CConstaterende datTubbergen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage Perspectiefnota 2024 Tubbergen.pdf

Gemeenteraad Tubbergen 18 juli 2023, gemeente TubbergenBij agendapunt: 12: Perspectiefnota 2024 Tubbergen28.927 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

Aangezien het plan in de afrondende fase is (en planaanpassing niet mogelijk is) heeft de Raad inmiddels voorzien in extra dekking. (Raadsbesluit 30 mei 2023).

25

Geesteren In Geesteren is een aantal jaren geleden een locatieonderzoek uitgevoerd waarin werd onderzocht waar de nieuwe basisschool moest komen. Daarbij is uiteindelijk gekozen voor herbouw op de bestaande plek. Vervolgens is een gebiedsontwikkelingstraject gestart om rondom de school en de kerk een integraal plan (en invulling van vastgoed) tot stand te brengen, waarbij educatie, cultuur, ontmoeting en verblijf centraal stonden. Deze gebiedsontwikkeling heeft niet tot uitvoerbare planvorming geleid, omdat bepalende vastgoedposities niet verworven konden worden. Vervolgens werd ingezet op 3 afzonderlijke deelprojecten. 1) De realisatie van een nieuwe basisschool met kinderdagopvang. 2) De herinrichting de Dorpsstraat ter plaatse van het kerkplein en winkelvoorzieningencluster. 3) Het realiseren van een sporten gezondheidscluster nabij de bestaande sporthallocatie (Vitaal en leefbaar Geesteren). 1) Het realiseren van een nieuwe basisschool is onderdeel van eerdere besluitvorming. Na uitwerking van het bouwplan is middels een aanbesteding gekomen tot de meest voordelige prijs. Desondanks blijkt door ontwikkelingen in de markt (bouwkostenstijging) dat er sprake is van een overschrijding van het geraamde budget. Aangezien het hier gaat om een basisvoorziening wordt voortzetting van het plan en realisatie als meest realistische optie beschouwd.

De Raad heeft inmiddels voorzien in extra dekking. (Raadsbesluit 30 mei 2023). 2) De herinrichting van de Dorpsstraat moet bijdragen aan een betere verkeersafwikkeling en ontsluiting en parkeervoorziening van de winkelcluster, waarbij de openbare ruimte multifuntioneel gebruikt kan worden met het oog op ontmoeting en verblijf. Het plan kan worden gezien als een infrastructurele verbetering voor het gebied en de kern Geesteren. Het maatschappelijk effect is de vinden in het uitgangspunt dat de gehele kern profiteert van deze aanpassing. Het gebied krijgt een impuls waarbij op dagelijkse basis bezoekers de voordelen van herinrichting ondervinden. Voorgesteld wordt te kiezen voor een sobere en doelmatige inrichting, met hergebruik van materialen, als basis. Door zelfredzaamheid of financiële bijdragen van ondernemers kunnen mogelijkheden ontstaan om een plusvariant (betere uitstraling, nieuwe materialen) te realiseren.

3) De stichting VLG heeft een ambitieus plan uitgewerkt voor een multifunctionele accommodatie. Geesteren moet het meest vitale en leefbare dorp van Twente worden met de nieuwe accommodatie als centrale ontmoetingsplek. Het plan is omvangrijk en bevat voorzieningen als ontvangst, centrale ontmoeting, sporthal (4 zaaldelen), beweegbox, fitness en krachtsport en 1e lijnszorg. Daarbij wordt de doorsteek naar de buitensport gemaakt met mogelijk infrastructurele aanpassingen. Het geheel is ingekaderd in een valuecase waarin wordt omschreven welke maatschappelijk doelen worden behaald. Er wordt ingezet op: 1) verlagen beroep op maatwerkarrangementen; 2) op peil houden vrijwilligersbestand; 3) afname overgewicht; 4) afname eenzaamheid onder jongeren en ouderen. De (gemotiveerde) aanname is dat deze doelen worden verwezenlijkt door de aanwezigheid van het beoogde MFA en de programmering van activiteiten die worden ontplooid vanuit deze geclusterde voorziening. De investeringsraming is zeer fors en komt uit op 24 miljoen, waarvan gemeente circa 18 miljoen voor haar rekening zou moeten nemen. Deze claim is dusdanig omvangrijk, dat ondanks de gedragen maatschappelijke voornemens, financiele dekking vanuit gemeente onhaalbaar is.

Voorgesteld wordt om een (naar verhouding met de neergelegde claim) beperkte bijdrage beschikbaar te stellen, waarbij de maatschappelijke effecten van het plan worden omarmd, zonder dat deze worden gekoppeld aan de realisatie van een nieuw gebouw. De centrale vraag is of een deel van de maatschappelijke doelen kunnen worden behaald met bestaand maatschappelijk vastgoed, programma's en activiteiten. De consequentie van deze richting is dat verdere planuitwerking richting een MFA niet meer aan de orde is, tenzij vanuit de stichting VLG omvangrijke externe financiering kan worden gevonden. Dat lijkt op voorhand geen realistisch verzoek.

26

Langeveen In Langeveen speelt de unieke situatie dat al het maatschappelijk vastgoed in het dorp al een aantal jaren aan vervanging toe is. Een situatie die maakt dat nu het moment er is om te investeren in een MFA, zodat er sprake zal zijn van een situatie waarin al het maatschappelijk vastgoed voor een periode van 30 tot 40 jaar bestendig zal zijn. De werkgroep (nu stichting MVL) werkt al geruime tijd samen met een grote groep bestuurders van sport- en cultuurverenigingen, dorpsraad, en school aan de totstandkoming van een MFA ten behoeve van de versterking van de leefbaarheid in het dorp. Het plan omvat een onderwijsvoorziening, sporthal, en verschillende maatschappelijke ruimten. De realisatie van het MFA dient te leiden tot sociale inclusie & cohesie, toekomstbestendig woongenot voor jong & oud, efficiënte inzet van vrijwilligers, vermindering reisbewegingen binnensport en school (uren, brandstof, uitstoot), substantiële verlaging van de energielasten. Het plan draagt bij aan onze doelstellingen van positieve gezondheid en biedt de kern een bijzondere kans om toekomstbestendig te worden. Op basis van een actuele bouwkostenraming blijkt dat de investeringsraming €10,7 miljoen bedraagt. De Stichting MVL gaat al uit van een gemeentelijke bijdrage van € 4,5 miljoen.

Dit financiële kader is gaandeweg het traject meegegeven, waarbij de onderwijscomponent als basis is genomen met een aanvullende investering in maatschappelijk rendement (de mogelijkheid om een integrale maatschappelijke voorziening te realiseren). Na extra fondsenwerving, aangetrokken subsidies en hoge mate van zelfwerkzaamheid wordt het tekort alsnog geraamd op €1,9 miljoen. Hoewel dit plan aansluit bij onze maatschappelijke doelen is de financiële claim omvangrijk. De werkgroep realiseert zich dit en wil een uiterste inspanning leveren om extra aanvullende middelen te zoeken door meer zelfwerkzaamheid, subsidies en externe financieringsbronnen. De inzet is gericht om het totaal plan voor de kern te bewerkstelligen. Aanvullende dekking voor een investering bovenop de reeds aangegeven 4,5 miljoen is uitdagend in het licht van onze financiële positie. Bovendien moet rekening houden worden met processen in andere kernen. Als basisuitgangspunt kan worden overwogen om binnen de reeds aangegeven fianciele kaders te blijven en aan te sturen op planaanpassing. Hierbij bestaat echter een (groot) risico dat het plan geen doorgang vindt en het draagvlak in de kern verloren gaat. Dat wordt door de werkgroep ook dusdanig gesignaleerd. Vanuit de werkgroep is gevraagd om een aanvullende bijdrage alsnog te overwegen. Specifiek wordt aangestuurd op: 

Heroverweging van de bijdrage door de gemeente aan het gedeelte van de sporthal voor bewegingsonderwijs;

Verstrekken van een laagrentende lening BNG;

Sociale hypotheek;

Toewijzen en naar voren halen (toekomstige) KGO-gelden

Het op marktwaarde taxeren van de gronden;

Overdragen vrijkomende grond Mariaschool.

