CConstaterende datTytsjerksteradiel
Koppel je AI →
Document · PDF

08 - Bijlage 1 -Zienswijzennota

RAADSVERGADERING 2018 t/m 2024 22 april 2021, gemeente TytsjerksteradielBij agendapunt: Vaststelling bestemmingsplan Sanjesfjild (besluitvormend)19.399 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Reactie- en antwoordnota zienswijzen ontwerpbestemmingsplan en welstandsnota Sanjesfjild NL.IMRO.0737.11BPV-ow01

Maart 2021

Inhoudsopgave

Inleiding 1.1 1.2 1.3 1.4

Status zienswijzennota Procedure bestemmingsplan Ingekomen zienswijzen Bescherming persoonsgegevens

Zienswijzen 2.1 2.2 2.3 2.4 2.5

Zienswijze 118 personen (identieke inhoud) Zienswijze Dorpsbelang Gytsjerk Zienswijze Dorpsbelang Oentsjerk Zienswijze omwonende X Zienswijze Actiegroep “Behoud het landschap in de Trynwâlden”

4 10 14 30 34

Bijlagen -

Identieke zienswijze 118 personen; Zienswijze Dorpsbelang Gytsjerk; Zienswijze Dorpsbelang Oentsjerk; Zienswijze omwonende X; Zienswijze Actiegroep “Behoud het landschap in de Trynwâlden”

2 Zienswijzennota Sanjesfjild

Inleiding

1.1

Status zienswijzennota

Deze zienswijzennota behoort bij het besluit over de vaststelling van het bestemmingsplan “Sanjesfjild bedrijventerrein”. De zienswijzennota bestaat uit twee hoofdstukken. Hoofdstuk 1 is een algemeen (inleidend) hoofdstuk en bevat een overzicht van de ingekomen zienswijzen en de verdere procedure van het besluit. In hoofdstuk 2 is iedere zienswijze samengevat en van een gemeentelijke reactie voorzien. Per zienswijze is daarbij aangegeven of deze ontvankelijk is en of de zienswijze aanleiding geeft tot aanpassing van het ontwerpbestemmingsplan. De zienswijzen zijn geanonimiseerd als bijlage bij deze zienswijzennota gevoegd.

1.2

Procedure bestemmingsplan

De procedure voor vaststelling van een bestemmingsplan is geregeld 3.8 van de Wet ruimtelijke ordening. Bovendien is de afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing verklaard (zienswijzenprocedure). Het ontwerpbestemmingsplan “Sanjesfjild bedrijventerrein” heeft na de publicatie op officiële bekendmakingen en de Staatscourant van 10 december tot en met 20 januari 2021 ter inzage gelegen en was digitaal beschikbaar op www.ruimtelijkeplannen.nl. Gedurende deze termijn kon iedereen schriftelijk of mondeling een zienswijze indienen. Na de zienswijzenronde beslist de gemeenteraad over de vaststelling van het bestemmingsplan. De gemeenteraad weegt hierbij de ontvangen zienswijzen mee. Tegen het vaststellingsbesluit kan binnen een termijn van zes weken beroep worden aangetekend bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Beroep heeft geen opschortende werking. Om te voorkomen dat het besluit tot vaststelling in werking treedt, zou een voorlopige voorziening kunnen worden aangevraagd bij de voorzieningenrechter van de Afdeling.

1.3

Ingekomen zienswijzen

Tijdens de periode van terinzagelegging zijn er 118 identieke zienswijzen ingediend. Daarnaast heeft een omwonende een specifieke zienswijze ingediend en zijn er zienswijzen ontvangen van het bestuur van twee dorpsbelangen en een Actiegroep (die door meerdere personen is ondertekend). Die zienswijzen zijn bij deze nota gevoegd.

1.4. Bescherming persoonsgegevens In verband met de bescherming van de persoonsgegevens zijn de namen van de indieners van een zienswijze in deze nota geanonimiseerd.

3 Zienswijzennota Sanjesfjild

Zienswijzen Bij het behandelen van de zienswijzen in deze nota wordt onderscheid gemaakt in de 118 zienswijzen met een identieke inhoud en de 4 specifieke zienswijzen.

2.1 Zienswijze 118 personen met een identieke inhoud Via een vooraf ingevuld formulier met een kruisjeslijst zijn 118 zienswijzen ontvangen. Hoewel een enkel formulier mogelijk buiten de termijn is ingeleverd, is dat op dit moment voor de inhoudelijke beoordeling van de zienswijze niet relevant. Het merendeel van de zienswijzen is op tijd ontvangen en daarmee is er aanleiding om de zienswijze inhoudelijk te behandelen. Hoewel niet iedereen alle vijf argumenten heeft aangevinkt, zullen wij bij de inhoudelijke behandeling van de zienswijze alle argumenten beoordelen. In de aanhef van deze zienswijze wordt aansluiting gezocht bij de argumenten die door de Actiegroep “Behoud het landschap in de Trynwâlden” zijn aangevoerd. Op deze zienswijze zullen wij in paragraaf 2.5 van deze nota ingaan.

Argument 1: Onvoldoende inspraak De inwoners van Oentsjerk en ook Dorpsbelang Oentsjerk is onvoldoende inspraak geboden in de planvorming en de -ontwikkeling van het huidige ontwerpbestemmingsplan Sanjesfjild.

Beoordeling gemeente: In de notitie inspraak- en overleg is al eerder uitgelegd waarom wij het met dit argument niet eens zijn. Het proces om een nieuw bedrijventerrein voor de Trynwâlden te ontwikkelen loopt al jaren. De keuze voor deze locatie, de aankoop van de grond, het bedenken van het stedenbouwkundig concept, het aanpassen van de verkeerssituatie en alle bijbehorende visie-, plan- en besluitvormingsprocessen zijn op democratische wijze tot stand gekomen en dorpsbelangen en de omgeving zijn niet alleen op de wettelijk voorgeschreven maar ook op andere momenten hierbij betrokken. Om niet in herhaling te vallen, wijzen wij op deze plaats naar hetgeen wij hierover in de notitie inspraak- en overleg hebben geschreven. In de bijlage bij deze notitie is een overzicht van het proces gegeven waaruit ook duidelijk blijkt hoe de omgeving en dorpsbelang hierbij is betrokken. Mogelijk dat dit niet bij alle indieners van de zienswijze bekend is geweest want 85% van de indieners van de zienswijze heeft de mogelijkheid om eerder in de procedure een inspraakreactie in te dienen niet benut. Na de fase van het voorontwerp van het bestemmingsplan is er meermaals overleg met onder andere dorpsbelang Oentsjerk geweest.

Ook voordat het ontwerp ter visie is gelegd is er nog overleg met de dorpsbelangen geweest en is er door dorpsbelang een raadsexcursie georganiseerd en hebben veldbezoeken plaatsgevonden. 4 Zienswijzennota Sanjesfjild

De inspraak heeft er mede toe geleid dat: -

het plangebied is verkleind; de bedrijvenlijst is aangepast; aansluitend aan de woonbestemming alleen lichte bedrijvigheid mogelijk is; de planvoorschriften zijn aangescherpt; de groenstructuur is aangepast zodat een deel van het menpad ongewijzigd kan blijven en het bedrijfsterrein beter wordt ingepast.

De wettelijke mogelijkheden van inspraak zijn toegepast en daarnaast zijn er vele andere overleg- en inspraakmomenten geweest met o.a. de dorpsbelangen maar ook met de Actiegroep. Inspraak is niet gelijk aan instemming. Inspraak betekent kort gezegd “je mening geven”.

Conclusie Er zijn voldoende momenten van inspraak geweest en de mening van de inwoners van Oentsjerk en Dorpsbelang Oentsjerk is voldoende voor het voetlicht gebracht en deze belangen zullen bij de verdere besluitvorming worden meegewogen. Dit argument geeft geen aanleiding tot aanpassing van het bestemmingsplan.

Argument 2: Leefbaarheid is niet gediend bij de aanleg van een bedrijventerrein Het huidig open landschap en de natuurwaarden zijn belangrijker voor de leefbaarheid en het woongenot in Oentsjerk en de Trynwâlden dan de aanleg van een bedrijventerrein op deze plek.

