Vragen en antwoorden Jaarstukken 2025 griffie 20260527 gesorteerd op pag. nr jaarstukken
Tekst van het document
1
NR. VRAAG
PAG.
PP
VRAAG
ANTWOORD:
16
10
50 Plus
Voordeel WMO (PGB, begeleiding, dagopvang, beschermd wonen € 3,8 miljoen). Kan het college toelichten of dit voordeel te maken heeft met efficiëntere inzet, of dat er sprake is van minder ingediende hulpvragen of afwijzing van aangevraagde/noodzakelijke ondersteuningsvragen?
10
FvD
Het bedrag bij ‘diverse overige afwijkingen’ is groter dan elke andere afwijking: € 8.7 mln. Kan er een verdere uitsplitsing worden gegeven tot het niveau van maximaal het niveau van de grootste?
Het eenmalige voordeel komt voornamelijk door: daling van het aantal PGB-aanvragen, de uitvoering ZIN (zorg in natura) binnen de vastgestelde lumpsumbudgetten waarmee de beoogde inkoopbesparingen in 2025 volledig gerealiseerd zijn en een positieve afrekening Beschermd wonen omdat er meer grip is op sturing en volume is. De lumpsum voor het onderdeel BW-plekken is in aanvang voor 2025 vastgesteld op € 44.617.914 met een eenmalige ophoging van € 1.348.453 vanwege hogere volumes (totaal €45.966.367). De lumpsum is daarmee gebaseerd op een gemiddeld clientvolume BW van 773. In werkelijkheid is het gemiddeld volume voor BW uitgekomen op 753. Door meer grip en sturing via het plan van aanpak is de eenmalig ophoging van het lumpsum budget grotendeels niet besteed. Bij de afrekening is € 1,2 mln. van de eenmalige ophoging terugontvangen. Een volledige toelichting staat op pagina 45 van het jaarverslag. Hierna vindt u een overzicht van de grootste afwijkingen die vallen onder de overige afwijkingen van € 8,7 mln. Voor een nadere toelichting per afwijking is het paginanummer in de Jaarstukken opgenomen.
2
17
10 (en 6)
50 Plus
We zien een nadeel van € 4,3 miljoen in de kosten voor regionale jeugdzorg, terwijl de instroom in specialistische zorg (segment 1) daalt maar in andere segmenten stijgt. Hoe verklaart het college dat ondanks daling in hoog-specialistische jeugdzorg de totale kosten en aantallen in andere segmenten toenemen, welke concrete maatregelen worden genomen om deze verschuiving financieel beheersbaar te houden en wat verwacht het college op termijn als het hier gaat om hoog-specialistische hulp die nu niet geboden wordt?
26
10 en 24
50 Plus
61
10 en andere (alle overhevelingen)
CDA
116
10 en andere (alle overhevelingen)
CDA
Minimaregelingen laten een (pag 24: structureel) nadeel van € 0,6 miljoen zien door stijgend gebruik en hogere kosten. Acht het college de huidige minimaregelingen financieel en beleidsmatig houdbaar, en welke keuzes worden voorbereid als deze stijgende lijn zich doorzet? Hoe voorkomt we dat doorgeschoven investeringen, groeiende organisatiecapaciteit en vertraagde ICT/projectuitvoering leiden tot een boeggolf die Tilburg financieel en uitvoerend overvraagt? Hoe voorkomt we dat doorgeschoven investeringen, groeiende organisatiecapaciteit en vertraagde ICT/ projectuitvoering leiden tot een boeggolf die Tilburg financieel en uitvoerend overvraagt?
Op pagina 53 van de jaarstukken is het tekort van € 4,3 miljoen op hoofdlijn toegelicht: “Het verwachte nadeel van € 4,4 miljoen wordt met name verklaard door: • Een nadeel van € 1,2 miljoen op segment 1 door een hoger aandeel van cliënten voor Tilburg. Regionaal is er een lichte afname van het aantal cliënten. Door een geringe stijging in Tilburg neemt het aandeel van Tilburg toe en draagt Tilburg een groter deel bij aan de lumpsumfinanciering van segment 1; • Een nadeel van € 1,6 miljoen op segment 4. We zien de aantallen indicaties toenemen en daarnaast zien we dat er intensievere en langere trajecten worden ingezet in segment 4. Deze ontwikkeling heeft zich in sterkere mate doorgezet dan bij de 2e prognose is voorzien; • Een aantal kleinere afwijkingen op overige inkoop van jeugdzorg en uitvoeringskosten. Een nadere duiding is gegeven via de gebruikelijke raadsinformatiebrief die in maart aan de raad is verstrekt.” In de begroting 2026 heeft het College aangegeven hoe zij wil sturen op verbetering zowel de transformatie van de jeugdhulp als beheersing van de kosten. Conform de landelijke hervormingsagenda wordt ingezet op het verminderen van individuele specialistische ondersteuning en zorg naar het verstevigen van het samen leven (de sociale en pedagogische basis).
In 2026 wordt in drie wijken geëxperimenteerd met andere wijze van organisatie van de toegang en andere wijzen van ondersteuning. Dit is een politieke vraag en wordt niet beantwoord via deze weg.
Dit onderwerp heeft de aandacht van de organisatie. Binnen de gehanteerde systematiek worden kredieten vanaf de Jaarstukken 2025 strikter beoordeeld op de fasering in de tijd. In dit kader is bepaald dat nog niet gerealiseerde kredieten niet langer automatisch worden doorgeschoven naar het daaropvolgende jaar, maar per individueel geval worden beoordeeld en, indien dit kan, worden hergeprogrammeerd naar latere jaren. In de Jaarstukken 2025 bedraagt het totaal aan restantkredieten € 49 miljoen. Hiervan is € 40 miljoen doorgeschoven naar 2026 en € 9 miljoen naar 2027 en latere jaren. Dit onderwerp heeft de aandacht van de organisatie. Binnen de gehanteerde systematiek worden kredieten vanaf de Jaarstukken 2025 strikter beoordeeld op de fasering in de tijd. In dit kader is bepaald dat nog niet gerealiseerde kredieten niet langer automatisch worden doorgeschoven naar het daaropvolgende jaar, maar per individueel geval worden beoordeeld en, indien dit kan, worden hergeprogrammeerd naar latere jaren.
NR. VRAAG
2
PAG.
PP
VRAAG
42
101
50 Plus
107
101
LT
Leegstand; …”in deze cijfers zitten ook de meters die als gevolg van de stedelijke ontwikkeling komen te vervallen in de Pieter Vreedestraat, Schouwburgpromenade en het Koningsplein. In totaal betreft dit 4000 M2.”; Deze zin schept wat onduidelijkheid, hoe moeten wij dit interpreteren?
108
101
LT
43
105
50 Plus
Had aanvullende uitvoerings/handhavingscapaciteit tot betere uitvoer van de leegstandsverordening kunnen leiden? Het aantal woningen blijft fors achter. Hoe gaan we dat inlopen?
44
107
50 Plus
Heeft Tilburg boven wettelijke regels voor bouwvergunningen ? zo ja, welke?
75
109
GL/PvdA
109
109
LT
110
109
LT
De studie naar de Ringbaan Zuid was nog niet afgerond. Is dat nu wel het geval? Per wanneer kunnen maatregelen worden genomen en kan de snelheid van 70 naar 50 km per uur? “Door onderbezetting in capaciteit is de tweede pilot Trouwlaan nog niet gestart” Op 7 april jl. bericht het College over het ondertekenen van de “Bestuursovereenkomst Snelfietsroute TilburgGoirle-Hilvarenbeek” die ook via de Trouwlaan gaat lopen. Tot de pilots is indertijd besloten om meer inzicht te krijgen in de mogelijkheden de fietsveiligheid Trouwlaan te verbeteren. Zeker voor een snelfietsroute is fietsveiligheid essentieel. Op welke wijze en wanneer wordt alsnog gestart met deze pilots en de noodzakelijke ingrepen/ verbeteringen aan de Trouwlaan? Voldoende ruimte voor economische ontwikkeling en werken; Wanneer is het “revolverend fonds” actief en inzetbaar en blijft dit fonds beperkt tot “watergebonden en waterverbonden bedrijven” of zijn deze middelen ook inzetbaar op andere bedrijventerreinen? Zo neen, welke (financiële) middelen zijn beschikbaar voor revitalisering van andere bedrijventerreinen die geen “link” hebben met water?
85
109
VVD
Leegstaande panden binnenstad van 63-73 wat gaan we eraan doen om dit te keren?
