Bijlage 8. Concept Samenwerkingsagenda DKW!
Tekst van het document
Deze nieuwe faciliteiten zullen, samen met de uitbereiding van het energietransitie onderzoek (Solarlab, Warmte lab en Vloeistoffenlab) een aantrekkende werking hebben voor het verkeer naar de campus.
36
DE GEBIEDSPROGRAMMA’S
SAMENHANG
Naast de thema’s en de randvoorwaardelijke opgaven, dragen ook de programma’s bij aan de ontwikkeling van de economische clusters.
Provincie en gemeenten hebben geconstateerd dat er vanuit de diverse thema’s een beslag gelegd wordt op de ruimte in het gebied. Woningbouw, bedrijfslocaties, wegen, recreatieparken, wind en zon, klimaatadaptatie en landbouw, alles vraagt om een plaats. De uitdaging is om binnen de thema’s steeds de relatie te leggen met de onderliggende landschappen (omgeving) en haar specifieke karakter en kansen en de thema’s zoveel mogelijk in samenhang te benaderen. In de praktijk wordt deze werkwijze al toegepast bij de programmatische aanpak van de Marinestad en Multifunctionele Zeehaven Den Helder, Waddenbaai en de IJsselmeerkust. Kortom, de gebiedsprogramma's brengen in beeld in welke richting een gebied kan ontwikkelen. Door vervolgens een vertaling te maken naar de verschillende beleidsthema’s, is een sterkere verbinding te leggen naar concrete projecten. Het werken met gebiedsprogramma's versterkt de kwaliteit en vitaliteit van de regio, in aanvulling op een inzet die alleen gericht is op losse beleidsthema’s.
37
I. GEBIEDSPROGRAMMA: MARITIEM (HAVEN) Den Helder heeft veel aan zeegebonden activiteiten, zoals zeevaart, scheepsbouw, offshore (energie), havens, marine en maritieme dienstverlening. Dit is het Maritiem cluster. Tegelijkertijd spelen er zaken die van invloed zijn op het Maritiem cluster. Hoe gaan we bijvoorbeeld om met klimaatverandering en de dreiging van een stijgende zeespiegel? Welke mogelijkheden zijn er om de haven te verbinden aan ontwikkelingen als wind op zee? En wat betekenen de rijksdoelstellingen met betrekking tot onder andere de groei van defensie en meer investeringen in defensie voor de aanwezigheid van de Koninklijke Marine in de stad (meer kaderuimte nodig en goed geschoold personeel nodig)? Deze vragen vereisen goede antwoorden, ook voor de langere termijn.
Ontwikkeling Maritiem cluster
De gemeente Den Helder, provincie Noord-Holland en de Koninklijke Marine hebben die handschoen opgepakt en werken samen aan de ontwikkeling van het Maritiem cluster in de Kop. Zowel voor de korte termijn, als voor de lange termijn. Voor de lange termijn (2050) bekijken we wat het gewenste perspectief is voor dit gebied. Voor de korte termijn onderzoeken we welke maatregelen we de komende jaren al kunnen treffen. Uiteraard doen we dat niet alleen. We betrekken hier andere overheden en belangengroepen bij.
Langetermijnperspectief
Om alle ontwikkelingsmogelijkheden in kaart te brengen, hebben we twee ontwerpbureaus gevraagd om een verkenning uit te voeren. Dat heeft zes ontwikkelscenario’s voor de ruimtelijke inrichting opgeleverd: droombeelden die inzicht en inspiratie bieden hoe de haven er in de toekomst uit kan zien. Deze scenario’s leveren inspiratie voor de discussie over de ontwikkeling. Voor onszelf, maar ook om van andere overheden (zoals Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier en buurgemeenten) én belanghebbenden te horen hoe zij de stip aan de horizon zien.
Mede op basis hiervan wordt een voorstel voor de langetermijnperspectief ontwikkeld. Hierin staan de doelstellingen die gemeente, provincie en Koninklijke Marine nastreven. Deze doelen krijgen een plek in de omgevingsvisie van de gemeente.
