Bijlage 1. Transitievisie Warmte Gemeente Texel 2021
Tekst van het document
Transitievisie Warmte Gemeente Texel 28 oktober 2021
Project
Transitievisie Warmte Gemeente Texel
Opdrachtgever
Gemeente Texel
Document
Transitievisie Warmte
Status
Definitief
Datum
28 oktober 2021
Referentie
124741/21-016.110
Projectcode
124741
Projectleider
ir. A.H.J.van Kuijk
Projectdirecteur
K.A. Haans MSc
Auteur(s)
J.M. Beltman MSc, J.A. van den Houten MSc
Gecontroleerd door
ir. A.H.J. van Kuijk
Goedgekeurd door
ir. A.H.J. van Kuijk
Paraaf
Adres
Witteveen+Bos Raadgevende ingenieurs B.V. Leeuwenbrug 8 Postbus 233 7400 AE Deventer
Het kwaliteitsmanagementsysteem van Witteveen+Bos is gecertificeerd op basis van ISO 9001. © Witteveen+Bos
+31 (0)570 69 79 11
Niets uit dit document mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt in enige vorm zonder voorafgaande
www.witteveenbos.com
schriftelijke toestemming van Witteveen+Bos noch mag het zonder dergelijke toestemming worden gebruikt voor enig
KvK 38020751
ander werk dan waarvoor het is vervaardigd, behoudens schriftelijk anders overeengekomen. Witteveen+Bos aanvaardt geen aansprakelijkheid voor enigerlei schade die voortvloeit uit of verband houdt met het wijzigen van de inhoud van het door Witteveen+Bos geleverde document.
Foto voorblad: Paul van Velde, https://creativecommons.org/licenses/by/2.0/
VOORWOORD Er warmpjes bijzitten. Wie wil dat nou niet? Door de eeuwen heen hebben we daarvoor als mensheid allerlei manieren ontdekt. Ook in Nederland, waar nu vooral nog veel gekookt en verwarmd wordt met aardgas. Nadat in de loop van de vorige eeuw in het noorden van ons land omvangrijke aardgasvelden werden ontdekt, is er vrij snel een landelijk gasnet uitgerold dat ‘ons’ gas naar woningen en bedrijven door heel het land bracht. Ineens konden we bijna overal verwarmen op een makkelijkere en goedkopere manier dan voorheen. Wat een verandering! Maar de tijd staat niet stil. Het aardgas in Slochteren raakt op en we zijn gaandeweg tot het inzicht gekomen dat aan de aardgaswinning ook belangrijke bezwaren kleven. Niet in de laatste plaats de schade door aardbevingen aan gebouwen op en rond de gasvelden en de toenemende afhankelijkheid van gaslevering uit het buitenland. Een ander bezwaar is dat bij de verbranding van aardgas broeikasgassen vrijkomen. De uitstoot van deze broeikasgassen willen we terugdringen om zo de stijging van de temperatuur op aarde tegen te gaan – een belangrijke doelstelling van het landelijk vastgestelde Klimaatakkoord uit 2015. Nederland staat dus opnieuw voor een verandering en een uitdaging. Natuurlijk willen we ook in de toekomst comfortabel en betaalbaar blijven koken en verwarmen.
Tegelijk zullen onze huizen en andere gebouwen steeds meer overgaan op duurzame energie en dus op alternatieven voor aardgas. We moeten dat slim doen en stap voor stap. Want deze verandering heeft tijd nodig. We staan voor duurzame vooruitgang die haalbaar, betaalbaar en schaalbaar is. Als je iets slim wilt aanpakken, doe je eerst goed onderzoek. Daartoe is deze Texelse warmtevisie een aanzet. In deze visie hebben we een overzicht gemaakt van stappen waarmee we al vrij snel aan de slag kunnen: bewezen technieken voor een duurzame verwarming van Texel. Maar ook stappen waar we nog geen eenvoudige of pasklare oplossingen hebben. Uit vooronderzoek blijkt dat op korte termijn zelfvoorzienend en duurzaam worden niet haalbaar is op een betaalbare manier. We kunnen en willen inwoners, bedrijven en organisaties niet opleggen wanneer ze in welke technieken moeten investeren. En het is goedkoper en duurzamer om op logische momenten over te stappen naar duurzame warmte. Bovendien staat de tijd niet stil en nieuwe duurzame technologieën zich blijven ontwikkelen. We houden de ontwikkelingen in de gaten en staan altijd open om als proeftuin te dienen. In de eerste stappen die we op Texel kunnen zetten is ‘besparen’ het sleutelwoord. De meest duurzame energie is namelijk de energie die je niet hoeft te gebruiken. Bijvoorbeeld door goede isolatie en ventilatie van
3 | 25
Witteveen+Bos | 124741/21-016.110 | Definitief
woningen. Daar kunnen we al snel belangrijke vooruitgang in boeken. Tegelijk kijken we ook naar wat kansrijke alternatieven kunnen zijn voor aardgas: op korte termijn hybride of elektrische warmtepompen, op langere termijn mogelijk kleinschalige warmtenetten of beperkt groengas. Ook daarvoor is het nodig om onze gebouwen goed te isoleren. De Texelse warmtevisie is tot stand gekomen dankzij de onmisbare inbreng van een aantal (lokale) organisaties met zeer betrokken vertegenwoordigers, zoals energiecoöperatie Texel Energie, het Texels Ondernemers Platform, het PWN en netbeheerder Liander. Dankzij al deze partijen is een visie tot stand gekomen die ook echt tot uitvoering kan komen. Ik wil hen daarvoor hartelijk danken. Ook gaat mijn dank uit naar de betrokken inwoners en ondernemers die met ons mee hebben gedacht. We zijn zeker nog niet uitgepraat over de warmtetransitie en we hebben nog lang niet iedereen gesproken. Ik kijk er naar uit met de hierboven genoemde organisaties, maar ook met andere organisaties als LTO, Woontij, de verschillende bij TOP aangesloten ondernemersbranches en individuele ondernemers en inwoners aan de slag te gaan met de uitwerking van deze Texelse warmtevisie en zo met elkaar te blijven werken aan een duurzaam Texel. Hennie Huisman Wethouder duurzaamheid Gemeente Texel
SAMENVATTING Waarom is er een Transitievisie Warmte? In het Klimaatakkoord van Parijs heeft Nederland afgesproken om de uitstoot van broeikasgassen drastisch terug te dringen. Om dat te bereiken wil Nederland vrijwel geen fossiele brandstoffen meer gebruiken in 2050. Dit betekent dat woningen en andere voorzieningen zoals kantoren en winkels vanaf 2050 niet meer met aardgas verwarmd kunnen worden. De gemeente Texel heeft de taak om de transitie naar aardgasvrij te regisseren in haar gemeente. Als eerste stap heeft zij met input van stakeholders een Transitievisie Warmte opgesteld. In deze visie beschrijft de gemeente op basis van de huidige inzichten hoe het pad naar een aardgasvrij 2050 eruit kan zien. Elke 5 jaar - of wanneer de praktijk hierom vraagt - zal bekeken worden of de Transitievisie Warmte nog klopt met de laatste ontwikkelingen.
Waar staat de gemeente Texel? De gemeente Texel telt ongeveer 13.500 vaste inwoners en ongeveer 13.000 panden, waarvan een groot aantal recreatiewoningen. In de gemeente Texel gebruikt een gemiddeld huishouden zo’n 1.400 m 3 aardgas per jaar. Ongeveer 80 % van dat aardgas wordt verbrand in de cv-ketel voor het verwarmen van woningen. Een klein aantal woningen maakt op dit moment gebruik van een warmtenet of een andere aardgasvrije oplossing. De gemeente staat dus helemaal aan het begin van de warmtetransitie. De volgende uitgangspunten (getoetst bij geïnteresseerde inwoners, bedrijven en organisaties) en zijn leidend in de keuzes die we maken op weg naar een aardgasvrije gemeente: - betaalbaar voor iedereen - doen waar je geen spijt van krijgt - een duurzame transitie - eerst de grote slagen - realistisch en passend bij de - voortbouwen op bestaande gemeente initiatieven
4 | 25
Witteveen+Bos | 124741/21-016.110 | Definitief
Wat zijn de conclusies? Voor alle buurten in de gemeente Texel is het doel om in 2050 van het aardgas af te zijn. Om dit te bereiken zal veel energie bespaard moeten worden door woningen te isoleren. Energie besparen is op zichzelf al duurzaam, maar in veel gevallen ook noodzakelijk omdat haalbare duurzame alternatieven ontworpen zijn voor een lagere verwarmingstemperatuur dan een aardgasgestookte cv-ketel. Om het huis toch behaaglijk warm te houden, is voldoende isolatie noodzakelijk. Voor de alternatieven die wel een hoge temperatuur kunnen leveren (met name duurzaam opgewekte waterstof en groengas) geldt dat deze op basis van de huidige inzichten niet haalbaar zijn voor de gebouwde omgeving. In de Provinciale Strategie voor waterstof wordt waterstof gezien als niche-toepassing, wanneer er geen andere betaalbare opties zijn om woningen van het gas af te krijgen. Dit wordt verondersteld na 2030 realistisch te zijn en op beperkte schaal. Momenteel zijn de kosten voor waterstofoplossingen in de gebouwde omgeving erg hoog, blijkt ook uit een Texels onderzoek naar de haalbaarheid van een pilot met waterstof voor woningen. Zowel voor groene waterstof als voor groengas geldt bovendien dat er onvoldoende capaciteit beschikbaar zal komen en de prijs erg hoog zal zijn, mede omdat ook de industrie en het verkeer er gebruik van zullen willen maken.
