CConstaterende datTilburg
Koppel je AI →
Document · PDF

Vragen en antwoorden Jaarstukken 2024 versie 22 mei 2025 - op pagina Jaarstukken

Raadsvergadering 26 mei 2025, gemeente TilburgBij agendapunt: Raadsvoorstel Jaarstukken 2024 (besluitvorming)14.249 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

zij

Nr. vraag 63

Pag.

PP

Vraag:

Antwoord:

6

PvdA

Pagina 6 staat dat de uitstroom naar regulier werk vanuit OAD in Tilburg 23% bedraagt. Kan er inzicht gegeven worden in de cijfers van voorgaande jaren? Is er een bron waarin dit percentage kan worden vergeleken met andere gemeenten?

99

6

LT

Gymlessen op de basisscholen: welk bereik heeft dat? Alle klassen in alle scholen?

De KikMaat-gemeenten zijn op 1 januari 2023 gestart met ontwikkelgerichte arbeidsmatige dagbesteding. Dat jaar gold als overgangsjaar, waarin inwoners geleidelijk overstapten van de oude naar de nieuwe indicatie. Om trends goed te kunnen volgen, is vooral het monitoren van de resultaten in 2024, 2025 en verder van belang. Vanaf de start tot heden rondden 236 kandidaten uit de KikMaat-gemeenten hun OADtraject af. Van hen stroomden er 56 (23,7%) door naar betaald werk, een opleiding of vrijwilligerswerk. Hoewel er landelijk nog weinig vergelijkingscijfers beschikbaar zijn over de doorstroom vanuit (arbeidsmatige) dagbesteding, wordt hier binnen het landelijke programma Simpel Switchen actief aan gewerkt. Een uitdaging op dit vlak is dat resultaten van verschillende regio’s niet goed één-op-één met elkaar te vergelijken zijn, vanwege verschillen in aanpak en omstandigheden. Zo spelen onder meer de samenstelling van de doelgroep, de zwaarte van de ondersteuningsbehoefte en de duur van de trajecten een rol. In het Akkoord is de ambitie opgenomen om op alle Tilburgse basisscholen een combinatiefunctionaris sport in te zetten. Op dit moment bereiken we daarin 47 van de 56 basisscholen. Er zijn 9 basisscholen die op een andere manier in de gymlessen voorzien.

Op de basisscholen waar een combinatiefunctionaris actief is, wordt minimaal 1 les per week bewegingsonderwijs verzorgd voor groep 3 tot en met 8. Afhankelijk van de keuze die door de school wordt gemaakt, wordt ook een tweede gymles verzorgd. Vaak kiezen de scholen er ook voor om de combinatiefunctionaris in te zetten voor gymles voor groepen 1 en 2 (kleuters), maar daartoe zijn zij niet verplicht aangezien alle groepsleerkrachten bevoegd zijn om deze groepen zelf les te geven. -----Voor heel Tilburg is de doelstelling en ambitie om met zes medewerkers bestaanszekerheid te werken, dit is inclusief de drie extra medewerkers voor Noord en West.

--Drie extra medewerkers bestaanszekerheid voor Noord en West: wat is de uiteindelijke ambitie en doelstelling, hoeveel medewerkers voor Tilburg als geheel? 100

6 + 25

LT

kosteloos gebruik van de peutervoorziening als geen recht bestaat op kinderopvangtoeslag. Wat is nog nodig voor de verbreding naar ouders die wel kinderopvangtoeslag ontvangen?

We komen tot de conclusie dat nader onderzoek meer inzicht moet geven op deze doelgroep (ouders met een peuter met een inkomensgrens tot 120% van het sociaal minimum die recht hebben op kinderopvangtoeslag) en de drempels die zij ervaren voor deelname aan VVE alvorens een keuze te maken voor een best passend scenario. Op korte termijn wordt dit verder toegelicht in een collegenota en raadsbrief.

101

6 + 17

LT

ouderen die niet voldoen aan de beweegrichtlijn: een dalende tendens. Waar schort het nog aan, na de nieuwe aanpak "bewegen voor ouderen"?

64

7

PvdA

pagina 7 staat dat het een uitdaging is om te voldoen aan de Europese Dienstenrichtlijn: hoe ziet deze uitdaging eruit?

65

7

PvdA

pagina 7 staat het behalen van het doel van omvormen 3 inclusieve speelplekken. Blijft dit doel komende jaren om ieder jaar 3 inclusieve speelplekken te maken of stopt deze ambitie op een bepaald moment?

De trend is dat beweeg en sport deelname dalende is in heel Nederland voor volwassenen. Een trend ombuigen is zeer lastig en kost tijd. De uitbreiding bij het Sportbedrijf van de inzet op bewegen voor ouderen is een paar maanden geleden gestart. In de volgende GGD monitor kunnen we wellicht al eerste effecten van deze inzet terugzien in de cijfers. Staanplaatsvergunningen zijn op grond van de meest recente jurisprudentie schaarse vergunningen en vallen onder de Europese Dienstenrichtlijn. Dit betekent onder meer dat staanplaatsvergunningen niet voor onbepaalde tijd mogen worden verleend. Tegelijk is het wenselijk dat de termijn zodanig is, dat staanplaatshouders hun investering in hun wagens kunnen terugverdienen, waarvoor van overheidswege een termijn van tussen de 10 en 15 jaar reëel wordt geacht. Daarnaast wenst Tilburg beperkingen aan bakken en braden en beperkingen voor de verkoop van ongezonde producten. Dit is in strijd met de Dienstenrichtlijn, volgens welke het opleggen van beperkingen niet zomaar mag. Het huidige beleid en de verordening zijn verouderd en voldoen niet aan de Dienstenrichtlijn en worden op dit moment geactualiseerd. Naar aanleiding van motie ‘Toegankelijke speelplekken voor iedereen’ van november 2022 is in de Programmabegroting 2024 opgenomen om in 2024 en 2025 vijf speelplekken per jaar inclusief te maken.

In 2024 hebben we 3 inclusieve speelplekken gerealiseerd en in 2025 volgen er nog 7. Daarmee is de opdracht afgerond.

78

7

LT

Citaat; “Hogere kwalitatieve beleving openbare ruimte”, waarop is dit gebaseerd en concreet zichtbaar in cijfers?

Dit is gebaseerd op de nieuwe inrichting van het Stadsforum en de mogelijkheden die het gebied nu heeft om te verblijven en evenementen te organiseren. Het Stadsforum levert een bijdrage aan een hogere kwalitatieve beleving van de openbare ruimte, omdat er minder doorgaand verkeer is, we bomen hebben geplant op het Willemsplein, we kwalitatief goede materialen hebben toegepast en er ruimte is voor de markt, de kermis en andere evenementen. Dit is niet concreet zichtbaar in cijfers.

zij

Nr. vraag 79

Pag.

PP

Vraag:

Antwoord:

8

LT

Citaat; ”een revolverend fonds voor revitalisering onderzocht”, wat heeft dit onderzoek opgeleverd en zijn hier financiële middelen voor beschikbaar?

Dit onderzoek brengt in beeld welke vormen er zijn voor een revolverend fonds revitalisering. De geadviseerde voorkeursvariant werken we nu (2025) uit. Alleen voor deze uitwerking zijn middelen beschikbaar; er zijn geen middelen beschikbaar voor een eventueel in te stellen revolverend fonds.

80

8

LT

Citaat; “Hoewel de objectieve veiligheid in Tilburg groot is in vergelijking met andere steden”, waarop is dit gebaseerd?

81

8

LT

82

8

LT

Citaat (vervolg op vraag 3); “…komt dit niet overeen met het subjectieve veiligheidsgevoel van onze inwoners. Dit is nader onderzocht.”; wat heeft dit onderzoek opgeleverd? Wij ontvangen graag dit onderzoek! Citaat; “…stevige posities in lobbydossiers zoals….Delta Rhine Corridor”; heeft deze stevige positie ook al resultaat opgeleverd voor de aansluiting van Tilburg op het waterstofnetwerk en zo ja, is dit ook gerealiseerd bij de geplande afronding (2031-2033) van dit project?

