CConstaterende datTeylingen
Koppel je AI →
Document · PDF

3. Nota beantwoording zienswijzen en ambtshalve wijzigingen Nieuw Boekhorst

Gemeenteraad 1 februari 2024, gemeente TeylingenBij agendapunt: Bestemmingsplan ‘Bestemmingsplan Nieuw Boekhorst, Voorhout’16.068 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Hoewel werken zonder overlast te veroorzaken niet mogelijk is, kunnen er wel maatregelen op de verschillende BLVC-gebieden genomen worden om de hinder acceptabel te maken. Daarbij zijn er in de APV ook regels opgenomen met betrekking tot de bouw waaraan de BLVC ook aan moet voldoen. Voor nu wordt dit ter kennisgeving aangenomen en bij de uitwerking van BLVC-plan wordt dit verder opgepakt. 2.7.2 Geluidoverlast - bouwen De indieners stellen dat er in het ontwerpbestemmingsplan geen rekening is gehouden met geluidsoverlast en de impact daarvan op de leefbaarheid van de wijk gedurende de bouwfase. Verder wordt er aangegeven dat er ruimhartig wordt omgegaan met de wettelijke geluidsnormering van railverkeer maar geven aan dat de (geluid)overlast van de gehele bouwperiode ontbreekt en welke gevolgen nog meer kunnen worden ervaren. De indieners stellen dat zij jarenlang geconfronteerd zullen worden met de (geluid)overlast van de indieners stellen voor dat het starten van luidruchtige bouwwerkzaamheden, zoals heien, niet voor 8:00 moeten plaatsvinden om de ochtendrust van de bewoners te respecteren. Reactie gemeente Teylingen Zie antwoord onder 2.7.1. 2.7.3 Schade door bouwwerkzaamheden De indieners vrezen voor schade door de bouw van nieuwe woningen. Zij denken hierbij aan verzakking van omliggende panden en scheurvorming.

Bladzijde 22 van 42

Nota van beantwoording zienswijzen bestemmingsplan ‘Chw BP Nieuw Boekhorst, Voorhout’

Reactie gemeente Teylingen Zie antwoord in paragraaf 2.7.1 Ter aanvulling daarop wordt dit aspect, indien noodzakelijk, in het kader van de aanvraag omgevingsvergunning bouwen nader bepaald. Conclusie Er zijn geen aanpassingen nodig voor het vast te stellen bestemmingsplan.

2.8 Groenvoorziening (groenstrook 85 m ) De indieners stellen dat er door de gemeente en de ontwikkelende partijen tijdens een digitale informatiebijeenkomst in 2020 een toezegging is gedaan over het aanhouden van een bebouwingsvrije zone van 85 meter tussen bestaande bebouwing en toekomstige bebouwing, met de gedachte dat er een groene zone is om de nieuwe wijk ten opzichte van de bestaande wijk van een goede landschappelijke inpassing te voorzien. De indieners vinden het niet uit te leggen waarom dit wel op een andere locatie komt met het geplande Boekenburgerbos, maar dat de toekomstige bebouwing op andere plekken direct tot aan de achtertuin mag komen. De indieners stellen dat er geen gevolg is gegeven aan deze toezegging en vragen zich af waarom daarvoor gekozen is. De indieners verzoeken om in het eindvoorstel langs de gehele plangrens een robuuste groenzone met afschermende werking en ruimte voor natuur en water, waaronder eilandjes met afschermende en ecologische werking in de Molentocht, wel op te nemen. Reactie gemeente Teylingen Het Boekenburgbos is onderdeel geweest in de totstandkoming van de ‘Gebieds- en beeldkwaliteitsvisie, Nieuw Boekhorst’ waarbij dit meermaals is behandeld tijdens de Webinars, meedenktafels en enquêtes.

Zie hiervoor ook de participatie paragraaf 7.2.1 De gemeente herkent zich niet in de toezegging dat er een groenstrook van 85 meter over de gehele lengte en breedte tussen het woongebied Nieuw Boekhorst en de bestaande woningen wordt gerealiseerd. Een dergelijk groenstrook met deze breedte is bedoeld ter plaatse van het Boekenburgbos. Mogelijk is hier tijdens de participatietrajecten verwarring over ontstaan. In het bestemmingsplan is met een directe bestemming “Groen” en “Water’’ het landschappelijk raamwerk bestaande uit hoofdwater- en groenstructuur bestemd. Dit geldt ook voor het Boekenburgbos. Conclusie Er zijn geen aanpassingen nodig voor het vast te stellen bestemmingsplan.

Bladzijde 23 van 42

Nota van beantwoording zienswijzen bestemmingsplan ‘Chw BP Nieuw Boekhorst, Voorhout’

3

Zienswijzen

3.1 Overige punten - Zienswijze 1 3.1.1 Discrepantie bestemmingsplan en de opmerkingen van de projectontwikkelaars De indieners stellen dat er een discrepantie is tussen het (onvolledige) bestemmingsplan en de opmerkingen van de projectontwikkelaars. Zo worden volgens de indieners de haven geschikt wordt voor ‘plezierjachten’ terwijl er volgens de indieners nauwelijks ruimte is voor een bescheiden sloep. Ook wordt door de indieners gesteld dat de overlast van het vliegverkeer naar Schiphol niet in de communicatie van Nieuw Boekhorst zijn opgenomen, hoewel dit wel door de regionale media wordt gesteld van de aanwezigheid hiervan, waarbij ook meerdere meldingen gemaakt zijn bij zowel het Meldpunt (Bezoekbas) als de Omgevingsdienst West-Holland. De indieners zien dit als uitgerekende kans voor de projectontwikkelaars iets mee te doen maar volgens de indieners gaat de verkoop van de woning voor. Reactie gemeente Teylingen De benoemde onderdelen hebben geen betrekking tot het bestemmingsplan, hierdoor worden deze opmerkingen niet samengevat en niet van een beantwoording voorzien. Ter aanvulling hierop is de term jachthaven uitsluitend gebruikt als juridisch term. Maar de planregels begrenzen het gebruik- en bebouwingsmogelijkheden dermate dat er sprake is van een passantenhaven. De passantenhaven is ook zo bedoeld in de ‘Gebieds- en beeldkwaliteitsvisie, Nieuw Boekhorst’.

In de toelichting van het bestemmingsplan wordt in paragraaf 3.2 ook uitgelegd wat er mogelijk is de haven. De te realiseren haven in Nieuw Boekhorst betreft een kleinschalige haven voor pleziervaartuigen waarbij ruimte is voor (kleine) plezier vaartuigen en commerciële functies. En ter aanvulling wordt voor vliegverkeer verwezen naar 2.6.4.3 geluid. 3.1.2 Energietransitie De indieners stellen dat de komst van de nieuwbouwwijk aanleiding had moeten vormen om de energietransitie beleidsmatig vorm en richting te geven. Dit vinden de indieners een gemiste kans. Reactie gemeente Teylingen Aardwarmte blijkt een goede potentie te hebben als warmtebron in de Duin- en Bollensteek. Door de schaal van deze potentie onderzoeken de gemeenten gezamenlijk of vraag en aanbod van warmte bij elkaar kunnen komen en waar dat kan. Dat doen zij samen met de initiatiefnemer van de aardwarmtebron (Aardwarmte Rijnland) en een mogelijke transporteur van warmte (Firan). Vragen die hierbij spelen gaan over de rolneming van partijen (mede afhankelijk van nog ontbrekende wetgeving (eigendom, beheer, exploitatie, risico’s etc.), afstemming vraag en aanbod, kostenvraagstuk, haalbaarheid per wijk of gebied en de ruimtelijke inpassing van het netwerk.

