Agendabundel
Tekst van het document
Dat heeft onze continue aandacht. We kunnen geen ijzer met handen breken. Heeft u nog een vraag? -Dit was één puntje wat ik nog had. Ik begrijp dat punt van de Wmo. Het saneren van huizen valt niet onder de Wmo. Het gaat mij erom dat mensen hulp kunnen krijgen via de Wmo of het sociaal domein. Wat zijn wegen om te bewandelen? Het hoeft niet te zijn dat de Wmo dat financieel bekostigt, maar je moet wel hulp krijgen. Niet financieel, maar de wegwijzers. -Voorzitter. Ik begrijp wat u bedoelt, maar ons uitgangspunt is dat mensen in principe zelfredzaam zijn. Als ze dat niet zijn, dan is de eerste plek waar ze naar kijken hun eigen netwerk. Als ze dat niet zelf kunnen doen, dan helpen wij hen te kijken naar het netwerk. Of we versterken met het netwerk. De oplossing die u nu voorlegt is dat we de woning opknappen. Onze opdracht is om de persoon of het huishouden in staat te stellen het probleem op te pakken. Waar het niet kan, ondersteunen we. In het geval van de problematiek die we hier als casus hebben, is de eerste vraag of ze het zelf kunnen. Nee. Kunnen uw kinderen of uw ouders het? Nee. Kan iemand uit het dorp het? Kent u iemand die het kan? Zo breiden we steeds verder uit. De inzet is er volledig op gericht om iemand in staat te stellen het te kunnen oplossen. Dat is het antwoord. Anneke Visser-Veltkamp
Dank u wel, portefeuillehouder. Mevrouw Visser. Dank u wel, voorzitter. Aanhakend op wat de portefeuillehouder net heeft aangegeven, meld ik dat de PvdA pro Texel blij is met deze integrale verordening. Dat omdat er integraal gewerkt wordt door de medewerkers van het sociaal domein. Het is voor hen prettig dat zij kunnen werken volgens een door de gemeenteraad vastgestelde verordening. Misschien nog belangrijker, voor onze inwoners zal het prettig zijn dat zij de diverse onderdelen en wetten die vallen binnen het sociaal domein niet of minder hoeven te voelen. Zij hoeven met hun problemen niet langs meerdere personen of loketten. Ze hoeven niet meerdere keren hetzelfde verhaal te doen. Dat vinden wij met name prettig omdat de laatste tijd is steeds vaker in het nieuws is dat er vaak sprake is van meervoudige problematiek binnen één gezin. Wij hebben ook vragen. Vorige maand is de gemeentelijke monitor Sociaal Domein vernieuwd. Ook Texel neemt deel aan deze monitor. Volgens de VNG biedt deze monitor nieuwe inzichten in de ondersteuning van inwoners binnen het sociaal domein. Bijvoorbeeld over beschermd wonen en het gebruik van voorzieningen uit de Wmo, de Jeugdwet en de Participatiewet. Is het college door de vernieuwde monitor tot nieuwe inzichten gekomen? Als dat zo is, geven die nieuwe inzichten nu al aanleiding Voorzitter raadscommissie
tot aanpassing van de voorliggende integrale verordening? Remko van de Belt
Dank u wel, mevrouw Visser. De portefeuillehouder. Nee, wij zijn nog niet tot nieuwe inzichten gekomen door deze monitor. De monitor bestaat al jaren. De VNG is blij dat er een nieuwe versie is die nog beter de cijfers duidt. Wij leveren aan en dat wordt door die monitoren geclusterd en gebonden. Dan kan je als raadslid goed zien wat er aan de hand is op het eiland en in de gemeente. Leidt dat tot nieuwe inzichten? Nee. Het meten en bekijken naar wat we aan het doen zijn in het sociaal domein is een continue zoektocht. Veel data-analisten zouden plezier hebben om dit goed vanuit de data te bekijken. We hebben te maken met schaarste in personeel en tijd. Hoeveel ga je daarin doen? Zeker in een gemeente zo klein als ons kunnen we ons beter kunnen richten op de kwaliteit. Kunnen we niet beter monitoren of mensen blij zijn met de voorziening of dat er een vervolgvoorziening moet komen of niet? We doen het. We praten veel op Texel. Ik denk dat wij beter weten wat er speelt met onze cliënten dan in andere gemeenten. Het kan altijd beter. Dit is een monitor waar wij naar kijken. We kijken naar alle dingen die we zien. Het is niet het geval Voorzitter raadscommissie
dat we er maximaal gebruik van maken. -Dank u wel, Niels Rutten
wethouder. Ik steek over naar meneer Rutten. Dank u, voorzitter. In het verlengde van de vraag van mevrouw Visser. Als we naar die integrale verordening kijken, staat er een soort belofte in van vermindering van bureaucratie en effectievere uitvoering. We vroegen ons af hoe je concreter kan maken wat het resultaat daarvan is richting de raad als er een tijdje met deze verordening gewerkt wordt. Is er iets van een nulmeting? Kunt u het inzichtelijk maken in bijvoorbeeld een programmarekening? Valt er iets over de doelmatigheid te benchmarken ten opzichte van andere gemeentes? Kunt u daar iets van terugkoppelen? We zien nu dat er verordeningen waren waar de organisatie niet mee uit de voeten kan. Remko van de Belt
Daarvan horen we nu dat er iets anders moet komen. Ik zou willen dat ik dit zou kunnen toezeggen. Ik zet deze mensen liever in op het verlenen van de zorg en het aangaan met de gesprekken met de cliënten. Dat in plaats van dat gaan bevragen op analyses. Ging dit beter dan de vorige keer? We zien dat dit een betere verordening is dan die we hadden. Het is werkbaarder voor het personeel. De vraag zal niet zijn of je er lekkerder mee kan werken. Doet dit iets voor de klant? Snapt diegene hem beter? Ik weet niet of het haalbaar is dat we zo een strakke nulmeting en analyse doen over een jaar. De verordening heeft dit opgeleverd. Ik zou daar geen voorstander van zijn op dit moment. Laten we eerst werken met deze verordening. Laten we kijken hoe het loopt. We kunnen u af en toe vertellen over de nieuwe verordening. Dit zijn de ervaringen die we daar opdoen. Die zullen niet wetenschappelijk in vaten gegoten zijn. Dat vraagt te veel van onze organisatie Voorzitter raadscommissie
op dit moment. -Dank u wel, portefeuillehouder. Jur Schuiringa
De heer Schuiringa. -Dank u, voorzitter. We hebben een tijdje terug een uitgebreide presentatie gehad bij de regionale raadscommissie in Den Helder. Ik was onder de indruk van de bevlogenheid van alle medewerkers die ermee bezig waren om naar een integrale regeling te komen. Zoals in het algemeen bekend is, gaat het niet om één probleem. Je krijgt één probleem om op te lossen. Er is een probleem en
dat is gezin. Dat gaan we met één aanpakken. Anders krijg je tien hulpverleners over de vloer. Dat schiet niet op. Ik heb nog een vraag omtrent de integratie van de nieuwe WIA in de nieuwe Participatiewet ten opzichte van de sociale werkplaats. Voorzitter raadscommissie
Heeft u enig bericht dat het de mogelijkheden verbeterd? Remko van de Belt
Dank u wel, meneer Schuiling. Een stukje inhoudelijk en een vraag voor de wethouder. -Een kleine, brede vraag. Jur Schuiringa
Ik begrijp niet helemaal wat u bedoelt. Kunt u hem verduidelijken of schriftelijk stellen? -Er is een landelijke aanpassing gemaakt aan de Participatiewet en aan de WIA. Die moet nog geïntegreerd worden in het beleid van de gemeente. Bijvoorbeeld ten opzichte van De Bolder. Voorzitter raadscommissie
Is die doorgevoerd of krijgen we daar nog iets van? Remko van de Belt
Daar zal ik schriftelijk op terugkomen. Voorzitter. Hier heb ik nu geen antwoord op. -Dat vermoeden had ik al. Cees Hoogerheide
Dat gaat goed komen. Meneer Hoogerheide. -Dank u wel, voorzitter. Ik heb lang na kunnen denken. Zal ik mijn opmerking plaatsen? Lang geleden ben ik aan het woord geweest. Toen zei één van de raadsleden dat ik moest terugkijken. Dat was zeer zinvol. Nu zeg ik dezelfde woorden, Voorzitter raadscommissie
positief bedoeld, tegen de wethouder en mevrouw Dros. Veronne Koot
Dank u wel, meneer Hoogerheide. Mevrouw Koot. De vraag is of wij instemmen met de integrale verordening. Dat lijkt me een uitstekend plan. Mijn steun heeft u. Ik heb er een korte vraag over. Het is een verordening met een nieuwe werkwijze. Die doen jullie al een tijdje. Er wordt niet alleen naar de regels gekeken, maar vooral naar de bedoeling van de wetten en de kernwaarden van de gemeente. Aldoende moeten we uitvinden hoe dit uitpakt. Ik ben ervan overtuigd dat iedereen vol goede moed van start gaat. Het is onzeker hoe het gaat werken, ook financieel. Daar gaat mijn vraag over. In de verordening staat duidelijk dat het een open einde regeling is. Gezien de nieuwe werkwijze en de nieuwe benadering, zou het verstandig zijn om een soort financiële afbakening mee te geven? Voorzitter raadscommissie
