CConstaterende datTubbergen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage Begroting 2024 Tubbergen.pdf

Gemeenteraad Tubbergen 7 november 2023, gemeente TubbergenBij agendapunt: 5: Begroting 2024 Gemeente Tubbergen36.539 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 5

Hoewel wettelijke termijnen onveranderd blijven, is onduidelijk hoe de landelijke aanpak eruit gaat zien en welke middelen beschikbaar zullen zijn (of blijven). Er treedt hoe dan ook vertraging op. Als gemeente willen we echter niet stil blijven zitten en pakken dat op wat nu kan en passend is bij onze rol en verantwoordelijkheden. We zijn betrokken bij de onlangs opgerichte, interne intaketafel. Op deze intaketafel worden externe initiatieven multidisciplinair besproken. Het belang voor onze ambitie is dat we initiatieven die bijdragen aan het de transitie van het buitengebied maar die niet binnen het staand beleid passen, zo goed mogelijk proberen verder te brengen. Er wordt door ons gewerkt aan een visie op het buitengebied Dinkelland en Tubbergen. Die visie zal de komende jaren richting moeten geven aan structurerende keuzes en onder meer beantwoorden wat economische dragers in het buitengebied kunnen zijn.

Actielijn 2 Landschap en natuur De Gebiedsgerichte Aanpak (GGA) NOT geldt ook voor het ontwikkelen van landschap en de natuur. We willen de landschapskwaliteiten van Noordoost-Twente en dus ook van Tubbergen behouden en ontwikkelen. We maken ons sterk voor het behoud van ons veelzijdige cultuurlandschap, de natuur en de biodiversiteit. We conformeren ons aan de Europese doelen: het in goede staat van instandhouding brengen, hebben en houden van de huidige Natura 2000 gebieden. Dit doen we in afstemming met onze eigen wensen en inzichten.

Ons doel We dragen als gebiedspartner bij aan het versterken en uitbreiden van de kwantiteit en kwaliteit van landschapsversterkende elementen. Dat doen we in het kader van en relatie tot het totale transitieproces. Met verdienmodellen voor grondeigenaren als voorwaarde biedt vergroting van kwaliteit en kwantiteit van natuur, landschap en biodiversiteit een bijdrage aan toekomstperspectief.

Hoe leveren we een bijdrage aan landschap en natuur We willen als gemeente als volgt werken aan de borging van de kwaliteiten van landschap en natuur: a. Huidige Natura 2000. We werken samen met onze partners en belanghebbenden aan de realisatie van de huidige Natura 2000 opgaven in onze gemeente. b. Agrariërs onderhouden het landschap. We onderzoeken of de agrariërs een rol in het landschapsbeheer kunnen vervullen en werken daarbij actief samen met onze gebiedspartners (project Twente Bloeit). c. Inpassen energieprojecten. We werken samen met diverse partijen aan hoge kwaliteit van ontwerp, aanleg en beheer van de landschappelijke inpassing van energieprojecten. Aan deze landschappelijke inpasbaarheid stellen we hoge eisen.

Actuele ontwikkelingen Voor de uitvoering van Natura 2000, zijn middelen beschikbaar vanuit de provincie. Ook voor de inzet van ambtelijke ondersteuning in het proces om te komen tot de juiste inrichting en bescherming (d.m.v. PIP) is financiering geregeld vanuit de provincie. De verwachting is dat onze betrokkenheid op dit onderdeel van N2000 projecten vanuit het programma in 2024 zal afnemen, omdat de voorbereiding van projecten dan grotendeels afgerond zal zijn en onze inzet bij de uitvoering in de lijn (reguliere werkzaamheden) zal worden opgepakt. De gemeentelijke belangen zullen dan vanuit de lijnorganisatie vertegenwoordigd worden. Om die reden zijn er geen financiële ontwikkelingen verwacht die aanleiding geven tot een aanvullende claim in 2024. Het project Twente Bloeit zal in 2024 iedere Twentse gemeente vragen om een bijdrage van € 10.000 met als doel het opbouwen van een gebiedsfonds en het opstarten van ecosysteemdiensten in heel Twente. Deze ecosysteemdiensten zorgen voor de verbetering van de biodiversiteit en groenblauwe dooradering, tezamen met een eerlijke beloning voor grondeigenaren die diensten met maatschappelijke waarden uit voeren. Het project is expliciet benoemd in het concept PPLG. Als de inhoud van het PPLG wordt goedgekeurd en middelen worden toegekend, betekent dit een impuls voor de biodiversiteit in ons gebied.

Door middel van een pilot in Twente wordt onderzocht of ook marktpartijen kunnen meedoen. Twente Bloeit wordt door de provincie gezien als een voorbeeld werkwijze voor heel Overijssel om de natuur en biodiversiteit te verbeteren. Het "struweelhagen project" wordt eind 2023/begin 2024 in Tubbergen gestart, in samenwerking met Landschap Overijssel. Grondeigenaren kunnen subsidie krijgen voor de aanplant van inheemse hagen. De dekking is rond. Vanuit de Omgevingsvisie en Waardenkaart zal onderzoek gedaan worden naar de veertien landgoederen in Dinkelland en Tubbergen. Landgoederen worden beschouwd als dragers van landschap, cultuurhistorie, natuurwaarden en streekeigenheid in Twente. Daarbij worden de waardevolle elementen en hun samenhang in kaart gebracht en onderzocht hoe deze behouden kunnen blijven. De dekking hiervoor is nog niet rond.

Financiën Buitengebied in Balans Werkbudget buitengebied in balans In de begroting 2023 is een bedrag van €300.000 beschikbaar gesteld en gestort in de “Reserve College akkoord 2022 – 2026”.

We verwachten uitgaven voor de gebiedsanalyse, externe inhuur, het project “Twente Bloeit” en een “onderzoek naar onze landgoederen”. We stellen voor in de jaarschijf 2024 €70.000 te putten uit de “Reserve College akkoord 2022 – 2026”.

Ervencoach ++ In de begroting 2023 is een bedrag van €100.000 beschikbaar gesteld en gestort in de “Reserve College akkoord 2022 – 2026”.

We verwachten uitgaven voor de erfcoaches in 2024 en 2025. We stellen voor in de jaarschijf 2024 €25.000 te putten uit de “Reserve College akkoord 2022 – 2026”.

Programma Leefomgeving van de toekomst Inleiding Leefomgeving van de toekomst Wij willen een leefomgeving die ook voor onze komende generaties duurzaam, veilig en gezond is. De bodem, het water en de lucht, de natuur, gebouwen en wegen en paden zijn allemaal onderdeel van onze leefomgeving. Door klimaatverandering komt onze leefomgeving onder druk te staan. We zullen ons moeten aanpassen aan veranderende weersomstandigheden zoals hitte, droogte en het vaker voorkomen van hevige neerslag. Ook willen we anders omgaan met energie en grondstoffen. Aan de hand van de energietransitie - waaronder ook de warmtetransitie valt- en de circulaire economie willen we het verbruik van grondstoffen terugdringen en het hergebruik van grondstoffen stimuleren. Het moet anders. Hoe dat moet, onderzoeken we vooral proactief en samen; de gemeente met haar inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties. Als Noordoost-Twentse gemeenten bundelen we de krachten in het samenwerkingsverband de Energie van Noordoost Twente. Wij haken aan bij de landelijke doelstelling dat in 2030 55% minder CO² uitstoot moet zijn en 50% van de energie duurzaam moet zijn opgewekt. Dat is ambitieus en hiervoor moeten de komende jaren de nodige inspanningen geleverd worden. Trias Energetica: eerst besparen, dan opwekken We hanteren in alle inspanningen het principe van de Trias Energetica: 1.

