CConstaterende datTilburg
Koppel je AI →
Document · PDF

03 Bijlage 2a regels

Raadsvergadering 15 november 2021, gemeente TilburgBij agendapunt: Raadsvoorstel vaststellen bestemmingsplan Wijkevoort19.443 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

GEMEENTE TILBURG Afdeling Ruimte

BESTEMMINGSPLAN Werklandschap Wijkevoort 2020 Regels met bijlagen

Ontwerp: Vastgesteld: Onherroepelijk: Code: NL.IMRO.0855.BSP2017028-b001

23 maart 2021

Inhoudsopgave Hoofdstuk 1 Inleidende regels 4 Artikel 1 Begrippen 5 Artikel 2 Wijze van meten 15 Hoofdstuk 2 Bestemmingsregels 16 Artikel 3 Agrarisch met Waarden 17 Artikel 4 Bedrijventerrein 19 Artikel 5 Groen 24 Artikel 6 Natuur 26 Artikel 7 Verkeer 28 Artikel 8 Verkeer - Verblijf 30 Artikel 9 Wonen - Buitengebied 33 Artikel 10 Leiding - Gas (dubbelbestemming) 37 Artikel 11 Waarde - Archeologie - 1 (dubbelbestemming) Artikel 12 Waarde - Archeologie - 2 (dubbelbestemming) Hoofdstuk 3 Algemene regels 43 Artikel 13 Anti-dubbeltelregel 44 Artikel 14 Algemene bouwregels 45 Artikel 15 Algemene gebruiksregels 46 Artikel 16 Algemene afwijkingsregels 47 Artikel 17 Algemene aanduidingsregels 48 Artikel 18 Algemene wijzigingsregels 50 Artikel 19 Algemene procedureregels 51 Artikel 20 Overige regels 52 Artikel 21 Verwezenlijking in de naaste toekomst 54 Hoofdstuk 4 Overgangs- en slotregels 55 Artikel 22 Overgangsrecht 56 Artikel 23 Slotregel 57

39 41

Regels

Werklandschap Wijkevoort 2020

1

Hoofdstuk 1 Inleidende regels

Werklandschap Wijkevoort 2020

2

Artikel 1 Begrippen In deze regels wordt verstaan onder:

1.1 bestemmingsplan: De geometrisch bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels en daarbij behorende bijlage(n).

1.2 plan: Het bestemmingsplan Werklandschap Wijkevoort 2020 met identificatienummer NL.IMRO.0855.BSP2017028-b001van de gemeente Tilburg.

1.3 aanbouw Een gebouw, dat als afzonderlijke ruimte is gebouwd aan een hoofdgebouw waarmee het in directe verbinding staat, welk gebouw onderscheiden kan worden van het hoofdgebouw en dat in architectonisch opzicht ondergeschikt is aan het hoofdgebouw.

1.4 Adviescommissie Wijkevoort Een commissie die aanvragen van bedrijven die zich op Wijkevoort willen vestigen toetst op economische en maatschappelijke warden zoals genoemd in de Ontwikkelleidraad en die daarover adviseert aan het collge van burgemeester en wethouders van Tilburg.

1.5 aanduiding Een geometrisch bepaald vlak of figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden.

1.6 agrarisch bedrijf Een bedrijf waar uitsluitend of in hoofdzaak door middel van het telen van gewassen of het houden van dieren producten worden voortgebracht, waaronder mede wordt verstaan de met die activiteiten qua aard vergelijkbare activiteiten, zoals een productiegerichte paardenhouderij, inclusief pensionstal.

1.7 agrarisch bedrijf, volwaardig Een agrarisch bedrijf met de omvang van ten minste één volwaardige arbeidskracht met een daarbij passende arbeidsomvang en een daaruit te verwachten redelijk inkomen.

1.8 agrarisch gebied Een gebied, waar ontwikkelingsmogelijkheden zijn voor agrarische bedrijven.

1.9 Archeologisch onderzoek Onderzoek (gravend) verricht door of namens de gemeente of door een dienst, bedrijf of instelling, beschikkend over een opgravingsvergunning ex artikel 45 van de Monumentenwet en werkend volgens de Kwaliteitsnorm voor de Nederlandse Archeologie, dan wel over een op grond van de Erfgoedwet verleend certificaat.

1.10 archeologische waarde De aan een gebied toegekende waarde in verband met de in dat gebied voorkomende archeologische relicten (resten uit het verleden).

1.11 attentiegebied EHS Gebied gelegen rondom en binnen de ecologische hoofdstructuur, waar fysieke ingrepen een negatief effect kunnen hebben op de waterhuishouding.

1.12 bebouwing Eén of meer gebouwen en/of bouwwerken geen gebouwen zijnde.

1.13 bebouwingspercentage Het percentage dat per bouwperceel bepaalt hoeveel procent van dat bouwperceel - binnen het aangegeven bouwvlak - ten hoogste mag worden bebouwd.

1.14 bedrijfsgebouw Een gebouw dat dient voor de uitoefening van één of meer bedrijfsactiviteiten.

1.15 bedrijfsverzamelgebouw

Werklandschap Wijkevoort 2020

3

Een gebouw dat dient om verschillende bedrijven in te huisvesten, waarbij de ruimtelijke uitstraling in overeenstemming is met die van één bedrijf en wordt voorzien in gezamenlijke faciliteiten.

1.16 bedrijfsvloeroppervlakte (bvo) De totale oppervlakte van de ruimten binnen de bebouwing die wordt gebruikt voor de uitoefening van een aan-huis-verbonden-beroep of bedrijf, c.q. een (dienstverlenend) bedrijf of een dienstverlenende instelling, inclusief opslag- en administratieruimten en dergelijke.

1.17 bedrijven Het bedrijfsmatig verrichten van activiteiten die liggen op het vlak van industrie, groothandel met eventueel bijbehorende ondergeschikte showroom, ambacht, nijverheid, productie, distributie, logistiek, vervoer, opslag, reparatie (waaronder autoreparatiebedrijven al dan niet met bijbehorende en ondergeschikte showroom), e.d., alsmede brandweerkazerne. Detailhandel is niet toegestaan met uitzondering van autohandel in combinatie met een autoreparatiebedrijf. Tevens worden hiertoe gerekend bijbehorende kantoorruimten en installaties. Niet tot bedrijven worden gerekend: kantoren, horeca, prostitutie inrichting, (perifere) detailhandel, nutsvoorzieningen, tank- en servicestations, autowasplaatsen, dienstverlening, recreatie, sport, agrarisch bedrijf, maatschappelijke instellingen en bedrijfspompen, zijnde pompen die zijn bedoeld voor de eigen brandstoffenvoorziening met uitzondering van bedrijfspompen behorende bij transportbedrijven. (Bedrijf is de technische eenheid van onderneming, met dit laatste begrip is de economische eenheid bedoeld).

1.18 belemmeringenstrook Strook grond waarin leidingen liggen welke privaatrechtelijk is vastgelegd en gereserveerd is voor werkzaamheden van de leidingexploitant.

1.19 beperkt kwetsbaar object Object zoals omschreven in het 'Besluit externe veiligheid inrichtingen milieubeheer'.

1.20 bestaand Bij bouwwerken: Bouwwerken die op het tijdstip van de terinzagelegging van het ontwerp van dit plan bestonden of in uitvoering waren, dan wel gebouwd zijn of gebouwd kunnen worden overeenkomstig de Woningwet of Wet algemene bepalingen omgevingsrecht of krachtens die wetten gegeven voorschriften.

1.21 bestemmingsgrens De grens van een bestemmingsvlak.

1.22 bestemmingsvlak Een geometrisch bepaald vlak met eenzelfde bestemming.

1.23 bijgebouw Een op zichzelf staand, al dan niet vrijstaand gebouw, dat door de vorm onderscheiden kan worden van het hoofdgebouw en dat in architectonisch opzicht ondergeschikt is aan het hoofdgebouw.

1.24 bouwblok Door openbare ruimte omsloten geheel van percelen (al dan niet -reeds- bebouwd), dat te beschouwen is als een stedenbouwkundige eenheid.

1.25 bouwen Het plaatsen, geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk.

1.26 bouwgrens De grens van een bouwvlak.

1.27 bouwlaag Een deel van een gebouw, dat bestaat uit één of meer ruimten, waarbij de bovenkant van de afgewerkte vloeren van twee aan elkaar grenzende ruimten niet meer dan 1,5m in hoogte verschillen, zulks met uitzondering van een onderbouw of zolder.

1.28 bouwperceel

Werklandschap Wijkevoort 2020

4

Een aaneengesloten stuk grond, waarop ingevolge de regels een zelfstandige, bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten.

