06 - Bijlage 1 - Bestemmingsplan Mooi Burgum
Tekst van het document
MOOI BURGUM – DEEL 1
BESTEMMINGSPLAN ONTWERP 29 JUNI 2023
Gemeente Tytsjerksteradiel Bestemmingsplan Mooi Burgum – deel 1 Status Datum IMRO
: Ontwerp : 29 juni 2023 : NL.IMRO.0737.01BPXXI-on01
COLOFON Opdrachtgever
: Bint Planontwikkeling
Auteur Projectnummer
: De heer E. Venema / T 06 308 434 38 : 21 - 729
INHOUDSOPGAVE 1 1.1 1.2 1.3 1.4
Inleiding Aanleiding en doel Ligging plangebied Planologische regeling Leeswijzer
1 1 1 2 3
2 2.1 2.2 2.3 2.4
Planbeschrijving Historie Bestaande situatie Nieuwe situatie Ruimtelijke inpassing
4 4 4 6 8
3 3.1 3.2 3.3
Beleidskader Rijksbeleid Provinciaal beleid Gemeentelijk beleid
10 10 11 13
4 Milieu- en omgevingsaspecten 4.1 Mer-beoordeling 4.2 Bedrijven en milieuzonering 4.3 Geluid (wet geluidhinder) 4.4 Externe veiligheid 4.5 Verkeer en parkeren 4.6 Ecologie 4.7 Bodemkwaliteit 4.8 Watertoets 4.9 Archeologie 4.10 Cultuurhistorie 4.11 Luchtkwaliteit 4.12 Planologische zones
17 17 17 23 24 24 26 27 28 29 31 31 32
5 Juridische regeling 5.1 Algemeen 5.2 Toelichting op de regels
33 33 33
6 6.1 6.2 6.3
35 35 35 36
Uitvoerbaarheid Algemeen Maatschappelijke uitvoerbaarheid Economische uitvoerbaarheid
Bijlagen Bijlage 1 Bijlage 2 Bijlage 3 Bijlage 4 Bijlage 5 Bijlage 6 Bijlage 7 Bijlage 8 Bijlage 9 Bijlage 10 Bijlage 11 Bijlage 12
Vormvrije mer-beoordeling Akoestisch onderzoek houtzagerij en Elingsloane 19 Akoestisch onderzoek sportcomplex Akoestisch onderzoek AZS Papilio Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai Stikstofberekening Ecologische quickscan Verkennend bodemonderzoek Watertoets Archeologisch onderzoek Participatieproces Overlegreacties
1 Inleiding
1.1 Aanleiding en doel
Dit bestemmingsplan is opgesteld om de uitvoering van het stedenbouwkundig plan mogelijk te maken.
1.2 Ligging plangebied Het plangebied omvat de oostelijke twee voetbalvelden en een oefenveld op het sportcomplex. De velden worden omsloten door boomsingels. Het plangebied ligt achter het lint aan de westzijde van de Oude Commissieweg (adressen aan de parallelweg Elingsloane) en ten noorden van het lint aan de Burgumeester Bothenius Lohmanlaan. Het wordt aan de westzijde begrenst door de boomsingel tussen bestaande velden en de Asielzoekersschool en aan de noordzijde door het terrein van de Houtzagerij Inlands Hout Van Leersum. Ook de percelen Elingsloane 17, Burg. Both. Lohmanlaan 18-18A en een groen perceeltje aan de zuidoostzijde vallen binnen het plangebied. Hier worden ontsluitingen voorzien. Het plangebied is afgestemd op de grens van de huidige bestemming en de kadastrale perceelsgrenzen. De globale ligging van het plangebied is weergegeven in figuur 1.1.
1
BESTEMMINGSPLAN MOOI BURGUM – DEEL 1
In het noordwesten van Burgum ligt het sportcomplex Het Koningsland. De meest oostelijk gelegen sportvelden van FC Burgum zijn door een fusie van twee voetbalverenigingen overbodig geraakt. Gelet op de grote vraag naar woningen, bestaan er al enige tijd plannen om op deze plek woningbouw te ontwikkeling. De gemeenteraad heeft hiervoor een aantal van 76 woningen vastgesteld. Bint Planontwikkeling heeft het plan opgevat om de locatie te ontwikkelen. In de uitwerking van het stedenbouwkundig plan, dat in nauw overleg met de gemeente tot stand is gekomen, wordt uitgegaan van een plan met 80 woningen, waarvan 16 sociale huurwoningen. Aansluitend hierop wordt op het aangrenzende perceel van Makelaardij Kingma (aan de parallelweg langs de Oude Commissieweg), onder voorwaarden, een woonprogramma met maximaal 21 woningen mogelijk gemaakt.
BESTEMMINGSPLAN MOOI BURGUM – DEEL 1
Figuur 1.1
De ligging van het plangebied
1.3 Planologische regeling Het plangebied is geregeld in het bestemmingsplan Burgum 2016, dat is vastgesteld op 16 februari 2017. De sportvelden zijn hierin bestemd als ‘Sport’. Het bouwen van woningen is binnen deze bestemming niet mogelijk. Een deel van het sportveld valt onder de dubbelbestemming ‘Waarde – Archeologie’, die een beschermingszone rondom een vuursteenvindplaats vormt. Het perceel Elingsloane 17 heeft de bestemming ‘Bedrijventerrein’ en het perceel Burg. Both. Lohmanlaan 18-18A de bestemming ‘Wonen - Twee onder één kap 1’ en ‘Tuin’. Een fragment van de plankaart van het geldende bestemmingsplan, met daarop het plangebied van dit bestemmingsplan geprojecteerd, is weergegeven in figuur 1.2.
2
Fragment geldend bestemmingsplan
1.4 Leeswijzer Na deze inleiding wordt in hoofdstuk 2 een beschrijving gegeven van de huidige situatie, de gewenste ontwikkelingen en ruimtelijke inpassing daarvan en de vertaling naar uitgangspunten voor het bestemmingsplan. In hoofdstuk 3 worden de uitgangspunten getoetst aan het, voor het plan relevante, beleid op de verschillende niveaus. In hoofdstuk 4 wordt ingegaan op de omgevingsaspecten. In hoofdstuk 5 wordt het juridische systeem toegelicht. Ten slotte worden in hoofdstuk 6 de maatschappelijk en economische uitvoerbaarheid van het plan besproken.
3
BESTEMMINGSPLAN MOOI BURGUM – DEEL 1
Figuur 1.2
2 Planbeschrijving
2.1 Historie
BESTEMMINGSPLAN MOOI BURGUM – DEEL 1
Burgum staat bekend als dorp ‘tusken wâld en wetter’, oftewel: tussen woud en water. Het dorp ligt namelijk aan de rand van het Nationaal Landschap Noardlike Fryske Wâlden en tussen de Wijde Ie en de Eastermar, twee wateren die in verbinding staan door de Kromme Ie, die ten zuiden van het dorp stroomt en Burgum scheidt van Sumar. In de ruimtelijke structuur van Burgum is van oudsher een duidelijke noordwest-zuidoost oriëntatie te herkennen. De verkavelingsstructuur wordt gekenmerkt door lange stroken land met houtwallen langs alle zijden, ontstaan door het ontginnen van veen. Dit coullissenlandschap is kenmerkend voor het zandlandschap in het oosten van Friesland. Wat ook kenmerkend is voor deze regio zijn de Dobben: pingoruïnes die zijn ontstaan na de laatste ijstijd, te herkennen in het landschap als op zichzelf staande ronde meertjes. De langste verkeersaders door het dorp zijn in dezelfde richting georiënteerd als de verkaveling. Voor het plan is daarbij de oude commissieweg relevant, die vlak langs het plangebied loopt. Deze vormt de voornaamste toegangsweg van het dorp. Direct ten zuiden van het plangebied wordt deze weg gekruist door de Burgemeester Bothenius Lohmanlaan, die samen met de Zomerweg, en noorden van het plangebied, een oost-westdrager in de wegenstructuur vormt. Vanaf de jaren ’70 is het gebied ingericht als sportcomplex.
De oorspronkelijke verkaveling is ter plaatse van het plangebied behouden gebleven. Het gebied ten noorden en westen van de sportvelden is sinds de eeuwwisselingen ontwikkeld met bedrijven, maatschappelijke functies en woningen.
