CConstaterende datTilburg
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 3 Voorlopig ontwerp Zwaluwenbunders

Raadsvergadering 9 maart 2026, gemeente TilburgBij agendapunt: Raadsvoorstel vaststelling Omgevingsplan ‘ TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22m, Klimaatlandgoed Zwaluwenbunders'16.612 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

natuurlijke oevers: ongeveer 1:15 aan de zonzijde en 1:8 aan

Vanuit open water verdampt ongeveer 30% meer dan vanuit

de andere kant. Vanaf maaiveld gemeten zijn ze maximaal 2

grasland (Bot, 2016, tabel 2.10). Daartegenover staat dat een

POELEN

meter diep. De poelen in de Natuurgordel hebben een ven-

poel minimaal 150% meer water bevat dan de lemige onder-

Poelen vormen een geschikt voortplantingshabitat voor

achtig karakter. Ook binnen de Bosrijke rug worden poelen

grond (poel = 100% tegenover maximaal 20-25% poriënvo-

kamsalamander en boomkikker. Er worden 26 nieuwe poe-

gerealiseerd. Omdat deze binnen het agrarisch landschap

lume in lemig zand). Daarom is er meer water beschikbaar

len gegraven. Bij de realisatie van poelen wordt rekening

vallen hebben ze het karakter van veedrinkpoelen, met

en is de verwachting dat in totaliteit door de realisatie van

gehouden met de fysieke aanwezigheid van leidingen, waar

minder flauwe taluds: van 1:5 tot 1:8. De poelen van de Na-

poelen meer water in het gebied wordt vastgehouden. De

geen poelen mogen worden gegraven.

tuurgordel en die van de Bosrijke rug vormen één ecologi-

poelen hebben bovendien een positief effect op de lucht-

Net als de bestaande poelen ‘hangen’ de nieuwe poelen op

sche poeleninfrastructuur. Ze liggen nimmer ver verwijderd

vochtigheid van de directe omgeving, waardoor vegetaties

de aanwezige leemlagen, en communiceren niet met de re-

van andere poelen en door het aanbrengen van variatie in

langer fotosynthetisch actief blijven.

gionale hoogten van het grondwater. De bodem van de poe-

diepte en grootte wordt het voortbestaan van populaties

3.1 N AT N E T W E R K VO O R N AT U U R E N K L I M A AT

len wordt waar nodig afgedicht met een waterdichte (leem) laag. Het waterpeil in de poelen beweegt niet mee met het grondwater: ze zijn regenwater afhankelijk. De variatie in de manier waarop het waterpeil in de poelen samenhangt met de ondergrond en diepere (schijn)grondwaterspiegels wordt omarmd. De grootte van de poelen verschilt, zodat er variatie ontstaat. De meeste poelen zijn rond de 400 tot 500 vierkante meter. De onderlinge afstand is ongeveer 100 tot 200 meter, zodat de poelen gezamenlijk een netwerk vormen dat Zwaluwenbunders verbindt met het Noorderbos en de Brand. Er dienen bosjes of singels of struweel ontwikkeld te worden van minimaal 3 meter breed gelegen tussen de 5 en 40 meter afstand van elke poel, dus niet dichter op de poelen. Bij de grote poelen (> 400m2) dient binnen 15 meter ook

Hoofddoelsoort kamsalamander. Beeld: Bij12

Doelsoort boomkikker. Beeld: Ecopedia

3. P L A N U IT L E G: N AT N E T W E R K VO O R N AT U U R E N K L I M A AT

Principeprofiel kleinere aanvullende 'veedrink' poel (± 100m²), met flauwe natuurvriendelijke oevers. Rondom de poelen mag niet teveel beschaduwing plaatsvinden door beplanting

Principeprofiel grote ven-achtige poel (vanaf 400m2), met zeer flauwe natuurvriendelijke oevers. Rondom de poelen mag niet teveel beschaduwing plaatsvinden door beplanting

Principeprofiel zeer grote ven-achtige poel (rond 1000m2), met zeer flauwe natuurvriendelijke oevers

27

28

H+N+S L A N D S C H A P S A R C H IT E CT E N & B U IT I N G A DV I E S ■ VO K L I M A AT L A N D G O E D Z WA LU W E N B U N D E R S

N AT U U R V R I E N D E L I J K E O E V E R S Diverse waterlopen, waaronder de Kasteelloop, krijgen natuurvriendelijke oevers. Deze waterlopen prikken vanuit de Natuurgordel als tentakels in alle windrichtingen en versterken de natte ecologische dooradering. Het natuurvriendelijke profiel van de Kasteelloop is als A-watergang met een talud van 1:5 over de gehele diepte het breedst: 5 m. De overige natuurvriendelijke profielen krijgen een talud van 1:5 tot 30 centimeter onder maaiveld en komen daarmee uit op 3,5 m breedte. Dit om goede natuurwaarden te bereiken en tegelijkertijd in beperkte mate landbouwgrond te verminderen.

Principeprofiel natuurvriendelijke oever - overig

Principeprofiel natuurvriendelijke oever Kasteelloop

3 . P L A N U I T L E G : N A T HNOEOTFWD ESRTKU KVTOIOT RE LN A T U U R E N K L I M A A T

K L I M A AT W I N S T De aanleg van natuurvriendelijke oevers en poelen, de aanleg van nieuwe vegetatie en de ontwikkeling van een gezondere bodem zorgen voor: •

Meer ruimte voor water;

•

Langer vasthouden van water;

•

Meer infiltratie.

Zo is het gebied zelf beter beschermd tegen lange perioden van droogte (die in de toekomst vaker zullen voorkomen), biedt het systeem meer ruimte om piekbuien op te vangen en bereikt meer water via het eerste watervoerende pakket De Brand.

Ook het optimaliseren van het functioneren van de watergang Kasteelloop door verondieping of het plaatsen van een (visvriendelijke) stuw draagt mogelijk bij aan het realiseren

van waterberging, vasthouden van water en het inrichten van een klimaatrobuust watersysteem. De effecten van verschillende maatregelen worden nu onderzocht door middel van modelberekeningen. Daar wordt ook de maaiveldverlaging in de Natuurgordel meegenomen.