Bereikbaarheid
Bereikbaarheid en de ontwikkeling van het Maritiem cluster zijn nauw met elkaar verbonden. Van een goede bereikbaarheid van de Kop van Noord-Holland en een goede doorstroming van het verkeer door Den Helder, profiteren meerdere partijen. Zo heeft het een positieve invloed op de bedrijfsvoering van de Koninklijke Marine, het havenbedrijfsleven en de Helderse binnenstad. Daarbij is een goede bereikbaarheid ook van belang voor het aantrekken van bedrijven en werknemers binnen het Maritiem cluster.
38
Programma: Regiodeal Maritiem Cluster Kop van Noord-Holland
Met deze Regiodeal werken Rijk, provincie Noord-Holland, gemeente Den Helder, het samenwerkingsverband De Kop Werkt! en andere (publieke en private) partners aan een integrale aanpak om het leef-, woon- en werkklimaat in de Kop van Noord-Holland te versterken. Partijen streven er naar om met een integrale aanpak het leef-, woon- en werkklimaat in de Kop van Noord-Holland te versterken. Daarmee draagt deze Regiodeal bij aan de bredere regionale ambitie om het huidige scenario als gevolg van verwachte krimp van de bevolking om te buigen naar een groeiscenario. Partijen willen met deze Regiodeal stappen zetten die bijdragen aan het versterken van de brede welvaart in de Kop van Noord-Holland en het creëren van meer innovatie en werkgelegenheid.
Om dit te bereiken investeren we in: ▪ Kennis en talent (human capital) ▪ Innovatieve maritieme technologieën ▪ Het stimuleren van de waterstofeconomie Deze drie onderdelen zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden en versterken elkaar. Dit brengt nieuwe werkgelegenheid met zich mee. Bovendien draagt de regio zo bij aan de energietransitie en de energievoorziening in de regio. Met deze integrale aanpak geven we een impuls aan de brede welvaart en de economie in de Kop van Noord-Holland.
Incubator klimaat op het gebied van de Blue economy en mariene energie
Port of Den Helder denkt samen met het Ontwikkelingsbedrijf NHN na over de ontwikkeling van een incubator klimaat op het gebied van de Blue economy en mariene energie Deze economy betekent natuurontwikkeling op zee, seafarming (zeewier) en overige energie uit water. Onze regio is reeds actief in deze 3 takken van sport met o.a. de volgende bedrijven actief in onze regio: Wageningen Universiteit Research (Imares), NIOZ, Slowmill, Tocardo, Symphony Wavepower, TNO, zoet/zout water in afsluitdijk. RVO is bezig met een nieuwe eis ten aanzien van offshore windparken. Deze eis houdt in dat de kavel multifunctioneel moet worden ingericht. Dat betekent dat er meerdere functies in dit windpark worden uitgeoefend. Dit zal hoogstwaarschijnlijk terugkomen in de nieuwe routekaart vanaf 2030, mogelijk nog toegevoegd worden bij de extra 10Gw welke aan de routekaart tot 2030 wordt toegevoegd. Deze parken liggen allemaal verder op zee, waarbij Den Helder centraal ligt, vaak het dichtstbijzijnd. Het mooiste zou zijn dat we nieuwe bedrijven/pilot projecten onze regio intrekken, welke de kans krijgen uit te groeien tot een zelfstandig winstgevend bedrijf. Een incubatorklimaat moet ze deze kans gaan geven.