Bladzijde 24 van 42

Nota van beantwoording zienswijzen bestemmingsplan ‘Chw BP Nieuw Boekhorst, Voorhout’ De ontwikkeling van Nieuw Boekhorst en de aardwarmtebron lopen qua tijd niet synchroon. Zo start de realisatie van Nieuw Boekhorst nog voordat er duurzame warmte geleverd kan worden. Deze onzekerheid speelt een rol bij het nog niet toe kunnen passen van aardwarmte in Nieuw Boekhorst. Per deelfase zal de casus wel onderdeel van gesprek blijven. Dit thema wordt in het kader van de verdere uitwerking van de bouwplannen verder uitgewerkt / ontworpen. 3.1.3 Boekenburger Bos De indieners stellen dat het Boekenburger Bos geen keuze is van de huidige bewoners. Zij stellen dat het een bescheiden groenzone is, met hier en daar wat bomen, en dat de optie van meer groen in de nieuwe wijk niet aansluit met de wens van de indieners voor een dorpspark. Zij stellen dat het dorpspark als overgang tussen het versteende Voorhout en de nieuwbouwwijk duidelijk in meerderheid werd ondersteund vanaf het eerste webinar en daar bijbehorende enquête. Reactie gemeente Teylingen Zie hiervoor de beantwoording bij paragraaf 2.3 en 2.8. Conclusie Er zijn geen aanpassingen nodig voor het vast te stellen bestemmingsplan.

3.2 Overige punten - Zienswijze 2 3.2.1 Bouwhoogte archeologisch gebied De indiener verzoekt om de “bouwmogelijkheden” op de bestemming archeologisch gebied niet te beperken door de bouwhoogte tot 3 meter. Zij verzoeken om de bouwhoogte tot 10 meter te verhogen om de mogelijkheid voor het zichtbaar maken van de oorspronkelijke bebouwing van Slot Boekenburg open te houden en niet verder te belemmeren. Zij stellen dat de mogelijkheid voor bijvoorbeeld het maken van een uitzichtpunt, klimtoren of het zichtbaar maken van oorspronkelijke bebouwing open moet zijn. Reactie gemeente Teylingen In het bestemmingsplan is een bouwhoogte van 5 meter aangehouden en geen 3 meter zoals aangegeven wordt door de indiener. Verder is in de werkgroep Boekenburgbos de ingediende zienswijze besproken. Uit deze werkgroep is naar voren gekomen dat de beoogde hoogte van 5 meter voldoende is en geen aanpassing benodigd is voor het vast te stellen bestemmingsplan. Conclusie Er zijn geen aanpassingen nodig voor het vast te stellen bestemmingsplan.

3.3 Overige punten - Zienswijze 3 3.3.1 Bouwhoogte Bouwaanduiding: specifieke bouwaanduiding gestapeld - 9

Bladzijde 25 van 42

Nota van beantwoording zienswijzen bestemmingsplan ‘Chw BP Nieuw Boekhorst, Voorhout’ De indiener stelt dat de hoogte van de bouwaanduiding: specifieke bouwaanduiding gestapeld – 9, 18,5 meter is. De indiener vindt deze hoogte zodanig dat dit hoog boven de eengezinswoningen uitsteekt aan de Boekenburglaan. Volgens de indiener is er geen sprake van aansluiting aan bestaande bebouwing en het zicht vanaf de Boekenburglaan in sterke mate beperkt wordt (horizonvervuiling). Deze hoogte geeft volgens de indiener zicht op bestaande woningen, waarmee de privacy van de bewoners volgens de indiener sterk aangetast wordt. Het ‘bos’ dat tussen dit gebouw en de Boekenburglaan komt, is volgens de indiener niet voldoende aangezien het volgens de indiener minstens 20 jaar zal duren voordat de bomen een flinke hoogte bereiken en een hoogte van 18,5 meter waarschijnlijk niet gaan halen. De indiener vraagt om de bouwhoogte van het gebouw met bouwaanduiding gestapeld – 9 te verlagen van 5 naar 4 lagen en een ander gebouw met 1 laag te verhogen. De indiener stelt voor om het gebouw met bouwaanduiding gestapeld – 3 met 1 laag te verhogen. Reactie gemeente Teylingen De gemeente heeft de vrijheid om een zorgvuldige afweging te maken om te bepalen waar welk onderdeel komt. Vaak gaat dit gepaard met een participatietraject om samen met de burgers tot een gewenst resultaat te komen.

Door deze beleidsvrijheid en het voorafgaande participatietraject heeft de gemeente met de ontwikkelende partijen de ‘Gebieds- en beeldkwaliteitsvisie, Nieuw Boekhorst’ opgesteld. Deze visie is vastgesteld door de raad op 30 juni 2022. In de visie is aangegeven dat door een goede spreiding en zorgvuldige keuze van de hoogtes van bebouwing in relatie tot de naastgelegen woningen ervoor wordt gezorgd dat het dorpse karakter gehandhaafd blijft. De locaties liggen daarmee op hoofdlijnen vast. Dat geldt ook voor de hoogte van de locatie bouwaanduiding gestapeld – 9. De opgenomen hoogte in het bestemmingsplan ligt in de lijn met het aantal lagen van het appartementencomplex dat op deze locatie in de ‘Gebieds- en beeldkwaliteitsvisie, Nieuw Boekhorst’ is beoogd. Verder is het de appartementencomplex ter plaatse van “specifieke bouwaanduiding gestapeld – 9” op ongeveer 150 meter afstand van de reeds bestaande woningen gesitueerd, waar tussenin nog nieuwe woningen en het Boekenburgbos worden gerealiseerd. Hierdoor wordt voor een deel het zicht ook ontnomen van de bestaande woningen op de nieuwbouw en het appartementencomplex ter plaatse van “specifieke bouwaanduiding gestapeld – 9”. Er wordt daarmee geen aanleiding gezien om de bouwhoogte van het appartementencomplex op deze locatie te verlagen. Conclusie Er zijn geen aanpassingen nodig voor het vast te stellen bestemmingsplan.