Hoe kijkt de wethouder hier tegenaan? -Dank u wel, mevrouw Koot. Remko van de Belt
De wethouder. -Daar kun je op verschillende manieren naar kijken. De Jeugdwet is per definitie een open einde regeling. Daar zit nooit een einde aan. Wij zullen altijd die hulp moeten bieden. De andere wetten hebben daar meer mogelijkheden toe. Er zijn gemeentes die een plafond hebben. Die zeggen dat er maar zoveel uitgegeven mag worden aan Wmo. Het is niet wie het eerst komt, wie het eerst maalt. Daar wordt strakker gekeken naar wat er gebeurt. Dat heeft u op Texel niet. U zegt: als wij vinden dat we de zorg moeten bieden zoals die door de wet geboden kan worden, dan moeten we die bieden. In die zin is het een open einde regeling. Wat wij met zijn allen proberen, is die kosten beteugelen. Dat doen we door niet iedereen lukraak een beschikking toe te sturen. We stellen eerst de vraag of ze het zelf op kunnen lossen. Kan de omgeving het oplossen? Kan iemand anders het voor u oplossen? Kan het een collectief aanbod zijn in plaats van een individuele beschikking? In plaats van dat u zelf een gesprek heeft met iemand die u helpt, kunt u dat in groepsverband doen. Dat scheelt in de kosten. Misschien helpt het u meer. We beteugelen de kosten en helpen de gesprekken die op basis van de verordening kunt doen Voorzitter raadscommissie
met cliënten. -Dank u wel, wethouder. Dat waren veel vragen. Zijn er nog mensen? Er is al wat inhoudelijk over gezegd. Zijn er partijen Astrid van de Wetering
die nog wat inhoudelijk willen toevoegen? Mevrouw Van de Wetering. Ik doe het kort. Ik heb geluisterd naar het enthousiasme van de wethouder. Ik deel zijn enthousiasme. Ik heb de vragen gehoord Voorzitter raadscommissie
van andere partijen. Persoonlijk ben ik erg blij met wat hier ligt. -Dank u wel mevrouw Van de Wetering. Jacquelien Dros
Dat is altijd goed. Mevrouw Dros. -Misschien heeft u mij niet goed verstaan. U heeft mij goed verstaan. Dat heeft u gezegd. Een aantal zaken zijn genoegzaam beantwoord. De zorgen met wat de consequenties zijn met betrekking tot de GGD deelt u. U toont bereidheid om daar naar te kijken, ontvankelijk voor te zijn en op in te spelen. Dat is prachtig. Ik realiseer me dat één vraag van daarnet nog niet beantwoord is. Dat komt waarschijnlijk doordat dit een besluit is tot goedkeuring van deze integrale verordening als juridisch stuk. Dat ging over dat stukje communicatie met de betrokkenen. Zij gaan geïnformeerd worden. Hebben zij nog zeggenschap om daar wijzigingen in aan te brengen? Ik denk dat het antwoord 'nee' is, omdat het de juridische verordening betreft. Hun informatie is meer voor dat werkdocument en wat in de toekomst gaat plaatsvinden. Remko van de Belt
Die vraag heb ik tussen de regels door beantwoord gekregen. Ik hoop dat er nog wel naar die kleine dingen gekeken kan worden. Volgens mij zijn bepaalde zaken die ik noemde vrij eenvoudig door te voeren. Dat geldt meer voor de bijlages dan het juridische document wat voorligt. -Dank u wel, mevrouw Dros. Wilt u daarop reageren? -We gaan kijken wat we kunnen doen binnen de mogelijkheden, maar het zal zeer beperkt zijn. Uw vraag was of de belanghebbenden in het werkveld opmerkingen/aanvullingen kunnen doen. We hebben de adviesraad Sociaal Domein gevraagd om goed naar deze verordening te kijken. Dat is onze geëigende partner hierin. Dat hebben ze
gedaan. Ze hebben een waslijst aan opmerkingen gegeven. Daarvan is een groot deel overgenomen. In die zin hebben wij het werkveld betrokken en zijn daar aanpassingen op gedaan. Niels Rutten
Dank u wel, wethouder. De heer Rutten had ook een stukje. Dank u, voorzitter. Een aantal maanden/weken geleden hebben we een presentatie gehad van medewerkers van het sociaal team over hoe zij werken met de verordeningen en waar ze tegenaan lopen. Dat heeft voor ons voor veel helderheid gezorgd. Wij zijn voorstander van de integrale aanpak die u nu voorstelt. Op deze manier werken, lijkt ons een goed idee. Daar zult u van ons geen kritische opmerkingen over horen. We houden wel graag de vinger aan de pols. Levert het op wat we ervan verwachten? Gaat het de goede kant op? Is het werkbaar? We zijn blij met wat de wethouder op onze vragen zei. Zij houden dat in de gaten. Ze gaan dat terugkoppelen. Wat ons betreft hoeft dat niet separaat. Dat kan in de bestaande stroom van informatie meegaan. Dat lijkt me efficiënt. Ik wil alles zo wetenschappelijk mogelijk onderbouwen. Ik doe niets liever. Het gaat niet om het meten en produceren van getallen. Het gaat erom wat dit ons zegt. Kunnen we hier concreet iets uithalen? Dat is een veel interessantere vraag. Ik heb het idee dat de wethouder dat ook ziet en begrijpt. We willen hier niet zien wat wij steeds in de krant lezen. Een sterk bestuur. We willen hier vooral een sterke, goed Voorzitter raadscommissie
geoliede uitvoeringsorganisatie zien. -Dank u wel meneer Rutten. Zijn er nog mensen die wat willen toevoegen? Ik weet dat er een aantal dingen schriftelijk beantwoord worden. Het is het aannemen van een verordening waar weinig in veranderd kan worden. Ik denk dat het bijna een hamerstuk zal worden. Er is altijd ruimte voor vragen als er dingen binnenkomen. Hamerstuk of bespreekstuk? Bespreekstuk? Hamer. Dank u wel. Dan gaan we naar het volgende punt.
9 Benoeming nieuw lid Raad van Toezicht OSG De Hogeberg Voorzitter raadscommissie
Benoeming nieuw lid Raad van Toezicht OSG De Hoge Berg. Dit advies gaat over de voordracht en de benoeming van een nieuw lid van de Raad van Toezicht van OSG De Hoge Berg. Het huidige lid verlaat op persoonlijke titel de Raad van Toezicht, waardoor een vacature ontstaat. De gemeenteraad is bevoegd tot het nemen van het besluit tot benoeming van het nieuwe lid. Er staan in de stukken meer dingen. Zijn er mensen met inhoudelijke vragen? Dat vermoedde ik al, maar ik vraag het toch even. Dan wordt het een hamerstuk. Ik zal hem als zodanig doorgeven. Het volgende punt ter bespreking
10 Ter bespreking, motie GroenLinks met als titel: Invoering van de Baby Groente Tas Voorzitter raadscommissie
is een motie van GroenLinks met als titel 'invoering van de baby groentetas'. Dat is een nieuw stuk in de agenda. Het was eerst een aankondiging, nu is het een motie. Ik zou graag het woord willen geven Henry Soyer
aan GroenLinks om dit verder te duiden. Meneer Soyer. Dank u wel, voorzitter. De baby groentetas. De eerste aanleiding van deze motie was een uitzending van de Keuringsdienst van Waarde begin dit jaar met de titel 'Babyvoeding en Bestrijdingsmiddelen'. Zijn kant en klare potjes veiliger dan zelf koken? Daarin stond een reguliere groenteteler in zijn veld met wortelen en werd hem gevraagd: zou u dit aan uw eigen baby geven? Het antwoord was een hartgrondige 'nee'. Voor kinderen tot drie jaar moeten de waarde van bestrijdingsmiddelen vanuit de Europese Unie tussen de vijf en in het geval van spinazie 5000 keer lager liggen dan bij regulier groente en fruit. Zelf koken, ja. Niet met groenten van de groenteboer of supermarkt, maar met biologische groenten van Ekoplaza of Novalis. De tweede aanleiding waren de reportages op de tv over de baby groentetas van eind augustus. Toen we ons daar verder in gingen verdiepen, bleken er zeventien gemeentes aan mee te doen. Nog specialer was dat de provincie en acht gemeentes in Noord-Holland er al aan meedoen. Dat zijn er twee meer dan in de motie staat. Wat is die baby groentetas? Het is een vorm van nudging. Ik heb een Nederlands synoniem opgezocht. Dat is een duwtje in de goede richting geven. Iets uitgebreider: subtiele beïnvloeding zonder dwang, waarbij mensen onbewust worden gestimuleerd om een bepaald gedrag te vertonen.
