06 Toelichting Capucijnenstraat 1c
Tekst van het document
Zone
Zone
Zone
Zone Eenheid
A 1,3
B 1,6
C 2,0
D 3,3
per 100 m2 bvo
20%
0,9
1,3
1,4
2,3
per 100 m2 bvo
5%
1,1
1,5
1,9
2,1
per 100 m2 bvo
5%
Bedrijf arbeidsextensief
0,4
0,5
0,7
0,8
per 100 m2 bvo
5%
Bedrijfsverzamelgebouw
0,8
1,1
1,3
1,7
per 100 m2 bvo
5%
Commerciele dienstverlening met baliefunctie Commerciele dienstverlening zonder baliefunctie (kantoren) Bedrijf arbeidsintensief
15
PARKEERNORMEN TILBURG, NOVEMBER 2017
Bezoekers- Opmerkingen aandeel
bijvoorbeeld industrie, laboratorium, werkplaats bijvoorbeeld loods, opslag, transportbedrijf gelijkwaardige mix van kantoren (zonder baliefunctie), arbeidsextensieven en intensieve bedrijven
C. Hoofdgroep winkelen en boodschappen Hoofdgroep Winkelen en boodschappen
Zone
Zone
Zone
Zone Eenheid
Bezoekers- Opmerkingen aandeel
Winkels binnenstad Tilburg (zone A) Winkels wijkcentrum
A 3,1 nvt
B nvt 3,3
C nvt 4,1
D nvt nvt
per 100 m2 bvo per 100 m2 bvo
99% 80%
Winkels buurtcentrum (incl. linten en solitaire winkels) Supermarkt Supermarkt XL
nvt
2,1
2,7
nvt
per 100 m2 bvo
70%
2,5 4,9
3,6 5,8
4,4 6,7
nvt nvt
per 100 m2 bvo per 100 m2 bvo
95% 85%
Bouwmarkt
nvt
1,5
2,0
2,2
per 100 m2 bvo
90%
Tuincentrum Meubelboulevard, woonboulevard, woonwinkels
nvt nvt
2,0 1,6
2,3 2,0
2,6 nvt
per 100 m2 bvo per 100 m2 bvo
90% 95%
Vb. Heijhoef, Blaak, Westermarkt, Wagnerplein. Vb. Bredaseweg, Korvelseweg, Berkel-Enschot verkoopvloeroppervlak > 2.500 m2 verkoopruimte buiten dient te worden meegerekend.
D. Hoofdgroep sport, cultuur en ontspanning Hoofdgroep Sport, cultuur en ontspanning
Zone
Zone
Zone
Zone Eenheid
A 1,2
B 1,8
C 2,4
D 3,2
per 100 m2 bvo
95%
Sporthal (binnen) met wedstrijdfunctie
+ 0,1
+ 0,1
+ 0,2
+ 0,2
per zitplaats
100%
Sportvelden
nvt
20,0
20,0
20,0
95%
Sportschool/dansstudio Museum Bibliotheek Bioscoop Theater Casino Welnesscentrum Tennishal/tennisbanen Zwembad (overdekt en openlucht) Ijsbaan Indoor speeltuin Volkstuin
0,9 0,3 0,2 2,2 5,8 5,2 nvt nvt nvt nvt 2,2 nvt
2,9 0,5 0,5 6,9 6,4 5,6 nvt 0,3 9,7 nvt 3,1 1,1
4,2 0,9 0,8 8,1 8,3 6,0 8,8 0,4 10,5 2,3 4,0 1,2
6,0 nvt 1,1 12,7 10,5 7,5 9,8 0,5 14,3 2,5 4,9 1,3
per hectare netto terrein per 100 m2 bvo per 100 m2 bvo per 100 m2 bvo per 100 m2 bvo per 100 m2 bvo per 100 m2 bvo per 100 m2 bvo per 100 m2 bvo per 100 m2 bassin per 100 m2 bvo per 100 m2 bvo per 10 tuinen
Hoofdgroep Horeca
Zone
Zone
Zone
Zone Eenheid
Cafe, bar, cafetaria Restaurant Hotel Hostel
A 4,0 8,0 1,5 0,3
B 4,0 8,0 2,6 0,7
C 5,0 12,0 4,2 2,2
D 5,0 12,0 6,3 4,4
Sporthal/sportzaal (binnen) zonder wedstrijdfunctie
Bezoekers- Opmerkingen aandeel sporthal voor (uitsluitend) een schoolfunctie heeft geen extra parkeervraag totale parkeervraag is dan de parkeervraag sporthal + de component voor het aantal zitplaatsen betreft een globale indicatie van de parkeerbehoefte
90% 95% 95% 95% 90% 85% 99% 90% 99% 99% 99% 100%
E. Hoofdgroep horeca
16
per 100 m2 bvo per 100 m2 bvo per 10 kamers per 10 kamers
PARKEERNORMEN TILBURG, NOVEMBER 2017
