CConstaterende datTytsjerksteradiel
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 – Duurzaamheidsagenda Tytsjerksteradiel.pdf

RAADSVERGADERING 2018 t/m 2024 18 februari 2021, gemeente TytsjerksteradielBij agendapunt: Duurzaamheidsagenda, transitievisie warmte, RKC-rapport: Raad weten met Energie (besluitvormend)30.046 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

De provincie sluit in het voorbereidingsbesluit alle agrarische gronden uit van de mogelijkheid tot ontwikkeling van een zonnepark en ze wil dit in de aangepaste verordening Romte definitief gaan vastleggen. De provincie geeft aan dat de landbouwgrond schaars is en daarom beschermd moet worden. Wij denken niet dat landbouwgrond schaars is. Ruim driekwart (77%) van het provinciale landoppervlak bestaat uit landbouwgrond, zo blijkt uit de Agri&Food Scan 2018 van de Fryske Akademy. Daarvan is verreweg het meeste (90%) grasland dat wordt gebruikt voor het voeren van melkrundvee. Slechts een klein deel (9%) van de provincie is akkerbouwgrond, waar aardappelen en groente voor menselijke consumptie worden geteeld. Wij vinden dat waardevolle agrarische gronden niet zouden moeten worden bebouwd met zonneparken. Waardevol betekent geschikt voor landbouw, met een hoge opbrengst. Wij vinden dat de maatregel van de provincie te ver gaat en we hebben in dit beleidsstuk onderbouwd hoe wij als gemeenten Achtkarspelen en Tytsjerksteradiel om willen gaan met onze agrarische gronden. Wij willen niet op voorhand álle agrarische gronden uitsluiten, maar we kiezen ervoor om alleen de minder geschikte agrarische gronden de mogelijkheid te geven voor het ontwikkelen van een zonnepark. Op die manier blijven de goede, waardevolle agrarische gronden gevrijwaard.

Daarnaast hebben we eindpunt gesteld aan dit document, namelijk het moment waarop de gemeenten energieneutraal zijn. In de volgende alinea wordt daar verder op ingegaan. Op dat moment komt dit beleidsdocument te vervallen en zullen nieuwe aanvragen niet gehonoreerd kunnen worden. Om dat punt te bereiken is volgens de Energiemix 2050 uit de Duurzaamheidsagenda ongeveer 325 ha aan zonnepark nodig (circa 125 ha voor Achtkarspelen en circa 200 ha voor Tytsjerksteradiel). Ter 77 / 140

vergelijking: de beide gemeentes hebben een gezamenlijk landoppervlak van zo’n 25.000 ha (Achtkarspelen 10.000 ha en Tytsjerksteradiel 15.000 ha). Daarvan is net als provinciaal ongeveer driekwart (75%) grasland, dus ruim 18.000 ha. De circa 325 ha aan zonneweides die nodig zijn, betekenen dus niet het einde van de landbouw in de beide gemeenten. Geldigheid van de zonneladder De ambitie van zowel Achtkarspelen als Tytsjerksteradiel is om energieneutraal te worden. Dat betekent dat de zonneladder geldig blijft tot het moment dat die ambitie is behaald. Op het moment dat een van de beide gemeenten jaarlijks evenveel energie duurzaam opwekt als dat het verbruikt, kunnen binnen die gemeente geen nieuwe verzoeken voor zonneparken in behandeling worden genomen. Ontbindende voorwaarde Op het moment dat een verzoek voor een zonnepark binnen de zonneladder past en voldoet aan de gestelde voorwaarden, betekent dat niet dat de gemeente automatisch verplicht is medewerking te verlenen aan dat verzoek. Er kunnen overige onvoorziene, maar toch gegronde redenen zijn waarom toch geen medewerking kan worden verleend aan een verzoek.

78 / 140

Bijlage 3: Beleidskader zonnepanelen versus bomen Tytsjerksteradiel Wat is de aanleiding Er zijn steeds meer particulieren (bewoners en bedrijven) die zonnepanelen plaatsen om zo op een duurzame wijze te voorzien in hun energiebehoefte. Dit wordt door de rijksoverheid gestimuleerd door middel van subsidies. Ook de klimaatdoelstellingen en de energietransitie bevorderen de toepassing van zonnepanelen. Van gemeentewege stimuleren wij deze ontwikkeling met ons duurzaamheidbeleid. Tegelijkertijd heeft de gemeente het vergroten van biodiversiteit als speerpunt opgenomen in het coalitieakkoord. In de gemeente Tytsjerksteradiel is in het Groenbeleidsplan 2012 bovendien aangegeven dat wij als gemeente een groene gemeente willen zijn. De beide gemeenten streven niet alleen in duurzaamheid op het gebied van milieu, maar ook naar een betere en duurzamere wereld; vooral door onze groene omgeving met karakteristieke groene dorpen en een karakteristiek groen landschap. Bomen zijn hierin het meest beeld- en sfeerbepalende onderdeel. Maar zij leveren ook een belangrijke bijdrage in de biodiversiteit en het opnemen van CO2. Tussen deze 2 beleidslijnen zit een spanningsveld. Dit uit zich in botsende belangen als onze bomen schaduw geven op zonnepanelen. Dit heeft namelijk rendementsverlies tot gevolg.

