1. iWKp Bollenstreek - Beleidsmodule - v090222_1.pdf.pdf
Tekst van het document
INTEGRAAL WATERKETENPLAN BOLLENSTREEK
47
BELEIDSMODULE
IWKP BOLLENSTREEK
BELEIDSMODULE 6.
FINANCIËN
INTEGRAAL WATERKETENPLAN BOLLENSTREEK
48
BELEIDSMODULE
6
FINANCIËN
6.1
Financiële uitgangspunten
6.1.1
Financiering
Voor financiering van de exploitatie van de verschillende watertaken binnen gemeenten zijn verschillende methoden in omloop, zoals vastgelegd in het Besluit Begroting en verantwoording provincies en gemeenten. Ook voor waterschappen is een BBV opgesteld. Rijnland heeft dit verder uitgewerkt in haar Beleidsnota voor vaste activa. Kort gezegd kan deze financiering plaatsvinden op twee verschillende wijzen; activeren (door middel van geld te lenen voor investeringsuitgaven en deze schuld over een langere periode uit te smeren) of door directe afschrijving, waardoor middels een combinatie van sparen en directe uitgaven een optimale financieringssituatie ontstaat. Binnen de Bollenstreek worden beide methoden dan ook gebruikt. Voor het hoogheemraadschap worden investeringen geactiveerd en over een langere termijn afgeboekt. Harmonisatie van de financieringswijze is niet aan de orde, wel het afstemmen van de financiële uitgangspunten, zodat onderlinge benchmarken mogelijk zijn.
6.1.2
Heffingen
Exploitatie van de gemeentelijke watertaken wordt betaald vanuit het principe dat de vervuiler betaalt. Hiervoor is door de Rijksoverheid op grond van artikel 228a Gemeentewet (Gw) een rioolheffing ingesteld om haar watertaken te bekostigen. De rioolheffing is de opvolger van het rioolrecht. De rioolheffing is een bestemmingsbelasting. Dit is een belasting waarvan de opbrengsten bestemd zijn voor een specifiek doel. In fiscaal-juridische zin betekent dit dat de heffing een zuivere belasting is.
6.1.3
Nieuwbouw
Onderzocht wordt of AWK kosten die kunnen worden teruggevoerd op nieuwbouw ten laste kunnen komen van de nieuwbouw. Deze kosten vallen dan niet onder de rioolheffing. Bij riolering wordt dit binnen een aantal gemeenten reeds toegepast maar kan ook bijvoorbeeld voor zuiveringscapaciteit gelden.
6.2
Vergelijking huidige financiële uitgangspunten Bollenstreek
6.2.1
Investeringsplannen en lastenontwikkelingen
In de Bollenstreek worden op dit moment verschillende technische en economische levensduren gehanteerd bij het bepalen van investeringsplanningen en de ontwikkeling van lasten. Ook de rekenrentes die gebruikt worden bij het (langjarig) berekenen van (kapitaal)lasten verschillen per gemeente. Twee gemeenten maken reeds gebruik van een direct afboeken systematiek voor (een deel) van de toekomstige investeringen. De levensduren wordt bepaald door de draagkracht en stabiliteit van de ondergrond, de materiaalkeuze in het stelsel, het intern chemisch en hydraulisch functioneren van het functioneren stelsel. Daarmee kan dat voor iedere locatie, zelfs binnen een gemeente uiteenlopen. De levensduur varieert daarom tussen 50 en 75 jaar. Een levensduur korter dan 50 jaar en langer dan 75 jaar komen echter ook voor. Het vertalen van de technische naar een economische levensduur is arbitrair. Aan de hand van het in de toekomst in te voeren beheer volgens de methodiek assetmanagement kan de technische levensduur gemiddeld mogelijk weer gaan stijgen. De verlenging van de economische levensduur kan dan weer een kostenverlagend effect hebben op de rioolheffing.
In het bepalen van zowel de technische als economische levensduur van de gemeentelijke (afval)watervoorzieningen hebben de gemeentelijke rioleringsafdelingen relatief veel vrijheid, als gevolg van de relatie met de gemeentelijke rioolheffing. Deze vrijheid ligt anders met betrekking tot de gehanteerde rentepercentages in geval van activa en voorzieningen. Deze percentages worden op concern (gemeente breed) niveau bepaald en zijn van vele factoren afhankelijk, sommigen ver buiten de invloedssfeer van individuele gemeentelijke afdelingen.
INTEGRAAL WATERKETENPLAN BOLLENSTREEK
49
BELEIDSMODULE Hierbij speelt wel mee dat de vrijheid in het bepalen van de rentepercentages, als gevolg van gewijzigde begrotingsregels per 1 april 2016, aan banden is gelegd. Rentelasten en overheadkosten die aan afdelingen worden doorbelast moeten transparanter worden verwerkt en moeten aansluiten bij nieuwe richtlijnen en rekenregels. Onderlinge verschillen blijven evenwel nog steeds mogelijk, mits juist onderbouwd. Harmonisatie van deze rentepercentages zal daarom naar alle waarschijnlijkheid alleen mogelijk zijn bij een ambtelijke fusie tussen twee of meer partijen.
6.2.2
Uniforme verwerking kostenposten
De verschillende gemeenten in de Bollenstreek hanteren allen verschillende indelingen en benamingen van de productbegroting Riolering. In het kader van (nationale en regionale) benchmarking, vergelijking en intensiveren van afstemming en samenwerking, is de ambitie om hierin eenduidigheid door te voeren. Zonder te tornen aan de hoogte van de totaal begrote bedragen, biedt een gelijke rubricering en afbakening van begrotingsposten belangrijke voordelen voor het onderling vergelijk van kosten (en lasten). Dit levert vervolgens een veel robuuster en transparanter overzicht op, op basis waarvan in navolgende planjaren kan nog meer worden gewerkt aan bijvoorbeeld gezamenlijke aanbestedingen, onderzoeken en afwikkelingen van regionale maatregelen. Daarnaast biedt een bij alle Bollenstreekgemeenten gelijke indeling van de productbegroting (en werkprocessen, zie Hoofdstuk 0) ook kansen voor het verminderen van de (personele) kwetsbaarheid, omdat men – als de nood zich aandient – gemakkelijker de (administratieve) taken van elkaar over kan nemen of kan aanvullen.
6.3
Verdeelsleutel voor het iWKp en optimalisatiemaatregelen
6.3.1
Gemeenschappelijke studies
Het samenwerkingscluster Bollenstreek stelt voor de gezamenlijke onderzoeksmaatregelen, plannen en/of optimalisatie studies voor de afvalwaterketen (OAS) een plan van aanpak op. Ook het opstellen van het iWKp is een gemeenschappelijke studie. Een projectleider, al dan niet met kernteam, is verantwoordelijk voor de uitvoering van het project. Deze legt verantwoording af aan het samenwerkingscluster. Binnen vooraf te stellen grenzen wordt mandaat gegeven voor het aanbesteden van werkzaamheden. Met deze projectaanpak wordt een voorspoedig projectverloop gestimuleerd. De werkzaamheden worden, waar mogelijk, door de eigen medewerkers uitgevoerd. Gebiedskennis wordt op deze wijze optimaal benut en de beschikbare kennis van eigen afdelingen ontsloten en gedeeld. Dit versterkt het eindproduct en de samenwerking. Waar nodig of wenselijk zullen werkzaamheden worden uitbesteed. De conclusies van onderzoeken en dergelijke worden waar nodig vastgelegd en geborgd in het iWKp of een zelfstandige notitie. Het verdelen van deze maatschappelijke winst tussen de waterpartners is niet aan de orde. Maatschappelijke winst komt (indirect) tot uitdrukking in de hoogte van de lokale heffingen. De kosten voor de samenwerkende partijen in de Bollenstreek worden verdeeld op basis van het te verwachten profijt.
Onderlinge uitvoeringsafspraken Wanneer een (optimalisatie)studie aanleiding geeft tot het overdragen van uit te voeren werkzaamheden tussen twee of meer waterpartners, of wanneer maatregelen uit te voeren door partner A bijdragen aan een kostenbesparing bij partner B dan vraagt het verrekenen van de kosten om een zakelijk akkoord. In een OAS-akkoord worden onder andere financiële afspraken, werkafspraken en procedures vastgelegd en geborgd. De kosten voor de samenwerkende partijen in de Bollenstreek worden verdeeld op basis van het te verwachten profijt.
INTEGRAAL WATERKETENPLAN BOLLENSTREEK
50
BELEIDSMODULE
7
BEGRIPPENLIJST
Begrip
Beschrijving
Aanbod op AWZI
De totale hoeveelheid afvalwater die wordt aangeboden aan de AWZI.
Afvalwaterakkoord
Een akkoord tussen waterschap en gemeente. Het bevat afspraken over overnamepunten en afnamehoeveelheden. Daarnaast staat in het afvalwaterakkoord hoe partners omgaan met uitwisseling van (meet)gegevens, elkaar informeren in de situatie van groot onderhoud of calamiteiten, enzovoort.
