Ondertiteling raadscommissie 7 mei 2024
Tekst van het document
Goedenavond, allemaal. Wordt het een tik met de hamer of mag ik iedereen op deze manier verzoeken om stil te zijn? Dan kunnen we beginnen met de raadscommissie van zeven mei 2024. Goedenavond allemaal. Welkom gasten op de tribune, commissieleden, raadsleden, bijna het voltallige college en de griffie. Agendapunt één 'de opening' hebben we zojuist gehad. De mededelingen: ik kijk rond of er een commissielid een mededeling heeft. Meneer Hoogerheide. -Ik had een mededeling, maar die is inmiddels ingehaald. -De mededeling is dat mevrouw Van der Werf aanwezig is. Welkom. Agendapunt twee: vaststelling van de agenda. Voor degenen die vanmorgen voor het laatst hebben gekeken, was het nogal schrikken want er is het één en ander bijgekomen. Op verzoek van GroenLinks een schot voor de boeg. Dat is agendapunt vier en gaat over de werkzaamheden op Mienterglop. Omdat dit pas ter elfde uur binnengekomen is en omdat niet alle commissieleden dit in de fracties hebben kunnen bespreken, wil ik dit punt niet beperken tot één woordvoerder per fractie. Kunnen wij met deze mededeling de agenda vaststellen? Dan doen w dat. Punt drie is de rondvraag publiek. We hebben twee aanmeldingen en wil eerst mevrouw Bakker het woord geven. Goed u weer te zien. Deze oma heeft iets geks ontdekt. Mijn hele leven ben ik al gek op beesten.
Zo klein als ik was, had ik een voorkeur voor apen, maar de kangoeroe vond ik het geweldigst. Haar kind was overal welkom en mocht er altijd in- en uitspringen. Ik ontdekte echter dat de Texelse kangoeroe heel anders is en zorgt alleen voor oude mensen. Zie hier het voorbeeld. Ze mogen dichtbij het Bronnetje wonen, maar voor het eigen kind heeft de kangoeroe op Texel helemaal niet zoveel over. Het kind mag niet in - ik noem maar iets - de garage of de bijkeuken wonen. Dat vind ik vreemd en is ook het enige wat ik wou zeggen. -Dank voor uw inspraak, mevrouw Bakker. Dat heeft betrekking op de kangoeroewoning. Later dit jaar bespreken we de woonvisie. Ik hoop u hier dan weer te treffen. Een terechte opmerking van de griffier: zijn er vanuit de commissie nog vragen aan mevrouw Bakker. Meneer Hercules. -Voorzitter, ik wil de tip/advies meegeven aan mevrouw Bakker dat de senior kan verhuizen en de kinderen dan in de woning gaan, en de kangoeroe in de kangoeroewoning. Ik weet dat er veel mogelijkheden zijn, maar de kleine mogelijkheden worden op dit eiland heel moeilijk gemaakt. Iedereen hier weet dat ik heel graag met jonge mensen omga. Ik hoor heel vaak: "Oma, er is hier werk genoeg voor ons, maar geen plekje om te wonen. Jij zit wel al een hele tijd gezellig en liefdevol in een kangoeroewoning. Waarom ik niet?" En dat is mijn vraag en daar mogen jullie over nadenken.
Verder nog vragen? -Voldoende stof tot nadenken, mevrouw Bakker. Dank u wel. De volgende inspreker is mevrouw Weijers over Mienterglop. Zoals u weet, is er behoorlijk wat commotie ontstaan door snoei- en kapwerkzaamheden in opdracht van de gemeente Texel. Ik begrijp als bewoner van de Mienterglop dat er een nieuwe waterleiding gelegd moet worden, maar wat ik absoluut niet begrijp,
is dat deze activiteiten plaats moeten vinden midden in het broedseizoen. Het is jaren geleden al besloten en bekend - dat de waterleiding vernieuwd diende te worden en ook dat de graskeien aan beide kanten van de weg gelegd zouden worden. Er is dus ruim voldoende tijd geweest om de werkzaamheden in een andere periode te plannen. Argumenten als wateroverlast afgelopen maanden en het tekort aan waterdruk in de Cocksdorp, worden nu gebruikt als redenen om het kappen van de boomsingel goed praten. Maar de waterdruk is al veel langer zeer matig in de Cocksdorp. Ik vraag me werkelijk af of de aanleg van een nieuwe waterleiding op de Mienterglop daadwerkelijk invloed heeft op de waterdruk in de Cocksdorp, maar ik ben natuurlijk geen expert. Wat een veel logischere verklaring is, is dat deze werkzaamheden even snel gedaan moeten worden, omdat de Bootlaan vanaf oktober maanden afgesloten wordt. En dat de Mienterglop dan mooi breed is om al dat verkeer doorheen te laten gaan. Dit is een doorn in het oog voor de bewoners van de Mienterglop die al jaren vragen om aanpassingen van de maximumsnelheid naar 30 kilometer per uur, omdat er regelmatig zeer gevaarlijke situaties ontstaan door snelheid en drukte. Ook het feit dat de gemeente zich verschuilt achter een quickscan die gedaan is, is een wassen neus.
Bij navraag bij diverse experts blijkt dat een quickscan in het broedseizoen geen enkele zekerheid geeft dat er niet gebroed wordt. Zeker kleine vogeltjes als de heggenmus, de winterkoning en de roodborst verstoppen hun nest zodanig dat deze zelfs door een expert bijna niet te vinden is. In het natuurgebied van landschap Noord-Holland aan de Mienterglop broeden op moment diverse houtsnippen en spechten. Zoals jullie waarschijnlijk wel weten, zijn deze zeer gevoelig voor verstoring. Ook bij mij in de brievenbus broedt er een vogeltje. Dat is op nog geen vier meter afstand van waar er gegraven gaat worden. De heer Dijkstra van de vogelwerkgroep geeft daarnaast ook aan dat het niet alleen maar gaat om broedende vogels, maar dat dat veel meer impact heeft op de natuur. Het weghalen van een gedeeltelijke boomsingel verstoort het biotoop. Insecten leven in de bomen en op de grond. Voedsel voor vogels en hun jongen wordt er gevonden. Het is een schuilplaats en bovenal een voedselbron voor de vleermuis die op de Mienterglop ook dit jaar gelukkig weer gespot is. Kortom een quickscan is er alleen omdat de wet dit vraagt en je kunt je er als opdrachtgever mooi achter verschuilen. Daarnaast wordt deze ecoloog betaald door de opdrachtgever en dat kan zorgen voor verstrengelde belangen. Ik heb de betreffende ecoloog gesproken.
Hij begrijpt ook niet waarom de werkzaamheden tijdens het broedseizoen uitgevoerd moeten worden, maar zijn opdracht was om te kijken naar nesten met eieren, niet naar de impact op de rest van de omgeving. Maar ik hoop dat u begrijpt dat het niet alleen om de wet gaat, maar dat het gaat om de vraag of dit moreel gezien juist is. Wanneer je als gemeente op de eigen website plaats dat je niet mag kappen vanaf maart tot en met augustus omdat vogels en vleermuizen beschermd zijn, dien je wel het goede voorbeeld te geven. Ik begrijp dat er allerlei noodsituaties voor kunnen doen waardoor je als gemeente echt niet anders kan, maar daar is hier geen sprake van. Het zijn ingeplande werkzaamheden in een totaal ongepaste periode. Wat het nog vreemder maakt, is dat de gemeente wijst naar de planning van de PWN,
en dat de PWN zegt dat de gemeente de opdracht heeft gegeven om dit nu te realiseren, zodat ze vanaf oktober aan de slag kunnen op de Bootlaan. Ik overhandig u zo direct een verslag van de heer Dijkstra. Hij kan nu als expert precies duidelijk maken wat de impact is van deze werkzaamheden tijdens dit broedseizoen. Ik hoop dat ik u heb kunnen overtuigen om het college met spoed de opdracht te geven deze enorme verstoring stop te zetten en te verplaatsen tot na het broedseizoen, en om vervolgens ook nog eens te heroverwegen of een verbreding van de Mienterglop een goede oplossing is en het college te adviseren om de maximumsnelheid naar 30 kilometer per uur te brengen. Dank voor uw tijd. -Dat was binnen de vijf minuten. Dank, mevrouw Weijers. Zijn er vanuit de commissie vragen? Ik zie mevrouw Koot en meneer Polderman. Mevrouw Koot. Dank u wel, voorzitter. Mevrouw Weijers, mag ik u een compliment geven voor uw geweldige inspraak. Dank u wel. -Dat was geen vraag. Meneer Polderman. Dank u wel. Wanneer bent u op de hoogte gebracht van deze werkzaamheden? -Nog geen 24 uur van tevoren. Wij hebben op dinsdagmiddag - de dertigste - in de brievenbus een brief gekregen van de gemeente dat op 1 mei de werkzaamheden zouden beginnen. We hebben direct dinsdagmiddag al bezwaar gemaakt bij de gemeente.
