CConstaterende datTexel
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 3. Bestemmingsplan Den Hoorn 2016 (moederplan)

Raadsvergadering 15 december 2021, gemeente TexelBij agendapunt: Vaststellen bestemmingsplan Tweede Reparatieplan Den Hoorn32.409 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

Bij de gemeente zijn de volledige reacties in te zien, zodat waar nodig ook op de integrale tekst in de reacties kan worden teruggevallen. In hoofdstuk 4 staan de ambtelijke aanpassingen vermeld.

1

Artikel 3 van de Inspraakverordening Artikel 3.1.1 van het Besluit ruimtelijke ordening 3 Een groot aantal beleidspartners en instanties van rijk en provincie, maatschappelijke organisaties, nutsbedrijven en waterschap 2

5/52

Nota Vooroverleg en Inspraak Bestemmingsplan Den Hoorn

6/52

2 Overleg In het kader van het wettelijk verplichte overleg als bedoeld in artikel 3.1.1. van het Besluit op de ruimtelijke ordening, is de kennisgeving van de terinzagelegging van het voorontwerp bestemmingsplan opgestuurd naar 42 overlegpartners met het verzoek om uiterlijk 15 december 2014 een reactie in te dienen. Van 8 instanties zijn schriftelijke reacties ontvangen. De ontvangen reacties met inhoudelijke opmerkingen worden hierna beoordeeld.

2.1

Gasunie

Vooroverleg reactie Het plangebied ligt buiten de 1% letaliteitgrens van de meest dichtbij gelegen aardgastransportleiding. Deze leiding heeft daarom geen invloed op de verdere planontwikkeling. 

Reactie De reactie wordt voor kennisgeving aangenomen.

Standpunt De vooroverlegreactie geeft geen aanleiding tot aanpassingen van het bestemmingsplan.

2.2

Veiligheidsregio Noord-Holland Noord

Vooroverleg reactie De Veiligheidsregio Noord-Holland Noord (VR NHN) heeft conform artikel 3.6 van de Wet ruimtelijke ordening en artikel 13 van het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi) een wettelijke adviesrol bij ruimtelijke plannen waar externe veiligheid een rol speelt. Er wordt getoetst of is voldaan aan de verantwoording van het groepsrisico en de VR NHN brengt advies uit ten aanzien van de voorbereiding op grootschalige rampen/incidenten en de bestrijding daarvan. Het plangebied is niet gelegen binnen het invloedsgebied van een Bevi-bedrijf of een hoge druk buisleiding. Het plangebied is niet gelegen binnen het invloedsgebied van een transportas waarover met een zekere frequentie gevaarlijke stoffen worden vervoerd. De normen voor het plaatsgebonden risico vormen daarmee geen belemmering voor het voorontwerp bestemmingsplan. De bestaande infrastructuur die van belang is voor de bereikbaarheid en beschikbaarheid van bluswatervoorzieningen wijzigt niet. Verzocht wordt indien er wijzigingen zijn die hierop invloed kunnen hebben, dit gemotiveerd en schriftelijk kenbaar te maken aan de VR NHN. Er is in dit bestemmingsplan geen sprake van (toenemende) relevante risico’s ten aanzien van externe veiligheid. 

Reactie Een van de uitgangspunten is om aan te sluiten bij de overige regelgeving. De reactie getuigt ervan dat dit met betrekking tot dit voorontwerp bestemmingsplan geslaagd is.

Standpunt De vooroverlegreactie geeft geen aanleiding tot aanpassingen van het bestemmingsplan.

7/52

Nota Vooroverleg en Inspraak Bestemmingsplan Den Hoorn

2.3

Provincie Noord-Holland

Vooroverleg reactie Het voorontwerp bestemmingsplan geeft geen aanleiding tot het maken van opmerkingen door de provincie Noord-Holland. Het voorontwerp bestemmingsplan voor het fraaie dorp Den Hoorn getuigt van een ‘goede ruimtelijke ordening’. 

Reactie Een van de uitgangspunten is om aan te sluiten bij de provinciale regelgeving. De reactie getuigt ervan dat dit met betrekking tot dit voorontwerp bestemmingsplan geslaagd is.

Standpunt De vooroverlegreactie geeft geen aanleiding tot aanpassingen van het bestemmingsplan.

2.4

Rijkswaterstaat (RWS)

Vooroverleg reactie RWS heeft kennisgenomen van het voorontwerp bestemmingsplan Den Hoorn en ziet geen aanleiding voor een inhoudelijke reactie. Verzocht wordt RWS op de hoogte te houden van ruimtelijke ontwikkelingen in Den Hoorn die voor RWS van belang zijn. 

Reactie De reactie wordt voor kennisgeving aangenomen.

Standpunt De vooroverlegreactie geeft geen aanleiding tot aanpassingen van het bestemmingsplan.

2.5

Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier (HHNK)

Vooroverleg reactie Het bestemmingsplan is conserverend van aard en maakt geen nieuwe ontwikkelingen mogelijk. De inhoud van het plan geeft geen aanleiding om te reageren. 

Reactie De reactie wordt voor kennisgeving aangenomen.

Standpunt De vooroverlegreactie geeft geen aanleiding tot aanpassingen van het bestemmingsplan.

2.6

Stichting Dorpscommissie Den Hoorn

Vooroverleg reactie De Dorpscommissie is het eens met de bestemming ‘Agrarisch met waarden’ voor de aangewezen agrarische gronden. Deze gronden zijn beeldbepalend en worden met deze bestemming voldoende beschermd. De Dorpscommissie heeft wel problemen met de regel (artikel 5.3.3, moet zijn 5.3 onder c red.) dat het grasland niet meer mag worden gescheurd wanneer het meer dan een jaar grasland is geweest. Dat is te ingrijpend voor de betreffende agrarische bedrijven. Een normaal agrarisch gebruik met wisselteelt moet mogelijk blijven en niet worden ingeperkt.

8/52

Nota Vooroverleg en Inspraak Bestemmingsplan Den Hoorn

Een blijvend grasland (met schapen) geeft, zeker bij de gronden direct rondom de kerk, een prachtig en beeldbepalende sfeer van het bijzondere landschap. Wanneer het in het algemeen belang wordt geacht de regel te handhaven, kan dit volgens de Dorpscommissie alleen wanneer de agrariër hiervoor wordt gecompenseerd. Hierbij wordt verwezen naar de tuunwallen- en kolkenregeling of de Hoge Berg regeling. In paragraaf 5.2.3. wordt geen opgaande teelt toegestaan om het vrije zicht die deze gronden biedt op de dorpsrand te borgen. De vraag is: Wat zijn opgaande teelten? Wanneer is een teelt ‘te hoog’ om als beperking van het vrije zicht te worden aangemerkt (bomen, mais, graan, olifantsgras). Is een beperking van het vrije zicht van maanden (mais) wel of niet acceptabel? 