Overzicht waterlopen, poelen, natuurvriendelijke oevers en pijlen ecologische verbindingszones

29

30

H+N+S L A N D S C H A P S A R C H IT E CT E N & B U IT I N G A DV I E S ■ VO K L I M A AT L A N D G O E D Z WA LU W E N B U N D E R S

3.2 N AT U U R G O R D E L

LANDSCHAP/ BEPLANTING:

Periodiek, in de natte maanden, staan delen onder water

Her en der wordt gestuurd op de ontwikkeling van kleine

Halfopen landschap met poelennetwerk, kruidenrijk

omdat water bij heftige regenval stagneert op de leemlaag.

bosjes, op minder dan 400 meter van poelen. Deze dienen

grasland/schraalgrasland, hei/ heischraal grasland, afge-

Het gaat om enkele weken per jaar, vaak met tussenpozen.

als overwinteringshabitat voor de kamsalamander. Indien

wisseld met struwelen en solitaire struikvormige wilgen.

Deze wisselwaterstanden bieden ecologische niches waar-

de ontwikkeling van de kleine bosjes niet of te langzaam

Veel ruimte voor spontane ontwikkeling.

van de unieke, gebiedseigen vegetatie van Zwaluwenbun-

op gang komt heeft aanplant de voorkeur. In de beginjaren

ders profiteert.

kunnen houtstapels de functie van bosjes overnemen. Voor

DOELSOORTEN:

grauwe klauwier is struweel van belang als uitkijkpost en

Kamsalamander, boomkikker, grauwe klauwier, oranje zan-

Aan de oostkant doorkruist een vlonderpad voor wandelaars

broedplek. Insecten, waaronder het oranje zandoogje, zullen

doogje, kleine ijsvogelvlinder, spotvogel, kleine parelmoer-

de Natuurgordel. Ongeveer parallel aan de Burgemeester

toenemen door de ontwikkeling van de kruidenrijke vege-

vlinder, kneu, grote pimpernel.

Bechtweg loopt een fietspad in de vorm van een karren-

taties en de toename aan (structuur) variatie. Het groeiende

spoor richting de Bosrijke rug, om vervolgens aan te sluiten

aanbod aan insecten draagt bij aan voldoende voedselaan-

OMSCHRIJVING

op het Riddershofpad. De dynamiek van de bijzondere bo-

bod voor de grauwe klauwier.

Aan de rand van de Bosrijke rug ligt een groot aaneenge-

dem is hier te ervaren doordat paden soms omgeven worden

sloten gebied met relatief lage fosfaatwaarden: hier wordt

door water. Vanaf de Burgermeester Bechtweg is vrij zicht

de Natuurgordel gerealiseerd. Dit gebied wordt ingericht

op de natuurgordel.

als optimaal landschap voor de kamsalamander met zo hoog mogelijke natuurwaarden. Een poelennetwerk staat

E C O LO G I E/ B E P L A NT I N G

in verbinding met nabijgelegen natuurgebieden: naast de

Voor de ontwikkeling van waardevolle kruidachtige vegeta-

kamsalamander profiteert ook de boomkikker van dit nieu-

ties van matig voedselrijk tot armer gebufferd milieu wordt

we kerngebied en het natte natuurnetwerk en ook voor de

op daarvoor kansrijke situaties de fosfaatrijke toplaag van

knoflookpad zou Zwaluwenbunders weer een geschikt leef-

ongeveer dertig centimeter afgegraven. Dit zijn de plekken

gebied kunnen vormen.

met in de huidige situatie al een relatief lage fosfaatwaarde. Er wordt een nieuw maaiveld gecreëerd, waarvan de fos-

Door de bovenlaag af te graven wordt een basenrijke en fos-

faatrijkdom van de bovenlaag binnen de streefwaarden voor

faatarme uitgangssituatie ontwikkeld en komen de bijzon-

soortenrijke natuur valt. Er ontwikkelt zich een halfopen

dere natuurlijke condities van de ondergrond tot expressie

landschap met kruidenrijk grasland, of heischrale vegeta-

in natuur. De afwisselende bodemopbouw en de gradiënten

ties en pioniersvegetaties van matig voedselrijk tot voed-

in het maaiveld worden zichtbaar in een grotendeels spon-

selarm milieu, afgewisseld met struwelen, solitaire struik-

taan ontwikkelende, afwisselende vegetatie. Er ontwikkelt

vormige wilgen, kleine bosjes en het poelennetwerk. Er is

zich een halfopen landschap met kruidenrijk grasland, stru-

veel ruimte voor spontane ontwikkeling van pioniersoorten.

welen en solitaire struikvormige wilgen.

Struwelen en kleine bosjes op korte afstand (enkele tientallen meters) van de poelen zijn van belang als landhabitat voor de kamsalamander en de boomkikker.

Contour natuurgordel en af te graven gebied geprojecteerd op kaart met fosfaatwaarden. Bron: de Schoonste Lusthof

3. P L A N U IT L E G: N AT U U R G O R D E L

Uitsnede deelgebied Natuurgordel

31

32

H+N+S L A N D S C H A P S A R C H IT E CT E N & B U IT I N G A DV I E S ■ VO K L I M A AT L A N D G O E D Z WA LU W E N B U N D E R S

Boven de leidingtracés worden natuurlijke struiken aange-

De verwachting is dat bij het afgraven van het maaiveld tot

onele, secundaire fietsroute die een oostwestverbinding

plant. Door het graven van nieuwe poelen met brede oevers,

0,3 m de hoge grondwaterstand gedeeltelijk mee zal dalen.

maakt binnen Water- en Klimaatlandschap Pauwels. Deze is

het vernatten van een deel van het terrein en het ontgraven

Het maaiveld in de Natuurgordel zal dus niet vaker inunde-

nadrukkelijk niet bedoeld als snelle fietsroute. Het fietspad

van de fosfaatrijke toplaag, ontstaat (in ieder geval tijdelijk)

ren vanuit het grondwater. Voor het plangebied buiten de

bestaat uit een karrenspoor: twee betonbanden van 1 meter

op grote schaal een geschikt milieu voor drijvende water-

Natuurgordel verandert de maaiveldhoogte en afwatering

met daartussen 1 meter groen. Dit is de huisstijl voor fiets-

weegbree. Mogelijk is het zaad nog in de bodem aanwezig,

niet. Daarom is de verwachting dat op deze locatie even vaak

verbindingen binnen Water- en Klimaatlandschap Pauwels,

maar ook een nieuwe vestiging vanuit Huis ter Heide of de

inundatie optreedt als in de huidige situatie.

