Bijlage 1 - ROB Park Fônejacht Garyp BOPA
Tekst van het document
omgevingsvergunning
Garyp - Park Fônejacht BOPA Tytsjerksteradiel
DATUM IMRO IDN
08-08-2025 NL.IMRO.0737.20230415001-0001
PROJECT PROJECTLEIDER
Garyp - Park Fônejacht S. Latuputty
OPDRACHTGEVER PROJECTNUMMER
20230415.001
AUTEUR STATUS
N.M. van 't Noordende ontwerp
Inhoudsopgave
Ruimtelijke motivering (BOPA)
6
Hoofdstuk 1
Inleiding
7
1.1
Aanleiding
7
1.2
Werkingsgebied
8
1.3
Procedure
8
1.4
Leeswijzer
9
Beschrijving van het project en de omgeving
10
2.1
Huidige situatie
10
2.2
Toekomstige situatie
14
2.3
Strijdigheden omgevingsplan
18
Participatie
20
3.1
Overleg provincie
20
3.2
Verplichte participatie
27
3.3
Bestuurlijk vooroverleg
28
Hoofdstuk 4
Beleidskader
30
4.1
Rijksbeleid
30
4.2
Provinciaal beleid
31
4.3
Regionaal beleid
36
4.4
Gemeentelijk beleid
36
Gevolgen voor de fysieke leefomgeving
40
5.1
Ladder voor duurzame verstedelijking
40
5.2
Welstand
41
5.3
M.e.r-beoordeling
42
5.4
Verkeer en parkeren
43
5.5
Ecologie: soortenbescherming
44
5.6
Ecologie: gebiedsbescherming
48
5.7
Luchtkwaliteit
49
5.8
Geluid door wegen, spoorwegen en industrieterreinen
50
5.9
Geluid door activiteiten
52
5.10
Geur
53
5.11
Omgevingsveiligheid
53
Hoofdstuk 2
Hoofdstuk 3
Hoofdstuk 5
3/415
5.12
Trilling
57
5.13
Slagschaduw en windhinder
57
5.14
Lichthinder
58
5.15
Cultureel erfgoed
59
5.16
Bodem
60
5.17
Water
62
5.18
Duurzaamheid
65
5.19
Spuitzonering
65
5.20
Gezondheid
66
Economische uitvoerbaarheid
67
Financiële uitvoerbaarheid en kostenverhaal
67
Evenwichtige toedeling van functies aan locaties
68
Hoofdstuk 6 6.1
Hoofdstuk 7 Bijlagen toelichting
69
Bijlage 1
Inrichting projectgebied
71
Bijlage 2
Expert view ZKA
73
Bijlage 3
Nije Logies: intakegesprek 24 mei 2022
113
Bijlage 4
Eerste expertsessie Nije Logies: 3 oktober 2022
117
Bijlage 5
Tweede expertsessie Nije Logies: 7 november 2022
121
Bijlage 6
Derde expertsessie Nije Logies: 2 februari 2023
127
Bijlage 7
Verslag Omgevingstafel juni 2025
133
Bijlage 8
Inspraak- en participatiedocument
137
Bijlage 9
Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling
143
Bijlage 10
Quickscan flora en fauna
165
Bijlage 11
Stikstofonderzoek
197
Bijlage 12
Beschouwing geluid Antea Group
225
Bijlage 13
Geluidsbelasting beheerderswoning
231
Bijlage 14
Beschouwing omgevingsveiligheid Antea Group
259
Bijlage 15
Archeologisch bureau- en inventariserend veldonderzoek
265
Bijlage 16
Advies Steunpunt Monumentenzorg
315
4/415
Bijlage 17
Verkennend bodemonderzoek
319
Bijlage 18
Watertoets
395
Bijlage 19
Advies Brandweer Fryslân
401
5/415
Ruimtelijke motivering (BOPA)
6/415
Hoofdstuk 1 1.1
Inleiding
Aanleiding
Het begin jaren negentig als waterleliebloemkwekerij ingerichte Park Fônejacht is op circa 15 ha agrarische gronden ontwikkeld tot een exclusief en 'anders dan anders', subsidievrij, besloten, intiem en op natuur en cultuur gericht park. De initiatiefnemer is voornemens het park verder te ontwikkelen tot een voor publiek toegankelijk en jaarrond recreatiegebied, door het geven van mental wellness trainingen in het weekend en het bieden van midweekse rust- en cultuurrecreatie. Hiertoe dient te worden voorzien in een groepsgebouw voor training en ontmoeting, 24 lodges voor overnachting, een receptie met parkeren en een inpandige beheerderswoning in het groepsgebouw. Genuanceerd: gedurende trainingweekeinden staat het 15 ha natuurpark met de tot reflectie stemmende droomverbeeldingen exclusief ter beschikking aan het twintigtal mental wellness cursisten en het viertal coaches. Aldus is voor rustrecreanten een langere boeking dan 'midweek' niet mogelijk. Park-typerend: hoewel het park nabij Earnewâld is gelegen, deelt het niet mee in de recreatieve druk/drukte. Dit zou de voor mental wellness gewenste 'afzondering' tenietdoen. De 'gebruikelijke' recreatieve voorzieningen zoals speeltoestellen, springkussens of een 'recreatieteam' zijn niet aanwezig, omdat deze voorzieningen de uitgangspunten van het park voor mental wellnesstraining en rustzoekende recreatie niet bevorderen.
De voorgenomen ontwikkeling is in strijd met het (tijdelijk deel van het) omgevingsplan van de gemeente Tytsjerksteradiel. Het tijdelijk deel bestaat uit (ruimtelijke) regels uit verschillende vervallen instrumenten, zoals het bestemmingsplan, en rijksregels over activiteiten (aangeduid als 'de Bruidschat'). De ontwikkeling is niet mogelijk op basis van de regels uit het bestemmingsplan 'Buitengebied 2013', omdat het projectgebied is bestemd als 'Agrarisch - Cultuurgrond'. Binnen deze bestemming zijn gebouwen en overkappingen, anders dan voor een agrarisch bedrijf, niet toegestaan. Ook dienen gebouwen en overkappingen binnen een bouwvlak te worden gebouwd. Voor de activiteit 'bouwen' is daarmee sprake van een strijdigheid met het omgevingsplan. Verder is het op grond van de dubbelbestemming 'Waarde - Landschap (Open Landschap)' zonder omgevingsvergunning verboden gronden te roeren. In dat kader is voor de activiteit 'aanleggen' tevens sprake van een strijdigheid met het omgevingsplan. De gemeenteraad van Tytsjerksteradiel stemde in augustus 2021 in met een principeverzoek om overnachtingsmogelijkheden te plaatsen en een centrumgebouw voor bijvoorbeeld groepstrainingen. De gemeente wil door middel van een gefaseerde omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit (BOPA) afwijken van de planologische regeling.
De eerste aanvraag voor de activiteit 'Afwijken van regels in het Omgevingsplan' wordt gedaan voor de activiteiten recreatie, bouwrijp maken, aanbrengen van verhardingen, locaties, aantal, soorten, oppervlaktes en bouwhoogtes van (recreatie)woningen. In deze eerste omgevingsvergunning worden voorschriften opgenomen voor de opvolgende BOPA-aanvraag (of aanvragen) voor het feitelijk verrichten van de omgevingsplanactiviteit of de bouwactiviteiten. Als de
7/415
initiatiefnemer op een later moment een vergunning voor een omgevingsplanactiviteit voor het feitelijk verrichten van de bouwactiviteit aanvraagt, die in strijd is met het omgevingsplan, kan het bevoegd gezag een BOPA-omgevingsvergunning verlenen voor deze (nader uitgewerkte) bouwactiviteit. Om de ontwikkeling mogelijk te maken dient er een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit (BOPA) te worden aangevraagd voor de activiteit 'Afwijken van regels in het Omgevingsplan'. Onderdeel van de aanvraag is een goede motivering voor de fysieke leefomgeving. Uit de motivering moet blijken dat de activiteit in overeenstemming is met een evenwichtige toedeling van functies aan locaties (ETFAL) en dat de activiteit ook uitvoerbaar is. Hiervoor is deze motivering opgesteld.
1.2
Werkingsgebied
Het projectgebied ligt in het buitengebied, ten westen van Garyp, nabij Stûkenwei 1. Het projectgebied omvat de kadastrale percelen BGM02-H-3170 en BGM02-H-3013. De ligging van het projectgebied is weergegeven in figuur 1.1.