1.29 bouwperceelgrens Een grens van een bouwperceel.

1.30 bouwvlak Een geometrisch bepaald vlak, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels bepaalde gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, zijn toegelaten.

1.31 bouwwerk Een bouwkundige constructie van enige omvang die direct en duurzaam met de aarde is verbonden.

1.32 bouwwerken van algemeen nut Bouwwerken ten behoeve van nutsvoorzieningen.

1.33 bruto vloeroppervlakte (b.v.o.) De som van de buitenwerks en horizontaal gemeten oppervlakten van de inpandige vloeren - horizontale vlakken ter plaatse van trappen, hellingen en vides met een oppervlakte tot en met 4m² daaronder begrepen voorzover de ruimten waarbinnen de vloeren zich bevinden een grotere inwendige hoogte hebben dan 1,5m.

1.34 calamiteit Gehele of gedeeltelijke vernieling van een bouwwerk door overmacht: brand, overstroming, terroristische en/of oorlogshandelingen, aardbeving e.d.

1.35 cultuurhistorische waarde De aan een bouwwerk of gebied toegekende waarde, gekenmerkt door het beeld dat is ontstaan door een gebruik dat de mens in de loop van de geschiedenis heeft gemaakt van dat bouwwerk of gebied of door de wijze waarop daarin de ontwikkelingen tot uitdrukking komen van de esthetische opvattingen in de loop van de tijd.

1.36 cultuurhistorisch waardevolle bebouwing Cultuurhistorisch waardevolle bebouwing is bebouwing die vanwege de kwaliteit van de verschijningsvorm, de ouderdom, authenticiteit of het cultuurhistorisch belang een positieve bijdrage levert aan de kwaliteit van het straatbeeld.

1.37 dagrecreatie Een vorm van recreëren die zich beperkt tot één dag (zonder overnachting, niet gericht op nachtverblijf), dit in tegenstelling tot bijvoorbeeld kamperen e.d. waarbij men zich voor meerdere dagen van huis begeeft.

1.38 dagrecreatieve voorzieningen Voorzieningen ten behoeve van dagrecreatief (zie dagrecreatie) (mede)gebruik van gronden, zoals (niet limitatief) wandelen, fietsen, vissen, zwemmen, kanoën en natuurobservatie, zulks in de vorm van (niet limitatief) aanlegsteigers, picknickplaatsen, observatiepunten, informatieborden, banken e.d.

1.39 dakhelling Hoek die gevormd wordt door een schuin dakvlak en een horizontaal vlak die elkaar snijden op de goothoogte.

1.40 deskundige op het terrein van de archeologische monumentenzorg Een door het college van burgemeester en wethouders aan te wijzen deskundige op het gebied van archeologie. Deze dient in ieder geval te voldoen aan de in de Kwaliteitsnorm voor de Nederlandse Archeologie gestelde kwalificaties van senior archeoloog.

1.41 detailhandel Het bedrijfsmatig te koop aanbieden (waaronder de uitstalling ten verkoop), verkopen, verhuren en leveren van goederen aan personen die de goederen kopen of huren voor gebruik, verbruik of aanwending anders dan in de uitoefening van een beroeps- of bedrijfsactiviteit, waaronder grootschalige detailhandel, volumineuze detailhandel, tuincentrum en supermarkten. Tevens dient onder detailhandel te worden verstaan ondersteunende horeca als bijbehorende voorziening. Uitgezonderd zijn: postorderbedrijven, internetbedrijven e.d.

Werklandschap Wijkevoort 2020

5

1.42 enabling technologie Bedrijven die technologie ten behoeve van de logistieke operatie ontwikkelen en/of vervaardigen, dan wel bedrijven met een directe toeleverende en/of dienstverlenende rol voor het logistieke proces. Hieronder wordt ook 'value added logistics' verstaan.

1.43 erf Een geometrisch bepaald vlak, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels per bouwperceel aan- en/of uitbouwen, bijgebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, zijn toegelaten.

1.44 erotisch gerichte horeca Een bedrijf dat tot doel heeft het geven van voorstellingen en/of vertoningen van erotische aard en tevens het bedrijfsmatig ten behoeve van verbruik ter plaatse verstrekken van alcoholische en niet-alcoholische dranken.

1.45 evenement Een activiteit in de openlucht dan wel in al dan niet (deels) tijdelijke onderkomens, gericht op het bereiken van een algemeen of besloten publiek voor informerende, educatieve, sportieve, toeristisch-recreatieve, commerciële, sociale, culturele en/of levensbeschouwelijke doeleinden, alsmede kermissen, braderieën, snuffelmarkten, rommelmarkten, straatfeesten en festivals of daarmee te vergelijken activiteiten.

1.46 extensief (dag)recreatief medegebruik Extensieve vormen van recreatie, zoals wandelen en fietsen, die plaatsvinden in gebieden waar de hoofdbestemming meestal natuur of bos betreft.

1.47 functionele eenheid Hieronder wordt verstaan: a. een samenstel van activiteiten dat, gelet op de aard en de organisatie van die activiteiten alsmede op de plaats waar die activiteiten worden verricht, als een eenheid moet worden beschouwd; b. het complex van bebouwde en onbebouwde gronden waarop de hiervoor bedoelde activiteiten worden verricht.

1.48 gebouw Elk bouwwerk, dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt.

1.49 geluidshinderlijke inrichtingen Inrichtingen genoemd in artikel 2.1 lid 3 van het Besluit omgevingsrecht, die in belangrijke mate geluidhinder kunnen veroorzaken, zoals bedoeld in artikel 41 van de Wet geluidhinder.

1.50 groenvoorzieningen Het geheel van voorzieningen en activiteiten t.b.v. groenaanleg zoals buurt-, wijk- en stadsparken met bijbehorende voorzieningen zoals verhardingen, waterpartijen, waterberging, watergangen en sloten, speelplaatsen, speel- en trapveldjes waaronder Cruijf-courts, bruggen en andere kunstwerken, straatmeubilair e.d., alsmede voorzieningen ter ondersteuning van de verkeersregulering en de verkeersveiligheid.

1.51 hoofdgebouw of hoofdbebouwing Een of meer panden, of een gedeelte daarvan, dat noodzakelijk is voor de verwezenlijking van de geldende of toekomstige bestemming van een perceel en, indien meer panden of bouwwerken op het perceel aanwezig zijn, gelet op die bestemming het belangrijkst is.

1.52 horeca Onder horeca wordt verstaan het bedrijfsmatig verstrekken van ter plaatse te nuttigen voedsel en dranken, het bedrijfsmatig exploiteren van zaalaccomodatie en/of het bedrijfsmatig verstrekken van nachtverblijf.

1.53 horecacategorie 1 (Daghoreca) Horeca inrichting, met openingstijden gerelateerd aan de winkeltijden (daghoreca), niet zijnde een horeca inrichting als bedoeld in categorie II, waar: hoofdzakelijk kleine etenswaren en/of dranken worden verstrekt. Werklandschap Wijkevoort 2020

6

Voorbeelden zijn: thee & koffie-concepten, brood & lunchconcepten, ijs & yoghurt concepten. Daarnaast zijn ook concepten zoals omschreven bij categorie III mogelijk indien de openingstijden kunnen worden beperkt.

1.54 horecacategorie 2 (Droge horeca) Horeca inrichting waar: hoofdzakelijk kleine etenswaren en/of alcoholvrije dranken worden verstrekt. Voorbeelden zijn aan te merken: fastfoodconcepten, healthy fastfoodconcepten, snackbars, shoarmazaken. Indien alcohol wordt verstrekt valt het bedrijf in categorie III.

1.55 horecacategorie 3 (Eetgelegenheden) Horeca inrichting, niet zijnde een horeca inrichting als bedoeld in categorie II, waar: hoofdzakelijk maaltijden worden verstrekt. Voorbeelden zijn: restaurants, pizzeria's, all-you-can-eat-concepten, café-restaurant.

1.56 horecacategorie 4 (Café - Barconcepten) Horeca inrichting waar: hoofdzakelijk dranken worden verstrekt, en waar eventueel in combinatie daarmee kleine etenswaren worden verstrekt. Voorbeelden zijn: cafés, bars, pubs, bier-, wijn- en cocktailconcepten.

1.57 horecacategorie 5 (Uitgaan & Zalen) Horeca inrichting waar: hoofdzakelijk dranken worden verstrekt en entertainment wordt aangeboden, zoals (live) optredens en mechanische muziek. Voorbeelden zijn: clubs, discotheken, feestcafés, uitgaansconcepten, zalen- en partycentra, danscafés, karaokebars. Combinatie met (onderdelen) van categorieën III en IV vallen ook binnen deze categorie.

