CConstaterende datTytsjerksteradiel
Koppel je AI →
Document · PDF

05 - Bijlage 5.1 - KSO Fryslan Hoofdrapportage Eindversie

RAAD IT BESLUT 27 november 2025, gemeente TytsjerksteradielBij agendapunt: Uitvoering Centrumplan Burgum: Schoolstraat, Passaazje en Markt (besprekstik)28.443 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

Koopstromenonderzoek Provincie Fryslân 2024

Hoofdrapport

Colofon Uitgave BRDG Advies Wederik 1 9801 LX Zuidhorn

Ipsos I&O Zuiderval 70 7543 EM Enschede

Rapportnummer 2024/196

Datum september 2024

Opdrachtgever Provincie Fryslân

Auteurs Mischa de Gier, Miesja Oliemans (BRDG Advies) Ralf ten Hove, Carmen de Krosse, Robert Nordeman (Ipsos I&O)

Copyright Het overnemen uit deze publicatie is toegestaan, mits de bron duidelijk wordt vermeld.

Koopstromenonderzoek Provincie Fryslân 2024

2 van 119

Inhoudsopgave Managementsamenvatting ____________________________________________________________________ 5 Belangrijkste conclusies KSO Fryslân 2017 _________________________ 5 Ontwikkelingen 2017-2024 __________________________________ 5 Aanbod en werkgelegenheid _________________________________ 6 Friese retailmarkt en koopstromen, inclusief horeca ___________________ 6 Consumentengedrag ______________________________________ 7 Belangrijkste aanbevelingen KSO 2024 ___________________________ 8

1

Koopstromenonderzoek 2024 ______________________________________________________ 10 1.1 1.2 1.3 1.4 1.5 1.6

2

Vraagkant van de markt ____________________________________________________________ 21 2.1 2.2 2.3 2.4

3

Ontwikkeling aanbod _______________________________ 29 Werkgelegenheid __________________________________ 41

Koopstromen _______________________________________________________________________ 43 4.1 4.2 4.3 4.4 4.5 4.6 4.7 4.8

5

Inleiding _______________________________________ 21 Ontwikkeling bevolking ______________________________ 21 Ontwikkeling inkomen ______________________________ 25 Ontwikkeling bestedingen ____________________________ 27

Aanbodkant van de markt en werkgelegenheid ______________________________________ 29 3.1 3.2

4

Inleiding _______________________________________ 10 Onderzoeksopzet KSO Fryslân ___________________________ 13 Wat zijn koopstromen precies? __________________________ 15 Indeling van branches en winkelgebieden ____________________ 17 Hoofdrapportage en factsheets __________________________ 19 Leeswijzer ______________________________________ 19

Inleiding ______________________________________ 43 Opbouw koopstromen ______________________________ 43 Bestedingen detailhandel_____________________________ 45 Binding _______________________________________ 46 Afvloeiing fysiek en online ____________________________ 57 Toevloeiing _____________________________________ 60 Koopstromen tussen gemeenten ________________________ 64 Binding en toevloeiing horeca __________________________ 66

Omzet en marktaandelen winkelgebieden ___________________________________________ 69

Koopstromenonderzoek Provincie Fryslân 2024

3 van 119

6

Bezoekgedrag en beoordeling ______________________________________________________ 71 6.1 6.2 6.3 6.4 6.5 6.6 6.7 6.8

Inleiding _______________________________________ 71 Bezoekredenen____________________________________ 71 Motieven online-aankopen ___________________________ 74 Bezoekfrequentie en verblijfsduur _______________________ 76 Vervoermiddel bij bezoek winkelgebieden ___________________ 78 Bezoekredenen en combinatiebezoek ______________________ 79 Beoordeling van winkelgebieden _________________________ 81 Bezoekgedrag horeca _______________________________ 83

7

Verdieping: toeristische aandelen en bezoekerskenmerken geselecteerde winkelgebieden_____________________________________________________________________ 84

8

Conclusies en reflectie _____________________________________________________________ 90 8.1 8.2

Inleiding: razendsnelle ontwikkeling retailsector _______________ 90 Belangrijkste conclusies KSO Fryslân 2024 __________________ 92

9

Perspectief en aanbevelingen ______________________________________________________ 99

A

Van-naar-tabellen ________________________________________________________________ 105

B

Indeling onderzoeksgebied _______________________________________________________ 113

C

Begrippenlijst ____________________________________________________________________ 116

D

Vragenlijsten _____________________________________________________________________ 119

Koopstromenonderzoek Provincie Fryslân 2024

4 van 119

Managementsamenvatting Belangrijkste conclusies KSO Fryslân 2017 • In het KSO Fryslân 2017 kwam een beeld naar voren van een detailhandelsbranche die tussen 2007 en 2017 fors is gegroeid (+13 procent aan winkelmeters). • In deze rapportage werd benoemd dat de koopstromen niet fundamenteel veranderd waren in de periode 2007-2017. Wanneer er wel verandering was, kwam dit doordat grotere winkelgebieden een steeds dominantere positie innamen ten koste van de kleinere gebieden. • Hoewel het online verkoopkanaal in 2017 nog niet volledig tot ontwikkeling was gekomen werd destijds al benoemd dat online aankopen naar verwachting een steeds groter aandeel van de totale ‘retailmarkt’ voor hun rekening zouden nemen. Dit zou de totale vraag naar ‘fysieke retail’ doen afnemen. • Er werd, op basis van bovenstaande factoren, in deze rapportage gewaarschuwd voor een toenemend risico op leegstand. Het leegstandspercentage lag in 2017 al op 7,7 procent en er werd dan ook geadviseerd een fonds op te starten om winkelmeters actief te saneren/transformeren en bestaande winkels te clusteren in compacte winkelgebieden.

• Om de kracht van winkelgebieden zo groot mogelijk te houden, werd in 2017 geadviseerd in te zetten op enerzijds het beter benutten van de Friese identiteit als marketinginstrument en anderzijds in te zetten op de uitstraling en inrichting van de openbare ruimte in winkelgebieden, via onder andere een beeldkwaliteitsplan en aankleding van gevels en blinde muren. Ook het versterken van faciliteiten zoals Wifi werd daarbij aanbevolen. Tot slot werd geadviseerd ondernemers in winkelgebieden te ondersteunen in hun professioneel ondernemerschap. Ontwikkelingen 2017-2024 Tussen 2017 en 2024 hebben zich enkele belangrijke ontwikkelingen voorgedaan: • Allereerst heeft de geanticipeerde inwonerskrimp in delen van de provincie zich in de praktijk (nog) niet voorgedaan. In 2024 wonen in Fryslân bijna 662.000 inwoners, een stijging van 2,4 procent ten opzichte van de periode van het vorige onderzoek. In alle gemeenten is het inwoneraantal ten opzichte van 2017 gestegen, al zijn de verschillen groot: de stedelijke gebieden groeien een stuk sneller dan de landelijke gebieden. Vergrijzing zet zich daarbij steeds verder door, met name in de landelijke gebieden. • Veel fundamenteler is de ontwikkeling van het online verkoopkanaal, dat sinds enkele jaren niet meer weg te denken is. In sommige branches (zoals elektronica en media) wordt inmiddels circa 40 procent via het online kanaal verkocht.

Voor winkels en winkelgebieden is het een voortdurende uitdaging om relevant te blijven in een wereld waarin inmiddels nagenoeg alles online kan worden gekocht. • Onder aan de streep betekent deze ontwikkeling een minder grote omzet voor winkels en een vermindering van het aantal winkels. Dit wordt overal gevoeld: in kleine kernen die hun (soms laatste) zelfstandige winkeliers verliezen, in middelgrote kernen die met hun te beperkte aanbod moeite hebben de shoppende consument te interesseren en de grote steden die weliswaar veel sfeer en beleving hebben, maar die regioconsumenten toch vaak voor het gemak van internet zien kiezen. • Aan de andere kant weten we dat mensen nog steeds een enorme behoefte voelen om elkaar te ontmoeten, te verblijven, te recreëren en te consumeren.

Koopstromenonderzoek Provincie Fryslân 2024

5 van 119

•

•

We willen elkaar opzoeken en genieten. In deze behoefte blijft een kans liggen voor sterke Friese centrumgebieden met een goed (groen) ingerichte openbare ruimte en een sterk aanbod. Uiteindelijk zien we een duidelijke trend waarin centrumgebieden een andere functiemix krijgen, waarbij een verschuiving van ‘place to buy naar place to be’ gaande is. Winkelen blijft daarbij belangrijk, maar speelt een minder dominante rol, zeker onder jongeren.