Figuur 1.1
1.3
Projectgebied ten opzichte van de omgeving (bron: ruimtelijkeplannen.nl)
Procedure
Een BOPA is een activiteit die niet voldoet aan de regels van het omgevingsplan of niet vergunningsvrij is. Het kan gaan om de volgende situaties: 1. de activiteit is niet mogelijk op basis van de algemene regels van het omgevingsplan; 2. de activiteit is niet mogelijk op basis van een binnenplanse omgevingsplanactiviteit; 3. de activiteit is niet vergunningsvrij.
8/415
Het bevoegd gezag kan de BOPA verlenen als de activiteit voldoet aan een evenwichtige toedeling van functies en aan de instructieregels van het Rijk en de provincie. Reguliere procedure Voor het project is de reguliere voorbereidingsprocedure van toepassing. Dit betekent dat op een aanvraag omgevingsvergunning binnen 8 weken moet worden beslist. Adviesrecht raad De gemeenteraad van Tytsjerksteradiel heeft in zijn besluit van 27 januari 2022 activiteiten aangewezen waarin voor buitenplanse omgevingsplanactiviteiten verplicht advies van de raad nodig is. Ook zijn er uitzonderingsgevallen waarvoor geen adviesrecht nodig is. In dit geval heeft de raad bepaald dat indien een nieuw hoofdgebouw buiten de bebouwde kom wordt opgericht dat in strijd is met de gebruiksbepalingen van het omgevingsplan, verplicht advies van de raad nodig is. In het onderhavige project zal het centrumgebouw (de groepsaccommodatie) het (nieuwe) hoofdgebouw worden van het projectgebied. Dit is in strijd met de gebruiksbepalingen van het omgevingsplan, omdat het omgevingsplan slechts gebouwen toestaat ten dienste van agrarische bedrijfsactiviteiten. Daarmee is advies van de raad nodig alvorens de omgevingsvergunning kan worden verleend.
Adviesrecht Gedeputeerde Staten De hoofdstukken 2 en 6 van de provinciale omgevingsverordening 2023 bevatten instructieregels die het college van B&W in acht moet nemen bij het verlenen van omgevingsvergunningen. Zoals in hoofdstuk 3 en paragraaf 4.2.2 aan de orde komt, is de instructieregel ten aanzien van recreatieve voorzieningen op het project van toepassing is. De provincie bepaalt dat in deze gevallen advies en instemming van de provincie nodig is als bedoeld in artikel 16.15a, sub d van de Omgevingswet. De omgevingsvergunning kan echter zonder instemming en advies worden verleend wanneer aantoonbaar vooroverleg is geweest tussen de diensten van de provincie en de gemeente. Dit is nader uitgewerkt in hoofdstuk 3.
1.4
Leeswijzer
In Hoofdstuk 2 wordt ingegaan op de huidige en toekomstige situatie. De huidige situatie wordt beschreven aan de hand van het bestaande gebruik en de aanwezige bebouwing in het projectgebied. De toekomstige situatie beschrijft het initiatief voor het projectgebied, het initiatief en de strijdigheden met het omgevingsplan. Hoofdstuk 3 beschrijft hoe participatie met de provincie, gemeente en omwonenden heeft plaatsgevonden en hoe dit heeft bijgedragen aan het ontwerp. Vervolgens toetst Hoofdstuk 4 aan het relevante beleidskader. Hoofdstuk 5 toetst aan relevante aspecten van de fysieke leefomgeving. Hoofdstuk 6 gaat in op de financiële haalbaarheid van het project. In Hoofdstuk 7 volgt tenslotte een algemene conclusie op grond van artikel 8.0a van het Besluit kwaliteit leefomgeving (hierna: Bkl).
9/415
Hoofdstuk 2 2.1
Beschrijving van het project en de omgeving
Huidige situatie
2.1.1 Ligging projectgebied Het projectgebied, dat bestaat uit een 12,5 ha groot park, ligt ten westen van Garyp, in het buitengebied. Het projectgebied heeft een oppervlakte van circa 126.215 m2 en bestaat momenteel uit agrarische gronden. Het gebied ligt in 'open veenweidelandschap (onregelmatige blokverkaveling/mozaiekverkaveling)', zie figuur 2.1. Dit gebied kenmerkt zich door grootschalige open ruimten begrensd door bebouwings- en beplantingslinten langs wegen en vaarten, aanwezigheid van lineaire structuren van wegen en vaarten, opstrekkende strokenverkaveling haaks op ontginningsassen en de aanwezigheid van met name open grasland en waterpartijen, waaronder petgaten. In de nabijheid van het projectgebied ligt de provinciale weg N31. Een luchtfoto van het gebied ter plaatse is weergegeven in figuur 2.2.
10/415
Figuur 2.1
11/415
Indeling landschap gemeente Tytsjerksteradiel
Figuur 2.2 2.1.2
Luchtfoto parkgebied (15 ha) met gearceerd projectgebied (12,5 ha)
Park Fônejacht
Het projectgebied ligt in het inmiddels volgroeide landschapspark Fônejacht, dat dertig jaar geleden is aangelegd door de initiatiefnemer. Het privépark van 15 hectare wordt extensief beheerd en bestaat onder andere uit 5 hectare waterpartijen, 5 hectare bosschages, 5 hectare weides en kunstzinnige verbeeldingen. Het park/projectgebied is doorsneden met halfverharde en onverharde graspaden. Aaneengesloten vormt dit een 5 km lang wandelpad. Noordwestelijk van het projectgebied en daarvan gescheiden door de Wetterskip ringvaart bevindt zich op de Rijkswaterstaat/Wetterskip-ringdijk het privé-woonhuis met boothuis en gedateerd Wâldhúske. Strikt in privésfeer en incidenteel (bijvoorbeeld in aanloop en tijdens cultureel jaar 2018) werden park en boothuis en wâldhúske tijdelijk en 'om niet' opengesteld voor kleinschalige culturele evenementen. Het projectgebied ligt binnen de rode arcering van de luchtfoto op figuur 2.2 en wordt als zelfstandige ontwikkeling gerealiseerd. De combinatie van mental wellness en recreatie in een groene, waterrijke omgeving betreft een uniek initiatief dat in lijn is met het gemeentelijk en provinciaal beleid. Dit laatste wordt nader onderbouwd in Hoofdstuk 3.
12/415
Figuur 2.3 2.1.3
Park Fônejacht
Mogelijkheden omgevingsplan
Bestemmingsplan Buitengebied Het projectgebied is geregeld in het omgevingsplan van de gemeente Tytsjerksteradiel. De regels uit het bestemmingsplan Buitengebied 2013, dat op 27 juni 2013 is vastgesteld, zijn hierbij van toepassing. In dit bestemmingsplan is het projectgebied bestemd als 'Agrarisch - Cultuurgrond'. Voorts is de dubbelbestemming 'Waarde - Landschap (Open landschap)' van toepassing. Binnen de bestemming 'Agrarisch - Cultuurgrond' zijn de gronden bestemd voor agrarische activiteiten. Gebouwen en overkappingen zijn alleen toegestaan ten behoeve van deze activiteit. Ondergeschikt zijn sloten, bermen en beplanting toegestaan. Binnen de bestemming 'Waarde - Landschap (Open landschap)' zijn de aangewezen gronden, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming, mede bestemd voor het behoud en herstel van cultuurhistorische, landschappelijke en natuurwaarden van het open landschap met inachtneming van de specifieke kenmerken van de deelgebieden binnen het open landschap. Het is verboden om zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning de gronden te ontgronden, af te graven, te egaliseren en op te hogen ten opzichte van het bestaande maaiveld en/of de bodemstructuur anderszins ingrijpend te wijzigen. In figuur 2.4 is een uitsnede van het bestemmingsplan weergegeven.
13/415
Figuur 2.4
2.2
Uitsnede bestemmingsplan Buitengebied 2013
Toekomstige situatie
De Gemeente Tytsjerksteradiel heeft in de 'Legacy' van Culturele Hoofdstad 2018 en de 'Frisian Boulevard of Broken and Unbroken Dreams', en door ervaringen met Park Fônejacht, aan de initiatiefnemer te kennen gegeven dat zij graag ziet dat het park een permanente recreatieve bestemming krijgt. In 2021 is de ambitie ontstaan om het privé-natuurpark met de in 2018 geplaatste kunstzinnige verbeeldingen te bestemmen voor weekendcursussen in het licht van het verbeteren van mentaal en geestelijk welzijn. In 2022 is deze ambitie verbreed met het midweeks bestemmen van het park voor bezinning- en cultuurrecreanten. Ofwel: Park Fônejacht voor mental wellnesstrainingen in het weekend en midweek rust- en cultuurzoekers en, zie figuur 2.4, het projectgebied daarvoor ontwikkelen met een groepsgebouw, twee dozijn prefab lodges, een receptie met ruime parking en een inpandige beheerderswoning in het groepsgebouw. Het bezoek-/wandelmotief draait voor cursisten en rustzoekende recreanten naast natuurparkbeleving om 'opladen, leren, inspireren, reflectie en introspectie'. De gewogen balans van parkbesloten landschappelijke kwaliteiten, sfeer, kunstzinnige verbeeldingen en ingetogen activiteiten zijn cruciaal voor de potentiële doelgroepen (zoekers naar rust en/of cultuur en/of verbetering van mentaal welzijn).