Hierdoor neemt het aantal verzoeken van particulieren om gemeentelijke bomen te kappen vanwege schaduw op hun zonnepanelen toe. Daarom krijgen wij verzoeken van bewoners om die bomen te kappen. Deze worden beoordeeld conform beleidsuitgangspunten die overeenkomen met de algemeen landelijk gebruikte beleidsuitgangspunten. Vastgesteld gemeentelijk beleid over dit onderwerp ontbreekt echter nog. Een ander voorbeeld is het plan van Woonfriesland voor de reconstructie van de woningen aan de Burgemeester Steenhuislaan in Burgum Zij willen energiezuinige woningen bouwen die voorzien zijn van zonnepanelen. Aan de westzijde van deze woningen staan grote eiken die schaduw kunnen geven op de zonnepanelen. Dit geeft in dat geval rendementsverlies. Dit vraagt om een beleidskeuze. Wat willen wij bereiken Door het bestuur vastgestelde beleidsuitgangspunten op basis waarvan wij dergelijke verzoeken kunnen beoordelen en waar we bij reconstructies in bestaande situaties en uitbreidingsplannen een bestuurlijk gedragen standpunt in kunnen nemen. Wat is het voorstel

Bestaande situaties In bestaande situaties worden geen gemeentelijke bomen gekapt of drastisch gesnoeid omdat ze schaduw geven op zonnepanelen. Particulieren kunnen zelf berekenen of een boom wel of geen schaduw geeft of zal geven op hun zonnepanelen. Dit op basis van de afmetingen van de woning, de afmetingen van de boom en de hellingshoek van de zon in de verschillende maanden en op de verschillende momenten van de dag. Als echter duidelijk zichtbaar is dat de boom ziek is of grote gebreken heeft, zullen wij maatwerk leveren. Bij nieuwe aanplant en herplant zal wel rekening worden gehouden met zonnepanelen. Dit met uitzondering van situaties waarin gemeentelijke bomen door bewoners illegaal zijn gekapt.

79 / 140

Uitbreidingsplannen In uitbreidingsplannen wordt bij de inrichting van de openbare ruimte zoveel mogelijk rekening gehouden met de zonnepanelen. Enerzijds door de positie van de kavels en de inrichting van de openbare ruimte. Anderzijds door bij het planten van bomen rekening te houden met zonnepanelen. Een belangrijke kanttekening hierbij is dat in uitbreidingsplannen wel plek moet blijven voor bomen. Bij inpassing van bestaande bomen, elzensingels en dykswallen gaat het belang van de boom voor op het belang van de zonnepanelen.

Herinrichtingsplannen Dit betreft zowel de herinrichting van de openbare ruimte als grootschalige renovaties van buurten, vergelijkbaar met de plannen van Woonfriesland aan de Burgemeester Steenhuislaan in Burgum. Als de bomen gehandhaafd kunnen blijven, gelden de beleidsuitgangspunten voor bestaande situaties. Als de bomen niet gehandhaafd kunnen blijven, gelden de beleidsuitgangspunten voor uitbreidingsplannen. Advies Een aantal beleidsuitgangspunten vast te stellen over hoe wij omgaan met gemeentelijke bomen in relatie tot zonnepanelen van particulieren en hierbij onderscheid maken in: -

Bestaande situaties. Uitbreidingsplannen. Herinrichtingsplannen.

Wat zijn de argumenten

1. Geeft duidelijkheid aan particulieren. Door de beleidsuitgangspunten weten de particulieren wat ze wel of niet van de gemeente mogen verwachten. Dit zowel in bestaande situaties als in nieuwe situaties. De particulieren kunnen in bestaande situaties vooraf een inschatting maken of zonnepanelen wel of geen rendementsverlies als gevolg van schaduw van de bomen krijgen.

2. Geeft duidelijkheid aan projectontwikkelaars, woningbouwcorporaties en eigen organisatie. Door de beleidsuitgangspunten weten projectontwikkelaars en woningbouwcorporaties waar zij rekening mee moeten houden bij het maken van inrichtingsplannen. Dit geldt ook voor inrichtingsplannen die door onze eigen organisatie worden gemaakt.