Hoewel voorgestelde richtingen creatief, constructief een meedenkend zijn levert dit geen ander financieel perspectief op. Het zal onder de streep leiden tot een hogere gemeentelijke bijdrage, die van dekking moet worden voorzien. Anderzijds lopen we aan tegen de grenzen van onze wettelijke of beleidsmatige ruimte. Gemeente verstrekt geen leningen. KGO gelden zijn toegewezen aan investeringen in ruimtelijke kwaliteit. Speculeren met overname grond (getaxeerde marktwaarde, terwijl al sprake is van een voorlopige koopovereenkomst met de stichting), danwel het overdragen van een grondpositie (Mariaschool) om geld te genereren door herontwikkeling past niet bij onze rol van overheid. Het feit dat vanuit de werkgroep verschillende ideeën voor extra dekking worden aangeleverd toont aan dat het plan in dusdanig vergevorderd stadium is, dat in het kader van de perspectiefnota (richting de begroting) een definitief oordeel gegeven moet worden over de financiële haalbaarheid van het plan. Vanuit financieel oogpunt zal extra dekking voor een investering in Langeveen ten koste kunnen gaan van processen in andere kernen, danwel het volledig uitputten van de gemeentelijke reservepositie.

27

Voorgesteld wordt om in te stemmen met de oorspronkelijke gemeentelijke bijdrage. Hierbij moeten wij ons realiseren dat als de MFA inclusief basisonderwijsvoorziening daardoor niet tot stand komt, gemeente binnen afzienbare tijd een wettelijke taak heeft om te investeren in de huisvesting van de Mariaschool. Op basis van het huidige IHP (2017) zou sprake zijn van renovatie. Echter naar de huidige inzichten van 'energieprestatie' (ENG) en 'frisse scholen' is het ten zeerste de vraag of renovatie adequaat is. Ervaring leert ons dat complete nieuwbouw waarschijnlijker is. Het is nu niet aan te geven welke financiële last hiermee gepaard gaat. Wanneer de raad hierin aanleiding ziet om tot een ander oordeel te komen dan voorgestelde richting zal de raad de financiële consequentie hiervan moeten afwegen ten opzichte van de incidentele (resterende) reservepositie (danwel meerjarenbegroting). Een extra bijdrage zal door de werkgroep worden gezien als een stimulans om het totaalplan tot een goede einde te brengen.

Fleringen Ook in Fleringen wordt gewerkt aan een maatschappelijk initiatief waarbij de school wordt samengevoegd met het kulturhus. Het plan kent een lange voorbereiding. Met het plan wordt beoogd het voorzieningenniveau in de kern te behouden en de vrijkomende schoollocatie vrij te spelen voor woningbouw. De definitieve kostenraming van het plan is (onder meer als gevolg van een aantal onjuiste aannames in het ontwerp) nog onbekend. Er kan niet worden geanticipeerd op een totaalbeeld over de financiële claim. Voorgesteld wordt om het plan verder uit te laten werken en een afweging te maken in de volgende perspectiefnota, danwel beslismoment in de P&C cyclus

Samenvatting bijdrage in de investering per initiatief Huiskamer Manderveen inclusief basisonderwijs

Bij raadsbesluit van 15 december 2020 is € 840.000 krediet beschikbaar gesteld.

Bij raadsbesluit van 30 mei 2023 € 421.800 aanvullend krediet beschikbaar gesteld.

Geesteren basisschool Aloyisiusschool

Bij raadsbesluit van 25 januari 2022 is € 4.897.663 krediet beschikbaar gesteld.

Bij raadsbesluit van 30 mei 2023 € 1.130.058 aanvullend krediet beschikbaar gesteld.

Langeveen MFA inclusief basisonderwijs

Het onderdeel van het plan dat is toe te rekenen aan basisonderwijs wordt op basis van de normvergoeding vastgesteld op €2,9 miljoen. De grondpositie wordt ingenomen conform verwervingswaarde van circa €600.000. De bijdrage als investering in maatschappelijk rendement bedraagt €1,0 miljoen. Derhalve is het voorstel om te voorzien in dekking voor een investering van € 4,5 miljoen.

Richting: geen onderlegger te vinden voor dekking van (gedeeltelijke) aanvullende bijdrage van 1,9 miljoen.

Geesteren Dorpsstraat

Geraamde kosten bedragen tussen € 400.000 en € 800.000, afhankelijk van planomvang en mogelijkheid tot hergebruik materialen. Een sobere en doelmatige ingericht plangebied is te realiseren

Richting: €400.000 toekennen voor doelmatige inrichting.

28

voor €400.000, waarbij bestaande materialen worden hergebruikt.

Geesteren MFA

Planvorming financieel zeer uitdagend. Gevraagde gemeentelijke bijdrage te omvangrijk. Met het plan wordt een hoog ambitieniveau nagestreefd, waarbij wordt ingezet op verdedigbare maatschappelijke doelen.

Richting: €1,0 miljoen toekennen aan maatschappelijke opgave (als investering in maatschappelijk rendement).

Fleringen MFA inclusief basisonderwijs

Bij raadbesluit van 15 februari 2022 is €1.149.568 krediet beschikbaar gesteld. Geen concreet financieel totaal overzicht.

Richting: afweging op een later besluitmoment (begroting of volgende perspectiefnota).

Behoud kwaliteit openbare ruimte met name vanuit veiligheid en toerisme Het op niveau houden van onze openbare ruimte vergt onderhoud. Wij hebben de ambitie om onze inzet op het gebied van kwalitatief openbaar groen voort te zetten. Daarnaast leggen wij de nadruk op de veiligheid en toekomstbestendigheid van onze kunstwerken door een meerjarenonderhoudsplan op te stellen. Hiervoor is opdracht verstrekt voor het opstellen van een inspectierapport voor 110 kunstwerken. Het doel van dit rapport is om inzicht te krijgen in de technische staat, het benodigde onderhoud en de instandhoudingskosten van deze gemeentelijke objecten. Uit dit onderzoek is gebleken dat de algemene (technische) staat/conditie van de geïnspecteerde objecten redelijk is. De betonnen bruggen hebben de slechtste staat van onderhoud. Vijf kunstwerken meten met prioriteit worden vervangen. Ook is gebleken dat aanvullend onderzoek en inspectie noodzakelijk om te kunnen tot een MOP . De verwachting is De resultaten van de nader uit te voeren onderzoeken zullen ongeveer medio 2024 bekend zijn. Op basis daarvan kan medio 2024 een voorstel worden opgesteld met ook de benodigde middelen vanaf 2025. Vooruitlopend hierop is financiële ruimte nodig voor noodzakelijke vervanging en (achterstallig) onderhoud.

In eerste instantie is een incidenteel bedrag van € 1 miljoen benodigd om de noodzakelijke vervangingen en het achterstallige (groot) onderhoud de komende twee jaar (2024 en 2025) te kunnen uitvoeren. Daarnaast willen wij vanaf 2024, eveneens vooruitlopend op de resultaten van de nader uit te voeren onderzoeken al wel structurele ruimte in onze meerjarenbegroting reserveren. Behoud en versterken toeristische positie Onze toeristische positie is een uithangbord van onze gemeente en zorgt voor een verdienmodel voor een groot aantal ondernemers. Door de jaarlijkse toename van bezoekers vinden wij het van belang om te investeren in ons toeristisch klimaat. Wij doelen hiermee op de samenwerking in de regio, maar ook de samenwerking in NOT verband. Daarnaast willen wij onze ondernemers een helpende hand kunnen bieden via een uitvoeringsbudget gekoppeld aan onze bedrijfsconsulenten, bedoeld voor onderzoek en ontwikkeling. (Extra) Inzetten op aantrekkelijk werkgeverschap Dit is een belangrijk speerpunt in het programma organisatieontwikkeling zoals dat is opgenomen in de begroting van Noaberkracht. Binnen dit programma organisatieontwikkeling wordt vooral via de actielijn 5 "ambtenaar van de toekomst" ingezet op het zijn en blijven van een aantrekkelijke werkgever.

De beide deelnemende gemeenten in Noaberkracht hebben hier middels het vaststellen van de begroting 2023 en begroting 2024 ook aanvullende middelen voor beschikbaar gesteld.

29

Voorgesteld wordt in te stemmen met de uit te werken richtingen / inspanningen en deze te betrekken bij het opstellen van de begroting 2024 waar verdere besluitvorming plaatsvindt of bij separaat raadsvoorstel als de omstandigheden (voortgang) daarom vragen.