De identiteit met de omgevingswaarden zijn dan ook leidend voor een toekomstbestendige recreatieve en kwalitatieve parkinvulling. Groepsgebouw In de nabijheid van de lodges wordt een centrumgebouw (groepsgebouw) geplaatst dat primair dient als gemeenschappelijke (weekend)ruimte voor mental wellness coaching en secundair als plek/mogelijkheid voor (midweek)ontmoeting van rustrecreanten. Mits beschikbaar, kunnen groepen gebruikmaken van deze plek voor
14/415
training/coaching en heidagen. De gebruiksoppervlakte van het gebouw bedraagt ca. 600 m2. De maximale oppervlakte van het gebouw is geborgd in de vergunningvoorschriften. Beheerderswoning In het groepsgebouw is ruimte voor een beheerderswoning beoogd. Deze woning is noodzakelijk door de gecombineerde functies van mental wellness, weekend-cursisten en midweek-recreatie. Een midweek bijboeken van mental wellnesscursisten als uitloop op een emotioneel belastend weekend of ter overbrugging naar een vervolgweekend vereist specifieke aandacht. Vrijwel zeker verkeert de/een weekend-cursist/deelnemer zich in een meer of minder emotioneel kwetsbare staat. Een verward, geëmotioneerd, paniekerig verdwalen is in het bijzonder bij nachtelijke wandeling zeer wel mogelijk. Dit vraagt ten eerste om kundige coaching gedurende de trainingen en cursussen, maar in het bijzonder buiten het weekend en (dus) bij afwezigheid van coaching om een vergrootte verantwoordelijkheid en adequate aanwezigheid van een ter plekke bekende beheerder.
Om het samengaan van trainingen en recreatie goed te laten verlopen, is het noodzakelijk dat op het park woonruimte beschikbaar is voor een beheerder die 24/7 aanwezig is en die gekwalificeerd is om zorg en/of assistentie te verlenen en bovendien bekend is met het 15 hectare grote park, dat bestaat uit 1/3 waterpartijen, 1/3 open ruimtes, 1/3 bosschages, 5 km halfverharde paden en 4 km graspaden en meerdere watergangen met bruggetjes. Daarnaast vervult de beheerder taken in het kader van het algemeen beheer van het park, zoals het ontvangen van gasten en administratieve verhuurderstaken. De gemeente beschikt naar aanleiding van een toelichtend gesprek met de wethouder op 15 mei 2023 over een ruime motiveringsnotitie. Lodges De logiesaccommodaties (lodges) bieden primair voor de mental wellness cursisten een plek om zich terug te trekken met voldoende privacy. De cursisten kunnen hier overnachten. Op basis van het ZKA-advies (exert-view - 17 november 2022, zie ook Bijlage 2) is het lodgegebruik verruimd van 1 weekendcursist per lodge naar tevens midweek recreantengebruik van 2-4 personen per lodge. De 24 lodges zijn door ZKA op basis van demografie in drie groepen gedifferentieerd: 10 lodges van 30 m2, 1 ruimte 1-2 personen, 6 lodges van 45 m2, 2 ruimtes voor 1-4 personen en 8 lodges van 60 m2 bestaande uit 3 ruimtes voor 1-6 personen.
De maximale oppervlakte en het maximale aantal van de lodges zijn geborgd in de vergunningvoorschriften. De lodges zijn natuurgeoriënteerd en worden overeenkomstig het Nije Logies overleg (zie ook hoofdstuk 3) in het projectgebied ingepast, volgens FloraFauna instructie van FaunaX en getoonde architectuur situeringsschetsen. De binnenkant van de lodge beschikt over een minimalistisch design. De lodges zijn ecologisch, zoveel mogelijk circulair en modulair gebouwd en verplaatsbaar. Er wordt gebruikgemaakt van natuurlijke materialen en kleuren die passen bij de locatie, zodat ze het landschapspark verfraaien. De lodges worden geclusterd in het park geplaatst en landschappelijk ingepast (verscholen). Er is in het Nije Logies overleg gekozen voor clustering in het zuidwestelijk deel van het projectgebied, zodat wandelaars geen lodges tegenkomen. Ondanks de clustering ligt er nadruk op de zichtlijnen vanuit en naar de lodges, ten behoeve van privacy. Het landschapspark blijft tevens autovrij. Per fiets of wandelend kunnen de gasten naar hun lodges. In figuur 2.5 is een impressie van de lodges weergegeven.
15/415
Figuur 2.5
Impressie lodges (bron: thenewmakers.com)
Receptiegebouw Aan de oostzijde van het projectgebied wordt een klein receptiegebouw gerealiseerd en worden parkeerplaatsen aangelegd voor met name logiesgasten. Deze locatie ligt aan de fiets(pont)route Leeuwarden-Suwâld-Earnewâld-Warten-Leeuwarden, met circa 40.000 fietsers in het zomerseizoen. Optioneel is het de ideale locatie als Rustpunt (zie www.rustpunt.nu). De receptievoorziening ligt naast het beoogde parkeerterrein voor de lodgegasten. Er wordt voorzien in faciliteiten als fietspompen, oplaadplaatsen voor accu's van elektrische fietsen, een toilet en een plek om tegen een geringe bijdrage koffie en thee te halen. Bij de receptie kunnen voorbijgangers informatie krijgen over de regio, de recreatieroutes, bezienswaardigheden en activiteiten. Het rustpunt moet in principe onbemand kunnen functioneren. Het receptiegebouw krijgt een oppervlakte van circa 80 m2. De maximale oppervlakte is geborgd in de vergunningvoorschriften. In figuur 2.6 is een impressie van het receptiegebouw weergegeven.
Figuur 2.6
16/415
Impressie receptiegebouw (bron: Architectenbureau Dorenbos)
Energievoorziening De bebouwing op het park zal met hoogwaardige materialen worden gerealiseerd. Door gebruik van hoge isolatiewaardes van glasvlakken en gebouw isolatiemateriaal (met tevens geluidsisolerende waarde) kunnen de gebouwen energieneutraal worden gebouwd. Door het opwekken van energie uit zonnepanelen die direct naast/aangrenzend aan de bebouwing worden geplaatst, en het gebruik van accu's om de opslag van energie af te stemmen op het gebruik van energie-passief wonen, is het park zelfvoorzienend. Een stabiele, op energieneutrale en economische uitgangspunten gefundeerde fossielvrije elektriciteitsproductie die zo onafhankelijk als mogelijk is van het elektriciteitsnet, vraagt voor de beoogde gebouwen en het peilbeheer om een integraal energiesysteem, gebaseerd op zon en wind, en om de volgende technische voorzieningen: zonnepanelen (fotovoltaïsche en thermische); kleine windturbine (15 m ashoogte); warmtepomp (water/water); huisaccu's; en back-up net-aansluiting (voor noodstroom/noodverlichting/wifi). Door wijzigende technische mogelijkheden wordt de huidige wind-/water Bosman molen vervangen door een kleine windturbine zoals bedoeld in artikel 6.1, lid 3 van de Omgevingsverordening Fryslân 2022. Hiermee wordt invulling gegeven aan: A. het streven om in een fossielvrije jaarrond energielevering te hanteren.
In bijzonder in de zonarme herfst-/winterperiode waar vraag naar verwarming en verlichting het grootst is, en de opbrengst van de zonnepanelen het kleinst. Om geen of minimaal beroep te hoeven doen op het energienet, is een windturbine een noodzakelijke energiebron. Accu-opslag op langdurige termijn (van bijvoorbeeld zomerstroom) is in praktische en economische zin niet mogelijk. B. door veranderde klimatologische omstandigheden kan de huidige molen het vereiste waterpeil van 0,6 m hoger dan het Wetterskip-peil niet bijhouden. Er is te weinig regen, teveel verdamping, te weinig wind, met als gevolg uitdrogende vijvers, riet- en plas/drasvelden en bospercelen. Een dieselpomp of waterpomp op tractor is energetisch onwenselijk en niet in lijn met het extensief en fossielvrij parkbeheer. Een elektrisch aangedreven pomp door een windturbine is dat wel, waarbij door (accu-pakket) tevens alleen waterinlaat plaatsvindt van niet fosfaat-verontreinigd ringvaartwater. Park De overige gronden blijven net als in de huidige situatie ingericht als parkachtige omgeving. Het is de bedoeling om het gebied zo groen mogelijk in te richten, waarbij een bebouwingsconcentratie in de noordwestelijke hoek aanwezig is en geopteerd wordt voor bebouwing in het zuidwestelijk deel. De overige gronden zijn ingericht met wandelpaden om deze beleefbaar te maken voor de bezoekers.