3.4 Overige punten - Zienswijze 4 3.4.1 Recht van overpad De indieners stellen dat het ontwerpbestemmingsplan geen duidelijkheid geeft over het recht van overpad bij het perceel van Boekenburglaan 65. Reactie gemeente Teylingen

Bladzijde 26 van 42

Nota van beantwoording zienswijzen bestemmingsplan ‘Chw BP Nieuw Boekhorst, Voorhout’ Het recht van overpad bij Boekenburglaan 65 is een privaatrechtelijke kwestie tussen verschillende partijen. Het bestemmingsplan ziet niet toe op deze privaatrechtelijke afspraken inzake het gebruik van aangrenzende gronden. Wel ziet het bestemmingsplan toe op het planologisch mogelijk maken van de bestaande erfontsluiting zowel richting Boekenburglaan 61 als richting de bestaande overtuinen. Het gaat daarbij om toelatingsplanologie. Waarbij de ontsluiting planologisch wordt toegestaan maar niet wordt verplicht. Tenzij privaatrechtelijk anders is vastgelegd. Daar ziet het bestemmingsplan niet op toe. De planregels van het bestemmingsplan artikel 3, lid 3.3 worden hierop aangepast. 3.4.2 Pleziervaartuigen aan de Molentocht De indieners stellen dat de mogelijkheid van het aanleggen van pleziervaartuigen aan de Molentocht, bij het park op boezempeil, op geen enkele wijze is opgenomen in het ontwerpbestemmingsplan, hoewel zij van mening zijn dat dit is toegezegd tijdens een participatiebijeenkomst. De indieners stellen dat het ontbreken van informatie over de mogelijkheid van het aanleggen van pleziervaartuigen aan de Molentocht een weglating is die moet worden aangepakt voor de beeldvorming van hoe het water gebruikt en beheerd zal worden.

Reactie gemeente Teylingen In de Molentocht is het niet toegestaan om een steiger te realiseren in verband met de doorvaarbaarheid van deze watergang maar het is wel toegestaan om aanmeerpalen en vlonders te realiseren (binnen de voorwaarden zoals opgenomen zijn in het bestemmingsplan) waar een pleziervaartuig ook kan aanmeren. De gemeente neemt dit verzoek in overweging bij de verdere de uitwerking van het Boekenburgbos en dit aspect wordt dus in een separaat traject afgewogen. Conclusie Er zijn aanpassingen nodig voor het vast te stellen bestemmingsplan. De planregels van het bestemmingsplan artikel 3, lid 3.3 worden aangepast ter verduidelijking dat de ontsluiting in beide richtingen planologisch is toegelaten maar geen verplichting is. Tenzij privaatrechtelijk anders is vastgelegd. Daar ziet het bestemmingsplan niet op toe.

3.5 Overige punten - Zienswijze 5 3.5.1 Minimale afstandsmaat tussen woningen De indieners stellen dat er gesproken wordt van een minimale afstandsmaat van 2,50 meter tussen woningen is. Zij vragen om verduidelijking over waar deze afstandsmaat gaat gelden en waar deze op gebaseerd is. Reactie gemeente Teylingen In artikel 13.2.7 lid h staat de regel dat bij vrijstaande woningen een minimale afstand van 2,5 m ten opzichte van de zijdelingse perceelsgrenzen wordt aangehouden. Dit is opgenomen om de gewenste stedenbouwkundige kwaliteit te borgen in het bestemmingsplan zodat er bij vrijstaande woningen er voldoende ruimte om de woningen heen aanwezig is.

Bladzijde 27 van 42

Nota van beantwoording zienswijzen bestemmingsplan ‘Chw BP Nieuw Boekhorst, Voorhout’ Deze regeling is alleen van toepassing op vrijstaande woningen, dit heeft geen betrekking op rijwoningen-, twee-onder-een-kapwoningen of appartementencomplexen. Conclusie Er zijn geen aanpassingen nodig voor het vast te stellen bestemmingsplan.

3.6 Overige punten - Zienswijze 8 3.6.1 Begrip voor de bouw De indieners begrijpen volledig dat er gebouwd dient te worden en dat hun uitzicht belemmerd gaat worden aangezien andere inwoners ook woonruimte nodig hebben. Reactie gemeente Teylingen De reactie wordt voor kennisgeving aangenomen. De gemeente vindt het goed om te vernemen dat de indiener tevreden is met deze onderdelen van het plan. Conclusie Er zijn geen aanpassingen nodig voor het vast te stellen bestemmingsplan.

3.7 Overige punten - Zienswijze 9 3.7.1 Waardering De indieners stellen dat zij niet tegen de planvorming zijn. De brede groenvoorzieningen en watergangen worden daarbij gewaardeerd en er is geen bezwaar tegen de woningbouw. De indiener vraagt wel om voldoende waarborging voor een prettig toekomstig woon- en leefmilieu in de bestaande en toekomstige wijk. Reactie gemeente Teylingen De reactie wordt voor kennisgeving aangenomen. De gemeente vindt het goed om te vernemen dat de indiener tevreden is met deze onderdelen van het plan. 3.7.2 Groen De indiener stelt dat in artikel 13.2.2 staat dat er minimaal 75 m2 aan groenvoorziening per woning gerealiseerd moet worden binnen de bestemming ‘Groen’ of ‘Wonen’ bij bouwactiviteiten die tot gevolg de realisatie van meer dan 1125 woningen. Echter vinden de indieners niet duidelijk of er bij een vergunning voor minder dan 1125 woningen geen groen gerealiseerd hoeft te worden? De indieners ervaren hiermee rechtsonzekerheid met betrekking tot de hoeveelheid groen daadwerkelijk gerealiseerd wordt. Ook vinden de indieners de bestemming ‘Groen’ zeer ruim geformuleerd en dat in ‘groen’ ook fietspaden en parkeren mogelijk maakt. De indieners vinden niet dat onvoldoende gewaarborgd wordt dat ‘Groen’ ook daadwerkelijk groenvoorzieningen betreft zoals een robuust Boekenburgerbos en

Bladzijde 28 van 42

Nota van beantwoording zienswijzen bestemmingsplan ‘Chw BP Nieuw Boekhorst, Voorhout’ de aanleg van smalle eilandjes die als broed-, foerageer- en rustgebied dienen voor vogels en ervoor zorgen dat het verlies aan biodiversiteit (o.a. het opofferen van waardevol weidevogelgebied waarin o.a. de grutto broedt), zoveel mogelijk wordt gecompenseerd. Reactie gemeente Teylingen De regeling in artikel 13.2.2. heeft betrekking op de hoeveelheid groen dat minimaal gerealiseerd dient te worden. Op deze wijze wordt een minimale hoeveelheid groen geborgd. Binnen 2 jaar na de realisatie van 90% woningen moet het groen gerealiseerd zijn. Indien er minder woningen worden gerealiseerd is er meer ruimte voor groen en wordt er ook voldaan de beoogde ambitie zoals met deze norm is vastgelegd, als is dit niet in de lijn der verwachting dat het woningaantal lager uit gaat vallen dan nu is beoogd. Verder wordt in de bestemming Groen verschillende andere (ondergeschikte) functies mogelijk gemaakt zoals fietspaden en ongeorganiseerde sport. Verschillende voorstellen van bewoners en belanghebbenden hebben geleidt tot een addendum waarin verdere uitwerking is gegeven aan ongeorganiseerde sport en Boekenburgbos waardoor er ook andere functies toegestaan zijn in de bestemming Groen.