waar Zwaluwenbunders deelgebied van is. Het beton dient

Oisterwijkse Vennen is mogelijk. Ook oeverkruid, een plant

een lichte kleur te krijgen zodat het niet teveel opwarmt;

met vergelijkbare habitatvoorkeur, is te verwachten: deze

BEHEER

om te voorkomen dat fietsers zonnebadende reptielen

soort is al eerder opgedoken langs een nieuw gegraven poel

Begrazing door een gescheperde kudde lijkt kansrijk als

doodrijden. Het karrenspoor is onderhoudsarm en relatief

in de Zwaluwenbunders.

beheermethode, of hooien met nabeweiding. Bij begrazing

makkelijk te overbruggen voor fauna. Binnen de Natuur-

Het is onwaarschijnlijk dat na het afgraven van de toplaag

door schapen (vanuit Pauwelshoeve) zal gebruik worden

gordel ligt het karrenspoor iets verhoogd ten behoeve van

(en ook anders) de bijzondere kenmerkende soorten uit de

gemaakt van tijdelijke rasters. De vegetatie zich enigszins

de drooglegging. Daarbij worden de taluds smal gehouden:

gewenste waardevolle kruidachtige vegetaties zich spontaan

moeten ontwikkelen voor het instellen van het eindbeheer.

deze krijgen een profiel van 1:2.

zullen vestigen, noch uit een zaadbank, noch via natuurlijke

Naar de randen is het talud flauwer: het 'dijkje' wordt bijna

dispersie, behalve pioniersoorten. Om deze reden dient ma-

M O N I T O R I N G V E G E TAT I E O N T W I K K E L I N G

onzichtbaar ingeleid vanaf de randen. Het fietspad wordt in

teriaal uit diverse referentiegebieden in de directe omgeving

Om de ontwikkeling van de vegetatie in goede banen te

natte perioden omgeven door water.

ingebracht te worden. Bij ontwikkeling van bosschages en

leiden is monitoring noodzakelijk. Hiervoor dient in het DO

Twee vlonderpaden vormen de schakel tussen de wandelpa-

struwelen dienen de kenmerkende soorten, in het bijzonder

een strategie te worden opgesteld. Als de spontane ontwik-

den van de Bosrijke Rug en Pauwelspad. Het zijn smalle pa-

rijkstrooiselsoorten, zoals winterlinde en zoete kers in de

keling tegenvalt kan bijvoorbeeld gekozen worden om meer

den die in natte perioden deels omgeven worden door water.

grootste mate ingebracht te worden.

struiken aan te planten of in te zaaien, of om maaisel op te

Het vlonderpad bestaat uit houten onderdelen, mogelijk

brengen uit verwante natuurgebieden zoals De Brand.

met een stalen rooster daarboven. Ze moeten hoog genoeg

I M PA C T A F G R AV E N O P W AT E R S Y S T E E M

aangelegd worden om afstappen te beperken (n.t.b.: tot

Binnen een deel van de Natuurgordel wordt het maaiveld

R E C R E AT I E F N E T W E R K

met 0,3 m afgegraven, om de fosfaatrijke bovenlaag te ver-

De doorsnijding met paden van het deelgebied is terughou-

wijderen. Hierdoor worden de watergangen binnen de Na-

dend, om de natuur niet te veel te verstoren. Min of meer

GRONDBALANS

tuurgordel minder diep.

parallel aan de Burgemeester Bechtweg loopt een functi-

Vanwege duurzaamheid is het van belang om te werken met

70cm). Honden zijn niet toegestaan.

een gesloten grondbalans. De vrijkomende rijke bovengrond is niet geschikt om terug te brengen in de Natuurgordel en dient hieruit te worden afgevoerd, bij voorkeur voor herbestemming binnen het projectgebied. De grond kan voor een klein deel worden verwerkt in een geluids-/zichtwal tussen de Burgemeester Bechtweg en het fietspad in deelgebied Bosrijke rug. Kansrijke optie is om de overige grond aan te bieden aan agrariërs voor de ophoging van percelen, of om de bossen binnen de Burgemeester Bechtweg aan te planten op een verhoogd maaiveld.

Referentiebeeld struwelen. Beeld: flora van Nederland

Referentiebeeld kruidenrijk grasland/ heischraal grasland/ heide (complex). Beeld: Ecopedia

3. P L A N U IT L E G: N AT U U R G O R D E L

stagnerend water

33

GHG GLG kamsalamander

Zwaluwenbunders wordt ingericht als optimaal leefgebied voor de kamsalamander met een netwerk van poelen .

kamsalamanders overwinteren in de kleine bosjes fijn zand goed doordringbaar

Op ongeveer 0,2 tot 2 m onder maaiveld ligt een grillig patroon van leemschollen. Dat zorgt ervoor dat water niet makkelijk kan infiltreren en soms stagneert op maaiveld en in de poelen

de leemlaag houdt het water vast: op lage delen ontstaan poelen

Visualisatie Natuurgordel: halfopen landschap met kruidenrijk grasland, struwelen, solitaire struikvormige wilgen, kleine bosjes en het poelennetwerk. Extensief toegankelijk via karrenspoor en vlonderpad

leemlaag slecht doordringbaar voor water

34

D

A

A'

3. P L A N U IT L E G: N AT U U R G O R D E L

Vlonderpad met stalen rooster, Biesbosch

35

Referentiebeeld karrenspoor beton. Beeld: onbekend

Principeprofiel vlonderpad: hout en stalen roosters. Minimale hoogte 60 cm i.v.m. voorkomen betreding

D'

Principeprofielen karrenspoor met respectievelijk steil en flauw taulud

36

H+N+S L A N D S C H A P S A R C H IT E CT E N & B U IT I N G A DV I E S ■ VO K L I M A AT L A N D G O E D Z WA LU W E N B U N D E R S

