CConstaterende datTytsjerksteradiel
Koppel je AI →
Document · PDF

05 - Bijlage 3 - Aanmeldnotitie m.e.r. beoordeling

RAADSVERGADERING 2018 t/m 2024 14 december 2023, gemeente TytsjerksteradielBij agendapunt: Ontwerpverklaring van geen bedenkingen groengasinstallatie Damsingel 27 Sumar (besluitvormend, bespreekstuk)29.183 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

RAPPORT m.e.r.-aanmeldnotitie Sonac Burgum – Groen Gasinstallatie Klant:

Sonac Burgum B.V.

Referentie: BH7896-IB-RP-230217-1 Status:

2/Definitief

Datum:

30 maart 2023

Projectgerelateerd

HASKONINGDHV NEDERLAND B.V.

Postbus 8064 9702 KB Groningen Industry & Buildings Trade register number: 56515154 +31 88 348 53 00 T info@rhdhv.com E royalhaskoningdhv.com W

Titel document: m.e.r.-aanmeldnotitie Ondertitel: Aanmeldnotitie Sonac Burgum - GGI Referentie: BH7896-IB-RP-230217-1 Status: 2/Definitief Datum: 30 maart 2023 Projectnaam: Omgevingsvergunningaanvraag GGI - Sonac Burgum Projectnummer: BH7896-104-101 Auteur(s): Martin Nomden

Opgesteld door: Martin Nomden Gecontroleerd door: Robin Wagenaar Datum: 30-03-2023 Goedgekeurd door: Martin Nomden Datum: 30-03-2023

Classificatie Projectgerelateerd

Behoudens andersluidende afspraken met de Opdrachtgever, mag niets uit dit document worden verveelvoudigd of openbaar gemaakt of worden gebruikt voor een ander doel dan waarvoor het document is vervaardigd. HaskoningDHV Nederland B.V. aanvaardt geen enkele verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid voor dit document, anders dan jegens de Opdrachtgever.Let op: dit document bevat mogelijk persoonsgegevens van medewerkers van HaskoningDHV Nederland B.V.. Voordat publicatie plaatsvindt (of anderzins openbaarmaking), dient dit document te worden geanonimiseerd of dient toestemming te worden verkregen om dit document met persoonsgegevens te publiceren. Dit hoeft niet als wet- of regelgeving anonimiseren niet toestaat.

Projectgerelateerd

Inhoud 1

Inleiding

1

1.1

Aanleiding

1

1.2

Besluit m.e.r.

1

1.3

Criteria

3

1.4

Betrokken partijen

4

1.5

Leeswijzer

4

2

Algemene gegevens

5

2.1

Gegevens initiatiefnemer

5

2.2

Aard van de inrichting

5

2.2.1 2.2.2

Groen Gasinstallatie Afvalstoffenwetgeving

6 6

2.3

Kenmerken van de omgeving

6

2.4

Indeling terrein

6

2.5

Voorgenomen / nieuwe activiteiten

8

2.5.1 2.5.2 2.5.3 2.5.4 2.5.5 2.5.6 2.5.7

Processen en installaties Procesbeschrijving Groen Gasinstallatie Beschrijving van de ondersteunende processen & utilities Stoomketels (100% vetstook) met nieuwe DeNOx installatie Luchtbehandelingsinstallaties Afvalwaterzuiveringsinstallatie (AWZI) Transport

8 9 12 12 13 13 14

2.6

Bestemmingsplan

14

2.6.1 2.6.2

Functionele toetsing aan bestemmingsplan Afwijken bestemmingsplan

14 15

2.7

Overige ontwikkelingen

16

3

Effecten op het milieu

17

3.1

Geluid

17

3.2

Geur

18

3.3

Luchtemissies en luchtkwaliteit

18

3.4

Natuur

19

3.5

Energie

19

3.5.1

Groen gas

20

3.6

Bodem

20

3.7

Afval

20

3.8

(Afval-)water/lozingen

20

3.9

Externe Veiligheid

21

30 maart 2023

AANMELDNOTITIE SONAC BURGUM - GGI

BH7896-IB-RP-230217-1

i

Projectgerelateerd

3.10

Gebruik van grondstoffen en natuurlijke hulpbronnen

21

3.11

Woon- en leefmilieu van het gebied

22

3.12

Gezondheid

22

3.13

Archeologie

23

3.14

Cumulatie-effecten met andere milieubelastende activiteiten

23

4

Conclusie

24

Bijlagen 1

Tekeningen: 1. 2.

2 3 4 5

Situatietekening inrichting Detailtekening Groen Gasinstallatie

Processchema’s Geluidonderzoek (DGMR) Geuronderzoek (Olfasense) Luchtonderzoek (Royal HaskoningDHV) met depositieonderzoek en AERIUS Bijlage

30 maart 2023

AANMELDNOTITIE SONAC BURGUM - GGI

BH7896-IB-RP-230217-1

ii

Projectgerelateerd

1

Inleiding

1.1

Aanleiding

Sonac Burgum B.V. (hierna Sonac Burgum genoemd), onderdeel van Darling Ingredients International, vraagt dit jaar, 2023, een nieuwe Omgevingsvergunning aan vanwege de volgende voorgenomen veranderingen c.q. plannen: ◼

De realisatie en gebruik van een nieuwe 10e productielijn, een zogenaamde Groen Gasinstallatie;

◼

Het plaatsen en gebruik van een DeNOx installatie op de vergunde stoomketels;

◼

De mogelijkheid om op de vergunde stoomketels 100% op vet te kunnen stoken.

Deze plannen passen naadloos binnen de duurzame strategie van Darling Ingredients International. Hierbij worden de aanwezige organische reststromen uit de Food- en Feed industrie benut en verbetert de circulariteit. Hierbij wordt ook de reeds aanwezig infrastructuur van Sonac Burgum nog beter benut en gebruikt. De totale vergunde verwerkingscapaciteit (700.000 ton per jaar) zal door deze veranderingen niet wijzigen. In het kader van een veranderingsvergunningaanvraag in het kader van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) is deze m.e.r.-aanmeldnotitie opgesteld. In relatie tot de voorgenomen verandering (c.q. het voorgenomen project) wordt vooraf beoordeeld of de milieueffecten van deze veranderingen (of projecteffecten) ten opzichte van de vigerende milieueffecten aanleiding zijn voor het doorlopen van een m.e.r.1

1.2

Besluit m.e.r.

In het Besluit milieueffectrapportage (m.e.r.) 1994 is vastgelegd wanneer voor welke activiteiten een verplichting geldt tot het maken van een (project-)MER (onderdeel C) en is aangegeven in welke situaties voor welke activiteiten een m.e.r-beoordelingsplicht geldt (onderdeel D). Met terugwerkende kracht geldt per 16 mei 2017 op grond van de Wet implementatie herziene m.e.r.-richtlijn ook beneden de drempel van onderdeel D een m.e.r.-beoordelingsplicht. Een m.e.r.-beoordeling gaat na of er voor het bevoegd gezag een aanleiding of plicht bestaat voor het opstellen van een MER (rapport) en het doorlopen van een m.e.r. (procedure). Met betrekking tot de in de vergunningaanvraag beschreven voorgenomen verandering (ten opzichte van de vergunde situatie) is bij Sonac Burgum de volgende categorie van bijlage 1 van het Besluit m.e.r. relevant: ◼

D18.1 ’De oprichting, wijziging of uitbreiding van een installatie voor de verwijdering van afval’ in verband met het vergisten (afvalstoffenhandeling) van dierlijke bijproducten en andere afvalstoffen. In gevallen waarin de activiteit betrekking heeft op een installatie met een capaciteit van 50 ton per dag of meer.

In de veranderingsaanvraag zal een capaciteit van ongeveer 385 ton per dag (140.000 ton per jaar) worden aangevraagd.

1

m.e.r. = milieu effect rapportage (de procedure), MER = milieueffectrapport (de rapportage) AANMELDNOTITIE SONAC BURGUM - GGI BH7896-IB-RP-230217-1

30 maart 2023

1

Projectgerelateerd

De volgende categorieën zijn niet relevant met betrekking tot de voorgenomen veranderingen: ◼

C21.6 De oprichting van een geïntegreerde chemische installatie, dat wil zeggen een installatie voor de fabricage op industriële schaal van stoffen door chemische omzetting, waarin verscheidene eenheden naast elkaar bestaan en functioneel met elkaar verbonden zijn, bestemd voor de fabricage van: a.

organische basischemicaliën;

b.

anorganische basischemicaliën;

c.

fosfaat-, stikstof- of kaliumhoudende meststoffen (enkelvoudige of samengestelde meststoffen);

d.

basisproducten voor gewasbescherming en van biociden;

e.

farmaceutische basisproducten met een chemisch of biologisch procédé, of;

f.

explosieven.