Er is voldoende ruimte binnen de bestemmingen Groen en Woongebied om de groennorm te realiseren, waarbij er ook nog ruimte is voor de ondergeschikte functies. Daarbij moet er bij de realisatie van groenvoorzieningen ook daadwerkelijk sprake zijn van groen. De voorwaardelijke verplichting is met name bedoelt ter zekerheidstelling dat in de eindfase van de planontwikkeling voldoende groen is gerealiseerd en dat de ontwikkelende partijen samen zorg dragen om deze norm te behalen. Conclusie Er zijn geen aanpassingen nodig voor het vast te stellen bestemmingsplan.

3.8 Overige punten - Zienswijze 10 3.8.1 Specifieke vorm van agrarische ontsluiting-2 De indiener stelt dat het momenteel verleende recht van overpad, aangeduid met ‘specifieke vorm van agrarische ontsluiting-2’, naar ‘Overtuinen’ bij notariële akte vervalt wanneer er op aangrenzende percelen nieuwe verbindingen worden gemaakt. De indiener stelt dat het realiseren van nieuwe verbindingen op aangrenzende percelen gezien het ontwerp zeker gebeurt, maar dat het op de kaart lijkt dat het overpad blijft bestaan. De indiener gaat er vanuit dat het publiekrechtelijk overpad dat nu tijdelijk geldt zal vervallen zodra de verkaveling plaatsvindt en dat het privaatrecht van de eigenaars van het perceel gerespecteerd zal worden. Reactie gemeente Teylingen De aanduiding “specifieke vorm van agrarische ontsluiting-2” komt te vervallen en wordt vervangen door “specifieke vorm van agrarisch ontsluiting”. Daarmee wordt de planologische situatie gelijk getrokken met de andere recht van overpad. Zie voor verdere reactie, 3.4.1 Recht van overpad. Conclusie

Bladzijde 29 van 42

Nota van beantwoording zienswijzen bestemmingsplan ‘Chw BP Nieuw Boekhorst, Voorhout’ De ingediende zienswijze leidt tot het aanpassen van het bestemmingsplan. De aanduiding “specifieke vorm van agrarische ontsluiting-2” wordt aangepast in het bestemmingsplan. Waarbij de ontsluiting planologisch wordt toegestaan maar niet wordt verplicht. Tenzij privaatrechtelijk anders is vastgelegd. Daar ziet het bestemmingsplan niet op toe. De planregels van het bestemmingsplan artikel 3, lid 3.3 worden hierop aangepast.

3.9 Overige punten - Zienswijze 12 3.9.1 Bestemming Tuin op achtertuin De indieners stellen dat de bestemming Tuin op de achtertuin belemmerend werkt voor het duurzaam gebruik en onderhoud van de achtertuin. De indieners stellen dat de voorschriften van de bestemming Tuin voor een voortuin zijn en niet voor een achtertuin, zoals parkeren, zonnescherm en klikobak. De indieners stellen dat zij geen toestemming hebben gegeven voor beperkende maatregelen voor de achtertuin tijdens gesprekken met de gemeente, waarin de bestemming Tuin op de achtertuinen besproken werd, waar de indieners in eerste instantie blij mee waren. De indieners vragen om de achtertuin te beschouwen als iedere achtertuin in Voorhout met mogelijkheden voor een tuinschuurtje en een mogelijkheid tot een zorgwoning. Reactie gemeente Teylingen De bestemming Tuin is opgenomen voor zowel voor- als achtertuinen. Ten behoeve van de leesbaarheid van het plan is er één bestemming Tuin opgenomen. In het bestemmingsplan is opgenomen wat er allemaal is toegestaan binnen deze bestemming. Alle toegestane functies mogen ter plaatse van de bestemming uitgevoerd worden, dit betekend niet dat het ook uitgevoerd hoeft te worden. Ondanks de bestemming Ruin betekent niet dat deze gronden worden beschouwd als achtertuin. Een stuk grond achter de woning wordt niet automatisch als achtertuin gezien.

Het betreft in deze situatie een “extra’’ overtuin. Het betreft namelijk een ander (kadastraal) perceel en dit gedeelte van de tuin is niet direct gelegen aan het hoofdgebouw, want het wordt ook gescheiden door een primaire watergang van het Hoogheemraadschap. In de bestemmingsomschrijving is aangegeven dat er niet gebouwd mag worden, ook niet vergunningsvrij. Deze tuinen worden daarnaast als een buffer gezien naar de nieuwbouw. Het betreft een stukje groen in de gemeente, wat ook belang is voor de ecologie in de gemeente. Dit wil de gemeente dan ook graag positief bestemmen door er een Tuinbestemming op te leggen. De gemeente is blij dat het zo groen is ingericht. Door de bestemmingswijziging van Agrarisch naar Tuin krijgen de gronden planologisch gezien ook meerwaarde. De gemeente stelt zich op het standpunt dat de gronden positief zijn bestemd en is aangesloten op de situatie als zijnde overtuin. De bestemming Tuin sluit hier qua geboden mogelijkheden ook op aan. 3.9.2 Recht van overpad De indieners stellen zij voor het onderhoud van hun grote achtertuin een recht van overpad voor grote voertuigen hebben door het bestemmingsplan. Zij vragen of dit aangegeven kan worden in het nieuwe plan.

Bladzijde 30 van 42

Nota van beantwoording zienswijzen bestemmingsplan ‘Chw BP Nieuw Boekhorst, Voorhout’ Reactie gemeente Teylingen De gemeente is op de hoogte van dit recht van overpad en heeft dit zodanig opgenomen in het bestemmingsplan. In de bestemming Groen gelegen aan de achterzijde van de betreffende tuinen is het recht van overpad reeds opgenomen d.m.v. de aanduiding ontsluiting. Hiermee kunnen de voortuigen de betreffende tuinen bereiken. En kan de bestaande situatie ten aanzien van onderhoud worden voortgezet. Conclusie Er zijn geen aanpassingen nodig voor het vast te stellen bestemmingsplan.

3.10 Overige punten - Zienswijze 13 en 14 3.10.1 Recht van overpad De indieners stellen dat het ontwerpbestemmingsplan geen duidelijkheid geeft over het recht van overpad bij het perceel van Boekenburglaan 65. Reactie gemeente Teylingen Zie het antwoord bij 3.4.1. 3.10.2 Pleziervaartuigen aan de Molentocht De indieners stellen dat de mogelijkheid van het aanleggen van pleziervaartuigen aan de Molentocht, bij het park op boezempeil, op geen enkele wijze is opgenomen in het ontwerpbestemmingsplan, hoewel zij van mening zijn dat dit is toegezegd tijdens een participatiebijeenkomst. De indieners stellen dat het ontbreken van informatie over de mogelijkheid van het aanleggen van pleziervaartuigen aan de Molentocht een weglating is die moet worden aangepakt voor de beeldvorming van hoe het water gebruikt en beheerd zal worden. Reactie gemeente Teylingen Zie het antwoord bij 3.4.2. Conclusie Er zijn geen aanpassingen nodig voor het vast te stellen bestemmingsplan.

