01 Raadsvoorstel wijziging Algemene Plaatselijke Verordening 2022-1
Tekst van het document
Openbare orde en veiligheid, volksgezondheid en milieu C.
Artikel 26A komt te luiden: Artikel 26A. Kennisgevingsevenementen 1. Geen vergunning als bedoeld in artikel 26, eerste lid, is vereist voor een kennisgevingsevenement indien de organisator deze uiterlijk 6 weken voordat deze zal plaatsvinden heeft gemeld bij de burgemeester door middel van het door de burgemeester vastgestelde kennisgevingsformulier. 2. Van een kennisgevingsevenement is sprake indien: a. Het bedrijfsfeesten op eigen locatie betreft b. Het kleine activiteiten in de openbare ruimte betreft met de volgende voorwaarden: ▪ Het is een evenement in de openlucht ▪ Maximaal 300 bezoekers en deelnemers ▪ Er worden geen dieren gebruikt, los van de dieren die onderdeel uitmaken van de dagelijkse bedrijfsvoering op de locatie van het evenement ▪ Geen alcohol geschonken bedrijfsmatig ▪ Geen tijdelijke ruimte waar 150 personen (of meer) gelijktijdig in aanwezig zijn ▪ Geen doorgaande wegen afgesloten hoeven te worden ▪ De activiteit vindt tussen 8.00 - 24.00 uur plaats (voor zon- en feestdagen geldt een begintijd van niet eerder dan 13.00 uur vanwege de Zondagswet) ▪ Het geluidsniveau niet meer bedraagt dan 70 dB(A) gemeten op 2 meter afstand van de dichtstbij zijnde gevels van woningen. Tot maximaal 22:00 uur, van 22:00 tot 24:00 uur geldt een norm van 50 dB(A).
raad 2022_1293 definitief
3.
4. 5.
17
▪ Geen extra politiecapaciteit nodig is De burgemeester bevestigt de ontvangst van het kennisgevingsformulier. De burgemeester kan binnen vier weken na ontvangst van het kennisgevingsformulier besluiten het organiseren van een kennisgevingsevenement te verbieden indien daardoor de openbare orde, de openbare veiligheid, de volksgezondheid of het milieu in gevaar komt. De organisator dient aan een toezichthouder op eerste verzoek een ontvangstbevestiging van het kennisgevingsformulier te tonen. Indien naar het oordeel van de burgemeester uit nieuwe feiten of omstandigheden na het verstrijken van de termijn als bedoeld in het derde lid, er vrees bestaat voor verstoring van de openbare orde of gevaar bestaat voor de openbare veiligheid, de volksgezondheid of het milieu, kan de burgemeester het organiseren van een kennisgevingsevenement verbieden.
D. Artikel 74 komt te luiden: Artikel 74. Straatartiesten 1. Het is verboden op een door de burgemeester aangewezen openbare plaats en tijd als straatartiest op te treden. 2. Het is verboden op een andere dan de bij het eerste lid aangewezen openbare plaats en tijd voor het publiek als straatartiest op te treden als: a. dit optreden plaatsvindt tussen 18.00 uur en 11.00 uur; b. dit optreden langer duurt dan een half uur op dezelfde plaats; c. dit optreden plaatsvindt in geheel of gedeeltelijk overdekte ruimten; d. tijdens het optreden voorwerpen worden geplaatst waardoor het verkeer wordt gehinderd; e. binnen vierentwintig uur meer dan twee keer binnen een cirkel met een straal van vijftig meter wordt opgetreden; f. bij dit optreden dieren worden gebruikt. 3. In afwijking van het tweede lid aanhef en sub a geldt het verbod niet op donderdag en vrijdag tussen 18.00 uur en 21.00 uur. Daarnaast geldt het verbod niet in het horecaconcentratiegebied als bedoeld in artikel 31, eerste lid, sub c van deze verordening op zaterdag en zondag tussen 18.00 en 21.00. 4. Het verbod uit het tweede lid aanhef en sub b, c en e geldt niet als sprake is van individuen of groepen van maximaal vijf personen die in stilte of met onversterkt stemgeluid optreden. 5. Het college kan ontheffing verlenen van het in het tweede lid gestelde verbod. E.