Beoordeling gemeente Niemand zal ontkennen dat een bedrijventerrein een ingreep in het landschap betekent. De zoektocht naar een locatie voor een bedrijventerrein in de Trynwâlden is een lange zoektocht geweest waarbij de gemeente niet bij elk dorp een nieuwe ingreep heeft willen doen. De gemeente is uiteindelijk op de locatie aan de Sanjesreed uitgekomen omdat dit gebied aansluit op de bestaande bebouwing aan de Rengersweg. De openheid van het gebied wordt hierdoor slechts in beperkte mate aangetast waarbij ook de beleving van de openheid van het tussengebied, gezien vanaf de Rengersweg/Trynwâldsterdyk niet ernstig wordt verstoord. Het gebied heeft geen belangrijke natuurwaarden die een belemmering vormen voor deze ontwikkeling. De bedrijfsfuncties komen op voldoende afstand tot de woningen waardoor het woongenot niet onevenredig wordt aangetast. Het is duidelijk dat een aantal inwoners de huidige situatie verkiest boven een bedrijventerrein en dat er vanwege hun woongenot en leefbaarheid niets hoeft te veranderen. De rol van de gemeente is echter een andere. De gemeente heeft altijd een voorwaarden scheppend beleid willen voeren ten aanzien van het faciliteren van de eigen bedrijven. In de gehele gemeente is op dit moment bijna geen bedrijfskavel meer aanwezig en in de Trynwâlden is al helemaal geen aanbod meer.

De rol van de gemeente is ook om lokale bedrijven aan een passende vestigingsmogelijkheid te helpen. Wat vanwege het 5 Zienswijzennota Sanjesfjild

woongenot en de leefbaarheid van een enkel individu ongewenst kan zijn, kan voor de leefbaarheid van de Mienskip wel heel belangrijk zijn. Bedrijven zorgen immers voor werkgelegenheid en lokale economische ontwikkeling. De lokale bedrijven zorgen ervoor dat klussen worden uitgevoerd en diensten worden verleend, dat het dorp levendig blijft, dat activiteiten in het dorp worden gesponsord, dat mensen ook vanwege de voorzieningen in het dorp willen (blijven) wonen en dat hierdoor ook andere voorzieningen in stand kunnen blijven. De weging die de gemeente daarbij moet maken is een weging van verschillende belangen. Dat betekent niet dat aan het individuele belang geen betekenis toekomt maar wel dat dit belang ondergeschikt kan zijn aan andere (algemenere) belangen. Overigens zal een individueel belang dan wel concreter moeten worden aangegeven dan “de leefbaarheid en het woongenot”. Omdat in deze zienswijze wordt verwezen naar de argumenten van de Actiegroep “Behoud het landschap in de Trynwâlden” komen wij bij de behandeling van deze zienswijze hier nog inhoudelijk op terug.

Conclusie Het is de taak van de gemeente om het vraagstuk vanuit meerdere invalshoeken te beoordelen. Omdat hiervoor in het kader van een goede ruimtelijke een zorgvuldige belangenafweging is gemaakt geeft dit argument geen aanleiding om het bestemmingsplan op dit onderdeel aan te passen.

Argument 3: Er is onvoldoende gekeken naar de mogelijkheid voor inbreiding Er is nog onvoldoende gekeken naar inbreidingsplekken voor individuele bedrijven en ook de voormalige praktijkschool wordt als mogelijke locatie genoemd.

Beoordeling gemeente Op grond van artikel 3.1.6 lid 2 Besluit ruimtelijke ordening (hierna Bro) bevat de toelichting bij een bestemmingsplan dat een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maakt, een beschrijving van de behoefte aan die ontwikkeling, en, indien het bestemmingsplan die ontwikkeling mogelijk maakt buiten het bestaand stedelijk gebied, een motivering waarom niet binnen het bestaand stedelijk gebied in die behoefte kan worden voorzien. Het bestemmingsplan bevat een uitgebreide onderbouwing van de vraag naar bedrijventerrein en het nog aanwezige aanbod bedrijventerrein. Daarnaast is gekeken naar mogelijke inbreidingsplekken en is uitgelegd waarom niet binnen het bestaand stedelijk gebied in de behoefte kan worden voorzien. Deze zogenaamde laddertoets maakt als bijlage onderdeel uit van dit bestemmingsplan. In de zienswijze van Dorpsbelang Oentsjerk zijn een aantal inbreidingsplekken genoemd en komt ook de voormalige praktijkschool aan de orde. Bij de behandeling van deze zienswijze zullen wij hier verder op ingaan.

6 Zienswijzennota Sanjesfjild

Conclusie In het bestemmingsplan is voldoende gemotiveerd waarom niet binnen het bestaand stedelijk gebied in de behoefte aan bedrijventerreinen kan worden voorzien. Deze algemene zienswijze is geen aanleiding om het bestemmingsplan aan te passen. Verderop in deze nota zal specifieker worden ingegaan op de door Dorpsbelang Oentsjerk genoemde inbreidingsplekken.

Argument 4: Het bedrijventerrein leidt tot extra verkeer Er zal extra drukte en gevaar van vrachtverkeer ontstaan op de Sanjesreed en de Rengersweg terwijl de Rengersweg weer een dorpsweg moet worden.

Beoordeling gemeente Al bij de eerste verkenningen van de ontwikkeling van een bedrijventerrein aan de Sanjesreed is geoordeeld dat de Sanjesreed qua constructie en profiel een toename van het verkeer door het bedrijventerrein prima kan verwerken. Door Dorpsbelang Oentsjerk is opgemerkt dat realisatie van een bedrijventerrein acceptabel is waarbij een goede aansluiting op de Rengersweg moet worden gerealiseerd. Een oplossing van de in 2006 nog aanwezige kruising Sanjesreed/Rengersweg/Douwelaan is in het perspectief van een totale aanpak van het tracé door de Trynwâlden geplaatst. Met o.a. vertegenwoordigers uit de Trynwâlden is een visie op de traverse Trynwâlden opgesteld en de provincie heeft de plannen voor de aanpassing van de traverse gemaakt. Met de doorgevoerde aanpassingen is, zonder een goede doorstroming te belemmeren, het dorpse karakter van de route versterkt. De kruising Sanjesreed/Rengersweg/Douwelaan is vervangen door een rotonde. Hiermee is een goede aansluiting op de Rengersweg gerealiseerd. Het middengebied is overrijdbaar. Dat zou nodig kunnen zijn in verband met de bochtstralen van bepaalde vrachtautocombinaties. Voor sommige rijrichtingen zal gebruik moeten worden gemaakt van een deel van het middengebied. Eventueel zou de overrijdbaarheid nog kunnen worden aangepast zonder dat daarbij het doorgaande verkeer over de Rengersweg de rotonde kan “afsteken”.

De provincie als wegbeheerder, dorpsbelangen Oentsjerk, Gytsjerk en de gemeente zijn in gesprek over de gehele traverse Trynwâlden. Het bedrijventerrein zal inderdaad tot verkeersbewegingen leiden. Omdat het deels bedrijfsverplaatsing betreft, maakt een belangrijk deel van dit verkeer nu ook al gebruik maakt van deze infrastructuur. Daarnaast past de ontsluiting van een lokaal bedrijventerrein via de traverse Trynwâlden bij de aan deze weg toegekende verkeersfunctie. Het gaat immers om lokaal verkeer dat prima via deze infrastructuur (de dorpsweg) kan worden afgehandeld en waarvoor deze weg ook is bedoeld. Uit de verkeersgegevens blijkt dat het verkeer op de traverse door de komst van de Centrale As met 30% is afgenomen tot niet meer dan 9.000 verkeersbewegingen per etmaal (nog

7 Zienswijzennota Sanjesfjild

voor het Corona tijdperk). Samen met de provincie en dorpsbelangen wordt gekeken hoe tot een nog verdere afname van het “doorrijverkeer” kan worden gekomen. Bij de aanleg van de traverse Trynwâlden is dus rekening gehouden met de ontwikkeling van dit bedrijventerrein met de bijbehorende verkeersbewegingen (berekend volgens de CROW publicatie op 235 voertuigen per etmaal) en de kruising is hier in het verleden op aangepast. Samen met de provincie is de inspanning er nog steeds op gericht om “doorrijverkeer” zoveel mogelijk gebruik te laten maken van de nieuw aangelegde Centrale As. De traverse Trynwâlden is en blijft echter wel bedoeld voor bestemmingsverkeer en daar hoort ook de ondernemer bij die zich op een lokaal bedrijventerrein heeft gevestigd. Gelet op de aard van de te vestigen bedrijven zullen dit overigens geen grote verkeersaantrekkers zijn en de infrastructuur is dusdanig ingericht dat dit verkeer op verantwoorde wijze kan worden afgehandeld.

