Bijlage 5 Bijlage bij de toelichting bestemmingsplan Spoorlaan 125- 127, Voorhout.pdf
Tekst van het document
Een hogere waarde hoger dan 58 dB kan in eerste aanleg alleen worden vastgesteld indien voldoende verzekerd wordt dat de verblijfsruimten, alsmede ten minste één van de tot de woning behorende buitenruimten, niet aan de gevel worden gesitueerd waar de hoogste geluidbelasting optreedt. Aan deze voorwaarde zal worden voldaan. Bij de situering van de verblijfsruimten en buitenruimte zal hier rekening mee gehouden worden. Het is aan te raden geluidgevoelige functies, zoals een slaapkamer, aan deze zijde te realiseren. Zo zal de buitenruimte van de woning aan de westzijde van de beoogde woning worden gesitueerd en is hiermee niet aan de zijde gesitueerd waar sprake is van de hoogste geluidbelasting. Het te realiseren bijgebouw zorgt hierbij voor een extra afschermende werking, waardoor de geluidbelasting ter plaatse van de buitenruimte wordt gereduceerd. 4.2.3 S t i l l e g e v e l
Bij een waarde vanaf 58 dB dient volgens het beleid van de ODWH bovendien gestreefd te worden naar ten minste een stille gevel (< 55 dB). In voorliggende situatie is sprake van een stille gevel. De noordwestzijde kan als stille gevel aangemerkt worden, zie figuur 4.1. Het bijgebouw heeft eveneens een afschermende werking, wat het akoestisch woon- en leefklimaat ter plaatse van de beoogde woning ten goede komt. Het hogere waarden beleid van ODWH schrijft voor dat gestreefd dient te worden naar een stille gevel, dit is echter geen vereiste. In voorliggende situatie wordt wel aan deze voorwaarde voldaan. 4.2.4 D o v e g e v e l
In het hogere waarden beleid van ODWH wordt opgemerkt dat maximaal sprake mag zijn van één dove gevel. De maximale ontheffingswaarde wordt overschreden ter plaatse van de zuidoostgevel van de beoogde woning. Alsmede wordt de maximale ontheffingswaarde ter plaatse van een gedeelte van de noordoostgevel op de 1 e bouwlaag overschreden, ter plaatse van de begane grond wordt hier wel aan de maximale ontheffingswaarde voldaan. De zuidoostgevel van de beoogde woning zal als dove gevel worden uitgevoerd. Sprake is van een klein gedeelte van de noordoostgevel waar de maximale ontheffingswaarde eveneens wordt overschreden. Alwaar de maximale ontheffingswaarde tevens wordt overschreden zullen geen geluidgevoelige functies (maar bijvoorbeeld de badkamer, keuken of toilet) worden gesitueerd of O 16235-3-NO 5 Concept
zal deze gevel gedeeltelijk doof uitgevoerd worden. Hiermee is geen sprake van twee gevels die in zijn geheel als dove gevels worden uitgevoerd. 4.2.5 M a x i m a a l 6 3 d B
Tot slot geeft het beleid van ODHW aan dat de hogere waarde maximaal 63 dB mag bedragen. In voorliggende situatie zal de noordoostgevel van de beoogde woning deze waarde overschrijden. Aan deze voorwaarde zal hiermee niet worden voldaan. Bij uitzondering kan echter een waarde van 68 dB worden verleend, indien dit nader wordt gemotiveerd. 5 Motivering afwijken hogere waarden beleid
Resumerend kan gesteld worden dat enkel niet geheel aan de volgende twee voorwaarden uit het hogere waarden beleid van ODWH wordt voldaan: − dove gevels worden bij voorkeur niet toegepast; indien toch noodzakelijk dan maximaal één dove gevel, bij voorkeur niet als voor- of achtergevel; − de hogere waarde bedraagt niet meer dan 63 dB. Afwijken van het beleid is mogelijk wanneer uit een uitgebreide motivering blijkt waarom de omstandigheden deze uitzonderlijke afwijking van het geluidbeleid rechtvaardigen. Onderstaand wordt nader gemotiveerd waarom het afwijken van het geluidbeleid in voorliggende situatie acceptabel wordt geacht. Dove gevels
Wat betreft het maximum van één dove gevel zal in de voorliggende situatie slechts sprake zijn van één geheel doof uitgevoerde gevel, te weten de zuidoostgevel. De maximale ontheffingswaarde wordt tevens op een beperkt deel van de 1 e bouwlaag van de noordoostgevel overschreden. Dit deel zal doof uitgevoerd worden of er zullen geen geluidgevoelige functies op deze positie worden gesitueerd. Uiteindelijk zal hiermee geen sprake zijn van twee geheel dove gevels. Maximale hogere waarde van 63 dB
Er dient gemotiveerd te worden dat het in de voorliggende situatie gerechtvaardigd is om af te wijken van de voorwaarde dat de te verlenen hogere waarde maximaal 63 dB mag bedragen. De nodige inspanning zal verricht worden om te waarborgen dat sprake is van een akoestisch aangenaam woon- en leefklimaat. De beoogde woning zal voorzien in een gevel die kan worden aangemerkt als stille zijde. Dit is conform het hogere waarden beleid van ODWH niet noodzakelijk, maar wordt enkel naar gestreefd. Alsmede betreft het slechts één gevelzijde alwaar de waarde van 63 dB (uiteraard met uitzondering van de dove gevel) wordt overschreden. Geluidgevoelige ruimten zullen zoveel mogelijk juist aan de minder geluidbelaste zijden gesitueerd worden, en niet-geluidgevoelige ruimten (zoals een badkamer, keuken, technische ruimte of trappenhuis) zullen juist gesitueerd worden aan de meest geluidbelaste zijde. Wat betreft het akoestisch binnenniveau zal bovendien worden voldaan aan de nieuwbouweisen conform het Bouwbesluit 2012. Hiermee wordt een prettig woon- en leefklimaat gecreëerd.
O 16235-3-NO 6 Concept
Bovendien zal de beoogde ontwikkeling in de toekomst te midden van een nieuwe woonwijk zijn gelegen. Conform de Structuurvisie van gemeente Teylingen is het ruimtelijk beleid van Voorhout onder andere gericht op de verdere groei van de woningvoorraad. Deze nieuwe wijk zal hierop aansluiten en is reeds in de Structuurvisie aangegeven. In figuur 5.1 wordt het plangebied aangegeven op de visiekaart van gemeente Teylingen. f5.1 Uitsnede structuurvisie Teylingen en ligging plangebied
Hoewel de nieuwbouwwijk Hooghkamer, welke ten oosten van de beoogde ontwikkeling is gelegen, thans nog niet geheel gereed is zijn reeds woningbouwgronden aangekocht voor de ontwikkeling deze nieuwe wijk, te weten Nieuw Boekhorst. In het gebied tussen de nieuwe wijk Hooghkamer en de gemeentegrens met Noordwijk zal deze nieuwbouwwijk worden gerealiseerd, zoals ook reeds te zien is in figuur 5.1. Door de opdrachtgever is aangegeven dat in ruil voor een deel van de betreffende woningbouwgronden met de gemeente is overeengekomen dat de beoogde ontwikkeling een woonbestemming mag verkrijgen. Dit omdat de beoogde ontwikkeling in de toekomst toch te midden van een woongebied zal zijn gelegen. De gemeente is aldus reeds akkoord met woningbouw ter plaatse van het plangebied. Naar verwachting zullen de beoogde woningen die worden gesitueerd in deze nieuwe wijk tevens te maken krijgen met hoge geluidbelastingen ten gevolge van railverkeer. Het is dan ook te verwachten indien hier een geheel nieuwe wijk wordt gerealiseerd, maatregelen in de vorm van geluidschermen zullen worden getroffen. Voor een enkele woning is een dergelijke maatregel te omvangrijk. Ingeval meerdere woningen geconfronteerd worden met hoge geluidbelastingen is dit echter een realistische maatregel.
De situatie waarin sprake zal zijn van een hogere geluidbelasting dan 63 dB zal hiermee wellicht slechts van tijdelijke aard zijn, O 16235-3-NO 7 Concept
aangezien naar verwachting en volgens opgave van opdrachtgever, net zoals voor de woningen in de wijk Hooghkamer, een geluidscherm gerealiseerd gaat worden. Gezien voorgaande en onder andere het feit dat de beoogde woning voorziet in een stille zijde, zal sprake zijn van een prettig woon- en leefklimaat ter plaatse van de beoogde woning. De overschrijding van de waarde van 63 dB ter plaatse van één gevelzijde wordt hiermee als acceptabel geacht. 6 Conclusie
Het voornemen bestaan om één woning naast de bestaande woning aan de Spoorlaan 127 te realiseren. Ter plaatse van de gevels van deze woning is echter sprake van hoge geluidbelastingen ten gevolge van railverkeer waardoor het niet mogelijk is om aan de voorwaarden uit het hogere waardenbeleid van ODWH te voldoen. Een hogere waarde van meer dan 63 dB wordt conform het hogere waardenbeleid van ODWH niet toegestaan. In de voorliggende notitie is hiertoe nader gemotiveerd waarom het in deze situatie acceptabel wordt geacht om af te wijken van het hogere waardenbeleid van ODWH. Sprake is slechts van één gevelzijde waarvoor een hogere waarde dan meer dan 63 dB aangevraagd wordt. In de voorliggende situatie wordt inspanning verricht om een akoestisch prettig woon- en leefklimaat te waarborgen. Zo zal de woning een stille zijde verkrijgen en zal het binnenniveau voldoen aan de nieuwbouweisen conform het Bouwbesluit 2012. Ook zullen juist niet-geluidgevoelige ruimten zoveel mogelijk aan deze geluidbelaste zijde worden gerealiseerd. Gezien voorgaande en het feit dat de gemeente reeds akkoord is met woningbouw op de beoogde locatie en de beoogde ontwikkeling in de toekomst te midden van een woonwijk zal zijn gesitueerd, wordt het afwijken van het hogere waarden beleid van ODWH acceptabel geacht.
