Bijlage Buitengebied, Fietspad Manderveen - Tubbergen_Toelichting.pdf
Tekst van het document
Het doel van de watertoets is te garanderen dat waterhuishoudkundige doelstellingen expliciet en op een evenwichtige wijze in het plan worden afgewogen. Deze waterhuishoudkundige doelstellingen betreffen zowel de waterkwantiteit (veiligheid, wateroverlast, tegengaan verdroging) als de waterkwaliteit (riolering, omgang met hemelwater, lozingen op oppervlaktewater). 6.2.2
Watertoetsprocedure
6.2.2.1 Fietsverbinding Manderveen - Tubbergen Het waterschap Vechtstromen is geïnformeerd over het plan door gebruik te maken van de digitale watertoets (http://www.dewatertoets.nl). De beantwoording van de vragen heeft er toe geleid dat de zogenoemde 'normale procedure' van de watertoets van toepassing is. Het watertoetsresultaat is opgenomen in Bijlage 9. Het waterschap geeft een positief advies. Het waterschap heeft geen plannen met de waterhuishouding in het gebied. Dit betekent dat er geen wijziging aan duikers of watergangen hoeven te worden genomen als gevolg van voorliggende ontwikkeling. Wel volgt er nog een inspectie aan de bestaande duikers in het veld om te kijken of deze verlengd kunnen worden of vanwege de onderhoudsstatus volledig moeten worden vervangen. 6.2.2.2 Manderveenseweg 29 - Denekamperweg 72 De ontwikkeling aan de Manderveenseweg 29 - Denekamperweg 72 betreft enkel het in overeenstemming brengen van de planologische situatie met de feitelijke situatie. Hier zijn geen fysieke ingrepen mee gemoeid. De locatie is niet gelegen in een grondwaterbeschermings-, intrek- of waterwingebied. Daarnaast neemt het te verharden oppervlakte niet toe. De waterhuishouding op het erf zal hetzelfde blijven als deze nu al is. Afvalwater wordt afgevoerd op het rioolstelsel. Hemelwater wordt afgevoerd op sloten rondom het erf.
46
bestemmingsplan Buitengebied, Fietspad Manderveen - Tubbergen
Hoofdstuk 7 Juridische aspecten en planverantwoording 7.1 Inleiding In de voorgaande hoofdstukken is ingegaan op het plangebied, het relevante beleid en de milieu- en omgevingsaspecten. De informatie uit deze hoofdstukken is gebruikt om keuzes te maken bij het maken van het juridische deel van het bestemmingsplan: de verbeelding en de regels. In dit hoofdstuk wordt dieper ingegaan op de opzet van dit juridische deel. Daarnaast wordt een verantwoording gegeven van de gemaakte keuzes op de verbeelding en in de regels.
7.2 Opzet van de regels 7.2.1
Algemeen
In de Wet ruimtelijke ordening (Wro) die op 1 juli 2008 in werking is getreden, is de verplichting opgenomen om ruimtelijke plannen en besluiten digitaal vast te stellen. De digitaliseringsverplichting geldt vanaf 1 januari 2010. In de ministeriële Regeling standaarden ruimtelijke ordening is vastgelegd dat de Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen (SVBP) de norm is voor de vergelijkbaarheid van bestemmingsplannen. Naast de SVBP zijn ook het Informatiemodel Ruimtelijke Ordening en de Standaard Toegankelijkheid Ruimtelijke Instrumenten normerend bij het vastleggen en beschikbaar stellen van bestemmingsplannen. De SVBP geeft normen voor de opbouw van de planregels en voor de digitale verbeelding van het bestemmingsplan. Dit bestemmingsplan is opgesteld conform de normen van de SVBP2012. Het juridisch bindend gedeelte van het bestemmingsplan bestaat uit planregels en bijbehorende verbeelding waarop de bestemmingen zijn aangegeven. De verbeelding en de planregels dienen in samenhang te worden bekeken. De regels zijn onderverdeeld in vier hoofdstukken: 1. 2. 3. 4.
Inleidende regels; Bestemmingsregels; Algemene regels; Overgangs- en slotregels.