Reactie

Wij zijn content dat de bestemming ‘Agrarisch met waarden’ aansluit bij hetgeen de dorpscommissie Den Hoorn ook voor ogen heeft met het gebied. De regeling om het scheuren van grasland tegen te gaan is inderdaad een strengere regeling dan in het vigerende plan, dat nu 26 jaar oud is. (zie ook ambtshalve aanpassing nummer 13) Er is nog eens goed gekeken naar het Aanwijzingsbesluit voor het beschermd dorpsgezicht van 20 maart 1968. In de considerans van het Besluit staat: ‘Overwegende, dat de oude dorpskern van Den Hoorn (gemeente Texel) met de ten noorden hiervan gelegen kerk en de schapenweiden een waardevol historisch beeld oplevert;’. Hierbij wordt uitgegaan van schapenweiden, waardoor een prachtige aanblik op het dorp ontstaat. Ook in de toelichting op het Besluit wordt dit nogmaals beschreven als ‘Rondom de kerksituatie ligt een aantal schapenweiden, die op een typische wijze door zoden dijkjes worden omringd. Het is een gelukkige omstandigheid dat juist de omgeving van de kerk wordt gevormd door dit voor Texel zo karakteristieke landschap. Gezamenlijk leveren zij een gaaf beeld op van het oude Texelse land’. Dit beeld wordt (tijdelijk) verstoord bij ander agrarisch gebruik, bijvoorbeeld maisteelt. In het vigerende bestemmingsplan zat wel de mogelijkheid voor ander agrarisch gebruik dan alleen het weiden van vee of graswinning.

Dit deed dus feitelijk geen recht aan de overweging in het Besluit van de aanwijzing van het beschermd dorpsgezicht en de daarbij behorende Toelichting. Het vigerende plan gaf dus eigenlijk te ruime mogelijkheden in verhouding tot het Besluit. Dat wordt in dit nieuwe bestemmingsplan gerepareerd. Het huidige wisselende agrarische gebruik kan worden voortgezet. Dat vloeit voort uit artikel 32.2 (overgangsrecht gebruik). Echter op het moment dat het gebruik langer dan 1 jaar wordt onderbroken, mag het grasland niet meer worden gescheurd. Het is de agrariërs nu bekend wat de mogelijkheden en onmogelijkheden in dit bestemmingsplan zijn. Zij kunnen dus zelf een afweging en een keuze maken. Ze worden niet gedwongen om af te stappen van hun wisselteelt. Een aantal percelen is al sinds jaar en dag in gebruik als (schapen)weide. Indien er sprake zou zijn van onevenredige schade (waardevermindering, inkomensschade) door een gewijzigde planologische situatie voor deze agrarische bedrijven, is daar een andere wettelijke regeling voor. Dat valt buiten de werking van dit bestemmingsplan. Gezien het bovenstaande wordt het instellen van een fonds of een andere regeling niet wenselijk en noodzakelijk geacht. Met opgaande teeltvormen wordt sier- en/of fruitteelt, houtteelt, bosbouw en/of naar de aard en invloed daarmee gelijk te stellen bedrijvigheid bedoeld.

Het telen van bijvoorbeeld mais of olifantsgras hoort daar niet bij. Het gaat om meerjarige teelt aan houtige gewassen. Een –tijdelijke – beperking van het zicht door bijvoorbeeld mais is - gezien het overgangsrecht - acceptabel. De voorkeur wordt echter gegeven aan grasland conform het gestelde in het aanwijzingsbesluit, zoals hierboven is beschreven. Voor het aanplanten van bomen en houtgewas, niet zijnde onderdeel van een agrarische teelt, is een omgevingsvergunningstelsel opgenomen binnen de agrarische bestemming. Standpunt De vooroverlegreactie geeft geen aanleiding tot aanpassingen van het bestemmingsplan.

9/52

Nota Vooroverleg en Inspraak Bestemmingsplan Den Hoorn

2.7

Stichting Kernwaarden Texel (SKT)

Vooroverleg reactie De SKT is het eens met de bestemming ‘Agrarisch met waarden’ voor de aangewezen agrarische gronden. Deze gronden zijn beeldbepalend en worden met deze bestemming voldoende beschermd. De SKT heeft wel problemen met de regel (artikel 5.3.3, moet zijn 5.3 onder c red.) dat het grasland niet meer mag worden gescheurd wanneer het meer dan een jaar grasland is geweest. Dat is te ingrijpend voor de betreffende agrarische bedrijven. Een normaal agrarisch gebruik met wisselteelt moet mogelijk blijven en niet worden ingeperkt. Een blijvend grasland (met schapen) geeft, zeker bij de gronden direct rondom de kerk, een prachtig en beeldbepalende sfeer van het bijzondere landschap. Wanneer het in het algemeen belang wordt geacht de regel te handhaven, kan dit volgens de SKT alleen wanneer de agrariër hiervoor wordt gecompenseerd. Hierbij wordt verwezen naar de tuunwallen- en kolkenregeling of de Hoge Berg regeling. In paragraaf 5.2.3. wordt geen opgaande teelt toegestaan om het vrije zicht die deze gronden biedt op de dorpsrand te borgen. De vraag is: Wat zijn opgaande teelten? Wanneer is een teelt ‘te hoog’ om als beperking van het vrije zicht te worden aangemerkt (bomen, mais, graan, olifantsgras). Is een beperking van het vrije zicht van maanden (mais) wel of niet acceptabel? 

Reactie

Wij zijn content dat de bestemming ‘Agrarisch met waarden’ aansluit bij hetgeen de SKT ook voor ogen heeft met het gebied. De regeling om het scheuren van grasland tegen te gaan is inderdaad een strengere regeling dan in het vigerende plan, dat nu 26 jaar oud is. (zie ook ambtshalve aanpassing nummer 13) Er is nog eens goed gekeken naar het Aanwijzingsbesluit voor het beschermd dorpsgezicht van 20 maart 1968. In de considerans van het Besluit staat: ‘Overwegende, dat de oude dorpskern van Den Hoorn (gemeente Texel) met de ten noorden hiervan gelegen kerk en de schapenweiden een waardevol historisch beeld oplevert;’. Hierbij wordt uitgegaan van schapenweiden, waardoor een prachtige aanblik op het dorp ontstaat. Ook in de toelichting op het Besluit wordt dit nogmaals beschreven als ‘Rondom de kerksituatie ligt een aantal schapenweiden, die op een typische wijze door zoden dijkjes worden omringd. Het is een gelukkige omstandigheid dat juist de omgeving van de kerk wordt gevormd door dit voor Texel zo karakteristieke landschap. Gezamenlijk leveren zij een gaaf beeld op van het oude Texelse land’. Dit beeld wordt (tijdelijk) verstoord bij ander agrarisch gebruik, bijvoorbeeld maisteelt. In het vigerende bestemmingsplan waren wel mogelijkheden voor ander agrarisch gebruik dan alleen het weiden van vee of graswinning.