Zoetermeer, Deze notitie bevat 8 pagina's.
O 16235-3-NO 8 Concept
Bijlage 4 Ontwerpbesluit hogere waarden
52
Omgevingsdienst .. .... est-Holland .,,
Datum: 3 maart 2020
a
Ons kenmerk: 2019242862 Zaaknummer: 2019227299 Bijlage(n): 4
Wet geluidhinder Ontwerpbesluit hogere waarden
Locatie: Spoorlaan 127 te Voorhout
Besluit namens het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Teylingen
Telefoon 071-4083100
Correspondentieadres:
Bezoekadres:
Fax 071-4083101
Postbus 159
Schipholweg 128
www.odwh.nl
2300 AD Leiden
2316 XO Leiden
Ons kenm erk:
2019242862
1. ONDERWERP
De gemeente is bezig met de voorbereiding van een nieuw bestemmingsplan 'Spoorlaan 127, te Voorhout'. Het voornemen bestaat om de bestemming van de percelen aan de Spoorlaan 125 (gedeeltelijk) en 127 te Voorhout van 'Agrarisch' naar 'Wonen' te wijzigen. Hierbij zal de bestaande agrarische bedrijfswoning aan de Spoorlaan 127 worden omgezet naar een burgerwoning en zal naast deze woning één nieuwe woning gebouwd worden. Deze nieuwe ontwikkeling is strijdig met het vigerende bestemmingsplan 'Buitengebied Teylingen'. In het bestemmingsplan 'Spoorlaan 127, te Voorhout' wordt de nieuwe geluidgevoelige bestemming mogelijk gemaakt. De nieuwe woning komt in de geluidzone van de spoorlijn Leiden - Haarlem te liggen, op relatief korte afstand tot het spoor. De voorkeurswaarde voor railverkeer zal hierbij overschreden worden. Er is een akoestisch onderzoek uitgevoerd door adviesbureau Peutz, Ontwikkeling Spoorlaan 125-127 te Voorhout, kenmerk O16235-2-RA4-002 d.d. 30 oktober 2019. In 2016 is een indicatieve berekening uitgevoerd naar de te verwachten geluidbelasting vanwege de toekomstige Noordelijke Randweg. Uit dit eerdere akoestisch onderzoek is gebleken dat de voorkeurswaarde van 48 dB voor wegverkeerslawaai vanwege de aan te leggen Noordelijke Randweg niet zal worden overschreden.
Hieronder is beoordeeld of voor de bestemming 'Wonen' een hogere waarde voor de geluidbelasting vanwege het railverkeerslawaai kan worden vastgesteld. Als blijkt dat een hogere waarde kan worden vastgesteld binnen het kader van de Wgh, dan volgt hieruit dat er voor wat betreft het aspect railverkeerslawaai een acceptabel woon- en leefklimaat gewaarborgd is.
2. BEOORDELINGSKADER
In de Wgh zijn normen opgenomen voor de toelaatbare geluidbelasting vanwege onder meer (toekomstig) weg- en railverkeerslawaai ter plaatse van gevels van geluidgevoelige bestemmingen. In de Wgh wordt daarbij uitgegaan van een voorkeurswaarde (hoogste toelaatbare geluidbelasting zoals bedoeld in artikel 82 van de Wgh en artikel 4.9 lid 1 van het Besluit geluidhinder (Bgh)) en een maximaal toelaatbare geluidbelasting (hogere geluidbelasting dan de genoemde voorkeurswaarde, zoals bedoeld in artikel 83 van de Wgh en artikel 4.10 Bgh). Een geluidbelasting onder de voorkeurswaarde is zonder meer toelaatbaar. De effecten van geluid worden dan aanvaardbaar geacht. Een geluidbelasting hoger dan de maximaal toelaatbare geluidbelasting is niet toelaatbaar.
2/17
Ons kenm erk:
2019242862
In het gebied tussen de voorkeurswaarde en de maximaal toelaatbare geluidbelasting is de geluidbelasting alleen toelaatbaar na een afwegingsproces (procedure hogere waarde). Als blijkt dat bij geluidgevoelige bestemmingen de geluidbelasting de voorkeurswaarde overschrijdt, moet overwogen worden of een hogere waarde kan worden vastgesteld. De voorkeurswaarde ter plaatse van de gevels van woningen voor railverkeerslawaai bedraagt 55 dB. Naast de eisen die de Wgh stelt aan de gevelbelasting, stelt het Bouwbesluit 2012 eisen aan het toelaatbare binnenniveau in een woning of een andere geluidgevoelige bestemming. In deze situatie bedraagt het maximale binnenniveau 33 dB. Artikel 110a, lid 5 van de Wgh bepaalt dat het vaststellen van een hogere waarde voor geluid slechts plaatsvindt, indien geluidreducerende maatregelen onvoldoende doeltreffend zijn dan wel overwegende bezwaren ontmoeten van stedenbouwkundige, verkeerskundige, vervoerskundige, landschappelijke of financiële aard. Het Algemeen Bestuur van de Omgevingsdienst West-Holland heeft een hogerewaardenbeleid vastgelegd in de 'Richtlijnen voor het vaststellen van hogere waarden Wet geluidhinder, 4 maart 2013 '. In deze Richtlijnen is een aantal specifieke voorwaarden en criteria vastgelegd waaraan een hogere waarde wordt getoetst. De Richtlijnen zijn te downloaden via de website www.odwh.nl.
3. OVERWEGINGEN 3.1 Algemeen
Bij de keuze van maatregelen om de geluidbelasting te verminderen moet rekening worden gehouden met diverse aspecten. Verschillende opties worden beoordeeld op hun effect. De mogelijkheden om de geluidbelasting vanwege een weg te verminderen zijn onder te verdelen in: 1. bronmaatregelen, zoals beperking van (een deel van) het verkeer, het verlagen van de toegestane snelheid en het toepassen van stillere wegdekken 2. overdrachtsmaatregelen, zoals geluidschermen of -wallen of afstandsvergroting 3. ontvangermaatregelen (op woningniveau), zoals woningisolatie Om de leefomgevingskwaliteit zoveel mogelijk te behouden wordt eerst gekeken naar bron- en overdrachtsmaatregelen en daarna naar maatregelen op woningniveau. Maatregelen op woningniveau hebben uitsluitend betrekking op het geluidniveau binnen een woning en niet ter plaatse van de gevels. Deze maatregelen komen pas ter sprake nadat een hogere geluidbelasting dan 48 dB voor weg- en/of 55 dB voor railverkeerslawaai ter plaatse van de gevels van woningen is vastgesteld. 3.2 Beschrijving bouwplan
De gemeente Teylingen heeft grond verworven voor de aanleg van de Noordelijke Randweg. Bij deze verwerving heeft de voormalige grondeigenaar verzocht om naast zijn woning Spoorlaan 127 een nieuwe woning te bouwen en de bestemming van zijn
3/17
Ons kenm erk:
2019242862
huidige woning (agrarisch) te wijzigen naar burgerwoning (wonen). De grote kas achter zijn woning zal dan worden gesloopt. De nieuwe woning zal bestaan uit maximaal één bouwlaag met kap. Hieronder een uitsnede uit het akoestisch rekenmodel en daaronder de ligging van de nieuwe woning in de (toekomstige) omgeving.
3.3 Toetsing
Geluidbelasting ten gevolge van rai/verkeerslawaai In het akoestisch rapport is de geluidbelasting vanwege de spoorlijn Haarlem - Leiden ter plaatse van de gevel van de nieuwe woning inzichtelijk gemaakt. Tevens is een kaart bijgevoegd, die duidelijk inzicht geeft in de lokale situatie, conform de voorschriften uit het Besluit geluidhinder artikel 5.4 lid 2 en artikel 3.8 lid 4.