Dit is gebaseerd op de openbare politiegegevens (https://data.politie.nl/). Met name het aantal geweldsmisdrijven, digitale criminaliteit en overlastincidenten is in Tilburg lager dan in andere vergelijkbare gemeenten. De indicatoren die we gebruiken bij de jaarstukken en begroting zijn gebaseerd op deze bron. Op dit moment wordt een literatuuronderzoek uitgevoerd naar de oorzaken van onveiligheidsgevoelens. We verwachten dat dit onderzoek medio 2025 is afgerond. Zodra het onderzoek is afgerond, zullen we de raad hierover informeren. De “stevige positie in het lobbydossier Delta Rhine Corridor (DRC)” richt zich met name op het veiligheidsaspect op het spoor vanwege het vervoer van gevaarlijke stoffen. Voor de DRC is onderzocht of deze stoffen ook via buisleidingen vervoerd konden worden, maar hiervoor is niet tijdig een haalbare businesscase tot stand gekomen. Het Rijk heeft daarom in december vorig jaar besloten om de aanleg van de DRC te starten met uitsluitend waterstof en CO2. Samen met onder andere de gemeente Eindhoven en de Provincie blijven wij in gesprek met het Rijk om aandacht te blijven vragen voor dit onderwerp en hier vervolg aan te geven. Daarnaast zijn we in gesprek met o.a. geïnteresseerde bedrijven in onze regio, de Gasunie, Enexis en de Provincie Noord-Brabant over de mogelijkheden voor een regionaal waterstofnetwerk, dat aftakt van de DRC.

Met deze partijen voeren wij gezamenlijk lobby richting zowel het ministerie van Klimaat en Groene Groei (KGG) als de Gasunie, om deze regionale aftakking mee te nemen bij de aanleg van de DRC. Deze gesprekken zijn volop gaande. Op pagina 43 van de Jaarstukken 2024 is een toelichting opgenomen op deze afwijking. Zie: lagere uitgaven persoonsgebonden budget (PGB) € 1.064.000 voordelig. Nee, de middelen komen niet vanuit het Tilburg Ondersteuningsfonds. Deze afwijking komt door incidentele rijksmiddelen uit de specifieke uitkering Energiearmoede waardoor de gemeentelijke middelen niet benodigd zijn. Zie hiervoor ook de melding op 2.30 klimaat.

1

10

50PLUS

Waarom 1,1 V op PGB overgehouden?

2

10

50PLUS

Op energiearmoede 1,0 V over komt dat vanuit de TOF?

3

10

50PLUS

Verduurzamen gemeentelijk vastgoed 0,5V is dat vanwege het niet vergroenen Stadhuis en Stadskantoor?

Nee, dit betreft 0,5 miljoen voordeel als gevolg van toekenning van de Europese Elena subsidie. Deze subsidie ziet op onze voorbereidende werkzaamheden om het maatschappelijk vastgoed te verduurzamen.

89

10

GL

Er zijn minder wijzigingen geweest in de omgevingplannen. Komt dit omdat er voor de deadline van de nieuwe omgevingswet veel plannen zijn ingediend of zijn er zelfs als we deze plannen 'meetellen' minder plannen ingediend?

Voor 1 januari 2024 zijn inderdaad veel ontwerp-bestemmingsplannen in procedure gebracht, die in 2024 zijn vastgesteld. Voor de initiatieven die in 2024 zijn ingediend en afwijken van het omgevingsplan is veelal gebruik gemaakt van het instrument ‘vergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit (bopa)’. Dat is ook de reden dat er minder wijzigingen in het omgevingsplan zijn geweest. Momenteel zijn ruim 25 wijzigingen van het omgevingsplan in voorbereiding. Circa de helft hiervan zal dit jaar in procedure gebracht worden (in ontwerp ter visie leggen).

4

12

50PLUS

Wat betekent onbenutte belastingcapaciteit

De onbenutte belastingcapaciteit geeft aan in hoeverre de gemeente nog ruimte heeft om lokale belastingen – zoals de onroerendezaakbelasting (OZB) – te verhogen, zonder de door het Rijk vastgestelde maximale normen te overschrijden.

5

12

50PLUS

Waarom geen kerngegevens groep 50 – 65 jaar?

De gemeente Tilburg heeft haar belastingtarieven lager vastgesteld dan de norm zoals opgenomen in de circulaires van het Gemeentefonds. Per 31 december 2024 is er sprake van een onbenutte belastingcapaciteit van € 24,2 miljoen ten opzichte van deze norm. Voor de kerngegevens is aangesloten bij de onderverdeling die in de Programmabegroting 2025 is opgenomen. Het aantal inwoners van 50 tot en met 64 jaar bedraagt per 01-01-2025: 43.329.

zij

Nr. vraag 6

Pag.

PP

12

50PLUS

Vraag:

Antwoord:

Waarom stijging mensen in participatiewet terwijl arbeidsparticipatie is toegenomen?

Dit lijkt tegenstrijdig, maar is goed te verklaren. De groeiende arbeidsparticipatie weerspiegelt dat meer mensen werken of beschikbaar zijn voor werk. Tegelijkertijd wordt de groep bijstandsgerechtigden steeds meer gevormd door mensen met een grotere afstand tot de arbeidsmarkt. Dit leidt ertoe dat zij niet of nauwelijks kunnen profiteren van de banen die door krapte vrijkomen. Het gaat hierbij om mensen met multiproblematiek: ernstige psychische of fysieke belemmeringen, een gebrek aan startkwalificaties, beperkte taalvaardigheid, langdurige werkloosheid of schuldenproblematiek. Vaak spelen er tegelijkertijd problemen op meerdere leefdomeinen, zoals gezondheid, wonen en zorg. Voor deze groep is intensieve en integrale begeleiding noodzakelijk, niet alleen richting werk. Ook zien we dat andere regelingen zoals de WIA en Wajong strenger zijn geworden waardoor mensen met beperkingen vaker terugvallen op de bijstand. Ook de vergrijzing speelt een rol, waarin oudere bijstandsgerechtigden minder snel uitstromen, terwijl hun ‘aandeel’ in het bestand toeneemt. Daarnaast is er sprake van her instroom van mensen die eerder uitgestroomd zijn via tijdelijk werk en terugkeren in de bijstand zodra het contract afloopt.

De middelen die gemeenten ontvangen vanuit de Participatiewet en dan met name via het BUIG-budget, zijn echter niet toereikend om de benodigde intensieve ondersteuning op schaal te bieden. Tilburg heeft d e wens om iedereen perspectief te bieden, maar anderzijds is er ook de noodzaak om met beperkte middelen keuzes te maken zodat de uitstroom niet achter blijft. Investeren in brede ondersteuning (TiiP) van mensen met een geringe kans op uitstroom kan ertoe leiden dat de feitelijke uitstroom achterblijft bij de verwachte uitstroom uit het verdeelmodel van het Rijk. Hierdoor daalt het toekomstige BUIG-budget, waardoor de ruimte voor re-integratie nog verder onder druk komt te staan.

90

12

GL

66

15

PvdA

7

17

50PLUS

102

17

LT

8

18

50PLUS

Er zijn 525 nieuwe Tilburgers, er zijn 1037 woningen bijgebouwd. Zijn we dan op 500 woningen de achterstand in het woningtekort ingelopen?

Nee, deze conclusie kan niet worden getrokken. De groei van het aantal inwoners kan niet een op een aan de toename van het aantal woningen worden gekoppeld. De woningbouwopgave bepalen we op basis van de verwachte groei van het aantal huishoudens. pagina 15: van de hele kadernota Sociaal en Veerkrachtig is er bijna geen De indicatoren binnen het Veld Sociaal en Veerkrachtig zijn gebaseerd op de GGD/CBS Gezondheids-monitor kpi uit 2023 of 2024 bekend. Hoe wordt op deze doelen gestuurd nu deze Jeugd of de Gezondheidsmonitor Volwassenen. Zoals in de tabel is aangegeven wordt dit onderzoek 1x per 4 ontbreken? Per wanneer komen deze wel beschikbaar? jaar uitgevoerd. In 2024 heeft een nieuwe meting plaatsgevonden. De resultaten worden gepubliceerd in het najaar/september 2025. Deze gegevens worden opgenomen in de Programmabegroting 2026. Per abuis staat bij de indicator % Inwoners dat aangeeft vaak of regelmatig contact te hebben met vrienden, familie en buren, dat de bron CBS microdata is. Dit is echter ook de GGD Gezondheidsmonitor. Welke gebieden heeft valpreventie nog niet plaatsgevonden

2024 was de opstartfase van de ketenaanpak valpreventie. Er zijn cursussen aangeboden door gecertificeerde trainers en fysiotherapeuten in de wijken Reeshof, Centrum, Noord, 3-West en Zuid. Dit jaar vindt er een inhaalslag plaats en is er aanbod in alle wijken met uitzondering in De Blaak, Oud-Noord en Groenewoud. Gestreefd wordt hier nog cursussen in te kopen bij gecertificeerde trainers en fysiotherapeuten. Tevens worden er Vitaliteitsdagen georganiseerd door Seniorennetwerk en het Sportbedrijf sluit met de Smartfloor aan bij de bewustwordingscampagne Vandaag voor later en op verzoek van het seniorennetwerk bij bewonersbijeenkomsten in de wijken.

Wat zijn buitenverbinders?