Op woensdagochtend heb ik de brief afgegeven met de handtekeningen, want dat hoort nu eenmaal bij bezwaar. Vervolgens heb ik gesprek gehad met iemand van gemeentewerken en die zei: "Dit is het. We kunnen er niets aan doen." Uiteindelijk kwamen we dus niet tot een een oplossing en heb ik een verzoek gediend bij de voorzieningenrechter. Dat ligt nu een beetje lastig, want daar ben ik gisteren door gebeld: "Yvonne, er is geen vergunning afgegeven." Als burger sta je met je rug tegen de muur. We hebben het nu bij de provincie en een advocaat voor de civiele rechter neergelegd. Maar het ligt nu bij jullie en ik hoop dat jullie wat meer invloed hebben. Dank, voorzitter. Er wordt vaker onderhoud gepleegd, maar 24 uur van tevoren klinkt erg kort. Wat maakt deze situatie anders? Hoelang had u van tevoren geïnformeerd willen worden? Het is altijd fijn als je een aantal weken de tijd hebt, want dan kan je als burger op een normale manier reageren op een besluit van de gemeente. Iedereen is het erover eens dat die waterleiding vervangen moet worden, maar het gaat over de periode waarin. Ik woon daar nu 20 jaar en weet precies waar de vogeltjes zitten en wat erop de grond gebeurt. Een quickscan is niet toereikend, zeker niet als alle blaadjes aan de bomen zitten. Je ziet de kleine nesten niet. Als ze op de grond broeden, zie je ze niet. -Dank u wel.
Mevrouw Van de Wetering, een vraag aan het college. Zoals mevrouw Weijers in haar inspraak al zei, staat er op de gemeentelijke website dat er tussen maart en ergens in het najaar niet gekapt mag worden. We hebben afgelopen week een presentatie gehad dat de natuur en de bomen leidend moeten zijn in onze opdrachten qua beheer in onze openbare ruimte. We hebben het niet over de noodzakelijke waterleiding, maar kijkt het college ernaar dat de bewoners één dag van tevoren werden verwittigd?
Meneer Hooijschuur. Dank u wel. Mevrouw Van de Wetering, u heeft gelijk dat we beter moeten communiceren. Ik ben het met u eens dat dit heel kort door de bocht is. We hadden dit eerder op moeten pakken. Excuses daarvoor. Maar dat is denk ik niet het antwoord dat u wilt horen. Het vervangen van die waterleiding is een volgende stap. Het stond op papier dat dit moest gebeuren, en het hoofdkantoor van de PWN moet antwoord geven op de vraag: wanneer kunnen we dit uitvoeren? Zij hebben kortstondig aangegeven: "We hebben nu tijd en kunnen het nu doen." De Bootlaan wordt inderdaad in de herfst vervangen. We gebruiken straks niet de Mienterglop als hoofdader voor de omleidingen straks, want dit zal gebeuren via de Nieuwlanderweg en de Maaikeduinweg. Ik denk dat er zeker mensen over de Mienterglop zullen rijden. Die weg is niet breed en als men daar gaat rijden, worden de kanten stuk gereden. Vandaar dat er graskeien van de ene naar de andere kant worden gelegd, zodat we straks niet veel onderhoud aan die weg hebben. Maar hij staat niet op de nominatie als ontsluitingsweg voor het verkeer. Een vervolgvraag van mevrouw Van de Wetering. Ik vind het een bijzonder antwoord. Ik weet dat de zijwegen van de Postweg pas na de renovatie werden gedaan. Ook al liggen er graskeien, dan wordt het alsnog stuk gereden. Maar goed, het gaat om het broedseizoen.
Is er een mogelijkheid om de werkzaamheden op een ander tijdstip uit te voeren? Wethouder. -Het snoeiwerk is praktisch klaar. Nog vijf bomen. We hebben overhangende takken weggezaagd. Het is niet zo dat we snoeiwerken hebben uitgevoerd in die singel. Het was enkel aan de zijkanten. Ik heb van de gemeentewerken begrepen dat er nog vijf à zes takken weggezaagd moeten worden. Ik kom nog even terug op uw punt: de zijwegen van de Postweg hadden geen graskeien. Die hebben we er daarna pas neergelegd. Aan deze weg liggen er wel al graskeien en die herleggen we van de ene kant naar de andere kant. Dat is het verschil. -Meneer Zegel. Dank u wel, voorzitter. Het is al iets duidelijker, maar nog niet helemaal. Er is nog wat onduidelijkheid over wie de initiatiefnemer is van deze ingrijpende werkzaamheden op deze korte termijn. Ik begrijp dat het een samenspel is tussen gemeente en PWN die op korte termijn aan de slag willen. Kan de portefeuillehouder daar nog iets meer duidelijkheid over geven? Ik begrijp dat de Mienterglop niet als hoofdomrijroute gebruikt zal worden voor de werkzaamheden aan de Bootlaan, maar dat het college wel bang is voor verkeer over die route en daarom de bermen van die weg wil versterken. Maar we zouden die sluiproutes ook niet toe kunnen staan, en dus ontmoedigen of zelfs verbieden om die route te gebruiken. Hoe kijkt het college daarnaar? -Wethouder.
We kunnen het sluipverkeer niet helemaal tegenhouden, de heer Zegel. Daar wonen mensen en om de hoek is er een recreatieve bungalow. Om terug te komen op het snoeiwerk, de PWN heeft gezegd: als we het nu niet doen, dan gebeurt het de eerste vijf jaar niet. Dit heeft dan ook gevolgen voor de Bootlaan, want ik heb begrepen dat er een hoofdleiding door de Mienterglop loopt richting de Bootlaan. Als we die ook vervangen, kunnen we daarop aansluiten want die gaat ook naar de Cocksdorp. Het is dus wenselijk om eerst die hoofdlijn te vernieuwen, zodat we in de herfstvakantie daarop kunnen verder gaan. Maar de Mienterglop staat op de nominatie
niet als route voor het verkeer naar de Koog. Dat zijn andere wegen. -Meneer Schuiringa. Dank u, voorzitter. In een maand tijd hebben we al twee aangelegenheden met snoeien. Eerst moet de heer Kuiper bij de rechtbank zijn zaakjes regelen en nu moet mevrouw Weijers een voorlopige voorziening aanvragen. Is dit niet vragen naar een juridisering van allerlei problemen die makkelijk opgelost kunnen worden met snelle communicatie? Dank u. Kunt u daarop antwoorden? -De rechtszaak van meneer Kuiper heeft volgens mij niet te maken met de Mienterglop, maar omdat er bomen op een privéterrein werden gesnoeid. Hier gaat het over een gemeenteweg, waar we de kanten snoeien als deel van het onderhoud en niet met een vergunning. -Vervolgvraag, meneer Schuiringa. Meneer Hooijschuur, het zijn gesprekken over gemeentewerken die worden doorgezet totdat de rechter ingrijpt. Dat vind ik niet prettig. Dank u. -Dat was geen vraag. Meneer Polderman. Dank u, voorzitter. Ik heb begrepen dat de snoeiwerken ongeveer 1m75 in de singel waren. De overhangende takken waren vrij kort. We hebben dit gesprek al vaker gehad. De heer Schuiringa zei het ook al: er wordt vaker met de burger gepraat over zaken die te laat worden aangehaald. Voor de coalitie staat communicatie met de burger hoog in het vaandel. Dit gaat voor de zoveelste keer mis.
