Agendabundel
Tekst van het document
3
Indien de mast aan de Tempelierweg bijvoorbeeld wordt verstevigd en TMobile ook gebruik kan maken van de mast, zou het misschien mogelijk zijn om bij strandopgang 9, 15 geen mast te plaatsen. De dekking vanuit de Tempeliersweg zou op het strand bij strandopgangen 12 en 17 hiermee ook verbeterd worden. De afstanden zijn vrij groot, maar er zijn geen obstakels op het strand. Alhoewel aanbeveling 1 zonder nader onderzoek wel een beter resultaat op de standen zou moeten bewerkstelligen. Het advies is dit nader uit te zoeken. Het zoekgebied van Vodafone bij De Cocksdorp kan gemakkelijk worden opgelost met de nieuwe voorgenomen Vodafone mast bij het vliegveld. Dit zal het probleem van het bungalowpark Slufteroord oplossen
Dit is onderzocht naar aanleiding van de vervanging van de antenne bij Paal 17. Het bos vormt een te groot obstakel om voordeel te halen uit het verstevigen van de mast aan de Tempeliersweg. Bij Paal 17 is een nieuw opstelpunt voorzien. De gemeente en de grondeigenaar Staatsbosbeheer staan daar positief in. De provider heeft de aanvraag omgevingsvergunning ingediend. Met het plaatsen van deze mast zal het bereik in het gebied tot aan De Koog en ook op het strand, waaronder het evenementengedeelte, aanzienlijk verbeteren en uitbreiden.
1
4
De locatie van de nieuwe mast komt niet bij het vliegveld maar bij een bedrijfsperceel aan de Postweg. Dat is ook de aanbeveling vanuit het participatietraject. De eignaar van het perceel staat er postief tegenover, Verwacht wordt dat de aanvraag omgevingsvergunning binnenkort wordt ingediend. 20 van 28
5
De masten bij Oosterend (lichtmasten op het sportveld) zijn een oplossing die eigenlijk niet meer van deze tijd is. De antennehoogte komt niet boven de bomen uit en het signaal wordt gedempt door het bladerdek. Het zou beter zijn om deze te vervangen door een vakwerkmast met een hoogte 40 meter, deze hoogte zorgt voor een groter bereik. Al blijkt dat de partijen met belangen hier niet welwillend tegenover staan. Een tweede gesprek zou zinvol kunnen zijn. Een optie is verhogen naar 30 meter, dit heeft mogelijk enig effect, dit effect dient vooraf onderzocht te worden.
Er staan 3 antenne opstelpunten op het sportpark Oosterend. Deze maken gebruik van de lichtmasten van het voormalige trainingsveld. En hebben een overeenkomst met de gemeente als grondeigenaar. In 2019 zijn de overeenkomsten met de verschillende partijen herzien. Deze zijn nu uniform in voorwaarden en looptijd. In de aanloop daar naar toe is met de partijen gesproken over één vakwerkmast van 40 meter. Aangezien hier financieel economische belangen spelen van de providers en towercompanies, kwamen partijen en de gemeente daar niet uit. Vanuit één van de 3 betrokken partijen is recent (april 2025) een verzoek ontvangen voor één vakwerkmast. Dit is alleen wenselijk als er dan sprake is van site sharing en alle 3 de partijen daarin meegaan.
6
Eventuele capaciteitsproblemen dienen met de operators individueel besproken te worden.
De providers dienen te voldoen aan de 98% dekkingseis. Vanuit de zoekgebieden in het plaatsingsplan wordt dit in het jaarlijkse plaatsingsplanoverleg besproken en daarna rechtstreeks met de provider.