Bladzijde 31 van 42

Nota van beantwoording zienswijzen bestemmingsplan ‘Chw BP Nieuw Boekhorst, Voorhout’

4 Reacties - vooroverlegpartners 4.1 Reactie VRHM 4.1.1 Geen bezwaar De VRHM is akkoord met het ontwerpbestemmingsplan en wil betrokken blijven bij de verdere uitwerking. Reactie gemeente Teylingen De reactie wordt grotendeels voor kennisgeving aangenomen. Er zijn geen aanpassingen nodig voor het bestemmingsplan. Wel wordt de veiligheidsregio daar waar nodig meegenomen in de (voorbereiding op) aanvraag omgevingsvergunning activiteit bouwen. En daar waar nodig meegenomen in de verdere uitwerking van het plan. Conclusie Er zijn geen aanpassingen nodig voor het vast te stellen bestemmingsplan.

4.2 Reactie Rijkswaterstaat 4.2.1 Ontbreken volledige analyse verkeerseffecten Hoofdwegennetwerk Rijkswaterstaat stelt dat de volledige analyse van de verkeerseffecten op het hoofdwegennetwerk ontbreekt en verlangt dat bij nieuwe grootschalige ontwikkelingen een analyse wordt opgesteld van de verkeersintensiteiten waarbij de verkeerseffecten van het plan op de (aansluitingen van) rijkswegen in beeld worden gebracht, inclusief de te nemen maatregelen bij knelpunten. Rijkswaterstaat stelt dat dit noodzakelijk is gezien de ontwikkelingen die het plan mogelijk maakt grootschalig zijn. Rijkswaterstaat verzoekt om de mobiliteitsparagraaf aan te vullen met een analyse waarin de veranderingen in verkeersintensiteiten als gevolg van het plan in beeld worden gebracht voor de rijksweg ‘A44’. Rijkswaterstaat stelt dat er bij negatieve effecten ook maatregelen genoemd en getroffen moeten worden. De financiële haalbaarheid van de maatregelen en de borging van de realisatie moeten ook genoemd worden. Rijkswaterstaat verzoekt om over de uitganspunten van de analyse met Rijkswaterstaat in overleg te treden. Reactie gemeente Teylingen Naar aanleiding van deze zienswijzen heeft de gemeente de verkeerseffecten van Nieuw Boekhorst in beeld gebracht ondanks dat dit buiten de scope van het bestemmingsplan ligt.

Voor de verkeerseffecten van de realisatie van Nieuw Boekhorst zijn verkeersmodelberekeningen gemaakt met het regionale verkeersmodel RVMK Holland Rijnland. Op basis het beoogde woningbouwprogramma en de kencijfers van CROW is een berekening gemaakt van de verkeersgeneratie. Het verkeer is toegedeeld aan het wegennetwerk. Het nieuwe verkeer verspreid zich snel in de omgeving van de projectlocatie. De toename op de A44 is daardoor in absolute zin beperkt. In relatieve zin is de toename op de al zeer drukke A44 marginaal of, door toedelingseffecten in het verkeersmodel, zelfs nihil. Op de A44 ontstaan geen nieuwe of grotere knelpunten. De resultaten van dit onderzoek zijn met Rijkswaterstaat besproken en akkoord bevonden.

Bladzijde 32 van 42

Nota van beantwoording zienswijzen bestemmingsplan ‘Chw BP Nieuw Boekhorst, Voorhout’ Conclusie Er zijn geen aanpassingen nodig voor het vast te stellen bestemmingsplan.

4.3 Reactie Provincie Zuid-Holland 4.3.1 Molenbiotoop – instructieregels De provincie stelt dat het artikel 22.1.c onder 2 in het ontwerpbestemmingsplan niet in overeenstemming is met artikel 6.25 van de omgevingsverordening. Zij stelt dat de regeling ruimer is dan in artikel 6.25 lid 2 van de omgevingsverordening is toegestaan. Ook vinden zij het onduidelijk wat er bedoeld wordt met het onevenredig schaden van belangen in verband met nieuw op te richten bebouwing aangezien het op basis van de omgevingsverordening alleen mogelijk is om bebouwing te realiseren indien er geen verslechtering plaatsvindt ten opzichte van de bestaande situatie. De provincie verzoekt om het bestemmingsplan in overeenstemming met de omgevingsverordening te brengen en artikel 22.1.c onder 2 te verwijderen. Reactie gemeente Teylingen De regels aangaande de molenbiotoop in het bestemmingsplan worden in overeenstemming gebracht met de omgevingsverordening. Ambtshalve aanpassing Daarnaast is ambtelijk overleg gevoerd over de molenbiotoop in relatie tot de beoogde bouwmogelijkheden. Daaruit volgt dat uitgaande van onder meer de huidige situatie (ligging provinciale weg N444) en de voorheen aanwezige situatie met hoge bomen een hogere bouwhoogte mogelijk is dan de molenbiotoop toelaat.

Op basis van de aangeleverde onderbouwing hiervoor is overeenstemming bereikt met de provincie om naast de aanpassing van de regels zoals bovenstaand aangegeven nog de volgende ambtshalve aanpassingen door te voeren: In de toelichting van het bestemmingsplan wordt een motivering opgenomen waarin wordt toegelicht dat meer windvang oppervlakte per saldo is ontstaan door de kap van de bomen. Derhalve is er sprake van compensatie. Hiervoor worden onder meer 3D doorzichten gebruikt ter onderbouwing, zie ook onderstaande afbeelding. Voor de volledigheid zijn hierin ook de planologisch mogelijk op te richten geluidschermen aangegeven. Daarbij is het wel goed te benoemen dat vooralsnog voor geluid langs de N444 niet gekozen wordt voor deze oplossing. In lijn met de gemaakte afspraken en de onderbouwing wordt een maximale toegestane hoogte voor de nog te realiseren bebouwing opgenomen (ten behoeven van de sport- en schoolfuncties) binnen de molenbiotoop. Dit betreft een bouwhoogte 8.65 m.

Bladzijde 33 van 42

Nota van beantwoording zienswijzen bestemmingsplan ‘Chw BP Nieuw Boekhorst, Voorhout’

Conclusie Er zijn aanpassingen nodig voor het vast te stellen bestemmingsplan. Dit betreft het aanpassen van de regeling van de dubbelbestemming vrijwaringszone – molenbiotoop. En het doorvoeren van de ambtshalve aanpassingen. 4.3.2 Parkeernorm – sociale huur De provincie stelt dat zij een parkeernorm hanteert van 0,7 per sociale huurwoning (artikel 6.10b lid1, omgevingsverordening). Volgens de provincie kan hier via artikel 6.10b lid2, omgevingsverordening, van af geweken worden wanneer de gemeente op de lokale situatie afgestemde regels of beleid voor parkeren heeft vastgesteld, gebaseerd op eigen data over de lokale situatie en eigen overwegingen. De provincie stelt dat de motivering in het bestemmingsplan Nieuw Boekhorst waarin de hogere parkeernorm mogelijk is, niet berust op eigen parkeerdata over de lokale situatie, maar op een uitgevoerde enquête onder huurders. De provincie vindt de enquête niet geschikt om ten grondslag te leggen aan de onderbouwing van een hogere lokale parkeernorm. De provincie stelt daarom dat de parkeernorm voor sociale huur uit het ontwerpbestemmingsplan met 1,1 parkeerplaats per woning te hoog is en niet voldoet aan artikel 6.10b. De provincie stelt daarbij dat de ruimte van de te vele parkeerplaatsen gebruikt kan worden voor andere doelstellingen die ook genoemd zijn in het ontwerpbestemmingsplan, bijvoorbeeld wonen, groen of waterberging.