Deze categorie is niet relevant omdat in de Groen Gasinstallatie van Sonac Burgum sprake is van een biologische omzetting. Het omzettingsproces wordt namelijk als volgt omschreven: Vergisting is een biologisch proces waarbij micro-organismen, zoals bacteriën en gisten, koolhydraten zoals suikers en zetmeel omzetten in alcoholen, zuren en gassen. Dit proces vindt plaats in afwezigheid van zuurstof en wordt daarom ook wel anaerobe fermentatie genoemd. Het vergistingsproces kent verschillende toepassingen, zoals de productie van biobrandstoffen, de productie van alcoholische dranken en de behandeling van organisch afval om biogas te produceren. Na één recente uitspraak van de Raad van State (d.d. 27 juli 2022 betreffende een mestvergistingsinstallatie) staat bovenstaande omschrijving mogelijk ter discussie. In deze uitspraak vindt de Raad van State namelijk dat bij mestvergisting mogelijk sprake is van een chemische omzetting en dat de betreffende mestvergistingsinstallatie daarmee valt onder categorie C21.6 van het Besluit m.e.r. Hiermee wijkt deze uitspraak af van de eerdere, algemene opvattingen in Nederland. De drie noordelijke omgevingsdiensten (Omgevingsdienst Groningen, FUMO en de RUD Drenthe) hebben deze uitspraak beoordeeld en een notitie opgesteld (“Mestvergisting en mer-plicht” d.d. 7 november 2022).

Deze notitie is bedoeld voor vergunningverleners en biedt handvatten om de vraag te beantwoorden of in hun concrete geval een MER gemaakt moet worden, of niet. Bij de voorgenomen Groen Gasinstallatie van Sonac Burgum wordt (anders dan in de notitie van de drie omgevingsdiensten) geen mest vergist en ook geen meststof geproduceerd. Door het vergisten van flotatieslibben van slachthuizen mag het digestaat uit de Groen Gasinstallatie sowieso niet als meststof worden afgezet. Het wordt door derden gebruikt als een biobrandstof; Naast de vraag of er sprake is van een chemische of biologische omzetting is er nog een 2e criterium waaraan moet worden voldaan in deze categorie, namelijk de ‘bestemde’ fabricage van een aantal met name vermelde stoffen/producten. Bij de Groen Gas installatie van Sonac Burgum is hiervan geen sprake. De gefabriceerde stoffen/producten met de voorgenomen Groen Gasinstallatie van Sonac Burgum worden niet vermeld (of bedoeld) in de opsomming a t/m f van categorie C21.6. ◼

D39.2. ‘Verwerking van kadavers, niet bedoeld voor menselijke consumptie’ in verband met de verwerking van Categorie 2 slachtbijproducten. Deze (reeds vergunde) activiteit zal in de aangevraagde situatie niet worden uitgebreid of veranderen. In de voorgaande revisie-vergunningprocedure (2021-2022) is hiervoor al een m.e.r.-aanmeldnotitie opgesteld en heeft het bevoegd gezag besloten dat er geen MER nodig was. Deze categorie is dus ook niet relevant voor deze m.e.r.-aanmeldnotitie. Daarnaast zal de verwerkingscapaciteit van de totale inrichting (700.000 ton per jaar) niet wijzigen.

30 maart 2023

AANMELDNOTITIE SONAC BURGUM - GGI

BH7896-IB-RP-230217-1

2

Projectgerelateerd

Deze m.e.r.-aanmeldnotitie wordt voorgelegd aan (en beoordeeld door) de Fryske Utfieringstsjinst Miljeu en Omjouwing (verder FUMO). Het uiteindelijke MER-besluit door (of namens) de provincie Fryslân wordt bijgevoegd bij de nog in te dienen omgevingsvergunningaanvraag voor het onderdeel milieu.

1.3

Criteria

Voor de inhoud van een m.e.r.-aanmeldnotitie zijn wettelijke criteria. De volgende criteria worden onderscheiden: ◼

De kenmerken van de activiteit (onder meer omvang, verontreiniging en hinder);

◼

De plaats waar de activiteit plaatsvindt (bijvoorbeeld gevoelige gebieden);

◼

De kenmerken van het potentiële effect (bereik, waarschijnlijkheid, duur, frequentie en onomkeerbaarheid).

De indeling van deze m.e.r.-aanmeldnotitie sluit aan bij bovenstaande criteria. De eerste twee criteria worden voornamelijk behandeld in hoofdstuk 2 van deze notitie. De potentiële milieueffecten van voorgenomen wijzigingen ten opzichte van de vergunde bedrijfssituatie van Sonac Burgum worden behandeld in hoofdstuk 3.

30 maart 2023

AANMELDNOTITIE SONAC BURGUM - GGI

BH7896-IB-RP-230217-1

3

Projectgerelateerd

1.4

Betrokken partijen

De initiatiefnemer is Sonac Burgum B.V. De Europese Richtlijn Industriële Emissies (RIE) heeft gevolgen voor de vergunningverlening aan Nederlandse industriële inrichtingen. De RIE is een integratie van de IPPC-Richtlijn met de Richtlijn grote stookinstallaties, de Afvalverbrandingsrichtlijn, de Oplosmiddelenrichtlijn en drie Richtlijnen voor de titaandioxide-industrie. De RIE is op 1 januari 2013 geïmplementeerd in de Nederlandse wet- en regelgeving. De vergunde activiteiten van Sonac Burgum zijn genoemd in de RIE, Bijlage 1, onder de Categorie 6.5 (De destructie of verwerking van kadavers of dierlijk afval met een verwerkingscapaciteit van meer dan 10 ton per dag.) en Categorie 1.1 (Het stoken in installaties met een totaal nominaal thermisch ingangsvermogen van 50 MW of meer.). Door de nieuwe Groen Gasinstallatie is tevens Categorie 5.3 b van toepassing (Nuttige toepassing, of een combinatie van nuttige toepassing en verwijdering, van ongevaarlijke afvalstoffen met een capaciteit van meer dan 75 t per dag, door middel van een of meer van de volgende activiteiten, met uit zondering van activiteiten die onder Richtlijn 91/271/EEG inzake de behandeling van stedelijk afvalwater vallen: i) biologische behandeling). De reden hiervoor is dat een klein deel van de te vergisten producten binnenkomt als een afvalstof (met Eural code).

Daarnaast wordt vergisten ook gezien als een afvalstoffenhandeling waardoor de daarbij behorende wet- en regelgeving ook van toepassing is op een deel van de aangevoerde grondstoffen (zie ook paragraaf 2.2). Op basis van het Besluit omgevingsrecht (Bor) is (en blijft) de provincie Fryslân het bevoegd gezag om te beslissen of deze aanmeldnotitie en de latere omgevingsvergunningaanvraag. Het uitvoerend bevoegd gezag in het kader van de omgevingsvergunning (Wabo) is de FUMO.

1.5

Leeswijzer

Hoofdstuk 2 geeft nadere informatie over Sonac Burgum en de voorgenomen veranderingen c.q. het voorgenomen project. In hoofdstuk 3 komen de potentiële milieueffecten aan bod. Op basis van een samenvatting en toetsing van het voorgenomen project aan de drie beschreven criteria wordt in hoofdstuk 4 een conclusie getrokken.

30 maart 2023

AANMELDNOTITIE SONAC BURGUM - GGI

BH7896-IB-RP-230217-1

4

Projectgerelateerd

2

Algemene gegevens

2.1

Gegevens initiatiefnemer

Gegevens aanvrager Naam aanvrager: Adres: Postadres: Eindverantwoordelijke: Contactpersoon: Functie: Telefoonnummer: E-mailadres: Gegevens inrichting Naam: Adres: Kadastrale gegevens:

2.2

Sonac Burgum B.V. Handelsnaam: Sonac Burgum Damsingel 27-30, 9262 NB te Sumar Postbus 18, 9262 AA te Burgum De heer Richard Dijkstra (plant director) De heer Joost Schreuder QHSE Manager 0511 467 300 info@sonac.biz Sonac Burgum B.V. Damsingel 27-30, 9262 NB, Sumar Kadastrale gemeente: Oostermeer Kadastrale sectie: I 19, 22, 28, 29, 32, 33, 34, 35, 36, 37, 252, 338, 339, 373, Kadastrale nummers: 374, 376, 451, 501, 502, 591, 592, 609, 700, 722 en 899 (zie ook Bijlage 1)

Aard van de inrichting

Sonac Burgum B.V. (hierna Sonac Burgum genoemd), onderdeel van Darling Ingredients International, verzamelt en verwerkt dierlijke bijproducten die afkomstig zijn van voor menselijke consumptie goedgekeurde dieren; zogenaamde Categorie 3 dierlijke bijproducten. Deze grondstoffen worden verwerkt tot producten (o.a. melen en vetten), die worden afgezet in de diervoederindustrie, de meststoffenindustrie, de energiesector en de farmaceutische sector. Daarnaast worden ook nog Categorie 2 grondstoffen verwerkt. Dierlijke bijproducten worden ingedeeld in 3 categorieën. Deze indeling is vastgelegd in de Europese Verordening dierlijke bijproducten (Verordening (EG) nr. 1069/2009) en (EG) nr. 142/2011) en is gebaseerd op het risico voor de volks- en diergezondheid. In de Nederlandse wetgeving zijn de verordeningen uitgewerkt in de Wet dieren, het Besluit dierlijke bijproducten en de Regeling dierlijke bijproducten. Categorie 1-materiaal heeft verhoudingsgewijs het hoogste risico, Categorie 3-materiaal het laagste. Per categorie zijn er voorschriften over hoe het materiaal moet worden vernietigd of kan worden verwerkt of gebruikt. Sonac Burgum is voor de verwerking van dierlijke bijproducten erkend en geregistreerd bij de Nederlandse Voedsel en Waren Autoriteit (NVWA) op grond van Verordening (EG) nr. 1069/2009 onder erkenningsnummer 900 en erkenningsnummer 222691 (Ecoson Burgum).