21 van 28
4
Voorwaarden bij antenneplaatsing
Dit hoofdstuk begint met inspanningen die de gemeente zichzelf oplegt. De beschrijving van eisen aan plaatsing van antenne-installaties hoger dan 5 meter start in paragraaf 4.2 met algemene uitgangspunten. Paragraaf 4.3 gaat in op tijdelijke antenneplaatsing. De voorwaarden voor plaatsing in monumentale context staan in 4.4. In paragraaf 4.5 staat waar antenne-installaties bij voorkeur worden geplaatst. In paragraaf 4f.6 komt de plaatsing van small cells op gemeentelijke infrastructuur aan bod. Figuur 3 geeft ter illustratie een overzicht van het proces van antenneplaatsing.
Proces bij plaatsing vergunningplichtige antennes toename connectiviteitsbehoefte
technische planning telecomaanbieder
verplichte participatie
aanvraag omgevingsvergunning
zoekgebied in plaatsingsplan
vooroverleg aanbieder en gemeente
besluit
plaatsingsplangesprek
akkoord aanbieder en locatie-eigenaar
eventueel bezwaar en beroep
antenneplaatsing Figuur 3: proces bij plaatsing vergunningplichtige antennes
4.1
Inspanningen van de gemeente Beschikbaarheid gemeentelijke eigendommen voor plaatsing antennes Voor plaatsing van een zendmast op gemeentegrond sluit de gemeente een privaatrechtelijke overeenkomst – een huurafhankelijk opstalrecht -. De vergoeding is marktconform. Voor de plaatsing van small cells is de gemeente verplicht gebouwen en publieke infrastructuur zoals straatmeubilair, verkeerslichten en lantaarnpalen beschikbaar te stellen na een redelijk verzoek van een aanbieder. Dat volgt uit de Europese Telecomcode en Telecommunicatiewet. De voorwaarden waaronder dit plaatsvindt zijn afhankelijk van de locatie en het type antenne. De algemene voorwaarden (zie paragraaf 4.2) zijn vastgelegd in voorliggende Nota, specifieke voorwaarden worden in overeenkomsten met de gebruikers vastgelegd. Per geval worden daarbij afspraken gemaakt over verhuurtarief of opstalrecht en over 22 van 28
eventuele aanpassingen door wijzigingen in de Nota, beleidsregels of infrastructuur. Uitgangspunt daarbij is dat de aanbieder voor eigen kosten noodzakelijke wijzigingen aanbrengt, antennes verwijdert of verplaatst. Voor de verhuur van gemeentelijke eigendommen of gronden streeft de gemeente naar een marktconforme vergoeding. Voor de afhandeling van verzoeken en beschikbaarstelling van gemeentelijke infrastructuur rekent de gemeente een kostendekkende vergoeding (leges). Zie ook paragraaf 2.5 ‘medegebruik van publieke infrastructuur’. Plaatsingsplangesprek De gemeente ontvangt jaarlijks een plaatsingsplan van Monet en een uitnodiging voor een plaatsingsplangesprek met telecomaanbieders zoals volgt uit het Antenneconvenant. De gemeente Texel stuurt een reactie op het plaatsingsplan en maakt altijd gebruik van het jaarlijkse plaatsingsplangesprek. In het gesprek bespreken partijen de voorgenomen antenneplaatsing, mogelijke antennelocaties, mogelijkheden rond visuele inpasbaarheid en communicatie-activiteiten, eventuele lokale knelpunten bij plaatsing en de uitgangspunten van de gemeentelijke Nota Antennebeleid.
Communicatie De gemeente hanteert bij de communicatie rondom antenneplaatsing de volgende uitgangspunten: • In het plaatsingsplangesprek gaat de gemeente in gesprek over de communicatie aan belanghebbenden. De gemeente heeft geen bevoegdheid om eisen te stellen aan de communicatie bij vergunningvrije antennes (waaronder small cells), tenzij het om plaatsing op eigendom van de gemeente gaat. •
Bij vergunningvrije plaatsing van antennes en small cells op eigen gemeentelijke infrastructuur maakt de gemeente met de antenne-eigenaar afspraken over de communicatie.