Die baby groentetas. Alle ouders van baby's tussen de vier en twaalf maanden worden uitgenodigd om gratis gedurende acht weken een groentetas te ontvangen. Daarin zitten twee biologische groentes, een recept door kinderdiëtisten en materialen om de groentehapjes in te kunnen vriezen voor later gebruik. In de praktijk eten baby's niet zoveel, dus de ouders kunnen ook een beetje mee-eten. Uit onderzoek blijkt dat in de deelnemende plaatsen 80% van de ouders deelneemt. Het zijn niet alleen hogeropgeleide ouders. Na die acht weken gaat het overgrote deel ermee door. Het past goed in ons gemeentelijke gezondheidsbeleid. Preventie is de basis. De kosten zijn beperkt, waarschijnlijk onder de €10.000. Het mooiste is om dit met de vier Noordkop gemeenten te doen. Voor ons telt vooral doorpakken. Voor eind volgend jaar operationeel. Uiterlijk januari 2027 de eerste baby groentetassen Voorzitter raadscommissie
bezorgd bij de ouders. We hopen dat u ons steunt. Dank u wel. Dank u wel, meneer Soyer. Dat is een offer you can't refuse. Erik Polderman
Zijn er mensen die vragen hebben aan de heer Soyer van GroenLinks? Meneer Polderman. -Dank u, voorzitter. Ik neem aan dat het niet de bedoeling is dat er elke week Henry Soyer
een invriesbakje en staafmixer meegaan in de tas? Ik heb het op de website bekeken. Er staat er niet expliciet bij Erik Polderman
dat het niet gebeurt, maar ik ga ervan uit dat het niet gebeurt. Voorzitter raadscommissie
Het is eenmalig. -Laten we duurzaam blijven met zijn allen. Anneke Visser-Veltkamp
Wecken. -Iemand anders nog een vraag? Mevrouw Visser. -Ik moet bekennen dat ik geen held ben in de keuken. Met twee soorten groenten per week verwacht ik dat er voor de variatie extra groente aan toegevoegd gaan worden. Lopen we niet het risico dat daar geen biologische groenten bij gekocht worden door met name gezinnen met een wat lager inkomen? Is het niet juist omdat ze die groenten krijgen, dat ze hun baby met die schadelijke stoffen belasten doordat ze zelf Henry Soyer
groenten toevoegen? -De heer Soyer. Ik ben er niet bang voor. Er worden diepvriesbakjes gecreëerd. Ik weet niet hoeveel vakjes erin zitten, maar ik denk een stuk of 20 zijn. Het gaat steeds om zo een blokje. Dat betekent dat er in de loop der weken een hele voorraad ontstaat. Ik verwacht dat in het receptenboekje goede tips staan. Ik heb ze niet nagekeken. Er zit een stevige organisatie achter die vanaf 2021 hiermee bezig is. Ik ga er vanuit dat het goed komt. Voorzitter raadscommissie
Het gaat in ieder geval beter dan wanneer je het zelf klaarmaakt. Veronne Koot
Dank u wel, meneer Soyer. We krijgen er ook een vriezer bij. Mevrouw Koot. -U zet me op het verkeerde been. Ik had uw motie gelezen. Ik kende het landelijke verhaal. Ik was positief gestemd. Vervolgens begrijp ik dat u wilt dat het met biologische groentes gevuld moet gaan worden, omdat de andere groentes gevaarlijk zijn voor baby's en kleine kinderen. Henry Soyer
Ik haak af als dit de boodschap is die u ons gaat meegeven. Voorzitter raadscommissie
Meneer Soyer, legt u dat uit? -Als je zelf veilig groentehapjes wilt maken voor een jonge baby en je hebt geen toegang tot biologische groenten, dan is het verstandiger om Olvarit potjes kopen. Met name voor een jonge baby. Het maakt verschil of die zes/zeven/acht jaar oud is of één/twee/drie. Dat is veiliger. Op het moment dat je spinazie zou gebruiken uit de winkel, dan heb je een grote kans dat er 5000 keer meer bestrijdingsmiddelen in zitten dan wat de Europese Unie geschikt acht voor baby's. Je zou hier een Texelse variant kunnen doen. Als je aansluit bij de baby groentetas als project, dan komen de producten met een Skal of Demeter logo. -Dat is een duidelijke uitleg. Veronne Koot
Mevrouw Koot, heeft u nog een vervolgvraag? Ik kan dat niet terugvinden in de motie. Er wordt nergens gezegd dat het specifiek gaat over het geven van biologische groentes aan baby's. Het gaat alleen over het belang dat baby's al snel groenten leren eten Voorzitter raadscommissie
en waarderen. -Dan ben ik blij Joost Albers
dat ik het nu toegelicht heb. -Mooi. Dat is toegelicht. Meneer Albers. We gaan zo inhoudelijk in op de motie. Ter verduidelijking voor mevrouw Koot. Ik had niet gedacht dat ik op een woensdagmiddag in de Olvarit potjes zou duiken. Verrassingen zijn er. Dat is alleen maar leuk. Biologische groenten zijn volgens de motie, de literatuur en de projecten 100% veilig. Daar zou niets mis mee zijn. Dat is groente één. Groente twee zijn groenten die op babyveldjes staan. Daar hebben ze zelfs een fictieve naam voor bedacht. Dat zijn die spinazieplantjes met 5000 keer minder bestrijdingsmiddelen. Dat zijn de groenten die de Olvarit potjes ingaan. Voor de rest heb je groenten die wij in de supermarkt kopen. Dat zijn groenten waar mogelijk meer bestrijdingsmiddelen in zouden zitten. Als je de groenten uit de supermarkt door je blender haalt, zou je in theorie de groenten met de hoogst mogelijke bestrijdingsmiddelen aan je kinderengeven. Voorzitter raadscommissie
Dat is ter verduidelijking. Ik wacht op mijn inbreng voor het inhoudelijke gedeelte. -Dank u wel, meneer Albers. Het gaat ver bij de motie vandaan. Het wordt duidelijker. Ik dacht dat het een korte zou zijn, maar dat wordt het niet. Wethouder, had u nog Remko van de Belt
een opmerking hierover? -Die heb ik. Ik zal het niet over de details gaan hebben van wat er in een potje zit. De baby groentetas is ook bij de gemeente Texel bekend. We hadden het over het integraal zorgakkoord. Daar is geld voor gekomen. Daar gaat het over een kansrijke start. Het gaat over de eerste duizend dagen van een kind. Daar zitten een aantal onderwerpen in die erkende interventies zijn. Die mag je toepassen. Je krijgt geld als je die zou toepassen. Eén daarvan is de baby groentetas. Er wordt al een jaar over gesproken in regionaal verband hoe we dat moeten organiseren. De eerlijkheid gebiedt te zeggen dat dat niet op gang komt. Ik denk dat alle vier de gemeentes het willen, maar dat het ontbreekt aan tijd en urgentie om daarmee aan de slag te gaan. Deze motie helpt mij enorm om er in de regio wat druk op te zetten. Niet alleen vanwege die baby groentetas, maar het geheel van alle maatregelen rondom een kansrijke start en hoe we daar met zijn allen mee omgaan. We willen allemaal dat jonge kinderen van minder dan negen maanden tot twee jaar een goede start krijgen. Ouders moeten daarbij worden ondersteund. Dat is best ingewikkeld. Ouders blijken daar steeds meer moeite mee te hebben. Een baby groentetas is één van de interventies die helpt en effectief bewezen is als onderdeel van opvoedondersteuning. Ik begrijp dat dit in de motie zit.
