267332-03 Raadsvoorstel Vaststellen AVOI
Tekst van het document
raad 2024_1614 definitief.docx
0
Voorblad Raadsvoorstel Algemene verordening ondergrondse infrastructuren Datum college: Portefeuillehouder: Afdeling: Behandelend ambtenaar:
27 augustus 2024 Maarten van Asten Ruimtelijke Uitvoering S. Alessie- de Swart
Samenvatting Met de vaststelling van één verordening die in principe voor alle netbeheerders geldt, zorgen we voor duidelijkheid, rechtszekerheid en gelijkheid. De lopende privaatrechtelijke overeenkomsten en vergunningen e.d. zijn relatief (zeer) oud-, zorgen voor versnipperde en uiteenlopende regels voor de verschillende netbeheerders, waardoor de inhoud ervan grotendeels niet meer voldoet aan de eisen van deze tijd en de behoeften van de gemeente Tilburg. De Algemene verordening ondergrondse infrastructuren (AVOI) heeft betrekking op werkzaamheden die door of namens een netbeheerder plaatsvinden met betrekking tot het aanleggen, instandhouden, onderhouden, verleggen en verwijderen van kabels en leidingen in- op en boven openbare gronden. Met de AVOI kan de gemeente inspelen op ontwikkelingen op het gebied van kabels en leidingen bijvoorbeeld in verband met energietransitie en aanbieders van nieuwe energie. De verordening zorgt voor een helder vergunningensysteem voor kabels en leidingen, met uitzondering van telecomkabels. Hierdoor kan de gemeente zorgen dat aan de vergunningsvoorwaarden wordt voldaan. Daarnaast verschaft deze verordening de gemeente betere instrumenten om regie te voeren door de netbeheerders te verplichten tijdig informatie aan te leveren over hun lange termijnplanning en over die planning periodiek met de gemeente te overleggen en af te stemmen.
Ook krijgt de gemeente de mogelijkheid om in vergunningen voorwaarden op te nemen over de plaats, het tijdstip en de wijze van uitvoering van werkzaamheden en het bevorderen van medegebruik van voorzieningen.
Collegebesluit Het college stelt de raad voor: 1. de Algemene Verordening Ondergrondse Infrastructuren (AVOI) vast te stellen. 2. de Telecommunicatie verordening Tilburg 2009 in te trekken.
raad 2024_1614 definitief.docx
1
Raadsvoorstel Algemene verordening ondergrondse infrastructuren Aanleiding Op 23 november 2021 heeft het college de concept Algemene Verordening Ondergrondse Infrastructuren 2021 (AVOI) en de concept Nadeelcompensatie Regeling Kabels en Leidingen 2021 (NCR 2021) vastgesteld. Met deze nieuwe regelingen ontstaat een eenduidig, uniform en eigentijds bestuursrechtelijk kader voor alle kabels en leidingen, in plaats van het huidige stelsel met verschillende overeenkomsten, vergunningen en ontheffingen. Hierdoor behoudt de gemeente meer grip op de sturing en regie van de ondergrond. Het college heeft toen tevens besloten een vooraankondiging te doen van de voorgenomen besluiten van de te beëindigen overeenkomsten en in te trekken vergunningen en ontheffingen en de betrokken netbeheerders (eigenaar of beheerder van een net, zoals Enexis en Brabant Water) uit te nodigen een zienswijze in te dienen. Er zijn 4 zienswijzen ontvangen. De zienswijzen zijn van een ambtelijke reactie voorzien in de bijgaande nota van zienswijzen. Daarnaast is de NCR 2021 gewijzigd op basis van de door Brabant Water voorgestelde Uniforme verlegregeling van de As50-gemeenten waar de Algemene Vergadering van Aandeelhouders op 16 juni 2023 mee heeft ingestemd. Het vaststellen van de AVOI is aan de raad. Door een personele wisseling heeft dit proces AVOI en NCR vertraging opgelopen.
Beoogd effect De versterking van de regie in de ondergrond van de openbare ruimte is in het belang van de ontwikkeling van het afwegingskader bodem en ondergrond, klimaatadaptatie en energietransitie en draagt bij aan de Programma’s Duurzame Stad en Vitale Stad.
Voorstel 1. 2.
De Algemene Verordening Ondergrondse Infrastructuren (AVOI) vaststellen. De Telecommunicatie verordening Tilburg 2009 intrekken.
Argumenten 1.1. Met de vaststelling van één verordening die in principe voor alle netbeheerders geldt, zorgen we voor duidelijkheid, rechtszekerheid en gelijkheid. Er zijn nu versnipperde en uiteenlopende regels voor de verschillende netbeheerders op basis van een overeenkomst of er zijn nog oude vergunningen of ontheffingen van toepassing. Voor overige kabels en leidingen geldt een vergunningplicht op grond van artikel 14 APV. Ook de verdeling van verlegkosten (kosten voor het verleggen van kabels en leidingen vanwege werkzaamheden van de gemeente) is op dit moment niet uniform geregeld, wat zorgt voor een onwenselijke situatie. De lopende privaatrechtelijke overeenkomsten en vergunningen e.d. zijn relatief (zeer) oud, waardoor de inhoud ervan grotendeels niet meer voldoet aan de eisen van deze tijd en de behoeften van de gemeente Tilburg. De AVOI geeft de gemeente betere instrumenten om regie te voeren, door de netbeheerders te verplichten tijdig informatie aan te leveren over hun lange termijnplanning en over die planning periodiek met de gemeente te overleggen en af te stemmen. Ook krijgt de gemeente de mogelijkheid om in vergunningen voorwaarden op te nemen over de plaats, het tijdstip en de wijze van uitvoering van werkzaamheden en het bevorderen van medegebruik van voorzieningen.
Doordat alle kabels en leidingen nu vallen onder de vergunningplicht van de AVOI komt de vergunningplicht van kabels en Leidingen op grond van de APV te vervallen. In de Wijzigingsverordening APV moet artikel 14 in de APV om die reden worden aangepast.
raad 2024_1614 definitief.docx
2
1.2. De AVOI stelt de gemeente in staat om snel in te spelen op ontwikkelingen op het gebied van kabels en leidingen. Dit is bijvoorbeeld van belang in verband met de energietransitie en aanbieders van nieuwe energie. Bovendien voorziet de AVOI in een vergunningstelsel voor kabels en leidingen (niet zijnde telecomkabels). Dit stelt de gemeente in staat zo nodig nakoming van vergunningsvoorwaarden bestuursrechtelijk af te dwingen. 1.3. De AVOI maakt het mogelijk dat het college nadere regels kan opstellen van het al dan niet toestaan van private kabelpartijen in de openbare ruimte. Private partijen zijn niet bij de wet aangewezen netbeheerders. Bij wet aangewezen netbeheerders zijn NUTS partijen zoals Brabant Water en Enexis en Telecombieders. Deze nadere regels maken het enerzijds mogelijk om een beleid te hebben waarin de afweging is gemaakt tussen de drukte in de ondergrond en anderzijds het maatschappelijk belang. Dit kan voorkomen bij sommige niet openbare netwerken zoals een warmtenet of een privaat elektriciteitsnet. Denk hierbij aan warmtenetten, windmolen- en zonneparken, die niet direct worden aangesloten door Enexis. 1.4 Opzeggen overeenkomsten c.q. vergunningen met netbeheerders. Tegelijk met het voorstel over de definitieve AVOI en NCR stellen we aan het college voor te besluiten om de lopende overeenkomsten c.q.
vergunningen/ontheffingen met de netbeheerders op te zeggen of in te trekken. Het betreft de overeenkomsten met Brabant Water, Enexis, Ennatuurlijk, Tennet, Petrochemical Pipeline Services B.V. en N.V. Rotterdam-Rijn Pijpleiding Mij., dan wel de aan deze gelieerde vennootschappen of haar rechtsvoorgangers. De overeenkomsten belemmeren de publieksrechtelijke regelingen. Deze overeenkomsten staan de (integrale) uniforme toepassing van AVOI en NCR in de weg en zullen gemakkelijk leiden tot juridische discussies en meningsverschillen. Vooraankondigingen dat overeenkomsten zouden worden beëindigd, zijn in 2021 aan alle netbeheerders verzonden. Er zijn weinig bezwaren tegen om de AVOI en NCR vast te stellen voordat de overeenkomsten opgezegd dan wel ingetrokken zijn. Beide regelingen hebben immers een groter toepassingsbereik dan alleen de netbeheerders die oude afspraken hebben met de gemeente. Bovendien zal een aantal bepalingen uit de AVOI ook gelden voor deze netbeheerders, omdat die oude afspraken veel elementen uit de AVOI niet regelen. Er zijn twee overeenkomsten die ook na de invoering van de AVOI nog rechtsgeldig zijn in verband met de lange opzegtermijnen. De overeenkomst uit 1988 die overgegaan is naar Enexis en Ennatuurlijk heeft een opzegtermijn van 1 jaar.