Artikel 107 komt te luiden: Artikel 107. Begripsomschrijving. In deze afdeling wordt verstaan onder: a. Besluit: het Activiteitenbesluit milieubeheer; b. inrichting: een inrichting type A of B als bedoeld in het Besluit; c. houder van een inrichting: degene die als eigenaar, bedrijfsleider, beheerder of anderszins een inrichting drijft; d. collectieve festiviteit: festiviteit die niet specifiek aan een of een klein aantal inrichtingen is verbonden; e. incidentele festiviteit: festiviteit of activiteit die gebonden is aan een of een klein aantal inrichtingen; f. gebied Binnentuin: de buitenruimte die wordt omsloten door de horeca-inrichtingen aan de Burgemeester Brokxlaan 8-76/77, 8-82/84 en 30, inclusief de bij die horeca-inrichtingen behorende terrassen.
raad 2022_1293 definitief
F.
18
Artikel 109 en de toelichting daarop komen te luiden: Artikel 109. Aanwijzing incidentele festiviteiten. 1. Het is een inrichting toegestaan op maximaal 2 dagen per kalenderjaar incidentele festiviteiten te houden, waarbij de geluidnormen als bedoeld in de artikelen 2.17, 2.17a, 2.19, 2.19a en 2.20 van het Besluit niet van toepassing zijn, mits de houder van een inrichting tenminste twee weken voor de aanvang van de festiviteit het college daarvan in kennis heeft gesteld. 2. Het is een inrichting toegestaan om tijdens maximaal 2 dagen per kalenderjaar in verband met de viering van incidentele festiviteiten de verlichting langer aan te houden voor sportactiviteiten waarbij artikel 3:148, eerste lid van het Besluit niet van toepassing is, mits de houder van een inrichting tenminste twee weken voor de aanvang van de festiviteit het college daarvan in kennis heeft gesteld. 3. Het college kan gebieden aanwijzen, waarbinnen de in het eerste en tweede lid bedoelde activiteiten niet door iedere inrichting afzonderlijk mogen worden gehouden, maar slechts door de in het gebied gevestigde ondernemers gezamenlijk. Alsdan geldt voor het gehele gebied een maximum van 2 dagen per kalenderjaar. 4. De kennisgeving geschiedt schriftelijk en bevat tenminste de volgende gegevens: naam en adres van de inrichting, datum, tijdstip en aard van de festiviteit, contactpersoon tijdens de activiteit. 5.
Het college kan een incidentele festiviteit verbieden, wanneer er sprake zal zijn van onaanvaardbare geluidhinder of een ontoelaatbare samenloop met festiviteiten die gelijktijdig plaatsvinden, dan wel voorwaarden of beperkingen stellen ter voorkoming van geluidoverlast. Voor incidentele festiviteiten waarvoor een evenementenvergunning is verleend, gelden de voorschriften uit de evenementenvergunning. 6. In afwijking van het bepaalde in het eerste lid van dit artikel geldt dat in het gebied Spoorzone, zoals vastgesteld door de raad en aangegeven op de bij deze verordening behorende kaart (bijlage 1), op maximaal 8 dagen per kalenderjaar incidentele festiviteiten mogen plaatsvinden, waarbij de geluidnormen als bedoeld in artikel 2.17, 2.17a, 2.19, 2.19a en 2.20 van het Besluit niet van toepassing zijn. 7. In aanvulling op het bepaalde in het zesde lid van dit artikel geldt dat in het gebied Binnentuin in de Spoorzone, op maximaal 12 dagen per kalenderjaar incidentele festiviteiten mogen plaatsvinden, waarbij de geluidnormen als bedoeld in artikel 2.17, 2.17a, 2.19, 2.19a en 2.20 van het Besluit niet van toepassing zijn. Hiervoor geldt dat op gevels van de geluidgevoelige bestemmingen aan de Atelierstraat, Lange Nieuwstraat, Spoorlaan, Magazijnstraat en Willem II-straat wel wordt voldaan aan de geluidnormen als bedoeld in artikel 2.17, 2.17a, 2.19, 2.19a en 2.20 van het Besluit.