Het is overgenomen uit de samenvatting van het GGD-rapport. Het is al lang zo dat slechts 58% van de kinderen dagelijks groenten eet. Als je naar de cijfers kijkt, blijkt het niet zo te zijn. In 2021 was het nog maar 42%, dus er is blijkbaar verbetering in het groentegedrag van onze kleinsten. Laten we stellen dat 58% nog steeds weinig is. Alles wat eraan bijdraagt om kinderen gezond te laten eten en ouders helpt om creatief met die gedachte om te gaan, juich ik toe. De motie zal mij daarbij helpen. Ik heb op de groentetas gekeken. De staafmixer en de bakjes waarin het klaargemaakt wordt komen maar één keer mee. De groenten zijn biologisch en komen zoveel mogelijk bij lokale telers en boeren vandaan. Ik weet niet of die telers Voorzitter raadscommissie
van het eiland komen, maar ik heb het wel over de regio. Dat is duidelijk. Zijn er mensen die inhoudelijk Anneke Visser-Veltkamp
iets hierover willen zeggen? Mevrouw Visser. Ik vroeg me af of er ook een instructie bijzit dat je het niet mag aanvullen met een bos wortelen Remko van de Belt
van de willekeurige supermarkt op de hoek. -We moeten niet zelf gaan bedenken hoe die groentetas eruit zou zien. Dit is een organisatie die hier al lang mee bezig is. Die wordt van alle kanten bekeken en heeft zelf initiatieven. Ik ga ervan uit dat dit een organisatie is die weet wat ze doen. Daarom zou ik willen pleiten dat ik zoveel mogelijk ruimte krijg, zodat ik dit regionaal op kan pakken. Voor je het weet zeggen we dat we dat op Texel zelf moeten doen. Dat lijkt één jaar goed te gaan en daarna is het ingewikkeld om het vol te houden. Ik heb liever een organisatie Voorzitter raadscommissie
die erkend is in dit product dan eigen oplossingen. Mariët van der Werf
Dank u wel wethouder. Mevrouw Van der Werf, zag ik u uw vinger opsteken? U heeft u het woord. Dank u, voorzitter. Ik zit te bedenken hoe ik mijn vraag ga formuleren. Ik snap niet hoe die potjes bij de gezinnen terecht gaan komen. Wie monitort dat? Als ik het goed begrijp wordt het door een [onhoorbaar 03:10:03] iets gedaan. Hoe komen ze hier op Texel terecht? Wie zorgt dat het Voorzitter raadscommissie
bij de juiste gezinnen terechtkomt? Henry Soyer
Ik wilde daar graag twee antwoorden op geven. Het eerste antwoord is dat ze op postcodegebied door de organisatie worden afgeleverd. Daarna is het de bedoeling dat de organisatie kijkt hoe het verder kan. Ik heb het uitgerekend. Het gaat ongeveer om tussen de vijf en tien tassen per week. Ik heb ook gepolst bij een andere organisatie waar ik druk mee bezig ben, namelijk Tafeltje Dekje. Die organisatie rijdt 30 dagen in de maand rond op het eiland om pakken af te leveren. Dat betekent dat er bij elke rit misschien één of twee tassen bij komen. We hebben 120 geboortes. Hoe zouden er maar vijf tassen komen? Het is maar acht weken voor die 120 geboortes. Het is van vier tot twaalf maanden. Het gaat over zestig potentiële ouders die eraan mee kunnen doen. Die kunnen er maar acht weken aan meedoen. Voorzitter raadscommissie
Het gaat over een probleem. Ik wil ze het eerste jaar wel rondbrengen. Mariët van der Werf
Dat is geregeld. Mevrouw Van der Werf, u heeft net een vraag gesteld. Ik heb daardoor nog een vraag. Moeten de gezinnen zichzelf opgeven? Ik hoor mevrouw Van de Wetering HelloFresh zeggen. Ik vraag me af of dat bij de mensen terechtkomt Voorzitter raadscommissie
die dat willen en nodig hebben. Henry Soyer
Dank u wel. De heer Soyer. -Dank u wel. Het kennis geven gaat vooral via de consultatiebureaus, de verloskundige en dergelijke. Je moet je zelf opgeven. Je moet aangeven wanneer je baby geboren gaat worden of wanneer die geboren is. Dan moet je aangeven in welke gemeente je woont en of de gemeente meedoet. Als de gemeente meedoet, dan kun je meedoen. Ik wil nog één ding eraan toevoegen. Ik ga uit van vertrouwen. Ik ga er niet van uit dat mijn buurman, ongehuwd en zonder kinderen, Voorzitter raadscommissie
acht weken lang een tas aan zijn deur wil krijgen. Joost Albers
Dan heeft hij wel goed te eten. Meneer Albers? Je weet het nooit. We hebben de motie besproken. Wij gaan er niet in mee. Ik zal uitleggen waarom. De heer Soyer geeft in zijn eigen definitie van het project weer waar wij tegenaan lopen. Dat is het sturen van gedrag. Blijkbaar heeft GroenLinks de neiging om ook achter de voordeur het gedrag van mensen te willen sturen. Het leek op een reclamespot voor de Ekoplaza en Novalis. Ik neem aan dat dat dat niet de bedoeling was. De vraag die wij bij onszelf neer hebben gelegd, is of dit een taak is voor de gemeente. De operationele uitvoering. Voorlichting en ondersteuning gebeurt op de basisschool. Het gebeurt steeds meer op kantoren waar fruitmanden staan of groentemanden. Dat zou een effect kunnen hebben op het eten van groenten thuis. Dat haalde de heer Van de Belt net aan. Voor ons is dit geen primaire taak voor de gemeente. Het is een soort bemoeienis met de eigen verantwoordelijkheid van de burger. Misschien is het een beetje betutteling. Het is het sturen van gedrag achter de voordeur. Daar zijn wij geen voorstander van. Voorzitter raadscommissie
Wat ons betreft zijn daar andere mogelijkheden voor in onderwijs of op andere plekken. -Dank u wel, meneer Albers. Astrid van de Wetering
Wilt u daarop reageren? Eerst mevrouw Van de Wetering. Ik zag haar haar vinger opsteken. -Ik vind dit een beetje vreemd. Een goede start voor een baby. Gezonde voeding. Biologisch. Kinderen die in aanraking komen met groenten. Ik zie hier werkelijk niets negatiefs in. Je mag je zelf opgeven. Het is vrijwillig. Ik zie het sturende gedrag niet. Ik zie alleen wat de wethouder zei. Ik kan het steuntje in de rug gebruiken. Ik denk dat het voor een aantal gezinnen een welkome aanvulling zou zijn. Zeker de recepten die erbij zitten. Het geeft mensen iets meer. Ik snap niet dat de VVD zo een lief initiatief Henry Soyer
niet zou willen ondersteunen. -Dank u wel, mevrouw Van de Wetering. Meneer Soyer. -Bewezen effectief. Preventie is de basis. Je komt niet achter de voordeur. Je komt aan de voordeur. Je komt aan de voordeur, omdat de mensen gevraagd hebben of je aan hun voordeur wilt komen. Voorzitter raadscommissie
Achter de voordeur vind ik té. -Dank u wel, meneer Soyer.