In de brief voor het opzeggen van de overeenkomst, wordt gevraagd aan Enexis om de opzegtermijn los te laten zodat de verordening voor alle netbeheerders gelijktijdig in kan gaan. Wanneer Enexis niet instemt met het loslaten van de opzegtermijn, eindigt de overeenkomst een jaar na het opzeggen. Met Brabant Water heeft de gemeente een zeer oude concessieovereenkomst uit 1889. Deze overeenkomst is vanaf 1979 stilzwijgend met 10 jaar verlengd en heeft een opzegtermijn van 2 jaar. De overeenkomst loopt door tot 1-1-2029 en zou tenminste voor 1-1-2027 opgezegd moeten worden. De reden dat de concessieovereenkomst eerder niet is opgezegd is omdat er nog een procedure liep op grond van de Waterleidingwet tussen Brabant Water en de Tilburgsche Waterleiding Maatschappij (TWM) over de schadeloosstelling die Brabant Water moest betalen voor de in 2007 door TWM overgedragen activa en passiva. De concessieovereenkomst is hier ook onderdeel van en kon (mede) bepalend zijn voor de hoogte van de schadeloosstelling. Opzegging zou dus een (proces)risico inhouden en er was geen zwaarwegend(er) algemeen belang dat het nemen van dit risico rechtvaardigde waardoor de overeenkomst is verlengd. De overeenkomst wordt alvast opgezegd en niet pas op 1-1-2027. Brabant Water is gevraagd in te stemmen met het loslaten van de opzegtermijn.
Stemt Brabant Water hier niet mee in, dan loopt de overeenkomst af op 1-1-2029. 1.5 De netbeheerders hebben zienswijze in kunnen dienen op de voorgenomen besluiten. De voorgenomen besluiten zijn in 2021 gedeeld met de in Tilburg actieve netbeheerders. Er zijn een 4-tal zienswijzen ontvangen. De zienswijzen zijn ambtelijk beoordeeld, voorzien van een reactie en zijn deels ook overgenomen zoals een uitbereiding van de begripsbepalingen, de toevoeging van de brandkranen, afsluiters,
raad 2024_1614 definitief.docx
3
huisaansluitingen en het toevoegen van het begrip ‘warmte’ bij de AVOI. De zienswijzen hebben ook geleid tot het schrappen van een bepaling omdat deze bepaling suggereerde dat kabels en leidingen bij iedere grond verkoop moeten worden verlegd. Wat niet juist is. 2.1. De Telecommunicatieverordening Tilburg 2009 is overbodig omdat de inhoud vrijwel ongewijzigd in de AVOI is opgenomen. De Telecommunicatieverordening Tilburg 2009 was van toepassing op aanbieders van een openbaar elektronisch communicatienetwerk. Het is wenselijk om andere partijen die beroepsmatig werkzaamheden aan kabels en leidingen verrichten zoveel mogelijk op dezelfde wijze te behandelen als aanbieders van openbare elektronische communicatienetwerken. Daarom is ervoor gekozen om in plaats van de Telecommunicatieverordening Tilburg 2009 één nieuwe verordening, de Algemene Verordening Ondergrondse Infrastructuren Tilburg (AVOI), voortestellen waaronder alle werkzaamheden aan kabels en leidingen komen te vallen. De bepalingen van de Telecommunicatieverordening zijn in de AVOI opgenomen.
Kanttekeningen en gewogen alternatieven 1.1 De AVOI wordt nog niet in het Omgevingsplan opgenomen. De verordeningen die bepalingen bevatten over de fysieke leefomgeving moeten voor 1 januari 2032 worden opgenomen in het Omgevingsplan. De AVOI wordt conform de vastgestelde roadmap Omgevingsplan samen met overige verordeningen met regels over de fysieke leefomgeving opgenomen in het Omgevingsplan. Tot opname van deze regels in het Omgevingsplan zijn de regels uit de AVOI bindend.
Niet beïnvloedbare risico’s Risico is dat de netbeheerders in verweer komen tegen de AVOI. Er is in Nederland de afgelopen jaren regelmatig door nutsbedrijven geprocedeerd tegen opzeggingen van oude overeenkomsten e.d. door gemeenten. In bijna alle gevallen werden gemeenten, ook in hoger beroep, in het gelijk gesteld. Het procesrisico van opzeggingen en intrekkingen lijkt daarom aanvaardbaar. De netbeheerders zijn het niet volledig eens met de werkwijze zoals die in de AVOI en nadere regels is uitgewerkt. Op enkele onderdelen proberen ze via privaatrechtelijke overeenkomsten de eigen belangen af te dwingen. Hierover zijn we in goed overleg, maar dit is nog geen afgerond proces. Niet uit te sluiten is, dat een of meer netbeheerders zullen procederen tegen een opzegging of intrekking. Daarom en omdat het opzeggen van oude afspraken met netbeheerders een atypisch en specialistisch onderwerp is, is voorafgaand aan het proces (2021) advies gevraagd aan de stadsadvocaat. Dat draagt tevens bij aan een verkleining van het proces risico en als het tot procedures komt, kent de stadsadvocaat het dossier al.
Kosten en dekking De Legesverordening bevat een legestarief voor instemmingsbesluiten (vergunningen) voor telecommunicatiekabels. Omdat in de AVOI ook voor andere kabels en leidingen een vergunningplicht is opgenomen, stellen wij uw raad in het najaar 2024 voor daar in de Legesverordening 2025 ook een kostendekkend tarief voor op te nemen. Als netbeheerders in de openbare ruimte graafwerkzaamheden uitvoeren brengt de gemeente de gebruikelijke beheerkosten en degeneratiekosten in rekening. Beheerkosten zijn kosten die de gemeente maakt voor de administratieve afhandeling en het toezicht op het herstel van de openbare ruimte. Degeneratiekosten zijn kosten wegens de achteruitgang van de kwaliteit van de wegverharding als gevolg van opbreken van de wegverharding.
Uitvoering Na vaststelling van de AVOI en NCR volgt de implementatiefase, waarbij de gemeente zorgt voor de praktische uitvoering van de verordening en beleidsregels. De nieuwe werkwijze ten aanzien van kabels en leidingen wordt opgenomen in de processen van de gemeente, zoals de APV en de Legesverordening. Zowel de
raad 2024_1614 definitief.docx
4
Legesverordening als de APV worden bij de eerstvolgende wijzigingen van de verordening aangepast zodat deze zijn aangepast aan de AVOI. De uitvoering van de AVOI wordt publiekrechtelijk vastgelegd en geborgd via het Handboek Kabels en Leidingen. Daarin zijn nadere regels gesteld ter uitwerking van de AVOI zoals te volgen procedures en uitvoeringsvoorschriften. In de dagelijkse praktijk zal invulling worden gegeven aan de uitvoering van de AVOI. Het gaat dan om taken ten aanzien van de naleving van de gestelde regels, taken zoals toezicht en controle van de (uitvoerings-) voorschriften en handhavend optreden. Het naast elkaar bestaan van de nieuwe regelingen en oude overeenkomsten kan leiden tot juridische discussies en meningsverschillen over welke regels van toepassing zijn. Ook kan inconsistentie ontstaan in de toepassing van regels, wat verwarring kan veroorzaken bij zowel de gemeente als de netbeheerders. Om deze problemen te voorkomen wordt een overgangsplan gemaakt waarin stapsgewijs wordt uitgelegd welke regels voorrang hebben in specifieke situaties, hoe de oude overeenkomsten uit gefaseerd worden en de nieuwe regels worden geïmplementeerd. Instructie en voorlichting voor betrokken partijen kunnen daarnaast helpen om de overgang soepel te laten verlopen.