Beperken van het energieverbruik door verspilling tegen te gaan. Energie die niet verbruikt wordt, hoeft ook niet opgewekt te worden. We zetten daarom maximaal in op besparen. Door onze eigen gebouwen te verduurzamen, maar ook door inwoners en bedrijven te faciliteren en te stimuleren in het nemen van energiebesparende maatregelen en het ondersteunen van initiatieven. 2. Gebruik maken van energie uit duurzame bronnen (zoals zon, wind, water). We beperken we ons tot de opgave die minimaal noodzakelijk is vanuit de RES, met een maximale inzet op zon op dak. We zetten in op een sterke lobby om ruimte te creëren voor alternatieven voor windenergie binnen de opgave van de Regionale Energie Strategie (RES). We faciliteren en stimuleren we gebouweigenaren om hun warmtevraag duurzaam op te wekken, bijvoorbeeld aan de hand van (hybride) warmtepompen. Voor de productie van warmte willen we ook gebruik maken van het potentieel aan biogas en/of groengas in Tubbergen. De ontwikkelingen binnen het thema duurzaamheid gaan razendsnel. Nieuwe technieken, zoals bijvoorbeeld waterstof of geothermie zijn in opkomst. We volgen de ontwikkelingen en zullen inspringen en bijsturen op kansen die zich via nieuwe ontwikkelingen en technieken (bijvoorbeeld waterstof of geothermie) voordoen. 3.

Zo efficiënt mogelijk gebruik van (fossiele) energiebronnen om in de resterende energiebehoefte te voorzien; Sommige woningen zijn lastiger te verduurzamen dan anderen. Ook zullen er bedrijven blijven die behoefte hebben aan gas voor hun productieprocessen. Biogas en/of groengas kunnen oplossingen bieden voor deze gebouwen. Echter moeten we er rekening mee houden dat we nog lange tijd fossiele energiebronnen nodig hebben; deze zullen dan zo efficiënt mogelijk worden ingezet.

Samen aan de slag De energietransitie is een forse opgave waar we gezamenlijk – inwoners, ondernemers én overheid - voor aan de lat staan. We nemen hierbij als gemeente een proactieve houding in en nemen inwoners en ondernemers mee in de opgave die er ligt. We faciliteren en ondersteunen initiatieven die een bijdrage leveren aan het verduurzamen van de gemeente. Hierbij bewaken we de integraliteit en houden we ook de samenhang met andere beleidsterreinen (landelijk gebied, sociaal domein, volkshuisvesting) in beeld en benutten kansen die zich voordoen. Energie van Noordoost Twente We staan als Noordoost-Twentse gemeenten allemaal voor dezelfde (forse) opgave in de energietransitie. Door krachtenbundeling, kennisdeling en coördinatie in de opgaven waar we gezamenlijk voor staan, bereiken we meer dan iedere gemeente voor zich zou doen. Een aantal jaren geleden is hiervoor het samenwerkingsverband Energie van Noordoost Twente opgestart. Deze samenwerking bouwen we de komende periode verder uit. Klimaatvisie De leefomgeving van de toekomst gaat verder dan alleen de energietransitie. Met de ondertekening van het klimaatakkoord hebben we ons gecommitteerd aan de bredere opgave om uiteindelijk in 2050 klimaatneutraal te zijn. Naast elektriciteit en warmte gaat het om thema's als klimaatadaptatie, circulaire economie, infrastructuur en mobiliteit, natuur en landschap en de landbouw.

Daartoe gaan we de heldere keuzes maken: wat zijn we verplicht om te doen, waar ligt onze extra ambitie, wat is onze rol? Daarbij kijken we vanuit een integrale visie en context en leggen waar mogelijk verbindingen met thema’s en vraagstukken in de andere programma’s.

Actielijnen Het programma Leefomgeving van de Toekomst kent een dynamische agenda. Jaarlijks leiden nieuwe inzichten tot aanvullingen en wijzigingen. De uitkomsten uit de visie en uitvoeringsagenda kunnen leiden tot aanpassing en aanvulling van de actielijnen. Binnen het programma worden drie actielijnen geformuleerd. 

Verduurzamen - Op weg naar energieneutraal en aardgasvrij wonen & werken

Opwek - Duurzame energievoorziening

Mobiliteit & (maatschappelijk verantwoord) Inkopen

Actuele ontwikkelingen Klimaatvisie De huidige ambities ten aanzien van duurzaamheid en klimaat zijn vertaald naar een programma Leefomgeving van de Toekomst in de begroting 2023 inclusief financiële consequenties. Daarmee is reeds een belangrijk inhoudelijk en financieel kader geboden voor de komende periode. In de begroting 2023 is ook opgenomen dat we werken aan een klimaatvisie, waarin heldere keuzes worden gemaakt ten aanzien van de opgaven en ambities die we hebben ten aanzien van de uitvoering van het Klimaatakkoord. Vanuit het Klimaatakkoord liggen de opgaven in de volgende sectoren: 

Gebouwde Omgeving

Elektriciteit

Industrie

Landbouw en Landgebruik

Mobiliteit

Per sector wordt in beeld gebracht: wat zijn we verplicht om te doen, waar ligt onze extra ambitie, wat is onze rol, wat is de rol van stakeholders? Daarbij kijken we vanuit een integrale visie en context en leggen waar mogelijk verbindingen met thema’s en vraagstukken in de andere programma’s. De klimaatvisie is naar verwachting eind 2023 gereed. Op basis van de gestelde ambities en de te maken keuzes zijn de financiële en personele consequenties beter in beeld. Inmiddels zijn ook vanuit het Rijk middelen beschikbaar gesteld voor uitvoering van het Klimaatakkoord (Regeling CDOKE, zie onderstaand). Vooralsnog is de inschatting dat uitvoering van de klimaatvisie binnen deze middelen alsmede de reeds beschikbare middelen voor het programma Leefomgeving van de Toekomst kan plaatsvinden. De klimaatvisie wordt via een apart raadsbesluit voorgelegd aan de gemeenteraad. Middelen Regeling capaciteit decentrale overheden voor klimaat- en energiebeleid (CDOKE) Er zijn eind april 2023 voor de periode 2023-2025 extra financiële middelen van het Rijk beschikbaar voor de uitvoering van het klimaatakkoord. Deze specifieke uitkering (Brede doeluitkering BDU) is bedoeld voor het binnenhalen van nieuwe collega’s of externe deskundigen met kennis van klimaat en energie de sectoren vanuit het Klimaatakkoord zoals bovenstaand beschreven, met uitzondering van Landbouw en Landgebruik.

Het budget voor Tubbergen per jaar is als volgt: € 382.188 (2023), € 385.655 (2024), € 389.122 (2025) Samenwerking Energie van Noordoost Twente Voor een deel van de opgaven in de energietransitie, in de sectoren elektriciteit en gebouwde omgeving, werken we sinds een aantal jaren samen met de gemeenten Tubbergen, Losser en Oldenzaal in de Energie van Noordoost Twente. Er is een conceptvoorstel gereed voor de voortzetting van de samenwerking in de periode 2024-2026. Het definitief besluit over de samenwerking wordt naar verwachting eind 2023 genomen. Financiering vindt plaats binnen de reeds beschikbare middelen voor het programma Leefomgeving van de Toekomst in combinatie met de middelen van het Rijk (CDOKE). Circulaire economie Het onderwerp Circulaire Economie vormt één van de pijlers van de vrijwillige Twentse milieusamenwerking en is als zodanig vastgelegd in het samenwerkingsprogramma Milieu, Duurzaamheid en Afval (MDA) 2023 en in de gezamenlijke bestuursopdracht MDA 2020-2025. Op 13 April 2023 is door het PHO-MDA besloten dat de sinds 2019 bestaande werkgroep Circulaire Economie doorgroeit naar een Ambtelijk Overleg en dat de ‘Startnotitie Circulaire Economie Twentse gemeenten’ wordt vastgesteld. De Startnotitie vorm het beginpunt van het vervolgtraject met als beoogd resultaat een Koersdocument en Uitvoeringsplan.

In het Koersdocument zal richting worden gegeven, doelen worden gesteld en meer focus worden gebracht. De gemeente Tubbergen heeft nog geen concrete ambities vastgesteld ten aanzien van Circulaire Economie. Het koersdocument vormt de basis voor het concretiseren van de ambities voor de gemeente Tubbergen in een gericht plan van aanpak inclusief financiële consequenties, welke aan de raad worden voorgelegd. Warmtetransitie: Wet gemeentelijke instrumenten warmtetransitie en Warmteprogramma (Actielijn 1) Op 30 juni 2023 is het wetvoorstel Wet gemeentelijke instrumenten warmtetransitie (Wgiw) aan de Tweede Kamer aangeboden. Deze geeft gemeenten de bevoegdheden om de regie over de lokale warmtetransitie te pakken. Met de Wgiw wordt een verplichting aan B&W opgelegd om een warmteprogramma voor de hele gemeente vast te stellen gericht op verduurzaming van bestaande gebouwen. Het warmteprogramma is de juridische vertaling van de warmtevisie. In het warmteprogramma brengt de gemeente per gebied de potentieel beschikbare duurzame warmtealternatieven in beeld en beschrijft per gebied het tijdspad van verduurzaming. Daarop volgt in de regel het opstellen en vaststellen van een uitvoeringsplan. In een uitvoeringsplan concretiseert de gemeente het warmteprogramma voor een afgebakend gebied.