Anneke Visser-Veltkamp
Mevrouw Visser. -Wij vinden het een mooi initiatief. We willen vooral met het initiatief meegaan omdat de wethouder aangeeft dat hij het kan gebruiken als duwtje in de rug voor iets waar we in de regio al langer mee bezig zijn. Het komt nog niet van de grond. Uit het feit dat er in de regio al langer aan gewerkt wordt, blijkt voor ons Voorzitter raadscommissie
dat het een taak van de gemeente is. -Dank u wel, mevrouw Visser. Veronne Koot
Mag eerst mevrouw Koot? Mevrouw Koot. -Ik was enthousiast over deze motie. Zoals mijn buurvrouw zegt is het goed om mensen te helpen kinderen zo vroeg mogelijk groenten te geven. Ik haak een beetje af. Er komt waarschijnlijk een brief bij. U heeft nu acht weken biologisch gegeten. Denk erom, u mag geen andere groentes geven, want daar zit te veel gif in. Dat is wat ik begrijp uit het biologische verhaal. Dat hoor ik net. Voorzitter raadscommissie
Dat gaat mij te ver. Daar heb ik problemen mee. Dank u wel, mevrouw Koot. Het ene heeft u niet gelezen. Ik heb dat ook niet gelezen. Ik wilde de wethouder het laatste woord geven. Henry Soyer
U moet snel zijn. -Het kan snel. U gaat ervan uit dat er zo een brief in zit. Ik denk dat de wethouder wil navragen of er zo een brief in zit. Ten tweede. Nu komt het punt van de VVD aan de orde. Mensen kunnen zelf ervoor kiezen om van de Albert Heijn, de markt, de groentetuin of Ekoplaza eten te nemen. Voorzitter raadscommissie
Dat is de eigen verantwoordelijkheid. -Na het noemen van deze merken Remko van de Belt
wil ik de wethouder het laatste woord geven. Los van de inhoud van de motie. De wethouder is zeker niet van plan om dit soort dingen te gaan checken. Dat mag de indiener van de motie zelf doen. Wij hebben als gemeente het integraal zorgakkoord getekend. Ook het vervolg daarop. Daarin staat dat wij met zijn allen in Nederland er alles aan zullen doen de zorgvraag in Nederland te beteugelen. Dat begint bij nul. Dat begint al daarvoor. Wilt u zwanger worden? Daar zit een totaalpakket aan mogelijk preventieve maatregelen bij die je in je regio of gemeente kunt toepassen. Die moeten bewezen effectief zijn, anders krijg je er geen geld voor. Dit is er één van. Valpreventie. Daar zijn we enthousiast over. Dat vonden we eerst behoorlijk betuttelend. We gaan u leren vallen. Dat is precies zo een maatregel, maar dan voor senioren. Het gaat hier niet over betutteling. Het gaat over de opdracht die wij met zijn allen hebben bij het integraal zorgakkoord. Dat is om de zorgvraag te beteugelen. Dat doen we als gemeente door het inzetten van preventieve maatregelen. Voorzitter raadscommissie
Dat is de opdracht van de wetgever. Ik denk dat we hier genoeg over gezegd hebben. U kunt straks erover stemmen als de motie ingediend wordt. Ik wil verder naar het volgende agendapunt.
11 Overzicht brieven aan de raad Voorzitter raadscommissie
Punt elf. Dat is het overzicht brieven aan de raad. Die zit er weer bij. Het [onhoorbaar 03:18:51] advies van de griffie wordt maandelijks op de agenda van de raadscommissie geplaatst ter bespreking. Het overzicht grijpt steeds een maand terug met als ijkpunt de laatste raadscommissie. Zijn er nog vragen, opmerkingen of wat dan ook hierover? Ik hoor wat op mijn linkerkant, maar ik kan niet duiden wat het is. Het document schijnt erbij te hangen. De langetermijnplanning. Zijn daar nog vragen en/of opmerkingen over? Nee? Fijn. Dan gaan we naar het mondeling beantwoorden van rondvragen commissie,
13 Mondelinge beantwoording Rondvragen Commissie (voor zover niet reeds beantwoord) Voorzitter raadscommissie
voor zover niet reeds beantwoord. Volgens mij waren die beantwoord.
14 Sluiting Voorzitter raadscommissie
Dan ga ik over tot sluiting.
Raadscommissie Dossiernummer Extern Zaak ID Vertrouwelijk Vergaderdatum Agendapunt Titel Organisatieonderdeel Portefeuillehouder Aanleiding
2383 3615886 Nee 3 september 2025 5 Bindend advies aanvraag stacaravans voor huisvesting tijdelijke personeel Krimweg 44 Beleid & Vergunningen (VTH) C. Heijne-Dros Overig
Bijlagen Bestuurlijk advies Bijlage 1. Publiceerbare aanvraag 2025010300503_001 Bijlage 2. Ruimtelijke onderbouwing BOPA Krimweg 44 250424 Bijlage 3. Situatietekening Concept-raadbesluit - 3615886 - Bindend advies aanvraag stacaravans voor huisvesting tijdelijke personeel Krimweg 44 Geagendeerd
Vergaderdatum
Raadscommissie
3 september 2025
Raadsvergadering
17 september 2025
Toelichting De exploitant van Strandpaviljoen Paal 28 heeft gevraagd om voor een periode van 10 jaar een omgevingsvergunning te verlenen voor de plaatsing van 10 stacaravans voor de huisvesting van tijdelijk personeel op het perceel Krimweg 44 in De Cocksdorp, dat van dezelfde eigenaar is. Dit is een voortzetting van de situatie van de afgelopen 10 jaar, waarvoor een tijdelijke vergunning was verleend. De voortzetting is echter in strijd met het omgevingsplan en de afspraken die voor dit perceel zijn gemaakt. Er is een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit (bopa) aangevraagd. Om een besluit te kunnen nemen op de aanvraag is een bindend advies van de raad nodig. Voorgesteld wordt de gevraagde medewerking niet te verlenen.
Advies Zaaknummer
3615886 1
Bindend advies aanvraag stacaravans voor huisvesting tijdelijk personeel Krimweg 44 Programma 8 Goed wonen 8.1 Ruimte en leefomgeving Advies Voorgesteld wordt te besluiten: 1. Niet mee te werken aan de verlenging van de termijn voor plaatsing van 10 stacaravans voor de huisvesting van tijdelijk personeel van Strandpaviljoen Paal 28 op het perceel Krimweg 44 in De Cocksdorp en de omgevingsvergunning die daarvoor is aangevraagd te weigeren. 2. De raad voor te stellen een bindend advies af te geven met de strekking om niet mee te werken zoals in besluitpunt 1 is aangegeven.
Toelichting De exploitant van Strandpaviljoen Paal 28 heeft gevraagd om voor een periode van 10 jaar een omgevingsvergunning te verlenen voor de plaatsing van 10 stacaravans voor de huisvesting van tijdelijk personeel op het perceel Krimweg 44 in De Cocksdorp, dat van dezelfde eigenaar is. Dit is een voortzetting van de situatie van de afgelopen 10 jaar, waarvoor een tijdelijke vergunning was verleend. De voortzetting is echter in strijd met het omgevingsplan en de afspraken die voor dit perceel zijn gemaakt. Er is een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit (bopa) aangevraagd. Om een besluit te kunnen nemen op de aanvraag is een bindend advies van de raad nodig. Voorgesteld wordt de gevraagde medewerking niet te verlenen.
Bijlagen 1. Aanvraag omgevingsvergunning 2. Onderbouwing - etfal 3. Siutatietekening
Consequenties
Personeel/Organisatie Juridisch Beleid Financieel
Inkoop/Aanbesteding Deregulering Majeure risico’s Beheer
Belanghebbenden Structuurvisie
Bindend advies aanvraag stacaravans voor huisvesting tijdelijk personeel Krimweg 44 Samenvatting Het college stelt voor niet mee te werken aan de verlenging van termijn voor de plaatsing van stacaravans voor de huisvesting van tijdelijk personeel op een perceel aan de Krimweg 44 in De Cocksdorp. Het college vraagt de gemeenteraad hiervoor een bindend advies af te geven en is voornemens de gevraagde omgevingsvergunning te weigeren. Aanvraag omgevingsvergunning De aanvraag omgevingsvergunning gaat over plaatsing van 10 stacaravans op het perceel ten behoeve van de huisvesting van tijdelijk personeel van Strandpaviljoen Paal 28 voor opnieuw een periode van 10 jaar. Op dit moment staan er al 10 stacaravans voor tijdelijk personeel op basis van afspraken en een vergunning uit 2015. Deze vergunning (ook met een looptijd van 10 jaar) eindigt deze zomer. De plaatsing van de stacaravans is in strijd met de regels van het omgevingsplan. Het plan kent geen mogelijkheid hiervan af te wijken. In de afgelopen 10 jaar heeft het college hieraan meegewerkt met een tijdelijke omgevingsvergunning op basis van de Wabo en de zogenaamde kruimelregeling. De kruimelregeling bestaat niet meer. Meewerken aan het plan? Van toepassing nu is de Omgevingswet en meewerken kan met een buitenplanse omgevingsplanactiviteit (bopa). Dit kan alleen als de gemeenteraad hiermee instemt.