4/17
O ns kenm erk:
2019242862
Uit het akoestisch rapport blijkt dat de voorkeurswaarde van 55 dB ter plaatse van drie gevels van de nieuwe woning wordt overschreden. De maximale geluidbelasting ten gevolge van het railverkeer bedraagt 69 dB. Deze geluidbelasting overschrijdt de maximale ontheffingswaarde van de Wet geluidhinder van 68 dB. De geluidbelasting van de gevels is in onderstaande tabel opgenomen. Tabel 1: Geluidbelasting vanwege de spoorlijn Leiden - Haarlem
Gevel woning Noordwest Noordoost Zuidoost Zuidwest
Geluidbelasting in
dB 55 69 69 62
Voldoet aan voorkeurswaarde? ja nee nee nee
Hogere waarde mogelijk? n.v.t. nee nee ja
3.4 Beoordeling
A. Toetsing Wet geluidhinder Bron maatregelen Bronmaatregelen bij railverkeer kunnen bestaan uit het aanbrengen van raildempers of verlaging van de spoorintensiteit. Het aanbrengen van raildempers is financieel gezien niet realistisch voor de realisatie van één woning. Verlaging van de spoorintensiteit is geen maatregel die in het kader van realisatie van bouwplannen genomen kan worden. Daarvoor is het algemeen belang te groot, naast het gegeven dat noch de ontwikkelaar noch de gemeente de bevoegdheid heeft om hier wijzigingen in aan te (laten) brengen. Voor deze locatie zijn in het kader van het Meerjarenprogramma geluidsanering (MJPG-spoor) raildempers wel als doelmatige maatregel opgenomen ten behoeve van bestaande saneringswoningen. Het is echter nog onzeker of deze maatregel ook daadwerkelijk zal worden uitgevoerd. Ten einde stedelijke verrommeling te voorkomen gold als voorwaarde dat de rooilijnen van naastgelegen woningen werden aangehouden. Er is geen ruimte om nog verder van het spoor af te schuiven met de woning. Ten behoeve van dit bouwplan is het niet realistisch om bronmaatregelen te treffen. Overdrachtsmaatregelen Door het realiseren van een geluidscherm of-wal kan een aanzienlijke reductie worden bereikt. Ten behoeve van dit bouwplan is het realiseren van een geluidscherm of-wal niet doelmatig.
Mogelijk dat bij de realisatie van de woonwijk Nieuw Boekhorst (tussen de aan te leggen Noordelijke Randweg en het spoor) een geluidscherm wél als doelmatige maatregel wordt gerealiseerd. Daar kan nu echter nog niet van worden uitgegaan. De conclusie is dat het treffen van verdergaande overdrachtsmaatregelen geen reële optie is.
5/17
Ons kenmerk:
2019242862
Ontvangermaatregelen Bij het ontwerp van de nieuwbouwwoning zal rekening worden gehouden met de geluidbelasting ten gevolge van het railverkeer. Nader onderzoek naar de benodigde geluidwering van de gevels van de woning zal moeten worden uitgevoerd. De woningen moeten voldoen aan het Bouwbesluit. Het hoogst toelaatbare binnenniveau van 33 dB wordt gegarandeerd. Er zullen zodanige maatregelen aan het bouwwerk getroffen worden dat deze aan een binnenniveau van 33 dB voldoen. De geveldelen die een hogere geluidbelasting dan 68 dB gaan ontvangen, zullen doof moeten worden uitgevoerd. Een dove gevel wordt niet als een gevel gezien in de zin van de Wgh. Wel moet de gevelwering voldoende hoog zijn, om het vereiste maximale binnenniveau te bereiken. Cumulatie Het railverkeer op de spoorlijn Leiden - Haarlem is de enige relevante geluidbron in het kader van de Wgh. Cumulatie is dan ook niet aan de orde. B. Toetsing beleid van de Omgevingsdienst West-Holland (de 'Richtlijnen', zie ook Beoordelingskader, Hoofdstuk2) In de Richtlijnen is een aantal criteria opgenomen. Indien het verzoek aan een van deze criteria voldoet, is er geen bezwaar tegen het verlenen van de hogere waarde. Daarnaast is in de Richtlijnen een aantal voorwaarden opgenomen waaraan het plan moet voldoen.
Toetsing criteria Een van de criteria voor het verlenen van een hogere waarde is dat de woning dient ter vervanging van een bestaand gebouw. De woning wordt gebouwd ter vervanging van een kas. Hiermee wordt voldaan aan dit criterium. Ook zal de woning een open plek opvullen tussen bestaande bebouwing. Toetsing voorwaarden Met de indeling van de woning moet zo veel mogelijk rekening worden gehouden met de hoge geluidniveaus vanwege het railverkeer. De achterzijde van de woningen zal geheel worden afgeschermd van de spoorlijn. De geluidbelasting van deze gevel vanwege de spoorlijn is lager dan of gelijk aan 55 dB. Hiermee is sprake van ten minste één stille gevel. Ook is door de bouw van deze woning geen sprake van een ingrijpende wijziging van de bestaande stedenbouwkundige functie of structuur. Wel is de voorwaarde van toepassing dat bij een hogere gevelbelasting dan 58 dB akoestische compensatie wordt toegepast. Dit kan bijvoorbeeld bestaan uit de realisatie van een extra stille buitenruimte, of een betere gevelisolatie dan de minimale eis uit het Bouwbesluit. Echter op een aantal punten kan niet of niet geheel worden voldaan aan het vastgestelde beleid: • dove gevels worden bij voorkeur niet toegepast; indien toch noodzakelijk dan maximaal één dove gevel, bij voorkeur niet als voor- of achtergevel • de hogere waarde bedraagt niet meer dan 63 dB
6/17
Ons kenm erk:
2019242862
Dove gevels
Op de tweede bouwlaag kan op een deel van de noordoostgevel en op de gehele zuidoostgevel niet voldaan worden aan de maximale grenswaarde van 68 dB voor railverkeerslawaai. Deze waarde wordt daar met 1 dB overschreden. Realisatie van de woning is slechts mogelijk als deze geveldelen doof worden uitgevoerd of als de ruimten achter deze gevel als niet-geluidgevoelig worden benoemd en gebruikt. Aangezien het niet om de hele gevel gaat maar om een deel van de gevels zou dit toch nog binnen de marge van het beleid kunnen vallen. De geveldelen samen zouden als één dove gevel gezien kunnen worden. Maximale grenswaarde op basis van het beleid
Het vastgestelde beleid is erop gericht om niet tot de maximale grenswaarden van de Wgh te gaan, maar tot maximaal 5 dB lagere waarden, ten einde een betere leefomgeving te garanderen. Bij hoge uitzondering, indien de specifieke omstandigheden daarom vragen, kan echter een hogere waarde tot maximaal 68 dB worden vastgesteld. Wij achten het gerechtvaardigd gezien de specifieke omstandigheden ten aanzien van dit bouwplan om afte wijken van het vastgestelde hogerewaardebeleid en een hogere waarde van 68 dB vast te stellen. Deze motivatie is door zowel de gemeente1 als namens de initiatiefnemer' opgesteld. Motivatie hogere waarde dan 63 dB, tot maximaal 68 dB
Algemeen Het plan voor deze woning is ontstaan bij de verwerving van gronden ten behoeve van de Noordelijke Randweg. Het betrof hier onder meer grond van de perceeleigenaren van Spoorlaan 125 en 127. De randweg is van zeer groot belang voor Voorhout en de regio. De gemeente hechtte er grote waarde aan deze grond te verwerven. Dit is uiteindelijk ook gelukt. Hierbij heeft de grondeigenaar echter bedongen dat de agrarische bedrijfswoning Spoorlaan 127 getransformeerd mag worden naar burgerwoning en dat er op het perceel Spoorlaan 125 een extra, nieuwe burgerwoning mag worden gerealiseerd. Vanwege de hoge geluidbelasting van het doorgaande treinverkeer wordt een uiterste inspanning geleverd om alsnog een zo goed mogelijk woon- en leefklimaat te realiseren. Om een zo goed mogelijk woon- en leefklimaat te kunnen garanderen worden er verschillende maatregelen genomen. De maatregelen worden hierna benoemd. Maatregelen
Aan het begin van deze paragraaf is de mogelijkheid tot het nemen van de reguliere maatregelen (bron-, overdrachts- en ontvangermaatregelen) reeds besproken. Hierbij is aangegeven dat bron- en overdrachtsmaatregelen redelijkerwijs niet zijn te nemen. 1
Verzoek opstelling hogere waarden voor het perceel Spoorlaan 125 Teylingen; zie bijlage 4
2 'Woningbouw Spoorlaan 127 te Voorhout, motivering afwijken gemeentelijk beleid', d.d. 28
november 2019 van adviesbureau Peutz; zie bijlage 3
7/17
Ons kenm erk:
2019242862
Wel zullen de volgende maatregelen moeten worden genomen ten einde aan het beleid te kunnen voldoen en ten einde te rechtvaardigen dat wordt afgeweken van het beleid. Akoestische compensatie ■ Ter compensatie van de erg hoge geluidbelasting is het nodig de gevelwering met enkele dB's te vergroten ten opzichte van de gevelwering welke op basis van het Bouwbesluit is vereist. Deze 'ontvangermaatregelen' moeten er toe leiden dat het binnenniveau in de woning ca. 30 in plaats van 33 dB zal bedragen. Indien een niveau van 30 dB niet haalbaar is, moet de onhaalbaarheid ontegenzeggelijk worden aangetoond. ■ Daarnaast is ten minste één gevel gewenst die extra stil is. Dit kan worden bereikt door de garage zo optimaal mogelijk te plaatsen, waardoor bijvoorbeeld de noodwestgevel extra geluid luw wordt, of door het plaatsen van een voldoende hoge geluidwerende schutting (geluidscherm). Er moet aan deze gevel dan wel een redelijk te gebruiken buitenruimte worden gecreëerd. ■ De verblijfsruimten in de woning worden niet aan de hoogstbelaste gevels, zijnde de noordoost- en zuidoostgevel, gesitueerd. Dit geldt in ieder geval voor de slaapvertrekken. De Noordelijke Randweg zal niet alleen de kern van Voorhout verlichten van verkeershinder, de weg zal ook gebruikt worden voor de ontsluiting van nog te ontwikkelen woongebieden ten noordwesten van het spoor.