Langs de wandelpaden staan kunstwerken volgens het in 2018 beproefde BOBAUD-concept (Boulevard of Broken and Unbroken Dreams), en kunstzinnige verbeeldingen van Friese Dromen die tot nadenken stemmen. Ook is het voornemen om langs de wandelpaden kunstwerken te plaatsen. Het park draagt bij aan de biodiversiteit, doordat het park bestaat uit uitsluitend inheemse bomen, struiken en vijvervegetatie en het zonder bestrijdingsmiddelen en bemesting extensief wordt beheerd. Het park herbergt diverse soorten planten en dieren. Zie hiervoor paragraaf 5.5 en Bijlage 10. De
17/415
indeling van het projectgebied is weergegeven in figuur 2.7 en is opgenomen in Bijlage 1.
Figuur 2.7
2.3
Omgevingstafel inrichtingstekening
Strijdigheden omgevingsplan
Op basis van het omgevingsplan Tytsjerksteradiel zijn de gronden van het projectgebied bestemd als 'Agrarisch Cultuurgrond' en 'Waarde - Landschap (Open landschap)'. Binnen de bestemming 'Agrarisch - Cultuurgrond' zijn het bouwen van een groepsaccomodatie, lodges en een beheerderswoning niet mogelijk, omdat (nieuwe) gebouwen ten dienste van een agrarisch bedrijf en (semi)agrarische hobbyactiviteiten moeten staan. Aldus is het bouwen ten behoeve van recreatie niet toegestaan. Binnen de bestemming 'Waarde - Landschap (Open landschap)' is het verboden om zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning de gronden te ontgronden, af te graven, te egaliseren en op te hogen ten opzichte van het bestaande maaiveld en/of de bodemstructuur anderszins ingrijpend te wijzigen. Zoals in paragraaf 5.17 nader is toegelicht, is het voornemen om het vloerpeil van de lodges omhoog te brengen ten behoeve van voldoende drooglegging. Dit betekent dat de bodem wordt geroerd. Het gebruik van de gronden voor recreatieve activiteiten en het roeren van de bodem is in strijd met de artikelen 6.1, sub b en c jo. 6.2.1, sub a en artikel 49.2.1, sub a, onder 2. Om de ontwikkeling mogelijk te kunnen maken, wordt een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit (hierna: BOPA) aangevraagd om af te wijken van de planologische regeling.
De aanvraag voor de activiteit 'Afwijken van regels in het omgevingsplan' wordt gedaan voor het bouwen en gebruiken van de gronden ten behoeve van recreatie. Deze
18/415
aanvraag dient te worden getoetst aan de beoordelingsregels, waaronder een evenwichtige toedeling van functies aan locaties.
19/415
Hoofdstuk 3
Participatie
De initiatiefnemer moet bij het aanvragen van een omgevingsvergunning aangeven of hij aan participatie heeft gedaan en wat de resultaten zijn. Het gaat hierbij niet alleen om omwonenden. Afhankelijk van het initiatief kan de initiatiefnemer de mening van burgers, bedrijven, maatschappelijke organisaties en bestuursorganen (intekentafel/omgevingstafel) inwinnen. Hij kan daardoor zijn initiatief aanpassen, zodat het meer draagvlak heeft. Het bevoegd gezag kan de uitkomst van de participatie betrekken bij de besluitvorming. Gemeente Tytsjerksteradiel heeft op 8 augustus 2023 het Participatiebeleid fysieke leefomgeving gemeente Tytsjerksteradiel gepubliceerd.
3.1
Overleg provincie
In artikel 2.15 van de provinciale omgevingsverordening is geregeld dat een omgevingsplan een nieuwe recreatieve voorziening kan toestaan, met als voorwaarde dat de nieuwe recreatieve voorziening moet aansluiten op bestaand stedelijk gebied. Hier wordt niet aan voldaan, nu het projectgebied in buitengebied ligt en niet aansluit op het bestaand stedelijk gebied. Artikel 2.16 biedt een mogelijkheid om hiervan af te wijken en bepaalt dat in een omgevingsplan een nieuwe recreatieve voorziening kan worden toegestaan, mits: a. een onderzoek heeft plaatsgevonden, waaruit blijkt dat de voorziening positief kan bijdragen aan een Gastvrij Fryslân door het bevorderen van een prettige en gezonde woon- en leefomgeving, het behoud en ontwikkeling van natuur en cultuurerfgoed, of het creëren van toekomstbestendige banen; b. de ontwikkeling een bijdrage levert aan andere opgaven en ambities, zoals herstel biodiversiteit, energietransitie, klimaatadaptatie, circulaire economie, werkgelegenheid of landschapsversterking. Uit de toelichting op de verordening volgt dat de provincie in dit stadium vroegtijdig betrokken wil worden. De provincie denkt bij dergelijke initiatieven samen met de gemeente na over het zo optimaal mogelijk toepassen van de principes.
In overleg met de provincie is besloten onderzoek te verrichten naar de passendheid van het initiatief binnen het provinciaal beleid van gastvrij Fryslân (zie subparagraaf 4.2.2). Dit onderzoek wordt beschreven in subparagraaf 3.1.1 . Naar aanleiding van dit onderzoek zijn een drietal expertsessies Nije Logies georganiseerd. De provincie nam deel aan deze sessies. De resultaten van de sessies zijn weergegeven in subparagraaf 3.1.2. Tenslotte heeft in juni 2025 nogmaals overleg plaatsgevonden tussen de initiatiefnemer, gemeente Tytsjerksteradiel en de provincie. Een verslag hiervan is opgenomen in subparagraaf 3.1.3 en Bijlage 7. 3.1.1 Expert view ZKA Strategy Naar aanleiding van het ambtelijk contact tussen de initiatiefnemer, de gemeente en de provincie, is een onderzoek uitgevoerd door ZKA Strategy waarin zij een expert view op het plan geeft. Enerzijds is gekeken naar de wijze waarop het concept kwalitatief onderscheidend is in de regio, anderzijds naar de mate waarin het voornemen bijdraagt aan het realiseren van de voor 'slimme groei' beoogde beleidsdoelstellingen. Het onderzoek is opgenomen als Bijlage 2. Streefbeeld – het recreatieve product De ontwikkeling van Park Fônejacht bestaat uit drie onderdelen:
20/415
1. De logiesactiviteit: logiesaccommodaties inclusief gemeenschappelijke ruimte; 2. De dagrecreatieve activiteiten: gebaseerd op kunst en cultuur; 3. De netwerkactiviteit: een pleisterplek en Rustpunt om aan te leggen tijdens recreatieve activiteiten in de omgeving. Deze drie onderdelen zorgen voor synergie en bevatten samenhang. De dagrecreatie en netwerkactiviteit zorgen voor invulling voor de logiesgasten en inwoners van de regio. De logiesactiviteit zorgt omgekeerd voor gasten die meerdaags deelnemen aan culturele activiteiten en bijvoorbeeld cursussen en trainingen. Doelgroep Uit onderzoek van MarketResponse komen zeven onderscheidende leefstijlsegmenten (mogelijke doelgroepen) naar voren: Avontuur-, Plezier-, Harmonie-, Verbindings-, Rust-, Inzicht-, en Stijlzoekers. Deze leefstijlsegmenten zijn onderscheidend op het gebied van gedrag, waarden en behoeften met betrekking tot vakantie en vrije tijd. Het achterliggende leefstijlmodel bevat twee assen: x-as – individueel vs. collectief, y-as – introvert vs. extrovert. Door deze assen te combineren ontstaan er vier kwadranten met ieder hun eigen ‘dominante kleur’: rood, geel, groen en blauw: Rode kwadrant: mensen die vrijheid heel belangrijk vinden; Gele kwadrant: mensen die veel waarde hechten aan harmonie; Groene kwadrant: mensen die veiligheid als kernwaarde zien; Blauwe kwadrant: mensen die van controle houden.