Afvloeiend hemelwater
Neerslag die tot afstroming komt.
Afkoppelen/niet-aankoppelen
Het op de gemengde of vuilwaterriolering aangesloten afvoerend verhard oppervlak loskoppelen en aansluiten op een hemelwatervoorziening. Bij nieuwbouw: het niet aansluiten van afvoerend verhard oppervlak op een vuilwatersysteem.
Afnamehoeveelheid
De toegestane hoeveelheid regenwater dat op het overnamepunt wordt aangeboden.
Afvalwater
Al het water waarvan de houder zich - met het oog op de verwijdering daarvan ontdoet, voornemens is zich te ontdoen of zich moet ontdoen.
Afvalwatersysteem
Het geheel van riolering technische en zuiveringstechnische werken (waaronder riolering, gemalen, persleidingen, AWZI)
Afvalwaterzorgplicht - breed
De gemeente draagt de kosten voor aansluiting van het afvalwater op een voorziening
Afvalwaterzorgplicht - smal
De eigenaar draagt de kosten voor aansluiting van het afvalwater op een voorziening
Afvalwaterzuiveringsinrichting Een inrichting (werk) waar het afvalwater wordt ontdaan (van een groot deel) van (AWZI) de verontreinigingen.
Algemene regels
De lozingen worden tegenwoordig hoofdzakelijk geregeld via algemene regels (AMvB’s). Uitgangspunt: de lozer mag nietsdoen waarvan hij kan verwachten dat het problemen oplevert voor het riool, de zuivering of het (water)milieu.
BAW
Bestuursakkoord Water
Basisrioleringsplan (BRP)/verbreed BRP
Plan waarin de hydraulische afvoercapaciteit, de vuilemissie en het aanbod op de AWZI wordt getoetst voor de bestaande en toekomstige plansituatie (planhorizon ca. 10-15 jaar). Het plan bevat in de regel verbeteringsmaatregelen om in de toekomstige situatie te voldoen aan de wensen/eisen van gemeente en waterbeheerder. In een verbreed BRP zijn de zorgplichten grondwater en hemelwater meer expliciet uitgewerkt.
BBV
Besluit Begroting en Verantwoording
Bedrijfsafvalwater
Afvalwater dat vrijkomt bij door de mens bedrijfsmatig of in een omvang alsof zij bedrijfsmatig was, ondernomen bedrijvigheid, dat geen huishoudelijk afvalwater, afvloeiend hemelwater of grondwater is.
Basiszuiveringsplan (BZP)
Het BZP geeft een beschrijving per zuiveringskring van de zuiveringstechnische werken (rioolgemalen, transportleidingen en AWZI) en een toetsing of deze objecten aan de gestelde eisen voldoen.
Brede afvalwaterzorgplicht
In dit geval neemt de gemeente voor alle panden in het buitengebied de afvalwaterzorgplicht op zich.
INTEGRAAL WATERKETENPLAN BOLLENSTREEK
51
BELEIDSMODULE
Begrip
Beschrijving
DoFeMaMe
Toetsingskader van Doelen, functionele eisen, maatregelen en meetmethoden, volgens de leidraad riolering, module A1050.
Drukriolering
Een mechanisch rioleringssysteem waarbij het afvalwater via kleine pompjes en persleidingen wordt verpompt naar een ontvangstput. Drukriolering wordt vaak toegepast in het buitengebied.
DWAAS
Om naast de verwachte droogweerafvoer ook de aanwezige hoeveelheden rioolvreemd water in kaart te brengen wordt gebruik gemaakt van de Droogweerafvoer Analyse Systematiek (DWAAS) van de Stowa
DWA-systeem
Zie vuilwatersysteem.
Gemeentelijk rioleringsplan (GRP)/verbreed GRP
Een strategische nota waarin op hoofdlijnen de visie van het gemeentebestuur voor de komende planperiode is neergelegd met betrekking tot aanleg en beheer van het rioleringssysteem. Het GRP is een verplicht planinstrument volgens de Wet Milieubeheer (in de toekomst Omgevingswet). In een verbreed GRP zijn de watertaken m.b.t. de zorgplichten grondwater en hemelwater concreet uitgewerkt.
Gemengd rioolstelsel (GEM)
Rioolstelsel waarbij afvalwater en regenwater door één buizenstelsel worden ingezameld en afgevoerd.
Gescheiden rioolstelsel (GS)
Rioolstelsel waarbij afvalwater en regenwater door afzonderlijke buizenstelsels worden ingezameld en afgevoerd. Het afvalwater wordt afgevoerd naar een AWZI, (een groot deel van) het regenwater wordt rechtstreeks afgevoerd naar het oppervlaktewater.
Groene berging
Verdiepte groenvoorziening voor de tijdelijke opvang van overtollig regenwater
HAAS
Om de werkelijke hoeveelheid hemelwater in de riolering en daarmee het werkelijk aangesloten verhard oppervlak in kaart te brengen wordt gebruik gemaakt van de Hemelwater Afvoer Analyse Systematiek (HAAS) van de Stowa
H2S-gas
Waterstofsulfide is een giftig gas afkomstig van het rottingsproces van rioolslib
Hemelwaterafvoer (HWA)
Hemelwaterafvoer
Hemelwatersysteem
Het geheel aan voorzieningen voor de gescheiden inzameling en transport van hemelwater.
Hoofdrioolgemaal
Eindgemaal, meestal in beheer en eigendom van een waterbeheerder, via welke het afvalwater wordt getransporteerd naar een AWZI.
Huishoudelijk afvalwater
Afvalwater dat overwegend afkomstig is van menselijke stofwisseling en huishoudelijke werkzaamheden.
Hydraulische afvoercapaciteit
De capaciteit van een rioolstreng of rioleringssysteem om overtollig water af te voeren.
IBA
Systeem voor Individuele Behandeling van Afvalwater.
Industrieel afvalwater
Afvalwater afkomstig van industrieën of bedrijven
Ingrijpmaatstaf
Grenstoestand van een rioleringsobject waarbij ingrijpen noodzakelijk is en maatregelen moeten worden opgesteld.
Inspecteren
Het waarnemen, herkennen en beschrijven van de toestand van rioleringsobjecten.
INTEGRAAL WATERKETENPLAN BOLLENSTREEK
52
BELEIDSMODULE Begrip
Beschrijving
IPPC-bedrijf
Integrated Pollution Prevention and Control, Dit zijn veelal de bedrijven die het milieu sterk kunnen belasten. Voorbeelden van IPPC-bedrijven zijn onder meer afvalverbrandingsinstallaties met een capaciteit van meer dan 3 ton per uur, chemische installaties voor de fabricage van gehalogeneerde koolwaterstoffen of intensieve pluimveehouderijen met meer dan 40 000 plaatsen voor pluimvee
Keur
De waterschappen stellen in de keur regels over de watersystemen in hun beheer.
NWP
Nationaal Waterplan
NBW
Nationaal Bestuursakkoord Water
OAS
Optimalisatie afvalwatersysteem, waarbij een optimalisatie wordt gezocht in zowel de zuivering als in het gemeentelijk afvalwatersysteem
Openbare riolering
Het gedeelte van de buitenriolering in eigendom en beheer bij de overheid (in de meeste gevallen is dit de gemeente).
Overlastfrequentie
Het theoretisch gemiddeld aantal malen per jaar dat ernstige hinder of wateroverlast optreedt als gevolg van o.a. een gebrekkige hydraulische afvoercapaciteit.
Overnamepunt
Punt waar de overdracht plaatsvindt van het afvalwater uit de riolering aan het transportsysteem van het waterschap.
Persleiding
Een leiding waardoor rioolwater met gebruikmaking van een of meerdere pompen onder overdruk wordt afgevoerd.
Randvoorziening
Vloeistofdichte voorziening als onderdeel van het rioolstelsel met als het doel het afvangen van vuil en/of bergen van overtollig afvalwater. Dergelijke voorzieningen worden toegepast ter verbetering van de waterkwaliteit.
Regenwaterriool
Riool alleen bestemd voor de inzameling en het transport van afstromend regenwater.
Regenwatersysteem
Zie: "RWA-systeem".
Regenwateruitlaat
Voorziening bedoeld voor de directe lozing van regenwater op oppervlaktewater of groene berging.
Regenwaterafvoer (RWA)
Afvoer van ingezameld hemelwater.
Relinen
Het inbrengen van een verstevigende constructie ter versterking van de buis. Meestal in de vorm van een in te brengen flexibele kous die door hete lucht, of water en/of licht uithardt en de buis duurzaam herstelt.
Retentiebassin
Een ruimte al of niet overdekt, voor het tijdelijk opslaan van overtollig regenwater.
Riolering
Het geheel van riolen, rioolputten en bijbehorende voorzieningen voor de inzameling en het transport van afvalwater.
Rioleringsbeheer
Zorg voor het goed functioneren van het rioleringssysteem.