In de jaarstukken lezen we dat de regie-organisatie nog niet ingericht is omdat de ontwikkelingen op deelmobiliteit achterblijven. Wat zijn de effecten
ANTWOORD: In de Jaarstukken 2025 bedraagt het totaal aan restantkredieten € 49 miljoen. Hiervan is € 40 miljoen doorgeschoven naar 2026 en € 9 miljoen naar 2027 en latere jaren. De stijging van het aantal leegstaande panden geeft een vertekend beeld: ook geplande leegstand (Koningsplein, Pieter Vreedestraat, Schouwburgring) zijn in deze cijfers meegenomen. Met de brancheringsaanpak zijn we actief aan de slag gegaan met de aanpak van leegstand. Deze aanpak zetten we voort. We zien nu ook dat panden die al wat langer leegstaan weer invulling krijgen. Het aantal m2s leegstand wordt in kaart gebracht door onderzoeksbureau Locatus. Zij geven per stad aan hoeveel verkooppunten er zijn in een gebied, om hoeveel m2s het gaat, wat de verdeling is per branche en hoeveel van deze panden er leeg staan (aantal en m2s). Zij zijn echter niet op de hoogte van stedelijke ontwikkelingen in een gebied en beoordelen alleen of een pand leegstaat of niet. Op dit moment nemen zij de panden aan de Pieter Vreedestraat, het Koningsplein en de Schouwburgpromenade mee in het overzicht van leegstaande bedrijfspanden. Deze panden staan echter leeg vanwege de herontwikkeling in deze gebieden. Het betreft hier dus geplande leegstand, waarbij er sprake is van een (toekomstige) functiewijziging. De leegstandsaanpak van commerciële panden is complex en is niet op te lossen met extra handhavingscapaciteit.
Het is namelijk vaak niet uit luxe dat de panden leeg staan We hebben afgesproken toe te groeien naar oplevering van 2.000 woningen per jaar. Dit doen we door nieuwbouw, maar ook door beter benutten van de bestaande voorraad. Deze ontwikkeling zetten we voort met onze doorbouwstrategie. Redenen voor vertraging zijn divers. Oplossingen zijn maatwerk, waarin onze doorbouwstrategie ons faciliteert. De bovenwettelijke regels voor bouwen in Nederland zijn vastgelegd in de Omgevingswet en het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl). Deze regels zijn bedoeld om de veiligheid, gezondheid, duurzaamheid en bruikbaarheid van gebouwen te waarborgen. Ze omvatten onder andere eisen aan constructieve veiligheid, brandveiligheid, geluidhinder, waterdichting, afvoer van afvalwater en energieprestatie. Wij kunnen specifieke aanvullende eisen opleggen via het Omgevingsplan en lokaal beleid. Deze gelden dan lokaal en omvatten dus geen verdere bovenwettelijke regels. We gaan in 2027 de VRI’s vervangen omdat dit absoluut noodzakelijk is voor de doorstroming gedurende de werkzaamheden aan de RBW. We onderzoeken nu hoe de snelheidsverlaging in deze periode (2027) technisch mogelijk gemaakt kan worden, zonder daarbij de doorstroming te frustreren tijdens de werkzaamheden aan de RBW. Op dit moment zijn de voorbereidingen van de nieuwe pilot gestart.
Een nieuwe startdatum wanneer de pilot op straat wordt uitgevoerd is nog niet af te geven. Dat komt omdat de participatie nog plaats moet vinden en in de planning van de wegwerkzaamheden moet voldoende tijd beschikbaar zijn om een goede en zuivere proef uit te kunnen voeren.
De inrichting van dit fonds wordt uiterlijk Q2 2026 vastgesteld en ter besluitvorming voorgelegd aan uw raad. Het fonds is uitgebreid toegelicht en betreft een afspraak met de rijksoverheid en de provincie in verband met de investeringen in het Wilhelminakanaal. Het betreft watergebonden en -verbonden kavels. Daarmee is de inzetbaarheid gekoppeld aan het water, maar niet uitsluitend beperkt tot kavels die direct aan het kanaal gelegen zijn. Voor kavels en terreinen die geen enkel verband hebben met het water is het fonds revitaliseren bedrijventerreinen passend, kan het fonds stedelijke ontwikkeling (FSO) in sommige situaties worden benut of kan het college in sommige gevallen gebruik maken van het mandaat voor strategische verwervingen of de raad vragen hierover een besluit te nemen. Het fonds revitaliseren bedrijventerreinen is volledig benut, hierbinnen zijn niet langer geoormerkte middelen beschikbaar. Ook binnen het FSO zijn geen middelen specifiek voor dit doel geoormerkt. Wanneer de raad dat belangrijk vind, dan zal zij daartoe aanvullende middelen ter beschikking moeten stelen of het college kunnen vragen hiervoor een voorstel uit te werken. Het achterblijven van de ontwikkelingen op gebied van deelmobiliteit heeft geen directe invloed op de netwerkanalyse. De ontwikkeling in de openbare ruimte loopt inderdaad minder snel dan vooraf verwacht.
Daarnaast loopt de inzet van deelmobiliteit bij projecten minder snel dan voorspeld, omdat de opleverdata van de verschillende
NR. VRAAG
PAG.
PP
3
11
FvD
76
111
GL/PvdA
111
118
LT
VRAAG
ANTWOORD:
van het achterblijven van de ontwikkeling op deelmobiliteit op onze parkeerstrategie en netwerkanalyse aangezien bij deze documenten deelmobiliteit als belangrijke pijler onder het beleid is geplaatst?
ontwikkelingen later zijn dan verwacht. Zowel de netwerkanalyse als de parkeerstrategie gaan uit van de groei van de stad en bevatten maatregelen om te waarborgen dat deze groei niet ten koste gaat van de leefbaarheid en bereikbaarheid van Tilburg. Wanneer die groei minder snel is dan voorspelt, en hierdoor deelmobiliteit later een vlucht neemt is dat dan ook geen risico. De verschillende maatregelen (lopen, fiets, OV, deelmobiliteit en parkeren) hangen met elkaar samen. Sturen op het één heeft invloed op het ander. De verwachting blijft dat we in 2040 een uitgebreid pakket van maatregelen hebben die ervoor zorgen dat de stad leefbaar en bereikbaar blijft. Op basis van de huidige planning is deelmobiliteit een integraal onderdeel van die maatregelen.
In de tekst is sprake van: “De afname van vermogen en afname van de solvabiliteit is in lijn met het beeld wat we zien in de meerjarenbegroting.” Terwijl het eigen vermogen is toegenomen en slechts de solvabiliteit is afgenomen. Deze lijken me niet consistent. Welke van de twee klopt? De tweede geldstroom is significant hoger. Klopt het dat er dus meer huurwoningen zijn verkocht dan voorgaande jaren? Kan er een overzicht komen van het aantal door de corporaties verkochte huurwoningen in de afgelopen drie jaar?
Het juiste is dat het eigen vermogen is toegenomen en alleen de solvabiliteit is afgenomen. In de andere zin is per abuis onterecht vermeld dat het eigen vermogen afneemt.
In de Regionale samenwerkingen geeft het college zelf aan dat het niet bevorderlijk is voor de helderheid in besluitvorming. Wat heeft het college gedaan en gaat het college doen om de Raad hiervoor beter in positie te brengen? Graag concrete toetsbare acties.
De betreffende passage doelt o.a. op het fysieke domein waarbij het bovenregionale schaalniveau van SRBT (Stedelijke Regio Breda-Tilburg) aan betekenis heeft gewonnen (o.a. afspraken maken met het Rijk op het gebied van wonen, mobiliteit) en er dus een verschuiving is van samenwerking op het schaalniveau van regio Hart van Brabant naar samenwerking op het schaalniveau van SRBT. Het Rijk kijkt ook naar regio's als het schaalniveau waar opgaven samen komen. Voor samenwerking op strategische vraagstukken in de fysieke leefomgeving in Hart van Brabant is SRBT het meest relevante regionale schaalniveau. Binnen SRBT is vastgelegd hoe de samenwerking bestuurlijk is ingericht en de raad is daarover geïnformeerd. De raad wordt periodiek bijgepraat en in positie gebracht voor besluitvorming. Bijvoorbeeld bij de vaststelling van de Ontwikkelstrategie SRBT. We zijn met de samenwerkende gemeenten in SRBT (als lichte netwerksamenwerking) nog wel zoekende hoe we de samenwerking naar de toekomst toe verder willen vormgeven (‘metropoolregio’) en welke governance daar het meest passend bij is, met oog voor de democratische legitimatie (politieke sturing en controle door colleges en gemeenteraden).
Nee, de stijging van de tweede geldstroom wordt niet veroorzaakt door een toename van het aantal verkochte huurwoningen. Het aantal verkopen is over de jaren heen relatief stabiel. De hogere opbrengst wordt voornamelijk verklaard door een stijging van de woningwaarden, waardoor de bijdrage, die wij per verkochte woning ontvangen, is toegenomen. Sinds 2025 monitoren wij het aantal verkochte huurwoningen structureel op basis van afspraken in het Convenant Wonen om beter zicht te houden op de ontwikkeling van de voorraad. Vorig jaar verkochten de corporaties 33 DAEB huurwoningen (sociale huur) en 17 niet DAEB huurwoningen (middenhuur). Het exacte aantal door corporaties verkochte woningen in voorgaande jaren is terug te vinden in de jaarverslagen van de corporaties.