Dit deed dus feitelijk geen recht aan de overweging in het Besluit van de aanwijzing van het beschermd dorpsgezicht en de daarbij behorende Toelichting. Het vigerende plan gaf dus eigenlijk te ruimte aan mogelijkheden in verhouding tot het Besluit. Dat wordt in dit nieuwe bestemmingsplan gerepareerd. Het huidige wisselende agrarische gebruik kan worden voortgezet. Dat vloeit voort uit artikel 32.2 (overgangsrecht gebruik). Echter op het moment dat het gebruik langer dan 1 jaar wordt onderbroken, mag het grasland niet meer worden gescheurd. Het is de agrariërs nu bekend wat de mogelijkheden en onmogelijkheden in dit bestemmingsplan zijn. Zij kunnen dus zelf een afweging en een keuze maken. Ze worden niet gedwongen om af te stappen van hun wisselteelt. Een aantal percelen is al sinds jaar en dag in gebruik als (schapen)weide. Indien er sprake zou zijn van onevenredige schade (waardevermindering, inkomensschade) door een gewijzigde planologische situatie voor deze agrarische bedrijven, is daar een andere wettelijke regeling voor. Dat valt buiten de werking van dit bestemmingsplan. Gezien het bovenstaande wordt het instellen van een fonds of een andere regeling niet wenselijk en noodzakelijk geacht. Met opgaande teeltvormen wordt sier- en/of fruitteelt, houtteelt, bosbouw en/of naar de aard en invloed daarmee gelijk te stellen bedrijvigheid bedoeld.

Het telen van bijvoorbeeld mais of olifantsgras hoort daar niet bij. Het gaat om meerjarige teelt aan houtige gewassen. 10/52

Nota Vooroverleg en Inspraak Bestemmingsplan Den Hoorn

Een –tijdelijke – beperking van het zicht door bijvoorbeeld mais is - gezien het overgangsrecht - acceptabel. De voorkeur wordt echter gegeven aan grasland conform het gestelde in het aanwijzingsbesluit, zoals hierboven is beschreven. Voor het aanplanten van bomen en houtgewas, niet zijnde onderdeel van een agrarische teelt, is een omgevingsvergunningstelsel opgenomen binnen de agrarische bestemming. Standpunt De vooroverlegreactie geeft geen aanleiding tot aanpassingen van het bestemmingsplan.

2.8

Monumentencommissie

Vooroverleg reactie Aan de noordzijde van het dorp liggen gronden met de bestemming ‘Agrarisch met waarden’. Deze gronden zijn zeer waardevol omdat zij een vrij zicht geven op de karakteristieke noordrand van het dorp Den Hoorn. Vanwege deze unieke waarde zijn deze gronden grotendeels opgenomen in het beschermd dorpsgezicht. Vanwege dit belang zijn beschermende regels opgenomen voor het gebruik van deze gronden. In artikel 5.5.3 (moet zijn artikel 5.3 onder c red.) is het scheuren van grasland als strijdig gebruik benoemd. De Monumentencommissie is het eens met het instandhouden van het ‘openheid met zicht’ en dat voor het behoud van dit belang passende maatregelen nodig zijn. Het scheurverbod is echter een beperking van het normale agrarische gebruik en heeft financiële consequenties voor de desbetreffende agrariërs. Het is een zaak van algemeen belang en het is niet redelijk om de agrariërs alleen voor de kosten te laten opdraaien. Voorgesteld wordt een fonds te creëren waaruit de gebruikers van de gronden een passende beheersvergoeding kunnen ontvangen als ze kiezen voor grasland (met schapen). Deelname zou in principe op vrijwillige basis moeten zijn. In paragraaf 5.2.3 van de Toelichting op het bestemmingsplan staat dat binnen de bestemming ‘Agrarisch met waarden’ geen opgaande teeltvormen morgen worden toegepast.

Dit met het doel het vrije zicht op de noordelijke dorpsrand te behouden. Mais en olifantsgras zijn opgaande teeltvormen die langere tijd dit zicht kunnen beperken. In de regels is hierover niets opgenomen. Het straatbeeld van het beschermd dorpsgezicht wordt ontsierd door een groeiend aantal panden met contrasterende kleuren van gevels, kozijnen en deuren. Het beschermd dorpsgezicht heeft de welstandelijke kwalificatie ‘bijzonder’. De welstandsnota bevat daarvoor criteria: a. het gebruik van sterk met de omgeving contrasterende kleuren dient te worden tegengegaan b. kleurgebruik dient te worden afgestemd op de omgeving, (Donkere) aardtinten zijn hierbij passend. Bij aanvragen voor een omgevingsvergunning kan de welstandscommissie dus sturend optreden. Voor het normale onderhoud, waaronder schilderen, is geen vergunning vereist. Dat valt buiten de reikwijdte van de welstandscommissie en kan in de praktijk tot ongewenste effecten leiden. Bij een beschermd stads- of dorpsgezicht kunnen welstandseisen volgens jurisprudentie wel in de bepalingen van een bestemmingsplan worden opgenomen. De Monumentencommissie stelt daarom voor om de regels voor de dubbelbestemming ‘Beschermd Dorpsgezicht’ aan te vullen met vergunningsplicht voor het wijzigen van kleuren van gevels, kozijnen en deuren. 

Reactie

Wij zijn content dat de bestemming ‘Agrarisch met waarden’ aansluit bij hetgeen de Monumentencommissie ook voor ogen heeft met het gebied. De regeling om het scheuren van grasland tegen te gaan is inderdaad een strengere regeling dan in het vigerende plan, dat nu 26 jaar oud is. (zie ook ambtshalve aanpassing nummer 13) Er is nog eens goed gekeken naar het Aanwijzingsbesluit voor het beschermd dorpsgezicht van 20 maart 1968.

11/52

Nota Vooroverleg en Inspraak Bestemmingsplan Den Hoorn

In de considerans van het Besluit staat: ‘Overwegende, dat de oude dorpskern van Den Hoorn (gemeente Texel) met de ten noorden hiervan gelegen kerk en de schapenweiden een waardevol historisch beeld oplevert;’. Hierbij wordt uitgegaan van schapenweiden, waardoor een prachtige aanblik op het dorp ontstaat. Ook in de toelichting op het Besluit wordt dit nogmaals beschreven als ‘Rondom de kerksituatie ligt een aantal schapenweiden, die op een typische wijze door zoden dijkjes worden omringd. Het is een gelukkige omstandigheid dat juist de omgeving van de kerk wordt gevormd door dit voor Texel zo karakteristieke landschap. Gezamenlijk leveren zij een gaaf beeld op van het oude Texelse land’. Dit beeld wordt (tijdelijk) verstoord bij ander agrarisch gebruik, bijvoorbeeld maisteelt. In het vigerende bestemmingsplan waren wel mogelijkheden voor ander agrarische gebruik dan alleen het weiden van vee of graswinning. Dit deed dus feitelijk geen recht aan de overweging in het Besluit van de aanwijzing van het beschermd dorpsgezicht en de daarbij behorende Toelichting. Het vigerende plan gaf dus eigenlijk te ruimte aan mogelijkheden in verhouding tot het Besluit. Dat wordt in dit nieuwe bestemmingsplan gerepareerd. Het huidige wisselende agrarische gebruik kan worden voortgezet. Dat vloeit voort uit artikel 32.2 (overgangsrecht gebruik).