Om het gebiedsgericht werken te versterken wordt bij de afdeling Sociaal gewerkt met buitenverbinders. Zoals het zegt is die de verbinder tussen buiten en binnen. Deze medewerkers vervullen deze rol naast de eigen beleidsfunctie. Buitenverbinders zijn ook deelnemer aan het gebiedsteam, brengen expertise en netwerk in vanuit het sociale domein en verbinden signalen en behoeften uit de wijk aan de afdeling Sociaal.

Is bekend hoeveel mensen met AOW een aanvulling krijgen op AOW?

Voor inwoners met onvolledige AOW-rechten bestaat de mogelijkheid om een aanvulling te krijgen via de Aanvullende Inkomensondersteuning Ouderen (AIO). Deze regeling wordt uitgevoerd door de Sociale Verzekeringsbank (SVB) en is een vorm van bijstandsverlening. In september 2024 zijn er 800 inwoners vanaf de AOW gerechtigde leeftijd die een bijstandsgerelateerde uitkering ontvangen (NB: het betreft voorlopige cijfers vanuit CBS). Bron: Tilburg in Cijfers - Gemeente Tilburg

zij

Nr. vraag 9

Pag.

PP

Vraag:

Antwoord:

19

50PLUS

Hoe kan de samenhang en integraal werken verbeterd worden in de wijken?

19

50PLUS

103

19

LT

Wat is er gebeurd met de motie om de meest vriendelijke stad voor ouderen te worden? Wat is de doelstelling in de wijkgerichte aanpak "Kansrijke start" voor de verdere wijken, naast West, Noord en Groenewoud? Binnen welke termijn?

Dit betreft de passage over gezond en gelukkig ouder worden. (Sociaal en veerkrachtig) Doordat we als GGoud team o.a. gebiedsscans ontwikkelen, waarmee we aansluiten in de gebieden om de dialoog te voeren wat er nodig is om gezond en gelukkig ouder te worden. We ondersteunen met het GGoud-team gebiedsteams vanuit een brede en integrale kijk op ouderen, zo komt kennis van het gebied samen met de kennis van de inhoud. Daarnaast organiseren we leer- en netwerkbijeenkomsten voor mensen die voor en met ouderen werken. De aanvraag bij de WHO Global Network for cities and communities is ingediend en een ontvangstbevestiging hierop is ontvangen. De doelstelling van de wijkgerichte aanpak sluit aan bij de gemeentelijke ambitie: kinderen van –10 maanden tot 6 jaar en hun ouders een veilige en gezonde start bieden, met gelijke ontwikkelkansen, ongeacht waar de wieg heeft gestaan. Binnen Kansrijke Start ligt de focus op kwetsbare gezinnen. Veel van de interventies richten zich daarom op deze doelgroep, verspreid over de hele gemeente. Daarnaast worden in een aantal wijken specifieke interventies ingezet, afhankelijk van de lokale behoefte. Dit gebeurt met name in West, Noord en Groenewoud. Maar ook in andere wijken. Zo start in de tweede helft van 2025: • Een MDO (Multidiscplinair Overleg) kwetsbare zwangeren in Korvel/Blaak. • De aanpak Centering Ouderenschap in de Reeshof.

• In Oud-Noord een aanpak om meer kinderen toe te leiden naar VVE (Voor- en Vroegschoolse Educatie). Deze interventies sluiten aan bij de specifieke kenmerken en behoeften van de betreffende wijken, waarin relatief veel kwetsbare gezinnen wonen.

10

104

19

LT

uitbreiding van OMMA "ingewikkeld": waar schort het aan, wat is nog nodig?

In Groenewoud zou het plan, om met sleutelpersonen te werken, onderdeel worden van het plan Buurt als ecosysteem. Het is momenteel onduidelijk of dat plan doorgezet wordt. We wachten af wat daar uit gaat komen. Mocht dit niet doorgaan dan wordt het verder vanuit OMMA opgepakt. In Tilburg West is er onlangs gestart vanuit NPLV met een project voor ambassadeurs/sleutelpersonen, wat gecoördineerd wordt door ContoudeTwern. Hier hebben ze de doelgroep ouderen niet in meegenomen. Wij willen ouderen hieraan toevoegen; Gesprekken en acties hiervoor zijn gestart.

11

22

50PLUS

75

22

GL

12

23

50PLUS

Hoeveel mensen hebben er gebruik gemaakt van de mee doen regeling en hoeveel Tilburgers hadden er gebruik van kunnen maken. En hoe was het in 2023

Voor de regeling Collectieve Zorgverzekering Minima is het resultaat voor 2024 € 614.825 voordelig. Ten opzichte van voorgaande jaren hebben minder mensen een toekenning ontvangen voor de regeling. Dit heeft met name te maken doordat per 2023 bij nieuwe aanvragen vooraf worden getoetst of aan de voorwaarden wordt voldaan. Wat zijn de voornaamste redenen / weigeringsgronden waardoor er meer afwijzingen zijn? Er zijn minder kosten gemaakt om toegankelijkheid te verbeteren. Wat hebben we niet gedaan wat wel gepland was?

In 2024 hebben 13.022 inwoners gebruik gemaakt van hun Meedoenbudget. In totaal zijn 19.278 budgetten aan inwoners toegekend. In 2023 hebben 13.804 inwoners gebruik gemaakt van hun Meedoenbudget. In totaal zijn 21.050 budgetten aan inwoners toegekend. De voornaamste weigeringsgronden voor deelname aan de CZM zijn een te hoog inkomen en/of vermogen.

In de programmabegroting 2023 is er structureel €300K toegevoegd voor het verbeteren van de fysieke toegankelijkheid. Er ligt geen concreet bestedingsplan onder. Afhankelijk van de projecten die zich voordoen in de fysieke ruimte en zich hiervoor lenen kan het budget worden ingezet. Hierdoor is het niet altijd mogelijk het volledige budget in te zetten. We hebben met de middelen wel speelplekken inclusief kunnen maken voor kinderen met een beperking.

zij

Nr. vraag 13

Pag.

PP

24

50PLUS

Vraag:

Antwoord:

Doorstoom van MBO naar HBO neemt af. Wat zijn de oorzaken daarvan?

De cijfers in de jaarstukken zijn van 2021 (dit staat in de voetnoot), echter is de daling van de doorstroom een aanhoudende trend* De afname van de doorstroom van mbo-studenten naar het hbo is een structurele ontwikkeling die voortkomt uit een samenspel van financiële, arbeidsmarktgerelateerde en onderwijskundige factoren. Diverse bronnen bevestigen deze trend en duiden op onderliggende mechanismen die deze ontwikkeling versterken. Een belangrijke oorzaak is de aanhoudende krapte op de arbeidsmarkt. Met name in sectoren zoals techniek, zorg en logistiek is de vraag naar mbo-gediplomeerden groot. Hierdoor kiezen steeds meer mbo’ers ervoor om direct na hun diploma te gaan werken in plaats van verder te studeren. De economische aantrekkingskracht van directe werkgelegenheid is voor veel jongeren doorslaggevend, zeker wanneer er perspectief is op een goed inkomen en doorgroeimogelijkheden binnen het werkveld (MBO Today, 2024). Daarnaast speelt het financiële stelsel een belangrijke rol. Sinds de invoering van het leenstelsel in 2015 is de basisbeurs afgeschaft, wat vooral studenten uit gezinnen met een lager inkomen heeft beïnvloed. Angst voor het opbouwen van een studieschuld leidt ertoe dat mbo-studenten vaker afzien van een vervolgopleiding aan het hbo (ResearchNed, 2020; OCW in Cijfers, 2024). Ook de aansluiting tussen mbo en hbo laat te wensen over.

Mbo-studenten geven aan onvoldoende voorbereid te zijn op de theoretische, zelfstandige studieaanpak van het hbo. Uitval in het eerste studiejaar is relatief hoog. Dit voedt het beeld dat het hbo minder toegankelijk of niet passend is voor praktijkgericht opgeleide studenten. De Inspectie van het Onderwijs bevestigt dit in een verkennend onderzoek naar de doorlopende leerlijn tussen mbo en hbo (Inspectie van het Onderwijs, 2024). Bovendien neemt de populariteit van associate degree-programma’s toe. Deze tweejarige hbo-programma’s sluiten qua niveau en vormgeving beter aan bij het mbo, zijn praktijkgerichter en vormen daarmee een aantrekkelijk alternatief voor een volledige hbo-bachelor. In sommige gevallen is een AD-programma ook beter te combineren met werken, wat inspeelt op de behoefte aan flexibiliteit (MBO Today, 2024). Wat ook nog een rol speelt is: mbo-studenten ervaren regelmatig dat ze minder welkom zijn in het hbo of dat hun leerstijl niet gewaardeerd wordt. Dit negatieve imago draagt bij aan een lagere bereidheid om door te stromen, ondanks inspanningen om doorlopende leerroutes te versterken

zij

Nr. vraag 14

Pag.