7.2.2
Inleidende regels
Hoofdstuk 1 bevat de inleidende regels. Deze regels gelden voor het gehele plangebied en bevatten: Begrippen (Artikel 1) In dit artikel zijn definities van de in de regels gebruikte begrippen opgenomen. Hiermee is een eenduidige interpretatie van deze begrippen vastgelegd. Wijze van meten (Artikel 2) Dit artikel geeft onder meer bepalingen waar mag worden gebouwd en hoe voorkomende eisen betreffende de maatvoering begrepen moeten worden. 7.2.3
Bestemmingsregels
Hoofdstuk 2 van de regels bevat de juridische vertaling van de in het plangebied voorkomende bestemmingen. De regels zijn onderverdeeld in o.a.: Bestemmingsomschrijving: de omschrijving van de activiteiten die zijn toegestaan; Bouwregels: in de bouwregels worden voor alle bouwwerken de van toepassing zijnde bebouwingsregels geregeld (bebouwingshoogte, bebouwingspercentage, etc.); Afwijken van de bouwregels: onder welke voorwaarde mag afgeweken worden van de aangegeven bouwregels. Specifieke gebruiksregels: in dit artikel is het strijdig gebruik geregeld en de voorwaardelijke verplichtingen opgenomen; Afwijken van de gebruiksregels: onder welke voorwaarde mag afgeweken worden van de aangegeven gebruiksmogelijkheden; Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden: bestemmingsplan Buitengebied, Fietspad Manderveen - Tubbergen 47
omgevingsvergunningenstelsel; Wijzigingsbevoegdheden: onder welke voorwaarden mag de bestemming worden gewijzigd. In paragraaf 7.3 worden de bestemmingen nader toegelicht en wordt ook per bestemming aangegeven waarom voor bepaalde gronden voor deze is gekozen. 7.2.4
Algemene regels
Hoofdstuk 3 bevat de algemene regels. Deze regels gelden voor het gehele plangebied. Dit hoofdstuk is opgebouwd uit: Anti-dubbeltelregel (Artikel 11) Deze regel is opgenomen om een ongewenste verdichting van de bebouwing te voorkomen. Deze verdichting kan zich met name voordoen, indien een perceel of een gedeelte daarvan, meer dan één keer betrokken wordt bij de berekening van een maximaal bebouwingspercentage. Algemene gebruiksregels (Artikel 12) In dit artikel worden de algemene gebruiksregels beschreven. Deze gaat uit van de gedachte dat het gebruik uitsluitend mag plaatsvinden in overeenstemming met de bestemming. Dit brengt met zich mee dat de bestemmingsomschrijving van de te onderscheiden bestemming helder en duidelijk moet zijn. Algemene aanduidingsregels (Artikel 13) In dit artikel zijn aanduidingsregels opgenomen vanwege de ligging in de reconstructiezone landbouwontwikkelingsgebied, de overige zone - vestigingsgebied voor boom- en sierteelt en de zone - geen boom- en sierteelt toegestaan. Algemene afwijkingsregels (Artikel 14) In dit artikel worden de algemene afwijkingsregels beschreven. Deze regels maken het mogelijk om op ondergeschikte punten van de regels in het bestemmingsplan af te wijken. 7.2.5
Overgangs- en slotregels
In hoofdstuk 4 van de regels staan de overgangs- en slotregels. In de overgangsregels is aangegeven wat de juridische consequenties zijn van bestaande situaties die in strijd zijn met dit bestemmingsplan. In de slotregels wordt aangegeven hoe het bestemmingsplan wordt genoemd.
7.3 Verantwoording van de regels 7.3.1
Bestemmingen
Kenmerk van de Nederlandse ruimtelijke ordeningsregelgeving is dat er uitgegaan wordt van toelatingsplanologie. Een bestemmingsplan geeft aan welke functies waar zijn toegestaan en welke bebouwing mag worden opgericht. Bij het opstellen van dit bestemmingsplan zijn keuzes gemaakt over welke functies waar worden mogelijk gemaakt en is gekeken welke bebouwing stedenbouwkundig toegestaan kan worden. Het is noodzakelijk dat het bestemmingsplan een compleet inzicht biedt in de bouw- en gebruiksmogelijkheden binnen het betreffende plangebied. Het bestemmingsplan is het juridische toetsingskader dat bindend is voor de burger en overheid en geeft aan wat de gewenste planologische situatie voor het plangebied is. In deze paragraaf worden de gemaakte keuzes nader onderbouwd. 7.3.1.1 Fietsverbinding Manderveen - Tubbergen In dit bestemmingsplan is het nieuwe fietspad door middel van de bestemming 'Verkeer' vastgelegd. De bestemming 'Bos - Natuur' is opgenomen om de aanleg/uitvoering en instandhouding van de landschapmaatregelen zoals opgenomen in het Ruimtelijk kwaliteitsplan mogelijk te maken. Hierbij zijn de in het plangebied voorkomende dubbelbestemmingen en gebiedsaanduidingen overgenomen in het bestemmingsplan.