•
Bij grootschalige uitrol van small cells maakt de gemeente met de antenneeigenaar afspraken over de communicatie.
•
De gemeente heeft bij voorkeur vooroverleg met een initiatiefnemer van antenneplaatsing alvorens een omgevingsvergunning wordt aangevraagd voor antenneplaatsing.
•
Aanvullend op de wettelijke publicatieplicht bij een vergunningstraject beoordeelt de gemeente per aanvraag of aanvullende communicatieinspanningen door de gemeente dan wel de initiatiefnemer nodig zijn.
•
De gemeente stimuleert aanvragers de omgeving en belanghebbenden tijdig te informeren en te betrekken bij voorgenomen antenneplaatsing; de gemeente draagt eventueel bij met praktische ondersteuning als dit de communicatie richting belanghebbenden bevordert.
Bovenstaande inspanningen staan nader uitgewerkt in hoofdstuk 4.
Gebieden met minder dekking Voor gebieden met een verminderde mobiele dekking of capaciteit door een gebrek aan antennemasten gaat de gemeente zo nodig (aanvullend op het plaatsingsgesprek) het
23 van 28
gesprek aan met telecomaanbieders en maakt zij gebruik van de Handreiking mobiele bereikbaarheid9 van de Rijksinspectie Digitale Infrastructuur. Vergunningvrije antennes Omgevingsvergunningvrije antennes hoeven niet te voldoen aan gemeentelijke regels in het omgevingsplan of welstandscriteria, alleen aan redelijke eisen van welstand. De gemeente heeft hierdoor beperkt invloed heeft op de plaatsing van deze vergunningvrije antennes. • In het Antenneconvenant is onder meer afgesproken dat de mogelijkheden rond visuele inpasbaarheid van antenne-installaties onderdeel kunnen zijn van het plaatsingsplangesprek. • In aansluiting op de Europese verordening EU 2020/1070 is de voorkeur van de gemeente dat een vergunningvrije small cell (zoveel mogelijk onzichtbaar) verwerkt wordt in bestaande infrastructuur zoals bushokjes, lichtbakken en (gecamoufleerd) aan gevels. Colocatie en gedeeld gebruik De gemeente kan in bijzondere gevallen kiezen om colocatie of gedeeld gebruik van netwerkelementen en bijbehorende faciliteiten en gedeeld gebruik van eigendom op te leggen (Tw. H5B). Of hiervoor aanleiding is, wordt per geval beoordeeld via een apart besluit middels een openbare voorbereidingsprocedure, op het moment dat daar reden voor is (zie paragraaf 2.6.2). 4.2
Algemene uitgangspunten antenneplaatsing In deze paragraaf staan de criteria die toegepast worden bij het toestaan van een zendmast. Evenwichtige toedeling De Omgevingswet vereist dat gemeentelijke regels zorgen voor een evenwichtige toedeling van functies aan locaties (ETFAL). Binnen functies als wonen, werken, verkeer en recreatie zijn antennes nodig voor mobiel bereik. Een zendmast is in planologische zin geen zelfstandige functie. Een vrijstaande mast vraagt relatief weinig bouwoppervlak, zodat het apart intekenen in het omgevingsplan niet noodzakelijk is. Een antenne-installatie heeft hoogte én rondom vrij zicht nodig. Dat is noodzakelijk voor een goede verbinding met mobiele apparaten die zich op straatniveau bevinden. Een zendmasthoogte tot 40 meter biedt doorgaans voldoende ruimte om van drie aanbieders de afzonderlijke antenne-installaties onder elkaar te plaatsen (site-sharing).