PP

Vraag:

Antwoord:

25

50PLUS

Weten we de oorzaak dat het aantal werklozen t.o.v. 2023 is toegenomen?

25

PvdA

pagina 25 wordt verwezen naar de aanpak Jong & Weerbaar voor PO en VO. Maken BSO’s ook onderdeel uit van de aanpak Jong & Weerbaar?

105

25 26

LT

68

27

PvdA

Tilburgse taalvisie, in relatie en samenhang met andere gemeentelijke initiatieven inzake taal en begrijpelijke communicatie: graag wat meer uitleg van het totaal van die initiatieven, met iets van een inventarisatie. in samenhang met 25: waarom wachten op nieuwe richtlijnen vanuit het rijk als het om de aanpak van laaggeletterdheid gaat? pagina 27: genoemd is dat zowel de kwalieitsagenda MBO als de samenwerking met HBO nog onvoldoende van de grond komt. Er is aangekondigd dat er een nieuwe nota komt voor MBO/HBO/WO. Kan het tijdspad gegeven worden voor de oplevering van deze nota en bespreking daarvan met de raad?

Hoewel TiiP (Tilburg investeert in Perspectief) beoogt iedereen naar vermogen te laten participeren, leidt deze brede, inclusieve benadering niet per definitie tot maximale uitstroom uit de bijstand. Dit hangt samen met de opzet, doelgroepbenadering en vooral de financiële randvoorwaarden van het systeem. TiiP is gebaseerd op het principe van maatwerk en gelijke kansen voor alle inwoners in de bijstand, waarbij niet enkel economische zelfstandigheid via werk het doel is, maar bredere bestaanszekerheid en maatschappelijke participatie. Werk is hierbij belangrijk, maar niet altijd haalbaar of passend, zeker voor mensen met complexe problematiek, gezondheidsbeperkingen of zorgvragen. Deze brede benadering, waarbij ook langdurig uitkeringsgerechtigden of mensen zonder arbeidsmarktperspectief begeleiding krijgen, is sociaal wenselijk, maar vanuit financieel perspectief beperkt doelmatig als uitstroom het primaire doel is. De Bijstandsuitkeringen worden gefinancierd uit het BUIG-budget (Bundeling Uitkeringen Inkomensvoorzieningen Gemeenten). Dit budget bestaat uit een gebundelde rijksbijdrage en is deels gebaseerd op historische uitgaven en deels op een objectief verdeelmodel. Cruciaal hierbij is dat het verdeelmodel ervan uitgaat dat gemeenten een bepaald niveau van uitstroom realiseren, gebaseerd op kenmerken van het bijstandsbestand.

Wanneer een gemeente zoals Tilburg ervoor kiest om intensief te investeren in mensen met een laag uitstroompotentieel, kan dit ertoe leiden dat de feitelijke uitstroom achterblijft bij de modelverwachting. In dat geval ontvangt de gemeente in latere jaren minder BUIGbudget, ondanks de inspanningen. Deze financiële afstraffing beperkt op termijn de mogelijkheden om te blijven investeren in re-integratie. Een gerichtere inzet op de groep die 0 tot 24 maanden in de bijstand zit, zou vanuit rendementsoogpunt logischer zijn. Deze groep heeft vaak nog een relatief korte afstand tot de arbeidsmarkt, is doorgaans actiever en sneller bemiddelbaar, en vraagt minder intensieve begeleiding. Als je hier doelgericht op in zou zetten, kunnen met beperkte middelen meer duurzame plaatsingen worden gerealiseerd. Dit leidt enerzijds tot lagere uitkeringslasten, en anderzijds tot behoud van financiële ruimte om te blijven investeren in reintegratie. Dat betekent wel dat je ook accepteert dat er een groep in de bijstand is die minder aandacht en ondersteuning krijgt, wat niet in lijn ligt met het beleidskader TiiP. TiiP biedt een waardevol en sociaal inclusief kader voor brede participatie, maar het model is niet gericht op maximale uitstroom binnen beperkte financiële ruimte.

Voor structureel hogere uitstroom en een sluitende uitvoeringspraktijk zou meer differentiatie in doelgroepbenadering, met prioriteit voor de kansrijkste groepen, nodig zijn. We zijn gestart met de uitwerking Jong en Weerbaar op het VO, daar heeft de kinderopvang/BSO logischerwijs geen rol. Bij de uitwerking van Jong en Weerbaar PO zullen deze partijen wel worden meegenomen in de uitwerking/aanpak. We wachten niet op de nieuwe richtlijnen. Het huidige plan sluit niet meer aan bij ambities en huidige samenleving. Er wordt op dit moment gewerkt aan een nieuw regioplan verbeteren basisvaardigheden die vanaf 2026 ingaat. Deze wordt nog voor de zomer vastgesteld. In dit plan staan onder andere de verbinding met het sociaal domein (bestaanszekerheid en onderwijs) centraal. De nota, met name gericht op het bestedingsplan van de HOST-middelen, zal in het najaar van 2025 worden opgeleverd. De onderwerpen die benoemd zijn in de informatiebijeenkomst van 31 maart jl. krijgen een plek in de uitwerking van het bestedingsplan.

67

zij

Nr. vraag 69

Pag.

PP

Vraag:

Antwoord:

29

PvdA

pagina 29 zijn de cijfers voor 2024 van absoluut en relatief verzuim nog niet bekend. Zijn deze nu wel bekend en kunnen deze worden gedeeld?

“De cijfers die worden gevraagd zijn de cijfers uit de leerplichttelling.

15

31

50PLUS

106

31

LT

16

32

50PLUS

76

32

GL

17

38

50PLUS

18

38

50PLUS

77

39

GL

19

40

50PLUS

Wat kan Beter? Verbetering Contact Centrum Toegang op gebied van kwaliteit en uniformiteit. Wat bedoelt men hiermee? jeugdartsen bij Toegang: zijn dat huisartsen, of kinderartsen, of GGDartsen? Zijn er genoeg?

Elke gemeente vult per schooljaar voor de landelijke leerplichttelling een format in van OCW/DUO. De cijfers van die landelijke telling worden na analyse door OCW/DUO op waarstaatjegemeente.nl gepubliceerd. Op dit moment zijn de cijfers over absoluut en relatief verzuim van schooljaar 2023-2024 nog niet gepubliceerd. Over elk schooljaar wordt daarnaast ook een jaarverslag gemaakt die we delen met de gemeenteraad. Het jaarverslag is een weergave van de inzet en resultaten van het regionale team Leerplicht-Doorstroompunt Midden-Brabant. Het jaarverslag van 2023-2024 wordt na de zomervakantie aan de raad gestuurd. De meetmethode en het doel van de leerplichttelling is anders dan de meetmethode en het doel van het jaarverslag. De leerplichttelling telt op alle indicatoren het aantal unieke personen. In het jaarverslag wordt voor absoluut en relatief verzuim uitgegaan van de behandeling van meldingen. Een persoon die meerdere keren in een schooljaar voor hetzelfde type verzuim wordt gemeld, wordt in de leerplichttelling maar één keer geteld en in het jaarverslag zo vaak als meldingen van deze persoon in behandeling zijn genomen.”

Er dient meer uniformiteit te zijn bij het CCT, zodat het onafhankelijk is van de medewerker welk advies je krijgt. Dit betekent meer standaardiseren van werkprocessen. Dit zijn jeugdartsen in dienst van de GGD, dat wil zeggen óf basisartsen óf jeugdartsen met specialisatie Maatschappij & Gezondheid. Er zijn er genoeg, de gewenste fte binnen de Toegang wordt geleverd en de meerwaarde wordt binnen de gehele Toegang gezien. Er wordt hierin niets gemist. Naast de vragenuurtjes meer zichtbaarheid van de wijkprofessionals in Wijkprofessionals die letterlijk meer zichtbaar zijn binnen de wijken en niet uitsluitend op een de verschillende wijken. Op welke wijze wil men dit realiseren. kantoorlocatie te vinden zijn, maar bijvoorbeeld ook tijdens activiteiten en koffieuurtjes, in het wijkcentrum eens binnenlopen. Naast de vragenuurtjes meer zichtbaarheid van de wijkprofessionals in Zie ook antwoorden op vraag 16; daarnaast zijn de vragenuurtjes pas eind 2024/begin 2025 in alle wijken de verschillende wijken. Wat zijn redenen dat dit nu onvoldoende tot niet gerealiseerd en was de communicatie hierover divers. Sinds 12 mei 2025 zijn de vragenuurtjes onder de wordt behaald? Welke ambitie was er neergelegd ten aanzien van naam AAT gestart mét bijbehorende communicatie in de stad.