2.2 Bestaande situatie Het Sportcomplex Het Koningsland ligt tussen de woongebieden aan de Tuorrebout, de Burg. Lohmanlaan en de Elingsloane. Aan de noordzijde van dit complex ligt het bedrijvenpark Burgum-West en het AZC Burgum. Het zwaartepunt van de activiteiten op het sportcomplex is op de westzijde, rondom een recentelijk gebouwde sporthal en twee kunstgrasvelden. Hier liggen ook de parkeerterreinen en de ontsluiting van het terrein. Na een fusie van twee voetbalverenigingen zijn de oostelijk gelegen velden en het clubhuis dat in het zuiden, aan de rand van het plangebied stond, buiten gebruik geraakt. Het clubhuis is inmiddels vervangen door een asielzoekersschool. Vóór deze school staat het gebouw de duivensportvereniging. Gelijktijdig met de bouw van deze school zijn twee blokjes van twee woningen aan de Burg. Lohmanlaan gesloopt. De vrijgekomen ruimte van het oostelijk gelegen blok blijft vrij en kan worden ingezet voor de ontsluiting van het plangebied.
4
Aan de noord en noordoostzijde van het terrein zijn bedrijven aanwezig. Langs Elingsloane (de parallelweg langs de Oude Commissieweg, gaat het vooral om lichte vormen van bedrijvigheid. Onder andere ligt hier het terrein van makelaardij Kingma. Met de eigenaar zijn gesprekken gaande over een herinrichting van het terrein, om hier ook ruimte te maken voor een tweede ontsluiting van het plangebied. Deze kavel is daarom meegenomen binnen het plangebied. Op het bedrijventerrein aan de noordzijde zijn meer milieubelastende bedrijfsactiviteiten aanwezig, waaronder een houtzagerij en -handel, direct grenzend aan het plangebied. Een luchtfoto van het plangebied en de omgeving is weergegeven in figuur 2.1.
BESTEMMINGSPLAN MOOI BURGUM – DEEL 1
Figuur 2.1
Luchtfoto plangebied
5
2.3 Nieuwe situatie
BESTEMMINGSPLAN MOOI BURGUM – DEEL 1
Herontwikkeling sportveld Het initiatief omvat de herontwikkeling van het sportveld met in totaal 80 woningen. Het programma bestaat uit 62 rij-/hoekwoningen, waarvan 16 sociale huurwoningen, 16 twee onder één kap woningen en 2 vrijstaande woningen. Aan de zuidzijde, op de kruising van de Burg. Lohmanlaan en de Westersingel, wordt een ontsluitingsweg aangelegd. Aan de noordoostzijde komt een tweede aansluiting op de Elingsloane/Oude Commissieweg, over het terrein van Makelaardij Kingma. Voor fietsers en wandelaar komt er een extra aansluiting via het groenperceel aan de zuidoostzijde. Deze vormt een fraaie en veilige aansluiting op het fietsnetwerk richting het centrum van Burgum. De zuidelijke entree krijgt een ruime, groene invulling met een speelveld. Dit gebied brengt kwaliteit en dient als ontmoetingsplaats voor de nieuwe woonbuurt en bestaande bewoners. Ook sluit dit goed aan op het terrein van de school en zorgt het hier voor voldoende afstand tussen deze school en de woningen. Aan de noordzijde een waterbergende voorziening. Door het lage waterpeil ten opzichte van het maaiveld, is het niet realistisch om een waterhoudende vijver te realiseren. Daarom is gekozen voor een wadi met rietbegroeiing. Hiermee wordt voorzien in voldoende waterberging en afstand tot de bedrijven op het bedrijventerrein.
Het nieuwe woongebied wordt ‘van nature’ ingepast in de stedelijke structuur van Burgum door het behoud van de bestaande boomsingels rondom het terrein en het, waar nodig en mogelijk, aanvullen daarvan. Invulling locatie Makelaardij Kingma Naast de ontwikkeling op het sportveld wil de gemeente voorzien in de realisatie van een aanvullend programma van maximaal 21 sociale huurwoningen. Dit wordt gerealiseerd op het perceel Elingsloane 17, waarop Makelaardij Kingma is gevestigd en de nieuwe ontsluiting is beoogd. Deze locatie is aangekocht door de ontwikkelaar met de bedoeling hier een nieuwe invulling aan te geven, waarbij het gewenst is de gebouwen op termijn verder van de ontsluitingsweg te positioneren. Hier kan een nader uit te werken woongebouw worden gerealiseerd. Omdat dit nog onvoldoende is uitgewerkt is hiervoor een afwijkingsregeling opgenomen, waarmee onder voorwaarden een vergunning verleend kan worden door de bouw. De bebouwing bestaat hier uit maximaal twee bouwlagen. Het stedenbouwkundig plan is weergegeven in figuur 2.2.
6
BESTEMMINGSPLAN MOOI BURGUM – DEEL 1
Stedenbouwkundig plan
Figuur 2.2
7
2.4 Ruimtelijke inpassing
BESTEMMINGSPLAN MOOI BURGUM – DEEL 1
Voor het stedenbouwkundig ontwerp van het nieuwe woongebied geldt vanuit de bestaande ruimtelijk-functionele structuur van het gebied een aantal randvoorwaarden. Deze vormen randvoorwaarden en zijn ook een belangrijke basis voor dit bestemmingsplan. Het gaat om aspecten die betrekking hebben op de stedenbouwkundige inpassing in het gebied en om de functionele inpassing van woningen nabij bedrijven. Stedenbouwkundige inpassing Voor de stedenbouwkundige inpassing is met name van belang dat het plan zich voegt in de stedelijke structuur van dit deel van Burgum. In en rondom het plangebied is de oorspronkelijke landschappelijke verkavelingsstructuur nog goed bewaard gebleven. De boomsingel langs de westzijde schermt het te behouden deel van het sportcomplex af en vormt een ruimtelijke drager voor het stedenbouwkundig plan. Dezelfde geldt voor de boomsingel aan de oostzijde, die het lint aan de Oude Commissieweg afschermt, zij het in iets minder mate. Ook de bomensingel aan de noordzijde wordt in stand gehouden en zelfs opgewaardeerd. De nieuwe bebouwing in het plangebied volgt deze historische lijnen. Door de rijke groenstructuur rondom het plangebied is er minder noodzaak om binnen het plan veel ruimte te reserveren voor groen.
Passend bij het type woongebied en de kwaliteit van Burgum wordt begeleidend groen in de straten die dwars op de noord-zuid verkaveling liggen aangebracht. Ook voor de stedenbouwkundige opzet van het nieuwe woongebied is gekeken naar de bestaande wijken in Burgum. De profielen van de wegen en andere openbare ruimte sluit aan die van de nabij gelijken binnenstedelijke straten. De zelfde afstand van gevel tot gevel en straatprofielen zijn aangehouden. Door deze relatief smalle straten zullen de auto’s minder snel rijden en zal de wijk als kindvriendelijk worden ervaren. Bijzondere aandacht is er voor het entreegebied. Voor dit gebied geldt de ambitie om een ontmoetingsplaats te worden voor de bewoners van zowel het nieuwe plan als de bestaande woningen, maar ook voor de school. Dit wordt bereikt door een hoogwaardige, robuuste groene invulling die zichtbaar is vanaf de Burg. Lohmanlaan. Het eerste dat men tegenkomt wanneer de wijk wordt ingereden is een speelplaats voor natuurlijk spelen. Langs de school komt ook een groenvoorziening met een pad, dat verderop de wijk in leidt en nog weer noordelijker een verbinding met het sportveld vormt. Dergelijke routes zorgen ervoor dat het nieuwe woongebied verweven wordt met de bestaande ruimtelijk-functionele structuur. Deze ruimte voor ontmoeting wordt doorgezet door ook verbinding te leggen met het naastgelegen openbare sportterrein.
De bestaande wandelpaden vanuit het sportterein worden doorgetrokken het nieuwbouwplan in en omsloten door een groene afscheiding naar de woningen toe. Stimuleren van beweging en ontmoeting Tot slot wordt beweging en ontmoeting gestimuleerd in het plan. Door het aanleggen van wandel en fietspaden wordt aangesloten en via het sportpark verbinding gezocht naar de parkachtige structuur die van zuid naar noord loopt paralel aan de Tuorrebout. Via het sportpark loopt de wandelroute door naar dit ontwikkelplan en straks ook naar het nieuwbouwplan aan de Elingsloane. Ook wordt er rondom de wadi een wandelroute met bankjes aangelegd die gebuikt kunnen worden als ontmoetingsplek.