7. Incidenteel beschikbare algemene middelen waaronder de (belangrijkste) reserves In deze paragraaf zoeken we aansluiting bij de gepresenteerde cijfers uit de begroting 2023. Met deze cijfers als uitgangspunt gaan we daarna de mutaties benoemen en toelichten zodat het meest recente beeld van de incidenteel beschikbare algemene middelen waaronder de (belangrijkste) reserves ontstaat. Zoals aangegeven nemen we cijfers uit de begroting 2023 als vertrekpunt.

Beschikbare algemene incidentele middelen

€

- Weerstandcapaciteit ratio 1,5 (algemene reserve)

4.500.000

- Reserve coalitieakkoord 2022-2026

6.705.000

- Reserve incidenteel beschikbare algemene middelen

3.502.000

Totaal Beschikbare algemene incidentele middelen - begroting 2023

14.707.000

Algemene reserve Rekening houdend met een aantal mutaties op grond van bestaand beleid (grondexploitaties) en een aantal specifieke raadsbesluiten ontstaat het volgende beeld van de algemeen reserve:

Algemene reserve - stand uit begroting 2023

4.500.000

Bij: saldo jaarverantwoording 2022

1.895.000

Bij: resultaten grondcomplexen 2022

-218.000

Bij: voordelig saldo septembercirculaire 2022

242.000

Bij: voordelige saldo jaarschijf 2023 uit perspectiefnota 2024

1.146.000

Herziene stand algemene reserve

7.565.000

Benodigde weerstandscapaciteit

4.500.000

Surplus -> naar reserve incidenteel beschikbare algemene middelen

3.065.000

30

Deze aangegeven mutaties zijn voorzien van een raadsbesluit en lopen op grond van bestaand beleid via de algemene reserve. Uitgaande van de, in deze begroting bepaalde, weerstandscapaciteit en de daaraan gekoppelde ratio van 1,5 moet de stand van de algemene reserve ten minste €4.500.000 zijn. Conform bestaande beleid wordt het meerder (het zogenaamde surplus) “afgeroomd” en gestort in de reserve incidenteel beschikbare algemene middelen.

Voorgesteld wordt in te stemmen met het verloop en de opzet van de algemene reserve en het surplus op de algemene reserve ten bedrage van € 3.065.000 “af te romen” en te storten in de reserve incidenteel beschikbare algemene middelen.

Reserve Incidenteel Beschikbare Algemene Middelen (RIBAM) In de begroting 2023 is weergegeven dat de vrije ruimte in deze reserve € 3.502.000 bedraagt. Inmiddels zijn een aantal besluiten genomen en hebben een aantal autonome ontwikkelingen plaatsgevonden wat maakt dat de reserve incidenteel beschikbare algemene middelen op dit moment het volgende beeld laat zien: Reserve incidenteel beschikbare algemene middelen - stand begroting 2023

3.502.000

bij: surplus algemene reserve

3.065.000

bij: opheffen reserve centrumplan

696.000

bij: co-financiering Tubbergen Bruist

173.000

bij: compensatie omgevingswet uit septembercirculaire 2022

341.000

bij: (subsidie) Fietspad Manderveenseweg

450.000

bij: vrijval werkbudgetten MAT

189.000

af: samenhangende objectenregistratie

-88.000

af: toekomstbestendig maatschappelijk vastgoed

-106.000

bij: restant stelpost Corona - budgetoverheveling vanuit jaarverantwoording 2022

442.500

bij: uitvoeringsplan SD - budgetoverheveling vanuit jaarverantwoording 2022

156.000

af: huiskamer Manderveen

-422.000

af: Vlaskoel - dak en gevelisolatie

-330.000

31

Herziene stand

8.068.500

De verschillende mutaties zijn voorzien van een raadsbesluit of worden middels deze perspectiefnota voorzien van een raadsbesluit. De uit te werken richtingen / inspanningen doen voor een bedrag van € 6.180.000 een beroep op de RIBAM. Specificatie: Uit te werken richtingen / inspanningen Langeveen

2.900.000

uitvoeringsplan Sociaal Domein

300.000

Centrumplein Geesteren

400.000

Vitaal Geesteren

1.000.000

Gymzaal Reutum - groot onderhoud

65.000

Veiligheid Almeloseweg Harbrinkhoek / Mariaparochie

515.000

MJOP Kunstwerken

1.000.000

Totaal uit te werken richtingen /inspanningen

6.180.000

Rekening houdend met het middelenbeslag voortkomend uit de aangegeven uit te werken richtingen / inspanningen resteert een stand van RIBAM van € 1.888.500.

Voorgesteld wordt in te stemmen met de aangegeven mutaties op de reserve incidenteel beschikbare algemene middelen.

Reserve Coalitieakkoord 2022-2026 Met het uitvoeren van coalitieakkoord worden ook de middelen uit deze reserve aangesproken. In het jaar 2022 is voor een bedrag van € 292.000 een beroep gedaan op deze reserve. Deze zijn toegelicht in de jaarverantwoording 2022. Hierdoor komt de stand van deze reserve per 1 januari 2023 uit op een bedrag van € 6.413.000. In het kader van de actualisatie van het coalitieakkoord (eerder in deze perspectiefnota opgenomen onder de specifieke mutaties) wordt voorgesteld een bedrag van € 400.000 aan deze reserve te onttrekken en toe te voegen aan de algemene middelen. Daarnaast is de jaarschijf 2023 van het coalitieakkoord opgenomen in de begroting 2023 en zijn de lasten daarvan op begrotingsbasis ten bedrage van € 2.755.000 onttrokken aan deze reserve.

32

Dit maakt dat we uitgaan van een stand van deze reserve eind 2023 van € 3.258.000.

Herziene stand algemene incidentele middelen Rekening houdend met de aangegeven en toegelichte mutaties op de genoemde reserves ontstaat het volgende beeld van de algemene incidentele middelen:

Beschikbare algemene incidentele middelen

€

- Weerstandcapaciteit ratio 1,5 (algemene reserve)

4.500.000

- Reserve coalitieakkoord 2022-2026

3.258.000

- Reserve incidenteel beschikbare algemene middelen

1.888.500

Totaal Beschikbare algemene incidentele middelen - perspectiefnota 2024

9.646.500

Inleiding ambitiebegroting Zoals reeds is aangegeven in de algemene inleiding heeft deze begroting het coalitieakkoord gemeente Tubbergen 2022-2026 met de naam "En noe, met mekaar, vedan!" als basis. Het zogenaamde ambitiedeel van deze begroting is gebaseerd op de volgende 5 opgaven uit dit coalitieakkoord: 

Leefbare kernen

Buitengebied in Balans

Leefomgeving van de toekomst

Positieve gezondheid

Toekomstbestendige gemeente Tubbergen en ambtelijke organisatie Noaberkracht

Deze 5 opgaven zijn in eerste instantie verder beschreven en uitgewerkt in actielijnen en doelen waarna op hoofdlijnen wordt aangegeven hoe we hier een bijdrage aan denken te gaan leveren. In deze perspectiefnota staan we onder deze opgaven vooral stil bij actuele ontwikkelingen die wellicht van invloed kunnen zijn op de doelen en de inspanningen. Bij de opgaven Leefomgeving van de toekomst en Positieve gezondheid benoemen en beschrijven we deze actuele ontwikkelingen in de kop van de opgave. Voor de overige drie opgaven benoemen en beschrijven we de actuele ontwikkelingen per actielijn. Op onderdelen heeft dit geleid tot een aantal nader uit te werken richtingen en inspanningen. Per opgave wordt afgesloten met een financieel overzicht. In deze perspectiefnota volstaan we met een herhaling van de beschikbaar gestelde middelen uit het coalitieakkoord 2022-2026 zoals opgenomen in de begroting 2023. In dit overzicht zijn ook de beschikbare werkbudgetten opgenomen. Binnen het programmabureau wordt een bijdrage geleverd aan het behalen van maatschappelijke effecten. Hier wordt sturing gegeven aan bestuurlijke ambities, veranderopgaven en strategisch inspanningen. Dit komt samen in verschillende programma’s (ambities), waaraan werkbudget is gekoppeld. Het werkbudget wordt ingezet om (externe) advieskosten te dekken en (participatie)processen in de kernen te faciliteren.

Daarnaast wordt het werkbudget ingezet voor bekostiging van evenementen, bijeenkomsten, sprekers (en alle bijkomende kosten die daarbij horen).

