Bijlage 1 - Bestemmingsplan Oudeschild Trompstraat (ontwerp)
Tekst van het document
Bij toepassing van een gescheiden stelsel zal een inschatting worden gemaakt naar potentieel vervuilde oppervlakken (parkeerterreinen) en schone verhardingen (pleinen en daken). Voor de nieuwe bebouwing worden uitloogbare materialen zoveel mogelijk worden voorkomen. Indien materialen als koper, lood en zink worden gebruikt, is voor de afvoer van hemelwater maatwerk vereist. Onderhoud waterloop Het onderhoud van de huidige waterloop vindt plaats met behulp van een trekker. Hiervoor is een onderhoudspad van 5 meter breed langs de kant nodig. Het hoogheemraadschap geeft aan dat ook na verbreding van de waterloop het onderhoudspad noodzakelijk blijft. Afhankelijk van de nieuwe breedte van de waterloop, zal de onderhoudsmethode mogelijk veranderen. Met name de brede plassen aan de zuidoosthoek van het plan (de 'wig') zijn een aandachtspunt wat betreft onderhoud. Het ontwerpplan wordt door de gemeente
31/224
civiel-technisch nader uitgewerkt. Het ontwerp en mogelijke technische aanpassingen worden nog met het hoogheemraadschap afgestemd. De gemeente heeft aangegeven dat de waterloop zal worden aangepast als het niet voldoet aan de voorschriften voor onderhoud.
4.7
Luchtkwaliteit
Toetsingskader In hoofdstuk 5 van de Wet milieubeheer zijn de grenswaarden op het gebied van de luchtkwaliteit vastgelegd. Daarbij zijn in de ruimtelijke ordeningspraktijk met name de grenswaarden voor stikstofdioxide (NO2) en fijnstof (PM10) van belang. Projecten die slechts in zeer beperkte mate bijdragen aan de luchtverontreiniging zijn op grond van de algemene maatregel van bestuur 'Niet in betekenende mate bijdragen' (Besluit NIBM) vrijgesteld van toetsing aan de grenswaarden. Tevens moet worden bekeken of de luchtkwaliteit ter plaatse voldoende is voor de voorgenomen functie. Toetsing Volgens de Grootschalige Concentratie- en Depositiekaarten Nederland (2020) geldt er in de directe omgeving van het plangebied een gemiddelde concentratie fijnstof (PM10) van minder dan 18 µg/m3 en een gemiddelde concentratie stikstofdioxide (NO2) van 10 µg/m3. De norm voor beide stoffen ligt op 40 µg/m3, wat betekent dat in de directe omgeving van het plangebied sprake is van een goede luchtkwaliteit. Op voorhand kan worden gesteld dat de planontwikkeling niet in betekenende mate bijdraagt aan verslechtering van de luchtkwaliteit. Aanvullend onderzoek naar het aspect luchtkwaliteit is niet noodzakelijk.
4.8
Archeologie
Toetsingskader Per 1 juli 2016 is de Monumentenwet 1988 vervallen. Een deel van de wet is op deze datum overgegaan naar de Erfgoedwet. Het deel dat betrekking heeft op de besluitvorming in de fysieke leefomgeving gaat over naar de Omgevingswet, wanneer deze in werking treedt. Dit geldt ook voor de verordeningen, bestemmingsplannen, vergunningen en ontheffingen op het gebied van archeologie. Vooruitlopend op de datum van ingang van de Omgevingswet zijn deze artikelen te vinden in het Overgangsrecht in de Erfgoedwet, waar ze ongewijzigd van toepassing blijven zolang de Omgevingswet nog niet van kracht is. De kern van de wet is dat wanneer de bodem wordt verstoord, archeologische resten intact moeten blijven. De wet verplicht gemeenten bij het opstellen van ruimtelijke plannen en projecten rekening te houden met de in hun bodem aanwezige waarden. Toetsing Voor de gemeente Texel is de beleidskaart van Vestigia Bv (2007, update 2013) vigerend. Op de beleidskaart zijn zones met een archeologische waarde of verwachting aangeduid, die zich laten vertalen in vrijstellingsgrenzen. Bodemingrepen die binnen de geldende vrijstellingsgrens blijven zijn niet onderzoeksplichtig. De som van de bodemingrepen in het plangebied overstijgen vermoedelijk de interventiewaarde van 500 m². Aangezien de planontwikkeling groter is dan 500 m² is een archeologische quickscan uitgevoerd.
De resultaten hiervan zijn opgenomen in bijlage 7. Naar aanleiding van het onderzoek wordt de conclusie getrokken dat de archeologische verwachting voor dit gebied laag is. De gespecificeerde archeologische verwachting is dat archeologisch resten hier afwezig zullen zijn gezien de middeleeuwse inpoldering en moderne landbouw in dit gebied. De aanleg van voetbalvelden zal voor de laatste decennia een
32/224
conserverende werking hebben gehad aangezien niet is geploegd ter plaatse van het plangebied. Het advies dat Archeologie West-Friesland geeft is dat nader archeologisch onderzoek in het kader van de Archeologische Monumentenzorg niet noodzakelijk is. Het advies is de voorgenomen ingrepen vrij te geven met betrekking tot het aspect archeologie. Het aspect archeologie vormt geen belemmering voor het bestemmingsplan.
4.9
Cultuurhistorie
Toetsingskader Goede ruimtelijke ordening betekent dat er een integrale afweging plaatsvindt van alle belangen die effect hebben op de kwaliteit van de ruimte. Een van die belangen is de cultuurhistorie. Per 1 januari 2012 is in het kader van de modernisering van de monumentenzorg (MOMO) in het Besluit ruimtelijke ordening van het rijk opgenomen dat gemeenten bij het maken van bestemmingsplannen rekening moeten houden met cultuurhistorische waarden. Toetsing kerngebieden Om duidelijk te maken welke gebieden op Texel van grote waarde zijn is een kerngebiedenkaart opgesteld. Op de kerngebiedenkaart zijn de gebieden met de grootste cultuurhistorische dichtheid aangegeven. De uitwerking en beschrijving van de gebieden geeft inzicht en verdieping op cultuurhistorische waarden. Het plangebied in Oudeschild ligt in het kerngebied 'Het Oude Land en de Reede van Texel'. Onderdelen daarvan zijn onder andere de Hoge Berg en Reede van Texel - Oudeschild. De Hoge Berg maakt deel uit van de hoge Texelse keileembult (provinciaal aardkundig monument). Texel is ontstaan met de Hoge Berg als centrum, het enige gebied dat stabiel en onveranderlijk bleef, terwijl het landschap eromheen veranderde. Nog steeds knabbelt de zee aan het eiland, maar voegt op andere plekken juist zand toe.
Het gebied kent vele tijdslagen en een divers landgebruik: prehistorische bewoning, en naderhand een voor Texel nu nog karakteristiek landschap voor de schapenhouderij met tuunwallen, drinkkolken en schapenboeten. De Reede van Texel fungeerde tot begin 19de eeuw als beschutte anker- en overslagplaats voor de schepen en om bevoorraad te worden. Dat gebeurde vanuit Oudeschild als haven- en vissersplaatsje: daar, maar ook in Den Hoorn, woonden loodsen. In Oudeschild werd water ingenomen (ijzerhoudend water vanuit de Wezenputten via het Skilslootje en vlees (eenden uit de eendenkooien, schapen) uit het gebied rondom. Voor Texel ligt een enorm schepenkerkhof (maritieme archeologie). De Schans werd aangelegd om de Reede te verdedigen. Plangebied De cultuurhistorische achtergrond wordt beschreven in de quickscan archeologie en is opgenomen in bijlage 7. Met betrekking tot cultuurhistorische achtergrond is hier aangegeven dat in de omgeving van het plangebied weinig archeologisch onderzoek is uitgevoerd. Het plangebied heeft geen directe relatie met de cultuurhistorische aspecten van Oudeschild. Het plan wordt ingepast in de omgeving, waardoor het aspect cultuurhistorie voor de ontwikkeling geen belemmering vormt.
4.10 Molenbiotoop Toetsingskader Vroeger werd de windvang van een molen beschermd door het zogeheten windrecht. Algemene wetgeving die
33/224
het recht op windvang van een molen vastlegt bestaat niet meer. De bescherming van een molenbiotoop kan worden geregeld in het bestemmingsplan. Toetsing In het dorp Oudeschild staat de molen De Traanroeier. Het plangebied ter plaatse van het voormalig sportterrein aan de Trompstraat in Oudeschild bevindt zich in het vigerend bestemmingsplan binnen de 'vrijwaringszone molenbiotoop'. Dit betekent dat bij de invulling van het plangebied rekening moet worden gehouden met de windvang. In het bestemmingsplan is een formule opgenomen, waarmee de maximale hoogte van de bouwwerken kan worden berekend op basis van de afstand tot de molen en de askophoogte van de molen. Dit betekent dat de woningen een maximale hoogte tussen circa 9,6 en 11,4 meter mogen hebben. Met een maximale bouwhoogte van 9 meter hoeft geen rekening te worden gehouden met de windvang. Bovendien zijn de nieuw te bouwen woningen lager dan de bebouwing tussen het plangebied en de molen. De molenbiotoop vormt geen beperkingen voor de planontwikkeling.