Voor één woning is het niet doelmatig om een geluidscherm neer te zetten. Dat zal het wel zijn voor de hoeveelheid woningen die nog op de planning staan. Daarnaast zullen er, zoals eerder aangegeven, in het kader van het MJPG mogelijk raildempers geplaatst gaan worden. Hierdoor zou de gevelbelasting al tot net onder de maximale grenswaarde van de Wgh uitkomen. Het plaatsen van raildempers is echter nog allerminst zeker. Dit hangt af van de gelden die nog ter beschikking staan nadat de grootste knelpunten in Nederland langs het spoor (en rijkswegen) zijn weggenomen. 3.5 Conclusie
Na toetsing aan de Wet geluidhinder, het Besluit geluidhinder en het beleid van de Omgevingsdienst West-Holland, zoals vastgelegd in de eerder genoemde Richtlijnen, is gebleken dat in beginsel niet voldaan kan worden aan het vastgestelde hogerewaardebeleid. Er is een nadere motivatie gegeven welke het afwijken van het beleid rechtvaardigt. Indien alle benodigde maatregelen in het bestemmingsplan en/of de omgevingsvergunning wordt geborgd, kan een acceptabel woon- en leefklimaat in de woningen worden bereikt en een zo goed mogelijk woon- en leefklimaat in de directe woonomgeving.
4. PROCEDURE 4.1 Algemeen
De gemeente is bevoegd gezag voor het vaststellen van voorliggend hogerewaardebesluit. De Omgevingsdienst West-Holland voert de milieutaken (zoals het vaststellen van hogerewaardebesluiten) uit namens de gemeente Teylingen. De
8/17
Ons kenm erk:
2019242862
taken en bevoegdheden van de Omgevingsdienst zijn vastgelegd in de Regeling Omgevingsdienst West-Holland en het daarbij behorend mandaat. Deze regeling is op te vragen bij de Omgevingsdienst. In de Wgh is bepaald dat bij de totstandkoming van deze beschikking afdeling 3.4 van de Awb {de uniforme openbare voorbereidingsprocedure) van toepassing is. Deze procedure bevat bepalingen over onder meer het bekend maken van het ontwerp van de beschikking, het ter inzage leggen en inzien van stukken, het naar voren brengen van zienswijzen en de beslistermijn. Daarnaast bepaalt de Wgh dat de procedure voor een besluit hogere waarde gekoppeld is aan het bijbehorende ruimtelijk besluit. Het ontwerpbesluit hogere waarde wordt tegelijkertijd met het bijbehorende ontwerpruimtelijk besluit gedurende zes weken ter inzage gelegd. 4.2 Zienswijzen
Naar aanleiding van het ontwerpbesluit kunnen zienswijzen worden ingebracht door belanghebbenden. Tegen het definitieve besluit kan beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Nadere informatie over dit onderwerp is opgenomen in de kennisgeving welke bij de ontwerpbeschikking of bij de definitieve beschikking is gevoegd. 5. CONCLUSIE Voor de bouw van een woning naast Spoorlaan 127 in Voorhout is een hogere waarde noodzakelijk. Uit het akoestisch rapport blijkt dat de voorkeurswaarde van 55 dB voor railverkeerslawaai wordt overschreden. Ook wordt de maximaal toelaatbare geluidbelasting van 63 dB op basis van het hogerewaardebeleid op enkele gevels en van de maximaal toelaatbare geluidbelasting van 68 dB op basis van de Wgh op enkele geveldelen overschreden. Er is een motivatie aangereikt welke een hogere waarde boven de maximale beleidsgrens van 63 dB rechtvaardigt tot maximaal 68 dB. Hierbij worden een aantal voorwaarden en maatregelen geborgd. Er zal sprake zijn van een acceptabel woon- en leefklimaat in de woning en een zo goed mogelijke leefomgeving in de directe woonomgeving. Deze hogere waarde kan verleend worden, mits: 1.
de gevelwering van de woning ten minste tot 3 dB lagere niveaus in de woning zal leiden dan op basis van de minimale eis uit het Bouwbesluit, tenzij ontegenzeggelijk is aangetoond dat dit niet haalbaar is; in dat geval wordt het aantoonbaar hoogst haalbare uitgevoerd en in stand gehouden 2. de garage wordt zo optimaal mogelijk geplaatst en in stand gehouden, waardoor een extra stille noordwestgevel gecreëerd wordt; indien dit niet haalbaar is wordt een aan de woning grenzende schutting gerealiseerd en in stand gehouden
9/17
Ons kenm erk:
2019242862
3.
4.
de verblijfsruimten in de woning worden niet aan de hoogstbelaste gevels, zijnde de noordoost- en zuidoostgevel, gesitueerd; dit geldt in ieder geval voor de slaapvertrekken de geveldelen op de tweede bouwlaag welke op grond van het akoestisch rapport3 een hogere geluidbelasting ontvangen dan 68 dB worden doof uitgevoerd, tenzij de ruimten achter deze geveldelen als niet-geluidgevoelig zijn aan te merken
Maatregelen om de geluidbelasting tot de voorkeurswaarde terug te dringen zijn onvoldoende doeltreffend dan wel ontmoeten overwegende bezwaren van verkeerskundige, landschappelijke en/of financiële aard. Het voorgaande geeft ons aanleiding om hogere waarden vast te stellen.
3
Ontwikkeling Spoorlaan 125-127 te Voorhout, met kenmerk O16235-2-RA-002 d.d. 30 oktober 2019 van adviesbureau Peutz
10/17
Ons kenm erk:
2019242862 BESLUIT
Gelet op de Algemene wet bestuursrecht, de Wet geluidhinder en het Besluit geluidhinder, besluiten wij hogere waarden vast te stellen voor een nieuwe woning naast de woning Spoorlaan 127 te Voorhout ten gevolge van het railverkeerslawaai van de spoorlijn Leiden - Haarlem. De ten hoogste toelaatbare geluidbelasting op de onderstaande waarneempunten bedraagt: Waarde La in dB
Waarneempunt gevel woning
Spoorlijn Leiden - Haarlem
noordwest
55
noordoost
68
zuidoost
68
zuidwest
62
Aan dit besluit worden de volgende voorwaarden verbonden: 1. Er worden zodanige bouwkundige maatregelen getroffen dat binnen de woning een geluidniveau vanwege railverkeerslawaai van maximaal 30 dB wordt bereikt. 2. Bij de te verlenen omgevingsvergunning Bouwen worden maatregelen getroffen om te voldoen aan de onder 1. genoemde voorwaarde. Hiertoe wordt een akoestisch onderzoek uitgevoerd naar de te treffen maatregelen. Indien ontegenzeggelijk is aangetoond dat voornoemde waarde van 30 dB niet haalbaar is dan worden de maatregelen uitgevoerd die het hoogst haalbaar zijn. De onder 1. bedoelde waarde mag hierbij in ieder geval niet meer dan 33 dB bedragen. 3. Bij een gevelbelasting van meer dan 58 dB moet ten minste een van de tot de woning behorende buitenruimten gelegen zijn aan een geluidluwe zijde met een geluidbelasting van maximaal 55 dB. 4. De garage wordt zo optimaal mogelijk geplaatst, waardoor een extra stille noordwestgevel gecreëerd wordt; indien dit niet haalbaar is wordt een aan de woning grenzende schutting gerealiseerd welke tot een aantoonbaar lagere gevelbelasting dan 55 dB op de noordwestgevel leidt; de buitenruimte ter plaatse van deze gevel moet duidelijk als buitenruimte gebruikt kunnen worden. 5. De verblijfsruimten in de woning worden niet aan de hoogstbelaste gevels, zijnde de noordoost- en zuidoostgevel, gesitueerd.