Een uitgebreidere beschrijving van de Leefstijlvinder en een beschrijving van de leefstijlen is te vinden in Bijlage A van het onderzoek. De ambitie, de identiteit en het streefbeeld van de ontwikkeling sluiten het beste aan bij de leefstijl Inzichtzoekers. Inzichtzoekers zijn over het algemeen bedachtzame, serieuze en intelligente mensen. Privacy, inspiratie, verdieping en rust zijn belangrijke waarden, maar ook de vrijheid om te doen wat ze willen. In hun vrije tijd hebben Inzichtzoekers zo hun vaste activiteiten, zoals museumbezoek en het bekijken van bezienswaardige gebouwen, of wandelen in een natuurgebied. Ze trekken graag hun eigen plan en kiezen voor de minder standaard plekken. Op vakantie gaan ze graag naar de natuur en daarnaast besteden ze op vakantie graag tijd aan kunst en cultuur. Doelgroepen die passen bij de gebruiksmogelijkheden van het park zijn: Cursisten (denk aan mental wellness, kunst en filosofie) met een meerdaags verblijf; Groepen die in korte tijd productief willen zijn op een kunstzinnige plek in Fryslân.
Denk aan theatergezelschappen en kunstenaarscollectieven; Bedrijventeams (directie, management, afdelingen) voor meerdaagse heisessies; Losse verhuur van de lodges indien er geen groepsverhuur is (denk aan doelgroepen van Buitenleven Vakanties van Staatsbosbeheer of Natuurhuisje.nl); Losse dagbezoekers voor een kunstzinnig/culturele wandeling of activiteit. Effect op het toeristisch-recreatieve ecosysteem Het onderzoek beschouwt toeristische bestemmingen als een te ontwikkelen en te beheren ecosysteem. Net als
21/415
in natuurlijke ecosystemen zijn er in toeristische ecosystemen basisprincipes om na te streven zodat de bestemming evenwichtig in balans is: Diversiteit: een gezonde mix van gevarieerd dag- en verblijfsrecreatief aanbod. Hierdoor worden er meerdere doelgroepen aangesproken en is de bestemming minder afhankelijk van een enkele grote dominante spelers. Verbondenheid: aanbieders in een gebied zijn afhankelijk van elkaar, omdat ze samen een toeristisch-recreatief netwerk vormen. Door een goede onderlinge verbondenheid wordt het totale recreatieproduct voor een toerist sterker. Hij/zij kan immers gebruik maken van meer voorzieningen dan bijvoorbeeld de logiesaanbieder biedt. Draagkracht en circulariteit: een gebalanceerde toeristische bestemming verwerkt aantallen bezoekers die passend zijn bij de draagkracht van het gebied. Zo wordt de leefbaarheid en ecologie niet negatief beïnvloed. Menselijk handelen (antropogeniteit): de menselijke factor die rentmeesterschap inbrengt. In aanvulling op natuurlijke ecosystemen kunnen mensen waarden-gedreven denken en handelen vanuit lange termijn perspectief. Dit is nodig om het toeristisch ecosysteem in de toekomst zo sterk mogelijk te houden.
Het onderzoek concludeert dat het beoogde streefbeeld van Park Fônejacht een bijdrage levert aan deze principes en dus aan een sterkere toeristische bestemming van de regio Noordoost-Fryslân en in feite ook aan Midden-Fryslân. Verder draagt de logiesfunctie met 24 lodges eraan bij dat de diversiteit in de regio qua logiesvariatie vergroot wordt. De gemeente Tytsjerksteradiel beschikte in 2018 over in totaal 17 reguliere logiesbedrijven, waarvan slechts 3 zich ook richtten op groepen. De overige gemeenten in de regio Noordoost-Fryslân (Dantumadiel, Achtkarspelen en Noardeast-Fryslân) beschikten in 2018 over 55 reguliere logiesbedrijven, waarvan 8 gericht op groepen. Een aantal van deze logiesbedrijven gericht op groepen richt zich op grote groepen als verenigingen en scholen en een aantal is sterk verouderd. Vergeleken hiermee onderscheidt de recreatieve functie op Park Fônejacht zich in bijzondere mate. Verbondenheid De verbondenheid van het park met de regio is in potentie groot gezien de locatie aan het fietspad en nabij het Nationaal Park Âlde Feanen. Aan de oostzijde van Fônejacht wordt gezorgd voor een Rustpunt met benodigde voorzieningen om de regio vanuit te verkennen. Het landschapspark zelf biedt kunstzinnige en culturele activiteiten voor dagbezoekers, welke veelal uit de regio zullen komen. Het park biedt ruimte aan lokale kunstenaars voor hun expositie.
In de kleinschalige horeca-pleisterplaats ligt het voor de hand om gebruik te maken van streekproducten. Doordat er geen grootschalige (centrum)voorzieningen op het park aanwezig zullen zijn, zullen gasten gebruik maken van toeristisch-recreatieve voorzieningen in de regio. Draagkracht en circulariteit Het toevoegen van een recreatieve functie bij Park Fônejacht zal de draagkracht onder lokale voorzieningen (zoals supermarkt en cultuur) in de omgeving vergroten. Zo profiteren de inwoners ook van de ontwikkeling. De ontwikkeling is verder bijzonder extensief. Er worden in totaal 24 lodges op 15 ha grond geplaatst. Dit betekent dat er slechts 11/3 logieseenheid per hectare wordt geplaatst. Het park en haar natuur zijn belangrijkste trekkers van het concept. Er wordt dan ook ingezet op natuurbehoud door het vergroten van de biodiversiteit en eigen peilbeheer. Om deze redenen zal de draagkracht van de natuur niet overschreden worden maar wellicht zelfs worden vergroot. Doordat de lodges verplaatsbaar zijn, modulair en circulair gebouwd worden kunnen deze op
22/415
termijn worden vervangen. Het centrumgebouw en de lodges worden geplaatst in de zuidwestelijke bosrijke hoek van het landschapspark. Daarmee is de verstoring voor weidevolgels minimaal. Het park gaat beschikken over een zelfvoorzienende energievoorziening (productie en opslag). Menselijk handelen De alternatieve aanwendbaarheid van het product toont dat er nagedacht wordt over de lange termijn. Tevens is er al nagedacht over de exploitatie (er moet een tweede ondernemer worden aangetrokken met kennis van de logiesaccommodaties en doelgroepen). Daarnaast wordt er expertise aangetrokken voor het natuur- en landschapsbeheer van het park (landschapsbureau). De natuur op Park Fônejacht zal hierdoor blijvend worden onderhouden en doorontwikkeld. Diverse doelgroepen Door in te zetten op diverse doelgroepen (groepen, bedrijven, individuen) wordt gestreefd naar optimale spreiding over het jaar. Naar verwachting zal het verblijf per gast per lodge relatief kort zijn (een aantal nachten). In het groepsgebouw wordt de mogelijkheid gecreëerd voor ontbijt, lunch, diner en trainingsfaciliteiten. Rurale gebieden zijn in trek en Park Fônejacht is gelegen in een rurale omgeving nabij Nationaal Park Âlde Feanen. Het landschapspark zelf is daarnaast 15 ha groot en vormt een rustige bubbel in een jachtige wereld. Voor gasten is dit de ideale locatie om tot rust te komen.
Tot slot worden verhuuraccommodaties die een mix vormen van hotel, bungalow en outdoor living steeds belangrijker. De voorgestelde lodges spelen hier exact op in. Aansluiting op beleid In 2021 is door de gemeente Tytsjerksteradiel, in samenwerking met ZKA, nieuw toerisme- en recreatiebeleid opgesteld. In dit beleid zijn drie toeristisch-recreatieve clusters benoemd. Vanuit hun recreatieve identiteit worden deze clusters als kansrijk geacht om toeristisch-recreatief door te ontwikkelen. Eén van deze clusters is het cluster Earnewâld e.o., waar Park Fônejacht toe behoort. Jaarrond aanbod en innovatieve ontwikkelingen bij bedrijven die natuur en recreatie verbinden zijn als kansrijk bestempeld voor dit cluster. Het streefbeeld van Park Fônejacht sluit hier uitstekend op aan. Het zal jaarrond worden geëxploiteerd en de combinatie natuur en recreatie vormen (samen met een culturele invulling) dé grote trekker van het product. In het gemeentelijk uitvoeringsprogramma wordt Park Fônejacht reeds benoemd als kansrijke plek voor het versterken van het dagrecreatief programma. Op het gebied van logies wordt een 'ja, mits' houding ten aanzien van nieuwe initiatieven, uitbreidings- en herontwikkelplannen gehanteerd. Ook als het plan niet binnen het omgevingsplan past. Ondernemers moeten worden verleid om plannen te maken die passen binnen het opgestelde ontwikkelkader van de gemeente.