Ik wil graag van het college horen hoe we dit kunnen verbeteren? Had dit gekund voor we begonnen met de Bootlaan? -Op uw eerste vraag kan ik u antwoorden dat we de communicatie gaan verbeteren. De heer Kieft heeft de communicatie in zijn portefeuille genomen omwille van de participatiewet. Er wordt druk aan gewerkt om dit te beter op te pakken, ook vanuit de gemeentewerken. De snoeiwerken later doen? Je zit altijd met de seizoenen. Nu zijn er de vogels en in de zomer zijn er de vakantiegangers die daar fietsen. En in oktober wordt er gestart met de Bootlaan, dus tegen dan moet dit klaar zijn want anders loop je de kans dat we niet klaar zijn met de waterleiding in de Mienterglop. Daarom werden die takken nu weggehaald langs de Mienterglop. -Een vervolgvraag. Dank u, voorzitter. Ik wil graag aan het college meegeven dat als u van de burger verwacht dat dit een bepaalde tijd moet gebeuren, u daar zelf ook aan moet voldoen. Anders wordt herhaald en blijven we tot in de eeuwigheid hiermee bezig. Ik ga nog even mijn lijstje af, maar ik heb het idee dat de agendapunten door elkaar lopen. Ik wil u vragen om de vragen te beperken tot hetgeen is ingebracht door de inspreker. Meneer Rutten. Dank u, voorzitter. We hadden schriftelijke vragen gesteld en die heeft het college al beantwoord. Complimenten voor de snelheid.
We snappen dat van de waterleiding en dat het lastig is om dit af te stemmen met de planning van PWN. Maar u wist dat u aan de gang ging met de Bootlaan en dat die graskeien aan de Mienterglop erin moeten. Waarom konden die snoeiwerkzaamheden niet in februari gebeuren, zodat dit voor het broedseizoen klaar was en er ruimte was om de Mienterglop aan te pakken? Kunt u dat toelichten? Meneer Hooijschuur. -U stelt een lastige vraag, want ik ga niet over de planning van het onderhoud en het snoeien van de bomen in Texel. Ik heb wel begrepen dat we op de nominatie stonden om dit uit te voeren. Op een gegeven zei PWN:
"We doen het toch dit voorjaar. Nu komt het ons uit, en anders zal u vijf jaar moeten wachten." Dat is de reden waarom we kortstondig die snoeiwerken hebben ingezet. Het ging hierbij alleen om de overhangende takken. Meneer Hoogerheide. Dank u wel, voorzitter. Gehoord hebbende mevrouw Weijers en de wethouder, denken wij: waar gaat het nu verkeerd? Ik wil denken in oplossingen, zoals een goed computersysteem voor planningen, met daarin de bijbehorende prioriteiten en het overleg met de burger. We hebben onze mond vol over participatie en inwonersberaad, maar zullen dit zelf in praktijk moeten brengen. Het verzoek aan het college - of diegene die hiermee te maken heeft is om te zorgen voor een adequate planning met een goed overleg. Met een vraagteken aan het einde. De heer Soyer, dan de heer Zegel en dan mevrouw Van de Wetering. -Dank u wel, voorzitter. Ik wilde even richting meneer Polderman zeggen dat zijn vraag exact de inhoud is van het 'schot voor de boeg' wat we op de kaart gezet hebben. Terechte opmerking. Daarom gaf ik daarnet al aan dat de onderwerpen door elkaar gaan. Met zo'n actueel onderwerp is dat niet helemaal te voorkomen. Meneer Zegel. Voorzitter, ik til mijn vraag naar het volgende onderwerp. Dank u wel. Mevrouw Van de Wetering. -Ik wil voor mezelf even iets helder hebben.
Ik merkte namelijk onrust op de tribune als er gesproken wordt over 'een paar overhangende takken'. Weet de wethouder precies wat er gesnoeid werd? Eén meter 75 is ongeveer de boomsingel die naast het Skillepaadje staat en dan is het niet even snoeien. De tweede vraag: werd er door de PWN echt vijf jaar gezegd? Dat is chantage, wethouder. Bent u dat met mij eens? Twee vragen. -Ik ben er drie keer langs gefietst toen de ophef errond begon. Ik stel voor dat we samen eens daar gaan fietsen zodat u zelf kan zien wat er is weggezaagd. Ik heb niet gezegd dat het vijf jaar duurt, maar zij hebben gezegd: "Als het nu niet gebeurt, kan het zijn dat het vijf jaar duurt voordat we het weer doen." Het kan zijn dat ze binnen twee jaar langskomen, maar wij willen graag dat de Bootlaan klaar is. Daarom hebben we dat nu gedaan. -Enige nuance in wat er eerder gezegd is. Kan ik daarmee de publieksvraag beëindigen? Meneer Huisman. -De inwoners van die bewuste straat krijgen op 30 april een brief en op één mei wordt het al uitgevoerd. Heeft PWN op 29 april contact opgenomen met de gemeente? -Het zal niet op de dag geweest zijn dat u zegt, maar ik geeft toe dat de communicatie beter had gekund. Daar bied ik mijn excuses voor aan. We hadden dit eerder kunnen communiceren met de bewoners. -Ik zie geen handen meer. Dat betekent dat we dit agendapunt afsluiten.
We komen bij agendapunt vier: op verzoek van GroenLinks het schot voor de boeg over het onderwerp wat zojuist al besproken is. Wie kan ik hierover het woord geven van de fractie van GroenLinks? De heer Soyer. -Dank u wel, voorzitter. Ik ben uiteraard heel blij met de inbreng van mevrouw Weijers, vooral met de ecologische kant van haar verhaal. Ons 'schot voor de boeg' gaat niet in op haar verzoek om de resterende werkzaamheden stop te zetten. In de raadsvergadering kan dat altijd wel gebeuren, maar het gaat er mij vooral om, om na te gaan
hoe we dit gedoe nu eindelijk een keer kunnen voorkomen. De raads- en commissieleden hebben kunnen lezen waarom wij dit schot voor de boeg willen geven. Maar voor de anderen wil ik het graag toelichten. Dit jaar is er regelmatig onrust over werkzaamheden in het groen of die verstoring in de natuur geven. Een kleine greep: de bomen van de Rozendijk het verwijderen van de bosschage hoe Bernardlaan-Sluyscoog, het in de broedtijd inpakken van de kerktoren in de Waal, en dan nu het Mienterglop. De kernvraag die de bewoners steeds stellen is: waarom? Waarom nu? Waarom zo? En dan vaak aansluitend: wij willen meedenken. Wij willen de brief over Mienterglop agenderen om te bespreken hoe we de steeds ontstane onrust kunnen voorkomen. De brief gaat vooral over procedurele en verkeerskundige aspecten, maar in de publiciteit en de ontvangen mails wordt het ecologische aspect veel meer benadrukt. Wij willen graag beide aspecten meenemen. Wat eveneens speelt, is het wantrouwen dat steeds meer inwoners richting de overheden en de politiek hebben. Wat kan de gemeente Texel doen om hier tegenwicht aan te bieden? Daar willen we graag onze mening over geven, maar vooral die van de andere fracties en het college horen. Dank u wel. Iemand die wil reageren op het schot voor de boeg? Mevrouw Van de Wetering, mevrouw Koot, meneer Zegel en meneer Huisman. Dank u wel, voorzitter.
Richting GroenLinks, ik ben heel blij met dit schot voor de boeg. Misschien is het jullie al opgevallen, maar ik maak me al jaren druk om de bomen op Texel. Heel lang heb ik het gevoel gehad dat ik een soort roepende in de woestijn was. Het valt mij op dat er op dit moment steeds meer besef komt binnen het college en de avonden - dat de boom centraal gaat worden, omdat we door de opwarming van de planeet, schaduwwerking enzovoort, deze ecologische waarde nodig hebben. Ik denk dat jullie wel weten hoe ik over dit onderwerp denk. Ik ben eerder benieuwd naar de anderen. Ik heb altijd gezegd: zorg dat (vooral grote) bomen beschermd worden in bouwprojecten. Dat kan op het vaste land, dus waar om niet hier? Hier is de zaag de eerste oplossing, en ik wil daar heel graag verandering in zien. Mevrouw Koot. -Dank u, voorzitter. Voorzitter, het schot voor de boeg van GroenLinks is helemaal overbodig. Wat er moet gebeuren, is dat de gemeente zich aan zijn eigen richtlijnen gaat houden. De richtlijnen zijn heel duidelijk. We hebben het er hier jaar in jaar uit over wat we op papier hebben staan hoe mensen met natuur om moeten gaan en hoe we om willen gaan met informatie naar de inwoners over wat er gaat gebeuren. Dit schot voor de boeg kan ik heel makkelijk beantwoorden: als de gemeente doet wat ze voor zichzelf opgesteld hebben, is er helemaal niks meer aan de hand. Maar dat doen ze niet.