Dat kan door een positief bindend advies af te geven. Alleen dan kan het college de vergunning verlenen. Om mee te kunnen werken aan de aanvraag moet er sprake zijn van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. Dit wil zeggen dat het plan moet passen in de omgeving en bijdraagt aan een goede leefomgeving. Daarvoor is bij de aanvraag een onderbouwing aangeleverd. Geconcludeerd wordt dat het geldende beleid niet voorziet in de huisvesting van tijdelijk personeel in stacaravans. Om planologische en landschappelijke redenen wordt dit als ongewenst beschouwd. Er is ook een alternatief mogelijk, namelijk inpandige huisvesting van tijdelijk personeel. Geconcludeerd is dat dat aangeleverde onderbouwing niet deugdelijk is en niet kan dienen als grondslag voor het verlenen van een bopa. Er is geen sprake van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. Daarom wordt voorgesteld niet mee te werken aan de aanvraag, zoals dat in vergelijkbare gevallen op andere plekken ook is besloten. Vervolgstappen Als de gemeenteraad een bindend advies afgeeft conform het voorstel van het college dan wordt de gevraagde omgevingsvergunning geweigerd. Tegen dit besluit kan bezwaar worden ingediend en daarna is nog beroep bij de bestuursrechter mogelijk.
In afwachting van de besluitvorming over de aangevraagde omgevingsvergunning wordt het niet redelijk gevonden om -midden in het hoogseizoen- te eisen dat de stacaravans worden verwijderd. Daarom heeft college besloten de stacaravans tijdelijk nog te gedogen.
Bindend advies aanvraag stacaravans voor huisvesting tijdelijk personeel Krimweg 44 Argumenten tot advies De exploitant van Strandpaviljoen Paal 28 maakt voor de huisvesting van tijdelijk personeel/seizoenspersoneel gebruik van stacaravans die zijn geplaatst op een perceel aan de Krimweg 44 in De Cocksdorp. Dit perceel is eigendom van de exploitant. Deze situatie bestaat al geruime tijd. Na diverse juridische procedures, onder andere naar aanleiding van de vaststelling van het bestemmingsplan Buitengebied Texel 2013, zijn er afspraken gemaakt met de exploitant. In het vervolg van dit advies wordt daar nader op ingegaan. Uitkomst is dat er een omgevingsvergunning is verleend voor de huisvesting van het tijdelijk personeel in de stacaravans op het perceel voor een periode van maximaal 10 jaar. Deze termijn eindigt op 23 juli 2025. Exploitant vraagt nu een omgevingsvergunning aan om die periode nogmaals met 10 jaar te verlengen. De eerdere omgevingsvergunning is verleend op basis van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) in combinatie met Bijlage II van het Besluit omgevingsrecht. In die bijlage staat in artikel 4 dat het college bevoegd is omgevingsvergunningen te verlenen om voor een periode van maximaal 10 jaar van het bestemmingsplan af te wijken. Op deze grondslag is de vorige vergunning verleend. Een verlenging van de vergunning is niet mogelijk.
Daarom is een nieuwe omgevingsvergunning aangevraagd. Omdat sinds 1 januari 2024 de Omgevingswet van kracht is (opvolger van de Wabo) zijn de regels voor de vergunningverlening gewijzigd. Er is een omgevingsvergunning aangevraagd voor de activiteit afwijken van regels in het omgevingsplan. Dit is de buitenplanse omgevingsplanactiviteit (bopa). Hiervoor is het nodig dat de aanvraag wordt voorzien van een goede onderbouwing waaruit blijkt dat er sprake is van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties (‘etfal’). De vergunning kan door het college alleen worden verleend als de gemeenteraad een positief bindend advies afgeeft. Voor de (voortgezette) plaatsing van de stacaravans zijn ook andere vergunningen nodig, dit zijn de ‘bouwvergunningen’. Dit zijn onder de Omgevingswet de bouwactiviteit (omgevingsplan) en de bouwactiviteit (technisch). Deze vergunningen zijn nu nog niet aangevraagd. Feitelijke situatie Het perceel waarop de stacaravans zijn/worden geplaatst heeft in het (tijdelijk) omgevingsplan, deelgebied bestemmingsplan Buitengebied Texel 2103 en het Reparatieplan buitengebied Texel, nu de functie (bestemming) ‘Tuin’.
Situatie volgens bestemmingsplan Buitengebied Texel 2013:
Bij vaststelling van het bestemmingsplan heeft het perceel Krimweg 44 de bestemming ‘Wonen’ (het gele gedeelte) en ‘Bedrijf – opslag’ (het paarse gedeelte) gekregen. Op dat moment speelden er al diverse zaken over het gebruik van de schuur en de plaatsing van (sta)caravans. Tegen de vaststelling van het bestemmingsplan is beroep ingediend. Het beroep is voor dit perceel gegrond verklaard. Huidige situatie na vaststelling Reparatieplan buitengebied Texel:
In het Reparatieplan zijn de bestemmingen aangepast. Het paarse gedeelte is kleiner geworden en heeft een aangepaste bestemming gekregen, namelijk: ‘Bedrijf – Opslag ten behoeve van strandpaviljoen Paal 28’. In deze bestemming is inpandige huisvesting van tijdelijk personeel mogelijk. Ook het bouwvlak is aangepast. Het overige deel heeft de bestemming ‘Tuin’ gekregen. Aan de aanpassingen heeft een privaatrechtelijke overeenkomst tussen de gemeente en de exploitant uit 2015 ten grondslag gelegen. In de overeenkomst is ook opgenomen dat de gemeente voor ten hoogste 10 jaar meewerkt aan de plaatsing van stacaravans voor seizoenpersoneel. Dit werd gezien ‘de omstandigheden van het geval’ als een passende (tussen)oplossing gezien. Voor de stacaravans is een omgevingsvergunning aangevraagd. Deze vergunning is – van rechtswege – verleend. De vergunning is geldig tot en met 23 juli 2025.
Waarom afwijken van het omgevingsplan? De plaatsing van stacaravans in de functie ‘Tuin’ is niet toegestaan. Een tuin is ten behoeve van een (bedrijfs)woning die op hetzelfde perceel is gelegen. Gebouwen zijn in de functie ‘Tuin’ niet toegestaan. De stacaravans staan er permanent en zijn dan bouwwerken, tevens gebouwen. Ook de huisvesting van tijdelijk personeel is in de functie ‘Tuin’ niet toegestaan. Het omgevingsplan biedt geen mogelijkheden voor de plaatsing van stacaravans voor de huisvesting van tijdelijk personeel. Dit kan dan op twee manieren wel mogelijk worden gemaakt. Ten eerste kan dat met een wijziging van het omgevingsplan. Ten tweede kan medewerking worden verleend met een bopa. Met een bopa kunnen de regels van het omgevingsplan of de verbeelding echter niet worden gewijzigd. De bopa maakt het mogelijk om af te wijken van de regels of de verbeelding. Deze bopa is nu aangevraagd. De afwijking wordt gevraagd voor een nieuwe periode van 10 jaar. Om af te kunnen wijken van het omgevingsplan is het noodzakelijk dat wordt afgewogen of hier sprake is van een ‘evenwichtige toedeling van functies aan locaties’ (‘etfal’). Dit is de vroegere ruimtelijke onderbouwing. Er is een onderbouwing bij de aanvraag gevoegd. De aanvraag wordt behandeld met de reguliere procedure. De wettelijke beslistermijn hiervan is 8 weken. Verlenging van die termijn met 6 weken is mogelijk.
Onder de Omgevingswet kan er geen vergunning van rechtswege ontstaan. In dit geval zal deze beslistermijn niet worden gehaald. Wat gebeurt er op korte termijn met de stacaravans? Zoals is aangegeven is de huidige vergunningstermijn op 23 juli 2025 geëindigd. Op dat moment was de nieuwe vergunningaanvraag nog niet afgehandeld. Het college zal echter niet handhavend optreden en de bestaande situatie met een gedoogbeschikking laten voortbestaan totdat de vergunningaanvraag is afgehandeld. De gedoogbeschikking is verleend tot zes weken na bekendmaking van het besluit op de vergunningaanvraag. Dit wordt gezien als een redelijke termijn. Rekening wordt gehouden met het hoogseizoen, zodat niet midden in dit hoogseizoen de stacaravans hoeven te worden verwijderd. Na deze termijn moeten de stacaravans zijn verwijderd, tenzij de gemeenteraad een ander bindend advies geeft op de aanvraag dan voorgesteld. Is meewerken aan de aanvraag wenselijk? De aanvraag is niet positief beoordeeld. Beleid huisvesting tijdelijk personeel Onder tijdelijk personeel/seizoenspersoneel wordt verstaan: personeel dat over een arbeidscontract voor een periode korter dan een jaar beschikt. Dit staat in het omgevingsplan. In het omgevingsplan zijn twee specifieke mogelijkheden opgenomen om tijdelijk personeel te kunnen huisvesten: inpandig in een bedrijfsgebouw of in kampeermiddelen.