In het uitvoeringsprogramma wordt Park Fônejacht benoemd als plaats waaraan ruimte voor ontwikkeling zou moeten worden geboden omdat het ideaal aansluit op toeristische vaar- en wandel/fietsstructuren. In het rapport wordt de ontwikkeling getoetst aan het ontwikkelkader van de gemeente. Hieruit blijkt dat de ontwikkeling aansluit op het gemeentelijk toeristisch-recreatief beleid. Dit blijkt allereerst al uit het feit dat de locatie zowel voor dagrecreatie als logiesaccommodaties in de gemeentelijke uitvoeringsagenda als voorbeeld dient van een kansrijke ontwikkellocatie. Ook sluit het op hoofdlijnen aan bij het ontwikkelkader voor logiesaccommodaties. Een nadere toetsing aan het rijks-, provinciaal- en gemeentelijk beleid vindt plaats in Hoofdstuk 4.
23/415
3.1.2 Verslag Nije Logies-overleggen Intakegesprek Naar aanleiding van het ZKA-onderzoek heeft een drietal expertsessies Nije Logies plaatsgevonden. Het eerste gesprek dateert van 24 mei 2022 en betreft het intakegesprek. Het verslag hiervan is opgenomen in Bijlage 3. In dit gesprek is verkend of het zinvol is om voor het initiatief een Nije Logies-sessie te gaan organiseren. Uit het verslag volgt dat het projectgebied zich goed leent voor logiesverstrekking in combinatie met retraites (yoga, kunst, mental wellness, meditation, et cetera). Verder volgt uit het gesprek dat het project zich leent voor een Nije Logies-sessie. Eerste expertsessie: 3 oktober 2022 Naar aanleiding van het intakegesprek vond op 3 oktober 2022 de eerste expertsessie plaats. Het verslag hiervan is opgenomen in Bijlage 4. Door de gemeente en provincie werd een aantal randvoorwaarden voor de ontwikkeling gegeven: Vanuit Toerisme en recreatie werd aangeven dat het initiatief past binnen het nieuwe beleid (Ontwikkelkader) en dat de locatie daarin zelfs benoemd staat. Dit is verwerkt in het beleidskader. Vanuit Landschap werd aangegeven dat het bestaande groen zoveel mogelijk behouden moet worden (ook al is het gebied aangemerkt als 'open gebied'). Deze voorwaarde is opgevolgd. Het groene karakter van het projectgebied is juist van waarde voor de beoogde ontwikkeling.
De gemeente vroeg aan de initiatiefnemer of er nog activiteiten op het woonperceel plaats zullen gaan vinden. Daarin is de initiatiefnemer helder: nee, alleen privé-activiteiten en zeker niet bedrijfsmatig. Vanuit RO werd aangegeven dat een beheerderswoning (lees: NIET een 2e bedrijfswoning) een goede onderbouwing vraagt van nut en noodzaak. Deze onderbouwing is gegeven in paragraaf 2.2. Vanuit Milieu werd een aantal zaken benoemd die bij een latere uitwerking van het project verantwoord moet worden. Het gaat daarbij om: 1. Stikstof (i.v.m. Alde Feanen). In maart 2024 is een stikstofdepositieberekening uitgevoerd. Uit de berekeningen blijkt dat de stikstofdepositie nergens hoger is dan afgerond 0,00 mol/ha/jaar en er derhalve geen relevant effect is. Negatieve effecten in de vorm van vermesting en verzuring zijn derhalve niet aan de orde. Zie ook paragraaf 5.6. 2. Wet Natuurbeheer; er dient ecologisch onderzoek te worden gedaan. Deze quickscan is uitgevoerd. De uitkomsten van dit onderzoek leveren geen belemmeringen op voor de ontwikkeling. Zie hiervoor paragraaf 5.5. 3. Verlichting; hiervoor is ook een verantwoording nodig als het project concreter is uitgewerkt. Omgevingsveiligheid: er loopt een aantal risicocontouren op het perceel van de initiatiefnemer. Een zogenaamde QRA kan vooraf inzicht geven in het aantal mensen dat binnen de verschillende zones kan verblijven.
Dit kan als uitgangspunt voor het schetsen worden meegenomen. Zie hiervoor paragraaf 5.11. Wegverkeerslawaai: De zone van de Wâldwei bedraagt 400 meter. De ontwikkelingen op het erf vallen daarbinnen. Aangetoond moet worden (vanuit een goede ruimtelijke ordening (oud, nu: evenwichtige toedeling van functies aan locaties)) of er in de gebouwen een aanvaardbaar geluidsniveau zal zijn. Voor het verder schetsen is het daarom van belang te weten in hoeverre de gebouwen geïsoleerd kunnen worden en tot welke DB(A). Die contour zou dan op de kaart ingetekend kunnen worden voor de schetssessie. Zie hiervoor paragraaf 5.4.
24/415
Door de provincie werd aangegeven dat het gebied Weidevogelkansgebied is. De ecoloog van de provincie heeft gekeken naar de plannen en geconcludeerd dat het geen nadelig effect zal hebben voor die status. Tweede expertsessie: 7 november 2022 De tweede expertsessie vond plaats op 7 november 2022. Het verslag hiervan is opgenomen in Bijlage 5. Met betrekking tot het aspect geluid werd geconcludeerd dat vakantieverblijven volgens de Wet geluidhinder niet onder geluidgevoelige objecten vallen, maar het in het kader van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties en bescherming van de gebruikers van de vakantieverblijven alsnog raadzaam is om rekening te houden met het geluid afkomstig van de N31. Ten behoeve hiervan is door Antea een akoestisch onderzoek verricht. Zie paragraaf 5.8 en Bijlage 12 en Bijlage 13. Samengevat volgt hieruit dat de standaardwaarde voor de N31 van Lden = 50 dB wordt overschreden, maar de grenswaarde van Lden = 60 dB niet. Het geluid is aanvaardbaar als wordt voldaan aan de standaardwaarde. Een overschrijding is mogelijk als er geen geluidbeperkende maatregelen kunnen worden getroffen om aan de standaardwaarde te voldoen, de overschrijding zoveel mogelijk wordt beperkt en er wordt voldaan aan de grenswaarde. Omdat de berekende waarde nog 4 dB onder de grenswaarde ligt, wordt dit aanvaardbaar geacht.
Omdat er sprake is van één geluidbronsoort, is de berekende waarde gelijk aan het gezamenlijke geluid. Dit gezamenlijke geluid van Lg = 56 dB dient te worden vastgelegd in de vergunning en uiteindelijk het omgevingsplan. Uit het verslag volgt verder dat de beheerderswoning en de groepsaccommodatie samen worden gevoegd tot één gebouw. Verder is het uitgangspunt om een zekere clustering van bebouwing toe te passen, zodat een ander deel als 'stiltegebied' kan worden ingericht. Dit uitgangspunt is toegepast, nu alle bebouwing in het zuidwesten van het projectgebied wordt gerealiseerd. Nog onder de oude Wro is contact gelegd met de provincie om een reactie in het kader van het benodigde vooroverleg. De reactie die hierop is ontvangen heeft uiteindelijk geleid tot een gesprek in juni 2024 waarbij de uitgangspunten van het plan nader zijn toegelicht. Hiermee ontstond meer duidelijkheid voor de provincie over het bijzondere karakter van het plan en dat de complementaire recreatieve functie dus niet zelfstandig maar alleen in combinatie met de initiële mental wellness-functie zal worden ontwikkeld. De borging dat er maximaal 24 lodges, een groepsgebouw met inpandige beheerderswoning en een ontvangstgebouw vindt plaats met een expliciete voorwaardelijke bepaling in de vergunningvoorschriften.
Daarbij worden ook regels gesteld voor het te bebouwen oppervlak en de overige ruimtelijk/bouwkundige voorwaarden waar het unieke initiatief aan zal voldoen. Derde expertsessie: 2 februari 2023 Op 2 februari 2023 vond de derde en laatste expertsessie plaats. Het verslag hiervan is opgenomen in Bijlage 6. De derde sessie stond in het teken van het geven van duidelijkheid over de aan te leveren stukken, alsmede over het proces en ieders rol daarin. De gemeente vraagt om de volgende stukken in de ruimtelijke motivering bij de BOPA-omgevingsvergunning op te nemen: Bedrijfsvisie (op basis van het plan van Ginder) waarin duidelijk wordt wat er daadwerkelijk aan activiteiten en bebouwing komt. In paragraaf 2.2 is uiteengezet welke functies en activiteiten worden aangevraagd. Bedrijfsplan, met daarin ook aandacht voor de gewenste bedrijfswoning en de onderbouwing van de
25/415
noodzaak daarvan. Een ruimtelijk instrument is niet geschikt voor het daarin opnemen van een bedrijfsplan. In paragraaf 2.2, onder het kopje 'beheerderswoning', is de noodzaak van woonruimte voor een beheerder aan de orde gekomen. Om het samengaan van trainingen en recreatie goed te laten verlopen, is het noodzakelijk dat op het park woonruimte beschikbaar is voor een beheerder die te allen tijde aanwezig is en die gekwalificeerd is om zorg en/of assistentie te verlenen en die bovendien bekend is met het 15 hectare grote park. De gemeente beschikt naar aanleiding van een toelichtend gesprek met de wethouder op 15 mei 2023 over een ruime motiveringsnotitie. Resultaten van het ecologisch onderzoek: de resultaten van de quickscan flora en fauna zijn opgenomen in paragraaf 5.5. Samengevat leiden de resultaten ertoe dat gewerkt wordt buiten het broedseizoen en geen bomen worden gekapt die een verblijfplaats zijn voor beschermde diersoorten. Zekerheidshalve is het gebied rondom het buizerdnest getypeerd als no-go area (geen lodges/niet wandelen). Werkzaamheden in de oeverzone van het Prinses Margrietkanaal worden niet uitgevoerd. Resultaten van het archeologisch onderzoek: de resultaten van het archeologisch bureauonderzoek en het inventariserend veldonderzoek zijn opgenomen in paragraaf 5.15.