Participatie 1. Tot op dit moment zijn de netbeheerders bij de conceptregeling in 2021 vooraf geconsulteerd en hebben ze hun zienswijzen kunnen indienen gericht op de verordening en beleidswijzigingen AVOI en NCR. Diverse zienswijzen zijn doorgevoerd in de regelingen en zichtbaar In de Nota van Zienswijzen. 2. Na dit besluit brengen we de netbeheerders op de hoogte van de vastgestelde regelingen.
Communicatie De besluiten AVOI, NCR, het intrekken van de Telecommunicatieverordening Tilburg 2009, wijziging APV en de Legesverordening worden gepubliceerd op www.overheid.nl. De netbeheerders worden van de besluiten op de hoogte gesteld.
Evaluatie Niet van toepassing.
Bijlagen .
Ter inzage gelegde stukken Geen.
Tilburg, 27 augustus 2024 Het college van burgemeester en wethouders van Tilburg, de secretaris,
de burgemeester,
raad 2024_1614 definitief.docx
5
Raadsbesluit De raad van de gemeente Tilburg; -
gezien het voorstel van het college van burgemeester en wethouders; gelet op Gemeentewet, art. 149; gelet op de Telecommunicatiewet, art. 5.4, vierde lid.
Besluit 1. Onderstaande Algemene Verordening Ondergrondse Infrastructuren (AVOI) vast te stellen. 2. de Telecommunicatie verordening Tilburg 2009 in te trekken.
Algemene Verordening Ondergrondse Infrastructuren (AVOI) gemeente Tilburg Hoofdstuk 1: Algemene bepalingen Deze verordening is van toepassing op werkzaamheden die door of namens een netbeheerder plaatsvinden met betrekking tot het aanleggen, instandhouden, onderhouden, verleggen en verwijderen van kabels en leidingen inclusief de daarbij horende onder- en bovengrondse onderdelen van het netwerk in, op en boven de openbare gronden, voor zover de gemeente deze gronden beheert, in eigendom heeft of daarover wettelijke coördinatieverplichtingen heeft. Artikel 1 Begripsbepalingen In deze verordening wordt verstaan onder: a. College: college van burgemeester en wethouders van de gemeente Tilburg; b. Degeneratiekosten: de vergoeding aan de gemeente door vermindering van de kwaliteit en/of levensduur van de verharding of andere gemeente-eigendommen, veroorzaakt als gevolg van de aanlegwerkzaamheden; c. Een gedoogplichtige: degene op wie een gedoogplicht rust als bedoeld in de Omgevingswet of in artikel 5.2, lid 1, van de Telecommunicatiewet; d. Grondroerder: de natuurlijke persoon of rechtspersoon, die werkzaamheden verricht of onder wiens verantwoordelijkheid werkzaamheden worden verricht; e. Handboek: het Handboek Kabels en Leidingen (standaardbepalingen voor het opnemen van de sleufverharding, het graven, aanvullen en verdichten van sleuven en het aanleggen etc.
van kabels en leidingen die eigendom of in beheer zijn bij de gemeente), zijnde door het college vast te stellen nadere regels betreffende de voorbereiding en uitvoering van ontwerp, aanleg, exploitatie, onderhoud en verwijdering van kabels en leidingen inclusief de toepasselijke indieningsvereisten; f. Huisaansluiting: het gedeelte van de kabel en/of leiding in openbare gronden dat een netwerk verbindt met een netwerkaansluitpunt (o.a. ten behoeve van een onroerende zaak als bedoeld in artikel 16, onderdelen a tot en met d, van de Wet Waardering Onroerende Zaken); g. Instemmingsbesluit: besluit tot instemming van het college over het tijdstip, de plaats en de werkwijze van uitvoering van de werkzaamheden als bedoeld in artikel 5.4 lid 1, aanhef en sub b Telecommunicatiewet; h. Kabels en/of leidingen: kabels en leidingen, mantelbuizen daaronder begrepen, die dienen of kunnen dienen tot transport van vaste, vloeibare of gasvormige stoffen dan wel van energie of informatie en waarmee het algemeen belang wordt gediend, inclusief de daarbij horende onder- en bovengrondse ondersteuningswerken zoals kasten, afsluiters brandkranen, en netstations met uitzondering van kabels als bedoeld in de Telecommunicatiewet;
raad 2024_1614 definitief.docx
6
i. Net of netwerk: een samenstel van (hoofdzakelijk) ondergrondse kabels en/of leidingen, bestemd voor het transport van vaste, vloeibare of gasvormige stoffen, van energie of van informatie, uitgezonderd het rioleringsnetwerk; j. Netbeheerder: de natuurlijke persoon handelend in een uitvoering van een beroep of bedrijf, of rechtspersoon door wie of onder wiens verantwoordelijkheid een kabel of leiding of (al dan niet openbaar) net of netwerk voor de levering van elektriciteit, gas, water, warmte of WKO (Warmte Koude Opslag), wordt aangelegd, beheerd of geëxporteerd, dan wel de aanbieder van een openbaar elektronisch communicatienetwerk als bedoeld in artikel 5.1 van de Telecommunicatiewet, waaronder tevens wordt begrepen de natuurlijke of rechtspersoon, die een vergunning of instemmingsbesluit heeft aangevraagd of melding heeft gedaan; k. Niet-openbare kabels en/of leidingen: kabels en/of leidingen (dan wel het netwerk waartoe deze behoren) die niet gebruikt worden om openbare (voor het publiek beschikbare) diensten aan te bieden; l. Openbare gronden: openbare gronden, als genoemd in artikel 1.1 van de Telecommunicatiewet en terreinen en (bouw)gronden waarvan de gemeente ten minste mede-eigenaar is die op het moment van de werkzaamheden nog geen deel uitmaken van de openbare ruimte, maar die na de oplevering tot het openbaar areaal gaan behoren; m.
Openbaar elektronisch communicatienetwerk: telecommunicatienetwerk als bedoeld in artikel 1.1 Telecommunicatiewet; n. Registratiesysteem: digitaal registratiesysteem dat wordt gebruikt door de gemeente om vergunningen, instemmingen en meldingen van werkzaamheden aan kabels en/of leidingen en alles wat daarmee samenhangt te verwerken; o. Sleufloze technieken: het maken van een holle ruimte in de grond, met behulp van een gestuurde) boring of persing, waarbij het maaiveld niet of zo min mogelijk wordt verstoord; p. Spoedeisende werkzaamheden: werkzaamheden ten gevolge van een ernstige belemmering of storing van de dienstverlening via het betreffende net of netwerk die in verband met het (dreigen van het) ontstaan van schade redelijkerwijs niet kunnen worden uitgesteld; q. Vergunning: besluit van het college op een aanvraag voor het verrichten van werkzaamheden in verband met de aanleg, instandhouding op opruiming van kabels of leidingen in, op en boven openbare gronden, uitgezonderd voor kabels ten dienste van een openbaar elektronisch communicatienetwerk; r.