Rioolheffing
De belasting die burgers en bedrijfsleven moeten betalen om gebruik te mogen maken van de riolering. De heffing kan uit een aansluitheffing en een afvoerheffing bestaan. De aansluitheffing wordt geheven wegens het hebben van een aansluiting op het gemeentelijk riool. De rioolafvoer heffing wordt geheven wegens het afvoeren van rioolwater afkomstig van de gebruiker van een onroerend goed.
INTEGRAAL WATERKETENPLAN BOLLENSTREEK
53
BELEIDSMODULE
Begrip
Beschrijving
Rioleringsbeheerplan (RBP)/verbreed RBP
In een rioleringsbeheerplan staat op welke wijze het rioleringssysteem wordt beheerd. Het bevat o.a. onderhoudsstrategieën en een vervangingsplanning riolering. In een verbreed RBP is het onderhoud en beheer ook uitgewerkt voor hemelwater- en grondwatervoorzieningen.
Rioolbeheerder
Openbaar lichaam belast met de zorg voor (het goed functioneren van) de riolering.
Rioolgemaal
Bouwwerk met een inrichting voor het verpompen van afvalwater.
Riooloverstortput
Voorziening die bij hevige of langdurige neerslag in werking treedt en het overtollige regenwater loost op een voorziening of direct op oppervlaktewater.
Rioleringssysteem / rioolstelsel
Samenstel van riolen en rioolputten voor de inzameling en het transport van afvalwater.
RWA-systeem of HWAsysteem
Rioolstelsel alleen bestemd voor de inzameling en het transport van regenwater.
Stedelijk afvalwater / gemeentelijk afvalwater
Huishoudelijk afvalwater of een mengsel daarvan met bedrijfsafvalwater, afvloeiend hemelwater, grondwater of ander afvalwater.
STOWA
Stichting Toegepast Onderzoek Waterbeheer
Verbeterd gemengd rioolstelsel (VGM)
Gemengd rioolstelsel met ter plaatse van één of meerdere lozingspunten een randvoorziening met als doel vuilemissiereductie.
Verbeterd gescheiden rioolstelsel (VGS)
Gescheiden rioolstelsel waarbij een deel van het (meest vervuilde) regenwater wordt verpompt naar de AWZI of alternatieve locatie voor de behandeling van verontreinigd regenwater.
Verhard oppervlak
Het op de riolering aangesloten oppervlak van wegen en gebouwen dat tijdens neerslag regenwater afvoert naar het rioleringssysteem.
Vrijvervalriolering
Rioleringssysteem waarbij het transport van afvalwater plaatsvindt door middel van zwaartekracht.
Vuilemissie
Het totaal aan vervuilende stoffen afkomstig uit het rioleringssysteem dat (in)direct via riooloverstortputten wordt geloosd op oppervlaktewater.
Vuilwaterriool
Riool alleen bestemd voor de inzameling en het transport van stedelijk afvalwater.
Vuilwatersysteem
Het geheel aan voorzieningen voor de gescheiden inzameling en transport van stedelijk afvalwater.
Waarschuwingsmaatstaf
Grenstoestand van een rioleringsobject waarbij de actuele toestand discutabel is en nader onderzoek benodigd.
Water-op-straat
Het verschijnsel tijdens hevige of langdurige neerslag dat water uit de riolering op straat komt te staan of dat regenwater niet in de riolering kan stromen als gevolg van een onvoldoende of belemmerde afvoercapaciteit.
Wateroverlast
Het verschijnsel dat "water op straat" overgaat in wateroverlast in de vorm van ernstige hinder (langdurige onbereikbaarheid) of leidt tot waterschade (bijvoorbeeld water in de woning).
De gemeente draagt zorg voor de inzameling en het transport van stedelijk Zorgplicht stedelijk afvalwater afvalwater dat vrijkomt bij de binnen het grondgebied van de gemeente gelegen percelen.
INTEGRAAL WATERKETENPLAN BOLLENSTREEK
54
BELEIDSMODULE Begrip
Beschrijving
Zorgplicht hemelwater
De gemeente draagt zorg voor een doelmatige inzameling van het afvloeiend hemelwater, voor zover van degene die zich daarvan ontdoet, voornemens is zich te ontdoen of zich moet ontdoen, redelijkerwijs niet kan worden gevergd het afvloeiend hemelwater op of in de bodem of in het oppervlaktewater te brengen.
Zorgplicht grondwater
De gemeente draagt zorg voor het in het openbaar gemeentelijke gebied treffen van maatregelen teneinde structureel nadelige gevolgen van de grondwaterstand voor de aan de grond gegeven bestemming zoveel mogelijk te voorkomen of te beperken, voor zover het treffen van die maatregelen doelmatig is en niet tot de zorg van het waterschap of de provincie behoort.
INTEGRAAL WATERKETENPLAN BOLLENSTREEK
55
BELEIDSMODULE
BIJLAGE A TOELICHTING DRINKWATERVOORZIENING, WATERKETEN, AFVALWATERKETEN, RIOLERING, AWZI EN WATERSYSTEEM De verschillende ketens worden ingevuld zoals aangegeven in de navolgende deelbijlagen. Teksten en figuren zijn deels in bewerkte vorm overgenomen uit het gemeentelijk rioleringsplan van de gemeente Leiden. Bronvermelding voor de figuren: © Mark van Dijk, Royal HaskoningDHV Bronvermelding voor de tekst: Bron: GRP-teksten Leiden, Royal HaskoningDHV
Drinkwatervoorziening De Drinkwaterbedrijven in Nederland staan voor het invullen van de zorgplicht “Drinkwater”. Deze zorgplicht bestaat uit het winning en productie van kwalitatief goed en voldoende drinkwater. Deze zorgplicht omvat ook het bufferen, transporteren en distribueren van dat drinkwater naar de eindgebruiker. De waterbedrijven zijn daarmee volledig verantwoordelijk voor de drinkwatervoorziening. Het drinkwatersysteem is daarmee van vanaf de winning, de productie en het transport tot de eindgebruiker in één hand.
Figuur A1 – Drinkwaterproductie Dunea Bron Dunea Duin & Water
INTEGRAAL WATERKETENPLAN BOLLENSTREEK
56
BELEIDSMODULE
Hydrologische kringloop
Figuur A2 - invulling hydrologische kringloop
De hydrologische kringloop bevat het stedelijk watersysteem als onderdeel binnen het stedelijk gebied en bestaat uit 3 afzonderlijke delen: • • •
Het stedelijk watersysteem als oppervlaktewatersysteem (vijvers, grachten, watergangen); Het grondwatersysteem (onder wegen woningen en parken); Het afvalwatersysteem als afvoer van afvalwater, hemelwater en eventueel grondwater naar AWZI of oppervlaktewatersysteem
Deze systemen staan in meer of mindere mate met elkaar in verbinding en worden gevoed door hemelwater. Hemelwater wordt opgevangen en van daaruit opgenomen in de bodem of in het hemelwatersysteem of oppervlaktewatersysteem. De afvoer van hemel- en grondwater wordt op verschillende wijzen voortgezet, een en ander volgens Figuur A3, en schematisch weergegeven in Figuur A4: • • • • • • •
Het hemelwater wordt apart van het afvalwater ingezameld (gescheiden stelsel); Het hemelwater wordt gezamenlijk met afvalwater ingezameld (gemengd stelsel); Het apart ingezamelde hemelwater wordt direct getransporteerd naar het oppervlaktewater; Het hemelwater wordt geïnfiltreerd in de bodem; Het grondwater stroomt in de regel naar het oppervlaktewater; Het grondwater inzamelen en transporteren naar het RWA-riool in een gescheiden stelsel); Het grondwater inzamelen en afvoeren naar het gemengd stelsel is verboden en moet in (tijdelijke) middels maatwerk worden geregeld met het hoogheemraadschap. Zie hiervoor paragraaf 2.3.4 (Grondwater in de afvalwaterketen).
Figuur A3 - stedelijk watersysteem
INTEGRAAL WATERKETENPLAN BOLLENSTREEK
57
BELEIDSMODULE
De afvalwaterketen
Systeem Hoogheemraadschap
Afvalwater
hemelwater AWZI
Grondwater
Oppervlaktewatersyste em (kwaliteit en kwantiteit)
Gemeentelijk systeem Gemeentelijk systeem Gemeentelijk systeem
Figuur A4 - overzicht waterketen in de zuiveringskring
Een zuiveringskring bestaat uit een of meerdere gemeenten of woonkernen, waarbinnen het inzamelen, transporteren, lozen en zuiveren van afvalwater, hemelwater en grondwater wordt uitgevoerd.
Afvalwater - volksgezondheid Om de volksgezondheid te beschermen, heeft de gemeente tot taak het stedelijk afvalwater in te zamelen en af te voeren. Hiervoor wordt riolering aangelegd en in stand gehouden. Het afvalwater bestaat voornamelijk uit huishoudelijk afvalwater of een mengsel daarvan met hemelwater (zie figuur A5).