Aanbod en werkgelegenheid • De afname van het aantal winkels in Fryslân is aanzienlijk. In heel Fryslân zijn er op dit moment 3.611 winkels, een daling van 637 winkels sinds 2017 (-15 procent). Het aantal recreatieve en doelgerichte winkels (o.a. wonen, bruin & witgoed, plant & dier, doe-het-zelf) daalde met respectievelijk 17,0 procent en 18,6 procent, maar ook het aantal dagelijkse winkels daalde met 7,2 procent. Het gaat in deze laatste categorie vooral om verswinkels. • Qua vierkante meters winkelvloeroppervlak heeft de Friese retail zich op verschillende manieren ontwikkeld: terwijl tussen 2017 en 2024 het totaal aantal winkelmeters in de dagelijkse branche (boodschappen, drogisten) steeg met 9,4%, daalde deze juist aanzienlijk in de recreatieve sector o.a. mode, luxe, huishoudelijk, vrije tijd) en in de doelgerichte sector (wonen, bruin&witgoed, plant&dier, doe-het-zelf). Het aantal winkels daalt dus harder dan de oppervlakte. Dat betekent dat de gemiddelde schaalgrootte van overblijvende winkels stijgt. • In de sectoren horeca en dienstverlening zien we ook een daling. Alleen de grootste plaatsen (Leeuwarden, Drachten) zien een stijging in het aanbod aan horeca. • Een erg positief punt is de afname van de hoeveelheid leegstand in de provincie. Ten opzichte van zeven jaar geleden is de hoeveelheid leegstand met maar liefst 48 procent teruggedrongen, bijna een halvering.

Inmiddels staan er in Fryslân nog 433 winkelpanden leeg, met een oppervlakte van circa 83.000m2 WVO. De belangrijkste oorzaak is het transformeren van winkelpanden naar andere bestemmingen, zoals woningen. Het leegstandspercentage is naar 4,4 procent gedaald. Daarmee is Fryslân in 2024 de provincie met het laagste leegstandspercentage van Nederland. • Detailhandel, horeca en cultuur zijn samen goed voor 44.000 banen, 13,6 procent van het totaal aantal banen in de provincie. Gezien bovenstaande is het opvallend te zien dat het aantal banen is toegenomen in de detailhandel. Dit wordt vooral veroorzaakt door een toename van het aantal banen in de dagelijkse sector (met supermarkten als belangrijkste motor). Ook het aantal banen in de horeca is gestegen. Friese retailmarkt en koopstromen, inclusief horeca • De Friese retailmarkt heeft een omvang van circa 4,2 miljard euro (optelsom van alle bestedingen door Friezen binnen en buiten de provincie én online). Ongeveer de helft (€ 2,1 miljard) van deze bestedingen vindt plaats in (fysieke) dagelijkse winkels, met een groot aandeel voor de supermarkten. De fysieke recreatieve en doelgerichte sector mogen elk jaar respectievelijk € 0,7 miljard en € 0,8 miljard tegemoet zien, terwijl het totale online kanaal inmiddels goed is voor bestedingen van € 0,6 miljard.

• De verschillen in koopstromen in de verschillende gebieden en sectoren zijn groot. Over het algemeen is de koopkrachtbinding (het percentage bestedingen dat een inwoner in de eigen gemeente doet) met afstand het grootst bij het doen van de dagelijkse aankopen en veel kleiner in de recreatieve en doelgerichte sector. Met name in de recreatieve sector winkelt men ófwel wat verder weg (fysieke afvloeiing) of op het internet (online afvloeiing).

Koopstromenonderzoek Provincie Fryslân 2024

6 van 119

•

•

•

•

•

•

•

In de gemeenten met de grootste winkelgebieden (centra van Leeuwarden, Drachten en Sneek) blijkt de binding het grootst, terwijl deze het laagst is in gebieden zonder echt grote winkelkernen (zoals Dantumadiel en Opsterland), zeker als een grotere winkelkern relatief dichtbij is buiten de gemeentegrenzen. Ten opzichte van 2016/2017 is de binding in de dagelijkse sector behoorlijk stabiel gebleven. Vooral de koopkrachtbinding in de recreatieve sector, en in mindere mate in doelgerichte sector, is veranderd. Globaal kan gezegd worden dat veel kernen een daling hebben gezien van 15 tot 20 procent van hun bindingspercentage. Het ligt voor de hand dat het online winkelen hier sterk verantwoordelijk voor is, ook al omdat we geen grote verschuivingen in de fysieke afvloeiing naar andere winkelgebieden waarnemen. De branches met het grootste online aandeel zijn elektronica, media en hobby en ook mode. In deze branches is meer dan 30 procent van de aankopen inmiddels online. Met name de impact van het online aandeel in de modesector wordt gevoeld in de winkelgebieden, zo blijkt uit de ontwikkeling van het aantal modewinkels. Hoewel het online aankopen van dagelijkse boodschappen groeit, is het online aandeel in de uitgaven aan boodschappen op dit moment nog slechts 3 procent.

De grootste kernen zien, niet verwonderlijk, de grootste toevloeiing (aandeel van de omzet van bezoekers van buiten de eigen gemeente: dus o.a. regiobezoekers en toeristen). Naast de grote steden zoals Leeuwarden, Drachten en Sneek zien we ook dat enkele kleinere plaatsen opvallend veel trekkracht hebben. Het betreft bijvoorbeeld Gorredijk, Surhuisterveen en Burgum. Het toerisme, als onderdeel van de toevloeiing, is een factor van groot belang voor de detailhandel in sommige delen van de provincie. Met name de grote steden, de Wadden en de watersportplaatsen langs het IJsselmeer en in het merengebied zien dat een groot aandeel van hun omzet gegenereerd wordt door toeristen. Dit geldt ook voor de horeca. Uit enquêtes onder deze toeristen blijkt ook dat ze meer besteden dan lokale inwoners, zeker als ze van verder weg komen. In diverse opzichten hebben de Waddeneilanden een afwijkend patroon van de rest van het vasteland. Enerzijds zien we dat een veel groter aandeel van de omzet gegenereerd wordt door bezoekers van buitenaf (toevloeiing). Anderzijds blijkt dat de inwoners van de Wadden, met name van de kleinere eilanden, zelf veel aan (moeten) kopen buiten het eigen eiland. Van oudsher gebeurt dat op het vasteland, maar dit wordt steeds meer vervangen door het online kanaal. Inwoners van de Wadden besteden een veel groter aandeel online dan inwoners van het vasteland.

Voor het eerst zijn in het KSO 2024 in Fryslân ook de horeca-stromen in beeld gebracht. De totale omzet in de Friese horeca bedraagt jaarlijks ruim € 850 miljoen. Een groot deel van de bestedingen door Friezen in de horeca vindt plaats in of nabij de eigen woonplaats. We zien dat stedelijke gemeenten met een groot horeca-aanbod het grootste aandeel inwoners aan zich binden en ook de grootste toevloeiing van buitenaf kennen. In meer landelijke gebieden zijn mensen vaker bereid verder te reizen voor een horecabezoek.

Consumentengedrag • De factor ‘nabijheid’ is voor veel kleine en middelgrote winkelgebieden in Fryslân het belangrijkste argument voor consumenten om het gebied te bezoeken. Dit geldt met name bij het boodschappen doen, maar ook nog veel bij het doen van aankopen van bijvoorbeeld mode.

Koopstromenonderzoek Provincie Fryslân 2024

7 van 119

•

•

•

•

•

•

•

•

Wel zien we dat, hoe groter een winkelgebied is, hoe meer bezoekers als reden aangeven dat ze (ook) komen voor het brede aanbod, de kwaliteit van winkels, de sfeer en andere functies (zoals horeca en cultuur). Het grootste deel van de winkelbezoekjes van de Friese consument is kort en frequent en dan betreft het met name het boodschappen doen. De verblijfsduur neemt toe bij het modisch winkelen en is ook langer in grotere winkelgebieden. Eigenlijk weten alleen de grotere winkelgebieden een significant deel van de bezoekers te verleiden wat langer te blijven. In kleinere gebieden bezoekt nagenoeg iedereen (98 procent) het gebied korter dan twee uur. Het autogebruik blijft zeer belangrijk bij het winkelen, in alle situaties. De keuze voor een vervoermiddel hangt vooral samen met de woonlocatie: stedelijke gebieden kennen een veel hoger aandeel winkelbezoekers dat per fiets of te voet gaat, terwijl in de landelijke gebieden het autogebruik oploopt tot bijna 80 procent. Alleen bij het (recreatieve) winkelen naar mode in de grotere steden speelt het OV enigszins een rol. De supermarkt staat centraal bij bezoekers van kleinere winkelgebieden. In grotere gebieden is dit belang kleiner. Daar spelen winkelaanbod en horeca-aanbod een grotere rol, aangevuld met cultuur/sport/entertainment.