Bezoekers- Opmerkingen aandeel 90% 80% 80% 80%
gebaseerd op 3* hotel
F. Hoofdgroep gezondheidszorg Hoofdgroep Gezondheidszorg
Zone
Zone
Zone
Zone Eenheid
Huisarts (praktijk)
A 1,8
B 2,2
C 2,7
D 3,0
Apotheek Fysiotherapiepraktijk/consultatiebureau
2,0 1,0
2,5 1,2
2,9 1,5
nvt 1,7
Tandartsenpraktijk/Gezondheidscentrum
1,3
1,6
1,9
2,2
Ziekenhuis Crematorium/begraafplaats
1,3 nvt
1,5 nvt
1,6 26,6
1,9 26,6
Religiegebouw
0,1
0,1
0,1
0,1
per behandelkamer per apotheek per behandelkamer per behandelkamer per 100 m2 bvo per gelijktijdige plechtigheid per
Bezoekers- Opmerkingen aandeel 57% 45% 60% 50% 30% 99% 100%
bezoekersplaats
G. Hoofdgroep onderwijs Hoofdgroep Onderwijs
Zone
Zone
Zone
Zone Eenheid
Kinderdagverblijf (Creche)
A 0,8
B 1,0
C 1,1
D 1,4
per 100 m2 bvo
0%
Basisonderwijs
0,5
0,5
0,5
0,5
per leslokaal
0%
Voortgezet onderwijs
2,3
3,0
3,3
3,9
per 100 leerlingen
10%
Middelbaar Beroepsonderwijs (ROC)
3,2
3,8
4,2
4,9
per 100 leerlingen
7%
Hoger Beroepsonderwijs
6,3
6,9
7,5
8,9
per 100 studenten
70%
Universiteit
9,7
11,5
12,7
14,8
per 100 studenten
50%
Avondonderwijs
3,0
4,0
5,0
9,5
per 10 studenten
95%
17
PARKEERNORMEN TILBURG, NOVEMBER 2017
Bezoekers- Opmerkingen aandeel exclusief parkeren bezoekers (Kiss&Ride) exclusief parkeren bezoekers. Indien gewenst aan te vullen met plaatsen voor halen en brengen volgens rekenmethode CROW.
Bijlage2: Zone-indeling parkeernormen
De afbeeldingen geven de situatie per november 2017 weer. Het gebied Zone A wordt bepaald door de grootte van het gebied van parkeerregulering conform het Aanwijzingsbesluit Betaald Parkeren welke jaarlijks wordt vastgesteld.
18
PARKEERNORMEN TILBURG, NOVEMBER 2017
Bijlage 3: Spelregels afkoopregeling Parkeereis De ontvangen bedragen van derden in het kader van de afkoopregeling worden gestort in een voorziening "van derden verkregen middelen die specifiek besteed moeten worden" (artikel 44, lid 2 Besluit Begroting en Verantwoording). Zoals uit paragraaf 3.3 van de Nota Parkeernormen blijkt, gebeurt dit vanuit het volgende kader:
Het afkoopbedrag wordt in rekening gebracht bij derden bij verlening van de omgevingsvergunning voor de betreffende bouwontwikkeling; Dit wordt vastgelegd in een overeenkomst betreffende de afkoop en de realisatie van een passende parkeeroplossing voor de bouwontwikkeling; Deze overeenkomst wordt schriftelijk tussen partijen vastgelegd; De vergunning wordt pas verleend nadat het verschuldigde afkoopbedrag door de aanvrager van de omgevingsvergunning is voldaan; Realisatie van parkeervoorziening vindt plaats binnen een straal van 600 meter van de beoogde (bouw)ontwikkeling; Realisatie van de parkeervoorziening vindt plaats binnen 10 jaar na datum verlening omgevingsvergunning; Eventuele terugbetaling van de vergoeding door de gemeente na 10 jaar (indien beoogde parkeervoorziening niet gerealiseerd wordt) gebeurt op basis van de nominale waarde (van eventuele rentevergoeding is geen sprake). Dit wordt eveneens opgenomen in de schriftelijke overeenkomst tussen gemeente en de ontwikkelende partij.