33

Het werkbudget is in eerste aanleg niet bedoeld als uitvoeringsgeld om projecten zelf te bekostigen. Onder de 5 opgaven wordt indien mogelijk een nadere duiding en verdeling over de jaren gegeven. Dat is echter niet in alle gevallen op voorhand mogelijk om de simpele reden dat we ook afhankelijk zijn van initiatieven vanuit de samenleving en het tempo en enthousiasme waarmee deze initiatieven gaan spelen. Het beschikbaar hebben van werkbudgetten is met name ook bedoeld om te slagvaardig te kunnen inspelen op de genoemde initiatieven. Om de raad toch op de hoogte van de besteding en bestemming van de werkbudgetten zeggen we toe dat in elk van de komende P&C-documenten (en met name het programmajournaal) verslag wordt gedaan van de bestemming en besteding van de werkbudgetten.

Programma Leefbare kernen Inleiding Leefbare kernen Leefbare kernen gaat over het wonen, werken en verblijven in onze kernen. Wij stimuleren kernen waar het aangenaam wonen is, waar bedrijvigheid is en waar mensen werk kunnen vinden. Ruimte voor jeugd en ontwikkeling van talent. Maar vooral ook kernen waar ruimte is om elkaar te ontmoeten en om samen te komen. Kernen met een veilige leefomgeving. We zien onze leefomgeving veranderen. Het wordt moeilijker om voorzieningen in stand te houden. Dit geldt voor winkels, horeca, kerken, kulturhusen, sportvoorzieningen en scholen. Aan de andere kant zien we initiatieven uit de kernen waarbij nieuwe plannen en combinaties van functies ontstaan. Dit maakt de kernen krachtiger. Van oudsher zijn onze inwoners gewend om de leefbaarheid van hun omgeving in eigen hand te nemen en te zorgen dat het er goed vertoeven is. Het versterken van de leefbaarheid van onze kernen wordt door inwoners en gemeente samen opgepakt. We realiseren ons dat het leefbaar houden van de kernen een doorlopende inspanning vraagt. In de huidige vier jaar zullen we vooral inzetten op de meerjarige woningbouwprogrammering, versterking van maatschappelijk vastgoed en het vitaal houden van verblijfsgebieden We vertalen onze ambities naar vier actielijnen: 

Wonen

Economie, arbeidsmarkt, 3O’s, Recreatie en vrijetijdseconomie

Ruimte en maatschappelijk vastgoed

Integrale veiligheid

Actielijn 1 Wonen: Perspectief op woningbouw Wij willen dat het aantal en het type woningen in onze kernen passen bij de vraag. Het uitgangspunt is daarbij dat inwoners voor hun woning zoveel mogelijk in hun eigen gemeente terecht kunnen. Ook is het belangrijk dat woningen voor elke doelgroep bereikbaar en toegankelijk zijn. Vanuit de gemeente willen we bouwen binnen de grenzen van een kern. In de meeste gevallen gaat het om plekken die verbeterd moeten worden of plekken waarvan de bestaande functie vervalt. Denk hierbij aan het verdwijnen van een bedrijf, het transformeren van bestaand vastgoed of het slopen van oude woningen. Als er binnen de kern geen plekken zijn om te bouwen, kijken we naar bouwmogelijkheden aan de rand van een kern. Inbreiding waar het kan, uitbreiding waar het moet. Kernen zijn verschillend in de behoefte aan woningen. Daarom blijven we in gesprek om te kijken wat bij elke kern past. We willen diversiteit in woningbouw. Het gaat hierbij om huur en koop voor verschillende doelgroepen, door elkaar heen gebouwd. We willen inzetten op een nog actiever grondbeleid en gaan de mogelijkheden hiervoor in beeld brengen. Er is verschil in hoeveel en welk soort woningen nu nodig en gewenst zijn en wat de vraag over 15 jaar is. Huidige knelpunten zijn bijvoorbeeld betaalbare woningen voor starters en woningen voor ouderen.

In onze Woonvisie kijken we op basis van onderzoek en gesprekken met alle betrokkenen vooruit op de vraag naar woningen. We proberen te sturen op het aanbod van woningen dat daarop aansluit. Hierbij houden we de behoefte op de lange termijn en de bestaande voorraad in het oog.

34

Ons doel Wij willen sturen op een meerjarige woningbouwprogrammering. Via ons grondbedrijf treden wij op als ontwikkelaar. Via ons ruimtelijk en planologisch instrumentarium faciliteren wij particuliere initiatiefnemers en projectontwikkelaars. Wij willen het grootste gedeelte van de geprognosticeerde woonbehoefte tot 2030 in de huidige bestuursperiode faciliteren. In 2026 kijken we terug op een woonbeleid dat uitvoeringsgericht is geweest, waarbij in elke kern nieuwe mogelijkheden voor woningbouw zijn ontstaan, passend bij de lokale behoefte.

Hoe leveren we een bijdrage aan Perspectief op woningbouw We willen als gemeente als volgt werken aan een het perspectief op woningbouw: 

Aan het stuur zitten. We spannen ons via ons grondbedrijf in om nieuwe woningbouwplannen op de markt te brengen. We zijn proactief, verweven gronden op strategische locaties en zorgen voor een continue planvoorraad en beschikken over een meerjarenprogrammering woningbouw.

Faciliterend. We zijn gesprekspartner voor particuliere initiatiefnemers. We adviseren over de ontwikkelkansen van locaties en geven kaders mee voor welke doelgroepen ontwikkeld moet worden.

Samenlevingsgericht werken met gebieden en doelgroepen. We participeren in ontwikkeltrajecten in de kernen toekomstbestendig te zijn. Indien vrijkomende locaties ontstaan, bijvoorbeeld door clustering van vastgoed, onderzoek wij hoe dergelijke locaties kunnen bijdragen aan het woonbeleid.

Financieren. Wij stimuleren de herontwikkeling van inbreidingslocaties, ook wanneer herontwikkeling financieel uitdagend is. Door middel van de stimuleringsregeling kunnen wij een bijdrage leveren aan het haalbaar maken van een herontwikkelingslocatie.

Actuele ontwikkelingen De woningmarkt is in beweging. Hoewel de vraag naar woningen nog steeds groot is zien wij een aantal trends en ontwikkelingen, waardoor wij ons perspectief op woningbouw moeten actualiseren. 

Door een stijging van de (hypotheek)rente en verhoging van materiaalkosten en arbeid is de betaalbaarheid van woningen verder onder druk komen te staan. Het tot uitvoering brengen van ons woningbouwprogramma wordt hierdoor een grotere uitdaging. Wij blijven inzetten op het bieden van perspectief voor elke kern, waarbij differientiatie in woningbouwaanbod centraal staat. Daarnaast willen wij verkennen welke alternatieve financieringsvorming voor woningbouw kansrijk zijn om de betaalbaarheid voor meer doelgroepen te vergroten.

De Woningstichting heeft haar portefeuillestrategie aangepast. Waar men eerder uitging van het afstoten van vastgoed heeft men nu het beleid verlegd naar het bijbouwen van nieuwe sociale huurwoningen en verduurzamen van bestaand vastgoed. Dit draagt bij aan de doelstellingen van onze woningbouwopgave. Wij zullen in meer woningbouwplannen kunnen voorzien in sociale huur.

Wij zien dat de huisvesting van statushouders steeds lastiger wordt, ook in relatie tot de stijgende vraag naar sociale huurwoningen door reguliere woningzoekers. Daarbij zien wij dat de taakstelling voor huisvesting van statushouders elk half jaar hoger wordt. Een groter aanbod aan sociale huurwoningen zal op termijn kunnen voorzien in deze woonvraag. In tussentijd verkennen wij ook mogelijkheden van transformatie van bestaand vastgoed. Daarnaast zien wij in de breedte van woningzoekenden met spoed (spoedzoekers) een aanvullende behoefte aan alternatieve woonvormen. Wij willen richtinggevend verkennen om in de grotere kernen ruimte te geven aan prefab bouw, waarbij kleinere wooneenheden kunnen worden gerealiseeerd.