Ook het aandeel bezoekers dat aangeeft een warenmarkt te bezoeken is aanzienlijk, zeker in de grotere winkelgebieden (waar vaak ook een grotere markt is) Met betrekking tot het online koopgedrag valt vooral waar te nemen dat consumenten kiezen voor gemak en tijdsbesparing en soms ook breedte en diepte van het beschikbare aanbod. Prijs speelt veel minder vaak een rol. De lokale winkelier heeft qua aandeel in de online verkopen nog slechts een marginale rol: het gros van de online aankopen door Friezen gebeurt bij grote platforms en/of grote merken. De consumenten in Friesland waarderen de Friese winkelgebieden over het algemeen goed. Op alle onderdelen waarop bevraagd wordt (aanbod, omgeving, bereikbaarheid, etc.) zien we een stijging ten opzichte van enkele jaren geleden en ook is de beoordeling structureel net iets hoger dan in andere regio’s in Nederland. De winkelgebieden in Fryslân scoren vooral goed op service en klantcontact, veiligheid/netheid en aanbod. Met name de eerste twee punten lijken nauw samen te hangen met het karakter van de Friese winkelstructuur met veel zelfstandig (benaderbaar) ondernemerschap. Ten opzichte van andere KSO’s scoort Fryslân met name wat lager op het thema ‘aanwezigheid van groen’. Gezien het steeds grotere belang van enerzijds verblijfskwaliteit en anderzijds klimaatadaptatie is dit een belangrijk aandachtspunt.

Belangrijkste aanbevelingen KSO 2024 • Ten opzichte van de afgelopen decennia lijken de ontwikkelingen in de retail steeds sneller te gaan. Groei van online verkopen, maar ook verandering in bevolkingssamenstelling (inclusief de vergrijzing van de zelfstandige winkelier) en de Nederlandse huisvestingopgave blijven de komende jaren een potentieel forse impact hebben. Het is zaak voortdurend te blijven monitoren en beleid actueel te houden. We adviseren gemeenten ongeveer eens per vijf jaar hun detailhandelsbeleid te actualiseren. • Een gezond aantal inwoners is van essentieel belang voor het voortbestaan van winkelvoorzieningen, die op hun beurt weer bijdragen aan leefbaarheid.

Koopstromenonderzoek Provincie Fryslân 2024

8 van 119

•

•

•

•

•

•

•

Het is daarom belangrijk dat vooral kleinere kernen voldoende blijven investeren in groei en waar mogelijk verjonging van de bevolking, bijvoorbeeld door het zorgvuldig toevoegen van woningvoorraad, juist óók in kleine kernen waar nog een compact maar levensvatbaar aanbod aan winkels aanwezig is. Op het moment dat dit aanbod verdwijnt loopt namelijk ook de leefbaarheid terug. Met name de aanwezigheid van een supermarkt speelt hierbij een sleutelrol. Het is in sommige gebieden van groot belang om te kiezen voor één groter, toekomstbestendig winkelcentrum met voldoende interessant aanbod, in plaats van enkele kleinere niet-levensvatbare clusters in datzelfde gebied. We beseffen ons terdege dat dit soms pijnlijke keuzes zijn, zeker in de fijnmazige Friese structuur van steden en dorpen. Het alternatief echter, namelijk geen keuze maken, kan betekenen dat de consument uitwijkt naar andere centra of naar het online kanaal en dat er helemaal geen levensvatbaar centrum overblijft. Voor de provincie Fryslân betekent dit maatwerk. In de grotere winkelgebieden adviseren we geleidelijk toe te werken naar een nieuwe functiemix met minder detailhandel, met wat meer horeca, meer wonen en waar mogelijk ook met maatschappelijke en culturele voorzieningen. Een centrum moet voor een inwoner maatschappelijk relevant blijven door de functies te bieden waar de inwoner naar op zoek is.

Dit vergroot het aantal bezoekredenen en daar profiteert de aanwezige retail ook van. In deze functiemix, maar ook in de inrichting van winkelgebieden, is het ook belangrijk voldoende aandacht te hebben voor zowel de groeiende groep ouderen als voor de nieuwe generatie consumenten: de jongeren. We adviseren om de komende jaren fors te investeren in de vergroening van winkelgebieden: enerzijds is er de noodzaak van klimaatadaptatie en het voorkomen van hittestress; anderzijds past een groenere en aangenamere stedelijke omgeving ook goed bij het bezoekgedrag van de toekomst. Uit onderzoek blijkt dat een consument langer blijft in een groener winkelgebied en daar ook meer besteedt. We adviseren winkelgebieden en gemeenten goed na te denken over hun onderscheidend vermogen (identiteit) en dit verder uit te nutten. Succesvolle winkelgebieden in Fryslân en in heel Nederland zetten welbewust in op bijvoorbeeld hun historische profiel of juist hun bijzondere aanbod aan winkelbedrijven. Fryslân, met haar vele historische plaatsen, aanwezigheid van water én het grote aanbod aan zelfstandig ondernemerschap, heeft wat dat betreft heel wat troeven in handen. In de concurrentie met het online kanaal is het belangrijk dit unieke karakter te gebruiken. Samenwerking op gebiedsniveau, bijvoorbeeld in een Ondernemersfonds (BIZ) is vaak een voorwaarde.

In lijn met bovenstaande: veel winkelgebieden drijven (naast noodzakelijk aanbod als een supermarkt) op de kracht van lokaal aanwezig en kwalitatief sterk ondernemerschap. Maar dit ondernemerschap staat onder druk, onder andere door vergrijzing en ontwikkelingen in de branche. Wij adviseren de komende jaren om proactief te bekijken hoe het lokale ondernemerschap in de retail de komende jaren kan worden ondersteund. Denk aan herijken van businessmodellen of het tijdig starten met bedrijfsopvolging. We adviseren om de ontwikkeling van detailhandel en toerisme in samenhang te bekijken. In diverse winkelgebieden in Fryslân is de detailhandel in hoge mate afhankelijk van de inkomsten uit de toeristische sector. Maar detailhandel draagt andersom ook weer bij aan het toeristisch profiel. Goede onderlinge afstemming, bijvoorbeeld in fysieke ontwikkeling (denk aan een jachthaven vlakbij een winkelgebied in plaats van ver buiten het centrum), of in gezamenlijke marketing, zorgt voor wederzijds profijt.

Koopstromenonderzoek Provincie Fryslân 2024

9 van 119

1

Koopstromenonderzoek 2024

1.1

Inleiding

Fryslân is een provincie die niet alleen gekenmerkt wordt door water en natuur: ook een groot aantal prachtige en levendige, grotere en kleinere steden en dorpen maken een belangrijk deel uit van de Friese identiteit. Deze kernen zijn van groot belang voor de inwoners en bezoekers van de provincie. Met name de centra en (daarbinnen) de winkelgebieden spelen een belangrijke rol in de leefbaarheid in Fryslân. Binnensteden, dorpskernen en andere winkelgebieden vormen het ‘hart’ van een stad of dorp. Ze bieden ontmoeting en ontspanning, identiteit en trots; ze geven inwoners en bezoekers de mogelijkheden om te winkelen en te recreëren en ze voorzien in inkomsten voor ondernemers en in werkgelegenheid. Het is daarom van belang zorgvuldig met deze centra om te gaan, in het heden en in de toekomst. Voor zowel consumenten als marktpartijen is een goed functionerende en bestendige winkelstructuur op lokaal en regionaal niveau belangrijk. Een gezonde winkelstructuur zorgt ervoor dat consumenten kunnen (blijven) winkelen zoals ze dat graag willen, dat steden zich blijven ontwikkelen en dat ondernemers en investeerders een goede boterham kunnen verdienen. Dynamiek in detailhandel Een sterke winkelstructuur is geen automatisme: het winkellandschap is voortdurend in beweging. Deze conclusie kan voor veel sectoren getrokken worden, maar voor de detailhandel/retail in het bijzonder.

De opkomst van het online winkelen, sociale media, vergrijzing, veranderende consumentenvoorkeuren, inflatie, duurzaamheid: het zijn allemaal trends die de sector fors beïnvloeden. Deze trends zijn overal te merken: ondernemers beleven soms zware tijden en leegstand ligt op de loer. Veel formules die tien jaar geleden nog niet weg te denken waren uit het straatbeeld bestaan nu niet meer. Andere ketens passen hun locatiebeleid aan en trekken zich terug uit middelgrote steden. Zelfstandige ondernemers kunnen hun bedrijf niet altijd zomaar meer verkopen, maar tegelijkertijd zien we juist veel lokale ondernemers starten. De aanwezigheid van winkels in centrumgebieden is al met al minder dominant dan jaren geleden, zo blijkt bijvoorbeeld uit recente koopstromenonderzoeken 1, maar speelt nog steeds een hele belangrijke rol, in combinatie met horeca en een aantrekkelijke verblijfsruimte. In sommige aanloopstraten van winkelgebieden is er volop transformatie van winkelpanden naar bijvoorbeeld woningen.