1.58 horecacategorie 6 (Verblijfshoreca) Horeca inrichting waar: hoofdzakelijk gelegenheid tot tijdelijk slaapverblijf wordt gegeven, en waar eventueel in combinatie daarmee maaltijden, dranken en/of kleine etenswaren worden verstrekt. Voorbeelden zijn: hotels, motels en pensions.

1.59 houtopstand Houtachtige overblijvende gewassen zoals struiken, heggen en bomen.

1.60 huishouden Een alleenstaande, dan wel twee of meer personen die een duurzaam gemeenschappelijk huishouden voeren. Met een huishouden wordt gelijk gesteld: a. de huisvesting van maximaal 5 personen in onzelfstandige wooneenheden (kamerverhuur); b. tijdelijke huisvesting in de vorm van logies aan maximaal 5 seizoenarbeiders; c. de huisvesting van maximaal 12 personen met een lichamelijke of verstandelijke beperking, een psychiatrisch ziektebeeld of psychosociale problemen dan wel de huisvesting van maximaal 12 personen die tijdelijke opvang behoeven, al dan niet met inbegrip van begeleiding en toezicht, dit alles gericht op zelfstandige bewoning.

1.61 kantoor Het bedrijfsmatig verlenen van diensten waarbij het publiek niet of slechts in ondergeschikte mate rechtstreeks te woord wordt gestaan en geholpen, waaronder congres- en vergaderaccommodatie.

1.62 landschappelijke waarde van een gebied De aan een gebied toegekende waarde, die wordt bepaald door de onderlinge samenhang en beïnvloeding van de levende en niet levende natuur.

1.63 landschapselementen Ecologisch en/of landschappelijk waardevolle elementen, zoals bosjes, bomen, houtwallen, poelen en moerasjes, in de regel kleiner dan 2ha.

1.64 Logistieke dienstverlening Transportactiviteiten, waaronder mede wordt begrepen het groeperen en laden en lossen van lading in of uit containers, de opslag en/of behandeling van goederen en de opslag van (lege) containers.

Werklandschap Wijkevoort 2020

7

1.65 langzaam verkeer Voetgangers- en (snor/brom)fietsverkeer.

1.66 maatschappelijke voorzieningen Hieronder worden verstaan: a. medische of paramedische voorzieningen, zoals ziekenhuis, kliniek, gezondheidscentrum, centrum voor dagbehandeling, consultatiebureau e.d.; b. welzijnsvoorzieningen, zoals verzorgingstehuis, verpleeghuis, inrichtingen voor mensen met een verstandelijke en/of lichamelijke beperking , tehuis voor daklozen e.d.; c. educatieve en sociaal-culturele voorzieningen, zoals basis-, voortgezet en wetenschappelijk onderwijs, beroepsonderwijs, kunstonderwijs, volksuniversiteit, cursuscentrum, onderwijsinstituten t.b.v. specifiek onderwijs, bibliotheken e.d.; d. voorzieningen t.b.v. kinderopvang zoals kindercrèche, peuterspeelzaal, speelterrein, kinderdagverblijf en (naschoolse) kinderopvangcentrum, al dan niet commercieel; e. openbare en bijzondere instellingen waaronder overheidsinstellingen zoals stadskantoren, politiekantoor e.d. met uitzondering van brandweerkazerne; f. maatschappelijke voorzieningen zoals buurt- en clubhuis, wijkcentrum (o.a. Multi Functionele Accommodatie), sociëteit e.d.

1.67 maatvoeringsvlak Een deel van een bestemmingsvlak dat van een ander maatvoeringsvlak wordt gescheiden door een maatvoeringsvlakgrens. Maatvoeringsvlakken onderscheiden zich door een met de maatvoeringsaanduiding aangegeven afwijking in goot-, bouwhoogte, dakhelling en/of bebouwingspercentage.

1.68 natuurwaarde van een gebied De aan een gebied toegekende waarde gekenmerkt door geologische, geomorfologische, bodemkundige en biologische elementen, zowel afzonderlijk als in hun onderlinge samenhang.

1.69 netto vloeroppervlak (n.v.o.) De som van de binnenwerks gemeten oppervlakten van de voor publiek toegankelijke verblijfsruimten binnen een horeca-inrichting van de categorie 1, 2 of 3, zoals café- en barruimte (inclusief bar), eetzaal, foyer, dansvloer / podium, entree e.d, met uitzondering van oppervlakten t.b.v. keuken, toiletgroepen, garderobe, opslag, dienstruimten e.d.

1.70 nutsvoorzieningen Voorzieningen ten behoeve van algemeen nut in ruime zin zoals: voorzieningen / installaties t.b.v. gas, water en elektriciteit, signaalverdeling, telecommunicatieverkeer, waterzuivering, waterbeheersing, waterhuishouding, vuil- en afvalverwerking, compostering, wijkverwarming, milieuvoorzieningen e.d.

1.71 onbebouwd erf Dat deel van het perceel, dat geen bouwvlak of erf betreft.

1.72 onderbouw Een gedeelte van een gebouw, dat wordt afgedekt door een vloer waarvan de bovenkant is gelegen tussen peil en maximaal 1,20m boven peil.

1.73 ondergeschikte delen van een bouwwerk Bouwdelen die ondergeschikt zijn aan de hoofdmassa van het desbetreffende bouwwerk, zoals overstekende daken, plinten, pilasters, kozijnen, gevelversieringen, trappen en trappenhuizen, liftkappen en lifthuizen, luchtbehandelings-/ventilatieinstallatie, bordessen, funderingen, goten, hijsinrichtingen, gevelreclames, gevelisolatie (al dan niet met bijbehorende ommanteling), zonnepanelen, draagconstructies e.d. Hieronder worden in elk geval niet verstaan entrees, erkers en ondergrondse bouwwerken.

1.74 ontwikkelleidraad Werklandschap Wijkevoort Een door de gemeenteraad vastgestelde leidraad die de principes en waarden uit het masterplan Wijkevoort (2018) concreet invult en beleidsregels als bedoeld in artikel 7c van het besluit uitvoering Crisis- en herstelwet bevat.

1.75 onderkomen

Werklandschap Wijkevoort 2020

8

Voor verblijf geschikte, al dan niet aan hun oorspronkelijke bestemming onttrokken voer- of vaartuigen, kampeermiddelen, loodsen, keten en andere soortgelijke verblijfsmiddelen.

1.76 ondersteunende horeca Horeca waarbij de horeca-activiteit ondersteunend is aan de hoofdactiviteit en daaraan ondergeschikt is en waarbij tevens: a. de oppervlakte van de horeca-activiteit maximaal 33% van het totale v.v.o. van het betreffende pand in beslag mag nemen. Ook een eventueel terras maakt hier deel van uit; b. de horeca-activiteit niet zelfstandig mag worden uitgeoefend. Toegang tot de horeca-activiteiten kan niet los van de hoofdfunctie plaatsvinden; c. de openingstijden van de horeca-activiteit gelijk zijn aan de openingstijden van de hoofdactiviteit; d. geen alcoholhoudende dranken mogen worden verstrekt zonder de benodigde vergunningen. Het gaat dus in alle gevallen om ondersteunende 'droge horeca'.

1.77 openlucht- en sportieve recreatie Het geheel van voorzieningen en activiteiten t.b.v. dag-, verblijfs- en sportieve recreatie, die geheel of grotendeels in de openlucht plaatsvindt, zoals een trim-/fitnessparcours, een jongerenhangplek e.d.

1.78 overig bouwwerk Een bouwkundige constructie van enige omvang, geen pand zijnde, die direct en duurzaam met de aarde is verbonden.

1.79 overkapping Een bouwwerk, geen gebouw zijnde, voorzien van een gesloten dak, ondersteund door palen of kolommen, eventueel maximaal aan twee zijden omsloten door wanden, die niet tot de constructie behoren.

1.80 pand De kleinste bij de totstandkoming functioneel en bouwkundig-constructief zelfstandige eenheid die direct en duurzaam met de aarde is verbonden en betreedbaar en afsluitbaar is.

1.81 peil (straatpeil) Hieronder wordt verstaan: a. voor een bouwwerk, waarvan de hoofdtoegang onmiddellijk aan de straat grenst: de hoogte van de weg ter plaatse van die hoofdtoegang; b. voor een bouwwerk, waarvan de hoofdtoegang niet direct aan de weg grenst: de hoogte van het terrein ter plaatse van die hoofdtoegang bij voltooiing van de bouw.