Ambitie voor 2024 was om in alle wijken de professionals in de verschillende wijken? Welke lessen en vragenuurtjes opgestart te hebben en dit is gerealiseerd. Evaluatie staat gepland voor 2025. verbeterpunten zijn er? Weten we bij dagbesteding zowel voor ouderen als jeugd hoeveel “no De dagopvang voor ouderen wordt door Siem uitgevoerd. Siem houdt no show niet specifiek bij, omdat het show” er zijn zonder af te melden? nauwelijks voorkomt. Als ouderen niet op komen dagen dan wordt er contact opgenomen. Als blijkt dat de ouderen het aantal dagdelen niet aankunnen dan wordt eventueel in overleg het aantal dagdelen bijgesteld. KikMaat voert middels OAD de dagbesteding voor volwassenen uit. Zij hebben een werkwijze ontwikkeld hoe om te gaan met no show waardoor de no show veel lager is geworden. De aanpak is erop gericht dat kandidaten weer actief deel gaan nemen of (tijdelijk) gaan stoppen. Het is niet bekend hoe hoog de no show bij jeugd is. Aanbieders krijgen geen vergoeding als jongeren niet op kunnen dagen. Dit is binnen het huidige contract zo geregeld. 489 nadeel op Hulp aan Huis: zijn de aantallen bekend waarop de klant De gemeente sluit contracten met aanbieders. Hierin is afgesproken dat inwoners bij ziekte of verlof van geen invalhulp krijgt? De klant betaalt het volledige maandtarief, maar medewerkers (zo snel mogelijk) vervanging krijgen.

Het klopt dat de inwoner ook bij afwezigheid van een krijgt niet altijd hulp. Als een hulp bijvoorbeeld ziek is of vakantie heeft, medewerker het abonnementstarief betaalt. Dat gebeurt overigens ook in de gevallen waarin er geen hulp zijn er niet altijd invalhulpen beschikbaar. Wordt dit doorberekend en zijn wordt geboden als gevolg van ziekte, calamiteit of verlof van de inwoner. hier cijfers van bekend? Met de aanbieders hebben we contracten waarin we afrekenen op basis van daadwerkelijk geleverde zorg. Via de p en c-cyclus wordt de raad geïnformeerd over het zogeheten verzilveringspercentage (de daadwerkelijke uitnutting). Hierbij verwachten we dat het noodzakelijk is om extra Inmiddels is er weer een extra plek gecreëerd (2). De plekken die we zoeken en creëren zijn schaars, met woon/zorgplekken te creëren voor complexe casuïstiek, bijvoorbeeld bij name omdat het om een doelgroep gaat die voor overlast of gevoelens van onveiligheid kan zorgen. Dit sluit een acute vraag naar opvang of wanneer het huidige aanbod een heel aantal geschikte plekken uit. Daarnaast is intensieve en gecombineerd specifieke begeleiding nodig tekortschiet. Het blijft een enorme uitdaging om geschikte locaties te (combinatie van lvb, psychiatrie en verslaving). Beiden zijn schaars. Wij werken hierin samen met partners vinden voor deze doelgroep.

Van de 10 plekken, is er tot op heden 1 van SIEM, ZVH, levensloopaanpak en het zorgkantoor. gerealiseerd. Wat zijn de voornaamste redenen waardoor er minder plekken zijn gerealiseerd of de realisatie is vertraagd? Waarom WMO realisatie in 2024 fors gedaald? De verandering in de cijfers komt door de nieuwe manier van inkopen. In de “raming” voor de programmabegroting 2024 is daar onvoldoende rekening mee gehouden. In 2023 zijn alle cliënten omgezet naar Siem. Nu zien we die cliënten alleen nog bij een 1e indicatie, wijziging of om de zorg te stoppen en niet meer bij iedere herindicatie. Het aantal actuele cliënten die Wmo-zorg hebben is niet minder geworden.

zij

Nr. vraag 107

Pag.

PP

Vraag:

Antwoord:

41

LT

Er is sprake van de varianten Jouw ingebrachte Mentor, pleeggezinnen en gezinshuizen. Welke criteria gelden voor die afzonderlijke varianten en wie bepaalt welke variant het meest geschikt lijkt? Is daarbij een verschil in aanpak of resultaat te zien in vergelijking met vorige jaren? Zijn er indicatoren over de tevredenheid van de cliënten?

Jouw Ingebrachte Mentor wordt ingezet om een uithuisplaatsing te voorkomen. Wanneer een uithuisplaatsing niet te voorkomen is, zijn er verschillende opties. Pleegzorg en gezinshuiszorg is er allebei voor jeugdigen die (tijdelijk) niet thuis kunnen wonen omdat zij zich thuis onvoldoende veilig kunnen ontwikkelen en/of gezond kunnen opgroeien. De jeugdige groeit in beide gevallen op in een gezinssituatie met vaste opvoeders. Maar, gezinshuisouders zijn in tegenstelling tot pleegouders professionele opvoeders. Gezinshuiszorg wordt ingezet als een jeugdige vanwege meer ingewikkelde problematiek niet in een pleeggezin kan opgroeien, maar ook geen behandeling nodig heeft in een behandelgroep. Verwijzers bepalen op basis van de behoefte van een jeugdige welke zorg er nodig is. Daarin is geen verschil ten aanzien van voorgaande jaren. Wel heeft Gezinshuis Gezocht een coördinerende rol gehad, om verwijzers te ondersteunen en ontlasten in hun zoektocht naar een passende woonoplossing en er vanuit hun rol aan bijgedragen dat gezinshuisplekken alleen worden ingezet voor jeugdigen die deze daadwerkelijk nodig hebben. We meten de tevredenheid over cliënten in segment 2 door middel van het cliëntervaringsonderzoek. In 2024 was de gemiddelde tevredenheidsscore een 7.9.

108

42

LT

Zorg in Onderwijs: graag nadere uitleg over de inhoud. En: heeft die ZIO voldoende bereik binnen alle scholen?

Een groot deel van de leerlingen in het speciaal onderwijs is aangewezen op extra ondersteuning vanuit de zorg. Dit kan zijn vanuit de Jeugdwet, de Zorgverzekeringswet (Zvw) of de Wet langdurige zorg (Wlz). Voor ouders én het kind en de school is dit ingewikkeld en lopen zij tegen allerlei problemen aan. Onderwijs wordt onderbroken. De extra ondersteuningsvraag vanuit onderwijs en zorg wordt niet met elkaar gecombineerd. Er is veel onrust in de klas door de in- en uitloop van zorgverleners. Tot slot is er veel bureaucratie door alle individuele beschikkingen en overleg over de inzet van zorg. Op basis van de aanname vanuit onderwijs en gemeenten dat de zorg effectiever en efficiënter zou zijn als deze beschikkingsvrij zou worden ingezet, is door de regio Hart van Brabant (elf samenwerkende gemeenten), het speciaal onderwijs en het zorgkantoor vanaf 2019 een pilot Zorg in Onderwijstijd (ZiO) gestart. De pilot is uitgevoerd in opdracht van de ministeries van OCW en VWS en inmiddels succesvol afgerond. Het is gelukt om voor alle leerlingen op twee scholen de zorg volledig collectief te organiseren. Het blijkt dat deze manier van werken de kwaliteit van zorg en het onderwijs verbetert én veel bureaucratie bespaart bij ouders, school, gemeenten en de zorgaanbieders.

De kosten zijn ook veel lager, waardoor meer kinderen die zorg nodig hebben in de klas, geholpen kunnen worden voor hetzelfde budget. Omdat de werkwijze aan moet sluiten op hoe dit per gemeente en school is geregeld vraagt het om maatwerk.

119

42

LT

Wat houdt de pilot preventieve dyslexiezorg in? Hoe en wanneer is de ambitie dit alsnog op te pakken?

20

44

50PLUS

Voor hoeveel jongeren in Segment 1 is hulp opgestart van de ruim 6,6 miljoen die extra toegekend is?

Voor kinderen in speciaal onderwijs is naar school gaan vaak een aaneenschakeling van onderbrekingen en wisselingen tussen zorg en onderwijs. Dit terwijl naar school gaan zo belangrijk is. De pilot Zorg in Onderwijstijd laat zien dat we dit echt beter met elkaar kunnen organiseren. Daarmee bieden we deze kinderen niet alleen betere en afgestemde zorg en ondersteuning in de omgeving die vertrouwd voor ze is, maar zorgen we er ook voor dat zij zoveel mogelijk gewoon op school kunnen zijn.” De pilot preventieve dyslexiezorg houdt in dat we samen met het onderwijs en de dyslexieaanbieders gaan kijken hoe we de ondersteuning kunnen verbeteren waardoor er minder kinderen naar de dyslexiezorg worden verweven. Naast deze pilot, werken we voortdurend in gezamenlijk aan het verbeteren van de leesondersteuning, al dan niet specifiek in een pilot of doorlopende werkgroepen. In oktober 2024 zijn aanvullende financiële afspraken gemaakt tussen Crossroads en de regio Hart van Brabant, na inzet van de Taskforce, op het moment dat Crossroads een (forse) overschrijding van de afspraak voorzag, op zowel aantallen cliënten als gemiddelde kosten per client. Na analyse door de taskforce is de bestaande afspraak herijkt, waarmee (onder meer) extra budget beschikbaar is gesteld om 400 extra cliënten te behandelen (van 1600 naar 2000).