1

Bijvoorbeeld: KSO Oost-Nederland (2023), KSO Groningen (2020), KSO Randstad (2021).

Koopstromenonderzoek Provincie Fryslân 2024

10 van 119

Meerwaarde van inzicht in Friese koopstromen Er is al met al sprake van een voortdurende dynamiek, waardoor het voor ondernemers, investeerders, eigenaren en (lokale en regionale) overheden belangrijk is voortdurend te monitoren en op basis daarvan afgewogen keuzes te maken. Kiezen en bijsturen kan alleen op basis van betrouwbare en actuele data en heldere analyses. Inzicht in de lokale, regionale en provinciale koopstromen is daarbij een belangrijke basis. Immers, pas wanneer bekend is hoe de consument zich momenteel gedraagt, hoe en waar deze zijn/haar aankopen doet en hoe hij/zij gebieden beoordeelt, is het mogelijk weloverwogen keuzes te maken. Kennis over ruimtelijk consumentengedrag is een belangrijke pijler voor het nemen van goede investeringsbeslissingen en het vormen van effectief detailhandelsbeleid. De Provincie Fryslân beoogt om periodiek inzicht te verschaffen in het koopgedrag via een onafhankelijk provinciaal koopstromenonderzoek. Het hier voorliggende Koopstromenonderzoek 2024 (KSO 2024) is een vervolg op het Koopstromenonderzoek Fryslân dat eind 2016/begin 2017 is uitgevoerd. In het Interprovinciaal Overleg (IPO) is door provincies uitgesproken dat er in de toekomst naar gestreefd wordt ongeveer eens per 5 jaar een KSO uit te voeren.

Het onderzoeksgebied (Figuur 1.1) beslaat de gehele provincie Fryslân inclusief Waddeneilanden2, waarbij ook het consumentengedrag in de randgemeenten in de provincies Flevoland, Overijssel, Drenthe en Groningen betrokken wordt. In de analyse worden ook bestedingen van toeristen meegenomen.3 Relatief nieuw (voor het eerst geïntroduceerd in het KSO Oost-Nederland 2023) is dat horecabestedingen in het KSO Fryslân ook als volwaardige koopstroom in beeld worden gebracht.

2

Vanwege het geringe aantal inwoners in de vier Waddengemeenten is de respons op de huishoudensenquête in absolute zin dusdanig laag dat de resultaten als indicatief (Terschelling en Ameland) of sterk indicatief (Vlieland en Schiermonnikoog) moeten worden beschouwd. 3 In dit onderzoek definiëren we toeristen als bezoekers van buiten de provincie Fryslân en van buiten het randgebied, die bestedingen doen in detailhandel en/of horeca. Het gaat daarbij om de optelsom van dagtoeristen en verblijfstoeristen (met minimaal één overnachting).

Koopstromenonderzoek Provincie Fryslân 2024

11 van 119

Figuur 1.1. Onderzoeksgebied (donkerblauw: het primaire onderzoeksgebied provincie Fryslân; lichtblauw: de randgebieden in Flevoland, Overijssel, Drenthe en Groningen)

Ten opzichte van het vorige onderzoek is er een aantal wijzigingen doorgevoerd; deze bespreken we in paragraaf 1.2. Met de doorgevoerde wijzigingen haakt de provincie aan bij de methodologie zoals deze inmiddels in koopstromenonderzoeken in het grootste deel van Nederland gehanteerd wordt. De afspraken over de te hanteren methodologie zijn in het Interprovinciaal Overleg (IPO) vastgelegd in het ‘Afsprakenkader Landelijke Richtlijnen Koopstromenonderzoek’. Door koopstromenonderzoeken overal in Nederland op een vergelijkbare manier te onderzoeken, zijn de resultaten goed vergelijkbaar. Fryslân kan zo haar koopstromen vergelijken met gebieden waar recent onderzoeken hebben plaatsgevonden. Het Koopstromenonderzoek Oost-Nederland (2023), Koopstromenonderzoek Groningen (2022) en Koopstromenonderzoek Randstad en Noord-Brabant (2021) zijn daarbij de meest recente onderzoeken.

Koopstromenonderzoek Provincie Fryslân 2024

12 van 119

1.2

Onderzoeksopzet KSO Fryslân

In de periode maart en april 2024 hebben in totaal ruim 16.700 inwoners, verspreid over alle gemeenten in de provincie Fryslân en de randgemeenten van Fryslân (in Flevoland, Overijssel, Drenthe en Groningen) een online enquête ingevuld. Dit noemen we de ‘huishoudensenquête’. Huishoudens zijn benaderd via een adressensteekproef en deels via panels en een open link. In de huishoudensenquête kregen respondenten de mogelijkheid aan te geven: • waar ze hun boodschappen en andere aankopen de laatste keer deden; • waarom ze dat op die plek hebben gedaan; • en hoe ze dat hebben gedaan. Ook het consumentengedrag in de online sector is in de huishoudensenquête in beeld gebracht. Zo konden respondenten aangeven wáár zij online kochten (bijv. platform of individueel bedrijf), waarom ze dat deden (bijv. vergelijkingsmogelijkheden en tijdsbesparing) en hoe vaak zij producten retourneerden. Ook het bestedingsgedrag in de horeca is opgenomen in de huishoudensenquête. Zo kunnen respondenten aangeven wáár ze horeca bezoeken, hoe vaak ze dat doen en in welk dagdeel. Voor zover het fysieke winkelgebieden betrof, kon men in de huishoudensenquête winkelgebieden ook beoordelen op diverse aspecten, zoals het winkelaanbod, de netheid en de parkeermogelijkheden. De enquête was zowel in het Nederlands als in het Fries beschikbaar.

Uiteindelijk heeft 13 procent van de respondenten de Friese variant ingevuld. Naast de online enquête is aanvullend in 21 plaatsen op het vaste land en daarnaast op de 4 Waddeneilanden geënquêteerd op straat.4 5 In totaal hebben ruim 5.700 respondenten deze enquête ingevuld. Deze aanvullende manier van enquêteren is voornamelijk bedoeld om het aandeel toeristen in beeld te brengen en daarnaast om inzicht te krijgen in het (koop)gedrag van deze toeristische bezoekers. Deze inzichten brengen we in een separaat hoofdstuk in beeld.

4

De locaties zijn vermeld op de kaart in figuur 7.1 in Hoofdstuk 7. Er is een keuze gemaakt om te enquêteren in een mix van grotere kernen en plaatsen met een hoog toeristisch profiel. Daarmee ontstaat een breed totaalbeeld van het toeristisch gedrag. Een volledige spreiding in de provincie was niet het hoofddoel. 5

Koopstromenonderzoek Provincie Fryslân 2024

13 van 119

Figuur 1.2 toont de belangrijkste variabelen die in het onderzoek zijn onderzocht. Figuur 1.2. Belangrijkste onderzochte variabelen

Nieuwe methodiek ten opzichte van 2016/2017 De onderzoeksmethodiek in 2024, met online enquêtes, is afwijkend van die van 2016/2017, waarbij volledig fysiek op straat is geënquêteerd. De reden om dit te doen is gelegen in veranderend consumentengedrag. Om een betrouwbaar koopstromenonderzoek te doen is het van cruciaal belang dat de uitgevoerde enquêtes (de steekproef) een goede representatie geven van de gehele populatie (de inwoners van/rondom de provincie Fryslân). De forse groei van het online winkelen leidt ertoe dat bepaalde groepen consumenten minder of soms zelfs helemaal niet meer in winkelgebieden komen. Dat betekent dat, wanneer fysiek (op straat) wordt geënquêteerd, bovengemiddeld vaak consumenten worden bevraagd die (vaak) naar een winkelgebied komen. De inwoners die veel minder vaak in een winkelgebied komen, raken dan ondervertegenwoordigd. De steekproef is daarmee niet meer aselect6. Door nu huishoudens online te enquêteren is de steekproef een betere afspiegeling van de bevolkingssamenstelling en kan een betrouwbaarder beeld gegeven worden van online bestedingsgedrag en de verhouding tussen online en fysiek winkelen.

6

Een aselecte steekproef onder inwoners betekent dat elke inwoner evenveel kans heeft om bevraagd te worden.