39
II. GEBIEDSPROGRAMMA: WADDENBAAI De Waddenbaai is een uniek gebied door haar gevarieerde kustlijn. De grote contrasten – het dynamische en diepe Marsdiep (met daaraan stad, Marine en industrie) naast een luw en ondiep deel van het Wad, en de stoere Deltadijken en -dammen naast de idyllische eilanddorpen - zijn de ingrediënten die de Waddenbaai onderscheidt van de oostelijke Waddenzee. In en rond de Waddenbaai wordt al gewerkt aan verschillende kwaliteitsimpulsen op het gebied van recreatie, natuurontwikkeling en vismigratie. Maar er valt nog meer winst te behalen, onder andere door verder te investeren in de gevarieerde kustlijn, de aanleg en opwaardering van recreatieve routes over water en land. De plannen en visies die betrekking hebben op de Waddenbaai kennen nog niet voldoende samenhang. Tegelijkertijd vormen zij wel de kaders voor de opdracht/focus voor de opgaven die binnen de Waddenbaai opgepakt worden. Er is daarom noodzaak om gebiedsgericht te gaan werken. De verschillende overheden en maatschappelijke organisaties die betrokken zijn bij de Waddenbaai gaan gezamenlijk verder werken aan een leefbaar, werkbaar en toekomstbestendig gebied. Onder “werkbaar” wordt verstaan: een gezonde economisch sterke agrarische sector, ruimte voor toerisme en recreatie.
Onder “leefbaar” wordt verstaan: ruimte om te wonen voor volgende generaties, ruimte voor natuur en recreatie, een toekomstbestendig watermanagement en zorg voor culturele identiteit en cultureel erfgoed. Er zijn twee urgenties die samen bepalend zijn voor de toekomst van het gebied. Zij werken door in de verschillende plannen en visies in de Waddenbaai. Deze twee urgenties zijn: Klimaat en daarmee watermanagement en waterveiligheid ▪ Klimaatverandering is de rode draad door de meeste plannen. Met de ‘klimaatstresstest’ brengen de gemeenten en waterschappen op dit moment de mogelijke effecten van klimaatverandering in beeld. Zeespiegelstijging, bodemdaling en perioden van droogte hebben gevolgen voor de zoetwatertoevoer voor landbouw en industrie. De beschikbaarheid van zoetwater neemt af door verzilting van het grondwater en het oppervlaktewater. Tegelijkertijd neemt de zoetwatervraag van de industrie de komende tien jaar naar verwachting toe. Onder meer door de productie van waterstof en koeling van datacenters. De beschikbaarheid van zoetwater is daarmee een vestigingsfactor geworden voor deze categorie bedrijven. De agrarische sector wordt in diverse plannen genoemd als partner bij het watermanagement. Ruimtebehoefte ▪ Veel oplossingen leggen beslag op de ruimte. Hierdoor kunnen functies ruimte te kort hebben, en/of last hebben van naastliggende functies.
Urgenties vragen om visie en oplossingsrichtingen voor ruimtelijke knelpunten en (nieuwe) kansen. Als overheden en maatschappelijke organisaties niet gezamenlijk de regie nemen, dan overkomt het de betrokkenen en ontstaat er een concurrentie om de ruimte. Om te voorkomen dat we straks alleen kunnen reageren en het recht van de sterkste geldt, moeten we nu acteren. De ruimtebehoefte binnen het gebied komt voort uit de noodzaak voor dijkversterking, behoud en herstel van natuurwaarden, economisch rendabel agrarisch gebruik en watermanagement. De dijken moeten bijvoorbeeld voldoen aan de nieuwe veiligheidsnormen, waarbij rekening wordt gehouden met de klimaatscenario’s. Op sommige locaties is een integrale oplossing voor de versterkingsopgave nodig, vanwege andere ruimteclaims en opgaven langs de kust. Om de Waddenbaai te borgen in de toekomstige regionale samenwerking wordt een overdrachtsdossier Toekomst Waddenbaai opgesteld. Hierin zal ook een advies van de Stuurgroep over de toekomst van de Waddenbaai worden bijgevoegd. Het advies zal aandacht besteden aan de positie van alle partners en zal onder andere ingaan op de relatie van Waddenbaai met onder andere het Investeringskader Waddengebied (=de Waddenfondsmiddelen) en het Uitvoeringsprogramma Agenda Waddengebied 2050, waar Waddenbaai onder de titel ‘Ontwikkeling Kop van Noord-Holland’ ook een onderwerp is.
Het overdrachtsdossier inclusief advies van de Stuurgroep Waddenbaai zal aangeboden worden aan het PO Fysiek. Een concrete opdracht die momenteel in voorbereiding is, is het beleefbaar maken van de Waddenkust door het ontwikkelen van een recreatieve fietsverbinding (rondje Waddenbaai).