3. Behoudt in bestaande situatie het bomenbestand. Bomen hebben naast hun functie in de aankleding van de woonomgeving en het bieden van een schuil- en verblijfplaats voor onder ander vogels ook een positieve invloed op het klimaat. Zo zorgen ze voor vermindering van het broeikaseffect en absorberen ze CO2 en fijnstof uit de lucht. Ook hebben de door een schaduw een gunstige invloed op de temperatuur in de dorpen. (Vergelijking Kwekerstrjitte en het parkeerterrein van De Markt in Burgum op een warme dag.)

4. De voorgestelde beleidsuitgangspunten sluiten aan op de algemene landelijke uitgangspunten De collegevoorstellen en de notities die als bijlage zijn bijgevoegd zijn middels Google verzameld. Daarnaast heeft de rijdende rechter mr. John Reid in maart 2016, in soortgelijke zaak een uitspraak gedaan. In deze zaak eist een bewoner dat de gemeente Breda de bomen inkort en voldoende snoeit omdat deze schaduw geven op zijn zonnepanelen. De gemeente wijst zijn verzoek af. In deze zaak is

80 / 140

de gemeente in het gelijk gesteld. De zonnepanelen zijn namelijk uit eigen beweging door de bewoner geplaatst. Ook stonden de bomen er al voordat het huis van de bewoner gebouwd werd en verkeren ze in gezonde toestand. De combinatie van het bovenstaande is voldoende representatief om beschouwd te worden als landelijk uitgangspunt. Wat zijn de risico’s

1. Het juridisch risico wordt ingeschat op ‘laag’. Particulieren kunnen bezwaar en beroep aantekenen bij het besluit van de gemeente om een verzoek tot drastisch snoeien of kappen van de betreffende bomen af te wijzen.

2. Het maatschappelijk en politiek/bestuurlijk risico wordt ingeschat op ‘laag’. Persoonlijke belangen van de particulier om op duurzame wijze in zijn energie te voorzien versus het gemeenschappelijk belang om het bomenbestand op peil te houden om zo een groene gemeente te blijven zijn beide nagenoeg even waardevol. De keuze voor bomen in de bestaande situaties zullen door de bewoners en de politiek niet altijd gewaardeerd worden. Financiën Het voorgestelde beleid heeft geen financiële gevolgen voor de onderhoudskosten van gemeentelijke bomen. Participatie Niet van toepassing. Communicatie Publicatie in overleg met afdeling Communicatie. Relatie met andere afdelingen Afdeling ruimte; stedenbouw, uitbreidingsplannen. Afdeling ruimte; duurzaamheid. Afdeling Juridische zaken; bezwaar en beroep. Vervolg Na vaststelling wordt dit beleid toegepast bij het behandelen van verzoeken om gemeentelijke bomen te kappen vanwege zonnepanelen en bij (her)inrichtingsplannen. Bijlagen: -

Collegevoorstel ‘Bomen en zonnepanelen’ gemeente Krimpen aan den IJssel. Notitie ‘Uitgangspunten bomen in relatie met zonnepanelen’ gemeente Borger-Odoorn. Notitie ‘Uitgangspunten bomen in relatie met zonnepanelen’ gemeente Midden-Delfland. Notitie ‘Bomen in relatie tot zonnepanelen’ gemeente Voorst. Collegevoorstel ‘Uitgangspunten bomen versus zonnepanelen’ gemeente Best. Rapportage risicoprofiel.

81 / 140

Bijlage 4: Energiemix Tytsjerksteradiel In lijn met de ambitie van een energieneutrale gemeente in 2040, zijn verschillende scenario’s uitgewerkt om een beeld te krijgen van de toekomstige energievraag. De energie die we in onze woningen, bedrijven (met uitzondering van industrie) en voor ons vervoer nog wel gebruiken, gaan we zelf in Tytsjerksteradiel duurzaam opwekken. Daarbij gaan we uit van nu bekende technieken en hebben we oog voor nieuwe ontwikkelingen. Op basis van de huidige data (2018) en kennis, onderzoek en aannames over ontwikkelingen in de toekomst schetsen we aan de hand van een rekenmodel (Energietransitiemodel, Quintel 39) een zo goed mogelijk beeld van de huidige en toekomstige energievraag binnen de gemeente en de benodigde (grootschalige) duurzame energie opwek. Bekeken is hoe een eindscenario en een mogelijke tussenstap in 2030 er uit zouden kunnen zien. Bepalend voor scenario’s zijn het einddoel van het scenario, bijvoorbeeld hoeveel CO2 er bespaard moet zijn ten opzichte van 1990, en de uitgangspunten over de verwachte ontwikkelingen in het energiesysteem, bijvoorbeeld hoe snel de elektrische auto de benzineauto gaat vervangen. In de scenario’s nemen we als hoofduitgangspunt dat er in 2030 49% CO2 reductie behaald moet zijn, en in het eindbeeld, 2040 95% CO2 reductie.

