9. Bijlage IX - Quickscan natuurtoets - VAB-terrein - update d.d. 8-10-2024.pdf - Bijlage IX - Quic
Tekst van het document
Om negatieve effecten op eventueel in de omgeving broedende categorie 5-soorten te voorkomen worden de werkzaamheden bij voorkeur buiten het broedseizoen uitgevoerd of ruim voor aanvang van het broedseizoen gestart. De werkzaamheden mogen plaatsvinden, zo lang er maar geen broedvogels verstoord worden. Het verdient aanbeveling om in de nieuw te realiseren bebouwing faunavoorzieningen te integreren, zoals nestkasten voor koolmees, pimpelmees en spreeuw. Vaste rust- en verblijfplaatsen en nestlocaties van overige jaarrond beschermde vogelsoorten worden niet verwacht door het ontbreken van geschikte broedgelegenheden. Specifieke zorgplicht: Soorten Rode Lijst De NDFF vermeldt voor het plangebied en de directe omgeving een aantal Rode Lijst soorten. In het plangebied zelf is geschikte nestgelegenheid voor een enkele Rode lijstsoort als gele kwikstaart, kneu, nachtegaal en spotvogel aanwezig. Om negatieve effecten op eventueel in de omgeving broedende Rode Lijst soorten te voorkomen worden de werkzaamheden bij voorkeur buiten het broedseizoen uitgevoerd of ruim voor aanvang van het broedseizoen gestart. Bij de herinrichting van het terrein kan men, door het nemen van maatregelen, rekening houden met de te verwachten Rode Lijst soorten.
Denk hierbij aan gebruik van inheemse boom- en struiksoorten in (nieuwe) beplantingen en het inzaaien van randen met een inheems bloemmengsel (‘akkerrandmengsel’), geschikt voor de lokale omstandigheden en passend in het landschap.
Pagina 28
Grondgebonden zoogdieren Wettelijk: Beschermde soorten In het plangebied is geen geschikt leefgebied voor beschermde grondgebonden zoogdieren aanwezig. Het uitvoeren van een aanvullend onderzoek of het aanvragen van een omgevingsvergunning in het kader van de Omgevingswet is niet noodzakelijk. Specifieke zorgplicht: Soorten Rode Lijst In het plangebied is geschikt leefgebied aanwezig voor de Rode Lijst genoteerde haas en konijn. De werkzaamheden mogen plaatsvinden, zo lang er maar geen exemplaren van haas en konijn gedood worden. Bij de herinrichting van het terrein kan men verder, door het nemen van maatregelen, rekening houden met haas en konijn. Denk hierbij aan aanplant van beplantingen en het inzaaien van randen met een inheems bloemmengsel (‘akkerrandmengsel’), geschikt voor de lokale omstandigheden en passend in het landschap. Vleermuizen Wettelijk: Beschermde soorten Nader onderzoek naar gebouwbewonende vleermuizen is noodzakelijk, aangezien er door de geplande werkzaamheden mogelijk verblijfplaatsen verloren gaan. Het Vleermuisprotocol 2021 adviseert om bij het vermoeden op kraam-, zomer-, en paarverblijfplaatsen van de te verwachten soorten (gewone dwergvleermuis, ruige dwergvleermuis en laatvlieger) gericht vleermuisonderzoek uit te voeren middels 5 veldbezoeken.
Het gaat hierbij om 3 veldbezoeken in de periode 15 mei – 15 augustus, waarvan 2 avondbezoeken in de kraamperiode (15 mei - 15 juli) en ten minste 1 ochtendbezoek, en 2 avondbezoeken in de periode 15 augustus – 1 oktober, waarbij minimaal één veldbezoek rond middernacht (ruige dwergvleermuis). Aanwezigheid van een massawinterverblijfplaats van de gewone dwergvleermuis is uit te sluiten. Realisatie van nieuwe gebouwen biedt kansen voor gebouwbewonende vleermuizen. Door faunavoorzieningen (zoals inbouwkasten voor vleermuizen) toe te passen in de constructie kunnen duurzame verblijfplaatsen voor deze soorten worden gecreëerd. Specifieke zorgplicht: Soorten Rode Lijst Rode Lijst vleermuizen zijn ook altijd al wettelijk beschermd en komen hierboven al aan bod. Amfibieën Wettelijk: Beschermde soorten Het voorkomen van de internationaal beschermde rugstreeppad is op het VAB-terrein, op het opslagterrein en mogelijk ook op de landbouwgronden niet op voorhand uit te sluiten. Aanvullend onderzoek is noodzakelijk op te bepalen of deze soort voorkomt in het plangebied of binnen de invloedsfeer van de geplande ruimtelijke ingrepen.