35

Met betrekking tot onze volkshuisvestelijke opgaven zien wij voor ouderen een verschuiving van beleid. De Rijksoverheid beweegt toe naar een aanpak waarbij alleen voor de zwaarste (zorg)indicatiestelling integrale huisvesting met zorg kan worden geboden. Dat betekent dat in de toekomst (nog) meer moet worden ingezet op het thuis kunnen blijven wonen met zorg op afroep c.q. beschikbaar in directe omgeving. Zorgverleners geven aan dat verspreide ligging van de zorgvraag in de toekomst problematisch wordt. Deze ontwikkeling moet worden betrokken bij onze volkshuisvestelijk opgave en zo mogelijk leiden tot clustering van woningen in woongebieden met zorg.

Actielijn 2

Economie, arbeidsmarkt, 3 O’s, recreatie en vrijetijdseconomie

Het bieden van een economisch perspectief en werkgelegenheid heeft een nauwe relatie met voldoende ontwikkelruimte voor bedrijven en voor locaties waar bedrijven zich kunnen vestigen. Daarbij ligt de nadruk op het behouden en versterken van het lokale bedrijfsleven. Goede vestigingsmogelijkheden voor het bedrijfsleven betekent voldoende en passende bedrijventerreinen in de grote kernen. We geven lokale ondernemers in alle kernen de ruimte door in te zetten op maatwerk. Wij verbinden partijen aan elkaar en helpen met het vinden van de juiste routes. Centraal staan het behoud en de versterking van de bedrijvigheid, de werkgelegenheid en ons verdienvermogen. Er is een collectief belang voor het versterken van de brede economie in Tubbergen en in Twente. Twente in zijn geheel als aantrekkelijke en bereikbare regio voor wonen, werken en recreëren. Hierbij wordt ingezet op samenwerkingen met de ondernemers(verenigingen), verbindingen tussen de 3 O’s (ondernemers, onderwijs, overheid) en het collectieve belang van een brede welvaart. Hierbinnen is veel ruimte voor onze lokale arbeidsmarkt, vrijetijdseconomie en ontwikkeling van talent. Met betrekking tot vrijetijdseconomie zit er nog veel potentie in het economisch perspectief van de sector. Om dit te kunnen verzilveren, willen we blijvend inzetten op het verbeteren van de kwaliteit en de producten die worden geleverd.

Ons doel Wij willen een bijdrage leveren aan een sterke economische sector. Wij willen dat ons bedrijfsleven participeert en profiteert van de ontwikkelingen in Noordoost Twente en de regio Twente. Wij verbinden partijen via ons netwerk binnen de 3O’s. Daarnaast herkennen wij in onze gemeente een sterke vorm van vrijetijdseconomie, waarbij wij inzetten op kwalitatief toerisme. In 2026 kijken we terug op: 

Nieuw gerealiseerde bedrijventerreinen in de grote kernen.

Een versterkt centrum van de kern Tubbergen (waarbij uitvoering is en wordt gegeven aan het centrumplan 2022).

Een goed onderhouden relatie met onze ondernemers inclusief perspectief op wat wij verstaan onder goed centrum/ondernemersmanagement.

Een bijdrage geleverd aan talentontwikkeling via de 3 O’s.

Een goede balans tussen de landschapskwaliteiten van ons gebied, de leef- en werkomgeving voor inwoners en de groeimogelijkheden van de toeristische sector;

Geboden mogelijkheden voor marktconforme en gebiedspassende bedrijvigheid;

Uitvoering van projecten en ideeën die gericht zijn op toerisme of dagrecreatie als aanvulling op het bestaande aanbod, gericht zijn op interessante doelgroepen of zorgen voor seizoenverlenging;

Ingerichte toeristisch interessante locaties in de kernen en in het buitengebied.

36

Hoe leveren we een bijdrage aan Economie, arbeidsmarkt en 3 O’s, recreatie en vrijetijdseconomie We willen als gemeente als volgt werken aan een het perspectief op woningbouw: 

Ontwikkelen. We ontwikkelen nieuwe bedrijfsgronden zodat onze lokale ondernemers kunnen uitbreiden en nieuwe bedrijven zich kunnen vestigen, ontplooien.

Verbinden. We zetten ons netwerk in om partijen binnen de regio met elkaar te verbinden.

Initiëren. We starten nieuwe projecten met het oog op de toegevoegde waarde voor ondernemers.

Participeren en stimuleren. We participeren in gebiedsprocessen en stimuleren de doorontwikkeling van centrumgebieden. Ook nemen we daarbij als gemeente een actieve ontwikkelende rol in.

Actuele ontwikkelingen Bedrijventerreinen Wat betreft ons economisch perspectief ligt de eerste behoefte bij het kunnen beschikken over nieuwe bedrijfsgronden. We verrichten inspanningen om in de 3 grote kernen nieuwe bedrijventerreinen te kunnen ontwikkelen. De behoefte aan nieuwe bedrijfsgronden is becijferd op basis van lokale (meerjarige) behoefte. Daarover zijn recentelijk in de regio afsprraken gemaakt, zodat onze ruimtebehoefte ook in regionaal verband is afgestemd. Inhoudelijk zien wij een uitdaging om nieuwe bedrijvenconcepten planologsch geregeld te krijgen. We zien dat ondernemers op hget raakvlak van detailhandel en bedrijfsmatige activiteiten bedrijfsconcepten doorontwikkelen, waarbij het de vraag is waar dergelijke initiatieven moeten worden gehuisvest (in de centra of of op bedrijventerreinen). We ambiëren maatwerk te kunnen leveren. Regionale samenwerking Ten aanzien van de 3O's wordt op regionale schaal onverminderd intensief samengewerkt tussen Overheid, Ondernemers en Onderwijs. Voor komend jaar verwachten we vooral een uitrol van de nieuwe Regio Deal. In 2023 is de deal afgerond met de Rijksoverheid en in 2024 zal de uitvoering, die mede is gefinancierd door de Agenda voor Twente, zijn beslag krijgen.

De Regio Deal is voor ondernemers een belangrijke kans om bij te dragen aan projecten op gebied van duurzaamheid, zorg, talentbehoud en toekomstbestendigheid van het MKB. Recreatie en toerisme Wat betreft Recreatie en toerisme signaleren wij een aantal trends die wij betrekken bij ons beleidsinspanningen en samenwerking met de sector. 

Het toerisme in Nederland normaliseert. Het aantal overnachtingen lag in 2021 (coronaperiode) in Nederland op een recordhoogte als gevolg van het binnenlands toerisme. De trend lijkt zich vanaf 2023 weer te normaliseren (cijfers hiervoor zijn nog niet bekend).

De consument blijft – ondanks de druk die hij voelt in zijn portemonnee – veel geld uitgeven in de vrijetijdssector. Dit is positief, echter geeft het ‘herstel’ van de sector vaak een te rooskleurig beeld. Ondernemers geven aan dat zij de inkoopprijzen gemiddeld 5 tot 7,5 % harder zien stijgen dan hun verkoopprijzen. Tevens blijft het personeelstekort, met name in de horeca, groot. Landelijk geeft een derde van de bedrijven aan minstens een dag minder open te zijn. De gemiddelde omzetderving door personeelstekort bedraagt 12 procent. Stijgende energiekosten zijn hierin nog niet meegerekend.

Door de coronacrisis is het consumentengedrag ten aanzien van vrije tijd verandert. Men is o.a. flexibeler geworden in hun werk- en privébalans door ‘plaats- en tijdonafhankelijk werken’. De beleving en inzet van vrijetijd is daardoor anders. Het is makkelijker geworden om paar dagen weg te gaan. Deze ontwikkeling kan positief bijdragen aan seizoenspreiding.

37

Door de coronacrisis heeft de eigen inwoner het lokale recreatieve product en de omgeving (her)ontdekt. Landelijk richten gebiedsmarketingbureaus zich daarom steeds meer op de eigen inwoner. Twente Marketing doet dit ook, en richt zich naast interessante bezoekers van buiten, ook steeds meer op de eigen Tukker.