Voor de brede regionale samenwerking in Hart van Brabant hanteren we de volgende uitgangspunten: regionaal samenwerken om lokale ambities te realiseren, en om complexe opgaven gezamenlijk op te pakken; sobere en doelmatige governance; heldere betrokkenheid van gemeenteraden. Ten aanzien van de regionale samenwerking in Hart van Brabant wordt de raad via regionale radenavonden geïnformeerd over belangrijke ontwikkelingen op regionale schaal. De RaadsAdviesCommissie (RAC) van Regio Hart van Brabant vervult een verbindende schakel tussen de regio en de eigen gemeente. Tilburg vaardigt een lid en plaatsvervangend lid af in de RAC. De raad wordt betrokken in besluitvorming over en is in de gelegenheid om zienswijzen mee te geven aan het Algemeen Bestuur Hart van Brabant ten aanzien van de kadernota en begroting, net als voor de Kernagenda. Ook is periodieke afstemming met de portefeuillehouder(s) over belangrijke regionale ontwikkelingen en regionale samenwerking (domeinen/opgaven) binnen de reguliere raadscyclus mogelijk.
3
86
119
VVD
45
122
50 Plus
46
123
50 Plus
Interventies vanuit Tilburg Noord moeten verder verankerd worden. Om hoeveel interventies gaat dit? En wanneer verwachten we dit te realiseren? Publieke dienstverlening. Doelen en indicatoren zij iets gezakt i.p.v. gestegen. Wat gaan we daar aan doen? Wanneer gaan de Tilburgers het internetportaal "Mijngemeenten” krijgen? En zijn er andere
Op pagina 10 t/m 16 van de Gebiedsagenda Tilburg Noord staan per opgave activiteiten beschreven die we in 2026 met verschillende organisaties en inwoners(organisaties) voortzetten of waar we samen aan gaan werken. De technische beantwoording voor de vraag is als volgt: Het vraagt continu aandacht om de kwaliteit van de dienstverlening van de gemeente op niveau te houden. We investeren continu in het verbeteren van de kwaliteit van de gemeentelijke dienstverlening. Dit doen we door gericht procesverbeteringen door te voeren op plekken waar we zien dat de de kwaliteit van onze dienstverlening aandacht vraagt. Verschillende andere gemeenten bieden inwoners & ondernemers (ook) persoonlijke internetportalen. De volwassenheid hiervan en de rijkheid aan functionaliteiten kent de nodige verscheidenheid.
NR. VRAAG
77
PAG.
123
PP
GL/PvdA
VRAAG gemeentes waarbij het wel gelukt is? Dus ja, kijken we daar ook naar om mee te liften? De doorontwikkeling van MijnGemeente komt al een aantal jaar terug als pijnpunt. Worden hier nu de juiste stappen in genomen? Wat is de planning om tot een volwaardig en goed werkende MijnGemeente te komen?
78
123
GL/PvdA
Ondanks de wettelijke termijn, voldoet de gemeente nog niet aan de Wet Modernisering Elektronisch Bestuurlijk Verkeer (Wmebv). Per wanneer gaan we wel volledig voldoen? Is het genoemde actieplan reeds gereed?
47
126
50 Plus
Fixy app, (nr13) blijft zakken. Wat gaan we daaraan doen?
14
129
GL/PvdA
79
129
GL/PvdA
Tijdens de informatiebijeenkomst is gevraagd om een toelichting op het verschil tussen het bruto voordeel op het gemeentefonds van € 7,3 miljoen en het netto voordeel van € 5,3 miljoen. De uitkering van het gemeentefonds heeft een totaal voordeel van 8.696, kan er meer uitleg gegeven worden over hoe het verschil in het brutobedrag voor 2025 (7.3 miljoen) het nettobedrag (5.3 miljoen) en het totaal genoemde voordeel van afgerond 8.7 miljoen tot stand is gekomen?
ANTWOORD:
Inwoners & ondernemers hebben sinds 2015/2016 de beschikking over portaal “MijnGemeente”. Doorontwikkeling van dit portaal ligt echter al jaren stil. Binnen afdelingen DVL en DIT bestaat as we speak het initiatief om de doorontwikkeling van de grond af te krijgen. Hierbij kijken zij naar zowel landelijke ontwikkelingen (en standaarden) als lokale behoeften. Mits we de randvoorwaarden krijgen georganiseerd, moet in de eerste helft van 2027 een planning beschikbaar zijn en werkzaamheden ook daadwerkelijk zijn gestart. In 2025 hebben we het inzicht in de huidige situatie verkregen en onder andere het aanwijzingsbesluit vastgesteld, ten behoeve van de aanwijzing van voorkeurskanalen voor formele producten en diensten. In Tilburg hebben we de afgelopen jaren veel stappen gezet binnen de digitale dienstverlening, waardoor we aan veel verplichtingen van de WMEBV reeds voldoen. In de komende maanden gaan we met de afdelingen aan de slag om de overige onderdelen aan te pakken. Hierbij is de denken aan de inrichting van digitale kanalen en technische vereisten als logging. Binnen de aanpak maken we, waar mogelijk, de verbinding naar lopende projecten (zoals implementatie Burgerzaken applicatie). De technische beantwoording voor de vraag is als volgt: Het klanttevredenheidscijfer voor de Fixi app heeft in 2025 meer aandacht gekregen.
Zo is de keten Meldingen Openbare Ruimte opnieuw ingericht door een ketenregisseur, is een onderzoek gestart voor de verbetering van de Fixi-applicatie en heeft de aandacht voor de klantbeleving van de applicatie een prominentere plaats binnen Klantgedreven Dienstverlening gekregen. Deze vraag is dubbel. Zie het antwoord op vraag 79.
Het brutobedrag van € 8.696 heeft betrekking op meerdere uitkeringsjaren en kan als volgt uitgesplitst worden: - uitkeringsjaar 2022 N 306 - uitkeringsjaar 2023 V 1.387 - uitkeringsjaar 2024 V 284 - uitkeringsjaar 2025 V 7.331 Totaal gemeentefonds V 8.696 Tegenover deze hogere baat zijn in de jaarrekening ook extra uitgaven verwerkt tot een bedrag van 3.393. Het nettoeffect bedraagt dan 5.303 (8.696 -/- 3.393). Deze extra uitgaven staan verspreid over meerdere velden. Bij de betreffende posten is aangegeven dat hier dekking vanuit het gemeentefonds tegenover staat. Zie bijvoorbeeld de melding inzake Compensatie belastingmaatregelen medewerkers Diamant-groep op het veld Passende ondersteuning: Werk en Inkomen.
Jaarstukken 2025, p.41 onderaan
4
19
13
50 Plus
Is er een beeld hoeveel senioren er een AIOuitkering hebben
87
131
VVD
48
136
50 Plus
De opbrengst uit de afvalstoffenheffing ligt € 312.000 lager dan begroot en deze afwijking wordt voornamelijk veroorzaakt door een toename in het aantal bezwaar- en verzoekschriften. Op welke manier is dit een verklaring voor de lager opbrengst? Wat doet het ISMS?
Voor inwoners met onvolledige AOW-rechten bestaat de mogelijkheid om een aanvulling te krijgen via de Aanvullende Inkomensondersteuning Ouderen (AIO). Deze regeling wordt uitgevoerd door de Sociale Verzekeringsbank (SVB) en is een vorm van bijstandsverlening. In november 2025 zijn er 850 inwoners vanaf de AOW gerechtigde leeftijd die een bijstandsgerelateerde uitkering ontvangen (NB: het betreft voorlopige cijfers vanuit CBS). Bron: https://tilburg.incijfers.nl/dashboard/uitkeringen--participatieEen toename in het aantal toegekende bezwaar- en verzoekschriften leidt tot minder opbrengsten bij de afvalstoffenheffing. Omdat een opgelegde aanslag dan (deels) wordt teruggedraaid.
Een ISMS (Information Security Management System) is een samenhangend geheel van beleid, processen en maatregelen waarmee een organisatie haar informatie en gegevens structureel beschermt tegen risico’s zoals datalekken, cyberaanvallen en ongeautoriseerde toegang. Het ondersteunende systeem geeft inzicht in de stand van
NR. VRAAG
PAG.
PP
VRAAG
ANTWOORD: zaken met betrekking tot informatiebeveiliging. Richting de Cyberbeveiligingswet is het voeren van een ISMS verplicht omdat met het ISMS de zorgplicht van een gemeente kan worden aangetoond.