4.11 Spuitzones Toetsingskader Ruimtelijk spoor Bij ruimtelijke ontwikkelingen wordt uitgegaan van een spuitzone tussen gevoelige bestemmingen en percelen waar gewasbeschermingsmiddelen worden toegepast. Er bestaan geen wettelijke bepalingen inzake de minimaal aan te houden afstanden tussen percelen waarin met gewasbeschermingsmiddelen kan worden gespoten en nabijgelegen gevoelige functies. Uit jurisprudentie van de Raad van State (onder meer in de uitspraak van 23 september 2009 in zaak nr. 200900570/1/R2) blijkt dat een afstand van 50 meter tussen gevoelige functies en agrarische bedrijvigheid waarbij gewasbeschermingsmiddelen worden gebruikt in algemene zin niet onredelijk wordt geacht. Hierbij wordt gemeten vanaf de bestemmingsgrens: vanaf de bestemming die het telen en het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen mogelijk maakt tot aan de grens van de bestemming die de woning(en) mogelijk maakt. In bijzondere gevallen kan met een geringere afstand worden volstaan. Uit jurisprudentie (onder meer in de uitspraak van 30 maart 2016 in zaak nr. 201402301/3/R3) blijkt dat het aanhouden van een kortere afstand dan de richtafstand zorgvuldig moet worden onderzocht en goed moet worden onderbouwd. Daarbij gaat het om het aspect gezondheid/woon- en leefklimaat en om de milieuruimte voor agrarische bedrijvigheid waarmee zij hun bedrijfsactiviteiten kunnen uitoefenen.
Verder is van belang dat richtafstanden alleen van toepassing zijn op nieuwe situaties. Milieuspoor Voor agrarische bedrijven en tuinbouwbedrijven geldt dat zij op grond van het Activiteitenbesluit Wet milieubeheer bij het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen rekening dienen te houden met voorwaarden en beperkingen. Daarbij gaat het onder meer om het volgende: bij het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen in de open lucht dient een techniek te worden gebruikt met een driftreductie van minimaal 75% (ten opzicht van een vastgelegde referentietechniek); een oppervlaktewaterlichaam. De minimumafstand tot een oppervlaktewaterlichaam is afhankelijk van het soort gewas en overige aspecten waaronder de mate van driftreductie.
34/224
Toetsing Het plan betreft een woningbouwlocatie. Een woning is in het kader van ruimtelijke ordening een gevoelige functie die bescherming tegen de drift van gewasbeschermingsmiddelen behoeft. Op de naast gelegen percelen aan de west- en zuidkant van het plangebied is gezien de agrarische bestemming gebruik van gewasbeschermingsmiddelen mogelijk. Het agrarisch (gras) land mag op basis van de bestemming niet gebruikt worden voor sier- en/of fruitteelt, houtteelt, bosbouw en/of naar de aard en invloed daarmee gelijk te stellen bedrijvigheid. De gemeente is eigenaar van deze gronden en maakt daar privaatrechtelijk afspraken over. Het land mag alleen worden gebruikt als grasland. Bovendien mag bij het toepassen van bestrijdingsmiddelen alleen gebruik worden gemaakt van een rugspuit. De spuitzone vormt geen belemmering voor de ontwikkeling.
4.12 Externe veiligheid Toetsingskader Externe veiligheid gaat over het beheersen van de risico's die ontstaan voor de omgeving bij het gebruik, de opslag en het vervoer van gevaarlijke stoffen, zoals vuurwerk, LPG en munitie. Sinds een aantal jaren is er wetgeving over 'externe veiligheid' om de burger niet onnodig aan te hoge risico's bloot te stellen. De normen voor externe veiligheid zijn vastgelegd in onder andere het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi), Besluit externe veiligheid transportroutes (BEVT) en het Besluit externe veiligheid buisleidingen (Bevb). Het externe veiligheidsbeleid heeft vorm gekregen in de risicobenadering. Er wordt getoetst aan twee verschillende normen: het plaatsgebonden risico (PR) en het groepsrisico (GR). Ten aanzien van het plaatsgebonden risico geldt een kans van 10-6 als grenswaarde. Dit betekent dat binnen de zogenaamde PR 10-6-contour geen nieuwe kwetsbare objecten mogen worden toegestaan. Voor ontwikkeling van nieuwe beperkt kwetsbare objecten, geldt deze norm als streefwaarde. Het GR drukt de kans per jaar uit dat een groep mensen van minimaal een bepaalde omvang overlijdt als rechtstreeks gevolg van een ongeval met gevaarlijke stoffen. Het onderscheid tussen kwetsbare en beperkt kwetsbare objecten is vastgelegd in het Besluit externe veiligheid inrichtingen.
Toetsing In het kader van het aspect externe veiligheid is de risicokaart geraadpleegd. In de directe nabijheid is geen sprake van risicovolle inrichtingen, buisleidingen en transportroutes. Daarmee vormt het aspect externe veiligheid geen belemmering voor de ontwikkeling in het plangebied.
4.13 Kabels en leidingen Toetsingskader In (de omgeving van) het plangebied kunnen kabels en leidingen aanwezig zijn die beperkingen opleggen voor de bouwmogelijkheden in het plangebied. Hierbij valt te denken aan hoogspanningsverbindingen, waterleidingen en straalpaden. Bij leidingen, zoals gas-, water- en rioolpersleidingen, volgen deze belemmeringen uit het zakelijk recht. Bij hoogspanningsverbindingen gaat het om veiligheid en gezondheid. De beperkingen bij straalpaden zijn van belang voor het goed functioneren van de straalpaden.
35/224
Toetsing Binnen het plangebied en in de directe omgeving zijn geen planologisch relevante buisleidingen, hoogspanningsverbindingen of straalpaden aanwezig. Het aspect kabels en leidingen staat de beoogde ontwikkeling niet in de weg.
4.14 Mer-beoordeling Toetsingskader In onderdeel C en D van de bijlage bij het Besluit m.e.r. is aangegeven welke activiteiten in het kader van het omgevingsvergunning plan-m.e.r.-plichtig, project-m.e.r.-plichtig of m.e.r.-beoordelingsplichtig zijn. Voor deze activiteiten zijn in het Besluit m.e.r. drempelwaarden opgenomen. Indien een activiteit onder de drempelwaarden blijft, dient alsnog een vormvrije m.e.r.-beoordeling uitgevoerd te worden, waarbij onderzocht dient te worden of de activiteit belangrijke nadelige gevolgen heeft voor het milieu, gelet op de omstandigheden als bedoeld in bijlage III van de EEG-richtlijn milieueffectbeoordeling. Deze omstandigheden betreffen de kenmerken van het project, de plaats van het project en de kenmerken van de potentiële (milieu)effecten. Per 16 mei 2017 is de regelgeving voor de MER en m.e.r.-beoordeling gewijzigd met daarin een nieuwe procedure voor de vormvrije m.e.r.-beoordeling. Voor de ontwerp-bestemmingsplanfase moet een m.e.r-beoordelingsbeslissing worden genomen, waarin wordt aangegeven of wel of geen MER nodig is, gelet op de kenmerken van het project, de plaats van het project en de kenmerken van de potentiële (milieu)effecten en mogelijke mitigerende maatregelen. Deze beslissing wordt als bijlage bij het bestemmingsplan opgenomen.
Voor elke aanvraag waarbij een vormvrije m.e.r.-beoordeling aan de orde komt moet de initiatiefnemer een aanmeldingsnotitie opstellen, waarbij ook mitigerende maatregelen mogen worden meegenomen. Het bevoegd gezag dient binnen zes weken na indienen een m.e.r.-beoordelingsbesluit af te geven. Een vormvrije m.e.r.-beoordelingsbeslissing hoeft echter niet gepubliceerd te worden. Toetsing In het Besluit milieueffectrapportage is opgenomen dat de aanleg, wijziging of uitbreiding van een stedelijk ontwikkelingsproject m.e.r.-beoordelingsplichtig is in gevallen waarin de activiteit betrekking heeft op een oppervlakte van 100 hectare of meer of een aaneengesloten gebied en 2000 of meer woningen omvat (Besluit milieueffectrapportage, Bijlage onderdeel D11.2). De beoogde ontwikkeling bestaat uit de realisatie van 39 woningen. De beoogde ontwikkeling blijft daarmee ruim onder de drempelwaarde. Dit betekent wel dat een zogenaamde 'vormvrije m.e.r.-beoordeling' noodzakelijk is. Hiervoor is een aanmeldingsnotitie opgesteld (zie bijlage 8), waaruit blijkt dat gelet op de kenmerken van het project (zoals het kleinschalige karakter in vergelijking met de drempelwaarden uit het Besluit m.e.r.), de plaats van het project en de kenmerken van de potentiële effecten, geen belangrijke negatieve milieugevolgen optreden.
Er is geen aanleiding voor het doorlopen van een m.e.r.-procedure in het kader van het bestemmingsplan.