40
III. PROGRAMMA: IJSSELMEERKUST De Wieringermeerkust is tussen 2020 en 2040 in rap tempo getransformeerd tot één van de meest innovatieve en aantrekkelijke kusten van Noord-Holland. De publiek-private samenwerking die in de Wieringermeer ontstond, heeft laten zien dat (agrarische) bedrijvigheid, opwekking van duurzame energie, waterveiligheid en -kwaliteit, natuurontwikkeling en recreatie prima samengaan. Aanjager hiervoor was de Integrale Kustvisie voor de Noord-Hollandse IJsselmeerkust uit 2021. Hierin hebben de gemeenten Hollands Kroon, Medemblik en Enkhuizen en de Provincie Noord-Holland hun ambities, opgaven, projecten en wensen gebundeld en ontwerpprincipes ontwikkeld om deze te laten landen op en langs de kust. De lang wat vergeten Wieringermeerkust heeft hierdoor zowel aan de land als waterzijde een ware metamorfose ondergaan en is ontdekt door vrijheidminnende (water)recreanten die het stoere landschap zeer waarderen en gebruiken. Op een aantal plaatsen langs en deels op en buiten de dijk mag jaarrond gekampeerd worden. Basisvoorzieningen en de watertoegang zijn geïntegreerd in specifiek voor deze dijk ontworpen paviljoens. De Wieringermeerkust is zo ontwikkeld tot een avontuurlijke en innovatieve aanvulling op de zo bekende en gewaardeerde kust tussen Medemblik en Andijk.
Opgaven: ▪ Samenhangende toekomstvisie kustgebied ▪ Ecologie (Wieringerhoek), economie (Recreatie & Toerisme; Landbouw), energie (transitie) ▪ Recreatief-toeristisch versterken van de kustzone
41
IV. GEBIEDSPROGRAMMA: NOORDZEEKUST De Kop is ontdekt als meest gevarieerde kustregio van Nederland. De Noordzee-, Wadden- en IJsselmeerkust zijn fysiek, én als toeristisch-recreatief ‘kustproduct’ beter met elkaar verbonden en vullen elkaar aan in nieuwe recreatieve en toeristische arrangementen. Met projecten als de Multifunctionele Dijk Den Helder, ‘Wieringerhoek’ en ‘Rondje Waddenbaai’ zijn het eigen karakter en de specifieke kwaliteiten van iedere kust verder uitgebouwd. De Noordzeekust is een belangrijke economische motor gebleken, jaarrond drukbezocht door binnen- en buitenlandse toeristen. De noodzaak van een integrale, langetermijnvisie voor de kust van Camperduin tot en met Den Helder werd na publicaties over mogelijk versnelde zeespiegelstijging, begin twintiger jaren, steeds sterker gevoeld. Scenariostudies hebben toen duidelijk gemaakt welke ingrepen in de toekomst noodzakelijk zijn en hoe daar al slim op geanticipeerd kan worden. Door verbreding en verhoging van de duinen ontstond ruimte voor een flinke zoetwaterbel die de drinkwatervoorraad vergroot en zoute kwel beperkt. Daarnaast zijn er zichtbaar en onzichtbaar aanpassingen gedaan aan het watersysteem waardoor het water langer in het gebied wordt vastgehouden. De verbrede duinen hebben de duurzame basis geleverd voor een deels nieuw landschap en aantrekkelijk infrastructuursysteem.
In combinatie met de aantrekkelijker en toegankelijker Wadden- en IJsselmeerkust heeft dit ertoe geleid dat gasten vaker en langer in de Kop zijn én terugkeren voor een volgend bezoek.