Bladzijde 34 van 42

Nota van beantwoording zienswijzen bestemmingsplan ‘Chw BP Nieuw Boekhorst, Voorhout’

De provincie verzoekt om de parkeernorm te verlagen volgens het provinciaal beleid of met data te komen op basis waarvan een hogere parkeernorm te rechtvaardigen is. Reactie gemeente Teylingen De combinatie van argumenten in de toelichting, het nadere onderzoek naar de parkeernorm van 1,1 parkeerplaats voor sociale huurappartementen en het gegeven dat de afgelopen jaren met de ‘Gebieds- en beeldkwaliteitsvisie, Nieuw Boekhorst’ de ruimtelijke puzzel is gelegd om alle belangen van deze grootschalige gebiedsontwikkeling zorgvuldig in te passen, maken een verlaging van de parkeernorm naar een maximale provinciale parkeernorm van 0,7 inclusief bezoekersparkeren voor de woningen binnen de stationsomgeving niet reëel. Dit geldt ook voor een verdere verlaging van de parkeernorm van 1,1 voor sociale huurappartementen. Er wordt daarom lokaal maatwerk toegepast in afwijking van de provinciale norm. Er zijn daarbij voldoende argumenten om uit te kunnen gaan van de lokale afweging op basis van daadwerkelijk autobezit. Ook met het oog op toekomstig nog niet vastgesteld parkeerbeleid. Het bestemmingsplan Nieuw Boekhorst is in deze fase van het proces niet het instrument om een verlaging van parkeernormen te onderzoeken. Aangezien voor het bestemmingsplan reeds is aangetoond dat de planvorming haalbaar en uitvoerbaar is.

Het college blijft zich desondanks wel inspannen om daar waar mogelijk, bijvoorbeeld vanwege de realisatie van deelmobiliteit, aanwezigheid van het station, verlaging van het autobezit, minder parkeerplekken te realiseren. Er wordt daarbij ook gewerkt aan nieuw parkeerbeleid dat mogelijk in de toekomst kan leiden dat een aanpassing van de parkeernorm. Bij een tussentijdse evaluatie van het plan wordt dit heroverwogen. Derhalve wordt de volgende vastgelegd, dit is ook ambtelijk overeengekomen: Er wordt een inspanningsverplichting afgesproken om in de verdere uitwerking van de planvorming te heroverwegen of een lagere parkeernorm, in lijn met provinciaal beleid voor verschillende typen woningen doorgevoerd kan worden. Het bestemmingsplan biedt daar reeds planologisch ruimte voor. De gemeenteraad wordt geïnformeerd over het betrekken van de zienswijze bij de verdere uitwerking van de planvorming. Ook met het oog op het nog vast te stellen nieuw parkeerbeleid. Teneinde de inspanningsverplichting concreet te maken wordt in elk geval een mobiliteitsvisie Nieuw Boekhorst opgesteld en wordt een evaluatiemoment halverwege de planvorming van Nieuw Boekhorst ingepland. Dit staat de uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan niet in de weg. Conclusie De onderbouwing inzake de provinciale regels parkeren in de toelichting wordt aangepast.

Daarnaast wordt de zienswijze meegenomen in de verdere uitwerking van de planvorming. Ook de gemeenteraad wordt hier over geïnformeerd, ook met het oog op toekomstig parkeerbeleid. 4.3.3 Parkeernorm – stationsomgeving

Bladzijde 35 van 42

Nota van beantwoording zienswijzen bestemmingsplan ‘Chw BP Nieuw Boekhorst, Voorhout’ De provincie stelt dat zij een parkeernorm hanteert van 0,7 parkeerplaatsen bij woningen binnen stationsomgevingen (artikel 6.10c lid1, omgevingsverordening). Volgens de provincie kan hier via artikel 6.10c lid2, omgevingsverordening, van af geweken worden wanneer de gemeente op de lokale situatie afgestemde regels of beleid voor parkeren heeft vastgesteld met een onderbouwing. De provincie stelt dat de onderbouwing in het ontwerpbestemmingsplan niet ingaat op welke parkeerdata op deze locatie passend zijn. De provincie stelt dat het ontwerpbestemmingsplan aangeeft dat er langzaamverkeersverbindingen naar het station worden gerealiseerd en dat het autogebruik in de omgeving van het station inderdaad lager is, maar dat dit vervolgens niet toegepast wordt in de parkeernorm waar uitgegaan wordt van hogere normen. De provincie stelt dat de parkeernorm voor woningen in een stationsomgeving in het ontwerpbestemmingsplan significant hoger is dan de parkeernorm uit de omgevingsverordening of lokale parkeerdata. En dat daarmee niet wordt voldaan aan artikel 6.10c van de Omgevingsverordening. De provincie verzoekt om de parkeernorm te verlagen volgens het provinciaal beleid of met data te komen op basis waarvan een hogere parkeernorm te rechtvaardigen is.

Reactie gemeente Teylingen Zie reactie onder 4.3.2. Aanvullend hierop. In het bestemmingsplan wordt een andere onderbouwing opgenomen voor de stationsomgeving. Hierbij wordt een doorkijk gegeven naar het toekomstig, nog niet vastgestelde, gemeentelijk parkeerbeleid gebaseerd op daadwerkelijk autobezit. 4.3.4 Natuurnetwerk Nederland De provincie heeft in de zienswijze de volgende punten genoemd inzake het Natuur netwetwerk Nederland. A. reservering ecologische verbindingszone o De provincie stelt dat de keuze in het ontwerpbestemmingsplan om de reservering voor de ecologische verbindingszone niet voor de gehele ecologische verbindingszone en smaller dan de NNN-contour uit de provinciale verordening op te nemen, voldoende onderbouwd is in het ontwerpbestemmingsplan. B. Natuurnetwerk Nederland – bebouwing binnen de NNN contour o De provincie stelt dat bebouwing binnen de NNN contour niet in lijn is met artikel 6.9e onder 1, omgevingsverordening, omdat het de wezenlijke kenmerken en waarden van dit gebied significant en onomkeerbaar beperkt. De provincie verzoekt om de bouwaanduiding niet binnen de NNN contour te plaatsen zoals die in kaart 7 van de provinciale omgevingsverordening is opgenomen. C.

