CConstaterende datTexel
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2. Ruimtelijke onderbouwing BOPA Krimweg 44 250424

Raadsvergadering 17 september 2025, gemeente TexelBij agendapunt: Bindend advies aanvraag stacaravans voor huisvesting tijdelijke personeel Krimweg 4417.455 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

afb.16 Topograrische kaart ca. 1925

afb.17 Topograrische kaart ca. 1950

afb.18 Topograrische kaart ca. 1975

afb.19 Topograrische kaart ca. 2010

afb.20 Luchtfoto ca. 2006

afb.21 Luchtfoto ca. 2010

Ruimtelijke onderbouwing BOPA Huisvesting seizoenspersoneel Krimweg 44 De Cocksdorp

26

4.3

Beeldkwaliteit

Op basis van het beeldkwaliteitsplan Texel ligt de planlocatie in de rand van het deelgebied ‘de Duinen’. Het situering van de 10 stacaravans en het douchegebouw, inclusief de bijbehorende terreininrichting, sluiten als volgt aan bij de criteria voor ontwikkelingen in dit deelgebied: Landschapsstructuur • Het bebouwingscluster staat los in de open ruimte, waardoor het ruimtegevoel blijft bestaan. • Er worden geen hekken of hagen geplaatst. • Bestaande duinbeplantingen vormen een randen van de open ruimte. • Er wordt gebruikt gemaakt van het bestaande erfpad met bestaande verharding rond de opslagloods. De caravans zijn toegankelijk via bescheiden tegelpaden. • De buitenruimte wordt verder niet ingericht en maakt hierdoor onderdeel uit van het omringende landschap, • De situering van de stacaravans is landschappelijk ingepast door de positie los van de bosrand (in 2010 was dit nog niet het geval, zie afb.19). Erven • Erf en landschap vloeien in elkaar over. • Het karakter van het onderliggende landschap blijft behouden. • Voor het erf is in het verleden een erfinrichtingsplan gemaakt en goedgekeurd (zie afb.5). • Het woonhuis staat op een prominente plaats vóór alle overige bebouwing. Bebouwing • De schaal van de bebouwing sluit aan bij de schaal van de bebouwing in de directe omgeving.

• De caravans hebben een onopvallende uitstraling, ondergeschikt in karakter en situering ten opzicht van de hoofdbebouwing op het erf (woning met loods). • Douchegebouw is bescheiden en onopvallend, aansluitend op de opslagloods. • Geen scheidingen in buitenruimte tussen de volumes. • De bebouwing sluit aan bij de bijzondere locatie: duinsfeer, strand, recreatie.

afb.22 Erf en landschap vloeien in elkaar over

afb.23 Buitenruimte wordt niet ingericht

afb.24 Zo weinig mogelijk verharding

afb.25 Douchegebouw onopvallend achter loods

Ruimtelijke onderbouwing BOPA Huisvesting seizoenspersoneel Krimweg 44 De Cocksdorp

27

4.4

Duurzaamheid en energiebesparing

Duurzaam bouwen vertaalt zich in de zorg voor het milieu, zoals het energiezuinig bouwen, het bevorderen van zonne-energie, duurzaam materiaal gebruik en gescheiden afvalverwerking. De eisen aan de particuliere woningbouw staan beschreven in het Bouwbesluit. Het is van belang om al in een vroeg stadium duurzaamheid te zien als integraal onderdeel van de nieuwbouw en de duurzaamheidsambities vanuit het gemeentelijk beleid over te brengen aan de initiatiefnemer. Voor vragen op het gebied van duurzaam (verbouwen, energiebesparing of energie opwekken) kunnen inwoners en ondernemers tegenwoordig bij het Duurzaam Bouwloket terecht. De gemeente Texel participeert hierin. Duurzaamheid en energiebesparing • De nieuwe situatie is dezelfde als de oude situatie. • De stacaravans staan op het terrein van de werkgever, wat zorgt voor toezicht en bewustwording. De voorzieningen in de buitenruimte bij de caravans (zoals verlichting) zijn beperkt. • De stacaravans zijn van kunststof, wat duurzamer is dan traditionele materialen. Kunststof heeft nauwelijks onderhoud nodig en gaat daarbij een lang tijd mee. • Wanneer aanpassing van de systemen mogelijk mocht blijken, kan gekozen worden voor energiezuinige opties.

Duurzame inrichting buitenterrein Bij de inrichting van het terrein is rekening gehouden met klimaatadaptatie: • groene inrichting, zo weinig mogelijk verharding; • vasthouden water in het gebied, hemelwater infiltreert in de grond; • stimuleren gebruik fiets.

4.5

Zorgvuldig ruimtegebruik

Alternatieven voor huisvesting in de caravans zijn op de locatie niet aanwezig. Huisvesting van seizoensarbeiders op het eigen erf.

Het initiatief wordt beschreven in hoofdstuk 2. Het betreft het toestaan van 10 stacaravans en een douchevoorziening voor seizoensarbeiders van Paal 28 op het terrein van de eigenaar aan de Krimweg 44. De voorziening ligt op korte afstand van Paal 28 en is per fiets goed bereikbaar. Er is geen sprake van een nieuwe stedelijke ontwikkeling, waarvoor instructieregel 5.129g Bkl van toepassing is. Instructieregel 5.129g Bkl heeft betrekking op de toets aan de Ladder voor duurzame verstedelijking. De Ladder vergt dat de behoefte aan de voorzieningen inzichtelijk wordt gemaakt. Desondanks moet wel inzicht worden gegeven of in dit geval sprake is van een verantwoorde ruimtelijke ontwikkeling. Scope De voorziening is specifiek gericht op werknemers van Paal 28 die niet op het eiland wonen en daardoor afhankelijk zijn van tijdelijke huisvesting. Omdat Paal 28 aan de noordzijde van het eiland ligt, en Texel afhankelijk is van een bootverbinding, is een goede huisvesting op het eiland noodzakelijk. Kwantitatieve behoefte In Noord-Holland Noord en ook op Texel is een structureel tekort aan huisvestingsmogelijkheden voor tijdelijke werknemers. Zowel bestaande recreatieterreinen als bestaande woningbouw bieden te weinig mogelijkheden of zijn te duur.

Bovendien sluiten deze voorzieningen niet goed aan bij de vraag van werkgever (structurele oplossing) en werknemers (tijdelijke oplossing naast ander hoofdverblijf). Op de locatie Krimweg 44 staan 10 caravans met een capaciteit voor maximaal 20 werknemers. Dit sluit aan bij de behoefte zoals die reeds jarenlang bij het bedrijf aanwezig is. De locatie ligt op

Ruimtelijke onderbouwing BOPA Huisvesting seizoenspersoneel Krimweg 44 De Cocksdorp

28

fietsafstand van Paal 28 en is daarmee zeer geschikt voor de huisvesting. Daarnaast is het eigen terrein. De oplossing heeft zich in de praktijk bewezen. Alternatieve locaties in de regio Er is sprake van een directe koppeling tussen de seizoenshuisvesting en de exploitatie van Paal 28. De noodzaak voor de huisvesting van seizoensarbeiders is ook de komende jaren nog aanwezig. Alternatieve locaties in de regio zijn niet bekend en niet onderzocht. Van de realisatie van het nieuwe hotel worden geen onaanvaardbare ruimtelijke effecten, zoals leegstand, op het huidige aanbod van recreatieverblijven en woningen verwacht. Kwalitatieve behoefte De nabijheid van Paal 28 en de koppeling aan het bedrijf is een van de kwalitatieve meerwaarden van de locatie. De schaal is beperkt, waardoor er toch sprake is van eigen, zelfstandige woongelegenheid dat kostentechnisch interessant is om te wonen. Naast het feit dat de huisvesting een positief effect heeft op de werkgelegenheid in het bedrijf zelf, heeft de huisvesting een positieve spin-off op vrijetijdsvoorzieningen in de directe omgeving. Regionale afstemming Regionale afstemming is niet noodzakelijk omdat het minder dan 15 woningen betreft, en het specifiek huisvesting voor Texel betreft. Het initiatief is economisch haalbaar Het betreft een particulier initiatief waarbij de kosten door initiatiefnemer gedragen worden (zie paragraaf 7.2).

Betekenis voor dit project: Op basis van de afweging van het zorgvuldig ruimtegebruik betreft het een verantwoorde ontwikkeling. Er is een kwantitatieve behoefte naar huisvesting voor seizoensarbeiders. De locatie op eigen grond in de nabijheid van het bedrijf is hiervoor passend en functioneert al jaren naar ieders tevredenheid. Geconcludeerd wordt dat in onderhavige situatie sprake is van een duurzame stedelijke ontwikkeling.