Werkzaamheden: handmatige en/of mechanische (graaf)werkzaamheden, inclusief het opbreken en herstellen van de sleufverharding en sleufloze technieken in, op en boven openbare gronden in verband met de aanleg, instandhouding, verplaatsing en opruiming van kabels en/of leidingen, met inbegrip van het hiervoor inrichten van een werkterrein; s. Werkzaamheden van niet-ingrijpende aard: werkzaamheden inzake: > het aanbrengen, instandhouden of verwijderen van kabels en/of leidingen in reeds aangebrachte voorzieningen (mantelbuizen); > aanleg, instandhouding en/of opruiming van en onderhoud aan kabels en/of leidingen met een gezamenlijke tracélengte tot vijfentwintig (25) meter uitgezonderd handholes en niet vallend onder onderdeel p van dit artikel, waarbij geen wegen, watergangen of groenvoorzieningen volledig worden doorkruist en met geringe overlast c.q. belemmeringen voor de omgeving; > aanleg, instandhouding en/of opruiming van incidentele (huis)aansluitingen, waarbij geen wegen, watergangen of groenvoorzieningen volledig worden gekruist, tot een gezamenlijke tracélengte van vijfentwintig (25) meter; > het plaatsen van distributie- en mutatiepunten met een afmeting kleiner dan 30x30x30 cm (lxbxh); > het maken van maximaal twee montagegat(en) c.q.
lasgat(en); een opbreking met beperkte afmeting, maximaal 2 m², die wordt gemaakt ten behoeve van de toegang tot een handhole, distributie- of mutatiepunt, plaatsen van afsluiters, het opgraven van een kabelrol ten behoeve van huisaansluitingen, voor het herstellen van kabel- c.q. leidingstoringen of voor inspectiedoeleinden. Artikel 2 Informatie-uitwisseling. - Coördinatie. - Overleg. 1. Op verzoek van het college levert een netbeheerder ten minste één keer per jaar een langetermijnplanning van werkzaamheden aan. Het college stelt nadere regels vast over de informatie die moet worden
raad 2024_1614 definitief.docx
7
aangeleverd en over het tijdstip en de wijze waarop die informatie moet worden aangeleverd. 2. Het college draagt zorg voor de coördinatie van werkzaamheden in verband met de aanleg, instandhouding en opruiming van kabels en/of leidingen in, op en boven openbare gronden. Bij deze coördinatie worden mede betrokken andere werkzaamheden in, op en boven openbare gronden. 3. Het college organiseert periodiek overleg met netbeheerders over het tijdstip, de plaats en de wijze van uitvoering van werkzaamheden aan kabels en leidingen, waarbij ook andere betrokkenen of belanghebbende partijen kunnen worden uitgenodigd. 4. In dit overleg worden de plannen van de gemeente, van netbeheerders en andere betrokken of belanghebbende partijen besproken en eventueel afgestemd o.a. in het belang van de coördinatie zoals bedoeld in lid 2 en in het kader van de bepalingen van deze verordening. Artikel 3 Nadere regels 1. Het college is voor wat betreft kabels en leidingen, niet zijnde kabels en leidingen ten dienste van een openbaar elektronisch communicatienetwerk, bevoegd krachtens deze verordening nadere regels te stellen. 2. Deze nadere regels hebben in ieder geval betrekking op: a. Het tijdstip, de plaats en de wijze van uitvoering bij de aanleg, instandhouding, het nemen van maatregelen aan, verplaatsen en opruiming van kabels en/of leidingen; b.
Het bevorderen van het medegebruik van voorzieningen; c. Ordening, planning en coördinatie van werkzaamheden in verband met de aanleg, instandhouding, het nemen van maatregelen aan, verplaatsen en opruiming van kabels en/of leidingen; d. De bij een aanvraag of melding te verstrekken gegevens alsmede over de wijze waarop die dienen te worden verstrekt; e. Herstelkosten en vergoeding van beheer- en degeneratiekosten; f. Het verstrekken van informatie over de lange-termijn planning; g. Hoe moet worden omgegaan met kabels en leidingen in verontreinigde grond, rond watergangen en bij bomen en groenvoorzieningen.
Hoofdstuk 2: Aanvragen en melden van werkzaamheden. Artikel 4 Vereisten vergunning, instemming en melding. 1. Het is verboden zonder of in afwijking van een vergunning of instemmingsbesluit van het college, of zonder melding zoals bedoeld in lid 4 en lid 5 van dit artikel, werkzaamheden uit te voeren. 2. Voor het aanvragen van een vergunning, instemmingsbesluit of doen van een melding, dient gebruik te worden gemaakt van daartoe door het college vastgestelde (digitale) formulieren en/of registratiesysteem. 3. Indien voor de voorgenomen werkzaamheden tevens (privaatrechtelijke) toestemming nodig is van een andere eigenaar van of rechthebbende op openbare gronden dan de gemeente, dient bij de aanvraag het bewijs van verkregen toestemming te worden overlegd. 4. Voor het verrichten van werkzaamheden van niet ingrijpende aard, als bedoeld in artikel 1 sub s, is geen vergunning of instemmingsbesluit noodzakelijk, als bedoeld in lid 1, maar kan worden volstaan met een digitale melding via het registratiesysteem die aan het college minimaal twee werkdagen voorafgaande aan de werkzaamheden. 5. a. Spoedeisende werkzaamheden, als bedoeld in artikel 1 sub p, dienen vóór aanvang van de werkzaamheden gemeld te worden. Als een melding vooraf niet mogelijk is, moet de melding uiterlijk binnen één werkdag na de start van de uitvoering gemotiveerd worden gedaan aan het college. Indien
raad 2024_1614 definitief.docx
8
achteraf blijkt dat de uitgevoerde werkzaamheden vergunning- of instemming plichtig zijn, dient er alsnog een vergunning of instemmingsbesluit aangevraagd te worden. b. Voor wat betreft kabels ten dienste van een openbaar elektronisch communicatienetwerk geldt dat ingeval van spoedeisende werkzaamheden ten gevolge van ernstige belemmering of storing van de communicatie in de zin van artikel 5.6 lid 2 van de Telecommunicatiewet de aanbieder, voorafgaand aan de start van de werkzaamheden kan volstaan met een melding aan de gedoogplichtige. Als de werkzaamheden worden verricht in openbare gronden doet de aanbieder tevens een melding bij de burgemeester of een door hem of haar daartoe gemachtigd ambtenaar. 6. Het in het eerste lid opgenomen verbod is niet van toepassing op werkzaamheden van de gemeente bij het uitvoeren van haar publiekrechtelijke taak o.a. het aanleggen, onderhouden e.d. van riolering. Artikel 5 Gegevensverstrekking. 1. Bij een aanvraag voor een vergunning of instemmingsbesluit dienen, voor zover van toepassing, de volgende gegevens te worden verstrekt: a. een schriftelijke machtiging als het een aanvraag voor een vergunning of instemming betreft voor de aanleg, instandhouding en opruiming van kabels en/of leidingen voor of namens een netbeheerder; b.
naam-, (factuur-)adres- en woonplaats- of vestigingsplaatsgegevens van de eigenaar, beheerder en exploitant van de kabels en/of leidingen en van de (onder)aannemer(s) die belast zijn met de werkzaamheden, alsmede de naam en het telefoonnummer van de contactpersoon voor de werkzaamheden die ook bereikbaar moet zijn in verband met mogelijke calamiteiten; c. een opgave van het aantal, de soort, de lengte en het beoogde gebruik van de kabels en/of leidingen; d. welke belanghebbenden en instanties vooraf in kennis worden gesteld van de voorgenomen datum van aanvang, beëindiging en aard van de werkzaamheden; e. een verkeers- en bereikbaarheidsplan; f. een uitvoeringsplan met daarin opgenomen: - een (digitale) GBKN tekening (DWG- en Pdf-formaat) met legenda, eenduidige en volledige maatvoering (RD-coördinaten) met daarop aangegeven een opgave van het gewenste tracé; - overtuigende gegevens over de uitvoerbaarheid van de voorgenomen werkzaamheden binnen de beschikbare ruimte, waaruit ook blijkt dat de bereikbaarheid van de overige kabels en/of leidingen blijft gewaarborgd; - een opgave van de objecten (bovengrondse voorzieningen en de afmetingen daarvan, handholes c.q.
distributiepunten, brandkranen, afsluiters etc.), zowel van permanente als tijdelijke aard, die ten tijde van de werkzaamheden worden geplaatst en de situering daarvan op de tekening; - de tracélengte en de lengte en breedte van de te graven sleuf, alsmede de aard van de sleufbedekking; - een omschrijving van eventuele opbrekingen; - het boorplan indien het sleuvenloze techniek betreft; - het voorgenomen tijdstip van aanvang en beëindiging van de werkzaamheden. g. informatie over de afstemming met andere rechthebbenden op openbare gronden; h. informatie over een, al dan niet bij een ander bestuursorgaan, ingediende aanvraag om een vergunning, ontheffing of toestemming; i. de bereikbaarheid van percelen en opstallen in de nabijheid van de uit te voeren werkzaamheden; j. als de aanvraag betrekking heeft op openbare gronden met andere rechthebbenden dan de gemeente informatie over de privaatrechtelijke toestemming van die rechthebbenden indien die toestemming is vereist. 2.