De registratie betreft de verwerking van Categorie 2 en Categorie 3 dierlijke bijproducten en voor het verstoken van Categorie 1, Categorie 2 en Categorie 3 dierlijke vetten. Sonac Burgum verwerkt hoofdzakelijk Categorie 3-materiaal dat bestaat uit delen van geslachte dieren die geschikt zijn voor menselijke consumptie, maar die om commerciële redenen niet voor menselijke consumptie worden gebruikt. Artikel 14 van Verordening (EG) nr. 1069/2009 schrijft voor op welke manier Categorie 3-materiaal kan worden gebruikt, verwerkt of verwijderd. Daarnaast worden er ook Categorie 2 grondstoffen verwerkt. Deze stroom bestaat met name uit dierlijke bijproducten die niet onder Categorie 1- of Categorie 3materiaal vallen.

30 maart 2023

AANMELDNOTITIE SONAC BURGUM - GGI

BH7896-IB-RP-230217-1

5

Projectgerelateerd

Bijvoorbeeld vlees dat bij de keuring tijdens het slachten ongeschikt is verklaard voor menselijke en dierlijke consumptie of materiaal dat slachthuizen uitzeven bij de voorbehandeling van afvalwater. Artikel 13 van Verordening (EG) nr. 1069/2009 schrijft voor op welke manier Categorie 2-materiaal kan worden gebruikt, verwerkt of verwijderd.

2.2.1

Groen Gasinstallatie

De voorgenomen 10e productielijn zal voornamelijk dierlijke bijproducten (Cat.2 en 3) verwerken tot groen gas, digestaat (biobrandstof) ammoniakwater (grondstof voor een meststof) en CO2 (voor technische toepassingen). De aanvoer van deze producten is al vergund en de totale productiecapaciteit zal door de Groen Gasinstallatie niet wijzigen.

2.2.2

Afvalstoffenwetgeving

De activiteiten en handelingen van Sonac Burgum betreffen voornamelijk het verwerken van dierlijke bijproducten conform de daarvoor geldende Verordening Dierlijke Bijproducten. Met de voorgenomen Wabo-vergunningaanvraag voor een Groen Gasinstallatie zal dit gedeeltelijk veranderen. Omdat de activiteit vergisten gezien wordt als een afvalstoffen handeling wordt Sonac Burgum een afvalstoffeninrichting. Daarnaast zal Sonac Burgum in de voorgenomen bedrijfssituatie op geringe schaal een aantal afvalstoffen als aanvulling op de dierlijke bijproducten gaan gebruiken in de Groen Gasinstallatie. Deze afvalstoffen (uiteindelijk allemaal afkomstig vanuit handelingen met dierlijke bijproducten) worden bijgemengd in het vergistingsproces.

2.3

Kenmerken van de omgeving

Sonac Burgum is gelegen op het bedrijventerrein Burgum-Sumar. Dit bedrijventerrein gelegen aan het Prinses Margrietkanaal tussen Burgum en Sumar. De meest nabijgelegen gevoelige objecten (woningen aan de Hoekstraweg te Sumar) zijn gelegen op ongeveer 170 meter van de grens van de inrichting.

Figuur 2.3 - Ligging Sonac Burgum op het bedrijventerrein Burgum-Sumar, met op de achtergrond Burgum (bron: Globespotter)

2.4

Indeling terrein

De inrichting van Sonac Burgum is ongeveer 115.000 m2 groot, waarvan ongeveer 45.000 m2 bebouwd en ongeveer 40.000 m2 verhard terrein is. De inrichting ligt zowel ten oosten als ten westen van de Damsingel in Sumar. Ten oosten van de Damsingel ligt de eigen afvalwaterzuiveringsinstallatie (AWZI), het kantoor met receptie en laboratorium. De productielijnen bevinden zich aan de westkant van de Damsingel.

30 maart 2023

AANMELDNOTITIE SONAC BURGUM - GGI

BH7896-IB-RP-230217-1

6

Projectgerelateerd

Er is een parkeerplaats voor personenauto’s voor het kantoor aan de oostkant van de Damsingel. De inen uitritten aan de westkant van de Damsingel zijn bedoeld voor het vrachtverkeer. Het terrein is voor onbevoegden afgesloten door een hekwerk met elektrisch gesloten poorten met een toegangscontrole. In Bijlage 1.1 is een situatietekening opgenomen met daarop alle gebouwen, de opslagvoorzieningen (tanks en silo’s) van de nieuwe Groen Gasinstallatie en de verdere terreinindeling van de inrichting. De andere voorgenomen veranderingen (DeNox en 100% vetstook) hebben geen ‘fysiek’ effect op de terreinindeling. Groen Gasinstallatie De nieuwe Groen Gasinstallatie is geprojecteerd in de noordwesthoek van het terrein van Sonac Burgum. Het nieuwe Groen Gas gebouw (200-BD-780) heeft een oppervlakte van 860 m2. Het verhard en bebouwd terrein van Sonac Burgum wordt in totaal met ongeveer 6000 m2 vergroot. In Bijlage 1.2 is een detailtekening opgenomen met het nieuwe gebouw en de andere installatiedelen van de Groen Gasinstallatie. De nieuwe Groen Gasinstallatie bestaat uit de volgende onderdelen: ◼

Een losplaats (bulk) voor de vrachtwagens met grondstoffen;

◼

Een aantal opslagtanks (bouwhoogte tussen de 10 en 16 meter) voor de te verwerken producten;

◼

Gebouw 200-BD-780 (bouwhoogte 10 meter) waarin diverse ondersteunende processen (pompen, zuivering) plaatsvinden;

◼

De twee hoofdvergisters en de navergister (bouwhoogte ieder 24 meter);

◼

De biogasbuffer (bouwhoogte 9 meter);

◼

Een fakkelinstallatie (bouwhoogte 14 meter);

◼

Meerdere opslagtanks voor hulpstoffen; zuren en logen (bouwhoogte tussen de 8 en 15 meter);

◼

Een losplaats voor de vrachtwagens met hulpstoffen; zuren en logen;

◼

De banddrooginstallatie voor het drogen van digestaat;

◼

Een 4-traps gaswasinstallatie voor het verminderen van luchtemissies uit banddroger (bouwhoogte 6 meter);

◼

Voorverzuring (bouwhoogte 16 meter);

◼

Buffertank afvalwater (bouwhoogte 9 meter);

◼

Een ammoniak stripper tbv voorbehandeling afvalwater vanuit vergister (bouwhoogte 15 m)

◼

Opslagtanks voor eindproduct CO2 (bouwhoogte 15 meter);

◼

Opslagtank voor eindproduct ammoniakwater (bouwhoogte 15 meter);

◼

Silo voor eindproduct digestaat (bouwhoogte 12 meter);

◼

Diverse ondersteunende installaties (o.a. pompen, koeltoren, DAF-unit en diverse bovengrondse leidingen).

Tevens zal het terrein in de noordwesthoek gedeeltelijk worden verhard en wordt er een nieuwe rijroute gerealiseerd voor de toe- en afvoer van grond-, hulpstoffen en producten voor de Groen Gasinstallatie. In Bijlage 2 is het processchema opgenomen van de nieuwe Groen Gasinstallatie.

30 maart 2023

AANMELDNOTITIE SONAC BURGUM - GGI

BH7896-IB-RP-230217-1

7

Projectgerelateerd

2.5

Voorgenomen / nieuwe activiteiten

Sonac Burgum vraagt een omgevingsvergunning aan (verandering), in het kader van de Wabo, voor drie voorgenomen veranderingen ten opzichte van de vergunde bedrijfssituatie. Het betreft de realisatie en gebruik van een nieuwe 10e productielijn een zogenaamde Groen Gasinstallatie, het plaatsen van een DeNOx installatie op de vergunde stoomketels, en de mogelijkheid om de vergunde stoomketels 100% op vet te kunnen stoken. De nieuwe Groen Gasinstallatie verwerkt diverse stromen van (voornamelijk) dierlijke bijproducten tot groen gas. De in 2022 vergunde totale verwerkingscapaciteit van de gehele locatie van 700.000 ton per jaar wordt echter niet aangepast. De verwerking van 140.000 ton (voornamelijk dierlijke bij-) producten per jaar in de Groen Gasinstallatie past binnen de totale vergunde verwerkingscapaciteit van de gehele inrichting. De huidige Categorie 2 verwerkingslijn zal een klein deel van de eigen resttromen direct leveren aan de Groen Gasinstallatie. Deze producten worden nu nog getransporteerd naar een andere locatie van Darling Ingredients International, in Son, om daar vergist te worden tot groen gas. De nieuwe Groen Gasinstallatie zal groen gas, digestaat (biobrandstof), ammoniakwater (grondstof voor een meststof) en CO2 (voor technische toepassing) produceren. Het digestaat zal door derden als een biologische brandstof worden gebruikt.