8
Beeldkwaliteit De uitstraling van de woningen zal een mix van jaren ’20 en jaren ’30 woningen zijn met een voornamelijk stenig karakter. De verticale geleding van de woningen zal worden benadrukt door kleurgebruik of subtiele verspringingen in de gevel. Hiermee ontstaat er meer lucht in het plan en worden woonblokken optisch onderbroken. De beoogde beeldkwaliteit is in enkele impressies weergegeven in figuur 2.3
Impressies beoogde beeldkwaliteit
Functionele inpassing Bij de ontwikkeling van een woongebied in een gemengde zone moet met name rekening worden gehouden met het waarborgen van een goed woon- en leefklimaat, zonder dat dit te koste gaat van de (ontwikkelings)mogelijkheden van de aanwezige bedrijven. Voorafgaand aan de voorbereiding van dit bestemmingsplan is daarom onderzoek gedaan naar deze aspecten. In hoofdstuk 4 is de beoordeling van deze aspecten vanuit de milieuwetgeving en ruimtelijke ordening beschreven.
9
BESTEMMINGSPLAN MOOI BURGUM – DEEL 1
Figuur 2.3
3 Beleidskader
BESTEMMINGSPLAN MOOI BURGUM – DEEL 1
3.1 Rijksbeleid Nationale Omgevingsvisie (NOVI) Op 11 september 2020 is de Nationale Omgevingsvisie (hierna: NOVI) vastgesteld. De NOVI is de langetermijnvisie van het Rijk op de toekomstige inrichting en ontwikkeling van de leefomgeving in Nederland. De NOVI geeft richting en helpt om keuzes te maken, te kiezen voor slimme combinaties van functies en uit te gaan van de specifieke kenmerken en kwaliteiten van gebieden. En er nu mee aan de slag te gaan en beslissingen niet uit te stellen of door te schuiven. Het versterken van de omgevingskwaliteit staat in de NOVI centraal. Dat wil zeggen dat alle plannen met oog voor de natuur, gezondheid, milieu en duurzaamheid gemaakt moeten worden. Bij de NOVI hoort een Uitvoeringsagenda. Hierin staat hoe uitvoering wordt gegeven aan de NOVI. Binnen de NOVI zijn 8 voorlopige aandachtsgebieden geformuleerd als zogeheten NOVI-gebied. Het plangebied valt niet in één van deze gebieden. Op het niveau van nationale belangen wil het Rijk sturen en richting geven aan de omgeving in Nederland, verwoord in vier opgaven: 1. Ruimte maken voor klimaatverandering en energietransitie. 2. De economie van Nederland verduurzamen en het groeipotentieel behouden. 3. Steden en regio's sterker en leefbaarder maken. 4. Toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied.
De NOVI gaat vergezeld van een uitvoeringsagenda, waarin staat aangegeven hoe het Rijk invulling geeft aan zijn rol bij de uitvoering van de NOVI. In de Uitvoeringsagenda zijn onder andere een overzicht van instrumenten en (gebiedsgerichte) programma's op de verschillende beleidsterreinen te vinden. De Uitvoeringsagenda zal, indien nodig, jaarlijks worden geactualiseerd. De ontwikkeling in het plangebied raakt geen opgaven die zijn opgenomen in de NOVI. Ladder voor duurzame verstedelijking In het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) is 'de ladder voor duurzame verstedelijking' als procesvereiste opgenomen. In de Ladder voor duurzame verstedelijking is opgenomen dat de toelichting van een ruimtelijk plan dat een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maakt, een beschrijving bevat van de behoefte aan de voorgenomen stedelijke ontwikkeling. Indien blijkt dat de stedelijke ontwikkeling niet binnen het bestaand stedelijk gebied kan worden voorzien, bevat de toelichting een motivering daarvan en een beschrijving van de mogelijkheid om in die behoefte te voorzien op de gekozen locatie buiten het bestaand stedelijk gebied.
10
Dit bestemmingsplan stelt een ontwikkeling binnen bestaand stedelijk gebied mogelijk, zoals bedoeld in de begripsbepaling van het Bro. Er is daarom geen afweging over de mogelijkheden om de ontwikkeling binnen stedelijk gebied te realiseren nodig. Wel moet overwogen worden of er behoefte is voor de stedelijke ontwikkeling die het plan mogelijk maakt. Voor de woningbouw in het plangebied geldt het voorgestelde programma goed aansluit op de vraag die uit de uitgevoerde marktanalyse blijkt. Hierop gaat paragraaf 3.3 nader in.
Conclusie Het bestemmingsplan is in overeenstemming met het rijksbeleid.
3.2 Provinciaal beleid Omgevingsvisie Fryslân 2020: De romte diele Het ruimtelijk beleid van de provincie vormt een belangrijk kader voor het gemeentelijk (bestemmingsplan)beleid. Dit is neergelegd in de Omgevingsvisie Provincie Fryslân. Deze is op 23 september 2020 vastgesteld. In de omgevingsvisie gaat de provincie voor een vitale economie door te investeren in omgevingskwaliteiten. Dit zorgt er onder andere voor leefbaarheid en dat leegstand en verpaupering van bebouwing wordt teruggedrongen. Daarnaast gaat de provincie voor een veerkrachtig beleid, waarin ingrijpende ontwikkelingen opgevangen kunnen worden, het behoud van de karakteristiek van de provincie, door het beschermen van de eigen identiteit en voor een gezonde leefomgeving. Dit plan voorziet in de herontwikkeling van bestaand stedelijk gebied. In Burgum overstijgt de vraag naar woningen het aanbod. Het plan doet recht aan de ruimtelijke kwaliteit van de omgeving. De provincie bevordert verder het natuurinclusief ontwerpen bij nieuwe ontwikkelingen. Daarbij wordt onder andere ingezet op het versterken van de natuur in het stedelijk gebied. Natuurinclusief bouwen is een aspect dat niet in bestemmingsplan geregeld kan worden. Het gaat om uitvoeringszaken, zoals speciale stenen toe te passen met invliegmogelijkheden voor vleermuizen of een tuininrichting die biodiversiteit stimuleert.
De Koninklijke Nederlandse Natuurhistorische Vereniging heeft een checklist opgesteld met 40 punten waarmee bij stedelijke ontwikkeling rekening gehouden kan worden. Voor de ontwikkeling worden geen aanvullende eisen gesteld op dit vlak. Wel is de checklist bij de initiatiefnemer kenbaar gemaakt als inspiratiekader. Ook het rekening houden met een veranderend klimaat bij nieuwe ontwikkeling een provinciale ambitie. De Provincie streeft naar ‘waterrobuust bouwen’. Dit houdt in dat gebouwen en straten op voldoende hoogte worden aangelegd en dat er voldoende ruimte is voor water in het plan. Paragraaf 4.8 gaat hier verder op in.
11
BESTEMMINGSPLAN MOOI BURGUM – DEEL 1
Op basis van het voorgaande wordt geconcludeerd dat de ontwikkeling die dit bestemmingsplan mogelijk maakt, voldoet aan het uitgangspunt van duurzame verstedelijking. De vraag naar woningen in Burgum overstijgt op dit moment het aanbod. Het plan komt tot stand via herontwikkeling van bestaand stedelijk gebied en doet daarbij ook recht aan de ruimtelijke kwaliteit van deze omgeving.
Verordening Romte Fryslân In 2014 is de Verordening Romte Fryslân vastgesteld en deze is in 2018 partieel herzien. Het plangebied maakt deel uit van bestaand stedelijk gebied. De beoogde ontwikkeling van het realiseren van woningen wordt gezien als stedelijke ontwikkeling. In de Verordening Romte is een aantal regels van toepassing op het plangebied.
BESTEMMINGSPLAN MOOI BURGUM – DEEL 1
Bundeling De verordening streeft naar bundeling van stedelijke functies in het bestaand stedelijk gebied. Het plan ligt binnen de begrenzing van het bestaand stedelijk gebied. Wonen Met betrekking tot het thema wonen, geldt vanuit de verordening dat een ruimtelijk plan mogelijkheden voor woningbouw kan bevatten indien de aantallen en de kwaliteit van de woningbouw in overeenstemming zijn met een woonplan, dat schriftelijke instemming van Gedeputeerde Staten heeft. In paragraaf 3.3 is uiteengezet dat het voorgenomen initiatief past in het gemeentelijk woningbouwprogramma, waarover afspraken zijn gemaakt met de provincie. Kwantitatief zijn voor het sportveld 76 woningen opgenomen. In het plangebied wordt voorzien in 80 woningen, maar er worden ook twee woningen ‘wegbestemd’, waarmee per saldo 78 woningen worden toegevoegd. Dit gaat om de twee woningen die ter hoogte van de aansluiting van het plan op de Burg. Both. Lohmanlaan hebben gestaan. Deze krijgen een verkeer- en groenbestemming. Daarbovenop zijn de 21 woningen op de locatie van Makelaardij Kingma meegenomen. De gemeente kan locaties toevoegen als dit bijdraagt aan een duurzame kwalitatieve woningmarkt. Dit geldt voor deze locatie. De locatie is binnenstedelijk gelegen en er is behoefte aan meer sociale huurwoningen in Burgum. Daarmee is het plan in overeenstemming met het gestelde in de Verordening Romte Fryslân.