Conclusie In het bestemmingsplan is voldoende rekening gehouden met het extra verkeer van en naar het bedrijventerrein. Het gaat dan om lokaal bestemmingsverkeer dat prima via de al aangepaste infrastructuur kan worden afgehandeld. Er is geen aanleiding om op basis van dit argument het bestemmingsplan hiervoor aan te passen.

Argument 5: Het huidige menpad moet behouden blijven Een deel van het huidige menpad zal straks over het bedrijventerrein lopen. Gevraagd wordt om het menpad in de huidige vorm te behouden.

Beoordeling gemeente Het ruiter- en wandelpad zal via een groene lob over het bedrijventerrein worden geleid. Dit betekent dat alleen de laatste 100 meter van het oorspronkelijke vanaf de Canterlandseweg tot aan de Sanjesreed in landelijk gebied gelegen ruiter- en wandelpad (circa 2 kilometer) wijzigt. Van een onevenredige verslechtering van de recreatieve en landschappelijke kwaliteit van het ruiterpad is geen sprake. Dit is ook met de paardensportvereniging besproken. Er lopen meerdere delen van het ruiterpad via de openbare weg en dat is volgens de paardensportvereniging geen probleem. Het ontwerp is ten opzichte van het voorontwerp aangepast waardoor de groenstructuur langs de zuidkant van het plangebied wordt gelegd. Over de feitelijke invulling van deze groenstructuur is aan de beide dorpsbelangen en de Actiegroep het voorstel gedaan om hier verder met elkaar over te spreken. Dit biedt de mogelijkheid om nog een deel van het ruiterpad door de groenzone te laten lopen zodat alleen voor de aansluiting op de Sanjesreed gebruik moet worden gemaakt van de weg over het bedrijventerrein. Voor wandelaars onderzoeken we ook nog steeds of er ook een rechtstreekse verbinding met de Rengersweg kan worden gelegd.

8 Zienswijzennota Sanjesfjild

mogelijke alternatieve routes ruiterpad

Conclusie Het ruiterpad blijft bestaan en hiervan zal slechts 100 meter worden aangepast. Er is geen aanleiding om het bestemmingsplan vanwege dit argument anders vast te stellen.

9 Zienswijzennota Sanjesfjild

2.2 Zienswijze dorpsbelang Gytsjerk De zienswijze van dorpsbelang Gytsjerk is binnen de termijn binnengekomen (12 januari 2021) en van handtekeningen voorzien. De zienswijze is ontvankelijk. Dorpsbelang deelt mee dat -zeker met de laatste aanpassingen betreffende de groene rander een goed plan ligt dat voorziet in de behoefte aan bedrijventerrein in de Trynwâlden en dat goede landschappelijke inpassing mogelijk maakt. Wel worden er nog een aantal opmerkingen gemaakt m.b.t. deze inpassing, de lichtuitstraling, de bedrijfscategorie en de maatvoering.

Opmerking 1: landschappelijke inpassing

Hoewel de voorgenomen groenstrook een verbetering is, is de aard van de inpassing niet geborgd. Dorpsbelang pleit daarom in ieder geval voor het leggen van de bestemming “Bos” in plaats van “groen-groenvoorziening” op de buitenkant van de groenstrook zodat vanuit Gytsjerk het zicht op de toekomstige bedrijfsbebouwing goeddeels weg wordt genomen. Verderop in de zienswijze wordt nog opgemerkt dat met een goede opgaande beplanting ook lichthinder vanaf het bedrijventerrein kan worden voorkomen. Gewezen wordt dan met name op de ver schijnende koplampen op het rondgaande weggetje. Beoordeling gemeente De wens om met de bestemming “Bos” het zicht op de bedrijfsgebouwen vanuit het dorp goeddeels weg te nemen kan ook met de in het ontwerp opgenomen bestemming groengroenvoorziening. Immers binnen deze bestemming is het toegestaan om groenvoorzieningen aan te leggen, waaronder ook opgaande beplanting wordt gerekend. Wij zijn van mening dat de bestemming Groen – groenvoorziening een adequate bestemming is voor de gewenste landschappelijke inpassing. De landschappelijke inpassing is niet via een voorwaardelijke bepaling geregeld omdat de gemeente het gebied zelf zal inrichten inclusief de wadi’s en de groene scheg. De gemeente zorgt dus voor een landschappelijke inpassing en is daarbij niet afhankelijk van de bereidheid van derden.

In ons gesprek hebben wij de bereidheid aangegeven om met een afvaardiging van de dorpsbelangen en de Actiegroep de exacte invulling van deze bestemming te bespreken. Wij denken dat wij samen tot een mooie inrichting van dit gebied kunnen komen. Zouden wij nu al een voorwaardelijke bestemming opnemen, dan vinden wij dat wij op deze afspraak vooruitlopen. Overigens maakt opgaand groen zeker onderdeel uit van de invulling van het gebied. Het stedebouwkundig bureau ziet bijvoorbeeld Zwarte Els langs de kwelsloten als een landschappelijk geschikte invulling. Conclusie: De bestemming groen-groenvoorziening maakt opgaande beplanting mogelijk en de dorpsbelangen en de Actiegroep is aangeboden om samen tot een mooie inrichting van dit gebied te komen. De gemeente zorgt voor de aanleg en onderhoud van dit gebied en daarmee is de inrichting van deze zone voldoende geborgd en op de wensen van de betrokken partijen afgestemd. De opmerking leidt niet tot een gewijzigde vaststelling van het bestemmingsplan.

10 Zienswijzennota Sanjesfjild

Opmerking 2: Lichtplan

Dorpsbelang Gytsjerk vraagt om in de bedrijfsbestemming een bepaling op te nemen dat een te vestigen bedrijf een lichtplan overlegt alvorens te mogen bouwen. Dit lichtbeleid is bedoeld om de duisternis in het buitengebied zoveel mogelijk te behouden (overeenkomstig het lichtbeleid van de gemeente voor veestallen). Beoordeling gemeente De huidige regelgeving geeft geen duidelijke afstandsnormen voor het voorkomen van effecten door kunstmatige verlichting. Gelet op de aard van het bedrijventerrein en de afstand tot de woonbebouwing (ruim 500 meter) zou mogelijke lichthinder in dit geval kunnen bestaan uit horizonvervuiling. De gemeente heeft geen gebieden aangewezen om de duisternis of het donkere landschap te beschermen (donkertebeleid). De gemeente heeft wel een beleidsnotitie lichthinder. Die notitie is specifiek gericht op het gebruik van kunstlicht in open stallen bij veehouderij en heeft geen betrekking op bedrijventerreinen. In het oorspronkelijk stedebouwkundig plan staat hierover geschreven: “Het bedrijventerrein

is gesitueerd in een gebied waar omliggende bebouwing en infrastructuur al een behoorlijke inbreuk geven op het “donkerte”. De Aanleg van een kleinschalig bedrijventerrein zal nauwelijks leiden tot een grotere inbreuk in dit gebied.” Op de lichtemissiekaart 2018 (Atlas van de leefomgeving) is te zien dat er weinig lichtemissie in dit gebied is. Ook nu is het gebied niet geheel donker vanwege de bebouwing langs de Rengersweg, de bebouwing aan de Sanjesreed en de openbare straatverlichting langs de Sanjesreed. Door het bedrijventerrein zal de lichtemissie wellicht iets toenemen, maar nog steeds beperkt blijven (vergelijkbaar met het bedrijventerrein Aldtsjerk waarbij de lichtemissie ook tussen de 5-25 e-10 watt/cm2/steradiaal blijft).

Lichtemissie in 2018 in de buurt van Sanjesreed, bron Atlas van de leefomgeving

Net zoals bij andere bedrijventerreinen, zien wij geen aanleiding om voor dit bedrijventerrein de duisternis via ruimtelijk beleid te borgen. Het gebied blijft voldoende donker en horizonvervuiling door licht zal ook al deels via de omliggende groenbestemming worden beperkt. Verder zal de gemeente terughoudend zijn bij het aanbrengen van straatverlichting. 11 Zienswijzennota Sanjesfjild

Voor ondernemers geldt, dat wij ze op de zorgplicht uit het Activiteitenbesluit wijzen en dat bij misstanden hiertegen kan worden opgetreden. Conclusie Deze opmerking geeft geen aanleiding tot aanpassing van het bestemmingsplan.