36/224
Hoofdstuk 5 5.1
Juridische toelichting
Het juridisch systeem
Het bestemmingsplan voldoet aan alle vereisten die zijn opgenomen in de Wet ruimtelijke ordening (Wro), het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) en de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo). Inherent hieraan is de toepassing van de Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen (SVBP) 2012. De SVBP maakt het mogelijk om bestemmingsplannen te maken die op vergelijkbare wijze zijn opgebouwd en op eenzelfde manier worden verbeeld. De SVBP 2012 is toegespitst op de regels die voorschrijven hoe bestemmingsplannen conform de Wro en het Bro moeten worden gemaakt. De SVBP geeft bindende standaarden voor de opbouw en de verbeelding van het bestemmingsplan, digitaal en analoog. De regels van dit bestemmingsplan zijn opgesteld conform deze standaarden. Het bestemmingsplan regelt de gebruiks- en bebouwingsmogelijkheden van de gronden in het plangebied. De juridische regeling is vervat in een verbeelding en bijbehorende regels. Op de verbeelding zijn de verschillende bestemmingen vastgelegd, in de regels (per bestemming) de bouw- en gebruiksmogelijkheden.
5.2
Toelichting op de bestemmingen
In het voorliggende bestemmingsplan wordt de beoogde situatie vastgelegd. Deze zijn opgezet volgens het geldende bestemmingsplan en de recente standaarden van de gemeente Texel. Het plangebied in dit plan heeft de volgende bestemmingen gekregen: Groen De gronden met de bestemming 'Groen' zijn bedoeld voor plantsoenen, velden, groenstroken en parken. Daarnaast zijn deze gronden bedoeld voor parkeren, speelvoorzieningen, paden en waterpartijen. Verkeer - Verblijfsgebied De gronden met de bestemming 'Verkeer - Verblijfsgebied' zijn hoofdzakelijk bestemd voor weg en straten en fiets- en wandelpaden. Wonen De gronden met de bestemming 'Wonen' zijn bestemd voor woonhuizen in de vorm van vrijstaande woonhuizen, twee aaneengebouwde woonhuizen en/of rijen woonhuizen. Wonen - Aaneengebouwd De gronden met de bestemming 'Wonen - Aaneengebouwd' zijn bestemd voor woningen. Deze woningen worden gebouwd in hoofdgebouwen die uitsluitend in rijen worden gebouwd. De hoofdgebouwen op de verbeelding met de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - rug-aan-rug' zijn hoofdgebouwen waar de woningen met de achtergevel aaneengebouwd moeten worden. Waarde - Archeologie 4
37/224
De bestemming 'Waarde - Archeologie 4' is een dubbelbestemming. Dit betekent dat de aangewezen gronden, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor instandhouding en bescherming van de in de grond aanwezige archeologische waarden. Er worden voorwaarden gesteld om de archeologische waarden te beschermen indien bouwwerken worden gebouwd met een grotere oppervlakte dan 500 m² op locaties waar de grond nog niet verstoord is en waar dieper dan 0,50 meter wordt gegraven. Vrijwaringszone - molenbiotoop De gebiedsaanduiding 'vrijwaringszone - molenbiotoop' is behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor bescherming van de functie als werktuig van de in dit gebied voorkomende windmolen, onder andere gelet op de windvang. Daarnaast is de 'vrijwaringszone - molenbiotoop' ter bescherming van de waarde van deze molen als landschapsbepalend element. Verder is in de overige regels opgenomen dat op basis van het parkeerbeleid in het plan wordt voorzien in voldoende parkeergelegenheid dat aansluit op de verwachte parkeerbehoefte.
38/224
Hoofdstuk 6 6.1
Uitvoerbaarheid
Maatschappelijke uitvoerbaarheid
Het bestemmingsplan doorloopt de in de Wet ruimtelijke ordening (Wro) vastgelegde bestemmingsplanprocedure. Tijdens deze procedure zijn er verschillende momenten waarop burgers en belanghebbenden hun mening op het plan kenbaar kunnen maken. Overleg omwonenden/dorpscommissie Voorafgaand aan de bestemmingsplanprocedure is het indicatieve stedenbouwkundige ontwerp besproken met de dorpscommissie en direct omwonenden. Vanuit Oudeschild werd de voorkeur uitgesproken om de bestaande groenstrook aan de noordzijde zoveel mogelijk te behouden voor de bewoners van de De Wittstraat. Naar aanleiding van dit overleg is er opnieuw een groenstrook aan de noordzijde in het plan opgenomen. Overleg Woontij Het plan is opgenomen in de Prestatieafspraken 2021 t/m 2025 tussen Woontij en de gemeente. Woontij is positief over het indicatieve stedenbouwkundig ontwerp voor het plangebied en het bijbehorende programma. Het woningbouwplan in Oudeschild is één van de vier plannen voor de buitendorpen. Per locatie zijn op basis van de prestatieafspraken 2021-2025 circa 20 sociale huurwoningen beoogd. Woontij is enthousiast over de rug-aan-rug woningen, omdat dit betaalbare woningen zijn met een hoge kwaliteit. Woontij verkiest deze typologie boven het stapelen van woningen (appartementen), welke minder efficiënt zijn in de m² verkeersruimte, trappenhuizen en/of lift.
Woningen die door Woontij worden ontwikkeld zullen levensloopbestendig zijn. Vooroverleg Het concept-ontwerpbestemmingsplan is in het kader van het vooroverleg ter beoordeling voorgelegd aan de provincie Noord-Holland, de Omgevingsdienst NHN en het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier. Hun advies is in het ontwerpplan verwerkt en indien nodig is de toelichting daarop aangepast. De adviezen en aanbevelingen vanuit het vooroverleg worden opgepakt bij de verdere uitwerking van het plan en bij de omgevingsvergunning. Voor het bestemmingsplan vormt dit verder geen belemmering. Reactie Provincie Noord-Holland De provincie geeft aan dat gezien het feit dat het plan niet in een provinciaal werkingsgebied is gelegen, er geen aanleiding is om het plan te beoordelen. Het plan is reeds opgenomen in de regionale woningbouwafspraken. Reactie Omgevingsdienst NHN Het advies van de omgevingsdienst is opgenomen in bijlage 9. De opmerkingen zijn verwerkt in paragraaf 4.3, 4.4, 4.5 en 4.11 van de toelichting op dit bestemmingsplan. Reactie Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier (HHNK) In het kader van het vooroverleg heeft het HHNK de volgende reactie gegeven: Het plan ziet er goed uit, met name de duiker plus stuw aan de Trompstraat zijn prettig. Verder worden de
39/224
volgende opmerkingen gemaakt: 1. Hoe zit het met het onderhoud ter hoogte van de 'wig'? Uit de afbeeldingen blijkt niet hoe breed de waterpartij daar is en of onderhoud nog mogelijk is hier. 2. Kan er een kaart gemaakt worden waaruit de oppervlaktes van nieuw water blijkt? Dit is niet vereist voor het bestemmingsplan, maar wel noodzakelijk voor de watervergunning. In de tekst wordt gesteld dat er voldoende compensatie is. Op basis van de huidige tekeningen kan het HHNK dit niet controleren. Als blijkt dat het huidige plan niet voldoende compensatie voorziet, kan het zijn dat het plan aangepast moet worden. De veilige optie is om de afmetingen van de waterpartijen toe te voegen, zodat het HHNK deze vooraf kan beoordelen. In paragraaf 4.6 is op de vooroverlegreactie van het hoogheemraadschap ingegaan. Ontwerpbestemmingsplan De resultaten van het vooroverleg zijn verwerkt in het ontwerpbestemmingsplan. Het ontwerpbestemmingsplan wordt gedurende zes weken ter inzage gelegd. Tijdens deze periode wordt een ieder in de gelegenheid gesteld om een zienswijze in te dienen (artikel 3.8 Wro). De uitkomsten hiervan kunnen nieuwe niet voorziene uitgangspunten voor het bestemmingsplan geven. Vaststelling Het bestemmingsplan wordt vervolgens, al dan niet gewijzigd, vastgesteld. Het besluit tot vaststelling wordt gepubliceerd en het bestemmingsplan ligt zes weken ter inzage.
Tijdens die periode bestaat voor belanghebbenden die eerder een zienswijze hebben ingediend de mogelijkheid beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State in te dienen tegen het besluit en het plan.
6.2
Economische uitvoerbaarheid
Voor de uitvoerbaarheid van het plan is het van belang te weten of het economisch uitvoerbaar is. De economische uitvoerbaarheid wordt enerzijds bepaald door de exploitatie van het plan (financiële haalbaarheid) en anderzijds door de wijze van kostenverhaal van de gemeente (grondexploitatie). Financiële haalbaarheid Het bestemmingsplan vormt het toetsingskader voor de ontwikkeling van de woningbouwlocatie aan de Trompstraat in Oudeschild in de gemeente Texel. De gemeente is grondeigenaar van het plangebied. De opbrengsten zijn verzekerd via grondopbrengsten. Grondexploitatie Doel van de in de Wet ruimtelijke ordening (Wro) opgenomen grondexploitatieregeling is het bieden van ruimere mogelijkheden voor het kostenverhaal en het creëren van meer sturingsmogelijkheden. Daarbij wordt onderscheid gemaakt tussen de publiekrechtelijke weg via een exploitatieplan en de privaatrechtelijke weg in de vorm van overeenkomsten. In het geval van een exploitatieplan kan de gemeente eisen en regels stellen voor de desbetreffende gronden, (woning)bouwcategorieën en fasering. Bij de privaatrechtelijke weg worden dergelijke afspraken in een (anterieure) overeenkomst vastgelegd.
40/224
De raad van de gemeente Texel heeft op 7 juli 2021 de grondexploitatie van het voormalig voetbalveld in Oudeschild vastgesteld. Het programma bestaat uit sociale huur, betaalbare koop en dure koop.