Dit geldt in ieder geval voor de slaapvertrekken. 6. De geveldelen op de tweede bouwlaag welke op grond van het akoestisch rapport4 een hogere geluidbelasting ontvangen dan 68 dB worden doof uitgevoerd, tenzij de ruimten achter deze geveldelen als niet-geluidgevoelig zijn aan te merken. 7. De realisatie van bovengenoemde maatregelen dient geborgd te worden door opname in het bestemmingsplan/omgevingsvergunning. Aandachtspunten overige regelgeving:
4
Ontwikkeling Spoorlaan 125-127 te Voorhout, met kenmerk 0 16235-2-RA-002 d.d. 30 oktober 2019 van adviesbureau Peutz
11/17
Ons kenm erk:
2019242862
•
•
De planregels en/of de planverbeelding van het eventueel hiermee samenhangende bestemmingsplan of de omgevingsvergunning dienen voldoende waarborgen te bevatten tegen het overschrijden van de (hogere) waarden en het voldoen aan de voorwaarden, behorende bij dit besluit. Wellicht ten overvloede merken wij op dat wij bij de behandeling van dit besluit alleen aspecten hebben mogen betrekken die rechtstreeks voortvloeien uit de toepassing van de Wet geluidhinder. Aan dit besluit kunnen dan ook geen rechten worden ontleend met betrekking tot eventuele andere door de gemeente te nemen besluiten over bijvoorbeeld bouw- en bestemmingsplannen. ester en wethouders van de gemeente Teylingen,
Afdelingshoofd Omgevingsmanagement van de Omgevingsdienst West-Holland
Bijlagen: 1. kaart met situatieschets en beoordelingspunten 2. akoestisch onderzoeksrapport opgesteld door adviesbureau Peutz d.d. 30 oktober 2019, kenmerk 0 16235-2-RA-002 3. aanvullende notitie, motivering afwijken gemeentelijk geluidbeleid, opgesteld door adviesbureau Peutz d.d. 28 november 2019, kenmerk O 16235-3-NO 4. verzoek opstelling ontwerpbesluit hogere waarden voor het perceel Spoorlaan 125 Teylingen, met zaaknummer Z-19-078540 van de gemeente Teylingen
12/17
Ons kenm erk:
2019242862 Bijlage 1 Kaart en situatieschets
Legenda
J
DJ Plangebied
[" Nieuwe woning
Ligging nieuwe woning in omgeving
13/17
Ons kenm erk:
2019242862
1,5 meter
5,5 meter
Berekende geluidbelasting op 1,5 en 5,5 m hoogte in de situatie exclusief bijgebouw/garage.
1,5 meter
5,5 meter
Berekende geluidbelasting op 1,5 en 5,5 m hoogte in de situatie inclusief bijgebouw/garage.
14/17
Ons kenm erk:
2019242862 Bijlage 2 Akoestisch onderzoeksrapport opgesteld door adviesbureau Peutz d.d. 30 oktober 2019, kenmerk 0 16235-2-RA-002
15/17
Ons kenm erk:
2019242862
Bijlage 3 Aanvullende notitie, motivering afwijken gemeentelijk geluidbeleid, opgesteld door adviesbureau Peutz d.d. 28 november 2019, kenmerk 0 16235-3-N0
16/17
Ons kenm erk:
2019242862
Bijlage 4 Verzoek opstelling ontwerpbesluit hogere waarden voor het perceel Spoorlaan 125 Teylingen, opgesteld door de gemeente Teylingen, met zaaknummer Z-19-078540
17/17
Bijlage 5 GGD-advies
70
datum betreft telefoon e-mail contactpersoon
29 april 2019 GGD-advies over Spoorlaan 127 te Voorhout 088 - 308 3381 mmk@ggdhm.nl Nina Douqué
Omgevingsdienst West-Holland T.a.v. Susanne van der Laan Postbus 159 2300 AD Leiden
Geachte mevrouw Van der Laan,
Hierbij maakt de GGD gebruik van de gelegenheid om te adviseren over Spoorlaan 127 te Voorhout. Het team MMK heeft de stukken beoordeeld op de volgende gezondheidskundige effecten voor de omwonenden: geluidsoverlast, binnenklimaat en communicatie. Situatiebeschrijving Voor de bouw van een vrijstaande woning in nabijheid van het spoor is de GGD om een gezondheidskundig advies gevraagd. Geluid In het akoestisch onderzoek is berekend dat de gevelbelasting van de zuidoost gevel naar verwachting 69 dB Lden zal bedragen op de 2e bouwlaag van de nieuwe woning. In het rapport wordt tevens gesproken van een stille zijde van 53 dB Lden. Dit mag technisch gezien een geluidluwe zijde heten, maar ook dit is een behoorlijke geluidbelasting. Daarbij dient men ook rekening te houden met het feit dat er geventileerd en gelucht moet worden en dat veel mensen, zeker bij beter weer, de ramen graag open zetten of in de tuin zitten. Geluidsoverlast kan tot gezondheidsklachten leiden, zoals slaapverstoring, hoge bloeddruk, hart- en vaatziekten, stressklachten en kan een negatief effect hebben op het algemeen welbevinden. Uit de literatuur is bekend dat elke toename van 10 dB extra railverkeerslawaai een extra risicotoename van 3% vormt op het ontwikkelen van hartfalen, hoge bloeddruk en hart- en vaatziekten. Daarnaast leidt geluid vaak tot geluidhinder.
Deze hinder wordt niet alleen bepaald door hoe hard het geluid is, maar hangt mede af van de persoon en zijn of haar omstandigheden. Naast geluidhinder kan ook hinder ontstaan door trillingen afkomstig van het spoor. De GGD adviseert richtwaardes van 50 dB(A) Lden en 40 dB(A) Lnight op de gevel om slaapverstoring zoveel mogelijk te beperken. Voor binnen hanteert de GGD een richtwaarde van 33 dB(A) Lden. De verwachte waardes liggen allen hoger dan de GGD als wenselijk acht voor een gevoelige locatie. Daarnaast zullen de wettelijke waardes overschreden worden indien in de toekomst een intensivering van het treinverkeer zou plaatsvinden. Advies De geluidbelasting is op de woning is (veel) hoger dan dat gezondheidskundig wenselijk is. Indien deze woning gerealiseerd wordt adviseren wij om maatregelen te treffen. Dit om zowel de gezondheid te beschermen van de initiatiefnemer als de bewoners die er eventueel in de toekomst komen te wonen.
Pagina 1 van 2
datum betreft telefoon e-mail contactpersoon
29 april 2019 GGD-advies over Spoorlaan 127 te Voorhout 088 - 308 3381 mmk@ggdhm.nl Nina Douqué
Gedacht kan worden aan een combinatie van een grondwal en slim inrichten van de woning. Slaapkamers zouden gerealiseerd moeten worden aan de stillere noordwestzijde. Daarbij kan ook gedacht worden aan slimme constructies als afsluitbare loggia’s, gedeeltelijk afgesloten buitenruimtes of dubbele gevels zodat alle verblijfruimtes te openen delen hebben ten behoeve van ventilatie. Wij raden dan ook aan om een adviesbureau in te schakelen dat mee kan denken over slimme maatregelen zodat een gezond en leefbaar geluidsniveau binnenshuis behaald kan worden. Dit neemt echter nog steeds niet weg dat de geluidsniveaus buiten (als men de buitenruimte direct achter het huis verlaat) en de niveaus binnen de woning als de ramen geopend zijn, aan de hoge kant blijven. Daarom vragen wij ook aandacht voor een stille buitenruimte. Binnenklimaat Mensen zijn circa 70% van de tijd in hun eigen woning. Door zorg te dragen voor een prettige temperatuur, geschikte isolatie en een goede binnenluchtkwaliteit, kunnen gezondheidsklachten die samenhangen met het gebouw worden voorkomen. Het gaat om klachten als vermoeidheid, hoofdpijn, sufheid en slaperigheid. Advies Zelfs al is de luchtkwaliteit buiten voldoende, toch is in veel gebouwen de binnenlucht nog steeds vuiler dan de buitenlucht.
Het blijft belangrijk dat bewoners goed kunnen ventileren, door middel van eenvoudige en bruikbare (stille) ventilatievoorzieningen én ramen die geopend kunnen worden om te luchten. Zonwering en groene daken kunnen voorkomen dat de woning teveel opwarmt in de zomer. Communicatie Door open en duidelijk te communiceren over de hogere geluidsbelasting kan eventuele hinder achteraf voorkomen worden. Op deze manier kunnen toekomstige bewoners een weloverwogen keuze maken. Wij hopen u met dit advies voldoende te hebben geïnformeerd. Mocht u nog vragen hebben, dan kunt u contact opnemen met het team Medische Milieukunde via 088 – 308 3381 of mmk@ggdhm.nl. Met vriendelijke groet, Nina Douqué Beleidsmedewerker Medische Milieukunde Sector Algemene Gezondheidszorg GGD Hollands Midden
Pagina 2 van 2
Bijlage 6 Bodemonderzoek
73
Verkennend bodemonderzoek aan de Spoorlaan naast 127 te Voorhout
Opdrachtgever
:
De heer H. van Gent Spoorlaan 127 2215 KR VOORHOUT
Contactpersoon : Tel :
De heer H. van Gent 06-20241820
Projectnummer Datum
BO19081 17 april 2019
: :
Milieutechniek ZVS Eemnes BV Postbus 49 Noordersingel 22 3755 ZG EEMNES 3755 EZ EEMNES Tel : 035-5387986 E-mail : info@zvs.nl Website : www.zvs.nl
BO19081
Milieutechniek ZVS Eemnes BV
VERKENNEND BODEMONDERZOEK
Projectnummer
:
BO19081
Locatie
:
Spoorlaan naast 127 2215 KR VOORHOUT
Opgesteld door
:
Milieutechniek ZVS Eemnes BV Postbus 49 3755 ZG EEMNES
Rapportstatus
Definitief Naam
Functie
Handtekening
Datum
Opgesteld
Ing. J.M. Heus
Projectleider
17-04-2019
Gecontroleerd
A.W.S. Verdonk, MSc.,
Projectleider
17-04-2019
Vrijgegeven
Drs. A.G. Focke
Bedrijfsleider
17-04-2019
i.o.