49
136
50 Plus
50
137
50 Plus
Kunnen we het verbeterplan informatiehuishouding op orde krijgen? De Cyberbeveiligingswet (CBW) is nieuwe wetgeving op basis van een Europese verordening. Deze CBW verplicht organisaties met een hoog maatschappelijk belang om haar informatiebeveiliging goed en aantoonbaar te borgen. Voor gemeenten is deze nieuwe CBW ook van toepassing. Het CBW is niet geactiveerd. Welke risico’s lopen we als gemeente? Hoeveel stagiaires waren er in 2024?
20
15
50 Plus
51
156
50 Plus
Hoger bijstandsvolume. Zijn de aantallen bekend van statushouders, beperkte arbeidsmogelijkheden en beperkte opnamecapaciteit?
22
16
50 Plus
We zien het aantal ouderen afnemen, is er ook een senioren beleid bv van 50 jaar?
4
16
FvD
Zie * bij Gezondheidsmonitor Jeugd; Waarom is er nog geen publicatie van de 2024 meting? Deze zou in het voorjaar 2025 gepubliceerd zijn.
21
16, 17, 19, 21
50 Plus
Er wordt stevig ingezet op preventie (zie sociale basis, bestaanszekerheid, gezondheid), maar indicatoren zoals eenzaamheid en mentale gezondheid blijven ons zorgen baren.Hoe meet het college concreet de effectiviteit van de genomen preventieve maatregelen, en wanneer zijn aantoonbare resultaten te verwachten in vermindering van zwaardere zorgvragen?
Het Verbeterplan Informatiehuishouding op orde wordt samen met het inspectieverslag van de gemeentearchivaris binnenkort aangeboden aan het college en vervolgens aan de raad. Gemeente Tilburg volgt al jaren de voor overheid voorgeschreven Baseline Informatiebeveiliging Overheid. Deze baseline schrijft maatregelen voor die wij implementeren om onze weerbaarheid op het gebied van informatiebeveiliging te versterken. Deze BIO was al toegespitst op de aankomende Cyberbeveiligingswet. Dat landelijk de nieuwe CBW nog niet is geactiveerd is levert vanwege onze voorbereiding en aanpak geen extra risico's op voor onze gemeente. De Cyberbeveiligingswet is voor Gemeente Tilburg loopt geen directe risico's door het ontbreken van een actieve Cyber Beveiligingswet (CBW) omdat wij niet wachten op wet- en regelgeving voor het borgen van onze informatiebeveiliging. Hierbij volgen we de landelijke Baseline Informatiebeveiliging Overheid die inmiddels toegespitst is op deze nieuwe CBW. In 2024 hadden we in totaal 307 stagiaires. Hieronder staat de verdeling naar LBO/VBO/VMBO, MBO, HBO en WO.
Er zijn geen exacte aantallen bekend omdat hier niet op geregistreerd wordt. Voor statushouders wordt aanvullend opgemerkt dat onze informatie zich beperkt tot de inburgeringsstatus en geen inzicht geeft in nationaliteitsverwerving. Het begrip statushouder geldt voor personen met een verblijfsvergunning asiel en loopt in de praktijk door tot het moment van naturalisatie (nationalteitsverwerving). Daarmee loopt het dus ook door na einde inburgeringsplicht. Wij hebben wel zicht op het aantal inwoners dat nog inburgeringsplichtig is volgens de wetten WI 2013 en WI 2021. Op 19 mei 2026 zijn er 673 inburgeringsplichtigen (individuen) met een P-wetuitkering (625 inburgeringsplichtigen WI 2021 en 48 inburgeringsplichtigen WI2013). Het aantal ouderen neemt niet af, maar neemt juist nog zeker tot 2040 toe. Zie hiervoor Tilburg in Cijfers - Gemeente Tilburg. Daar is ons huidige programma GGoud op toegespitst. Verlaging naar een leeftijd van 50 jaar is niet wenselijk omdat je vanaf die leeftijd nog niet wordt gezien als een oudere. Wel richten we ons met de campagne 'Vandaag voor later' op de doelgroep 55 - 67 jaar. Hierbij prikkelen we deze doelgroep om zich voor te bereiden op ouder worden De Gezondheidsmonitor Jeugd brengt de gezondheid, het welzijn en de leefstijl van Nederlandse middelbare scholieren in kaart.
Alle GGD’en, GGD GHOR Nederland en het RIVM voeren samen dit onderzoek uit. Normaal vindt elke 4 jaar een meting plaats. Er heeft geen meting plaatsgevonden in 2024. De nieuwste resultaten komen uit de Gezondheidsmonitor Jeugd 2023. In het najaar van 2026 vindt een nieuwe meting plaats. We volgen de effectiviteit van preventieve maatregelen via een combinatie van kwantitatieve en kwalitatieve monitoring. We kijken onder meer naar ontwikkelingen in indicatoren zoals eenzaamheid, mentale gezondheid, participatie en het gebruik van (zwaardere) zorg. Tegelijkertijd realiseren wij ons dat het meten van preventie complex is: effecten zijn vaak pas op langere termijn zichtbaar en worden beïnvloed door meerdere factoren buiten de directe invloed van gemeentelijk beleid. Specifiek op het thema mentale gezondheid monitoren we de voortgang via bestaande gezondheids- en jeugdmonitoren en signalen uit het veld. Daarnaast evalueren we dit jaar het Actieplan Mentale Gezondheid voor alle jongeren 2023–2026. De raad wordt hierover begin 2027 geïnformeerd, inclusief de bereikte resultaten en geleerde lessen. Verder passen wij bij diverse subsidies de systematiek van impactgericht subsidiëren toe. Daarbij wordt in de verantwoording nadrukkelijker gekeken naar de maatschappelijke impact van activiteiten, waaronder preventieve effecten.
Aantoonbare effecten in de vorm van een afname van zwaardere zorgvragen verwachten wij met name op de middellange termijn. We blijven de raad hierover periodiek informeren, met oog voor zowel meetbare uitkomsten als duiding van de onderliggende ontwikkelingen.
5
6
NR. VRAAG
PAG.
PP
VRAAG
ANTWOORD:
88
162
VVD
Het risico wordt laag ingeschat om twee redenen: 1. Samen met Sweco (een ingenieursbureau met specialisten in de riooltechniek) zijn we een kwaliteitsonderzoek aan het doen naar de staat alle vrijverval riolering in onze gemeente; 2. Na de calamiteit in 2024 hebben we meteen extra inspecties uitgevoerd in risico riolen en dat herhalen we jaarlijks. Daarbij zijn we niet de aantasting tegengekomen die we op Kraaiven zien. Tegelijkertijd hebben we natuurlijk te maken met een ouder wordend riool. Dat betekent dat er een vervangingsopgave aan komt. Deze brengen we in beeld en hier komen we op terug in het nieuwe Programma Water en Riolering (PWR) 2028-2030.
52
167
50 Plus
Risico 14: Ouder worden riool en begin vervanging riool uit de wederopbouw. Deze wordt als laag ingeschat. Waar is deze inhoudelijk op gebaseerd? In een recente raadsbijeenkomst bleek juist dat er een andere manier van onderzoek nodig is omdat de huidige methode onvoldoende geschikt blijkt waardoor de slijtage IJpelareweg te laat ontdekt is. Graag een stukje reflectie vanuit dat perspectief op de indicatie laag. Kunstwerken. Is er een beeld van welke kunstwerken aan het einde levensduur zijn en kunnen we dat krijgen?
23
17
50 Plus
Waarom eenzaamheidscijfers maar t/m 2022?
24
19
50 Plus
Er zijn zeker resultaten bereikt. Deze kunt u teruglezen in het verslag programma GGoud januari 2024 - juni 2025 dat onlangs door het college naar de gemeenteraad is gestuurd.
25
19
50 Plus
GGOUD er zijn meer gesprekken gevoerd, de vraag is zijn er ook resultaten bekend? GGOUD, urgentie campagne is hoog, er is een begin gemaakt , maar hoe gaan we dat doen?
27
20
50 Plus
Openstelling in weekend MFA’s. welke afspraken zijn er over gemaakt?
28
20
50 Plus
Sterke toename naar vraag naar ontmoetingsplekken, hoeveel geld is hiervoor nodig om dit op te pakken?
29
20
50 Plus
Bestaanszekerheid, is er bekend hoeveel mensen er in aanmerking zouden komen voor AIO uitkering?
