselijk (trede 4 van de zonneladder). Het plangebied voor zonnepark Stoppelsoal grenst aan het hoogspanningsstation aan de Koumarwei in Burgum.
Dit hoogspanningsstation wordt in de zonneladder van de gemeente expliciet als potentieel energieknooppunt genoemd, aangezien hier een directe en korte aansluiting van grootschalig opgewekte zonne-energie op het
Ruimtelijke onderbouwing 722220 Zonnepark Stoppelsoal | Definitief V3.0 | 20-6-2023 Pagina 15
hoogspanningsnetwerk mogelijk is. Daarmee past zonnepark Stoppelsoal naast de provinciale, ook bij de gemeentelijke zonneladder. Het zonnepark voldoet aan de voorwaarden voor zonne-energie volgens gemeentelijk beleid In de zonneladder van de gemeente Tytsjerksteradiel worden daarnaast ook vijf voorwaarden voor toekomstige zonne-energieprojecten benoemd, waaronder het vroegtijdig betrekken van omwonenden en belanghebbenden, het streven naar 50% lokaal eigendom, een zorgvuldige integratie in het landschap en het actief versterken van de biodiversiteit en de keuze voor minder waardevolle landbouwgrond boven waardevolle gronden. Met het plan voor zonnepark Stoppelsoal wordt invulling gegeven aan deze voorwaarden: Zoals hierboven reeds genoemd, bevindt het plangebied zich r op landbouwgronden die dienen als weidegrond voor vee. Daarnaast bevinden zich meerdere hoogspanningsmasten op deze gronden. Het plangebied maakt bovendien deel uit van het beschermde coulissenlandschap in het oostelijke gedeelte van de gemeente Tytsjerksteradiel. Dit gebied noemt de gemeente in haar zonneladder als een voorbeeld voor mogelijk minder geschikte gronden voor de reguliere landbouw, aangezien in dit gebied nu al een kleinschaligere manier van landbouw bedreven wordt dan elders in de provincie.
Daarmee voldoet het plan voor zonnepark Stoppelsoal aan de voorwaarde om minder geschikte gronden voor de reguliere landbouw te kiezen boven waardevolle landbouwgronden. De initiatiefnemer hebben reeds in een vroeg stadium een uitvoerig proces met de omgeving doorlopen (en doen dat nog steeds) om deze zoveel mogelijk bij het proces te betrekken. Zo is de locatie tot stand gekomen aan de hand van een Sinnetafel, waarbij omwonenden aan konden geven welke locaties binnen de gemeente mogelijk geschikt of wenselijk zouden zijn voor de realisatie van een zonnepark. Uit de Sinnetafels is de locatie van het voornemen naar voren gekomen. Ook in de totstandkoming van het ontwerp en de landschappelijke inrichting van het zonnepark zijn de omwonenden uitvoerig betrokken. Zonnepark Stoppelsoal voldoet daarmee aan de voorwaarde om de omgeving bij het plan te betrekken. Tevens voldoet het plan aan de voorwaarde van het streven naar minimaal 50% lokaal eigendom, aangezien de lokale energiecoöperatie de mogelijkheid heeft tot 50% toe te treden (zie participatieverslag). Een zorgvuldige integratie in het landschap wordt gewaarborgd door een landschappelijk ontwerp. Zie hiervoor de beschrijving in hoofdstuk 4.
Aansluitend bij de zonneladder van de gemeente, wordt door de initiatiefnemer in dit ontwerp rekening gehouden met de opstelling en oriëntatie van de zonnepanelen, zodat ruimte ontstaat voor nieuwe flora en fauna. Daarmee voldoet het plan tenslotte ook aan de voorwaarde om bij te dragen aan het actief versterken en vergroten van de lokale biodiversiteit. Conclusie Op basis van hierboven genoemde argumenten wordt geconcludeerd dat het plan voor zonnepark Stoppelsoal past binnen de beleidskaders op rijks-, provinciaal, regionaal en gemeentelijk niveau en voldoet aan de eisen die aan realisatie van een zonnepark op de beoogde locatie worden gesteld.