4.6

Conclusie toets landschappelijke, stedenbouwkundige en cultuurhistorische waarden

Het initiatief past binnen de historische en landschappelijke context van de locatie: • De beoogde ontwikkeling ligt buiten de bebouwde kom van De Cocksdorp, op de overgang tussen de strandpolders en het duingebied, en voegt zich binnen de landschappelijke en cultuurhistorische context. • Het situering van de 10 stacaravans en het douchegebouw, inclusief de bijbehorende terreininrichting, sluiten aan bij de criteria voor ontwikkelingen in het Beeldkwaliteitsplan Texel: o de situering van de stacaravans is landschappelijk ingepast door de gebouwen te clusteren en ruimtelijk los te houden van de bosrand; o erf en landschap vloeien in elkaar over; o de schaal van de bebouwing sluit aan bij de schaal van de bebouwing in de directe omgeving; o de caravans hebben een onopvallende uitstraling, ondergeschikt in karakter en situering ten opzicht van de hoofdbebouwing op het erf (woning met loods). • Er is sprake van een duurzame relatie werkgever en huisvesting. Er is een kwantitatieve behoefte naar huisvesting voor seizoensarbeiders. De locatie op eigen grond in de nabijheid van het bedrijf is hiervoor passend en functioneert al jaren naar ieders tevredenheid. •

Bij de inrichting van het terrein is rekening gehouden met klimaatadaptatie: o groene inrichting, zo weinig mogelijk verharding; o vasthouden water in het gebied, hemelwater infiltreert in de grond; o stimuleren gebruik fiets.

Ruimtelijke onderbouwing BOPA Huisvesting seizoenspersoneel Krimweg 44 De Cocksdorp

29

5.

FYSIEKE LEEFOMGEVING

5.1

Algemeen

In dit hoofdstuk wordt beschreven op wijze bij de planvorming voor Hotel Waddenpoort rekening is gehouden met diverse aspecten van de fysieke leefomgeving en de evenwichtige toedeling van functies aan locaties (ETFAL). De aspecten sluiten aan op en dekken de onderdelen zoals genoemd in artikel 1.2 Omgevingswet.

5.2

Milieubelastende activiteiten

Wettelijk kader Voorheen werd vanuit de Wet ruimtelijke ordening (Wro) een goede ruimtelijke ordening beoogd bij het ontwikkelen van nieuwe ruimtelijke plannen. Indien door middel van een plan nieuwe, milieuhindergevoelige functies mogelijk worden gemaakt, dient te worden aangetoond dat deze niet worden gerealiseerd binnen de hinderzone van omliggende bedrijven (inwaartse werking). Anderzijds mogen milieuhindergevoelige functies in de directe omgeving van het plangebied niet negatief worden beïnvloed door de ontwikkelingen die met een plan mogelijk worden gemaakt (uitwaartse werking). In ruimtelijke plannen wordt gebruik gemaakt van milieuzonering: het aanbrengen van een voldoende ruimtelijke scheiding tussen milieubelastende bedrijven/inrichtingen enerzijds en milieugevoelige functies als wonen anderzijds. De ruimtelijke scheiding bestaat doorgaans uit een bepaalde afstand tussen milieubelastende en milieugevoelige functies. Milieuzonering beperkt zich tot milieuaspecten met een ruimtelijke dimensie zoals geluid, geur, gevaar en stof. Richtlijnen voor afstanden zijn opgenomen in de VNG-publicatie ‘Bedrijven en milieuzonering’. De genoemde richtafstanden in de publicatie geven slechts indicatieve informatie en zijn niet als standaard-norm bedoeld.

Omgevingswet Onder de Omgevingswet wordt een nieuwe werkwijze geïntroduceerd, waarbij het werken met milieucategorieën voor bedrijven komt te vervallen. De regeling wordt vervangen door direct milieuregels in het omgevingsplan op te nemen: ‘Milieuzonering nieuwe stijl’. Ook onder deze nieuwe regeling blijven de doelen die met milieuzonering onder de Wro worden nagestreefd gelden: • het voorkomen of zoveel mogelijk beperken van hinder en gevaar voor woningen; • het bieden van voldoende ruimte en zekerheid aan bedrijven dat zij hun activiteiten duurzaam kunnen (blijven) uitoefenen. Het toepassen van de ‘milieuzonering nieuwe stijl’ is vrijwillig. Er kan ook op een andere wijze getoetst worden aan de milieunormen. In de ruimtelijke onderbouwing BOPA dient in ieder geval te worden onderbouwd dat sprake is van een ETFAL. Een ETFAL kan door voldoende afstand tussen milieubelastende activiteiten) en omliggende woningen aan te houden. De VNG-brochure ‘bedrijven en milieuzonering’ kan hierbij nog steeds worden gebruikt. Voor de beoordeling van de seizoenshuisvesting biedt de VNG-brochure een basis voor een indicatie voor de inpasbaarheid van de activiteit. Afweging De omgeving van de locatie van de stacaravans is te beschouwen als rustig buitengebied als bedoeld in de VNG-brochure. Het plangebied is gelegen in een natuurrijk gebied en in de directe omgeving bevinden zich woningen.

Uitwaartse werking De huisvesting van seizoenswerkers betreft een woonfunctie en is daarmee zelf geen milieubelastende activiteit.

Ruimtelijke onderbouwing BOPA Huisvesting seizoenspersoneel Krimweg 44 De Cocksdorp

30

Inwaartse werking Bedrijvigheid in de omgeving kan invloed hebben op de seizoenshuisvesting. In het kader van een ´goede ruimtelijke ordening' is gekeken naar (bedrijfs-)activiteiten in de omgeving die van invloed kunnen zijn op het woongenot. Direct daarbuiten bevinden zich een aantal bedrijven. De effecten van de huisvesting van de seizoenswerkers op de bedrijfsvoering van deze bedrijven wordt als volgt beoordeeld (zie afb.26): 1. Krimweg 22 – paardenhouderij en minicamping (Stoeterij van der Linde) Op basis van de VNG-brochure geldt voor het ‘Fokken en houden van overige graasdieren: paardenfokkerijen’ een richtafstand van 50 m voor het aspect geur. Voor ‘Kampeerterreinen, vakantiecentra, e.d. (met keuken)’ geldt een richtafstand van 50 m voor het aspect geluid. De planlocatie ligt op een afstand van ca. 175 meter vanaf de minicamping en op een afstand van ca. 200 meter vanaf het agrarische bouwvlak. De situering van de 10 stacaravans vormt geen probleem voor de bedrijfsvoering op Krimweg 22. 2. Krimweg 26-28 – aardappelhandel (Boon) De Aardappelhandel kan worden gebracht onder de omschrijving ‘Akkerbouw en fruitteelt (bedrijfsgebouwen)’ en ‘Grth in ruwe tabak, groente, fruit en consumptie-aardappelen’. Bij de omschrijving ‘Akkerbouw en fruitteelt (bedrijfsgebouwen)’ is het aspect geluid de maatgevende richtafstand en bedraagt 30 meter.

Bij de omschrijving “Grth in ruwe tabak, groente, fruit en consumptie-aardappelen” is het aspect gevaar de maatgevende richtafstand en bedraagt 50 meter. Voorgaande betekent dat in ieder geval aan een richtafstand van 50 meter voldaan moet worden. De planlocatie ligt op een afstand van ca. 100 meter vanaf de grens van het perceel Kirmweg 26 – 28 en het wonen in de stacaravans vormt daarmee geen belemmering voor de bedrijfsvoering van de aardappelhandel. 3. Krimweg 53 – bouw- en strandbedrijf (Grabo) Grabo kan worden gebracht onder de omschrijving “Aannemersbedrijven met werkplaats: b.o. < 1000 m2” , “Bouwbedrijven algemeen: b.o. <= 2.000 m2”, “Verhuurbedrijven voor roerende goederen n.e.g.” en “Houtzagerijen”. Voor de laatste categorie geldt de grootste richtafstand, namelijk 100 m voor het aspect geluid. De planlocatie ligt op een afstand van 100 meter vanaf de grens van het perceel Krimweg 53. Hiermee wordt aan de richtafstand van 100 meter voldaan. 4. Roggeslootweg 6 - vakantiepark (De Krim) Het vakantiepark De Krim reikt tot aan de Krimweg toe. Op basis van de VNG-brochure geldt voor ‘Kampeerterreinen, vakantiecentra, e.d. (met keuken)’ een richtafstand van 50 m voor het aspect geluid. De planlocatie ligt op een afstand van ca. 150 m vanaf De Krim en het wonen in de stacaravans vormt geen belemmering voor de bedrijfsvoering van het bedrijf. 5.