Met het wetsvoorstel krijgen gemeenten tevens een aanwijsbevoegdheid: de mogelijkheid gebieden aan te wijzen die voor een bepaalde datum overgaan op een duurzaam alternatief ter vervanging van aardgas (afkoppeling van het aardgas).

Oorspronkelijk zou de wet op 1 juli 2024 in werking treden; de val van het kabinet levert naar verwachting enige vertraging op in de procedure. De komende tijd houden we de voortgang in de gaten, gaan we ons oriënteren op hoe we met de nieuwe wetgeving omgaan en betrekken we de gemeenteraden bij de totstandkoming van de aanpak. Tot aan vaststelling van een Warmteprogramma houden we de ingezette lijn van vergroten van bewustwording, vergroten van het draagvlak en enthousiasmeren van de inwoners vast. Daarbij zetten we samen met inwoners en ondernemers het proces in de WUP-wijken voort om woningen/gebouwen van het aardgas af te halen. Boerengas B.V. (Actielijn 2) De NOT gemeenten zijn voornemens om met een voorinvestering van 1 miljoen deel te nemen in Boerengas B.V. Deze voorinvestering zal zich via de een winstpercentage van 8% verdeeld over de drie deelname partners (Energiefonds Overijssel en de verenigde boeren in Boerengas b.v.) terug moeten verdienen. Daarnaast zal er structureel (zolang er deelgenomen wordt in Boerengas b.v.) een bedrag gereserveerd worden van € 60.000/ jaar voor de bestuurlijke ondersteuning. Afhankelijk van het aantal deelnemende NOT gemeenten zal dat voor de begroting neerkomen op: 

1 Miljoen evenredig verdeeld over het aantal deelnemende NOT gemeenten (bij vier deelnemers ¼ Miljoen/gemeente of meer bij minder deelnemende gemeenten)

€ 60.000 evenredig verdeeld over het aantal deelnemende NOT gemeenten (bij vier deelnemers €15.000/gemeente of meer bij minder deelnemende gemeenten)

Ontwikkelingen nieuwe technieken (Actielijn 2) Geothermie: De kansen voor diepe geothermie bevinden zich in de Tubbergen formatie (zandlaag uit het Carboon tijdperk). Deze aardlaag is in het noorden van Twente aangetroffen en is dus ook aanwezig in noordoost Twente. Geothermie is een van de mogelijke alternatieve oplossingen voor de levering van duurzame energie, naast andere duurzame energiebronnen. Deze techniek gaat echter gepaard met significante investeringen, risico’s en technische uitdagingen, maar vooral ook onbekendheid. Daarom worden alle aspecten in kaart te brengen, zodat weloverwogen keuzes gemaakt kunnen worden. Onderzoek en een proefboring zijn nodig om de mogelijkheden van geothermie in deze aardlaag te verkennen. Er lopen gesprekken met de UT en de gemeente Enschede om hier verder invulling aan te geven. Waterstof: Waterstof is een energiedrager, die voor de verdere toekomst wellicht kansen biedt voor het verwarmen van woningen en gebouwen. Via de RES Twente sluiten we aan bij de H2Hub Twente We volgen de ontwikkelingen en zullen in spelen op kansen die zich voordoen. Kernenergie: Op verzoek van de provincie is op basis van de kennissessie, een notitie over de toepassing van kernenergie in Nederland en de perspectieven voor SMRs geschreven. Deze kleine kerncentrales bevinden zich nu in de ontwikkelfase en moeten de zogenaamde ‘demonstratiefase’ nog doorlopen.

Hoewel realisatie nog niet direct op korte termijn te verwachten is, volgen we de ontwikkelingen rondom de SMRs . Zodra een volgend concreet stadium bereikt wordt, wordt dit thema weer actief besproken in de Provinciale Staten.

Actielijn 1 werken

Verduurzamen - Op weg naar energieneutraal en aardgasvrij wonen en

In 2030 zijn twee miljoen Nederlandse woningen van het aardgas af. In 2050 verwarmt, kookt of doucht geen enkel huishouden meer met aardgas. We stappen over op duurzame warmte. Dit is afgesproken in het Nederlandse Klimaatakkoord. Ook bedrijven maken deze ommezwaai, met als doel dat Nederland in 2050 klimaatneutraal is. Gemeenten in Nederland, zo ook de gemeente Tubbergen, hebben een grote rol in de overstap naar duurzame warmte. Om de opgave te laten slagen, werken we samen met inwoners aan haalbare en betaalbare oplossingen. We zetten daarbij ook maximaal in op het nemen van energiebesparende maatregelen.

Ons doel In 2050 wonen en werken we energieneutraal en aardgasvrij. Wij ondersteunen inwoners en bedrijven pro-actief in het proces om woningen en gebouwen meer te verduurzamen.

Hoe leveren we een bijdrage aan Verduurzamen – Op weg naar aardgasvrij wonen en werken We nemen inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties bij projecten en inspanningen in deze actielijn mee aan de hand van een zogeheten ‘inwonerreis’; waarbij de eerste inzet is op bewustwording en informatievoorziening, daarna op advies en afweging om vervolgens tot uitvoering over te gaan. a. Bewustwording en informatievoorziening. Creëren van verdergaand bewustzijn, urgentiebesef en draagvlak onder onze inwoners en ondernemers voor de warmtetransitie door gerichte communicatie voor inwoners, ondernemers en maatschappelijke instellingen. Het energieloket is de basis van onze informatievoorziening. Daarnaast werken we actief samen met lokale groepen (zoals energiecoöperaties) om de kennis actiever en vooral persoonlijker bij de inwoners en ondernemers onder de aandacht te brengen. b. Advies en afweging. Er komt veel op onze inwoners, ondernemers en instellingen af. De stap om daadwerkelijk te verduurzamen is voor velen ingewikkeld: welke keuzes kun/moet je maken, wat kost het en wat levert het op? We willen inwoners en ondernemers adviseren en ontzorgen in het proces naar haalbare en betaalbare oplossingen in het verduurzamen van hun woning.

We leveren daarvoor een ondersteuningsstructuur (gereedschapskist met verschillende instrumenten en werkwijze), passend bij de eigen specifieke woning en situatie. De instrumenten kunnen op wijkniveau worden ingezet en gemeente breed. Speciale aandacht is er voor het terugdringen van energiearmoede en het nemen van maatregelen voor de doelgroep die dit het meeste treft. c. Uitvoering – wijkuitvoeringsplannen. We zetten samen met inwoners en ondernemers het proces in de wijken voort om bestaande woningen/gebouwen van het aardgas af te halen en waar nodig intensiveren we dit. Daarbij kijken we hoe we slim een wijk- of kerngerichte aanpak kunnen combineren met individueel gerichte maatregelen voor alle woningeigenaren in de gemeente. d. Herijken ambitie en -rolbepaling. Op basis van de opgedane ervaringen in de afgelopen jaren in de wijkuitvoeringsplannen herijken we de warmtevisie en aanpak om bestaande woningen/gebouwen van het aardgas af te halen.

Actielijn 2

Opwek - Duurzame energievoorziening

Wij haken aan bij de landelijke doelstelling dat in 2050 100% van de energie duurzaam is opgewekt en committeren ons aan de uitgangspunten en opgave vanuit de RES. We gaan verder invulling en uitwerking geven aan de RES Twente 2.0 waarin we de noodzakelijke mix van wind en zon voor onze gemeente verder definiëren. Daarbij beperken we ons tot de opgave die minimaal noodzakelijk is, met een maximale inzet op zon op dak. De doelstellingen zijn ambitieus, er moeten de komende jaren de nodige inspanningen geleverd worden. Hier willen we samen met inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisatie invulling aan geven. We bundelen de krachten in het samenwerkingsverband Energie van Noordoost Twente en de regio Twente.