7.3.1.2 Manderveenseweg 29 - Denekamperweg 72 In dit bestemmingsplan zijn de tweede bedrijfswoning met bijgebouwen opgenomen in het bouwvlak behorend bij de bestaande 'Agrarisch - 1' bestemming. In de regels van het bestemmingsplan is middels de aanduiding "specifieke vorm van agrarisch uitgesloten - dierenverblijf" vastgelegd dat gronden en bouwwerken ter plaatse van de uitbreiding van het bouwvlak niet in gebruik mogen worden genomen ten behoeve van het verblijf van dieren. Dit om te voorkomen dat het woon- en leefklimaat van omliggende milieugevoelige functies wordt aangetast. Voor het overige zijn de bestemmingsregels uit het geldende bestemmingsplan overgenomen.
48
bestemmingsplan Buitengebied, Fietspad Manderveen - Tubbergen
Hoofdstuk 8 Economische uitvoerbaarheid Bij de voorbereiding van een bestemmingsplan dient op grond van artikel 3.1.6, eerste lid, sub f van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) onderzoek plaats te vinden naar de uitvoerbaarheid van het plan.
8.1 Fietsverbinding Manderveen - Tubbergen Voor de realisatie van het fietspad tussen Manderveen en Tubbergen is een investering van € 1.750.000,-beschikbaar gesteld. Geconcludeerd wordt dat de voorgenomen ontwikkeling hiermee economisch uitvoerbaar is.
8.2 Manderveenseweg 29 - Denekamperweg 72 Eventuele planschade komt voor rekening van de initiatiefnemer. Ten behoeve van deze ontwikkeling is er een planschade-overeenkomst met de initiatiefnemer gesloten. Hiermee is het kostenverhaal anderszins verzekerd en is op grond van artikel 6.12 Wro geen exploitatieplan nodig.
bestemmingsplan Buitengebied, Fietspad Manderveen - Tubbergen 49
50
bestemmingsplan Buitengebied, Fietspad Manderveen - Tubbergen
Hoofdstuk 9
Vooroverleg
9.1 Vooroverleg Op grond van artikel 3.1.1 Bro is vooroverleg vereist met het waterschap en met de diensten van de provincie en Rijk die betrokken zijn bij de zorg voor de ruimtelijke ordening of belast zijn met de behartiging van belangen welke in het plan in het geding zijn. 9.1.1
Het Rijk
In het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) zijn de nationale belangen die juridische borging vereisen opgenomen. Het Barro is gericht op doorwerking van nationale belangen in gemeentelijke bestemmingsplannen. Geoordeeld wordt dat de gewenste ontwikkeling geen nationale belangen schaadt. Daarom is afgezien van het voeren van vooroverleg met het Rijk. 9.1.2
Provincie Overijssel
Het plan is ter vooroverleg aan de provincie Overijssel toegestuurd. Opgemerkt wordt dat het compensatieplan voor de verkleining van de oppervlakte NNN reeds akkoord is bevonden door de provincie Overijssel. 9.1.3
Waterschap Vechtstromen
In het kader van de watertoets heeft er een digitale watertoets plaatsgevonden via de website www.dewatertoets.nl. De uitkomsten van deze watertoets hebben geleid tot de 'normale procedure'. Er is daarom contact opgenomen met het waterschap. Het waterschap geeft een positief advies. Het waterschap heeft geen plannen met de waterhuishouding in het gebied. Dit betekent dat er geen wijziging aan duikers of watergangen hoeven te worden genomen als gevolg van voorliggende ontwikkeling. Wel volgt er nog een inspectie aan de bestaande duikers in het veld om te kijken of deze verlengd kunnen worden of vanwege de onderhoudsstatus volledig moeten worden vervangen. 9.1.4
NAM
Ten behoeve van voorliggend bestemmingsplan heeft een vooroverleg met de NAM plaatsgevonden. De NAM heeft op 5-12-2019 toestemming gegeven voor de aanleg van het fietspad met de bijhorende werkzaamheden. Wel dient voorafgaand aan de werkzaamheden een diepte dwarsdoorsnede van de werkzaamheden die in de bodem plaatsvinden en de werkwijze waarop de aanleg plaatsvindt te worden overlegd. Om het functioneren van de aanwezige NAM kabels & leidingen ter hoogte van het tracé te waarborgen is op de betreffende plekken de dubbelbestemming 'Leiding - Gas' opgenomen.
bestemmingsplan Buitengebied, Fietspad Manderveen - Tubbergen 51