Krimweg 102 – vakantiepark (Landal Sluftervallei) Dit park reikt tot het duinbos, welk duinbos ook grenst aan de planlocatie. Op basis van de VNG-brochure geldt voor ‘Kampeerterreinen, vakantiecentra, e.d. (met keuken)’ een richtafstand van 50 m voor het aspect geluid. De planlocatie ligt op een afstand van ca. 100 m vanaf Landal Sluftervallei en het wonen in de stacaravans vormt geen belemmering voor de bedrijfsvoering van het bedrijf. 6. Roggeslootweg 3 – golfbaan (De Texelse) Op basis van de VNG-brochure geldt voor ‘Golfbanen’ een richtafstand van 10 m voor het aspect geluid. De planlocatie ligt op een afstand van ca. 400 m vanaf de golfbaan en het wonen in de stacaravans vormt geen belemmering voor de bedrijfsvoering van het bedrijf. Betekenis voor dit project: • In de omgeving van de planlocatie bevinden zich geen bedrijven of activiteiten die hinder veroorzaken. Bestaande bedrijven of activiteiten worden niet gehinderd in hun functioneren.

Ruimtelijke onderbouwing BOPA Huisvesting seizoenspersoneel Krimweg 44 De Cocksdorp

31

afb.26 (Bedrijfs-)activiteiten in de omgeving van het hotel (nummering zoals in paragraaf 5.2)

5.3

Geluid door activiteiten

Wettelijk kader Het Bkl stelt eisen aan nieuwe geluidgevoelige functies binnen het geluidsaandachtsgebied van een weg, spoorweg of industrieterrein. Een geluidsaandachtsgebied is het gebied langs een weg, spoorweg of industrieterrein waar het geluid hoger kan zijn dan de standaardwaarde (artikel 3.20 Bkl). Voor het bepalen van de omvang van het geluidsaandachtsgebied gelden de regels uit bijlage IVc van de Omgevingsregeling. Op basis van artikel 5.78t Bkl moet bij het realiseren van geluidsgevoelige objecten onderzocht worden of het geluid op dat gebouw niet hoger is dan de standaardwaarde. Vanwege het nachtverblijf kan hinder worden ondervonden van het geluidsniveau van de omliggende wegen. Afweging De planlocatie ligt niet in het geluidsaandachtsgebied van rijkswegen, spoorlijnen of industrieterrein. de N99 en de A7. In 2015 is akoestisch onderzoek uitgevoerd naar de geluidsbelasting van het verkeer op de Krimweg op de stacaravans. Daarin is geconcludeerd dat de geluidbelasting nabij de stacaravans lager is dan 28 dB. De situatie wordt voor de stacaravans omschreven als goed. Ten gevolge van de verkeersgeneratie van de bewoners van de 10 stacaravans, neemt de geluidbelasting toe op de gevel van de bestaande woningen langs de Krimweg met maximaal 0,1 dB. Deze waarde is verwaarloosbaar. Er wordt geen (extra) hinder verwacht in de omgeving.

Omdat het verkeersbeeld op de Krimweg sinds 2015 niet gewijzigd is, is dit onderzoek niet opnieuw uitgevoerd. Betekenis voor dit project Ten aanzien van het aspect geluid zijn er geen belemmeringen voor deze ontwikkeling.

Ruimtelijke onderbouwing BOPA Huisvesting seizoenspersoneel Krimweg 44 De Cocksdorp

32

5.4

Kwaliteit van de buitenlucht

Wettelijk kader De hoofdlijnen voor regelgeving rondom luchtkwaliteitseisen zijn opgenomen in de instructieregels 5.1.4.1 Bkl. Voor onder andere de in de buitenlucht voorkomende stikstofdioxide (NO2) en fijnstof (PM10) gelden omgevingswaarden. Een activiteit is toelaatbaar als aan een van de volgende voorwaarden wordt voldaan: • Er is geen sprake van een feitelijke of dreigende overschrijding van een grenswaarde; • Het project leid per saldo niet tot een verslechtering van de luchtkwaliteit; • Het project draagt alleen niet in betekende mate bij aan de luchtverontreiniging. Mede door het Nationaal Samenwerkingprogramma Luchtkwaliteit (NSL) is in de afgelopen jaren in Nederland de luchtkwaliteit aanzienlijk verbeterd. Vanwege deze verbetering komt het NSL na de inwerkingtreding van de Omgevingswet dan ook te vervallen. Uit artikel 5.53 en 5.54 Bkl volgt dat een project niet in betekenende mate bijdraagt aan de luchtkwaliteit als de toename van de concentratie NO2 en PM10 niet hoger is dan 1,2 µg/m3. Dat is 3% van de omgevingswaarde voor de jaargemiddelde concentraties. Afweging De planontwikkeling beoogt de realisatie van huisvesting voor seizoenswerkers. De effecten van de extra verkeers-aantrekkende werking op de luchtkwaliteit zijn hierna beoordeeld.

Huidige luchtkwaliteit Uit de kaart van het Centraal Instrument Monitoring Luchtkwaliteit blijkt dat de planlocatie niet binnen een aandachtsgebied of maatregelengebied voor luchtkwaliteit is gelegen. Ook vindt er in de omgeving geen grote uitstoot plaats door bijvoorbeeld verkeer op rijkswegen. Er kan worden gesteld dat de huidige lokale luchtkwaliteit (ruim) voldoet aan de wettelijke normen. Niet in betekende mate (NIBM-tool) Met het voorgenomen plan is er sprake van extra personenverkeer en in beperkte mate van extra vrachtverkeer. Het verkeer heeft gezien de beperkte omvang geen significante werking op de luchtkwaliteit. Er vinden enkel verkeersbewegingen ten behoeve van zwaarder verkeer plaats in de aanlegfase. In de gebruiksfase vinden alleen verkeersbewegingen plaats die samenhangen met de hotelfunctie. Het voorgenomen plan draagt dan ook niet in betekenende mate bij aan de luchtverontreiniging. Deze conclusie wordt door het invoeren van de basisgegevens in het project in onderstaande tabel volgens de NIBM-tool bevestigd:

Betekenis voor dit project: Vanaf het aspect luchtkwaliteit zijn er geen belemmeringen voor de realisatie van de huisvesting voor seizoenswerkers (in 10 stacaravans).

Ruimtelijke onderbouwing BOPA Huisvesting seizoenspersoneel Krimweg 44 De Cocksdorp

33

5.5

Bodemkwaliteit

Wettelijk kader Ter bescherming van de gezondheid en het milieu zijn voor het aspect bodem instructieregels in het Bkl opgenomen. De inhoud van deze regels is via het Aanvullingsbesluit bodem Omgevingswet opgenomen in paragraaf 5.1.4.5 Bkl. Het aanvullingsbesluit bepaalt voor welke activiteiten kan worden volstaan met een melding. Er worden drie basisvormen van bodemgebruik onderscheiden: landbouw/natuur, wonen en industrie. De kaders zijn gebaseerd op de risicogrenswaarden die voor de betreffende situaties zijn afgeleid. De algemene doelstelling van het bodembeleid is het waarborgen van de gebruikswaarde van de bodem en het faciliteren van het duurzaam gebruik van de functionele eigenschappen van de bodem. De volgende drie doelen zijn dan ook essentieel voor een gezonde bodem: • beschermen van de bodem tegen nieuwe verontreinigingen en aantastingen; • evenwichtige toedeling van functies aan locaties, rekening houdend met de kwaliteiten van de bodem; • duurzaam en doelmatig beheren van de resterende historische verontreinigingen en aantastingen. De gemeente Texel heeft in 2020 de Bodemkwaliteitskaart voor het grondgebied van Texel, waarop is aangegeven in welke bodemkwaliteitsklasse iedere bodemkwaliteitszone valt, opnieuw vastgesteld.