19
PARKEERNORMEN TILBURG, NOVEMBER 2017
Bijlage 4: Beleidsregel Toepassing Parkeernormen Tilburg 2017 Paragraaf 1: Wettelijk kader en doel De centrale gedachte bij het hanteren van parkeernormen is dat voorkomen wordt dat nieuwe bouwontwikkelingen leiden tot parkeeroverlast in de omgeving. Het wettelijk kader wordt gevormd door artikel 3.1 van de Wet ruimtelijke ordening, artikel 3.2.1., tweede lid onderdeel a van het Besluit Ruimtelijke Ordening (Bro) en de artikelen 2.4 en 2.12 Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo). Voor de juridisch borging van de parkeernormen wordt vanuit de Tilburgse bestemmingsplannen verwezen naar de Nota Parkeernormen. Een paraplubestemmingsplan is van toepassing op de bestemmingsplannen waar geen verwijzing naar de Nota Parkeernormen is opgenomen.
Paragraaf 2: Begripsbepalingen In het beleid parkeernormen wordt verstaan onder: Bouwontwikkeling:
Een bouw- of gebruiksontwikkeling waarvoor een aanvraag voor een omgevingsvergunning wordt ingediend. Het kan gaan over een nieuwbouwontwikkeling, uitbreiding van een bestaande functie of functiewijziging.
Eigen terrein:
Het bouwoppervlak waarop de ontwikkeling wordt gerealiseerd, daaronder begrepen het daarbij behorende terrein dat als parkeerterrein is bestemd.
Initiatiefnemer:
De initiatiefnemer en/of eigenaar van de grond en opstallen waarvoor de aanvraag om een omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen of strijdig gebruik is ingediend.
Maatgevend moment: Het moment waarop de functie(s) een maximale parkeerbehoefte heeft en/of de parkeerbehoefte zich het meest laat gelden. Ingeval bij nieuwbouw of functiewijziging een beroep wordt gedaan op eventuele restcapaciteit in de openbare ruimte dient daarbij tevens het maatgevend moment van deze openbare ruimte in ogenschouw te worden genomen. Mobility as a Service:
Mobility as a Service staat voor een mobiliteitconcept, waarbij consumenten mobiliteit inkopen, in plaats van te investeren in eigen transportmiddelen. Nieuwe concepten vormen een combinatie tussen openbaar vervoer, vraag gestuurd vervoer, deel- en privé voertuigen.
Nulvergunningregeling: Een regeling waarbij toekomstige gebruikers van een functie worden uitgesloten van het recht op één of meer parkeervergunningen. Parkeerbehoefte:
20
Het aantal parkeerplaatsen dat volgt uit de toepassing van de parkeernorm, bestaande uit een gebruikersdeel en een bezoekersdeel. De uitkomst is het aantal parkeerplaatsen dat voor een bouwontwikkeling benodigd is om in de behoefte te kunnen
PARKEERNORMEN TILBURG, NOVEMBER 2017
voorzien. Parkeerdruk:
De parkeerdruk betreft de bezetting van de parkeerplaatsen afgezet tegen het totaal aantal beschikbare parkeerplaatsen.
Parkeernorm:
Het getal dat aangeeft hoeveel parkeerplaatsen minimaal moeten worden gerealiseerd bij een bepaalde functie en als basis dient voor het bereken van de parkeerbehoefte.
Parkeerovereenkomst: Overeenkomst tussen de initiatiefnemer en de gemeente. Hierin worden de gemaakte afspraken over hoe in de toekomstige parkeerbehoefte wordt voorzien vastgelegd. Restcapaciteit:
Het aantal parkeerplaatsen dat op het maatgevende moment onbezet is. Er is sprake van restcapaciteit indien de parkeerdruk op straat onder de 85% is.
Paragraaf 3: Bepalen van de parkeerbehoefte a. De parkeerbehoefte wordt bepaald met toepassing van de normen zoals deze zijn opgenomen in het overzicht parkeernormen (bijlage) van de nota Parkeernormen. Er wordt geacht in de parkeerbehoefte te zijn voorzien indien wordt voldaan aan deze minimum norm. b. De parkeerbehoefte dient in beginsel op eigen terrein (ontwikkelkavel) te worden gerealiseerd. c. Onderscheid tussen vaste gebruikers en bezoekers: In het berekenen van de parkeerbehoefte wordt onderscheid gemaakt tussen het aandeel vast gebruik en het aandeel bezoekers. Het bezoekersdeel dat op eigen terrein wordt gerealiseerd dient vrijelijk toegankelijk te zijn. d. Dubbelgebruik parkeergelegenheid: Van dubbelgebruik is sprake als het gebruik van de parkeerplaatsen onderling uitwisselbaar is. De aanwezigheidspercentages kunnen alleen dan worden toegepast. Het dubbelgebruik van het aandeel vast gebruik is slechts aan de orde indien de initiatiefnemer kan aantonen dat dit dubbelgebruik in de praktijk kan functioneren. e. Functiewijziging: Bij een functiewijziging wordt de additionele parkeerbehoefte bepaald door een normatieve vergelijking op het maatgevende moment ('regeling oud voor nieuw'). Op basis van de actuele parkeernormen wordt berekend wat in de bestaande en toekomstige situatie de parkeerbehoefte is.