1.82 perceel Een aaneengesloten stuk grond met kadastrale aanduiding.

1.83 plangrens Een weergegeven lijn die de grens van het plan: aanduidt.

1.84 productiegebonden detailhandel Detailhandel in goederen die ter plaatse worden vervaardigd, gerepareerd en/of toegepast in het productieproces, waarbij de detailhandelsfunctie ondergeschikt is aan de productiefunctie.

1.85 recreatief medegebruik en evenementen Hieronder wordt verstaan: a. incidenteel, kortstondig gebruik (enkele dagen) van complexen / voorzieningen t.b.v. evenement zoals rommelmarkten, antiek-, huishoud-, en computerbeurzen, tentoonstellingen, bedrijvencontactdagen e.d., mits men in het bezit is van een evenementenvergunning; b. incidenteel -jaarlijks- gebruik gedurende een aantal dagen van stadsparken t.b.v. zomeractiviteiten, -spelen, theater, festival e.d;

1.86 restaurant Een bedrijf, dat tot doel heeft het verstrekken van maaltijden voor consumptie ter plaatse alsmede het verstrekken van alcoholische en niet-alcoholische dranken.

1.87 rijstrook

Werklandschap Wijkevoort 2020

9

Gemarkeerd gedeelte van de rijweg dat voldoende plaats biedt aan een enkele rij motorvoertuigen op meer dan twee wielen met uitzondering van in- en uitvoegstroken, voorsorteerstroken en fietspaden.

1.88 Service logistics Service Logistics is het geheel van ondersteunende serviceconcepten voor logistieke bedrijvigheid. Het gaat hierbij om bijvoorbeeld truck- en carwash, beveiliging, onderhoud, trainingscentra, spreek- en vergaderruimtes, restaurant, supermarkt pick-up point en bedrijfsverzamelgebouwen met gedeelde voorzieningen zoals kantoren.

1.89 risicovolle inrichting a. een inrichting bij welke ingevolge het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi) een grenswaarde, richtwaarde voor het risico c.q. een risico-afstand moet worden aangehouden bij het in het bestemmingsplan toelaten van kwetsbare of beperkt kwetsbare objecten; b. een AMvB-inrichting waarvoor krachtens artikel 8.40 van de Wet milieubeheer regels gelden met betrekking tot minimaal aan te houden afstanden bij de opslag en/ of het gebruik van gevaarlijke stoffen; c. bedrijven waarvan de aantoonbare PR10-6/jaar contour is gelegen buiten de inrichtingsgrens.

1.90 Smart industry Industrie waarbij maximaal gebruik gemaakt wordt van de nieuwste informatie en (productie-)technologie, zodat deze efficiënter, flexibeler, kwalitatief beter en op maat kan procuderen.

1.91 smart logistics Bedrijven in de sector value added logistics, Service logistics en enabling technologie.

1.92 Soortenmanagementplan Het plan waarin wordt aangegeven voor welke, op grond van de Wet natuurbescherming, beschermde soorten het plangebied een functie heeft en hoe deze functie per soort binnen de gebiedsontwikkeling wordt geborgd.

1.93 speelvoorzieningen Voorzieningen ten dienste van sport en spel.

1.94 sport Het geheel van voorzieningen t.b.v. sportbeoefening, zoals: ijsbaan/-hal, (openlucht)zwembad, sportvelden, atletiekbaan, basketbalveld, handbalveld, jeu de boulesbaan, tennisbaan/-complex, sporthal, alsmede bijbehorende bebouwing zoals kleedruimten, clubhuis / verenigingsgebouw, opslagruimten, technische ruimten e.d.

1.95 straatpeil Zie: peil (straatpeil).

1.96 teeltondersteunende voorzieningen Voorzieningen in, op of boven de grond, die door agrarische bedrijven met plantaardige teelten worden gebruikt om de volgende doelen na te streven: a. verbetering van de productie, onder meer door teeltvervroeging en -verlating, terugdringing van onkruidgroei en beperking van vraatschade; b. verbetering van de arbeidsomstandigheden, onder meer door gewassen verhoogd te telen; c. het bereiken van positieve effecten op milieu en water (bodembescherming, terugdringen onkruidbestrijding, effectief omgaan met water e.d.); voorbeelden zijn aardbeiteelttafels, afdekfolies, anti-worteldoek, boomteelthekken, hagelnetten, insectengaas, plastic tunnels, teeltondersteunende kassen, schaduwhallen en vraatnetten.

1.97 teeltondersteunende voorzieningen, permanente Teeltondersteunende voorzieningen, niet zijnde kassen, die voor onbepaalde tijd worden gebruikt.

1.98 teeltondersteunende voorzieningen, tijdelijke Teeltondersteunende voorzieningen, die op dezelfde locatie gebruikt kunnen worden zo lang de teelt dit vereist, gedurende maximaal 6 maanden. Deze tijdelijke voorzieningen hebben een directe relatie met het grondgebruik.

1.99 uitbouw

Werklandschap Wijkevoort 2020

10

Een gebouw, dat als vergroting van een bestaande ruimte is/wordt gebouwd aan een hoofdgebouw, welk gebouw door de vorm onderscheiden kan worden van het hoofdgebouw en dat in architectonisch opzicht ondergeschikt is aan het hoofdgebouw.

1.100 value added logistics Logistieke bedrijven die zich - naast transport en opslag van goederen - richten op activiteiten die een toegevoegde waarde aan een product opleveren gedurende het logistieke proces of die een toegevoegde waarde opleveren voor het logistieke proces zelf, zoals etikettering, ompakken, toevoegen van onderdelen en software, assemblage, bundelen, voorraadbeheer, terugwinnen van grondstoffen, order-picking en kwaliteitscontroles. Deze activiteiten worden in de logistieke sector aangeduid met de termen Value Added Logistics (VAL) en/of Value Added Services (VAS).

1.101 utilitycenter Een al dan niet collectieve bedrijfsvoorziening voor de (gezamenlijke) verwerking en zuivering van afvalstoffen en afvalwater, het leveren van restwarmte en stroom, de verwerking van restproducten, het opwekken van energie, alsmede vergelijkbare collectieve activiteiten.

1.102 veiligheidsafstand Afstand die met het oog op de kwaliteit van het milieu voor zover het betreft externe veiligheid tenminste moet zijn gelegen tussen een inrichting als bedoeld in de artikelen 2.2.1, 2.2.2 en 3.2.1 van het Vuurwerkbesluit, of een onderdeel van een zodanige inrichting, dan wel een zodanige inrichting waarvoor het geldende bestemmingsplan verlening van een omgevingsvergunning voor het bouwen van een bouwwerk toelaat enerzijds en kwetsbare objecten en geprojecteerde kwetsbare objecten anderzijds.

1.103 verblijfsvoorzieningen Besloten ruimten, bestemd voor het verblijven van mensen.

1.104 verkeer- en vervoersvoorzieningen t.b.v. wegverkeer Hieronder wordt verstaan het (openbaar) wegverkeers- en wegvervoersgebied waarbij de nadruk ligt op de gebiedsontsluitingsfunctie voor gemotoriseerd en langzaam verkeer met alle bijkomende en ondersteunende voorzieningen en kunstwerken. Daarnaast vindt parkeren en stallen plaats. Het betreft hier hoofdverzamelwegen, verzamelwegen en wijkstraten.

1.105 verkeersvoorzieningen t.b.v. wegverkeer en verblijf Hieronder wordt verstaan het openbaar wegverkeers- en verblijfsgebied waarbij de nadruk ligt op de erftoegangsfunctie (geleider van het bestemmingsverkeer) voor gemotoriseerd en langzaam verkeer en/of de verblijfsfunctie voor voetgangers met alle bijkomende en ondersteunende voorzieningen en kunstwerken. Daarnaast vindt parkeren en stallen plaats. Het betreft hier buurtstraten, woonstraten, woonerven, winkelerven en voetgangersgebied inclusief bijbehorende kunstwerken.

1.106 verkooppunt motorbrandstoffen Een brandstofverkooppunt met één of meerdere tappunten, al dan niet voorzien van een autowasplaats met bijbehorende kiosk / serviceshop (met een verkoopvloeroppervlak van maximaal 100m2), luifels, opslag van motorbrandstoffen e.d.

1.107 verkoopvloeroppervlak De oppervlakte van de geheel of grotendeels voor publiek toegankelijke ruimte die is bestemd en feitelijk ingericht voor de verkoop van goederen, waaronder begrepen showroom, uitstallingsruime, kassa's e.d. met uitzondering van magazijn, opslagruimte, kantoor e.d.