De bodemkwaliteit is in ieder geval aanvaardbaar indien de onderzochte waarden voldoen aan de interventiewaarden bodemkwaliteit als bedoeld in bijlage IIA van het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal). Volgens artikel 5.89ka Bkl; overlegt een aanvrager van een vergunning (indien noodzakelijk) een onderzoek waarmee de waarden van de bodem worden aangetoond. Afweging Ten behoeve van de tien stacaravans worden geen grondroerende werkzaamheden uitgevoerd. De tien stacaravans zijn vrij te verplaatsen en geplaatst op het grasland binnen het plangebied. Inzake de bestaande doucheruimte worden eveneens geen bodemingrepen uitgevoerd. Uit de Bodemkwaliteitskaart blijkt dat voor het plangebied de bodemkwaliteitsklasse “Landbouw/natuur” van toepassing is en op basis van historisch onderzoek het gebied niet wordt aangemerkt als verdachte locatie voor bodemverontreiniging. Verder blijkt uit de kaart van het Bodemloket, een kaart die informatie weergeeft over bodemonderzoeken en saneringen, dat in en rondom het plangebied wel op diverse plaatsen bodemonderzoek, maar geen bodemsanering heeft plaatsgevonden. O.a. de plaats van de stacaravans Krimweg 44 is in 2011 onderzocht. Uit het onderzoek bleek dat de hypothese dat het om een niet-verdachte locatie ging, kon worden ondersteund.

Nu het plangebied op grond van de beschikbare bodemgegevens niet wordt aangemerkt als verdachte locatie voor bodemverontreiniging en geen grondroerende werkzaamheden worden uitgevoerd, is er geen aanleiding voor nader inventariserend bodemonderzoek. Betekenis voor dit project Het plan is gelet op de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem uitvoerbaar.

5.6

Wegen, verkeer en parkeren

Wettelijk kader De toename aan functies zorgen voor verkeer. Bij het toelaten van een nieuwe functie moet daarom worden aangetoond wat het effect is op de bereikbaarheid en de verkeersafwikkeling. Daarbij dient in beeld te worden gebracht of er sprake is van een (extra) parkeerbehoefte voor auto’s, fietsen en/of scooters. Er mag geen onaanvaardbaar effect zijn. Dit geldt ook bij buitenplanse omgevingsvergunningen.

Ruimtelijke onderbouwing BOPA Huisvesting seizoenspersoneel Krimweg 44 De Cocksdorp

34

De gemeente heeft parkeerbeleid met daarin parkeernormen waaraan nieuwe ontwikkelingen moeten voldoen. De activiteit dient dus aan het gemeentelijk beleid getoetste te worden. Onderzoek Verkeersgeneratie De ontsluiting in het gebied blijft dezelfde. Ontsluiting van het terrein vindt plaats vanaf de Krimweg. De Krimweg vormt de belangrijkste route tussen De Cocksdorp en het strand, en ontsluit veel recreatieparken. De dimensionering van de weg sluit aan bij de functie. Met behulp van CROW ‘Kencijfers parkeren 2024’ kan het aantal verkeersbewegingen van en naar de locatie worden berekend: • de planlocatie ligt in ‘Buitengebied, niet stedelijk gebied’; • het betreft 10 stacaravans, we gaan uit van de kencijfers voor ‘tiny houses’; • voor een tiny house geldt een kencijfer van 1,8 tot 2,4 verkeersgeneratie per dag. • onder verkeersgeneratie wordt hierbij de totale hoeveelheid gemotoriseerd wegverkeer (exclusief openbaar vervoer) verstaan die gedurende een gekozen tijdsperiode naar de desbetreffende voorziening toe rijdt én hier van wegrijdt. • Op basis van een gemiddelde verkeersgeneratie van 2,1 per woning gaat het om 42 verkeersbewegingen per etmaal. Afweging In 2015 is het extra verkeer door de 10 stacaravans op de Krimweg afgewogen. Op dat moment werd uitgegaan van een 2060 motorvoertuigen per etmaal op de Krimweg.

De mobiliteitsvisie Texel spreekt over een verkeergeneratie tijdens de zomer van 1000-2000 auto’s. Aangezien de Krimweg een vrijliggend voetpad en fietspad heeft, is de capaciteit ruimt voldoende om de verkeersgeneratie als gevolg van de 10 stacaravans op te vangen. Het huidige verkeersbeeld -immers de 10 stacaravans staan er al- op de Krimweg ondersteunt dit beeld. Parkeren Uitgangspunt is dat overlast door parkerende auto’s in de omgeving wordt voorkomen. In de situatie kan volstaan worden met een minimale behoefte aan parkeerplaatsen, oftewel 10 parkeerplaatsen. Omdat de eigenaar van de stacaravans tevens werkgever van Strandpaviljoen Paal 28 is, kan deze bindende afspraken maken of eisen opleggen over het aantal auto’s dat het personeel op eigen terrein parkeert. Betekenis voor het project: • De extra verkeersaantrekkende werking zal beperkt zijn ten opzichte van de huidige intensiteit op de Krimweg. Nader onderzoek kan om die reden achterwege blijven. • Het parkeren wordt op eigen terrein opgelost.

5.7

Omgevingsveiligheid

Wettelijk kader Bij omgevingsveiligheid (voorheen: externe veiligheid) gaat het om de veiligheid van mensen in een plangebied in relatie tot de opslag, het gebruik, de productie en het transport van gevaarlijke stoffen in of nabij het plangebied, voor zover die activiteiten risico’s voor de bevolking kunnen geven. Bij het verlenen van een omgevingsvergunning wordt rekening gehouden met het belang van: a. het voorkomen, beperken en bestrijden van risico’s van branden, rampen en crisis; b. de mogelijkheden van personen om zich bij een brand, ramp of crisis in veiligheid te brengen; c. de geneeskundige hulpverlening. Bij het beoordelen van de omgevingsveiligheid toetst het bevoegd gezag (voor zover van belang) aan de instructieregels in paragrafen 5.1.2.2 Bkl (opslag, productie, gebruik en vervoer gevaarlijke stoffen en windturbines), 5.1.2.3 Bkl (belemmeringengebied buisleiding gevaarlijke stoffen) en 5.1.2.4 Bkl (opslaan, herverpakken en bewerken van vuurwerk).

Ruimtelijke onderbouwing BOPA Huisvesting seizoenspersoneel Krimweg 44 De Cocksdorp

35

Toetsing omgevingsveiligheid De locaties van risicobronnen en risicocontouren zijn terug te vinden op het kaartbeeld op www.atlasleefomgeving.nl. Hieronder is een fragment van de kaart opgenomen:

afb.27 Fragment www.atlasleefomgeving.nl

In de nabijheid van de planlocatie zijn twee inrichtingen aanwezig met een veiligheidsrisico. Het betreft de inrichtingen Landal Sluftervallei (verder te noemen: Landal) en Van Tongelen rijwielverhuur / gas depot (verder te noemen: Gas depot). Landal Landal valt onder de werkingssfeer van het Activiteitenbesluit. Volgens de Leidraad risicoinventarisatie gevaarlijke stoffen (verder te noemen: LRI) is sprake van een potentieel risicovolle inrichting. Het invloedsgebied (1% letaal) ligt volgens de Gevarenkaart nr. 9 van de LRI bij een chloorbleekloogtank van 3600 liter op 150 meter vanaf de opslag voor chloorbleekloog. Het plangebied ligt op een afstand van circa 230 meter en valt daarmee ruim buiten het invloedsgebied van de inrichting. Aanvullend hierop geldt dat het plangebied ook valt buiten de richtafstand van 10 meter voor het aspect gevaar die in bijlage 1 van de VNG-brochure voor een overdekt zwembad is opgenomen. Gas depot Op de risicokaart zijn voor de Propaan opslagtank op de locatie ingetekend. Tot 30 m rond de opslagtank moet rekening gehouden worden met explosiegevaar. De planlocatie valt ruimt buiten het invloedsgebied van de inrichting. Een verantwoording van het groepsrisico is niet noodzakelijk.

Betekenis voor dit project De locatie ligt planlocatie buiten het invloedsgebied van risicobronnen die verband houden met transport over water, spoor of door buisleidingen of andere inrichtingen.

Ruimtelijke onderbouwing BOPA Huisvesting seizoenspersoneel Krimweg 44 De Cocksdorp

36

Het aspect omgevingsveiligheid vormt geen belemmering voor het verlenen van de omgevingsvergunning.