Het landelijke Klimaatakkoord en de Klimaatwet gaan eveneens uit van dit tussendoel en einddoel. De gemeente heeft met betrekking tot de verduurzaming van industrie een beperkte rol. Ontwikkelingen zullen hoofdzakelijk landelijk, onder andere vanuit de klimaattafel industrie, en internationale ontwikkelingen moeten komen. Derhalve valt industrie ook niet binnen de gemeentelijke ambitie om energieneutraal te worden. De onderbouwing van de uitgangspunten zoals die zijn bepaald in de scenario’s zijn opgenomen in deze bijlage opgenomen. Gebouwde omgeving Voor het eindscenario gaan we uit van een volledig aardgasvrije gebouwde omgeving. Om de overstap naar duurzame warmtebronnen te kunnen maken is ook isolatie nodig. Vanuit de warmtevisie wordt benoemd dat de komende 10 jaar vol wordt ingezet op isolatiemaatregelen om een warmtevraagreductie van 20% te behalen. Dit zal betekenen dat alle woningen op termijn gemiddeld energielabel A hebben, een forste isolatieopgave met een belangrijke rol voor het gemeentelijk Energieloket. ▪

Voor de tussenstap in 2030 gaan we ervanuit dat 10% van de woningen aardgasvrij is en dat de benoemde 20% warmtevraagreductie door middel van isolatiemaatregelen behaald is.

Mobiliteit In Tytsjerksteradiel houden we in het eindscenario rekening met 80% elektrisch vervoer, en 5% op waterstof. De uitfasering van benzine- en dieselauto’s zal naar verwachting landelijk nog niet volledig zijn in 2040. Daarom verwachten we dat de mobiliteitssector nog niet volledig overgestapt zal zijn op Zero Emissie voertuigen, en afhankelijk van biobrandstof om de laatste CO2 reductie te behalen. ▪

Voor de tussenstap in 2030 gaan we ervan uit dat 20% van de auto’s, 100% van de bussen en 8% van de vrachtwagens elektrisch is.

Industrie In het scenario tot 2040 kent de industrie een 1,2% efficiëntieverbetering per jaar. In de afgelopen jaren is dit percentage niet gehaald. Daarom is het noodzakelijk dat in de toekomst hier strenger op toegezien wordt met handhaving en EU beleid. Daarnaast is het gebruik van aardgas een belangrijk 39 Voor meer informatie over het energietransitie model van Quintel: https://energytransitionmodel.com

82 / 140

aandeel in het energiegebruik van de industrie. Afhankelijke van de industriële processen, en welke temperatuur warmte hiervoor benodigd kunnen alternatieve energiebronnen aardgas vervangen. Bij lage temperatuur is elektriciteit een optie, bij hogere temperaturen waterstof of andere gassen. We gaan er in de scenario’s vanuit dat een deel van de bedrijven lage temperatuur warmte nodig heeft (denk aan verschillende bedrijven in de voedselsector) terwijl dit bij andere bedrijven lastiger is (denk aan beton en asfaltbedrijven, die onder de categorie overige industrie vallen). Voor nu gaan we ervanuit dat een deel met duurzaam geproduceerde waterstof voorzien moet worden. De gemeente heeft hierin een beperkte rol en ontwikkelingen zullen landelijk o.a. vanuit de klimaattafel industrie en internationale ontwikkelingen moeten komen. Derhalve maakt industrie ook geen onderdeel uit van de gemeentelijke ambitie om energieneutraal te worden. ▪

Voor de tussenstap in 2030 gaan we er ook vanuit dat jaarlijks 1,2% efficiëntieverbeteringen gerealiseerd worden, en dat de industrie niet gegroeid of gekrompen is. Het aandeel aardgas dat dan vervangen is door andere bronnen is nog beperkt.