Opmerking 3: Agrarisch dienstverlenend bedrijf

Gevraagd wordt om de bedrijfsbestemming te verruimen zodat een agrarisch dienstverlenend bedrijf in het westelijk plandeel mogelijk wordt. Beoordeling gemeente Zoals in de toelichting van het bestemmingsplan onder paragraaf 6.3.1 (Algemeen) wordt aangegeven geldt op grond van de SVBP 2012 een vaste indeling. Dit houdt in dat een agrarisch dienstverlenend bedrijf een specifieke bestemming is onder de hoofdgroep “bedrijf” en volgens deze systematiek niet mag worden ondergebracht in de verzamelde hoofdgroep “bedrijven” met een bijbehorende bedrijfslijst. Los van de plansystematiek vinden wij de bestemming “agrarisch dienstverlenend bedrijf” op dit bedrijventerrein niet passend. Zo is onder andere met het verkleinen van het bedrijventerrein ook de gewenste afstand tot dichtstbijzijnde bedrijfswoning niet te halen. Een agrarisch dienstverlenend bedrijf dient een centrale positie binnen zijn landelijk werkgebied te hebben en niet een locatie op een bedrijventerrein waarbij, om het werkgebied te kunnen bereiken, altijd met zwaar en groot materieel via de bebouwde kom moet worden gereden. Welk bedrijf en welke bedrijfscategorie op dit bedrijventerrein kan worden toegestaan is afgestemd met de Zakenclub en met de omgeving.

Een agrarisch dienstverlenend bedrijf past hier gelet op de aard van het bedrijf, de aard van het bedrijventerrein, het karakter van de omgeving en de ligging van het werkgebied van een dergelijk bedrijf niet thuis. Wij vinden dat een vestiging van dit soort bedrijven in bijvoorbeeld een vrijkomende boerderij veel meer voor de hand ligt. Conclusie Omdat wij de bestemming agrarisch dienstverlenend bedrijf niet passend vinden op een bedrijventerrein is er geen aanleiding om naar aanleiding van deze opmerking het bestemmingsplan aan te passen. Opmerking 4: ruimere bouwvlakken en maatvoering

Vanwege de planflexibiliteit wordt gevraagd de bouwvlakken te combineren tot een bouwstrook. Daarnaast wordt vanuit een doelmatige benutting van het bedrijventerrein geen noodzaak gezien tot het opnemen van een minimale en maximale hoogte van de dakhelling maar kan met één hoogtemaat worden volstaan. Dorpsbelang vindt een hoogte van 8 meter dan verkieslijker.

12 Zienswijzennota Sanjesfjild

Beoordeling gemeente Door Drive! 3d en MBY landschapsarchitectuur is een op de locatie afgestemd stedebouwkundig en landschappelijk plan opgesteld. Hoewel door aanpassing van het bestemmingsplan en door wetgeving en raadsbesluiten niet alle onderdelen van dit plan meer zullen worden uitgevoerd, is de stedebouwkundige opvatting niet gewijzigd. In tegenstelling tot andere bedrijventerreinen waar inderdaad wel met grote bouwvlakken en ruimere bouwvoorschriften wordt gewerkt, is de gemeente van mening dat voor deze locatie meer ruimtelijke regie nodig is op het gebied van: - wisselwerking met de openbare ruimte; - aansluiting op de bestaande bebouwing; - de overgang van bebouwd naar het open gebied; - bebouwingshoogtes; - samenhang en waar nodig wandvorming of juist openheid; - afstanden van bebouwing tot de perceelsgrens. Het bedrijventerrein moet een ensemble van losse gebouwen zijn waarbij de samenhang wordt gezocht in schaal, maat en ritmiek. Om dit doel te kunnen bereiken wordt er met een systeem van meer sturende bouwvlakken, rooilijnen, richting en maatvoering gewerkt. Dit gaat wellicht ten koste van de planflexibiliteit maar het leidt wel tot de gewenste stedebouwkundige structuur. Door te werken met bouwvlakken wordt voorkomen dat het gehele terrein als een gesloten blok in het open landschap verschijnt.

De maatvoering van de bouwvlakken is nog wat vergroot maar sluit – in combinatie met een maximaal bebouwingspercentage – nog steeds aan bij de gewenste maat en schaal en de korrelgrootte passend bij de omgeving. Wij staan, vanuit de ruimtelijke afweging nog steeds achter deze maatvoering. Overigens is het plan ook afgestemd op de vraag van de bedrijven die graag naar het bedrijventerrein willen. Een belangrijk uitgangspunt bij de vormgeving van de gebouwen is altijd het schuurtype geweest. Een blokvormig gebouw afgedekt met een kap is zowel in de agrarische setting als in een dorp een passende bouwvorm. Daarnaast zal de kaprichting voor samenhang en richting in het gebied zorgen. Het vrijlaten van de goothoogte en dakhelling zou ook “platte dozen architectuur” mogelijk maken en dat vinden wij op deze locatie niet passend. De maximale dakhelling bedraagt 30 graden. Dat betekent dat de maximale gebouwhoogte van 10 meter alleen gehaald kan worden bij een goot van 7 meter en een breedte van het gebouw van 20 meter. Bij minder brede gebouwen zal -om de maximale dakhelling niet te overschrijden- de bouwhoogte altijd al lager zijn. Ook gebouwen met een lagere goothoogte zullen gelet op de maximale dakhelling een lagere bouwhoogte krijgen. Daar zal ook in het kader van een goede vormgeving op worden gelet.

Conclusie: In dit bestemmingsplan is om meer te kunnen sturen de ruimtelijke regie verkozen boven planflexibiliteit. Een maximale bouwhoogte van 10 meter zal gelet op het samenstel van goothoogte, maximale dakhelling, bouwrichting en diepte van het bouwvlak veelal niet worden gehaald maar waar dit gelet op een goede vormgeving mogelijk is, wordt dit aanvaardbaar gevonden. Deze keuzes zijn weloverwogen gemaakt en deze opmerking is geen aanleiding om het bestemmingsplan aan te passen.

13 Zienswijzennota Sanjesfjild

2.3 Zienswijze dorpsbelang Oentsjerk

De zienswijze van dorpsbelang Oentsjerk is binnen de termijn via de mail binnengekomen (20 januari 2021). De zienswijze was niet voorzien van handtekeningen. Omdat de identiteit van de indiener van de zienswijze de gemeente afdoende bekend is en het een duidelijk kenbaar formeel gebrek betrof, is de indiener van deze zienswijze alsnog in de gelegenheid gesteld om de zienswijze van de vereiste handtekeningen te voorzien. De zienswijze is daarmee ontvankelijk. Dorpsbelang schrijft dat het plan niet meer zal voldoen aan de nieuwe dorpsvisie. Ook vinden zij de communicatie gebrekkig, vinden zij dat in de omgevingsvisie over dit plan een afweging moet worden gemaakt en is natuur en landschap onvoldoende afgewogen. Tenslotte stellen ze een compromis voor dat in combinatie met andere nog aanwezig stedelijke invullocaties kan worden ontwikkeld. Argument 1: plan sluit niet aan op de dorpsvisie

Dorpsbelang schrijft dat zij een nieuwe dorpsvisie in voorbereiding hebben die in de Algemene Ledenvergadering is besproken en in de komende ALV zal worden vastgesteld. In deze visie is geen ruimte voor het plan Sanjesfjild maar wel voor een kleinschaliger variant. Beoordeling gemeente Al eerder hebben wij in de inspraaknotitie erop gewezen dat er geen sprake is van een oud of nieuw plan maar van een bestaand plan. Het bedrijventerrein Sanjesfjild is door de economische crisis en het feit dat de gemeente vanwege provinciaal beleid geen planologisch bestemde bedrijfsgrond op voorraad mocht hebben nog niet tot ontwikkeling gekomen. De gemeente is echter nooit gestopt met het aanbieden van de bedrijfslocatie. Deze staat vanaf 2010-2011, na besluitvorming door de gemeenteraad, op de website van de gemeente, inclusief het stedenbouwkundig plan dat daarbij hoort. Het college heeft daartoe de grondpositie voor de aanleg van Sanjesfjild ingenomen. Nu meerdere bedrijven zich hebben gemeld, is er geen reden meer om per kavel het bestemmingsplan te herzien maar kan in één keer het grotere gebied geëxploiteerd worden. De gemeente heeft de samenleving altijd nauw bij de visie-, plan- en besluitvormingsprocessen betrokken. Bij het argument “communicatie en processtappen” zullen wij hier verder op ingaan. In de huidige nog geldende dorpsfisy “Tryntsjes Dream” is o.a.

de volgende visie op bedrijvigheid en economie te lezen: -

Er moet voldoende ruimte zijn voor bedrijvigheid op een kleinschalig bedrijventerrein; Oentsjerk mag geen slaapdorp worden. Een combinatie van werken en wonen wordt als het meest ideaal gezien; Om bestaande ondernemers in het dorp te houden moet hiervoor ruimte worden gecreëerd en dit zal de leefbaarheid van het dorp positief beïnvloeden.

