CConstaterende datTilburg
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 3.2. Ontwerp TAM hs 22p Kempenbaan toelichting.Pdf

Raadsvergadering 9 maart 2026, gemeente TilburgBij agendapunt: Raadsvoorstel besluit wijzigen TAM omgevingsplan hs 22p Kempenbaan-Oost23.906 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Motivatie

Hoofdstuk 1 Plan en plangebied 1.1 Aanleiding tot planwijziging Voor het gebied Kempenbaan-Oost wordt gewerkt aan een stedenbouwkundig plan. In dit stedenbouwkundig plan is een andere invulling van het gebied dan het huidige omgevingsplan (bestemmingsplan 'Leijpark-Koningshoeven 2008') mogelijk maakt. Het doel van het stedenbouwkundig plan is de ruimtelijke kwaliteit van het gebied te bevorderen en daarnaast de aanleg van onder andere een ecologische zone en een betere ontsluiting van het gebied en de Koningshoeven naar de Kempenbaan mogelijk te maken. Dit zorgt direct voor een verbetering van de ruimtelijke kwaliteit doordat de verkeersintensiteit op de Koningshoeven afneemt, de verkeersveiligheid toeneemt en de doorstroming op de Kempenbaan verbetert. Het stedenbouwkundig plan omvat een inpassing van een stadsdistributiecentrum, een regionale ambulancepost en nieuwe lintbebouwing langs het historisch lint van Koningshoeven. De bedoeling van dit TAM-IMRO omgevingsplan (een tijdelijk alternatieve maatregel om nieuwe ontwikkelingen mogelijk te maken) is de ontwikkeling van de lintbebouwing en ambulancepost, samen met een ontsluitingsweg met een nieuw kruispunt, landschappelijke inpassing en een ecologische verbindingszone.

Voor het stadsdistributiecentrum is reeds op 16 oktober 2024 een omgevingsvergunning (met buitenplanse omgevingsplanafwijking) verleend en wordt daarom niet opgenomen in dit omgevingsplan. Deze vergunning zal t.z.t. in het definitieve omgevingsplan van de gemeente Tilburg op worden genomen. Het huidige omgevingsplan kent zeer ruime bouw- en gebruiksmogelijkheden en als die bouw- en gebruiksmogelijkheden gebruikt worden, zal dit de realisering van het stedenbouwkundig plan kunnen blokkeren. Om planologisch te kunnen anticiperen op het stedenbouwkundig plan en functies en bouwmogelijkheden die niet passen in het stedenbouwkundige plan maar nog wel planologisch zijn toegestaan te verbieden, heeft de gemeenteraad bij besluit van 23 september 2024 voor de percelen in Kempenbaan-Oost een voorbereidingsbesluit, zoals bedoeld in artikel 4.14 van de Omgevingswet, genomen. In het voorbereidingsbesluit zijn voorbeschermingsregels opgenomen. De voorbeschermingsregels vervallen na 1 jaar en 6 maanden, mits voor die tijd een wijziging van het omgevingsplan met de nieuwe regels is vastgesteld en bekendgemaakt. In dat geval vervallen de voorbereidingsbeschermingsregels 4 weken na bekendmaking, wanneer het plan in werking treedt.

Afbeelding: werkingsgebied van het voorbereidingsbesluit van 23 september 2024

Met deze motivering wordt een basis gegeven voor de wijziging van het omgevingsplan. De motivering geeft aan waarom de beoogde ontwikkeling past binnen de visie op het gebied. Er wordt nader ingegaan op de wijze waarop de ontwikkeling aansluit op de plaatselijke situatie en het beleid dat de gemeente voorstaat. Tevens worden de (stedenbouwkundige) richtlijnen en randvoorwaarden welke aan de basis van de planontwikkeling hebben gestaan in de toelichting verwoord. De motivering geeft ook de resultaten van de uitgevoerde onderzoeken weer.

1.2 Het plangebied Het plangebied omvat de percelen in Kempenbaan-Oost, kadastraal bekend gemeente Tilburg, sectie nummers 224 (ged.), 336 (ged.), 596 (ged.), 599 (ged.), 1030 (ged.), 626 (ged.), 603 (ged.), 604 (ged.), 579 (ged.), 581 (ged.), 578 (ged.), 687, 686 (ged.), 685 (ged.), 542, 620 (ged.), 619, 688 (ged.), 786, 785, 626 (ged.), 905 (ged.), 906 (ged.), 1029 en 1028 en sectie X, nummers 1234, 1235, 1518, 1519, 1520 en 1521 (ged.).

Afbeelding: ligging plangebied in de gemeente Tilburg

1.3 Geldend planologisch kader Op de locatie Kempenbaan-Oost gelden verschillende bestemmingsplannen die sinds de inwerkingtreding van de Omgevingswet op 1 januari 2024 onderdeel zijn geworden van het omgevingsplan van de gemeente Tilburg. Het planologische regime bestaat uit: <0000> Bestemmingsplan ‘Leijpark-Koningshoeven 2008’; <0000> Paraplubestemmingsplan ‘Tilburg, Parkeerregeling 2017’; <0000> Paraplubestemmingsplan ‘Tilburg, Terrasregels 2019’; <0000> Voorbereidingsbesluit flitsbezorgers met darkstores; <0000> Paraplubestemmingsplan ‘Tilburg, parapluplan waterberging & grondwaterbescherming’; <0000> Omgevingsplan gemeente Tilburg. Voor de bouw- en gebruiksmogelijkheden is feitelijk slechts het bestemmingsplan ‘Leijpark-Koningshoeven 2008’ relevant. Het paraplubestemmingsplan ‘Tilburg, Parkeerregeling 2017’ is van belang voor de

toepasselijke parkeernorm. Het paraplubestemmingsplan ‘Tilburg, parapluplan waterberging & grondwaterbescherming’ is van belang voor de waterbergingseis. Op grond van het bestemmingsplan ‘Leijpark-Koningshoeven 2008’ rust op de locatie de enkelbestemming ‘Bedrijf’, en de functieaanduidingen ‘horeca tot en met horecacategorie 3’, ‘bedrijf tot en met categorie 3.1’ en ‘kantoor’. De locatie is voorzien van een bouwvlak en de toegelaten maatvoering (voor zover relevant) bestaat uit een maximum bebouwingspercentage van 100%, een maximale bouwhoogte van 15 meter in het zuidelijk en westelijk deel en 12 meter in het noordelijk en oostelijk deel (en aldaar met een maximum goothoogte van 9 meter).

Afbeelding: uitsnede uit bestemmingsplan 'Leijpark-Koningshoeven 2008'

1.4 Ruimtelijke en functionele structuur Het plangebied is een gedeelte van het voormalige Hacas-Verschurenterrein gesitueerd tussen de Koningshoeven en Kempenbaan. Dit terrein ligt aan de zuidoostelijke stadsrand van Tilburg en wordt omgeven door het regionaal ziekenhuis ETZ, Stadspark Leijpark, de A58 en het buitengebied. Ondanks de ligging in de stadsrand is de binnenstad, de Piushaven en het Centraal Station met de fiets binnen 15 minuten te bereiken. Vanwege de voormalige bedrijfsactiviteiten ligt er een hoofdzakelijk bedrijfsbestemming op deze gronden.

Afbeelding: luchtfoto omgeving Kempenbaan-Oost met globaal het plangebied

1.5 Voorgenomen ontwikkeling Voor de locatie Kempenbaan-Oost is een stedenbouwkundig plan opgesteld, welke de basis vormt voor deze wijziging. Onderhavige wijziging van het omgevingsplan omvat de realisatie van 20 woningen en een ambulancepost. Tevens voorziet het plan in een ontsluitingsweg tussen de Koningshoeven en de Kempenbaan en in een nieuwe kruising op de Kempenbaan ter hoogte van de nieuwe ontsluitingsweg. Tot slot wordt de ecologische verbindingszone aan weerszijde van De Leij verbreed en wordt groen en water toegevoegd.

Afbeelding: structuurkaart op grond van het stedenbouwkundig plan

Afbeelding: situering nieuwe functies en bouwvlakken Kempenbaan-Oost De woningen aan de zijde van het stadsdistributiecentrum krijgen een goothoogte van 6,5 meter en een nokhoogte van 9,5 meter. De woningen worden gesitueerd in drie bouwwerken, met de rug naar het stadsdistributiecentrum toe. Hierdoor ontstaat een typologie die verwijst naar de kloostertypologie. De 2 hoven vormen de gedeelde ruimten, waar de woningen worden ontsloten.