Algemene criteria plaatsing antenne-installaties • Het doel van de antenneplaatsing is verbeterde dekking en/of capaciteit van een mobiel netwerk. • Voor antenne-installaties gelden de toetsingscriteria zoals opgenomen in de Beleidsregels zendmasten voor antenne-installaties op Texel. • 112 moet bereikbaar zijn op het vaste land van Texel. • Het nieuwe antenne-opstelpunt moet technisch geschikt -dus stabiel genoeg - zijn voor 3 providers. • De provider moet een zoekgebied op het plaatsingsplan hebben aangeduid voor de betreffende locatie.
Indieningsvereisten De onderbouwing van een aanvraag voor omgevingsvergunning bevat in elk geval de volgende punten:
9 www.rdi.nl/documenten/publicaties/2019/09/19/handreiking-mobiele-bereikbaarheid-gemeenten
24 van 28
•
• • • •
•
4.3
Een toelichting op de locatiekeuze vanuit de gewenste mobiele connectiviteit en vanuit netwerktechnisch oogpunt voor tenminste één van de netwerken van de mobiele operators. Dit geldt zowel voor aanbieders van mobiele communicatie als voor aanbieders van bijbehorende faciliteiten zoals een tower company. De alternatieve locaties die zijn onderzocht en waarom deze zijn afgevallen. Documentatie waaruit blijkt dat na vergunningverlening ten minste één antenne-installatie zal worden geplaatst. Een toelichting of er is gekeken naar vergunningsvrije plaatsing, al dan niet op bestaande antenne-opstelpunten (site-sharing). Indien een communicatie- of het verplichte participatietraject heeft plaatsgevonden een verslag met toelichting met de resultaten en conclusie wat met de inbreng van omwonenden en/of belanghebbenden is gedaan. De bij een aanvraag van een omgevingsvergunning ter beoordeling voor te leggen documenten dienen een goed beeld te geven van de inpassing van de beoogde installatie in zijn omgeving, compleet met bijbehorende infrastructuur.
Tijdelijke antenneplaatsing Er zijn verschillende situaties denkbaar waarbij tijdelijke of kortdurende antenneplaatsing gewenst is om de mobiele bereikbaarheid te garanderen. Op basis van jurisprudentie geldt een periode tot 31 dagen in elk geval als kortdurend. Voor langdurige plaatsing vraagt een aanbieder een (tijdelijke) omgevingsvergunning aan. Calamiteiten Als een aanbieder op een locatie tijdelijk geen dekking kan bieden door overmacht, zoals stormschade, is kortdurende antenneplaatsing mogelijk na overleg met de gemeente. Evenementen Bij grote evenementen en op feestdagen is kortdurende antenneplaatsing vaak noodzakelijk voor extra netwerkcapaciteit en het waarborgen van 112-bereik. De tijdelijke antenneplaatsing wordt dan door de initiatiefnemer meegenomen in de aanvraag evenementenvergunning. Ruimtelijke herontwikkeling Door ruimtelijke herontwikkeling moet een vergunningvrije antenne-installatie soms verplaatst worden. In afwachting van een geschikte locatie kan een telecomprovider ter overbrugging een tijdelijke omgevingsvergunning aanvragen.
4.4
Plaatsing small cells op gemeentelijke infrastructuur Voor de plaatsing van small cells zal de gemeente -vanuit haar wettelijke plicht- voldoen aan redelijke verzoeken om toegang tot haar infrastructuur. Bij een verzoek tot medegebruik van onder haar zeggenschap staande publieke infrastructuur voor de aanleg en exploitatie van small cells hanteert de gemeente een eigen procesbeschrijving, modelvoorwaarden voor het toetsen van een verzoek, leges voor de administratieve afhandeling en een modelcontract voor de gebruiksfase van de infrastructuur en de vergoeding voor het gebruik van de gemeentelijke infrastructuur.