Figuur A5 - invulling afvalwaterzorgplicht
INTEGRAAL WATERKETENPLAN BOLLENSTREEK
58
BELEIDSMODULE
Stedelijk water – Droge voeten Het oppervlaktewater is primair bedoeld voor de berging en de afvoer van overtollig hemelwater. Deze functies moeten met goed beheer en onderhoud van het oppervlaktewater worden geborgd. Gedurende heftige en kortdurende buien is het voor het functioneren van de riolering van belang dat het waterpeil onder de drempel van de overstort blijft (zie figuur A6). Om te beoordelen of hieraan wordt voldaan worden werknormen aangehouden die zijn vastgelegd in de DoFeMaMe. In de situatie van extreme neerslag kunnen de werknormen worden overschreden. De berging en afvoermogelijkheden van het oppervlaktewater zijn dan maximaal benut. Echte overlast ontstaat bij inundatie van bebouwing en hieruit voortvloeiende schade. Door de openbare ruimte dusdanig (her) in te richten dat rekening wordt gehouden met locatie specifieke omstandigheden, kan wateroverlast worden beperkt respectievelijk worden voorkomen.
Figuur A6 - zorgplicht stedelijk water
Stedelijk water - Grondwater
Figuur A7 – Grondwater
Voor een bewoonbare stedelijk gebied is een van de basisvoorwaarden: droge voeten. Het grondwaterpeil moet voldoende: • •
Diep liggen om vochtproblemen in woningen te voorkomen Hoog liggen om houten funderingspalen te beschermen en om verdroging van planten en bomen te voorkomen.
INTEGRAAL WATERKETENPLAN BOLLENSTREEK
59
BELEIDSMODULE In stedelijk gebied is de invloed van het oppervlaktewaterpeil op de grondwaterstand zeer beperkt (vooral door de over het algemeen grote afstand tussen watergangen). De grondwaterstand in stedelijk gebied wordt veel meer bepaald door drainagebuizen, lekke riolering en voorkeursstroming via zandige cunetten. Op hoog gelegen zandige grond kan een lage grondwaterstand juist bijdragen aan het behoud van droge voeten. Hier is infiltratie zeker een kans om onderzocht te worden. Om de grondwaterstand te reguleren, kan gecombineerd met de rioolvervanging drainage worden aangelegd. Monitoring van de grondwaterstand en de registratie van grondwater klachten geeft een beter inzicht in de oorzaken en de mate van grondwateroverlast. * Ook de omvang van de huidige afvoer is onderdeel van de prognose (prognose NU)
De waterketen De waterketen is het aangesloten geheel van voorziening van de winning van drinkwater en distributie, de afvalwaterketen tot en met de zuiveringsinstallatie en het oppervlakte water waarin het gezuiverde water weer wordt geloosd.
Figuur A8 – waterketen Bron 28966 Waterketen Tweede kamer der Staten Generaal
INTEGRAAL WATERKETENPLAN BOLLENSTREEK
60
BELEIDSMODULE
BIJLAGE B DOFEMAME In deze bijlage is een DoFeMaMe opgenomen van de verschillende partners. De Functionele doelen en de maatstaven voor de Zuiveringen zijn apart gezet, terwijl daarna per raamwerk een bundeling van FeMaMe is opgenomen. Om dit te bereiken is de volgende onderverdeling gemaakt: •
•
• • • •
Per raamwerk zijn de eisen onderverdeeld per functie van het systeem. Deze functies zijn als volgt: • inzamelen • transporteren • lozen • lozen vuilwater • gegevensbeheer • handhaven peilen • inzamelen • transporteren • zuiveren • lozen • bedrijfszekerheid • stakeholdermanagement daarna is een onderverdeling per object gemaakt: • aansluiting • gemaal • zuivering • lozingspunt • overnamepunt • HWA riolering • DWA riolering • gemengd • HWA / DWA Per eis is gekeken naar overeenkomsten. Overeenkomende eisen zijn bij elkaar geplaatst en opgenomen in de verschillende in deze bijlage opgenomen tabellen. In de tabel is aangegeven voor welke gemeente de eis geldt. Ook is in de opmerkingen aangegeven of de eis in de DoFeMaMe thuis hoort of zijn hier andere opmerkingen in opgenomen.
Functionele doelen Doelstelling
Invulling
Algemeen
De waterpartners in de Bollenstreek streven naar een integrale en duurzame benadering van het watersysteem en de afvalwaterketen. Hierbij wordt nadrukkelijk samenwerking tussen de ketenpartners gezocht. Integraliteit en samenwerking zijn hierbij geen doelen op zich, maar essentiële randvoorwaarden om kosten en kwetsbaarheid te verminderen en de kwaliteit en kennisuitwisseling te verbeteren.
Volksgezondheid
Benadering vindt plaats vanuit het in stand houden van de functie van de volledige afvalwaterketen en optimalisaties die de kwaliteit van deze afvalwaterketen verbeteren. Inzameling en transport van stedelijk afvalwater in de Bollenstreek leidt dan ook niet tot stank, hinder of water(bodem)kwaliteitsproblemen. Gemeenten en hoogheemraadschap realiseren zich dat lozingen vanuit het rioolstelsel naar het oppervlaktewatersysteem onvermijdbaar zijn en zorgen gezamenlijk voor aanvaardbare effecten van het (water)milieu. Hiertoe volgen de waterpartners een immissiegerichte (brongerichte) aanpak met kosteneffectieve maatregelen in plaats van het traditionele normgerichte spoor. Uitdrukkelijk wordt gesteld dat de effectiviteit van de maatregelen vooral baat moeten hebben in de volledige afvalwaterketen en dus plaats kunnen vinden in de zuiveringskring.
INTEGRAAL WATERKETENPLAN BOLLENSTREEK
61
BELEIDSMODULE
Doelstelling
Invulling
Droge voeten
Bij neerslag in de bebouwde omgeving van de Bollenstreek verdwijnt het meeste hemelwater in de riolering en wordt direct afgevoerd naar het oppervlaktewater of één van de Rijnlandse afvalwaterzuiveringsinstallaties. Om relatief schoon hemelwater te transporteren en te zuiveren zijn kostbare voorzieningen nodig. Door klimaatverandering wordt het bestaande rioolstelsel steeds meer op de proef gesteld. Buien worden heviger en duren langer. Hierdoor neemt het risico op (grond)wateroverlast toe. Het blijven verruimen van de ondergrondse riolering is uiteindelijk geen doelmatige oplossing, de afvoercapaciteit zal tijdens extreme neerslagomstandigheden niet toereikend zijn en is bovendien niet kosteneffectief. Om droge voeten te houden en schade te voorkomen wordt daarom ruimte gecreëerd in het groen, oppervlaktewater en/of de openbare ruimte. Hierbij wordt de volgende voorkeursvolgorde aangehouden: infiltreren (vasthouden) waar mogelijk, bufferen op locaties met voldoende beschikbare ruimte en als het niet anders kan, dan pas afvoeren. In openbaar gebied komt dit tot uiting door hemelwatervoorzieningen in groenstroken die geschikt zijn gemaakt voor de opvang van overtollig hemelwater, aanpassing van waterpartijen en/of bovengrondse water regulerende constructies (bovengrondse water slimme oplossingen).
Indien doelmatig draagt de perceel eigenaar een steentje bij door op eigen terrein voorzieningen te treffen voor buffering en/of opslag van hemelwater en/of opvang van overtollig grondwater. De gemeente ziet hierbij toe op een doelmatige invulling van de hemelwateropgave. Afkoppelen is hierbij een van de middelen. Nieuwe ontwikkelingen en reconstructies worden hydrologisch neutraal ingepast. Daarbij is gescheiden aanleveren van afvalwaterstromen (aan de perceelgrens) verplicht. Ook bufferen van hemelwater is in principe verplicht. Gestreefd wordt de menselijke activiteiten zo veel mogelijk af te stemmen op de natuurlijke (grond-) waterfluctuaties.
Leefomgeving en milieu
Voor een meer duurzame, milieuvriendelijker inrichting van de afvalwaterketen wordt gedacht aan onder andere kringloopsluiting en hergebruik van afvalwater. Afvalwater wordt hierin niet meer gezien als afval, maar wordt beschouwd als een bron van reststoffen (zoals organische stof, energie en fosfaat). Het dagelijkse beheer en onderhoud, en de inrichting van nieuwe werken, zijn erop gericht om een duurzaam (afval)watersysteem te creëren in samenwerking met de waterpartners.