Zo simpel is het. -Dank, mevrouw Koot. Meneer ZEgel. -Voorzitter, dank u wel. Ik ben blij met het antwoord van mevrouw Koot. Ik ben ook benieuwd naar de antwoorden van het college zo meteen. Ik denk dat we volledig op één lijn zitten met D66, zie ook de motie Boom voor Boom die we vorig jaar samen hebben ingediend. Dat gezegd hebbende, is het de laatste tijd vaak onrustig, zoals mijn collega Soyer al aangaf. Veel ophef in de samenleving en de raadzaal. Ik ben benieuwd wat de portefeuillehouder -
die sinds kort communicatie en participatie in zijn portefeuille heeft - vindt van dit traject en vergelijkbare situaties. En hoe hij dit in het vervolg gaat aanpakken. Dank.Meneer Huisman. -Dank u, voorzitter. GroenLinks, goed dat jullie dat onderwerp op de agenda gezet hebben. Ik heb wel een andere insteek, want voor mij valt alles samen met de communicatie en daarin gezien de inspraak van mevrouw Weijers - faalde men weer in. De inleiding bij de vragen van het CDA had één op één van mij kunnen zijn. Complimenten daarvoor. Het CDA constateert dat kappen en snoeien normale onderhoudswerken zijn die van tijd tot tijd nodig zijn, maar zoals gezegd: we hebben strenge regels voor onze inwoners, houden rekening met het broedseizoen en bij bouwactiviteiten zijn er hele dure ecologische QuickScans vereist. Het zou heel raar zijn als deze gemeente die regels aan zijn laars lapt. Zoals ik al zei, blijft het grote struikelblok de communicatie. Eén dag vooraf melden wat er gaat gebeuren, is niet meer van deze tijd. Ik zou heel graag in de communicatie het volgende willen zien: we weten wat er moet gebeuren, ongeveer wanneer en welke richting het uitgaat. Pak het op en ga met die mensen in gesprek. Dit een makkelijk participatietraject dat je kan volgen. Ik maak het rondje af voordat ik het college de gelegenheid geef om te reageren. De heer Polderman. Dank u, voorzitter.
Meneer Huisman heeft alles gezegd wat ik had willen zeggen. Ik wil er nog wel iets aan toevoegen: we begrijpen heel goed dat als er wat gedaan moet worden en de planning niet goed gaat, er dan naar een oplossing moet worden gezocht. Maar laten we deze oplossing met z'n allen zoeken en niet vanuit één kant. Ik denk dat het allerbelangrijkste is in dit verhaal. -Voordat we teruggaan naar meneer Soyer, mevrouw Visser nog. -Dank u wel. Ik ben ook blij dat er over gesproken wordt vanavond, juist vanwege wat GroenLinks onrust en gedoe noemt. Daarbij wil ik wel inbrengen dat burgers ontzettend blij zijn met de hoek Bernardlaan-Sluyscoog, omdat er nu eindelijk een verkeersveilige situatie is ontstaan. Er zijn burgers die op dit moment verzoeken indienen bij de gemeente voor laaghangende takken, omdat er niet genoeg gesnoeid is. Er wordt altijd één kant gehoord, terwijl er de 'zwijgende' groep best tevreden is. Op het moment dat burgers niet vragen om laaghangende takken te snoeien op het moment dat er een familie in het broedseizoen zit, blijkt de hele gemeenschap daar rekening mee te willen houden. Ik heb nog wel een vraag aan het college. Mevrouw Weijers gaf dat er met de quickscan alleen gekeken is naar nesten met eieren en niet andere ecologische effecten. Dat klonk mij logisch in de oren, omdat je die werkzaamheden niet in het broedseizoen wil.
Het enige wat dan van belang is, zijn die nesten met eieren. Alle andere ecologische verstoringen zijn er ook als je het snoeien drie maanden uitstelt. Ik wil nog meegeven dat het grootste probleem de communicatie en participatie is. Ik ben blij dat we het daarover hebben. Ik wil er ook nog op wijzen dat er door het ministerie van L&V er een gedragscode is opgesteld voor het snoeien in het broedseizoen.
Ik neem aan dat als we die gedragscode implementeren in de werkzaamheden van gemeentewerken, we al een heel eind kunnen komen. Tot zover. -Dank, mevrouw Visser. Meneer Soyer. Dank u wel, voorzitter. Ik heb geluisterd en wil graag onze of mijn mening geven. Ik ga uit van vertrouwen. Vertrouwen dat de medewerkers van de gemeente Texel het beste doel voor ogen hebben. Maar er zijn verschillende en soms strijdige belangen. Snel versus zorgvuldig, goedkoop versus kwalitatief, direct aanwonenden versus Texelaars, Texelaars versus toeristen. Het is aan de politiek om afwegingen te maken, maar die zijn vaak hoogover en meestal in een algemene kaders. Dan is het aan de uitvoering en de uitvoerders om het wat, waarom en het hoe te communiceren, en daar zijn wel kaders voor te geven. Ik wil er graag vier noemen. Tijdig, dus niet een paar dagen voor aanvang van het werk. Bij planbare beweegzaamheden is een vooraankondiging met het wat, waarom en het hoe uiterst zinvol. Dat nodigt uit tot meedenken en verbeteren. Leg uit. Texelaars zijn mondig en vaak ook deskundig. Op bijna alle gebieden zijn er experts onder de Texelse inwoners. Wees hierop voorbereid in de uitleg. Maak ook duidelijk welke eventueel externe expertise er is gebruikt. Dus wanneer er bijvoorbeeld ecologisch advies gegeven is, meldt dan de bevindingen. Bij lastige keuzes, meldt dan welke afweging is gemaakt.
Wees proactief in de communicatie. Wanneer de gemeente in de Texelse krant moet reageren, dan ben je echt te laat. Politieke gevoeligheid of ondersteuning hierbij om in te schatten of iets gevoelig is, ligt hier aan de basis. Eén tip: bomen, dieren en fietsers zijn dit altijd. Beperk communicatie niet tot de direct aanwonenden het eiland is van alle Texelaars. Reacties op de bomen aan de Rozendijk laten dit duidelijk zien. Vaak is die mening niet gebaseerd op veel feiten en informatie, maar die informatie kan de gemeente dus verstrekken. Wat we moeten doen met de oordelen van overkanters, laat ik maar even buiten beschouwing. Ik ben benieuwd of de raad en het college zich kunnen vinden in deze niet uitputtende kaders. Dank. -Dank, meneer Soyer. Even richting alle commissieleden de oproep om zich te richten tot het college en niet tot de organisatie en de medewerkers. Het college zit hier aan tafel en die kunnen vragen beantwoorden en reageren. Wethouder Kieft wil ik graag het woord geven over de communicatie. Daarna meneer Hooijschuur voor de vraag van mevrouw Visser over de quickscan. Meneer Kieft. Voorzitter, dank u wel. Ik kan u vertellen dat wij vanmorgen in het college ook over deze casus gesproken hebben, dat wij - met u - niet blij zijn met hoe het gaat en vinden dat dit niet nog een keer moet gebeuren.
Wij spreken daarom ook over hoe we dat kunnen bereiken en zodra wij dat hebben uitgewerkt, zullen wij u daarover informeren. Ik wil u ervan overtuigen dat echt menens is in het college. Elke keer dit gebeurt, staan we met 10-0 achter en moeten we weer uitleggen hoe het echt was bedoeld. Daar willen we vanaf. -Meneer Zegel had nog een vraag gesteld. Voorzitter, ik had de vraag nog iets breder gesteld, maar ik word ook wel getriggerd door het antwoord van de portefeuillehouder. 'Zodra we hebben uitgewerkt hoe we het straks gaan doen', klinkt nogal vrijblijvend. Het is niet meetbaar. Er is geen tijdspad.