Het groen gas wordt direct geleverd aan het landelijke gasnetwerk. De nieuwe 10e productielijn kan in principe ongeveer 12.000 huishoudens jaarlijks voorzien van gas. Deze plannen passen naadloos binnen de duurzame strategie van Darling Ingredients International. Hierbij worden de aanwezige reststromen uit de Food- en Feed industrie benut en verbetert de circulariteit. Hierbij wordt tevens de reeds aanwezig infrastructuur van Sonac Burgum benut. De vergunde stoomketels worden voorzien van een zogenaamde DeNox installatie. Dit is nodig om o.a. de extra ammoniakemissie, die afkomstig is uit de banddroger van de Groen Gasinstallatie (drogen digestaat), intern te salderen binnen de vergunde stikstof depositieruimte in de vigerende Wnbvergunning. Tevens wordt de mogelijkheid meegenomen om de vergunde stoomketels volledig (100%) op vet te kunnen stoken. Dit is nu nog gelimiteerd door de geur- en luchtemissies in de vigerende revisievergunning (Wabo). Ook dit draagt bij aan de duurzame en circulaire ambities van Darling Ingredients International en het gebruik van hernieuwbare energie.

2.5.1

Processen en installaties

Voor het verwerken de dierlijke bijproducten beschikt Sonac Burgum over meerdere verwerkingslijnen. Deze verwerkingslijnen worden niet gewijzigd ten opzichte van de vergunde bedrijfssituatie. In tabel 2.5.1 zijn de verwerkingslijnen opgenomen met daarbij de grondstoffen en de eindproducten. De meest relevante verandering betreft de 10e verwerkingslijn de Groen Gasinstallatie. De andere twee veranderingen betreffen vergunde activiteiten die alleen in detail veranderen.

30 maart 2023

AANMELDNOTITIE SONAC BURGUM - GGI

BH7896-IB-RP-230217-1

8

Projectgerelateerd

Tabel 2.5.1 – overzicht verwerkingslijnen Verwerkingslijn

Grondstoffen

Eindproducten

Vleesmeellijn

Gemengde dierlijke bijproducten, Cat. 3

Vleesmeel en dierlijkvet

Pluimveemeellijn

Pluimvee bijproducten, Cat. 3

Pluimveemeel en pluimveevet

PMBM lijn (poultry meat/bonemeal)

Dierlijke bijproducten (vlees/bot), Cat. 3

Hoog as pluimveemeel en pluimveevet

Mucosalijn

Gehydroliseerd darmslijm, Cat. 3

Diverse Mucosa-producten

Heparinelijn

Varkensdarmslijm, Cat. 3

Heparine (farmaceutisch halfproduct op hars)

Bloedmeellijn

Pluimveebloed, Cat. 3

Bloedmeel

Verenmeellijn

Veren, Cat. 3

Verenmeel

Haarmeellijn

Varkenshaar, Cat. 3

Haarmeel

Categorie 2 lijn

Categorie 2 producten

Cat. 2; slurry, meel en vet

Groen Gasinstallatie

Voornamelijk dierlijke bijproducten Cat. 2 en Cat. 3 (daarnaast ook afvalstoffen)

Groen gas, ammoniakwater, CO2, digestaat

2.5.2

Procesbeschrijving Groen Gasinstallatie

In Bijlage 2 zijn de processchema’s opgenomen van de nieuwe Groen Gasinstallatie met de benodigde ondersteunende processen en inclusief de wijzigingen aan de luchtbehandeling- en de afvalwaterzuiveringsinstallatie. Hierin wordt per (deel-)proces de gebruikte grond- en hulpstoffen, de verwerkingsstappen en de eindproducten weergegeven. Tevens zijn hierin de verwachtte emissies naar water en lucht opgenomen. De Groen Gasinstallatie is ingericht om met name dierlijke reststromen om te zetten in duurzame biobrandstoffen (groen gas en digestaat), grondstof voor groene meststoffen (ammoniakwater) en CO2 voor allerlei andere technische toepassingen. In de Groen Gasinstallatie worden voornamelijk dierlijke bijproducten als grondstof ingezet die conform de veterinaire wet- en regelgeving vergist mogen worden. Het proces bestaan uit de volgende processtappen: ◼

Aanvoer, opslag en voorbehandeling;

◼

(Na-)Vergisting;

◼

Gasbehandeling;

◼

Biogas opwerking;

◼

Verwerking digestaat en luchtwasser;

◼

Ammoniakwater en verwerking afvalwater (DAF-unit).

Aanvoer, opslag en voorbehandeling De vrachtwagens met de te verwerken materialen worden op de weegbrug gewogen, geregistreerd en geaccepteerd volgens de daarvoor geldende voorschriften, zoals geborgd in het managementsysteem van Sonac Burgum. Het te vergisten materiaal wordt via gesloten leidingen ingenomen en overgebracht in gesloten opslagtanks. Een gedeelte van het materiaal wordt vooraf gezuiverd om eventuele verontreinigingen (glas/ plastic/metalen) in het proces te voorkomen. Bij de opslag van het materiaal wordt onderscheidt gemaakt tussen de opslag van de voedingswaarde van het materiaal (laag, midden en hoog). De opslagtanks zijn voorzien van afzuiging, waarbij de afgezogen lucht wordt afgevoerd naar de RTO, alwaar de afgezogen lucht wordt verbrand (geurreductie). 30 maart 2023

AANMELDNOTITIE SONAC BURGUM - GGI

BH7896-IB-RP-230217-1

9

Projectgerelateerd

Vanuit de opslagtanks wordt het materiaal overgepompt in de buffer/mengtank. De belangrijkste functie van de buffer/mengtank is het homogeniseren, en het bufferen, van de diverse toevoerstromen. Bufferen van toevoermateriaal is daarnaast noodzakelijk om in perioden van stagnerende aanvoer, bijvoorbeeld tijdens de weekenden, de voeding naar de vergister te kunnen continueren. Vanuit de buffer/mengtank wordt het materiaal verpompt naar de vergisters. Vergisting en Navergisting Vanuit de mengtank wordt het materiaal met een stabiele flow richting de vergisters gepompt en daaruit richting de navergister voor maximale energie benutting (groen gasopbrengst). Opbouw vergisters: ◼

Invoer materiaal is 12 m³ per uur;

◼

Volume: 7.000 m³ dit vooral om de traagste bacterie tijd te geven zich te vermenigvuldigen (methanogenese). De verwachtte totale verblijftijd is ongeveer 25 dagen. De vergisters (reactoren) hebben een beperkte biogashoeveelheid. Alleen in de bovenste 2 meter bevindt zich biogas (700 m3 per vergister);

◼

Centraal roerwerk voor perfecte menging;

◼

Temperatuur bewaking en sturing voor stabiel proces.

Werking vergisters De eiwitten, vetten, suikers en allerhande koolstofketens worden bacteriologisch en anaeroob afgebroken. In de vervolgprocessen (Hydrolyse, Acidogenese, Acetogenese en Methanogenese) worden de aanwezige koolstofketens omgezet naar hoofdzakelijk CH4 en CO2. Hierbij wordt ongeveer 15% van de ingevoerde grondstof omgezet naar biogas. Aangezien er een constante voeding is van ongeveer 12 ton per uur dient er constant ongeveer 10 ton per uur verder verpompt te worden als digestaat. Eerst naar de navergister en daarna naar de naverwerking digestaat. De vergisters zijn reactoren met een beperkte biogashoeveelheid. Deze worden beschermd door meerdere niveaumetingen, schuimmetingen, temperatuur en drukmetingen. Bij schuimvorming wordt er antischuim bovenaan de vergister verneveld. De gasdruk boven de vloeistof (bovenste 2 meter van de vergister) is constant 20-25 mbar. Dit is ook de voorziene druk in de gasballon (buffer van 700 m3). Het gas wordt afgevoerd richting het Groen Gasgebouw (200-BD-780) voor verdere behandeling. Groengasbehandeling Verwachte samenstelling van het ruwe biogas: ◼

CH4: 65 tot 70% (afhankelijk van voeding);

◼

CO2: 30 tot 35%;

◼

H2O: gas 100% verzadigd bij 38°C;

◼

H2S: 0-200ppm afhankelijk van de voeding;

◼

NH3: 0-20 ppm concentratie;

Dit biogas wordt gezuiverd en voorzien van een geurstof (THT) om te voldoen aan de kwaliteitsvereisten voor injectie in het lokale 8bar gasnet van de netbeheerder.