Over Sanjesfjild is de volgende noot opgenomen:

14 Zienswijzennota Sanjesfjild

De in de noot genoemde ontsluiting is mee op basis van de advisering van de werkgroep Traverse Trynwâlden aangepast en in 2010 heeft dorpsbelang meegeholpen bij de keuze van het stedebouwkundig concept. Verder is er bij de tweejaarlijkse bezoeken van het college van B&W bij dorpsbelang Oentsjerk, waarbij de relevante zaken uit de dorpsvisie worden besproken, geen signaal gekomen vanuit het bestuur van dorpsbelang dat er gewijzigde inzichten zijn ten aanzien van het beoogde bedrijventerrein. Dorpsbelang is altijd nauw bij de ontwikkeling betrokken geweest en hebben het bedrijventerrein altijd als een goede ontwikkeling gezien. Ook is dorpsbelang begin 2018 op de hoogte gesteld van het starten van de procedure. Pas nadat de raad begin 2018 met een startdocument heeft besloten het college opdracht te geven om het plan op te stellen en in procedure te brengen, heeft dorpsbelang kenbaar gemaakt hierover een andere mening te hebben. De gemeente heeft met de dorpsbelangen een werkwijze (wurkwizer) afgesproken waarbij een ieder op basis van zijn eigen bevoegdheden elkaar bij relevante zaken betrekt en elkaar hierover informeert. Er is echter ook de ruimte om het niet met elkaar eens te zijn of – zoals hier het geval- het in een later stadium niet met elkaar eens te zijn. De vraag is dan wel altijd, wat de inhoudelijke gronden zijn waarom iemand van mening is veranderd.

Alleen het feit dat het nu niet meer 2006-2017 is (toen was dorpsbelang nog voor) maar 2021, kan geen reden zijn. De zienswijze zal een verklaring voor het gewijzigde standpunt (moeten) bevatten en deze verklaring zullen wij hierna behandelen. Met betrekking tot de dorpsvisie merken wij op dat dit geen juridisch document is en dat dorpsbelang geen wettelijke bestuurslaag is. Nog afgezien van de vraag of het verstandig is om tijdens een bestemmingsplanproces een hiermee conflicterende dorpsvisie vast te willen stellen (dat is een keuze van dorpsbelang) is het ook niet relevant of de nieuwe visie al is vastgesteld. Voor alle duidelijkheid, wij maken deze opmerkingen in staatsrechtelijke zin waarmee wij niet willen afdoen aan een nieuwe dorpsvisie of de vereniging. De Wro kent de gemeenteraad de bevoegdheid toe om bestemmingen aan te wijzen en regels te geven die vanuit een goede ruimtelijke ordening nodig zijn. De raad heeft daarbij beleidsruimte en moet de betrokken belangen afwegen. Daarbij gaat het erom of de raad zich in redelijkheid op het standpunt heeft kunnen stellen dat het plan strekt ten behoeve van een goede 15 Zienswijzennota Sanjesfjild

ruimtelijke ordening. De gemeente maakt daarbij een brede afweging waarbij niet alleen de belangen van dorpsbelang Oentsjerk maar o.a. ook de belangen van dorpsbelang Gytsjerk, de Zakenclub, de individuele bedrijven die zich hier graag willen vestigen en het algemeen economisch belang een rol spelen.

Conclusie: De gemeente neemt kennis van de aankondiging dat Dorpsbelang Oentsjerk met een nieuwe dorpsvisie bezig is. De bevoegdheid om een bestemmingsplan vast te stellen komt toe aan de gemeenteraad en bij het zorgvuldig afwegen van de betrokken belangen zal de inhoud van de zienswijze van Dorpsbelang Oentsjerk worden betrokken.

Argument 2: Communicatie en processtappen

Volgens dorpsbelang heeft de gemeente onvoldoende gecommuniceerd. Het plan van 2009 heeft de instemming gehad van het toenmalig bestuur maar de aanpassingen van de zogenaamde welstandscriteria zijn eenzijdig. Hierdoor is volgens dorpsbelang de benodigde investering in opstallen aanzienlijk gedaald en is de interesse van ondernemerszijde toegenomen. Het hierna opgestelde voorontwerp bestemmingsplan sloot volgens dorpsbelang niet aan bij de maatschappelijke inzichten op diverse gebieden. Aan de intentie van dorpsbelang om een breed gedragen plan te komen heeft het college niet mee willen werken en dit wordt als bestuurlijk onverantwoord gezien en het getuigt ervan dat dorpsbelang niet als volwaardige gesprekspartner wordt gezien. Het is ook niet in lijn met de toekomstige Omgevingswet. Dorpsbelang had graag met alle partijen om tafel willen gaan om tot een compromisvoorstel te komen. Er zijn uiteindelijk wel gesprekken met alle partijen gevoerd maar dit heeft niet geleid tot fundamentele aanpassingen van het plan.

Beoordeling gemeente De raad heeft als onderdeel van een actieve verkoopstrategie van bedrijfskavels in november 2015 gesproken over het wegnemen van belemmeringen en onkostenverhogende voorwaarden. Voor Sanjesfjild heeft dat na een latere heroverweging inderdaad geleid tot een ontwerpwelstandsnota welke nu gelijktijdig ter inzage is gelegd waarbij niet is opgenomen dat de gevels van hout moeten zijn, op het zuidelijk dakvlak geen zonnepanelen hoeven en dat het noordelijk dakvlak geen vegetatiedak hoeft te zijn. Het is niet verkeerd om te lezen dat hierdoor de interesse van ondernemerszijde is toegenomen. Dat was juist ook de bedoeling die de raad bij deze heroverweging heeft gehad. Op grond van artikel 12a Woningwet stelt de gemeenteraad een welstandsnota vast, inhoudende beleidsregels aan de hand waarvan wordt beoordeeld of een bouwwerk niet in strijd is met de redelijke eisen van welstand. Op grond van artikel 12a sub 2 en artikel 12 lid 4 van de Woningwet betrekt de gemeenteraad ingezetenen en belanghebbenden bij de voorbereiding van dit besluit. Dat is de reden waarom de nota nu samen met het bestemmingsplan ter inzage ligt en hierop kan worden gereageerd. Dorpsbelang meldt dit als

16 Zienswijzennota Sanjesfjild

een eenzijdig proces te ervaren maar voert geen inhoudelijke argumenten aan tegen de ontwerp welstandsnota terwijl daarvoor nu wel de gelegenheid was. Wanneer gekeken wordt naar de concessies die welstandshalve zijn gedaan, dan vinden wij dat de opgenomen criteria nog steeds ”redelijke eisen van welstand” betreffen. Dit wordt in de toelichting op de welstandsnota ook uitgelegd, Met het bestemmingsplan en de nota voert de gemeente voor dit gebied een behoorlijk stringente ruimtelijke regie. Een duurzaamheidseis voor zonnepanelen op het zuidelijk dakvlak zou uiteindelijk nooit in een welstandsnota zijn opgenomen omdat dit geen welstandscriterium is. Bij het mogelijk voorschrijven van een vegetatiedak speelden ook duurzaamheidsargumenten. De dakvlakken zijn echter niet nodig om water in het gebied vast te houden omdat er voldoende groene ruimte is om het water in het gebied te bufferen en te laten infiltreren. Verder staan tegenwoordig in het Bouwbesluit eisen opgenomen voor milieueffecten van materiaal (gedurende de gehele levenscyclus) en gaat de energieprestatienorm er al van uit dat minstens 50% hernieuwbare energie wordt gebruikt. Met de aanpassing van de Gaswet zullen kleingebruikers ook geen gasaansluiting meer krijgen en dit noodzaakt ook tot energiezuinigheid en een groter gebruik van hernieuwbare energie.