Texel is een landelijke eilandgemeente, met verspreide kernen en een groot buitengebied. Individuele oplossingen zoals elektrische of hybride warmtepompen zullen naar verwachting voor het grootste deel van de gemeente de meest geschikte alternatieve technieken voor aardgas zijn. Momenteel wordt dit al veel toegepast op Texel door zowel burgers als bedrijven. Daarom zal de gemeente daar de meeste aandacht op richten. In combinatie met zonnepanelen kan een (grondgebonden) woning ook grotendeels in de eigen elektriciteitsbehoefte voorzien. Belangrijke voorwaarde is dat het elektriciteitsnetwerk hiervoor voldoende capaciteit heeft of krijgt.
Ook kunnen inwoners ervoor kiezen om met de buren of een deel van de buurt samen naar een oplossing te zoeken. Grootschalige collectieve oplossingen lijken niet kansrijk, omdat de huizen op Texel over het algemeen ver uit elkaar staan en er geen grootschalige lokale warmtebronnen zijn.
Wat gaan we verder doen?
De doelstelling van de gemeente is om stap voor stap de gehele gemeente te verduurzamen richting aardgasvrij in 2050. Het streven is om in 2035 minstens 50 % van de panden aardgasvrij-klaar te hebben.
-
-
-
Hoe betrekken we inwoners en stakeholders? Communicatie en participatie met inwoners en de verschillende stakeholders is een belangrijk onderdeel van de warmtetransitie. Vanaf juli 2021 is gestart met participatie en communicatie rondom het opstellen van de Transitievisie Warmte, zowel richting stakeholders als inwoners. De respons op de verschillende activiteiten was nog bescheiden. Het onderwerp is voor veel Nederlanders, dus ook de Texelaars nog abstract. Daarbij is de zomer voor velen een periode met andere prioriteiten. De resultaten zijn goed bruikbaar in deze eerste fase met focus op de technische analyse. Naast meer technische input haalden we ook de wensen met betrekking tot de communicatie en participatie in het vervolgtraject op. Zo kunnen we bewoners, ondernemers en stakeholders nog beter betrekken. Het digitale platform Texel Spreekt wordt sinds september 2021 gebruikt als het centrale punt voor de communicatie en participatie over de warmtetransitie. Dit platform verbindt de participatie en communicatieactiviteiten van de gemeente en toekomstige initiatiefnemers rond de warmtetransitie en wordt ingezet om te informeren, te inspireren, wensen en meningen te inventariseren en uit te nodigen voor gesprek.
5 | 25
Witteveen+Bos | 124741/21-016.110 | Definitief
-
We gaan verder met het inzetten op een individuele aanpak op basis van bouwjaren. Woningen uit hetzelfde bouwjaar lijken qua isolatiemogelijkheden vaak op elkaar. Met een bouwjaar-gestuurde aanpak wil de gemeente inwoners zo goed mogelijk informeren en ondersteunen. We gaan lopende initiatieven van burgers verder stimuleren en ondersteunen. De gemeente ondersteunt graag initiatieven van burgers die de warmtetransitie versnellen. We gaan, in samenwerking met de andere Waddeneilanden en de Kopgemeenten, verkennen of er mogelijkheden zijn voor (kleinschalige) warmtenetten in buurten op Texel die zich bij warmtebronnen bevinden. We gaan een aanpak ontwikkelen voor eilandspecifieke doelgroepen, zoals recreatiewoningen, hotels, historische panden, gemeentelijk vastgoed en bedrijfspanden.
4.2
Zo stimuleert de gemeente de transitie
19
5
SAMEN MAKEN WE HET MOGELIJK
23
5.1
Gemeente
23
5.2
Bedrijven, eigenaren recreatief vastgoed en overige stakeholders 23
5.3
Bewoners
23
5.4
Communicatie en participatie
24
5.5
Fasen in het participatieproces
24
INHOUDSOPGAVE
VOORWOORD
3
SAMENVATTING
4
1
INLEIDING
7
2
UITGANGSPUNTEN
9
3
DE WARMTETRANSITIE IN DE GEMEENTE TEXEL
11
3.1
De opgave
11
3.2
Eerst de vraag naar warmte verlagen
14
3.3
Op deze technieken zetten we in
15
3.4
Stap voor stap naar duurzame energie
17
4
WAAR GAAN WE NAARTOE?
18
4.1
Visie op de transitie van buurten
18
6 | 25
Witteveen+Bos | 124741/21-016.110 | Definitief
Bijlage(n)
Aantal pagina's
I
Technische achtergrond TVW Gemeente Texel
9
II
Traject Transitievisie Warmte en participatie
7
III
Uitleg Energietechnieken
3
1
aardgas gebruikt kunnen worden, en op welke termijn de buurt van het aardgas af zou kunnen. Wanneer besloten wordt dat een wijk na 2030 van het aardgas af zal gaan hoeft de Transitievisie nog niet vast te leggen voor welke techniek er gekozen wordt. Immers kan er in de tussentijd nog veel veranderen.
INLEIDING
Wel is er in deze visie voor gekozen om voor die buurten alvast een doorkijkje in de mogelijkheden te geven. Zo weten pandeigenaren waar ze aan toe zijn en welke keuzes gemaakt kunnen worden zonder later spijt te krijgen.
Waarom gaan we van het aardgas af? In het Klimaatakkoord van Parijs heeft Nederland afgesproken om de uitstoot van broeikasgassen drastisch terug te dringen. Om dat te bereiken wil Nederland vrijwel geen fossiele brandstoffen meer gebruiken in 2050. Dit betekent dat woningen en andere gebouwen zoals kantoren en winkels vanaf 2050 niet meer met aardgas verwarmd kunnen worden. Wat is de rol van de gemeente? De gemeente Texel staat voor de taak om de warmtetransitie te regisseren in haar gemeente. Vanuit het Rijk zijn vooralsnog geen structurele middelen beschikbaar gesteld aan de gemeente of aan pandeigenaren om individuele panden te verduurzamen. De rol van de gemeente zal dan ook vooral neerkomen op stimuleren en faciliteren. Pandeigenaren zullen zelf moeten investeren in verduurzaming. Wat is het doel van de Transitievisie Warmte? De overgang van aardgas naar andere warmtebronnen gebeurt niet van de één op de andere dag. Het is een proces van vele jaren waarin de gemeente, inwoners en andere stakeholders in goede afstemming stap voor stap aardgasvrij worden. Gemeenten hebben de taak om deze transitie vorm te geven. Als eerste stap hebben zij de opdracht om voor eind 2021 te onderzoeken hoe het pad naar een aardgasvrij 2050 eruit kan komen te zien. De uitkomsten van dat onderzoek leggen zij vast in de Transitievisie Warmte. Zo ook de Gemeente Texel.