Ons doel We moeten meer energie duurzaam opwekken. In 2030 moet 50% van de energievoorziening duurzaam zijn opgewekt (en in 2050 volledig). Hier willen we samen met inwoners, bedrijven en organisaties invulling aan geven. We committeren ons aan de uitgangspunten en opgave vanuit de RES. Daarbij beperken we ons tot de opgave die minimaal noodzakelijk is, met een maximale inzet op zon op dak.

Hoe leveren we een bijdrage aan Opwek - Duurzame energievoorziening a. Maatschappelijke acceptatie. Creëren van verdergaand bewustzijn onder onze inwoners over de opgave in de energietransitie. Dit doen we door inwoners meer eigenaar te laten zijn van zowel het probleem als de oplossing. Eigenaarschap van inwoners bereik je niet vanzelf. Goede voorlichting (vergroten van kennis, delen van kennis, voorbeelden en ervaringen), betrekken van inwoners bij processen en projecten en het creëren van handvatten om gedrag te veranderen en inwoners te ontzorgen, zijn noodzakelijk. b. Vaststellen beleid en regelingen. Vaststellen van benodigd beleid ten behoeve van (grootschalige) duurzame opwek, waaronder het wind- en zonneveldenbeleid conform de routekaart wind en zon. Het belang en de gezondheid voor onze inwoners blijft hierbij centraal staan. Uitkomsten uit het onderzoek van het RIVM en andere deskundigen maken deel uit van de routekaart. We stellen windbeleid vast, omdat we het belangrijk vinden om zelf de regie te kunnen blijven voeren. We koppelen draagvlak aan de afstand tot windmolens. Naarmate inwoners dichter bij de windmolen wonen, weegt hun stem zwaarder in onze afweging draagvlak versus algemeen belang. We verkennen we de mogelijkheden voor het ondersteunen van initiatieven voor duurzame opwek aan de hand van (stimulerings)regelingen. c.

Lokale initiatieven in the lead. Het thema duurzaamheid staat steeds meer op de agenda in de verschillende kernen en het bedrijfsleven. Werkgroepen zijn in opkomst en coöperaties die in kansen denken. We faciliteren en ondersteunen kansrijke lokale duurzame initiatieven. Daarbij blijven we de regie voeren binnen participatieprocessen. Het Regionaal Energiebedrijf is in samenwerking met lokale coöperaties de motor van ontwikkeling van lokale projecten en initiatieven. Lasten lokaal, dan ook lusten lokaal is een belangrijk uitgangspunt, we streven naar een maximale participatiegraad van inwoners/omgeving binnen eventuele toekomstige projecten (minimaal 50%, bij voorkeur 100%). We kiezen voor een coördinator duurzaamheid die in gesprek gaat met inwoners, werkgroepen, initiatiefnemers en dorpsraden over de projecten en initiatieven.

d. Regionale en grensoverschrijdende samenwerking. We staan als (NOT-)gemeenten allemaal voor dezelfde forse opgave. Vanuit de krachtenbundeling, kennisdeling en coördinatie in de opgaven waar we gezamenlijk voor staan, bereiken we meer dan iedere gemeente voor zich zou doen. Vanuit het samenwerkingsverband bundelen we de krachten richting de opgaven vanuit de regio Twente. We geven invulling aan de Regionale Energie Strategie 2.0, inclusief de vaststelling van de noodzakelijke en gewenste energiemix van wind en zon. We zetten in op een sterke lobby om ruimte te creëren voor alternatieven voor windenergie binnen de opgave van de Regionale Energie Strategie (RES). We zetten in op nieuwe technieken en ontwikkelingen. Voldoende netcapaciteit is een belangrijke randvoorwaarde om projecten te realiseren. Tubbergen loopt echter tegen de grenzen aan. We gaan in samenwerking met andere gemeenten en de RES Twente in gesprek met de netbeheerder voor mogelijke oplossingen. e. Opwek van warmte. We sluiten aan bij de oprichting van een beheersentiteit en zetten in op aansluiting en uitbreiding van de biogashub’s in onze gemeente. Door medeaandeelhouder te zijn van de op te richten beheersentiteit ontstaan mogelijk revenuen die ook ingezet kunnen worden voor een andere (duurzame) inspanningen.

Daarnaast volgen we de ontwikkelingen rondom nieuwe technieken als geothermie en waterstof en zullen inspringen en bijsturen op kansen die zich via nieuwe ontwikkelingen en technieken voordoen.

Actielijn 3

Duurzame Mobiliteit

Ons doel Beter Organiseren van slimme, duurzame en zorgeloze mobiliteit zonder emissies.

Hoe leveren we een bijdrage aan Duurzame mobiliteit & (maatschappelijk verantwoord) Inkopen a. Voorbeeldfunctie. Als gemeente horen we het goede voorbeeld te geven door onze eigen voorzieningen en faciliteiten te verduurzamen. Onder meer stellen we een duurzaam mobiliteitsplan met een route voor het verduurzamen van ons eigen vervoer.

b. Laadinfrastructuur. In lijn met de visie op de laadinfrastructuur wordt uitbreiding van het aantal laadpalen gestimuleerd op de plekken waar dat gewenst is of waar rijders van elektrische auto’s wonen of werken.

Financiën Leefomgeving van de toekomst Projectgelden Leefomgeving van de toekomst In de begroting 2023 is een bedrag van €1.000.000 beschikbaar gesteld en gestort in de “Reserve College akkoord 2022 – 2026”.

De coalitieperiode is in 2022 gestart. De uitgaven 2022 zijn op de begroting 2023 in mindering gebracht. Een bedrag van €60.000 is afgesplitst als “NOT Energieloket 3.0”. Voor de jaarschijven 2023 en 2024 jaarlijks €30.000. Een bedrag van €60.000 is afgesplitst als “Stimuleringsregeling energietransitie”. Voor de jaarschijven 2023 en 2024 jaarlijks €30.000. We verwachten uitgaven voor maatwerkaanpak energiearmoede”, kosten samenwerking EV NOT en NOT Energieloket jaarschijven 2025 en 2026. Tijdens het opstellen van deze begroting werken we, samen met gemeenten uit Noord Oost Twente, aan een voorstel om te komen tot de oprichting van de “Coöperatie Duurzame Energieprojecten Noordoost Twente (CDE-NOT)” en deelname in “Boerengas BV. Afhankelijk van de deelname van 4 of 3 gemeenten gaat het bij besluitvorming om een bedrag tussen de €250.000 en €350.000. Deze zullen als “Deelneming” worden geactiveerd op de balans. Het is dus géén te verwachten uitgave uit de “Projectgelden Leefomgeving van de toekomst“. We moeten er rekening mee houden dat hier structurele uitgaven uit voortkomen. We stellen voor in de jaarschijf 2024 €250.000 te putten uit de “Reserve College akkoord 2022 – 2026”. Waarvan €190.000 voor de “Projectgelden Leefomgeving van de toekomst”, €30.000 voor het “NOT Energieloket 3.0” en €30.000 voor de “Stimuleringsregeling energietransitie”.

In 2024 krijgen we van het Rijk de beschikking over middelen voor isolatiesubsidie.

Werkbudget Leefomgeving van de toekomst In de begroting 2023 is een bedrag van €200.000 beschikbaar gesteld en gestort in de “Reserve College akkoord 2022 – 2026”.

In de perspectiefnota 2024 is het bedrag verlaagd tot €175.000. We verwachten in 2023 nog uitgaven voor onder andere de wijkaanpak in wijkaanpak in HarbrinkhoekMariaparochie en Manderveen. We stellen voor in de jaarschijf 2024 €50.000 te putten uit de “Reserve College akkoord 2022 – 2026”.