Echter op het moment dat het gebruik langer dan 1 jaar wordt onderbroken, mag het grasland niet meer worden gescheurd. Het is de agrariërs nu bekend wat de mogelijkheden en onmogelijkheden in dit bestemmingsplan zijn. Zij kunnen dus zelf een afweging en een keuze maken. Ze worden niet gedwongen om af te stappen van hun wisselteelt. Een aantal percelen zijn is al sinds jaar en dag in gebruik als (schapen)weide. Indien er sprake zou zijn van onevenredige schade (waardevermindering, inkomensschade) door een gewijzigde planologische situatie voor deze agrarische bedrijven, is daar een andere wettelijke regeling voor. Dat valt buiten de werking van dit bestemmingsplan. Gezien het bovenstaande wordt het instellen van een fonds of een andere regeling niet wenselijk en noodzakelijk geacht. Met opgaande teeltvormen wordt sier- en/of fruitteelt, houtteelt, bosbouw en/of naar de aard en invloed daarmee gelijk te stellen bedrijvigheid bedoeld. Het telen van bijvoorbeeld mais of olifantsgras hoort daar niet bij. Het gaat om meerjarige teelt aan houtige gewassen. Een –tijdelijke – beperking van het zicht door bijvoorbeeld mais is - gezien het overgangsrecht - acceptabel. De voorkeur wordt echter gegeven aan grasland conform het gestelde in het aanwijzingsbesluit, zoals hierboven is beschreven.

Voor het aanplanten van bomen en houtgewas, niet zijnde onderdeel van een agrarische teelt, is een omgevingsvergunningstelsel opgenomen binnen de agrarische bestemming. Het voorstel voor het kleurgebruik van gevels, kozijnen en deuren is positief, maar wordt niet gezien als meerwaarde voor het bestemmingsplan. Op dit moment is de excessenregeling uit de welstandnota hierop van toepassing. Het opnemen van een nieuwe regeling is in strijd met het streven naar deregulering en lastenverlichting Standpunt De vooroverlegreactie geeft geen aanleiding tot aanpassingen van het bestemmingsplan:

12/52

3 Inspraak Inspreker 1

Inzake Diek 7, 7A en 7B

Inspraak Het gebouw 7B heeft als enige gebouw een functie als recreatief opstal. Op de digitale verbeelding hebben 7 en 7A ook een functie als recreatief opstal. Is dit een foutje dat hersteld kan worden? 

Reactie De percelen Diek 7, 7A en 7B hebben in het voorontwerp bestemmingsplan de bestemming ‘Wonen – Lint’ met een aanduiding ‘specifieke vorm van recreatie – recreatief opstal’. In artikel 21.2.4 (‘Wonen – Lint’/ bijbehorende bouwwerken) onder b staat vermeld: ‘als het aantal recreatieve opstallen ter plaatse van de aanduiding ‘specifieke vorm van recreatie – recreatief opstal’ meer dan 1 bedraagt, zal het maximum aantal recreatieve opstallen ten hoogste het ter plaatse van de aanduiding ‘maximum aantal recreatieve opstallen’ aangegeven aantal bedragen.’ Op het perceel Diek 7 is geen maatvoering ‘maximum aantal recreatieve opstallen’ aangeduid op de verbeelding. Dat betekent dat er op het perceel Diek 7, 7A en 7B 1 recreatief opstal is toegestaan. In verband met de flexibiliteit bij de inrichting van het perceel valt het gehele perceel 7, 7A en 7B binnen de aanduiding voor de recreatieve opstal. Er is dus geen sprake van een onvolkomenheid in het plan.

Standpunt De inspraakreactie geeft geen aanleiding tot aanpassingen van het bestemmingsplan.

Inspreker 2

Inzake Klif 6

Inspraak Inspreker is de potentiële nieuwe eigenaar en bewoner van Klif 6. Inspreker gaat Klif 6 permanent bewonen en wil er na een verbouwing (toegelicht in een bijlage bij de inspraakreactie) 1 levensloopbestendige woning van maken. Sinds de bouw in 1930 staat er een schuur, die verbonden is met de woning via een tussenbouw. Het perceel Klif 6 heeft in het vigerende en het voorontwerp bestemmingsplan 2 bouwvlakken. In verband met de plannen wordt verzocht de bouwvlakken samen te voegen. De huidige eigenaren hebben aangegeven hiermee in te stemmen. 

Reactie Op de locatie Klif 6 is de bestemming ‘Wonen – Lint‘, de dubbelbestemming ‘Waarde – Archeologie 2’ en de gebiedsaanduiding ‘wetgevingszone – wijzigingsgebied 4’ – ten behoeve van een maatschappelijke bestemming - opgenomen. Er zijn 2 bouwvlakken opgenomen conform het vigerende plan. Vanuit stedenbouwkundig perspectief is het niet wenselijk om van deze 2 bouwvlakken 1 bouwvlak te maken. Hierdoor kan de bestaande bebouwing nu of in de toekomst worden vervangen door 1 groot pand. De intentie van de bestemming ‘Wonen-Lint’ is dat de afzonderlijke panden blijven bestaan, en dat de hoofgebouwen niet grootschalig zijdelings worden uitgebreid, zodat dit ten koste gaat van de kleinschalige parcellering die het karakteristieke dorp Den Hoorn kenmerkt. Dit hoeft echter het voornemen van de potentiële nieuwe eigenaar niet te belemmeren. De panden kunnen namelijk middels een ondergeschikt bouwdeel worden gekoppeld en zo kan er intern hierdoor 1 woning van gemaakt worden. Er is in dit geval geen sprake van woningonttrekking aan de gemeentelijke woning voorraad en stedenbouwkundig blijft er sprake van 2 afzonderlijke panden. Het is voor Den Hoorn van belang dat er visueel 2 hoofdgebouwen zichtbaar blijven in het straatbeeld. 13/52

Nota Vooroverleg en Inspraak Bestemmingsplan Den Hoorn

Er worden ook andere bouwvlakken weer ‘hersteld’ naar afzonderlijke bouwvlakken als in het vigerende bestemmingsplan, zie ook ambtshalve wijziging nr.42. Standpunt De inspraakreactie geeft geen aanleiding tot aanpassingen van het bestemmingsplan.