25 van 28
5
Communicatie en antenneplaatsing
Dit hoofdstuk beschrijft de communicatie-inspanningen die de gemeente zichzelf oplegt bij een aanvraag voor een vergunningplichtige antenne-installatie. 5.1
Uitgangspunten communicatie: rol van de gemeente en initiatiefnemer Uitgangspunt is dat de communicatie omtrent het nieuw op te richten antenne opstelpunt bij de initiatiefnemer ligt. Deze betrekt en informeert de gemeente met betrekking tot het communicatieplan. Bij de plaatsing van antennes moet aandacht zijn voor eventuele zorgen van inwoners over de impact van antennes. Een groot deel van de antenneplaatsingen is omgevingsvergunningvrij, waardoor de gemeente niet betrokken is bij eventuele communicatie over de plaatsing. Tegelijk richten inwoners zich vaak in eerste instantie tot de gemeente als ze worden geconfronteerd met veranderingen in de openbare ruimte, ook bij antenneplaatsing. Zowel ambtenaren, wethouders als raadsleden kunnen aangesproken worden als er een nieuwe antenne-installatie wordt geplaatst. Onbekendheid, geen invloed op besluitvorming en geen direct individueel voordeel kan invloed hebben op de beleving bij antenneplaatsing. Het vooraf betrekken van belanghebbenden kan het draagvlak bevorderen en bijdragen aan een zorgvuldige belangenafweging door de gemeente. Het communicatiebeleid dat de gemeente met betrekking tot antenne-installaties voor ogen heeft, is gebaseerd op het verstrekken van goede informatie en het betrekken van bewoners bij de locatiekeuze van antenneinstallaties.
De gemeente streeft per geval -in samenwerking met de initiatiefnemernaar maatwerk in de communicatie. Verder gebruikt en verwijst de gemeente naar de landelijke informatie van de Rijksoverheid (Antennebureau), GGD en het Kennisplatform Elektromagnetische Velden en Gezondheid. Vergunningsvrije antennes Voorafgaand aan het plaatsingsplangesprek vormt de gemeente zich een beeld van de beoogde locatie(s) voor antenneplaatsing en de omgeving. •
De gemeente brengt tijdens het plaatsingsplangesprek kennis in over de lokale situatie en aandachtspunten voor de communicatie.
•
De gemeente stimuleert aanbieders via het plaatsingsplangesprek om de omgeving tijdig te informeren over een antenneplaatsing. Bij plaatsing van small cells op een woongebouw is afgesproken dat de operators de eigenaar en/of verhuurder informeren waar informatiemateriaal te vinden is voor bewoners. Afhankelijk van de situatie kan de gemeente zelf bijdragen in de informatievoorziening.
•
Bij grootschalige uitrol van small cells en bij plaatsing van antennes en small cells op eigen gemeentelijke infrastructuur maakt de gemeente afspraken met de antenne-eigenaar over de communicatie aan omwonenden en andere belanghebbenden.
Aanvraag omgevingsvergunning Op basis van het vooroverleg bij een aanvraag voor een omgevingsvergunning vormt de gemeente zich een beeld van de beoogde locatie voor antenneplaatsing en de omgeving. In het overleg kunnen afspraken worden gemaakt over de gewenste
26 van 28
communicatieaanpak en eventuele samenwerking daarbij tussen aanvrager en gemeente. Voor participatie zie onder paragraaf 2.1.8
27 van 28
6
Interne organisatie rondom antenne-opstelpunten
De coördinatie van de opstelpunten voor antennes wordt belegd bij team Beleid van de gemeente Texel. Binnen de afdeling is een medewerker vast aanspreekpunt voor interne en externe belanghebbenden. De betreffende contactgegevens worden in ieder geval actief gedeeld met Monet, de vereniging van Nederlandse netwerkoperators. De betreffende afdeling heeft onder andere de volgende taken:
•
Externe afstemming o Aanspreekpunt voor (potentiële) initiatiefnemers van antenneplaatsing. o Opvolgen van afspraken uit het Antenneconvent waaronder: Inplannen van en deelnemen aan het plaatsingsplangesprek. Monet stuurt het Plaatsingsplan standaard naar het algemene e-mailadres van de gemeente t.a.v. het College van Burgemeester en Wethouders (afdeling Ruimtelijke Ordening). Registratie contactgegevens bij VNG (antenneconvenant@vng.nl) t.b.v. ‘kennisgeving voorgenomen grootschalige plaatsing small cells’.