Uitvoeringskosten In de begroting 2023 is een bedrag van €800.000 beschikbaar gesteld en gestort in de “Reserve College akkoord 2022 – 2026”. We stellen voor in de jaarschijf 2024 €200.000 te putten uit de “Reserve College akkoord 2022 – 2026”. Ondertussen kunnen we een deel van de capaciteit financieren uit een Specifieke uitkering van het Rijk. De Tijdelijke regeling “capaciteit decentrale overheden voor klimaat- en energiebeleid (CDOKE)” is bedoeld voor het binnenhalen van nieuwe collega’s of externe deskundigen met kennis van klimaat en energie. Momenteel bestuderen we hoe we deze middelen optimaal kunnen inzetten. De klimaatvisie vormt de basis voor de verdeling van middelen voor de ambities. Uitgangspunt is dat de uitvoeringskosten die zijn "voorgefinancierd" via de algemene middelen als eerste ten laste van deze rijksvergoeding moeten worden gebracht.

Programma Positieve Gezondheid Inleiding Positieve Gezondheid Gezond zijn is veel meer dan niet ziek zijn. Gezondheid gaat over sociale, mentale, financiële en fysieke gezondheid. Met deze brede kijk op gezondheid, dragen onderwijs, sport, cultuur, huisvesting, bestaanszekerheid en leefomgeving ook bij aan de gezondheid van onze inwoners. Het is de kunst de factoren die gezondheid negatief kunnen beïnvloeden, zoveel mogelijk te voorkomen of te beperken en de factoren die een positieve inslag hebben te stimuleren en ondersteunen. Dit doen wij samen met onze inwoners, partners en gebruikers. Met deze bredere benadering willen wij bijdragen aan het vermogen van mensen om met de fysieke, emotionele en sociale uitdagingen in het leven om te gaan en mee te kunnen doen in de eigen omgeving. Én om zo veel mogelijk eigen regie te voeren: van jong tot oud, van welvarend tot arm, van vitaal tot hulpbehoevend. Zo houden we inwoners zo lang mogelijk gezond en de zorg bereikbaar en betaalbaar. We vertalen onze ambities naar drie actielijnen; 

Zorg dichtbij en op orde

Gezond in je hoofd en in je vel

Iedereen kan en mag meedoen

Doel Onze inwoners zijn in 2026 minimaal even gezond als in 2021 (fysiek, mentaal, sociaal en economisch).

Actuele ontwikkelingen Voor de gezondheid van onze inwoners en om de zorg betaalbaar en bereikbaar te houden voor diegenen die het echt nodig hebben, zien we als gemeente een toenemend belang van de inzet op preventie. Door in te zetten op preventie kunnen we de inzet van geïndiceerde, veelal complexere, Wmo, jeugdzorg en participatie terugdringen onder het motto voorkomen is beter dan genezen. Landelijk zien we dit ook terug in onder andere: 

Hervormingsagenda Jeugd

Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA) en brede SPUK

Programma Wonen, Ondersteuning en Zorg en voor Ouderen (WOZO)

Integraal Zorg Akkoord (IZA)

Nationaal Preventieakkoord en Nationaal Sportakkoord.

Op regionaal niveau wordt hier op ingespeeld door te komen met een regionale visie op volksgezondheid, en daarop aansluitend een uitvoeringsdocument en concrete doelen voor de GGD Twente voor de komende vier jaar. Tevens wordt gewerkt aan de inkoop van zowel de jeugdzorg als de Wmo. Dat is voor ons als gemeente een moment om te kijken hoe wij ons zorgaanbod willen inregelen, en betaalbaar en bereikbaar willen houden. Het belang van preventie, het voorkomen van een hogere zorgvraag, is daarbij een belangrijk aandachtspunt. In aansluiting op deze landelijke en regionale beleidsontwikkeling zetten wij in op het versterken van de lokale preventie en zorgstructuur. Om dit gericht te kunnen doen is een goede analyse nodig; waar staan we en waar willen we naar toe. In 2023 is hier uitvoering aan gegeven door het ontwikkelen van een sport- en gezondheidsbeleid en begin 2024 volgt het cultuur en armoedebeleid. De gemene deler is dat we in de huidige preventie en zorgstructuur de volgende aandachtspunten zien: 

Versterken ondersteuningsnetwerk: op tactisch en uitvoerend niveau het opheffen van het gebrek aan menskracht en het voeren van regie op dit ondersteuningsnetwerk, in te vullend door buurtsportcoach en dorpsondersteuner, die aan de slag gaan op het gebied van preventie.

Verruimen voorliggend preventief aanbod: het belang van lichte vormen van zorg is onmiskenbaar. De resultaten van pilots maken dat duidelijk, bijvoorbeeld bij schoolmaatschappelijk werk op de school, een voorliggende dagbesteding, en lichte ondersteuning voor opvoed en opgroeiproblemen. Bewezen vormen zetten we voort en waar nodig en mogelijk breiden we dit aanbod uit.

Extra inzet op preventie binnen het sociaal domein Specificatie uit te werken richtingen / inspanningen

inc

2024

2025

2026

2027

300

225

225

225

225

Extra inzet op preventie binnen het Sociaal Domein Echte algemene stelpost die nader moet worden verdeeld

In 2024 zetten we in op preventie ter voorkoming van (de verdere groei van) de geïndiceerde zorg. Dit doen wij door het herijken van het ondersteuningsnetwerk en het zgn. voorliggende aanbod ofwel zorg- en ondersteuningsaanbod waarbij nog geen indicatiestelling nodig is of heeft plaatsgevonden. We zetten de extra middelen t/m 2025 incidenteel in op: 

Implementeren van de dorpsondersteuners in 4 dorpen. De pilot dorpsondersteuner in Fleringen heeft zowel een maatschappelijk als een financieel positief effect. Om de inzet van de dorpsondersteuner ook voor andere dorpen mogelijk te maken zijn aanvullende middelen nodig. Voor een deel zijn incidentele middelen middels de begroting 2023 beschikbaar besteld. De ervaring tot nu toe leert echter dat ook middelen nodig zijn voor begeleiding van de dorpen, intervisies tussen de dorpsondersteuners en activiteitengeld voor de dorpen (dorpsondersteuner) voor het versterken van het collectieve preventieve aanbod.

Schoolmaatschappelijk werk in de scholen. We zetten de koers van de NPO (Nationaal Programma Onderwijs) middelen door. NPO waren middelen die gemeenten hebben ontvangen om scholen te ondersteunen bij de aanpak van coronavertragingen. Met name op sociaal (emotioneel) vlak zagen wij de achterstanden ontstaan. Als gevolg daarvan zijn de middelen ingezet in het mogelijk van schoolmaatschappelijk werk op de scholen (basisonderwijs, voortgezet onderwijs en Speciaal Basisonderwijs). Hierbij is de schoolmaatschappelijk werker op school aanwezig is, dichtbij en beschikbaar, niet alleen voor de leerkrachten en interne begeleiders, maar ook voor de leerlingen en hun ouders. Met deze extra uren geeft de schoolmaatschappelijk werker aan (ouders van) leerlingen uit het basisonderwijs extra hulp en ondersteuning op meerdere levensgebieden zoals relatieproblemen, scheiding, problemen rondom financiën, verlies van werk, verlies van een dierbare en eenzaamheid onder ouders en/of kind. Doel van de extra ondersteuning is om kinderen in een zo normaal mogelijke en probleemloze gezinssituatie te kunnen laten opgroeien en er daarmee voor te zorgen dat het welbevinden en de leerprestaties van deze kinderen verbeteren.

Versterken van de voorliggende voorzieningen jeugd. Momenteel zijn we met een analyse bezig welke problematiek speelt er bij de jeugd en welk preventief aanbod wordt gemist. Vooruitlopend op de de afronding van de totale analyse hebben we ‘laaghangend fruit’ gedetecteerd waarmee we snel kunnen starten (zoals organiseren van beschikbare steungezinnen, het voorkomen van / anticiperen op jeugdzorg die voortvloeit uit echtscheidingsproblematiek en het anders inzetten van het jeugd en jongerenwerk).Momenteel zijn we met een analyse bezig welke problematiek speelt er bij de jeugd en welk preventief aanbod wordt gemist. Vooruitlopend op de totale analyse gaan

we met laaghangend fruit (zoals steungezinnen en echtscheidingsproblematiek) alvast aan de slag. 