Actielijn 3

Ruimte en maatschappelijke voorzieningen

Vanuit het perspectief van leefbaarheid is het van belang dat er in de kernen ruimte is om elkaar te ontmoeten. Maatschappelijk vastgoed (cultuur, sport, onderwijs) voorziet hierin, maar staat vaak onder druk door een moeizame exploitatie, verouderd vastgoed of kwetsbaarheden in bestuur of beheer. Er is een trend waarneembaar dat maatschappelijk vastgoed in kernen wordt geclusterd op één locatie om voldoende toekomstbestendig te zijn en kruisbestuiving (in zowel organisatie als bezoekers) te bewerkstelligen. Wanneer deze beweging vanuit de samenleving zelf komt, moedigen wij dat aan. De bestaande initiatieven blijven we ondersteunen. Wij horen graag welke ideeën leven en welke opgaven men in de kernen wil aanpakken. Een breed draagvlak is een vereiste. Daarbij vinden wij het belangrijk dat het niet om de stenen zelf gaat, maar vooral om het maatschappelijk effect dat tot stand wordt gebracht als functies worden gecombineerd. Ten aanzien van het maatschappelijk vastgoed herkennen wij de opgaven rondom herbestemming van kerkelijk vastgoed. Als wij een vraag krijgen uit de dorpen, kunnen we het proces faciliteren. Hierbij vinden wij draagvlak in de kernen belangrijk.

Ons doel Wij willen een bijdrage leveren aan een robuust voorzieningenniveau. Wij zijn van mening dat maatschappelijk vastgoed duurzaam moet worden geëxploiteerd en dat kan het beste tot stand komen vanuit de kernen zelf. Wij dragen bij door te adviseren en processen te ondersteunen. In 2026 kijken we terug op: 

Kansrijke clustering van voorzieningen met een duurzaam perspectief op exploitatie en beheer.

Effectieve regeling verduurzaming vastgoed.

Een goede samenwerking in en met onze kernen bij vraagstukken waarbij onderwijs, cultuur, sport en aanpalende (commerciële) dienstverlening wordt gecombineerd.

Hoe leveren we een bijdrage aan Ruimte en maatschappelijke voorzieningen We willen als gemeente als volgt werken aan een het perspectief op woningbouw: 

Faciliteren en inbrengen van kennis. Wij ondersteunen de kernen waarin processen tot stand komen om maatschappelijk vastgoed te vernieuwen en toekomstbestendig te maken. Wij participeren in projectgronden en brengen kennis in.

Subsidiëren en financieren. Wij leveren een financiële bijdrage aan het toekomstbestendig maken van maatschappelijk vastgoed. Enerzijds via subsidieregelingen. Anderzijds via investeringsbijdragen. De basis voor onze financiële steun is het maatschappelijk effect dat teweeg wordt gebracht met voorgenomen plannen en het profijt voor de inwoners dat hiermee in de kernen tot stand wordt gebracht.

Actuele ontwikkelingen De clustering van maatschappelijk vastgoed heeft de laatste jaren geleid tot verschillende plannen in de kernen Manderveen, Fleringen, Langeveen en Geesteren. (In Reutum wordt eveneens gewerkt aan een toekomstplan voor maatschappelijk vastgoed). Vanuit het Maatschappelijk Akkoord is ruimte gegeven aan dorpen om planvorming op te starten zodat de toekomstbestendigheid van kern kan worden gewaarborgd. Hoewel de intenties van zowel de gemeente als initiatiefnemers constructief zijn, en aanhaken bij onze ambities op het gebied van maatschappelijk rendement, draagvlak en positieve gezondheid, moet ook de haalbaarheid en betaalbaarheid van deze initiatieven worden bezien.

38

Naast externe financiering en subsidiëring is van gemeente een omvangrijke bijdrage nodig in de investering van deze opgaven. De dekking voor deze investeringen is zeer uitdagend in het licht van de financiele positie van de gemeente. Dat betekent dat er richtinggevende keuzes moeten worden gemaakt. De mogelijke keuzes zijn in deze perspectiefnota aan u voorgelegd in "Paragraaf 6 Uit te werken richtingen".

Actielijn 4

Integrale veiligheid

Tubbergen is al jarenlang een van de veiligste gemeentes van ons land. Dit willen we graag zo houden. Op het gebied van veiligheid spelen uiteenlopende vraagstukken, van woonoverlast en jeugdcriminaliteit tot verkeersveiligheid, huiselijk geweld en ondermijnende criminaliteit. Dit complexe terrein kent niet alleen veel vraagstukken, partijen en instrumenten, maar ook tal van verbindingen met ander gemeentelijk en regionaal beleid. We hebben de behoefte om focus aan te brengen in dit speelveld en de speerpunten in nieuw integraal veiligheidsbeleid met een uitvoeringsprogramma vorm te geven. Daarbij zien wij als gemeente een regierol. Wij zorgen voor afstemming met onze inwoners en (veiligheids)partners, zoals politie en het openbaar ministerie. Afhankelijk van het onderwerp worden ook andere partijen betrokken, zoals scholen, sociale (wijk)teams, ondernemers en de brandweer. Op het vlak van veiligheid is een verschuiving gaande naar andere criminaliteitsvormen, zoals ondermijning (inclusief zorgfraude) en cybercriminaliteit. Om te zorgen dat de gemeente Tubbergen hoog blijft scoren op het gebied van veiligheid, zal ook in de aankomende periode op het thema ondermijning worden ingezet. Naast de doorontwikkeling van de lokale aanpak ondermijning is een gemeentegrensoverschrijdende aanpak nodig. Wij willen als samenleving weerbaarder worden en onze inwoners daarover informeren.

Wij houden de voedingsbodem voor ondermijnende activiteiten zo klein mogelijk.

Ons doel Wij willen een van de veiligste gemeenten van Nederland blijven. Wij hebben vertrouwen in onze huidige aanpak en in de cultuur die onze inwoners in zich dragen. Wij willen de komende periode de nadruk leggen op een viertal overstijgende thema’s, gebaseerd op de laatste burgerpeiling veiligheid (2021). In 2026 kijken we terug op: 

Een meer integrale aanpak van veiligheidsvraagstukken.

Een strategisch meerjarenperspectief op het thema veiligheid.

Uitlijning van onze lokale inspanningen met regionale inspanningen.

Hoe leveren we een bijdrage aan Integrale veiligheid We willen als gemeente als volgt werken aan een het perspectief op woningbouw: 

Strategische agenda. Wij sturen op strategisch niveau. De uitkomsten van de burgerpeiling Veiligheid zijn leidend bij het vormen van onze strategische agenda. Wij zijn koersvast in het volgen van deze agenda en gebruiken onze koers om ook deze vraagstukken op andere overlegtafels te agenderen (veiligheidspartners).

Rollen en bevoegdheden. Wij geven inzicht in waar verantwoordelijkheden liggen. Welke bevoegdheden heeft de raad? Welke besluiten neemt de burgemeester? Wat is de verhouding tussen gemeentelijke taken, regionale taken en overstijgende verantwoordelijkheden (politie).

Actuele ontwikkelingen Voor het thema veiligheid volgen wij (doorlopend) landelijke en regionale trends. Deze vertalen wij door naar een regionale strategie en lokale aanpak. Dit laten wij uitmonden in ons Integrale Veiligheid Plan (IVP).

39

Financiën Leefbare kernen Leefbare kernen

2023

2024

2025

2026

Werkbudget € 400.000

30%

20%

30%

20%

€ 120.000

€ 80.000

€ 120.000

€ 80.000

Actielijn 1

2023

2024

2025

2026

Inbreiding voor uitbreiding €400.000

10%

10%

40%

40%

€ 40.000

€ 40.000

€ 160.000

€ 160.000

100%

-.-

-.-

-.-

Stimuleringsregeling € 600.000

€ 600.000

Actielijn 2

2023

2024

2025

2026

Instellen fonds arbeidsmarkt/3O’s € 150.000

10%

20%

20%

50%

€ 15.000

€ 30.000

€ 30.000

€ 75.000

80%

20%

-.-

-.-

€ 80.000

€ 20.000

20%

30%

10%

40%

€ 40.000

€ 60.000

€ 20.000

€ 80.000

Evaluatie centrummanagement €100.000

Werkbudget recreatie en toerisme € 200.000

40

Actielijn 3

2023

2024

2025

2026

Werkbudget Maatschappelijk vastgoed € 75.000

70%

20%

10%

-.-

€ 52.500

€ 15.000

€ 7.500

-.-

100%

-.-

-.-

-.-

€ 280.000

-.-

-.-

-.-

Toekomstbestendig maatschappelijk vastgoed € 280.000

De werkbudgetten worden ingezet om (externe) advieskosten te dekken en (participatie)processen in de kernen te faciliteren. Daarnaast wordt het werkbudget ingezet voor bekostiging van evenementen, bijeenkomsten (en alle bijkomende kosten die daarbij horen). Het werkbudget is in eerste aanleg niet bedoeld als uitvoeringsgeld om projecten zelf te bekostigen. Binnen het programma Leefbare kernen zijn daarvoor specifieke budgetten benoemd (zoals hiervoor aangegeven).