41/224
42/224
Bijlagen toelichting
43/224
44/224
Bijlage 1
45/224
Bomeninventarisatie
Inventarisatie bomen Trainingsveld Trompstraat Oudeschild Texel Op 25 februari 2021 is er een inventarisatie van de bomen rondom het trainingsveld aan de Trompstraat in Oudeschild uitgevoerd door Zwanet Bosch, Boomtechnisch adviseur bij idverde Bomendienst. Daarnaast zijn de vervangingskosten berekend, deze is uitgevoerd door Bart van Tilburg, Boomtechnisch adviseur / ETT / Boomtaxateur bij idverde Bomendienst.
Inventarisatie Alle bomen op het terrein met een diameter vanaf 20 centimeter op 1,30 hoogte vanaf maaiveld zijn geïnventariseerd. Deze bomen zijn op een digitale ondergrond ingeprikt en de gegevens geregistreerd. Alle bomen in het gebied zijn uitgebreid visueel beoordeeld op veiligheid, conditie, mechanische kwaliteit en toekomstverwachting bij ongewijzigde omstandigheden. Hierbij is gebruik gemaakt van de VTA-methode. Conditiebepaling De conditiebepaling geeft een oordeel over de gezondheidstoestand van een boom op een bepaald moment. Bij de conditie worden, afhankelijk van het seizoen, de volgende conditiekenmerken beoordeeld: blad/ knopbezetting bladgrootte transparantie van de kroon takscheutlengte hoeveelheid dode takken/ twijgen aanwezigheid van groeistrepen op de bast Gebreken bomen Naast de conditiebepaling zijn tevens de gebreken van de bomen beoordeeld. In de meeste gevallen is er geen relatie tussen gebreken en conditie. Gebreken kunnen wel invloed hebben op de toekomstverwachting van bomen met een goede conditie. Gebreken kunnen bijvoorbeeld zijn: slechte takaanhechtingen (plakoksels) parasitaire schimmelaantastingen scheuren in stam en/ of takken holtes dode takken
Resultaten inventarisatie In totaal zijn er 47 bomen geïnventariseerd, voor het grootste gedeelte bestaande uit bosplantsoen. De meest voorkomende soort is de Es (Fraxinus excelsior), daarnaast zijn er de iepen (Ulmus minor) en esdoorns aangetroffen (Acer campestre, Acer pseudoplatanus). Van de 47 beoordeelde bomen zijn er 21 visueel beoordeeld als goed/voldoende, 15 bomen hebben een sterk verminderde conditie en 11 bomen zijn stervend. Meerdere boomvormers zijn meerstammig, waarschijnlijk het gevolg van uitlopen na dunning. In de bijlage is een overzichtslijst weergegeven van alle geregistreerde gegevens, in de rapportage ‘BD21041 Vervangingskosten’ zijn de vervangingskosten weergegeven. In de overige bijlagen zijn overzichtskaarten weergegeven op basis van conditie, kroondiameter en toekomstverwachting.
Boomnummer Boomsoort 1 Acer campestre 2 Fraxinus excelsior 3 Fraxinus excelsior 4 Fraxinus excelsior 5 Fraxinus excelsior 6 Fraxinus excelsior 7 Fraxinus excelsior 8 Fraxinus excelsior 9 Fraxinus excelsior 10 Fraxinus excelsior 11 Fraxinus excelsior 12 Fraxinus excelsior 13 Fraxinus excelsior 14 Fraxinus excelsior 15 Acer pseudoplatanus 16 Acer pseudoplatanus 17 Fraxinus excelsior 18 Fraxinus excelsior 19 Fraxinus excelsior 20 Fraxinus excelsior 21 Fraxinus excelsior 22 Fraxinus excelsior 23 Fraxinus excelsior 24 Acer pseudoplatanus 25 Fraxinus excelsior 26 Ulmus minor 27 Ulmus minor 28 Acer pseudoplatanus 29 Acer pseudoplatanus 30 Acer pseudoplatanus 31 Ulmus minor 32 Acer pseudoplatanus 33 Ulmus minor 34 Ulmus minor 35 Ulmus minor 36 Ulmus minor 37 Fraxinus excelsior 38 Ulmus minor 39 Ulmus minor 40 Ulmus minor 41 Acer pseudoplatanus 42 Fraxinus excelsior 43 Fraxinus excelsior 44 Fraxinus excelsior 45 Acer campestre 46 Acer campestre 47 Fraxinus excelsior
Standplaats Beplanting Beplanting Beplanting Beplanting Beplanting Beplanting Beplanting Beplanting Beplanting Beplanting Beplanting Beplanting Beplanting Beplanting Beplanting Beplanting Beplanting Beplanting Beplanting Beplanting Beplanting Beplanting Beplanting Beplanting Beplanting Beplanting Beplanting Beplanting Beplanting Beplanting Beplanting Beplanting Beplanting Beplanting Beplanting Beplanting Beplanting Beplanting Beplanting Beplanting Beplanting Beplanting Beplanting Beplanting Beplanting Beplanting Beplanting
Boomhoogte 10 11 11 11 6 12 12 12 12 11 13 14 11 13 11 11 12 15 9 12 11 9 14 12 12 10 10 12 11 10 9 11 8 8 9 5 12 9 10 10 10 13 16 15 10 12 12
Stamdiameter 22 21 20 23 24 22 29 23 25 22 25 24 27 34 21 25 22 45 26 29 21 23 38 24 24 31 22 20 30 30 22 23 20 21 22 23 30 25 23 22 23 32 41 24 22 24 34
Kroondiameter
Conditie_BTL 6 0 Goed (goed/goed) 6 1 Iets verminderd (redelijk/voldoende) 5 1 Iets verminderd (redelijk/voldoende) 5 1 Iets verminderd (redelijk/voldoende) 3 1 Iets verminderd (redelijk/voldoende) 6 1 Iets verminderd (redelijk/voldoende) 7 1 Iets verminderd (redelijk/voldoende) 7 1 Iets verminderd (redelijk/voldoende) 8 1 Iets verminderd (redelijk/voldoende) 6 1 Iets verminderd (redelijk/voldoende) 5 1 Iets verminderd (redelijk/voldoende) 6 1 Iets verminderd (redelijk/voldoende) 9 1 Iets verminderd (redelijk/voldoende) 8 1 Iets verminderd (redelijk/voldoende) 7 1 Iets verminderd (redelijk/voldoende) 7 1 Iets verminderd (redelijk/voldoende) 9 1 Iets verminderd (redelijk/voldoende) 11 2 Sterk verminderd (matig/onvoldoende) 7 2 Sterk verminderd (matig/onvoldoende) 10 2 Sterk verminderd (matig/onvoldoende) 8 2 Sterk verminderd (matig/onvoldoende) 6 2 Sterk verminderd (matig/onvoldoende) 10 1 Iets verminderd (redelijk/voldoende) 8 2 Sterk verminderd (matig/onvoldoende) 5 3 Stervende (slecht/slecht) 7 3 Stervende (slecht/slecht) 6 2 Sterk verminderd (matig/onvoldoende) 7 3 Stervende (slecht/slecht) 8 2 Sterk verminderd (matig/onvoldoende) 6 3 Stervende (slecht/slecht) 5 2 Sterk verminderd (matig/onvoldoende) 8 3 Stervende (slecht/slecht) 3 3 Stervende (slecht/slecht) 5 3 Stervende (slecht/slecht) 5 2 Sterk verminderd (matig/onvoldoende) 6 1 Iets verminderd (redelijk/voldoende) 9 2
Sterk verminderd (matig/onvoldoende) 5 2 Sterk verminderd (matig/onvoldoende) 4 3 Stervende (slecht/slecht) 5 3 Stervende (slecht/slecht) 6 3 Stervende (slecht/slecht) 7 2 Sterk verminderd (matig/onvoldoende) 11 2 Sterk verminderd (matig/onvoldoende) 10 3 Stervende (slecht/slecht) 6 2 Sterk verminderd (matig/onvoldoende) 5 0 Goed (goed/goed) 9 1 Iets verminderd (redelijk/voldoende)
Toekomst_voor > 15 jaar > 15 jaar > 15 jaar > 15 jaar > 15 jaar > 15 jaar > 15 jaar > 15 jaar > 15 jaar > 15 jaar > 15 jaar > 15 jaar > 15 jaar > 15 jaar > 15 jaar > 15 jaar > 15 jaar 10 tot 15 jaar 5 tot 10 jaar 5 tot 10 jaar 5 tot 10 jaar 5 tot 10 jaar 10 tot 15 jaar 10 tot 15 jaar 1 tot 5 jaar 1 tot 5 jaar 1 tot 5 jaar 1 tot 5 jaar 5 tot 10 jaar 1 tot 5 jaar 1 tot 5 jaar 1 tot 5 jaar < 1 jaar 1 tot 5 jaar 5 tot 10 jaar 5 tot 10 jaar 5 tot 10 jaar 5 tot 10 jaar < 1 jaar < 1 jaar 1 tot 5 jaar 1 tot 5 jaar 5 tot 10 jaar 1 tot 5 jaar 10 tot 15 jaar > 15 jaar 10 tot 15 jaar