5.8

Natuur

In deze paragraaf komt aan de orde op welke wijze bij de activiteit rekening wordt gehouden met het aspect natuur en de gevolgen voor de natuur door stikstofdepositie. Wettelijk kader Ter bescherming van de natuur zijn in het Bkl diverse regels opgenomen. Deze regels komen grotendeels overeen met de regels die zijn opgenomen in de voormalige Wet natuurbescherming. Het gaat hierbij in de eerste plaats om regels voor de gebiedsbescherming van aangewezen Natura 2000-gebieden, regels voor de soortenbescherming van de te beschermen plan- en diersoorten (waaronder vogels) en regels ter bescherming van houtopstanden. Het gebieds- en soortenbeschermingsregime vloeit voor een belangrijk deel voort uit twee Europese richtlijnen, te weten de Vogelrichtlijn (79/409/EEG) en de Habitatrichtlijn (92/43/EEG). Toetsings gebieds- en soortenbescherming Groot Eco Advies heeft ten behoeve van de ecologische herbeoordeling van de planlocatie een quickscan opgemaakt van de aanwezige natuurwaarden. De op de planlocatie aanwezige natuurwaarden en de impact van de beoogde ontwikkeling op nabij gelegen beschermde gebieden zijn als volgt beoordeeld (zie bijlage 1): Soortenbescherming Op basis van de quickscan wordt geconstateerd dat de locatie geen potenties heeft voor beschermde soorten. Gebiedsbescherming Gebiedsbescherming in het kader van Natura 2000, NNN en BPL is niet aan de orde.

Een voortoets is daarom niet nodig. In het kader van de stikstofproblematiek is wel nadere toetsing met betrekking tot stikstofdepositie noodzakelijk (zie nadere toelichting in bijlage 2). Het geplande project leidt tot verhoogde emissie van stikstof. Ten behoeve van de planontwikkeling is een analyse nodig van de hierdoor veroorzaakte extra depositie van stikstof op gevoelige habitattypen in nabijgelegen Natura 2000-gebieden. Als deze depositie boven 0,00 mol/ha/jaar komt bestaat een vergunningsplicht. Het aanvullend onderzoek naar de stikstofdepositie op Natura 2000-gebied wordt hierna beschreven. Aanvullend onderzoek stikstofdepositie Op basis van verkeersaantrekkende werking en activiteiten, bouwfase en gebruiksfase van het initiatief is de stikstofdepositie op nabijgelegen Natura 2000-gebieden beoordeeld (zie bijlage 2, 3). De effectbeoordeling van de stikstofdepositie op Natura 2000-gebied is als volgt: • • •

De berekende toename van stikstofdepositie in Natura 2000 gebieden is niet groter dan 0,00 mol/ha/jaar. Er hoeft geen vergunning Wnb ten aanzien van de stikstof depositie aangevraagd te worden. Op basis van de hierboven gepresenteerde gegevens hoeft er geen voortoets naar de effecten van de stikstofdepositie uitgevoerd te worden.

Ruimtelijke onderbouwing BOPA Huisvesting seizoenspersoneel Krimweg 44 De Cocksdorp

37

Betekenis voor dit project • Gebiedsbescherming in het kader Natura-2000, weidevogelleefgebied en NNN is niet aan de orde. • Er is ecologisch onderzoek gedaan (quickscan) naar de aanwezigheid van beschermde soorten, deze zijn niet aangetroffen. • Er hoeft geen vergunning Wnb ten aanzien van de stikstof depositie aangevraagd te worden. • Het voorzorgsbeginsel uit de Wet natuurbescherming blijft van toepassing. Van grondeigenaren en gebruikers mag worden verwacht dat ingrepen en handelingen die negatieve effecten kunnen hebben op planten- of diersoorten, zodanig worden uitgevoerd dat schade tot een minimum beperkt blijft.

5.9

Water en watersystemen

De planlocatie valt binnen het beheersgebied van het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier (HHNK). Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier heeft samen met haar partners haar waterbeleid op lange termijn (Deltavisie) en op middellange termijn (Waterprogramma 2016-2021) opgesteld. In het Waterprogramma 2016-2021 (voorheen waterbeheersplan) zijn de programma's en beheerstaken van het hoogheemraadschap opgenomen met de programmering en uitvoering van het waterbeheer. Het programma is nodig om het beheersgebied klimaatbestendig te maken, toegespitst op de thema’s waterveiligheid, wateroverlast, watertekort, schoon en gezond water en crisisbeheersing. Door het veranderende klimaat wordt het waterbeheer steeds complexer. Alleen door slim samen te werken is integraal en doelmatig waterbeheer mogelijk. Bij de ontwikkeling van het Waterprogramma is hieraan invulling gegeven door middel van een partnerproces en de ontwikkeling van gezamenlijke bouwstenen. Keur en Uitvoeringsregels Op grond van de Waterwet is het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier als waterschap bevoegd via een eigen verordening, de Keur, regels te stellen aan handelingen die het watersysteem beïnvloeden.

De Keur geeft vorm aan de inhoud van de Waterwet met concrete doelstellingen, te weten: voorkoming en waar nodig beperking van overstromingen, wateroverlast en waterschaarste, in samenhang met (a) bescherming en verbetering van de chemische en ecologische kwaliteit van watersystemen, en (b) vervulling van maatschappelijke functies door watersystemen. In de Keur 2016 van het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier staan de geboden en verboden die betrekking hebben op watergangen en waterkeringen. Voor het uitvoeren van werkzaamheden kan een vergunning nodig zijn. De werkzaamheden in of nabij de watergangen en waterkeringen worden getoetst aan de beleidsregels die op de website van het hoogheemraadschap te vinden zijn (https://www.hhnk.nl/keur). Watertoets In 2014 is in het kader van de watertoets overleg geweest met de waterbeheerder. De conclusies zijn hierna vermeld. Omdat de situatie niet wijzigt, is de watertoets niet opnieuw aangevraagd. Voor het initiatief, de plaatsing van 10 stacaravans inclusief terreinverharding en een douchegebouw, is er geen waterschapsbelang: • er is geen sprake van een toename verhard oppervlak van meer dan 800 m2; •

de planlocatie ligt buiten de zone waterstaatswerk van de primaire waterkeringen (in dit geval de duinen);

•

het planbord niet gerealiseerd in of nabij bestaande watergangen;

•

er liggen geen ondergrondse leidingen van het Hoogheemraadschap in het plangebied.

Nadere toelichting: Waterkwantiteit

Ruimtelijke onderbouwing BOPA Huisvesting seizoenspersoneel Krimweg 44 De Cocksdorp

38

De tien stacaravans zijn geplaatst op gras en in het midden van deze caravans is een deel van het terrein, ± 50 m2, bestraat. De afmeting van een stacaravan is ± 2,5 m in de breedte en ± 9 m in de lengte en de totale oppervlakte vanwege de tien stacaravans bedraagt hiermee ± 225 m2. De afmeting van de doucheruimte is ± 2,5 m in de breedte en ± 2,5 m in de lengte en de totale oppervlakte vanwege de doucheruimte bedraagt hiermee ± 6,25 m2. Dit betekent dat de toename oppervlakte bebouwing kleiner is dan 800 m2. Deze ondergrens van 800 m2 hanteert het Hoogheemraadschap en onder deze grens is compensatie niet nodig. In of rondom het plangebied is geen sprake van (grond)wateroverlast. Waterkwaliteit en riolering Daarnaast vinden er binnen het plangebied (i) geen activiteiten op het verhard oppervlak plaats waardoor verontreinigd hemelwater kan afspoelen en het oppervlaktewater mogelijk belast wordt, (ii) is er in of grenzend aan het plangebied geen oppervlaktewater aanwezig, (iii) worden er in het plan geen wijzigingen in het oppervlaktesysteem aangebracht, (iv) vinden er geen werkzaamheden plaats binnen een zone van 5 meter van een waterloop en (v) is er geen sprake van een tijdelijke of permanente grondwateronttrekking en/of – lozing. Het hemelwater wordt afgevoerd via een gescheiden stelsel.

Het afvalwater van de stacaravans en de doucheruimte wordt afgevoerd via het riool en het hemelwater kan rondom en onder de stacaravans gewoon wegzijgen in de ondergrond. Er vindt geen versnelde afvoer plaats van hemelwater in een oppervlaktewaterlichaam.

afb.28 Alleen secundaire waterlopen in omgeving planlocatie aan de Krimweg (bron: HHNK Legger 2024)

Betekenis voor dit project De waterhuishouding vormt geen belemmering voor het pan, er hoeft geen watercompensatie plaats te vinden.