Ontgrondingenverordening Friesland Op grond van de Ontgrondingenwet is een ontgrondingsvergunning nodig voor afgravingen. De provincie is bevoegd gezag voor dergelijke ontgrondingen. De Ontgrondingenverordening zijn vrijstellingen opgenomen. Onder andere is bepaald dat geen vergunning nodig is voor ontgrondingen die noodzakelijk zijn voor de verwerkelijking van een in een bestemmingsplan aan de grond gegeven bestemming, mits in de bij het bestemmingsplan behorende regels is aangegeven dat de verwerkelijking van het plan een ontgronding inhoudt of insluit, de diepte van de ontgronding niet meer bedraagt dan 2,00 m beneden het maaiveld en bij de ontgronding niet meer dan 10.000 m3 bodemmateriaal naar elders wordt afgevoerd of in depot wordt gezet. Voor het plan is watercompensatie nodig. Dit gaat om een beperkte ontgronding die ruim binnen de vrijstellingsgrenzen ligt en noodzakelijk is voor de verwerkelijking van de in het bestemmingsplan aangegeven bestemmingen (waarvoor verhardingen noodzakelijk zijn). De bestemmingen laten het graven van watercompensatie toe. Daarom wordt voldaan aan de vrijstellingsvereisten en is hiervoor is geen ontgrondingvergunning nodig. Conclusie Het bestemmingsplan is in overeenstemming met het provinciaal beleid.
12
3.3 Gemeentelijk beleid Woonvisie 2019-2024 De gemeenteraad heeft in 2019 de woonvisie vastgesteld. De woonvisie vormt de basis voor het woonbeleid van de gemeente. In de visie wordt uitgelegd waar de gemeente in 2024 op het gebied van wonen wil staan. In de woonvisie staan 5 speerpunten uitgewerkt: 1. Investeren in onze bestaande voorraad 2. Zorgvuldige inzet op nieuwbouw 3. Voldoende betaalbare en beschikbare sociale huurwoningen 4. Wonen met zorg 5. Streven naar leefbare dorpen
Om ervoor te zorgen dat nieuwe woningbouwinitiatieven aansluiten bij de actuele, kwalitatieve woningbehoefte en volkshuisvestelijke ambities, willen regio en Provincie de komende jaren sturen op basis van een gezamenlijke set van criteria. Sinds de vaststelling van de woonvisie is hiervan een uitwerking gemaakt in de vorm van een ‘flexibele woningbouwprogrammering’. Flexibele woningbouwprogrammering De druk op de woningmarkt wordt in Burgum gevoeld. Uit de woningmarktanalyse NoordoostFryslân (KAW, 2020) blijkt zelfs dat in Burgum het aantal huishoudens tussen 2010 en 2015 opvallend genoeg daalde, terwijl uit dezelfde analyse blijkt dat Burgum een gewilde kern is. De daling is vrijwel zeker toe te schrijven aan gebrek aan geschikte locaties. Er is een grote vraag naar woningen, vooral voor betaalbare woningen, maar geen aanbod. De gemeente heeft de ambitie om dit in balans te brengen. Om dit proces te versnellen is een flexibel woningbouwprogramma en daarbij behorende afstemming met de provincie nodig. Om hierin te ondersteunen is de provincie in 2020 een experiment gestart met de regio Noordoost-Fryslân. Dit experiment loopt tot 2025. Dit houdt in dat de provincie niet actief stuurt op de verdeling van contingenten, maar de regie bij de regio legt. Gemeenten zijn binnen het experiment vrij in het programmeren van zowel binnen- als buitenstedelijke projecten.
Gemeenten zijn binnen het experiment verantwoordelijk voor een onderbouwing van de programmering rekening houdend met de geprognosticeerde behoefte. Bij deze verantwoordelijkheid hoort ook de afweging van woningbouwplannen en de onderbouwing daarvan. Daarbij geldt duurzame verstedelijking als belangrijk vertrekpunt. De gemeente geeft deze onderbouwing vorm aan de hand van de woningmarktanalyse, Dorpenatlas en monitoring.
13
BESTEMMINGSPLAN MOOI BURGUM – DEEL 1
De gemeente wil bouwen naar de behoefte die in regionaal verband in kaart is gebracht (uitgedrukt in een hoog en laag scenario). In 2019 moesten hierover nog werkbare afspraken met de Provincie worden gemaakt, over het aantal toe te voegen woningen. Partijen lijken het erover eens dat absolute aantallen niet de graadmeter moeten vormen, maar dat bouwen naar behoefte en kwaliteit het uitgangspunt moet zijn. Door de woningbehoefte in de toekomst goed te blijven monitoren houden we continu zicht of we niet teveel of te weinig woningen bouwen. Gelet op de huidige vraagdruk zetten we als gemeente Tytsjerksteradiel in op realisatie van het hoge scenario.
BESTEMMINGSPLAN MOOI BURGUM – DEEL 1
Behoefte Uit de woningmarktanalyse blijkt dat het aantal huishoudens de komende jaren nog stijgt en dat dit, samen met het nu al onder druk staande woningaanbod, de komende jaren leidt tot een aanhoudende behoefte is aan goede, betaalbare en duurzame woningen. Daarbij moet rekening worden gehouden met een vergrijzende regio en grote vraag naar sociale huur in de voorzieningenkernen. De bepalende factoren voor vestigingskeuzes van mensen zijn het voorzieningenniveau, bereikbaarheid en ligging. Burgum scoort goed op alle factoren. Het is hiermee een ‘plus-kern’, die een blijvende en sterke positie in de regio heeft en waar ook na 2030 nog groei te verwachten is. Uit de analyse blijkt dat er in Tytsjerksteradiel sprake is van een bijzonder grote vraag naar (sociale) huurwoningen in het betaalbaar lage en betaalbaar hoge segment. Ook wordt een uitzonderlijk grote krapte op de woningmarkt geconstateerd voor tussenwoningen en twee onder één kap woningen. In de gemeente zijn alle producten schaars en de vraag is (veel) groter dan het aanbod. Voor Burgum (en Hurdegaryp) wordt aan de hand van de woningmarktanalyse van KAW geconcludeerd dat er sprake is van een woningmarkt onder spanning, waarin voor zowel de (sociale) huur als koop sprake is van een bijzonder grote woningbehoefte.
Tot slot wordt in de analyse aangegeven dat specifiek voor Burgum de behoefte aan ‘patiowoningen’ groot is. Hiermee worden grondgebonden, levensloopgeschikte woningen bedoeld. Ten aanzien van het bouwen voor starters zijn de huidige bouwprijzen een actueel probleem. Dit heeft vooral te maken met schaarste van bouwmaterialen en de hoge duurzaamheidseisen (BENG) die tot hoge kosten voor installaties zorgen. Dit leidt ertoe dat nieuwbouwwoningen moeilijk toegankelijk te maken zijn voor starters. Om ook voor deze groep woningen beschikbaar te krijgen in een overspannen markt, zoals in Burgum zichtbaar is, is doorstroming nodig. In dit plan wordt voorzien in een mix van betaalbare rijwoningen voor de koop, als ook voor de middeldure huur, en twee onder één kapwoningen, waarnaar de grootste vraag is. De twee onder één kap woningen worden levensloopbestendig gebouwd, in die zin dat deze zijn voorbereid op een slaapvertrek en een badkamer in de garage. Hiermee wordt naadloos ingespeeld op de beschreven behoefte. Geconcludeerd wordt dat het realiseren van een aanbod met levensloopbestendige twee onder één kapwoningen en betaalbare rijwoningen naadloos aansluit bij de behoefte in een overspannen woningmarkt. Bevorderen doorstroming Indirect wordt ook ingespeeld op de behoefte voor beschikbare woningen voor starters, voor wie een nieuwbouwwoning te duur is.
Met dit plan komt namelijk op verschillende manieren en voor verschillende doelgroepen een doorstroom op gang. Zodra een Burgummer een woning in het plan op de voetbalvelden koopt of huurt, laat deze een andere woning in Burgum achter. De bestaande koopwoningen komen beschikbaar voor starters, sociale huur en voor gezinnen.