Hierbij dient te worden aangemerkt dat een groot deel van de ‘extra’ cliënten al in zorg was op het moment van het maken van de nieuwe afspraken, gezien het late moment waarop de afspraken zijn herijkt. Om die reden is het niet mogelijk een eenduidig antwoord te formuleren op deze vraag.

zij

Nr. vraag 21

Pag.

PP

Vraag:

Antwoord:

45

50PLUS

Is er enig idee van de oorzaak dat veiligheidsgevoel zowel overdag als in de avond is afgenomen?

49

50PLUS

23

49

50PLUS

Fixi app waardering (Lemon) streefwaarde van waardering is aangepast en wordt niet weergegeven 2023/2024. Kan niet, niet omgerekend worden? Fixi: De afmeldingen halen tevens de streefwaarden niet. Wat is de oorzaak?

24

49

50PLUS

88

49 - 53

LT

Wij lezen niets over de pilot “kabelgootjes”; het faciliteren opladen van een elektrische auto met de stroom van je eigen zonnepanelen. Hoewel bescheiden levert dit toch ook een bijdrage aan de energietransitie?

83

49/51

LT

De fysieke basiskwaliteit Riolering is gedaald naar 90,9 % en wij lezen dat door de hoge grondwaterstand rioolverzakking is opgetreden. Hoe staat het met het onderzoek naar de gevolgen van “hevige regenval”, Hoeveel financiële schade is hierdoor opgetreden in 2024 en welke financiële stappen (risico-reserveringen) zijn hiervoor gezet?

Het licht afgenomen veiligheidsgevoel is een landelijke trend en wordt deels verklaard door constante blootstelling aan negatief nieuws via (sociale) media, ook wel doomscrolling genoemd. Geopolitieke ontwikkelingen, zoals internationale spanningen en dreigingen, en lagere bestaanszekerheid spelen daarbij een belangrijke rol. Hierdoor wordt een negatiever wereldbeeld gevormd, wat kan zorgen voor meer angst en onrust. Daarnaast spelen brede maatschappelijke ontwikkelingen zoals afname van sociale cohesie en individualisering een rol. Zichtbare vormen van (online) criminaliteit en overlast dragen tevens bij aan onveiligheidsgevoelens. De streefwaarden zijn niet aangepast en zijn conform de streefwaarden uit de Kadernota Duurzame stad. De indicator kunnen we niet omrekenen omdat de vragen in de Lemon in 2023 zijn aangepast. Dat betekent dat we met deze indicator niet hetzelfde meten als in de Lemon 2021 en eerdere jaren. We gaan ervan uit dat met ‘afmeldingen’ de afhandeling van meldingen wordt bedoeld. Meldingen die gaan over verzoeken tot wijzigingen in het areaal blijken vaak gecompliceerder waardoor we niet altijd binnen 10 dagen voor een oplossing kunnen zorgen. Dit speelt overigens met name in de binnenstad (daardoor gaat het gemiddelde naar beneden).

Vooral de natte periodes in het voorjaar en in het begin van de zomer, de vertraagde levering van materialen en het met ruim 20% gestegen aantal meldingen ten opzichte van 2023 hebben ervoor gezorgd dat we de afhandelingstermijnen niet overal gehaald hebben. Zie de voetnoot (**) onder de tabel op pagina 49. De gegevens van de Lemon publiceren we tweejaarlijks, dus in 2021, 2023 enz. De vragen in de Lemon zijn echter in 2023 aangepast, waardoor we deze indicatoren niet meer kunnen gebruiken. De resultaten zijn namelijk niet vergelijkbaar met eerdere jaren. We noemen kabelgoten niet expliciet omdat de impact op de energietransitie past binnen de algemene trend van elektrificatie van personenvervoer. De kabelgoten maken het mogelijk om vanaf de eigen aansluiting auto's op te laden. Dat is voor inwoners wenselijk omdat het leidt tot meer zelfbeschikking en op termijn mogelijk tot een kostenbesparing. Mogelijk zal een bewoner hierdoor eerder overstappen op elektrisch rijden, maar bewijs daarvoor is niet aanwezig. De gevolgen van de hevige regenval (hoge grondwaterstanden) op de kwaliteit van de riolering brengen we in 2025 en 2026 met rioolinspecties in beeld. De financiële schade baseren we op de resultaten van deze rioolinspecties en verwerken we in het nieuwe Programma Water en Riolering (PWR) 2027-2030.

Voor de kosten voor het herstellen van de rioolverzakking in het calamiteitengebied aan de IJpelareweg houden we rekening met een bandbreedte van 13 - 16 miljoen euro.

22

25

50

50PLUS

Waarom afval per bewoner gestegen van 352 naar 359 kg?

Met name de hoeveelheid ingezameld textiel is toegenomen. Daarnaast zijn er in 2024 op de milieustraat meer gescheiden afvalstromen ingeleverd dan in 2023 (onder andere grond, hout, metalen).

26

51

50PLUS

We verwijzen u naar het raadsvoorstel ‘actualisatie Netwerkanalyse 2040 en samenhangende Mobiliteitsmaatregelen’ dat ter besluitvorming voorligt.

70

52

PvdA

Wat kan beter? Bullet 1 : Bereikbaarheid van Tilburg. Wat betekenen dit voor bewoners wanneer de mobiliteit/woningbouwplannen als de diverse plannen worden aangenomen en uitgevoerd? pagina 52 wordt -net als de drie voorgaande jaren- aangegeven dat de 8 spoedlocaties voor sanering nog niet zijn opgepakt. Kan er toelichting op komen of er zicht op is om in 2025 wel locaties op te pakken?

27

53

50PLUS

Waarom geen cijfers oordeel openbare ruimte en vervuiling in 2022/2023/2024 terwijl Lemon 2 jaarlijks publiceert?

Lagere opbrengsten parkeergarage. Wat is de oorzaak van minder bezoek van Stappegoor en Zwijssen garages.

Wij voorzien op dit moment dat in 2025 de sanering van een particuliere spoedlocatie van start gaat. In 2026 denken wij te kunnen beginnen met de sanering van een gemeentelijke spoedlocatie en het gemeentelijke aandeel in twee andere spoedlocaties. Daarnaast verwachten wij dat in 2026 in elk geval één particulier zijn aandeel in een spoedlocatie zal oppakken. De inschatting van de opbrengsten van de parkeergarage Zwijsen was gebaseerd op de parkeernormen in relatie tot de ontwikkelingen in de Spoorzone. Er zijn tot op heden minder bouwprojecten opgeleverd dan we hadden voorzien (vertraging in het programma Spoorzone: Ketelhuis, Traversegebouw en een deel van Zwijsen I en II). Als deze projecten klaar zijn, verwachten we dat de bezetting en de opbrengst hoger worden. Voor parkeergarage Stappegoor is het aantal bezoekers niet gedaald, maar iets gestegen. Echter geldt er een gereduceerd tarief voor bezoekers van de bioscoop Pathé; dit zijn +/- 125.000 transacties per jaar. De afgelopen jaren was de raming te hoog ten opzichte van de werkelijke opbrengsten. Daarom hebben we dit bijgesteld.

zij

Nr. vraag 84

Pag.

PP

Vraag:

Antwoord:

53

LT

Parkeerexploitatie; citaat; “De parkeerexploitatie is een gesloten exploitatie”; is de term gesloten exploitatie nog wel terecht gezien onttrekkingen voor o.a. de algemene middelen?

In financiële zin is sprake van een gesloten exploitatie. Het saldo van de lasten (inclusief de jaarlijkse afdracht aan de algemene middelen van ruim 4 miljoen euro) en baten van de totale parkeerexploitatie wordt jaarlijks verrekend met de bestemmingsreserve parkeren. Er vindt in dat opzicht geen verrekening plaats met het totale resultaat van de gemeentelijke exploitatie / algemene bestemmingsreserve. Vanuit die optiek – saldo verrekening met specifieke bestemmingsreserve - hanteren wij de benaming “gesloten” exploitatie.

Hoe hoog is de bestemmingsreserve parkeren per 31-12-2024?

De stand van de reserve per 31-12-2024 bedraagt afgerond € 20.035.000.