De ondernemers van de inrichtingen aan de Burgemeester Brokxlaan 30, 8-76 en 8-82 mogen ieder voor maximaal 4 dagen een kennisgeving indienen Toelichting Eerste lid Het eerste lid komt voort uit 2.21 van het Activiteitenbesluit. Een incidentele festiviteit is een festiviteit die aan één of slechts een klein aantal inrichtingen gebonden is, zoals een optreden met levende muziek bij een café, een jubileum of een straatfeest. In het Besluit is het maximum aantal incidentele festiviteiten bepaald op 12. Vooralsnog wordt, rekening houdend met de plaatselijke omstandigheden, een aantal van 2 voldoende geacht. Tweede lid Dit lid heeft betrekking op lichthinder en vloeit voort uit voorschrift 4.113 van het Activiteitenbesluit. Voor het overige zie de toelichting bij het eerste lid. Derde lid Op basis van dit lid is het mogelijk te bepalen, dat binnen een bepaald gebied niet iedere inrichting incidenteel ontheffing kan krijgen, maar dat er sprake moet zijn van een gezamenlijke aanvraag, bijvoorbeeld per plein. Bedoeling hiervan is te voorkomen, dat in een gebied, waar veel horecainrichtingen gevestigd zijn, iedere weekend wel ergens de geluidsnormen mogen worden overschreden, met alle overlast van dien. Vierde lid
raad 2022_1293 definitief
19
De termijn voor het indienen van een kennisgeving is met name van belang om het college in staat te stellen na te gaan op welke wijze de houder van de inrichting tracht overmatige geluid- of lichthinder te voorkomen. De beoordeling van de wijze waarop de houder van een inrichting overmatige geluid-of lichthinder tracht te voorkomen kan resulteren in het opleggen van nadere eisen. Heeft de houder van de inrichting geen kennisgeving gedaan dan gelden alsnog alle voorschriften uit het Besluit. Niet-naleving van laatstgenoemde voorschriften kan leiden tot bestuursrechtelijk (artikel 18.2 Wet milieubeheer) of strafrechtelijk (artikel 18.18 Wet milieubeheer) optreden. Zevende lid De horecabedrijven aan de Binnentuin organiseren op hun terras geregeld activiteiten met versterkte muziek. Op deze activiteiten zijn de geluidnormen van het Activiteitenbesluit milieubeheer van toepassing. Door de nieuwbouw in de Spoorzone is het niet langer mogelijk om deze buitenactiviteiten binnen de geluidnormen te laten plaatsvinden. Om toch een aantal maal per jaar buitenactiviteiten mogelijk te maken is een vrijstelling van de geluidnormen nodig. In het Koersdocument Spoorzone (vastgesteld door de Raad op 25 maart 2019) is opgenomen om voor 12 dagen ontheffing te verlenen voor de geluidnormen voor activiteiten met versterkte muziek in de Binnentuin.
Uitgangspunt hierbij is dat de normen van het Activiteitenbesluit milieubeheer bij de bestaande woningen (zoals de wijk Theresia) niet wordt overschreden. Deze 12 dagen komen naast de bestaande 8 vrijstellingsdagen voor de Spoorzone, zoals opgenomen in lid 6. In de locatiematrix behorende bij het evenementenbeleid is al met deze dagen rekening gehouden. Met de drie horecaondernemers aan de Binnentuin is besproken hoe deze 12 vrijstellingsdagen in te zetten. Afgesproken is dat elke exploitant voor vier dagen een kennisgeving mag indienen. Daarbij is het wel mogelijk om bij elkaars activiteiten aan te sluiten. G. Artikel 116 komt te luiden: Artikel 116. Begripsomschrijvingen. In deze afdeling wordt verstaan onder: a. weg: de weg als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder b, van de Wegenverkeerswet 1994; b. voertuigen: alle voertuigen met uitzondering van: 1. treinen en trams; 2. fietsen en bromfietsen; 3. invalidenvoertuigen in de zin van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990; 4. kruiwagens, kinderwagens en dergelijke kleine voertuigen, rolstoelen; c.
deelvoertuigen: voertuigen als bedoeld in artikel 1 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 die op een openbare plaats ter beschikking worden gesteld om, al dan niet tegen betaling of anderszins met commerciële doeleinden, herhaald en opeenvolgend gezamenlijk gebruikt te worden op grond van een overeenkomst tussen natuurlijke en rechtspersonen en/of een of meerdere aanbieder(s).
Artikel II Deze verordening treedt in werking daags na haar bekendmaking.
Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van 16 mei 2022.
raad 2022_1293 definitief
de griffier,
20
de voorzitter,