In diverse functies (bestemmingen) is de mogelijkheid opgenomen om eigen tijdelijk personeel inpandig te huisvesten. Hiermee kunnen in een (bestaand) bedrijfsgebouw woonverblijven worden gemaakt voor tijdelijk personeel. Dit kan met een omgevingsvergunning voor een zogenaamde binnenplanse afwijking. Aan deze mogelijkheid zijn voorwaarden gekoppeld, die hier nu onbesproken kunnen worden gelaten. De afwijkingsmogelijkheid is ook opgenomen voor het bedrijfsgebouw dat staat in de functie ‘Bedrijf – Opslag ten behoeve van strandpaviljoen Paal 28’. Dat is specifiek op verzoek van en in overleg met de eigenaar zo gedaan. Tijdelijk kon de opvang
in de stacaravans worden voortgezet, waarna de bestaande bebouwing verbouwd kon worden zodat daar de definitieve personeelsonderkomens gemaakt zouden worden. Verder is het mogelijk om tijdelijk personeel te huisvesten in kampeermiddelen. Dit kan in de agrarische bestemmingen op de plekken waar ook kamperen bij de boer mogelijk is. Ook dit kan met een zogenaamde binnenplanse afwijking. Opgemerkt wordt nog dat een stacaravan geen kampeermiddel is (volgens het omgevingsplan). In 2020 is de Nota Kansen en kaders huisvesting (tijdelijke) werknemers vastgesteld. Op basis hiervan is het mogelijk om naast het eigen tijdelijke personeel ook tijdelijk personeel van andere bedrijven te huisvesten. Deze Nota biedt echter geen ruimte om mee te werken aan de huisvesting van tijdelijk personeel in stacaravans. In de Woonvisie Texel 2024 ‘een eiland in balans’ is het volgende opgenomen over tijdelijk personeel. 1.4 Goede huisvesting voor seizoenpersoneel - Zorgen dat er voldoende huisvesting is voor seizoenpersoneel om economie te dragen - Seizoenshuisvesting mag niet ten koste van reguliere voorraad - Onderzoeken verruiming van bestaand beleid - Nieuw concept ‘werknemerscampus’ uitwerken In de uitwerking van het onderdeel Onderzoeken verruiming van bestaand beleid is niet opgenomen dat de verruiming van het beleid wordt gezocht in het huisvesten van tijdelijk personeel in stacaravans.
De woonvisie biedt dus geen aanknopingspunt om de aanvraag positief te beoordelen. In het geldende ruimtelijke beleid, zoals vastgelegd hiervoor geschetst, zijn uitdrukkelijk geen mogelijkheden opgenomen om (tijdelijk) personeel in chalets/stacaravans of andere losstaande woonunits te huisvesten. De plaatsing daarvan leidt tot een aantasting en verrommeling van het landschap, en past daarmee ook niet in het Beeldkwaliteitsplan. Daarnaast kan de plaatsing van stacaravans en het gebruik daarvan door tijdelijk personeel een nadelige invloed hebben op omliggende percelen. Vastgesteld moet worden dat aanvrager van de vergunning geen gebruik maakt van de inpandige huisvestingsmogelijkheden die er zijn. De huisvesting in de stacaravans was een tijdelijke oplossing, zodat op termijn gebruik kon worden gemaakt van inpandige mogelijkheden volgens het bestemmingsplan. Ook in andere vergelijkbare situaties is niet meegewerkt aan huisvesting van tijdelijk personeel in chalets/stacaravans. Dit geldt onder andere voor een soortgelijk verzoek van Kaap Noord voor een perceel aan de Vuurtorenweg. Afwijken van het beleid in onderhavige aanvraag leidt tot een ongelijke behandeling ten opzichte van eerdere initiatieven. Dat zal dan naar verwachting leiden tot meerdere verzoeken die dan waarschijnlijk ook positief moeten worden beoordeeld (precedentwerking).
Wanneer het gewenst zou zijn om het geldende beleid voor huisvesting van tijdelijk personeel te wijzigen, dan is het raadzaam eerst nieuw beleid te formuleren en vast te stellen. Gelet op de eerdere overwegingen wordt niet voorgesteld om het beleid op dit punt nu te wijzigen.
Voorgesteld wordt de uitwerking van de Woonvisie op dit onderdeel af te wachten. Dit onderdeel van de Woonvisie heeft een middelhoge prioriteit en de uitwerking is nog niet ingepland. Conclusie is dat het geldende beleid geen mogelijkheden biedt om mee te werken aan de plaatsing voor chalets voor de huisvesting van tijdelijk personeel. Aangeleverde onderbouwing (etfal) De aangevraagde omgevingsvergunning is voorzien van een onderbouwing (etfal). De onderbouwing is evenwel ontoereikend en niet deugdelijk om op basis daarvan medewerking te verlenen. Hierna worden de belangrijkste argumenten beschreven voor die conclusie. -
-
-
-
-
-
Beschreven is dat de huisvesting aansluit op de huidige beleidsuitgangspunten, c.q. past in het beleid. Dit is onjuist, zoals hiervoor ook is aangegeven. Geconcludeerd wordt dat de stacaravans goed landschappelijk zijn ingepast. Dit is echter niet het geval. In de winterperiode zijn de stacaravans namelijk duidelijk zichtbaar, ook vanaf de openbare weg. De in paragraaf 4.3 beschreven beeldkwaliteit schiet tekort en komt niet overeen met de beeldkwaliteit die volgens het Beeldkwaliteitsplan wordt gevraagd. De stacaravans passen niet in de beeldkwaliteitscriteria die voor deze locatie gelden. De uitleg van de provinciale regels, opgenomen in de Omgevingsverordening 2022 is op onderdelen onjuist. Zo ligt het perceel in het landelijke gebied en niet in ‘bestaand stedelijk gebied’. Gevolg daarvan is dat er geen (nieuwe) stedelijke functies, zijn toegestaan. Daaronder vallen ook stacaravans voor de huisvesting van tijdelijk personeel. Op veel plekken in de onderbouwing wordt voortgeborduurd op de onjuiste stelling dat er sprake is van ligging in stedelijk gebied. In paragraaf 3.3.2 wordt in tegenspraak daarmee gesteld dat er wel sprake is van ligging in het landelijke gebied, maar wordt ten onrechte aangegeven dat er nieuwe stedelijke functies toegevoegd kunnen worden.
Ten onrechte wordt op enkele plekken gesteld dat de tijdelijke woonverblijven niet meegeteld hoeven te worden in regionale afspraken (KWK/regionaal woonakkoord). Op pagina 16 wordt gesteld dat Paal 28 een belangrijke toeristische voorziening in het noorden van het eiland is en bijdraagt aan de leefbaarheid van het eiland. Dit wordt echter niet uitgelegd en biedt op zichzelf geen grondslag voor de plaatsing van stacaravans. Op pagina 19 staat dat met de situering aansluiting wordt gezocht bij de bestaande stedenbouwkundige structuur en de ‘Texelse identiteit’ en dat het daarmee past in de structuurvisie. Dit is onjuist, want als dit zo was geweest zou het zijn opgenomen in het bestemmingsplan. Op pagina 20 is opgenomen dat de woonunits zijn geclusterd. Dit is niet juist. Het gaat om stacaravans die vrijstaand zijn en dat is niet geclusterd. Op pagina 20 staat dat de inpandige huisvesting in de bestaande loods door ruimtegebrek niet mogelijk is. Inpandige huisvesting is echter wel het uitgangspunt geweest van het Reparatiebestemmingsplan en de afspraken die met exploitant zijn gemaakt. Er is geen aanleiding om hiervan af te wijken. Ten onrechte wordt gesteld dat alternatieven voor de huisvesting in caravans op de locatie niet aanwezig zijn (zie o.a. paragraaf 8.1).
Eveneens op pagina 20 wordt gesteld dat de huisvesting in stacaravans is geaccepteerd door de omgeving en dat het opnieuw verlenen van de tijdelijke vergunning passend is voor de huidige situatie. De acceptatie door de omgeving blijkt niet uit de participatie, want die is niet gedaan. Anders dan gesteld op pagina 45 was participatie hier wel verplicht. En dus kan niet worden gesteld dat plan aansluit bij de wensen van de omgeving. Zoals eerder al is aangegeven worden de stacaravans niet gezien als een passende oplossing.