89
20
D66
‘Er is een sterke toename van verzoeken voor ontmoetingsplekken en/of -activiteiten binnen de subsidieregeling ‘versterken sociale netwerken’,
In afstemming met Contour de Twern is afgesproken om weekendopenstellingen in Tilburg Noord te realiseren, waarbij het moet gaan om activiteiten met een open karakter, toegankelijk voor alle wijkbewoners die bijdragen aan gemeenschapszin, sociale samenhang en participatie en/of samenwerking tussen verschillende bewonersgroepen in de wijk. Hierbij hangt de indicatie van een bedrag sterk af van het type ontmoetingsplek, en of het gaat om nieuwe ontmoetingsplekken of de vernieuwing en/of ondersteuning van bestaande plekken. Voor de ondersteuning en versterken van huidige ontmoetingsplekken, inclusief beheer en buurtverbinders en daarnaast voor het verhogen van de subsidieplafond van de IGS regeling Sterke sociale netwerken is een structurele financiering van €1,2 miljoen nodig. Als het gaat om uitbreiding van het aantal ontmoetingsplekken is er bovenop deze €1,2 miljoen een bedrag nodig tussen de €700.000 en €3.000.000. Dit is een bandbreedte, omdat er verschillende situaties mogelijk zijn. Van uitbreiden naar de minimale referentiewaarden volgens het onderzoek ‘Bouwsteen ruimte voor maatschappelijke voorzieningen’ tot een situatie waarin we tegemoet komen aan alle behoeften vanuit diverse gebiedsvisies en – agenda's. In dit bedrag zitten dan nog geen eventuele bouwkosten.
Voor inwoners met onvolledige AOW-rechten bestaat de mogelijkheid om een aanvulling te krijgen via de Aanvullende Inkomensondersteuning Ouderen (AIO). Deze regeling wordt uitgevoerd door de Sociale Verzekeringsbank (SVB) en is een vorm van bijstandsverlening. In november 2025 zijn er 850 inwoners vanaf de AOW gerechtigde leeftijd die een bijstandsgerelateerde uitkering ontvangen (NB: het betreft voorlopige cijfers vanuit CBS). Bron: https://tilburg.incijfers.nl/dashboard/uitkeringen--participatieWe zien deze toename al een aantal jaren; ontmoeting is een belangrijk (politiek) thema dat ook aandacht krijgt in de wijken. Dat levert meer vragen op. Het is zowel een toename aan nieuwe initiatieven als bestaande initiatieven die (meer) geld vragen. De behoefte is wisselend, maar vaak wordt er gevraagd om professioneel beheer, ook bij
Dat hangt af van de definitie die je geeft aan einde levensduur. Een kunstwerk kan technisch gezien einde levensduur zijn maar nog steeds een belangrijke functie in de stad of de directe omgeving vervullen. Als we ons beperken tot de technische definitie. Dus kunstwerken die of grondig gereviseerd (of weggehaald) moeten worden gaat het om 2 werken. Between you and Me op het plein voor het Factorium en Het Draaiend Huis. De discussie rondom Het Draaiend Huis achten wij bekend. Between You and Me zal worden verwijderd en er komt een ander kunstwerk terug op het Stadsforum. De eenzaamheidscijfers voor 2024 zijn bekend. Echter, was er geen aansluiting te vinden tussen de indeling in de jaarrekening en het tabellenboek van de GGD monitor. Om die reden zijn de cijfers voor 2024 niet opgenomen in de jaarrekening. Voor de volledigheid hieronder de cijfers uit de GGD monitor: % Inwoners dat eenzaam is 12 - 18 jaar: 29% (2023) % Inwoners dat eenzaam is (2024): 19 – 64 jaar: 46% 65+: 50% % heeft mensen om op terug te vallen bij narigheid (aspecten van eenzaamheid) (2024): 19 – 64 jaar: 71% 65+: 63% % Inwoners dat matig tot veel regie over eigen leven heeft (18+) (2024): 88%
Doorgaan op weg die we hebben ingeslagen. In samenwerking met onze partners gesprekken voeren met inwoners om bewustwording te creëren op diverse plekken in de stad zoals in het ETZ Elisabeth, LocHal en in wijkcentra. De professionals van samenwerkingspartners de campagne boodschap laten meenemen als ze in contact zijn met de inwoner: “Begin tijdig met voorbereiden op fijn oud worden”. Zichtbaarheid via media zoals mupi’s, facebook, stadsnieuws, radiospot en supermarktscherm.
NR. VRAAG
7
PAG.
PP
VRAAG
ANTWOORD:
meer dan binnen het vastgestelde plafond beschikbaar was.’ Is er een verklaring voor die toename, waar zit de behoefte en voor welk bedrag waren aanvragen die niet zijn toegekend? ‘Uit onze bevindingen bleek dat dit niet heeft geleid tot een groter bereik van doelgroep peuters.’ Betekent dit dat alle peuters die gebruik maken van deze regeling hiervoor ook al in de peuteropvang zaten? Er wordt gesproken over een nieuwe website om laagdrempelig in contact te komen met inwoners met schulden. Wordt hier Wegwijs in Welzijn mee bedoeld of een andere website? Kan er een specificatie komen van de onderzoekskosten naar SuperDome en van de extra uitvoerings- en marketingkosten van het evenement Shorttrack? Zijn de extra kosten voor shorttrack uit het Topsportfonds betaald?
organisaties die dit voorheen met vrijwilligers regelden. In de bijlage bij de raadsbrief “Uitkomst subsidieregeling versterken sociale netwerken 2026” is een overzicht opgenomen met de aanvragen (die voldoende zijn gehonoreerd) waarvoor geen budget was. Dit gaat om € 508.607,00,- voor 2026. Bijlage+Raadsbrief+subsidies+2026+IGS+Versterken+Sociale+Netwerken+(1) Het klopt dat we geen effect zien op de bereikcijfers in de vve. We kunnen geen causaal verband vaststellen, maar doen wel de aanname dat de ouders die gebruik maken van de pilot ook voor vve hadden gekozen als er geen financiële compensatie was.
90
21
D66
67
22
GL/PvdA
63
23
GL/PvdA
64
23
GL/PvdA
Hoe komt het dat een deel van de incidentele middelen bij sportstimulering niet zijn begroot?
65
23
GL/PvdA
53
238
50 Plus
Wat is de stand van zaken mbt het onderzoek ivm reëel ramen (exploitatie sportbedrijf)? Is er al een plan voor wet integrale suïcidepreventie? Dus ja mogen we dat ontvangen?
99
24
LT
54
251
50 Plus
55
252
50 Plus
56
256
50 Plus
'Een geraamde bijdrage aan het initiatief van ouderen voor een ontmoetingsruimte in het centrum kon niet worden ingezet...' Hoe hoog was de geraamde bijdrage en blijft dit bedrag beschikbaar in de komende periode? In nr 4: “We organiseren bijeenkomsten om met inwoners in gesprek te gaan om bestaanszekerheid verder te verbeteren”. Hoeveel bijeenkomsten hebben plaatsgevonden en welke verbeteringen zijn daaruit voortgekomen?
Nr 9: Realisatiekracht vergroten door ambities in lijn te brengen met beschikbare capaciteit is een continu aandachtspunt. Zijn er voorbeelden waarbij de ambities daadwerkelijk zijn aangepast naar aanleiding van de beschikbare capaciteit? Zo ja welke? Servicenormen: waarom is afname producten wat betreft % klanten dat binnen 2 werkdagen een afspraak heeft in 2024 en 2025 niet meetbaar,
Hiermee wordt Wegwijs in Welzijn bedoeld.
Er is een opdracht verstrekt aan een extern onderzoeksbureau voor de haalbaarheid van de Superdome. De kosten bestaan uit de facturering o.b.v. deze opdracht. De extra kosten voor het evenement shortrack betreffen met name uitvoeringskosten in het kader van aanpassing van de tribune, de huur van een waterinstallatie en gemeentelijke representatiekosten (toegangstickets/horeca). De extra kosten die per saldo (lasten -/- baten) tot een nadeel van de shortrack leiden zijn binnen bestaande middelen van de binnensportexploitatie betaald en daarmee niet uit het Topsportfonds. Deze incidentele middelen zijn tijdens het opstellen van de begroting nog niet definitief bekend, of heeft er nog geen besluitvorming plaatsgevonden. De hier tegenoverstaande lasten (m.n. personele inzet) worden om dezelfde reden ook niet begroot. Hier wordt in het lopende begrotingsjaar flexibel op ingespeeld. Hoewel het in een aantal gevallen jaarlijks terugkerende (fluctuerende) financiële stromen zijn, is hier begrotingstechnisch lastig op voorhand op in te spelen. Streven is om bijbehorende begrotingsaanpassingen bij de Najaarsbijstelling 2026 mee te nemen, dan wel de Begroting 2027 voor de structurele effecten. De raad is in november 2025 geïnformeerd over het plan van aanpak suicidepreventie. Op dit moment wordt er uitvoering gegeven aan dit plan.
Eind 2026 volgt er een eerste terugkoppeling en verdere toelichting voor de komende jaren. Het betreft hier Heuvelring 130 in Tilburg. De subsidie was vastgesteld door het college maar uiteindelijk is er geen subsidie verleend omdat de aanvragers zich hebben teruggetrokken. De middelen zijn niet meer beschikbaar. In de jaarrekening 2025 is het voordeel gemeld en is het restant budget vrijgevallen ten gunste van de algemene middelen.