14
De kopers van rijwoningen in het nieuwbouwplan in Burgum zullen deels starter op de koopmarkt zijn, die het ouderlijk nest verlaten, maar grotendeels ook starters die een sociale huurwoning verlaten die vervolgens beschikbaar komt voor een nieuwe huurder. Daarnaast is de ervaring en verwachting van de ontwikkelaar dat kopers van nieuwbouwrijwoningen een oudere rijwoning achter laat, die beschikbaar komt in de prijsklasse van circa €225.000.
De twee onder één kap woning is levensloopbestendig uit te voeren, waarmee deze geschikt voor ouderen en ook rolstoelvriendelijk. Een grote groep welke doorstroom in dorpen tegenhoudt zijn de zogenoemde ‘empty nesters’. De oudere echtparen (of tegenwoordig één ouder gezinnen) waarbij de kinderen de deur uit zijn, bezetten vaak nog een grotere vrijstaande woning, welke uitermate geschikt zijn voor gezinnen met jongere kinderen. De stap voor de empty nesters naar een appartement is vaak nog te groot. Een goede tussenstap is een levenloopbestendige twee onder één kap woning. Op basis van ervaringen uit het verleden maakt de ontwikkelaar de woningen eerst als standaardwoning met garage, met als optie deze gelijk of op termijn aan te passen. Dit concept is ook in Hurdegaryp toegepast. Op deze manier ontstaat er een aanbod in ook de middeldure tot dure koop in Burgum waar volgens de woningmarktanalyse behoefte aan is en kunnen alle soorten gezinnen in Burgum blijven wonen. Dit is van groot belang om scholen en winkels in stand te houden en daarmee dorpen leefbaar te houden. Tot slot heeft de ontwikkelaar de vrijheid om een voorrangspositie te verlenen aan Burgumers of mensen uit de directe omgeving van Burgum, waarmee de doorstroom ook gegarandeerd wordt. Afspraken hierover wordt vastgelegd in de anterieure overeenkomst tussen gemeente en ontwikkelaar.
Hiermee wordt nog sterker ingespeeld op de behoefte die vanuit de gemeentelijke analyses blijkt. Locatie Binnenstedelijk bouwen is zowel vanuit de ladder voor duurzame verstedelijk als binnen de Woonvisie voorkeursoptie. De locatie op de sportvelden is de binnenstedelijke locatie, die bovendien een goede verbinding met het centrum van Burgum kent. Deze locatie heeft vanuit de flexibele programmering dan ook prioriteit. Inzet op binnenstedelijke woningbouw sluit ook aan bij de met de provincie gemaakte afspraken in het kader van het experiment ‘woningmarkt in balans. Door binnenstedelijk woningbouw te realiseren wordt bijgedragen aan een passende volkshuisvestelijke invulling met aandacht voor zorgvuldig ruimtegebruik in de nabijheid van de voorzieningen binnen de kern.
15
BESTEMMINGSPLAN MOOI BURGUM – DEEL 1
De nieuwe huurders van de rijwoningen zullen een bestaande (kleinere) sociale huurwoning verlaten voor een grotere, nieuwere en energiezuinige middeldure rijwoning. In Burgum is het aanbod in de middeldure huur woningen gering, terwijl hier wel vraag naar is. Deze mensen blijven nu langer zitten in een sociale huurwoning. Door het toevoegen van een aantal middeldure huurwoningen komt ook een doorstroom in de sociale huur sector op gang.
Conclusie Het plan is onderdeel van het flexibele woningbouwprogramma van de gemeente. In het kader van het experiment ‘woningmarkt in balans’ krijgt de gemeente van de provincie ruimte om plannen te faciliteren en te ontwikkelen die aansluiten bij de behoefte van markt. Het plan is prioritair binnen het woningbouwprogramma van de gemeente op basis van het inspelen op de behoefte en de binnenstedelijke locatie.
BESTEMMINGSPLAN MOOI BURGUM – DEEL 1
Conclusie Het bestemmingsplan is in overeenstemming met het gemeentelijk beleid.
16
4 Milieu- en omgevingsaspecten
4.1 Mer-beoordeling
De aanleg van een stedelijk ontwikkelingsproject is in het besluit opgenomen als beoordelingsplichtige activiteit. De drempelwaarden die hierbij horen zijn een oppervlakte van 100 hectare, een aaneengesloten gebied met 2.000 woningen of een bedrijfsvloeroppervlakte van 200.000 m 2 of meer. Vormvrije mer-beoordeling De activiteit die dit bestemmingsplan mogelijk maakt wordt gezien als stedelijk ontwikkelingsproject in de zin van het Besluit m.e.r. Het college van burgemeester en wethouders neemt voor de ter inzagelegging van het ontwerpbestemmingsplan een m.e.r.-beoordelingsbesluit. Dit besluit kan op basis van de vormvrije m.e.r.-beoordeling, die is opgenomen in bijlage 1, worden genomen. Hieruit blijkt namelijk dat gelet op de kenmerken van het plan, de plaats van het plan en de kenmerken van de potentiële effecten, geen belangrijke negatieve milieugevolgen zullen optreden. Er is dan ook geen aanleiding voor het doorlopen van een MER-procedure. Op basis hiervan kan het college van burgemeester en wethouders, voorafgaand aan de ter inzagelegging van het ontwerpbestemmingsplan, besluiten dat voor dit bestemmingsplan geen planMER gemaakt hoeft te worden.
4.2 Bedrijven en milieuzonering Toetsingskader Tussen bedrijfsactiviteiten en hindergevoelige functies (waaronder wonen) is een goede afstemming nodig. Het doel daarbij is het voorkomen van onacceptabele hinder ter plaatse van woningen, maar ook om te zorgen dat bedrijven niet worden beperkt in de bedrijfsvoering en ontwikkelingsmogelijkheden. Bij de afstemming wordt gebruik gemaakt van de richtafstanden uit de VNG-brochure 'Bedrijven en milieuzonering' (2009). Een richtafstand wordt beschouwd als de afstand waarbij onaanvaardbare milieuhinder redelijkerwijs is uitgesloten. De Handreiking gaat uit van een gemiddelde bedrijfsvoering voor de bedrijfscategorieën voor het bepalen van de richtafstanden. Er kan gemotiveerd worden afgeweken van deze afstanden. Vanuit de VNG-systematiek geldt een stappenplan. Wanneer niet wordt voldaan aan de richtafstand is 17
BESTEMMINGSPLAN MOOI BURGUM – DEEL 1
Toetsingskader In het Besluit m.e.r. is aangegeven welke activiteiten in het kader van het bestemmingsplan planmer-plichtig, projectmer-plichtig of mer-beoordelingsplichtig zijn. Voor deze activiteiten zijn in het Besluit m.e.r. drempelwaarden opgenomen. Ook wanneer deze niet worden overschreden moet het bevoegd gezag bij de betreffende activiteiten beoordelen of mogelijk sprake is van belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu. Dit wordt een vormvrije mer-beoordeling genoemd. Daarbij moet wordt getoetst op de omstandigheden als bedoeld in bijlage III van de EEG-richtlijn milieueffectbeoordeling, maar hoort geen formele procedure. De omstandigheden betreffen de kenmerken van de projecten, de plaats van de projecten en de kenmerken van de potentiële effecten.
BESTEMMINGSPLAN MOOI BURGUM – DEEL 1
onderzoek nodig om te beoordelen of wordt voldaan aan de richtwaarden (waarbij geluid veelal maatgevend is). Volgens de systematiek en op basis van vaste jurisprudentie wordt de richtafstand gemeten vanaf de belastende inrichtingen tot aan de gevels (of bouwvlakken) van de woningen (of andere gevoelig functies), waarbij rekening wordt gehouden met 4 meter vergunningvrij bouwen aan de achtergevel. Vanuit een goede ruimtelijk ordening is het wel gewenst om per geval te beoordelen of er in de tuin sprake is van een goed leefklimaat. Basisuitgangspunt is dat met het ter plaatse van de gevels voldoen aan de richtwaarden als vastgelegd in de VNG-uitgave, ook de buitenruimten/tuinen voldoende zijn beschermd. Waar de tuinen veel dichter bij de bedrijven liggen is dit nader beschouwd in de onderzoeken. Gebiedstype De VNG-brochure hanteert twee soorten omgevingstypen. Een rustige woonwijk/rustig buitengebied en gemengd gebied, voor beide omgevingstypen gelden andere richtafstanden en/of normen. Voor een gemengd gebied wordt voor de beoordeling van het woon- en leefklimaat, zowel vanuit goede ruimtelijke ordening als voor het milieuspoor, een richtwaarde voor geluid van 50 dB(A) voor het langtijd gemiddeld beoordelingsniveau en 70 dB(A) voor de maximale niveaus. Het gaat om etmaalwaarden, in de avond- en nachtperiode zijn de richtwaarden respectievelijk 5 en 10 dB lager.