Parkeerbehoeften van een functie welke langer dan 5 jaar niet actief is geweest worden buiten beschouwing gelaten. f. Berekenwijze parkeervoorzieningen bij woningen: In geval een initiatiefnemer privé parkeerplaatsen bij woningen realiseert waarop geen dubbelgebruik van toepassing is (garage, carport, e.d.), dan geldt bij een ontwikkeling van meer dan 10 woningen dat rekening moet worden gehouden met een correctie in de berekening van de parkeerbehoefte op basis van de correctiefactor (tabel 2). g. Fietsparkeren: Bij iedere bouwontwikkeling dient het voorzien van voldoende stallingsvoorzieningen onderbouwd te worden, waarbij de behoefte wordt ingeschat op basis van de kencijfers van de CROW, zoals opgenomen op de CROW Kennisbank. h. Beïnvloeden parkeerbehoefte: Er bestaan mogelijkheden om het autobezit en autogebruik te beïnvloeden. Bij het indienen van een vergunningsaanvraag voor een bouwontwikkeling dient de initiatiefnemer te onderbouwen welk verwacht effect het de maatregel voor het beïnvloeden van het autobezit heeft op de parkeerbehoefte. i. Parkeerbehoefte gebiedsontwikkelingen: Bij het bepalen van de parkeerbehoefte van grote ontwikkelingen geven de parkeernormen nog steeds een best-guess van de te
21
PARKEERNORMEN TILBURG, NOVEMBER 2017
verwachten parkeerbehoefte, maar hier kan in de praktijk anders mee worden omgegaan. Een door de initiatiefnemer opgestelde parkeervisie kan als uitgangspunt dienen in het voorzien van de (toekomstige) parkeerbehoefte indien deze de goedkeuring van de gemeente heeft gekregen.
Paragraaf 4: Bepalen van de parkeereis a. Parkeereis: De parkeereis wordt berekend op basis van de parkeernorm, waarbij afronding naar een heel getal plaatsvindt. De parkeereis dient in beginsel op eigen terrein te worden gerealiseerd. b. Compensatie verlies aan parkeercapaciteit: Als ten gevolge van de bouwontwikkeling bestaan parkeercapaciteit verloren, moet het verlies van deze capaciteit worden gecompenseerd, zodanig dat er geen structureel nadelig effect is op de parkeerdruk in de directe omgeving. c. Alternatieve oplossing voor de parkeereis op eigen terrein: Voordat wordt beslist over een alternatieve oplossing dan de parkeereis op eigen terrein te realiseren zal de initiatiefnemer moeten aantonen dat ook met een redelijk te achten aanpassing van het bouwvoornemen niet alsnog op eigen terrein kan worden voldaan aan de parkeereis. d. Parkeereis (deels) in de omgeving oplossen: In voorkomende gevallen kan het fysiek onmogelijk of onwenselijk zijn om op het eigen terrein parkeergelegenheid te realiseren, maar bestaat wel de mogelijkheid om de parkeerbehoefte in de directe nabijheid van het bouwplan op te lossen. Wanneer op een andere wijze dan op eigen terrein aan de parkeereis wordt voldaan, moet nauwkeurig aangegeven worden hoe dit gebeurt, bijvoorbeeld: I.
Alternatieve private parkeeroplossing: De parkeerbehoefte kan binnen een acceptabele loopafstand van het bouwplan worden opgelost op een naburig privaat terrein of in een private parkeervoorziening. Aangetoond moet worden dat deze parkeerplaatsen ten behoeve van het betreffende bouwplan waarvoor een omgevingsvergunning wordt aangevraagd, door een privaatrechtelijke overeenkomst kunnen worden aangewend voor een periode van tenminste 10 jaar voor de betreffende ontwikkeling. II. Benutten restcapaciteit: Als blijkt dat de parkeereis niet op eigen terrein kan worden opgelost dan kan worden onderzocht of er in de directe omgeving (structurele) restcapaciteit is waar de (resterende) parkeerbehoefte kan worden opgelost. Er is sprake van restcapaciteit indien de parkeerdruk in de directe omgeving, met toevoeging van de parkeerbehoefte van de ontwikkeling, onder de 85% blijft. Onder de directe omgeving wordt in dit verband verstaan binnen een straal van 250 meter van de ontwikkeling. De initiatiefnemer dient hiervoor voor eigen rekening en risico een onderzoek te laten uitvoeren door een gespecialiseerd onafhankelijk bureau. e. Vrijstellingsregels van de parkeereis: Standaard vrijstellingsregels zijn van toepassing op kleine bouwontwikkelingen en bouwontwikkelingen in de binnenstad. I.