De Transitievisie Warmte kijkt op buurtniveau naar hoe het warmtesysteem eruitziet. Op basis daarvan wordt bepaald welke technieken als alternatief voor
7 | 25
Witteveen+Bos | 124741/21-016.110 | Definitief
Waar gaat de Transitievisie Warmte over? De Transitievisie Warmte gaat over de warmtevoorziening aan woningen en kleine utiliteit, zoals bijvoorbeeld winkels, scholen en kantoren. Er wordt apart beleid gemaakt om het gebruik van fossiele brandstoffen in de industrie en voor vervoer terug te dringen. In deze visie, komt dit daarom niet aan bod. Ook de opwek van energie wordt buiten beschouwing gelaten. De visie hierop is terug te vinden in de Regionale Energie Strategie. Staat alles nu vast? De Transitievisie Warmte beschrijft het pad naar een aardgasvrij 2050 op basis van de inzichten van nu. Hoewel we proberen vooruit te kijken kan er tot 2050 nog van alles veranderen. Er komen bijvoorbeeld nieuwe technologieën bij, en door prijsveranderingen in de markt wordt de ene oplossing goedkoper en de andere duurder. Daarom zal elke 5 jaar, of wanneer de praktijk hierom vraagt, bekeken worden of de inzichten in de Transitievisie Warmte nog kloppen met de laatste ontwikkelingen.
Wie hebben er meegedacht? De Transitievisie Warmte gaat inwoners, bedrijven en organisaties aan binnen de gemeente Texel. Hoewel de visie van de gemeente is, moeten we het uiteindelijk samen doen. Om een uitvoerbare visie op te stellen zijn eilanders en betrokken partijen gevraagd om mee te denken. Alle inwoners zijn uitgenodigd om hun mening te geven en kansen of zorgen te delen, onder andere via een enquête en diverse bijeenkomsten. De respons hierop was nog bescheiden. Het onderwerp is voor veel Nederlanders, dus ook de Texelaars nog abstract. Wel zijn de wensen voor de communicatie- en participatie rond het vervolgtraject goed in kaart gebracht en is de bekendheid met de opgave vergroot. Zo hebben we een goede basis voor het vervolg. Stakeholders met een technische expertise zijn met name geraadpleegd voor het vaststellen en toetsen van de technische uitgangspunten en uitkomsten. De nadruk in deze visie ligt immers vooral nog op de technische analyse. In het vervolg op deze visie zullen concretere opgaven worden uitgewerkt, zoals een aanpak voor bedrijfspanden en recreatief vastgoed. Hierbij gaan we als gemeente intensiever in gesprek met inwoners, bedrijven en organisaties.
8 | 25
Witteveen+Bos | 124741/21-016.110 | Definitief
2 UITGANGSPUNTEN Onderstaande uitgangspunten zijn leidend geweest voor de gemaakte keuzes in de Transitievisie Warmte en de verdere strategie van de gemeente voor het uitrollen van duurzame warmte. Betaalbaar voor iedereen De gemeente Texel streeft er naar dat de transitie naar aardgasvrij voor iedereen betaalbaar is en blijft. Op dit moment betalen we ook al om woningen te verwarmen. Wanneer we in de toekomst gebruik maken van andere technieken is het niet wenselijk dat de kosten hiervoor onbetaalbaar worden. Daarbij letten we zowel op de investering op korte termijn, als op de energielasten in de jaren die volgen. Een duurzame transitie We gaan van het aardgas af om ons klimaat en milieu te sparen. We kiezen daarom voor duurzame technieken. We beperken de uitstoot van broeikasgassen en fijnstof en houden ook rekening met andere milieueffecten zoals geluids- en geuroverlast. Realistisch en passend bij de gemeente De gemeente Texel kent veel landelijk gebied en ruim opgezette kernen. Haar inwoners zijn zelfstandig en autonoom. De gekozen oplossingen moeten passen bij de gemeente en haar inwoners, bedrijven en organisaties. De gemeente gaat pandeigenaren niet verplichten om investeringen te doen. Er wordt daarom gekozen voor veel eigen zeggenschap en zo min mogelijk ‘gedoe’.
Dit doen we bijvoorbeeld door aanpassingen aan panden af te stemmen met momenten dat er toch al geklust moet worden.
9 | 25
Witteveen+Bos | 124741/21-016.110 | Definitief
Doen waar je geen spijt van krijgt Wat de toekomst precies brengt weten we niet. En spijt krijgen van beslissingen en investeringen wil niemand. Daarom kiezen we voor de veilige en zekere weg. We kijken naar wat we wél weten en beginnen met de maatregelen waarvan we zeker weten dat ze verstandig zijn. Door hier goed over te communiceren geven we duidelijkheid aan pandeigenaren in de gemeente en de netwerkbeheerder. Zo kunnen we ondanks de onzekere toekomst samen aan de slag met de eerste stappen. Voortbouwen op bestaande initiatieven We stimuleren initiatieven van bewoners en organisaties die zelf aan de slag gaan. Door samen op te trekken verspreiden we het enthousiasme en leren we wat er nodig is om ons doel te halen. Eerst de grote slagen Het doel van de warmtetransitie is de CO 2-uitstoot terug te dringen en het klimaat te sparen. We richten ons daarom als eerst op woningen en gebouwen waar veel aardgas bespaard kan worden. Zo kunnen we met de eerste grote slagen al veel CO2-uitstoot voorkomen. Communicatie en participatie Communicatie en participatie is een essentieel onderdeel van de warmtetransitie. Om te komen tot haalbare, betaalbare en gedragen plannen, is nauwe betrokkenheid van en samenwerking met stakeholders en inwoners een vereiste. De warmtetransitie is een technisch en abstract onderwerp.
Daarom zorgen we voor heldere en toegankelijke informatie voor alle Texelaars als basis. Hierbij combineren we zoveel mogelijk (communicatie) activiteiten rondom de verduurzaming van woningen en bedrijfspanden en/of sluiten aan bij activiteiten van andere landelijke, regionale en lokale partijen.
We maken zoveel mogelijk gebruik van de op Texel meest gebruikte communicatiekanalen, zoals lokale media, en sluiten aan bij bestaande netwerken en initiatieven om zoveel mogelijk Texelaars te bereiken. Een voorbeeld is het inzetten van inwoners en ondernemers als ambassadeurs. Tijdens de brede sessie van 27 september 2021 werd duidelijk dat sommige inwoners al in deze fase op de hoogte gehouden willen worden. Maar we merken ook dat de visie voor veel pandeigenaren nog ver van hun bed is. We betrekken inwoners, ondernemers en andere stakeholders op basis van vooraf gecommuniceerde heldere kaders en op een zo direct en persoonlijk mogelijke wijze. We staan open voor initiatieven van eilanders. Veel Texelse bedrijven en inwoners hebben inmiddels veel ervaring met gasvrije gebouwen in de recreatie, horeca en woningbouw. Kennis delen en het inzetten van beproefde technieken in het zoute klimaat en het omgaan met eilandbeperkingen is een belangrijk speerpunt van de gemeente om tot snelle en praktische oplossingen te komen. Dit is in lijn met de eilandaanpak: we doen het samen op Texel.
10 | 25 Witteveen+Bos | 124741/21-016.110 | Definitief
3 DE WARMTETRANSITIE IN DE GEMEENTE TEXEL
3.1
De opgave
Hoeveel aardgas gebruikt Texel nu? In de gemeente Texel gebruikt een gemiddeld huishouden zo’n 1.400 m3 aardgas per jaar. Hiervan wordt gemiddeld 80 % verbrand in de cv-ketel voor het verwarmen van woningen. Circa 17 % wordt gebruikt voor warm water om bijvoorbeeld te douchen en een klein deel gebruiken we om te koken. Om zo snel mogelijk CO2 te besparen, zetten we vooral in op het nemen van stappen naar aardgasvrij verwarmen.
Figuur 2 Woningtypes en locatie op Texel
Figuur 1 Verhouding van verbruik aardgas in gemiddelde woning
11 | 25 Witteveen+Bos | 124741/21-016.110 | Definitief
Hoe is de warmtevraag verspreid door de gemeente? Van de totale hoeveelheid aardgas wordt meer dan de helft door woningen gebruikt. Het aardgasverbruik voor verwarming van de woningen hangt samen met het type woning en hoe goed deze is geïsoleerd. De bebouwing op Texel bestaat voor ongeveer 20 % uit historische panden, waarvan 2 % een monumentale status heeft. Er zijn een aantal kernen met veel vrijstaande huizen, twee-onder-eenkapwoningen en rijtjeshuizen. In de ruim opgezette kernen staan woningen en bedrijfspanden uit verschillende bouwjaren. Hier bevinden zich ook enkele monumentale panden met beschermd aanzicht. In het landelijkgebied zijn de afstanden tussen de woningen nog groter. Hier zien we relatief veel oude woningen, maar ook een groot aantal nieuwe woningen. Kenmerkend aan Texel is het grote aandeel recreatiewoningen. Ongeveer 3.400 panden staan geregistreerd met de functie ‘logies’, waar recreatiewoningen onder vallen. Ook het verbruik door de horeca is op Texel veel groter dan het landelijk gemiddelde (zie figuur 3).