Inspreker 3

Inzake Naalrand 36

Inspraak In het vigerende bestemmingsplan Den Hoorn 2006 worden 2de woningen aan de Naalrand en de Mokweg alle genoemd bij ‘toegestaan afwijkend gebruik als 2de woning’. Indiener is eigenaar van de woning Naalrand 36 en verzoekt deze vermelding ook mogelijk te maken in het nieuwe bestemmingsplan Den Hoorn. 

Reactie De nieuwe bestemmingsplannen voor de kernen zijn gebaseerd op de ‘Nota van Uitgangspunten komplannen’. Daarin is bepaald dat er geen uitbreiding mag zijn van het gebruik van woningen als 2de woning. De bestaande worden vastgelegd. De woning Naalrand 36 is ook in het nieuwe bestemmingsplan aangeduid als 2de woning. Conform de systematiek van de nieuwe plannen is dit aangeduid op de verbeelding door middel van de functieaanduiding ‘specifieke vorm van wonen – 2de woning’. In de nieuwe digitale bestemmingsplannen krijgt de raadpleger op deze manier meteen de juiste informatie over hetgeen geldt op een bepaalde locatie. Het is daarom niet meer nodig om een lijst met adressen te vermelden in de regels van het bestemmingsplan, zoals in het bestemmingsplan ‘Den Hoorn’ (vastgesteld 4 oktober 2005 en goedgekeurd 3 januari 2006) het geval is.

Standpunt De inspraakreactie geeft geen aanleiding tot aanpassingen van het bestemmingsplan.

Inspreker 4

Inzake Hoge Achterom 7

Inspraak Inspreker is eigenaar van het kadastrale perceel gemeente Texel, sectie P nummer 815, plaatselijk bekend als Hoge Achterom 7. De oppervlakte van de recreatiewoning is nu 35 m2. In het nieuwe bestemmingsplan is het mogelijk de recreatiewoning uit te breiden tot 70 m2. Volgens het nieuwe bestemmingsplan mag de uitbreiding alleen in het verlengde van de recreatiewoning – vanaf de zuidoost zijde – plaatsvinden. De afstand tussen de achtergevel van de bestaande recreatiewoning tot de erfgrens (achterzijde zuidoost zijde perceel) bedraagt slechts 5,5 m. De maximale bouwoppervlakte bedraagt dan 60 m2. Dat betekent dat door de situering van het bouwvlak geen uitbreiding kan plaatsvinden tot 70 m2. Tevens wil inspreker een schuurtje bouwen bij de recreatieve opstal. Verzocht wordt het bouwvlak te verplaatsen waarbij de bouwgrens wordt gevormd door een denkbeeldige lijn, evenwijdig aan de voorgevel - noordoost zijde perceel - tot aan de erfgrens (zie tekening bij de inspraakreactie), zodat meer flexibiliteit ontstaat bij de uitbreiding van de recreatiewoning.

14/52

Nota Vooroverleg en Inspraak Bestemmingsplan Den Hoorn

Reactie

Deze recreatieve opstal is ontstaan bij de Herenstraat 12. Het vormt dan ook planologisch 1 geheel met de Herenstraat 12. Het valt binnen de bestemming ‘Recreatie – Verblijfsrecreatieve gebouwen’. Het feit dat het kadastraal gesplitst is, verandert niet de planologische rechten. Een bijbehorend bouwwerk bij een recreatief opstal is niet mogelijk. Binnen de bestemming ‘Recreatie – Verblijfsrecreatieve gebouwen’ zijn bijbehorende bouwwerken bij een woonhuis of inpandige woning mogelijk, maar niet bij een recreatief opstal. Een verplaatsing van het bouwvlak en/of aanduiding, en daarmee de bouwmogelijkheden, is stedenbouwkundig niet gewenst. Het huidige bouwvlak en de aanduiding ‘specifieke vorm van recreatie – recreatief opstal’ is volgend uit het onderliggende vigerende bestemmingsplan, afgestemd op de bestaande situatie. Gezien de kwetsbare en karakteristieke dorpsrand aan het Hoge Achterom is het van belang het kleinschalige karakter en de doorzichten van en naar het landschap te behouden. Het is wel aanvaardbaar een relatief kleine wijziging toe te passen op het bouwvlak en de aanduiding zoals deze nu zijn vormgeven. Door het bouwoppervlak op de huidige positie aan te passen van 60 m2 naar 70 m2, betekent dit een vergroting van het bouwvlak van ca. 0,8 - 1,0m aan de noordoostzijde, welke stedenbouwkundig aanvaardbaar is.

De verbeelding van het bestemmingsplan zal hierop worden aangepast. Standpunt De inspraakreactie geeft aanleiding tot aanpassing van de verbeelding van het bestemmingsplan. Het bouwvlak en de aanduiding ‘specifieke vorm van recreatie – recreatief opstal’ zullen worden verruimd naar 70m2 conform de tekening.

Inspreker 5

Inzake Naalrand 34

Inspraak In het vigerende bestemmingsplan Den Hoorn 2006 worden 2de woningen aan de Naalrand en de Mokweg alle genoemd bij ‘toegestaan afwijkend gebruik als 2de woning’. Indiener is eigenaar van de woning Naalrand 34 en verzoekt deze vermelding ook mogelijk te maken in het nieuwe bestemmingsplan Den Hoorn. 

Reactie De nieuwe bestemmingsplannen voor de kernen zijn gebaseerd op de ‘Nota van Uitgangspunten komplannen’. Daarin is bepaald dat er geen uitbreiding mag zijn van het gebruik van woningen als 2de woning. De bestaande worden vastgelegd. De woning Naalrand 34 is ook in het nieuwe bestemmingsplan aangeduid als 2de woning. Conform de systematiek van de nieuwe plannen is dit aangeduid op de verbeelding door middel van de functieaanduiding ‘specifieke vorm van wonen – 2de woning’. In de nieuwe digitale bestemmingsplannen krijgt de raadpleger op deze manier meteen de juiste informatie over hetgeen geldt op een bepaalde locatie. 15/52

Nota Vooroverleg en Inspraak Bestemmingsplan Den Hoorn

Het is daarom niet meer nodig om een lijst met adressen te vermelden in de regels van het bestemmingsplan, zoals in het bestemmingsplan ‘Den Hoorn’ (vastgesteld 4 oktober 2005 en goedgekeurd 3 januari 2006) het geval is. Standpunt De inspraakreactie geeft geen aanleiding tot aanpassingen van het bestemmingsplan.