Opwek We gaan uit van een 100% realisatie van de potentie voor zon-op-dak in 2040. Een zeer ambitieuze doelstelling die grote inzet vereist. Om voldoende duurzame energie op te wekken om de CO2 reductie doelstellingen te halen en een energieneutrale gemeente te worden is meer duurzame elektriciteit nodig dan op de daken gerealiseerd kan worden. Daarom is in de verschillende scenario’s een mix (vergelijkbare hoeveelheid energie opbrengst) van zonnevelden en windturbines aangegeven om voldoende op te wekken. Dit is een indicatieve mix waarin beide technologieën ongeveer evenveel stroom opwekken, uiteraard is een mix met meer van de een of de ander ook een mogelijkheid. Hierin speelt zowel de gemeente als de provincie een rol. Daarnaast is ook goed gekeken naar de eerdere aannames over efficiëntie en opbrengst van zonnepanelen en windturbines waar we eerder uitgingen van een vermogen per paneel van ca. 270 wp gaan we nu uit van 350 wp per paneel. Dat is nu en in de toekomst een aannemelijk vermogen. Daarnaast hebben we voor windturbines de aanname over het aantal vollasturen bijgesteld. Door te kijken naar de windsnelheden in de gemeente op 100m hoogte en het bijbehorende aantal vollasturen volgens NP RES uitgangspunten komen we op 3120 vollasturen per jaar voor 3 MW windturbines. ▪

Voor de tussenstap in 2030 gaan we ervan uit dat 40% van de potentie voor zon-op-dak gerealiseerd is. Vervolgens is ook een 50/50 mix (vergelijkbare hoeveelheid energie opbrengst) van zonnevelden en windturbines berekend die voldoende stroom op wekt om 49% CO2 reductie te behalen.

Aandachtspunten Een drietal punten willen we kort benoemen die van belang zijn náást ieder scenario te overwegen. Ieder punt is waardevol om met aanvullend onderzoek én een eigen uitwerking concreet te maken maar valt buiten het kader deze analyse.

De stabiliteit van het elektriciteitsnet en de benodigde infrastructuur. De toename- én afhankelijkheid van groene stroom in de verschillende scenario’s betekent dat er een oplossing gevonden moet worden voor de piekmomenten van de stroomlevering en voor de momenten waarop er een energievraag is zonder opwek. Deze investeringen kunnen aanzienlijk oplopen én ook de mogelijke gedragswijzigingen over energiegebruik zijn complex om aan te pakken.

83 / 140

Een aantal uitgangspunten vergen ambitieuze uitvoeringsprogramma’s of ondersteuning van de overheid. Een drietal voorbeelden, ten eerste, de ambitie om aardgasvrij te zijn in 2040 is hoger dan de landelijke ambitie (2050). De landelijke beleidsmaatregelen zijn momenteel nog aan het sturen naar 2050 en omvatten vooralsnog geen financiële steun om huizen versneld van het gas te halen. Ten tweede betekent de beoogde isolatiegraad (20%) over 10 jaar een aanzienlijke ingreep in het bestaande vastgoed in de gemeente. Hiervoor dient een uitvoeringsprogramma opgesteld te worden. Ten derde, de efficiëntie slag die verwacht wordt in de industrie is in het verleden gemiddeld gezien niet gehaald in deze sector. Er zal dus mogelijk meer actie nodig zijn om deze beoogde besparing te waarborgen.

‘Disclaimer’ scenario berekeningen De scenario’s zijn een poging om een realistisch en haalbaar scenario op te stellen voor een energieneutraal Tytsjerksteradiel in 2040. Zoals bij ieder rekenmodel zijn de uitkomsten geen garantie voor de toekomst en zijn tussentijdse veranderingen onvermijdelijk. We gaan uit van de trends en ontwikkelingen die we nu in beeld hebben. Zo wordt in de huidige methode wel uitgegaan van efficiëntieverbeteringen in de verschillende sectoren maar worden er bijvoorbeeld geen technologische doorbraken alvast ‘meegerekend’ in het scenario. Deze zijn namelijk moeilijk te voorspellen. Er wordt zoveel mogelijk uitgegaan van technologieën die nu of binnenkort op grote schaal inzetbaar zijn. Op basis van nieuwe inzichten of vastgestelde ambities kunnen uitgangspunten tussentijds veranderen. Gaat de transitie naar een aardgasvrije gebouwde omgeving bijvoorbeeld sneller dan verwacht, dan is het goed mogelijk dat de verwachte totale energievraag afneemt. Wellicht zijn door tussentijdse afspraken in Nederland of Europa nieuwe uitgangspunten nodig die de opgave beïnvloeden. Om rekening te houden met deze zaken is het aan te bevelen om op basis van de vooruitgang de komende jaren periodiek te kijken waar de gemeente op dat moment staat, scenario’s te herijken en op basis daarvan bij te sturen.