1.108 voorgevelrooilijn De naar het openbaar gebied toegekeerde lijn, die het bouwvlak begrenst en aansluit aan het onbebouwd erf c.q. openbaar gebied.

1.109 Voorzieningen t.b.v. duurzame energie een voorziening die is gericht op opwekking, productie, opslag en/of transformatie van duurzame energie; oftewel energie waarover de mensheid voor onbeperkte tijd kan beschikken en waarbij, door het gebruik ervan, het leefmilieu en de mogelijkheden voor toekomstige generaties niet worden benadeeld.

1.110 water en waterhuishoudkundige voorzieningen

Werklandschap Wijkevoort 2020

11

Al het oppervlaktewater zoals sloten, greppels (infiltratie)vijvers, kanalen, beken en andere waterlopen, ook als deze incidenteel of structureel droogvallen. Alsmede voorzieningen die nodig zijn t.b.v. een goede wateraanvoer, waterafvoer, waterberging, hemelwaterinfiltratie en waterkwaliteit. Hierbij kan worden gedacht aan duikers, stuwen, infiltratievoorzieningen, gemalen, inlaten e.d.

1.111 weg Alle voor het openbaar rij- of ander verkeer openstaande wegen of paden, waaronder begrepen de daarin gelegen bruggen en duikers, de tot de wegen of paden behorende bermen en zijkanten, alsmede de aan de wegen liggende en als zodanig aangeduide parkeerterreinen.

1.112 wet geluidhinder De wet van 16 februari 1979, Staatsblad 99 (1979), houdende regels inzake het voorkomen of beperken van geluidhinder.

1.113 wet milieubeheer De wet zoals geplaatst in Staatsblad 551 (1992). Deze wet is in werking getreden op 1 maart 1993.

1.114 wonen Hieronder wordt verstaan: a. het geheel van aan huis gebonden activiteiten van huishoudens die plaatsvinden in al dan niet gestapelde woningen, zelfstandige wooneenheden e.d. ten dienste van het verblijven door mensen. Niet tot wonen behoort het verblijf in recreatieve dagverblijven; b. huisvesting van personen in onzelfstandige wooneenheden (kamerverhuur), tijdelijke huisvesting van personen in de vorm van het verstrekken van logies aan seizoenarbeiders, verzorgingstehuis, gezinsvervangende huisvesting en andere vormen van beschermd/begeleid wonen, alsmede bijbehorende gemeenschappelijke voorzieningen (en ruimten) c.q. verzorgingsfaciliteiten; c. beroepsactiviteiten die kunnen worden beschouwd als 'aan huis verbonden beroep', zijnde beroepsactiviteiten van tenminste één bewoner, plaatsvindend in de betrokken woning en/of bijbehorend bijgebouw.

1.115 woning Een (gedeelte van een) gebouw dat krachtens zijn indeling geschikt en bedoeld is voor de huisvesting van niet meer dan één huishouden, waaronder begrepen een aan huis verbonden beroep.

1.116 zeer kwetsbaar object Kwetsbare objecten waarbij de aanwezige personen zichzelf moeilijk kunnen redden tijdens een incident, zoals basisscholen, ziekenhuizen en verzorgingscentra zoals omschreven in de Beleidsvisie externe veiligheid Tilburg ('veilig en verantwoord ontwikkelen').

1.117 uitgifteteam Het uitgifteteam bestaat uit gemeentelijke specialisten en toetst of het kavelplan en gebiedsplan voldoet aan de beleidsregels zoals opgenomen in de Ontwikkelleidraad.

Werklandschap Wijkevoort 2020

12

Artikel 2 Wijze van meten 2.1 De dakhelling Langs het dakvlak ten opzichte van het horizontale vlak.

2.2 De inhoud van een bouwwerk Tussen de onderzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels (en/of het hart van de scheidingsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen.

2.3 De bouwhoogte van een bouwwerk Vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of van een overig bouwwerk, geen gebouw zijnde, met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen, zoals schoorstenen, antennes, en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen.

2.4 De oppervlakte van een bouwwerk Tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk.

2.5 De hoogte van een windturbine Vanaf het peil tot aan de (wieken-)as van de windturbine.

2.6 Afstand tot zijdelingse perceelgrens Tussen de zijdelingse grenzen van een perceel en enig punt van het op dat perceel voorkomend (hoofd-)gebouw, waar die afstand het kortst is.

2.7 netto oppervlakte van bedrijventerrein de oppervlakte in vierkante meters van uitgeefbare (bedrijfs)kavels.

Werklandschap Wijkevoort 2020

13

Hoofdstuk 2 Bestemmingsregels

Werklandschap Wijkevoort 2020

14

Artikel 3 Agrarisch met Waarden 3.1 Bestemmingsomschrijving 3.1.1 Functie De voor 'Agrarisch met Waarden' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. agrarische doeleinden, in de vorm van agrarische bodemexploitatie met bijbehorende voorzieningen; b. behoud, herstel en ontwikkeling van natuurwaarden, landschappelijke en hydrologische waarden in het algemeen en ten behoeve van het Soortenmanagementplan in het bijzonder; c. bijbehorende en ondergeschikte bestaande verharde en onverharde paden, wegen en parkeervoorzieningen; d. water en waterhuishoudkundige voorzieningen; e. extensief recreatief medegebruik; f. tijdelijke natuur; g. bouwwerken van algemeen nut. 3.1.2 Bijbehorende voorzieningen De voor 'Agrarisch met Waarden' aangewezen gronden zijn tevens bestemd voor: a. bouwwerken, geen gebouwen zijnde; voor zover deze ondergeschikt zijn aan de onder 3.1.1 genoemde functies.

3.2 Bouwregels 3.2.1 Algemeen Voor het bouwen gelden in het algemeen de volgende regels: b. naast de in deze bestemming opgenomen regels gelden tevens de algemene regels, zoals opgenomen in Hoofdstuk 3 van deze planregels. 3.2.2 Gebouwen Op de gronden binnen deze bestemming mogen geen gebouwen worden gebouwd. 3.2.3 Bouwwerken, geen gebouwen zijnde Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels: a. op de gronden binnen deze bestemming mogen uitsluitend bouwwerken, geen gebouwen zijnde, worden opgericht ten behoeve van de op grond van 3.1.1 toegelaten functies, en met dien verstande dat: 1. de bouwhoogte niet meer mag bedragen dan 3m, tenzij door middel van een maatvoeringsaanduiding een ander maximum is aangegeven, en; 2. tijdelijke en permanente teeltondersteunende voorzieningen, kuilvoerplaten en sleufsilo's niet zijn toegestaan; 3.2.4 Ondergronds bouwen Op de gronden binnen deze bestemming mag niet ondergronds worden gebouwd, met uitzondering van bouwwerken ten behoeve van water en waterhuishoudkundige voorzieningen.

3.3 Specifieke gebruiksregels 3.3.1 Strijdig gebruik Onder gebruik in strijd met de bestemming wordt in elk geval begrepen: a. het storten van puin en afvalstoffen, anders dan ter realisering en/of handhaving van de bestemming; b. het opgeslagen hebben en/of houden van gerede of ongerede goederen, zoals vaten, kisten bouwmaterialen, werktuigen, machines en onderdelen hiervan, anders dan ter realisering en/of handhaving van de bestemming; c. het opgeslagen hebben en/of houden van gebruiksklare of onklare voer- en vaartuigen of onderdelen daarvan, anders dan ter realisering en/of handhaving van de bestemming; d. het gebruik van gronden en bouwwerken voor bewoning.

3.4 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden Werklandschap Wijkevoort 2020

15

3.4.1 Werken en werkzaamheden Het is verboden zonder of in afwijking van een schriftelijke vergunning van het bevoegd gezag de volgende werken en werkzaamheden uit te voeren of te laten uitvoeren: a. het verzetten of vergraven van grond waarbij het maaiveld over meer dan 100m2 per perceel of met meer dan 0,40m wordt gewijzigd of waarbij de maaiveldniveaus van een steilrand worden gewijzigd; b. het omzetten van grond of uitvoeren van bodemingrepen dieper dan 0,40m onder maaiveld; c. het aanleggen, dempen of wijzigen van (oevers, profiel, doorstroom- of bergingscapaciteit van) oppervlaktewateren; d. het verlagen van de grondwaterstand door aanleg van drainage of bemaling; e. het verwijderen of rooien van bos-, natuur- en landschapselementen en ander opgaand houtgewas zonder agrarische productiefunctie; f. het verwijderen van perceelsindelingen, zoals tot uiting komend in greppels, sloten, steilrand en het verwijderen van paden of onverharde wegen; g. het aanleggen en/of verharden van wegen, paden, parkeerterreinen of het aanbrengen van andere oppervlakteverhardingen, voor zover groter dan 100m2 per perceel; h. het permanent (voor meer dan 2 jaar aaneengesloten) omzetten van grasland naar een andere bodemcultuur. 3.4.2 Uitzonderingen Het in 3.4.1 vervatte verbod is niet van toepassing op werken en werkzaamheden welke: a. het normale onderhoud en/of gebruik betreffen.