Het budget van € 120.000 dient ter dekking van extra inzet boven de reguliere formatie. In 2024 is daar geen beroep op gedaan. Het gaat hier om een incidenteel voordeel dat verder geen gevolgen heeft voor (de verdere uitvoering van) het parkeerbeleid. pagina 56 staan cijfers over programma 013Parken. De eenheden van In 2024 is de visie voor het Leijpark en het voorontwerp voor het Wilhelminapark gemaakt. Beiden zijn 2023 en 2024 zijn sterk gewisseld. Kan er aangegeven worden of de nagenoeg gereed om ter besluitvorming te worden voorgelegd. doelen van het programma 013Parken voor het opknappen van Het definitief ontwerp voor het Oude Dijkpark is ook in 2024 afgerond, waardoor in 2025 de uitvoering is bestaande parken in 2024 is behaald? gestart. Wordt het percentage ecologisch beheer groen nog wel bijgehouden? Het percentage ecologisch beheer met als basis extensief onderhoud als uitgangspunt is jarenlang bijhouden Ook al staat er nu afgerond? tot de streefwaarde. Momenteel zijn we aan de slag om verdieping aan te brengen in het meten van de biodiversiteit om daarmee gericht te kunnen gaan sturen op ecologisch beheer. 5e bullet; wat moeten wij verstaan onder “…de effecten van de peilopzet Vóór 2023 hadden we vooral te maken met verdroging.

We wilden toen onderzoeken of we de oppervlaktewater” en de relatie met de wateroverlast in 2024? verdergaande verdroging (deels) kunnen tegengaan door oppervlaktewaterpeilen te verhogen. Zo houden we het water langer vast en kan het water infiltreren in de bodem. Vanaf oktober 2023 is het echter ontzettend nat geweest. Dit heeft geleid tot hoge grondwaterstanden en grondwateroverlast. Dit heeft veel tijd gekost, het onderzoek naar peilopzet is daarom uitgesteld. Het onderzoek is inmiddels wel opgestart. Momenteel worden de waterpartijen geïnventariseerd en zijn we de potentie voor peilopzet aan het vaststellen. Kapvergunningen; is er een relatie tussen de toename van de aanvragen Er is geen duidelijke relatie tussen de toename van de kapvergunningaanvragen en de wateroverlast in kapvergunningen en de wateroverlast in 2024? Zo ja, hoeveel bomen zijn 2024. Dit komt omdat het vaak lastig vast te stellen is dat bomen enkel en alleen vanwege wateroverlast zijn gekapt vanwege de gevolgen wateroverlast? gesneuveld. Als een boom bijvoorbeeld al een verminderde conditie heeft, kan wateroverlast de genadeslag geven. Een gezonde boom had de wateroverlast mogelijk wel overleefd. Soms is het in hetzelfde jaar ook nog onduidelijk hoeveel last bomen uiteindelijk hebben van de wateroverlast (hoe groot is de klap die de boom heeft gehad, gaat hij weer in blad komen in 2025?).

De enige omgevingsvergunning die in 2024 is afgegeven, welke direct te linken is aan de wateroverlast, is de vergunning voor 181 bomen in Stadspark Oude Dijk (Z2024-00010274). De bomen zijn afgestorven doordat het water de lucht in de bodem rond de wortels heeft verdreven. Citaat; “minder inhuur parkeerbeleid € 120.000”; wat betekent in de praktijk?

71

56

PvdA

95

56

GL

85

57

LT

86

58

LT

96

58

GL

Er zijn afgelopen jaar meer kapvergunningen aangevraagd. Zijn er ook meer verleend? En waar in de stad vonden de aanvragen en verleningen plaats, is dat ook inzichtelijk te maken?

Het aantal kapaanvragen en vergunningverleningen fluctueert altijd een beetje door de jaren heen. Vanuit ons gemeentelijk boombeheer worden vanuit de boomveiligheidscontroles (BVC) ook vaak omgevingsvergunningen aangevraagd. In het verleden waren dat 'grote bulkaanvragen' voor bomen verspreid liggend over meerdere wijken of soms zelfs stadsdelen. Omdat dit de overzichtelijkheid niet ten goede kwam (voor een buitenstaander was het vaak niet duidelijk om welke bomen het ging), is dit nu gewijzigd. De vergunningaanvragen voor bomen vanuit de BVC worden nu voor kleinere gebieden en in kleinere brokken aangevraagd. Er worden dus meer omgevingsvergunningen aangevraagd, maar het aantal te kappen bomen wordt niet persé niet hoger.

97

58

GL

Uitgestelde grondverwerving vanwege ingewikkeldheden: is fasering de enige maatregel die wij nemen om de ontwikkeling van natuurgebieden zoal Pauwels te versnellen?

Ten aanzien van grondverwerving proberen we altijd minnelijk te verwerven. Lukt dat niet, dan kijken we naar het inzetten van onze publiekrechtelijke middelen (bijv. voorkeursrecht, onteigening) om ontwikkelingen zoals waterpark Pauwels mogelijk te maken.

zij

Nr. vraag 87

Pag.

PP

Vraag:

Antwoord:

59

LT

Indicatoren; “klimaatbui T100 is opgebouwd op basis van de statistiek 2014” is dit inmiddels niet achterhaald gezien de ervaringen met wateroverlast in de afgelopen winter? Waarom is er geen indicator voor langdurige regenval?

94

60

GL

Klimaatadaptatie bij nieuwbouw is nog geen gemeengoed, lezen we. Is een (cijfermatige) onderbouwing te geven van de situatie het afgelopen jaar?

De ‘klimaatbui T=100” is een bui die landelijk gebruikt wordt. Deze is bepaald in 2014 en was toen de hevigste bui die in 100 jaar verwacht werd. Inmiddels komt die bui vaker voor. De “klimaatbui T=100” is echter nog steeds de bui zoals die is vastgelegd in 2014. Voor langdurige neerslag hebben we geen indicator omdat we geen mogelijkheden hebben om de stad hier op aan te passen. Bovendien is bebouwd gebied doorgaans minder kwetsbaar voor langdurige neerslag. In 2023 en 2024 is gedurende lange tijd extreem veel neerslag gevallen. We hebben daardoor vooral last gehad van hoge grondwaterstanden en die zijn, in onze regio, een natuurlijk verschijnsel waar we nagenoeg geen invloed op hebben. Bij ieder nieuwbouwproject wordt aan bouwende partijen advies meegegeven op het gebied van klimaatadaptatie. Deze adviezen zijn niet juridisch verankerd en bindend, waardoor ze niet afgedwongen kunnen worden. Bovendien spelen ook altijd andere overwegingen mee, die integraal afgewogen moeten worden. Met de uitvoering van de motie “Duurzame Wasstraat” en een nieuw beleidskader Toekombestendig Bouwen zetten we extra in op het belang van duurzaamheid (en klimaatadaptatie) bij nieuwbouwprojecten.

28

65

50PLUS

Overlast jongeren/jeugd is met ruim 10% !! gestegen. Wordt er minder gehandhaafd waardoor meer meldingen of andere oorzaak?

Het aantal meldingen van jeugdoverlast is gestegen. Deze meldingen komen binnen via de politie en de gemeente via Fixi. Het aantal meldingen bij de politie blijft redelijk stabiel, echter het aantal Fixi meldingen (bij de gemeente) is gestegen met 10 procent. Een mogelijke verklaring voor de stijging is gelegen in het feit dat er ook is geïnvesteerd in het verhogen van de meldingsbereidheid. In augustus werd een piek in het aantal meldingen opgemerkt, deze overlast werd veroorzaakt door twee verschillende jeugdgroepen. Vanuit de jongerentafel analyseren we, samen met de politie, R-Newt en (jeugd)boa’s, alle meldingen en starten we een passende aanpak, waarbij maatwerk centraal staat. We voeren interventies uit op de locatie, de buurt en de jeugd. Een voorbeeld hiervan is een preventieve maatregel, zoals het doorgeleiden van jongeren naar activiteiten van buurtsport. Daarnaast organiseren we bewonersavonden, waar omwonenden hun ervaringen en zorgen kunnen delen. Tijdens zo’n bewonersavond hebben we ook de meldroute onder de aandacht gebracht; dit heeft geleid tot een toename van het aantal meldingen via Fixi.

29

65

50PLUS

Overlast jongeren gestegen van 1899 – 2119 wat is hiervan de oorzaak?

30

65

50PLUS

Inbraken gestegen van 350 -426 waar ligt dat aan?

Het is dus niet zo dat er minder wordt gehandhaafd; integendeel, we hebben een betere informatiepositie en kunnen daardoor gerichter maatwerk leveren. Bovendien zijn we samen met onze partners, zoals R-Newt (jongerenwerk), de (jeugd)boa’s en de politie, veel aanwezig op hotspots. Dit stelt ons in staat om de situatie goed in beeld te krijgen, omwonenden en jongeren te woord te staan en interventies te plegen. Zie antwoord op vraag 28. Er is geen specifieke verklaring voor de stijging van het aantal woninginbraken in 2024 t.o.v. 2023. De meeste woninginbraken vinden plaats in de donkere maanden (nov-maart) en in de zomermaand augustus. Als we het eerste kwartaal van 2024 (132 woninginbraken) vergelijken met het eerste kwartaal van 2025 (84) zien we dat het aantal woninginbraken inmiddels weer is gedaald.

zij

Nr. vraag 109

Pag.