Doorontwikkeling van buurtsportcoaches als onderdeel van het uitvoeren van het sport en gezondheidsbeleid en het project Opgroeien in een Kansrijke Omgeving. Op uitvoerend niveau op het gebied van (sport en) preventie missen wij namelijk capaciteit om de gezondheidsdoelstelling waar te kunnen maken

De eventuele mogelijkheden voor structurele dekking van vooral de dorpsondersteuners, het schoolmaatschappelijk werk en de buurtsportcoaches betrekken we bij het opstellen van de perspectiefnota 2025. Structureel gaan we inzetten op: 

Versterken van het preventie jeugdaanbod ook in samenwerking met het (speciaal- en praktijk) onderwijs waarmee een deel van de geïndiceerde jeugdzorg kunnen voorkomen.

Preventiebudget: deze middelen worden ingezet om uitvoering te geven aan het gezondheid, sport, cultuur en armoedebeleid. Op dit moment wordt gewerkt aan het opstellen van vier beleidsnota's: gezondheid, sport, cultuur en armoedebeleid. Een overeenkomst tussen alle beleidsnota's is dat het ondersteuningsnetwerk en het preventieve aanbod niet toereikend is ten opzichte van de ambities.

Armoedebeleid: momenteel wordt gewerkt aan het armoedebeleid. Vooruitlopend op de uitkomsten van dit armoedebeleid reserveren we alvast structurele ruimte. We constateren namelijk dat tot nu toe vooral ingezet is op regelingen op het moment dat armoede er al is. Het voornemen is om juist in te zetten op preventie om armoede te voorkomen. Uit de eerste analyse blijkt namelijk dat de grote uitdaging in onze gemeenschap zit bij verborgen armoede. Dit vraagt onder meer om betere voorlichting, communicatie, preventie en samenwerking tussen partijen op het gebied van vroegsignalering.

Preventieve ondersteuning na beëindiging NPO; Wij zetten de Nationaal Programma Onderwijs (NPO) middelen door waardoor de pedagogische gezinsbegeleiding jeugdgezondheid (PGJ) beschikbaar blijft voor gezinnen met beginnende opvoedproblemen. PGJ is een vorm van opvoedingsondersteuning voor gezinnen met enkelvoudige opvoedingsproblematiek. De begeleiding heeft tot doel om vroegtijdig (preventief) samen met ouders en kind(eren) een oplossing te vinden voor opvoedingsproblemen en zo te voorkomen dat problemen verergeren. En wordt ingezet om beter inzicht te krijgen in de aard van de problematiek. Daardoor kan het bijdragen aan adequate verwijzing naar passende hulp (indien nodig).

Actielijn 1 Zorg dichtbij en op orde Als het gaat om het zorglandschap volgen wij in principe de regio bij regionale en bovenlokale vormen van zorg. Hierbij zullen wij scherp toezien op kwalitatieve zorgaanbieders die vooraf goed worden gecontroleerd op fraude en blijven hierop monitoren. Daar waar onze invloed het grootst is, zetten we op in. Dat is de lokale zorg. Onze ambitie is om de zelfredzaamheid en de eigen regie van de inwoner te ondersteunen. Daar waar nodig door proactiever, preventief en zo vroeg mogelijk met onze partners en inwoners te werken aan gezondheid. Wat een inwoner wél kan, staat hierbij voorop. Wij starten een heroriëntatie op onze lokale zorg en ondersteuningslandschap om onder meer de verbinding tussen Schakel en de samenleving te verbeteren. We gaan onderzoeken of een zogenaamde dorpsondersteuner hierbij kan helpen. Lokaal richten wij ons op het verbeteren van korte lijnen door middel van een gebiedsgerichte aanpak van de zorg en ondersteuning (van de algemene voorzieningen). Wij sluiten aan en ondersteunen initiatieven uit de dorpen. We richten een leefbaarheidsfonds in voor initiatieven uit de dorpen die een bijdrage leveren aan het bevorderen van de gezondheid (in brede zin). Doel is: menselijker zorg, efficiënter, effectiever en dichtbij.

Verder investeren we in de Praktijkondersteuner GGZ-jeugd, de coördinator externe verwijzer en de Wijk GGD om zorg betaalbaar en bereikbaar te houden.

We ondersteunen mantelzorgers zo goed mogelijk. Daarom gaan we ons huidige mantelzorgbeleid evalueren en waar nodig bijstellen. Doel is om de druk op mantelzorgers te verlagen.

Ons doel We spannen ons in om de zorg en ondersteuning beter in te richten vanuit het perspectief van inwoner(s), met eigen regie van de inwoner voorop, dichtbij en met de menselijke maat als uitgangspunt.

Hoe leveren we een bijdrage aan het op orde komen van de zorg voor onze inwoners 

Heroriëntatie zorg en ondersteuningslandschap. Wij starten een heroriëntatie op onze lokale zorg en ondersteuningslandschap om onder meer de ondersteuning dichtbij/gebiedsgericht te organiseren en de verbinding tussen Schakel en de samenleving te verbeteren. We gaan onderzoeken of een zogenaamde dorpsondersteuner hierbij kan helpen.

Preventief. We werken preventief en zo vroeg mogelijk in meer samenwerking met onze partners en inwoners aan de zorg en ondersteuning voor onze inwoners.

Ondersteunen initiatieven. We ondersteunen initiatieven die een bijdrage leveren aan het bevorderen van de gezondheid (in brede zin).

Samenlevingsgericht. We werken samenlevingsgericht. We benutten onze ogen en oren in de wijk beter door proactief in gesprek te gaan met onze uitvoerende partners en inwoners. We delen in deze gesprekken trends en ontwikkelingen, we zijn alert op de samenhang der dingen en toetsen deze aan ons beleid.

Mantelzorgers. We gaan mantelzorgers op basis van hun behoefte zo goed mogelijk ondersteunen.

Actielijn 2 Gezond in je hoofd en in je vel We zetten in op een gezondere leefstijl voor onze jeugd en inwoners. Dit doen wij, samen met onze inwoners, organisaties en ondernemers door de leefomgeving gezonder te maken op het gebied van voeding, bewegen en ontspanning. Wij zien een forse opgave als het gaat om overgewicht en alcohol. We zetten samen met onze partners in op onder meer het IJslands model (Opgroeien in een Kansrijke Omgeving). We gaan sport, bewegen en deelname aan cultuuractiviteiten stimuleren door bij te dragen aan een goede infrastructuur qua voorzieningen, beweegmogelijkheden in de openbare ruimte en vitale verenigingen. De eigen kracht van de samenleving staat hierbij voorop en willen we benutten. Tevens reiken we de helpende hand door passende ondersteuning te bieden daar waar nodig. Wij ontwikkelen sport- en cultuurbeleid, omdat wij sport, bewegen en cultuur als een belangrijk middel zien voor het bevorderen van de gezondheid van onze inwoners. Het eerder ingezette beleid continueren we vooralsnog. Dit geldt eveneens voor het evenementenbeleid. Het belang van tradities, evenementen, materieel en immaterieel erfgoed wordt onderschreven. Ze dragen bij aan de binding in de samenleving. We onderstrepen het belang hiervan voor de gemeente Tubbergen.

Ons doel We leveren een bijdrage aan het bevorderen van een gezondere leefstijl en gezondere leefomgeving voor onze inwoners in 2026 in samenwerking met onze inwoners en partners. Onze speciale aandacht gaat uit naar kwetsbare groepen, waarbij de accenten liggen op terugdringen van overgewicht, overmatig alcoholgebruik en mentale gezondheid.

Hoe leveren wij een bijdrage aan Gezond in je hoofd en in je vel 

Van inzicht naar strategische sport- en cultuuragenda. We hebben zicht op de meest kwetsbare doelgroepen, trends en ontwikkelingen. Deze vormen de basis voor de strategische agenda voor sport en cultuur.

Stimuleren gezonde leefstijl en omgeving. We gaan aan de slag samen met inwoners, organisaties en ondernemers met het stimuleren van de gezonde leefstijl en gezonde leefomgeving. Het accent ligt op sport, cultuur, jongeren en overgewicht en overmatig alcoholgebruik.

Passende ondersteuning en goede infrastructuur. We brengen het aanbod in beeld en ontwikkelen, op basis van behoefte, samen met onze partners meer/vitalere verenigingen, (collectieve) voorzieningen, ondersteuning en/of interventies.