30 maart 2023

AANMELDNOTITIE SONAC BURGUM - GGI

BH7896-IB-RP-230217-1

10

Projectgerelateerd

De volgende zuiveringsstappen worden voorzien: ◼

Voorbehandeling (koelen) om water te condenseren en te verwijderen;

◼

Na beperkt comprimeren wordt het biogas achtereenvolgens gereinigd in 4 in serie geschakelde actief koolfiters. H2S, VOC en Siloxanen worden hiermee uit het biogas verwijderd;

◼

Na verder comprimeren wordt in opzuiveringsstappen de CO2 gescheiden van het methaan;

◼

De Methaan is na kwaliteitscontrole en THT injectie (geurstof) geschikt om direct te injecteren in het lokale gasnet (er vindt geen opslag plaats);

◼

De CO2 fractie kan verder opgezuiverd en vervloeid worden;

◼

Hierbij wordt de CH4 slip van 0,3 tot 0,5% volledig tenietgedaan aangezien die recirculeert naar de ingang van het zuiveringsproces;

◼

Het CO2 wordt daarbij opgeslagen in 2 tanks als vloeibaar gemaakt gas, van waaruit de CO2 kan worden geleverd aan meerdere afnemers voor technische toepassingen.

Verwerking digestaat en luchtwasser Het vergistingsresidu (digestaat) wordt met behulp van een decanter gescheiden in een waterige fractie en een dikke fractie. De waterige fractie wordt opgeslagen in een buffertank om de nageschakelde DAF unit (Dissolved Air Flotation Unit) zo stabiel mogelijk te kunnen voeden. In de nageschakelde DAF unit wordt zwevende stof zo veel mogelijk verwijderd. Door dosering van ijzerchloride en polymeer wordt het zwevende stof samengevoegd tot grotere vlokken en door het inbrengen van zeer fijne microbubbels worden de gevormde vlokken opgedreven tot een sliblaag. Het materiaal dat niet kan worden opgedreven en bezinkt wordt via een bodemaflaat/schroef afgevoerd. Na de DAF-unit wordt het water verder verwerkt/gezuiverd in de NH3 stripper. De dikke fractie wordt ingebracht op de banddrooginstallatie. Het digestaat wordt vervolgens over de gehele lengte van de band gedroogd middels aangezogen ruimte- (BVH-fabriek) & gebouw/ buitenlucht die na verdere opwarming over de band wordt geleid. Het gedroogde digestaat wordt afgevoerd naar de opslagsilo. De luchthoeveelheid die in de banddroger wordt gebruikt om het digestaat te drogen is afhankelijk van de doorzet en buitenluchtcondities (relatieve vochtigheid) maar is gemiddeld ongeveer 60.000 m3 per uur.

De luchtstroom wordt direct na gebruik door een 4-traps chemische luchtwasser geleid om deze van de geurcomponenten te ontdoen. Deze wasser bestaat achtereenvolgens uit de volgende stappen een stoftrap (met water), een zuurtrap (met zwavelzuur), een oxidatieve stap (met chloorbleekloog) en als laatste een basische trap (met natronloog). De emissie vanuit deze luchtwasser naar de lucht vindt uiteindelijk plaatst via de bestaande schoorsteen van de BVH-fabriek. Ammoniakwater Ter ontlasting van de zuivering is een NH3 stripper voorzien. In de NH3 stripper wordt het NH4 uit het water gestript en verder geconcentreerd tot NH 3 water en vervolgens opgeslagen in een tank. Het NH3 water wordt o.a. ingezet bij DeNOx installaties van de stoomketels en het kan worden afgevoerd naar derden om te dienen als grondstof voor een groene meststof. De NH3 stripper bestaat uit drie stappen waarbij in de eerste stap door temperatuurverhoging het bicarbonaat via CO2 uit het water wordt gestript. In de tweede stap wordt door temperatuurverhoging en natronloogdosering het NH4 gestript en in de derde stap wordt het gestripte NH3 geconcentreerd tot 18-22% ammoniakwater. Nadat het NH4 uit de dunne fractie is verwijderd, wordt het overgebleven water via het riool van Sonac Burgum naar de bestaande AWZI afgevoerd ter verdere behandeling/opzuivering.

30 maart 2023

AANMELDNOTITIE SONAC BURGUM - GGI

BH7896-IB-RP-230217-1

11

Projectgerelateerd

Fakkel Als back-up systeem voor de (na-)vergister, de Groen Gasinstallaties is een fakkel aanwezig. Deze wordt ingezet op het moment dat er storingen optreden, groot onderhoud moet plaatsvinden, of het biogas om een andere reden niet kan worden ingezet voor de beoogde productie en moet worden afgefakkeld. Deze fakkel betreft een gedeeltelijke open pijp (schoorsteen van 14 meter) waarin het biogas wordt afgefakkeld. Daarnaast heeft Sonac Burgum diverse ondersteunende installaties en voorzieningen: ◼

Afvalwaterzuiveringsinstallatie (AWZI);

◼

Wasstraat (reiniging transportmiddelen);

◼

Luchtbehandelingsinstallaties (o.a. een Regeneratieve Thermische Oxidatie unit voor de vernietiging van hoogbelaste geurstromen en biofilters voor het behandelen van laagbelaste geurstromen);

◼

Stoomketels (stoom wordt gebruikt in de processen voor o.a. verwarming) op aardgas en vetten;

◼

Diverse werkplaatsen voor onderhoud;

◼

Opslagvoorzieningen (o.a. tanks en silo’s) voor de opslag van producten, grond en (hulp-)stoffen;

◼

Kantoor met receptie en laboratorium (kwaliteitscontrole).

2.5.3

Beschrijving van de ondersteunende processen & utilities

Bij Sonac Burgum wordt naast aardgas ook dierlijk vet ingezet als een hoogwaardige brandstof voor de opwekking van stoom in de stoomketels in het ketelhuis. Deze stoom is benodigd voor de productieprocessen. De geuremissie van de verschillende verwerkingsprocessen wordt zoveel mogelijk beperkt door gerichte afzuiging, ruimteafzuiging, en proces-geïntegreerde maatregelen. De afgezogen lucht wordt behandeld in luchtbehandelingsinstallaties (LBI’s). De laagbelaste geurstromen worden behandeld in de gaswassers met nageschakelde biofilters. Voor de Groen Gasinstallatie zal een nieuw deel van de luchtbehandelingsinstallatie worden gerealiseerd, zijnde een chemische wassers. De hoogbelaste geurstromen worden via condensors geleid om geurende stoffen te laten condenseren. Een gedeelte van de geurende stoffen condenseert echter niet, vandaar de naam ‘Non Condensables’ (NC’s). De NC’s en hoogbelaste geurstromen worden vernietigd door deze te verbranden in bestaande Regeneratieve Thermische Oxidatie (RTO) installatie. De bij de Groen Gasinstallatie vrijkomende hoogbelaste geurstromen worden aangesloten op de RTO. Mocht door onvoorziene omstandigheden de RTO uitvallen dan worden de hoogbelaste geurstromen alsnog vernietigd door verbranding in de back-up installatie. De betreffende luchtstroom wordt in dat geval verbrand in de (stoom-)ketels 2 en 4.

Voor zuivering van het afvalwater beschikt Sonac Burgum over een eigen biologische afvalwaterzuiveringsinstallatie (AWZI). Deze installatie heeft een hoog zuiveringsrendement en loost vervolgens het gezuiverde afvalwater op het oppervlaktewater, zijnde het naastgelegen Prinses Margrietkanaal.

2.5.4

Stoomketels (100% vetstook) met nieuwe DeNOx installatie

In het ketelhuis (202-BD-691) staan 4 ketels voor de productie van stoom dat op diverse locaties wordt gebruikt in de productieprocessen. In Bijlage 5 (Luchtonderzoek) zijn de technische en gebruiksgegevens van de stoomketels in het ketelhuis opgenomen.

30 maart 2023

AANMELDNOTITIE SONAC BURGUM - GGI

BH7896-IB-RP-230217-1

12

Projectgerelateerd

Voor de vergunde ketels wordt de mogelijkheid aangevraagd om de ketels 100% op vet te stoken. Tevens worden de vergunde ketels in de voorgenomen bedrijfssituatie voorzien van een DeNox installatie. Dit is nodig om o.a. de extra ammoniakemissie, die afkomstig is uit de banddroger van de Groen Gasinstallatie en de 100% vetstook, intern te salderen binnen de vergunde ruimte van de Wnb-vergunning (zie ook Bijlage 5). In de DeNOx installatie wordt het in de Groen Gasinstallatie geproduceerde ammoniakwater gebruikt. Alle ketels zijn al vergund op het stoken van aardgas en vet (nu nog gelimiteerd). Daarnaast zal er gezien de stoomvraag maar op maximaal 3 ketels tegelijk worden gestookt (aardgas en/of vet), de 4 e ketel dient hierbij als back-up (voor onderhoud en eventuele storingen). De geproduceerde stoom is benodigd voor de productieprocessen.