17 april 2019
2
BO19081
Milieutechniek ZVS Eemnes BV
INHOUD
bladzijde
1
INLEIDING
4
2
VOORONDERZOEK 2.1 Locatiebeschrijving 2.2 Bodeminformatie 2.3 Geohydrologische situatie 2.4 Conclusie vooronderzoek
5 5 5 6 6
3
ONDERZOEKSOPZET
6
4
ONDERZOEKSMETHODE 4.1 Veldwerk 4.2 Chemisch laboratoriumonderzoek
7 7 7
5
RESULTATEN 5.1 Richtwaarden 5.2 Zintuiglijk 5.3 Grond NEN 5740 5.4 Grondwater
8 8 8 9 9
6
MILIEUHYGIENISCHE KWALITEIT VAN DE BODEM
10
7
CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN
10
BIJLAGEN 1. 2. 3. 4. 5. 6.
Onderzoekslocatie Meetpunten Bodemprofielen Toetsingen Analysecertificaten Bodeminformatie
17 april 2019
3
BO19081
1
Milieutechniek ZVS Eemnes BV
INLEIDING In opdracht van de heer H. van Gent heeft Milieutechniek ZVS Eemnes BV in april 2019 een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd aan de Spoorlaan naast 127 te Voorhout. Dit onderzoek is uitgevoerd in verband met de aanvraag van een omgevingsvergunning ten behoeve van nieuwbouw. Doel van het onderzoek is de grond- en grondwaterkwaliteit op de onderzoekslocatie vast te leggen, teneinde inzicht te verkrijgen of er sprake is van bodemverontreiniging en zo ja, met welke parameters grond en grondwater zijn verontreinigd en of dit een belemmering vormt voor de afgifte van een omgevingsvergunning. In tabel 1 is aangegeven welk bedrijf heeft zorggedragen voor de opzet en uitvoering van het onderzoek conform de normen. Tabel 1:
Bedrijf opzet en uitvoering
Norm
Bedrijf opzet
Protocol
Bedrijf uitvoering (gecertificeerd en erkend )
NEN 5740 1)
Milieutechniek ZVS Eemnes BV
2001
Milieutechniek ZVS Eemnes BV
2002 1
NEN 5740+A1, Bodem - Landbodem - Strategie voor het uitvoeren van verkennend bodemonderzoek - Onderzoek naar de milieuhygiënische kwaliteit van bodem en grond (april 2016);
De chemische analyses zijn uitgevoerd in het, door de Raad van Accreditatie geaccrediteerde, milieulaboratorium van Eurofins Analytico BV te Barneveld. Interpretatie van de chemische analyses is gedaan aan de hand van de Wet Bodembescherming, Circulaire bodemsanering per 1 juli 2013 en de Regeling bodemkwaliteit (1 januari 2015). Getoetst is aan de hand van de Bodem Toets en Validatieservice (kortweg: BoToVa). Daarnaast is gestreefd naar een zo groot mogelijke representativiteit van het onderzoek, het blijft echter toch mogelijk dat lokale afwijkingen in de samenstelling van het bodemmateriaal voorkomen. Tevens wordt erop gewezen dat het uitgevoerde bodemonderzoek een momentopname is. Milieutechniek ZVS Eemnes BV verklaart dat de werkzaamheden volledig onafhankelijk zijn uitgevoerd. Zij heeft geen enkel belang bij de uitslag van het bodemonderzoek. In het navolgende hoofdstuk worden ten aanzien van voornoemde locatie de gegevens van het vooronderzoek beschreven. Hoofdstuk 3 omvat de hypothese van het onderzoek. De hieruit volgende bemonsteringsstrategie wordt in hoofdstuk 4 nader toegelicht. In hoofdstuk 5 worden de analyseresultaten gepresenteerd, welke in het navolgende hoofdstuk worden besproken. Aan de hand van de voorgaande hoofdstukken worden in hoofdstuk 7 uiteindelijk de conclusie(s) en aanbevelingen gegeven omtrent de onderzochte locatie.
17 april 2019
4
BO19081
2
Milieutechniek ZVS Eemnes BV
VOORONDERZOEK 2.1
Locatiebeschrijving
De onderzoekslocatie is gelegen op het perceel van de Spoorlaan 125 en is kadastraal bekend in Voorhout onder sectie A en nummer 5024. De regionale situatie is weergegeven in bijlage 1. Het kadastraal perceel heeft een oppervlak van 4.640 m² en is omschreven als ‘wonen, terrein (teelt - kweek)’. De onderzoekslocatie beslaat maximaal 500 m² van dit perceel en is gesitueerd ten noordoosten van huisnummer 127. De onderzoekslocatie betreft momenteel gazon. De locatie is sinds 1972 bewoond. Uit de rapportages kan worden afgeleid dat in het verleden geen sprake is geweest van opslag of toepassing van bestrijdingsmiddelen. Het voornemen bestaat om ter plaatse een bijgebouw van circa 100 m² ten behoeve van de woning 127 te bouwen. Er zijn geen beperkingen bekend in de Basisregistratie Kadaster of in de Landelijke Voorziening WKPB (bron: Kadaster). 2.2
Bodeminformatie
Bodemfunctie en bodemkwaliteit (Teylingen) De locatie gelegen in bodemfunctieklasse ‘wonen’ . Bodemloket De Spoorlaan 125-127 is vermeld op bodemloket (ZH152509630). Geregistreerd zijn een indicatief (Ibozo) en verkennend bodemonderzoek (BLGG) uit respectievelijk 1997 en 1999. De locatie heeft de status ‘uitvoeren oriënterend onderzoek’. Ook het noordelijk belendende perceel aan de Spoorlaan 131 is op bodemloket vermeld (ZH152509629). Dit adres is in 1997 verkennend onderzocht (Ibozo) en heeft de status ‘voldoende onderzocht’. Omgevingsdienst In navolging van de vermeldingen op bodemloket zijn bij de Omgevingsdienst West-Holland de onderzoekrapportages opgevraagd: - Blgg (401382, d.d. 25 november 1999). Hieruit blijkt dat het perceel altijd agrarisch is gebruikt. Onderzocht is de locatie van de voormalige bovengrondse olietank (2.000 liter), oostelijk van de aanwezige schuur op perceel 125. Hierbij is de bovengrond niet met minerale olie verontreinigd bevonden. Daarentegen is in de ondergrond (0,7-1,0 m-mv) een sterk verhoogd gehalte vastgesteld. Het grondwater is niet met brandstoffen verontreinigd bevonden. Hoewel de ernst en omvang van de verontreiniging met minerale olie niet is vastgesteld, werd gesteld dat de NULsituatie met dit onderzoek was vastgelegd. Dit onderzoek had plaats op geruime afstand van onderhavige onderzoekslocatie; - Ibozo (NL262, d.d. 16 juli 1997).
Dit onderzoek is uitgevoerd ten behoeve van de voorgenomen uitbouw (24 m²) van de Spoorlaan 127. De locatie is beteeld geweest met bloembollen en betrof ten tijde van het onderzoek een siertuin. Geconcludeerd werd dat er geen milieu hygiënische belemmeringen waren voor de geplande uitbouw; - Ibozo (NL2500, oktober 1997). Dit onderzoek is uitgevoerd aan de Spoorlaan 131 en betrof 400 m² te behoeve van een bouwaanvraag. In de bovengrond werd een licht verhoogd gehalte aan kwik (0,24 mg/kgd ds) vastgesteld. In het grondwater werden ethylbenzeen, xylenen en de
17 april 2019
5
BO19081
Milieutechniek ZVS Eemnes BV
fenolindex in lichte mate aangetroffen. De verhogingen werden toegeschreven aan een diversiteit aan bodemsoorten en dat de voorgeschreven rusttijd van een week hiervoor mogelijk niet afdoende was ten behoeve van het herstel van het natuurlijke evenwicht. 2.3
Geohydrologische situatie
De gegevens omtrent de ondergrond zijn verkregen uit eerder uitgevoerde onderzoeken en de Grondwaterkaart van Nederland van de Dienst Grondwater van TNO. De locatie ligt op circa 6 meter boven NAP. De schematische voorstelling van de bodemopbouw is weergegeven in tabel 2. Tabel 2:
Schematische voorstelling van de regionale bodemopbouw
Pakket
Dikte (meter)
Samenstelling
Deklaag
16
Klei, veen en zand
1e watervoerende pakket
20-45
Matig fijn tot grof grindhoudend zand
1e scheidende laag
9
Kleiige en slibhoudende afzettingen
2e watervoerende pakket
Het grondwater ligt op circa 0,8 m-mv. De stromingsrichting van het freatische grondwater is vermoedelijk oostelijk gericht, doch kan onder invloed van nabij gelegen sloten een afwijkende richting hebben. De locatie ligt niet in een grondwaterbeschermingsgebied. 2.4
Conclusie vooronderzoek
De locatie betreft een deel van de tuin. Gezien dit gebruik is bij aanvang van het onderzoek de locatie als ‘onverdacht’ aangemerkt. Gezien het oppervlak van de nieuwbouw ten opzichte van het oppervlak van het totale kadastrale perceel wordt alleen het te bouwen oppervlak onderzocht en directe omgeving hiervan.