Actielijn 3 Iedereen kan en mag meedoen Voor een inclusievere samenleving doen wij een beroep op de verantwoordelijkheid van de inwoner zelf en de kracht van de samenleving. De kracht van de samenleving is groot en heeft veel waarde. Wij willen voorwaardenscheppend zijn, ontmoeting faciliteren, preventief en proactief te werk gaan. Een toegankelijke en inclusieve samenleving betekent dat iedereen zo zelfstandig en gelijkwaardig mogelijk mee kan doen aan de samenleving. Elke inwoner moet de mogelijkheid hebben mee te kunnen en mogen doen en zich naar eigen vermogen te ontwikkelen. Wij zien vooral een opgave op het gebied van armoede om proactiever en zo vroeg mogelijk met onze partners armoede onder de inwoners te voorkomen.

Ons doel We spannen ons in voor een inclusievere samenleving waarin iedereen zo zelfstandig en gelijkwaardig mee kan en mag doen aan de maatschappij, waarbij de kracht van de samenleving wordt benut en een beroep wordt gedaan op de verantwoordelijkheid van de inwoner zelf. Onze speciale aandacht gaat uit naar kwetsbare groepen, waarbij het accent ligt op inwoners in armoede.

Hoe leveren wij een bijdrage aan het uitgangspunt iedereen kan en mag meedoen 

Van inzicht naar strategische inclusie agenda. We hebben zicht op verschillende vormen van eenzaamheid en armoede per kern of doelgroep. We hebben hierbij aandacht voor de identiteit en cultuur van de betreffende kern. Dit inzicht en de huidige verkenningsrapporten Inclusie vormen de basis van waaruit wij een Inclusie agenda gaan opstellen, met accenten op eenzaamheid en armoede.

Faciliteren van ontmoeting. We ondersteunen initiatieven die bijdragen aan een inclusievere samenleving en ontmoeting tussen en door inwoners.

Proactief en preventief. We gaan proactief in gesprek met onze partners en inwoners over bestaande activiteiten en voorzieningen over trends en ontwikkelingen binnen het sociale domein. We stimuleren hen waar mogelijk initiatief te nemen om het aanbod af te stemmen op nieuwe (kwetsbare) doelgroepen, waarbij bestaande faciliteiten beter worden benut en waar nodig nieuwe activiteiten en voorzieningen worden toegevoegd.

Financiën Positieve Gezondheid Werkbudget Positieve Gezondheid In de begroting 2023 is een bedrag van €200.000 beschikbaar gesteld en gestort in de “Reserve College akkoord 2022 – 2026”. In de perspectiefnota 2024 is het bedrag verlaagd tot €175.000. We stellen voor in de jaarschijf 2024 €50.000 te putten uit de “Reserve College akkoord 2022 – 2026”.

Projectbudget Inclusie In de begroting 2023 is een bedrag van €50.000 beschikbaar gesteld en gestort in de “Reserve College akkoord 2022 – 2026”. We stellen voor in de jaarschijf 2024 €12.500 te putten uit de “Reserve College akkoord 2022 – 2026”.

Sportnota De sportnota wordt binnen de reguliere capaciteit van Noaberkracht gerealiseerd voor de gemeenten Dinkelland en Tubbergen.

Cultuurnota In de begroting 2023 is een bedrag van €25.000 beschikbaar gesteld en gestort in de “Reserve College akkoord 2022 – 2026”. We stellen voor in de jaarschijf 2024 €12.500 te putten uit de “Reserve College akkoord 2022 – 2026”.

Programma Toekomstbestendige gemeente Tubbergen en ambtelijke organisatie Noaberkracht Inleiding We zijn als gemeente open, betrouwbaar, duidelijk en transparant en (digitale) gegevens van onze inwoners zijn bij ons in goede handen. We nodigen inwoners vooral uit om mee te doen. Vanuit het uitgangspunt van een participatieve lokale democratie zetten we in op passende en vernieuwende manieren van samenwerking en besluitvorming. Daarbij past een proactieve gemeentelijke informatievoorziening naar onze inwoners.

Actielijn 1 Samenlevingsgerichte bestuursstijl We willen onze opgaven samen met onze inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties aanpakken. Dit doen we door onze inwoners centraal te stellen bij alles wat we doen. We hanteren een meedenkende houding en leveren maatwerk. Bij iedere vraag of nieuwe uitdaging denken we na hoe we onze inwoners betrekken bij het bouwen aan de gemeente Tubbergen. Dit doen we vanuit open en betrokken insteek. En we zijn realistisch en duidelijk. Daar waar het kan, werken we samen en daar waar de gemeente een verantwoordelijkheid heeft, nemen we deze. We hanteren hierbij het motto: ‘Ja, mits…’ We gaan in ons werk uit van de zelfredzaamheid, de professionaliteit en de kracht van onze eigen inwoners. We zijn als gemeente proactief. Opgaven zelf oppakken, met de blik op de toekomst. Samen werken aan een leefbaar, gezond, duurzaam en toekomstbestendig Tubbergen waar het goed vertoeven is. Dit doen we door de komende vier jaar verder in te zetten op samenlevingsgericht werken. Telkens vanuit maatwerk en de juiste balans. De gemeenteraad, het college van burgemeester en wethouders, de gemeenteraad en de organisatie Noaberkracht staan hierbij midden in de samenleving. We willen initiatieven uit onze kernen faciliteren en investeren waar nodig. De huidige aanpak met het Maatschappelijk Akkoord Tubbergen en MijnDorp2030 gaan we herijken.

Het opdrachtgeverschap ligt hiervoor bij de voltallige gemeenteraad. Indien nodig willen we inwoners breed in de samenleving betrekken bij grote keuzes die de samenleving raken. Kernagenda's In de kernagenda's zijn per kern de ambities en vraagstukken terug te vinden waar we als gemeente en inwoners gezamenlijk aan werken. De inhoud van deze kernagenda's is terug te vinden in de begrotingsapp: Kernagenda's. Afhankelijk van de uitkomsten van de herijking van het Maatschappelijk Akkoord en het proces MijnDorp2030 worden de kernagenda's in de komende periode aangepast. Participatiebeleid Participatie is niet meer weg te denken in onze manier van werken. Ook landelijk is er steeds meer aandacht voor participatie. Er is een wetsvoorstel in de maak: ‘Versterking participatie op decentraal niveau’. Deze wet heeft als doel dat voor zowel de inwoners als voor gemeenten duidelijk is (1) binnen welke kaders inwoners in het beleidsproces participeren en (2) op welke wijze zij in een verschillende fase van het beleidsproces betrokken worden. In een participatieverordening maakt elke gemeenteraad deze zaken expliciet voor zijn gemeente. Het voorstel verplicht tot een uitbreiding/verbreding van de in de Gemeentewet (artikel 150) voorgeschreven inspraakverordening naar een participatieverordening.

Het belang van participatie wordt groter door maatschappelijke ontwikkelingen zoals de Omgevingswet, de Regionale Energie Strategie (RES) en uitdagingen in het sociaal domein. Gemeenten hebben in principe vrijheid om te beslissen op welke wijze zij inwoners bij de verschillende beleidsfasen betrekken en hoe ze hun visie op participatie vertalen in de participatieverordening. Het is dan ook eerst van belang dat we als gemeenten bepalen hoe we participatie verder vorm willen geven. Daarvoor stellen we participatiebeleid op. Vervolgens kunnen we de stap zetten naar juridische formuleringen in een participatieverordening.

Samenlevingsgericht werken - Organisatieontwikkeling Zorgvuldige communicatie, en meer contact met onze inwoners en partners om samenlevingsgericht te kunnen werken, vraagt naast tijd van ambtenaren, ook vaardigheden. Daarin willen we investeren. We investeren in structurele ambtelijke capaciteit om het samenlevingsgericht werken te borgen en van nieuwe impulsen te voorzien.

Ons doel In de gemeente Tubbergen werken we samenlevingsgericht. Samen met onze inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties kijken we naar wat we samen kunnen doen om onze kernen op de lange termijn leefbaar te houden. We zijn als gemeente open, betrouwbaar, duidelijk en transparant en (digitale) gegevens van onze inwoners zijn bij ons in goede handen.