In 2025 hebben we het boekje "Hulp bij laag inkomen” gemaakt. We hebben in het voorjaar van 2025 in een wijkcentrum ongeveer 25 inwoners gesproken en een groep die een taalcursus volgde. Op basis van de input hebben we het logo van de gemeente toegevoegd en QR codes toegevoegd. Voor het opstellen van het uitvoeringsplan hebben we een bijeenkomst georganiseerd waarbij ook drie ervaringsdeskundigen/inwoners aanwezig waren. De input van ervaringsdeskundigen/inwoners en maatschappelijke partners hebben we verwerkt in het uitvoeringsplan Bestaanszekerheid 2026-2027. Bijvoorbeeld door een aanpak voor werkgevers op te nemen in het plan van aanpak werkende armen. Bij Wereldarmoededag waren we gastheer van een lunch voor circa 20 inwoners georganiseerd door Quiet. Zij gaven bijvoorbeeld aan actief geïnformeerd te willen worden bij wijzigingen van een klantregisseur. Dat hebben we meteen geïmplementeerd. Voor het inrichten van het Bouwdepot voor kwetsbare jongeren (jongeren krijgen iedere maand leefgeld) hebben we advies ingewonnen bij de expertgroep dakloze jongeren. Hun advies om geen jongeren toe te laten met een verslaving, hebben we overgenomen. Dit onderwerp heeft de aandacht van de organisatie. Binnen de gehanteerde systematiek worden kredieten vanaf de Jaarstukken 2025 strikter beoordeeld op de fasering in de tijd.
In dit kader is bepaald dat nog niet gerealiseerde kredieten niet langer automatisch worden doorgeschoven naar het daaropvolgende jaar, maar per individueel geval worden beoordeeld en, indien dit kan, worden hergeprogrammeerd naar latere jaren. In de Jaarstukken 2025 bedraagt het totaal aan restantkredieten € 49 miljoen. Hiervan is € 40 miljoen doorgeschoven naar 2026 en € 9 miljoen naar 2027 en latere jaren.
Zie antwoord vraag 8
NR. VRAAG
12
8
PAG.
256
PP
VRAAG
CDA
terwijl dat in 2023 wel meetbaar was (en voor 2025 wel een streefwaarde van 90 % gold) Tijdens de informatiebijeenkomst is gevraagd om een toelichting op de servicenorm voor de kwijtschelding van gemeentelijke belastingen.
Tijdens de informatiebijeenkomst is gevraagd om een toelichting op de servicenorm voor de kinderopvang vergoeding eigen bijdrage. De servicenorm gemeentelijkebelastingen kent een streefwaarde van 95%. Deze is de afgelopen jaren niet meetbaar. Wat is hiervan de reden dat deze niet is gemeten?
ANTWOORD:
Toelichting servicenorm 2024: is eerder bij de beantwoording vragen JR24 al gegeven: In 2024 is sprake geweest van huurtoeslagproblematiek in samenhang met kwijtschelding gemeentelijke belastingen. Door de verhoging van de huurtoeslag kon het namelijk voorkomen dat inwoners niet meer in aanmerking kwamen voor kwijtschelding. De afhandeling van verzoeken kwijtschelding van inwoners die huurtoeslag ontvangen, stond in heel Nederland on-hold totdat het Rijk op 1 mei 2024 met een oplossing kwam. Dit heeft ervoor gezorgd dat de servicenorm niet behaald is. Alle inwoners die het betrof zijn geïnformeerd over de vertraging in afhandeltermijn. Voor meer informatie over de problematiek zie https://vng.nl/nieuws/oplossing-voor-ongewenst-effect-verhoging-huurtoeslag Toelichting servicenorm 2025: was op het moment van aanleveren gegevens niet bekend. Nu wel. Realisatie is 71%. Reden: in 2025 kregen we te horen dat Bureau Informatiedienst Nederland toetsingen van decentrale overheden niet langer ondersteund per 1 juni 2025, als het een 2.0 versie (systeemupgrade) bevat. Iedere decentrale overheid moest dus over zijn gestapt naar de zo genoemde Kwijtschelding 3.0. Genoemde systeemupgrade naar 3.0 heeft vervolgens pas per 16-10-2025 plaatsgevonden. De overgang naar een nieuwe versie heeft gevolgen gehad voor de servicenorm.
Het gaat om een relatief klein aantal aanvragen (49) waarbij het vaak lang duurt om de benodigde informatie te verkrijgen die nodig is voor de berekening. In 2026 voeren we een aantal procesaanpassingen door om de doorlooptijd te versnellen. Toelichting servicenorm 2025: was op het moment van aanleveren gegevens niet bekend. Nu wel. Realisatie is 71%. Reden: in 2025 kregen we te horen dat Bureau Informatiedienst Nederland toetsingen van decentrale overheden niet langer ondersteund per 1 juni 2025, als het een 2.0 versie (systeemupgrade) bevat. Iedere decentrale overheid moest dus over zijn gestapt naar de zo genoemde Kwijtschelding 3.0. Genoemde systeemupgrade naar 3.0 heeft vervolgens pas per 16-10-2025 plaatsgevonden. De overgang naar een nieuwe versie heeft gevolgen gehad voor de servicenorm.
13
256
CDA
57
256
CDA
58
256
CDA
De servicenorm voor kinderopvang eigen bijdrage heeft een streefwaarde van 95% deze is 65% wat is de oorzaak en welke acties worden genomen om de streefwaarde te halen?
Het gaat om een relatief klein aantal aanvragen (49) waarbij het vaak lang duurt om de benodigde informatie te verkrijgen die nodig is voor de berekening. In 2026 voeren we een aantal procesaanpassingen door om de doorlooptijd te versnellen.
112
256
CDA
De servicenorm gemeentelijkebelastingen kent een streefwaarde van 95%. Deze is de afgelopen jaren niet meetbaar. Wat is hiervan de reden dat deze niet is gemeten?
113
256
CDA
De servicenorm voor kinderopvang eigen bijdrage heeft een streefwaarde van 95% deze is 65% wat is de oorzaak en welke acties worden genomen om de streefwaarde te halen?
Toelichting servicenorm 2025: was op het moment van aanleveren gegevens niet bekend. Nu wel. Realisatie is 71%. Reden: in 2025 kregen we te horen dat Bureau Informatiedienst Nederland toetsingen van decentrale overheden niet langer ondersteund per 1 juni 2025, als het een 2.0 versie (systeemupgrade) bevat. Iedere decentrale overheid moest dus over zijn gestapt naar de zo genoemde Kwijtschelding 3.0. Genoemde systeemupgrade naar 3.0 heeft vervolgens pas per 16-10-2025 plaatsgevonden. De overgang naar een nieuwe versie heeft gevolgen gehad voor de servicenorm. Het gaat om een relatief klein aantal aanvragen (49) waarbij het vaak lang duurt om de benodigde informatie te verkrijgen die nodig is voor de berekening. In 2026 voeren we een aantal procesaanpassingen door om de doorlooptijd te versnellen.
8
256
FvD
Op rij: ‘Afname producten’ bij Servicenormen: Waarom is dat niet meetbaar in 2024 en 2025? Kan er een toelichting toegevoegd worden?
80
256
GL/PvdA
59
259
CDA
114
259
CDA
Waarom is de indicator van kwijtschelding gemeentelijke belastingen niet bekend?
We hebben 543 aansprakelijkstellingen gehad in 2025. Hoeveel hiervan waren terecht? Hoe ontwikkelt de ratio terechte en onterechte aansprakelijkstellingen zich in de afgelopen jaren? We hebben 543 aansprakelijkstellingen gehad in 2025. Hoeveel hiervan waren terecht? Hoe ontwikkelt de ratio terechte en onterechte aansprakelijkstellingen zich in de afgelopen jaren?
De servicenorm voor het tijdig kunnen maken van een afspraak is in 2024 en 2025 niet meetbaar. Onze systemen ondersteunen geen structurele en objectieve meting van de termijn waarbinnen inwoners een afspraak kunnen inplannen. In het verleden is hier incidenteel handmatig op gecontroleerd via de website, maar deze willekeurige momentopnamen zijn onvoldoende betrouwbaar om over te rapporteren. Toelichting servicenorm 2025: was op het moment van aanleveren gegevens niet bekend. Nu wel. Realisatie is 71%. Reden: in 2025 kregen we te horen dat Bureau Informatiedienst Nederland toetsingen van decentrale overheden niet langer ondersteund per 1 juni 2025, als het een 2.0 versie (systeemupgrade) bevat. Iedere decentrale overheid moest dus over zijn gestapt naar de zo genoemde Kwijtschelding 3.0. Genoemde systeemupgrade naar 3.0 heeft vervolgens pas per 16-10-2025 plaatsgevonden. De overgang naar een nieuwe versie heeft gevolgen gehad voor de servicenorm. Deze vraag is dubbel. Zie het antwoord op vraag 114.