Vrijstellingsregel kleine ontwikkelingen: Voor kleine bouwontwikkelingen met een (toename van de) parkeerbehoefte van maximaal 3 parkeerplaatsen wordt geen parkeereis gesteld. Indien dit wordt besloten kan plaatsing op de nulvergunninglijst van toepassing zijn. II. Vrijstellingsregel bezoekersparkeren binnenstad: Er geldt geen parkeereis voor het bezoekersdeel van de parkeerbehoefte binnen de invloedssfeer van parkeergarages in de binnenstad. Als richtlijn voor deze invloedssfeer wordt een
22
PARKEERNORMEN TILBURG, NOVEMBER 2017
straal van maximaal 250 meter rondom de openbare parkeergarages gehanteerd (afbeelding 3); III. Nulvergunningregeling: Er geldt vrijstelling van de parkeereis indien gebruik gemaakt wordt van de nulvergunningregeling. Deze regeling waarbij (toekomstige) gebruikers van de functie worden uitgesloten van parkeervergunningen, kan alleen worden toegepast in gereguleerd gebied (zone A).
Paragraaf 5: Afwijken van de parkeereis Ingeval de ontwikkeling niet in voldoende mate parkeerplaatsen op eigen terrein kan realiseren en geen alternatieve oplossing (in de omgeving) beschikbaar is, kan worden afgeweken van de parkeereis: a. Afwijken van de parkeereis is alleen mogelijk indien de aanvrager van de omgevingsvergunning aantoont dat de parkeereis niet (volledig) kan worden opgelost. b. De bevoegdheid voor het afwijken van de parkeereis ligt bij het college en vereist altijd een onderbouwing van de initiatiefnemer. c. De initiatiefnemer betaalt bij het verlenen van de omgevingsvergunning voor het betreffende bouwplan voor de niet gerealiseerde parkeerplaatsen een bedrag ter compensatie aan de gemeente (afkoopregeling). d. De gemeente verplicht zich om met het afkoopbedrag binnen 10 jaar binnen een straal van 600 meter daadwerkelijk extra parkeerplaatsen te realiseren. Dit betekent dat er op voorhand duidelijkheid bestaat hoe de oplossing eruit zal komen te zien. e. Gebruik maken van de afkoopregeling is geen recht van de initiatiefnemer; f. Indien wordt afgeweken van de parkeereis waarbij sprake is van een financiële bijdrage sluiten de initiatiefnemer en de gemeente vooraf een parkeerovereenkomst. Hieruit blijkt op welke wijze wordt voorzien in de toekomstige behoefte en welk afspraken partijen onderling hierover hebben gemaakt.
Paragraaf 6: Uitvoeringsregels a. Acceptabele loopafstanden: Uitgangspunt voor de acceptabele loopafstanden zijn de richtlijnen zoals deze zijn opgenomen in de CROW-publicatie. Als maat voor de situering van de parkeerplaatsen ten opzichte van de functies dienen de maximaal acceptabele loopafstanden (tabel 5). b. Afmeting parkeerplaatsen: Voor de afmeting van parkeerplaatsen wordt de NENrichtlijn (NEN-2443) en de richtlijnen zoals opgenomen op de CROW Kennisbank gehanteerd als toetsingskader. c. Toegankelijkheid parkeervoorziening: De parkeervoorziening dient te worden kunnen gebruikt door de beoogde doelgroep. Parkeerplaatsen voor bezoekers dienen vrijelijk toegankelijk te zijn. d. Nulvergunningenlijst: alle nieuwe ontwikkelingen in Tilburg die voorzien in parkeergelegenheid op eigen terrein worden op de nulvergunninglijst geplaatst. (Toekomstige) gebruikers van de functie(s) komen niet in aanmerking voor een parkeervergunning voor straatparkeren. Hiermee wordt het gebruik van de eigen voorzien afgedwongen en wordt voorkomen dat de parkeerbehoefte wordt afgewenteld op het openbaar gebied.
23
PARKEERNORMEN TILBURG, NOVEMBER 2017
Paragraaf 7: Hardheidsclausule In die gevallen waarin strikte toepassing van deze beleidsregel tot een bijzondere hardheid leidt, kan het college van burgemeester en wethouders, bijvoorbeeld bij een zwaarwegend economisch of volkshuisvestingsbelang, ten gunste van de initiatiefnemer besluiten af te wijken van deze beleidsregel wanneer zij de realisatie van het initiatief belangrijker acht dan de (al dan niet tijdelijke) nadelige gevolgen op het gebied van bereikbaarheid.