Programma Buitengebied in Balans Inleiding Buitengebied in Balans Buitengebied in Balans gaat in essentie over de economische ontwikkelingen in het buitengebied, in samenhang met de leefbaarheid. Tubbergen zet de komende jaren in op een realistische balans tussen een duurzame, toekomstgerichte agrarische sector, de kwaliteit van natuur, landschap en biodiversiteit en economische potenties van de toeristische sector. De optelsom van alle ontwikkelingen leiden de komende decennia tot een transitie van het landelijk gebied. Uiteindelijk laten we ons buitengebied er in alle opzichten sterker uit komen. We voorzien de ambitie met betrekking tot het buitengebied en de hieraan verbonden GGA-NOT (Gebiedsgerichte Aanpak Noordoost-Twente) van een dynamische agenda. Dit doen we in een samenspel met onze inwoners, onze partners en de gebruikers. Frequent leiden nieuwe inzichten en regelgeving tot aanvullingen en wijzigingen op deze agenda. Indien nodig worden deze ook financieel vertaald. We realiseren ons dat de transitie van het buitengebied vele jaren, en dus meerdere raadsperioden, in beslag zal nemen. In de huidige vier jaar zal vooral de veranderrichting worden bepaald en een start worden gemaakt met de concrete Uitvoeringsagenda. We vertalen onze ambities naar twee thema’s: 

De agrarische sector

Landschap en natuur

Actielijn 1 Agrarische sector: Perspectief bieden aan de agrarische sector De landbouw is een belangrijke economische drager in onze gemeente en verdient een langjarig toekomstperspectief. Wij willen de agrariërs in Tubbergen half staan. Dit doen we door als gebiedspartner de komende jaren een substantiële bijdrage te leveren voor de agrarische sector. Met in het bijzonder aandacht voor een economisch perspectief voor het buitengebied en de leefbaarheid in het algemeen. We betrekken hierbij ook de opgaven voor water, stikstof en klimaat. De toekomst van de agrarische sector en daarmee het landelijk gebied en de leefbaarheid wordt voor een aanzienlijk deel gestuurd en bepaald door Europese wet- en regelgeving. Op rijksniveau is dit uitgewerkt in het Nationaal Programma Landelijk Gebied (NPLG). Dit is door de provincie vertaald in het Provinciaal Programma Landelijk Gebied (PPLG, besluitvorming Q3 2023). Het kabinet investeert fors in de opgaven voor water, natuur en klimaat en in de verduurzaming van de landbouw.

41

De keuzes en investeringen in de landbouw worden gekoppeld aan verduurzaming, kringlooplandbouw, nieuwe verdienmodellen en verbetering van de positie van de agrarisch ondernemer in de keten. Dit wordt per deelgebied verder uitgewerkt middels de Gebiedsgericht aanpak. Tubbergen maakt deel uit van de Gebiedsgerichte Aanpak Noordoost-Twente (GGA-NOT). Waar nodig dragen we financieel bij aan processen en projecten. We willen als gemeente proactief zijn. Opgaven zelf oppakken, met de blik op de toekomst. Samen werken aan een leefbaar, gezond, duurzaam en toekomstbestendig Tubbergen waar het goed vertoeven is.

Ons doel We gaan als gebiedspartner een substantiële en zichtbare bijdrage leveren aan het bieden van een economisch perspectief voor de agrarische sector in het bijzonder en het buitengebied in zijn algemeenheid. Vanuit onze grondhouding om uit te gaan van de kracht in de samenleving, daar waar het kan samen te werken en daar waar de gemeente een verantwoordelijkheid heeft deze te nemen, staan wij in de gebiedsprocessen naast onze agrariërs. We leveren hierbij maatwerk en zijn hierbij realistisch en duidelijk. In 2026 hebben we de verkregen inzichten en de uitgewerkte plannen vanuit het NPLG omgezet in operationeel beleid gericht op de transitie van de agrarische sector. En in 2026 zijn er in deelgebieden zichtbare stappen gezet met betrekking tot zowel het perspectief voor de landbouw als de natuur-, klimaat-, en waterdoelen.

Hoe leveren we een bijdrage aan een toekomstbestendige agrarische sector We willen als gemeente als volgt werken aan een toekomstbestendige agrarische sector: a. Aan het stuur zitten. We spannen ons maximaal in om daar waar mogelijk mee te sturen aan beleidskeuzes en uitvoeringsagenda’s. We zitten expliciet aan het stuur en bedienen de knoppen om invulling te geven aan de brede opgaven die er spelen in het buitengebied. We nemen deel aan elke relevante ‘tafel' waar we de belangen van onze inwoners kunnen behartigen. Daar waar relevant zetten we actief in op lobby. b. De keukentafel. De keukentafel is voor ons de plek waar we het maatwerk willen leveren voor gezinsbedrijven. We zien hier een belangrijke faciliterende en stimulerende rol voor onze agroconsulent, de ervencoach, het onderwijs en andere erfbetreders. Aan de keukentafel gaat het ook over de sociaal maatschappelijke kant: de mentale gezondheid en ondersteuning van de agrariërs die in een moeilijke situatie terecht zijn gekomen. We zetten als gemeente extra in op een ‘ervencoaches-plus’ die bij de begeleiding ook dit aspect invullen. c.

Samenlevingsgericht werken met gebieden en doelgroepen. We bouwen aan duurzame relaties in een krachtenveld waar de belangen ver uit elkaar liggen. We zoeken voortdurend de dialoog met de Tubbergse samenleving, maatschappelijke partners en alle andere belanghebbenden. In het bijzonder hebben we aandacht voor de transitiekansen en het bieden van een perspectief.

d. Verdienmodellen ontwikkelen. De landbouw is een belangrijke economische drager in onze gemeente. Als onderdeel van het toekomstperspectief van de gezinsbedrijven willen wij op bedrijfs- en erfniveau ondernemers, indien nodig via maatwerk, zoveel mogelijk ruimte geven om eigen, nieuwe verdienmodellen te ontwikkelen. We zien deze ontwikkeling voor zowel stoppende als blijvende ondernemers.

Actuele ontwikkelingen Zoals bekend zal de transitieopgave in het landelijk gebied met name worden opgepakt door middel van de gebiedsgericht aanpak (GGA), aangestuurd door de Provincie Overijssel. Voor deze GGA zijn gebiedstafels ingericht per regio. Wij nemen deel aan de gebiedstafel Noordoost Twente (NOT), waarbij ook de belangrijkste stakeholders in het gebied zijn aangesloten zoals het Waterschap, provincie en de landbouworganisaties.

42

Aan de gebiedstafels worden concrete casussen en initiatieven voor de transitieopgave opgepakt en uitgewerkt. Op dit moment zijn de gebiedstafels nog in opbouw, waardoor het niet goed is in te schatten welke inzet, naast de huidige vaste deelname aan dit overleg, nodig zal zijn vanuit onze gemeente op het moment dat initiatieven binnen onze gemeente worden opgepakt. Mogelijke kosten voor de inzet van ambtelijke ondersteuning bij deze projecten, zullen (grotendeels) worden vergoed door de Provincie vanuit de (Rijks-)middelen die beschikbaar gesteld zijn en worden voor de transitieopgave in het landelijke gebied. Mocht er desalniettemin een aanvullend beroep gedaan moeten worden op inzet die niet vanuit het programma en het beschikbaar werkbudget kan worden ingevuld, dan zal hiervoor te zijner tijd een voorstel aan de raad worden voorgelegd.

Actielijn 2 Landschap en natuur De GGA-NOT geldt ook voor het ontwikkelen van landschap en de natuur. We willen de landschapskwaliteiten van Noordoost-Twente en dus ook van Tubbergen behouden en ontwikkelen. We maken ons sterk voor het behoud van ons veelzijdige cultuurlandschap, de natuur en de biodiversiteit. We conformeren ons aan de Europese doelen: het in goede staat van instandhouding brengen, hebben en houden van de huidige Natura 2000 gebieden. Dit doen we in afstemming met onze eigen wensen en inzichten.