3
ONDERZOEKSOPZET In tabel 3 staat de onderzoeksopzet weergegeven. Tabel 3:
Onderzoeksopzet
Strategie ONV
Boringen tot
Peilbuizen
0,5 m-mv
2 m-mv
2
1
1
Analyses Grond
Grondwater
2 x standaard pakket
1 x standaard pakket
Het standaard pakket grond bestaat uit de volgende stoffen: - minerale olie; - polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK 10 van VROM); - polychloorbifenylen (PCB); - de zware metalen: barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, molybdeen, lood, nikkel en zink. Het standaard pakket grondwater bestaat uit: - minerale olie; - vluchtige aromatische koolwaterstoffen (BTEXN) en styreen; - gechloreerde koolwaterstoffen (CKW) en chloorbenzenen; - de zware metalen: barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, molybdeen, lood, nikkel en zink.
17 april 2019
6
BO19081
4
Milieutechniek ZVS Eemnes BV
ONDERZOEKSMETHODE 4.1
Veldwerk
Op 4 april 2019 zijn door de heer W.T. Sukkel van Milieutechniek ZVS Eemnes BV de volgende werkzaamheden uitgevoerd (conform protocol 2001): - Inspectie terrein; - Het uitvoeren van het veldwerk zoals weergegeven in tabel 3; - Het opgeboorde materiaal bemonsteren per bodemsoort in maximale trajecten van 0,5 m; - Het beschrijven van de bodemprofielen en het zintuiglijk beoordelen van het uitkomende materiaal. Het grondwater is op 11 april 2019 door de heer W.T. Sukkel van Milieutechniek ZVS Eemnes BV gepeild en bemonsterd (conform protocol 2002). Voorts zijn van het grondwater de pH, de troebelheid en elektrische geleidbaarheid in het veld bepaald. De meetpunten zijn weergegeven in bijlage 2. De bodemprofielen staan beschreven in bijlage 3. De grondmonsters zijn afzonderlijk verpakt en geconserveerd, waarna ze naar het laboratorium zijn gebracht. Het samenstellen van de mengmonsters is uitgevoerd door het laboratorium. 4.2
Chemisch laboratoriumonderzoek
In totaal zijn 3 grond(meng)monsters en is 1 grondwatermonster ter analyse aangeboden aan het laboratorium. Afwijkingen opzet Vanwege de te onderscheiden bodemtypen (i.e. zand, klei en veen) is van elke bodemtype de kwaliteit vastgelegd. Dit resulteert in 1 analyse meer dan de opzet voorziet. De analyses zoals weergegeven in hoofdstuk 3 zijn uitgevoerd. De analyseresultaten zijn verkregen op certificaatnummers 2019049382 en 2019053837 welke compleet zijn weergegeven in bijlage 5.
17 april 2019
7
BO19081
5
Milieutechniek ZVS Eemnes BV
RESULTATEN Interpretatie van de chemische analyses is gedaan aan de hand van de Wet Bodembescherming, Circulaire bodemsanering per 1 juli 2013 en de Regeling bodemkwaliteit (1 januari 2015). Getoetst is aan de hand van de Bodem Toets en Validatieservice (kortweg: BoToVa). De toetsing is opgenomen in bijlage 4. 5.1
Richtwaarden
Streefwaarde (S) De streefwaarden voor het grondwater geven aan wat het ijkpunt is voor milieukwaliteit op de lange termijn, uitgaande van verwaarloosbare risico’s voor het ecosysteem en gelden als waarde waarboven wel en waaronder geen sprake is van grondwaterverontreiniging. Achtergrondwaarde (AW) De Achtergrondwaarden voor grond zijn vastgesteld op basis van gehalten aan stoffen, zoals deze voorkomen in de bodem van natuur- en landbouwgronden in Nederland die niet zijn belast door lokale verontreinigingsbronnen. Grond die voldoet aan de Achtergrondwaarde is duurzaam geschikt voor elk bodemgebruik en wordt aangeduid als schone of niet verontreinigde grond. Interventiewaarde (I) De interventiewaarden zijn representatief voor het verontreinigingsniveau waaronder een sanering gewoonlijk niet noodzakelijk is. Bij overschrijding van deze waarde dient mogelijk een sanering te worden uitgevoerd. De noodzaak tot saneren is afhankelijk van het gehalte, de omvang van de verontreiniging, wanneer deze is ontstaan en van de risico’s die ten gevolge van de verontreiniging aanwezig zijn. Of sprake is van een ernstige bodemverontreiniging wordt bepaald in een nader onderzoek. Voor een aantal stoffen, zoals zware metalen en organische verbindingen is de toetsing afhankelijk van het gehalte aan organische stof en/of lutum in de bodem. 5.2
Zintuiglijk
In het veld is in de opgeboorde grond het navolgende opgemerkt. Tabel 4:
Zintuiglijke waarnemingen
Boring
Diepte boring (m -mv)
Traject (m -mv)
Grondsoort
Waargenomen bijzonderheden
1
2,80
0,50 - 0,60
-
Volledig tempex
Zintuiglijk zijn geen ongebruikelijke geuren en/of kleuren waargenomen. In het veld is in de opgeboorde grond zintuiglijk geen asbestverdacht materiaal (> 20 mm) aangetroffen. Er is geen aanleiding om de grond (aanvullend) op asbest te onderzoeken.
17 april 2019
8
BO19081
5.3
Milieutechniek ZVS Eemnes BV
Grond NEN 5740
In tabel 5 wordt de monsterselectie gepresenteerd. Tabel 5:
Monsterselectie
Analysemonster
Traject (m -mv)
Deelmonsters
Analysepakket
BG1
0,00 - 0,50
1 (0,00 - 0,50) 2 (0,00 - 0,50) 3 (0,00 - 0,50) 4 (0,00 - 0,50)
Standaard pakket incl. LUOS
OG1
0,70 - 1,75
1 (0,75 - 1,25) 1 (1,25 - 1,75) 4 (0,70 - 1,20) 4 (1,20 - 1,70)
Standaard pakket incl. LUOS
OG2
0,50 - 0,75
1 (0,60 - 0,75) 4 (0,50 - 0,70)
Standaard pakket incl. LUOS
In tabel 6 staat vermeld voor welke stoffen de achtergrondwaarde of interventiewaarde wordt overschreden. Tabel 6:
Overschrijdingstabel grond
Analysemonster
Traject (m -mv)
> Achtergrondwaarde
> Interventiewaarde
BBK monster-conclusie
(+index)
(+index)
(indicatief)
BG1
0,00 - 0,50
Kwik (-) Lood (0,04)
-
Altijd toepasbaar
OG1
0,70 - 1,75
-
-
Altijd toepasbaar
OG2
0,50 - 0,75
-
-
Altijd toepasbaar
-
: Geen overschrijding toetsingswaarden
Index
: (GSSD - AW) / (I - AW)
5.4
Grondwater
In tabel 7 worden de veldmetingen bij de grondwaterbemonstering weergegeven. Tabel 7:
Metingen grondwater
Peilbuis 1 1)
Filterdiepte (m -mv)
Grondwater-stand (m -mv)
1,80 - 2,80 0,79 Het grondwater is troebel van karakter.
pH (-)
EC (µS/cm)
Troebelheid (NTU)
6,8
1090
27,8 1)
In tabel 8 staat vermeld welke overschrijdingen zijn geconstateerd in het grondwater. Tabel 8:
Overschrijdingstabel grondwater
Peilbuis 1
Index
Filterdiepte (m -mv)
> Interventiewaarde
(+index)
(+index)
Zink (0,17) Barium (0,14) Naftaleen (-) : Geen overschrijding toetsingswaarden : (GSSD - S) / (I - S)
17 april 2019
1,80 - 2,80
> Streefwaarde
-
9
BO19081
6
Milieutechniek ZVS Eemnes BV
MILIEUHYGIENISCHE KWALITEIT VAN DE BODEM In mengmonster BG1 van de bovengrond (zand) komen kwik en lood in gehalten boven de achtergrondwaarden voor. In beide mengmonsters van de ondergrond (klei en veen) komen geen overschrijdingen van de richtwaarden voor de geanalyseerde stoffen voor. In het grondwater worden de streefwaarde overschreden voor barium, zink en naftaleen.