Indien de werkzaamheden betrekking hebben op kabels van elektronische communicatienetwerken dienen, aanvullend op het eerste lid, bij de aanvraag tevens de volgende gegevens te worden verstrekt: - Een opgave van het aantal kabels dat direct in gebruik wordt genomen en een opgave van het aantal kabels dat niet direct in gebruik wordt genomen; - Informatie over een, al dan niet bij een ander bestuursorgaan, op grond van een andere wet dan de Telecommunicatiewet, ingediende aanvraag om een vergunning;
raad 2024_1614 definitief.docx
-
9
Alle overige van belang zijnde feiten en omstandigheden gelet op de in artikel 5.4 lid 3 en 4 van de Telecommunicatiewet genoemde belangen.
3. Bij een melding ten behoeve van spoedeisende werkzaamheden en werkzaamheden van niet ingrijpende aard dienen de volgende gegevens te worden verstrekt: a. Een schriftelijke machtiging indien het een aanvraag betreft voor de aanleg, instandhouding en opruiming van kabels en/of leidingen voor of namens een netbeheerder; b. Naam-, (factuur-)adres- en woonplaats- of vestigingsplaatsgegevens van de eigenaar, beheerder en exploitant van de kabels en/of leidingen en van de (onder)aannemer(s) die belast zijn met de werkzaamheden, alsmede de naam en het telefoonnummer van de contactpersoon voor de werkzaamheden die ook bereikbaar moet zijn in verband met mogelijke calamiteiten; c. Het adres van de graaflocatie; d. De dagtekening van de melding; e. De lengte van de sleuf die wordt opengebroken; f. Het oppervlak dat wordt opengebroken indien het alleen een montage gat betreft; g. Informatie over de aard en omvang van de werkzaamheden en bij spoedeisende werkzaamheden ook informatie over de reden van de vereiste spoed. 4. Het college kan voor wat betreft kabels en leidingen, niet zijnde kabels en leidingen ten dienste van een openbaar elektronisch communicatienetwerk, nadere regels stellen inzake de te verstrekken gegevens alsmede over de wijze waarop die dienen te worden verstrekt. Artikel 6 Beslistermijnen. 1.
Het college beslist op een aanvraag voor een vergunning of instemmingsbesluit binnen acht weken na de datum van ontvangst van de aanvraag. De aanvraag voor een instemmingsbesluit voor werkzaamheden ten behoeve van een openbaar elektronisch communicatienetwerk geldt als melding als bedoeld in artikel 5.4, lid 1, onderdeel a van de Telecommunicatiewet. 2. Indien de vergunning of het instemmingsbesluit niet binnen acht weken kan worden gegeven, deelt het college dit schriftelijk aan de aanvrager mede en noemt het daarbij een zo kort mogelijke termijn waarbinnen de vergunning of het instemmingsbesluit wel tegemoet kan worden gezien. 3. Indien het werkzaamheden van niet ingrijpende aard betreft beslist het college binnen drie werkdagen na de datum van ontvangst van de melding. 4. In afwijking van het bepaalde in het eerste en tweede lid, houdt het college de beslissing aan: - indien de aanvraag betrekking heeft op openbare gronden met andere rechthebbenden dan de gemeente en de vereiste privaatrechtelijke toestemming van die rechthebbenden ontbreekt.
Deze aanhouding eindigt na afloop van de bezwarentermijn, tenzij er bezwaren zijn ingediend en tevens is verzocht om een voorlopige voorziening; in dat geval eindigt de aanhouding met ingang van de dag nadat op dat verzoek is beslist; - indien er in verband met de voorgenomen werkzaamheden een of meerdere vergunning(en), ontheffing(en) of toestemming(en) op grond van andere wetgeving is of zijn vereist. Het vorenstaande geldt niet als de beschikking op een aanvraag van de vergunning(en), ontheffing(en) of toestemming(en) al is gegeven en de in artikelen 6:7 en 6:9 Algemene wet bestuursrecht genoemde termijnen zijn verstreken zonder dat bezwaren zijn ingediend of beroep is ingesteld ingeval rechtstreeks beroep op de bestuursrechter open staat. 5. Paragraaf 4.1.3.3. (positieve beschikking bij niet tijdig beslissen) van de Algemene wet bestuursrecht is niet van toepassing.
raad 2024_1614 definitief.docx
10
Artikel 7 Voorschriften, beperkingen, voor vergunning en instemming. - Weigeringsgronden voor vergunning. – Besluit burgemeester over spoedeisende werkzaamheden zoals bedoeld in artikel 4 lid 5. 1. Het college kan aan een vergunning en een instemmingsbesluit voorschriften of beperkingen verbinden in het belang van: a. de openbare orde; b. veiligheid, waaronder mede verstaan wordt een snelle en veilige afwikkeling van het verkeer; c. het voorkomen of beperken van overlast, mede omvattend de bescherming van groen, bomen en planten en het uiterlijk aanzien van de openbare ruimte; d. de bereikbaarheid van gronden en gebouwen; e. de ondergrondse ordening, mede omvattend de bescherming van ondergrondse kabels en leidingen en ruimte voor andere ondergrondse voorzieningen, zoals (nieuwe) energiebronnen en bomen. 2. De voorschriften of beperkingen zoals genoemd in lid 1 kunnen voor wat betreft instemmingsbesluiten slechts en voor wat betreft vergunningen in elk geval betrekking hebben op: a. het tijdstip, de plaats en wijze van uitvoering van de werkzaamheden bij aanleg, instandhouding, onderhoud, verplaatsing en opruiming van kabels en/of leidingen; b. het bevorderen van medegebruik van voorzieningen, zoals kabelgoten en geleidingen, die door derden of de gemeente tegen marktconforme prijzen ter beschikking worden gesteld; c.
het afstemmen van de voorgenomen werkzaamheden met beheerders van overige in de grond aanwezige werken; d. het beschermen van ruimtereserveringen ten behoeve van de aanleg en exploitatie van leidingen en leidingstroken die zijn vastgelegd in gemeentelijk beleid; e. een effectieve en doelmatige invulling en uitvoering in het kader van de klimaatadaptatie, waaronder de ruimte voor bomen, de warmtetransitie, waaronder tenminste wordt verstaan het zelfstandig (door de gemeente) kunnen bepalen waar wel of geen warmte (en koude) netten, -leidingen, bijbehorende installaties en overige hulpmiddelen voor het transport en de warmteproductie worden gerealiseerd. 3. a. Indien binnen twee jaar na groot onderhoud of herinrichting van openbare gronden de netbeheerder werkzaamheden moet uitvoeren, kan het college bijzondere voorwaarden stellen aan het herstel. De hieruit voortvloeiende kosten zijn voor rekening van de netbeheerder. b. Aan herstel van bijzondere bestrating kan het college nadere voorwaarden stellen. 4. Het college kan een vergunning weigeren vanwege de belangen die zijn genoemd in lid 1 sub a t/m e. 5.
De grondroerder dient in elk geval eigenaren en/of gebruikers van gebouwen en percelen, die grenzen aan het tracé van kabels en/of leidingen, tijdig vooraf schriftelijk te informeren over aanvang, duur, aard en plaats van de werkzaamheden en de mate van bereikbaarheid van gebouwen en percelen. 6. Alle werkzaamheden die te maken hebben met aanleg, onderhoud, het uitvoeren van maatregelen, verplaatsen en opruimen van kabels en/of leidingen en van medegebruik van voorzieningen moeten gebeuren conform de in de gemeente van toepassing zijnde nadere regels zoals bedoeld in artikel 3. 7. De grondroerder is verplicht na het einde van de werkzaamheden de grond, eventuele verhardingen en beplanting terug te brengen in de oude staat, tenzij het college vooraf heeft aangegeven hier (al dan niet gedeeltelijk) zelf zorg voor te willen dragen. 8. De vergunninghouder en de houder van een instemmingsbesluit dragen er zorg voor dat de aan de vergunning of het instemmingsbesluit verbonden voorschriften en beperkingen en de verplichtingen vastgesteld bij of krachtens deze verordening worden nageleefd. 9.