Gebouwde omgeving op Texel -
13.000 panden 17 miljoen m 3 aardgas per jaar
Aantal panden Texel 10%
Woningen Monumentale panden
28%
Logies 61%
Bedrijfspanden
1%
Figuur 3 Aantal panden en aardgasverbruik op Texel ten opzichte van Nederland.
12 | 25 Witteveen+Bos | 124741/21-016.110 | Definitief
Tabel 1 Definities van temperatuurniveaus Temperatuur waarmee de woning verwarmd
Bouwperiode
kan worden
Energielabel1 (zonder naisolatie)
lagetemperatuur (35-55 °C)
gebouwd na 1991
B of hoger
middentemperatuur (55-75 °C)
gebouwd tussen 1965 en 1991
C/D
hogetemperatuur (meer dan 75 °C)
gebouwd voor 1965
D of lager
Figuur 5 geeft de huidige spreiding van woningen in de gemeente weer, ingedeeld de drie warmteniveaus. Dit geeft een indicatie van zowel het isolatie niveau als het aardgasverbruik van de woningen. Hoe werkt ons huidig warmtesysteem? Op dit moment worden de meeste woningen in de gemeente verwarmd met behulp van een cv-ketel op aardgas. Cv-ketels verwarmen het water tot ongeveer 90 °C. Vervolgens stroomt het warme water door de radiatoren en wordt het huis verwarmd. Figuur 4 Panden voor logies op Texel
In de loop der jaren zijn er steeds strengere eisen gesteld aan de isolatie van nieuwbouwwoningen. Goed geïsoleerde woningen verbruiken niet alleen minder aardgas, maar kunnen ook met een lagere temperatuur verwarmd worden. Woningen kunnen we op basis van leeftijd en energielabel 1 indelen in drie warmte niveaus, zoals staat verduidelijkt in de volgende tabel.
1
Het energielabel is een optelsom van het isolatieniveau van de woning en de energie die de woning opwekt. Hier wordt alleen de beoordeling voor isolatie bedoelt. Energie opwek heeft namelijk geen invloed op de benodigde temperatuur voor het verwarmen van de woning.
13 | 25 Witteveen+Bos | 124741/21-016.110 | Definitief
Het aardgas wordt geleverd aan de woningen door middel van gasleidingen. Als een gasleiding vervangen moet worden, kan er voor gekozen worden om versneld de panden aardgasvrij te maken, om de kosten van een nieuwe gasleiding te voorkomen. Liander heeft voor zover bekend geen concrete plannen om op korte termijn een gasnet op Texel te vervangen. Sommige oude gasleidingen bevatten verontreinigende stoffen waardoor ze vervangen moeten worden. Op Texel lijken dit soort leidingen niet aanwezig 2. Het zou gunstig zijn om wijken van het aardgas af te kunnen halen voordat de gasleidingen vervangen moeten worden.
2
Liander, open data gasvervanging. Geraadpleegd op: https://www.liander.nl/gasleiding.
3.2
Eerst de vraag naar warmte verlagen
Waarom willen we minder warmte gebruiken? Hoewel er hard gewerkt wordt aan de ontwikkeling van duurzame energiebronnen, is er voorlopig nog niet voldoende duurzame energie om heel Nederland te voorzien. Net als andere gemeenten zet de gemeente Texel daarom in op het verlagen van de vraag naar warmte door isolatie. Naast dat isolatie wenselijk is voor een lager energieverbruik, is het in de meeste gevallen ook noodzakelijk om er ook in de toekomst warm bij te zitten. De meeste alternatieven voor aardgas kunnen namelijk alleen midden- of lagetemperatuur warmte leveren. Hoeveel energie kan er bespaard worden? De Rijksoverheid ontwikkelt standaarden voor de isolatie van woningen. De laatste verwachting luidt als volgt: alle woningen gebouwd voor 1945 zullen goed geïsoleerd worden om in de toekomst verwarmd te worden met middentemperatuur warmte. Alle woningen van na 1945 gebruik zullen geschikt worden voor het gebruik van lagetemperatuur warmte. Figuur 5 Verwachte temperatuurniveaus van de woningen op basis van de isolatiegraad
Voor Liander is de visie belangrijk om inzicht te krijgen in waar in de toekomst werk aan het elektriciteitsnet nodig zal zijn. Op dit moment zijn er al problemen met overbelasting van het elektriciteitsnet op Texel. Nieuwe woningen en zonnepanelen kunnen soms niet aangesloten worden en bedrijven kunnen vaak geen grotere aansluiting krijgen. Om deze problemen op te lossen gaat Liander een tweede onderstation aanleggen bij vliegveld Texel, gepland voor ongeveer 2023.
14 | 25 Witteveen+Bos | 124741/21-016.110 | Definitief
Woningen die tussen 1945 en 1992 gebouwd zijn kunnen relatief de meeste energie besparen met extra isolatie. Technisch gezien kunnen zij gemiddeld tussen de 17 en 45 % energie besparen. Daarbij is de winst het grootst is bij de oudere woning in deze categorie. Ook bij relatief nieuwe woningen vanaf 1992 kan extra isolatie tot energiebesparingen leiden. Dat geldt met name voor woningen gebouwd voor 2005. Voor woningen van voor 1945 zou de extra isolatie een energiebesparing van ongeveer 18 % opleveren. In de praktijk blijkt het vaak lastig en kostbaar om deze woningen echt goed te isoleren. Dit geldt zeker voor monumenten, die aan strenge eisen moeten voldoen. Uitgaand van de huidige kosten voor verduurzaming blijkt nieuwbouw soms goedkoper.
Figuur 6 De voorkeurssystemen voor elk temperatuurniveau
3.3
Op deze technieken zetten we in
Afhankelijk van de mate van isolatie zijn er verschillende mogelijkheden om de woning te verwarmen. De mogelijkheden staan samengevat in figuur 6. In de volgende alinea’s worden deze technieken verder toegelicht.
15 | 25 Witteveen+Bos | 124741/21-016.110 | Definitief
De elektrische warmtepomp Voor goed geïsoleerde woningen die geschikt zijn voor lagetemperatuur verwarming biedt een elektrische warmtepomp een goede oplossing voor individuele huishoudens. Deze pomp gebruikt warmte uit bijvoorbeeld lucht, zon of bodem en zet deze met behulp van elektriciteit om naar een hogere temperatuur. Op Texel gelden daarbij wel wat specifieke aandachtspunten, zo bleek uit de participatiebijeenkomsten. De nabijheid van de zee maakt dat extra zorgvuldigheid nodig is bij het gebruiken van bodemenergie. Hiermee kan kwel van zout grondwater, en interferentie met eventuele drinkwaterwinning voorkomen worden. De zoute lucht op het eiland kan de levensduur van luchtwarmtepompen verkorten en onderhoudskosten verhogen. Dit betekent niet dat deze technieken niet mogelijk zijn. Er zijn al verschillende bodemwarmte systemen met succes geïnstalleerd in de gemeente, zoals te zien in figuur 7.
De hybride warmtepomp Voor iets minder goed geïsoleerde woningen is de temperatuur die een warmtepomp kan leveren op koude dagen niet voldoende. Een hybride warmtepomp is daarom het meest geschikt voor deze woningen. Dat werkt als volgt: op de koudste dagen wordt het huis verwarmd met een cv-ketel op duurzaam gas zoals waterstof, of groengas. Op andere dagen doet de elektrische warmtepomp het werk. Overigens is het nu nog mogelijk om een hybride warmtepomp te gebruiken in combinatie met een cv-ketel op aardgas.
Wist je dat je met een hybride warmtepomp tot ongeveer 70 % aardgas kan besparen? En dat een hybride warmtepomp soms goedkoper is dan het aanschaffen van een nieuwe cv-ketel?