3.3 BOSRIJKE RUG

LANDSCHAP/ BEPLANTING:

In het gedeelte binnen de Burgemeester Bechtweg zijn de

De graslanden blijven hier kort, zodat de das hier goed zijn

Kleinschalig landschap met kruidenrijk grasland, kruiden-

contouren getekend voor een boslandgoed, het 'Kransbos',

voedsel kan zoeken. Het maaiveld wordt niet afgegraven,

rijke graanakkers, hooilandjes, struweelsingels, houtsin-

met een stevige boskern vergelijkbaar met de schaal van het

zodat het bodemleven behouden blijft. In de overgangszone

gels, mantel- en zoombeplanting aan bestaande bosschages

Hazennest. Er is ruimte om het later naar behoefte verder

naar de Natuurgordel zijn enkele hooilandjes geprojecteerd.

en kleinere poelen (‘drinkpoelen’).

in te vullen met bijvoorbeeld landschappelijk wonen in het

Ook komen er rond de Natuurgordel meerdere kruidenrijke

bos. Dat kan binnen enkele jaren maar ook later, als het bos

graanakkers. In de nieuwe singels en hagen komen (naast

SOORTEN:

al gegroeid is. Een voetgangersbrug vormt ooit de entree

andere soorten die ook in de bossen voorkomen) verschil-

Aanwezige das. Doelsoorten kamsalamander, boomkikker,

vanuit het aan te leggen boslandgoed.

lende vruchtdragende struiken die extra voedsel opleveren

kleine ijsvogelvlinder, kleine parelmoervlinder, middelste bonte specht, spotvogel. OMSCHRIJVING

voor de das. De singels en hagen zijn waar logisch in wat Het grotere aaneengesloten bosrijke gebied dat ontstaat is

noordwestelijke richting gepositioneerd vanuit het bos om

een echo van het uitgestrekte bosgebied de Nieuwe Warande

hitte van zon tegen te gaan en daarmee de bodem wat voch-

dat Tilburg ooit met De Brand verbond.

tiger te kunnen houden direct achter de singels en hagen.

Op de dekzandrug worden bestaande en nieuwe bosschages

Ook dragen ze bij als begeleiding van de das vanuit het bos

aaneengeregen door landschapselementen en kleine bos-

De wandelaar beweegt zich over maaipaden, langs de land-

met burcht het foerageergebied in.

jes. Zo ontstaat een kleinschalig landschap: de 'Bosrijke

schapselementen en soms door het bos. Het karrenspoor

In het kleinschalige landschap zal eiken-haagbeuken-

rug'. Daarbinnen is ruimte voor beweid grasland en enkele

takt aan op het Riddershofpad. Er is ruimte voor kleinscha-

bos worden aangeplant, met kwantitatieve nadruk op

hooilandjes van de huidige boeren. En ook hier is het net-

lig recreatief programma rondom het Riddershofpad: fiets-

rijk-strooiselsoorten, volgens wild-heterogeen-plantver-

werk van poelen te vinden voor de kamsalamander en de

parkeervoorzieningen, een natuurspeeltuin en een honden-

band: dat zorgt voor veel (structuur)variatie. De aan te plan-

boomkikker. Wel hebben de poelen een bescheidener vorm,

losloopveld.

ten bomen hebben indien mogelijk een autochtone her-

passend bij de agrarische functie zijn ze meer gedimensio-

komst. Met het ouder worden van het bos zal extra geschikt

neerd als drinkpoel. Aan de bestaande bosschages wordt een

Het gebied ten zuidwesten van de Burgemeester Bechtweg

leefgebied ontstaan voor bosdieren als de kleine ijsvogel-

grillige mantel- en zoomvegetatie toegevoegd, georiënteerd

is globaal meegenomen in de planvorming voor Zwaluwen-

vlinder en middelste bonte specht, aan de randen en in open

op het zuiden. Het bosgebied maakt de verbinding tussen

bunders. Voor deze plek zijn de contouren van een boscom-

plekken in het bos. De spotvogel heeft juist een voorkeur

de stad en Hazennest bij Zwaluwenbunders: het landschap

plex aangegeven, dat na nader onderzoek en in een verder

voor de jonge bossen, maar zal waarschijnlijk blijvend een

steekt de weg over.

planstadium concreet kan worden gemaakt. De planuitleg

plek vinden in de houtsingels. Langs nieuwe bossen en be-

voor dit deel wordt toegelicht in een aparte paragraaf: nu

staande bossen worden mantel-zoomvegetaties ontwikkeld.

Het deel van de Bosrijke rug rond de bosschages van het

volgt de uitleg voor het deel aan de noordkant van de Burge-

Spontane vestiging van kenmerkende bosplanten en zoom-

Hazennest, buiten de Burgemeester Bechtweg, is o.a. be-

meester Bechtweg.

planten is op korte termijn niet waarschijnlijk en inbrengen

doeld als optimale habitat voor de aanwezige das, die hier

van die soorten dient overwogen. In deze zone komen ook

al decennialang huisvest. Daarnaast profiteren vele andere

E C O LO G I E/ B E P L A NT I N G

meerdere poelen die geschikt zullen zijn voor kamsalaman-

soorten van dit kleinschalige cultuurlandschap.

In de Bosrijke rug komen extra bos en kleinschalige land-

der en boomkikker. Samen met de aangrenzende bossen,

schapselementen. Dit gebied wordt vooral optimaal inge-

singels en graslanden ontstaat er ook hier een compleet

richt voor de das, die hier nu al een burcht heeft.

habitat voor deze soorten.