Ik ben erg benieuwd hoe het college daarnaar kijkt. Meneer Kieft. -Voorzitter, u begrijpt dat wij het over delen van de organisatie hebben. Dat vraagt zorgvuldigheid. We moeten kijken naar wat er kan, en in welke volgorde wij dingen moeten afspreken en beklinken. Ik durf geen termijn te noemen, maar ik geef wel aan dat we voor de zomer met een mededeling daarover zullen komen. Meneer Zegel. -Voorzitter, dan blijft dat andere deel van mijn eerdere vraag nog staan: wat vindt de portefeuillehouder van dit traject en van alle andere voorbeelden van de afgelopen maanden? Ik snap dat het beter moet en komt. Kunt u een kleine terugblik daarop geven. -Meneer Kieft. Dat moet ik voor de vuist weg doen. Er zijn een aantal elementen door de heer Soyer: proactief, tijdig communiceren, ruim van tevoren - en daarbij denk je inderdaad aan een termijn van drie, vier weken zodat de burgers de tijd hebben om zich voor te bereiden - een goede afstemming het jaar rond in de planning, goede analyse waar de aandachtpunten in de communicatie, waar zitten de stakeholders en belanghebbenden? Dat moet vooraf heel goed afgewogen worden zodat je daar een plan op kan maken en ervoor zorgt dat we niet meer in dit soort situaties terechtkomen. Meneer Hooijschuur, wilt u de vraag van mevrouw Visser over de quickscan beantwoorden? -Ik heb het ecologisch rapport zelf niet gezien, maar wel dat die op tafel lag.
Ik moet even navragen hoe dat precies gegaan is. Ik heb het antwoord niet zo voor de hand. -Kunt u uw vraag even heel concreet stellen? Wat wilt u precies weten van het college? Als ik het antwoord van meneer Hooijschuur hoor, denk ik niet dat hij door heeft wat ik bedoel. Als je een quickscan doet omdat je iets gaat doen in het broedseizoen, lijkt het mij logisch dat je dan uitsluitend naar de nesten met eieren kijkt en niet naar de mierenhopen of andere ecologische zaken. Ik begreep van mevrouw Weijers dat zij teleurgesteld is dat erin die quickscan alleen maar wordt gekeken naar de nesten met eieren, terwijl de ecologie zoveel groter is. Ik vroeg me af of het college daar ook zo instaat? De werkzaamheden vinden plaats in het broedseizoen, en dan is de schade aan de rest van het ecologische systeem minder belangrijk. Wat was het kader van de quickscan? Meneer Hooijschuur. Ik denk dat we alleen hebben gekeken naar de eieren en de vogeltjes, en niet naar de muggen en vliegjes die op de grond zitten. Dat is de opdracht die we gegeven hebben. Daar heeft u een punt. Meneer Schuiringa en dan meneer Soyer. -Dank u, voorzitter. Wij zijn redelijk bekend met ecologisch onderzoek. Als je een bureau daarvoor inhuurt, wordt alles meegenomen. Het is al eerder aangegeven: dit soort werkzaamheden kan je het hele jaar door verschuiven.
Een ecologisch onderzoek moet daar een antwoord op geven: in januari dit, in februari dat, enzovoort. -En anders moet je hen ontslaan. Daar hoor ik geen vraag. Naar de afronding van dit agendapunt, meneer Soyer. -Voordat ik naar de afronding ga, nog een opmerking richting mevrouw Visser. De werkzaamheden die daar plaatsvinden, hebben niet alleen effect op de nesten met eieren, maar ook op de territoria en de voedselvoorziening van de vogels die er daarna uitkomen. De werkzaamheden verder dan 1m75 van de wegrand veroorzaken ook onrust.
Dat wilde ik nog even kwijt. Ik vind het heel prettig dat hier door iedereen ongelooflijk serieus is nagedacht over hoe we hiermee verder kunnen gaan. Ik ben heel blij met de toezegging van het college. -Nog twee vingers op het laatste moment. Eerst mevrouw Van de Wetering en dan meneer Polderman. Dank u wel, voorzitter. Ik ben een beetje geschokt dat de wethouder zegt dat er enkel maar vogeltjes werden geteld. Ik hoop dat de wethouder nu beseft dat we als raad misschien een iets breder kader zouden wensen. Misschien is het goed om morgen even terug te kijken, want dat heb ik de wethouder niet horen zeggen. Meneer Polderman. -Dank u, voorzitter. Ik wil toch ook een kleine lans breken voor het college, want ik wel blij met alle werkzaamheden die gedaan worden en dat we proberen om door te blijven gaan, te innoveren en vooruit te gaan. Ik denk dat het allerbelangrijkste is om van tevoren goed te communiceren en daarmee verder te gaan. Dank u wel. De allerlaatste, meneer Huisman. -We hebben het hierover ecologische rapporten. Wethouder, kunt u deze beschikbaar stellen aan de commissie- en raadsleden zodat we kunnen zien wat er wel en niet in zo'n rapport staat. Dan heb je er een veel breder beeld bij. Ik zal hem opvragen, heer Huisman, en stuur het door.
Dan eindigen we dit agendapunt met een toezegging van de portefeuillehouder en gaan we naar het volgende punt: de rondvraag voor de commissieleden. Daarover is in het afgelopen afstemmingsoverleg afgesproken dat rondvragen voor deze vergadering kort, bondig maar vooral actueel moeten zijn. Wie durft? Mevrouw Dros. -Voorzitter, dank. Ik durf omdat ik op 28 april een paar vragen heb gesteld over de blauwtongvaccinaties en die zijn nog niet beantwoord. Eén van die vragen zou ik in de rondvraag willen stellen. Die vragen zijn al schriftelijk gesteld? -Die zijn al schriftelijk gesteld, heb ik geen antwoord op gekregen, terwijl dat wel een hele urgente vraag is, namelijk: of het college mogelijkheden ziet om de Texelse schapenboeren - die hier behoefte aan hebben te ondersteunen in de kosten van de vaccinatie? En: op welke manier dat zou kunnen? -Wiens portefeuille is dit? Meneer Hooijschuur. -Ik zal hem beantwoorden. Wij hebben inderdaad met LTO gesproken en wij stellen als gemeente geld beschikbaar voor die boeren. De heer De Lugt is de trekker hiervan. -Dank voor het antwoord. Dat klinkt goed. Goed nieuws. Meneer Schuiringa. -Dank u, voorzitter. In Amsterdam is het Recyclebedrijf vorige week failliet gegaan. Welke gevolgen heeft dit voor HVC? De hoofdreden was de lage prijs voor gevonden plastic.
Vraag twee: hoe staat het met de planning van maatregelen zodat erop één januari 2027 alleen nog maar schoon water in de gemeente Texel komt? Vraag drie: in verband met het landelijke vaccinatieprogramma van het Rijk is er een foutje opgetreden. Dat foutje behelst zoveel dat het is omgezet naar het regionale gebeuren. Dat betekent dat de wethouders verantwoordelijk zijn voor het uitvoeren van de vaccinaties volgens de wet Persoonlijke Gezondheidszorg. Welke wethouder is daarvoor verantwoordelijk gesteld? Dank u. Kunt verduidelijken welke vaccinatie u bedoelt, meneer Schuiringa?
Algemene vaccinaties tegen besmettelijke ziektes. De gemeente is tegenwoordig verantwoordelijk. Vroeger was dat het Rijk. Dankzij de overheveling in 2015 is dat nu sinds een maand bekend geraakt dat de wethouder daar verantwoordelijk voor is. Dank u. -Vaccinaties bij personen in dit geval. Dank. Drie vragen. Wie kan er een vraag beantwoorden? Meneer Van de Belt. -Dank u wel, voorzitter. Op de laatste vraag over vaccinatie, mocht er een wethouder verantwoordelijk voor zijn - ik denk dat we een collegiaal bestuur zijn en het college verantwoordelijk is - maar dan ben ik dat. Dat is een kort en bondig antwoord. Meneer Kieft. Voorzitter, de heer Schuiringa vraagt naar de gevolgen van het faillissement van het Recyclebedrijf in Amsterdam voor de HVC. Dat weet ik niet uit mijn hoofd en ga ik voor u navragen. Hij vraagt ook naar de stand van zaken Kaderrichtlijn Water per 1/1/'27. We weten allemaal dat de wateren in Nederland - in heel Nederland, overigens - vrijwel niet op orde zijn. Ook op Texel zijn er een paar hotspots te vinden. Ik zal de stand van zaken even voor u navragen bij het Hoogheemraadschap in dit geval. -Heeft u nog een vraag? Even naar aanleiding van het antwoord van de wethouder, voorzitter. Het is niet de bedoeling om in discussie te gaan met de wethouder. De eerste rechtszaken worden al voorbereid in het kader van 1 januari 2027. Dat is de reden van mijn vraag.