Ruimtelijke onderbouwing 722220 Zonnepark Stoppelsoal | Definitief V3.0 | 20-6-2023 Pagina 16
3 Huidige situatie 3.1
Functionele structuur Het plangebied Het zonnepark is gesitueerd in het noordnoordoosten van de gemeente Tytsjerksteradiel in de provincie Fryslân, zie Figuur 3.1. Het plangebied betreft een min of meer rechthoekig gebied ingeklemd tussen de Koumarwei aan de westkant, de Stoppelsoal aan de zuidoostkant, een hoogspanningsstation/ energiecentrale (A in Figuur 3.2) met nabijgelegen zonnevelden aan de zuidkant, en is met sloten gescheiden van niet-participerende velden aan de noord- en oostkant. Het gebied bestaat uit meerdere kadastrale percelen (zie Figuur 3.3) die in eigendom zijn van verschillende grondeigenaren. Het plangebied betreft grotendeels open gebied, maar het huidige landschap wordt sterk bepaald door de energiecentrale aan de zuidzijde en de hoogspanningsverbindingen die van daaruit door het plangebied lopen. In het midden van het plangebied is een perceel bestaande uit bos en ander groen (B in Figuur 3.3), zoals kenmerkend voor een coulissenlandschap (zie paragraaf 3.2), aangelegd om het beeld op de energiecentrale vanaf de noordzijde te beperken. Langs de Koumarwei (C in Figuur 3.3) aan de westkant van het plangebied bevinden zich aaneengesloten bomenrijen. Het gebied is makkelijk zichtbaar vanaf de Koumarwei.
Vanaf de ten noorden gelegen Zomerweg (D in Figuur 3.4) is het plangebied slechts deels zichtbaar door de woonbebouwing en nauw aaneengesloten bomen- en struikenrijen. Het plangebied is wel volledig zichtbaar vanaf het fietspad dat direct naast de Zomerweg ligt (E in Figuur 3.4). Het zonnepark Stoppelsoal is van tijdelijke aard en voor zolang de technisch-economische levensduur van het zonnepark dit toelaat. Nadat het park 30 jaar zonnestroom heeft geproduceerd wordt het zonnepark verwijderd en kunnen de grondeigenaren de grond weer voor eigen doeleinden gebruiken.
Gebruik Het plangebied wordt momenteel niet gebruikt voor landbouwdoeleinden. Wel graast er vee op enkele velden, en bevinden zich meerdere hoogspanningsmasten in het plangebied. Onder een gedeelte van het plangebied loopt een ondergrondse gasleiding.
Nabijheid van woningen De dichtstbijzijnde woningen bevinden zich op ongeveer 200 meter ten noordwesten van de grens van het plangebied en zijn gelegen aan de Zomerweg, zie Figuur 3.5. De woningen in de kernen van Noardburgum en Burgum bevinden zich respectievelijk op 0,6 en 2,0 kilometer afstand vanaf het dichtstbijzijnde punt op het plangebied. Aan de oostzijde ligt recreatiepark Zwartkruis, bestaande uit verschillende vakantiewoningen. Deze woningen worden slechts tijdelijk gebruikt en zijn hoofdzakelijk gericht op het water aan de oostzijde in verband met waterrecreatie.
Ruimtelijke onderbouwing 722220 Zonnepark Stoppelsoal | Definitief V3.0 | 20-6-2023 Pagina 17
Figuur 3.1 Plangebied zonnepark met globale indicatie van de locatie van de geplande zonnevelden
Figuur 3.2 Zicht vanaf de noordwestkant op het plangebied.
Ruimtelijke onderbouwing 722220 Zonnepark Stoppelsoal | Definitief V3.0 | 20-6-2023 Pagina 18
Figuur 3.3 Zicht op de noordkant van het plangebied.
Figuur 3.4 Ligging van het plangebied ( voor zonnevelden) ten opzichte van woningen.
Water Rond en binnen het plangebied zijn diverse (kavel)sloten aanwezig. Zo’n 100 meter ten westen van het plangebied bevindt zich het Kûkhernster Feart; een waterweg die uitmondt in het Burgumer Mar. Direct aangrenzend aan de zuidoostkant van het plangebied ligt het Stoppelsoal (een klein plas).