3. PLANUITLEG: BOSRIJKE RUG

Uitsnede deelgebied Bosrijke rug

37

38

H+N+S L A N D S C H A P S A R C H IT E CT E N & B U IT I N G A DV I E S ■ VO K L I M A AT L A N D G O E D Z WA LU W E N B U N D E R S

Er worden waardevolle brede singels en hagen met ken-

eerste plaats een natuurdoel hebben. Bij eventuele begra-

alleen aangelijnd het singellandschap in. Om te voorzien in

merkende bomen en struiken aangeplant. Op de volgende

zing dient afrastering onnadrukkelijk te worden vormgege-

de uitlaatbehoefte wordt ruimte geboden aan een honden-

pagina staan profielen van de verschillende landschapsele-

ven, met houten paaltjes en draad.

losloopveld aan de zuidkant van het Riddershofpad. Ook bij het Kransbos is een rustpunt met picknicktafels, daar waar

menten. We hebben de volgende soorten voor ogen voor de struweelsingels, houtsingels en de mantel- en zoombe-

R E C R E AT I E F N E T W E R K

het historische pad een knik heeft.

planting aan (bestaande) bosschages: gewone vogelkers,

Het singellandschap heeft binnen het plangebied van

Zie p. 42. Afbakening dient onnadrukkelijk te worden vorm-

boswilg, Gelderse roos, gewone vlier, wilde kardinaalsmuts,

Zwaluwenbunders het grootste recreatieve laadvermogen.

gegeven: liefst simpele houten paaltjes en draad. In bos-

wilde lijsterbes, hondsroos, sporkehout, rode kornoelje,

Grenzend aan woongebied Nieuwe Warande en de entree

schage bij het bestaande erf is een geluidswal opgenomen

hazelaar, sleedoorn en wilde appel.

vanuit Tilburg Noord vind je verschillende wandelrondes

van 2,5 meter hoog, 13,5 meter breed. Talud wegkant 1:2;

over maaipaden. De opzet is dat deze paden ook door de

oostkant 1:3.

BEHEER DOOR LANDBOUW

boer worden gebruikt. Er zijn verschillende rondjes te ma-

Binnen de Bosrijke rug blijft de agrarische functie behou-

ken: van een half uurtje lopen tot twee uur onderweg. Met

BOSLANDGOED 'KRANSBOS'

den. De graslanden en akkers zullen grotendeels in agra-

de routes wordt aangesloten op het Pauwelspad. De routes

De contouren van het boslandgoed zijn gebaseerd op de

risch gebruik blijven. Het gebruik van de graslanden in

vervelen niet: er zijn steeds andere lussen te maken. De

oude kransakkers die hier te vinden waren: een groot bos-

deze zone zal bij voorkeur uit extensieve begrazing door

oriëntatie van de paden wisselt tussen zon en schaduwzijde.

complex als één geheel, met een of meerdere kamers daar-

landbouwdieren bestaan. Voor een gezondere bodem wordt

Door het bos bestaan de wandelpaden uit leemkleurige half-

binnen. Geen aaneengeregen boscomplexen dus zoals de

aangeraden om de fosfaatnorm terug te schroeven tot ½ of

verharding

opzet van de rest van de Bosrijke rug. Er is op deze plek geen onderzoek gedaan naar bodem, water en ecologie. Ook heeft

¼ van de standaardnorm. De stikstofbemesting kan worden toegestaan tot standaard. Met voorkeur voor meststof-

VOORZIENINGEN

de gemeente nog geen eenduidig idee over het programma

fen rijk aan organische stof, bijvoorbeeld ruwe stalmest of

Op een strategische plek langs het Riddershofpad ligt een

voor deze plek. Het ruimtelijk kader is een aaneengesloten

houtcompost. Dit alternatief zou kunnen gelden voor het

overstappunt voor fietsers. Hier kan de fiets geparkeerd

centrumgericht boscomplex, met een langzaam erkeerroute

gehele gebied dat in agrarisch beheer blijft, totdat fosfaat-

worden en kunnen bezoekers te voet het gebied verkennen.

over een historisch tracé aan de zuidkant. Hier vind je in de

waarden zijn afgenomen tot 100 mg P (P-Al)/kg DS. Be-

Nabij de fietsparkeerplaats is ruimte gereserveerd voor twee

knik een rustplek. Laanstructuren roepen de sfeer van land-

kalking wordt wel aanbevolen; kalkhoudende gronden zijn

picknicktafels, een natuurspeeltuin, met een beschutte

goed op. Lindes en iepen zijn hiervoor geschikte bomen.

rijker aan bodemleven en bieden een beter foerageergebied

ligging met lindebomen en omgeven door bosschages. Risi-

Ontsluiting voor de auto lijkt logisch vanaf de noordkant

voor de das. Kruidenrijke graanakkers kunnen net als de

covol spelen past bij de plek. De spelelementen worden ge-

van het bos, via de Bundersestraat.

graslanden beheerd worden door agrariërs, hoewel ze in de

maakt van natuurlijk, duurzaam materiaal. Honden mogen

Referentiebeeld maaipad langs boszoom.

Referentiebeeld landschap. Beeld: Buiting

Beeld: Marijke Beumer mooisteroutes.nl

Natuurspeeltuin. Beeld: Hoek hoveniers- en groenvoorzieningsbedrijf

3. PLANUITLEG: BOSRIJKE RUG

39

kleine bosjes

singels hagen

kruidenrijk grasland

GHG GLG De das leeft in een burcht, onder het maaiveld in de bestaande bosschages van het Hazennest

In de nieuwe singels en hagen komen verschillende vruchtdragende struiken voor die extra voedsel opleveren voor de das

Mollen mengen bodemlagen en creeren zo bodems met hoge porositeit. Dit trekt regenwormen; de belangrijkste voedselbron voor mollen en dassen

Visualisatie Bosrijke rug: kleinschalig landschap met kruidenrijk grasland, struweelsingels, houtsingels, kleine bosjes en poelen. De wandelaar loopt er vlechtend doorheen

40

Houtsingel 7,5m

Principeprofiel houtsingel met afwisselende oriëntatie van het wandelpad.

F

Houtsingel 15m

Principeprofiel houtsingel met afwisselende oriëntatie van het wandelpad.