In 2025 zijn 481 aansprakelijkstellingen afgehandeld (peildatum: afhandeldatum). Daarvan waren 102 zaken erkend (21,2%), 378 afgewezen (78,6%) en 1 zaak ingetrokken. De trend van de afgelopen 5 jaar laat zien dat het aandeel erkende claims de afgelopen jaren vrij stabiel is (tussen circa 21% en 27%), waarbij 2025 aan de onderkant van deze bandbreedte ligt.
NR. VRAAG
PAG.
PP
VRAAG
ANTWOORD: Het genoemde aantal van 543 betreft het aantal ingekomen aansprakelijkstellingen in 2025 op basis van registratiedatum. Voor het bepalen van de uitkomst wordt uitgegaan van dossiers die in een jaar zijn afgehandeld, omdat tussen ontvangst en afhandeling tijd kan zitten. De termen ‘terecht’ en ‘onterecht’, zoals gebruikt in de vraagstelling, corresponderen in deze context met respectievelijk erkend en afgewezen.
9
260
FvD
81
274 e.v.
GL/PvdA
10
277
FvD
De stijging van het aantal bezwaren wordt vooral verklaard door één omvangrijk omgevingsrechtelijk dossier. Welk dossier is dat? In het overzicht van reserves ontbreekt een flink deel van de reserves waardoor de concrete mutaties per reserve niet te zien zijn. Denk aan de Reserve Natuurontwikkeling, de Reserve Digitalisering en Klantgedreven Dienstverlening, de RIO etc. Waarom wordt hier slechts een deel van de reserves met mutaties getoond en niet alle reserves met mutaties? Waarom staan er bij ‘onttrekkingen’ twee positieve bedragen bij ‘Fasering plan van aanpak energiearmoede’ en ‘fasering energie incidenteel’?
Jaren Afgewezen Erkend Ingetrokken Totaal 2021 283 71% 110 27% 8 2% 401 2022 302 77% 87 22% 4 1% 393 2023 400 75% 126 24% 4 1% 530 2024 367 76% 116 24% 3 1% 486 2025 378 79% 102 21% 1 0% 481 Totaal 1730 76% 541 24% 20 1% 2291 De bulkzaak voor het cluster omgevingsrecht in 2025 was de bezwaarschriftprocedure inzake de verleende omgevingsvergunningen voor het kappen van bomen aan de Cityring (Parkring). Er zijn circa 300 bezwaren ingediend. Voor deze specifieke bijlage geldt dat de gemeenteraad zelf bepaalt welke reserves, inclusief de bijbehorende uitgaven voor het betreffende jaar, in de jaarstukken worden opgenomen. Daarnaast is in de toelichting op de balans (pagina’s 207 tot en met 211) een integraal overzicht opgenomen van alle reserves, inclusief het doel van de reserves en de stand per 31 december 2025.
De positieve bedragen onder ‘onttrekkingen’ zijn correcties op bedragen die eerder voor 2025 waren opgenomen. Deze bedragen worden doorgeschoven naar 2026. Omdat een onttrekking aan de reserve in dit overzicht met een minteken wordt weergegeven, staat het terugdraaien daarvan als positief bedrag vermeld. Voor het plan van aanpak energiearmoede wordt de volledige onttrekking van € 1,719 miljoen doorgeschoven. Daardoor is het saldo in 2025 € 0. Voor energie incidenteel wordt € 1 miljoen doorgeschoven. Van de oorspronkelijke onttrekking van € 1,753 miljoen blijft in 2025 daardoor € 753.000 over. Deze verwerking is correct meegenomen in de Najaarsbijstelling 2025.
9
30
28
50 Plus
Uit de tabel blijkt dat het aantal werkzoekenden met een WW-duur > 12 maanden in de periode 2024 – 2025 is gestegen, evenals het aantal met een WW-duur van 6-12 maanden. Hetzelfde geldt voor het aantal met een WWduur < 6 maanden. Kan het college voor zowel 2024 als 2025 aangeven om hoeveel werkzoekenden in de drie “duur-categorieën” het naar leeftijd gaat, bij voorkeur onderverdeeld in < 50 jaar, 50-55 jaar, 56-60 jaar, 60+?
In onderstaande tabel staan de aantallen werkzoekenden met een WW-uitkering in 2024 en 2025, uitgesplitst naar uitkeringsduur en leeftijdscategorie.
5
29
FvD
Een achterstand van 191 statushouders nemen we mee naar 2026.
91
30
D66
Huisvesting statushouders: Hoeveel achterstand nemen we in totaliteit mee naar 2026? Laaggeletterdheid: Is er zicht op hoeveel laaggeletterdheid toeneemt en hoeveel personen door de inzet van de gemeente en partners worden bereikt? Oftewel, hoeveel meer mensen zouden moeten worden bereikt?
De meest recente CBS-cijfers over laaggeletterdheid zijn nog niet beschikbaar. Het is lastig om een exact bereik te bepalen, omdat de aanpak breder is dan alleen cursisten, zoals ook de inzet op duidelijke communicatie en preventie. Daarnaast bieden werkgevers zelf soms trajecten aan waar geen volledig zicht op is. Binnen het beschikbare budget worden jaarlijks zoveel mogelijk mensen bereikt en ondersteund. Uit impactmetingen blijkt dat de mensen die deelnemen aan het aanbod daadwerkelijk vooruitgang boeken. Tegelijkertijd blijft de instroom van mensen met lage basisvaardigheden bestaan, onder andere door een complexere samenleving en
NR. VRAAG
PAG.
PP
VRAAG
ANTWOORD: jongeren die het onderwijs verlaten met onvoldoende basisvaardigheden. Hier is binnen de aanpak nadrukkelijk aandacht voor.
10
68
30
GL/PvdA
Op welke wijze gaat de gewenste versterking en mogelijk uitbreiding van de aanpak van laaggeletterdheid vorm krijgen? Wat is daarvoor nodig?
100
30/32
LT
Laaggeletterdheid; toename van het aantal mensen met beperkte basisvaardigheden (31 % tussen 17 en 75 jaar op taal en rekenen). Hoe verklaart u die toename en is er een verband met “Taal 52” en het stopzetten vanwege “onvoldoende effectiviteit voor nieuwkomers”? Op welke wijze gaat u dit probleem aanpakken?
11
306
FvD
Typo in de definitie van de afkorting DNA: Desoxyribonuleïnezuur moet zijn: Desoxyribonucleïnezuur. Kan dit gecorrigeerd worden? Wat moeten wij verstaan onder “de aanpak van arbeidsmigranten” en waardoor zijn deze hogere kosten veroorzaakt? ‘Er is sprake van oplopende wachttijden’: kan worden aangeven wat de wachttijden nu zijn en hoezeer deze zijn toegenomen?
101
33
LT
92
37
D66
69
37
GL/PvdA
Er wordt gesproken over oplopende wachttijden bij onderzoeken, oplopende wachttijden voor ZIN en voor ondersteuning 18+. Wat is de huidige stand van zaken qua wachttijden voor de verschillende routes? Hoe wordt gewerkt aan verbetering?
31
38/39
50 Plus
33
41
50 Plus
Zien veel meldingen die te maken hebben met ongewenst gedrag met als antwoord: schending niet aangetoond” .Hoe kunnen we medewerkers helpen omdit eenvoudiger te maken cq wat moet men doen? Het bijstandsuitkeringsbestand bestaat uit 6.525, een stijging tov 2024. Kan voor 2024 en 2025 een onderverdeling gemaakt worden in leeftijdscategorieën en bijstandsduur? Leeftijdsklassen < 50 jaar, 50-55 jaar, 56-60 jaar en >60 jaar. Bijstandsduur > 12 maanden, 6-12 maanden, < 6 maanden.
Door een bezuiniging van 10% vanuit het Rijk wordt de aanpak van laaggeletterdheid niet uitgebreid. Binnen de beschikbare middelen zetten we sterker in op samenwerking met arbeidsmarkt en werkgevers, onder andere via de tijdelijke subsidie Leven Lang Ontwikkelen onder penvoerderschap van Yonder, om meer mensen te bereiken en te ondersteunen bij het verbeteren van basisvaardigheden. De aanpak wordt verder versterkt door slimme verbindingen, zoals het opnemen van basisvaardigheden in de nieuwe Lokaal Educatieve Agenda in koppeling met de aanpak voor volwassenen (gezinsaanpak). Daarnaast vergroten we de aandacht voor begrijpelijke communicatie en toegankelijke systemen bij werkgevers en (overheids)organisaties. De toename van mensen met lage basisvaardigheden hangt samen met een complexere samenleving en het feit dat een groeiende groep jongeren het onderwijs verlaat met onvoldoende lees- en rekenvaardigheden. Landelijk scoren we lager op basisvaardigheden, waardoor hier in het onderwijs extra aandacht voor is. Er is geen verband met het stoppen van Taal52. Dit is opgegaan in vakantiescholen om een dip in taalonderwijs in het primair onderwijs te voorkomen.