Tenslotte is de eis om hout als gevelbekleding voor te schrijven niet in de welstandsnota overgenomen. Wel was al eerder als kleur voor het materiaal voor zwart/antraciet gekozen. In de welstandsnota is nu als criterium opgenomen dat voor de gevels ook glad plaatmateriaal (zonder profiel) is toegestaan in een donker antraciet of zwarte kleurstelling. De verbeterde kwaliteit van plaatmateriaal zorgt voor een uitstraling die voldoet aan de redelijke eisen van welstand. Dit, in combinatie met de goede isolerende eigenschappen, de prijs van het materiaal en de verminderde onderhoudskosten hebben geleid tot een aanpassing van dit welstandscriterium. Het verwijt dat de gemeente onvoldoende heeft gecommuniceerd is niet nieuw. In de notitie Inspraak en overleg hebben wij in chronologische volgorde (en zonder volledig te zijn) aangegeven welke stappen zijn ondernomen. Ook tussen de voorontwerp- en de ontwerpfase is er nog meermaals overleg geweest. Wij zien juridisch geen aanleiding om in deze zienswijzennota hierover weer een lang verweer te schrijven. Wij volstaan met mee te delen dat wij op de wettelijk vereiste momenten de gelegenheid tot inspraak en het indienen van een zienswijze hebben geboden. Dat geldt zowel voor het bestemmingsplan als voor de welstandsnota die gelijktijdig ter inzage heeft gelegen. Er bestaat volgens ons een fundamenteel verschil van inzicht in bevoegdheden.

Zoals hiervoor al geschreven, stelt de raad een bestemmingsplan vast. De besluiten die hiervoor moeten worden genomen worden voorbereid door het college. Het college handelt dus in opdracht van de gemeenteraad. Bij de voorbereiding van die besluiten worden belanghebbenden betrokken en zijn belanghebbenden in de gelegenheid om in te spreken en zienswijzen in te dienen. Het is niet de rol en de bevoegdheid van het college om een dergelijk proces te staken, de voorbereiding uit handen te geven of af te laten hangen van de stemming van een Algemene ledenvergadering van een vereniging. Dat is in strijd met ons rechtsstelsel, doet geen recht aan de bevoegdheid van de raad en doet de belangen van anderen die wel baat hebben bij dit bestemmingsplan geen recht. Het college heeft gehoord en geluisterd en stelt de raad hiervan op de hoogte. De raad heeft tijdens de genoemde excursie ook gehoord, geluisterd en gekeken. Uiteindelijk zal de raad de belangen wegen en een besluit nemen over de vaststelling van het bestemmingsplan en de welstandsnota. 17 Zienswijzennota Sanjesfjild

Dorpsbelang veronderstelt dat het bij de toekomstige Omgevingswet anders gaat. Ook dan betekent participatie niet dat een ieder met een project moet instemmen en staat participatie niet gelijk aan draagvlak. Belangen en uitgangsposities kunnen ook onder de Omgevingswet verschillend zijn. Naar elkaar luisteren betekent niet dat er voor iedereen een wenselijke en gedragen oplossing komt. Ook onder de Omgevingswet zullen argumenten en belangen moeten worden afgewogen en zal er een besluit moeten volgen.

Conclusie: In een bestemmingsplanproces kan en mag ook de constatering zijn dat niet iedereen het met elkaar eens is. Procesmatig is alles zorgvuldig en correct verlopen. Het bestemmingsplan is op juiste wijze voorbereid en de argumenten zijn voldoende uitgewisseld. De bevoegdheid om een bestemmingsplan en welstandsnota vast te stellen komt toe aan de gemeenteraad en bij het zorgvuldig afwegen van de betrokken belangen zal de inhoud van de zienswijze van Dorpsbelang Oentsjerk worden betrokken.

Argument 3: inhoudelijke bedenkingen

Dorpsbelang is van mening dat aan de verkleining van het plangebied een verkeerd (juridisch) motief ten grondslag ligt en dat het plangebied later weer vergroot kan worden. De visie van dorpsbelang is dat ondernemers een kleinschalige plek kan worden geboden waarbij zoveel mogelijk groen kan worden behouden. Dorpsbelang vindt dat eerst een regionale omgevingsvisie moet worden opgesteld die aansluit bij de actuele maatschappelijke inzichten (o.a. op het gebied van leefbaarheid en duurzaamheid, PAS en PFAS, biologische veehouderij, de bescherming van flora en fauna en het toekennen van subsidie voor de ecologische ontwikkeling van het ruiterpad). Tenslotte vraagt dorpsbelang zich mee gelet op de Coronacrisis af, of de behoefte aan een bedrijfskavel nog wel actueel is. Zij dringt aan op schriftelijk vastgelegde opties, financiële onderbouwing van de ondernemer en een verbod op speculatie.

Commentaar gemeente Het besluit dat nu genomen moet worden gaat over het plangebied dat nu voorligt. Van de aansluitende gronden verandert de bestemming niet. Het plangebied is ten opzichte van het voorontwerpbestemmingsplan verkleind. Daarmee wordt tegemoet gekomen aan de visie van dorpsbelang en wordt het groen (de weilanden) zoveel mogelijk behouden. De omvang van het bedrijventerrein is op de te faciliteren vraag afgestemd. Hier zullen wij later op terugkomen. De Omgevingswet zal mogelijk 1 januari 2022 ingaan. Gemeenten krijgen de tijd om binnen 3 jaar na inwerkingtreding van deze wet een omgevingsvisie (een lange termijn visie) vast te stellen. Voor een omgevingsplan krijgt de gemeente tot en met 2029 de tijd. Het overgangsrecht bepaalt dat tot die tijd het huidige beleid blijft gelden en bestemmingsplannen worden aangemerkt als tijdelijk omgevingsplan. De nieuwe wetgeving betekent gelukkig niet dat alles moet worden stilgelegd. Ook betekent de nieuwe wetgeving 18 Zienswijzennota Sanjesfjild

niet dat alles anders moet worden geregeld (een deel van de oude regels gaat als bruidsschat over) of dat de wet zelf oproept tot andere keuzes. Ook met de huidige wetgeving moet rekening worden gehouden met actuele maatschappelijke onderwerpen als stikstofemissie, de regels omtrent PFAS (er is een nieuw bodemonderzoek uitgevoerd waarbij met deze nieuwe norm rekening is gehouden) en de flora en fauna is uitvoerig onderzocht (tot en met de e-DNA onderzoek naar de gestreepte waterroofkever). Bij het bestemmingsplan is als onderdeel van de laddertoets onderzoek gedaan naar de behoefte aan bedrijventerrein. Bij dit onderzoek is ook gebruik gemaakt van het onderzoek dat gemeenten in regionaal verband hebben uitgevoerd en waarover ook een convenant met de provincie is afgesloten. De gemeente verleent pas opties op kavels wanneer het bestemmingsplan is geregeld en de kavels bouwrijp kunnen worden uitgegeven. Zolang dit niet is geregeld kan de gemeente geen recht op een toekomstige aankoop verlenen. De Zakenclub zorgt voor de registratie van de belangstellende bedrijven. Vanwege de Algemene Verordening Gegevensbescherming is het niet toegestaan dat deze gegevens worden verstrekt maar de gemeente kan bevestigen dat er lokale bedrijven op de lijst staan en dat de belangstelling zo groot is dat er inmiddels ook een wachtlijst is aangelegd.

Het gaat veel te ver om van een bedrijf hiervoor een financiële verantwoording te eisen of in dit stadium al een anti-doorverkoop bepaling op te nemen. Het Bro schrijft voor dat de behoefte aan de nieuwe stedelijke ontwikkeling wordt beschreven. Van de gemeente kan en hoeft niet te worden verwacht dat aangetoond wordt dat de kavels al zijn verkocht en dat de bedrijven financieel zijn doorgelicht. Van de Zakenclub hebben wij begrepen dat zij dorpsbelang wel tot op zekere hoogte inzicht hebben gegeven en van een aantal bedrijven weten wij dat zij dorpsbelang hebben laten weten graag naar Sanjesfjild te willen. Hoewel de Corona-crisis iedereen raakt en de economische gevolgen door de aan sommige bedrijfstakken geboden staatsteun wellicht nog niet in volle omvang zichtbaar is, wordt Sanjesfjild niet ontwikkeld voor horeca en winkels. De bedrijven die hierheen willen hebben tijdens de Corona-crisis niet stilgelegen maar zijn gewoon in bedrijf geweest.