Figuur 7 Huidige geïnstalleerde bodemsystemen op Texel (bron: data WKOtool.nl)
Zonneboilers Texel is één van de gemeentes met de meeste zonuren van Nederland. Zonneboilers zijn daarom een interessante manier om op een duurzame manier warmte op te wekken, met name voor warm tapwater. Er is relatief weinig dakoppervlak voor nodig en op deze manier kan er snel zo’n 20 % van de gasvraag gereduceerd worden. Zonneboilers zijn echter vaak niet voldoende om de volledige woning het hele jaar te verwarmen. In de toekomst kan PVT (gecombineerd zonne- en thermo-panelen met warmtepomp binnen (glycol-water) een oplossing zijn. Deze techniek is nu nog relatief duur.
16 | 25 Witteveen+Bos | 124741/21-016.110 | Definitief
Een hybride warmtepomp met cv-ketel op aardgas is duurder in aanschaf, maar levert een besparing op de energierekening. De hybride pomp is dus niet alleen goed voor het milieu, maar kan ook financieel voordeling zijn. Uit onderzoek blijkt dat dit financiële voordeel met name geldt voor woningen met energielabel C (of hoger), die meer dan 1.000 m3 aardgas per jaar gebruiken.
Duurzaam gas alleen als het moet Het is technisch mogelijk om slecht geïsoleerde woningen te verwarmen met behulp van duurzaam gas. Op dit moment kan dat al door zogeheten groengas in te kopen. Als gemeente vinden we dit geen wenselijke standaardoplossing voor de lange termijn. Wel loopt er een lokaal initiatief, maar in totaal zal niet de benodigde hoeveelheid beschikbaar zijn om alle slecht geïsoleerde woningen te voorzien. Bovendien is de verwachting dat het gebruik van duurzaam gas duur zal zijn. Dit komt doordat andere sectoren zoals de industrie- en transportsector waarschijnlijk steeds meer duurzaam gas zullen gaan gebruiken waardoor de prijzen stijgen. Het zal dan goedkoper zijn om de woning te isoleren en voor een andere techniek te kiezen.
In de Provinciale Strategie voor waterstof wordt waterstof gezien als nichetoepassing wanneer er geen andere betaalbare opties zijn om woningen van het gas af te krijgen. Dit wordt verondersteld pas na 2030 realistisch te zijn en op beperkte schaal. Hiervoor zijn dan wel aanpassingen aan het aardgasnetwerk noodzakelijk. Momenteel zijn de kosten voor waterstof-oplossingen in de gebouwde omgeving erg hoog, blijkt ook uit een Texels onderzoek naar de haalbaarheid van een pilot met waterstof voor woningen. Zowel voor groene waterstof als voor groengas geldt bovendien dat er onvoldoende capaciteit beschikbaar zal komen en de prijs erg hoog zal zijn, mede omdat ook de industrie en het verkeer er gebruik van zullen willen maken. Wanneer je het liever samen doet Een grootschalig warmtenet waar meerdere wijken op aangesloten zijn is niet kansrijk in de gemeente Texel. De beschikbaarheid van restwarmte op het eiland is gering. Andere duurzame bronnen van warmte zijn wel beschikbaar, denk bijvoorbeeld aan warmte uit zon, asfalt, of de Noordzee of Waddenzee. Maar de woningen die verwarmd kunnen worden met behulp van deze bronnen staan vaak ver uit elkaar. Het aanleggen van een warmtenet wordt door de grote afstanden dan al snel veel duurder dan de hier boven beschreven individuele oplossingen.
De pilot bij Vlieland met een warmtenet wordt wel gevolgd om te leren van die ervaringen onder min of meer gelijke eilandomstandigheden.
Een kleinschalig warmtenet met de buren of een deel van de buurt zou wel haalbaar kunnen zijn. Denk daarbij bijvoorbeeld aan het delen van een bodemwarmtepomp met een deel van de straat, of een grote verbruiker zoals een zwembad. De pilot bij West-Terschelling met warmte uit zeewater wordt gevolgd om zicht te krijgen op kansen bij havens.
17 | 25 Witteveen+Bos | 124741/21-016.110 | Definitief
3.4
Stap voor stap naar duurzame energie
De voorgaande paragrafen laten zien dat er nog veel moet gebeuren voor we in 2050 als gemeente van het aardgas af kunnen. Veel woningen moeten nog beter geïsoleerd worden en voor elk pand is aansluiting nodig op een nieuw, aardgasvrij systeem om het huis te verwarmen. Dit kan niet allemaal de aankomende 10 jaar te gebeuren. Maar dat hoeft ook niet. We hebben nog een kleine 30 jaar voor we van het aardgas af zijn. Die tijd kunnen we goed gebruiken. In 30 jaar gebeurt er namelijk veel. Voor 2050 zullen veel cv-ketels moeten worden vervangen. Er zullen (kleine) verbouwingen in het huis of bedrijfspand gedaan worden of de kozijnen worden vervangen. Dit zijn ideale momenten om een stap vooruit te zetten. Wanneer er geklust wordt aan het huis is het vaak mogelijk om tegen relatief beperkte meerkosten meteen de isolatie van het huis te verbeteren. Cv-ketels moeten gemiddeld eens in de 15 jaar vervangen worden. Dit betekent dat vrijwel iedereen voor 2050 één of zelfs twee keer de keuze kan maken voor een andere manier van verwarmen. De grootste stappen zetten we door op deze momenten slimme keuzes te maken. Als gemeente willen we inwoners en pandeigenaren niet voor het blok zetten om kosten wat kost meteen te verduurzamen. Wel willen we de inwoners en pandeigenaren van onze gemeente zo goed mogelijk bijstaan door zekerheid te geven.
Dat doen we door duidelijk te communiceren over de plannen die er liggen. En door informatie te verschaffen over stappen die verstandig zijn om te nemen. Zo komen we stap voor stap vooruit, zonder spijt te krijgen van verkeerde keuzes. Op deze manier streeft de gemeente er naar dat 50 % van de panden in 2035 aardgasvrij of aardgasvrij-klaar is, zodat de koers richting 100 % in 2050 goed is ingezet.
4
Type buurt
voordelig zijn als de buren dichtbij wonen mits er goede afspraken worden gemaakt. Historische panden (voor 1945) Streefwaarde is label D (BZK). Middentemperatuur verwarming. (als er niet
WAAR GAAN WE NAARTOE?
4.1
Visie op de transitie
Visie op de transitie van buurten
geïsoleerd wordt moet er hogetemperatuur. Dan moet of HT warmtenet, of (groen)gas cv. Bedrijfspanden Kantoren groter dan 100 m2 (met uitzondering van monumenten) hebben de
De gemeente heeft voor elke buurt een visie op hoe het pad naar aardgasvrij eruit zal zien. Er zijn drie typen buurten te onderscheiden die hieronder worden toegelicht. Type buurt
Visie op de transitie
Kernen met
In de kernen Den Burg, Oosterend, Den Hoorn en Oudeschild is relatief veel
monumentale panden:
geconcentreerde warmtevraag en zijn er mogelijk bronnen geschikt voor een
collectieve oplossing
warmtenet. Tegelijk zijn er monumentale panden die moeilijk geïsoleerd kunnen
mogelijk alternatief
worden. Op termijn kunnen (klein-)collectieve warmtenetten of de toepassing van
verplichting om in 2023 op label C te zijn. Op een bedrijventerrein kan er gekeken worden of er gezamenlijk een oplossing gezocht kan worden. De verspreide kantoren en bedrijfspanden zijn zeer gevarieerd en daar moet specifiek per pand de beste oplossing gevonden worden. Het is dus een kwestie van maatwerk advies.
groengas mogelijke alternatieven zijn voor elektrische warmtepompen. We houden de ontwikkelingen hieromtrent in de gaten. Gezamenlijke aanpak,
In de buurten Verspreide huizen in de polders Eierland en Eendracht, De Koog en
Recreatieparken VvE’s
Verspreide huizen De Koog en het Duingebied staan veel recreatieparken met
en woningcorporatie
vakantiewoningen. Maar over heel Texel zijn kleinere parkjes en huisjes verspreid. Deze woningen lijken vaak op elkaar en zijn in het bezit van VvE’s of ondernemers. Mogelijk kunnen hier daarom sneller stappen worden gezet door een gezamenlijke aanpak voor isolatie en een duurzame warmteoplossing te formuleren. Wanneer de woningen voldoende geïsoleerd zijn kan een collectief warmtenet onderzocht worden, en anders met individuele hybride of elektrische warmtepompen verwarmd worden.