Ten aanzien van de spoedeisende werkzaamheden zoals bedoeld in artikel 4 lid 5 sub kan de burgemeester besluiten dat de voorgenomen werkzaamheden op een ander tijdstip plaatsvinden ingeval de openbare orde of gevaar of de vrees voor het ontstaan van gevaar zich verzet tegen de uitvoering van de voorgenomen werkzaamheden. De burgemeester neemt het besluit onverwijld na ontvangst van de in artikel 4 lid 5 sub b bedoelde melding. Artikel 8 Wijzigen of intrekken vergunning of instemming 1. Het college kan de vergunning of instemming wijzigen of intrekken, indien: a. De in de vergunning of instemmingsbesluit benoemde werkzaamheden niet binnen één jaar na de datum waarop de vergunning of het instemmingsbesluit onherroepelijk is geworden zijn voltooid;
raad 2024_1614 definitief.docx
11
b. De kabel en/of leiding definitief buiten gebruik is; c. De vergunning of instemming is verleend ten gevolge van onjuiste of onvolledige gegevens; d. De vergunning of instemming in strijd met enig wettelijk voorschrift is afgegeven; e. Het bepaalde bij of krachtens deze verordening of de voorwaarden van de vergunning of instemming niet wordt nageleefd; f. Naar het oordeel van het college de omstandigheden zodanig zijn gewijzigd dat het van kracht blijven van de vergunning of de instemming onaanvaardbare schadelijke gevolgen heeft voor mens, natuur of milieu en hieraan door het wijzigen van de vergunning of instemming of stellen van nadere voorschriften en beperkingen niet kan worden tegemoetgekomen; g. Het nemen van maatregelen voor kabels en leidingen, waaronder het verleggen, noodzakelijk is voor de oprichting van gebouwen of de uitvoering van werken door of vanwege de gemeente. 2. Het college gaat niet over tot intrekking of wijziging van de vergunning of instemming dan nadat het college de houder van de vergunning of instemming heeft gehoord. 3. Aan het besluit tot wijziging of intrekking van de vergunning of instemming kan de verplichting worden verbonden om op aanwijzing van het collegemaatregelen te treffen aan de betreffende kabels en/of leiding(en), deze te verplaatsen of deze te verwijderen. 4.
Bij een aanwijzing tot het nemen van maatregelen, waaronder het verplaatsen, ten aanzien van kabels en/of leidingen gaat de netbeheerder zo snel mogelijk over tot uitvoering hiervan, doch niet later dan twaalf (12) weken na de datum van ontvangst van de aanwijzing. Het college kan in afwijking hiervan toestaan dat de uitvoering later plaatsvindt als zij dat redelijk vindt. Artikel 9 (Mede)gebruik van voorzieningen 1. Een netbeheerder is verplicht bij de aanleg of verplaatsing van kabels en/of leidingen in openbare gronden zoveel mogelijk (mede)gebruik te maken van bestaande, hetzij door overige netbeheerders dan wel door of in opdracht van het college aangelegde, voorzieningen, zoals mantelbuizen, kabelgoten of leidingentunnels, indien dit technisch haalbaar is en medegebruik geen belemmering vormt voor de veiligheid, toegankelijkheid en leveringszekerheid. 2. Het in artikel 2 lid 3 bedoelde overleg of een specifiek door het college geïnitieerd overleg naar aanleiding van een aanvraag voor vergunning of instemmingsbesluit is er mede op gericht te bepalen of en zo ja langs welke delen van het tracé (mede)gebruik kan worden gemaakt van bestaande voorzieningen als bedoeld in het eerste lid. 3.
Indien een netbeheerder een marktconform aanbod wordt gedaan om medegebruik te maken van de vooraangelegde voorzieningen als bedoeld in lid 1, is de netbeheerder verplicht om daarvan gebruik te maken. 4. Indien de openbare gronden geen of onvoldoende ruimte bieden voor de aanleg van nieuwe of verplaatsing van kabels en/of leidingen, dient de netbeheerder in overleg met het college een ander tracé te kiezen of andere netbeheerders een redelijk verzoek tot medegebruik te doen zoals bedoeld in artikel 5a.3 e.v. Telecommunicatiewet.
Hoofdstuk 3: Overige bepalingen Artikel 10. Het nemen van maatregelen en nadeelcompensatie. 1. Het bepaalde in dit artikel geldt niet indien hierin reeds is voorzien in de Telecommunicatiewet. 2. Het bepaalde in dit artikel is van toepassing als het college ten aanzien van een vergunning van een netbeheerder een besluit neemt als bedoeld in artikel 8 lid 1 sub g en daaraan de verplichting verbindt, als bedoeld in artikel 8 lid 3, om maatregelen te treffen aan kabels en/of leidingen of deze te verplaatsen, tenzij en voor zover daarover vooraf door het college andersluidende schriftelijke afspraken zijn gemaakt met de netbeheerder. 3. Het college stelt een nadeelcompensatieregeling kabels en leidingen (regeling over het vergoeden van verlegkosten) vast over de uitoefening van de bevoegdheid als bedoeld in lid 2 van dit artikel. Andere nadeelcompensatieregelingen van de gemeente zijn hierop niet van toepassing.
raad 2024_1614 definitief.docx
12
Artikel 11. Herstraatkosten, beheer- en degeneratiekosten. - Kosten verplaatsen, verwijderen van gemeentelijke eigendommen. 1. Indien door de netbeheerder werkzaamheden aan kabels en leidingen in of op openbare gronden worden uitgevoerd, brengt het college de kosten voor herstel, beheer, onderhoud en degeneratie van openbare gronden die het gevolg zijn van de uitgevoerde werkzaamheden bij de netbeheerder in rekening. 2. Het uitgangspunt bij het herstel van gronden is dat de grond wordt teruggebracht in de oude staat of de in de vergunning of het instemmingsbesluit omschreven staat. 3. Het college stelt voor de uitoefening van de bevoegdheid als bedoeld in lid 1 om kosten in rekening te brengen nadere regels en tarieven vast. 4. Indien ten gevolge van werkzaamheden in verband met de aanleg, instandhouding en opruiming van kabels en leidingen, verplaatsing, wijziging of verwijdering van enig eigendom van de gemeente noodzakelijk is, dan wel ten behoeve van werkzaamheden speciale voorzieningen moeten worden getroffen, komen de kosten ervan voor rekening van de netbeheerder, tenzij er redelijkerwijs aanleiding bestaat om de kosten over meerdere partijen te verdelen dan wel om geen kosten in rekening te brengen. 5.
Op aanzeggen van het college is een netbeheerder verplicht, leidingen te verwijderen als de vergunning is verlopen/beëindigd of als de betreffende kabels en leidingen buiten gebruik zijn gesteld. Bij reconstructie moeten buiten gebruik gestelde kabels en leidingen worden verwijderd. Artikel 12. Karakter van de vergunning of instemming. Eigendom. Samenloop. 1. Een vergunning of instemming is zaak gebonden zodat die geldt voor een specifieke kabel of leiding en overdraagbaar is, tenzij in de vergunning of instemming is bepaald dat deze ‘persoonsgebonden’ is. 2. Indien eigendom, exploitatie of beheer van de kabel en/of leiding wordt overgedragen aan een andere netbeheerder of de netbeheerder in een andere rechtsvorm wordt omgezet, gaan de rechten en plichten volgens deze verordening die betrekking hebben op de kabel en/of leiding van rechtswege over op de nieuwe netbeheerder. 3. Op het eigendom van de kabels en/of leidingen zijn de desbetreffende wettelijke bepalingen van toepassing. 4. De verleende vergunning of instemming geldt, voor zover van toepassing, tevens als een vergunning op grond van artikel 13 en 14 Algemene Plaatselijke Verordening Tilburg en daarnaast kan tevens een vergunning vereist zijn op grond van de Omgevingswet. Artikel 13 Niet-openbare kabels en leidingen. 1.