Inspreker 6

Smit Engineering inzake Diek 12A

Inspraak Diek 12A betreft een schuur met achtergelegen terrein. Sinds 2003 is de schuur in gebruik voor opslag van materialen en handelsvoorraden voor het metaalbewerkingsbedrijf Smit Engineering. De schuur heeft in het vigerende plan de bestemming Ab(3) met de optie om deze om te zetten in een woning. Er is nu geen woning aanwezig. In het voorontwerp plan heeft het perceel de bestemming ‘Wonen – Lint’. Verzocht wordt deze bestemming aan te passen in een gemengde bestemming of bedrijfsbestemming, passend bij het huidige gebruik. Het achter de schuur gelegen terrein heeft ook deze woonbestemming. Het is gedeeltelijk gelegen in het beschermd dorpsgezicht. De woonbestemming doet geen recht aan deze status en het terrein, dat grotendeels als schapenweide wordt gebruikt. Er is geen intentie het terrein anderszins te gaan gebruiken. Verzocht wordt de bestemming Agrarisch met Waarden te handhaven. 

Reactie In het vigerende bestemmingsplan ‘Den Hoorn beschermd dorpsgezicht’ heeft de schuur op Diek 12A de bestemming Ab(3): gronden bestemd voor agrarisch bedrijf, categorie Ab met de aanduiding ‘W’. Deze gronden zijn bestemd voor grondgebonden agrarische doeleinden in de vorm van akkerbouw, veeteelt, tuinbouw of enige andere vorm van bodemcultuur en de daarbij behorende bouwwerken, evenals voor de opbouw, het behoud en herstel van de aan de gronden en gebouwen eigen historische, karakteristieke en/of landschappelijke waarden. In deze categorie mag geen dienstwoning worden gebouwd. De aanduiding ‘3’ geeft de klasse aan voor de goothoogte en de bouwhoogte. De aanduiding ‘W’ betekent dat er een wijzigingsbevoegdheid is opgenomen voor een woonbestemming. Het opnemen van een bedrijfsmatige bestemming wordt niet wenselijk geacht te midden van een lintbebouwing met naastgelegen woningen in verband met mogelijke milieuoverlast die het vestigen van bedrijven met zich mee kan brengen. Een gemengde bestemming wordt alleen toegepast in het centrumgebied rond De Naal en de Herenstraat, en is beleidsmatig niet passend voor Diek.

16/52

Nota Vooroverleg en Inspraak Bestemmingsplan Den Hoorn

Aangezien Diek 12 in het voorontwerp al is getransformeerd naar een woonbestemming - er is namelijk geen sprake meer van agrarisch gebruik en er zit in het vigerende plan Den Hoorn beschermd dorpsgezicht een – binnenplanse - mogelijkheid voor het omzetten naar een woning – en gezien het huidige gebruik als opslag ten behoeve van het ambachtelijk bedrijf, zal de bestemming ‘Wonen – Lint’ worden gehandhaafd en zal de aanduiding voor een ‘ambachtelijk bedrijf’ worden opgenomen. Verder wordt het bouwvlak van Diek 12, 12A en 14 weer teruggebracht naar afzonderlijke bouwvlakken zoals in het onderliggende vigerende bestemmingsplan. Zie hiervoor de ambtelijke wijziging nummer 42 voor bouwvlakken in ‘Wonen – Lint’. Het voorstel om het achtergelegen terrein weer agrarisch te bestemmen is een goed idee en past in een goede ruimtelijke ordening. Het is conform de bestemming in het vigerende bestemmingsplan. De bestemming ‘Agrarisch – Cultuurgrond’ zal hier worden opgenomen. (zie ook inspraakreactienummer 12) Standpunt De inspraakreactie geeft aanleiding tot aanpassing van de verbeelding van het bestemmingsplan. Op Diek 12A wordt de aanduiding toegevoegd ‘ambachtelijk bedrijf’ en op het achterliggende terrein wordt de bestemming ‘Agrarisch – Cultuurgrond’ opgenomen, conform tekening De inspraakreactie geeft aanleiding tot aanpassing van de regels van het bestemmingsplan.

In de regels zal de aanduiding ‘ambachtelijk bedrijf’ worden opgenomen bij de bestemming ‘WonenLint’. Artikel 21.1 ‘Wonen – Lint’ / bestemmingsomschrijving: Er wordt een sublid toegevoegd: Een ambachtelijk bedrijf ter plaatse van de aanduiding ‘ambachtelijk bedrijf’ In artikel 1 zal het begrip ‘ambachtelijk bedrijf’ worden gedefinieerd als: ‘inrichting ten behoeve van het vervaardigen, herstellen of bewerken van producten, stoffen of goederen door middel van of overwegend door handwerk, als ook – in verband hiermee en als nevenactiviteit van ondergeschikt belang – het verkopen en/of leveren van goederen’.

Inspreker 7

Smit Enginering inzake Diek 9

Inspraak In het huidige bestemmingsplan heeft het perceel Diek 9 3 bestemmingen: 1. Agrarisch, woon- en ambachtelijke bestemming, al dan niet hinderwetplichtig (AKW): Stolp en achterliggend terrein. Sinds 1988 is hier een metaalbewerkingsbedrijf gevestigd. 2. Ambachtelijke bedrijven Ba (2): schuur en omliggend terrein. Dit is een voormalige timmerwerkplaats. Sinds 2007 bedrijfsmatig in gebruik voor het metaalbewerkingsbedrijf. 3. Agrarisch en landschappelijk cultuurhistorisch en natuurlijke waarden: het achterperceel. In het voorontwerp bestemmingsplan heeft het terrein onder sub 1 en 2 de bestemming ‘Wonen – Lint’ en voor het terrein onder sub 3 de bestemming ‘Agrarisch met waarden’. De woonbestemming komt niet overeen met het huidige gebruik, zoals dat wel is toegestaan in het huidige bestemmingsplan. Een bedrijfsbestemming met een inpandige woning voor sub 1 en 2 zou passender zijn. Verzocht wordt deze bestemming te wijzigen. Verzocht wordt om van het perceel genoemd onder sub 2 de ‘afgeknipte hoek’ ongedaan te maken en de kavelgrens te volgen. 