Met betrekking tot het verwijderen van opgaand houtgewas wordt hier in elk geval onder verstaan het verwijderen van opgaand houtgewas bij wijze van verzorgingsmaatregel ter bevordering van de groei en/of de kwaliteit van de overblijvende houtopstand (dunning), het verwijderen van opgaand houtgewas ingevolge de Plantenziektenwet en het verwijderen van opgaand houtgewas, ten aanzien waarvan ingevolge de Boswet een melding moet worden verzonden en/of vergunningplicht bestaat ingevolge de gemeentelijke Bomenverordening; a. ter uitvoering van werken en werkzaamheden in het kader van het Soortenmanagementplan; b. reeds in uitvoering zijn, dan wel krachtens een verleende vergunning reeds mogen worden uitgevoerd op het tijdstip van het van kracht worden van dit plan. 3.4.3 Toelaatbaarheid De in 3.4.1 genoemde vergunning kan slechts worden verleend, indien geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het behoud, het herstel en de ontwikkeling van de in 3.1.1 genoemde waarden en/of functies.

3.5 Wijzigingsbevoegdheid 3.5.1 Wijziging naar bestemming 'Natuur' of 'Bos' Burgemeester en wethouders zijn bevoegd deze bestemming te wijzigen in de bestemmingen 'Natuur' en/of 'Bos' ten behoeve van behoud en/of ontwikkeling van natuur en/of bos, met dien verstande dat de wijziging uitsluitend plaats kan vinden ten behoeve van de realisatie van vastgesteld natuur- en landschapsbeleid, zoals het beleid voor het Natuur Netwerk Brabant, een ecologische verbindingszone, het landschappelijk raamwerk en natuur- en/of landschapscompensatie. 3.5.2 Wijziging naar bestemming 'Water' Burgemeester en wethouders zijn bevoegd deze bestemming te wijzigen in de bestemming 'Water' ten behoeve van behoud en/of ontwikkeling van water, met dien verstande dat de wijziging uitsluitend plaats kan vinden ten behoeve van de realisatie van vastgesteld natuur- en landschapsbeleid, zoals het beleid voor het Natuur Netwerk Brabant, een ecologische verbindingszone, het landschappelijk raamwerk, natuur- en/of landschapscompensatie, beekherstel, waterberging, waterzuivering en/of een ander waterbelang.

Werklandschap Wijkevoort 2020

16

Artikel 4 Bedrijventerrein 4.1 Bestemmingsomschrijving 4.1.1 Functie De voor 'Bedrijventerrein' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. een functioneel grootschalig bedrijventerrein met een grootte van maximaal 44,6 ha netto uitgeefbare oppervlakte met daarbinnen: 1. bedrijven in de sectoren smart logistics en Smart industry en die worden aangemerkt als een milieucategorie 3.1 of 3.2 overeenkomstig de bijlage 1 Staat van bedrijfsactiviteiten, waarbij geldt dat per bedrijf het bouwperceel ten minste 5 ha bedraagt, onder de voorwaarde dat: I. de Adviescommissie Wijkevoort, zoals genoemd in de Ontwikkelleidraad Werklandschap Wijkevoort, een positief advies heeft gegeven ten aanzien van de betreffende bedrijfsfunctie; II. inrichtingen als bedoeld in artikel 41 Wet geluidhinder jo. onderdeel D van Bijlage 1 van het Besluit omgevingsrecht en risicovolle inrichtingen niet zijn toegestaan; III. 7,3 hectare van het netto uitgeefbare oppervlakte ingericht dient te worden in het kader van het groen blauw raamwerk als bedoeld in bijlage 2; b. water en waterhuishoudkundige voorzieningen; c. groenvoorzieningen; d. natuur; e. behoud, herstel en/of ontwikkeling van landschappelijke waarden en/of natuurwaarden; f. recreatief medegebruik; g. verkeers-, parkeer- en stallingsvoorzieningen; h. een truckparking; i. Voorzieningen t.b.v. duurzame energie j. bouwwerken van algemeen nut.

4.1.2 Bijbehorende voorzieningen De voor 'Bedrijventerrein' aangewezen gronden zijn tevens bestemd voor: a. kantines en restauratieve voorzieningen; b. kantoorruimten; c. horecavoorzieningen in de categorie 1, 2, 3 en 4, met dien verstande dat deze voorzieningen toegestaan zijn in het deel van het plangebied gelegen ten noorden van het Wijckermeer en begrensd door de Hultenseweg en het Wijckermeer; d. kennisinstellingen, onderzoekscentra en onderwijsvoorzieningen, met dien verstande dat deze voorzieningen toegestaan zijn in het deel van het plangebied gelegen ten noorden van het Wijckermeer en begrensd door de Hultenseweg en het Wijckermeer; e. gemeenschappelijke facilitaire voorzieningen, met dien verstande dat deze voorzieningen toegestaan zijn in het deel van het plangebied gelegen ten noorden van het Wijckermeer en begrensd door de Hultenseweg en het Wijckermeer; f. aan- en uitbouwen en bijgebouwen; g. tuinen en erven; h. objecten voor beeldende kunst; i. bouwwerken, geen gebouwen zijnde, voor zover deze behoren bij en ondergeschikt zijn aan één van de onder 4.1.1 genoemde functies.

4.2 Bouwregels 4.2.1 Algemeen a. Een omgevingsvergunning voor het bouwen, het uitbreiden en het wijzigen van gebouwen kan alleen worden verleend als uit een advies van het Uitgifteteam blijkt dat wordt voldaan aan de volgende eisen: 1. zorgdragen voor voldoende waterretentie, 2. bijdragen aan energie neutraal danwel energie opwekkend werklandschap, 3. bijdrage leveren aan het minimaliseren van hittestress, 4. bijdragen aan een klimaatadaptief werklandschap,

Werklandschap Wijkevoort 2020

17

5. sprake is van natuurinclusief bouwen en inrichten, zoals deze eisen zijn vastgelegd in de beleidsregels in de Ontwikkelleidraad Werklandschap Wijkevoort; b. Indien de Ontwikkelleidraad Werklandschap Wijkevoort na inwerkingtreding van dit bestemmingsplan wordt gewijzigd toetst het uitgifteteam een aanvraag om omgevingsvergunning aan de beleidsregels uit de gewijzigde Ontwikkelleidraad die op dat moment gelden. De Ontwikkelleidraad kan na de vaststelling van dit plan uitsluitend door de gemeenteraad worden gewijzigd, ingetrokken of herzien; c. Naast de in deze bestemming opgenomen regels gelden tevens de algemene regels, zoals opgenomen in Hoofdstuk 3 van deze planregels. 4.2.2 Gebouwen Voor het bouwen van bedrijfsgebouwen gelden de volgende regels: a. de bedrijfsgebouwen dienen binnen het bestemmingsvlak te worden gebouwd; b. aan de in de Ontwikkelleidraad opgenomen maten van de profielen dient voldaan te worden; Bedrijfskavels > 5 ha Afstand tot voorste perceelsgrens Minimaal 20 m Afstand Loadingdocs tot voorste perceelsgrens Afstand tot zijdelingse en achterste perceelsgrens Afstand tot zijdelingse en achterste perceelsgrens, grenzend aan de bestemming Natuur Maximale bouwhoogte Maximale bouwhoogte c.