7
CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN In opdracht van de heer H. van Gent heeft Milieutechniek ZVS Eemnes BV in april 2019 een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd aan de Spoorlaan naast 127 te Voorhout. Gedurende onderhavig onderzoek zijn in de bovengrond lichte verhogingen aan kwik en lood vastgesteld. Echter, kwik werden in 1997 ook in licht mate op het belendende perceel aan de Spoorlaan 131 aangetroffen. Hoewel door het aantreffen van lichte verhogingen in de bovengrond de hypothese ‘onverdacht’ komt te vervallen, is een nader onderzoek niet noodzakelijk. De gehalten in de bovengrond voldoen aan de bestemming van het perceel (i.e. wonen). De ondergrond is niet verontreinigd bevonden. Daarentegen komen in het grondwater wel lichte verontreinigingen met barium, zink en naftaleen voor. Van barium is bekend dat deze vaker in deze mate in het grondwater voorkomt. In het veld is in de opgeboorde grond zintuiglijk geen asbestverdacht materiaal (> 20 mm) aangetroffen. Er is geen aanleiding om de grond (aanvullend) op asbest te onderzoeken. Er zijn, ons inziens, geen milieutechnische belemmeringen voor nieuwbouw op het perceel. Wel dient u rekening te houden met het feit dat de toepassing van (licht verontreinigde) grond aan beperkingen onderhevig is.
Indien gedurende nieuwbouw grond vrijkomt en niet op de onderzoekslocatie kan worden verwerkt, dient de grond te worden voorzien van een kwaliteitsverklaring conform het Besluit bodemkwaliteit, dan wel te worden aangeboden aan een erkende verwerker. Wij adviseren u om onderhavig onderzoeksrapport te voegen bij de aanvraag omgevingsvergunning.
17 april 2019
10
BIJLAGE 1 - Onderzoekslocatie -
Omgevingskaart
Klantreferentie: bo19081
0m
125 m
Deze kaart is noordgericht. Hier bevindt zich Kadastraal object Voorhout A 5024 Spoorlaan 125, 2215KR Voorhout CC-BY Kadaster.
625 m
Schaal 1: 12500
BIJLAGE 2 - Meetpunten -
4042
12
Spoorlaa n
5024
7
0m
3820
125
10 m
BIJLAGE 3 - Bodemprofielen -
Legenda (conform NEN 5104) grind
klei
geur
Grind, siltig
Klei, zwak siltig
Grind, zwak zandig
Klei, matig siltig
geen geur zwakke geur matige geur sterke geur
Grind, matig zandig
Klei, sterk siltig
Grind, sterk zandig
Klei, uiterst siltig
Grind, uiterst zandig
Klei, zwak zandig
uiterste geur
olie geen olie-water reactie zwakke olie-water reactie matige olie-water reactie sterke olie-water reactie Klei, matig zandig
Klei, sterk zandig
zand
uiterste olie-water reactie
p.i.d.-waarde >0
Zand, kleiïg
>1 >10 Zand, zwak siltig
>100
leem
>1000
Zand, matig siltig
Leem, zwak zandig
>10000
Zand, sterk siltig
Leem, sterk zandig
monsters geroerd monster
Zand, uiterst siltig
overige toevoegingen zwak humeus
veen Veen, mineraalarm
matig humeus
ongeroerd monster volumering
overig bijzonder bestanddeel
Veen, zwak kleiïg
sterk humeus
Gemiddeld hoogste grondwaterstand grondwaterstand
Veen, sterk kleiïg
zwak grindig
Veen, zwak zandig
matig grindig
Veen, sterk zandig
sterk grindig
Gemiddeld laagste grondwaterstand slib
water
peilbuis blinde buis
casing
hoogste grondwaterstand gemiddelde grondwaterstand laagste grondwaterstand
bentoniet afdichting
filter
Projectcode: BO19081
Milieutechniek ZVS Eemnes BV
Meetpunt: 1
Meetpunt: 2
Datum: 04-04-2019
Datum: 04-04-2019
0
0 1
gras Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, sporen schelpen, grijsbruin, Edelmanboor
50
50 2
60
Edelmanboor, tempex
75
Klei, grijs, Edelmanboor
0
0 1
gras Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, sporen schelpen, grijsbruin, Edelmanboor
50
50
Veen, bruin, Edelmanboor 100
3
150
4
200
250
260 280
Meetpunt: 3
Meetpunt: 4
Datum: 04-04-2019
Datum: 04-04-2019
0
0 1 50
Zand, matig fijn, zwak siltig, grijs, Edelmanboor
gras Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, sporen schelpen, grijsbruin, Edelmanboor
50
0
0 1
gras Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, sporen schelpen, grijsbruin, Edelmanboor
50
50 2
70
Klei, grijs, Edelmanboor Veen, bruin, Edelmanboor
100
150
3
4 170
Voorhout ,Spoorlaan naast 127
BIJLAGE 4 - Toetsingen -
Tabel 1: Gemeten gehalten in grond met beoordeling conform de Wet Bodembescherming Grondmonster Certificaatcode Boring(en) Traject (m -mv) Humus Lutum Datum van toetsing Monsterconclusie
% ds % ds
BG1 2019049382 1, 2, 3, 4 0,00 - 0,50 2,70 2,70 17-4-2019 Voldoet aan Achtergrondwaarde Meetw GSSD Index
METALEN Barium Cadmium Kobalt Koper Kwik Molybdeen Nikkel Lood Zink
mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds
<20 <0,2 <3 12 0,12 <1,5 5,1 46 30
<50 (6) <0,2 <7 24 0,17 <1,1 14,1 71 68
PAK Naftaleen Anthraceen Fenanthreen Fluorantheen Chryseen Benzo(a)anthraceen Benzo(a)pyreen Benzo(k)fluorantheen Indeno-(1,2,3-c,d)pyreen Benzo(g,h,i)peryleen PAK 10 VROM
mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds
<0,05 <0,05 <0,05 <0,05 <0,05 <0,05 <0,05 <0,05 <0,05 <0,05
<0,04 <0,04 <0,04 <0,04 <0,04 <0,04 <0,04 <0,04 <0,04 <0,04 <0,35
-0,03
PCB's
mg/kg ds
<0,018
-0
OVERIG Droge stof Lutum Organische stof (humus) Gloeirest
% m/m % % % (m/m) ds
83,7 2,7 2,7 97,1
83,7 (6)
MINERALE OLIE Minerale olie Minerale olie C12 - C16 Minerale olie C10 - C12 Minerale olie C16 - C21 Minerale olie C21 - C30 Minerale olie C30 - C35 Minerale olie C35 - C40
mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds
<35 <5 3,7 <5 <11 5,5 <6
<91 13 (6) 13,7 (6) 13 (6) 29 (6) 20,4 (6) 16 (6)
< 8,88 8,88 8,88 41 6 GSSD Index
-0,03 -0,05 -0,11 0 -0 -0,32 0,04 -0,12
Projectcode: BO19081
31 <0,2 4 12 0,15 <1,5 14 28 <20
72 (6) <0,1 9 9 0,14 <1,1 28 22 <13
<0,05 <0,05 <0,05 <0,05 <0,05 <0,05 <0,05 <0,05 <0,05 <0,05
<0,01 <0,01 <0,01 <0,01 <0,01 <0,01 <0,01 <0,01 <0,01 <0,01 <0,12
-0,02
-0,04 -0,03 -0,21 -0 -0 -0,11 -0,06 -0,22
OG2 2019049382 1, 4 0,50 - 0,75 18,60 19,90 17-4-2019 Voldoet aan Achtergrondwaarde Meetw GSSD Index
61 <0,2 5,8 <5 0,08 <1,5 19 27 39
73 (6) <0,1 6,9 <3 0,08 <1,1 22 26 40
-0,04 -0,05 -0,25 -0 -0 -0,2 -0,05 -0,17
<0,05 <0,05 <0,05 <0,05 <0,05 <0,05 <0,05 <0,05 <0,05 <0,05
<0,02 <0,02 <0,02 <0,02 <0,02 <0,02 <0,02 <0,02 <0,02 <0,02 <0,19
-0,03
-0,04
<0,0016 -0,02
19,5 7,4 51,5 48
: kleiner dan de detectielimiet : <= Achtergrondwaarde : <= Interventiewaarde : > Interventiewaarde : Verhoogde rapportagegrens geconstateerd door BoToVa service : Heeft geen normwaarde : Gestandaardiseerde meetwaarde : (GSSD - AW) / (I - AW) - Getoetst via de BoToVa service, versie 3.0.0 -
OG1 2019049382 1, 1, 4, 4 0,70 - 1,75 51,5 7,40 17-4-2019 Voldoet aan Achtergrondwaarde Meetw GSSD Index
<140 <20 17 22 <44 28 <24
19,5 (6)
33 (41) 5 (6) 6 (6) 7 (6) 10 (6) 9 (6) 6 (6)
-0,03
<0,0026 -0,02
63,7 19,9 18,6 80
63,7 (6)
<35 <5 <3 <5 <11 5,8 <6
<13 2 (6) 1 (6) 2 (6) 4 (6) 3,1 (6) 2 (6)
-0,04
Tabel 2: Normwaarden conform de Wet Bodembescherming AW
WO
IND
I
METALEN Cadmium Kobalt Koper Kwik Molybdeen Nikkel Lood Zink
mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds
0,6 15 40 0,15 1,5 35 50 140
1,2 35 54 0,83 88 39 210 200
4,3 190 190 4,8 190 100 530 720
13 190 190 36 190 100 530 720
PAK 10 VROM