2.5.5

Luchtbehandelingsinstallaties

Alle productieruimtes zijn voorzien van gerichte afzuiging en ruimteafzuiging. Daarnaast zijn er procesgeïntegreerde maatregelen genomen om de geuremissie te beperken. In Bijlage 2 is ook het processchema van de luchtbehandelingsinstallaties opgenomen. Hierin is aangegeven de verandering als gevolg van de nieuwe Groen Gasinstallatie. Bij de diverse bedrijfsactiviteiten komen op verschillende plaatsen geurende proceslucht vrij. Deze sterk geurende luchtstromen wordt via condensors geleid om de geurende stoffen te laten condenseren. Een gedeelte van deze geurende stoffen condenseert echter niet (de zogenaamde Non Condensables of afgekort NC’s). Deze NC’s worden verwerkt in de Regeneratieve Thermische Oxidatie installatie. In vergelijking met een klassieke thermische naverbrander, wordt bij een regeneratieve thermische oxidator een groot deel van de warmte gerecupereerd door het gebruik van keramische bedden. De keramische bedden staan in voor energierecuperatie van de luchtstroom door middel van opwarming en afkoeling van deze stroom. Bij de nieuwe Groen Gasinstallatie wordt het nieuwe gebouw en diverse opslagtanks en procesinstallatie aangesloten op de bestaande luchtbehandelingsinstallatie. In Bijlage 2 is bij alle processen aangegeven waar de afgezogen lucht precies wordt behandeld.

2.5.6

Afvalwaterzuiveringsinstallatie (AWZI)

Aan de oostzijde van de Damsingel is de eigen afvalwaterzuiveringsinstallatie (AWZI) van Sonac Burgum gelegen die onderdeel van de inrichting. In Bijlage 2 is ook een gedetailleerd processchema van de AWZI opgenomen en is aangeven welke (voornamelijk installatietechnische) veranderingen er worden doorgevoerd als gevolg van de nieuwe Groen Gasinstallatie. Deze veranderingen betreffen een tweede DAF-unit en een stikstofstripper. Met de stikstofstripper wordt ammoniak verwijderd uit het afvalwater. De ammoniak gaat door kolommen en wordt gewassen om ammoniakwater te produceren. De verwijderde ammoniak kan uiteindelijk weer worden gebruikt als grondstof voor een groene meststof. De stikstofstripper werkt met behulp van warmte en pH verhogende middelen. De uiteindelijke samenstelling van het afvalwater zal echter door de Groen Gasinstallatie niet wezenlijk wijzigen. De AWZI heeft een hoog zuiveringsrendement en de zuiveringscapaciteit bedraagt afgerond 220.000 – 280.000 vervuilingseenheden.

30 maart 2023

AANMELDNOTITIE SONAC BURGUM - GGI

BH7896-IB-RP-230217-1

13

Projectgerelateerd

2.5.7

Transport

De aangevraagde verandering voor de 10e productielijn, de Groen Gasinstallatie, zal niet van invloed zijn op de vergunde vervoersaantallen. Het betreft hierbij een verschuiving van grondstoffen binnen de inrichting van Sonac Burgum. Een gedeelte van de andere productielijnen zal naar verwachting minder dierlijke bijproducten gaan verwerken en afvoeren. Welke dat zullen zijn is erg afhankelijk van het aanbod dat Sonac vanuit de markt (voornamelijk slachterijen) krijgt. Tevens zullen de producten van de vergunde Categorie 2 lijn, waarvan de producten nu nog naar de Darling Ingredients International locatie in Son worden getransporteerd, in de voorgenomen bedrijfssituatie direct binnen de inrichting van Sonac Burgum worden ingezet in de Groen Gasinstallatie. De aanvoer van grond- en hulpstoffen en de daarbij behorende transportbewegingen kunnen gedurende 24 uur per dag, en zeven dagen per week plaatsvinden. Het vervoer van de diverse grondstoffen wordt uitbesteed aan derden. Daarnaast vindt er ook licht verkeer plaats dit betreft voornamelijk het eigen personeel en bezoekers (leveranciers, onderhoudsfirma’s, etc.). In tabel 2.4.5 zijn de jaarlijkse vergunde vervoersaantallen weergegeven. Tabel 2.4.5 Vervoersaantallen Type verkeer

Aantallen per jaar

Vrachtwagens (aan- en afvoer)

60.000

Lichtverkeer (personenauto’s en transportbusjes)

30.000

Intern verkeer mobiele werktuigen (17 heftrucks, 1 verreiker en 1 tractor)

Inzet in uren (zie beschrijving luchtonderzoek)

N.B. Deze aantallen zijn verwerkt in het luchtonderzoek (o.a. AERIUS berekening). Ten aanzien van het geluidsonderzoek wordt opgemerkt dat hierin van de representatieve bedrijfssituatie (de “13e maatgevende dag”) moet worden uitgegaan.

2.6

Bestemmingsplan

Het geldende bestemmingsplan voor deze locatie is het bestemmingsplan “Burgum Sumar bedrijventerrein kanaalzone 2008”.

2.6.1

Functionele toetsing aan bestemmingsplan

Het terrein van Sonac Burgum heeft in het bestemmingsplan de specifieke functieaanduiding ‘“Bedrijventerrein 4 - verwerkingsbedrijf dierlijke slachtbijproducten”. Het terrein ligt binnen een gebied met als aanduiding ‘gezoneerd industrieterrein’. Bijna alle activiteiten liggen binnen het huidige bestemmingsplanvlak en passen grotendeels binnen de geldende planregels. Alleen de 3 (na)vergisters en de biogasbuffer vallen net buiten het bestemmingsplanvlak van Sonac Burgum (“Verwerkingsbedrijf dierlijke slachtbijproducten”). Deze liggen voor een klein deel in het bestemmingsplanvlak “Groenvoorzieningen”. Dit deel van het terrein is nu nog onbebouwd en voorzien van bomen en struiken, in het verleden zelf aangeplant door Sonac Burgum. Om de ruimtelijke impact richting Burgum zo beperkt mogelijk te houden zijn de drie grootste installaties, de voorvergister en de twee hoofdvergisters (ieder afzonderlijk ongeveer 24 meter hoog en 25 meter in diameter), samen met de biogasbuffer, in de lijn noord-zuid geprojecteerd. Hiermee is het aanzicht vanuit Burgum gezien zo “klein” mogelijk gehouden. Om hiervan af te kunnen wijken is al een principeverzoek bij de gemeente Tytsjerksteradiel ingediend. Bij de uiteindelijke Waboaanvraag voor deze veranderingen zal het afwijken, en/of in strijd zijn, worden meegenomen 30 maart 2023

AANMELDNOTITIE SONAC BURGUM - GGI

BH7896-IB-RP-230217-1

14

Projectgerelateerd

Het bestemmingsplan is getoetst op eventuele restricties ten aanzien van de voorgenomen verandering c.q. het voorgenomen project. De veranderende situatie ten opzichte van de vigerende vergunning situatie is niet in strijd met het bestemmingsplan.

2.6.2

Afwijken bestemmingsplan

In verband met het afwijken van de maximale bouwhoogte (10,0 meter) voor ‘bouwwerken geen gebouw zijnde’ zijn in 2019 en 2020 een meerdere installaties tijdelijk vergund (Omgevingsvergunning bouwdeel, milieudeel en afwijken bestemmingsplan). De gemeente Tytsjerksteradiel heeft in deze procedures schriftelijk aangegeven dat het bestemmingsplan op termijn zal worden geactualiseerd (waarschijnlijk na inwerkingtreding van de nieuwe Omgevingswet) en dat de maximale bouwhoogte wordt aangepast in het nieuwe bestemmingsplan/omgevingsplan. Het ging hierbij om de volgende installaties en bouwhoogten: ◼

RTO-installatie (bouwhoogte scrubber 13 meter), nu nog tijdelijk vergund tot 29 oktober 2029;

◼

8 Vettanks bij ingang Zuid (bouwhoogte 18,5 meter), nu nog tijdelijk vergund tot 29 oktober 2029;

◼

Opslagtank Cat. 2 lijn (bouwhoogte 19,5 meter), nu nog tijdelijk vergund tot 29 oktober 2029.

Het bestemmingsplan is nu nog niet geactualiseerd. Het verzoek is nu dan ook om de installaties van de Groen Gasinstallatie die ook niet voldoen aan de genoemde maximale bouwhoogte op dezelfde wijze te vergunnen (tijdelijk). Dit kan mogelijk samen met de afwijking van het bestemmingsplanvlak zoals reeds in het hiervoor genoemde principeverzoek, gericht aan de gemeente Tytsjerksteradiel. Hierdoor heeft het bevoegd gezag, de gemeente Tytsjerksteradiel, voldoende tijd om de gewenste actualisatie van het vigerende bestemmingsplan/omgevingsplan door te voeren. Na deze actualisatie kan door Sonac Burgum een aanvraag worden ingediend voor het permanent vergunnen van de alle genoemde installaties. Het gaat hierbij om de volgende Groen Gasinstallatieonderdelen (“bouwwerken geen gebouw zijnde”): ◼

Twee hoofdvergisters (bouwhoogte 24 meter);

◼

Navergister (bouwhoogte 24 meter);

◼

Biogas buffer (bouwhoogte 9 meter, volume 700 m3);

◼

Diverse opslagtanks te verwerken producten (bouwhoogte 10-16 meter);

◼

Diverse opslagtanks hulpstoffen (bouwhoogte 8-15 meter);

◼

Opslagsilo digestaat (bouwhoogte 12 meter);

◼

4-traps gaswasser (bouwhoogte 6 meter);

◼

Fakkelinstallatie (bouwhoogte 14 meter);

◼

Opslagtanks C02 (bouwhoogte 15 meter);

◼

Buffertank afvalwater (bouwhoogte 9 meter);

◼

Voorverzuring (bouwhoogte 16 meter).