Individuele aanpak:
In de andere buurten zoals Den Burg (met zijn historische kern) staan woningen van
stappen zetten wanneer
allerlei bouwjaren door elkaar. Op logische momenten, zoals een verbouwing, of
het past. Bouwjaar
verhuizing, wordt geadviseerd te isoleren tot een bij de woning passend niveau. Bij
gestuurd
vervanging van de cv-ketel kunnen bewoners vervolgens kiezen voor een individuele (hybride)warmtepomp. Het staat bewoners ook vrij om samen met een paar buren of de buurt te zoeken naar een gezamenlijke oplossing. Dit kan
18 | 25 Witteveen+Bos | 124741/21-016.110 | Definitief
Figuur 8 voorkeurssystemen op basis van nationale kosten op Texel
Op basis van de nationale kosten is het voorkeursscenario individueel all electric in elke wijk (zie Figuur 8). De verwachting is dat voor de meeste panden dit ook de beste eindoplossing zal zijn. Dit betekent niet dat voor elk pand dit de beste oplossing zal zijn. Daarom gaat de gemeente onderzoeken of op kleinere schaal andere systemen niet toch de voorkeur hebben.
4.2
Zo stimuleert de gemeente de transitie
Het landelijke doel is om voor 2050 alle panden van het aardgas af te helpen. De gemeente Texel is een landelijke eilandgemeente waar de kansen voor collectieve oplossingen beperkt zijn. Dit betekent dat pandeigenaren veelal zelfstandig stappen moeten gaan zetten. Realistisch gezien worden deze stappen gezet op het moment dat er toch al geklust wordt. Deze eigengereide aanpak past ook bij de Texelse mentaliteit. De gemeente Texel kiest er daarom op dit moment voor om 2050 als einddatum voor alle wijken aan te houden. Er worden dus geen wijken aangewezen die al voor 2050 of zelfs 2030 van het aardgas af gaan. De aanpak van de gemeente om de warmtetransitie te stimuleren verschilt per buurttype en ziet er als volgt uit. Figuur 9 Nationale meerkosten van het goedkoopste collectieve systeem per wijk
Kernen met monumentale panden In figuur 9 is te zien dat in Den Burg, Oosterend en Den Hoorn de nationale meerkosten voor een collectief warmtenet 40-50 % hoger zijn dan voor elektrische warmtepompen. In de rest van de wijken zijn de meerkosten nog hoger. Op korte termijn is een collectieve oplossing te weinig kansrijk om een concrete verkenning op te starten. Met de huidige stand van de techniek is dit niet goedkoper dan aardgas en isolatie met individuele elektrische warmtepompen. We houden de komende jaren de ontwikkelingen op het gebied van technologie en kosten in de gaten.
19 | 25 Witteveen+Bos | 124741/21-016.110 | Definitief
Voor de monumentale panden in deze kernen is isolatie en de inpassing van elektrische warmtepompen minder makkelijk te realiseren. Voorbeelden van kernen met veel historische panden zijn Den Burg, Oosterend, en Den Hoorn. In deze kernen kunnen klein-collectieve oplossingen op hogere temperatuur, of een duurzaam gas op termijn mogelijk wel een alternatief worden voor individuele elektrische warmtepompen. De gemeente houdt de ontwikkelingen hierover in de gaten (zie: Historische panden). Een grootschalig collectief warmtenet sluiten we uit in de hele gemeente, door het grote verschil in kosten tussen de toepassing van elektrische warmtepompen en collectief.
Bouwjaargestuurde aanpak Voor het grootste gedeelte van de gemeente is een wijkgerichte aanpak niet relevant. Er zijn geen duidelijke kansen om hele wijken in één keer te verduurzamen. De woningtypen en bouwjaren lopen in deze wijken erg uiteen, waardoor er geen eenduidige aanpak is voor alle bewoners van de buurt. Inwoners worden daarom gestimuleerd om zelfstandig aan de slag te gaan. De gemeente kiest in deze buurten voor een bouwjaargestuurde aanpak. Dit betekent dat de gemeente haar communicatie en eventuele maatregelen zal toespitsen op eigenaren van woningen die in een specifieke periode gebouwd zijn. Woningen uit dezelfde bouwperiode lijken vaak op elkaar als het gaat om de gebruikte materialen en strategie om te verduurzamen. Deze strategie gericht op bouwjaren sluit aan bij de landelijke strategie die het Ministerie van Binnenlandse Zaken op dit moment ontwikkelt. De gemeente zal ook een aanpak opstellen voor de panden van bedrijven en (maatschappelijke) organisaties. Tabel 4.1 Mogelijke aanpak voor verschillende bouwjaar groepen. Bouwjaar woningen
Aanpak
2000 - heden
-
1980-2000
-
1945-1980
-
Stimuleren van aanschaf (hybride) warmtepomp, lagetemperatuur radiatoren en ventilatie, door middel van subsidies en leningen. Communicatie over de mogelijkheden en de te nemen stappen voor verduurzaming van de panden. Stimuleren van isolatiemaatregelen (tot ongeveer label B) door middel van subsidies en leningen. Stimuleren van aanschaf (hybride) warmtepomp, lagetemperatuur radiatoren en ventilatie, door middel van subsidies en leningen. Voorlichting over de mogelijkheden en de te nemen stappen voor verduurzaming van de panden. Stimuleren van isolatiemaatregelen door middel van subsidies en leningen. Stimuleren van aanschaf hybride warmtepomp door middel van subsidies en leningen. Voorlichting over de mogelijkheden en de te nemen stappen voor verduurzaming van de panden.
20 | 25 Witteveen+Bos | 124741/21-016.110 | Definitief
Bouwjaar woningen
Aanpak
voor 1945
-
Stimuleren van isolatiemaatregelen (tot ongeveer label D) door middel van subsidies en leningen. Voorlichting over de mogelijkheden en de te nemen stappen voor verduurzaming van de panden.
Recreatief vastgoed De gemeente is voornemend een actieve rol te pakken om eigenaren van recreatief vastgoed extra te stimuleren te verduurzamen. Dit wordt onder het programma Waddeneilanden met alle andere Waddeneilanden gezamenlijk opgepakt in samenwerking met provincies en het Rijk. Wanneer de panden voldoende geïsoleerd zijn kan bij bijvoorbeeld vakantiewoningen voor een hybride of een elektrische warmtepomp worden gekozen bij vervanging van de cv-ketel. In de gemeente Texel staan ongeveer 3.400 recreatiewoningen en panden met recreatiebestemming. Deze panden zijn vaak geclusterd en lijken sterk op elkaar. Dit zorgt ervoor dat er mogelijk kansen zijn om collectief duurzaamheidsmaatregelen in te kopen of voor een gezamenlijk energiesysteem. Historische panden In de gemeente Texel staan 180 nationale monumentale panden en 2.050 panden met een bouwjaar tot 1945 (historische panden). De monumentale panden hebben een beschermd aanzicht en zijn daarom moeilijker te verduurzamen. Voor deze panden moet daarom een gerichte aanpak op maat gevonden worden en de gemeente gaat daarbij ondersteuning bieden. Texel wil hiervoor samen optrekken met de andere eiland-gemeenten die ook voor deze uitdaging staan. Voor de overige historische panden gelden minder beperkingen vanuit de beschermde status. Hier liggen kansen om met verduurzamingsmaatregelen de energievraag terug te dringen.
Bedrijfspanden In de gemeente Texel staan 1.208 bedrijfspanden (naast circa 3.400 panden met recreatiebestemming). De gemeente gaat in gesprek met de ondernemers, om ze te ondersteunen in het verduurzamen van hun bedrijfspanden. Voor bedrijven geldt al specifieke regelgeving zoals de Energiebesparings- en informatieplicht en de verplichting voor kantoren om energielabel C te hebben in 2023 1. Gemeentelijk vastgoed In de gemeente Texel staan gemeentelijke panden met een gasaansluiting, nl. Artex, een buurthuis, een openbaar zwembad, het havenkantoor in Oudeschild, een leegstaand pand, pand gemeentewerken, gemeentehuis en een brandweerkazerne. De gemeentelijke doelstelling is dat in 2035 alle gemeentelijke panden van het aardgas af zijn. We gaan bekijken welke panden we willen behouden en per overgebleven pand op natuurlijke momenten een aardgasvrije oplossing kiezen.
1
Kantoren groter dan 100 m2, panden met een monumentale status zijn hiervan uitgezonderd.