Ruimtelijke onderbouwing 722220 Zonnepark Stoppelsoal | Definitief V3.0 | 20-6-2023 Pagina 19
Infrastructuur Door het plangebied lopen verschillende bovengrondse hoogspanningsverbindingen waarvoor afstandsvereisten vanuit de beheerder gelden. Hierover is nauw overleg met de beheerder (Tennet) gevoerd en met de eisen wordt in het ontwerp rekening gehouden. Daarnaast zijn er een aantal wegen en vaarwegen in de omgeving van het plangebied gelegen. Het voornemen is hierop niet van invloed.
Natuur In de buurt van het plangebied liggen geen Natura 2000-gebieden. Wel ligt zo’n 150 meter ten westen een Natuurnetwerk Nederland (NNN)-gebied. In Figuur 3.5 is de ligging van het plangebied in relatie tot de natuurgebieden weergegeven. NNN kent geen externe werking. Figuur 3.5 Ligging van het plangebied (voor zonnevelden) en natuurgebieden.
3.2
Landschappelijke structuur Het landschap rond Burgum werd gekenmerkt door graslanden met elzensingels en grondwallen als kavelgrenzen. In de loop der jaren is de begroeiing met deze landschapselementen afgenomen, maar nog altijd zijn singels of restanten daarvan zichtbaar in het landschap. Waar het gebied in 1900 nog deel was van het Burgummermeer is het in 1910 drooggelegd en opgenomen in de omliggende graslanden. Toen is ook de noord-zuidgerichte verkavelingsstructuur ontstaan. In de jaren 70 is de energiecentrale gebouwd, inclusief toegangsweg en hoogspanningsverbindingen. Om het zicht hierop te beperken zijn destijds verschillende bosstroken rondom de centrale aangelegd. Deze zijn er nog altijd. Ook waterrecreatie begon zich vanaf de jaren 90 steeds verder uit te breiden en werd meer zichtbaar in het landschap. Verschillende Ruimtelijke onderbouwing 722220 Zonnepark Stoppelsoal | Definitief V3.0 | 20-6-2023 Pagina 20
waterpartijen zijn eveneens als waterberging en natuurzones rondom de centrale aangelegd in de jaren daarna. Het landschap bestaat derhalve uit een combinatie van grasland, bosstroken en waterpartijen, maar het meest kenmerkend in de bestaande landschappelijke structuur van de locatie zijn de centrale, hoogspanningsverbindingen en waterrecreatie. Voor een uitgebreide analyse van het bestaande landschap en de historie van het gebied wordt verwezen naar het landschapsplan in de bijlage.
Ruimtelijke onderbouwing 722220 Zonnepark Stoppelsoal | Definitief V3.0 | 20-6-2023 Pagina 21
4 Planbeschrijving 4.1
Keuze voor een grootschalig zonnepark Zonnepark De energietransitie vraagt om een energielandschap waarin steeds meer elektriciteit wordt opgewekt uit duurzame energiebronnen. Om de doelstellingen te halen is het nodig dat verschillende vormen van energieopwekking worden ingepast in het landschap. Zonne-energie is één van die duurzame energiebronnen uit deze energiemix. De opwekking van zonne-energie zorgt voor relatief weinig (negatieve) milieueffecten, maar er is wel sprake van een relatief groot ruimtebeslag. Een zonnepark is technisch eenvoudig aan te leggen zonder ingrijpende grondwerkzaamheden. Dit zorgt ervoor dat het realiseren van een zonnepark relatief eenvoudig is. Een alternatief op het gebied van zonne-energie is het plaatsen van zonnepanelen op daken. Echter, niet al het dakoppervlak in Nederland is geschikt voor het opwekken van zonne-energie. Daarnaast worden de ambities en doelstellingen, zoals beschreven in hoofdstuk 2 niet gehaald door enkel zonnepanelen op daken. Grondgebonden zonneparken zijn daarom nodig om de doelstellingen te behalen. Concreet heeft de gemeente Tytsjerksteradiel onderzoek laten doen naar de toekomstige energievraag in relatie tot het theoretische opwekpotentieel van zon op daken en gevels.