Bij werkzaamheden in verband met de aanleg, instandhouding en opruiming van niet-openbare kabels en/of leidingen in, op en boven openbare gronden is het bepaalde in deze verordening van overeenkomstige toepassing, met uitzondering van het bepaalde in artikel 10 lid 3. 2. Niet-openbare kabels en/of leidingen dienen op verzoek van het college op- of in openbare gronden, op kosten van de eigenaar van de kabels en/of leidingen, te worden verwijderd of verlegd. 3. Het opnemen van het eerste lid van dit artikel in deze verordening houdt geen gedoogplicht in voor de gemeente Tilburg met betrekking tot niet-openbare kabels en/of leidingen. Artikel 14: Informatieplicht 1. De netbeheerder stelt het college onmiddellijk en schriftelijk in kennis van het in of uit gebruik nemen van een kabel of leiding of als de eigendom, de exploitatie of het beheer van de kabel en/of leiding verandert. 2. Een netbeheerder van een openbaar elektronisch communicatienetwerk stelt het college onmiddellijk en schriftelijk in kennis als een kabel of leiding niet langer ten dienste staat van zo'n openbaar netwerk. 3. Het college kan van de netbeheerder een overzicht van alle (niet) in gebruik zijnde kabels en/of leidingen verlangen. De bewijslast van ingebruikname ligt bij de netbeheerder.
raad 2024_1614 definitief.docx
13
Hoofdstuk 4: Handhavings- en toezichtbepalingen Artikel 15: Toezicht en handhaving. 1. Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze verordening zijn belast de bij besluit van het college aangewezen personen. 2. Het college is bevoegd de werkzaamheden direct stil te leggen, indien er wordt gewerkt: a. zonder vergunning, instemmingsbesluit of zonder toestemming ingeval van meldingsplicht; b. in afwijking van de aan een verleende vergunning, instemming of toestemming verbonden voorwaarden, wat onverlet laat de bevoegdheid van het college op grond van artikel 8. 3. In het geval van intrekking van de vergunning of het instemmingsbesluit dan wel als er wordt gewerkt zonder toestemming ingeval van een meldingsplicht, kan het college verlangen dat de oorspronkelijke situatie wordt hersteld. Artikel 16 Strafbepaling Overtreding van een bij of krachtens deze verordening gegeven voorschrift, of een beperking of voorschrift verbonden aan een vergunning, instemmingsbesluit of bij toestemming ingeval van meldingsplicht kan worden gestraft met een hechtenis van ten hoogste drie maanden of geldboete van de tweede categorie.
Hoofdstuk 5: Overgangs- en slotbepalingen Artikel 17: Inwerkingtreding 1. Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2025. 2. Op de datum van inwerkingtreding van de AVOI wordt de “Telecommunicatieverordening gemeente Tilburg 2009”, zoals vastgesteld in de raadsvergadering van 18 december 2008 ingetrokken. Artikel 18: Overgangsregeling. 1. Voor kabels en/of leidingen die op de datum van inwerkingtreding van deze verordening aanwezig en in gebruik zijn, geldt de schriftelijke toestemming, instemming dan wel vergunning op grond waarvan zij gelegd zijn, als een vergunning of instemmingsbesluit krachtens deze verordening. 2. Voor zover er sprake is van privaatrechtelijke bepalingen en voorwaarden in overeenkomsten tussen de gemeente en netbeheerders en tot het moment waarop deze zijn beëindigd, zijn de bepalingen in deze verordening, voor zover strijdig met deze bepalingen en voorwaarden in deze overeenkomsten, niet van toepassing. Artikel 19 Hardheidsclausule Het college heeft de bevoegdheid op grond van afweging van de te behartigen belangen en met inachtneming van de redelijkheid en billijkheid in incidentele en te motiveren gevallen af te wijken van de bepalingen van deze verordening.
raad 2024_1614 definitief.docx
14
Artikel 20: Citeertitel Deze verordening wordt aangehaald als: "Algemene Verordening Ondergrondse Infrastructuren Gemeente Tilburg" (afgekort "AVOI Tilburg ") Tilburg, Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van 23 september 2024. de griffier,
voorzitter,
raad 2024_1614 definitief.docx
15
Toelichting Het doel van deze toelichting is informatie en nadere uitleg te verstrekken over de Algemene Verordening Ondergrondse Infrastructuren (AVOI), zowel voor gebruik binnen de gemeente als voor de netbeheerders. De actuele versie van de toelichting is steeds bepalend. Niet alle (sub)artikelen worden automatisch van een toelichting voorzien. Er wordt slechts een toelichting gegeven indien een nadere uitleg noodzakelijk wordt geacht. Algemeen. Werkzaamheden in de openbare ruimte hebben doorgaans direct effect op het alledaagse functioneren van de stad. Straten worden opgebroken, verkeer moet worden omgeleid en bewoners, ondernemers en winkelend publiek ondervinden hinder. Een goede regie over de werkzaamheden in de openbare ruimte is daarom van belang voor het functioneren van de stad. De openbare ruimte bevat naast wegen, paden, groenvoorzieningen e.d. ook ondergrondse Infrastructuren, zoals kabels en leidingen ten behoeve van gas, elektriciteit, water, warmte en telecommunicatie. De laatste decennia is het gebruik van de ondergrond qua ruimtebeslag toegenomen en de ontwikkelingen op het gebied van klimaatadaptatie en energietransitie hebben waarschijnlijk tot gevolg dat er nog meer en/of andere kabels en leidingen nodig zijn. Naarmate het gebruik van de ondergrond intensiever wordt, stijgt de behoefte om de ondergrond efficiënt, veilig en doelmatig te gebruiken.
Een goede coördinatie en afstemming van werkzaamheden aan kabels en leidingen in de stad is dan ook van groot belang. Om die reden is er behoefte om de regels daarvoor op een juridisch uniforme wijze te verankeren. Het vaststellen van een verordening is daarvoor het meest geëigende instrument. Regels die op basis van de Gemeentewet worden vastgelegd in een verordening bieden de burgers rechtszekerheid en geven de gemeente-instrumenten ten behoeve van de coördinatie en afstemming van werkzaamheden aan kabels en leidingen. Op basis van de Telecommunicatiewet (hierna: TW) is de gemeente belast met de coördinatie van de binnen haar grondgebied door aanbieders van openbare elektronische communicatienetwerken uit te voeren werkzaamheden aan telecommunicatiekabels. Die wet verplicht de gemeente een verordening vast te stellen waarin een aantal onderwerpen geregeld moet zijn, zoals de wijze van uitvoering bij aanleg, onderhoud, verplaatsing en opruiming en van medegebruik van voorzieningen. Aan die plicht heeft de gemeenteraad in 2009 voldaan door vaststelling van de Telecommunicatieverordening Tilburg 2009. Het is wenselijk om andere partijen die beroepsmatig werkzaamheden aan kabels en leidingen verrichten zoveel mogelijk op dezelfde wijze te behandelen als aanbieders van openbare elektronische communicatienetwerken.
Daarom is ervoor gekozen om in plaats van de Telecommunicatieverordening Tilburg 2009 één nieuwe verordening, de Algemene Verordening Ondergrondse Infrastructuren Tilburg (AVOI), vast te stellen waaronder alle werkzaamheden aan kabels en leidingen komen te vallen. De bepalingen van de Telecommunicatieverordening zijn in de AVOI opgenomen. In de TW is overigens met zoveel woorden vermeld dat bij de aan de gemeenten opgedragen coördinatietaak andere werkzaamheden en andere belangen (mogen) worden betrokken dan waarin de TW voorziet. In de AVOI wordt alleen onderscheid gemaakt tussen de beheerders van telecommunicatiekabels en beheerders van andere kabels en leidingen in de ondergrondse openbare ruimte, als dat op basis van de TW noodzakelijk is. In de toelichting op de betreffende artikelen wordt het verschil in benaderingswijze uitgelegd. De AVOI heeft als doel de regie en coördinatie uniform te regelen met betrekking tot werkzaamheden die nodig zijn voor de aanleg, instandhouding en opruiming van alle kabels en/of leidingen in openbare gronden binnen de gemeentegrenzen. De AVOI reguleert de werkzaamheden in de ondergrondse openbare ruimte, waarbij de (weg)verharding, maar ook bermen en groenvoorzieningen etc. worden opgebroken.