Afbeelding: bebouwingslint Koningshoeven in kloostertypologie De woningen op de hoek van de Leij en de Koningshoeven krijgen meer hoogte, namelijk een goothoogte van 7,5 meter en een nokhoogte van 10 meter met gedeeltelijk een plat dak op 11,6 meter, en een lager gedeelte met een nok- en goothoogte van respectievelijk 4 meter en 5,5 meter. Dit 1-laagse 'staartstuk' fungeert als tweede voorkant aan de ruimte voor ambulancepost. Voor de ambulancepost is gekozen voor een heldere opbouw waarin de functionaliteit van het gebouw afleesbaar is. Het gebouw heeft een maximale bouwhoogte van 7 meter voor het gedeelte het dichtst bij de woningen en 9,9 meter voor het gebouwdeelte aan de zijde van de Kempenbaan. De locatie ligt dicht bij Kempenbaan, Ringbanen en A58, wat ten goede komt aan de aanrijtijden.

Afbeelding: ontwerp woningen in relatie tot ambulancepost en stadsdistributiecentrum Voor een goede en veilige ontsluiting van het gebied is een ontsluitingsweg en aanpassing van het kruispunt aan de Kempenbaan een voorwaarde.

Hoofdstuk 2 Ruimtelijk beleidskader 2.1 Rijk 2.1.1 Nationale Omgevingsvisie (NOVI) De Nationale Omgevingsvisie (NOVI) is de langetermijnvisie van het Rijk op de toekomstige inrichting en ontwikkeling van de leefomgeving in Nederland. De NOVI geeft weer voor welke uitdagingen we staan, wat daarbij de nationale belangen zijn, welke keuzes we maken en welke richting we meegeven aan decentrale keuzes. Die keuzes hangen samen met de toekomstbeelden van de fysieke leefomgeving, de maatschappelijke opgaven en economische kansen die daarbij horen. Met de Nationale Omgevingsvisie geeft het Rijk een langetermijnvisie om de grote opgaven aan te pakken. Om samen ons land mooier en sterker te maken en daarbij voort te bouwen op het bestaande landschap en de (historische) steden. De opgaven die voortkomen uit de nationale belangen van het Rijk zijn vertaald in vier integrale prioriteiten. We maken ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie. We bevorderen duurzaam economisch groeipotentieel. We zorgen voor sterke en gezonde steden en regio’s. En we stimuleren een toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied. Aan de hand van een toekomstperspectief op 2050 brengt de NOVI de langetermijnvisie in beeld. Op nationale belangen wil het rijk sturen en richting geven. Die komen samen in vier prioriteiten: 1. Ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie; 2.

Duurzaam economisch groeipotentieel; 3. Sterke en gezonde steden en regio’s; 4. Toekomstbestendige ontwikkeling landelijk gebied. Om de beleidskeuzes op een heldere en voorspelbare manier te maken, hanteert de NOVI drie afwegingsprincipes, die helpen bij het afwegen en prioriteren van de verschillende belangen en opgaven: 1. Combinaties van functies gaan voor enkelvoudige functies; 2. Kenmerken en identiteit van een gebied staan centraal; 3. Afwentelen wordt voorkomen. Toets aan NOVI

2.1.2 Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) In het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) staan regels over omgevingswaarden, instructieregels, beoordelingsregels en regels voor monitoring. Het Bkl geldt voor het Rijk en decentrale overheden. De opgenomen regels en omgevingswaarden zijn gesteld ter bescherming van nationale belangen en het voldoen aan internationale verplichtingen. In het Bkl is onder meer geregeld welk bestuursorgaan bevoegd gezag is bij het verlenen van een omgevingsvergunning, de betrokkenheid van andere bestuursorganen, adviesorganen en adviseurs bij de besluitvorming en procedures. In het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) staan regels over omgevingswaarden, instructieregels, beoordelingsregels en regels voor monitoring. Het Bkl geldt voor het Rijk en decentrale overheden. Hoofdstuk 5 bevat instructieregels voor het omgevingsplan. Afdeling 5.1 stelt instructieregels voor een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. De instructieregels gaan over: <0000> algemene bepalingen (paragraaf 5.1.1) <0000> waarborgen van de veiligheid (paragraaf 5.1.2) <0000> beschermen van de waterbelangen (paragraaf 5.1.3) <0000> beschermen van de gezondheid en van het milieu (paragraaf 5.1.4) <0000> beschermen van landschappelijke of stedenbouwkundige waarden en cultureel erfgoed (paragraaf 5.1.5) <0000> behoud van ruimte voor toekomstige functies (paragraaf 5.1.6)

<0000> <0000>

behoeden van de staat en werking van infrastructuur of voorzieningen voor nadelige gevolgen van activiteiten (paragraaf 5.1.7) bevorderen van de toegankelijkheid van de openbare buitenruimte voor personen (paragraaf 5.1.8)

Afdeling 5.2 bevat instructieregels over de uitoefening van taken voor de fysieke leefomgeving. Deze instructieregels gaan over: <0000> voorkomen van belemmeringen voor gebruik en beheer van de hoofdspoorweginfrastructuur en van rijkswegen <0000> lokale spoorwegen binnen vervoerregio's <0000> lozen van industrieel afvalwater in het openbaar vuilwaterriool <0000> bebouwingscontour jacht <0000> bebouwingscontour houtkap Afdeling 5.3 bevat regels over ontheffing van instructieregels voor het omgevingsplan. Ondanks het ingekaderde karakter van de afwegingsruimte die door de instructieregels ontstaat, biedt het Bkl veel ruimte aan de gemeente om de kwaliteit van de fysieke leefomgeving te sturen. Als de gemeente gebruik wil maken van deze afwegingsruimte, zal zij dit goed moeten motiveren. Daarnaast zullen deze deugdelijk onderbouwde, op het specifieke deelgebied afgestemde kaders ook moeten worden uitgewerkt in juridische planregels.

2.1.3 Maatschappelijke behoefte De voorgestelde 20 woningen in het middensegment voorzien in de maatschappelijke behoefte aan woningen. Verder heeft het plan betrekking op een andere invulling van het reeds bestaande bedrijventerrein, hetgeen voldoet aan de maatschappelijke behoefte. De ambulancepost is een gevolg van de samenvoeging van meerdere bestaande locaties. In totaal is er een groei van 25% ambulancemedewerkers en 10% ondersteunende functies voorzien. De groei is nodig om de RAV toekomstbestendig te maken en wordt verdeeld over Tilburg en Breda.

2.1.4 (Ladder voor) Duurzame verstedelijking De ladder voor duurzame verstedelijking is een instructieregel voor zorgvuldig ruimtegebruik en tegengaan van leegstand. De instructieregel in artikel 5.129g Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) regelt dat bij een wijziging van het omgevingsplan voor een nieuwe stedelijke ontwikkeling toepassing van de ladder is vereist. Artikel 5.129g (zorgvuldig ruimtegebruik en tegengaan van leegstand) 1. Dit artikel is van toepassing op een stedelijke ontwikkeling die bestaat uit de ontwikkeling of uitbreiding van een bedrijventerrein, een zeehaventerrein, een woningbouwlocatie, kantoren, een detailhandelsvoorziening of een andere stedelijke voorziening en die voldoende substantieel is. 2. Voor zover een omgevingsplan voorziet in een nieuwe stedelijke ontwikkeling, wordt met het oog op het belang van zorgvuldig ruimtegebruik en het tegengaan van leegstand in het omgevingsplan rekening gehouden met: a. de behoefte aan die stedelijke ontwikkeling; en a. als die stedelijke ontwikkeling is voorzien buiten het stedelijk gebied of buiten het stedelijk groen aan de rand van de bebouwing van stedelijk gebied: de mogelijkheden om binnen dat stedelijk gebied of binnen dat stedelijk groen aan de rand van de bebouwing van stedelijk gebied in die behoefte te voorzien. 3.

Voor de toepassing van het tweede lid, onder b, wordt tot het stedelijk gebied niet gerekend een stedelijke ontwikkeling waarvoor: a. op grond van het omgevingsplan een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit is vereist; en b. nog geen toepassing is gegeven aan het tweede lid. 4. Als een omgevingsplan voorziet in de vestiging van een dienst als bedoeld in artikel 1 van de Dienstenwet en de beoordeling van de behoefte aan een stedelijke ontwikkeling betrekking heeft op de economische behoefte, de marktvraag of de mogelijke of actuele economische gevolgen van die vestiging, heeft die beoordeling alleen tot doel na te gaan of de vestiging van een dienst in overeenstemming is met een evenwichtige toedeling van functies aan locaties.