Koopstromenonderzoek Provincie Fryslân 2024

14 van 119

De nieuwe onderzoeksopzet is goed vergelijkbaar met recente onderzoeken in andere delen van Nederland. De vergelijking met de koopstroomcijfers in het vorige koopstromenonderzoek in 2016/2017 is echter niet altijd goed mogelijk: • de enquêteermethode is veranderd: in plaats van enquêtes op straat (passanten) zoals in 2016/2017, worden in 2024 enquêtes online afgenomen; • In 2016/2017 werd er nog vooral op niveau van kernen gerapporteerd. In 2024 kiezen we voor een wijze van rapporteren met twee niveaus: 1) gemeenten en 2) aankooplocaties (winkelgebieden). Het rapporteren op kernniveau kent uitdagingen op het gebied van afbakening: o waar ligt precies de grens van een plaats en wie woont daar? o hoe gaan we om met bewoners buiten kernen (bijvoorbeeld in het landelijk gebied)? o hoe gaan we om met kernen met meerdere winkelgebieden? In het KSO 2024 rapporteren we nog wel over kernen, maar alleen op hoofdlijnen. Daarbij delen we kernen in naar aantal inwoners en doen uitspraken per ‘kern-classificatie’. Dit geeft relevante inzichten, bijvoorbeeld hoe inwoners van grotere kernen ander koopgedrag vertonen dan inwoners van kleinere kernen. Ondanks deze uitdagingen maken we waar mogelijk zoveel mogelijk de vergelijking met 2016/2017.

Daarbij is het zo dat de ‘aanbod’-kant (aantal winkelmeters en aantal winkels), demografische cijfers en werkgelegenheidscijfers wel grotendeels probleemloos vergeleken kunnen worden; bovenstaande uitdaging geldt enkel voor de koopstromen.

1.3

Wat zijn koopstromen precies?

We definiëren koopstromen als ‘de oriëntatie van bestedingen van inwoners van een bepaald gebied’. Anders gezegd: wáár doen inwoners hun aankopen? We hanteren daarbij de volgende begrippen: 1. Binding: het aandeel van het totale bestedingspotentieel (het te besteden inkomen) dat bewoners uitgeven in winkels/horeca in de eigen gemeente (of kern). 2. Afvloeiing: het aandeel van het totale bestedingspotentieel dat bewoners besteden buiten de eigen gemeente (of kern). Zowel fysiek als online. Binding en afvloeiing tellen gezamenlijk altijd op tot 100% (totale bestedingspotentieel). 3. Toevloeiing: het aandeel van de omzet van winkels in de gemeente of winkelgebied afkomstig van bezoekers van buiten de gemeente. Deze toevloeiing is een optelsom van: a. bestedingen vanuit andere gemeenten in onderzoeksgebied/randgebied; b. bezoekers van buiten het onderzoeksgebied, die we hier definiëren als toeristen. NB. Toeristen verdelen we onder in verblijfstoeristen (die ook in het onderzoeksgebied overnachten) en dagtoeristen. In het koopstromenonderzoek is het onderzoeken van bovenstaande stromen een centraal onderdeel.

Koopstromenonderzoek Provincie Fryslân 2024

15 van 119

Maar we behandelen meer dan dat alleen: • We analyseren waaróm inwoners hun bestedingen op een bepaalde plek doen en hóe ze dat doen (bezoekmotieven en bezoekgedrag). • Tot slot koppelen we de koopstromen (feitelijk de vraagkant) aan de aanbodkant: namelijk het aantal winkels/horeca en het aantal winkelmeters in Fryslân binnen bepaalde branches en de ontwikkeling daarin. Voor een gezonde detailhandelsstructuur is het namelijk wenselijk dat het aanbod van winkelruimtes en winkelbedrijven goed aansluit bij de vraagkant. Een en ander is gevisualiseerd in Figuur 1.3.

Figuur 1.3. Schematische weergave koopstromen

Koopstromenonderzoek Provincie Fryslân 2024

16 van 119

1.4

Indeling van branches en winkelgebieden

Branche indeling In het onderzoek wordt binnen de detailhandel een onderscheid gemaakt tussen drie sectoren: • dagelijks; • recreatief; • doelgericht. Ook wordt binnen dit koopstromenonderzoek wordt de sector ‘horeca’ apart belicht als volwaardige koopstroom. In Figuur 1.4 staan de artikelgroepen die binnen de benoemde sectoren vallen. Figuur 1.4. Sectoren en artikelgroepen

In 2016/2017 werd nog de klassieke indeling ‘dagelijks’ en ‘niet-dagelijks’ gebruikt, waarbij niet-dagelijks de optelsom is van de sectoren in het recreatieve en doelgerichte segment. In de praktijk blijkt een onderscheid in bovenstaande drie sectoren echter relevant: er is een aanzienlijk verschil in de wijze waarop consumenten winkels in het recreatieve segment bezoeken ten opzichte van hoe zij dat doen in het doelgerichte segment.

Koopstromenonderzoek Provincie Fryslân 2024

17 van 119

Indeling in typen winkelgebieden Om data inzichtelijk in beeld te brengen, delen we gemeenten of winkelgebieden in categorieën in. Daarbij gebruiken we onder andere de volgende wijzen van indeling: Tabel 1.1a. Indeling winkelgebieden Mate van stedelijkheid van een gemeente, op basis van aantal inwoners per km2 Sterk stedelijk

Leeuwarden

Matig stedelijk

Harlingen, Heerenveen, Smallingerland

Weinig stedelijk

De Fryske Marren, Súdwest-Fryslân, Weststellingwerf

Niet stedelijk

Achtkarspelen, Ameland, Dantumadiel, Noardeast-Fryslân, Ooststellingwerf, Opsterland, Schiermonnikoog, Terschelling, Tytsjerksteradiel, Vlieland, Waadhoeke

Tabel 1.1b. Indeling winkelgebieden Kernclassificatie: kernen ingedeeld op basis van aantal inwoners Vanaf 50.000 inwoners Tussen 20.000 - 50.000 inwoners Tussen 10.000 - 20.000 inwoners Tussen 5.000 - 10.000 inwoners Tot 5.000 inwoners

Tabel 1.1c. Indeling winkelgebieden Winkelgebiedstypering: het grootste winkelgebied in een woonplaats, ingedeeld naar aantal verkooppunten (VKP) Hoofdwinkelgebied groot

VKP tussen 400 en 700

Hoofdwinkelgebied klein

VKP tussen 200 en 400

Kernverzorgend centrum groot

VKP tussen 100 en 200

Kernverzorgend centrum klein

VKP maximaal 100

Tabel 1.1d. Indeling winkelgebieden Omvang winkelgebieden: indeling o.b.v. aantal m2 winkelvloeroppervlakte (WVO) Centrumlocatie 60.000 - 100.000 m2 Centrumlocatie 40.000 - 60.000 m2 Centrumlocatie 20.000 - 40.000 m2 Centrumlocatie 10.000 - 20.000 m2 Centrumlocatie 5.000 - 10.000 m2 Centrumlocatie tot 5.000 m2 Ondersteunend 10.000 -20.000 m2 Ondersteunend 5.000 - 10.000 m2 Ondersteunend 2.500 - 5.000 m2 Ondersteunend tot 2.500 m2 Woonboulevard / grootschalig vanaf 40.000 m2 Woonboulevard / grootschalig 20.000 - 40.000 m2 Woonboulevard / grootschalig tot 20.000 m2

Koopstromenonderzoek Provincie Fryslân 2024

18 van 119

• • •

1.5

Centrumlocatie: het belangrijkste winkelcentrum in een kern. Ondersteunend: een secundair winkelcentrum, veelal een wijkwinkelcentrum. Woonboulevard/grootschalig: een winkelcluster met grootschalige winkelbedrijven (zoals tuincentra, doe-het-zelf-zaken); soms thematisch geclusterd (woonboulevard).

Hoofdrapportage en factsheets

De rapportage over het Koopstromenonderzoek Fryslân 2024 bestaat uit twee onderdelen: • een hoofdrapportage; • factsheets. In voorliggende hoofdrapportage worden de belangrijkste inzichten en conclusies gepresenteerd. Ook wordt ingegaan op vergelijkingen met 2016/2017 en methodologische aspecten. Naast deze hoofdrapportage staat op www.koopstromen.nl/fryslan een serie factsheets, zowel op gemeentelijk niveau als op winkelgebiedsniveau. 7 In deze factsheets wordt specifiek ingegaan op de resultaten die relevant zijn voor de betreffende gemeenten en winkelgebieden. Elke gemeente ontvangt haar eigen factsheets gebundeld, met daarbij een korte oplegger die de meest opvallende data aanstipt en probeert te duiden.