F'

3 . P L A N U I T L E G P E3 R . PDLEAE N LG UE I TBLI E G D: B S IONSGREI L JL KA E NRDUSGC H A P H A Z E N N E S T

Principeprofiel uitbreiden bestaand bos met mantel- en zoomvegetatie en voetpad. Sturen op toename van dood hout zorgt voor verhoging van biodiversiteit in het bos

41

42

H+N+S L A N D S C H A P S A R C H IT E CT E N & B U IT I N G A DV I E S ■ VO K L I M A AT L A N D G O E D Z WA LU W E N B U N D E R S

3. PLANUITLEG: BOSRIJKE RUG

43

44

H+N+S I.S.M. B U IT I N G A DV I E S ■ K L I M A AT L A N D G O E D Z WA LU W E N B U N D E R S ■ VO O R LO P I G O NT W E R P

3.4 BUFFERZONE DUURZAME LANDBOUW LANDSCHAP/ BEPLANTING:

logische waarde, maar ook op vochtvasthoudende eigen-

Halfopen landschap met ritmische geleding door struweel-

schappen, goede strooiselkwaliteit en waarde voor vee.

singels.

Af en toe staat er een boom in: voor extra diversiteit/ structuurvariatie, schaduwwerking en vanwege de goede strooi-

SOORTEN:

selkwaliteit, wat bijdraagt aan een gezonde bodem. De

Aanwezige steenuil en kerkuil. Doelsoorten kamsalaman-

bomen staan op onregelmatige afstand, toegepaste soorten

der, boomkikker, kleine parelmoervlinder, spotvogel, grau-

zijn fladderiep, ratelpopulier en linde. Ook in de bufferzone

we klauwier, oranje zandoogje, kneu.

vind je poelen, kruidenrijke natuurakkers en natuurvriendelijke oevers. Boomteelt is in dit gebied uitgesloten: dit is

OMSCHRIJVING

niet passend in het landschap. Er ontstaat een aantrekkelijk

Aan de noordzijde van de Natuurgordel, op de overgang naar

kleinschalig landschap voor oranje zandoogje, kneu, steen-

agrarisch gebied in particulier bezit, wordt op de gronden

uil, kerkuil, das, kamsalamander en nog veel meer soorten.

van de gemeente een stap gemaakt in de landbouwtransitie.

Boomkikker, grauwe klauwier en spotvogel profiteren van

In dit gebied worden de percelen smaller en op de perceel-

de nieuwe struweelsingels.

grenzen worden struweelsingels aangeplant met daarin enkele bomen. De singels weren wind en gaan verdroging

R E C R E AT I E F N E T W E R K

tegen, doorwortelen de bodem en verhogen zo de vrucht-

Er loopt 1 klompenpad door de bufferzone, dat de routes uit

baarheid, werpen schaduw voor dieren en verhogen zo wel-

de Bosrijke Rug verbindt met het Pauwelspad.

zijn, vruchtbaarheid en melkgift, en verhogen biodiversiteit ten gunste van natuurlijke plaagbestrijding. Deze meer-

RANDVOORWAARDEN AGRARISCH GEBRUIK

voudige agronomische meerwaarde staat in gunstige balans

Omwille van de bodemkwaliteit en natuurwaarden dienen

met de betrekkelijk kleine areaalvermindering, een kleinere

in een volgend planstadium afspraken te worden gemaakt

eerste snede van hooilanden (maar betere tweede snede) en

over het uitrijden van mest en het aantal dieren per hectare.

verhoogde beheerkosten. In noordwestelijke richting loopt

De poelen worden in de DO fase verder uitgewerkt en ook de

een nieuwe ecologische verbinding richting het Noorderbos

bereikbaarheid van percelen is een DO uitwerking.

met enkele poelen en struweelsingels. E C O LO G I E/ B E P L A NT I N G De nieuwe struweelsingels in de bufferzone bestaan uit de soorten gewone vogelkers, boswilg, Gelderse roos, gewone vlier, wilde kardinaalsmuts, wilde lijsterbes, hondsroos, sporkehout, rode kornoelje, hazelaar, sleedoorn en wilde appel. De soortkeuze is gebaseerd op de groeiplaats en eco-

Principeprofiel struweelsingel met enkele bomen en afwisselende oriëntatie van het wandelpad

Uitsnede deelgebied Agrarische rand.

3. PLANUITLEG: AGRARISCHE RAND

Uitsnede deelgebied Bufferzone duurzame landbouw (3.4) en Agrarische rand met ecologische dooradering (3.5)

45

46

H+N+S L A N D S C H A P S A R C H IT E CT E N & B U IT I N G A DV I E S ■ VO K L I M A AT L A N D G O E D Z WA LU W E N B U N D E R S

GHG

poel

GLG

zandoogje

in dit landbouwgebied voorzien natuurvriendelijke oevers en struweelsingels in kleinschalige ecologische dooradering. Het leefgebied van de steenuil en de vlinders wordt daardoor verbeterd

kneu de vlinder oranje zandoogje is gebaat bij een combinatie van houtige landschapselementen, kruidenrijke graslanden en open akkerranden

Wensbeeld Agrarische rand. Lange struweelsingels en palenrijen voor de steenuil met op de achtergrond de (bestaande) te revitaliseren boomrijen langs zandwegen

de steenuil gebruikt de graslanden als foerageergebied

3. PLANUITLEG: AGRARISCHE RAND

47

3.5 AGRARISCHE RAND MET ECOLOGISCHE DOORADERING LANDSCHAP/ BEPLANTING:

Er worden enkele kleine kruidenrijke graanakkers

hazelaar, sleedoorn en wilde appel. Door de aanleg van

Overwegend open landschap met geleding door

gerealiseerd. Er loopt een wandelpad langs de lange lijnen

struweelsingels en de ontwikkeling van een kruidenrijke

struweelsingels.

van de struweelsingel. Aan de randen sluit dit aan op oude

natuurakker zal niet alleen het leefgebied van de steenuil en

zandpaden. Belangrijk onderdeel van de agrarische rand zijn

kerkuil worden verbeterd: ook kleine parelmoervlinder en

SOORTEN:

de boomrijen langs oude ontginningswegen. De iepen staan

kneu zullen profiteren.

Aanwezige steenuil en kerkuil. Doelsoorten kleine

er niet overal goed bij: deze boomrijen dienen te worden

parelmoervlinder, spotvogel, grauwe klauwier, oranje

hersteld met iepenziekte-resistente iepen. Of eventueel een

R E C R E AT I E F N E T W E R K

zandoogje, kneu.

andere boomsoort: dit heeft vanuit landschapskwaliteit niet

Er lopen bestaande wandelpaden door het gebied:

de voorkeur.

waaronder het Pauwelspad. De bestaande zandpaden zijn

OMSCHRIJVING

karakteristiek en zeer waardevol.