Voorliggend plan voorziet o.a. in wijziging van het gebruik van het bedrijventerrein en in de bouw van maximaal 20 woningen binnen bestaand stedelijk gebied. Daarom voorziet het plan in een nieuwe stedelijke ontwikkeling en moet de behoefte van het plan worden aangetoond. Gemeentelijke bouwopgave in regionale context De gemeente Tilburg maakt samen met tien andere gemeenten deel uit van de regio Hart-van-Brabant. In regionaal verband worden met de provincie Noord-Brabant afspraken gemaakt over de kwantitatieve woningbouwopgave voor een periode van 10 jaar. Dit op basis van de door de provinciale bevolkings- en woningbehoefteprognose. In de periode 2020-2040 is er behoefte aan 25.000 extra woningen. Hiermee wordt voorzien in de natuurlijke groei, de huishoudenverdunning en in de groei door migratie. De sterkste groei vindt plaats in de jaren tot 2030. In de update stedelijke ontwikkelingsstrategie 2021 is aangegeven dat de Tilburgse netto bouwopgave tot 2030 gemiddeld ten minste 1.500 woningen per jaar bedraagt. De update Stedelijke Ontwikkelstrategie Wonen van september 2021 geeft antwoord op de vraag hoe we invulling kunnen geven aan de grote en urgente woningbouwopgave. De woningbouwopgave voor Tilburg wordt vrijwel volledig binnen bestaand stedelijk gebied gerealiseerd in aansluiting op de uitgangspunten van de Rijksoverheid.

De strategie bevat richtinggevende verdichtingsprincipes, zodat er op een toekomstbestendige manier gebouwd kan worden aan Tilburg en initiatieven beter afgestemd kunnen worden op de mogelijkheden en ontwikkelrichtingen die wij als gemeente zien. Het plan voorziet tevens in realisatie van een ambulancepost. Aangezien dit plaatsvindt op een bestaand bedrijventerrein is geen sprake van ontwikkeling of uitbreiding van een bedrijventerrein. Artikel 5.129g is zodoende hierop niet van toepassing. Overigens ligt het bedrijventerrein binnen bestaand stedelijk gebied. Conclusie Het plan tot de bouw van 20 grondgebonden woningen past binnen de gemeentelijke bouwopgave in regionale context. Ruimtelijk past dit plan binnen de in de update Stedelijke Ontwikkelstrategie Wonen geformuleerde strategie.

2.1.5 Voorgenomen ontwikkeling in relatie tot rijksbeleid De wijziging van het omgevingsplan is in overeenstemming met de uitgangspunten en afwegingsprincipes van de NOVI. Dit uit zich in het feit dat de wijziging voorziet in een combinatie van functies en de ontwikkeling past bij de kenmerken en identiteit van het gebied. Tevens is de wijziging getoetst aan de van toepassing zijnde instructieregels uit het Bkl. Hieruit blijkt dat de activteiten die via deze wijziging mogelijk worden gemaakt voldoen aan deze instructieregels. Tot slot voldoet het plan aan de uitgangspunten van de ladder voor duurzame verstedelijking.

2.2 Provincie 2.2.1 Brabantse omgevingsvisie Op 14 december 2018 is de Omgevingsvisie Noord-Brabant in werking getreden. De basisopgave van de Brabantse Omgevingsvisie is: “Werken aan veiligheid, gezondheid en omgevingskwaliteit”. Voor 2030 is het doel om voor alle aspecten te voldoen aan de wettelijke normen. Brabant heeft dan een aanvaardbare leefomgevingskwaliteit. Voor 2050 is het doel om een goed leefomgevingskwaliteit te hebben door op alle aspecten beter te presteren dan wettelijk als minimumniveau is bepaald. De visie noemt een vijftal hoofdopgaven: 1. 2. 3. 4.

De basis op orde: veiligheid, gezondheid en omgevingskwaliteit zijn van essentieel belang om goed te kunnen wonen, werken en leven in Brabant. Brabantse energietransitie: om Brabant op termijn energieneutraal te maken moeten we minder energie gebruiken en meer duurzame energie op gaan wekken. Slimme netwerkstad: de manier waarop we ons verplaatsen verandert en we stellen andere eisen aan steden. Dit heeft gevolgen voor het netwerk van steden en dorpen. Klimaatproof Brabant: als gevolg van klimaatverandering krijgen we meer extremen in temperatuur en neerslag. Hoe gaan we deze gevolgen aanpakken ?

5.

Concurrerende, duurzame economie: Brabant wil top kennis- en innovatieregio blijven, waarbij de omslag naar een circulaire economie nodig is en digitalisering steeds belangrijker wordt.

Elk van de vijf hoofdopgaven van de Brabantse Omgevingsvisie is uitgewerkt in specifieke aandachtspunten. Voor de beoogde ontwikkeling kunnen de volgende aandachtspunten een rol spelen: <0000> De provincie gaat uit van meervoudig en zorgvuldig ruimtegebruik. Door een integrale benadering wordt de claim op de schaarse ruimte zo beperkt mogelijk gehouden; <0000> De provincie streeft naar een stedelijk netwerk dat de gezondheid en het leefklimaat van de Brabanders versterkt. Dat betekent dat de provincie aandacht heeft voor de milieukwaliteit en een aantrekkelijke en bereikbare groene omgeving en voorzieningenstructuur. Nabijheid en menging van wonen, werken, voorzieningen, parken en natuur draagt niet alleen bij aan gezondheid, maar nodigt ook uit tot sociale contacten en draagt daardoor bij aan de sociale cohesie binnen steden en dorpen. <0000> De provincie zet in op het vergroten van nabijheid als strategie om groei van de (auto)mobiliteit te beperken. Nabijheid en functiemenging van wonen, werken en voorzieningen dragen bij aan de ontwikkeling van nieuwe (en vernieuwing van) economische activiteiten. 2.2.2 TAM-omgevingsverordening Noord-Brabant De Omgevingsverordening Noord-Brabant is op 5 december 2023 door Provinciale Staten vastgesteld. De verordening is tegelijk met de Omgevingswet van kracht geworden.

In de omgevingsverordening zijn de bestaande regels samengevoegd van de Provinciale milieuverordening, Verordening natuurbescherming, Verordening Ontgrondingen, Verordening ruimte, Verordening water en de Verordening wegen. De Omgevingsverordening bevat omgevingswaarden, algemene regels (rechtstreeks geldende regels) en instructieregels. De instructieregels uit hoofdstuk 5 van de Omgevingsverordening Noord-Brabant hebben tot doel dat de gemeenteraad de inhoud van de regels betrekt bij de vaststelling van een wijziging van het omgevingsplan. Specifiek voor het plangebied geldt: Op basis van de omgevingsverordening is het plangebied gelegen in de aanduiding stedelijk gebied. Voor het plangebied gelden vervolgens de volgende instructieregels: <0000> Artikel 5.15 Ruimte-voor-ruimtekavel <0000> Artikel 5.31 Externe werking Natuur Netwerk Brabant <0000> Artikel 5.53 Windturbines in Stedelijk gebied <0000> Artikel 5.55 Duurzame stedelijke ontwikkeling <0000> Artikel 5.62 Veehouderij in Stedelijk gebied ‘Omgevingsverordening beperking vestiging grootschalige logistiek’ De provincie Noord-Brabant en gemeenten hebben eind 2021 afgesproken om de ontwikkeling van grootschalige logistiek op ongewenste locaties te beperken. Alle gemeenten hebben zorgvuldig gekeken op welke plekken grootschalige logistiek wel blijft toegestaan en waar niet.