Bedrijfsvoering
Om invulling te geven aan de gestelde doelen is een gedegen onderhoud en continuïteit in beheer essentieel. De waterpartners in de Bollenstreek zoeken daarvoor de samenwerking op. Als het bijdraagt aan de doelmatigheid kan dit leiden tot een onderlinge verschuiving van taken. Traditionele (onderhouds)activiteiten worden ter discussie gesteld en herzien naar een meer risico gestuurde/ gedifferentieerde benadering. Nieuwe ontwikkelingen en innovaties worden door de waterpartners gezamenlijk gevolgd en waar mogelijk/ wenselijk toegepast
Financiën
Een slimme financiering van de gemeentelijke watertaken en taken van Rijnland levert een belangrijke bijdrage aan de besparingsopgave van het Nationaal Bestuursakkoord Water. Door uitgangspunten te optimaliseren kan een lager kostenniveau gerealiseerd worden, zonder verlaging van het service- en/of kwaliteitsniveau. Door verstandig gebruik te maken van de wettelijke mogelijkheden, kan toegewerkt worden naar een duurzame invulling van de gemeentelijke en regionale watertaken. Hierbij wordt – zowel op korte als lange termijn - gestreefd naar de hoogste kwaliteit tegen de laagste maatschappelijke kosten.
Tabel 1 – Functionele doelen
Zuiveringen – Maatstaven Bron
Type stelsel
Woongebied
Bedrijventerrein
Droogweerafvoer (dwa) [m3/uur]
Alle
12 l/inw. uur
Werkelijk (op basis van heffing gegevens)
INTEGRAAL WATERKETENPLAN BOLLENSTREEK
62
BELEIDSMODULE
Pompovercapaciteit (poc) [m3/uur]
Inwonerequivalenten (i.e.)/ vervuilingseenheden (v.e.)
Gemengd systeem
0.7 mm/uur (voor het aangesloten verharde oppervlak)
0.7 mm/uur (voor het werkelijk aangesloten verhard oppervlak)
Verbeterd gescheiden systeem
0.3 mm/uur (voor het aangesloten verharde oppervlak)
0.3 mm/uur (voor het werkelijk aangesloten verhard oppervlak)
Gescheiden systeem
Geen
Geen
Alle
175/ 150 i.e. per inwoner
Werkelijk (op basis van heffing gegevens)
Tabel 2- Maatstaf afvoernorm bestaande systemen
Bron
Woongebied
Bedrijventerrein
Type stelsel
Gescheiden stelsel
Gescheiden stelsel
Woningbezetting
2.5 inwoner per woning
Geen
Aangesloten verhard oppervlak
Geen
Geen
Poc
Geen
Geen
i.e. / v.e.
175 / 150 i.e. per inwoner
Dwa / 0.0017 of 50 i.e. per ha bruto oppervlak
Dwa
12 l/inw.uur
1.8 m3/uur.ha bruto oppervlak
Tabel 3- Maatstaf standaard kental nieuwbouwsituatie
Parameter
Waarde
Eenheid
CZV
95
g O2/i.e./d
BZV
35
g O2/i.e./d
NKj
9
g N/i.e./d
Ptot
1.3
g P/i.e./d
SS
41
g/i.e./d
Tabel 4 - Maatstaf voor een standaard berekening vuilvracht
INTEGRAAL WATERKETENPLAN BOLLENSTREEK
63
BELEIDSMODULE
meetmethode
inzamelen
aansluiting
Alle percelen op het gemeentelijk gebied waar afvalwater vrijkomt moeten van een rioleringsaansluiting zijn voorzien, uitgezonder specifieke situaties
Alle percelen binnen de bebouwde kommen zijn aangesloten op de riolering; alle percelen buiten de bebouwde kommen zijn aangesloten op de riolering, tenzij een lokale behandeling van afvalwater (IBA) wordt toegepast bij niet rendabel aan te sluiten percelen
Controle bij nieuw- en verbouw; controle van IBA-systemen, bodemlozers door gemeente, oppervlaktewater lozers door waterschap
inzamelen
aansluiting
Alle percelen binnen het gemeentelijk grondgebied waar afvalwater vrijkomt zijn voorzien van aansluiting op de riolering. Uitgezonderd specifieke situaties waar lokale behandeling doelmatiger is.
Alle percelen zijn voorzien van een aansluiting op de riolering tenzij een lokale behandeling van het afvalwater doelmatig is en vrijstelling van de zorgplicht is verleend door de provincie ZuidHolland
Registratie van percelen die nog niet zijn aangesloten op de riolering, geen eigen zuivering en geen vrijstelling hebben van de zorgplicht.
inzamelen
aansluiting
Er dienen geen ongewenste lozingen op de riolering plaats te vinden.
Geen overtredingen van de Lozingsvoorwaarden bij of krachtens de Wet milieubeheer en geen foutieve aansluitingen.
Controle, handhaving en registratie
INTEGRAAL WATERKETENPLAN BOLLENSTREEK
x
x
x
x
x
Rijnland
maatstaf
Lisse
functionele eis
Noordwijk
object
Teylingen
functie
Katwijk
Raamwerk volksgezondheid
x
64
meetmethode
inzamelen
aansluiting
Er dienen geen ongewenste lozingen op de riolering plaats te vinden.
Geen overtredingen in kader van de Wet milieubeheer en de Waterwet (Activiteitenbesluit, Besluit lozing huishoudelijk afvalwater, Besluit lozen buiten inrichtingen).
Controle, handhaving en registratie
x
transporteren
DWA riolering
Er dienen geen ongewenste lozingen op de riolering plaats te vinden.
Omvang rioolvreemd water < 10% van theoretische droogweerafvoer per etmaal (zie ook aspect Waterdichtheid).
Controle van pompvolumen op droge dagen
x
transporteren
DWA riolering
Er dienen geen ongewenste lozingen op de riolering plaats te vinden.
Geen hemelwaterlozingen op vuilwaterstelsel (foutaansluitingen)
Controle op pompvolumen op natte dagen
x
transporteren
DWA riolering
De objecten moeten in goede staat zijn
ingrijpmaatstaven voor waterdichtheid en stabiliteit (conform NEN 3398) mogen slechts beperkt voorkomen
inspectie conform NEN 3399
x
transporteren
DWA riolering
De afstroming dient gewaarborgd te zijn
Ingrijpmaatstaven voor afstroming (conform NEN 3398 bijlage) mogen slechts beperkt voorkomen
inspectie conform NEN 3399
x
transporteren
DWA riolering
De vervuilingstoestand van de riolering dient acceptabel te zijn
Ingrijpmaatstaven voor afstroming (conform NEN 3398 bijlage) mogen slechts beperkt voorkomen
inspectie conform NEN 3399
x
transporteren
DWA riolering
Uittreden van rioolwater (lekke riolering) moet zo min mogelijk voorkomen
Ingrijpmaatstaven (conform NEN 3398) voor lekkage, inhangende rubberring, verplaatsingen, beschadiging, wortel ingroei mogen slechts beperkt voorkomen
inspectie conform NEN 3399
x
INTEGRAAL WATERKETENPLAN BOLLENSTREEK
x
x
Lisse
maatstaf
Noordwijk
functionele eis
Teylingen
object
Katwijk
functie
Rijnland
BELEIDSMODULE
x
x
65
maatstaf
meetmethode
Lisse
transporteren
DWA riolering
De waterdichtheid en de stabiliteit van de riolen moet zodanig zijn, dat calamiteiten (instortingen) zich niet voordoen
ingrijpmaatstaven voor waterdichtheid en stabiliteit (conform NEN3398) mogen slechts beperkt voorkomen
inspectie conform NEN 3399
x
x
x
transporteren
DWA riolering
Geen klachten over overlast door stank
klachtenregistratie
x
x
x
zuiveren
zuivering
De gemeentelijke riolering dient zodanig afgesloten te zijn dat overlast door stank wordt voorkomen functioneren van IBA moet gegarandeerd zijn.
onderhoud volgens leverancier
jaarlijks inspecteren en aanwezigheid van certificaat
inzamelen
DWA riolering
Plasvorming bij kolken vermijden.
Visuele waarnemingen en klachtenregistratie
x
transporteren
DWA riolering
Verloren berging < 2%
Hydraulische berekeningen
x
transporteren
DWA riolering
De instroom van hemelwater naar de gemengde riolering moet ongehinderd plaats kunnen vinden. De afstroming in de riolering onder droogweer omstandigheden dient gewaarborgd te zijn. De afvoercapaciteit moet voldoende zijn om bij droog weer het aanbod van afvalwater te kunnen verwerken
Optimaal stelselontwerp, volgens landelijke normen
Het waterspiegel verhang gelijk aan het buis verhang bij halfgevulde buis en maximale DWA
x
transporteren
DWA riolering
De bedrijfszekerheid van gemalen en andere kunstwerken dient gewaarborgd te zijn
storingen dienen binnen 24 uur te zijn opgevolgd, afhankelijk van de prioriteit van het gemaal
Storingsregistratie, geleidelijk invoeren van geautomatiseerd signalerings- en registratiesysteem
x
transporteren
DWA riolering
De afvoercapaciteit van riolering en transportsysteem (gemalen en persleidingen) moet voldoende zijn om bij droog weer het aanbod van afvalwater te verwerken.
Pompcapaciteit vaststellen op basis van landelijke normen en richtlijnen (o.a. Leidraad Riolering)
Capaciteitsberekeningen
x
INTEGRAAL WATERKETENPLAN BOLLENSTREEK
Rijnland
functionele eis
Teylingen
object
Katwijk
functie
Noordwijk
BELEIDSMODULE
x
x
x
x
66
BELEIDSMODULE
transporteren
DWA riolering
De bedrijfszekerheid van gemalen en andere objecten dient gewaarborgd te zijn.