PP

Vraag:

Antwoord:

65

LT

meldingen overlast: geen afname zoals gestreefd, maar op 3 gebieden een toename. Wat wordt hieruit de ambitie en aanpak?

We streven naar een afname van het aantal meldingen overlast in 2026 t.o.v. 2022. Echter we zetten ook in op het verhogen van de meldingsbereidheid. Hierin zit een zekere tegenstrijdigheid. Onze ambitie en aanpak is opgenomen in het Integraal Veiligheidsplan (IVP), de kadernota Ingrijpen bij crisis en onveiligheid en in de Programmabegroting en Tussenrapportage. Onze inzet is er op gericht om de overlast te verminderen, maar we investeren ook in een grotere meldingsbereidheid om zo overlastlocaties beter in beeld te krijgen en daar waar dit het meest nodig is een gerichte aanpak in te zetten. (Zie ook antwoord op vraag 28.) Dit doen we in samenwerking met politie, boa’s, regisseurs jeugd, R-Newt en onze persoonsgerichte aanpak vanuit het Zorg- en Veiligheidshuis. Hoe we dat doen, is te vinden in de diverse uitvoeringsprogramma’s en werkplannen (bijvoorbeeld: Uitvoeringsprogramma VTH 2025). Daarnaast speelt ook mee dat er niet altijd voldoende (passende) opvangplekken zijn in de stad en/of alternatieve vormen van wonen, en zijn mensen minder tolerant en melden dus sneller en vaker. Bij personen met verward is het vaak zo dat zij moeite hebben zich te handhaven in de huidige samenleving. Deze mensen raken daardoor eerder overbelast en komen in aanraking met de politie, de woningcorporatie en soms de daklozenopvang.

We zien daarnaast dat mensen die in psychische of andersoortige nood met de politie in aanraking komen, blijkbaar niet makkelijk zelf de weg vinden naar huisartsen, spoeddiensten of andere zorgprofessionals. Wel wordt er eerder, door anderen, over hen naar politie of woningcorporatie gebeld. In de veiligheidsregio Midden- en West-Brabant willen gemeenten, vanuit de gemeentelijke meldpunten en crisisinterventieteams rondom ‘onbegrepen gedrag’, in samenwerking met de politie en zorgdomein de volgende ambitie realiseren: “Iedere inwoner die zelf of in de omgeving te maken krijgt met een (acute) vraag over ‘onbegrepen gedrag’, kan deze laagdrempelig en 24 uur per dag stellen met als resultaat een tijdig, passend en deskundig antwoord. We streven ernaar om de triage en directe opvolging voor het gehele zorg/hulp domein uit te werken.” Elke inwoner kan 24/7 een vraag stellen over ‘onbegrepen gedrag’, met als resultaat een snel, passend en deskundig antwoord. Hoewel er al 24/7 bereikbaarheid is, kunnen triage en opvolging effectiever, sneller en inhoudelijk beter worden uitgevoerd. Om dit te realiseren, wil men de samenwerking tussen zorg-, veiligheids- en sociale domeinen verbeteren. Vanuit het Zorg- en Veiligheidshuis wordt er extra regie gevoerd op de personen die verantwoordelijk zijn voor het grootste aantal meldingen verward gedrag.

Er wordt gestuurd op het verbeteren van de reguliere inzet en bekrachtigen van wat effectief is gebleken. Dit moet leiden tot een afname van het aantal politiemeldingen. Het doel is een ketensamenwerking, waarbij alle partijen goed samenwerken en men “ja” durft te zeggen tegen de meest complexe casuïstiek. Er is een commitment op alle lagen binnen organisaties om in gezamenlijkheid te werken met deze casuïstiek. Op- en afschalingsafspraken worden nagekomen, waardoor er snel wordt gehandeld in een crisissituatie, waardoor er beperkte overlast is voor de omgeving.

31

67

50PLUS

(woon)Overlast. Lemon geeft aan dat er een negatieve ontwikkeling plaatsvind m.b.t. veiligheidsgevoel. Waarom dan weer nieuw onderzoek ipv “aanpakken”?

98

68

LT

Wat kan beter, 1e bullet; wanneer is de “persoons- en systeemgerichte aanpak voor complexe jeugd” verder ingericht en op welke wijze wordt de Raad daarin meegenomen?

Vanuit zowel het sociale als het veiligheidsdomein werken we hard aan een stad waarin inwoners veilig zijn en zich veilig voelen. De boa’s van team Toezicht en Handhaving werken hiervoor dag en nacht nauw samen met de politie. Daarnaast hebben we bredere programma’s lopen waaronder het Nationaal Programma Leefbaarheid en Veiligheid en Preventie met Gezag. We hebben gekozen voor onderzoek omdat we meer inzicht willen hebben in mogelijke oorzaken van verminderde veiligheidsgevoelens met als doel om naast bovenstaande maatregelen te bepalen of er andere aanknopingspunten zijn om de veiligheidsgevoelens te versterken. Onveiligheidsgevoelens worden namelijk grotendeels gevoed door brede maatschappelijke vraagstukken (zoals individualisering, lage bestaanszekerheid en geopolitieke spanningen), in plaats van door criminaliteit, en die zijn niet zo makkelijk aan te pakken. Daarnaast kijken we kritisch naar de data van de LEMON en de Veiligheidsmonitor. Zodat we weten in hoeverre de marginale daling van veiligheidsgevoelens representatief is voor de hele stad. Na de zomer starten we met de inrichting van de persoons- en systeemgerichte aanpak voor complexe jeugd (vanuit Preventie met Gezag; PMG). Dit houdt in dat werkprocessen worden beschreven en criteria worden vastgesteld conform de privacy eisen.

De raad wordt hierover geïnformeerd via de voortgangsrapportage PMG welke voor de zomer aan de raad wordt aangeboden.

zij

Nr. vraag 110

Pag.

PP

Vraag:

Antwoord:

68

LT

Toezicht Sociaal Domein versterken: wat is de voorgenomen aanpak?

We verwijzen voor een antwoord op deze vraag naar de Programmabegroting 2025, aandachtsgebied 2: Zorg en veiligheid. “Toezicht Sociaal Domein versterken Toezicht en handhaving raakt ook het sociale domein. Toezicht op de Wet Maatschappelijke Ondersteuning (WMO), Jeugdwet en Participatiewet draagt bij aan een rechtmatige en kwalitatieve inzet van zorg en inkomensondersteuning. Dat vraagt een nauwe samenwerking tussen de verschillende afdelingen en domeinen. Zowel binnen de gemeente Tilburg als daarbuiten. Het toezicht op de Wmo en Jeugdwet wordt regionaal in Hart van Brabant ingericht binnen de kaders zoals die zijn vastgelegd in het Kaderdocument Toezien en Toezicht. Operationalisering hiervan is vormgegeven in ons eerste werkplan team TSD 2024-2025. Door deze samenwerking beschouwen we de casuïstiek vanuit een breed perspectief en kunnen we signalen van zorgfraude, ondermijnende criminaliteit, huiselijk geweld eerder herkennen en effectief aanpakken. Ook in 2025 zullen we fors investeren in het vakmanschap van de toezichthouders om professioneel en binnen de kaders van de (nieuwe) wetgeving en het Tilburgs beleid invulling te kunnen geven aan maatwerk en het voorkomen van willekeur. Ondermijning is een steeds groter thema in de landelijke en lokale politiek en verschijnt op vele agenda’s in het publiek domein.

Malafide personen en organisaties bewegen zich met de ontwikkelingen mee. Denk bijvoorbeeld aan de koppelbazen in de bouw. Dit vraagt om: - daadkrachtig optreden om deze malafide organisaties een stap voor te zijn. Niet alleen binnen het sociaal domein, maar ook met toezicht en handhaving in het fysieke/ruimtelijke domein en het domein van openbare orde en veiligheid. Denk bijvoorbeeld aan huisbazen die panden verhuren als voorziening voor beschermd wonen aan cliënten met een Persoonsgebonden budget (pgb). In de praktijk blijkt dat als er twijfels zijn over de kwaliteit van geleverde ondersteuning er dikwijls ook andere problemen spelen, zoals de afwezigheid van vereiste vergunningen of brandgevaarlijke situaties. - bundeling van inzet van toezichthouders en handhavers vanuit verschillende gemeentelijke domeinen; dit draagt bij aan een effectieve aanpak van signalen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15590502/1