Hier zijn afspraken over gemaakt, welke zijn verwerkt in de Omgevingsverordening. Op een kaart zijn locaties de locaties waar wel/geen grootschalige logistiek is toegestaan tot op perceelsniveau begrensd. Toetsing aan de ‘Omgevingsverordening – beperking vestiging grootschalige logistiek’ Het omgevingsplan maakt geen grootschalige logistiek mogelijk. Feitelijk komt deze er wel in de vorm van een stadsdistributiecentrum, maar hiervoor is reeds een omgevingsvergunning verleend. Daarbij is de locatie ‘Kempenbaan-Oost’ in de Omgevingsverordening voor een stadsdistributiecentrum uitgezonderd van het XXL-verbod. In de regionale afspraken en onderbouwingen bij deze locatie is deze specificatie opgenomen. 2.2.3 Voorgenomen initiatief in relatie tot provinciaal beleid Het initiatief is getoetst aan de instructieregels uit de omgevingsverordening Noord-Brabant. Artikel 5.15 Ruimte-voor-ruimtekavel In het plangebied vindt geen ruimte voor ruimte plaats. Artikel 5.31 Externe werking Natuur Netwerk Brabant

De voorgenomen ontwikkelingen in het plangebied vormen geen aantasting van de ecologische waarden en kenmerken in het Natuur Netwerk Brabant. Voor een onderbouwing hiervan wordt verwezen naar paragraaf 4.10 van hoofdstuk 4 Milieu & gezondheid. Artikel .. Ecologische verbindingszone Artikel ... Behoud en herstel waterstystemen

Artikel 5.53 Windturbines in Stedelijk gebied In het plangebied worden geen windturbines mogelijk gemaakt. Artikel 5.55 Duurzame stedelijke ontwikkeling De ontwikkeling past binnen de regionale afspraken zoals deze binnen de provincie zijn gemaakt. Voor een onderbouwing hiervan wordt verwezen naar paragraaf 2.3.4 van deze motivering. Tevens is sprake van een duurzame stedelijke ontwikkeling: a. Een goede omgevingskwaliteit wordt bevorderd door realisatie van een ecologische verbindingszone, goede landschappelijke inpassing en natuurinclusief bouwen. Verder wordt voldaan aan de van toepassing zijnde milieunormen, bijvoorbeeld voor luchtkwaliteit, externe veiligheid en geluid. Tot slot worden geen risicovolle inrichtingen mogelijk gemaakt. b. Het betreft een binnenstedelijke herontwikkeling, waarmee een terrein dat in 2015 door brand is getroffen weer wordt hergebruikt. Hiermee is sprake van zorgvuldig ruimtegebruik. c. In het plan is zoveel als mogelijk invulling gegeven aan de mogelijkheden voor productie en gebruik van duurzame energie. De ambulancepost krijgt een groen dak en een deel met zonnepanelen. De woningen moeten voldoen aan de op da tmoment geldende duurzaamheidseisen. d.

Bij de voorgenomen ontwikkelingen wordt rekening gehouden met klimaatverandering door gebouwen te voorzien van groene gevels, groene inpassing, waterretentie conform de opgave van het Waterschap en uitbreiding van de capaciteit van de ecologische verbindingszone in de Leij. e. De mogelijkheden voor duurzame mobiliteit worden zoveel als mogelijk benut door het faciliteren van elektrische rijden door laadpalen. Daarbij wordt de bereikbaarheid per fiets en voet gegarandeerd. Er wordt een fietsenstalling gerealiseerd in de parkeergarage van het stadsdistributiecentrum. f. Het plan voldoet aan de normen ten aanzien van MPG (milieuprestatie gebouwen), de landelijke norm voor circulair bouwen. Hiermee wordt bijgedragen aan een circulaire economie. Artikel 5.62 Veehouderij in Stedelijk gebied De wijziging van het omgevingsplan voorziet niet in vestiging van, omschakeling naar en uitbreiding van een veehouderij. Conclusie Op grond van het voorgaande kan worden geconcludeerd dat de voorgenomen ontwikkelingen in het plangebied niet in strijd zijn met de uitgangspunten en instructieregels van het provinciaal beleid zoals vastsgelegd in de omgevingsvisie en omgevingsverordening.

2.3 Gemeente 2.3.1 Omgevingsvisie Tilburg 2040 Op 21 september 2015 heeft de Raad de Omgevingsvisie Tilburg 2040 vastgesteld. De Omgevingsvisie richt zich op Tilburg als vitale, duurzame stad in een moderne netwerksamenleving. De ontwikkelingen in de economie, de maatschappij en de leefomgeving gaan niet ten koste van elkaar, maar sluiten op elkaar aan en versterken elkaar. People, planet en profit zijn in balans. People: Het is prettig wonen en werken in Tilburg, een stad met veel verschillende woonbuurten en verschillende soorten werklocaties. De woonmilieus passen bij de leefstijl van de mensen. Planet: We gaan voor een gezonde en leefbare stad, anticiperen op de effecten van klimaatverandering, zoals hitte, droogte en hogere temperaturen. In het economisch systeem wordt herbruikbaarheid van producten en grondstoffen steeds belangrijker. Verder krijgen groen en water een steeds prominentere rol in de stad. De

grote natuurgebieden om de stad zijn met elkaar verbonden. Dat versterkt het ecologisch systeem en de veerkracht van de natuur. Profit: Om ook in de toekomst sterk genoeg te zijn, wil Tilburg de kracht van BrabantStad benutten. Tilburg is een stad die mensen kansen biedt: op aangenaam werk en op een fijne woon- en leefomgeving. Om antwoord te geven op de vraag hoe we dit gewenste toekomstbeeld samen met burgers en partners in de stad voor elkaar kunnen krijgen volgt de Omgevingsvisie Tilburg 2040 een strategie met drie sporen: <0000> de Brabantstrategie <0000> de Regiostrategie <0000> de Stadsstrategie. Brabantstrategie: Tilburg kiest voor de kracht van stedelijke samenwerking Samen met de andere Brabantse steden wil Tilburg de kracht van het stedelijk netwerk BrabantStad versterken. Om de benodigde schaalsprong naar een stedelijk netwerk te kunnen maken, moet Tilburg aantrekkelijk bereikbaar en concurrerend zijn. Aantrekkelijk: Tilburg wil een aantrekkelijke stad zijn waar mensen graag wonen en werken, en waar het voor bedrijven interessant is om zich te vestigen. Niet alleen moet het aanbod van voorzieningen in de stad zelf aansprekend en hoogwaardig zijn, ook de groene omgeving en religieus en historisch erfgoed zijn belangrijke factoren.

Bereikbaar: goede verbindingen (weg, water, rail én digitaal) met de andere Brabantse steden zijn essentieel voor een sterk stedelijk netwerk. Concurrerend: En duurzame concurrentiekracht kent in Tilburg twee belangrijke pijlers, namelijk kennis & creativiteit en smart industries. Concreet richt de Brabantstrategie zich op vier stedelijke knooppunten en drie stadsregionale parken. De vier stedelijke knooppunten: <0000> Binnenstad van de 21e eeuw <0000> Tilburg University Campus: kennisontwikkeling en -toepassing <0000> Modern Industrieel Cluster Vossenberg-Loven <0000> Modern Industrieel Cluster Midden-Brabant De drie stadsregionale parken zijn: <0000> Stadsregionaal park Moerenburg - Koningshoeven <0000> Stadsregionaal park Stadsbos013 <0000> Stadsregionaal park Noord De regiostrategie: de kracht van Tilburg als centrumstad Bij de regiostrategie draait het om Tilburg in haar rol als centrumstad; Tilburg als belangrijke spil in de regio Hart van Brabant. Een goed bereikbare stad, waar bewoners uit de gehele omliggende regio graag komen voor werk, hoogwaardige medische zorg, uitstekend onderwijs, een compleet aanbod van winkels en spannende cultuur. Waar bedrijven hun ambities optimaal kunnen ontplooien. En waar het uitstekend (meerdaags) recreëren is. Een sterke stad kan niet zonder een sterke regio; omgekeerd geldt dat een sterke regio niet zonder een sterke stad kan.

De regiostrategie richt zich op drie stedelijke knooppunten en twee regionale ecologische verbindingszones ten westen en oosten van de stad. De drie stedelijke knooppunten zijn: <0000> Bedrijvenpark Zuid; <0000> Zorgcluster Leijpark; <0000> Duurzaam energielandschap Noord. De twee ecologische verbindingszones: <0000> Aan de oostzijde bestaat de verbinding uit ecologische stapstenen in het bestaande landschap en agrarisch productiegebied.

<0000>

Aan de westzijde van de stad bestaat de verbinding uit een fijnmazig netwerk van ecologische verbindingszones langs wegen en waterlopen.