84 / 140

Achtergrond Energie Transitie Model Het Energie Transitie Model (ETM) is een open source online tool waarmee het energiesysteem gemodelleerd wordt en waarmee de huidige situatie en mogelijke toekomstscenario’s inzichtelijk gemaakt kunnen worden. De huidige situatie is gebaseerd op data uit de Klimaatmonitor. Hierin is ook het ijk jaar 1990 (voor doelstellingen zoals benoemd in het Klimaatakkoord) verwerkt. Door aannames en keuzes voor de toekomst in het model in te voeren wordt de impact in toekomstscenario’s inzichtelijk gemaakt. Het model is ontwikkeld door Quintel Intelligence 40, in samenwerking met verschillende partners die het model verder ontwikkelen en toepassen. Over Morgen werkt samen met Quintel om bij opdrachtgevers de opgave van de energietransitie inzichtelijker te maken. Op deze manier is voor een groot aantal overheden gebruik gemaakt van het ETM en wordt dit ook in verschillende RES regio’s toegepast als een betrouwbare en transparante bron voor energiescenario’s. Hoe ziet een scenario eruit? Achter een scenario zit een geavanceerd rekenmodel waarin het hele energiesysteem met vraag, aanbod en verschillende type technologieën en energiedragers gevat wordt. Een dergelijk scenario is een eindbeeld die weergegeven wordt in een Energiemix infographic.

Dit is een samenvatting van het scenario waarin de beginsituatie en het eindbeeld in termen van energievraag en -aanbod worden weergegeven. De energiemix infographic bestaat uit de volgende drie onderdelen: 1. Energievraag eindgebruik in het basisjaar (2018) en het eindjaar

Figuur , Voorbeeld infographic

2. De benodigde energiebronnen in het eindjaar 3. De opgave per thema voor het eindjaar

Scenario’s Tytsjerksteradiel De verschillende scenario’s die eerder zijn beschreven voor de twee gemeenten zijn gebaseerd op een scenario dat in het Energie Transitie Model is opgebouwd en opgeslagen. De samenvattingen in de energiemix zijn op de volgende pagina’s weergegeven. De achterliggende scenario’s zijn toegankelijk via de volgende links: ▪ ▪

40

Tytsjerksteradiel 2030: https://pro.energytransitionmodel.com/saved_scenarios/9999 Tytsjerksteradiel 2040: https://pro.energytransitionmodel.com/saved_scenarios/10000

Voor toelichting op het ETM model van Quintel zie: https://quintel.com/etm

85 / 140

86 / 140

87 / 140

Bijlage 5: Nulmeting energiegebruik en duurzame energieproductie Tytsjerksteradiel

Figuur B9. Energiegebruik in Tytsjerksteradiel gespecificeerd naar verschillende sectoren, 2017, Klimaatmonitor.

Figuur B10. Duurzame energieproductie in Tytsjerksteradiel gespecificeerd naar meest voorkomende technieken, 2017, Klimaatmonitor.

88 / 140

Energiegebruik Tytsjerksteradiel (TJ)

2010

2011

2012

2013

2014

2015

2016

2017

Woningen

933

904

867

846

824

810

809

799

Commerciële dienstverlening

109

96

137

142

145

138

145

138

Publieke dienstverlening

177

153

170

163

140

151

141

135

Industrie en Energie

603

522

1404

1420

1015

764

1034

1054

Landbouw, bosbouw en visserij

25

24

32

38

47

50

43

45

Verkeer en vervoer

825

824

814

803

792

810

830

835

Warmte (hernieuwbaar)

59

59

59

59

61

65

66

66

Totaal

2731

2582

3483

3472

3023

2787

3068

3073

Tabel B8. Energiegebruik in Tytsjerksteradiel in de verschillende sectoren per jaar, Klimaatmonitor

Energiegebruik Tytsjerksteradiel (TJ)

2010

2011

2012

2013

2014

2015

2016

2017

Gas

1043

967

1808

1784

1347

1232

1406

1395

Elektriciteit

805

732

802

826

823

680

766

777

Transportbrandstof

825

824

814

803

792

810

830

835

Warmte

59

59

59

59

61

65

66

66

Totaal

2731

2582

3483

3472

3023

2787

3068

3073

Tabel B9. Energiegebruik in Tytsjerksteradiel per categorie per jaar, Klimaatmonitor.

89 / 140

Duurzame energieproductie Tytsjerksteradiel (TJ)

2010

2011

Houtkachel warmte

58

Biomassaketels bedrijven

2012

2013

2014

2015

2016

58

58

58

60

63

65

66

0

0

0

0

0

0

0

26

Covergisting

27

23

19

18

18

29

28

26

Zonnestroom

1

2

3

6

9

11

15

21

Biobrandstoffen wegverkeer

15

20

18

17

20

18

14

18

Overig

6

6

9

9

10

9

8

9

Totaal

107

109

107

108

117

130

130

166

2017

Tabel B10. Duurzame energieproductie in Tytsjerksteradiel gespecificeerd per techniek, per jaar, Klimaatmonitor.