Gebrek_1 Gebrek_2 Geen noemenswaardig BVC gebrek Geen noemenswaardig BVC gebrek Zwaar dood hout Geen noemenswaardig BVC gebrek Plakoksel stam Zwaar dood hout Zwaar dood hout Geen noemenswaardig BVC gebrek Geen noemenswaardig BVC gebrek Geen noemenswaardig BVC gebrek Zwaar dood hout Zwam op stam Zwaar dood hout Geen noemenswaardig BVC gebrek Zwaar dood hout Beschadigd bastweefsel stam Zwaar dood hout Geen noemenswaardig BVC gebrek Zwaar dood hout Geen noemenswaardig BVC gebrek Zwaar dood hout Geen noemenswaardig BVC gebrek Zwaar dood hout Geen noemenswaardig BVC gebrek Gebroken/losse tak Geen noemenswaardig BVC gebrek Zwaar dood hout Plakoksel stam Zwaar dood hout Geen noemenswaardig BVC gebrek Geen noemenswaardig BVC gebrek Geen noemenswaardig BVC gebrek Geen noemenswaardig BVC gebrek Geen noemenswaardig BVC gebrek Zwaar dood hout Beschadigd bastweefsel stam Zwaar dood hout Geen noemenswaardig BVC gebrek Zwaar dood hout Geen noemenswaardig BVC gebrek Zwaar dood hout Bastwoekering Zwaar dood hout Geen noemenswaardig BVC gebrek Zwaar dood hout Geen noemenswaardig BVC gebrek Zwaar dood hout Holte in gesteltak Zwaar dood hout Geen noemenswaardig BVC gebrek Zwaar dood hout Houtboorders Zwaar dood hout Beschadigd bastweefsel stam Zwaar dood hout Geen noemenswaardig BVC gebrek Zwaar dood hout Beschadigd bastweefsel stam Zwaar dood hout Beschadigd bastweefsel stam Zwaar dood hout
Bastwoekering Zwaar dood hout Geen noemenswaardig BVC gebrek Zwaar dood hout Geen noemenswaardig BVC gebrek Zwaar dood hout Geen noemenswaardig BVC gebrek Zwaar dood hout Holte stamvoet Slechte kroon Zwaar dood hout Zwaar dood hout Geen noemenswaardig BVC gebrek Zwaar dood hout Geen noemenswaardig BVC gebrek Zwaar dood hout Geen noemenswaardig BVC gebrek Zwaar dood hout Geen noemenswaardig BVC gebrek Zwaar dood hout Geen noemenswaardig BVC gebrek Zwam stamvoet Holte stamvoet Holte stam Zwaar dood hout Zwaar dood hout Bastwoekering Beschadigd bastweefsel stamGeen noemenswaardig BVC gebrek Geen noemenswaardig BVC gebrek Geen noemenswaardig BVC gebrek Zwaar dood hout Bastwoekering
Gebrek_3 Geen noemenswaardig BVC gebrek Geen noemenswaardig BVC gebrek Geen noemenswaardig BVC gebrek Geen noemenswaardig BVC gebrek Geen noemenswaardig BVC gebrek Geen noemenswaardig BVC gebrek Geen noemenswaardig BVC gebrek Geen noemenswaardig BVC gebrek Geen noemenswaardig BVC gebrek Geen noemenswaardig BVC gebrek Geen noemenswaardig BVC gebrek Geen noemenswaardig BVC gebrek Geen noemenswaardig BVC gebrek Geen noemenswaardig BVC gebrek Geen noemenswaardig BVC gebrek Geen noemenswaardig BVC gebrek Geen noemenswaardig BVC gebrek Zwam op stam Geen noemenswaardig BVC gebrek Geen noemenswaardig BVC gebrek Klankafwijking stam Geen noemenswaardig BVC gebrek Geen noemenswaardig BVC gebrek Geen noemenswaardig BVC gebrek Geen noemenswaardig BVC gebrek Geen noemenswaardig BVC gebrek Geen noemenswaardig BVC gebrek Geen noemenswaardig BVC gebrek Geen noemenswaardig BVC gebrek Geen noemenswaardig BVC gebrek Geen noemenswaardig BVC gebrek Geen noemenswaardig BVC gebrek Geen noemenswaardig BVC gebrek Geen noemenswaardig BVC gebrek Geen noemenswaardig BVC gebrek Geen noemenswaardig BVC gebrek Geen noemenswaardig BVC gebrek Geen noemenswaardig BVC gebrek Geen noemenswaardig BVC gebrek Geen noemenswaardig BVC gebrek Geen noemenswaardig BVC gebrek Geen noemenswaardig BVC gebrek Scheefstand Plakoksel stam Geen noemenswaardig BVC gebrek Geen noemenswaardig BVC gebrek Geen noemenswaardig BVC
gebrek
ToekomstverwachtingVerplantbaar > 15 jaar Nee > 15 jaar Nee > 15 jaar Nee > 15 jaar Nee > 15 jaar Nee > 15 jaar Nee > 15 jaar Nee > 15 jaar Nee > 15 jaar Nee > 15 jaar Nee > 15 jaar Nee > 15 jaar Nee > 15 jaar Nee > 15 jaar Nee > 15 jaar Nee > 15 jaar Nee > 15 jaar Nee 10 tot 15 jaar Nee 5 tot 10 jaar Nee 5 tot 10 jaar Nee 5 tot 10 jaar Nee 5 tot 10 jaar Nee 10 tot 15 jaar Nee 10 tot 15 jaar Nee 1 tot 5 jaar Nee 1 tot 5 jaar Nee 1 tot 5 jaar Nee 1 tot 5 jaar Nee 5 tot 10 jaar Nee 1 tot 5 jaar Nee 1 tot 5 jaar Nee 1 tot 5 jaar Nee < 1 jaar Nee 1 tot 5 jaar Nee 5 tot 10 jaar Nee 5 tot 10 jaar Nee 5 tot 10 jaar Nee 5 tot 10 jaar Nee < 1 jaar Nee < 1 jaar Nee 1 tot 5 jaar Nee 1 tot 5 jaar Nee 5 tot 10 jaar Nee 1 tot 5 jaar Nee 10 tot 15 jaar Nee > 15 jaar Nee 10 tot 15 jaar Nee
Opmerking eenzijdige kroon klimop stam volledige bvc niet mogelijk, klimop kroon en stam viltig judasoor snoeiwond stam viltig judasoor klimop stam hangmat in kroon, spijkers in stam eenzijdige kroon, hangnet in kroon, spijkers stam
spijkers in stam klimop stam bvc niet geheel mogelijk, klimop stam en kroon klimop stam ingerotte snoeiwond 3m hoogte. wordt als klimboom gebruikt
5 stammige boom, twee stammetjes holle klank
tweestammig
spijkers stam
top is er uit gebroken
ganoderma stamvoet driestammig eenzijdige kroon
CreationDate Creator 25-2-2021 11:25 zwanet.bosch 25-2-2021 11:18 zwanet.bosch 25-2-2021 11:13 zwanet.bosch 25-2-2021 11:07 zwanet.bosch 25-2-2021 11:03 zwanet.bosch 25-2-2021 10:59 zwanet.bosch 25-2-2021 10:55 zwanet.bosch 25-2-2021 10:48 zwanet.bosch 25-2-2021 10:46 zwanet.bosch 25-2-2021 10:35 zwanet.bosch 25-2-2021 10:32 zwanet.bosch 25-2-2021 10:23 zwanet.bosch 25-2-2021 10:18 zwanet.bosch 25-2-2021 10:27 zwanet.bosch 25-2-2021 07:49 zwanet.bosch 25-2-2021 08:15 zwanet.bosch 25-2-2021 08:04 zwanet.bosch 25-2-2021 08:21 zwanet.bosch 25-2-2021 08:32 zwanet.bosch 25-2-2021 08:35 zwanet.bosch 25-2-2021 08:38 zwanet.bosch 25-2-2021 08:52 zwanet.bosch 25-2-2021 08:48 zwanet.bosch 25-2-2021 08:57 zwanet.bosch 25-2-2021 09:16 zwanet.bosch 25-2-2021 13:48 zwanet.bosch 25-2-2021 13:58 zwanet.bosch 25-2-2021 13:53 zwanet.bosch 25-2-2021 14:05 zwanet.bosch 25-2-2021 14:12 zwanet.bosch 25-2-2021 14:18 zwanet.bosch 25-2-2021 14:14 zwanet.bosch 25-2-2021 14:20 zwanet.bosch 25-2-2021 14:22 zwanet.bosch 25-2-2021 14:27 zwanet.bosch 25-2-2021 14:32 zwanet.bosch 25-2-2021 14:36 zwanet.bosch 25-2-2021 14:39 zwanet.bosch 25-2-2021 12:39 zwanet.bosch 25-2-2021 12:33 zwanet.bosch 25-2-2021 12:28 zwanet.bosch 25-2-2021 12:18 zwanet.bosch 25-2-2021 12:11 zwanet.bosch 25-2-2021 12:07 zwanet.bosch 25-2-2021 11:46 zwanet.bosch 25-2-2021 11:39 zwanet.bosch 25-2-2021 11:31 zwanet.bosch
Conditie 44
! (
43
! (
! (
0 Goed (goed/goed)
! (
1 Iets verminderd (redelijk/voldoende)
! (
2 Sterk verminderd (matig/onvoldoende)
! (
3 Stervende (slecht/slecht) 4 Afgestorven (dood) 5 Niet aanwezig
42
! (
41
! (
45
46
! (
! (
40
! (
! (
47
39
! (
38
! (
37
! (
36
! (
1
! ( 35
! (
30
! ( 34
! (
! (
33
! (
32
28
29
! (
2
! (
! ( 31
! (
! (
3
4
27
! (
! (
6
! (
7
26
! (
! (
25
! (
5
! (
8
! ( 10
! (
24
! (
14
! (
! ( ! (
9
11 12
13
! (
! ( ! ( 22
! (
23