Paragraaf 8: Inwerkingtreding en citeertitel Deze beleidsregel treedt in werking daags na de publicatie van het vaststellingsbesluit in het gemeentelijk huis-aan-huisblad. Deze beleidsregel kan worden aangehaald als “Beleidsregel Parkeernormen Tilburg”.
24
PARKEERNORMEN TILBURG, NOVEMBER 2017
Bijlage 4 Verslag omgevingsdialoog Verslag omgevingsdialoog
notitie
OMGEVINGSDIALOOG BESTEMMINGSPLAN CAPUCIJNENSTRAAT 1C, BIEZENMORTEL datum
15 september 2020
Aanleiding De eigenaar van het woonperceel Capucijnenstraat 1C te Biezenmortel heeft in samenwerking met de gemeente Haaren een bestemmingsplan in voorbereiding voor de aanleg van een landschapstuin met bijgebouw, achter het bestaande woonperceel op het genoemde adres. Een en ander wordt gerealiseerd als onderdeel van een voorziening voor dagbesteding voor dementerende ouderen en jongeren met een beperking. Onderdeel van de voorbereiding van het bestemmingsplan is het voeren van een overleg met omwonenden, waarin zij in een vroeg stadium bij het plan betrokken worden en de initiatiefnemer kennismaakt met alle mogelijke gezichtspunten: de omgevingsdialoog. Voorliggende notitie betreft het verslag van de gevoerde omgevingsdialoog. Werkwijze De initiatiefnemer heeft de omgevingsdialoog in de periode augustus 2020 uitgevoerd. Uitgenodigd zijn de bewoners van de woningen Capucijnenstraat 1 en 1a, en Biezenmortelsestraat 18, 18a en 18b. Alle genodigden hebben gehoor gegeven aan de uitnodiging, behoudens de bewoners van Biezenmortelsestraat 18 en 18b, met wie wel gesprekken 'over de haag' hebben plaatsgevonden. Tijdens de gevoerde gesprekken heeft de initiatiefnemer het plan uitgelegd en is de mogelijkheid geboden tot het stellen van vragen en het geven van meningen/standpunten. Resultaat omgevingsdialoog -
De bewoners van Capucijnenstraat 1 en 1a geven aan geen bezwaar te hebben tegen het voorgenomen plan en vragen zelfs het zo spoedig mogelijk uit te voeren, zodat het zicht op de thans buiten gestalde materialen wordt weggenomen.
-
De bewoners van Biezenmortelsestraat 18a geven aan het plan als meerwaarde te zien, omdat hun uitzicht verbetert. Zij geven aan tevens voor de bewoners van Biezenmortelsestraat 18b te spreken.
-
Hoewel niet gesproken tijdens de omgevingsdialoog heeft de bewoner van Biezenmortelsestraat 18 aangegeven "geen last te hebben van het plan".
Conclusie Er is sprake van een positieve grondhouding bij de omwonenden ten aanzien van het voorgenomen plan. De omgevingsdialoog heeft geen aanleiding gegeven het bestemmingsplan aan te passen.
Bijlage 5 Vooroverlegreactie Provincie Vooroverlegreactie Provincie
Page 1
From: "Mailregistratie" <mailregistratie@tilburg.nl> 15 Jul 2021 15:02:08+0200 Date: "Mailregistratie Kofax" cmailregistratiekofax@tilburg.nl> To: FW: Nieuw bericht in berichtenbox van Provincie Noord-Brabant. Subject: provincie-noord-brabant_20210715_145356_VoorontwerpAttachments: bestemmingsplanKomBiezenmortel2018,2eherziening(Capucijnens.pdf,TilburgKomBiezenmortel20182eh
erzieningCapucijnenstraatlc.pdf
Vooroverleg reactie provincie en rijk LP361 RUI
---- Oorspronkelijk bericht---Van: noreply-berichtenbox@antwoordvoorbedrijven.nl <noreply-berichtenbox@antwoordvoorbedrijven.nl> Verzonden: donderdag 15 juli 2021 14:54 Aan: WEB infori tilburg.nl/gcmccntcri tilburg.nl <infori tilburg.nl> Onderwerp: Nieuw bericht in berichtenbox van Provincie Noord-Brabant.
Er is een nieuw bericht in de berichtenbox van de organisatie Gemeente Tilburg. Ga naar de berichtenbox op de website van Antwoord voor bedrijven om het bericht te lezen.
De Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO.nl) stimuleert Duurzaam, Agrarisch, Innovatief en Internationaal ondernemen.