Reactie

In het vigerende bestemmingsplan ‘Den Hoorn beschermd dorpsgezicht’ heeft de stolp de bestemming Gronden bestemd voor behoud agrarisch opstal, categorie Akw. Deze gronden zijn bestemd voor agrarische, woon- en ambachtelijke doeleinden met de daarbij behorende hoofdgebouwen met dien verstande dat de woonfunctie is beperkt tot die gebouwen waarvoor op de plankaart de categorie Akw staat. 17/52

Nota Vooroverleg en Inspraak Bestemmingsplan Den Hoorn

Er is een mogelijkheid in het vigerende plan opgenomen voor het bouwen van 3 recreatieappartementen met een maximum oppervlakte van 70 m2 per appartement. Een ambachtelijk bedrijf is gedefinieerd als een ‘inrichting ten behoeve van het vervaardigen, herstellen of bewerken van producten, stoffen of goederen door middel van of overwegend door handwerk: alsook –in verband hiermee en als nevenactiviteit van ondergeschikt belang – het verkopen en/of leveren van goederen.’ Gezien de mogelijke milieuoverlast die het vestigen van bedrijven met zich mee kan brengen in verband met de directe nabijheid van woningen en andere gevoelige functies, is het niet wenselijk om een agrarische bestemming om te zetten in de bestemming ‘Bedrijf’. Er is geen sprake meer van agrarische bedrijfsvoering. Het ‘ambachtelijk bedrijf’ is van toepassing vanuit het vigerende plan en op het huidige gebruik. Dit zal daarom weer worden opgenomen, maar nu als aanduiding ‘ambachtelijk bedrijf’ binnen de bestemming ‘Wonen-Lint’. De schuur op het achtererf (2 op de kaart in de bijlage) ligt in het vigerende plan in een bestemmingsvlak met de bestemming gronden bestemd voor ambachtelijke bedrijven en is bestemd voor ambachtelijke bedrijfsvoering. De schuur is niet gelegen binnen de op de kaart aangegeven bebouwingsgrenzen en betreft dus geen hoofdgebouw.

Het is ook hier niet wenselijk om solitair op het achtererf een bedrijfsbestemming toe te passen in verband met de directe nabijheid van woningen en andere gevoelige functies, en inmiddels hoort de kavel en de opstal bij de bedrijfsvoering van Diek 9. Dezelfde bestemming zal dan ook hier worden gecontinueerd: de bestemming ‘Wonen-Lint’ met de aanduiding ‘ambachtelijk bedrijf’. De ‘afgeknipte hoek’ welke vanuit het vigerende plan per abuis is weggelaten uit het bestemmingsvlak, zal weer worden hersteld, en zal weer volgend zijn aan de kavelgrens. Standpunt De inspraakreactie geeft aanleiding tot aanpassing van de verbeelding van het bestemmingsplan. Op Diek 9 wordt de aanduiding toegevoegd ‘ambachtelijk bedrijf’ en de ‘afgeknipte hoek’ op het achterliggende terrein krijgt de bestemming ‘Wonen – Lint’ met de aanduiding ‘ambachtelijk bedrijf’, conform tekening. De inspraakreactie geeft aanleiding tot aanpassing van de regels van het bestemmingsplan. In de regels zal de aanduiding ‘ambachtelijk bedrijf’ worden opgenomen bij de bestemming ‘Wonen-Lint’.

Artikel 21.1 ‘Wonen – Lint’ / bestemmingsomschrijving: Er wordt een sublid toegevoegd: Een ambachtelijk bedrijf ter plaatse van de aanduiding ‘ambachtelijk bedrijf’ In artikel 1 zal het begrip ‘ambachtelijk bedrijf’ worden gedefinieerd als: ‘inrichting ten behoeve van het vervaardigen, herstellen of bewerken van producten, stoffen of goederen door middel van of overwegend door handwerk, als ook – in verband hiermee en als nevenactiviteit van ondergeschikt belang – het verkopen en/of leveren van goederen’. 18/52

Nota Vooroverleg en Inspraak Bestemmingsplan Den Hoorn

Inspreker 8

Inzake Herenstraat 22

Inspraak De schuur bij Herenstraat 22 staat aan het Hoge Achterom. Deze heeft in het vigerende plan een agrarische bestemming. In het voorontwerp bestemmingsplan is de agrarische bestemming eraf gehaald. Verzocht wordt de agrarische bestemming op de schuur te behouden, daar eigenaar nog volop actief is als agrariër (KvK 37043242 en bekend bij Rijksdienst voor Ondernemend Nederland – RVO -. 

Reactie In het vigerende bestemmingsplan ‘Den Hoorn beschermd dorpsgezicht’ heeft de schuur de bestemming Ab (3), gronden bestemd voor agrarisch bedrijf, categorie Ab. Deze gronden zijn bestemd voor grondgebonden agrarische doeleinden in de vorm van akkerbouw, veeteelt, tuinbouw of enige andere vorm van bodemcultuur en de daarbij behorende bouwwerken, evenals voor de opbouw, het behoud en herstel van de aan de gronden en gebouwen eigen historische, karakteristieke en/of landschappelijke waarden. In deze categorie mag geen dienstwoning worden gebouwd. De aanduiding ‘3’ geeft de klasse aan voor de goothoogte en de bouwhoogte. In de Nota van Uitgangspunten staat dat de basis voor de nieuwe plan het vigerende plan is. Bij de inventarisatie bij de voorbereiding van het nieuwe bestemmingsplan is de schuur als bijbehorend bouwwerk bij Herenstraat 22 geïnterpreteerd. Aangezien wordt aangegeven dat het huidige gebruik nog steeds agrarisch is, de schuur in het vigerende plan een agrarische bestemming heeft en op Herenstraat 22 het landbouwbedrijf ‘Bute Weste’ staat ingeschreven, zal de bestemming worden aangepast naar een agrarische bestemming met een aanduiding voor een agrarische schuur.

Standpunt De inspraakreactie geeft aanleiding tot aanpassing van de verbeelding van het bestemmingsplan conform tekening. De inspraakreactie geeft aanleiding tot aanpassing van de regels van het bestemmingsplan. In de regels zal de aanduiding worden opgenomen evenals de bouwregels voor de bestaande schuur. In de bestemming Agrarisch (artikel 3) zal Onder 3.1 worden toegevoegd: Een agrarische schuur, ter plaatse van de aanduiding ‘specifieke vorm van agrarisch – schuur’ onder 3.2 worden toegevoegd: 3.2.3 agrarische schuur (en 3.2.3 Andere bouwwerken wordt doorgenummerd naar 3.2.4) Voor het bouwen van een agrarische schuur gelden de volgende regels: a. Er mag uitsluitend een gebouw ten behoeve van agrarisch gebruik worden gebouwd; b. Het gebouw zal uitsluitend worden gebouwd ter plaatse van de aanduiding ‘specifieke vorm van agrarisch – schuur’; c. De oppervlakte van het gebouw zal ten hoogste de bestaande oppervlakte bedragen; d. De goot- en bouwhoogte zal ten hoogste de bestaande goot- en bouwhoogte bedragen. 19/52

Nota Vooroverleg en Inspraak Bestemmingsplan Den Hoorn

Inspreker 9

Inzake Klif 27

Inspraak Klif 27 heeft in het vigerende bestemmingsplan een dubbele bestemming: 27 A een bedrijfsbestemming en 27 een woonbestemming. De bedrijfsbestemming op 27A kan zonder procedure worden omgezet naar een woonbestemming. De bedrijfsbestemming op 27A omvat een accountantskantoor op de bovenste etage evenals een ambachtelijke bestemming op de begane grond, waar nu de galerie gevestigd is. Inspreker wil de mogelijkheid openhouden om op termijn nummer 27A te gaan bewonen, waarbij een van de kinderen op 27 gaat wonen. In het voorliggend plan kan dat niet omdat 27 en 27A zijn samengevoegd tot 1 woonbestemming met een galerie. Hiermee worden bestaande rechten aangetast. Verzocht wordt de gesplitste en dubbele bestemming te behouden: 27 woonbestemming en 27A bedrijf met mogelijkheid tot wonen. 