Minimaal 40m, waarbij er geen loadingsdoc zijn toegestaan aan de naar de Hultense Leij gekeerde zijd Minimaal 5 meter Minimaal 10 meter 15 meter 15 meter

na toepassing van de afwijkingsmogelijkheid bedoeld in artikel 4.5.5 gelden de volgende regels Bedrijfskavels < 5 ha Afstand tot voorste perceelsgrens Minimaal 14 m Afstand tot zijdelingse en achterste perceelsgrens

Minimaal 5 meter

Afstand tot zijdelingse en achterste perceelsgrens, grenzend aan de bestemming Natuur Maximale bouwhoogte

Minimaal 10 meter 15 meter

d. de afstand tussen gebouwen op twee belendende percelen mag niet minder dan 10m bedragen; e. het bebouwingspercentage mag 80% bedragen; f. het dak van gebouwen moet worden gebruikt om energie/warmte/koude op te wekken, tenzij een andere duurzame maatregel dit onmogelijk maakt of als het bedrijfsproces duurzaam dakgebruik verhindert; g. Bij aanvraag van een omgevingsvergunning voor het bouwen van (een) gebouw(en) of bouwwerk(en), dient te worden aangetoond dat de betreffende gebouwen of bouwwerken niet worden aangesloten op het aardgasnet en niet worden verwarmd met aardgas. 4.2.3 bouwwerken van algemeen nut Voor het bouwen van bouwwerken van algemeen nut gelden de volgende regels: a. bouwwerken van algemeen nut mogen binnen het gehele bestemmingsvlak worden opgericht; b. de maximale hoogte van bouwwerken van algemeen nut bedraagt 5m; c. de maximale oppervlakte van bouwwerken van algemeen nut bedraagt 100m². 4.2.4 Bouwwerken, geen gebouwen zijnde Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels: a. de hoogte van erf- en terreinafscheidingen mag niet meer dan 1,5 m bedragen en dienen van een groenblijvende beplanting te zijn voorzien; b. de hoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag niet meer dan 15m bedragen. 4.2.5 Ondergronds bouwen Ondergronds bouwen is binnen een bestemmingsvlak toegestaan met dien verstande dat:

Werklandschap Wijkevoort 2020

18

a. ondergrondse bouwwerken dienen te worden gebouwd onder het maaiveld en aan de straatzijde onder het straatpeil; b. Burgemeester en wethouders zijn bevoegd nadere eisen te stellen ten aanzien van de maximale bouwdiepte voor ondergrondse bouwwerken.

4.3 Nadere eisen Burgemeester en wethouders zijn bevoegd nadere eisen te stellen ten aanzien van: a. de situering en afmeting van gebouwen, bouwwerken van algemeen nut en bouwwerken, geen gebouwen zijnde ten behoeve van: 1. een samenhangend straat- en bebouwingsbeeld; 2. de verkeersveiligheid; 3. de sociale veiligheid; 4. de brandveiligheid; 5. de milieusituatie; 6. de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden; b. werken ten behoeve van nutsvoorzieningen (waaronder kabels en leidingen), verkeers- en vervoersvoorzieningen en groenvoorzieningen.

4.4 Afwijken van de bouwregels 4.4.1 Binnenplans afwijken Het bevoegd gezag kan, met inachtneming van de voorwaarden in 4.4.2, omgevingsvergunning verlenen voor het binnenplans afwijken van: a. het bepaalde in 4.2.2met betrekking tot de maximale bouwhoogte tot 25m bij kavels groter dan 5 ha: I. het betreft maximaal 25 % van het hoofdgebouw II. de hogere bebouwing wordt op minimaal 20 meter uit de perceelsgrens gesitueerd; b. het bepaalde in 4.2.2 sub c met betrekking tot de maximale bouwhoogte tot 25m bij kavels kleiner dan 5 ha: I. het betreft maximaal 40 % van het hoofdgebouw II. de hogere bebouwing wordt op minimaal 14 meter uit de perceelsgrens gesitueerd; c. het bepaalde in 4.2.4 voor de hoogte van erfafscheidingen, zulks tot een hoogte vanmaximaal 3m; d. het bepaalde in 4.2.4 voor de hoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, zulks tot een hoogte van maximaal 30m in het bouwvlak en in het deel van het perceel gelegen achter de voorgevelrooilijn en tot een hoogte van maximaal 10m in het deel van het perceel dat gelegen is voor de voorgevelrooilijn; e. het bepaalde in 4.2.2met betrekking tot het maximale bebouwingspercentage tot maximaal 100%; f.

het bepaalde in 4.2.2 onder d voor de afstanden tot de perceelsgrenzen ten behoeve van een planoptimalisatie en plankwaliteit, waarbij voldaan wordt aan de eis van representativiteit naar de open zijde en gestreefd wordt om de geluidproducerende activiteiten zoveel mogelijk te concentreren. 4.4.2 Voorwaarden Omgevingsvergunning voor het binnenplans afwijken van de bouwregels kan slechts worden verleend indien: a. dit vanuit het oogpunt van de bedrijfsvoering, de bedrijfspresentatie, de constructie of verschijning van het gebouw of de aard van het bedrijf noodzakelijk is; b. de bebouwingskarakteristiek van de straat niet onevenredig wordt geschaad; c. gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden en bouwwerken niet onevenredig worden beperkt; d. de brandveiligheid niet onevenredig wordt aangetast; e. de milieusituatie niet onevenredig wordt aangetast; f. de sociale veiligheid niet onevenredig wordt aangetast; g. de verkeersveiligheid niet onevenredig wordt aangetast; h. de ruimtelijke inpasbaarheid is aangetoond; i. zulks verenigbaar is met het principe van zorgvuldig ruimtegebruik; j. voldaan wordt aan de regels uit de ontwikkelleidraad Werklandschap Wijkevoort. Indien deze leidraad gedurende de planperiode wordt gewijzigd dient te worden voldaan aan de gewijzigde regels uit de leidraad.

4.5 Specifieke gebruiksregels

Werklandschap Wijkevoort 2020

19

4.5.1 Strijdig gebruik Tot een gebruik van gronden en bouwwerken strijdig met de bestemming wordt in elk geval gerekend: a. het gebruik van gronden en bouwwerken anders dan genoemd in 4.1; b. het gebruik van gronden en bouwwerken in strijd met de beleidsregels uit de ontwikkelleidraad Werklandschap Wijkevoort zoals deze gold ten tijde van de afgifte van de omgevingsvergunning voor het hoofdgebouw op het betreffende bouwperceel; c. het gebruik van gronden en bouwwerken als geluidshinderlijke inrichting als bedoeld in artikel 41 Wet geluidhinder jo. onderdeel D van Bijlage 1 van het Besluit omgevingsrecht of risicovolle inrichting, in afwijking van het bepaalde in 4.1.1; d. het gebruik van gronden en bouwwerken voor bewoning; e. het gebruik van gronden en bouwwerken voor een zeer kwetsbaar object; f. het gebruik van gronden en bouwwerken voor zelfstandige kantoren of zelfstandige kantoorruimten, anders dan bedoeld in 4.1.2 sub b; g. het gebruik van gronden en bouwwerken ten behoeve van detailhandel, anders dan bedoeld in 4.1.2 ; h. het storten van puin en afvalstoffen, anders dan ter realisering en/of handhaving van de bestemming; i. opslag van goederen, zoals vaten, kisten bouwmaterialen, werktuigen, machines en onderdelen hiervan en van gebruiksklare of onklare voer- en vaartuigen of onderdelen daarvan, buiten een gebouw; j. het plaatsen of geplaatst houden van onderkomens; k.

het gebruik van gronden binnen deze bestemming voor bedrijfsmatige activiteiten indien de gronden met de bestemming Natuur en Agrarisch met Waarden in onderhavig plangebied niet zijn aangelegd en in stand worden gehouden, conform het Soortenmanagement Plan Wijkevoort. 4.5.2 Voorwaardelijke verplichting kwaliteitsverplichting landschap Gebouwen en de gronden ten behoeve van onder artikel 4.1 genoemde bedrijfsdoeleinden mogen niet in gebruik worden genomen indien niet aan de volgende voorwaarden is voldaan: 1. de gronden binnen het plangebied met de bestemming Natuur zijn ingericht en instandgehouden worden voor natuurdoeleinden en 2. de gronden met de bestemming Groen zijn ingericht conform het Groen-blauw Raamwerk Werklandschap Wijkevoort (KruitKok, 2019) (zie bijlage 2 ). Waarbij geldt dat de aanleg van deze landschappelijke en natuurwaarden voor wat betreft de oppervlakte dient te gebeuren naar rato van de uitgifte van de bedrijfskavels. 4.5.3 Voorwaardelijke verplichting Soortenmanagement plan De gronden ten behoeve van onder artikel 4.1 genoemde bedrijfsdoeleinden mogen niet bouwrijp gemaakt worden en de gebouwen ten behoeven van de onder artikel 4.1.1 genoemde bedrijfsdoeleinden mogen niet in gebruik worden genomen indien de maatregelen zoals opgenomen in de bijlage 8 maatregelen Soortenmanagementplan niet of niet tijdig zijn uitgevoerd en in stand gehouden worden.