Vanuit de gemeente Tytsjerksteradiel wordt het bieden van een rustige woonomgeving als een belangrijke kernwaarde gezien. Daartegenover staan ook belangen vanuit duurzaam ruimtegebruik, voldoende en betaalbare woningen en het bieden van een gedifferentieerd aanbod aan verschillende woonmilieus. Vanuit deze belangen is ervoor gekozen om op een binnenstedelijke plek, aansluitend op een bedrijventerrein, een sportveld en een schoollocatie, een inbreidingslocatie voor woningbouw te realiseren, met daarin een fors programma met onder andere sociale woningbouw. De omgeving waarin dit woongebied wordt ingepast is al een gemengd gebied. Dit is namelijk een gebied met een matige tot sterke functiemenging, waarin direct naast woningen ook komen andere functies, zoals bedrijven, voorkomen. Hier kan dus de verhoogde milieubelasting voor geluid, de toepassing van kleinere richtafstanden en hogere milieunormen rechtvaardigen. Geluid is voor de te hanteren afstand van milieubelastende activiteiten meestal bepalend. Om die reden wordt ook het nieuwe woongebied als ‘gemengd gebied’ beoordeeld. Vaste jurisprudentie ten aanzien van dit onderwerp ondersteund deze keuze. Aanwezige bedrijfscategorieën In de nabijheid van het plangebied komen verschillende bedrijven of andere milieubelastende activiteiten voor.
Direct ten noorden van het plangebied ligt een bedrijventerrein waar bedrijven tot en met milieucategorie 3.2 zijn toegestaan. Hierbij hoort een richtafstand van 50 meter tot woningen in een gemengde omgeving. Meest relevant zijn een grafkistenfabriek en een houtzagerij. De grafkistenfabriek staat op 80 meter afstand en op 130 meter vanaf de geprojecteerde woningen, waarmee ruimschoots wordt voldaan aan de richtafstanden. De woningen komen op 50 meter vanaf de houtzagerij, waarmee wordt voldaan aan de richtafstanden voor een gemengde omgeving. Echter,
18
voor dit bedrijf is beoordeeld dat het bedrijf door de vele buitenactiviteiten en de vastgelegde maatwerkvoorschriften mogelijk een grotere belasting heeft dan een gemiddelde bedrijfsvoering. Aan de oostzijde zijn kavels voor bedrijven tot en met milieucategorie 2 aanwezig. Hiervoor geldt een richtafstand van 10 meter tot woningen in een gemengd gebied. De kavels liggen op meer dan 10 meter vanaf de woningen. Het bouwvlak voor het woonprogramma op de Kingma-locatie is afgestemd op de aanwezigheid van de bedrijven. Dit bouwvlak ligt op 10 meter vanaf de erfgrens. Aangrenzend aan het nieuwe woongebied gaat het uitsluitend om dienstverlenende bedrijven die een geringe mate van milieuhinder voorzaken (milieucategorie 1), maar er kunnen wel bedrijven uit milieucategorie 2 worden gevestigd.
De categorieën richtafstanden en feitelijke afstanden van deze bedrijven zijn weergegeven in onderstaande tabel. Bedrijf/locatie
Cat.
Richtafstand gemengd
Afstand tot woningen
Voldoet?
Grafkistenfabriek Houtzagerij Bedrijven oostzijde Sportvelden School
3.1 3.2 2 3.1 2
30 m 50 m 10 m 30 m 10 m
130 m 49 m 10 m 28 m 30 m
Ja Nee Ja Nee Ja
Uit het voorgaande blijkt dat niet overal wordt voldaan aan de richtafstanden voor een gemengd gebied. Vanuit een goede onderbouwing van het woon- en leefklimaat worden hierna de activiteiten waar niet aan de richtafstand wordt voldaan nader beoordeeld. Voor de school is, gelet op een tijdelijk uitbreiding hiervan, een onderzoek uitgevoerd dat ook in deze paragraaf wordt behandeld. Beoordeling per bedrijf/locatie Houtzagerij Op een houtzagerij vinden relatief veel geluidsbelastende activiteiten plaats. Voor dit bedrijf is in het verleden ook maatwerk vastgelegd. Binnen het plangebied, op ongeveer 70 meter afstand vanaf de houtzagerij, ligt een toetspunt, waar 55 dB(A) geproduceerd mag worden. Daarmee zal ter plaatse van de nieuwe woningen niet worden voldaan aan de richtwaarde van 50 dB(A).
19
BESTEMMINGSPLAN MOOI BURGUM – DEEL 1
Aan de westzijde ligt het sportcomplex. Voor een veldsportcomplex met verlichting geldt milieucategorie 3.1, waarbij een richtafstand van 30 meter geldt. De woningen komen op ongeveer 28 meter vanaf dit sportcomplex. Tot slot ligt aan de zuidoostzijde de asielzoekersschool, die in milieucategorie 2 valt. De woningen komen op minimaal 30 meter afstand vanaf deze school, waarmee wordt voldaan aan de richtafstanden.
BESTEMMINGSPLAN MOOI BURGUM – DEEL 1
Om de belangen van het bedrijf veilig te stellen en te waarborgen dat er een goed woon- en leefklimaat voor de nieuwe bewoners ontstaat, is een akoestisch onderzoek uitgevoerd. Daarbij is in overleg met de eigenaar van het bedrijf een inventarisatie gemaakt van de geluidsbronnen op het bedrijf en is de actuele geluidsuitstraling van het bedrijf naar het plangebied bepaald. Hierbij is uitgegaan van een worst-case benadering, waarin ook bronnen die feitelijk vaak beperkt worden gebruikt, intensief worden ingezet. Het rapport is opgenomen in bijlage 2. In het onderzoek worden drie vragen beantwoord: 1. Bestaande situatie De eerste vraag is hoe de geïnventariseerde bedrijfsactiviteiten zich verhouden tot het bestaande toetspunt. De conclusie is dat hieraan niet wordt voldaan. De geluidsbelasting is namelijk berekent op 57 dB(A), waar 55 dB(A) is toegestaan. Voor de maximale (piek) belasting wordt voldaan aan de toelaatbare waarde. De overschrijding is naar verwachting het resultaat van de worst-case benadering. De feitelijke geluidsbelasting zal naar verwachting lager liggen. Dit betekent dat de geïnventariseerde bedrijfsactiviteiten als representatief beschouwd kunnen worden voor verder onderzoek. Een verdere toename van geluidsuitstraling zou in de bestaande situatie al snel tot een overschrijding van de maatwerkvoorschriften van het bedrijf leiden.
De onderzochte geluiduitstraling als uitgangspunt hanteren betekent dat het bedrijf niet wordt beperkt in zijn rechten. 2. Situatie met nieuwbouwplan Vervolgens is beoordeeld hoe het geluid zich verhoudt tot de geprojecteerde woningen. De grondgebonden woningen (noordelijk bouwvlak) komen op 49 tot 53 meter vanaf het bedrijf. Daarmee is er logischerwijs sprake van een overschrijding van de richtwaarden voor geluid (50 dB(A)). Op de noordgevels van de woningen is de geluidsbelasting berekent op maximaal 61 dB(A). Een dergelijke geluidsbelasting leidt niet tot een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. Ook voor de geprojecteerde woningbouw op de Kingma-locatie is de geluidsbelasting relatief hoog, namelijk ook maximaal 57 dB(A). 3. Situatie met nieuwbouwplan, na maatregelen Gelet op het voorgaande is beoordeeld of de geluidsbelasting teruggebracht kan worden. Geluidreducerende maatregelen zijn altijd meest effectief nabij de bron of nabij de ontvanger. In overleg met de eigenaar van het bedrijf is een (verlengde) overkapping aan de zuidzijde van het perceel, met een gesloten achtergevel mogelijk. Deze leidt tot een significante reductie van geluid op de geprojecteerde woningen. Met deze maatregel is de geluidsbelasting op de maatgevende grondgebonden woningen (noordelijk bouwvlak) nog 47 tot 48 dB(A), waarmee wordt voldaan aan de richtwaarde voor woningen in een gemengd gebied.
In de achtertuinen van de dichtstbijzijnde grondgebonden woningen varieert het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau in de dagperiode tussen 50 en 51 dB(A). Het geluid van de houtzagerij is in de tuinen als goed hoorbaar te beoordelen. Onevenredige hinder is gelet op de berekende niveaus echter niet te verwachten. Voor de woningen op de Kingma-locatie wordt met de maatregelen ook voldaan aan de richtwaarde (maximaal 49 dB(A) op de verdieping). Conclusie houtzagerij De conclusie van het onderzoek luidt dat onder de voorwaarde van het treffen van maatregelen bij het bedrijf, de woningbouw inpasbaar is. Omdat er wordt voldaan aan de richtwaarden voor een gemengd gebied kan gesproken worden van een goed woon- en leefklimaat..