Samengevat heeft het de voorkeur om de voorziene ontwikkelingen te laten plaatsvinden in de zones met een lage archeologische verwachting. Bij werkzaamheden in de zones met een hoge archeologische verwachting wordt aanbevolen om de bodemingrepen zo beperkt mogelijk te laten zijn. Mocht hier toch bodemverstoring dieper dan 30 cm mv plaatsvinden, dan wordt aangeraden om een karterend booronderzoek uit te voeren naar de aan- of afwezigheid van archeologische indicatoren, die een aanwijzing kunnen zijn voor een vindplaats. Resultaten van het stikstofonderzoek: de resultaten van het stikstofdepositieonderzoek zijn opgenomen in paragraaf 5.6. Samengevat volgt uit de resultaten van het onderzoek dat met het project geen stikstofdepositie plaatsvindt. Resultaten van het bodemonderzoek: de resultaten van het bodemonderzoek zijn opgenomen in paragraaf 5.16. Samengevat volgt uit de resultaten van het onderzoek dat de gemeten gehalten dusdanig zijn dat aanvullend onderzoek niet noodzakelijk is. Vanuit milieuhygiënisch oogpunt zijn er geen belemmeringen voor de herontwikkelingsplannen. Resultaten van de watertoets: de resultaten van de watertoets zijn opgenomen in paragraaf 5.17. Samengevat volgt uit de resultaten van de watertoets dat de verharding in het projectgebied met 3.230 m2 toeneemt, en dus dat watercompensatie noodzakelijk is.
Een van de reeds bestaande waterpartijen in het projectgebied wordt verbreed ten behoeve van de compensatie. Verder zijn bij het project meerdere groenvoorzieningen opgenomen. Op die manier is meer infiltratie van water mogelijk bij bijvoorbeeld hevige regenbuien. Om te zorgen voor voldoende drooglegging van de lodges bestaat het voornemen om het vloerpeil van de lodges omhoog te brengen naar circa 0,5 tot 1,5 meter NAP. Na overleg met FaunaX is het oordeel dat het verlandingsgebied op 1,5 à 2 m boven oeverpeil op palen plaatsen van lodges de meest gunstige bouwwijze is, wegens maximaal toelaten van zon/licht op oever en onderwatervegetatie. Resultaten van het akoestisch onderzoek: de resultaten van het akoestisch onderzoek zijn opgenomen in paragraaf 5.8 en zijn zojuist aan de orde gekomen. Resultaten van omgevingsveiligheid: de beschouwing van Antea Group in het kader van het aspect omgevingsveiligheid is opgenomen in paragraaf 5.11 en Bijlage 14. Vanuit het oogpunt van omgevingsveiligheid zijn er geen harde beperkingen.
26/415
3.1.3 Omgevingstafel 26 juni 2025 Op 26 juni heeft nogmaals overleg plaatsgevonden tussen de initiatiefnemer, de gemeente Tytsjerksteradiel en de provincie Fryslân. Een verslag hiervan is opgenomen in Bijlage 7. Hieruit volgt dat enkele voorwaarden in het besluit tot verlening van de vergunning opgenomen worden. Ten eerste worden de technische locatietekeningen voorgelegd aan het Steunpunt Monumentenzorg ter advisering. Ten tweede moet de huidige landschappelijke inpassing in stand te worden gehouden. De landschappelijke inpassing in het huidige park is onverminderd het uitgangspunt voor deze ontwikkeling. Dit is verbeeld op de inrichtingstekening in paragraaf 2.2 (figuur 2.7). Verder is in paragraaf 4.2.2 onderbouwd dat de recreatieve exploitatie is geborgd. De nut en noodzaak van de vervanging van de huidige molen door een wind-watermolen is onderbouwd in paragraaf 2.2, kopje 'energievoorziening'. Het advies van Brandweer Fryslân is opgenomen in paragraaf 5.11. Tenslotte wordt voor de houtkap een aparte procedure gevolgd bij de provincie.
3.2
Verplichte participatie
Gemeente Tytsjerksteradiel heeft op 27 januari 2022 het Besluit adviesrecht, participatie en delegatie onder de Omgevingswet gepubliceerd. Bij ontwikkelingen waarvoor een adviesrecht voor de raad geldt, geldt ook een participatieverplichting. Zoals in paragraaf 1.3 aan de orde is gekomen, heeft de gemeenteraad van Tytsjerksteradiel een adviesrecht voor het onderhavige project. Dit betekent dat ook participatie verplicht is voor dit initiatief. Ten behoeve hiervan heeft de gemeente een Handreiking participatie opgesteld. Het projectgebied ligt in buitengebied. Op dichte afstand van het projectgebied zijn geen andere functies gelegen. Ten noordwesten van het projectgebied, op circa 50 meter afstand, zijn een tankstation en een woning gelegen. Ten zuidoosten, op circa 500 meter afstand, zit het bedrijf Vermilion, verantwoordelijk voor het beheer en de veiligheid van de infrastructuur van Vermilion in Friesland. Gelet op het zeer kleine aantal woon- en bedrijfsfuncties in de omgeving van het projectgebied, het feit dat slechts 24 lodges, een groepsaccommodatie en receptie op 15 hectare grond worden geplaatst, waarbij de bebouwing geconcentreerd en beperkt blijft tot een klein deel van het projectgebied, en de omstandigheid dat het om privéterrein gaat, is gekozen voor het tweede participatieniveau: raadplegen. Hierbij wordt de omgeving om ideeën, meningen en ervaringen gevraagd.
Voorafgaand aan de planologische procedure, in september 2023, is gesproken met de belanghebbenden in de omgeving. Dit inspraak- en participatiedocument is opgenomen in Bijlage 8. Gesprek Brandstoffenhandel In het kader van het projectvoornemen is op 1 september 2023 contact opgenomen met de eigenaar van het tankstation aan de Stûkenwei 5b. Ter plaatse wordt een olie- en brandstoffenhandelsbedrijf geëxploiteerd. Er is geconstateerd dat de ligging van het kanaal een zekere afstand creëert waardoor er geen intensief contact is. Toch is er een goede verstandhouding en het bezoek en de toelichting op de plannen worden gewaardeerd. Op vragen over positionering van het groepsgebouw en de lodges kan worden aangegeven dat die in het bosgebied worden geplaatst en uit één bouwlaag bestaat. In het groepsgebouw zal een beheerderswoning worden gerealiseerd en zo worden ingepast in het bosgebied waardoor het maar beperkt zichtbaar zal zijn vanaf de locatie Stûkenwei 5b. De eigenaren geven aan dat ze geen bezwaar hebben tegen de ontwikkeling en staan op zich positief tegenover de recreatieve ontwikkeling.
27/415
Gesprek Vermilion Op 5 september 2023 vond een gesprek plaats met een senior advisor, verantwoordelijk voor het beheer en veiligheid van de assets/infrastructuur van Vermilion in Fryslân. Ten tijde van het gesprek werd een uitgebreide onderhoudsperiode van de gasbehandelingslocatie Stûkenwei voorbereid. Veiligheid is van groot belang voor het bedrijf. Tijdens het gesprek is een toelichting gegeven op het gasbehandelingsproces ter plaatse. De initiatiefnemer heeft aangegeven dat er bij het ontwikkelen van de plannen ook specifiek is gekeken naar de mogelijke belangen en effecten van de beoogde activiteit op het functioneren van de locatie van Vermilion. Daarvoor is door ingenieursbureau Antea een QRA uitgevoerd om de invloed van de Vaarweg PM kanaal, Autoweg N31 en de brandstoffenhandel aan de Stukenwei 5b, ook de buisleidingen en de externe veiligheidsaspecten van Vermilion in beeld te brengen. Vermilion verwacht dat er geen directe belangen met dit project in het geding zijn. De inrichting van het terrein is zodanig dat de kantooreenheden (westzijde van de plant) door een veiligheidsvoorziening/keerwand zijn gescheiden van de daadwerkelijke gasbehandelingseenheid die zich aan de oostzijde op het terrein bevindt.