Conclusie: Het bestemmingsplan dat nu ter besluitvorming voorligt heeft uitsluitend betrekking op het plangebied en is voorbereid overeenkomstig de op dit moment geldende actuele wetgeving. Er is geen enkele wettelijke grondslag of aanleiding om nieuwe wetgeving af te wachten of daarbij te veronderstellen dat het vraagstuk dan anders zou zijn of dat dan andere keuzes moeten worden gemaakt. Er is behoefte aan een bedrijventerrein in de Trynwâlden en de locatie aan de Sanjesreed is uit een planologische verkenning als de beste locatie naar voren gekomen. Het tijdsverloop heeft hier niets aan veranderd. Ook lezen wij in de zienswijze geen gewijzigde omstandigheden op basis waarvan het gewijzigd standpunt van dorpsbelang kan worden verklaard en waarom ook de gemeente een ander standpunt in zou moeten nemen. Het terrein was altijd weiland en de natuurwaarden zijn onderzocht en niet toegenomen. Met nieuwe ontwikkelingen en rechtspraak is rekening gehouden en een toekomstige nieuwe wet maakt niet dat alle ontwikkelingen stilgelegd moeten worden. De behoefte is overeenkomstig het Bro omschreven en aan bedrijven die graag naar Sanjesfjild willen kunnen in dit stadium geen verplichtingen worden opgelegd. Het argument geeft geen aanleiding om het bestemmingsplan aan te passen. 19 Zienswijzennota Sanjesfjild

Argument 4: het compromisvoorstel

Dorpsbelang legt als onderdeel van het compromisvoorstel een kleinschalig bedrijventerrein voor ten behoeve van een zevental woonwerk locaties aansluitend aan de bestaande bebouwing gebouwd met rode baksteen en hout. De constructie van de daken moeten zonnepanelen kunnen dragen. Onderdeel van de plannen is ook een eco-dorpstuin. De resterende ondernemingen moeten een plek vinden in de regio. In de bijlage heeft dorpsbelang een aantal locaties benoemd. Ook de PTC+ locatie is volgens dorpsbelang daarbij een optie. Voordeel van een kleiner bedrijventerrein is ook dat het aantal verkeersbewegingen op de Rengersweg niet al te veel zal toenemen. De doelstelling van de helft minder verkeer is nog steeds niet gehaald. Wanneer op dorpswegen de verkeersnelheid wordt verlaagd dan past vrachtverkeer niet meer in Oentsjerk en over de Rengersweg. Omdat het ontwerpbestemmingsplan en de welstandsnota niet voldoen aan de dorpsvisie en de ondernemers zich op genoeg andere locaties kunnen vestigen, wordt de gemeenteraad gevraagd het bestemmingsplan niet vast te stellen.

Beoordeling De gemeenteraad heeft de keuze gemaakt om niet bij alle dorpen in de Trynwâlden (Aldtsjerk, Gytsjerk, Mûnein, Readtsjerk, Oentsjerk, Ryptsjerk en Wyns) nieuwe bedrijventerreinen aan te leggen maar dit op één locatie te concentreren. Hieraan heeft een uitgebreide zoektocht ten grondslag gelegen waarbij meerdere partijen zijn betrokken. Eén ruimtelijke ingreep is passender dan 7 ingrepen en betekent ook dat openbare ruimte kan worden “gereserveerd en gefinancierd” om de landschappelijke ingreep te verzachten. Tegenover 2 hectare uitgeefbaar bedrijventerrein staat 1 hectare die wordt gebruikt om het bedrijventerrein in te passen, te verbinden met het bestaande lint en het ook een toegankelijk verblijfsgebied te maken. Uiteraard zou een kleiner bedrijventerrein ook inpasbaar zijn. Hiermee kan echter niet aan de totale vraag aan bedrijfskavels worden voldaan. De zienswijze bevat daarom ook andere locaties waar volgens dorpsbelang nog ruimte is voor de bouw van loodsen. De raad dient bij de keuze van een bestemming een afweging te maken van alle belangen die betrokken zijn bij de vaststelling van het plan. De raad heeft daarbij beleidsruimte. De voor-en nadelen van de alternatieven dienen in die afweging te worden meegenomen.

De alternatieven moeten voldoende concreet en tijdig kenbaar zijn en ten tijde van de vaststelling van het bestemmingsplan op de op dat moment bekende gegevens op ruimtelijke aanvaardbaarheid zijn beoordeeld. Allereerst wordt opgemerkt dat de zoektocht naar een terrein voor bedrijven juist was bedoeld om het aanbod in de Trynwâlden te concentreren om niet overal ruimtelijke ingrepen te doen. Het alternatief voldoet niet aan dit beleidsuitgangspunt. Verder wordt in zijn algemeenheid opgemerkt dat gronden die voor Sanjesfjild nodig zijn reeds jaren geleden door de gemeente zijn verworven. De alternatieve locaties zijn niet in eigendom van de gemeente, de gronden hebben een andere bestemming en de gronden zijn niet beschikbaar of het is onzeker of deze gronden wel beschikbaar zijn. Verder zijn er geen gegevens bekend op basis waarvan de ruimtelijke aanvaardbaarheid van de alternatieven al is beoordeeld. 20 Zienswijzennota Sanjesfjild

Hieronder zullen wij de genoemde alternatieven afwegen. Hoewel er een uitvoerige laddertoets is uitgevoerd, zullen wij deze laddertoets aanvullen met de specifieke door dorpsbelang aangevoerde locaties.

Locatie 1: Sanjesfjild Dit is het beoogde bedrijventerrein waarvoor het bestemmingsplan wordt vastgesteld. Over deze locatie staat in het oorspronkelijke stedebouwkundige plan: “De openheid van het gebied en de visuele “bufferwerking” daarvan tussen de noordrand van de dorpsbebouwing van Gytsjerk en de bebouwing aan de Sanjesreed en de verder naar het noorden gelegen bebouwing van de oude kern van Oentsjerk zijn zwaarwegende factoren geweest bij de afweging van de ontwikkelingsmogelijkheden van het Tussengebied en de keuze van een locatie voor een bedrijventerrein. Voor wat betreft de locatie van het bedrijventerrein is daarom heel nadrukkelijk gekozen voor aansluiting op de bestaande bebouwing langs de Rengersweg. De openheid van het gebied wordt daardoor slechts in beperkte mate aangetast, terwijl ook de beleving van de openheid van het Tussengebied, gezien vanaf de Rengersweg/Trynwâldsterdyk niet ernstig wordt verstoord.” Het bedrijventerrein is gesitueerd in een gebied waar omliggende bebouwing en infrastructuur al een behoorlijke inbreuk geven op het “donkerte”. De Aanleg van een kleinschalig bedrijventerrein zal nauwelijks leiden tot een grotere inbreuk in dit gebied.” In het compromisvoorstel wordt uitgegaan van circa 7.000 m2 uitgeefbaar bedrijventerrein terwijl circa 2 hectare nodig is. Ook zijn de kavels aanzienlijk verkleind.

Op deze wijze kan niet meer in de aangetoonde behoefte worden voorzien en op de vraag van de bedrijven worden ingespeeld.

Locatie 2: Terrein PTC+ (vroeger IPC+) in Oentsjerk

Deze locatie is in de laddertoets als bijzondere locatie in het buitengebied meegenomen. Voor een uitvoerige beoordeling van deze locatie wordt naar de laddertoets verwezen. De locatie is een praktijkboerderij (onderwijsfunctie) met bijbehorende logiesgebouwen, kantoren en aanverwante agrarische activiteiten. Het agrarisch bedrijf is vrij gekomen maar 21 Zienswijzennota Sanjesfjild

o.a. de logiesgebouwen zijn overbodig geworden. Een deel van deze gebouwen is in gebruik genomen t.b.v. wonen voor een zorgfunctie. In een ander deel vindt ook dagbesteding plaats. Voor het voorste gedeelte van de bebouwing is op dit moment geen passende functie.

foto van ptc+

De locatie is dus wel bebouwd, maar betreft geen inbreidingslocatie. Beleidsmatig wordt met een inbreidingslocatie een locatie binnen bestaand stedelijk gebied bedoeld. Als bestaand stedelijk gebied wordt aangemerkt (Artikel 1.1.1 van het Bro): ‘bestaand stedenbouwkundig samenstel van bebouwing ten behoeve van wonen, dienstverlening, bedrijvigheid, detailhandel of horeca, en de daarbij behorende openbare of sociaal culturele voorzieningen, stedelijk groen en infrastructuur’. De beantwoording van de vraag of een plangebied als een bestaand stedelijk gebied in de zin van artikel 3.1.6, tweede lid, Bro in samenhang met artikel 1.1.1, eerste lid, onder h, Bro, kan worden aangemerkt, hangt volgens de Nota van toelichting af van de omstandigheden van het geval, de specifieke ligging, de feitelijke situatie, het bestemmingsplan en de aard van de omgeving. Wanneer onbebouwde gronden een agrarische bestemming hebben leiden omstandigheden als aansluiting op bestaande bebouwing er niet toe dat sprake is van bestaand stedelijk gebied (ABRvS 29 april 2015; ECLI:NL:RVS:2015:1340). In dit geval gaat het bij de gronden met de bedrijfsbestemming om een solitaire bedrijfsfunctie in het landelijk gebied die wordt omsloten door agrarische functies. Locaties met een agrarische bestemming, worden niet aangemerkt als bestaand stedelijk gebied. Dat geldt ook voor de boerderij.