Ons doel We dragen als gebiedspartner bij aan het versterken en uitbreiden van de kwantiteit en kwaliteit van landschapsversterkende elementen. Dat doen we in het kader van en relatie tot het totale transitieproces. Met verdienmodellen voor grondeigenaren als voorwaarde biedt vergroting van kwaliteit en kwantiteit van natuur, landschap en biodiversiteit een bijdrage aan toekomstperspectief.

Hoe leveren we een bijdrage aan landschap en natuur We willen als gemeente als volgt werken aan de borging van de kwaliteiten van landschap en natuur: a. Huidige Natura 2000. We werken samen met onze partners en belanghebbenden aan de realisatie van de huidige Natura 2000 opgaven in onze gemeente. b. Agrariërs onderhouden het landschap. We onderzoeken of de agrariërs een rol in het landschapsbeheer kunnen vervullen. c.

Inpassen energieprojecten. We werken samen met diverse partijen aan hoge kwaliteit van ontwerp, aanleg en beheer van de landschappelijke inpassing van energieprojecten. Aan deze landschappelijke inpasbaarheid stellen we hoge eisen.

Actuele ontwikkelingen Voor de uitvoering van Natura 2000, zijn middelen beschikbaar vanuit de provincie. Ook voor de inzet van ambtelijke ondersteuning is financiering geregeld vanuit de provincie. De verwachting is dat onze betrokkenheid vanuit het programma in 2024 zal afnemen, omdat de voorbereiding van projecten dan grotendeels afgerond zal zijn en onze inzet bij de uitvoering in de lijn (reguliere werkzaamheden) zal worden opgepakt. Om die reden zijn er geen financiële ontwikkelingen verwacht die aanleiding geven tot een aanvullende claim in 2024.

Financiën Buitengebied in Balans Voor het programma Buitengebied in Balans zijn twee budgetten geraamd. De geprogrammeerde bestedingen zijn gerelateerd aan de transitieopgaven van het buitengebied. Het bestedingsritme is sterk afhankelijk van de GGA-NOT die begin 2024 op stoom gaat komen.

43

Actielijnen Werkbudget 300.000 In geld Ervencoach ++

2023

2024

2025

2026

10%

20%

30%

40%

30.000

60.000

90.0000

120.000

25%

25%

25%

25%

25.000

25.000

25.000

25.000

100.000

De activiteiten voor 2023 zullen vooral in het teken staan van de voorbereidingen voor het opstellen van uitvoeringsagenda’s. Er zal veel gepraat worden aan allerlei grotere en kleinere tafels om randvoorwaarden en eisen te formuleren die voor alle stakeholders het fundament vormen voor de beoogde transitie. Uiteindelijk draait het in de kern om het bieden van een perspectief. Bij de betreffende jaarbegroting wordt een korte beschrijving gegeven van de inspanningen die dat betreffende jaar worden opgestart of doorgezet.

Programma Leefomgeving van de toekomst Inleiding Leefomgeving van de toekomst Wij willen een leefomgeving die ook voor onze komende generaties duurzaam, veilig en gezond is. De bodem, het water en de lucht, de natuur, gebouwen en wegen en paden zijn allemaal onderdeel van onze leefomgeving. Door klimaatverandering komt onze leefomgeving onder druk te staan. We zullen ons moeten aanpassen aan veranderende weersomstandigheden zoals hitte, droogte en het vaker voorkomen van hevige neerslag. Ook willen we anders omgaan met energie en grondstoffen. Aan de hand van de energietransitie - waaronder ook de warmtetransitie valt- en de circulaire economie willen we het verbruik van grondstoffen terugdringen en het hergebruik van grondstoffen stimuleren. Het moet anders. Hoe dat moet, onderzoeken we vooral proactief en samen; de gemeente met haar inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties. Als Noordoost-Twentse gemeenten bundelen we de krachten in het samenwerkingsverband de Energie van Noordoost Twente. Wij haken aan bij de landelijke doelstelling dat in 2030 55% minder CO² uitstoot moet zijn en 50% van de energie duurzaam moet zijn opgewekt. Dat is ambitieus en hiervoor moeten de komende jaren de nodige inspanningen geleverd worden. Trias Energetica: eerst besparen, dan opwekken We hanteren in alle inspanningen het principe van de Trias Energetica: 1.

Beperken van het energieverbruik door verspilling tegen te gaan. Energie die niet verbruikt wordt, hoeft ook niet opgewekt te worden. We zetten daarom maximaal in op besparen. Door onze eigen gebouwen te verduurzamen, maar ook door inwoners en bedrijven te faciliteren en te stimuleren in het nemen van energiebesparende maatregelen en het ondersteunen van initiatieven. 2. Gebruik maken van energie uit duurzame bronnen (zoals zon, wind, water).

44

We beperken we ons tot de opgave die minimaal noodzakelijk is vanuit de RES, met een maximale inzet op zon op dak. We zetten in op een sterke lobby om ruimte te creëren voor alternatieven voor windenergie binnen de opgave van de Regionale Energie Strategie (RES). We faciliteren en stimuleren we gebouweigenaren om hun warmtevraag duurzaam op te wekken, bijvoorbeeld aan de hand van (hybride) warmtepompen. Voor de productie van warmte willen we ook gebruik maken van het potentieel aan biogas en/of groengas in Tubbergen. De ontwikkelingen binnen het thema duurzaamheid gaan razendsnel. Nieuwe technieken, zoals bijvoorbeeld waterstof of geothermie zijn in opkomst. We volgen de ontwikkelingen en zullen inspringen en bijsturen op kansen die zich via nieuwe ontwikkelingen en technieken (bijvoorbeeld waterstof of geothermie) voordoen. 3. Zo efficiënt mogelijk gebruik van (fossiele) energiebronnen om in de resterende energiebehoefte te voorzien; Sommige woningen zijn lastiger te verduurzamen dan anderen. Ook zullen er bedrijven blijven die behoefte hebben aan gas voor hun productieprocessen. Biogas en/of groengas kunnen oplossingen bieden voor deze gebouwen. Echter moeten we er rekening mee houden dat we nog lange tijd fossiele energiebronnen nodig hebben; deze zullen dan zo efficiënt mogelijk worden ingezet.

Samen aan de slag De energietransitie is een forse opgave waar we gezamenlijk – inwoners, ondernemers én overheid - voor aan de lat staan. We nemen hierbij als gemeente een proactieve houding in en nemen inwoners en ondernemers mee in de opgave die er ligt. We faciliteren en ondersteunen initiatieven die een bijdrage leveren aan het verduurzamen van de gemeente. Hierbij bewaken we de integraliteit en houden we ook de samenhang met andere beleidsterreinen (landelijk gebied, sociaal domein, volkshuisvesting) in beeld en benutten kansen die zich voordoen. Energie van Noordoost Twente We staan als Noordoost-Twentse gemeenten allemaal voor dezelfde (forse) opgave in de energietransitie. Door krachtenbundeling, kennisdeling en coördinatie in de opgaven waar we gezamenlijk voor staan, bereiken we meer dan iedere gemeente voor zich zou doen. Een aantal jaren geleden is hiervoor het samenwerkingsverband Energie van Noordoost Twente opgestart. Deze samenwerking bouwen we de komende periode verder uit.

45

Klimaatvisie De leefomgeving van de toekomst gaat verder dan alleen de energietransitie. Met de ondertekening van het klimaatakkoord hebben we ons gecommitteerd aan de bredere opgave om uiteindelijk in 2050 klimaatneutraal te zijn. Naast elektriciteit en warmte gaat het om thema's als klimaatadaptatie, circulaire economie, infrastructuur en mobiliteit, natuur en landschap en de landbouw. Daartoe gaan we de heldere keuzes maken: wat zijn we verplicht om te doen, waar ligt onze extra ambitie, wat is onze rol? Daarbij kijken we vanuit een integrale visie en context en leggen waar mogelijk verbindingen met thema’s en vraagstukken in de andere programma’s.

Actielijnen Het programma Leefomgeving van de Toekomst kent een dynamische agenda. Jaarlijks leiden nieuwe inzichten tot aanvullingen en wijzigingen. De uitkomsten uit de visie en uitvoeringsagenda kunnen leiden tot aanpassing en aanvulling van de actielijnen. Binnen het programma worden drie actielijnen geformuleerd. 

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://bestuur.tubbergen.nl/api/v1/meetings/970/documents/20844