Gemalen worden dubbelpomps uitgevoerd en zijn van een automatische storingsmelding voorzien.
Waarnemingen en klachtenregistratie
x
x
transporteren
DWA riolering
De bedrijfszekerheid van de gemalen en andere objecten dient in voldoende mate gewaarborgd te zijn.
Het aantal storingen dient kleiner te zijn dan 3 maal per jaar (afhankelijk van het gemaal en de aard van de storing)
registratie van het aantal opgetreden storingen.
x
x
transporteren
DWA riolering
Zo min mogelijk verloren berging, maximaal 1%
Inspectie conform NEN 3399
x
x
x
transporteren
DWA riolering
Het afvalwater dient zonder dat overmatige aanrotting optreedt, de zuiveringsinrichting te bereiken Het stedelijk afvalwater dient zonder overmatige aanrotting de AWZI te bereiken.
Verblijftijd van het afvalwater in het stelsel niet langer dan 12- 18 uur.
Hydraulische berekeningen
x
x
x
transporteren
gemengd
Afvalwater mag niet in grote mate uit de riolering de straat op stromen (risico’s voor de volksgezondheid)
Waarnemingen, klachten, telemetrie
inzamelen
gemengd
Er is een actueel afvalwaterakkoord
<5 jr = actueel
x
inzamelen
overnamepunt
De afvoercapaciteit van de hemelwaterriolering moet toereikend zijn om het aanbod bij hevige neerslag te kunnen verwerken, uitgezonderd bij bepaalde buitengewone omstandigheden. De hoeveelheid in te nemen RWA en DWA is in samenspraak met de gemeenten vastgesteld Er is een innamepunt dat voldoende DWA en RWA kan innemen
Max Capaciteit in m3/u conform afvalwaterakkoord(en)
Tenminste 1x per 10 jaar
x
inzamelen
overnamepunt
Het innamepunt is voldoende beschikbaar
De beschikbaarheid in de tijd van het innamepunt bedraagt 99,5%
Influent of effluent debietmeting
x
lozen
lozingspunt
De kwaliteit van het effluent is voldoende
Effluentkwaliteit voldoet aan het activiteitenbesluit milieubeheer, plus aanvullende eisen?
INTEGRAAL WATERKETENPLAN BOLLENSTREEK
Rijnland
meetmethode
Lisse
maatstaf
Noordwijk
functionele eis
Teylingen
object
Katwijk
functie
x
x
67
BELEIDSMODULE
zuiveren
zuivering
Het systeem is voldoende beschikbaar
De totale zuivering dient een totale beschikbaarheid te hebben van 98,0%
RAMS analyse
x
zuiveren
zuivering
In geval van calamiteiten kan de zuivering blijven functioneren.
--
--
x
zuiveren
zuivering
De besturing en bewaking van de zuiveringsprocessen is op orde.
De besturing en bewaking van alle installaties is geautomatiseerd.
--
x
zuiveren
zuivering
x
zuivering
De bediening en visualisatie van alle installaties is geautomatiseerd. De alarmering en informatieverzameling van alle installaties is geautomatiseerd.
--
zuiveren
De bediening en visualisatie van de zuiveringsprocessen is op orde. De alarmering en informatieverzameling van de zuiveringsprocessen is op orde.
--
x
lozen
lozingspunt
Het slib dat wordt afgevoerd voldoet aan de eisen van de externe verwerker(s).
Geldende afname-eisen zoals opgenomen in…
--
x
Gegevensbeheer
zuivering
De zuivering verkeert technisch in goede staat
De objecten worden regelmatig geïnspecteerd, op basis van criticaliteit.
Inspectie conform NEN 2767-4.
x
Gegevensbeheer
Zuivering
De zuivering verkeert technisch in goede staat
De objecten worden regelmatig geïnspecteerd, op basis van criticaliteit.
Criticaliteit conform FMECA.
x
INTEGRAAL WATERKETENPLAN BOLLENSTREEK
Rijnland
meetmethode
Lisse
maatstaf
Noordwijk
functionele eis
Teylingen
object
Katwijk
functie
68
BELEIDSMODULE
object
functionele eis
maatstaf
meetmethode
Teylingen
Noordwijk
Lisse
transporteren
HWA systeem
Gemiddeld maximaal éénmaal per twee jaar water op straat (theoretisch). In de praktijk geconstateerde wateroverlast wordt indien doelmatig opgelost.
Hydraulische berekeningen conform Leidraad Riolering C2100 bij een gebeurtenis met een herhalingstijd van T=2 jaar.
x
x
x
x
transporteren
HWA systeem
De afvoercapaciteit van de gemengde riolering voor stedelijk afvalwater moet toereikend zijn om het aanbod bij hevige neerslag te kunnen verwerken, uitgezonderd bij bepaalde buitengewone omstandigheden. Bij extreme neerslag waarbij de riolering tekortschiet om de neerslaghoeveelheden ondergronds af te voeren moet bovengrondse schade aan gebouwen en hinder van verkeer tot een minimum beperkt blijven.
Vaststellen van een neerslaggebeurtenis waarbij geen schade of (onacceptabele) hinder mag optreden (beschermingsniveau). Daarboven moet schade of hinder worden geadopteerd.
Hydraulische berekeningen conform Leidraad Riolering, modules C2100 en C2150
x
x
x
x
inzamelen
Perceelaansluiting
Percelen binnen het gemeentelijke grondgebied waar hemelwater vrijkomt wat de particulier redelijkerwijs niet zelf kan verwerken en waarvan men zich wenst te ontdoen, moeten zijn voorzien van een aansluiting op de riolering, met uitzondering van drukriolering/IBA’s
Alle percelen zijn voorzien van een aansluiting op de riolering, tenzij men zich niet van het hemelwater wil ontdoen en het voor de lokale waterhuishouding of andere doeleinden wil gebruiken, of wanneer directe lozing geoorloofd is;
Registratie van percelen waar geen hemelwater op het riool is aangesloten; kaart registratie
x
x
x
x
inzamelen
Perceelaansluiting
Nieuwe percelen die grenzen aan oppervlaktewater dienen schone oppervlakken rechtstreeks te laten afvoeren op de oppervlaktewater
In overleg met de waterbeheerder voorziet de particulier zelf in de afvoer van hemelwater
--
x
Rijnland
functie
Katwijk
Raamwerk Droge Voeten
INTEGRAAL WATERKETENPLAN BOLLENSTREEK 69
meetmethode
inzamelen
Perceelaansluiting
Op drukriolering/IBA’s mag in geen enkel geval hemelwater worden aangesloten
Geen hemelwater afvoeren via drukrioleringssystemen, tenzij dit nodig is voor een doelmatige werking van het systeem
--
x
transporteren
afvoersysteem
De objecten moeten in goede staat zijn
Ingrijpmaatstaven voor stabiliteit (conform NEN 3398) mogen slechts beperkt voorkomen
storingenanalyse en draaiuren; inspectie conform NEN 3399; waarneming, klachten
x
lozen
afvoersysteem
Geen afvoer van oppervlaktewater via gemengde, vuilwater of hemelwaterriolen.
Drempelpeil van de overstorten minimaal 10 cm boven oppervlaktewaterpeil (zomerpeil)
Waarneming en metingen.
inzamelen
afvoersysteem
Er dienen geen ongewenste lozingen op de hemelwatervoorzieningen plaats te vinden.
Geen overtredingen van de lozingsvoorwaarden in kader van de Waterwet (Besluit lozen buiten inrichtingen).
Registratie van overstortvoorzieningen (lijst in GRP op basis van Besluit lozen buiten inrichtingen)
lozen
afvoersysteem
Er dienen geen ongewenste lozingen op de hemelwatervoorzieningen plaats te vinden.
Omvang rioolvreemd water op droge dagen moet minimaal zijn (zie ook aspect Waterdichtheid).
Controle van pompvolumen op droge dagen
transporteren
afvoersysteem
Hemelwaterriolen van verbeterd gescheiden rioolstelsels dienen in hoge mate waterdicht te zijn, zodanig dat de hoeveelheid intredend grondwaterwater (lekwater) beperkt blijft.
Ingrijpmaatstaven voor waterdichtheid conform NEN 3398 mogen niet voorkomen.
Visuele inspectie met classificatie volgens NEN 3399
x
x
x
Rijnland
maatstaf
Lisse
functionele eis
Noordwijk
object
Katwijk
functie
Teylingen
BELEIDSMODULE
x
x
x
INTEGRAAL WATERKETENPLAN BOLLENSTREEK 70
meetmethode
transporteren
afvoersysteem
De afvoercapaciteit van de riolering moet toereikend zijn om het aanbod van hemelwater te kunnen verwerken, uitgezonderd buitengewone omstandigheden.
geen water op straat bij bui S09 uit de module C2100
hydraulische berekeningen volgens module C2100 uit de leidraad Riolering
transporteren
afvoersysteem
De afvoercapaciteit van de riolering moet toereikend zijn om het aanbod van hemelwater te kunnen verwerken, uitgezonderd buitengewone omstandigheden.
er mag geen overlast of schade optreden ten gevolge van water op straat
waarneming
transporteren
afvoersysteem
De verwerking moet voldoende zijn afgestemd op aard, samenstelling en hoeveelheid van het ingezamelde hemelwater.