Dank u. -Dank, meneer Schuiringa. Iemand anders nog voor de rondvraag? Nee, dan gaan we naar het volgende agendapunt: het voorstel voor het schapenboetenbeleid. Daar heeft zich een inspreker voor gemeld, meneer Boon namens de Stichting Kernwaarden Texel. Ga uw gang. Goedenavond. Ik sta hier gemeld als Stichting Kernwaarden Texel, maar dat is maar één verantwoordelijkheid. Ik sta hier - net als op vier september vorig jaar - als spreekbuis namens een aantal organisaties die begaan zijn met, kort samengevat, de schapenboeten. Het verschil met de vorige keer is dat ons betoog van 1 mei dat u heeft gehad - en hetgeen ik nu ga zeggen, ook wordt ondersteund en onderschreven door de VVV vanuit een toeristisch belang. Meer dan vier miljoen overnachtingen en plus 45.000 slaapplaatsen. Bovendien ondersteunt ook Top Texel ons pleidooi, meer dan 900 Texelse ondernemers. Dat benadrukt nog maar eens hoe belangrijk dit erfgoed wordt gevonden, niet alleen vanwege de cultuurhistorische waarde, maar zeker ook vanwege het imago van Texel dat ermee verbonden is. Schapenboeten en schapen verkeren allebei in de gevarenzone en samen zijn ze beeldbepalend voor het eiland. Dat vraagt om een actief beleid. De erfgoednota van alweer 2017 is wat mij betreft nog steeds actueel.
Die stelde niet voor niks dat bepaalde gebouwtypen zo karakteristiek zijn voor Texel, dat ze indien mogelijk allemaal beschermd moeten worden op hoofdvorm, kleur en materiaalgebruik. Schapenboeten en stolpen. Er is de gemeente dus veel aangelegen om die schapenboeten goed te onderhouden en voor het nageslacht te bewaren. In alle eerlijkheid vragen we ons toch wel een beetje af of de gemeente er veel aan gelegen is. Tuurlijk zijn we hartstikke blij met de nieuwe regeling en de belangstelling van de boeteigenaren daarvoor. Dat biedt hoop. Maar vervolgens hebben we wel moeten constateren dat er een motie van de raad nodig is geweest om ook aandacht te krijgen voor zestien potentieel monumentale boeten. En nu die aandacht is gegeven,
blijkt dat het college ervoor kiest om pas op de plaats te maken in plaats van proactief en met enthousiasme volle kracht vooruit te gaan. Het argument lijkt beschikbaar budget. Instandhouding van die boeten kost geld. De meeste particuliere bezitters - of ze nu boer zijn of niet kunnen - of willen - zich niet veroorloven om die instandhouding voor het algemeen nut uit eigen zak te bekostigen. Dat feit valt niet weg te poetsen. Zonder actie van de gemeente dreigen meer boeten in verval te raken of te verdwijnen. Zie het voorbeeld. Dat is niet wat het resultaat moet zijn als de gemeente er echt veel aan gelegen is om de boeten voor het nageslacht te bewaren. Niet afwachten, maar doorpakken. In dat verband willen we nog de aandacht vestigen op het voornemen van het college om werk te maken van het trots op de boet-gevoel. Dat kan bij eigenaren het gevoel versterken blij te zijn met zo'n echt Texels bouwwerk, maar ook voor toeristen is dit van belang. Monumenten zijn belangrijke toeristische trekkers, zeker als het verhaal bij een gebouw bekend is. Het is een heel goed voornemen van het college en dat vraagt om uitvoering. Wij - en dat is dus inclusief de VVV en Top pleiten daarom voor een hernieuwde inzet van de raad, die erop neerkomt dat het college wordt opgeroepen om snel vast te stellen of de elf boeten monumentwaardig zijn.
Dat wil zeggen dat er een advies komt van de commissie Omgevingskwaliteit en ze vervolgens in de regeling op te nemen, nadat achterstallig onderhoud is weggewerkt. Dank voor uw aandacht. -Keurig binnen de tijd. Dank u wel, meneer Boon. Blijf even staan, want er zijn nog een aantal vragen. Ik zie eerst meneer Polderman en dan meneer Hoogerheide. Dank u, voorzitter. Meneer Boon, als u de bestemming zou kunnen wijzigen van een schapenboet, dus de buitenkant blijft hetzelfde maar je mag er meerdere dingen in doen, denkt u dat dan ten goede zou komen van de schapenboet zodat deze makkelijker in ere kan worden hersteld? -Dat is een hypothetische vraag en kan ik moeilijk op antwoorden. Dat is verder niet bekeken of onderzocht. Feit is dat er nogal wat boeten zijn die een ander gebruik kennen dan volgens de bestemming is toegestaan. Meneer Polderman. -Als ik het goed heb begrepen, zijn dit wel de boeten die er het mooist uitzien. Ik weet niet of u daarvan op de hoogte bent, maar als ik mijn onderzoek goed heb gedaan, zie ik dat deze boeten er allemaal heel strak en netjes uitzien. Ik stel deze vraag omdat dit wellicht een makkelijkere manier zou kunnen om niet zozeer het geld bij het college vandaan te halen, maar - en ik wil niet zeggen een verdienmodel er aan te hangen om ervoor te zorgen dat mensen op een makkelijkere manier hun boeten kunnen onderhouden.
-Volgens mij hebben we dat aspect al eerder behandeld, maar ik kan daar verder weinig over zeggen, want ik ken uw inventarisatie niet om daar zinvol op in te gaan. Dat lijkt me iets wat het college kan meenemen. Meneer Hoogerheide. -Dank u wel, voorzitter. Meneer Boon, ik ben fan van de schapenboeten want ze passen en horen in het landschap. Ik heb altijd gesteld en stel het nu weer: wie zijn verleden niet kent, verdwaalt in zijn eigen toekomst. We moeten dus waken over onze schapenboeten. Mijn concrete vraag aan u is: u en al die andere organisaties
hebben een brief geschreven aan het college. In hoeverre is die brief voldoende beantwoord? Heeft die brief een richting gegeven? -De richting die wij hebben gegeven, sluit volledig aan op de motie die deze raad eerder heeft aangenomen, namelijk: neem die zestien boeten voortvarend mee. Dat heeft het college uiteindelijk gedaan. Meer kan ik er niet over zeggen. Dank. Dan constateer ik dat er geen vragen meer zijn. Bedankt voor uw inspraak, meneer Boon. Dan gaan we naar de behandeling van het punt en wil ik voorstellen om de ingediende motie en het stuk in één keer te behandelen. Wie van de indieners wil de motie toelichten? Mevrouw Van de Wetering. Dank u wel, voorzitter. De heer Boon stond hier als inspreker namens Stichting Dorpsherstel, de Historische Vereniging Texel, Agrarische Natuuren Landschapsvereniging De Lieuw Texel, Boerderijstichting Noord-Holland, Stichting Kernwaarden Texel, VVV, LTO en Top. Dat zijn nogal wat organisaties en geeft aan dat de schapenboet breed gedragen wordt door Texel. Het voorstel van het college is om de elf boeten die mee doen als momentale panden - niet te willen meenemen in deze herstelronde voor het behoud van ons erfgoed op de langere termijn. Initieel waren het zestien monumentale boeten, maar elf eigenaren hebben aangegeven om daadwerkelijk die stap te willen zetten. Dat is in het verleden een aantal keer het punt geweest.
We hebben mooie panden op Texel gehad, maar waarvan de eigenaar de monumentale status weigerde. Met als gevolg dat dergelijke panden dreigden te verdwijnen. In sommige gevallen hebben we door veel communicatie daar toch nog een stokje voor kunnen steken. Die monumentale status op die schapenboeten is ook voor ons van belang, want dat geeft langs beide kanten een verplichting maar ook een behoud voor de toekomst. Als we nog langer wachten, zal het onderhoud alleen maar meer kosten. We moeten deze potentiële monumentale schapenboeten daadwerkelijk die monumentale status geven en opnemen in ons programma voor behoud van deze boete. Ik pleit samen met GroenZwart - die mede-indiener is van deze motie in deze raad om dit erfgoed te willen bewaren. Nog even richting Hart Voor Texel over de andere doeleinden: ik zie dan een vakantiehuisje waar fietsen, auto's en paarden door het landschap dwars naartoe moeten. Dat is niet hoe ik een schapenboet in ons landschap zie staan. Dat lokt een reactie uit bij meneer Polderman. Dat is logisch. Dit is de makkelijke weg voor mevrouw Van de Wetering. Dat is zeker niet wat we moeten willen. Ik wil alleen maar zeggen dat je op dit moment niets met een schapenboet mag doen. Je kan het als opstal gebruiken voor je dieren en wat hooi ingooien, maar daar blijft het bij.