Ruimtelijke onderbouwing BOPA Huisvesting seizoenspersoneel Krimweg 44 De Cocksdorp

39

5.10 Cultureel erfgoed, landschap, stedenbouw Beleidskader Het Bkl stelt met het oog op het beschermen van landschappelijke of stedenbouwkundige waarden en cultureel erfgoed eisen aan nieuwe ontwikkelingen. Het Bkl stelt in artikel 5.130 eisen aan de inhoud van een omgevingsplan of een BOPA in het belang van behoud van cultureel erfgoed met inbegrip van archeologische monumenten. Zo kunnen monumenten worden aangewezen en gebieden worden aangeduid waar niet mag worden gegraven voordat archeologisch onderzoek heeft plaatsgevonden. Het Bijzonder Provinciaal Landschap (BPL) is het regime voor bescherming in Noord-Holland voor gebieden die landschappelijk, aardkundig, ecologisch of cultuurhistorisch van bijzondere waarde zijn. Het BPL is beschreven in kernkwaliteiten per deelgebied. De voormalige beschermingsregime Bufferzones, Aardkundig Monument en Weidevogelleefgebied zijn geborgd in de kernkwaliteiten. Op 18 september 2024 is de beleidskaart Archeologie van de gemeente Texel vastgesteld. De kaart met toelichting geeft een overzicht van de bekende archeologische waarden en de verwachte archeologische waarden. Daarnaast geeft de kaart voor elke locatie in de gemeente aan hoe om te gaan met archeologie bij ruimtelijke ingrepen. Dit schept duidelijkheid en hiermee wordt onnodig archeologisch onderzoek of vernietiging van waardevolle archeologische resten voorkomen.

In het geldende bestemmingsplan is geen archeologische beschermingsregeling voor de planlocatie van kracht. Landschap en cultuurhistorie De Leidraad Landschap en Cultuurhistorie 2018 (Leidraad) is geraadpleegd om inzicht te krijgen in de cultuurhistorische waarden van de planlocatie. De Leidraad verdeelt en beschrijft 20 ensembles en 10 provinciale structuren die zich onderscheiden in de ontstaansgeschiedenis en de kernwaarden van landschap en cultuurhistorie. Ambities en ontwikkelprincipes in de Leidraad geven richting bij het inpassen van nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen. Ook is de aardkundige waarde van delen van Texel is beschreven in de Leidraad. Op basis van de Omgevingsverordening NH2020 is formele toetsing aan de Leidraad niet noodzakelijk. Ten behoeve van de zorgvuldige landschappelijke inpassing van de planlocatie zijn wel de cultuurhistorisch aspecten die via het ruimtelijke traject belangrijk voor Texel zijn beoordeeld, zoals het karakteristieke landschapspatroon en de ruimtelijke context van de planlocatie (zie hiervoor ook hoofdstuk 4). Verantwoording landschap en cultuurhistorie De algemene ambitie volgens de Leidraad is om ruimtelijke ontwikkelingen: a. bij te laten dragen aan het zichtbaar en herkenbaar houden van de landschappelijke karakteristiek, b. bij te laten dragen aan het versterken van (de beleving van) openheid en c.

helder te positioneren ten opzichte van de ruimtelijke dragers. De locatie ligt in het aandijkingslandschap omgeven door de recreatieparken van De Cocksdorp. Polder Eijerland is een strandpolder, een nieuwere aandijking, met een grootschalige opzet, een regelmatige en rechtlijnige verkaveling en losse erven. Het is een van oudsher ingesloten strandvlakte, waar de duinen en dijken nu het decor vormen. Het plangebied heeft weinig karakteristieke kwaliteiten die bij het aandijkingenlandschap horen (de gemeente Texel rekent de planlocatie tot het duingebied). Ad a. Het initiatief tast geen karakteristieke kenmerken van het omringende landschap of op de planlocatie aan en is vanuit de omgeving heel beperkt zichtbaar. Ad b. De openheid van het landschap rond de planlocatie is niet kenmerkend. Ad b. Het gebied is onderdeel van een met bos omzoomt recreatiegebied. De stacaravans zijn achter de bedrijfswoning gevestigd, deze is via een oud duinpad met de Krimweg verbonden.

Ruimtelijke onderbouwing BOPA Huisvesting seizoenspersoneel Krimweg 44 De Cocksdorp

40

Archeologie De Archeologische beleidskaart 2024 van de gemeente Texel geeft voor de planlocatie aan dat bij ingrepen van meer dan 2.500 m2 en een archeologisch onderzoek aan de orde is (op basis van de lage archeologische verwachting voor dit gebied). Van een dergelijk grootschalige ingreep is echter lang geen sprake. Aardkundige waarden De locatie aan de Krimweg valt buiten de begrenzing van het BPL Texel. In het gebied is geen beschermingsregime voor aardkundige waarden. Betekenis voor dit project: Er zijn met onderhavige ontwikkeling geen belangrijke nadelige gevolgen op het gebied van cultureel erfgoed te verwachten. Met dit plan wordt de karakteristieke kleinschalige landschappelijke karakteristiek van Texel, het ‘verhaal’ van het eiland, versterkt. Het aspect archeologie staat de ontwikkeling niet in de weg. Archeologisch onderzoek is niet noodzakelijk. Indien bij bodemingrepen archeologische resten worden aangetroffen, geldt op grond van artikel 5.10 van de Erfgoedwet een meldingsplicht. De planlocatie maakt geen onderdeel uit van het BPL Texel. Bescherming van aardkundige waarden is op de planlocatie niet van toepassing.

5.11 Beschermen van de gezondheid 5.12.1 Wettelijk kader Gezondheid is een thema waar de Omgevingswet geen inhoudelijke eisen over stelt, ondanks dat het bieden van een veilige en gezonde fysieke leefomgeving tot de maatschappelijke doelen van de wet behoort. Omdat de Omgevingswet het begrip niet inkadert, kan het veel verschillende onderwerpen raken, bijvoorbeeld regels voor het beweegvriendelijk maken van de omgeving. Milieunormen zijn in het verleden ook gesteld om gezondheid te beschermen. De fysieke leefomgeving kan gevolgen hebben voor de gezondheid van mensen, in positieve of negatieve zin. Zo kan een groene en beweegvriendelijke omgeving goed zijn voor de gezondheid. Aan de andere kant kunnen bijvoorbeeld een matige luchtkwaliteit of een lawaaiige omgeving ongezond zijn. Een van de maatschappelijke doelen van de Omgevingswet is een gezonde fysieke leefomgeving. Binnen de Omgevingswet kunnen overheden eigen gezondheidsambities vastleggen en uitwerken. 5.12.2 Milieunormen In paragraaf 5.1.4 Bkl zijn de instructieregels opgenomen voor de beoordeling van de aanvraag voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit op het gebied van gezondheid en milieu.

Op het initiatief Krimweg 44 zijn de instructies van belang voor de kwaliteit van de buitenlucht (paragraaf 5.1.41), het geluid van wegen, spoorwegen en industrieterreinen (paragraaf 5.1.4.2a) en de bodemkwaliteit (paragraaf 5.1.4.5). Deze aspecten zijn in respectievelijk paragraaf 5.3, 5.4 en 5.5 reeds beoordeeld. Gebruik gewasbeschermingsmiddelen Vanuit het oogpunt van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties moet het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen worden meegewogen bij de realisatie van gevoelige bestemmingen als woningen Het is vaste rechtspraak van de Afdeling dat in het algemeen een afstand van 50 meter tussen gevoelige functies en agrarische bedrijvigheid waarbij gewasbeschermingsmiddelen worden gebruikt, niet onredelijk wordt geacht. Op grond van diezelfde rechtspraak is het mogelijk om deze afstand te verkleinen indien daaraan een deugdelijke motivering ten grondslag ligt. Afweging Er zijn geen agrarische gronden op kortere afstand dan 50 meter van het voorliggende plangebied aanwezig waarop gewasbeschermingsmiddelen worden gebruikt.

Ruimtelijke onderbouwing BOPA Huisvesting seizoenspersoneel Krimweg 44 De Cocksdorp

41

5.12.3 Kwaliteit inrichting en gebruik fysieke leefomgeving Met de realisatie van het initiatief wordt een passende huisvesting geboden aan de seizoenswerkers van Paal 28. De caravans en het terrein hebben een basis inrichting, die aansluit bij de situering tegen de rand van de duinen aan. De omgeving van de planlocatie nodigt uit tot het maken van uitstapjes en bewegen (wandelen, fietsen e.d.) en De Cocksdorp is dichtbij. Betekenis voor dit project De huisvesting sluit aan bij de wensen van de paviljoeneigenaar en seizoenswerkers. Daarnaast is in de voorgaande paragrafen aangetoond dat het project voldoet aan een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. Om die redenen draagt dit project bij aan een veilige en gezonde fysieke leefomgeving.