1.6

Leeswijzer

De voorliggende rapportage is als volgt opgebouwd: • In hoofdstuk 2 wordt de vraagkant van de retailmarkt omschreven. Daarbij gaat het om de ontwikkeling van de bevolking (inwonertal en leeftijdsopbouw), de ontwikkeling van het inkomen en de ontwikkeling van de hoeveelheid bestedingen die consumenten doen. • In hoofdstuk 3 volgt de aanbodkant van de retailmarkt. Hierbij gaat het om de ontwikkeling van het aantal meters en het aantal verkooppunten in de verschillende sectoren. Het aanbod wordt zowel op provinciaal als op gemeentelijk niveau weergegeven en de meest opvallende patronen worden uitgelicht. Verder wordt in hoofdstuk 3 aandacht besteed aan de leegstand en werkgelegenheid in de provincie. • In hoofdstuk 4 worden vervolgens de koopstromen toegelicht. Allereerst worden de belangrijkste begrippen (koopkrachtbinding, koopkrachtafvloeiing, koopkrachttoevloeiing) uiteengezet. Daarna wordt per begrip nauwkeurig weergegeven hoe de koopstromen in de verschillende sectoren (dagelijks, recreatief, doelgericht, horeca) in de provincie Fryslân eruitzien. • In hoofdstuk 5 is een verdiepende analyse te vinden, waarin de omzet en marktaandelen van verschillende winkelgebieden worden weergegeven. Ook worden de winkelgebieden met de grootste marktaandelen in de provincie getoond.

7

Enkel de winkelgebieden met een voldoende hoge respons om minimaal 85% betrouwbaarheid te garanderen worden gepubliceerd. Factsheets met een lagere betrouwbaarheid worden inclusief disclaimer aan individuele gemeenten verstrekt wanneer gewenst.

Koopstromenonderzoek Provincie Fryslân 2024

19 van 119

•

•

• •

In hoofdstuk 6 worden het bezoekgedrag en de bezoekersbeoordelingen toegelicht. Er wordt antwoord gegeven op vragen als ‘waarom gaan bezoekers naar een bepaald winkelgebied?’, ‘welke motieven spelen een rol bij online aankopen?’, ‘wat is de bezoekfrequentie en verblijfsduur van bezoekers?’, ‘met welk vervoersmiddel komen bezoekers naar de winkelgebieden?’ en ‘hoe worden de winkelgebieden beoordeeld?’. Naast een algemeen beeld stippen we opvallende resultaten uit specifieke gebieden of categorieën aan. In hoofdstuk 7 volgt een analyse van de aanvullende straatenquête die in 25 specifieke winkelgebieden is uitgevoerd. Achtereenvolgens wordt ingegaan op de herkomst van bezoekers (inclusief aandeel toerisme), bezoekredenen, verblijfsduur en uitgaven. In hoofdstuk 8 worden de belangrijkste inzichten en conclusies van het onderzoek op hoofdlijnen weergegeven. In hoofdstuk 9 wordt afgesloten met een perspectief voor de toekomst met bijbehorende aanbevelingen.

Koopstromenonderzoek Provincie Fryslân 2024

20 van 119

2

Vraagkant van de markt

2.1

Inleiding

In dit hoofdstuk kijken we allereerst nader naar de vraagkant van de retailmarkt. Hoeveel inwoners wonen er in Fryslân en hoe ontwikkelt zich dit aantal? Hoe ontwikkelen de verschillende leeftijdsgroepen zich binnen de bevolking? Wat gebeurt er met het besteedbare inkomen? Deze kerngegevens bepalen in grote mate de (theoretische) omzet op de retailmarkt in de provincie. Dit noemen we het ‘bestedingspotentieel’. De relatie met koopstromen is als volgt: • Het totale bestedingspotentieel van de markt wordt bepaald door de omvang van het aantal inwoners en de besteedbare bedragen. Dit element bespreken we in dit hoofdstuk. • De verdeling van dat bestedingspotentieel wordt bepaald door de koopstromen: wie doet waar zijn/haar aankopen? Dit element bespreken we in hoofdstuk 4. De omzet die uiteindelijk gerealiseerd wordt, wordt niet alleen door inwoners van Fryslân en het randgebied opgebracht, maar ook door toeristen. In de definitie van dit onderzoek zijn dat: alle bezoekers van buiten de provincie en het randgebied, of ze nu voor een dagje, een zakelijk bezoek, een vakantie of om andere redenen in Fryslân zijn. In hoofdstuk 7 gaan we nader in op de component toerisme.

2.2

Ontwikkeling bevolking

Inwonertal In de provincie Fryslân wonen (inclusief de Waddeneilanden) in totaal 661.904 inwoners 8. Ten opzichte van het vorige onderzoek in 2016/2017 is dit gestegen met circa 2,4 procent. De groei van het aantal inwoners in de afgelopen zeven jaar is minder sterk dan dat van de Nederlandse bevolking als geheel. De Nederlandse bevolking is de afgelopen zeven jaar namelijk met circa 5 procent gegroeid. De groei van het inwoneraantal is niet gelijk verdeeld in Fryslân: in de stedelijke gemeenten Leeuwarden en Heerenveen zien we het aantal inwoners sneller stijgen dan in enkele gemeenten met een minder stedelijk profiel (zoals De Fryske Marren en Noardeast-Fryslân). Op de Waddeneilanden zijn de sterkste procentuele stijgingen van het aantal inwoners te zien; op Ameland gaat het om 5,7 procent en op Vlieland om zelfs 15,7 procent (vergeleken met 2017). In absolute zin gaat het op de Wadden om relatief kleine aantallen.

8

Regionale kerncijfers Nederland (CBS Statline, 2024)

Koopstromenonderzoek Provincie Fryslân 2024

21 van 119

Dat het aantal inwoners toeneemt sinds 2017 is in elke gemeente zichtbaar, waarbij de percentages variëren tussen de 0,7 en 15,7 procent. Figuur 2.1 geeft de mate van groei voor elke gemeente weer. Figuur 2.1. Procentuele bevolkingsontwikkeling per gemeente (2017-2024)

Ook de ontwikkeling van de randgebieden is niet overal hetzelfde: terwijl bijvoorbeeld het aantal inwoners in het Groningse Westerkwartier relatief hard stijgt, is dit in de Drentse gemeenten tegen Fryslân aan vrij stabiel of daalt het zelfs licht. Voor de randgemeenten aan de zuidkant, zoals Noordoostpolder en Steenwijkerland, geldt dat het aantal inwoners ook redelijk sterk stijgt. Vergrijzing Fryslân kent de afgelopen jaren een behoorlijk sterke mate van vergrijzing. Deze is sterker dan in veel andere delen van Nederland. Tussen 2017 en 2024 groeide het aandeel inwoners ouder dan 65 jaar in Fryslân van 20,4 naar 23,1 procent. De grijze druk (de verhouding tussen het aantal personen van 65 jaar of ouder ten opzichte van de personen in de productieve leeftijdsgroep van 20 tot 65 jaar) steeg in deze periode van 35,9 naar 41,4 procent. Alleen in Drenthe, Zeeland en Limburg ligt de grijze druk op een hoger niveau.

Koopstromenonderzoek Provincie Fryslân 2024

22 van 119

Vergrijzing is een fenomeen dat de retailmarkt fors beïnvloedt. Het bestedingspatroon van mensen verandert namelijk van leeftijdsfase tot leeftijdsfase 9: • Starters bijvoorbeeld, hebben nog wat minder te besteden aan het begin van hun carrière. • Gezinnen met (jonge) kinderen hebben een relatief hoog bestedingspatroon in de retail. • De groep van circa 50-65 heeft relatief veel te besteden en ziet vaak de kinderen al uit huis gaan. Er is veel ruimte voor bestedingen aan detailhandel en horeca. • Voor ouderen is dit dan weer veel minder het geval: enerzijds vallen zij (na pensionering) vaak wat in inkomen terug en anderzijds spenderen zij een kleiner aandeel in de retail en een groter aandeel in horeca/toerisme (uitjes, reizen, etc.). Binnen Fryslân zijn er aanzienlijke verschillen in de mate van vergrijzing, die ook hier weer (globaal) langs de lijn van stedelijkheid lopen: in grotere steden als Leeuwarden en Drachten is het aandeel ouderen lager dan het Nederlands gemiddelde, terwijl dit in minder stedelijke gemeenten soms (veel) hoger ligt. Gemeenten waar de grijze druk (het percentage wanneer het aandeel 65+’ers wordt gedeeld door het aantal 20 tot 65-jarigen) het hoogst is, zijn Schiermonnikoog (54,6 procent), Harlingen (49,9 procent) en Ooststellingwerf (47,7 procent). Meer dan één op de vier personen in deze gemeenten is ouder dan 65 jaar (zie ook Figuur 2.2).