90 / 140

Bijlage 6: Energiegebruik gemeentelijk vastgoed en wagenpark Gasverbruik (m3)

Stroomverbruik (kWh)

Oppervlakte (m2)

Adres

Plaats

Burg Bothenius Lohmanln 40D

BURGUM

7.134

-

Buurtlaan 3

JISTRUM

5.240

10.434

Du Tourslaan 5

NOARDBURGUM

1.826

1.421

Fjildwei 8A

JISTRUM

6.034

9.676

Greate Buorren 17

GARYP

4.376

-

Knilles Wytseswei 17

SUMAR

5.264

262

Lauermanstraat 16B

BURGUM

141.312

123.720

BURGUM

17.083

18.497

BURGUM

1.810

3.392

Piet Miedemaweg 9

EARNEWALD

5.550

5.992

Raadhuisweg 7

BURGUM

48.435

718.437

Reiddekkersstrjitte 49

NOARDBURGUM

7.573

15.064

ijksstraatweg 18

TYTSJERK

5.216

3.160

Rinia van Nautaweg 57a

GYTSJERK

45.319

45.994

Schoolstraat 90

BURGUM

11.264

24.251

t Hof 86

EASTERMAR

6.057

6.729

Tsjibbe Geartsstrjitte 3

BURGUM

8.826

7.717

Van Cronenburgweg 1

NOARDBURGUM

18.565

45.156

Van Helsdingenstraat 2

HURDEGARYP

14.478

55.391

Waling Dykstrastrjitte 37

GYTSJERK

8.621

3.938

Mr W M Oppedk van Veenwg 10 Mr W M Oppedk van Veenwg 24

Wylgekamp 59

TYTSJERK

Totaal

7.613

Functie

4.371

377.596

1.103.602

679.673

524.211

CO2-uitstoot (kg)Fout!

Bladwijzer niet gedefinieerd.

Tabel B12. Overzicht van het gas- en elektriciteitsverbruik van gebouwen van de gemeente Tytsjerksteradiel41

41

Stand van zaken 17 oktober 2019.

Overzicht gemeentelijke transportbrandstoffengebruik CO2-uitstoot (kg)Fout!

Liters in 2019

Bladwijzer niet gedefinieerd.

Diesel

23.752

61.898

Blauwe Diesel

105.828

-

6.030

13.682

-

-

AdBlue

865

-

Totaal

-

75.580

Benzine Groen gas

Tabel B14. Overzicht van het transportbrandstoffengebruik van Tytsjerksteradiel in 2019

92/140

Bijlage 7: Respondentenlijst sleutelfiguren In het traject om te komen tot een Duurzaamheidsagenda voor de gemeenten Achtkarspelen en Tytsjerksteradiel zijn verschillende gesprekken gevoerd met zogenoemde “sleutelfiguren” in de regio. Studenten van SAMEEN zijn hierbij betrokken geweest. Alan Laws – Aanjager RES Fryslân 4 september 2019 Thema biodiversiteit – gemeenten Achtkarspelen en Tytsjerksteradiel 30 september 2019 Aanwezig: Ragna van Sonsbeek, Dolf Visser, Anne Pieter Nicolai Thema circulariteit – gemeenten Achtkarspelen en Tytsjerksteradiel 30 september 2019 Aanwezig: Jan Sijtsma, Jeldrik Doevendans, Herman Westerhof Thema energietransitie – gemeenten Achtkarspelen en Tytsjerksteradiel 15 oktober 2019 Aanwezig: Harmen van der Meer, Anna Dora Winius, Evelyn Bontekoe Thema klimaatadaptatie – gemeenten Achtkarspelen en Tytsjerksteradiel 15 oktober 2019 Aanwezig: Yke Visser, Geert de Haan, Luut de Zee, Melle Buruma, Wieger van der Schaaf Thema duurzame mobiliteit – gemeenten Achtkarspelen en Tytsjerksteradiel 15 oktober 2019 Aanwezig: Hielke Marten Kallenkoot, Jens Zeemans, Peter Peterson, Rob de Vries Thema eigen organisatie – gemeenten Achtkarspelen en Tytsjerksteradiel 15 oktober 2019 Aanwezig: Riemer van der Molen, Alex Jongedijk, Sytze van der Bijl, Ted Rijpkema, Aukje Hendrika van der Galiën Gerard Adema – Friese Milieufederatie 15 oktober 2019 Houkje Rijpstra –