Goed ontwerp conform landelijke richtlijnen en uitgangspunten waterschap. Schoon regenwater niet transporteren naar de AWZI
Hydraulische berekeningen
x
transporteren
afvoersysteem
De afvoercapaciteit van de hemelwaterriolering moet toereikend zijn om het aanbod bij hevige neerslag te kunnen verwerken, uitgezonderd bij bepaalde buitengewone omstandigheden.
Hemelwater mag niet vanaf de straat gebouwen in lopen (materiële schade) of belangrijke verkeersaders blokkeren (belemmering voor hulpdiensten en economische schade)
Waarnemingen, klachten, telemetrie
x
Adequate handhaving van het grondwaterregime, waaronder afvoer bij grondwateroverschot en aanvoer bij grondwatertekort
De ontwateringsdiepte is maximaal de Gemiddeld Hoogste Grondwaterstad (GHG) en minimaal de Gemiddeld Laagste Grondwaterstand (GLG)
Onderzoek grondwaterstanden, eventueel in combinatie met grondwatermodel; peilbuisregistratie voor een periode van minimaal 8 jaar
handhaven peilen
x
x
Rijnland
maatstaf
Lisse
functionele eis
Teylingen
object
Katwijk
functie
Noordwijk
BELEIDSMODULE
x
INTEGRAAL WATERKETENPLAN BOLLENSTREEK 71
meetmethode
handhaven peilen
Bestaand woongebied: geen structurele grondwateroverlast.
In 70% van de gemeentelijke peilingen mag de ontwateringsdiepte niet kleiner zijn dan de door de gemeente gedefinieerde ontwateringsdiepte voor het betreffende gebied.
Registratie grondwaterstanden met peilbuizen.
x
handhaven peilen
Nieuwbouw: Adequate afvoer van overtollig grondwater (bij te hoge grondwaterstanden).
De grondwaterstand mag niet hoger komen dan 0,20 m onder de vloer in de kruipruimte van de te bouwen woningen en niet hoger dan 1,25 m beneden de kruin van de aan te leggen wegen.
Registratie grondwaterstanden met peilbuizen.
x
handhaven peilen
Grondwateroverlast mag niet structureel zijn.
Ontwatering in de openbare ruimte in stedelijk gebied mag minder zijn dan 0,75 m gedurende niet meer dan 10 dagen per jaar.
Klachtenregistratie, meting van grondwaterstanden
x
handhaven peilen
Adequate handhaving van het grondwaterregime (afvoer bij grondwateroverschot)
maximaal toelaatbare grondwaterstand (gedurende 3 maanden per jaar) > 50 cm onder maaiveld voor stedelijk groengebieden
klachten, peilbuisregistratie, onderzoek en eventueel grondwatermodellering.`
x
handhaven peilen
Adequate handhaving van het grondwaterregime (afvoer bij grondwateroverschot)
maximaal toelaatbare grondwaterstand (gedurende 3 maanden per jaar) > 70 cm onder maaiveld voor wonen en/of werken
klachten, peilbuisregistratie, onderzoek en eventueel grondwatermodellering.`
x
Rijnland
maatstaf
Noordwijk
functionele eis
Teylingen
object
Katwijk
functie
Lisse
BELEIDSMODULE
INTEGRAAL WATERKETENPLAN BOLLENSTREEK 72
meetmethode
handhaven peilen
Adequate handhaving van het grondwaterregime (afvoer bij grondwateroverschot)
maximaal toelaatbare grondwaterstand (gedurende 3 maanden per jaar) > 70 cm onder maaiveld voor wegen
klachten, peilbuisregistratie, onderzoek en eventueel grondwatermodellering.`
handhaven peilen
Het voorkomen of beperken van structureel nadelige gevolgen door hoge of lage grondwaterstanden voor de aan de grond gegeven bestemming. Inzicht in locaties met een verhoogd risico op grondwateroverlast.
Vastleggen wat lokaal onder ‘structureel nadelige gevolgen’ verstaan moet worden.
Inventarisatie van klachten
x
Inzicht in geografische spreiding van invloedfactoren (geologisch, waterhuishoudkundig, bouwkundig, civiel technisch, enz.)
Risicokaart waarop invloedfactoren zijn gecombineerd op basis van kans van optreden en ernst van de gevolgen (risico = kans * ernst)
x
handhaven peilen
Inzicht in de relatie tussen grondwaterstanden en externe factoren, zoals neerslag, lekke riolen, bodemopbouw, enz.
Grondwaterfluctuaties mogen geen aanleiding zijn tot ‘structureel nadelige gevolgen‘.
Registratie van grondwaterstanden aan de hand van peilbuizenmeetnet.
x
Stakeholdermanagement
De gemeente is zowel telefonisch als via internet voorbereid op vragen en meldingen. De afhandeling is transparant en eenduidig. Het klantcontactcentrum (KCC) is de eerste ingang voor meldingen en vragen. Indien nodig wordt doorverwezen naar de vakafdeling. Meldingen/vragen worden afgehandeld conform de bestaande protocollen.
De burger weet waar zij terecht kan voor grondwater gerelateerde problemen.
Website met informatie.
handhaven peilen
Lisse
maatstaf
Noordwijk
functionele eis
Teylingen
object
Katwijk
functie
Rijnland
BELEIDSMODULE
x
x
INTEGRAAL WATERKETENPLAN BOLLENSTREEK 73
meetmethode
Stakeholdermanagement
De gemeente is zowel telefonisch als via internet voorbereid op vragen en meldingen. De afhandeling is transparant en eenduidig. Het klantcontactcentrum (KCC) is de eerste ingang voor meldingen en vragen. Indien nodig wordt doorverwezen naar de vakafdeling. Meldingen/vragen worden afgehandeld conform de bestaande protocollen. De gemeente is zowel telefonisch als via internet voorbereid op vragen en meldingen. De afhandeling is transparant en eenduidig. Het klantcontactcentrum (KCC) is de eerste ingang voor meldingen en vragen. Indien nodig wordt doorverwezen naar de vakafdeling. Meldingen/vragen worden afgehandeld conform de bestaande protocollen. De instroming in de riolering via de kolken of infiltratievoorzieningen dient ongehinderd te kunnen plaatsvinden
De burger weet waar zij terecht kan voor grondwater gerelateerde problemen.
Geprofessionaliseerd klantcontactcentrum.
x
Stakeholdermanagement
De burger weet waar zij terecht kan voor grondwater gerelateerde problemen.
Protocol afhandeling melding opstellen.
x
inzamelen
Plasvorming dient beperkt te zijn
Hydraulische berekening volgende module C2100 alsmede waarneming in de praktijk; klachtenregistratie en waarnemingen
x
Rijnland
maatstaf
Lisse
functionele eis
Noordwijk
object
Katwijk
functie
Teylingen
BELEIDSMODULE
INTEGRAAL WATERKETENPLAN BOLLENSTREEK 74
BELEIDSMODULE
lozen
Verhoogde oppervlaktewaterpeilen leiden niet tot water op straat
Hemelwater mag vanuit riolering niet via de straat gebouwen in lopen (materiële schade) tijdens eens per 10 jaar optredende waterpeilen in combinatie met een binnen de gemeente geldende maatgevende neerslagsituatie.
Peilfluctuaties en dimensies riolering zijn op elkaar afgestemd in (integrale) hydraulische modelleringen
x
lozen
Daadwerkelijke peilfluctuaties oppervlaktewater komen overeen met modelberekeningen
procentuele bandbreedte
representatieve niveaumetingen bij uitlaten en overstorten
x
Rijnland
meetmethode
Lisse
maatstaf
Noordwijk
functionele eis
Teylingen
object
Katwijk
functie
INTEGRAAL WATERKETENPLAN BOLLENSTREEK 75
BELEIDSMODULE
meetmethode
lozen
lozingspunt
De vuiluitworp vanuit de riolering dient acceptabel te zijn; ongewenste lozingen op de riolering mogen niet voorkomen
de berekende vuiluitworp is kleiner of gelijk aan die van het referentiestelsel, zijnde 50 kg CZV/(ha.j) gemiddeld over de gemeente; de resterende uitworp mag geen belemmering vormen voor de zwemwaterkwaliteit
Hydraulische berekeningen volgens Leidraad Riolering module C2100, waterkwaliteitsspoortoetsing en blauwe vlag criteria; Onderzoek in samenwerking met waterkwaliteitsbeheerder
lozen
lozingspunt
De vuiluitworp door overstortingen op oppervlaktewater dient beperkt te zijn.