9

Zie bijvoorbeeld Q&A Consultancy/ABN-Amro (2022): De oudere consument van morgen.

Koopstromenonderzoek Provincie Fryslân 2024

23 van 119

Figuur 2.2. Leeftijdsopbouw per gemeente (gesorteerd op hoogste aandeel 65+) 8 10 Schiermonnikoog

13%

56%

31%

Harlingen

20%

54%

27%

Ooststellingwerf

19%

55%

26%

Weststellingwerf

20%

54%

25%

De Fryske Marren

21%

54%

25%

Terschelling

17%

Tytsjerksteradiel

58%

22%

25%

53%

25%

Ameland

19%

57%

25%

Súdwest-Fryslân

21%

55%

24%

Waadhoeke

21%

55%

24%

Opsterland

21%

55%

24%

Dantumadiel

22%

54%

24%

Heerenveen

21%

56%

23%

Noardeast-Fryslân

22%

55%

23%

Smallingerland

22%

56%

22%

Achtkarspelen

23%

56%

22%

Vlieland

12%

Leeuwarden

67% 21%

0%

21% 60%

20% 0 tot 20

20%

40%

60%

20 tot 65

65 en ouder

80%

100%

Huishoudenssamenstelling Ook in de huishoudenssamenstelling zijn er significante ontwikkelingen zichtbaar. Zo is het aantal éénpersoonshuishoudens in de provincie de afgelopen zes jaar met circa 10 procent gestegen, terwijl het aantal meerpersoonshuishoudens (met of zonder kinderen) met slechts 1 procent steeg11. Dit is een fenomeen dat we ook op andere plekken in Nederland zien. De groei van éénpersoonshuishoudens vindt enerzijds vooral plaats op plekken waar relatief veel jongeren (komen) wonen en anderzijds waar juist veel alleenstaande ouderen wonen.

10 11

Percentages die niet optellen tot 100% veroorzaakt door afrondingsverschillen. Huishoudens; samenstelling; grootte (CBS Statline, 2023)

Koopstromenonderzoek Provincie Fryslân 2024

24 van 119

Bevolkingsprognose Het CBS schat in dat het totaal aantal inwoners in provincie Fryslân jaarlijks iets zal afnemen 12. In 2050 voorzien zij een afname tot circa 640.000 inwoners. Momenteel telt de provincie ruim 661.000 inwoners. Gezien de huidige ontwikkelingen en het feit dat de afgelopen jaren het totale inwonertal juist (iets) lijkt te stijgen, is de prognose van het CBS wellicht te negatief ingeschat enkele jaren geleden. Onderstaande grafiek van het Planbureau voor de Leefomgeving geeft de gemeentelijke prognoses weer voor 2030 en 2050. In Fryslân zijn diverse gemeenten te zien waar de komende periode (tot 2030) een beperkte krimp door het CBS voorspeld wordt en waar het CBS op de langere termijn een stijging van de krimppercentages voorspelt tot boven de 10 procent. Het gaat dan bijvoorbeeld om de gemeenten Dantumadiel, Opsterland en Waadhoeke. Gemeenten die waarschijnlijk zowel op korte als lange termijn blijven groeien, zijn Leeuwarden en Heerenveen. Nergens in de provincie Fryslân wordt een sterke bevolkingsgroei verwacht. Figuur 2.3. Prognose bevolkingsontwikkeling per gemeente 13

2.3

Ontwikkeling inkomen

Het gemiddeld besteedbaar inkomen van particuliere huishoudens in Fryslân ligt op €46.600 14. Dit bedrag ligt circa 9 procent onder het Nederlands gemiddelde. Dat betekent indirect dat Friezen - relatief gezien - wat minder uit kunnen geven in de retail en de horeca. Wat opvalt is dat Leeuwarden het laagste besteedbaar inkomen heeft. Dit heeft te maken met de relatief hoge studentenpopulatie in de plaats.

12

Regionale prognose 2023-2050 (CBS Statline, 2023) Regionale bevolkings- en huishoudensprognose (Planbureau voor de Leefomgeving, 2022) 14 Inkomen van huishoudens; huishoudenskenmerken (CBS Statline, 2022) 13

Koopstromenonderzoek Provincie Fryslân 2024

25 van 119

Studenten hebben over het algemeen een lager inkomen in verband met veelal parttime bijbanen naast de studie. Wanneer we het besteedbaar inkomen exclusief studenten bekijken, heeft Leeuwarden nog steeds het laagste inkomen, maar minder afwijkend dan wanneer de studenten worden meegenomen in het geheel. De gemeenten De Fryske Marren en Opsterland hebben relatief gezien de hoogste besteedbare inkomens (respectievelijk € 51.600 en € 51.200 incl. studenten). Onderstaande figuur geeft de inkomensklasse weer waarin de verschillende gemeenten vallen. Figuur 2.4. Gemiddeld besteedbaar inkomen particuliere huishoudens (incl. studenten), 2021 en 2022*

* Voor Vlieland, Ameland en Schiermonnikoog zijn geen gegevens van 2022 bekend, daarom worden voor deze drie eilanden de gegevens van 2021 gebruikt.

De afgelopen jaren is het gemiddeld besteedbaar inkomen gestegen. Zo lag het provinciale gemiddelde in 2017 nog op € 38.300. Het grootste deel van deze stijging is te wijten aan inflatie. We zien dat de stijging van het gemiddeld besteedbaar inkomen in Fryslân iets lager ligt dan het Nederlandse gemiddelde. Het inkomen in Fryslân stijgt iets minder hard dan in de rest van Nederland.

Koopstromenonderzoek Provincie Fryslân 2024

26 van 119

2.4

Ontwikkeling bestedingen

Uit landelijke data vanuit het CBS blijkt dat de bestedingen aan detailhandel en horeca onder invloed van inflatie elk jaar hoger worden. Na jaren van relatief beperkte en stabiele inflatie is de inflatie, aangewakkerd door de energiecrisis van eind 2022, de afgelopen jaren sterk gestegen. In 2022 en 2023 zagen we de gemiddelde bestedingen in de detailhandel per hoofd van de bevolking dan ook sterk omhoogschieten. Inmiddels lijkt de inflatie weer geleidelijk richting een (algemeen als wenselijk aanvaard) niveau van 2 procent terug te keren. Al met al zijn de consumentenprijzen tussen 2019 en 2023 met circa 20 procent gestegen.15 Omzetstijging veroorzaakt door inflatie is op zichzelf geen positief fenomeen: consumenten zien de prijzen stijgen en deze stijging is niet altijd in lijn met de stijging van hun inkomen. Ondernemers zien aan de andere kant ook hun kosten stijgen en twijfelen voortdurend of ze deze stijging ook kunnen doorberekenen aan hun klanten. Het gevolg is in sommige situaties dat de marges (de winst van ondernemers) ongezond klein worden.16 Dit fenomeen speelt zich de laatste jaren vooral af in de horeca, waar de kosten van producten en personeel (onder andere veroorzaakt door personeelstekorten) de afgelopen jaren hard stegen.

Een meer ‘zuivere’ manier om naar de ontwikkeling van de totale bestedingen te kijken, is door in te zoomen op de volumeontwikkeling, ofwel de hoeveelheid spullen of voedingsmiddelen die winkelbedrijven verkopen. Deze gegevens zijn voor de detailhandel bekend 17. Deze volumeontwikkeling laat in alle sectoren sinds 2020 een dalende trend zien. Dit geldt de laatste jaren ook voor webwinkels, na een forse piek tijdens de coronacrisis.

15

Consumentenprijzen; prijsindex 2015=100 (CBS Statline, 2023) Zie bijvoorbeeld: Sectorrapportage horeca (ING, juni 2024) 17 Detailhandel; omzetontwikkeling, index 2015=100, 2005-2023 (CBS Statline, 2023) 16

Koopstromenonderzoek Provincie Fryslân 2024

27 van 119

Figuur 2.5. Volumeontwikkeling detailhandel, index 2015 = 100 300 Winkels in voedingsmiddelen 250

Winkels in consumentenelektronica Winkels in overige huishoudwaren

200

Winkels in meubels, woninginrichting alg

150

Winkels in doe-hetzelfartikelen 100

Winkels in recreatieartikelen

50

Winkels in kleding

0

Postorderbedrijven, webwinkels 2014

2015

2016

2017

2018

2019

Koopstromenonderzoek Provincie Fryslân 2024

2020

2021

2022

2023

28 van 119

3

Aanbodkant van de markt en werkgelegenheid

De data in dit hoofdstuk die betrekking hebben op het aanbod in Fryslân is afkomstig uit de Database Retail Benelux van Locatus. In deze database is informatie te vinden over o.a. het aantal verkooppunten, de winkelvloeroppervlaktes en de branches in de winkelgebieden in Nederland. In veel gevallen wordt in dit hoofdstuk ook een vergelijking gemaakt met eerdere jaartallen (vaak 2017 en/of 2020). Ook deze data is afkomstig uit bovengenoemde database.