Circulair Friesland 12 november 2019 Bouwe de Boer - Freonen fan Fossylfrij Fryslân 8 januari 2020 Durk Durksz – Projectleider Fjildlab 3 april 2020 Harmen van der Meer - Adviseur duurzaamheid gemeenten Achtkarspelen & Tytsjerksteradiel 24 februari 2020 Marlies Ballemans – Stichting Energie voor MKB 10 januari 2020 Tom de Jong – Vereniging Noardlike Fryske Wâlden 7 februari 2020 93/140

Bijlage 8: Resultaten online enquête

Enquête duurzaamheidsagenda en Transitievisie Warmte Hoe denken de inwoners van Achtkarspelen en Tytsjerksteradiel over de thema’s die hier onder vallen?

Datum (10 april 2020) Versie 4

Inhoud

Inleiding Conclusie Energietransitie Warmtetransitie Duurzame mobiliteit Biodiversiteit Circulaire economie Klimaatbestendigheid Ideeën voor een slogan Voorkeur voor wijze van informeren Input vanuit het voortgezet onderwijs

95/140

Inleiding Waarom deze enquête? De gemeenten Achtkarspelen en Tytsjerksteradiel slaan de handen ineen om in 2020 een duurzaamheidsagenda en een Transitievisie Warmte op te stellen. De thema’s die centraal staan in de duurzaamheidsagenda zijn: -

Energietransitie Warmtetransitie Duurzame mobiliteit Biodiversiteit Circulaire Economie Klimaatbestendigheid

Hierbij is de input van inwoners en ondernemers ontzettend belangrijk. Om de mening van de inwoners en ondernemers over deze thema’s te verzamelen is er een online enquête verspreid waarin vragen zijn gesteld rondom elk van de thema’s. Op deze manier zijn inwoners en ondernemers meegenomen in het nadenken over de toekomst als het gaat om duurzaamheid in de gemeenten.

96/140

Wie zijn de respondenten? In totaal zijn er ruim 460 inwoners van Achtkarspelen als Tytsjerksteradiel die gereageerd hebben op de vragenlijst. Van de respondenten woont 45% in Achtkarspelen en 55% is inwoner van Tytsjerksteradiel. 80% van de respondenten geeft aan ouder dan 40 jaar te zijn.

Gemeente

Leeftijd

1%

< 20 jaar 20 - 40 Jaar

18%

37%

Tytsjerksteradiel Achtkarspelen

40 - 60 Jaar > 60 Jaar

45% 55%

44%

97/140

Energiecoöperaties Op de vraag of de inwoner lid is van een energiecoöperatie, hebben uit Achtkarspelen 52 respondenten aangegeven dat zij lid zijn en 158 dat zij niet lid zijn.

Leden energiecoöperatie Geen lid van energiecoöperatie (361)

Van de respondenten wonende in Tytsjerksteradiel zijn er 49 lid van een energiecoöperatie en 203 geen lid.

158

Lid van energiecoöperatie (101)

In totaal is ruim 20% van de respondenten van beide gemeenten lid van een energiecoöperatie.

52

0

203

49

50

100

Achtkarspelen

Lid energiecoöperatie Achtkarspelen?

150

200

250

350

400

Tytsjerksteradiel

Lid energiecoöperatie Tytsjerksteradiel? 19%

25%

75%

300

81% Ja

Nee

Ja

Nee

98/140

Ondernemers tussen de respondenten

Hoe zit het met de ondernemers onder de respondenten?

Ondernemers Geen ondernemer (totaal 402)

183

Ondernemer (totaal 60)

27

0

219

33

50

100 Achtkarspelen

Ondernemers in Achtkarspelen

150

200

250

300

Ik ben ondernemer

400

450

Tytsjerksteradiel

Ondernemers in Tytsjerksteradiel

13%

87%

350

13%

87% Ik ben geen ondernemer

Ik ben ondernemer

Ik ben geen ondernemer

99/140

Hoe wonen de respondenten?

Hoeveel woningeigenaren zitten er tussen de respondenten en hoeveel wonen er in een huurwoning?

Woningeigenaren en huurders Huurder ( totaal 46)

29

17

Woningeigenaar (416)

181

0

50

100

235

150 Achtkarspelen

Woningeigenaar of huurder Achtkarspelen?

250

300

350

400

450

Tytsjerksteradiel

Woningeigenaar of huurder Tytsjerksteradiel? 7%

14%

86% Huiseigenaar

200

Huurder

93% Woningeigenaar

Huurder

100/140

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Tytsjerksteradiel&id=57e936bf-a52d-43aa-aa77-9d2d8d404e91