De aanpak richt zich op een brede, gezamenlijke verantwoordelijkheid: van voorschoolse educatie tot volwassenonderwijs, met een gezinsgerichte aanpak en betere afstemming tussen kinderopvang, onderwijs, taalnetwerk en partners. Is gecorrigeerd.
Dit betreft personele kosten om te komen tot een integrale aanpak arbeidsmigratie. In deze aanpak wordt gekeken welke inzet in Tilburg nodig is om te komen tot betere woon- werk en leefomstandigheden voor arbeidsmigranten. Sinds begin 2024 zijn de gemiddelde wachttijden opgelopen van 31 dagen naar 47 dagen eind 2025. De wachttijd verschilt aanzienlijk per klantstroom. In nauwe samenwerking met Toegang Tilburg wordt, waar de wachttijden de norm overschrijden, op verschillende manieren gewerkt aan terugdringen ervan. Door processen slimmer in te richten (verkorte routes), formatie op orde te krijgen, tijdelijke extra inzet van personeel enzovoort. De wachttijden op de verschillende klantstromen zijn onverminderd hoog en daarmee ook nadrukkelijk onder de aandacht bij de gemeente. De gemiddeld gewogen wachttijd over alle klantstromen bedroeg in het vierde kwartaal van 2025 47 dagen maar verschilt aanzienlijk per klantstroom. In nauwe samenwerking met Toegang Tilburg wordt, waar de wachttijden de norm overschrijden, op verschillende manieren gewerkt aan terugdringen ervan. Door processen slimmer in te richten (verkorte routes), formatie op orde te krijgen, tijdelijke extra inzet van personeel enzovoort. We zien ‘schending niet aangetoond’ als meldingen onvoldoende concreet of feitelijk zijn. Medewerkers worden ondersteund met duidelijke richtlijnen voor meldingen.
Als er staat ‘schending niet aangetoond’ dan is er vaak een ordegesprek geweest.
In onderstaande tabellen is een onderverdeling gemaakt naar leeftijd en uitkeringsduur. Als gevolg van mutaties met terugwerkende kracht, wijkt het aantal uitkeringen (iets) af ten opzichte van de aantallen zoals opgenomen in de Jaarstukken. Jaar 2024 (stand 31 december) Leeftijd
Aantal uitkering
< 50 jaar
3712
50-55 jaar
1003
56-60 jaar
889
> 61 jaar
853
Totaal
6457
NR. VRAAG
PAG.
PP
VRAAG
ANTWOORD: Uitkeringsduur
Aantal
< 6 mnd
784
6-12 mnd
638
> 12 mnd
5035
Totaal
6457
Jaar 2025 (stand 31 december) Leeftijd
Aantal uitkering
< 50 jaar
3816
50-55 jaar
976
56-60 jaar
905
> 61 jaar
875
Totaal
6572
Uitkeringsduur
32
11
41
50Plus
34
45
50 Plus
70
45
GL/PvdA
93
53
D66
Op blz 41 wordt een uitkeringsbestand van 6.525 aangegeven. Op blz 44 (tabelwaarstaatjegemeente.nl) een aantal personen met een bijstandsuitkering van 443,8 per 10.000 inwoners. Bij ca 230.000 inwoners zou dat betekenen ca 10.200. Hoe is dit verschil te verklaren?
Hoeveel wachttijd is er momenteel voor aanvraag huishoudelijke hulp wmo. De wachtlijst beschermd wonen blijft toenemen. Wat is de huidige stand van zaken van deze wachttijd? ‘Regionaal is er een lichte afname van het aantal cliënten.’ Is er een verklaring voor de regionale afname en stijging in Tilburg?
Aantal
< 6 mnd
806
6-12 mnd
640
> 12 mnd
5126
Totaal
6572
De cijfers van waarstaatjegemeente hebben betrekking op het aantal personen. De cijfers over het uitkeringsbestand betreft het aantal uitkeringen. Een huishouden, dat uit meerdere personen kan bestaan, telt in de cijfers over het uitkeringenbestand maar mee als 1 uitkering. Verder wordt opgemerkt dat de cijfers, zoals nu opgenomen in de Jaarstukken, niet correct zijn. De juiste cijfers zijn: 2022 = 381,4 ; 2023 = 369,2 ; 2024 = 375,8 en 2025 = 369,0. Vanuit de VNG hebben wij op 19 mei 2026 de volgende toelichting hierover ontvangen: Tijdens een controle eind januari van dit jaar met een nieuwe update van de data, werd geconstateerd dat de BBV-indicator zoals deze was berekend, gebaseerd was op de bevolking van 18 jaar en ouder, en dus niet op de totale bevolking. Aangezien de eenheid dient te zijn "aantal per 10.000 inwoners", hebben we de berekeningswijze gewijzigd naar het delen door de totale bevolking. Het blijkt dat de indicator begin 2023 door ons op een verkeerde manier is gewijzigd: dus tussen begin 2023 en begin 2026 is de indicator op een afwijkende manier gepresenteerd (per 10.000 inwoners van 18 jaar en ouder, in plaats van per 10.000 inwoners). Daardoor wijken de eerdere cijfers die zijn opgenomen in de Jaarstukken af van de huidige weergave: het verschil zit in de deling door het totaal aantal inwoners, versus het aantal inwoners van 18 jaar en ouder.
De reeks die nu in Waarstaatjegemeente.nl is opgenomen is dus de juiste. De langst wachtende heeft op 15 maart 2026 een melding gemaakt en wacht op een afspraak met Toegang Tilburg voor het maken van een afspraak voor een keukentafelgesprek. Dit is dus op het langst 2 maanden. Op de wachtlijst stonden eind 2025 145 personen. De gemiddelde wachttijd was 105 dagen. (Bron: jaarrapportage 2025 Siem) Het aantal cliënten in zorg is het resultaat van instroom, doorstroom en uitstroom. We zien op verschillende klantstromen een forse stijging van de instroom. Als het gaat om Wmo-PGB bijvoorbeeld is de hoge instroom in de laatste kwartalen van 2025 het resultaat van het afstoten door Siem van een aantal onderaannemers. Dit heeft geleid tot een bulk aan PGB-aanvragen bij de Toegang. (NB: nadere analyse is nodig om hier echt iets zinnigs over te kunnen zeggen. Het is dan ook nodig om in te zoomen op de verschillende klantstromen (in- door- en uitstroom).
NR. VRAAG
PAG.
PP
VRAAG
ANTWOORD:
35
55
50 Plus
Veiligheidsgevoel in de avond is wederom afgenomen, is duidelijk hoe dat komt?
6
50 Plus
97
6/7
LT
De Toegang ziet een stijging van het aantal jeugdigen in ondersteuning. Hoe verhoudt de stijgende instroom bij lichte ondersteuning zich tot het beleidsdoel om zwaardere zorg te voorkomen(korte termijn denken versus lange termijn) en ziet het college hier een voorbode van verdere druk op de jeugdzorg? Dit ook gezien de huidige problematiek binnen Plein013 met mogelijk grote consequenties op het jeugdzorgbudget. “In 2025 hebben wij verder gebouwd aan de kwaliteit van onze leefomgeving”; hoe verklaart u dat de resultaten hiervan niet zichtbaar zijn in de kwaliteitsbeoordeling door onze inwoners m.bt. veiligheid, veiligheidsgevoel, overlast, leegstand en verloederde panden, onderhoud openbare ruimte etc.?
Het veiligheidsgevoel in de avond is licht afgenomen op basis van de Lemon. Dit instrument geeft vooral inzicht op buurtniveau; stedelijke cijfers zijn daarvoor te algemeen. De daling is slechts in enkele buurten significant en de oorzaken kunnen per buurt verschillen, waardoor er geen eenduidige verklaring is. Opvallend is dat het veiligheidsgevoel overdag stabiel blijft en ervaren criminaliteit zelfs iets is afgenomen. Dit laat zien dat veiligheidsbeleving niet één-op-één samenhangt met feitelijke cijfers. Daarnaast past de ontwikkeling in Tilburg binnen een bredere landelijke trend van afnemend veiligheidsgevoel. Mogelijke verklaringen liggen in algemene factoren zoals media-invloed, maatschappelijke onrust en veranderingen in sociale cohesie, maar deze geven geen direct, lokaal sluitend antwoord. Eén van de opdrachten van Toegang Tilburg is primair het mee organiseren van oplossingen in het netwerk van gezinnen en jeugdigen eventueel met behulp van inzet van voorzieningen in de sociale basis. Als dat niet kan biedt de Toegang zelf lichte (laagdrempelige) hulp en ondersteuning zodat de inzet van geïndiceerde gespecialiseerde jeugdhulp zo veel als mogelijk, kan worden voorkomen. De stijging van het aantal jeugdigen dat ondersteuning krijgt binnen de Toegang past bij de beweging die we nastreven.