Locatie: Trainingsveld Trompstraat, Oudeschild, Texel Thema: Overzichtskaart bomen conditie 21
15
! (
! ( 16
! (
20
17
! (
! (
18
! ( ! (
19
¯ Esri Nederland, Community Map Contributors
Datum: 3-3-2021 Bedrijf: idverde Bomendienst B.V. Tekenaar: Zwanet Bosch
Kroondiameter Meters
44
43
42
41
45
47
46
40
39
38
37
36
1
35 30 32
34
33
29
2
28
3
31 27
4 75
26
8
25 24
6
9
10 14 23
11
21 22
13 12
15 20 1618
17
19
¯ Esri Nederland, Community Map Contributors
Locatie: Trainingsveld Trompstraat, Oudeschild, Texel Thema: Overzichtskaart kroondiameter (indicatie) Datum: 3-3-2021 Bedrijf: idverde Bomendienst B.V. Tekenaar: Zwanet Bosch
Toekomstverwachting ! (
> 15 jaar
! (
10 tot 15 jaar
! (
5 tot 10 jaar
! (
1 tot 5 jaar
! (
< 1 jaar
44
! (
43
! (
42
! (
41
45
! (
! ( ! (
40
46 47
! (
! (
39
! ( 38
! (
37
! (
36
! (
! (
35
1
! (
30
! (
2
! (
34 32
33 ( 31 ! ( ! ! (
! (
28
29
! (
! (
3
! ( 4
27
5 ! ( ! (
! (
! (
26
7
! (
25
! (
6
! (
8
! ( 9 10 ! ( ! ( 11 14 ( 12 ! ( ! ( 13 ! ! (
24
! (
23
! ( 22
! (
21
15
! (
! ( ! (
20
! (
16
17
! (
18
19
! (
! (
¯ Esri Nederland, Community Map Contributors
Locatie: Trainingsveld Trompstraat, Oudeschild, Texel Thema: Overzichtskaart toekomstverwachting Datum: 3-3-2021 Bedrijf: idverde Bomendienst B.V. Tekenaar: Zwanet Bosch
Bijlage 2
51/224
Onderbouwing woningbouwbehoefte
De beoogde ontwikkeling op de locatie voormalig voetbalveld achter de Trompstraat in Oudeschild bestaat uit het realiseren van 39 woningen en wordt hierdoor aangemerkt als 'nieuwe stedelijke ontwikkeling'. Dit betekent dat de behoefte aan de voorgenomen stedelijke ontwikkeling moet worden aangetoond. Deze onderbouwing voorziet hierin. Gezien de andersoortige woningmarkt van Texel heeft Texel een ‘status aparte’ in het regionale woningbouwbeleid.
De situatie van de woningmarkt op Texel is als volgt: ● Er is een groot tekort aan sociale huurwoningen: de gemiddelde wachttijd bij Woontij is van 5,5 jaar, oplopend tot 8 jaar. Er staan 1.700 woningzoekenden ingeschreven bij Woontij, waarvan 500 actief woningzoekenden. Gezien de eilandsituatie is er voor de Texelse inwoners geen uitwijkmogelijkheid naar een andere gemeente. ● Er is een tekort aan middeldure huur (Rapport STEC: Middel-dure huur op Texel in beeld d.d. 17-02-2016). ● Er is onvoldoende aanbod van betaalbare koopwoningen voor jonge Texelaars en Texelse gezinnen (lage- en middeninkomens) (Notitie STEC: Notitie belang huisvestingsverordening d.d. 4 juni 2019). ● De markt zit op slot en de prijzen blijven boven-proportioneel stijgen. ● Er is sprake van een kwalitatieve mismatch in het totale woningaanbod: er zijn ruim 1.000 betaalbare woningen te kort ten opzichte van het inkomen van de huishoudens op Texel; ● Het tekort is verder versterkt door het rijksbeleid om 65-plussers langer zelfstandig thuis te laten wonen, hetgeen als gevolg heeft dat er nog minder woningen vrijkomen. ● Om op de Texelse woningmarkt een situatie te bereiken waarbij sprake is van meer evenwicht en redelijke wachttijden zijn tot 2030 naar verwachting 500-1000 extra woningen nodig (Woontij 'Een huis voor iedereen' d.d. 16 januari 2020).
Uit het bovenstaande blijkt dat de Texelse woningmarkt een groot tekort aan sociale huurwoningen heeft. Daarnaast is er ten opzichte van de Noordkop op Texel sprake van dure koopwoningen van matige kwaliteit. De hoge prijzen maken onderhoud en verduurzaming lastig, 'het geld gaat op aan de hypotheek'. Dit wordt ernstig versterkt door de eilandpositie. Er is geen uitwijkmogelijkheid naar woningen elders. Door de woningnood ontstaan er problemen met het invullen van vacatures. Zeker in branches die noodzakelijk zijn voor het maatschappelijk functioneren, zoals zorg, onderwijs, overheid, politie en toerisme.
Er worden diverse maatregelen getroffen om de bestaande voorraad zo goed mogelijk te gebruiken. In een aantal gevallen gaat het om tijdelijke oplossingen. Het effectief inzetten van de bestaande woningvoorraad is niet voldoende.
Gezien de vraag moeten er snel woningen worden gebouwd. De hoofdcategorieën die hierbij worden onderscheiden zijn: 1. sociale en middel-dure huur; 2. goedkope en middel-dure koop. Bij de koopwoningen op de woningbouwlocaties in eigendom van de gemeente zal via de koopovereenkomst/uitgifteovereenkomst een zelfbewoningsplicht en een anti-speculatiebeding worden opgelegd.
De volgende maatschappelijke effecten worden beoogd te bereiken op de Texelse woningmarkt: 1. Wachtlijsten voor een sociale huurwoning van gemiddeld maximaal 2 jaar;
2. Afname kwalitatieve mismatch; 3. De Texelse woningmarkt vormt geen belemmering voor het accepteren van een (vaste) baan; 4. Jongeren en senioren kunnen 'in hun eigen dorp' blijven wonen; 5. Terugdringen wonen in de illegaliteit (boerenschuren, bedrijfsgebouwen op bedrijventerreinen).
In het 'Overzicht Woningbouw Texel' in het KwT is op basis van een programmering volgens de gemeentelijke uitgangspunten vastgelegd, waar en hoeveel woningen er in de periode 2020 – 2030 worden gebouwd. Het Overzicht Woningbouw Texel biedt ruimte voor de bouw van circa 440 woningen (waarvan circa 300 sociale huurwoningen) voor het grootste deel binnen 'bestaand stedelijk gebied' (BSG). Met het KwT is het plan kwantitatief en kwalitatief regionaal afgestemd.
Gezien de unieke woningbouwbehoefte op Texel is het belangrijk dat de problemen op het eiland zelf worden opgelost. Deze bijzondere positie wordt onderkend in de regio en tevens beleidsmatig ondersteund. De ontwikkeling van 39 woningen op de locatie voormalig voetbalveld achter de Trompstraat in Oudeschild ligt binnen stedelijk gebied en past binnen de behoefteraming.
54/224
Bijlage 3
55/224
Quickscan Ecologie
Rho Adviseurs T.a.v. mevrou w K. Tjepkema D a t um Kenm erk Pr oje c tn r . Bet re f t
15 november 2021 RHO-QSTEXDV 21237 D Quickscan Wet natuurbescherming realisati e nieuwbouwwoningen te Oudeschild, Texel
Gea c ht e mev ro uw Tj ep ke ma , Op zo n da g 1 7 o kt ob er 20 21 he b be n wi j voo r u ee n e co lo gi s ch e Qui c ks ca n ui tge vo er d i n he t p la n ge bi ed t e O u des chi l d , Te xe l.
BUREAU FAUNAX Tijnjedyk 89 8936 AC Leeuwarden 06 8 3 7 7 2 5 4 8 info@faunax.nl www.faunax.nl
Het o nd erwe r p va n de Qui c ks ca n bes ta at ui t een v oor ma li g spo rt ve l d a an d e Tr om ps tra at te O u des c hi l d, Texe l . Aa n de ha nd v a n he t ve ld be zoe k en d e d aar op v o l ge n de b ure aus t u di e i s ge b le ke n da t de mees te vor me n va n ne ga ti e ve effe ct en o p bes c her md e n at u ur waa rde o n der de W et na t uu r bes ch ermi n g ( W n b) a ls ge vo l g v a n d e v oor ge no me n w er kza am he de n op v oor ha n d k un n en w ord en ui t ges lo te n .