De stadsstrategie: leefbaarheid met oog voor de menselijke maat De stadsstrategie richt zich op het realiseren van prettig leefbare wijken, dorpen en buitengebied. Hoofdpunten van de stadsstrategie zijn: <0000> Ruimte voor zelf- en samenredzaamheid in wijken en buurten <0000> Basis op orde: wijken zijn schoon, heel en veilig <0000> Vitale wijkeconomie: dynamiek en ondernemerschap in de wijk <0000> Brandpunten in wijken zorgen voor dynamiek, ontmoeting en sociale binding. <0000> Differentiatie in woonmilieus: aansluiten bij de leefstijlen van bewoners <0000> Cultureel erfgoed: het verhaal van Tilburg centraal <0000> Groen en water in de stad: toegankelijk en zichtbaar <0000> Goede bereikbaarheid van wijken en buurten borgen <0000> Betere verbinding stad en buitengebied: groene inprikkers <0000> Economische vitaliteit van het landschap behouden en versterken Functie van de Omgevingsvisie De Omgevingsvisie Tilburg 2040 is een koers- en inspiratiedocument. Het is een kompas voor investeringen in het fysieke domein. Een uitnodiging aan de stad om samen te werken aan de ontwikkeling van een stad waar het fijn wonen, werken, leven en recreëren is. De visie biedt burgers en bedrijven ruimte om initiatief te ontplooien en reikt de gemeente handvatten aan om haar strategie af te stemmen op het geschetste toekomstperspectief.

De Omgevingsvisie Tilburg 2040 geeft ook richting aan de inzet van de gemeente; in welke onderdelen de gemeente haar geld, tijd en bestuurskracht investeert. En welke prioriteiten daarbij gelden. Toets van het plan aan de Omgevingsvisie De locatie is gelegen aan de rand van de zorgknoop en op de overgang van de stad naar het stadsregionaal park Moerenburg- Koningshoeven. De locatie ligt deel in de zorgknoop, een gebied onderdeel van de stadstrategie wat de komende jaren meer aandacht krijgt om verder uit te bouwen als een belangrijk (zorg) voorzieningencluster voor de stad. De zorgknoop is een concentratie van zorgfuncties in een groen stedelijke setting De locatie ligt tevens op de overgang van de stad naar het stadsregionaalpark Moerenburg- Koningshoeven, 1 van de drie stadsregionale parken, waar potentie is om ze uit te bouwen en een belangrijke rol te laten vervullen in de Brabantstrategie. De locatie ligt op de overgang van beide knopen zonder daar programmatisch daar onderdeel van uit te maken, doordat het ruimtelijk van deze gebieden wordt gescheiden door het kanaal aan de oostkant en de westkant door de stedelijke ontsluiting-as van de Kempenbaan.

Afbeelding: uitsnede van plankaart van de omgevingsvisie Tilburg 2040

Aan de noordkant van de locatie is de ecologische zoen van de Leij in de omgevingsvisie aangeduid als belangrijke verbinding van water en ecologie in de stad. De Koningshoeve is onderdeel van de lintenstructuur, de ruggeraad van de stad waarin een belangrijk deel van de historie van de stad zichtbaar is in de ruimte. Deze stadsstructuur verbindt de stad met het stadsregionale park en maakt zo dat Moerenburg- Koningshoeven kan functioneren als belangrijk uitloopgebied van de stad, een van de poorten naar het Groene Woud en als buffer naar de omliggende natura 2000 gebieden.

Afbeelding: beeld uit de omgevingsvisie Tilburg 2040 m.b.t. positionering stadsregionale parken. 2.3.2 Bestuursakkoord ‘Meer voor elkaar’ Het Akkoord ‘Meer voor elkaar betreft het bestuursakkoord voor de raadsperiode 2022 tot 2026. In dit akkoord staan doelen, koers en aanpak beschreven met betrekking op gezondheid, jeugd, kansengelijkheid, energietransitie, verduurzaming van de bestaande woon- en werkomgeving, groen in de stad, mobiliteit, openbare ruimte, nieuwe woningen, werkgelegenheid, kunst cultuur, evenementen en sport. Specifiek voor dit plan geeft het bestuursakkoord aan: De bouw van de woningen levert een bijdrage aan de gemeentelijke woningbouwopgave. Ten aanzien van bestaande binnenstedelijke bedrijventerreinen is de aanpak gericht op het herontwikkelen en intensiever benutten van bestaande (planologische) mogelijkheden. Onderhavige wijziging voldoet hieraan. 2.3.3 Woonbeleid en volkshuisvesting Gemeentelijk woonbeleid Het gemeentelijk woonbeleid volgt primair uit de Woonagenda 2020-2025. Hierin staan de thema's en trends in het wonen, zijn actuele knelpunten geduid en zijn de woonopgaven voor de komende jaren benoemd. In de woonvisie wordt ingezet op de samenstelling en kwaliteit van de bestaande woningvoorraad. Daarnaast blijft de nieuwbouwopgave voor Tilburg belangrijk vanwege de natuurlijke groei, gezinsverdunning en migratie.

Centraal in de Woonagenda staat de gemeentelijke opgave om te voorzien in een compleet en gevarieerd palet aan woonmilieus. De woonmilieus vormen de basis voor een voldoende gedifferentieerd woningaanbod, waarin zo veel mogelijk inwoners passende woonruimte kunnen vinden. Passend bij de huishoudenssamenstelling, het inkomen en de mate van zelfredzaamheid van de inwoners. Maar ook passend bij de verschillende leefstijlen. Ten aanzien van de kwalitatieve opgave waar Tilburg als stad voor staat zijn er een aantal kwaliteiten waar vanuit de Woonagenda en de opgave in de stad waarde aan wordt gehecht. Ruimtelijk past dit plan binnen de in de update Stedelijke Ontwikkelingsstrategie Wonen geformuleerde strategie.

Woonadvies specifiek voor plangebied Groenewoud, Stappegoor& Het Laar is een woningmarktgebied met verschillende gezichten en afgebakende deelgebieden met weinig onderlinge verbondenheid. Uit het gebiedsprofiel wonen blijkt dat bij nieuwe woningtoevoegingen moet vooral gekeken worden naar wat ergens aanvullend is op de bestaande voorraad en wat deelgebieden kan versterken. De locatie is gelegen in de wijk De Leij. In deze wijk staan in tegenstelling tot de rest van het gebied vrijwel uitsluitend gestapelde woningen (90%), die voornamelijk door ouderen (75% van de inwoners is 65+) worden bewoond. Er wonen in De Leij ook relatief veel éénpersoonshuishoudens. Dit betreft met name de woningen van De Leijhoeve. De voorgestelde woningen zorgen voor een diverser woningaanbod in het gebied. Woondeal SRBT De gemeente Tilburg maakt samen met tien andere gemeenten deel uit van de regio Hart-van-Brabant. In regionaal verband worden met de provincie Noord-Brabant afspraken gemaakt over de kwantitatieve woningbouwopgave voor een periode van 10 jaar. Dit op basis van de door de provinciale bevolkings- en woningbehoefteprognose. In de periode 2020-2040 is er behoefte aan 25.000 extra woningen. Hiermee wordt voorzien in de natuurlijke groei, de huishoudenverdunning en in de groei door migratie. De sterkste groei vindt plaats in de jaren tot 2030.

In de update stedelijke ontwikkelingsstrategie 2021 is aangegeven dat de Tilburgse netto bouwopgave tot 2030 gemiddeld ten minste 1.500 woningen per jaar bedraagt. Het plan voor de bouw van 20 woningen in het middensegment, past binnen de gemeentelijke bouwopgave in regionale context en geeft invulling aan de gemeentelijke bouwopgave. Conclusie Het beoogde plan draagt bij aan de gemeentelijke woningbouwopgave en voldoet het aan de beleidsdoelen-Wonen in de Woonvisie Tilburg 2015, de Woonagenda 2020-2025 en het addendum Woonagenda en past binnen de woondeal die gemeente Tilburg met Rijk, provincie en regio heeft gesloten. 2.3.4 Bedrijvigheid Nota toekomstbestendige werklocaties 2020-2025 In 2020 is de nota toekomstbestendige werklocaties 2020-2025 vastgesteld. Met deze nota wordt een meer kwalitatieve visie op de Tilburgse werklocaties gegeven. Enerzijds omdat de beschikbare ruimte veel beperkter is en meer onder druk staat. Anderzijds omdat de vestigingscriteria veranderen onder invloed van de verduurzamingsopgaven, de transitie naar een circulaire economie, verslimming door digitalisering en robotisering en de ontwikkeling van nieuwe sectoren zoals smart industries, smart logistics en smart services (Next Economy).