Dit bericht kan informatie bevatten die niet voor u is bestemd. Indien u niet de geadresseerde bent of dit bericht abusievelijk aan u is gezonden, wordt u verzocht dat aan de afzender te melden en het bericht te verwijderen. De Staat aanvaardt geen aansprakelijkheid voor schade, van welke aard ook, die verband houdt met risico's verbonden aan het elektronisch verzenden van berichten. Tliis message may contain infonnation that is not intended for you. If you are not the addressee or if this message was sent to you by mistake, you are requested to infonn the sender and delete the message. The State accepts no liability for damage of any kind resulting from the risks inherent in the electronic transmission of messages.
Van
Provincie Noord-Brabant <provincie-noord-brabant>
Aan
Gemeente Tilburg <gemeente-tilburg>
Onderwerp
Voorontwerp-bestemmingsplan ‘Kom Biezenmortel 2018,2e herziening (Capucijnens
Ter attentie van Zaak identificatie
Datum
15-07-202114:53:56
Geachte lezer,
zie in de bijlage het document behorende bij de door u gedane aanmelding inzake ruimtelijke plannen.
Met vriendelijke groet,
Provincie Noord-Brabant,
P.M.A. van Beek, projectleider Uitvoering Wro
Bijlage: TilburgKomBiezenmortel2oi82eherzieningCapucijnenstraatic.pdf (63.35 kB)
Provincie Noord-Brabant
Brabantlaan 1
Postbus 90151 5200 MC 's-Hertogenbosch
Telefoon (073) 681 28 12
Gemeente Tilburg Postbus 90155 5000 LH TILBURG
Fax (073) 680 76 80 www.brabant.nl IBAN NL86INGB0674560043
Bereikbaarheid openbaar vervoer en fiets:
www.brabant.nl/route
Datum
15 juli 2021 Ons kenmerk
Onderwerp
Voorontwerp-bestemmingsplan 'Kom Biezenmortel 201 8, 2e herziening (Capucijnenstraat 1 c)'
C2282181/4923444 Uw kenmerk
Contactpersoon
M.A.E. (Marin) van Heijst Telefoon
Geacht college,
mvheijst@brabant.nl Bijlage(n)
In het kader van het wettelijk vooroverleg heeft u ons om een reactie gevraagd op het voorontwerp-bestemmingsplan 'Kom Biezenmortel 201 8, 2e herziening (Capucijnenstraat 1 c)'. In onze reactie gaan wij in op onderwerpen die op basis van het provinciaal ruimtelijk beleid relevant zijn. Planbeschrijving
Het voorontwerp-bestemmingsplan voorziet in een wijziging van de agrarische bestemming naar een maatschappelijke- en een groenbestemming. Daarnaast voorziet het bestemmingsplan in de mogelijkheid om binnen de maatschappelijke bestemming een schuur van maximaal 200m2 voor opslag van tuingereedschap voor de landschapstuin te bouwen. Ook voorziet het bestemmingsplan in de mogelijkheid om een deel van het jaar (april t/m oktober) een foliekas van
1 00m2 aan de schuur te bevestigen. In de landschapstuin worden twee dierenverblijven gerealiseerd van in totaal 1 8m2. Volgens het provinciaal beleid is een deel van het perceel gelegen in het bestaand stedelijk gebied. Het andere deel is gelegen in het landelijk gebied. Op het perceel is voor een deel de aanduiding verstedelijk afweegbaar gelegen, aangrenzend aan het bestaand stedelijk gebied. Op het achterste gedeelte van het perceel ligt de aanduiding attentiezone waterhuishouding en reservering waterberging. Daarnaast is het achterste gedeelte gelegen in de attentiezone stiltegebied.
Provincie Noord-Brabant
Provinciaal beleidskader
Datum
Het provinciaal ruimtelijk beleid is vastgelegd in de Brabantse Omgevingsvisie. De te beschermen provinciaal ruimtelijke belangen zijn vertaald in de Interim omgevingsverordening Noord-Brabant (IOV) die op 5 november 2019 in werking is getreden. Onze reactie is gebaseerd op deze documenten. Zowel de omgevingsvisie als de IOV zijn te raadplegen via
15 juli 2021 Ons kenmerk
C2282181/4923444
www.omaevingswetinbrabant.nl Inhoudelijke standpunt
Provinciaal beleid Uw gemeente is voornemens om voor deze ontwikkeling een aanvraag in te dienen bij ons college voor een herbegrenzing van het bestaand stedelijk gebied. Daarbij wordt het bestaand stedelijk gebied met nu de omvang van 952m2 vergroot naar 2736m2. Dit is een vergroting van 1784m2. Deze herbegrenzing zou nodig zijn om de schuur, de foliekas en de twee dierenverblijven (in totaal 31 8m2] die voorzien zijn in het nieuwe plan, te accommoderen. De herbegrenzing van het bestaand stedelijk gebied zou betekenen dat een investering gedaan moet worden van 20% van de
bestemmingswinst voor kwaliteitsverbetering.