4.5.4 Voorwaardelijke verplichting inzake externe saldering ex artikel 6 lid 3 van richtlijn 92/43 (Habitatrichtlijn) De aanleg, bouw en gebruik overeenkomstig de bestemming Bedrijventerrein is uitsluitend toegestaan indien het houden van vee in de bedrijven op de percelen Vosheining 6 en Prinsenhoef 2 is beëindigd en verzekerd is dat hervatting van die activiteiten rechtens is uitgesloten. 4.5.5 Binnenplans afwijken voor kleinere kavels Het bevoegd gezag kan, na een positief advies door de Adviescommissie Wijkevoort, omgevingsvergunning verlenen voor het binnenplans afwijken van het bepaalde in 4.1.1 voor kavels met een grootte tussen 2 en 5 hectare voorzover het perceel is gelegen in het plandeel tussen de Hultenseweg en de A58 of het plandeel tussen de Hultenseweg en het Wijkermeer, zoals aangeduid als deelgebied 1. 4.5.6 Binnenplans afwijken t.b.v. bevi inrichtingen Het bevoegd gezag kan, na een positief advies door de Adviescommissie Wijkevoort, omgevingsvergunning verlenen voor het binnenplans afwijken van het bepaalde in 4.1.1 ten behoeve van de uitoefening van een risicovol bedrijf of een activiteit behorende bij een risicovol bedrijf, mits: a. de 10-6 contour voor het PR is gelegen binnen het bouwperceel van de risicovolle inrichting. De contour mag eveneens liggen op aangrenzende gronden met de bestemming Verkeer, Groen of Water; b.

er een verantwoording wordt gegeven van het groepsrisico in het invloedsgebied als bedoeld in het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi), Besluit externe veiligheid transportroutes (Btev) of het Besluit

Werklandschap Wijkevoort 2020

20

externe veiligheid buisleidingen (Bevb) en het bevoegd gezag op basis van die verantwoording het groepsrisico aanvaardbaar acht. 4.5.7 Binnenplans afwijken t.b.v. milieucategorie Het bevoegd gezag kan, na een positief advies door de Adviescommissie Wijkevoort, omgevingsvergunning verlenen voor het binnenplans afwijken van: a. het bepaalde in 4.1.1 sub a voor de uitoefening van een bedrijf of een activiteit die/dat niet voorkomt in de tot het plan behorende Bijlage 1 Staat van bedrijfsactiviteiten, maar die/dat naar aard en invloed op de omgeving overeenkomt met de toegelaten milieucategorieën; b. het bepaalde in 4.1.1 sub a voor de uitoefening van een bedrijf in de sectoren smart logistics en smart industry die wordt aangemerkt als een milieucategorie 4.1 of 4.2 overeenkomstig de Bijlage 1 Staat van bedrijfsactiviteiten onder de voorwaarde dat: 1. Voldaan wordt aan de afstandscriteria ten opzichte van gevoelige objecten zoals opgenomen in de Bijlage 1 Staat van bedrijfsactiviteiten en 2. De milieubelasting voor wat betreft de aspecten geur en geluid van het bedrijf niet meer bedraagt dan van een bedrijf uit de milieucategorie 3.2. overeenkomstig de Bijlage 1 Staat van bedrijfsactiviteiten. 4.5.8 Binnenplans afwijken t.b.v.

ondersteunende functies Het bevoegd gezag kan, na een positief advies door de Adviescommissie Wijkevoort, omgevingsvergunning verlenen voor het binnenplans afwijken van het bepaalde in 4.1.2 onder c., d., e, voor de vestiging van ondersteunende functies op kavels op andere delen van het plangebied indien de functie een toegevoegde waarde heeft op het innovatieve en kennisintensieve karakter van het Werklandschap.

Werklandschap Wijkevoort 2020

21

Artikel 5 Groen 5.1 Bestemmingsomschrijving 5.1.1 Functies De voor 'Groen' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. groenvoorzieningen in het algemeen en groenvoorzieningen in in het kader van het Groen-blauw Raamwerk Werklandschap Wijkevoort (KruitKok, 2019) in het bijzonder; b. water en waterhuishoudkundige voorzieningen; c. geluidwerende voorzieningen; d. verkeersvoorzieningen beperkt tot fiets- en voetpaden, (delen van) civiele kunstwerken, alsmede een calamiteitenpad/voorzieningen; e. objecten voor beeldende kunst; f. bouwwerken van algemeen nut. 5.1.2 Bijbehorende voorzieningen De voor 'Groen' aangewezen gronden zijn tevens bestemd voor: a. bouwwerken, geen gebouwen zijnde; voor zover deze ondergeschikt zijn aan de onder 5.1.1 genoemde functies.

5.2 Bouwregels 5.2.1 Algemeen Voor het bouwen gelden in het algemeen de volgende regels: a. Naast de in deze bestemming opgenomen regels gelden tevens de algemene regels, zoals opgenomen in Hoofdstuk 3 van deze planregels. b. op de gronden binnen deze bestemming mogen uitsluitend bouwwerken, geen gebouwen zijnde, worden gebouwd ten behoeve van de op grond van 5.1.1 toegelaten functies, en met dien verstande dat: 1. de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen niet meer mag bedragen dan 1m, tenzij door middel van een maatvoeringsaanduiding een ander maximum is aangegeven; 2. de hoogte van kunstwerken en voorzieningen ten behoeve van de beveiliging en regeling van het verkeer op voet- en fietspaden niet meer mag bedragen dan hiervoor op aantoonbare wijze noodzakelijk is; 3. de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde niet meer mag bedragen dan 5m, tenzij door middel van een maatvoeringsaanduiding een ander maximum is aangegeven. 5.2.2 Ondergronds bouwen Op de gronden binnen deze bestemming mag niet ondergronds worden gebouwd, met uitzondering van bouwwerken ten behoeve van water en waterhuishoudkundige voorzieningen en voorzieningen met betrekking tot afvalophaalsystemen.

5.3 Nadere eisen Burgemeester en wethouders zijn bevoegd nadere eisen te stellen ten aanzien van: a. de situering en afmeting van gebouwen, bouwwerken van algemeen nut en bouwwerken, geen gebouwen zijnde ten behoeve van: 1. een samenhangend straat- en bebouwingsbeeld; 2. de ruimtelijke of landschappelijk inpassing; 3. de verkeersveiligheid; 4. de sociale veiligheid; 5. de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden; b. werken ten behoeve van nutsvoorzieningen (waaronder kabels en leidingen), verkeers- en vervoersvoorzieningen en groenvoorzieningen.

5.4 Afwijken van de bouwregels 5.4.1 Binnenplans afwijken t.b.v. bouwwerken, geen gebouwen zijnde

Werklandschap Wijkevoort 2020

22

Het bevoegd gezag kan, met inachtneming van de voorwaarden in 5.4.3, omgevingsvergunning verlenen voor het binnenplans afwijken van: a. het bepaalde in 7.2.4voor de hoogte van erf- en terreinafscheidingen, zulks tot een hoogte van maximaal 3m; b. het bepaalde in 5.2.1 sub b.2. voor de hoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, zulks tot een hoogte van maximaal 30m. 5.4.2 Binnenplans afwijken t.b.v. bouwwerken van algemeen nut Het bevoegd gezag kan, met inachtneming van de voorwaarden in 5.4.3, omgevingsvergunning verlenen voor het binnenplans afwijken van het bepaalde in 5.2.1 voor het bouwen van bouwwerken van algemeen nut met dien verstande dat: a. bouwwerken van algemeen nut binnen het gehele bestemmingsvlak mogen worden opgericht; b. de maximale hoogte van bouwwerken van algemeen nut bedraagt 3,5m; c. de maximale oppervlakte van bouwwerken van algemeen nut bedraagt 50m². 5.4.3 Voorwaarden Omgevingsvergunning voor het binnenplans afwijken van de bouwregels kan slechts worden verleend indien: a. het stedenbouwkundige beeld niet onevenredig wordt geschaad; b. de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden niet worden beperkt; c. de sociale veiligheid niet onevenredig wordt aangetast; d. de verkeersveiligheid niet onevenredig wordt aangetast.

5.5 Specifieke gebruiksregels 5.5.1 Strijdig gebruik Tot een gebruik van gronden en bouwwerken strijdig met de bestemming wordt in elk geval gerekend: a. het storten van puin en afvalstoffen, anders dan ter realisering en/of handhaving van de bestemming; b. opslag van gerede of ongerede goederen, zoals vaten, kisten bouwmaterialen, werktuigen, machines en onderdelen hiervan, anders dan ter realisering en/of handhaving van de bestemming; c. opslag van gebruiksklare of onklare voer- en vaartuigen of onderdelen daarvan, anders dan ter realisering en/of handhaving van de bestemming; d. het plaatsen of geplaatst houden van onderkomens; e. het gebruik van gronden en bouwwerken voor bewoning.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10731254/1