Pagina 29
Rugstreeppad Om vast te stellen of de soort aanwezig is dient conform het Soortinventarisatieprotocol van het Netwerk Groene Bureaus, 3 maal in de periode 15 april – 1 juni en 15 juni – 1 augustus, met minimaal één bezoek in de periode 15 april – 1 juni, naar kooractiviteit geluisterd. Overige amfibieënsoorten Gezien het ontbreken van geschikt leefgebied zijn overige beschermde amfibieën, met uitzondering van enkele algemene soorten als bastaardkikker, bruine kikker, gewone pad, kleine watersalamander en meerkikker, niet te verwachten in het plangebied. Voor deze soorten geldt in de provincie Zuid-Holland automatisch de vrijstellingsregeling bij ruimtelijke ingrepen. Het uitvoeren van een aanvullend onderzoek of het aanvragen van een ontheffing is niet noodzakelijk voor deze soorten. Ook voor deze amfibieënsoorten geldt de algemene zorgplicht. Deze zorgplicht houdt in dat de initiatiefnemer passende maatregelen neemt om schade aan aanwezige soorten te voorkomen of zoveel mogelijk te beperken. Hierbij gaat het bijvoorbeeld om het niet verontrusten of verstoren in de kwetsbare perioden zoals de winterslaap en de voortplantingstijd. De zorgplicht geldt altijd en voor alle planten en dieren, of ze beschermd zijn of niet, en in het geval dat ze beschermd zijn ook als er een ontheffing of vrijstelling is verleend.
Specifieke zorgplicht: Soorten Rode Lijst De Rode Lijst genoteerde rugstreeppad is hierboven al behandeld. Reptielen en vissen Wettelijk: Beschermde soorten Gezien het ontbreken van geschikt leefgebied zijn beschermde reptielen en vissen uitgesloten. Aanvullend onderzoek naar het voorkomen van beschermde reptielen en vissen en/of het aanvragen van een omgevingsvergunning is niet noodzakelijk. Specifieke zorgplicht: Soorten Rode Lijst Gezien het ontbreken van geschikt leefgebied zijn reptielen- en vissensoorten van de Rode Lijst niet te verwachten in het plangebied. Het treffen van maatregelen in het kader van de specifieke zorgplicht is niet noodzakelijk. Ongewervelde dieren Wettelijk: Beschermde soorten Gezien het ontbreken van geschikt leefgebied zijn, met uitzondering van de platte schijfhoren, beschermde ongewervelde diersoorten uitgesloten. Aanvullend onderzoek naar het voorkomen van overige beschermde ongewervelde diersoorten en/of het aanvragen van een omgevingsvergunning is niet noodzakelijk.
Pagina 30
Platte schijfhoren Onderzoek naar het voorkomen van de platte schijfhoren is mogelijk door middel van analyse van watermonsters op DNA van de soort. Environmental DNA (eDNA) monitoring is een vorm van inventarisatie-onderzoek die gebaseerd is op het gegeven dat alle organismen sporen van DNA achterlaten in de omgeving waar ze leven. Deze methode is bij uitstek geschikt voor in het water levende organismen, waarbij uniek eDNA van de doelsoort in een watersample de aanwezigheid van de doelsoort aantoont. Binnen het plangebied worden per 100 strekkende meter watergang subsamples verzameld. Vervolgens wordt het verzamelde materiaal geanalyseerd door een gespecialiseerd onderzoeksbureau met de qPCR-methode (voor soortgerichte onderzoeken). Het verzamelen van eDNA van de platte schijfhoren kan jaarrond worden uitgevoerd, maar de beste periode is de zomer en het najaar. Specifieke zorgplicht: Soorten Rode Lijst In het plangebied is geschikt leefgebied aanwezig voor het Rode Lijst genoteerde bruin blauwtje. Bij de herinrichting van het terrein kan men, door het nemen van maatregelen, rekening houden met bruin blauwtje. Denk hierbij aan het inzaaien van randen met een inheems bloemmengsel, geschikt voor de lokale omstandigheden en passend in het landschap.