Willen we het rendabel maken en niet altijd maar op het college hoeven hangen - wat we heel vaak doen wil ik voorstellen om eens na te denken over of we er toch niet iets meer mee zouden kunnen. En dan niet per se voor toeristen of iets dergelijks. -Mevrouw Van de Wetering. Ik wil daar nog even op reageren. Het geld wat het college heeft, is gezamenlijk, maatschappelijk geld. Ons erfgoed is ook iets
gezamenlijks. Ik denk dat dit een hele goede besteding van het geld zou zijn. -Meneer Polderman. Ik ben het helemaal met u eens dat het voor het grote belang is. Maar het is wel van iemand en diegene moet er zorg voor dragen. De mede-indiener, mevrouw Koot. -Dank u, voorzitter. Voorzitter, wat GroenZwart betreft, is dit het moment. We zouden het echt schandalig vinden als de gemeenteraad niet volop inzet op het behoud van de schapenboeten op Texel. Al jarenlang zien we de teruggang van de schapenboeten en is de politiek bezig om dit cultureel erfgoed te bewaren. We hebben er speciale ambtenaren voor aangesteld. We hebben ik weet niet wat allemaal gedaan. Nu is er de mogelijkheid om dit vast te leggen en dit cultureel erfgoed te bewaren. Niet over een paar jaar en afwachten hoe het hiermee gaat. Want zoals mijn collega al zei, de schapenboeten gaan er alleen maar verder op achteruit. Nu is het moment om door te pakken. Als de politiek nu niet thuis geeft, is alle inzet en energie - van de ambtenaren die wij aan het werk gezet hebben en de betrokkenen die wij uitgenodigd hebben om mee te denken voor niets geweest. De inwoner zal teleurgesteld zijn in haar gemeentebestuur. -Wie van andere partijen kan ik het woord geven? Meneer Huisman, mevrouw Dros en mevrouw Visser. Meneer Huisman. -Dank u, voorzitter.
We gaan mee in het advies van het college om het achterstallig onderhoud op die vijf schapenboeten weg te werken. Daarnaast vindt de VVD dit wel een magere uitwerking van de motie Texels Erfgoed op peil, die is aangenomen. Het lijkt erop alsof u te weinig tijd heeft gehad om dit goed te kunnen uitwerken. Wij vinden het een gemiste kans om die elf potentiële monumentale boeten zomaar te laten gaan, want van die elf blijken er vijf een zeer goede onderhoudstatus te hebben. Er blijven er dan nog zes over. De VVD heeft er best wel wat voor over om die boeten als Texels erfgoed te behouden, maar kunnen niet meegaan in de reactie die het college vanmiddag heeft gegeven, namelijk: als jullie dit aannemen, doe dan 100 procent. Wij vinden dat de eigenaren ook financieel mogen bijdragen. We vinden dat er actief naar subsidiebijdragen moet worden gezocht om zo het plaatje rond te krijgen. Wij willen dat u het voorstel verder uitwerkt in lijn met de motie Texels Erfgoed op peil en met een voorstel terugkomt naar de raad waarin die elf schapenboeten toch die monumentale status kunnen krijgen. Om dit wat tijd te geven, zou het wat ons betreft mooie zijn als dit voorstel er komt tijdens de behandeling van de programmabegroting. Maar ik begrijp dat de Stichting Dorpsherstel wat moeilijkheden ondervindt met de werkzaamheden.
Dus als dat in de perspectiefnota van volgend jaar komt, is dat voor ons ook goed. Ik wil nog even de reactie van het collega afwachten. Aan de indieners van de motie wil ik zeggen: Als jullie ervoor open staan om een paar kleine wijzigingen in de besluitpunten door te voeren in lijn zoals ik net heb geschetst, ga ik graag met jullie het gesprek aan en dan is het streven om mede-indiener te zijn van een aangepaste motie. Er gaan kopjes koffie gedronken worden. Mevrouw Dros. Ik heb u gezien. Dank u, voorzitter. Ik heb eerst nog een vraag: heb ik het goed begrepen dat er van zestien potentiële monumentale boeten, er elf eigenaren
eventueel mee willen gaan? Het getal is gewijzigd van drie naar vijf die in goede staat zijn. Zes zijn er niet in goede staat. Bestaat er een mogelijkheid om die vijf mee te nemen richting een monumentale status? Dat brengt dan volgens mij geen extra incidentele kosten met zich mee, omdat er geen onderhoud op gepleegd moet worden. Enkel structurele kosten. Heb ik dat goed begrepen? We sparen de vragen even op. Mevrouw Visser en dan mevrouw Koot. -Dank. Ik heb vragen aan de portefeuillehouder. We hebben een reactie op deze motie vanuit het college ontvangen en de laatste zin daarin luidt: "Het college adviseert om hierin dan dezelfde lijn te volgen als bij de monumentale schapenboeten en dus een bijdrage van 100 procent te leveren." Is die bijdrage van 100 procent dan gelijk aan alternatief twee in het bestuurlijk advies? Komt het dan neer op 542.000 euro extra kosten in 2015 voor alle schapenboeten die dan opgeknapt worden en 52.000 euro structureel? Mijn tweede vraag naar aanleiding daarvan is: kunnen wij zomaar 100 procent kosten vergoeden voor particulier eigendom waar wij geen verantwoordelijkheid voor hebben? Ik begrijp dat wij bij monumentale panden een eigen verantwoordelijkheid hebben.
Als we die schapenboeten - waarop achterstallig onderhoud is op kosten van de gemeenschap willen opknappen, is dat dan geen vorm van staatssteun of iets anders? We hebben ook het gelijkheidsbeginsel. We dragen voor andere particuliere eigendommen ook niet de kosten als wij geen verantwoordelijkheid hebben. Ik hoop dat het college op uw eerste vraag een antwoord kan fabriceren. Ik geef de wethouder even de tijd. Ondertussen kan mevrouw Koot reageren op meneer Huisman denk ik. Mevrouw Koot. -In de voorgaande discussie en in de inbreng van meneer Huisman, wordt er aangegeven dat de Stichting Dorpsherstel problemen zou hebben met het feit dat er meer schapenboeten in de regeling zouden komen. Dat snap ik niet helemaal. Meneer Boon heeft ook namens de Stichting Dorpsherstel - ervoor gepleit om die zestien andere boeten mee te nemen. Kan de wethouder even uitleggen hoe dat nu zit? Er is wat onduidelijkheid over hoeveel capaciteit Stichting Dorpsherstel heeft om hieraan mee te werken. De brief wordt wel ondersteund, maar er zijn wat gemixte signalen. Wethouder Van de Belt. -Dank u wel, voorzitter. De techniek van de vragen en de cijfers doen we wel wat duizelen. Ik zal eerst even beginnen met een argumentatie waarom het voorstel er nu zo ligt.
We doen nu opeens allemaal weer heel erg negatief, terwijl ik vind dat u ontzettend trots op uzelf mag zijn dat u in september een besluit heeft genomen tot het in standhouden van 42 monumentale boeten, en dat u daar 140.000 euro per jaar voor beschikbaar wilt stellen om te investeren in particulier eigendom. Dat heeft u zelf besloten en daar mag u ook trots op zijn. Het initiatief voor die regeling kwam voort uit de organisaties die nu opnieuw hebben ingesproken. Ook wij hebben daar met z'n allen op dat moment denk ik - onze erkentelijkheid voor uitgesproken. Probeer nu niet te doen alsof het voorstel wat er nu ligt, ongeveer het einde zou betekenen van de schapenboeten op het eiland. Sterker nog, u vond het destijds een ontzettend goed voorstel,
maar wilde daar misschien nog wat meer in doen. U heeft namelijk gevraagd een inventarisatie te maken van de kwaliteit van de overige zestien en van de overige 42. U heeft niet gezegd wat de consequentie van die inventarisatie moet zijn. U heeft aan het college gevraagd: maak een inschatting op basis van die inventarisatie. Die inschatting hebben wij gemaakt. Naar aanleiding van de motie die heel positief gesteld wordt, ligt er nu een voorstel om alsnog drie van die monumentale boeten met gemeentegeld op te knappen en ze op dat niveau te krijgen. Daarnaast zijn er nog zestien boeten die geen monumentale status hebben. Eén van de afwegingen die het college heeft gemaakt, is: waar houdt onze verantwoordelijkheid op? Begint die bij monumenten of begint die bij niet-monumenten die mogelijk monumenten zijn? Een tweede argument is van financiële aard. Ik heb het bedrag niet helemaal stevig voor mij, maar we hebben hier wel over vijf ton dat u extra gaat investeren - bovenop het advies dat het college doet in particulier eigendom, om panden die op dit moment geen monument zijn, op te knappen op het niveau waarop ze wel als monument zou kunnen beschouwen en ze die status ook zouden kunnen aanvragen. Ik zou het onterecht vinden dat u zichzelf tekort doet door te zeggen: we doen met z'n allen te weinig aan de schapenboeten.