Ui tz o nde ri n ge n hi e ro p wor de n ge vor md d oor bro ed vo ge ls waa rva n d e n est e n gee n jaa rro n de bes c her mi n g ge ni e te n , m aar w el bes c her md zi j n ti jde ns he t bro ed p ro ces , Noo rds e woe lm ui s , r u gst ree p p a d e n her me li j n ; de e ni ge mar ter a ch ti ge di e o p T exe l v oor k om t . Hi e r na ast di e n t e r a an da c ht t e wor de n bes tee d aa n ee n mo ge l i jk e m el d - e n/ of her p la n ti n gs p li ch t vo or de te verwi jd ere n bo me n . V o or bro ed vo ge ls a d vi ser en we de vo or ge no me n wer kza am he de n b ui t en he t br oed s ei zo e n ui t t e vo ere n . Als di t la ats t e ni et mo ge li j k i s , a d vi s ere n we o m de w e r kz aam he de n ui t t e voer e n o n de r be ge lei di n g va n e e n e c olo o g. I n he t ge va l v a n her me li j n , r u gs tree p p ad e n No ords e w oe lm ui s ad vi s ere n w e o m na der o nd erzo ek ui t te v oere n . H i ern aas t ad vi sere n we om c on t a c t o p te n em en me t de gem ee n te T exe l vo or m eer i nfo rma ti e o ver ee n e v en t ue le me ld - e n /of he rp la n ti ngs p li ch t . Als l a ats te di e nt me n zi ch ti jde ns he t ui t vo ere n va n wer k zaa mhe de n te h ou de n aa n d e zor g pli c ht . In d eze b ri efra p p or ta g e wor de n de res u lt a te n va n de Q ui c ks ca n ge d eel d .
In di e n u vr ag en of o p mer ki ng en h e ef t, ku n t u ui tera ar d a l ti j d co n t ac t op ne me n . Me t vri e n de li j ke gr oe t, Ro bi n F o k ker B ure a u Fa u naX © Bureau FaunaX. Gebruik en overname van gegevens alleen toegestaan met volledige bronvermelding: Bureau FaunaX (2021). Quickscan Wet Natuurbescherming / Realisatie Nieuwbouwwoningen te Oudeschild, Texel. Rapport 21237 D. Bureau FaunaX, Leeuwarden. Disclaimer: In deze rapportage worden de resultaten van een onafhankelijk onderzoek behandeld. Bureau FaunaX heeft een adviserende rol en spreekt zich niet uit over de wenselijkheid van het plan waarop dit onderzoek betrekking heeft. Dit onderzoek is zo zorgvuldig en nauwkeurig mogelijk uitgevoerd. Het voorkomen van beschermde soorten is echter onvoorspelbaar. Aan dit rapport kunnen geen rechten worden ontleend. Wanneer deze rapportage, op wat voor manier dan ook, wordt aangepast en/of aangevuld door een partij anders dan Bureau FaunaX, verliest deze rapportage zijn validiteit en geldigheid. Op dit onderzoek zijn onze algemene voorwaarden van toepassing, zoals gedeponeerd bij de Kamer van Koophandel te Leeuwarden.
Plangebi ed Het p l an ge bi e d bes ta at ui t ee n v oor ma li g s po rt ve ld aa n de Tro m ps tr aat t e Ou des c hi l d, o p Tex el . Di t v oor ma li ge s p or tve ld wo rd t omri n gd d oor ee n gro ens t roo k , w aari n di vers e s o or te n bo me n e n s tr u i ke n e en afs c hei di n g vor me n me t de o m gevi ng v a n h et pl a nge bi e d . Om de ze gro e nst roo k lo pe n slo te n la n gs de oos t - , z ui d - e n wes tzi j de va n he t p la ng ebi ed . De om gevi n g wor dt g ek e nme rk t do o r de b eb o uw de ko m va n O u des c hi l d , a gra ri sc h ge bi ed en de N at ur a2 000 - ge bi ede n Wad de n zee en D ui ne n e n La ge La n d Te xel . P l an voo rne me n Het p l an vo or ne me n be s taa t ui t he t r ea li ser en va n ni e uw b ou wwo ni n ge n o p he t v oo rma li ge s p or tve ld . H i er bi j wor d t ee n g roo t dee l va n de bo me n e n str ui ke n r o nd he t s p or tv el d ver wi j der d. De s l ote n ro n d h et pl a ng ebi ed bli jv e n g ro te n dee ls ge ha nd ha afd . A ll ee n de s loo t l an gs de z ui d zi j de va n he t p la n ge bi ed wo rd t aa n de oos tzi j de ve rb ree d .
Figuur 1: Het plangebied (rood omlijnd) te Oudeschild, Texel.
Overige broedvogels B i n ne n e n v la k b ui t e n he t p la ng ebi ed , maa r b i n ne n de i nv l oeds feer va n de wer kza am he de n k u n ne n vo ge ls to t br oed e n k ome n waa rva n de nes t en ge en ja arr on de bes c her mi n g ge ni e te n , maa r w el b esc he rm d z i jn ti jde ns h et b roe d pr oces . Te n ti j de va n he t v el d bez oe k i s i n de gr oe ns t roo k aa n d e n oor dw est zi j de va n h et p la n ge bi e d een e n ke l boo m nes t a a ng e troff e n. Hoe we l he t o p basi s va n de gr oo t t e va n di t nes t ni e t dui de li j k i s d oor wel ke s o or t di t ne st i s gem aa k t, zi j n er on de r he t nes t gr ot e ho pe n ui twe r ps e le n a a ng e troff e n , waa ri n za d en en b esse n wer de n g evo n de n. O p basi s hi e rva n k a n w ord en aa n ge no me n d a t di t nes t do or ee n so or t a l s ho u td ui f wo rd t ge br ui kt e n ni e t doo r e en roo fvo ge l of ui l. Hi ern aas t k u nn e n a n dere ho u td ui ve n e n za ng vo ge ls to t br oe de n ko me n i n de gr oe ns t roo k r o nd he t p la n ge bi ed .
Figuur 2. In de groenstrook aan de noordwestzijde van het plangebied is een nest met daaronder grote hopen uitwerpselen aangetroffen, met daarin veel zaden en bessen.
Hermelijn De dri e kl ei n e m ar ter a ch ti ge n w eze l , h er me li jn e n bu n zi n g zi j n i n d e p ro vi n ci e No ord -Ho l la n d ni e t v ri jges te l d voo r r ui m te li j ke i n gre p en . Oo k ver b l i jfp l aa tse n e n essen ti ë le ( d el en v an) leef ge bi e de n va n dez e soor te n ge ni e te n bes c h ermi ng o n der de Wet n at u ur be s c her mi n g. O p Texe l k om t s le c h ts é én m ar tera c h ti ge v oor ; de her me li j n . H o ewe l er o p he t ei la n d i n he t ver l ede n oo k a n der e m ar te rac h ti g en zi j n aa nge tr offe n ( b oo m - e n s tee n mar te r) be tro ff en di t a l lee n ver k eerss la ch t offers we l ke mo ge li j k o n der m ot or k ap p en v an a ut o’ s zi j n mee ge ko me n o f v er dro n ke n e n aa nges p oe ld e i ndi vi d u en . Ee n ver b li jf p la ats v an her me li j n bes ta at d oor gaa ns ui t e e n bes taa n d ho l va n bi j voo r bee ld ee n mo l o f ee n ko ni j n . Li j n vor mi ge e le me n te n , zo a ls ha ge n, b oo mri j en of g roe ns tr o ke n z oa ls i n he t gev a l v a n h et pl a ng e bi ed v orm en l oo pr o u tes e n de k ki n g voo r d e so or t . Vo ora l u i t he t d ui n ge bi e d, ma a r ov er he t al ge mee n de wes te li j ke he lf t va n T exe l , zi j n wa ar ne mi n ge n va n her me li j n be ke n d (zi e fi g u ur 3) .
H et p l an ge bi e d be vi n d t zi c h o p de oo s t e li j ke he lf t va n he t ei l an d , i n ee n re la ti ef i n t ensi ef beh eer d en k aa l la nds c ha p . Er ma g e ch te r va n w or de n ui t g eg aa n da t o p di t d eel va n he t ei la n d mi n der wa ar ne mi n ge n wor de n i n ge vo erd da n o p he t w est eli j ke de el , om da t daa r m eer r e cre an te n k ome n . Daa r naas t k u n n en we de aa nwe zi g hei d ni e t ui ts lui te n op b asi s va n ha bi t a tei g ens c ha p pe n do or he t b osp er cee l da t i n he t p l an ge bi e d aa nwezi g i s , i n co m bi n ati e me t de aa nw ezi g h ei d va n ho u twa l le n e n moer as i n de om gevi n g va n he t p la n ge bi ed . O p T exe l zi j n meer wa ar nemi n ge n i n ver ge li j k ba ar ha bi t a t g ed aa n, bi jv oo rbe el d ce n tra al o p he t ei la n d (zi e fi gu ur 3) . De aa nw ezi g hei d va n d eze s oor t i n he t p la n ge bi e d ka n ni e t wor de n u i tg esl o te n.
Figuur 3. Uit de ruime omgeving van het plangebied (rood vierkant) zijn diverse waarnemingen van hermelijn (groene stippen) bekend (bron: NDFF).