Gelet op de beperkte impact die de ontwikkeling met zich mee brengt, is een herbegrenzing een relatief zware procedure voor deze relatief kleine ontwikkeling. Daarbij zien wij mogelijkheden in de Interim omgevingsverodering om deze ontwikkeling zonder herbegrenzingsprocedure mogelijk te maken.
Artikel 3.43 IOV (afwijkende regels verstedelijk afweegbaar) maakt nieuwvestiging van een duurzame stedelijke ontwikkeling mogelijk ter plaatse van verstedelijking afweegbaar gebied als er binnen het bestaand stedelijk gebied onvoldoende ruimte is voor de ontwikkeling. Daarbij vinden wij het voorstelbaar dat de ontwikkeling op basis van artikel 3.43 IOV gemotiveerd kan worden. Dat betekent dat er geen herbegrenzingsprocedure hoeft plaats te
vinden. Wij verzoeken u om de herbegrenzing te heroverwegen en de ontwikkeling te motiveren op basis van artikel 3.43 IOV. Kwaliteitsverbetering landschap Op grond van artikel 3.9 IOV dient een plan dat een ruimtelijke ontwikkeling buiten bestaand stedelijk gebied mogelijk maakt gepaard te gaan met een
kwaliteitsverbetering van het landschap. Deze kwaliteitsverbetering van het landschap dient financieel, juridisch en feitelijk te zijn geborgd. Voor de ontwikkeling hoeft geen herbegrenzing plaats te vinden. Daarnaast kunnen alle ontwikkelingen onder de 1000 euro geschaard worden als een categorie 2 ontwikkeling. In deze lijn geredeneerd is de inpassing voor de
kwaliteitsverbetering landschap voldoende. In de planregels is de voorwaardelijke verplichting voor de uitvoer van de landschappelijke inpassing opgenomen. Deze voorwaardelijke verplichting
2/3
Provincie Noord-Brabant
voorziet dat de landschappelijke inpassing voldaan moet worden na realisatie. Wij verzoeken u een termijn op te nemen waarbinnen de landschappelijke inpassing moet zijn gerealiseerd. Zo wordt voorkomen dat de landschappelijke inpassing lang achterwege blijft.
Datum
15 juli 2021 Ons kenmerk
C2282181/4923444
Conclusie
Wij verzoeken u om een heroverweging te maken voor de aanvraag van de herbegrenzing. Daarnaast verzoeken wij u om de voorwaardelijke verplichting voor de landschappelijke inpassing aan te vullen met een termijn na vaststelling van het bestemmingsplan. Mocht onze reactie aanleiding geven tot vragen of opmerkingen dan zijn wij graag bereid tot nader overleg.
Provincie Noord-Brabant,
P.M.A. van Beek, projectleider Uitvoering Wro In verband met geautomatiseerd verwerken is dit document digitaal ondertekend.
3/3
Bijlage 6 Vooroverlegreactie waterschap Vooroverlegreactie waterschap
Gemeente Tilburg Postbus 90157 5000 LL TILBURG
Boxtel : 12 juli 2021 Ons kenmerk : Z60777/U134911 Uw kenmerk Uw e-mail d.d. 10-6-2021 Onderwerp : instemming conceptontwerp BP Capucijnenstraat 1c te Biezenmortel
Behandeld door Doorkiesnummer E-mailadres Bijlagen Verzonden
: Marije van Schelven : (0411) 618 295 : mvschelven@dommel.nl : : 12 juli 2021
Beste heer Hilders, Op 10 juni 2021 stuurde u ons een e-mail waarin u vraagt, in het kader van het vooroverleg, het concept ontwerp bestemmingsplan voor het adres Capucijnenstraat 1c te Biezenmortel te bekijken. Dit plan voorziet in de inrichting van een landschapstuin en de nieuwbouw van een schuur en tijdelijke foliekas. Hierbij geef ik mijn reactie op dit plan. Instemming Ik stem in met het bestemmingsplan in het kader van de watertoetsprocedure. Er is in een eerder stadium, toen deze locatie nog bij gemeente Haaren hoorde, uitgebreid overleg geweest tussen de initiatiefnemer en het waterschap over dit plan. De toen doorgegeven aandachtspunten zijn allemaal op een goede manier verwerkt in de nu voorliggende planversie. Bel of mail mij gerust als u, de initiatiefnemer of het adviesbureau nog vragen heeft. U bereikt mij via telefoonnummer 0411 - 618 295 of stuur een e-mail naar MvSchelven@dommel.nl. Met vriendelijke groet, Waterschap De Dommel
Marije Schelven Planadviseur