De AVOI is onder andere gericht op minimalisatie van overlast en maatschappelijke kosten ten gevolge van werkzaamheden in de openbare ruimte: proactieve regie, meer grip en sturing op werkzaamheden; het
raad 2024_1614 definitief.docx
16
waarborgen van bereikbaarheid, leefbaarheid, veiligheid en communicatie tijdens werkzaamheden; uniforme regels en sanctiemogelijkheden en een efficiënt gebruik van de openbare ruimte. Belangrijk uitgangspunt is dat werkzaamheden alleen in de openbare ondergrond mogen worden uitgevoerd na voorafgaande melding aan, vergunning of instemming van het college van burgemeester en wethouders. Volgens de AVOI wordt iedere aanvraag eenduidig behandeld. Het verschil in wettelijke grondslag (o.a. TW) is geen reden om de aanvragen verschillend te behandelen. De vergunning of instemming voor het uitvoeren van werkzaamheden in verband met de aanleg, instandhouding en opruiming van kabels en leidingen is publiekrechtelijk van aard. Dat wil zeggen dat de verkrijger van de vergunning of instemming het recht krijgt om (tijdelijk en onder bepaalde voorwaarden) de openbare orde te mogen verstoren, dit om de gewenste werkzaamheden te kunnen uitvoeren in openbare grond. De melding, vergunning of instemming tot het uitvoeren van werkzaamheden geeft geen privaatrechtelijke toestemming aan de houder van de vergunning- of instemming. De eigenaar van de openbare grond dient privaatrechtelijk toestemming te geven om in zijn openbare grond, werkzaamheden uit te voeren.
Indien de gemeente-eigenaar van de gronden is, dan wordt de gemeente geacht tegelijkertijd met de vergunning of instemming een privaatrechtelijke toestemming te hebben gegeven voor uitvoering van de werkzaamheden. Als een derde eigenaar van de grond is, ligt dat anders. Het college kan in dat geval de aanvrager erop wijzen dat hij niet eerder met de werkzaamheden kan aanvangen alvorens hij ook privaatrechtelijke toestemming heeft verkregen van deze derde.
Hoofdstuk 1: ALGEMENE BEPALINGEN Artikel 1 Begripsbepalingen College Het college van burgemeester en wethouders (hierna college) is bevoegd de taken en bevoegdheden voortvloeiende uit de AVOI uit te oefenen en te handhaven. Bevoegdheden kunnen door het college uit praktische overweging gemandateerd worden aan één of meer daartoe aangewezen ambtenaren, waarbij (verder) onder mandaat kan worden toegestaan. Degeneratiekosten Door de werkzaamheden wordt vrijwel steeds schade toegebracht aan de openbare grond en de daarin of aanwezige eigendommen van de gemeente. Ook de kwaliteit van de openbare grond vermindert door deze werkzaamheden. Daarom worden afspraken gemaakt over de berekening en vergoeding van de kosten aan de gemeente voor deze kwaliteitsvermindering. Gedoogplichtige De gemeentelijke betrokkenheid is gericht op het beheer van de openbare ruimte. De openbare ruimte betreft de ruimte op of In de openbare gronden. In deze hoedanigheid is de gemeente voor wat betreft de (openbare) elektronische communicatienetwerken gedoog plichtige conform de Telecommunicatiewet. Het begrip gedoogd plichtige slaat tevens op andere partijen die krachtens de wet gedoogplicht zijn, en op partijen en personen die krachtens de Omgevingswet gedoogd plichtig zijn. Grondroerder Dit is de partij die daadwerkelijk de werkzaamheden verricht of laat verrichten.
Dit zal vaak een aannemer of installateur zijn, maar het kan ook een interne afdeling van een netbeheerder zijn als die dergelijke werkzaamheden zelf uitvoert. Als een grondroerder namens een netbeheerder optreedt, dient hij over een machtiging te beschikken in het belang van rechtszekerheid en rechtsgeldigheid. Ook kan de grondroerder een partij zijn die voor eigen naam en rekening netwerken aanlegt, maar niet zelf exploiteert en het netwerk of netwerkcapaciteit daarna verhuurt of verkoopt.
raad 2024_1614 definitief.docx
17
Handboek Het handboek kabels en leidingen wordt door het college vastgesteld en is de algemene voorwaarden set die van toepassing is indien werkzaamheden daadwerkelijk voorbereid en uitgevoerd worden. Gedetailleerd worden in dit document, zowel technisch -uitvoerend als processueel de toepasselijke voorwaarden omschreven. Het is van groot belang dat de uitvoerende partijen steeds in bezit worden gesteld van de laatste actuele versie van dit handboek. (Huis)aansluiting (Huis)aansluitingen worden door de relatief beperkte omvang van de werkzaamheden uitgezonderd van diverse algemene regels van de AVOI. Daarvoor is een lichter formeel regime van toepassing waarvoor nadere kaders zijn gesteld. Met netwerkaansluitpunt worden aansluitpunten voor telecom, gas, elektriciteit, water etc. bedoeld. Instemmingsbesluit Werkzaamheden dienen steeds vooraf gemeld te worden, waarbij onderscheid wordt gemaakt tussen de (reguliere) werkzaamheden, werkzaamheden van niet ingrijpende aard en werkzaamheden in verband met spoedeisende zaken (zoals bepaalde storingen) en calamiteiten. Vooral voor de reguliere (graaf) werkzaamheden geldt dat eerst gestart mag worden nadat door de gemeente op basis van een melding een instemmingsbesluit (conform de Telecommunicatiewet) is verleend.
Uitgangspunt is dat het verlenen van een instemmingsbesluit bekend wordt gemaakt door middel van informatie aan de meldende partij. Publicatie in meer algemene zin is niet standaard, maar kan worden toegepast door de gemeente naar haar keuze, bijvoorbeeld In het geval van grootschaliger en langduriger of ingrijpendere werkzaamheden. Kabels en/of leidingen Van belang is op te merken dat in beginsel alle, horizontale maar ook verticale, kabels en leidingen in de openbare ruimte onder de reikwijdte van deze verordening vallen. De verordening geldt ook voor kabels en leidingen en bijbehorende ondergrondse ondersteuningswerken (mantelbuizen, kabelgoten, handholes, lasdozen, duikers), beschermingswerken, signaalinrichtingen (zoals optische – en elektrische verversterkers) en voorzieningen die (deels) bovengronds liggen en/of die door of over civiele kunstwerken zijn gelegd bijvoorbeeld leidingentunnels, leidingenviaducten of voorzieningen in bestaande bruggen. Het is een verzamelbegrip. Voorbeelden van kabels en/of leidingen zijn kabels als bedoeld in de TW, elektriciteitskabels (koppel-, transport- en distributiekabels), gasleidingen en waterleidingen (transport-, distributie- en dienstleidingen, aansluitleidingen) en kabels en/of leidingen ten behoeve van warmte, stadsverwarming, Warmte-en Koudeopslag en industriële netwerken.
Inhoudelijk is er qua procedure geen onderscheid in de begrippen kabels en/of leidingen en de begrippen worden ook wel door elkaar gebruikt. Ook verticale kabels en leidingen vallen in beginsel onder de reikwijdte van deze verordening. Voor bepaalde verticaal aan te brengen voorzieningen bijv. voor de verticale bronnen van een WKO-installatie kan een uitzondering worden gemaakt door een zakelijk opstalrecht overeen te komen met de exploitant van de voorziening. In de voorwaarden van het opstalrecht wordt dan zoveel mogelijk aangesloten bij de voorwaarden en bepalingen van of krachtens deze verordening. Net of netwerk De definitie is afgeleid van de omschrijving zoals die gehanteerd wordt in de Wet Informatie-uitwisseling Bovengrondse en Ondergrondse Netten (WIBON). De omschrijving maakt met name duidelijk dat het om (hoofdzakelijk) ondergronds gelegen netten gaat, en dan zowel de distributie- en transportnetten voor openbaar nut zoals gas, water, elektriciteit als de elektronische communicatienetwerken (zoals specifiek geregeld in en krachtens de TW). In de tekst wordt geen inhoudelijk onderscheid gemaakt tussen de termen net en netwerk. Netbeheerder.