•
Interne afstemming o Het inrichten van een proces voor verzoeken van medegebruik van gemeentelijke infrastructuur. o Interne afstemming rondom aanvragen voor antenneplaatsing.
•
Overige aanspreekpunten o Aanspreekpunt voor de aanvraag omgevingsvergunning is de zaakbeheerder van team Vergunningen, Toezicht en Handhaving. o Aanspreekpunt voor WoW (werkplein ondergrondse werken)/MOOR meldingen e.a. voor graafwerkzaamheden is de medewerker beleidsuitvoering van team Gemeentewerken.
28 van 28
7
Opstelpunten voor het Waarschuwings- en Alarmeringssysteem
Het Waarschuwings- en Alarmeringssysteem is een netwerk van 4278 sirenes in Nederland die draadloos en onafhankelijk van elkaar aangezet kunnen worden vanuit de alarmcentrale van de regionale brandweer Dit luchtalarm wordt elke eerste maandag van de maand om 12:00 uur getest gedurende 1 minuut en 26 seconden. Het wordt ingezet om burgers te waarschuwen bij rampen of grootschalige incidenten. De afgelopen jaren wordt er steeds meer over gesproken dat dit systeem op den duur verdwijnt. Op dit moment is daar nog geen duidelijkheid over en zijn de overeenkomsten voor de opstelpunten op gemeentegrond op verzoek van het Ministerie van Veiligheid en Justitie per 1 januari 2025 weer verlengd. In het verleden zijn aanvragen ontvangen van providers die bij het vrijkomen van de opstelpunten voor het Waarschuwings- en Alarmeringssysteem daar een opstelpunt voor mobiele communicatie wilden oprichten. Uitgangspunt is dat daar in principe geen medewerking aan wordt verleend, omdat een zendmast ruimtelijk een hele andere impact en uitstraling heeft op de omgeving dan de beperkte hoogte van een opstelpunt voor het waarschuwings- en alarmeringssysteem. Daarnaast moet worden voldaan aan een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. Er zijn ook opstelpunten voor het waarschuwings-en alarmeringssysteem die in/nabij een woonwijk staan dan wel op een ander beeldbepalend punt.
En speelt het ontbreken van een zoekgebied rondom de betreffende locatie een rol.
29 van 28
8
Opstelpunten voor C2000
C2000 is het communicatiesysteem voor de hulpdiensten en de meldkamer, dat onder het ministerie van Justitie en Veiligheid valt. Het is een gesloten communicatiesysteem, dat door de hulpdiensten wordt gebruikt tijdens het dagelijks werk, maar ook bij grote incidenten en rampen. Hiermee delen hulpverleners mondeling informatie met elkaar en kunnen hulpverleners de meldkamer direct bereiken. Ook op Texel staat daarvoor een drietal opstelpunten (De Koog, Oudeschild en De Cocksdorp). Recent is verzocht om medewerking te verlenen aan een extra opstelpunt om de regio van Den Burg tot en met de zuidwestkant van Texel ook te voorzien van een goede dekking. Er wordt gezocht naar de best mogelijke locatie, waarbij het zoekgebied en dus het dekkingsgebied leidend zijn. De gemeente faciliteert daarbij de grond voor het opstelpunt. Het plaatsen van een C2000 mast is vergunningvrij. Dat is in de wet bepaald. In artikel 2.29 van het Besluit bouwwerken leefomgeving staat een aantal door het Rijk aangewezen (ver)bouwactiviteiten voor een antenne, die altijd zonder omgevingsvergunning omgevingsplanactiviteit uitgevoerd mogen worden.
30 van 28