Het vervolg: • Concrete visievorming • Uitvoeringsagenda met projecten die bijdragen aan de kwaliteiten van de binnenduinrand • Ontwikkeling visies en perspectieven toekomstige Waterveiligheidslandschappen Noordzeekust mbt multifunctioneel gebruik duinzones, vooroevers zeewaarts en binnenduinrand: waterveiligheid, recreatie, natuur, zoetwaterbeschikbaarheid, klimaatbuffer, landbouw, wonen
42
V. GEBIEDSPROGRAMMA: ACHTER DE KUSTEN Het doel is ontwikkelen met oog voor de unieke kwaliteiten van de omgeving. Wat decennialang de achterkanten van de agrarische polders waren, is uitgegroeid tot een robuust groenblauw systeem in het hart van de Kop. Het Waterrijk - het stelsel van Amstelmeer en de daarop aansluitende kreken en vaarten met het aangrenzende groen - is bekend geworden als één van de geheimen van de Kop. Ook Schagen is door dit systeem weer verbonden met haar historische wadkreken. Door investeringen in het Waterrijk zijn de ecologische- en belevingskwaliteiten én de gebruiksmogelijkheden verbeterd. Dit heeft weer een positief effect gehad op de leefomgevingskwaliteit voor bewoners en het gebruik door recreanten en toeristen. Het Amstelmeer is een bijzonder onderdeel van dit Waterrijk. Het overzichtelijke zoetwatermeer lijkt qua maat, golfklimaat en gebruiksmogelijkheden op de populaire plassen in het zuiden van Noord-Holland, en is daarmee uniek in de Kop en een welkome aanvulling op de grote wateren rondom. Ondernemers, overheden, onderwijs en onderzoek hebben gezorgd voor een toekomstbestendig agribusinesscluster. Opgaven op het gebied van energie, klimaatadaptatie, verduurzaming, innovatie, ruimtelijke ontwikkeling en onderwijs en arbeidsmarkt zijn gezamenlijk en in samenhang opgepakt. De regio en de sector lopen hiermee nationaal en internationaal voorop.
De regio levert voedings- en sierteeltproducten van topkwaliteit; veilige, gezonde en voldoende producten voor de nationale en internationale markt. Door de inzet van state-of the-art kennis en technieken weten de bedrijven dit te realiseren met minimale input en minimale impact op milieu, bodem en klimaat. Bewoners zijn trots op de moderne sector en de regionaal geproduceerde producten en waarderen het gevarieerde landschap die dit oplevert. De sector levert bovendien een belangrijke bijdrage aan de leefbaarheid en de sociale structuur in de kernen.
43
11. Samenwerking & Governance .
Organisatie We houden de organisatie licht en slagvaardig. We werken we op basis van onderling vertrouwen en we gunnen elkaar succes. We weten elkaar snel en makkelijk te vinden. Er is een overzicht van alle thema’s, de betrokken medewerkers en bestuurders inclusief contactgegevens. Voor het bewaken van de voortgang is een coördinerende rol weggelegd voor één burgemeester en één gemeentesecretaris. Het regioteam coördineert en agendeert samen met de betrokken ambtelijke trekkers de voortgang in het PO fysiek. De burgemeesters en de secretarissen hebben een eigen overleg waarin periodiek door het regioteam de voortgang van de samenwerkingsagenda (en hiermee de regionale samenwerking) geagendeerd wordt. Bestuurlijk De regio werkt vanaf 2022 met het PO fysiek. Het PO fysiek bestaat uit de acht wethouders (de wethouders Ruimtelijke Ordening en Economie vanuit iedere gemeente), die roulerend het voorzitterschap verzorgen. Iedere wethouder is bestuurlijk trekker van een of meer regionale projecten en/of programma’s en is verantwoordelijk voor het behalen van de resultaten. De inhoudelijke voortgang en besluitvorming van de regionale projecten wordt in het PO fysiek besproken. Indien nodig wordt een betrokken gedeputeerde of een andere partner uitgenodigd voor het PO fysiek (bestuurder HHNK, directeur ONHN, Landschap NH, etc.).