Noordse woelmuis De aa nw ezi g hei d va n l eefg ebi ed va n de N oor dse woe lm ui s i n he t p l an ge bi e d ka n ni e t op v oor ha n d w or de n ui tg es l o te n. I n te ge ns te l l i ng t o t o p he t vas te l a nd h eef t de No ords e w oe lm ui s o p Texe l ee n mi n der s pe ci fi eke h abi ta t vo or ke ur om da t er mi n der co n c urre n ti e i s v an aa r dm ui s e n ross e w oe lm ui s. Doo r de a a nwezi g hei d v an b os gre nz en d aa n a gr ari s ch e p er ce le n e n waa r nem i ng e n v a n d e Noo rds e woe lm ui s ui t de om gevi n g va n he t p la n ge bi ed ( fi gu ur 4) , ka n ni e t w or de n ui t ges l ot e n da t he t p la nv oor n eme n ee n ne ga ti ef effe c t heef t o p h et le efg ebi e d va n de ze soor t .
Figuur 4. Uit de omgeving van het plangebied zijn waarnemingen van de noordse woelmuis bekend.
Rugstreeppad Het vo or ko me n va n de ru gs tree p p ad k a n ni e t op v oor ha n d w or de n ui tg esl o te n . Deze soor t ko m t z eer al ge m een v oor o p Texe l en e r zi j n waa rn emi n ge n v an de soo rt ui t de om gevi n g va n he t p la n ge bi ed b e ke nd (fi g u ur 5) . De s oor t k a n zi ch v oor t pl a nt e n i n d e slo ot we l ke za l w or de n ver br ee d e n ka n he t p l an ge bi e d, me t n ame de be bos te d el en , te ve ns a ls la n d ha bi t at ge br ui ke n.
Figuur 5.: Uit de omgeving van het plangebied (rood omlijnd ) zijn waarnemingen van de rugstreeppad bekend.
Overige beschermde soorten Ti jd e ns h et v el d bez oe k i s n aas t a a n bro ed vo g els en v lee rm ui z en , s p eci fi e k aa nda c h t bes tee d a a n bes c her mde so or te n ui t de ove ri ge di erg roe p e n e n bes c her mde pl a nt en .
In h et pl a nge bi e d zi j n gee n bes c her md e p la n t ens oor te n aa ng et roff e n. Hi er naas t i s er bi n ne n he t p la ng ebi ed ge e n s p ra ke va n he t ges chi k te bi o to o p hi er voo r. In d e bo me n b i n n en e n v la k b ui t en h et p l an ge bi e d zi jn g ee n bo om nes te n aa ng et roff en we l ke i n ge br ui k zi j n doo r r oof vo ge ls o f ui l e n a ls r a ns ui l . H i er n aas t zi j n er bi n ne n he t p la n ge bi e d gee n k u ns t ma ti ge bo uw wer k en aa nwe zi g . De aa n we zi g hei d v an ja arr o nd bes c her mde nes te n ka n der ha l ve o p v oor ha n d w ord e n ui t ges lo te n . In d e bo me n bi n n en e n v la k b ui t en h et p l an ge bi e d zi jn g ee n v oor vl eer mui ze n ges chi k te bo om ho l te n a an ge tr off en . De aa nw ezi g hei d v an ver b li jf p laa ts en v an v l eerm ui z en i n boo mh o l te n ka n o p voo rh an d wor de n ui t ges l ot en .
De aa nw ezi g hei d va n a nd ere b esc he rm de zoo gdi e rso o r te n, zo als d e wat ers pi ts m ui s k an o p voo rh an d wor de n ui tg e slo te n o p b as i s va n ha bi t a tei g en s c ha p pe n . De s l ot en ro n d he t p la ng e bi ed b esc hi k ke n ni et over g es chi k te de k ki ng vo or dez e so or te n. Op Te xe l ko me n gee n gro te mo d der kr ui pe rs voo r. N eg ati e ve effe c te n op l eef ge bi ed v an b es c her md e z oe twa ter vi sse n a ls ge vo l g va n de voo rg en om en wer k zaa mhe de n k u n ne n der ha l ve o p v oor ha n d w or de n ui t ges l ot en . De aa nw ezi g hei d va n v oor t pl a nti n gs ha bi t at e n la n dh abi ta t va n ov er i ge bes c her mde a mfi bi eë n, zoa ls de hei ki k ker e n de po el ki k ke r ka n o p voo rh an d wor de n ui tg e s lo te n o p basi s va n ha bi t a tei g en sc ha p p en e n vers pr ei di n gs g eg eve ns ( bro n : N DFF) . Ui t d e o mge vi ng v an O ud es chi ld zi j n g ee n w aar ne mi ng e n va n dez e so or te n be k en d. E n de sl ot e n i n e n om he t p la n ge bi ed wo r de n voo r d eze soo rt e n te i n te nsi ef b ehe er d. Het vo or ko me n va n be s ch er mde re p ti e le n i n he t p la ng ebi ed k a n wor de n ui t ges l ot en o p bas i s va n ve rs prei di n gs ge gev en s ( bro n : N DFF) .
Op Te xe l zi jn s l e ch ts s po ra di sc h waa rn emi n g en va n s oor te n a ls za nd ha ge di s e n m uu rh age di s be ke n d. Di t b et reffe n w aars c hi j n li j k ec ht er vers te k eli n ge n of bew us t geï nt ro du c e erde i n di vi d ue n . O p Te xel zi j n v er der gee n po p ul ati es b esc he rm de re p ti ele n be ke n d . B i n ne n de i n vl oe ds fee r va n de vo or ge no me n wer kza am he de n ko me n gee n ( waa rd p la n te n va n) bes c her md e o n gew e rve ld e n v oor (B ro n : N DFF) .
Gebiedsbeschermin g Ti jd e ns d e b urea us t udi e zi j n gee n v orm en v an ge bi e ds bes ch ermi n g n aar vor e n ge ko me n di e be tre k ki n g he bb en o p he t p la n g ebi e d. He t p la n ge bi e d va lt ni et o n der de EH S /N N N e n N at ur a 20 00 e n i s ni e t aa ng ewe z en bi n ne n he t Na t uu rb ehee r pl a n 20 21 / 20 22 of als s ti l te g eb i e d ( br on : Po r taa l K aar t e n D at a Pro vi n ci e No ord -Ho l la n d). Ne ga ti e ve ef fe ct en o p deze g ebi ede n , an de rs da n ef fe ct en g e paa rd me t (ex t ra) ui t st oo t va n s ti ks tof k u nn e n o p vo or ha nd wo rde n ui tg esl o te n. D e p rovi n ci e No or dHol la n d i s ec h ter b ev o eg d g eza g i n de ze n .
Stikstofgevoelighei d Per 1 ju li 20 21 i s de W e t s ti ks t ofr ed u cti e e n n at u ur ver be teri n g i ng eg aa n. D eze we t ho ud t i n da t de b ou wf as e v a n pr oje c te n pa rti eel wor de n vri jg est el d va n de Na t ura 200 0 -v er gu n ni n gs pli c h t. D eze vri js tel l i ng g el d t e c ht er ni e t v oor de ge br ui ksfas e v an ee n b ouw wer k . Zo ka n n a de afro n di ng va n de v oor ge no me n wer kza am he de n e x tra s ti ks t of vri j k om en d oo r ex tr a v er kee r v a n e n na ar de te rea li sere n ni eu wb o uw wo ni n ge n en d oor ev e n t uee l gas ver br ui k bi nn en de wo ni ng e n . De di ch ts t bi jzi j nd e Na t ura 200 0 -g ebi ed en i n de om ge vi n g va n he t p la n ge bi ed zi j n Wad de nz ee e n D ui ne n en La ge La n d Tex el . B i n ne n e en st raa l va n 2 k m v a naf he t p la n ge bi ed b evi n de n zi ch e ch te r gee n s ti ks tof gev oe li g e ha bi t at t y pe n i n de bo ve ng e noe md e Na tu r a200 0 - ge bi ed e n. D e ho evee l h ei d ex tr a s ti kst o fui tst oo t als gev o lg va n he t i n ge br ui k ge no me n w ord e n v an de ni eu wb o uww o ni ng e n z al n aar o ns i nzi ch t d us da ni g k lei n zi j n d a t di t b ui te n dez e st raa l wei ni g t ot g ee n ef fe ct za l he bb e n o p de b ove n ge noe m de Na t ura 20 00 - ge bi e de n.
D e pr ovi n ci e N oo r d-H ol la n d i s ec ht er be voe g d gez ag i n dez en e n be pa al t of he t ui t vo ere n va n e e n AE R IU S ber ek e ni n g be no di gd i s vo or de vo or tg a ng va n di t pro je c t.
Houtopstanden B i n ne n he t p la ng e bi ed zi j n e n ke le bo me n aa n wezi g. N orm ali te r ka n er s pra k e zi jn va n e en me l d - en / of he rp la n ti ngs p li ch t i n di e n er ka p wer kz aa mhe de n p la ats vi nd e n i n een b om en ri j va n mee r da n 20 b ome n of ee n ho u tare aa l va n meer d an 10 are b ui te n de be bo uw de k om .
Het p l an ge bi e d be vi nd t zi c h a an d e ra n d va n de be bo uw de k om va n Ou des c hi l d, e n ka n hi er m oge li jk b ui t en va l le n. H i er do or k a n e r m og eli j k s pr ak e zi jn va n ee n me ld en /o f h er p la n ti n gs p li c ht . De g eme e nt e Te xe l i s be voe g d gez ag i n de zen e n be pa al t de gre ns va n de be b ou wd e k om va n O ud esc hi ld .