Natuurnetwerk Nederland – nieuwe verharding binnen de NNN contour o De provincie stelt dat in het bestemmingsplan door middel van artikel 7.3, het mogelijk is om binnen de bestemming ‘Natuur’ nieuwe verhardingen als wegen en paden aan te leggen. Volgens de provincie is het aanbrengen van verhardingen in het NNN,

Bladzijde 36 van 42

Nota van beantwoording zienswijzen bestemmingsplan ‘Chw BP Nieuw Boekhorst, Voorhout’ daar waar deze nog niet aanwezig zijn, in principe niet toegestaan. De provincie verzoekt om deze mogelijkheden binnen het bestemmingsplan te laten vervallen. Reactie gemeente Teylingen Punt a. wordt voor kennisgeving aangenomen. De reactie genoemd onder b. wordt gehonoreerd. Uit het definitief ontwerp inrichtingsplan voor dit gedeelte van het plangebied blijkt dat hier geen bebouwing is voorzien binnen het Natuurnetwerk Nederland gebied, zoals is aangewezen in de omgevingsverordening. De bouwaanduiding wordt buiten het aangewezen Natuurnetwerk Nederland gesitueerd in de provinciale Omgevingsverordening waarmee het bestemmingsplan conform de reactie onder b. wordt aangepast De reactie genoemd onder c. wordt voor de bestemming Natuur gehonoreerd. Het aanlegvergunningstelstel in de bestemming ‘Natuur’ wordt aangepast, de bepalingen die betrekking hebben op de aanleg van verhardingen worden geschrapt. Dit betreft artikel 7.3, sublid 7.3.1, onderdeel a en b. Daarmee is de aanleg van wegen en paden niet toestaan. Conclusie De regels aangaande de bestemming Natuur in het bestemmingsplan worden in overeenstemming gebracht met de Omgevingsverordening. Ook wordt de bouwaanduiding buiten de aangewezen duiding van het Natuurnetwerk Nederland in de Omgevingsverordening gelegd.

4.3.5 Ruimtelijke kwaliteit – Beschermingscategorie 1 Graslanden Bollenstreek De provincie stelt dat een deel van het plangebied volgens kaart 14, bijlage 2, van de provinciale verordening, gelegen is binnen Beschermingscategorie 1 Graslanden Bollenstreek. In artikel 6.9f van de provinciale verordening zijn hierover instructieregels opgenomen. De provincie stelt dat in beschermingscategorie alleen ‘inpassen’ mogelijk is en dat de ingreep dusdanig groot is dat de provincie naar een totaalbalans kijkt. De provincie ziet mogelijkheden om verschillende functies (biologische tuin, ecologische verbindingszone, agrarisch extensief gebruik en compensatiegebied rugstreeppad) integraal in te passen in de Driehoek. De provincie stelt dat dit in de motivering van het ontwerpbestemmingsplan deels benoemd is, met name het open houden van het landschap en de ecologische meerwaarde. De provincie vindt wel dat de mogelijkheid om met deze ontwikkeling het verloren slotenpatroon van het waardevolle grasland te herstellen en daarmee de landschappelijke structuur van de waardevolle graslanden te verbeteren, ontbreekt. De provincie ziet een rol in de verdere uitwerking, aangezien de doelstellingen van de provincie op dit moment nog niet volledig zijn meegenomen, in lijn met de beschrijving van het meenemen van de provinciale doelstellingen in bijlage 6 bij de toelichting.

Reactie gemeente Teylingen De zienswijze gaat in op een detailniveau dat past bij een gemeente. De gemeente stelt zich op het standpunt beleidsvrijheid te hebben inzake de uitwerking van het gebied binnen de kaders van o.a. de provincie en het bestemmingsplan.

Bladzijde 37 van 42

Nota van beantwoording zienswijzen bestemmingsplan ‘Chw BP Nieuw Boekhorst, Voorhout’ Specifiek ten aanzien van de sloten. De betreffende twee sloten zijn op dit moment niet aanwezig en aan de andere zijde van spoor recent deels gedempt. Het definitief ontwerp inrichtingsplan wordt afgestemd met de provincie in het kader van de subsidieaanvraag voor het NNN-gebied. Dit gaat dan uitsluitend over de inrichting van natuur binnen het NNN-gebied. Conclusie Er zijn geen aanpassingen nodig voor het vast te stellen bestemmingsplan. 4.3.6 Regionale Waterkeringen De provincie stelt dat in het plangebied vier regionale waterkeringen liggen die het gebied inlopen volgens kaart 3, bijlage 2, van de provinciale verordening. De provinciale verordening stelt met artikel 6.22 onder 1, dat deze waterkeringen in een bestemmingsplan als zodanig bestemd moeten worden. De provincie stelt dat het ontwerpbestemmingsplan Nieuw Boekhorst deze waterkeringen niet over neemt maar een nieuw te realiseren regionale waterkering beschrijft. Gezien de strekking van artikel 6.22 vindt de provincie dit niet voldoende. De provincie stelt dat er in principe via artikel 6.29 ontheffing van de provinciale verordening aangevraagd moet worden voor de ontwikkeling en dat deze door Gedeputeerde Staten verleend moet worden.

De provincie stelt dat het alternatief is om een aanpassing te maken aan kaart 3, bijlage 2, van de provinciale verordening, maar dat de provincie niet heeft meegekeken bij de realisatie van de nieuw aan te leggen regionale waterkering. De provincie stelt dat het wenselijk is, gezien het medebelang van de provincie, om op korte termijn in overleg te treden over een goede planologische borging van deze ontwikkeling. Reactie gemeente Teylingen In Nieuw Boekhorst vindt een verlegging van de bestaande regionale waterkeringen plaats. Het Hoogheemraadschap is daarbij de uitvoerende / toetsende instantie. Het Hoogheemraadschap moet de nieuwe waterkeringen nog in overeenstemming brengen met de legger. Zodat dit ook in de Omgevingsverordening van de provincie kan worden verwerkt. De provincie geeft aan dat in principe ontheffing nodig is, maar de gemeente stelt zich daarbij op het standpunt dat het Hoogheemraadschap in akkoord is met de nieuwe waterkeringen en het aanpassen van peilgebieden. Derhalve is er geen ontheffing nodig. Wel moet in samenwerking met Hoogheemraadschap de aangepaste waterkeringen worden verwerkt in het provinciaal omgevingsbeleid. Dit is een formele stap die nog gezet moet worden maar de uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan niet in de weg staat.

Ambtshalve aanpassing Wel wordt de ligging van de waterkering, naar aanleiding van ambtelijk overleg inzake de zienswijze, in de Driehoek nog iets aangepast en aangesloten op de bestaande waterkering.

Bladzijde 38 van 42

Nota van beantwoording zienswijzen bestemmingsplan ‘Chw BP Nieuw Boekhorst, Voorhout’

Conclusie Naar aanleiding van de zienswijze wordt de ambtshalve aanpassing inzake de waterkering in de Driehoek doorgevoerd, zie hiervoor ook onderstaande afbeelding.