Hieruit blijkt dat er naast het plaatsen van zonnepanelen op daken en gevels, een resterende opgave aan zonne-energie ontstaat gelijk aan circa 40 ha zonnevelden. Het realiseren van zon op dak en gevels en grootschalige grondgebonden opwek van zonne-energie zijn dus twee parallelle processen die van belang zijn in het kader van de energietransitie. In het ontwerp wordt rekening gehouden met de aanwezigheid van kabels, leidingen, wegen en overige infrastructuur ten behoeve van de exploitatie van het zonnepark. Het grootschalig opwekken van zonne-energie heeft voordelen ten opzichte van het decentraal en kleinschalig opwekken. Ten opzichte van kleinschalig opwekken van zonne-energie op bijvoorbeeld dakoppervlak levert het opwekken van zonne-energie op een groot zonnepark zoals bij het zonnepark Stoppelsoal een belangrijk efficiencyvoordeel door onder andere schaalvoordelen en transport. Een groot zonnepark levert een grotere jaarproductie aan elektriciteit op en tegen lagere kosten dan meerdere kleinere parken. Met de realisatie van het zonnepark ontstaat een grootschalig energielandschap. De reeds aanwezige elektrische infrastructuur en de nabijheid tot hoogspanningsstations bieden mogelijkheden om de reeds aanwezige netinfrastructuur efficiënt te benutten.
4.2
Locatiekeuze De locatie voor het voornemen is bepaald op basis van een Sinnetafel-proces, waarbij de omgeving kon meedenken over geschikte locaties voor een zonnepark nabij Burgum. Hieruit is, onder andere, het huidige plangebied naar voren gekomen De belangrijkste uitgangspunten voor deze locatie zijn: •
De locatie heeft voldoende omvang om een substantieel opgesteld vermogen mogelijk te maken.
•
De gronden worden momenteel niet gebruikt voor landbouw en zijn door het coulissenlandschapkarakter daarvoor ook minder geschikt/ kleinschaliger bedoeld.
Ruimtelijke onderbouwing 722220 Zonnepark Stoppelsoal | Definitief V3.0 | 20-6-2023 Pagina 22
•
De locatie is reeds in gebruik voor elektrische infrastructuur en ligt dichtbij een hoogspanningsstation in beheer van TenneT, dat tevens al omgeven is door reeds gerealiseerde zonnevelden. Hierdoor wordt de aanwezige infrastructuur efficiënter ingezet en wordt de impact door aanleg van nodige verdere infrastructuur gemitigeerd.
4.3
•
De locatie ligt buiten beschermde natuurgebieden.
•
De locatie ligt op voldoende afstand van omliggende (woning)bebouwing en de bebouwde kom, om eventuele hinder voor omwonenden te voorkomen.
•
De locatie ligt niet op cultuurhistorische waarden (beschermde stads-/dorpsgezichten, Rijksmonumenten) en kent een lage archeologische trefkans.