Reactie In het vigerende bestemmingsplan ‘Den Hoorn beschermd dorpsgezicht’ heeft Klif 27 de bestemming W(2) (gronden bestemd voor woningen, categorie W, klasse 2) en 27A de bestemming B(a) 2 met de aanduiding W, gronden bestemd voor ambachtelijke bedrijven en voor bedrijven die zijn genoemd in de bij het plan behorende ‘staat van inrichtingen’ met de daarbij behorende hoofdgebouwen en dienstwoningen en de daarbij benodigde andere bouwwerken. De aanduiding ‘W’ betekent dat er een wijzigingsbevoegdheid is opgenomen voor een woonbestemming. Voor de kantoorfunctie is in 1991 een artikel 19 WRO procedure gevoerd. Om de huidige functies (galerie en kantoor) mogelijk te maken in het nieuwe plan zal op Klif 27A de bestemming ‘Cultuur en Ontspanning’ worden opgenomen met een aanduiding ‘kantoor’. Dit zal worden aangepast in de regels In artikel 8 (bestemming ‘Cultuur en Ontspanning’) wordt onder de bestemmingsomschrijving de aanduiding ‘kantoor’ opgenomen en wordt er een wijzigingsbevoegdheid opgenomen om de bestemming te wijzigen naar een woonbestemming ter plaatse.

Standpunt De inspraakreactie geeft aanleiding tot aanpassing van de verbeelding van het bestemmingsplan conform tekening. Onder 8.1 wordt toegevoegd: ‘een kantoor, ter plaatse van de aanduiding ‘kantoor’'. Onder 8.5 wordt toegevoegd: De bestemming ‘Cultuur en Ontspanning’ met inbegrip van de bouwvlakken, wordt gewijzigd in de bestemming ‘Wonen – Lint’, mits: 1. Na toepassing van deze wijzigingsbevoegdheid de regels van artikel 21 van overeenkomstige toepassing zijn; 2. Er geen sprake is van onevenredige schade voor de omliggende bedrijven, in die zin dat de bedrijven in hun ontwikkelingsmogelijkheden worden beperkt; 3. De voormalige bebouwing ten behoeve van de maatschappelijke voorziening wordt gesaneerd tot er een gezamenlijke oppervlakte aan bijbehorende bouwwerken bij het woonhuis resteert van ten hoogste 80 m². 4. Geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de woonsituatie, het beschermd dorpsgezicht en de gebruiksmogelijkheden van de omliggende gronden. 20/52

Nota Vooroverleg en Inspraak Bestemmingsplan Den Hoorn

Inspreker 10

Inzake De Naal 4

Inspraak Verzocht wordt de ambachtsschuur aan De Naal 4 (vroeger De Naal 3) als bedrijfs-/winkelruimte te behouden met eventueel een ondergeschikte woning in plaats van een woning. Hiermee blijft het betaalbaar voor starters en dus sociale huurruimte. 

Reactie Het nieuwe bestemmingsplan voor Den Hoorn is opgesteld conform de door de raad vastgestelde ‘Nota van Uitgangspunten komplannen’. Eén van de uitgangspunten is dat het vastgestelde beleid wordt vertaald in het nieuwe plan. In het bijzonder geldt het beleid uit de ‘Toekomstvisie Voorzieningenstructuur Texel’. De daarin aangewezen centra en gemengde gebieden worden overgenomen in de nieuwe bestemmingsplannen. De Naal 4 is gelegen in de contour die in de ‘Toekomstvisie Voorzieningenstructuur Texel’ is aangewezen als gemengd cluster. Wonen is de hoofdmoot. Conform de ‘Nota van uitgangpunten komplannen’ is in een gemengde bestemming ook wonen op de begane grond mogelijk. Er is sprake van uitwisselbaarheid van functies. Op basis daarvan is in het bestemmingsplan voor De Naal 4 de bestemming ‘Gemengd’ opgenomen. Binnen deze bestemming bestaat flexibiliteit voor het toegestane gebruik: maatschappelijke voorzieningen, cultuur en ontspanning, dienstverlening, detailhandel, woningen en horeca als er een speciale aanduiding is opgenomen. Bij de woning is ondergeschikt maximaal 80 m2 bedrijf- of beroep aan huis mogelijk conform Bijlage 1 bij de regels van het plan. Het is aan de eigenaar/gebruiker van het perceel welke functie(s) deze wil realiseren.

Dat kan binnen deze bestemming zoals inspreker voorstelt een bedrijfs- (geen zware bedrijfsmatige activiteiten) of winkelruimte zijn eventueel in combinatie met een woning, maar ook alleen een woonfunctie is toegestaan. Door het opnemen van de bestemming ‘Gemengd’ wordt voldoende ruimte gegeven voor functies die het nieuwe plein versterken. Het opnemen van een bepaalde bestemming geeft geen garantie voor het prijsniveau (goedkope koop, sociale huur et cetera) van het pand.

Standpunt De inspraakreactie geeft geen aanleiding tot aanpassingen van het bestemmingsplan.

Inspreker 11

Inzake De Naal 4

Inspraak Verzocht wordt om geen woning mogelijk te maken aan De Naal 4 (voorheen De Naal 3). Bij de inrichting van het nieuwe plein zou inspreker daar graag weer iets ambachtelijks of creatiefs terug zien voor Den Hoorn zodat er wat activiteit komt in plaats van alleen maar woonruimte. Dat is leuker voor toerist en voor Den Hoorn. 

Reactie Het nieuwe bestemmingsplan voor Den Hoorn is opgesteld conform de door de raad vastgestelde de ‘Nota van Uitgangspunten komplannen’. Eén van de uitgangspunten is dat het vastgestelde beleid wordt vertaald in het nieuwe plan. In het bijzonder geldt het beleid uit de ‘Toekomstvisie Voorzieningenstructuur Texel’. De daarin aangewezen centra en gemengde gebieden worden overgenomen in de nieuwe bestemmingsplannen. De Naal 4 is gelegen in de contour die in de ‘Toekomstvisie Voorzieningenstructuur Texel’ is aangewezen als gemengd cluster. Wonen is de hoofdmoot. Conform de ‘Nota van uitgangpunten komplannen’ is in een gemengde bestemming ook wonen op de begane grond mogelijk. Er is sprake van uitwisselbaarheid van functies. 21/52

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Texel&id=2dd772a4-b5d1-4e7c-9243-623be019c4dc