De mogelijkheden voor niet agrarische bedrijven en bedrijventerreinen zijn vastgelegd in artikel 4.1 tm 4.3 van de Verordening Romte Fryslân 2014. De mogelijkheden voor hergebruik van vrijkomende bebouwing zijn geregeld in Artikel 22 Zienswijzennota Sanjesfjild

1.2. De provincie staat in haar verordening wel hergebruik van bestaande gebouwen toe maar geen transformatie van agrarische percelen naar een bedrijventerrein met meerdere bedrijven en bedrijfswoningen. De bestaande gebouwen zijn niet toereikend en niet geschikt als vervanging van het bedrijventerrein Sanjesfjild. Na het beëindigen van de praktijkboerderij hebben de percelen een passende bestemming gekregen om de bestaande bebouwing te kunnen hergebruiken. Het bestemmingsplan bevat een beperkte planflexibiliteit om nog enige ontwikkeling/uitbreiding mogelijk te maken, maar hiermee zal nooit in dezelfde vraag kunnen worden voorzien als met de locatie Sanjesfjild kan worden gedaan. Ook moet hierbij rekening worden gehouden met de al bestaande functies op en rondom dit terrein. Ruimtelijk gezien is een bedrijventerrein hier niet passend en het sluit ook niet aan op het stedelijk gebied. Binnen de grenzen van het vigerende ruimtelijke beleid onderzoekt de eigenaar van deze locatie de ontwikkelmogelijkheden voor een nieuw gebouw met kleine huurunits. De vraag van de bij de gemeente bekende ondernemers kan hiermee echter niet gefaciliteerd worden.

De locatie is geen volwaardig alternatief voor een bedrijventerrein waarbij er vraag is naar een eigen kavel, een eigen (grotere) bedrijfsloods en waar mogelijk een bedrijfswoning en geen beperkingen door andere functies in de directe omgeving. Bedrijventerrein Sanjesfjild ligt weliswaar ook buiten bestaand stedelijk gebied maar wordt direct aangrenzend aan het bestaande bebouwd gebied ontwikkeld, zodat een ruimtelijke eenheid in woon- en bedrijfsbebouwing ontstaat. Dat past binnen het provinciale beleid voor bundeling, zoals vastgelegd in Artikel 1.1.1 van de Verordening Romte Fryslân 2014. In een ruimtelijk plan voor landelijk gebied mogen geen bouwmogelijkheden en gebruiksmogelijkheden worden opgenomen voor nieuwe stedelijke functies. In afwijking daarvan kan in een ruimtelijk plan een uitbreidingslocatie aansluitend op bestaand stedelijk gebied worden toegestaan. Met uitbreiding aansluitend op bestaand stedelijk gebied is sprake van bundeling van stedelijke functies en daarmee zorgvuldig ruimtegebruik. In de linker afbeelding hieronder is in rood het stedelijk gebied zichtbaar. In de afbeelding rechts wordt het huidig planologisch beleid getoond.

23 Zienswijzennota Sanjesfjild

Locatie 3: Rengersweg nr. 2, perceel naast appartementengebouw in Oentsjerk

In combinatie met de verbouw van de boerderij tot appartementengebouw heeft in 2018 het nabijgelegen perceel de woonbestemming gekregen om dit project financieel uitvoerbaar te maken. Op 12 november 2020 is een omgevingsvergunning verleend voor de bouw van de woning en de bouw is inmiddels in uitvoering. Alleen daarom al is dit geen alternatief.

Locatie 4: Trynwâldsterdyk/Nieuwe Straatweg naast J. Bijlsma in Gytsjerk

In de linker afbeelding is de begrenzing van het stedelijk gebied gegeven. De locatie 4 is dus buitenstedelijk. De gronden hebben een agrarische bestemming en zijn ook zo in gebruik (o.a. als paddock en voor het weiden van paarden van een aangrenzend trainings- en opleidingscentrum voor springpaarden). Met uitzondering van de donkergroene strook op de 24 Zienswijzennota Sanjesfjild

rechterplankaart (bos en fietspad) heeft de gemeente geen eigendom in dit gebied. Het perceel is niet beschikbaar en alleen daarom al is dit geen alternatief. In de laddertoets is dit ook geen binnenstedelijke locatie.

5. Percelen aan de Reade Hoas op en rondom het KI station, Gytsjerk

Deze gronden liggen in het buitengebied. De gronden sluiten ook helemaal niet aan bij de bestaande bebouwing van Gytsjerk. Op grond van gemeentelijk maar ook op grond van provinciaal beleid is in landelijk gebied dat niet direct aansluit op stedelijk gebied alleen agrarische bedrijfsactiviteit toegestaan. De gronden zijn niet in eigendom van de gemeente en dat geldt ook voor een groot deel van de weg. Bovendien is de weg niet geschikt om een bedrijventerrein te ontsluiten en liggen er ook woningen aan de weg. De locatie is geen alternatief en het is voor de laddertoets ook geen binnenstedelijke locatie.

Verkeerssituatie De Reade Hoas

25 Zienswijzennota Sanjesfjild

Locatie 6: percelen weiland tussen Canterlandseweg en Oer de Feart, Gytsjerk

Deze weilanden betreffen buitenstedelijk gebied en liggen ingeklemd tussen de woningen van Gytsjerk. De gemeente bereidt een nieuw bestemmingsplan voor Gytsjerk voor en ook in dat plan heeft het gebied net zoals in het vorige bestemmingsplan de agrarische functie. Een bedrijventerrein op deze locatie is geen passende bestemming en zal door de aanwezige woonfuncties van alle zijden beperkingen ondervinden. Ook is het gebied alleen agrarisch ontsloten. De gemeente heeft geen eigendom in dit gebied. Deze locatie is geen passend alternatief.

Locatie 7: Winkelcentrum, braakliggend perceel voor de te bouwen schuur, Gytsjerk

Situatie winkelgebied Gytsjerk

De gemeente is bezig met een nieuwe invulling van het centrum van Gytsjerk. Er zijn al een nieuwe supermarkt en een aantal andere winkels gekomen, een appartemententoren en aan de noordkant van het terrein komt ook nog een centrumgebouw waarin waarschijnlijk voorzieningen en wonen wordt gecombineerd. Er worden gesprekken gevoerd met partijen die deze locatie willen ontwikkelen. Gytsjerk is in de structuurvisie aangewezen als voorzieningenkern voor de Trynwâlden en met de modernisering van dit gebied wordt daar nu invulling aangegeven. Het is geen gebied voor een bedrijventerrein maar een gebied voor detailhandel. Deze locatie is geen passend alternatief.

26 Zienswijzennota Sanjesfjild

Locatie 8 en 9: Breedijk en Oosterdijk Ryptsjerk

De locaties aan de Breedijk en de Oosterdijk in Ryptsjerk zijn door dorpsbelang niet precies geduid maar het zijn buitenstedelijke locaties. De gronden worden agrarisch gebruikt. De gronden sluiten niet aan op een dorpskern en het is in strijd met gemeentelijk en provinciaal beleid om in het buitengebied een nieuw bedrijventerrein te beginnen. De gemeente heeft hier geen eigendomspositie. Deze locatie is geen passend alternatief.

Locatie 10: Perceel tussen spoor en autoweg bij Tytsjerk

Ook dit betreft een buitenstedelijke locatie met een agrarische bestemming. Het beleid van de gemeente is er juist op gericht om de ruimte tussen de dorpen “open” te houden en niet langs iedere autoweg of snelweg te verstedelijken. Ook is deze locatie niet centraal in de Trynwâlden en sluit de autoweg de combinatie wonen en werken uit. Een aansluiting op de autoweg is niet mogelijk en de nabijgelegen parallelweg wordt richting Hurdegaryp een fietspad (het is een belangrijke fietsverbinding van en naar Leeuwarden) en daar waar de parallelweg overgaat in een fietspad moet het verkeer via een gevaarlijke overgang de autoweg geheel oversteken en op de tegenoverliggende parallelweg weer terugrijden. Dit werkt alleen omdat er nu weinig bestemmingsverkeer is. Het liefste zou de provincie deze oversteken over een autoweg geheel kwijt zijn. Verder is de gemeente geen eigenaar van deze gronden. De locatie is geen passend alternatief.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Tytsjerksteradiel&id=bf8fb946-c048-43ff-99f1-2ae196911944