Beschrijving van het plan Het voornemen bestaat uit de realisatie van een zonnepark. Het voornemen bestaat uit een gebied van circa 25 ha aan zonnevelden, inclusief civiele werken en daarnaast verschillende aanvullingen op het gebied van landschappelijke inpassing, recreatie en biodiversiteit. In onderstaande figuur is het ontwerp van het zonnepark weergeven. In de bijlage is deze tevens op groter formaat opgenomen. Het ontwerp van het zonnepark, de achterliggende uitgangspunten en het proces zijn opgenomen in het landschapsplan dat als bijlage bij deze ruimtelijke onderbouwing is opgenomen. Hieronder volgt een korte beschrijving van het voornemen ten behoeve van de onderbouwing van de ruimtelijke aanvaardbaarheid. Figuur 4.1 Ontwerp zonnepark (zonnepanelen indicatief ingetekend)
Bron: Smartland Ruimtelijke onderbouwing 722220 Zonnepark Stoppelsoal | Definitief V3.0 | 20-6-2023 Pagina 23
Algemeen De inrichting van het zonnepark bestaat voor circa 75% uit zonnevelden, conform de gedragscode Zon op Land. Dat betekent dat er circa 25 ha aan zonnevelden worden gerealiseerd binnen het plangebied van ca. 35 ha. De overige delen van het plangebied zijn gebruikt voor de realisatie van landschappelijke plussen, natuur en recreatiemogelijkheden. Overigens bestaat het plangebied na realisatie voor 40% uit onbedekte grond, waardoor groenvoorziening binnen het voornemen in hoge mate aanwezig is. De zonnepanelen, in totaal zo’n 53.000 hebben een zuid-opstelling en een maximale hoogte van 2,2 meter. In het gebied zijn verschillende hoogspanningsmasten aanwezig waar, afhankelijk van het type mast 20 of 25 meter afstand wordt gehouden. In het zuidelijk deel van het gebied worden transformatoren gerealiseerd ten behoeve van het omzetten van de stroom en het aansluiten op het net. Door het zonnepark worden verschillende ontsluitingswegen gerealiseerd en rondom de velden aan de noordzijde en het deel aan de zuidzijde worden hekken geplaatst ten behoeve van de veiligheid van mens en systeem. De hekken worden maximaal 2,3 meter hoog en komen op circa 20 centimeter van de grond zodat soorten onder het hek door kunnen. Het hekwerk krijgt een in het landschap onopvallende kleur.
Landschappelijke inpassing Als uitgangspunt voor het ontwerpen van het zonnepark gold dat de zonnepanelen voor omwonenden nagenoeg onzichtbaar in het landschap zouden zijn. De uitwerking daarvan is gezamenlijk met de omwonenden en verschillende stakeholders als ‘Landschapsbeheer Friesland, Friese Milieu Federatie, Wetterskip Fryslân, de veiligheidsregio Fryslân en TenneT vormgegeven en heeft geresulteerd in een combinatie van groenelementen en grondwallen met wilgenschermen. Hierdoor wordt het zicht op de panelen al in de bouwfase van het park ontnomen. In onderstaande afbeelding is de landschappelijk inpassing weergegeven. In het landschapsplan in de bijlage is de exacte uitwerking ervan beschreven en zijn schetsen opgenomen die het effect van de voorgenomen maatregelen laten zien. Figuur 4.2 Landschappelijke inpassing (l) en maatregelen tbv het versterken van de biodiversiteit (r)
Bron: Smartland Ruimtelijke onderbouwing 722220 Zonnepark Stoppelsoal | Definitief V3.0 | 20-6-2023 Pagina 24
Biodiversiteit Het versterken van de biodiversiteit is als uitgangspunt gehanteerd voor het ontwerpen van de inrichting van het zonnepark. Op basis van een ecologische analyse zijn meerdere doelsoorten gedefinieerd die met de invulling van het ontwerp gefaciliteerd worden, enerzijds door een voor die soorten geschikte ruimtelijke structuur in te richten, anderzijds door daar passende vegetatie aan toe te voegen. Door een groenstructuur van groende randen, interne assen, bosjes en verschillende landschapselementen in te richten wordt de aantrekkelijkheid van het gebied voor bestaande grotere soorten (ree o.a.) behouden en wordt de mogelijkheid geboden aan andere, kleinere doelsoorten om zich te vestigen. In het landschapsplan (pagina 19 – 22) wordt nader ingegaan op de specifieke maatregelen en toepassingen die worden ingezet om het gebied aantrekkelijk te houden en te krijgen voor de doelsoorten en daarmee de biodiversiteit te versterken. In figuur 4.3 is de uitwerking van de groenstructuur op hoofdlijnen opgenomen.
Recreatie en educatie Het gebied wordt relatief veel gebruikt door wandelaars en fietsers. Om die reden wil het initiatief graag een maatschappelijke meerwaarde realiseren door een recreatief rust- en informatiepunt te creëren in de zuidwest hoek van het plangebied en een extra verbinding in de recreatieve wandel- en fietsroutes toe te voegen. De nadere detaillering is terug te vinden in het landschapsplan in de bijlage bij deze ruimtelijke onderbouwing.