Vuiluitworp mag maximaal gelijk zijn aan die van het zogenaamde referentiestelsel (basisinspanning).
Vuiluitworpberekeningen op basis van leidraad Riolering module C2100 en aanvullende regels van het hoogheemraadschap.
x
transporteren
HWA / DWA
Riolen en andere objecten dienen in hoge mate waterdicht te zijn, zodanig dat de hoeveelheid uittredend rioolwater beperkt blijft.
Het lekverlies bij afpersen conform de Standaard RAW bepalingen mag niet meer zijn dan de standaard RAW bepalingen.
Zie standaardbepalingen (versie 2000) RAW systematiek 25.17.1 (vrijverval) en 25.17.2 (druk).
x
x
Rijnland
maatstaf
Noordwijk
functionele eis
Teylingen
object
Katwijk
functie
Lisse
Raamwerk milieu en leefomgeving
x
INTEGRAAL WATERKETENPLAN BOLLENSTREEK 76
meetmethode
lozen
lozingspunt
De vuiluitworp door overstortingen op oppervlaktewater dient beperkt te zijn.
Inzicht in het feitelijk gedrag van de (gemengde) rioleringsstelsels.
Monitoren van peilfluctuaties in relatie tot gevallen neerslag.
lozen
lozingspunt
De vuiluitworp door overstortingen op oppervlaktewater dient beperkt te zijn.
Vuiluitworp mag niet tot negatieve effecten op waterkwaliteit aanleiding geven (voldoen aan het waterkwaliteitsspoor).
Effectberekeningen en/of veldmetingen
Gegevensbeheer
lozingspunt
De vuiluitworp door overstortingen op oppervlaktewater dient beperkt te zijn.
Lozingen uit onbekende overstortvoorzieningen zijn niet toegestaan.
Registratie van alle overstortvoorzieningen (lijst in GRP op basis van Besluit lozen buiten inrichtingen)
lozen
lozingspunt
De vuiluitworp van regenwaterlozingen op oppervlaktewater dient beperkt te zijn.
De vuiluitworp mag de doelstelling voor de oppervlaktewaterkwaliteit niet in gevaar brengen
meting van vuiluitworp en oppervlaktewaterkwaliteit.
x
x
transporteren
HWA / DWA
De riolering dient zodanig te worden ont- en belucht dat overlast door stank wordt voorkomen.
Er mag geen overlast door stank optreden
Registratie van klachten met betrekking tot stank
x
x
Rijnland
maatstaf
Noordwijk
functionele eis
Teylingen
object
Katwijk
functie
Lisse
BELEIDSMODULE
x
INTEGRAAL WATERKETENPLAN BOLLENSTREEK 77
meetmethode
zuiveren
zuiveren
De zuivering veroorzaakt geen geuroverlast
De geuremissie van het systeem voldoet aan de geurcontouren uit het activiteitenbesluit en/of omgevingsvergunning.
--
zuiveren
zuiveren
De zuivering veroorzaakt geen geluidsoverlast
De geluidsemissie van het systeem voldoet aan de geluidscontouren uit het activiteitenbesluit en/of omgevingsvergunning.
--
zuiveren
zuiveren
De zuivering is duurzaam ingericht
Bijv. energieverbruik, hydrologisch neutraal, duurzame bouwmaterialen,
--
zuiveren
zuiveren
Eisen aan uitstraling / uiterlijk / terreininrichting?
--
--
Rijnland
maatstaf
Lisse
functionele eis
Noordwijk
object
Katwijk
functie
Teylingen
BELEIDSMODULE
INTEGRAAL WATERKETENPLAN BOLLENSTREEK 78
BELEIDSMODULE
meetmethode
Stakeholdermanagement
HWA / DWA
Overlast tijdens werkzaamheden aan de riolering dient beperkt te zijn.
Goede afstemming van rioolwerken op werkzaamheden andere diensten en nutsbedrijven; bereikbaarheid percelen zoveel mogelijk handhaven. Eisen volgens de betreffende gemeenten handhaven
Klachtenregistratie
x
x
x
x
Rijnland
maatstaf
Lisse
functionele eis
Noordwijk
object
Teylingen
functie
Katwijk
Raamwerk Bedrijfsvoering
INTEGRAAL WATERKETENPLAN BOLLENSTREEK 79
functionele eis
maatstaf
meetmethode
Teylingen
Noordwijk
Gegevensbeheer
HWA / DWA
Het rioleringsbeheer dient zo goed mogelijk te worden afgestemd op andere gemeentelijke taken
In operationele programma's samenhang aangeven
Opstellen operationele programma's
x
x
x
Gegevensbeheer
HWA / DWA
De gebruikers van de riolering dienen bekend te zijn en ongewenste lozingen dienen te worden voorkomen.
Eenmaal per jaar rioleringsbestand controleren.
--
x
x
x
Gegevensbeheer
HWA / DWA
Er dient inzicht te bestaan in de toestand en het functioneren van de riolering.
inspectie afhankelijk van gemeentelijk beleid
Inspectieplan
x
Gegevensbeheer
HWA / DWA
Er dient inzicht te bestaan in de toestand en het functioneren van de riolering.
herberekening elke 10 jaar
--
x
Gegevensbeheer
HWA / DWA
Er dient inzicht te bestaan in de toestand en het functioneren van de riolering.
Direct toegankelijkheid en beschikbaarheid gegevens
Rioleringsbeheerbestand in dg DIALOG
x
Rijnland
object
Lisse
functie
Katwijk
BELEIDSMODULE
x
INTEGRAAL WATERKETENPLAN BOLLENSTREEK 80
meetmethode
Gegevensbeheer
HWA / DWA
Er moet inzicht zijn in de gebruikstoestand en het functioneren van de riolering
Gedetailleerde klantinformatie; bij vernieuwing van gemalen zal automatische signalering worden aangebracht met uitzondering van drukriolering; jaarlijkse visuele video-inspectie, mede afgestemd op het wegenonderhoud; verwerken van revisiegegevens dient te geschieden binnen 12 weken; de achterstand in actualiteit van herberekeningen is maximaal 10 jaar
Uitvoering conform maatstaf en conform onderzoeksprogramma’s
x
x
x
Rijnland
maatstaf
Lisse
functionele eis
Noordwijk
object
Teylingen
functie
Katwijk
BELEIDSMODULE
INTEGRAAL WATERKETENPLAN BOLLENSTREEK 81
meetmethode
Gegevensbeheer
HWA / DWA
Er moet inzicht zijn in de kosten op korte en op lange termijn
alle kosten die binnen de levenscyclus van de riolering zijn te verwachten, moeten op enigerlei wijze in beeld zijn gebracht;
5 jaarlijks kostendekkingsplan (KDP) actueel houden en jaarlijkse planning en control cyclus
Gegevensbeheer
HWA / DWA
De maatregelen dienen tegen laagst maatschappelijke kosten te worden uitgevoerd
zoeken bij maatregelen naar een optimum tussen riolering en zuivering
tweemaal per jaar overleg met Rijnland, uitvoeren optimalisatiestudies
x
Gegevensbeheer
HWA / DWA
De gebruikers van de riolering dienen bekend te zijn en ongewenste lozingen dienen te worden voorkomen
geen overtredingen Wm; vergunningen moeten eenmaal per 2 jaar worden gecontroleerd; geen foutieve aansluitingen. geen illegale aansluitingen;
jaarlijks uitvoeren van inspecties
x
Rijnland
maatstaf
Lisse
functionele eis
Noordwijk
object
Katwijk
functie
Teylingen
BELEIDSMODULE
INTEGRAAL WATERKETENPLAN BOLLENSTREEK 82
meetmethode
Stakeholdermanagement
HWA / DWA
Er dient een goede communicatie naar de burger toe te zijn, en de gemeente dient transparant te zijn
Voldoende voorlichting en informatie naar belanghebbenden; Minimaal tweemaal per jaar voorlichting en informatie naar belanghebbenden
eenmaal per jaar een enquête
transporteren
HWA / DWA
De bedrijfszekerheid van gemalen en andere objecten dient in voldoende mate gewaarborgd te zijn.
Het aantal storingen dient gemiddeld minder dan tweemaal per jaar te bedragen voor de gemalen.
Registratie van optredende storingen.
x
transporteren
HWA / DWA
De bedrijfszekerheid van gemalen en andere objecten dient in voldoende mate gewaarborgd te zijn.
Storingen van hoofdgemalen dienen binnen 12 uur in behandeling te zijn genomen. Storingen van secundaire gemalen dienen binnen 24 in behandeling te zijn genomen.
Registratie van optredende storingen.
x
Rijnland
maatstaf
Noordwijk
functionele eis
Teylingen
object
Katwijk
functie
Lisse
BELEIDSMODULE
x
INTEGRAAL WATERKETENPLAN BOLLENSTREEK 83
meetmethode
transporteren
HWA / DWA
De bedrijfszekerheid van gemalen en andere objecten dient in voldoende mate gewaarborgd te zijn.