21 | 25 Witteveen+Bos | 124741/21-016.110 | Definitief
Gemeentebrede projecten Bouwjaar gestuurde aanpak isolatie Start in 2022 Individuele aanpak duurzame technieken Start in 2022
Voorgestelde acties • • • • • • • •
Specifieke aanpak recreatiewoningen Start in 2022
• •
Specifieke aanpak Ondernemers Start in 2022
• •
Specifieke aanpak gemeentelijk vastgoed Start in 2022
• • •
• •
Bewustwording verhogen door voorlichting en informatiecampagnes Woningscans faciliteren via het gemeentelijk energieloket Collectieve inkoop stimuleren bij VvE’s, vastgoedeigenaren Samenwerken met andere eiland-gemeenten voor een maatwerkaanpak historische panden Stimuleren investeringen, op natuurlijke vervangmomenten Elektrische warmtepompen, met waar van nodig hybride warmtepompen als overgangsoplossing Afstemming met Liander over capaciteit op het elektriciteitsnetwerk en (geplande) verzwaringen Kennisdeling bestaande gasvrije technieken op Texel organiseren en goede voorbeelden naar Texelse burgers en bedrijven communiceren. In gesprek gaan met ondernemers en VvE’s van recreatieparken Onderzoek opstarten naar mogelijkheden van (kleinschalig) collectieve systemen in recreatieparken Collectieve inkoop van duurzaamheidsmaatregelen stimuleren bij VvE’s, vastgoedeigenaren Uitwerken programmalijn duurzame energie en onderdeel recreatiewoningen verduurzamen onder het programma Waddeneilanden met de andere Waddeneiland gemeenten, Provincies Noord-Holland en Friesland en het Rijk. In gesprek gaan met ondernemers, evt.
per bedrijfstak Aansluiten op regionale en lokale initiatieven Inventariseren van opgave Doelstelling: van verduurzaming: alle gemeentelijke panden voor 2035 van het aardgas af Per pand inventariseren of het behouden wordt en wat een natuurlijk moment is voor de overgang naar aardgasvrij
22 | 25 Witteveen+Bos | 124741/21-016.110 | Definitief
5 SAMEN MAKEN WE HET MOGELIJK
5.1
Gemeente
De gemeente heeft als taak de energietransitie te regisseren. Dat houdt in dat zij de mogelijke wegen naar een aardgasvrije gemeente uitstippelt. Er wordt rekening gehouden met belangen, wensen en zorgen van bewoners en andere stakeholders. Deze Transitievisie Warmte is een eerste stap. Samen met betrokkenen gaat de gemeente deze visie concreter invullen. Denk aan de ontwikkeling van uitvoeringsplannen, het ontwikkelen van stimuleringsmiddelen en het verfijnen en uitvoeren van de communicatiestrategie. ‘
5.2
Bedrijven, eigenaren recreatief vastgoed en overige stakeholders
Op Texel staan relatief veel bedrijven en vakantiewoningen. Deze groepen gebruiken veel aardgas. Om de energietransitie tot een succes te maken, is samenwerking met bedrijven (waaronder bedrijfspandeigenaren), eigenaren van recreatief vastgoed en andere stakeholders op het eiland nodig. Onder overige stakeholders vallen: - Ondernemersvereniging TOP en de daarbij aangesloten branches/TOP secties. - Woningcorporatie Woontij. - Netbeheerder Liander. - Dorpscommissies. - Zorgorganisatie Omring. - Landbouworganisatie LTO. - Energiecoöperatie TexelEnergie. - Samenwerkende Waddeneilanden en provincies Noord-Holland en Friesland.
23 | 25 Witteveen+Bos | 124741/21-016.110 | Definitief
Deze stakeholders en organisaties zijn uitgenodigd bij verschillende bijeenkomsten. Daarnaast zijn er met een aantal persoonlijke gesprekken gevoerd. Voor de eerste bijeenkomst zijn 19 stakeholders direct uitgenodigd. Daarnaast is gevraagd aan het Texels Ondernemers Platform (TOP) om de uitnodiging in hun netwerk te verspreiden. Uiteindelijk waren er 7 stakeholders aanwezig. Met een aantal partijen zijn later individuele gesprekken gevoerd. In het vervolgtraject zal de gemeente met deze partijen verder het gesprek aangaan.
5.3
Bewoners
Bewoners staan centraal in de warmtetransitie. Alle veranderingen hebben immers betrekking op de leefomgeving en het woongenot. Elke woning- en gebouweigenaar beslist zelf welke maatregelen genomen worden en wanneer. De gemeente ziet het als haar taak om bewoners goed te infomeren, zodat zij goede keuzes kunnen maken en niet voor verrassingen komen te staan. Echter, de warmtetransitie is in deze fase nog een abstract onderwerp dat nog niet erg leeft onder veel bewoners. Dit maakte het uitdagend om iedereen te bereiken. De focus lag in deze fase op de technische analyse, maar nog niet op concrete uitvoeringsplannen. Dit maakte het voor bewoners geen aantrekkelijk onderwerp om nu al over mee te denken. De gevoerde gesprekken en bijeenkomsten gaven wel een eerste indruk van de belangen, zorgen, kansen en overwegingen die spelen onder bewoners omtrent de energietransitie. Die inbreng is meegenomen in deze visie. Ook is gesproken over manier waarop bewoners in de toekomst betrokken en geïnformeerd willen worden. Deze inbreng wordt meegenomen in de communicatie- en participatiestrategie voor het vervolg. In het vervolgtraject, waarbij de focus verlegd wordt op de uitvoering, zal de participatie geïntensifieerd worden om het bereik te vergroten en hiermee ook de bewoners te betrekken die zich nu nog niet bezig houden met de warmtetransitie.
Informatie over de warmtetransitie is onder andere te vinden op: - TexelSpreekt.nl. - TexelGeeftEnergie.nl. - DuurzaamBouwloket.nl.
5.4
Communicatie en participatie
Communicatie en participatie zijn essentiële onderdelen van de warmtetransitie. Rond het opstellen van deze Transitievisie Warmte is van juli tot en met oktober 2021 een communicatie- en participatietraject uitgevoerd. Voor een volledig overzicht van alle participatie activiteiten en middelen zie bijlage IV Doel van de participatie - Een betere inhoudelijke kwaliteit van de Transitievisie Warmte. - Kansen, wensen en zorgen van bewoners, pandeigenaren en andere stakeholders inventariseren. - Inzicht krijgen in hoe bewoners, pandeigenaren en andere stakeholders. - geïnformeerd, betrokken en ondersteund willen worden in het proces. - Zorgen voor voldoende kennis en begrip over de Transitievisie Warmte. - Komen tot een haalbaar, betaalbaar en gedragen plan. - Stimuleren tot het verduurzamen van eigen woning of pand.
5.5
Fasen in het participatieproces Het participatieproces bestaat uit verschillende fasen. In de eerste fase, die reeds is afgerond, is er vooral informatie opgehaald bij de diverse partijen en inwoners. Deze input is verwerkt in dit document en wordt gebruikt om de participatie en communicatie verder vorm te geven. Vanwege het conceptuele karakter van de visie zijn tot nu toe vooral de geïnteresseerde mensen en organisaties bereikt. In de tweede fase zal de communicatie en participatie veel breder ingezet worden. Inwoners zullen meer en meer gaan meepraten en meedoen, zodra de aanpak concreter wordt. Dit proces wordt geïllustreerd door onderstaande model, de ‘adoptiecurve van innovaties van Everett Rogers1’. 1
(Tempelman, 2017).
24 | 25 Witteveen+Bos | 124741/21-016.110 | Definitief
De ‘early adopters’, oftewel de koplopers, lopen voorop bij het omarmen van nieuwe technieken en ontwikkelingen. De meeste mensen doen mee wanneer ontwikkelingen concreter zijn. De achterblijvers (laggards) komen pas in beweging als het écht niet anders kan .
Vervolg participatie en communicatie In de volgende fase gaan we verder met inwoners en stakeholders in gesprek. De focus ligt op concrete informatie en advies. In verband met de coronamaatregelen gedurende het participatietraject, zijn tot op heden alle bijeenkomsten digitaal georganiseerd. In de volgende fase zoeken we actief de Texelaars op en komen persoonlijk met hun, in fysieke vorm, in gesprek. Hierbij wordt ingezet op een breder bereik, zodat we niet alleen de koplopers bereiken, maar ook de meerderheid volgt en uiteindelijk de achterblijvers worden meegenomen.