4.4
Conclusie soortenbescherming
Uit de quickscan natuurtoets blijkt dat voor de geplande flora- en fauna-activiteit, bestaande uit het slopen van enkele gebouwen en installaties, aanvullend onderzoek in het kader van de Omgevingswet noodzakelijk is voor de volgende soort(groep)en: • • •
Vleermuizen (vaste rust- en verblijfplaatsen gebouwbewonende soorten); Rugstreeppad Platte schijfhoren
Voor elke flora- en fauna-activiteit geldt de specifieke zorgplicht. In het kader hiervan moet voor het plangebied verder rekening gehouden worden met broedvogels, overige grondgebonden zoogdieren als haas en konijn, amfibieën en bruin blauwtje. Stand van zaken aanvullend onderzoek: - Het onderzoek naar vleermuizen en rugstreeppad is reeds in 2022 uitgevoerd (SA rapport 2518). Uit dit onderzoek blijkt dat bij de herinrichting van het VAB-terrein zomerhabitat en winterverblijfplaatsen verloren gaan. Daarnaast kan het verstoren, verwonden en doden van rugstreeppadden niet volledig uitgesloten worden tijdens het uitvoeren van de werkzaamheden. Derhalve is het aanvragen van een vergunning voor een flora- en fauna
Pagina 31
activiteit en het opstellen van een activiteitenplan ten aanzien van de rugstreeppad noodzakelijk. - Het onderzoek naar de platte schijfhoren wordt in oktober 2024 uitgevoerd.
Pagina 32
Literatuurlijst Kennisdocumenten - Bij12 (2017). Kennisdocument Gewone dwergvleermuis. BIJ12, versie 1.0, juli 2017. - Bij12 (2017). Kennisdocument Das. Bij12, versie 1.0, Utrecht. - Bij12 (2017). Kennisdocument Buizerd. Bij12, versie 1.0, Utrecht. - Bij12 (2023). Kennisdocument Gierzwaluw. BIJ12, versie 2.0, juli 2023. - Bij12 (2023). Kennisdocument Huismus. BIJ12, versie 2.0, februari 2023. - NGB (2023). Soortinventarisatieprotocollen in het kader van de Wet natuurbescherming.
Websites - https://ndff-ecogrid.nl/uitvoerportaal - https://www.bij12.nl/onderwerpen/natuur-en-landschap/informatieproducten-natuur/informatiekaartnatuur - https://www.natura2000.nl/gebieden - https://minez.nederlandsesoorten.nl/content/habitatrichtlijn - https://minez.nederlandsesoorten.nl/content/vogelrichtlijn - https://iplo.nl/thema/natuur/bescherming-soorten/soorten-dieren-planten-nationaal-belang/ - https://minlnv.nederlandsesoorten.nl/content/rode-lijsten - https://www.sovon.nl - https://www.vogelbescherming.nl - https://www.vlinderstichting.nl - https://www.nederlandsesoorten.nl/
Pagina 33
Bijlagen 1 2
Impressie plangebied Natuurbescherming onder de Omgevingswet
Pagina 34
Bijlage 1 Impressie plangebied VAB-terrein
Pagina 35
Landbouwgronden
Pagina 36
Opslagterrein met woonhuis
Pagina 37
Bijlage 2 Natuurbescherming onder de Omgevingswet
Pagina 38
Staring Advies Jonker Emilweg 11 6997 CB Hoog-Keppel T 0314 641 910 info@staringadvies.nl
Pagina 39