20
Voor dit bestemmingsplan wordt als uitgangspunt gehanteerd dat de maatregel gelijktijdig met de realisatie van de woningen wordt uitgevoerd. In de regels van het bestemmingsplan wordt hiervoor een voorwaardelijk verplichting opgenomen, waarmee is gewaarborgd dat deze woningen niet gebruikt kunnen worden zonder de uitvoering van de maatregel. Daarbij geldt dat in het milieuspoor het maatwerkvoorschrift aangepast moet worden, om te voorkomen dat het bedrijf de geluidsruimte aan deze zijde weer gaat opvullen. De voorwaardelijke verplichting regelt dat het milieuspoor eerst ‘rond’ moet zijn, voordat de woningen in gebruik genomen kunnen worden.
Het meest bepalend voor de geluidsbelasting is het perceel Elingsloane 19. In het akoestisch onderzoek dat is opgenomen in bijlage 2 is (naast de houtzagerij) ook een beoordeling gedaan van dit bedrijfsperceel. Het perceel heeft conform het vigerende bestemmingsplan de specifieke aanduiding ‘kantoor’. Akoestisch relevante activiteiten en/of verkeersbewegingen in de nachtperiode zijn redelijkerwijs niet te verwachten. Er is op basis van gemiddelde (worst-case) geluidsbronnen en reële inschatting gemaakt. Uit de resultaten volgt dat het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau in de dag- en avondperiode ten hoogste respectievelijk 43 dB(A) en 38 dB(A) bedraagt invallend op de noordgevel van het dichtstbijzijnde bouwblok (Kingma-locatie). Hiermee wordt ruimschoots voldaan aan de richtwaarde van 50 dB(A) voor een gemengd gebied. Er is een afwijkingsbevoegdheid opgenomen om dichter bij het naastgelegen bedrijfsperceel te bouwen, onder de voorwaarde dat er aantoonbaar sprake is van een goed woon- en leefklimaat en er geen afbreuk wordt gedaan aan de milieusituatie. Dit zal op basis van nader akoestisch onderzoek moeten worden beoordeeld. Sportvelden Voor de sportvelden geldt dat er sprake kan zijn van hinder door geluid en verlichting. Net als voor schoolpleinen geldt voor deze activiteit dat de beoordeling alleen plaatsvindt in de ruimtelijke ordening en niet in het milieuspoor.
Het geluid is namelijk vooral afkomstig van stemgeluid, scheidrechtersfluitjes en verkeer. Dit geluid is niet te reguleren en wordt daarom ook niet beschouwd voor een toets aan de normen uit het Activiteitenbesluit. De sportvelden worden daardoor niet beperkt door de nieuwe woningen. Wel is het van belang te beoordelen of er sprake is van een goed woonklimaat naast de sportvelden. Om hier inzicht in te geven is een akoestisch onderzoek uitgevoerd. Dit is opgenomen in bijlage 3. Uit het akoestisch onderzoek volgt dat de vanwege het gebruik van de voetbalvelden te verwachten langtijdgemiddelde beoordelingsniveaus ter plaatse van de binnen het plangebied te realiseren woningen voldoen aan de VNG-grenswaarden. Met name in de avondperiode zijn de maximale geluidniveaus invallend op de gevels van de dichtstbijzijnde bouwblokken tot 6 dB hoger dan de grenswaarde van 65 dB(A), dus 71 dB(A)
21
BESTEMMINGSPLAN MOOI BURGUM – DEEL 1
Bedrijven oostzijde Voor de bedrijven aan de oostzijde wordt ten opzichte van de woningen op het sportveld voldaan aan de richtafstand voor een gemengd gebied. Bij het bepalen van het bouwvlak van het nog uit te werken woonprogramma op de Kingma-locatie is de richtafstand van 10 meter als uitgangspunt gehanteerd.
BESTEMMINGSPLAN MOOI BURGUM – DEEL 1
Van belang is in ieder geval dat de geluidpieken binnen geluidgevoelige ruimten (met gesloten ramen) beperkt blijven tot ten hoogste 55 dB(A) in de dagperiode en 50 dB(A) in de avondperiode. Dit om onacceptabele hinder en/of slaapverstoring te voorkomen. Voor nieuwbouw, die wordt uitgevoerd met mechanische balansventilatie, zonder roosters in de ramen en een steenachtige buitenschil, bedraagt de te verwachten gevelgeluidwering circa 25 dB. Hieruit volgt dat op voorhand mag worden verwacht dat de woningen voldoen aan een maximaal binnenniveau van minder dan 50 dB(A). Bepalend voor de optredende maximale geluidniveaus is het gebruik van de scheidsrechterfluit. Dit is vooral het geval tijdens wedstrijden, gebruikelijk één dag in de week. Wedstrijden in de avondperiode zullen in de praktijk beperkt plaatsvinden. Gelet op voorgaande is het akoestisch woon- en leefklimaat als acceptabel te beoordelen. Ten aanzien van hinder door verlichting geldt dat momenteel nog geen verlichting op de naastgelegen velden aanwezig is, maar dat het wel de bedoeling is om dit te plaatsen. Met de voetbalclub is afgesproken dat er verlichting wordt toegepast, welke alleen de velden verlichten en niet naar de woningen schijnen. Gelet op de aanwezig vliegroutes van vleermuizen langs de bomenrijen is dit ook een voorwaarde vanuit natuurregelgeving.
Hierover worden privaatrechtelijk afspraken vastgelegd, waarmee het niet nodig is om dit in het kader van dit bestemmingsplan nader te onderzoeken. AZC School Papilio Hoewel voor de Asielzoekersschool wordt voldaan aan de richtafstanden is gelet op een tijdelijke uitbreiding van deze school door de FUMO een onderzoek uitgevoerd naar de geluidssituatie. De resultaten zijn verwerkt in een memo, die is opgenomen in bijlage 4. Hierin is met name ook ingegaan op de geluidsuitstraling van spelende kinderen in een pannakooi, die bij het terrein aanwezig is. De meest ruimtelijk geluidrelevante bronnen zijn het stemgeluid van buiten op het plein spelende kinderen en de activiteiten in de pannakooi. Bronnen zoals ventilatie en afzuiging zijn niet relevant. Omdat het uitgangspunt de maximaal mogelijke bestemming is wordt van de worst case uitgegaan. Uit het onderzoek blijkt dat bij de omliggende woningen (zowel bestaande woningen als nieuwe woningen in het plangebied) de grenswaarde voor het gemiddelde en maximale geluidniveaus niet overschreden wordt. Er is met deze akoestische ruimtelijke onderbouwing sprake van een goede bescherming van de activiteiten van de AZC-school en van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat bij de bestaande en nog te ontwikkelen woningen.
Conclusie Rondom het plangebied zijn verschillende activiteiten aanwezig die passen bij een gemengd woongebied en er wordt afstand aangehouden tot meer belastende bedrijven. Hiervoor moet wel een maatregel worden genomen ter plaatse van de houtzagerij aan de noordzijde. Daarom is dit op basis van dit bestemmingsplan alleen onder voorwaarden mogelijk, via een afwijkingsbevoegdheid.
22
De sportvelden hebben een relatief hoge geluidsbelasting op de westelijk gelegen woningen tot gevolg. Dit komt met name door piekgeluiden in de avondperiode. Doordat de bepalende pieken in de praktijk beperkt zullen plaatsvinden en de woningen voldoende geïsoleerd zullen zijn, is het akoestisch woon- en leefklimaat als acceptabel te beoordelen. Ter voorkoming van lichthinder worden afspraken gemaakt over de te plaatsen verlichting. De aanwezige bedrijven worden niet belemmerd in de bedrijfsvoering. Het is een gebied met enige reuring, maar een aanvaardbaar woon- en leefklimaat voor dit gebiedstype is te garanderen. Daarmee is sprake van een goede ruimtelijke ordening.