Ik kan begrijpen dat men zegt: we moeten daar nog meer aan doen. In het advies staan vrij helder wat de voors en tegens zijn van de afweging die het college heeft gemaakt. U staat u vrij daarin een andere afweging te maken. Even los daarvan gaat het om 42 monumentale boeten die wij als dusdanig herkennen. Maar daarnaast zijn er nog negen monumentale boeten in het beheer van het Staatsbosbeheer. Dus we hebben het inmiddels over negen goed onderhouden Staatsbosbeheer monumentale boeten, plus 42 die u in uw beheer wil nemen plus het onderhoud ervan overneemt. Dus 51 boeten. Dan hebben we het toch aardig over een behoorlijke bescherming van het erfgoed ten opzichte van drie jaar geleden. De regeling is pas in werking gesteld op één januari, en daar zijn we nu pas mee bezig. Om de effecten van die regeling te zien, willen we drie jaar de tijd nemen om te kijken wat daar gaat gebeuren. Dat is ook een argument om te kijken: moeten we op vooraf al weten wat er met die boeten gebeurt? Moeten we er weer elf aan toevoegen, waarmee we de bulk groter en het werk complexer en ingewikkelder maken? Of dat leidt tot capaciteitsproblemen bij Stichting Dorpsherstel terwijl zij ondertekenaar van de brief zijn is dan misschien een verkeerde inschatting van ons geweest, want anders hadden ze die kanttekening zelf wel gemaakt.
Maar in ieder geval leidt het tot meer werk en inzet vanuit de ambtelijke organisatie. De vragen van GroenLinks werden volgens mij ook al schriftelijk gesteld. En ik meen dat u daar ook al schriftelijk antwoord op heeft gekregen. Was dat niet voldoende? -Sta mij toe, voorzitter. Niet helemaal. Ik bedoel dat het mij een handige optie lijkt om vijf schapenboeten toe te voegen aan dat aantal monumentale schapenboeten, omdat we daar nauwelijks extra kosten aan hebben. Dat zou een tussenoplossing kunnen zijn. Ik heb niet helemaal helder of mijn redenering klopt. -Dat zou theoretisch gezien prima kunnen. Die zou je kunnen toevoegen aan het monumentale arsenaal.
Het klopt dat er dan structurele kosten bijkomen, en dat zit in de richting van 24.000 euro per jaar. -Voor vijf? Dat hangt een beetje af van de staat van de boeten, maar ik neem even een gemiddeld cijfer. Voorzitter, ik ga zo nog even op de motie in. Maar de indieners laten het percentage open wat er dan door de overheid moet worden bijgedragen. De drie die wij in ons voorstel meenemen, pakken we voor de volle 100 procent. Vandaar dat wij adviseren: als je dat doet, doe dan ook voor die andere 100 procent. Anders krijg je heel gekke verhoudingen: waarom de ene boet wel en de andere niet? Ik denk dat de specifieke vraag is: zit er een (juridische) verschil zit tussen een monumentale en niet-monumentale boete? Ik ga ervanuit van niet. Ik denk dat het ons vrij is om daar - gezien het algemeen belang geld in te steken. Maar de exacte beantwoording zal ik toch even moeten laten uitzoeken. Dan nog even over de motie. De woorden van mevrouw Koot van GroenZwart zijn veel te stevig. Het niet aannemen van de motie betekent niet het einde van de schapenboeten op het eiland. Sterker nog, u heeft een prachtig beleid neergezet in september, wat wel degelijk een verbetering zal opleveren ten opzichte van de voorgaande jaren. Dus die woorden zou ik absoluut niet willen onderschrijven. De VVD zegt: college, kom maar met een voorstel. Nee, dat gaan we niet doen. Het voorstel ligt er.
Als u wilt dat het voorstel wordt aangepast, dan komt u met een motie waarin u het college opdraagt om op bepaalde manier in actie te komen. Er ligt hier een motie en die kunt met kopjes koffie onderling aanpassen, maar dan weet het college waarop het moet varen. Volgens mij staat er de vraag van mevrouw Visser nog open: is 100 procent aan een particulier staatssteun? Die laat ik uitzoeken. -Daar komt u nog op terug. Ik zag alweer een paar handen. De eerste was van mevrouw Visser en daarna meneer Huisman. -Een vraag aan de portefeuillehouder naar aanleiding van het antwoord wat mevrouw Dros van GroenLinks net kreeg over die vijf nu nog niet-monumentale boeten die redelijk goedkoop meegenomen zouden kunnen worden. Ik neem aan dat zij al eerste monumentaal worden? Dus dat zij dat eerst moeten aanvragen zodat er gecheckt kan worden of ze aan de eisen voldoen. Pas dan kunnen zijn mee in het programma. Klopt dat? Voorzitter, dat is correct. Daar moet een check op gedaan worden of zij die status hebben. Maar wij zijn bij de inventarisatie uitgegaan van de kennis van de lokale experts die hier ook aan het inspreken zijn. Op basis daarvan schatten wij in dat die vijf in principe een monumentale status zouden kunnen krijgen. Mevrouw Van de Wetering. -Dank u, voorzitter. De wethouder zegt dat het best meevalt. We hebben er 51 - als ik die van het Staatsbosbeheer meetel - in goed staat.
Dat is heel mooi. We hebben er 90 op het eiland, dus dat is net iets meer dan de helft. Maar dan gaat dus de helft waarschijnlijk uiteindelijk verdwijnen, en dat vind ik eerlijk gezegd een behoorlijk schrikbeeld. U zegt: na drie jaar hebben we een soort evaluatie. En: anders maken we de bult alleen maar groter. Als we drie jaar wachten, gaat er drie jaar lang niets gebeuren met deze boeten en worden de kosten alleen maar hoger. GroenLinks kwam met het voorstel om die vijf monumentale mee ten nemen in het programma.
Daar ben ik voorstander van. Kunnen we daar toestemming voor krijgen, zodat die mensen de monumentale status kunnen aanvragen? Ik hoop dat u oprecht ziet dat wij voor dit erfgoed willen gaan, wethouder. Ik vind dit zo beeldbepalend voor Texel. Ik druk u op uw hart: u mag blij zijn met de mensen die nu mee willen met die monumentale status. Misschien zijn er over drie jaar nog wel nieuwe eigenaren. Dat weet ik niet. Maar op dit moment willen ze mee, pak die gelegenheid aan want dat geeft die boet een staat van bescherming. Meneer Huisman, dan mevrouw Dros en dan mevrouw Van der Werf. Dank u wel. Er werd mij net ingefluisterd dat er ook eigenaren zijn die die monumentale status helemaal niet wensen, maar toch hun boet opknappen. Dat is mooi. Wethouder, u sprak niet tegen dovenmansoren. Als de meerderheid mee is, weten wij wat ons te doen staat. U wacht op een mooie opdracht van ons. -Mevrouw Dros. Dank u, voorzitter. Ik begrijp dat het college de motie van D66 en GroenZwart ontraadt. Maar als er een amendement zou komen met die vijf nog niet-monumentale schapenboeten, hoe kijkt u daar dan tegenaan? -Mevrouw Van der Werf. Ik wilde aan mevrouw Dros voorstellen of zij een motie wilde opmaken voor die vijf schapenboeten. -Het wordt een amendement dan. Sorry. Mevrouw Koot. -Volgens mij heeft het college onze motie niet ontraden. Er is vanmiddag een schriftelijke reactie gekomen.