Vermilion ervaart zo nu en dan in het weekend wel hinder van ongewenste bezoekers met auto's die op het parkeerterrein afval achterlaten en soms vernielingen aanrichten. Het beschreven receptiegebouw kan hiervan ook hinder ervaren. Aangegeven is dat hier gelet op het beheer in het park wellicht ook afspraken zijn te maken over het toezicht waar over en weer profijt uit kan worden getrokken. Afgesproken is dat initiatiefnemer de uitgevoerde QRA met Vermilion delen en dat zij op de hoogte worden gebracht over het vervolg van de procedure.
3.3
Bestuurlijk vooroverleg
Het project is in artikel 2 van de lijst met aangewezen buitenplanse omgevingsplanactiviteiten aangewezen als een activiteit waarvan de provincie aangeeft dat advies en instemming nodig is. In afwijking van artikel 2 kan een omgevingsvergunning voor een BOPA zonder dit advies en deze instemming worden verleend, indien aantoonbaar vooroverleg is geweest tussen de diensten van de provincie en van de gemeente en waarbij: I. naar aanleiding van dit vooroverleg een positieve vooroverlegreactie is gegeven door of namens GS, en; II. ook is aangegeven dat het niet nodig is de omgevingsvergunning ter advisering voor te leggen aan GS, en; III. de aanvraag om een omgevingsvergunning die in procedure wordt gebracht in overeenstemming is met de uitkomsten van het vooroverleg. Zoals eerder is aangegeven in subparagraaf 3.1.2, heeft voorafgaand aan de planologische procedure een drietal gesprekken plaatsgevonden met de gemeente en met de provincie. In juni 2024 heeft op initiatief van de gemeente nogmaals een overleg plaatsgevonden om de uitgangspunten van het park nogmaals te bespreken. De provincie heeft in juli 2024 informeel en schriftelijk laten weten dat de uitgangspunten van de ontwikkeling goed zijn gemotiveerd en verwoord. In de basis gaat de ontwikkeling om een mental wellness concept, waarbij het gebruik doordeweeks aanvullend is voor de rustzoekende recreant.
Dit maakt het concept volgens de provincie bijzonder. Ook de maatvoering en de diversiteit zijn een plus op het concept en passend. De provincie vindt het integreren van de bedrijfswoning in het groepsgebouw een passende invulling van de bedrijfswoning. De provincie adviseert om dit te vertalen in de motivering. Dit is met name verwoord in paragraaf 2.2.
28/415
Gedeputeerde Staten zullen om een officiële positieve vooroverlegreactie worden verzocht.
29/415
Hoofdstuk 4 4.1
Beleidskader
Rijksbeleid
4.1.1 Nationale Omgevingsvisie De Nationale Omgevingsvisie (NOVI) biedt een duurzaam perspectief voor de Nederlandse leefomgeving. Met dit instrument kan worden ingespeeld op de grote uitdagingen die voor ons liggen. De NOVI biedt een kader, geeft richting en maakt keuzes waar dat kan. Tegelijkertijd is er ruimte voor regionaal maatwerk en gebiedsgerichte uitwerking. Omdat de verantwoordelijkheid voor het omgevingsbeleid voor een groot deel bij provincies, gemeenten en waterschappen ligt, kunnen inhoudelijke keuzes in veel gevallen het beste regionaal worden gemaakt. Met de NOVI zet de Rijksoverheid een proces in gang waarmee keuzes voor onze leefomgeving sneller en beter gemaakt kunnen worden. Aan de hand van een toekomstperspectief op 2050 brengt de NOVI de langetermijnvisie in beeld. Op nationale belangen wil het Rijk sturen en richting geven. Die komen samen in vier prioriteiten: Ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie; Duurzaam economisch groeipotentieel; Sterke en gezonde steden en regio's; Toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied. Realiseren opgaven In de NOVI is een tweetal instrumenten opgenomen om de opgaven te realiseren: 1. De Omgevingsagenda Voor Noord-Nederland is een omgevingsagenda opgesteld, waar Friesland deel van uitmaakt. In de Omgevingsagenda agenderen het Rijk en regio de gezamenlijke vraagstukken en de gewenste aanpak daarvan.
De Omgevingsagenda biedt een basis voor uitvoeringsafspraken en inzet van programma's en projectbesluiten van Rijk en regio. 2. De NOVI-gebieden Een NOVI-gebied is een instrument waarbij Rijk en regio meerdere jaren verbonden zijn aan de gezamenlijke uitwerking van de verschillende opgaven in het ruimtelijke domein. Vaak wordt voortgebouwd op bestaande samenwerkingstrajecten. Denk aan een Regio Deal en een verstedelijkingsstrategie. De regio waarvan de gemeente Tytsjerksteradiel deel van uitmaakt is niet aangewezen als NOVI-gebied. Toetsing De ontwikkeling in het projectgebied raakt de opgave 'toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied'. Deze opgave houdt in dat ontwikkelingen in het landelijk gebied niet ten koste gaan van landschappelijke kwaliteiten. Dat draagt bij aan een landelijk gebied waar het prettig wonen en recreëren is en waarin er ruimte is en blijft voor vitale landbouw. Onder andere het versterken van cultureel erfgoed en landschappelijke en natuurlijke kwaliteiten hebben ruimte nodig. De ontwikkeling draagt bij aan deze opgave doordat de lodges zoveel mogelijk circulair en modulair worden gebouwd. Er wordt gebruikgemaakt van natuurlijke materialen en kleuren die passen bij de locatie, zodat de lodges aansluiten op de bestaande
30/415
landschappelijke kenmerken. Ook worden de lodges verscholen in het landschap geplaatst. De ontwikkeling is verder bijzonder extensief. Er worden in totaal 24 lodges op 15 hectare grond geplaatst. Dit betekent dat slechts 1 1/3 logieseenheid per hectare wordt geplaatst. De groepsaccommodatie wordt hierbij geplaatst. Daardoor is de bebouwing geconcentreerd en blijft beperkt tot een deel van het projectgebied. Het reeds aangelegde en in 30 jaar volgroeide park en haar natuur zijn de belangrijkste trekkers van het concept. Er wordt dan ook ingezet op natuurbehoud door het vergroten van de biodiversiteit en eigen hoge waterstand peilbeheer. De groene uitstraling van het gebied en de natuurlijke inrichting is een kernwaarde die behouden blijft. Om deze redenen zal de draagkracht van de natuur niet overschreden worden, maar wellicht zelfs worden vergroot. Conclusie De landschappelijke kenmerken en kwaliteiten van het projectgebied worden niet aangetast. Het project voldoet aan de Nationale Omgevingsvisie.
4.2
Provinciaal beleid
4.2.1 Omgevingsvisie Fryslân - De Romte Diele Op 23 september 2020 is de omgevingsvisie Fryslân - De romte diele vastgesteld, waarin de ambities voor de provincie voor 2030-2050 worden uitgesproken. Hierbij wordt gewerkt met negen principes die richting geven bij het maken van keuzes. Enerzijds zijn de principes inhoudelijk van aard, zoals zuinig ruimtegebruik, omgevingskwaliteit als ontwerpbasis, koppelen van ambities, gezondheid en veilig. Anderzijds zijn er samenwerkingsprincipes, zoals rolbewust, decentraal wat kan, het 'ja, mits-principe', aansluiting zoeken en sturen op proces, ruimer op inhoud. De insteek om de ambities te realiseren is niet door verandering tegen te houden, maar door de gewenste nieuwe ontwikkelingen te laten aansluiten bij bestaande kwaliteiten. Toetsing Inhoudelijke principes Het projectvoornemen sluit aan bij het principe van 'zuinig ruimtegebruik'. Er wordt geen openbare ruimte onttrokken ten behoeve van de ontwikkeling, omdat het projectgebied waar de voorzieningen worden gerealiseerd momenteel nog niet openbaar toegankelijk is. Met het project Park Fonejacht wordt een bijzondere functie voor training en coaching op het gebied van mental wellness gecombineerd met recreatie en wordt private ruimte openbaar toegankelijk gemaakt. Ook worden verschillende functies op het landschapspark gecombineerd, waaronder logies, kunst, cultuur en natuur.