In de beleidsnota 'Toekomstbestendige werklocaties 2020-2025' worden de volgende ambities benoemd: <0000> Onze werklocaties voorbereiden op de toekomst, door te zorgen dat de basis op orde is, werklocaties goed bereikbaar zijn en ze voldoen aan de eisen die de Next Economy stelt. Hierbij houden we rekening met ontwikkelingen op het gebied van mobiliteit, klimaat, energietransitie en circulaire economie. <0000> Onze beschikbare ruimte voor bedrijven behouden, versterken en slim benutten met als belangrijkste doelstellingen en acties: <0000> De bedrijventerreinen voor moderne industrie en logistiek behouden en versterken. <0000> Kritisch kijken naar nieuwe uitgifte en dit afwegen aan de hand van de maatschappelijke en economische toegevoegde waarde voor Tilburg. Dat vertaalt zich bijvoorbeeld in het aantal banen, maar ook in de wijze waarop een bedrijf een versterkend effect kan hebben voor al in Tilburg of de regio aanwezige bedrijven. <0000> Ruimte houden voor het lokale midden- en kleinbedrijf (MKB) om zich te vestigen en door te groeien en waar nodig en kansrijk daarvoor ruimte creëren, met aandacht voor bedrijvigheid met een specifiek profiel (zoals smart logistics en smart services, starters en bedrijven met hogere milieucategorieën). <0000> Langs havens en Wilhelminakanaal watergebonden bedrijvigheid stimuleren.

<0000> Ruimte die binnenwijkse terreinen bieden voor bedrijvigheid, per saldo behouden. <0000> Behoud van onze sterke kantoorlocaties, op andere plekken juist transformatie naar andere functies zoals mkb-werkplaatsen en/of wonen faciliteren.

<0000>

Inspelen op veranderende behoeften van bedrijven en talenten door het op kansrijke locaties faciliteren van nieuwe, moderne, gemixte werkgebieden. Daarbij faciliteren we zzp'ers in de wijken optimaal, faciliteren we vraaggericht kleinschalige bedrijfsruimten en stimuleren we fysieke condities om innovatieve broedplaatsen te verbinden met andere werklocaties in de stad.

De kwalitatieve benadering betekent dat we inzetten op versterking van het (regionale) economische ecosysteem en inzetten op versterking van de verschillende typen werklocaties zelf. Zo is het in sommige gevallen wenselijk om ondersteunende faciliteiten op bedrijventerreinen toe te staan. Hierbij kan worden gedacht aan functies zoals opleidingsvoorzieningen en truckparkings, maar ook aan ondersteunende zaken zoals wandelpaden en fietsroutes. Er moet dan wel blijken uit overleg met de vitaalverenigingen (de parkmanagementverenigingen op de Tilburgse bedrijventerreinen) dat hier een collectieve behoefte voor is. Voor de binnenwijkse terreinen streven we ernaar om per saldo de bedrijfsruimte te behouden, door uitplaatsing van bedrijven naar geschiktere locaties te faciliteren of door wonen met werken te mengen. Ook kijken we nadrukkelijk naar kansen om verbinding te leggen met de wijk, om zo de terreinen vitaler te maken. Voor wat betreft de kantoorlocaties stimuleren en faciliteren we ontwikkeling en renovatie van kantoorruimte – al dan niet in combinatie met andere functies - op kansrijke locaties in en rond de Kennis as zoals de Spoorzone, en de binnenstad, terwijl we locaties elders in het stedelijk gebied die minder goed presteren faciliteren om te transformeren.

Solitaire kantoren op bedrijventerreinen vinden we onwenselijk en onttrekking, sloop dan wel transformatie naar een bij het bedrijventerrein passende ondersteunende functie heeft de voorkeur en kan op medewerking rekenen. Tot slot hechten we belang aan nieuwe ontwikkelingen zoals proeftuinen en experimenteerruimte waar onderwijs en ondernemers samenkomen, om de onderlinge interactie te versterken. Toetsing aan Nota toekomstbestendige werklocaties 2020-2025 In de nota ‘Toekomstbestendige Werklocaties 2020 – 2025’ hebben we de ambitie geformuleerd om onze beschikbare ruimte voor bedrijven te behouden, te versterken en slim te benutten (ambitie 2). Aan deze ambitie zijn – voor deze ontwikkeling – twee relevante doelstellingen gekoppeld (doelstellingen 2.3 en 2.4): <0000> Ruimte voor bedrijvigheid met een specifiek profiel (zoals hogere milieucategorieën, smart logistics en smart services, starters) per saldo behouden en daarvoor ruimte creëren waar nodig en kansrijk. Daarbij wordt bij deze doelstelling aangegeven dat ons sterke logistieke profiel vraagt om blijvend goede locaties met de juiste logistieke voorzieningen. De aanwezige locaties en voorzieningen moeten daarom up-to-date blijven.

Hoewel beperkt, vragen ook hubs voor (emissieloze) stadslogistiek om enkele specifieke locaties aan de randen van (het centrum van) Tilburg, van waaruit met zero emissie voertuigen consumenten en bedrijven worden bediend. <0000> De ruimte die binnenwijkse terreinen bieden voor bedrijvigheid, per saldo behouden; de terreinen waar nodig en kansrijk beter inpassen in de omgeving (beperken overlast waar nodig) en ruimtelijk op niveau brengen. De ontwikkeling Kempenbaan Oost voorziet in bedrijven tot en met milieucategorie 2 en ambulancepost in een combinatie met wonen en bevindt zich aan de rand van het centrum van Tilburg. Ook zorgt de ontwikkeling ervoor dat er ruimte voor bedrijvigheid per saldo behouden blijft. Dit sluit aan bovengenoemde ambities en doelstellingen uit de nota ‘Toekomstbestendige Werklocaties 2020 – 2025’. In februari 2024 werd het eerste faseplan (2024 – 2025) van de programma-aanpak revitalisering bedrijventerreinen voor de gemeente Tilburg door het college vastgesteld. De programma-aanpak richt zich primair op intensivering en verdichting van bestaande bedrijventerreinen. Hieronder valt o.a. het sub-thema ‘beter benutten van kavels’. In de nota ‘Toekomstbestendige werklocaties’ gaven we al aan dat we de ambitie hebben om de beschikbare ruimte voor bedrijven te behouden, te versterken en slim te benutten.

Met de programma-aanpak revitalisering bedrijventerreinen geven we hier invulling aan, specifiek binnen het hoofdthema ‘intensiveren en verdichten’. ‘Afsprakenkader bedrijventerreinen Hart van Brabant 2025 – 2030’

De lokale programmering van bedrijventerreinen wordt vanwege de provinciale verordening Ruimte vanaf 2012 op regionaal niveau afgestemd met de Hart van Brabant gemeenten. In december zijn de regionale afspraken bedrijventerreinen vastgesteld in het POHO Fysiek van de regio Hart van Brabant en op de Ontwikkeldag SRBT met de provincie Noord-Brabant. De regionale afspraken bedrijventerreinen zijn gebaseerd op een prognose voor de ruimtevraag naar nieuwe bedrijventerreinen die tenminste keer per bestuursperiode door de provincie wordt opgesteld. In het afsprakenkader liggen afspraken vast over: 1. Het gezamenlijke economisch toekomstbeeld van de regio dat mede als basis dient voor de afspraken over de bedrijventerreinen. 2. Het efficiënt en effectief benutten van bestaande bedrijventerreinen (onder meer door ruimte-intensivering) en het uitvoeren van een procesafspraak over de herijking van de programmering van nieuwe bedrijventerreinen, in de periode tussen december 2024 en juni 2025. Doel hiervan is om het planaanbod van bedrijventerreinen kwalitatief meer in lijn te brengen met het economisch toekomstbeeld. Voldoende ruimte voor werken op locaties met de juiste kwaliteiten is immers een belangrijke randvoorwaarde voor het economisch toekomstbeeld. 3.

De toekomstbestendigheid van bestaande en nieuwe bedrijventerreinen, en het vergroten van de bijdrage van bedrijventerreinen en hun gebruikers aan de brede welvaart in de regio. Immers is ook de kwaliteit en toekomstbestendigheid van bedrijventerreinen een belangrijke randvoorwaarde voor het aantrekken en vasthouden van bedrijven die passen binnen het economisch toekomstbeeld. 4. De uitvoering, governance en monitoring van de afspraken. Uitgangspunten zijn adaptief beleid, dat de regio wendbaar maakt en in staat stelt snel op veranderingen in de werklocatiemarkt in te spelen, en een zorgvuldige borging van de uitvoering van afspraken. Toetsing aan ‘Afsprakenkader bedrijventerreinen Hart van Brabant 2025 – 2030’ De regio Hart van Brabant kampt met een groeiende druk op de ruimte door de toenemende ruimtevraag vanuit wonen, werken, recreatie, natuur, klimaatadaptatie, energietransitie en meer. Het is daarom belangrijk om de ruimte op de vele bestaande bedrijventerreinen in de regio nog efficiënter en effectiever te benutten. In het afsprakenkader bedrijventerreinen hebben we afgesproken om gezamenlijk werk te maken van intensivering en effectief ruimtegebruik van bestaande bedrijventerreinen, parallel aan de ontwikkeling van nieuwe terreinen om schuifruimte te creëren.