5.12 M.e.r.-beoordeling Wettelijk kader Het instrument milieueffectrapportage (m.e.r.) is ontwikkeld om het milieubelang een volwaardige plaats in bepaalde plan- en besluitvormingsprocessen te geven. In het milieueffectrapport worden de effencten van een ontwikkeling voor alle relevante milieuaspecten systematisch in beeld gebracht. Tevens wordt nagegaan of er alternatieven of maatregelen zijn waarmee eventuele negatieve effecten kunnen worden verminderd of voorkomen. Enerzijds maakt het opstellen van een milieueffectrapportage de initiatiefnemer bewust van de milieugevolgen en anderzijds kan de overheid diverse milieugevolgen in samenhang met elkaar en op een voor de burger transparante wijze bij de besluitvorming betrekken. De verplichting een MER op te stellen is van kracht sinds 1 september 1987 en is verankerd in de Omgevingswet (en voorheen in de Wet miieubeheer). Voor sommige plannen of projecten geldt direct de verplichting om een MER op te stellen, maar er zijn ook plannen waarvoor het bevoegd gezag moet beoordelen of zij het nodig vindt om ter voorbereiding van een besluit een MER te laten maken. In het Omgevingsbesluit is opgenomen voor welke activiteiten de m.e.r.-(beoordelings-) plicht bestaat. Het gaat dan met name om activiteiten die aanzienlijk nadelige effecten op het milieu kunnen hebben.

Op grond van artikel 16.43, tweede lid van de Omgevingswet moet het bevoegd gezag beoordelen of er als gevolg van een bouwplan mogelijk aanzienlijke milieueffecten kunnen optreden. Op grond van artikel 16.43 Omgevingswet en artikel 11.6 van het Omgevingsbesluit is de lijst met m.e.r-plichtige en m.e.r-beoordelingsplichtige projecten opgenomen in bijlage V van het omgevingsbesluit. Toetsing Het project wordt in Bijlage V bij het Omgevingsbesluit aangemerkt als ‘permanent kampeer- en caravanterrein’ (categorie M4). Voor dit project geld, op basis van kolom 2, geen m.e.r-plicht. Op basis van kolom 3 geldt echter wel een m.e.r.-beoordelingsplicht voor aanleg, wijziging of uitbreiding. In onderhavig plan is de nieuwe situatie gelijk aan de oude situatie. Een m.e.r.beoordeling is strikt genomen niet noodzakelijk. Uit de onderzoeken die zijn uitgevoerd voor de sectorale aspecten en waarvan de resultaten zijn weergegeven in hoofdstuk 5 wordt het volgende geconcludeerd: • Het plan heeft geen effecten op de waterhuishouding. • Gebiedsbescherming in het kader Natura 2000, weidevogelleefgebied en NNN, buiten indirecte gevolgen door toegenomen stikstofdepositie, is niet aan de orde. • Uit het aanvullend onderzoek stikstofdepositie blijkt dat als gevolg van de locatie de stikstofdepositie in Natura 2000 gebieden niet groter dan 0,00 mol/ha/jaar.

• Er is ecologisch onderzoek gedaan naar de aanwezigheid van beschermde soorten, deze zijn niet aangetroffen. • Ook voor de andere milieuthema's zijn geen relevante negatieve milieueffecten te verwachten.

Ruimtelijke onderbouwing BOPA Huisvesting seizoenspersoneel Krimweg 44 De Cocksdorp

42

Betekenis voor dit project: Er is sprake van een permanent kampeer- en caraventerrein, zoals bedoeld in categorie M4 van bijlage V bij het Omgevingsbesluit. Voor dergelijke terreinen geldt een m.e.r.-beoordelingsplicht voor aanleg, wijziging of uitbreiding. In onderhavig plan is de nieuwe situatie gelijk aan de oude situatie. Een m.e.r.-beoordeling is strikt genomen niet noodzakelijk. Uit het onderzoek van de milieuaspecten in dit hoofdstuk blijkt dat op voorhand2 kan worden geconcludeerd dat bij de huisvesting geen significant negatieve effecten op het milieu aan de orde zijn die een m.e.r.-beoordeling of milieueffectrapportage rechtvaardigen.

5.13 Conclusie toets fysieke leefomgeving Het in de voorgaande paragrafen beschreven onderzoek naar milieuaspecten geeft aan dat belangrijke nadelige milieugevolgen, als gevolg van de huisvesting voor seizoenswerkers aan de Krimweg, zijn uitgesloten. Dit blijkt o.a. uit de volgende aspecten: • • • • •

Het plan heeft geen effecten op de waterhuishouding. Gebiedsbescherming in het kader Natura 2000, weidevogelleefgebied en NNN, buiten indirecte gevolgen door toegenomen stikstofdepositie, is niet aan de orde. Uit het aanvullend onderzoek stikstofdepositie blijkt dat als gevolg van de locatie de stikstofdepositie in Natura 2000 gebieden niet groter dan 0,00 mol/ha/jaar. Er is ecologisch onderzoek gedaan naar de aanwezigheid van beschermde soorten, deze zijn niet aangetroffen. Ook voor de andere milieuthema's zijn geen relevante negatieve milieueffecten te verwachten.

2Op dit moment wordt nog onderzoek uitgevoerd naar beschermde soorten in het gebied.

Ruimtelijke onderbouwing BOPA Huisvesting seizoenspersoneel Krimweg 44 De Cocksdorp

43

6.

BEPERKINGENGEBIEDEN

6.1

Hoogtebeperkingen luchthaven Texel

Hoogtebeperkingen luchthaven Texel In het Besluit burgerluchthavens is een gebied opgenomen met hoogtebeperkingen in verband met de vliegveiligheid. Afweging hoogte Op de planlocatie geldt een hoogtebeperking tussen de 90 en 100 meter. De hoogte van de stacaravans is hier ruim onder. Overigens is op basis van de insturctieregel PKB-Waddenzee en Waddengebied een dergelijke hoogte voor bebouwing in dit gebied ook niet mogelijk. Kaders in omgevingsvergunning De hoogtebeperkingen van luchthaven Texel hoeven niet in de omgevingsvergunning te worden betrokken.

afb.29 Hoogtebeperkingen luchthaven Texel

Ruimtelijke onderbouwing BOPA Huisvesting seizoenspersoneel Krimweg 44 De Cocksdorp

44

7.

UITVOERBAARHEID

7.1

Algemeen

Wettelijk gezien bestaat de verplichting om inzicht te geven in de uitvoerbaarheidaspecten van een ruimtelijk plan. In dat verband wordt onderscheid gemaakt tussen de economische en maatschappelijke uitvoerbaarheid (in respectievelijk paragraaf 7.2 en 7.3).

7.2

Economische uitvoerbaarheid en grondexploitatie

Het betreft hier een private ontwikkeling waarbij het risico geheel gedragen wordt door de initiatiefnemer (Boom). De Grondexploitatiewet regelt het kostenverhaal, binnenplanse verevening en enkele locatie-eisen bij particuliere grondexploitatie. Een van de belangrijkste items in de wet is het verplichtende karakter van kostenverhaal. Een gemeente moet de kosten verhalen en mag er niet meer van afzien. Het verhalen van kosten kan op basis van de publiekrechtelijke als de privaatrechtelijke weg. De privaatrechtelijke weg heeft de voorkeur. Een exploitatieplan is in dit geval niet verplicht omdat voor wat betreft de tien stacaravans is sprake van een geval in bij algemene maatregel van bestuur aangewezen geval, te weten het geval waarin “er geen verhaalbare kosten zijn als bedoeld in artikel 6.2.4, onderdelen b tot en met f”. De realisatie van de tien stacaravans is financieel geheel gedragen door de eigenaar van het plangebied, te weten Boom, en verder zijn er geen gemeentelijke investeringen noodzakelijk om het plan mogelijk te maken. De kosten die de gemeente Texel maakt voor het in procedure brengen van de omgevingsvergunning worden verhaald op Boom via de leges.