3.1

Ontwikkeling aanbod

Provincie Begin 2024 waren er in totaal 4.044 winkelpanden (verkooppunten = VKP) in de provincie Fryslân aanwezig, met een gezamenlijk totaaloppervlak van 1.319.773 m 2 winkelvloeroppervlak (WVO). Deze panden worden ofwel gebruikt door winkels in één van de retailbranches ofwel ze staan leeg. Ten opzichte van 2017 hebben zich significante wijzigingen voorgedaan. Wanneer we naar het totaal aantal winkels kijken, dan zien we dat er maar liefst 637 winkels (dagelijks, recreatief, doelgericht) verdwenen zijn, een afname van 15 procent. Ook zijn er 161 leegstaande panden minder. In totaal is daarmee circa 34.000 m 2 aan winkelmeters verdwenen en circa 76.000m2 aan leegstaande meters 18. Dit is een relatief forse daling, al zien we een vergelijkbaar patroon bijvoorbeeld ook in Groningen (KSO 2022). Duidelijk is dat de afname van het detailhandelsvolume en het grotere marktaandeel van het online winkelen onder aan de streep betekent dat er minder winkels aanwezig zijn. Tabel 3.1. Ontwikkeling aanbod provincie Fryslân (in m2 WVO) 2017

2020

2024

% verandering 2017-2024

Dagelijks

255.544

261.756

279.509

9,4%

Recreatief

300.760

297.584

277.885

-7,6%

Doelgericht

714.346

703.458

679.286

-4,9%

Leegstand

159.204

134.256

83.093

-47,8%

Totaal

1.429.854

1.397.054

1.319.773

-7,7%

2024

% verandering

Tabel 3.2. Ontwikkeling aanbod provincie Fryslân (in aantal VKP) 2017

2020

2017-2024

18

Dagelijks

1.128

1.081

1.047

-7,2%

Recreatief

1.497

1.405

1.243

-17,0%

Doelgericht

1.623

1.469

1.321

-18,6%

Leegstand

594

567

433

-27,1%

Totaal

4.842

4.522

4.044

-16,5%

De oppervlakte is minder gedaald dan het aantal winkels; de gemiddelde omvang is dus toegenomen.

Koopstromenonderzoek Provincie Fryslân 2024

29 van 119

Wanneer we kijken naar de onderliggende patronen, dan valt op dat: • In de dagelijkse sector het aantal winkels (-7,2 procent) is afgenomen, maar het aantal meters juist is toegenomen (+9,4 procent). Veel kleine winkels in het dagelijkse segment (denk aan de groenteboer, bakker en slager) verdwijnen en supermarkten voeren nog steeds een verdere schaalvergroting door. Er blijven dus minder, maar grotere winkels over. Dit blijkt ook uit Figuur 3.1. • In zowel de recreatieve als doelgerichte sector zowel het aantal winkels als het aantal meters daalt. Het aantal winkels daalt echter wel sneller, wat ook hier betekent dat er sprake is van schaalvergroting en een bepaalde mate van consolidatie (kleine bedrijven verdwijnen en grotere concepten blijven over). • In zowel het aantal leegstaande panden (-27,1 procent) als in het aantal leegstaande winkelmeters (-47,8 procent) een zeer forse daling te zien is. Voor het functioneren van de winkelmarkt en de uitstraling van de centra is dit een zeer positief gegeven. We gaan hier verderop in deze paragraaf nog nader op in. Figuur 3.1. Dagelijkse sector: afname per branche (in aantal verkooppunten) Groente; -5 Overig Dagelijks; -15 Bakker; -15

Drogist; -7

Vis; -6

Supermarkt; -9

Slagerij; -24

Qua omvang van de winkelvloeroppervlakte zien we dat er sprake is van een geleidelijke, stabiele trend van 2016/2017 tot nu: van jaar tot jaar zien we de hoeveelheid m 2 WVO dagelijks stijgen, terwijl dit geleidelijk daalt in de sectoren recreatief/doelgericht en in de leegstand.

Koopstromenonderzoek Provincie Fryslân 2024

30 van 119

Wanneer we kijken naar overige veel voorkomende functies in winkelgebieden concluderen we het volgende: • Op het gebied van horeca zien we dat er in totaal 1.663 bedrijven in Fryslân aanwezig zijn, met in totaal ruim 178.000 m2 aan oppervlak. Ten opzichte van 2017 betekent dit een nettodaling van 52 bedrijven (-3,0 procent). Daarnaast is een duidelijke verschuiving zichtbaar in het type horeca, zoals te zien in onderstaande tabel. De hoeveelheid cafés neemt fors af en met name fastfood is in opkomst. Tabel 3.3. Ontwikkeling horeca provincie Fryslân (in aantal VKP)

•

Hoofdbranche

2017

2024

Verandering

Dranken

302

219

-83

Eten

813

775

-38

Fastservice

330

415

+85

Koffie & Desserts

35

49

+14

Hotels

174

159

-15

Horeca Overig

61

46

-15

Totaal

1.715

1.663

-52

Ook op het gebied van diensten (zoals kappers, makelaars, reisbureaus, etc.) zijn duidelijke patronen waar te nemen. In 2024 zijn er 1.523 van dergelijke concepten in Fryslân gevestigd. Er is een vergelijkbare daling te zien als bij de horeca: een netto-daling van 51 bedrijven (-3,2 procent). Dit wordt vooral veroorzaakt door een daling van het aantal financiële instellingen (bijv. banken) en particuliere dienstverleners (bijv. reisbureaus). Het betreft hier in veel gevallen bedrijven in sectoren waarin het online marktaandeel ook hoog is (zoals reizen). Het aantal persoonlijke dienstverleners (kappers, tatoeëerders, schoonheidssalons) nam juist toe, zoals hieronder te zien is. Tabel 3.4. Ontwikkeling diensten provincie Fryslân (in aantal VKP) Hoofdbranche

2017

2024

Verandering

Verhuur

125

119

-6

Ambacht

897

902

+5

592

651

+59

305

251

-54

Financiële instelling

181

144

-37

Particuliere dienstverlening

371

358

-13

Totaal

1.574

1.523

-51

- Kapper, tatoeëerder, schoonheidssalon etc. - Edelsmid, drukwerk, kledingreparateur

Koopstromenonderzoek Provincie Fryslân 2024

31 van 119

•

Het aandeel bedrijven in de sector ‘Cultuur & Ontspanning’ tot slot, is tussen 2017 en 2024 met 5,8 procent gedaald: waren er in 2017 nog 463 bedrijven in deze sector, in 2024 zijn dat er nog 436. Het aantal culturele voorzieningen nam flink af (o.a. theaters, musea, galeries, bibliotheken), terwijl het aantal sportfaciliteiten juist toenam (o.a. fitness). Tabel 3.5. Ontwikkeling cultuur & ontspanning provincie Fryslân (in aantal VKP) Hoofdbranche

2017

2024

Verandering

Cultuur

262

194

-68

Recreatie

27

42

+15

Kansspelen

12

11

-1

Sport

111

146

+35

Welness

44

38

-6

Overig

7

5

-2

Totaal

463

436

-27

Gemeenten De lijn van een daling in het aantal winkels en winkelmeters, die we op provinciaal niveau waarnemen, treffen we ook aan in een groot deel van de individuele gemeenten, zoals blijkt uit Figuur 3.2a. In twaalf van de achttien gemeenten zien we een daling van het aantal winkelmeters. Deze daling is het meest fors in de gemeenten met de grootste kernen, namelijk Leeuwarden, Smallingerland (Drachten) en Súdwest-Fryslân (Sneek). De grootste kernen in deze gemeenten nemen ook het grootste aandeel van de daling voor hun rekening. Dit geldt voor Leeuwarden en Drachten echter sterker dan voor Sneek. Koploper in absolute zin is de gemeente SúdwestFryslân, waar meer dan 20.000 m2 aan winkelvloeroppervlak verdween tussen 2017 en 2024. Procentueel gezien was de daling het grootst in de gemeente Ooststellingwerf (-18,4 procent). In zes van de achttien gemeenten zagen we een stijging, maar deze stijgingen waren in absolute zin beperkt, met de grootste absolute stijging in de Fryske Marren (+1.863 m2) en de grootste procentuele stijging op Terschelling (+17,1 procent).

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Tytsjerksteradiel&id=5018322f-9ad3-403e-a299-ea4068b22d19