In Tilburg herkennen we deze opgaven en geven wij hier invulling aan met de programma-aanpak revitalisering bedrijventerreinen, zoals eerder benoemd. Koningshoeven (liggend in het gebied Kempenbaan Oost) was reeds een bestaand bedrijventerrein en met de ontwikkelingsplannen die nu voorliggen blijft dat zo en wordt het opnieuw (efficiënt) ingericht. Dit sluit aan bij zowel de programma-aanpak als bij de gemaakte afspraken in de regio. Het terrein is tevens opgenomen in de programmering als onderdeel van het afsprakenkader bedrijventerreinen. Nota ‘Vitaliteitsscan en toekomstperspectief binnenwijkse bedrijventerreinen’ Op 28 september 2021 heeft het college de vitaliteitsscan binnenwijkse bedrijventerreinen vastgesteld en een besluit genomen over het toekomstperspectief van verschillende terreinen. Er is een viertal ontwikkelstrategieën benoemd: 1. Terreinen die we willen behouden als binnenwijks bedrijventerrein en waarbij we juist willen inzetten op verdichting. Dit geldt voor het Beneluxterrein, Bedrijvenpark Willem II, Rhijnkant, Broekhoven en de Kapelmeesterlaan. 2. Terreinen waar we de functiemix voor de omliggende wijk willen versterken. Dat is dus niet alleen ruimte voor werken maar kan ook andere wijkvoorzieningen omvatten. Dit geldt voor het Voltcomplex, Reitse Hoevenstraat, Heikant Oost en West, Paletplein en Dirigentenlaan. 3.

Terreinen waar open staan voor transformatie naar woon-werkgebied. 40 procent van het grondoppervlak moet hierbij worden ingezet voor de werkfunctie. Dit geldt voor Bedrijvencentrum Het Laar, Quirijnstok, Componistenlaan en het WLM-terrein Regenboogstraat. 4. Terreinen waar we geen aanvullende actie ondernemen. Deze terreinen zijn net gerevitaliseerd of in ontwikkeling. Dit geldt voor het Tegroterrein en Stadsrand Dalem Zuid. Voor de terreinen onder 1 t/m 3 geldt dat we de combinatie met wonen in geen van de gevallen uitsluiten. De invalshoek is echter per strategie wezenlijk anders.

Onder 1 geldt dat werken de hoofdfunctie blijft en het oppervlak aan werken minimaal wordt behouden en waar mogelijk wordt geïntensiveerd. Creatieve oplossingen waarbij het toevoegen van een woonfunctie de ontwikkelmogelijkheden van de bedrijven niet belemmerd en die van toegevoegde waarde zijn voor het terrein en de directe omgeving worden integraal afgewogen. Maar: het belang van het behoud van kwalitatieve werklocaties prevaleert. Onder 2 kijken we meer naar mixmilieus en een directe verbinding naar de wijk. Ook hier is wonen (op de bovenverdieping) denkbaar en mogelijk kansrijk. Nog steeds is wonen hier een aanvulling. Onder 3 mag wonen de hoofdfunctie worden, maar willen we nog steeds de combinatie met werken terugzien in de plannen. Het grondoppervlak dient voor 40 procent te worden behouden voor werken. Dit kan betekenen dat de verhouding met wonen anders komt te liggen wanneer er gekozen wordt voor hoogbouw. Daarbij bieden ze bij voorkeur ruimte voor (praktische) bedrijven die stadsverzorgend van aard zijn, significant bijdragen aan de werkgelegenheid op de locatie en/of zeer geschikt zijn voor onze (ambachtelijke/creatieve) makers.

Toetsing aan nota ‘Vitaliteitsscan en toekomstperspectief binnenwijkse bedrijventerreinen’ Vanwege de lopende ontwikkelingen die ten tijde van het opstellen van dit beleidsstuk in het gebied speelden, is het terrein Koningshoeven niet meegenomen in het toekomstperspectief. Het beleidsstuk kan daarom buiten beschouwing worden gelaten en is in dit kader niet relevant. 2.3.5 Voorgenomen initiatief in relatie tot gemeentelijk beleid Uit voorgaande beschrijving blijkt dat het voorgenomen initiatief past binnen de hiervoor gestelde kaders uit het gemeentelijke beleid.

Hoofdstuk 3 Thematische beleidskaders 3.1 Inleiding In dit hoofdstuk volgt een beschrijving van de bij het opstellen van deze wijziging omgevingsplan van kracht zijnde beleidskaders ten aanzien van de in relatie tot het plan relevante thema´s. Daar waar nodig, wordt dieper ingegaan op de keuzes die in het plan zijn gemaakt op basis van deze kaders. Aan de onderwerpen Milieu en Water zijn aparte hoofdstukken gewijd.

3.2 Stedenbouwkundige aspecten 3.2.1 Stedenbouwkundige aspecten Het plangebied is een gedeelte van het voormalige Hacas-Verschurenterrein gesitueerd tussen de Koningshoeven en Kempenbaan. Dit terrein ligt aan de zuidoostelijke stadsrand van Tilburg en wordt omgeven door het regionaal ziekenhuis ETZ, Stadspark Leijpark, de A58 en het buitengebied. Ondanks de ligging in de stadsrand is de binnenstad, de Piushaven en het Centraal Station met de fiets binnen 15 minuten te bereiken. Vanwege de voormalige bedrijfsactiviteiten ligt er een hoofdzakelijk bedrijfsbestemming op deze gronden. Met de herontwikkeling van een ambulancepost en woningen, met een ecologische verbindingszone en benodigde infrastructuur is een wijziging van het omgevingsplan randvoorwaardelijk. Historische groei Het gebied is de afgelopen eeuw flink veranderd door de komst van nieuwe functies, voorzieningen en infrastructuur. In 1900 bestond het gebied uit een beekdallandschap met waterstroken, agrarische velden en de Leij. De Koningshoeven is herkenbaar als historisch lint met daaraan monumentale groene villapercelen zoals Villa Dennenhaghe, boerderijen en woningen die de Abdij OLV verbindt met het Heuvelplein. Dit zorgde voor een verwevenheid tussen stad en ommeland.

Omdat de Leij langs de Hoeven stroomt, en wegens de geschiktheid van het water vestigde verschillende industrieën zich hier zoals wolwasserijen en wolververijen. De groei van de stad zorgde ervoor dat meer stedelijke voorzieningen een plek kregen in dit gebied zoals het ziekenhuis, de Leijhoeve, het Leijpark en een hotel. In combinatie met de realisatie van de Kempenbaan en de snelweg is er een nieuwe stedelijke laag ontstaan waardoor het karakter van het gebied zowel landschappelijk als stedelijk is. De huidige situatie is dan ook een gebied met verschillende bebouwingskorrels, infrastructuren, groenstructuren en historische lijnen en elementen zoals de Koningshoeven. Locatie in de stad: groene stapsteen Het plangebied ligt in de zuidoostelijke stadsrand van Tilburg, met zowel de stad als het ommeland op fiets- en loopafstand en nabij de snelweg en het Ringbanenstelsel. Het Leijpark, landschapspark Moerenburgh, het beekdal De Leij en bomenlanen vormen de omgeving waarbij de locatie onderdeel uitmaakt van de overgangszone tussen de stedelijke bebouwing die langzaam overvloeit in het omringende natuurlijke landschap. In dit landschap zijn diverse schaalniveaus aanwezig; die van de Kempenbaan, de snelweg en de stedelijke voorzieningen aan de Dokter Bloemenlaan, en die van de menselijke maat en de kleinschalige korrel aan de Koningshoeven.