Ook vindt er jaarlijks een afstemmingsoverleg plaatst waar de regio en provincie de voortgang van de totale agenda bespreken. De verantwoordelijk gedeputeerde sluit samen met de coördinerend burgemeester en gemeentesecretaris aan bij het PO Fysiek
INITIATIEFNEMERS
PO FYSIEK
Bestuurlijke relatie met de lopende programma's
Naast het PO fysiek hebben de verschillende gebiedsprogramma’s en thema’s in de Kop hun eigen stuurgroep. Naast gemeenten en provincie zijn hier in een aantal gevallen meerdere partners in vertegenwoordigd. Indien nodig zorgen de betrokken wethouders voor terugkoppeling en/of besluitvorming in het PO fysiek. Uitgangspunt is om de bestuurlijke drukte terug te dringen en het bestuurlijk overleg zoveel mogelijk te bundelen in het PO fysiek.
RRN
De doelen van de RRN zijn: ▪ Grip hebben en sturing geven aan regionale samenwerking; ▪ De strategische positie van de Kop van Noord-Holland versterken richting provincie en rijk. Aan de nieuwe Samenwerkingsagenda zijn voor de regiogemeenten ook financiële consequenties verbonden. Omdat het gaat om regionale samenwerking en het budgetrecht van de raden heeft de RRN een adviserende rol in de agenda.
Ambtelijke stuurgroep
Bestuurlijk trekker
Afstemming tussen de colleges
De colleges van B&W en Gedeputeerde Staten komen een keer per twee jaar bij elkaar voor een bredere bespreking over de voortgang van de samenwerkingsagenda en de lopende programma's en projecten.
Ambtelijke trekker
Werkgroepen horende bij thema’s en programma’s
44
Ambtelijk
Na bestuurlijke goedkeuring van de nieuwe Samenwerkingsagenda wordt een concretere invulling gegeven aan de ambtelijke organisatie. De uitwerking loopt zoveel mogelijk via het regioteam Kop van Noord-Holland. Het regioteam bestaat uit 4 regioadviseurs vanuit de gemeenten, de regiomanager van de Provincie NoordHolland en een ondersteuner. Het regioteam weet wat er speelt in de maatschappij en de regio en houdt in de gaten welke opgaven er op de regio afkomen en de koppelkansen die er zijn. Zij doen naar aanleiding hiervan voorstellen voor activiteiten aan het PO Fysiek. Ook monitoren zij of de ambtelijk trekker tijdig het PO Fysiek betrekt bij en informeert over de werkzaamheden.
Partners
De samenwerking tussen de regio, provincie Noord-Holland en andere publieke en private partners is van groot belang om de kracht van de regio en de brede welvaart te versterken. Het is belangrijk om samen te investeren in de regio. Om zo het leef-, woon- en werkklimaat in de Kop van Noord-Holland te versterken. en het perspectief van de inwoners en bedrijven te verbeteren.
TOP DOWN Over het proces en communicatie: ▪ alle betrokken actoren in een opgave – ook bewoners – worden tijdig betrokken en er wordt
bottom up gewerkt;
opgaven en spelregels worden bepaald
bijdragen worden gerapporteerd
▪ per opgave wordt duidelijk gemaakt wanneer en waarover (top down) beslissingen door wie
nodig zijn. Bestuurders hakken knopen door;
▪ we blijven met elkaar in gesprek; ▪ communicatie richting media, stakeholders en achterban gebeurt gezamenlijk en gecoördineerd; ▪ we delen de spelregels met onze achterbannen die betrokken worden/zijn bij (een van de)
opgaven; ▪ organisaties staan achter de samenwerking en de aanpak.
Over de manier van werken:
bijdragen worden verzameld
bijdragen worden beoordeeld
richting wordt bepaald
bij een opgave worden actoren tijdig betrokken
▪ we werken integraal aan maatschappelijke thema’s met oog en aandacht voor elkaars belangen
en de wil om elkaars denk- en leefwereld te begrijpen en elkaar te helpen bij het nastreven van belangen (geven en nemen; ‘kill your darlings’); ▪ we zetten ons netwerk in om gezamenlijke belangen en doelen te bereiken; onze bestuurders worden stap voor stap meegenomen in het proces; Komen tot de inhoud: ▪ we creëren experimenteerruimte, leren van elkaar en benutten het bestaande kennisnetwerk; ▪ joint fact finding wordt ingezet om een gezamenlijke feitenbasis te creëren.
BOTTOM-UP we blijven met … … elkaar in gesprek
45
46