Alle installatieonderdelen onder de 10 meter bouwhoogte worden permanent aangevraagd. Het nieuwe Groen Gasgebouw (200-BD-780) met een bouwhoogte van 10 meter, past ook binnen het huidige

30 maart 2023

AANMELDNOTITIE SONAC BURGUM - GGI

BH7896-IB-RP-230217-1

15

Projectgerelateerd

bestemmingsplan. Voor gebouwen geldt namelijk een maximale bouwhoogte van 15 meter. Het nieuwe Groen Gasgebouw (bouwhoogte 10 meter) zal dan ook permanent worden aangevraagd.

2.7

Overige ontwikkelingen

Er zijn geen toekomstige (beleids-) ontwikkelingen bekend die genoemd kunnen of moeten worden.

30 maart 2023

AANMELDNOTITIE SONAC BURGUM - GGI

BH7896-IB-RP-230217-1

16

Projectgerelateerd

3

Effecten op het milieu

In deze aanmeldnotitie wordt het projecteffect van de verandering beoordeeld. De voorgenomen veranderingen kunnen mogelijk invloed op een aantal milieuaspecten. Alle milieuaspecten waar de verhoging van de verwerkingscapaciteit van invloed kan zijn worden in dit hoofdstuk weergegeven. Het betreft hierbij de volgende milieuaspecten: ◼

Geluid;

◼

Geur;

◼

Luchtemissies en luchtkwaliteit;

◼

Natuur;

◼

Energie;

◼

Bodem;

◼

Afval;

◼

Afvalwater/lozingen;

◼

(Externe) Veiligheid, risico’s voor ongevallen/calamiteiten en abnormale bedrijfsomstandigheden;

◼

Gebruik van grondstoffen en natuurlijke hulpbronnen;

◼

Woon- en leefmilieu van het gebied;

◼

Gezondheid;

◼

Archeologie;

◼

Cumulatie-effecten met andere milieubelastende activiteiten.

In de navolgende paragrafen worden deze aspecten nader beschouwd en het eventuele projecteffect beschreven.

3.1

Geluid

De inrichting is gelegen op het geluidgezoneerde bedrijventerrein Burgum-Sumar. De veranderingen zijn inzichtelijke gemaakt in een akoestisch onderzoek dat is uitgevoerd door DGMR. De rapportage van dit onderzoek is bijgevoegd in Bijlage 3. Op basis van de uitgangspunten en de representatieve bedrijfssituatie, genoemd in hoofdstuk 2 van het akoestisch onderzoek is het akoestische rekenmodel van de inrichting aangepast aan de geprojecteerde (c.q. voorgenomen) bedrijfssituatie. Met behulp van het rekenmodel zijn op beoordelingspunten optredende langtijdgemiddelde beoordelingsniveaus berekend. De uitbreiding van de inrichting zorgt voor een lichte toename van de geluidsbelasting op de omliggende woningen. Deze toename varieert van 0 tot 0.4 dB. De geluidstoename vanwege het project is daarmee beperkt. Sonac bevindt zich daarnaast op een gezoneerd industrieterrein waardoor de woningen beschermd worden tegen de cumulatieve geluidsbelasting van alle bedrijven samen. Zoals aangegeven geeft Sonac invulling aan de beste beschikbare technieken. De toename van de geluidsbelasting wordt hierdoor tot een minimum beperkt. Door de ligging van Sonac op grote afstand ten opzichte van woonbebouwing en geluidsgevoelige functies, de beperkte geluidstoename bij deze woningen vanwege het plan en de milieubescherming die 30 maart 2023

AANMELDNOTITIE SONAC BURGUM - GGI

BH7896-IB-RP-230217-1

17

Projectgerelateerd

het kader van het geluidgezoneerde industrieterrein biedt zijn er geen belangrijke nadelige planeffecten voor het milieuaspect geluid. Het aspect geluid is daarmee geen beperking voor de aangevraagde verandering.

3.2

Geur

Voor het aspect geur heeft Olfasense een geuronderzoek uitgevoerd. Het geuronderzoek van Olfasense is opgenomen in Bijlage 4. Uit verspreidingsberekening voor de aangevraagde situatie met de Groen Gas Installatie en maximale vetstook in het ketelhuis is gebleken, dat de verschillen tussen de berekende waarden en de immissienormen in de huidige milieuvergunning minimaal zijn. Er is geen toetspunt waar de verschillen in immissieconcentraties groter zijn dan 1 decimaalpunt. Voor de deze minimale verschillen zijn slechts de afrondingsregels verantwoordelijk. De conclusie is dan ook gerechtvaardigd, dat de door Sonac Burgum aangevraagde uitbreiding met de Groen Gas installatie en de mogelijkheid tot overschakeling op 100% vet als brandstof in het ketelhuis mogelijk is binnen de geurimmissiegrenzen die zijn opgenomen in de vigerende Wabo-revisievergunning. Doordat de geurimmissie in de aangevraagde situatie niet ongunstiger is dan in de vergunde situatie, is er sprake van een neutraal projecteffect. Daarmee is het aspect geur geen beperking voor de aangevraagde verandering.

3.3

Luchtemissies en luchtkwaliteit

De effecten op de luchtkwaliteit (concentraties van NO2 en PM10 in de leefomgeving) als gevolg van alle (aangevraagde) activiteiten van Sonac Burgum zijn inzichtelijk gemaakt in het door Royal HaskoningDHV opgestelde memo over de luchtemissies en luchtkwaliteit. Deze memo is bijgevoegd als Bijlage 5. In de memo is het milieueffect dat de aanvraag heeft op de luchtkwaliteit in de omgeving beschreven. Met de gehanteerde uitgangspunten in het rapport wordt een worst case situatie doorgerekend, om zodoende worst case te toetsen aan de van toepassing zijnde luchtkwaliteitseisen (als worst case al wordt voldaan aan de eisen, dan zal de praktijksituatie zeker voldoen). Deze worst case situatie wijkt af van de situatie in de praktijk. Ten aanzien van de luchtkwaliteit neemt de emissie van NOx af, waardoor ook de concentratie in de omgeving afneemt, en resulteert in een marginale verbetering van de luchtkwaliteit. Uit de beperkte immissietoets volgt dat de bijdrage van PM10 Niet in betekenende mate (NIBM) bijdraagt aan de luchtverontreiniging. Het projecteffect zal daarom miniem zijn. De effecten op de luchtkwaliteit als gevolg van de voorgenomen verandering c.q. het project zijn hiermee neutraal ten opzichte van de vergunde bedrijfsvoering van Sonac Burgum. Het aspect luchtemissies en luchtkwaliteit is daarmee tevens geen beperking voor de aangevraagde verandering.

30 maart 2023

AANMELDNOTITIE SONAC BURGUM - GGI

BH7896-IB-RP-230217-1

18

Projectgerelateerd

3.4

Natuur

Stikstofdepositie Om de stikstofdepositie in Natura 2000-gebieden in beeld te brengen is ook een stikstofdepositieonderzoek uitgevoerd. In 2018 en in 2021 is aan Sonac Burgum een vergunning in het kader van de Wet natuurbescherming (verder Wnb) verleend. Uit het uitgevoerde stikstofdepositie-onderzoek met de voorgeschreven release van AERIUS Calculator blijkt dat er geen toename is van de totale stikstofdepositie (er is zelfs een geringe afname van stikstofdepositie) in Natura 2000-gebieden ten opzichte van de vergunde Wnb-bedrijfssituatie. De maximale NOx-emissie (en depositie) is en wordt begrensd door de vigerende Wnb-vergunningssituatie. Het stikstofdepositie-onderzoek met de losse AERIUS-bijlage met de verschil-berekening zijn opgenomen in het luchtonderzoek in Bijlage 5. Projecteffect Uit de verschil-berekening blijkt dat de feitelijke depositie op de Nature 2000 gebieden niet zal wijzigen en zelfs iets zal afnemen. Dit alles houdt in dat er geen negatief projecteffect is ten aanzien de NOx-depositie in omliggende natuurgebieden en de Natura 2000-gebieden. Overige effecten Gelet op de afstand, de omvang en aard van de tussenliggende activiteiten en objecten en begroeiing zullen andere verstoringsfactoren als geluid, licht of aanwezigheid van mensen op te beschermen natuurgebieden (inclusief Natura 2000-gebieden) niet bereiken.

Hiermee kunnen significante (negatieve) natuur-effecten als gevolg van de voorgenomen verandering kunnen worden uitgesloten (de algemene activiteiten, installaties, bedrijfsuren en dergelijke veranderen niet). De natuureffecten als gevolg van de voorgenomen verandering zijn hiermee neutraal ten opzichte van de vergunde bedrijfsvoering van Sonac Burgum. Het aspect natuur is daarmee geen beperking voor de aangevraagde verandering.