Waardevolle structuren Door het gebied lopen verschillende structuren met bijpassend ruimtelijk karakter die zich onderscheiden van elkaar. Het historisch lint Koningshoeven met daaraan kleinschalige groene villapercelen heeft een landelijk en kleinschalige opzet en vormt een belangrijke verbinding met de Abdij en het Trappistenklooster. Aan de Koningshoeven staan meerdere monumentale objecten zoals Villa Dennenhaghe, Willem-II’s Tuinhuisje en het Cenakel. Vanwege het vorstelijk en industrieel verleden draagt dit lint bij aan het vertellen van de ontstaansgeschiedenis van Tilburg en heeft daarmee een grote cultuurhistorische waarde. Door de komst van grote weginfrastructuur is dit deel van de Koningshoeven waaraan het plangebied zich bevindt geïsoleerd komen te liggen met als voordeel dat hier een ‘tijdcapsule’ is ontstaan zonder grote ontwikkelingen aan het lint, in tegenstelling tot het deel richting de binnenstad. Door de lage ligging van dit gebied en de waterstroom De Leij is hier een nat en groen beekdallandschap ontstaan. Ondanks dat de Leij is omgelegd voor het ziekenhuis is deze watergang nog steeds te herkennen en vormt deze het landschap in het gebied. De Leij grenst aan stadspark Leijpark en loopt door de toekomstige

zorgcampus. De ambitie is om deze groenstructuur te versterken in de toekomst en op te waarderen als ecologische verbindingszone (EVZ). De EVZ loopt langs de noordzijde van het plangebied. Langs de Leij liep vroeger de Leijweg als verbinding tussen de Koningshoeven en de Hilvarenbeekseweg, tevens als route tussen twee fabrieken die aan deze landschapslinten lagen. Met de ontwikkeling van Tilburg Zuid als volwaardig stadsdeel is een sterke verbinding door Zuid gewenst om de verschillende wijken, voorzieningen, parken en pleinen aan elkaar te hechten en tevens deze wijken met de Abdij en het ommeland te verbinden. Daarom wordt geambieerd om een fiets/wandelroute vanaf het hart van Stappegoor, langs Pater van den Elsenplein, de Zorgcampus/Leijpark over de Kempenbaan richting de Koningshoeven te realiseren. Een belangrijke schakel hierin is de brug over de Kempenbaan langs de noordzijde van het plangebied. De Kempenbaan is een belangrijke ontsluitingsweg die de snelweg, Hilvarenbeek en Tilburg met elkaar verknoopt voor autoverkeer. De weg heeft een grote functionele waarde en is ruimtelijk aanwezig in het gebied. 3.2.2 Toekomstige ontwikkeling Dit perceel maakt onderdeel uit van het overgangsgebied tussen stad en ommeland en wordt gezien als groene stapsteen.

Het perceel grenst aan belangrijke structuren; de Kempenbaan als groene stadsentree van Tilburg, de Koningshoeven als historisch landschappelijke lint, de Leij als ecologische verbindingszone en de oost-westfietsverbinding over de Kempenbaan richting Tilburg-Zuid en Abdij Koningshoeven. Ook wordt het beschouwd als een verlengstuk van de Dokter Bloemenlaan, als as met daaraan stedelijke voorzieningen als het ETZ, Van der Valk en woonlandgoed Leijhoeve. Het voornaamste stedenbouwkundige uitgangspunt is dat de ruimtelijke invulling van dit perceel bijdraagt aan deze landschappelijke identiteit en de structuren in het gebied versterkt. Iedere structuur presenteert zich aan een zijde van het plangebied.

De wijziging van het omgevingsplan beoogt op deze complexiteit in te spelen door het toevoegen van nieuw programma, het versterken van de ruimtelijke structuren en een gebiedsverloop te maken van rust aan de Koningshoeven naar ruis aan de Kempenbaan: <0000> De landschappelijke identiteit wordt versterkt door dit perceel zo groen mogelijk in te richten. Er wordt een groene zone gereserveerd tussen de bedrijvigheid inclusief stadsdistributiecentrum en ambulancepost aan de ene zijde en de woningen aan de Koningshoeven aan de andere zijde, zodat deze twee structuren ‘ontvlecht’ worden met een duidelijke scheiding tussen de woon- en werkwereld. Tussen het bedrijventerrein en de Kempenbaan/afrit snelweg wordt een groene buffer gecreëerd dat bijdraagt aan de groene stadsentree van Tilburg. De bedrijven worden als het ware verscholen achter en ingepakt met bomen, beplanting en glooiingen. <0000> Door de verscheidenheid van het toe te voegen programma en de verschillende zijden van het plangebied wordt er een stedenbouwkundige ordening voorgesteld van rust naar ruis gekoppeld aan de werelden van de Koningshoeven/EVZ en de Kempenbaan/snelwegafrit. <0000> Aan de noordzijde van het plangebied wordt ruimte gemaakt voor de Ecologische Verbindingszone de Leij. Op gepaste afstand wordt daaraan een fiets/wandelroute gekoppeld die de Koningshoeven met Tilburg Zuid verknoopt.

<0000> <0000>

De nieuwe woningen aan de Koningshoeven moeten bijdragen aan het landelijk-historisch karakter van de weg. Kleinschalige bouwvolumes op ruimere groene percelen maken het lint ‘af’ en de woonfunctie draagt bij aan de rust. De Ambulancepost draagt bij aan het functioneren van dit gebied als zorgcluster en is tevens gekoppeld aan het karakter aan de zijde van de Kempenbaan en de stedelijke voorzieningen die daaraan liggen. Het gebouw presenteert zich qua maat en schaal als intermediair tussen de Koningshoeven en de Kempenbaan en is daarmee duidelijk te onderscheiden van het stadsdistributiecentrum en de woningen aan de Koningshoeven.

3.2.3 Conclusie Om voorgaande redenen is de ontwikkeling vanuit stedenbouwkundig oogpunt wenselijk.

3.3 Archeologie, cultuurhistorie en monumentenzorg 3.3.1 Historische geografie en ontwikkeling Het plangebied bevindt zich op het meest zuidoostelijke deel van de hoge gronden waarop de verschillende nederzettingen van Tilburg lagen. Het plangebied ligt direct ten zuiden van het lage beekdal van de Oude en Nieuwe Leij. Ten westen van de Kempenbaan lagen de hooggelegen akkergronden van Broekhoven, Driehuizen en De Hoeven of De Vijfhoeven die de zuidelijkste uitloper vormden van het grootste, centrale akkercomplex van Tilburg (De Schijf). Er zijn aanwijzingen dat in dit gebied al in de twaalfde eeuw, maar zeer waarschijnlijk nog eerder, ontginningen plaatsvonden. De hoge akkergronden van Tilburg werden in het zuiden begrensd door het brede beekdal van de Oude en Nieuwe Leij. De Nieuwe Leij is een aftakking van de Oude, een waterloop die ontspringt in de omgeving van Ravels (B). Voorbij de grens met Tilburg stroomden beide beken door een zeer breed beekdal om ter hoogte van Moerenburg, aan de oostzijde van het Wilhelminakanaal, weer samen te komen. Het beekdal bestond uit beemden (hooi- en graslanden), weidegronden en ‘moerassen’. Het plangebied en de directe omgeving daarvan werden van noordwest naar zuidoost doorsneden door een aantal dijken die het beekdal van de Oude en Nieuwe Leij overstaken.

Dit waren, van oost naar west, de Harmen Aerts Dyck (nu Koningshoeven), de Driehuizen Dyk (nu in het Leijpark) en de Broekhovenschen Dyk (nu deel van de Hilvarenbeekseweg). De meeste wegen waren in de Middeleeuwen (of wellicht al eerder) verhoogd om de routes naar het zuiden zeker te stellen. Vanaf die periode komt men de aanduiding ‘dijk’ dan ook veelvuldig tegen. De nederzettingen ten westen van het plangebied, Broekhoven, Driehuizen en De (Vyf)Hoeven, lagen bij het begin van deze verhoogde wegen. In 1834 kocht de prins van Oranje, de latere koning Willem II, in de Hoeven (nu de Torentjeshoeve) twee boerenhofsteden met bouw- en weiland en heidegrond. De betekenis van het ontginnen van woeste gronden en het stichten van hoeven in deze buurtschap, is aanleiding geweest voor de officiële naamgeving van de Koningshoeven, hoewel deze naam pas in 1924 werd vastgesteld. In 1907 werd ten noordwesten van het plangebied het klooster van de congregatie van Onze Lieve Vrouw van het Cenakel gebouwd. Het klooster werd in 1996 deels gesloopt en getransformeerd naar woningen. In de jaren twintig en dertig van de twintigste eeuw werd een groot gebied ten noordwesten van het plangebied omgevormd tot het Leijpark, naar een ontwerp van L. Springer.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16381673/1