4.3.7 Verzoek De provincie constateert op basis van de aangeboden gegevens dat het ontwerpbestemmingsplan op genoemde onderdelen niet in overeenstemming is met het provinciaal (ruimtelijk) beoordelingskader. De provincie verzoekt om het bestemmingsplan bij de vaststelling alsnog op deze punten aan te vullen. Reactie gemeente Teylingen Zie hiervoor de beantwoording onder 4.3.1 tot en met 4.3.6. Conclusie Zie hiervoor de beantwoording onder 4.3.1 tot en met 4.3.6

Bladzijde 39 van 42

Nota van beantwoording zienswijzen bestemmingsplan ‘Chw BP Nieuw Boekhorst, Voorhout’

5. Ambtshalve wijzigingen De ambtshalve wijzigingen bedragen: Op het perceel van Spoorlaan 119 wordt de aanduiding ‘bijgebouw’ toegevoegd met hoogtemaatvoering ter plaatse van de toegestane schuur. Deze aanduiding was nog niet eerder opgenomen. De regeling voor de Molenbiotoop en motivering voor de bebouwing binnen deze Molenbiotoop zijn aangepast. Zie hiervoor de reactie van 4.3.1. De ligging van de regionale waterkering in de Driehoek is gewijzigd. In verband met een nieuw certificaat voor het bodemonderzoek m.b.t. de Driehoek is het onderzoek geactualiseerd. Het nieuwe bodemonderzoek voor de Driehoek is verwerkt in het bestemmingsplan. De geluidregeling van het bestemmingsplan is geoptimaliseerd en verwerkt in het bestemmingplan. Ook de toelichting is hierop aangepast. Het betreft specifiek de regels in lid 20.2, lid 23.4 en lid 25.1. De achterliggende systematiek van de regels, integratie hogere waarden in de planregels en geluidregels voor de voorzieningen sport, educatie en publieke voorzieningen, is ongewijzigd gebleven. Ten gevolge van deze wijziging wordt ook de gebiedsaanduiding wonen uitgesloten opgenomen op de locatie van de aanduiding sport- en maatschappelijk. Nadere toelichting hiervoor is opgenomen in paragraaf 5.2 van de plantoelichting. Er is nader beschouwd welke geluidmaatregelen worden toegepast ter plaatse van de N444.

Uit de integrale belangenafweging blijkt dat de voorkeur uitgaat naar een combinatie van een geluidvangrail met stil asfalt. Deze belangafweging is opgenomen in de toelichting in paragraaf 5.2. Alsmede is het akoestisch onderzoek hierop aangepast. En in de toelichting zijn tekstdelen met betrekking tot een geluidsscherm N444 vervangen door de toepassing van de maatregelen geluidvangrail en stil asfalt. In artikel 13.5 (Woongebied), wordt de volgende zinsnede opgenomen zoals deze ook opgenomen is in artikel 12.3: ‘de uit te oefenen functie van bijgebouwen is ondergeschikt aan de woonfunctie’.

Bladzijde 40 van 42

Nota van beantwoording zienswijzen bestemmingsplan ‘Chw BP Nieuw Boekhorst, Voorhout’

6. Conclusie Geconcludeerd wordt dat de zienswijzen van de indieners ontvankelijk en gegrond zijn en een aantal zienswijzen leiden tot aanpassingen in het vast te stellen bestemmingsplan. Ook geven de ambtshalve wijzigingen aanleiding om het bestemmingsplan te wijzigen. In het vast te stellen bestemmingsplan “Chw BP Nieuw Boekhorst, Voorhout” worden de volgende aanpassingen doorgevoerd: Toelichting: 1. Stikstofonderzoek is geactualiseerd a.d.h.v. de nieuwe AERIUS-calculator en de ingediende zienswijze. Bijlage 31 stikstofdepositieberekening is vervangen in de bijlagen bij de toelichting. 2. Parkeeronderbouwing (provinciale regels parkeren) is aangepast in paragraaf 4.3.3. 3. Bodemonderzoek deelgebied Driehoek is aangepast en is verwerkt in bijlage 21 van het vast te stellen bestemmingsplan. 4. Een motivering voor het afwijken van de molenbiotoop is toegevoegd aan toelichting in paragraaf 5.8 waarbij twee bijlagen (bijlage 26 en 27) zijn toegevoegd. 5. Paragraaf 5.2 en 5.3 van de toelichting zijn aangepast naar aanleiding van de aangepaste geoptimaliseerde geluidregeling en naar aanleiding van de aangepaste keuze geluidmaatregelen N444. Ook het akoestisch rapport weg- en railverkeer (bijlage 13) en rapport Akoestisch onderzoek niet-wonen functies locatie school en sporthal (bijlage 19) zijn aangepast en toegevoegd. 6.

De nieuwe afbeelding van de regionale waterkering is vervangen in paragraaf 5.12.3. Regels: 1. De regeling met betrekking tot de ontsluiting in de bestemming Agrarisch is aangepast in artikel 3, lid 3.3. De aanduiding “specifieke vorm van agrarische ontsluiting-2” komt te vervallen en wordt vervangen door “specifieke vorm van agrarisch – ontsluiting’’. 2. De bestemming Natuur in het bestemmingsplan worden in overeenstemming gebracht met de provinciale Omgevingsverordening. Het aanlegvergunningstelstel in de bestemming ‘Natuur’ wordt aangepast, de bepalingen die betrekking hebben op de aanleg van verhardingen worden geschrapt. Dit betreft artikel 7.3, sublid 7.3.1, onderdeel a en b. 3. De aanpassing m.b.t. de regeling van de Molenbiotoop wordt in overeenstemming gebracht met provinciaal beleid. Ook wordt de regeling aangevuld met de beoogde bouwmogelijkheden (maximaal toegestane hoogte 8,65 meter hoofdgebouw educatieve voorziening / sportvoorziening). 4. Aanpassing geluidregeling conform ambtshalve wijziging. 5. In artikel 13.5 (Woongebied) wordt de volgende zinsnede opgenomen zoals deze ook opgenomen is in artikel 12.3: ‘de uit te oefenen functie van bijgebouwen is ondergeschikt aan de woonfunctie’. Verbeelding: 1. Aanpassing “specifieke bouwaanduiding – bebouwingzone” binnen het deelgebied de Driehoek 2.

In combinatie met de aanpassing van de regeling van de ontsluiting in de bestemming Agrarisch wordt “Specifieke vorm van agrarisch – ontsluiting – 1” en “specifieke vorm van agrarisch – ontsluiting - 2” aangepast naar “specifieke vorm van agrarisch – ontsluiting” op de verbeelding (bij Boekenburglaan 65) 3. De aanduiding bijgebouw inclusief maatvoering is toegevoegd aan Spoorlaan 119 4. De aanduiding “openheid” langs de Molentocht, waar bestaand Voorhout “direct” aan bestemming Woongebied grenst. De regeling behorend bij deze aanduiding was reeds opgenomen in het bestemmingsplan. 5. De ligging van de waterkering in de Driehoek is aangepast en aangesloten op de bestaande waterkering.

Bladzijde 41 van 42

Nota van beantwoording zienswijzen bestemmingsplan ‘Chw BP Nieuw Boekhorst, Voorhout’ 6. 7.

In combinatie met de aanpassing van de regeling m.b.t. de Molenbiotoop is ook de hoogteaanduiding (bouwhoogte maximaal 8.65 meter) opgenomen op de verbeelding. Door de optimalisering van de geluidregeling wordt er een ‘Overige zone - Niet wonen’ zone rondom aanduiding ‘sport’ en ‘maatschappelijk’ opgenomen van 18 meter.

Bladzijde 42 van 42

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Teylingen&id=b0b060ba-d755-4e59-b7a3-efd543360307