Door de uitkomsten uit de technische analyse zal de gemeente vooral inzetten op isoleren, maatwerk advies en het aansluiten bij lokale initiatieven. De bewoners, bedrijven, eigenaren van bedrijfspanden en vakantiewoningeigenaren, die tot heden nog onvoldoende bereikt zijn, worden actief opgezocht. Per doelgroep wordt er een specifieke communicatie aanpak gevolgd, denk daarbij aan de volgende activiteiten: - Stakeholders: persoonlijke vervolggesprekken. - Ondernemers: bijeenkomsten en persoonlijke gesprekken. - Bewoners: communicatie via sociale netwerken, lokale media en de dorpscommissies. - Eiland breed: inzetten mobiele showroom om mensen fysiek te bereiken en te informeren.
25 | 25 Witteveen+Bos | 124741/21-016.110 | Definitief
Bijlage(n)
I BIJLAGE: TECHNISCHE ACHTERGROND TRANSITIEVISIE WARMTE GEMEENTE TEXEL Het doel van deze bijlage is om een beknopte technische onderbouwing te bieden bij de in deze Transitievisie Warmte gemaakte keuzes. Met kaartmateriaal wordt de situatie in de gemeente in beeld gebracht.
I.1
Buurtindeling
De Transitievisie Warmte heeft als vertrekpunt de wijkgerichte aanpak. De CBS-buurtindeling vormt daarom de basis voor de technische analyse van aardgasvrije alternatieven.
Figuur 10 CBS buurtindeling Texel, bron: CBS
I.2
Woningen (excl. recreatiewoningen)
Woningtypen
Bouwjaren woningen
Bovenstaande afbeelding toont de voorkomende woningtypen op Texel (exclusief recreatiewoningen). De belangrijkste conclusies op het gebied van woningtypen: - In de kernen zijn vrij veel rijtjeswoningen, en slechts beperkt appartementencomplexen te vinden. - Met name in de buitengebieden buiten de kernen staan veel vrijs taande woningen. - De verspreide bebouwing in de buitengebieden, en het lage aandeel appartementen en hoogbouw zijn nadelig voor collectieve oplossingen. - In de kernen waar rijtjeswoningen zijn is mogelijk een gezamenlijke isolatieaanpak mogelijk, als woningen op elkaar lijken. Voor vrijstaande woningen is vaker maatwerk nodig.
De afbeelding hierboven toont de bouwjaren van woningen op Texel. Het bouwjaar zegt iets over de (minimale) isolatiegraad van de woning. Nieuwere woningen hebben minder aanpassingen nodig om aardgasloos te kunnen worden. Voor woningen na 2006 zijn doorgaans zelf weinig tot geen isolatiemaatregelen nodig. - Veel historische woningen in het buitengebied en in de centra van de kernen. - Aan de randen van kernen zijn verdeeld vlekjes met nieuwere woningen te herkennen. - Per CBS-buurt is een mix van bouwjaren aanwezig; dat maakt een buurtgerichte aanpak minder kansrijk en relevant voor Texel.
Bron: BAG en Vesta-MAIS
Bron: BAG en Vesta MAIS
Aardgasgebruik woningen
Energielabels woningen
Bovenstaande afbeelding toont de bekende aardgaslevering aan woningen, per postcode-6 gebied (data: 2019, CBS, bewerking W+B). - Relatief hoog aardgasgebruik in de buitengebieden, mogelijk verband met relatief hoge windsnelheid op het eiland. - Hier en daar sterke pieken boven gemeentelijk gemiddelde (1.400 m 3 per woning in 2019). - Nieuwere buurten vaak (maar niet altijd) een lager aardgasgebruik.
De afbeelding hierboven toont de bekende en geschatte energielabels van woningen op Texel. - Historische woningen in het buitengebied en in de centra van de kernen hebben een lager (geschat) energielabel. - Nieuwere woningen aan de randen van kernen hebben nu al een gunstig (bekend of geschat) energielabel.
I.3
Utiliteit (incl. recreatiewoningen)
Gebruiksfunctie utiliteit (bedrijfspanden, recreatiewoningen)
Bouwjaren utiliteit
Bovenstaande afbeelding toont de voorkomende utiliteitsgebouwen op Texel en hun dominante gebruiksfunctie. Ook recreatiewoningen vallen onder deze categorie. - Veel panden met logiesfunctie in de buurten Verspreide huizen De Koog en het Duingebied, De Koog, en Verspreide huizen in de polders Eierland en Eendracht. - In de kernen ook veel andersoortige utiliteits- en bedrijfspanden: winkels, bijeenkomstfunctie, sport en onderwijs, en panden die deels een industriefunctie hebben. Kantoren komen relatief weinig voor op Texel. - Utiliteit en bedrijfspanden maken een groot aandeel uit van de totale gebouwvoorraad, en liggen in de kernen ook verspreid tussen de woningen. Een specifieke aanpak voor bedrijfspanden is een aandachtspunt.
De afbeelding hierboven toont de bouwjaren van utiliteit en bedrijfspanden op Texel. Het bouwjaar zegt iets over de (minimale) isolatiegraad. Nieuwere panden hebben minder aanpassingen nodig om aardgasloos te kunnen worden. - In de kernen volgen de bouwjaren de patronen van de woningen: ouder in de centra, nieuwer in de omringende bebouwing. - In het buitengebied ook veel relatief nieuwe vakantieparken te herkennen. - Per CBS-buurt is een mix van bouwjaren aanwezig; dat maakt een buurtgerichte aanpak minder kansrijk en relevant voor Texel.
Aardgasgebruik bedrijven
Energielabels utiliteit
Bovenstaande afbeelding toont de bekende aardgaslevering aan bedrijven per postcode-6 gebied (data: 2019, CBS, bewerking W+B). - Hier en daar hoog gebruik in de kernen (onder andere panden met industriefunctie, sportcomplexen, onderwijsgebouwen). - Niet alle data vrijgegeven of bekend, mogelijk vanwege privacy gevoeligheid. - Vakantieparken relatief bescheiden gemiddeld jaargebruik, of niet bekend.
De afbeelding hierboven toont de bekende en geschatte energielabels van utiliteitspanden op Texel (data: 2019, CBS, RVO, bewerking W+B). - Historische panden in de centra van de kernen hebben een lager (geschat) energielabel. - Nieuwere panden aan de randen van kernen hebben een gunstiger (bekend of geschat) energielabel. - In de gebieden met logiesfunctie wat uniformere energielabels, hier is een grootschalige (isolatie-) aanpak een potentiële kans.
I.4
Verrijking Startanalyse Planbureau voor de Leefomgeving
De analyse achter deze Transitievisie Warmte bouwt voort op de globale studie van het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL), uitgevoerd met het Vesta-MAIS model en resulterend in de Startanalyse Transitievisie Warmte. De uitkomsten zijn openbaar in te zien op de themasite van de Startanalyse. De Startanalyse concludeert dat de individuele elektrische warmtepompen de voorkeursoplossing is voor alle buurten op Texel. Het PBL en het Expertisecentrum Warmte hebben aangegeven dat deze landel ijke Startanalyse lokale verrijking behoeft 1. Voor de Transitievisie Warmte Texel is het Vesta-MAIS-model op de volgende aspecten verrijkt: - De beschikbaarheid van restwarmte. - De database van gebouwen in de gemeente (BAG). - De bekende energielabels.
Beschikbaarheid van restwarmte Op basis van input uit stakeholderconsultaties en nader onderzoek is de beschikbaarheid van potentiële restwarmtebronnen op het eiland aangescherpt. Voor veel bronnen is echter nog geen uitsluitsel gegeven over de beschikbaarheid van restwarmte. In dit geval is de schatting van het Planbureau aangehouden (vaak 3 MW), zodat in elk geval een inschatting kan worden gemaakt van de wenselijkheid van collectieve oplossingen op het eiland.
Database van gebouwen in de gemeente (bron: BAG) De database van gebouwvoorraad in de gemeente is geüpdatet naar 2021, in plaats van 2020. Daarmee wordt voorkomen dat recent gesloopte panden worden meegenomen in de analyse.
De bekende energielabels (bron: RVO) Het aantal bekende energielabels stijgt snel. Voor deze analyse is de modeldatabase met bekende energielabels daarom geüpdatet naar de meest recente kennis (juli 2021), zodat zoveel mogelijk bekende data gebruikt wordt in plaats van schattingen.
1
Expertisecentrum Warmte, 2020. Handreiking lokale analyse. Geraadpleegd op: https://www.expertisecentrumwarmte.nl/themas/de+leidraad/handreiking+voor+lokale+analyse/default.aspx