3.5

Energie

Om de ontwikkelingen in het energieverbruik én de kosten te kunnen monitoren heeft het moederbedrijf van Sonac Burgum, Darling Ingredients International, in 2012 een uniform rapportagesysteem ontwikkeld (‘CSR Energy and Water Module’). Dit rapportagesysteem biedt inzicht in het energieverbruik binnen alle productiebedrijven binnen Darling Ingredients International. Alle productielocaties zijn verplicht gesteld om periodiek via dit systeem intern te rapporteren. Elk kwartaal wordt door Darling II een samenvattende rapportage opgesteld, hetgeen onderlinge vergelijkingen mogelijk maakt en trends laat zien. De tweede periode van de CSR Energy and Water Module wordt in 2025 afgesloten. In deze lopende periode dient het primair energieverbruik met 5% te zijn gereduceerd (ten opzichte van 2020). Naast de monitoring op concernniveau wordt lokaal het energiegebruik wekelijks inzichtelijk gemaakt om de energie-efficiency te monitoren. Bij afwijkingen wordt direct actie ondernomen, om de oorzaak te achterhalen en te verhelpen. Naast de monitoring op concernniveau heeft elke locatie zijn eigen frequentie en methode om het energiegebruik inzichtelijk te maken en de energie-efficiency te monitoren. Bij Sonac Burgum vindt deze monitoring wekelijks plaats. Bij afwijkingen wordt direct actie ondernomen om de oorzaak te achterhalen en te verhelpen.

De primaire verwerkingsprocessen en diverse andere voorzieningen vragen energie in de vorm van warmte (stoom en warm water), koude (koelwater), elektriciteit en perslucht. Sonac Burgum 30 maart 2023

AANMELDNOTITIE SONAC BURGUM - GGI

BH7896-IB-RP-230217-1

19

Projectgerelateerd

beschikt hiervoor over verschillende voorzieningen. In tabel 3.5 is een overzicht weergegeven van het energieverbruik in 2021 en een prognose met het in gebruik hebben van de aan te vragen veranderingen. Tabel 3.5 - Overzicht energieverbruik (2021) en een prognose voor de aangevraagde capaciteit Energiedrager

Verbruik 2021

Prognose incl. Groen Gasinstallatie

Aardgas

20.986.925 m3

22.000.000 m3

Elektriciteit

37.842 MWh

43.000 MWh

-

+ 14.000.000 m3

Levering Groen Gas

3.5.1

Groen gas

Het geproduceerd groen gas wordt direct (terug-)geleverd op het aardgasnet (8 bar) van de lokale netbeheerder. De nieuwe 10e productielijn kan in principe ongeveer 12.000 huishoudens jaarlijks voorzien van gas. Daarnaast wordt een gedeelte van de restwarmte uit de andere productielijnen ingezet om het proces van de Groen Gainstallatie te verwarmen. De energie-effecten als gevolg van de voorgenomen verandering zijn hiermee positief ten opzichte van de vergunde bedrijfsvoering van Sonac Burgum. Het aspect energie is daarmee geen beperking voor de aangevraagde verandering.

3.6

Bodem

De handelingen en de opslag van (hulp-)stoffen en diverse nieuwe activiteiten binnen de inrichting zijn potentieel bodembedreigend. Alle activiteiten zullen zodanig worden uitgevoerd, dat er sprake is van een verwaarloosbaar bodemrisico conform de Nederlands Richtlijn Bodembescherming 2012. De bodemkwaliteit van de locatie is in 2022 vastgelegd in de revisievergunningaanvraag. Er worden geen nieuwe potentieel bodembedreigende activiteiten of andere potentieel bodembedreigende stoffen gebruikt als gevolg van de voorgenomen verandering. Het aspect bodem is daarmee geen beperking voor de aangevraagde verandering.

3.7

Afval

De afvalstromen zullen door de voorgenomen verandering niet wijzigen. Er komen geen nieuwe of andere afvalstromen bij. Alle grondstoffen (dierlijke bijproducten) worden volledig verwerkt in de bestaande bedrijfsprocessen; er komt hierbij geen (dierlijk) afval vrij. De veranderingen genereren als zodanig hierdoor geen extra afval. Het aspect afval is daarmee geen beperking voor de aangevraagde verandering.

3.8

(Afval-)water/lozingen

Bij de activiteiten van Sonac Burgum wordt water gebruikt en komt water vrij. De voor de Groen Gasinstallatie aangevoerde grondstoffen hebben een hoog vochtgehalte (80-85%) dat tijdens het droogproces van het digestaat voornamelijk vrijkomt als afvalwater. Grondwater wordt ingezet als koelwater, spoel- en schoonmaakwater, en leidingwater in hoofdzaak als ketelvoedingswater, drinkwater en enkele specifieke toepassingen (zie ook Bijlage 2). Het totale verbruik hiervan zal niet wijzigen ten opzichte van de vergunde situatie. Het procesafvalwater afkomstig van de voorgenomen 10e productielijn is que samenstelling vergelijkbaar met de andere productielijnen. Het afvalwater van de Groen Gasinstallatie wordt na voorbehandeling via 30 maart 2023

AANMELDNOTITIE SONAC BURGUM - GGI

BH7896-IB-RP-230217-1

20

Projectgerelateerd

het bedrijfsrioleringssysteem naar de AWZI getransporteerd en daar gezuiverd en uiteindelijk geloosd op het oppervlaktewater (Prinses Margrietkanaal). Het totale (vergunde) lozingsdebiet van de afvalwaterzuivering zal door de aan te vragen veranderingen niet wijzigen. Het is dan ook niet nodig om een nieuwe Watervergunning aan te vragen bij het bevoegd gezag het Wetterskip Fryslân. Dit is ook bevestigd in een overleg (23 december 2022) met de vergunningverlener van het Wetterskip Fryslân. De effecten op de afvalwaterlozingen als gevolg van de voorgenomen verandering zijn hiermee neutraal ten opzichte van de vergunde bedrijfsvoering van Sonac Burgum. Het aspect afvalwaterlozingen is daarmee geen beperking voor de aangevraagde verandering.

3.9

Externe Veiligheid

De risico’s voor ongevallen/calamiteiten en abnormale bedrijfsomstandigheden zullen door de nu aangevraagde veranderingen niet veranderen. Er wordt geen groen gas opgeslagen op de locatie. In de Groen Gasinstallatie bevindt zich in totaal ongeveer 2800 m 3 biogas. Dat zijn de drie (na)vergisters, met ongeveer 700 m3 biogas in de bovenste 2 meter, en één biogasbuffer van 700 m3. Dit betreft echter geen opslag (procesvolume). Het groen gas wordt met een leiding direct aan de lokale netbeheerder geleverd. Door het RIVM is in 2008 een document opgesteld waarin de effecten en risicoafstanden bij de opslag van biogas worden beschreven. Bij deze opslagvolumes (is in deze situatie niet aan de orde) zijn de 10 -6 afstanden dan tussen de 50 en 70 meter (afhankelijk van de samenstelling van het biogas). Binnen deze afstanden bevinden zich geen (beperkt) kwetsbare objecten. Vanaf de geprojecteerde locatie van de Groen Gasinstallatie bevinden zich de eerste huizen op meer dan 300 meter. Voor de Groen Gasinstallatie wordt een nieuw explosieveiligheidsdocument (EVD) opgesteld en worden de ATEX-gebieden rond de installatiedelen in kaart gebracht. Bij calamiteiten kan de hele installatie drukloos worden gemaakt door middel van de fakkelinstallatie. Het in de installatie ingesloten biogas wordt dan direct verbrand en vormt geen gevaar voor de omgeving.

De effecten voor de externe veiligheid als gevolg van de voorgenomen veranderingen zijn hiermee neutraal ten opzichte van de vergunde bedrijfsvoering van Sonac Burgum. Het aspect externe veiligheid is daarmee geen beperking voor de aangevraagde verandering.

3.10

Gebruik van grondstoffen en natuurlijke hulpbronnen

De aanvoer van de grondstoffen voor de Groen Gasinstallatie bestaan voornamelijk uit dierlijke bijproducten en is volledig markt gestuurd. Sonac Burgum is afhankelijk van wat de slachterijen en andere verwerkers aanbieden. Ten aanzien van de natuurlijke hulpbronnen betreft dit het gebruik van energiebronnen en grondwater. Het gebruik van energiebronnen is al beschreven in paragraaf 3.5. Energie en heeft een positief effect omdat er groen gas wordt geproduceerd. Het groen gas wordt direct geleverd aan het landelijke gasnet. De nieuwe 10e productielijn kan in principe ongeveer 12.000 huishoudens jaarlijks voorzien van gas. Deze plannen passen naadloos binnen de duurzame strategie van Darling Ingredients International. Hierbij worden de aanwezige reststromen uit de Food- en Feed industrie benut en verbetert de circulariteit. Het verbruik van grondwater zal door de veranderingen niet wijzigen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Tytsjerksteradiel&id=6f2e9bee-607b-4a91-891f-4e8b49b0ba26