De 'Agrarische rand' aan de noordzijde is vooral in

E C O LO G I E/ B E P L A NT I N G

particulier bezit: hier doen we weinig. De ambitie is om

De aan te planten struweelsingels zijn hetzelfde als de

in goed overleg met boeren te voorzien in kleinschalige

singels uit de bufferzone, maar zonder bomen. Ze worden

ecologische dooradering van het gebied, in de vorm

5 meter breed, met soorten zoals gewone vogelkers,

van struweelsingels en natuurvriendelijke oevers. De

boswilg, Gelderse roos, gewone vlier, wilde kardinaalsmuts,

aanwezige biologische boer wordt gezien als trendsetter.

wilde lijsterbes, hondsroos, sporkehout, rode kornoelje,

Referentiebeeld kruidenrijke akker. Beeld: onbekend

Steenuil op paaltje. Beeld: André Eijkenaar

Principeprofiel struweelsingel met enkele bomen en afwisselende oriëntatie van het wandelpad

48

H+N+S L A N D S C H A P S A R C H IT E CT E N & B U IT I N G A DV I E S ■ VO K L I M A AT L A N D G O E D Z WA LU W E N B U N D E R S

Landschapselementen dragen bij aan dierenwelzijn. Beeld: H+N+S Landschapsacrhitecten i.s.m. De Schoonste Lusthof

3. PLANUITLEG: AGRARISCHE RAND

Landschapselementen dragen bij aan een gezond milieu. Beeld: H+N+S Landschapsacrhitecten i.s.m. De Schoonste Lusthof

49

50

H+N+S L A N D S C H A P S A R C H IT E CT E N & B U IT I N G A DV I E S ■ VO K L I M A AT L A N D G O E D Z WA LU W E N B U N D E R S

4.1 R E C R E AT I E F NETWERK De hoofdentree voor fietsers vanuit Tilburg is de fietsbrug over de Burgemeester Bechtweg, die doorloopt in de bestaande primaire fietsroute Riddershofpad aan de zuidoostkant van het plangebied. Min of meer langs de Burgemeester Bechtweg wordt een secundaire fietsroute gerealiseerd als ‘oostwest’ verbinding binnen Water- en Klimaatlandschap Pauwels. Het gebied Zwaluwenbunders zelf is vooral bedoeld voor voetgangers. Het bestaande wandelnetwerk wordt uitgebreid, zodat afwisselende rondes van verschillende grootte kunnen worden gemaakt. Aan de oostzijde, door de Bosrijke rug, is het nieuwe padennetwerk intensiever. Hier kunnen diverse rondjes worden gemaakt vanuit woongebied Nieuwe warande, en vanaf het rustpunt aan het Riddershofpad. Een nieuwe voetgangersbrug vanuit het boslandgoed in de stadsrand is een kans om dit gebied met Zwaluwenbunders te verbinden. De wandelpaden bestaan uit in principe uit maaipaden, gedeeltelijk uit vlonderpaden en door het bos uit halfverharding met leem. Aan het Riddershofpad ligt een rustpunt met twee picknicktafels, een natuurspeeltuin, fietsnietjes en enkele lindes.

vraag gemeente: hoe zit het met routes vanuit Nieuwe Warande

Ook bij het Kransbos is een rustpunt met picknicktafels, daar waar het historische pad een knik heeft.

Picknick tafel hout. Beeld: Van Vliet/ duurzaamhout.nl

Fietsparkeren in boomstam. Beeld: Boom en Staal

Themakaart 'Recreatief netwerk'

4. OVERZICHTSKAARTEN

51

4.2 AANLEG Deze kaart biedt inzicht in de te realiseren elementen binnen het project Zwaluwenbunders. De kaart vormt de basis voor de globale kostenraming. Omdat de bosschages en landschapselementen van het Boslandgoed binnen de Burgemeester Bechtweg een ander uitwerkingsniveau hebben zijn de aantallen hiervan los van de rest inzichtelijk gemaakt.

Themakaart 'Aanleg'

52

H+N+S L A N D S C H A P S A R C H IT E CT E N & B U IT I N G A DV I E S ■ VO K L I M A AT L A N D G O E D Z WA LU W E N B U N D E R S

5. AANDACHTSPUNTEN/ DOORKIJK DEFINITIEF ONTWERP Als belangrijkste uitwerkingen en aandachtspunten voor

het gebied te monitoren. Hiervoor dient als onderdeel van

Doorontwerpen

het Definitief Ontwerp (DO) zien we de volgende thema's:

het DO (of UO?) een plan te worden opgesteld.

•

Afronding kopse kant van NVO

•

Kruising paden met waterlopen zeker in geval van NVO

•

Materialiseren/ detailleren paden bos/ fietspad/ vlon-

Kostenberekening

Uitwerking poelen

Na oplevering van het VO wordt een kostenberekening ge-

De poelen dienen in de DO-fase in detail te worden gedi-

maakt. Op de uitkomsten hiervan dient te worden gereflec-

mensioneerd en uitgetekend, geven de ecologen aan.

teerd. Mogelijk leidt dit tot aanpassingen.

Een beplantingsplan geeft inzicht in sortiment, maten, aantallen, plantafstanden en ook de aanvangstsituatie i.r.t.

Grondbalans en grondstrategie

het gewenste eindbeeld dient in beeld te worden gebracht.

De eerste globale berekeningen van het grondverzet laten zien dat er veel grond vrij komt die in het huidige planopzet

Uitwerken boslandgoed/ recreatieve voorzieningen in

niet verwerkt wordt. Duurzaam omgaan met grondverzet

overeenstemming met dit plan

is een belangrijk uitgangspunt. In de startfase van het DO

In dit project zijn de recreatieve elementen niet ontworpen:

dient ook hier aandacht aan worden te besteed: wat zijn de

er zijn ruimtereserveringen gemaakt en de beoogde func-

opties buiten de plangrenzen; wat kunnen we eventueel

ties en uitstraling zijn omschreven. We raden om om in de

oplossen binnen de contour door aanpassingen?

vervolgfase met stakeholders en omwonenden in gesprek te gaan om wensen te inventariseren en o.a. op basis daarvan

Bereikbaarheid akkers voor landbouwverkeer, beheerpad

de laag van het toe te voegen programma verder uit te wer-

nvo

ken.