Hoe leveren we een bijdrage aan samenlevingsgerichte bestuursstijl 

MijnDorp2030. Vanuit het proces MijnDorp2030 zetten we meer in op participatie vanuit de kernen zelf en we stimuleren onze inwoners om mee te denken. We bieden ondersteuning om processen en projecten op gang te helpen of verder te brengen. We bezoeken al onze kernen als college en zijn vanuit de functie van “kernwethouder” zichtbaar en aanspreekbaar.

Opstellen en uitvoeren participatiebeleid. Gemeenten hebben in principe vrijheid om te beslissen op welke wijze zij inwoners bij de verschillende beleidsfasen betrekken en hoe ze hun visie op participatie vertalen in de participatieverordening. Het is dan ook eerst van belang dat we als gemeenten bepalen hoe we participatie verder vorm willen geven. Daarvoor stellen we participatiebeleid op. Vervolgens kunnen we de stap zetten naar juridische formuleringen in een participatieverordening. Vanuit het participatiebeleid verkennen we ook in hoeverre het uitdaagrecht kan worden ingevoerd. Dit biedt mogelijkheden voor inwoners om gemeentelijke taken over te nemen wanneer zij van mening zijn het zelf slimmer, beter, goedkoper of anders te doen. Ook verkennen we de mogelijkheden van een online participatietool om de samenwerking met onze inwoners te versterken.

Samenlevingsgericht werken - organisatieontwikkeling. Verschillende interne programma’s, zoals direct duidelijk, mediation & klachtbemiddeling en methodische werken dragen bij aan de borging van het samenlevingsgericht werken bij de ambtenaren. Structurele inzet van buurtmannen en buurtvrouwen, adviseurs samenlevingsgericht werken en het meer inzetten van communicatieadvies zorgen voor een stevige toekomstbestendige basis.

Actuele ontwikkelingen Herijking uitgangspunten MAT/MijnDorp In het coalitieakkoord en de begroting 2023 is opgenomen dat de huidige aanpak met het Maatschappelijk Akkoord Tubbergen en MijnDorp2030 herijkt wordt. Het opdrachtgeverschap ligt hiervoor bij de voltallige gemeenteraad. Indien nodig willen we inwoners breed in de samenleving betrekken bij grote keuzes die de samenleving raken. Er zijn vooralsnog geen middelen beschikbaar gesteld voor het vervolg van het proces MAT/MijnDorp voor de komende periode 2023-2026. Er is een startnotitie opgesteld voor het proces van de herijking en een raadswerkgroep is gevormd. Eerste stap is een themasessie waarin de raad bespreekt op welke wijze en onder welke uitgangspunten de gemeenteraad samen met de inwoners van de gemeente Tubbergen wil werken aan de toekomst van onze kernen en hoe dat zicht verhoudt tot de huidige werkwijze van het MAT – Mijn Dorp. Daarbij worden ook de vervolgstappen bepaald. Op basis van de uitkomsten van de sessies zal een voorstel moeten komen of en hoe verder te gaan met het MAT/MijnDorp inclusief financiële consequenties. Vooruitlopend op de herijking is voor het jaar 2024 reeds 50.000 euro procesgeld beschikbaar voor de continuering van processen en benodigde ondersteuning in de kernen.

Samenlevingsgericht Werken In 2024 werken we aan het doel dat Samenlevingsgericht werken nog steviger wordt ingebed in het werk van alledag. Samenlevingsgericht werken vraagt naast tijd van alle medewerkers, ook vaardigheden. Bijvoorbeeld ten aanzien van democratische vernieuwing, participatie, communicatie en polarisatie. Daarin willen we in een volgende fase investeren. Team Samenlevingsgericht werken en team Communicatie, groeien toe naar een coachende, faciliterende en adviserende rol naar alle medewerkers. Daarbij passen zij hun werkwijze aan op de specifieke vraagstukken per team en organisatie onderdeel. We werken aan deze doelen door: 

Kennisoverdracht: Er wordt gewerkt aan het overdragen van kennis vanuit team Samenlevingsgericht werken, team Communicatie, buurtmannen en buurtvrouwen naar de gehele organisatie. Dit betreft het halen en brengen van kennis tussen kernen en organisatie, en kennis over de verschillende kernthema's van het team

Mediation, klachten en conflicten: Er wordt gewerkt aan het verminderen van de kwetsbaarheid op de thema's mediation, klachten en conflicten, door de centraal georganiseerde aanpak belegd bij 1 expert, te gaan doorontwikkelen naar een netwerkaanpak binnen heel Noaberkracht, met de expert meer in de rol van coach, mentor, kwaliteit- en procesbewaker.

Ondersteuning buurtmannen en buurtvrouwen: De werkwijze met buurtmannen en buurtvrouwen wordt voortgezet en verder verstevigd. In afstemming met de buurtmannen en buurtvrouwen worden trainingen of intervisies aangeboden om kennis en vaardigheden te vergroten. De werkwijze voor het halen en brengen van informatie tussen kernen en organisatie, wordt verder versterkt.

Bestuur en ambtenaren werken samen voor de Samenleving: Bestuurders en medewerkers volgen een training BAS (bestuurlijk ambtelijk samenspel).

Actielijn 2 Een sterk en toekomstbestendig Noaberkracht Met Noaberkracht hebben we een sterke en krachtige organisatie staan. We zien het als onze verantwoordelijkheid om de kracht en sterkte van Noaberkracht ook voor de toekomst te verzekeren. Dat betekent ook dat we vernieuwend en creatief opereren op een veranderende arbeidsmarkt. Maatschappelijke opgaven worden groter en complexer. Ze vragen door de tijd heen om andere antwoorden, aanpakken en resultaten. Wij willen dan ook dat Noaberkracht voor onze inwoners de komende jaren op elk moment een kwalitatief hoogwaardige dienstverlening biedt. Daarmee is onze ambitie om de inwoners van Tubbergen nu en in de toekomst passende antwoorden te (blijven) geven op bestaande en nieuwe maatschappelijke vraagstukken.

Ons doel Een sterk en toekomstbestendig Noaberkracht.

Hoe leveren we een bijdrage aan een sterk en toekomstbestendig Noaberkracht 

We zetten in op het samen met de gemeente Dinkelland versterken van de ambtelijk (strategische) capaciteit van Noaberkracht.

We zetten in op het samen met de gemeente Dinkelland door ontwikkelen van de Noaberkracht organisatie, langs verschillende actielijnen.

We participeren actief in het verkennende onderzoek naar de ambtelijke samenwerking tussen Noaberkracht en de gemeente Oldenzaal en sturen op concrete uitkomsten.

Actuele ontwikkelingen Verkenning samenwerking Oldenzaal In januari 2021 is het rapport van BMC “Toekomstbestendigheid Noaberkracht” opgeleverd. Een belangrijke conclusie was dat Noaberkracht voor de eerstkomende jaren toekomstbestendig is. Maar ook is de inschatting dat de toekomstbestendigheid op de (middel)lange termijn onder druk komt te staan. Op basis van het BMC rapport hebben de 3 gemeenteraden van Dinkelland, Tubbergen en Oldenzaal de opdracht gegeven te verkennen in hoeverre ambtelijke samenwerking tussen deze 3 gemeenten een antwoord kan geven op de vraag "Hoe blijven wij toekomstbestendig?". De verkenning naar de ambtelijke samenwerking is in 2023 afgerond. Besloten is om: 

nu te kiezen voor opgavegericht samenwerken om huidige en toekomstige maatschappelijke opgaven van antwoorden te voorzien. Het gaat hierbij om duurzaamheid, energietransitie, migratie, veiligheid en het onderzoek naar samenwerking op het gebied van binnensportaccommodaties;

voor de lokaal uit te voeren opgaven met kracht te blijven inzetten op doorontwikkeling en toekomstbestendigheid van de ambtelijke organisatie;

te onderzoeken wat nodig is om tot een toekomstbestendige informatievoorziening (ICT) te komen in gezamenlijkheid met andere Twentse gemeenten.

Ten aanzien van de doorontwikkeling en toekomstbestendigheid van de ambtelijke organisatie wordt verwezen naar de paragraaf organisatieontwikkeling.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://bestuur.tubbergen.nl/api/v1/meetings/989/documents/22679