Toetsingskader Het aspect 'geluid' gaat over geluidhinder op geluidgevoelige objecten als gevolg van verkeer en industrie. De Wet geluidhinder (Wgh) is hiervoor het toetsingskader. Rondom wegen met een maximumsnelheid van meer dan 30 km/uur, spoorwegen en aangewezen bedrijven(terreinen) zijn geluidszones van toepassing. Als geluidsgevoelige objecten, zoals woningen, binnen deze zones worden toegevoegd, dan moet geluidsbelasting op de gevel hiervan worden bepaald en getoetst aan de normen. Hierbij geldt een voorkeursgrenswaarde van 48 dB en een maximale hogere waarde van 63 dB. Toetsing Voor het plan is voornamelijk de Oude Commissieweg van belang. Op deze weg geldt een maximumsnelheid van 50 km/uur. Voor overige wegen geldt een maximumsnelheid van 30 km/uur. Er is een akoestisch onderzoek uitgevoerd naar de geluidsbelasting van wegen op de woningen. Deze rapportage is opgenomen in bijlage 5. Uit het onderzoek blijkt dat de geluidbelasting vanwege de individuele wegen Oude Commissieweg/H.W.K. Ridder Huyssen van Kattendijkeweg en de Dokter B. Hornstrasingel is niet hoger dan de voorkeursgrenswaarde van 48 dB uit de Wet geluidhinder. Voor de nieuwbouw hoeft geen hogere waarde procedure te worden doorlopen. Ook de geluidbelasting vanwege de 30 km-weg Burgemeester Bothenius Lohmanlaan invallend op de nieuwbouw voldoet aan de voorkeursgrenswaarde.
Vanwege wegverkeer is er binnen het plangebied sprake van een goed woon- en leefklimaat. De cumulatieve geluidbelasting (zonder aftrek op basis van artikel 110h Wgh) is beperkt. Op voorhand mag worden verwacht dat binnen de woningen wordt voldaan aan een binnenniveau van 33 dB. Voor de locatie van Makelaardij Kingma geldt dat de geluidsbelasting op het bouwvlak ten hoogste 54 dB bedraagt. Hiervoor moet een hogere waarden procedure worden doorlopen. Uit het onderzoek volgt dat er geen realistische mogelijkheden zijn om de geluidbelasting invallend op het bouwvlak met bron- en/of overdrachtsmaatregelen te beperken. Ook bouwkundige maatregelen zoals loggia’s en schermen aan de gebouwen zijn niet realistisch.
23
BESTEMMINGSPLAN MOOI BURGUM – DEEL 1
4.3 Geluid (wet geluidhinder)
BESTEMMINGSPLAN MOOI BURGUM – DEEL 1
De cumulatieve geluidbelasting vanwege het wegverkeer op alle wegen samen, exclusief correctie op grond van art. 110g Wgh, bedraagt ter plaatse ten hoogste Lden = 59 dB. Om een in akoestische zin goed woon- en leefklimaat binnen de te realiseren woningen te waarborgen moet worden voldaan aan een binnenniveau van 33 dB. Voor nieuwbouw, die wordt uitgevoerd met mechanische balansventilatie zonder roosters in de ramen en een steenachtige buitenschil, bedraagt de te verwachten gevelgeluidwering 25 dB. Voor de woningen in het bouwvlak op de locatie van de Makelaardij geldt dat de gevelgeluidwering ten minste 26 dB dient te bedragen. Door hieraan te voldoen is er sprake van een goed woon- en leefklimaat en bestaan er vanuit het aspect geluid geen belemmeringen voor de uitvoering van het plan.
4.4 Externe veiligheid Toetsingskader Externe veiligheid gaat over het beheersen van de risico's voor de omgeving bij gebruik, opslag en vervoer van gevaarlijke stoffen. De normen voor externe veiligheid zijn vastgelegd in onder andere het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi), het Besluit externe veiligheid transportroutes (Bevt) en het Besluit externe veiligheid buisleidingen (Bevb). In voornoemde Besluiten is een verantwoordingsplicht bij een toename van het groepsrisico opgenomen. Het aspect externe veiligheid wordt beoordeeld met het plaatsgebonden risico (PR) en het groepsrisico (GR). Het PR is de berekende kans per jaar, dat een persoon overlijdt als rechtstreeks gevolg van een ongeval bij een risicobron, aangenomen dat hij op die plaats permanent en onbeschermd verblijft. Het GR is de kans dat een groep mensen overlijdt door een ongeval met gevaarlijke stoffen. Het GR moet worden gezien als een maat voor maatschappelijke ontwrichting. Voor het GR is een oriënterende waarde bepaald. Dit betreft geen harde norm, maar vormt een onderdeel bij de beoordeling van de aanvaardbaarheid van het risico. Toetsing Uit de risicokaart blijkt dat in de directe omgeving van het plangebied geen risicobronnen voorkomen. Vanuit externe veiligheid bestaan er daarom geen belemmeringen voor de ontwikkeling van een nieuw woongebied.
4.5 Verkeer en parkeren Toetsingskader Vanuit een goede ruimtelijke ordening is het van belang dat in het plan wordt beoordeeld dat de ontsluitende wegen voldoende capaciteit hebben om het verkeer van en naar het plangebied af te wikkelen. Daarnaast moet worden voorzien in voldoende parkeergelegenheid, om overlast van geparkeerde auto’s te voorkomen. Hierbij wordt uitgegaan van de verkeerkentallen uit CROW uitgave 381. Toetsing Verkeersafwikkeling De verkeersafwikkeling is voor dit plan goed geregeld. Het plangebied krijgt een dubbele ontsluiting, waarvan één direct op de Oude Commissieweg, die onderdeel is van de belangrijkste doorgaande route door Burgum. Aansluitingen op deze weg worden bij voorkeur vormgegeven als rontondes. Tussenliggende aansluitingen moeten zo verkeersluw mogelijk gehouden worden. In dit 24
geval wordt de veiligheid gewaarborgd door een kruising vorm te geven als een snelheidsremmend plateau. Bij de aansluiting op de Burg. Lohmanlaan is aandacht nodig voor de aansluiting van de fiets- en wandelverbinding naar het centrum. Deze aspecten worden bij de uitwerking van de plannen in overleg tussen gemeente en de ontwikkelaar verder vormgegeven. De aansluiting op de Burg. Lohmanlaan wordt overzichtelijk en ruim vormgegeven, waarmee de verkeersveiligheid wordt gewaarborgd. Het verkeer zal zich naar verwachting spreiden over de twee ontsluitingen, afhankelijk van waar men in het plangebied woont en waar men vandaan komt of naartoe wil.
Parkeren Het uitgangspunt voor parkeren is het voorkomen van een onevenredige parkeerdruk in de omgeving. De parkeerbehoefte is op basis van de normering als volgt bepaald: Woningtype Sociale huur Koop tussen/hoek Twee onder een kap Vrijstaande woning Sociale huur (Locatie Kingma)
Aantal 16 46 16 2 21
Gemiddelde norm 1,6 pp/w 2,0 pp/w 2,2 pp/w 2,2 pp/w 1,6 pp/w
Parkeerbehoefte 25,6 pp 92 pp 35,2 pp 4,4 pp 33,6
Op basis van deze parkeernormen zijn in het woongebied 158 parkeerplaatsen nodig en nog 34 bij het nader in te vullen gebied op de Kingma-locatie. Alle twee-onder-een-kap en vrijstaande woningen en enkele hoekwoningen krijgen 2 parkeerplaatsen op eigen erf. Dit zijn in totaal 44 parkeerplaatsen. De overige 114 moeten in de openbare ruimte worden aangelegd. Het stedenbouwkundig plan voorziet hierin. Er komen 52 parkeerplaatsen in het zuidelijk deel en 75 in het noordelijk deel. Hiermee wordt aan de uitgangspunten voor parkeren voldaan en is gewaarborgd dat het plan geen parkeerhinder in de omgeving veroorzaakt. In de regels van dit bestemmingsplan is een bepaling opgenomen die dit waarborgt.
25
BESTEMMINGSPLAN MOOI BURGUM – DEEL 1
Op basis van de kentallen uit CROW-publicatie 381 wordt voor grondgebonden woningen uitgegaan van 8,1, 7,7, 7,3 en 5,4 mvt/etmaal voor respectievelijk vrijstaande woningen, tweekappers, rijwoningen en sociale huur. Dit betekent dat de verkeersgeneratie vanuit het woongebied theoretisch 562 mvt/etmaal. Dit verkeer zal zich naar verwachting evenredig verdelen over de twee ontsluitingen (naar verwachting iets meer direct naar de Oude Commisieweg). Het programma van 21 woningen op de Kingmalocatie zal maximaal 114 mvt/etmaal genereren, dat geheel op de Oude Commissieweg is ontsloten. De verkeerstoename op een klein deel van de Burg. Lohmanlaan zal maximaal 281 mvt/etmaal zijn. De weg kan deze toename gemakkelijk verwerken. Het overige verkeer, ongeveer 395 mvt/etmaal, ontsluit op de Oude Commissieweg.