Een uitwerking voor het DO is de toegankelijkheid van percelen (met aandacht voor gronddammen) en het beheer van

Uitwerken voorwaarden landbouw in bufferzone uitwer-

Natuurvriendelijke oevers. Dit dient samen met grondei-

ken

genaren en andere beheerders te worden uitgewerkt (i.r.t.

Omwille van de bodemkwaliteit en natuurwaarden dienen in

recreatief medegebruik, veiligheid, NVO, duikers etc.).

een volgend planstadium afspraken te worden gemaakt over het uitrijden van mest en het aantal dieren per hectare.

Opstellen monitoringsplan Omdat bodem en water een grote variatie en daarmee een

Verdiepingsslag water

grote mate van onvoorspelbaarheid kennen is het van be-

Ingemeten waterlopen verwerken op tekening, o.a. bij

lang om uiteindelijk te werken met een strategie van mo-

maatvoering NVO. Berekeningen impact aanpassingen wa-

nitoring, waarbij zowel een ecoloog, bodem expert en en

tersysteem.

(grond)water expert betrokken is. Laatste om de effecten op nabijgelegen percelen en op de grondwaterstanden binnen

derpad •

Precieze dimensionering/ aanplantmethode/ ruimtebeslag lineaire landschapselementen. Struiksingels > 5m?

53

54

H+N+S L A N D S C H A P S A R C H IT E CT E N & B U IT I N G A DV I E S ■ VO K L I M A AT L A N D G O E D Z WA LU W E N B U N D E R S

Intellectuele eigendomsrechten met betrekking tot uitgaven

Alle intellectuele eigendomsrechten met betrekking tot de inhoud, waaronder tekst en beeld, van deze uitgave berusten bij H+N+S B.V. en/of haar licentiegevers. Zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van H+N+S B.V. en/of haar licentiegevers, is het niet toegestaan om enige inhoud openbaar te maken en/of te verveelvoudigen. [Voor zover openbaarmaking en/of verveelvoudiging is toegestaan, moet steeds de bron worden vermeld indien dit wettelijk of contractueel verplicht is. Commercieel of onrechtmatig gebruik van enige inhoud van deze uitgave is niet toegestaan.] Inspanningsverplichting achterhalen rechthebbenden

H+N+S B.V. heeft haar uiterste best gedaan om rechthebbenden van de inhoud, waaronder tekst en/ of beeld, van deze uitgave te achterhalen. Indien u (mede)rechthebbende bent op enige inhoud en voor het gebruik daarvan niet als (mede)rechthebbende bent genoemd of daarvoor geen toestemming hebt verleend waar die wel vereist was, verzoeken wij u onmiddellijk contact op te nemen via mail@hnsland. nl. Disclaimer ten aanzien van uitgaven

H+N+S B.V. heeft uiterste zorg besteed aan de inhoud van deze uitgave. H+N+S B.V. wijst echter iedere vorm van aansprakelijkheid af voor onvolkomenheden of onjuistheden ten aanzien van de inhoud van de uitgave. H+N+S B.V. behoudt zich het recht voor de inhoud van de uitgave te wijzigen zonder dit vooraf aan te kondigen.

55

COLOFON/ BRONNEN

C O LO F O N

BELANGRIJKSTE BRONNEN

Inhoud: H+N+S Landschapsarchitecten, Buiting Advies, BOOT, De Schoonste Lusthof

Vooronderzoeken

Projectnummer: 2862

•

oktober 2022

Opdrachtgever: Gemeente Tilburg Datum: 27-06-2024

•

Conceptrapport Vooronderzoek Bodemherstel Zwaluwenbunders Tilburg, De Schoonste Lusthof, februari 2023

Team H+N+S Landschapsarchitecten

Hydrologische systeemanalyse plangebied Zwaluwenbunders te Tilburg, BOOT,

•

Ecologisch onderzoek en advies Zwaluwenbunders, deel1, Tilburg, Buiting Advies, 13 februari 2023

Marijne Beenhakker (sr. landschapsarchitect, projectleider) Camille Poureau (mr. landschapsarchitect) Jimmy Kok (ondersteuning)

Overig •

den van Tilburg, Archol rapport 420, 2019

Buiting Advies Elmar Prins (projectleider ecologie)

Bewoningssporen uit de midden- en late bronstijd op de dekzandvlakte ten noor-

•

Historisch-geografische verkenning in Tilburg Noordoost, Lambert Winkelmolen, 2018

Jan van Harten (projectmedewerker GIS en ecologie) Bob van Bommel (projectleider, procesbegeleiding, medior ecoloog)

•

BOOT

Internet

Tjeerd van Spronsen (adviseur geohydrologie), Arjan Averink (sr. adviseur stedelijk water & klimaatadaptatie)

•

Topo Tijdreis

•

Wikipedia

•

vogelsenzo.blogspot.com / Ad Kolen

De Schoonste Lusthof Job Claushuis (adviseur plant- en bodem) Projectteam werksessies/ betrokken partijen Gemeente Tilburg: Marc Houter (projectleider), Olivier Keij (programma ondersteuner), Gijs Breeman (landschapsarchitect), Mischa Cillessen (ecoloog), Marielle van Dalen (beleidsmedewerker water en riolering) Waterschap de Dommel: Guido van Wijk (adviseur watersystemen / hydroloog), Iris van der Laan (medior adviseur ecologie), Marion Rensink (planvormer landelijk gebied)

Voorlopig Ontwerp Oostkamer, Afdeling Ruimte Gemeente Tilburg, augustus 2012

H+N+S Landschapsarchitecten Bezoekadres Soesterweg 300 3812 BH Amersfoort Postadres Postbus 1603 3800 BP Amersfoort

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16508965/1