Verder zal tussen Boom en de gemeente Texel een planschadeovereenkomst worden gesloten die ertoe leidt dat eventuele planschade als gevolg van de omgevingsvergunning voor afwijken van het bestemmingsplan voor rekening komt van de initiatiefnemer. De 10 stacaravans als oplossing voor de huisvesting van tijdelijke werknemers voor Paal 28 heeft zich de afgelopen jaren in de praktijk bewezen. Boom wenst ook de komende jaren op deze wijze in de personeelshuisvesting te voorzien. De gemeente zal in de omgevingsvergunning zeker willen stellen dat in het geval Boom de exploitatie staakt van het strandpaviljoen ook een einde komt aan de huisvestingsmogelijkheden op het perceel Krimweg 44. Op grond van het voorgaande kan worden geconcludeerd dat het kostenverhaal voldoende is verzekerd.

7.3

Maatschappelijke uitvoerbaarheid

7.3.1 Overleg direct omwonenden De Raad van de gemeente Texel heeft 13 juli 2022 gevallen vastgesteld waarvoor participatie verplicht is onder de Omgevingswet. Een aanvraag omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit kent een verplichte participatie kent, als sprake is van een aanvraag voor een activiteit die niet past binnen of afwijkt van: a. de doelen van het Omgevingsplan; b. de door de raad vastgestelde omgevingsvisie of de Structuurvisie Texel 2010, zolang geen omgevingsvisie is vastgesteld; c. ander door de gemeenteraad vastgesteld en geldend beleid . Uit paragraaf 3.4 blijkt dat de aanvraag omgevingsvergunning past bij het gemeentelijk beleid voor huisvesting tijdelijke werknemers. Op basis van de participatieverordening van de gemeente is participatie niet verplicht.

Ruimtelijke onderbouwing BOPA Huisvesting seizoenspersoneel Krimweg 44 De Cocksdorp

45

Het plan sluit wel aan bij de wensen van de omgeving. In het verleden is door initiatiefnemer een bouwaanvraag gedaan voor inpandige huisvesting in een grotere loods. Deze is door de gemeente verleend. Ten gevolge van door omwonende(n) aangespannen procedures Is het beoogde plan vele jaren vertraagd, de door de gemeente verleende bouwvergunning 1e fase was nog steeds niet onherroepelijk. De gemeente en Boom hebben naar aanleiding van de uitspraak van de Afdeling Bestuursrechtspraak (ABRS 15 april 2015) de afspraak gemaakt te kiezen voor huisvesting van seizoenspersoneel in stacaravans in plaats van in een nieuw te bouwen loods. Voor huisvesting in stacaravans bestond meer draagvlak. Daarbij is tevens de afspraak gemaakt dat Boom afstand zou doen van de eerder verleende bouwvergunning voor een nieuwe loods. Het bouwvlak op de locatie is vervolgens in het bestemmingsplan aanzienlijk verkleind en toegespitst op het werkelijke gebruik: de opslag. Voor de huisvesting van tijdelijke werknemers in 10 stacaravans is een tijdelijke omgevingsvergunning verleend voor een periode van 10 jaar. De schaal van de huisvesting sluit aan bij de door de omgeving gewenste schaal van de bebouwing.

7.3.2 Overleg externe partijen Bij het voeren van een BOPA, dient sprake te zijn van een evenwichtige verdeling van functies aan locaties. Deze beoordeling vindt over meerdere bestuurslagen plaats, maar het college van B&W is in het onderhavige geval bevoegd gezag. In het verleden is voor dit plan overleg geweest met het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier en de Omgevingsdienst Noord-Holland Noord. Er is geen aanleiding geweest tot aanpassing van het plan. Bij voorliggende omgevingsvergunningaanvraag betreft de nieuwe situatie de oude situatie. Er vinden geen veranderingen plaats.

7.3.3 Procedure buitenplanse omgevingsplan activiteit De aanvraag om de omgevingsvergunning heeft onder andere betrekking op het toestaan van een gebruik in afwijking van het geldend omgevingsplan. De gemeenteraad van Texel heeft een lijst vastgesteld waarvoor de raad een adviesrecht heeft bij aanvragen die bepaalde categorieën bouwplannen betreffen. Het voorgestelde initiatief behoort niet tot de categorieën bouwplannen waarvoor een bindend advies van de gemeenteraad vereist is. Op de onderhavige aanvraag is conform artikel 16.62 Omgevingswet de reguliere procedure van titel 4.1 Algemene wet bestuursrecht van toepassing. De reguliere beslistermijn van acht weken is van toepassing Daarnaast kan het college nog eenmalig met zes weken de beslistermijn verlengen. Op grond van het voorgaande kan worden geconcludeerd dat de maatschappelijke uitvoerbaarheid van het project voldoende is gegarandeerd.

7.4

Sociale en maatschappelijke effecten van realisatie hotel

Er is sprake van een directe koppeling tussen de seizoenshuisvesting en de exploitatie van Paal 28. De voorziening is specifiek gericht op werknemers van Paal 28 die niet op het eiland wonen en daardoor afhankelijk zijn van tijdelijke huisvesting. Omdat Paal 28 aan de noordzijde van het eiland ligt, en Texel afhankelijk is van een bootverbinding, is een goede huisvesting op het eiland noodzakelijk. Een goed huisvesting draagt bij aan het functioneren van het horecabedrijf en de recreatieve aantrekkelijkheid van dit deel van het strand. Gelet hierop draagt het initiatief bij aan de brede welvaart.

Ruimtelijke onderbouwing BOPA Huisvesting seizoenspersoneel Krimweg 44 De Cocksdorp

46

8.

BELANGENAFWEGING EN CONCLUSIE

8.1

Is sprake van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties?

Voorliggende ruimtelijke onderbouwing heeft tot doel te onderbouwen of er sprake is van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. Dit is in de onderbouwing beleidsmatig, ruimtelijk, milieuhygiënisch en op basis van maatschappelijk draagvlak afgewogen. Alternatieven voor huisvesting in de caravans zijn op de locatie niet aanwezig.

Beleidsmatige afweging Op basis van het nationaal, provinciaal en gemeentelijk beleidskader is de voorgestelde bestemmingswijziging van de locatie niet bezwaarlijk: • Op basis van het nationaal beleid (Nationale Omgevingsvisie) zijn er geen bezwaren tegen het ontwikkelen van de locatie. Het planvoornemen is getoetst aan het Besluit kwaliteit leefomgeving. Er is sprake van een duurzaam ruimtegebruik, en de ontwikkeling van de huisvesting heeft geen significant negatief effect op het PKB-Waddenzee. • De planlocatie ligt op basis van de regels uit de Omgevingsverordening NH2022 binnen het bestaand stedelijk gebied en maakt geen onderdeel uit van het Bijzonder provinciaal landschap Wieringen. • Het initiatief past binnen regionale en gemeentelijke ambities betreffende de versterking van recreatieve sector en de huisvestingsmogelijkheden voor seizoenswerkers die hier het gevolg van is. Ruimtelijke afweging Het initiatief past binnen de historische en landschappelijke context van de locatie: • De beoogde ontwikkeling ligt buiten de bebouwde kom van De Cocksdorp, op de overgang tussen de strandpolders en het duingebied, en voegt zich binnen de landschappelijke en cultuurhistorische context.

• Het situering van de 10 stacaravans en het douchegebouw, inclusief de bijbehorende terreininrichting, sluiten aan bij de criteria voor ontwikkelingen in het Beeldkwaliteitsplan Texel: o de situering van de stacaravans is landschappelijk ingepast door de gebouwen te clusteren en ruimtelijk los te houden van de bosrand; o erf en landschap vloeien in elkaar over; o de schaal van de bebouwing sluit aan bij de schaal van de bebouwing in de directe omgeving; o de caravans hebben een onopvallende uitstraling, ondergeschikt in karakter en situering ten opzicht van de hoofdbebouwing op het erf (woning met loods). • Er is sprake van een duurzame relatie werkgever en huisvesting. Er is een kwantitatieve behoefte naar huisvesting voor seizoensarbeiders. De locatie op eigen grond in de nabijheid van het bedrijf is hiervoor passend en functioneert al jaren naar ieders tevredenheid. • Bij de inrichting van het terrein is rekening gehouden met klimaatadaptatie: o groene inrichting, zo weinig mogelijk verharding; o vasthouden water in het gebied, hemelwater infiltreert in de grond; o stimuleren gebruik fiets. Afweging fysieke leefomgeving Het onderzoek naar milieuaspecten geeft aan dat belangrijke nadelige milieugevolgen, als gevolg van de in de Bopa voorgenomen ontwikkeling, zijn uitgesloten. • • •

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Texel&id=0fbd469e-d848-411e-ba40-aa434451f148