-
-
-
-
Op pagina 21 staat dat het verlenen van een nieuwe tijdelijke vergunning wenselijk is vanwege de uitspraak van de ABRS van 15 april 2015. Dit is een onjuiste uitleg van de uitspraak, omdat naar aanleiding daarvan het bestemmingsplan bij het Reparatieplan is gewijzigd conform de afspraken die met exploitant zijn gemaakt. Bij de conclusies in paragraaf 3.6 is gesteld: Het initiatief past binnen regionale en gemeentelijke ambities betreffende versterking van de recreatieve sector en de huisvestingsmogelijkheden voor seizoenswerkers die hier het gevolg van is. Zoals al eerder bij het geldende beleid is beschreven is die conclusie niet juist. Op pagina 32 is aangegeven dat er geen nieuw verkeersonderzoek is uitgevoerd. Er kan echter niet zondermeer worden gesteld dat het verkeersbeeld de afgelopen 10 jaar ongewijzigd is. Door het achterwege van ieder onderzoek schiet de onderbouwing tekort. Er worden op diverse plekken oude termen/begrippen gehanteerd, en verschrijvingen of onjuiste verwijzingen gemaakt. De omvang hiervan maakt de aangeleverde onderbouwing onzorgvuldig en ondeugdelijk.
Gelet op het grote aantal tekortkomingen in de onderbouwing is geen gelegenheid geboden voor een aanpassing. Uit de aangeleverde onderbouwing kan niet de conclusie worden getrokken dat sprake is van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. Technische eisen volgens Bbl De aangevraagde omgevingsvergunning heeft geen betrekking op de technische eisen waaraan de stacaravans moeten voldoen. Die eisen staan in het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl, de opvolger van het Bouwbesluit). Voor tijdelijke bouwwerken gelden andere, lichtere, technische eisen. De grens van tijdelijk wordt in het Bbl gelegd bij 15 jaar. Uit de aanvraag kan worden opgemaakt dat de huidige stacaravans blijven staan. Met het verlenen van de gevraagde vergunning gaan de stacaravans er langer dan 20 jaar staan. Hiermee moeten de stacaravans voldoen aan strengere eisen. Het lijkt onwaarschijnlijk dat de stacaravans kunnen gaan voldoen aan die strengere eisen. Dit betekent dat de benodigde omgevingsvergunning voor de bouwtechnische activiteit naar alle waarschijnlijk niet verleend kan worden. En dat betekent dat de huidige stacaravans alsnog niet kunnen blijven staan. Hoewel dit niet direct een toetsingskader is voor de aanvraag, is het wel van belang om het te betrekken in de afweging die voor de gevraagde bopa moet worden gemaakt.
Rol van de gemeenteraad Als een aanvraag niet past in het omgevingsplan en hiervoor ook geen afwijkingsmogelijkheid in het plan is opgenomen, dan kan ‘buitenplans’ worden afgeweken. Het college beslist op de aanvraag. De gemeenteraad kan aangegeven bij welke buitenplanse afwijkingen zij betrokken wil worden. Voor die (vooraf) aangewezen gevallen moet de raad dan een bindend advies afgeven. Nadat dit bindend advies is afgegeven kan het college een besluit op de vergunningaanvraag nemen. Het bindend advies is de opvolger van de ‘verklaring van geen bedenkingen’. Op 13 juli 2022 heeft de raad vastgesteld voor welke afwijkingen zij advies wil geven. Kort gezegd gaat het dan om alle afwijkingen waarvoor geen beleid is vastgesteld en die niet zijn aan te merken als gevallen waarop de oude ‘kruimelregeling’ (artikel 4, Bijlage II van het Besluit
omgevingsrecht) van toepassing was. Dit komt overeen met de gevallen die voorheen voor een verklaring van geen bedenkingen aan de raad werden voorgelegd. In dit geval gaat het om een aanvraag om voor 10 jaar af te wijken. De activiteit is ook al eerder 10 jaar toegestaan op grond van de Wabo. Deze afwijking wordt nu voortgezet, maar wel met een andere grondslag (de Omgevingswet). Uitgangspunt is dat afwijkingen die voor een langere duur dan 10 jaar zijn en waaraan geen actueel beleid ten grondslag ligt, naar de raad gaan. Dit is de voortzetting van de voormalige kruimelregeling. Dat is ook wat de raad heeft beoogd met de lijst van gevallen die voor bindend advies naar de raad moeten. In het omgevingsplan is geen mogelijkheid opgenomen om aan de aanvraag mee te kunnen werken. Er is ook geen ander beleid waarop de gevraagde afwijking kan worden gebaseerd. Het past ook niet binnen de criteria van de voormalige kruimelregeling. Dit betekent dat de raad het bindend adviesrecht heeft. Feitelijk wordt de raad gevraagd of zij mee wil werken aan de gevraagde afwijking. Hierbij heeft de raad de mogelijkheid om voorwaarden te stellen. Het college kan niet afwijken van het bindend advies. Duur behandeling aanvraag De aanvraag omgevingsvergunning is ontvangen op 3 januari 2025. Deze aanvraag was niet voorzien van een (actuele) etfal-onderbouwing.
Daarom is een termijn gegeven de aanvraag aan te vullen. Gemachtigde van aanvrager heeft vervolgens twee keer uitstel van de aanlevertermijn gevraagd. De aanvraag met aanvullingen is vervolgens inhoudelijk beoordeeld waarna bleek dat er bindend advies aan de raad gevraagd moest worden. Het is niet gelukt om het bestuurlijk advies eerder op te stellen en de raad eerder om een bindend advies te vragen.
Alternatieven Wel meewerken aan de aanvraag en, anders dan voorgesteld, de raad te vragen wel een positief bindend advies af te geven zodat de gevraagde vergunning verleend kan worden. Dit geeft echter precedentwerking. Er is een alternatief, namelijk inpandige huisvesting in de bedrijfsschuur. Wanneer de raad wil afwijken van het collegevoorstel, dan zal de raad het voorstel gemotiveerd moeten amenderen.
Consequenties van het advies •
Juridische consequenties Nadat een bindend advies is afgegeven kan het college beslissen op de aanvraag omgevingsvergunning. Het bindend advies maakt onderdeel uit van het besluit op de aanvraag omgevingsvergunning. Tegen het besluit kunnen belanghebbenden bezwaar indienen bij het college. Hierna is er nog beroep mogelijk bij de bestuursrechter. Bij een weigering van de vergunning kan in beginsel alleen de aanvrager van de vergunning als belanghebbende worden aangemerkt.
•
Beleidsmatige consequenties
Deze zijn beschreven onder het kopje ‘argumenten tot advies’. Conclusie is dat de aanvraag niet voldoet aan een evenwichtige toedeling van functies aan locaties en dat de omgevingsvergunning niet verleend kan worden.
Relevante wet- en regelgeving of jurisprudentie Omgevingswet, (tijdelijk) omgevingsplan Texel, onderdeel bestemmingsplan Buitengebied Texel 2013, inclusief de reparatieplannen.
Aanleiding / Voorgeschiedenis / Eerdere besluiten In de periode voorafgaande aan de vaststelling van het bestemmingsplan Buitengebied Texel 2013 zijn er veel procedures geweest over het perceel Krimweg 44. Deze procedures gingen kort gezegd over het gebruik van dit perceel en daarop aanwezige bedrijfsloods ten behoeve van onder andere opslag en personeelshuisvesting voor strandpaviljoen Paal 28. Onderdeel hiervan was een vrijstelling en bouwvergunning die werd verleend voor een nieuwe loods met inpandige personeelsverblijven. Omwonenden verzetten zich tegen het gebruik en besluiten die daarover werden genomen. Dit leidde ertoe dat de vrijstelling en bouwvergunning door de rechtbank en Raad van State werden vernietigd, en die loods niet is gerealiseerd. Onder kopje feitelijke situatie is uiteengezet hoe een en ander uiteindelijk in het bestemmingsplan is geregeld.
(Concept / Voorgenomen)
Raadsbesluit Zaaknummer
3615886
Bindend advies aanvraag stacaravans voor huisvesting tijdelijk personeel Krimweg 44 Doelenboom Programma 8 Goed wonen 8.1 Ruimte en leefomgeving De raad van de gemeente Texel: gelezen het advies van burgemeester en wethouders; gehoord de raadscommissie; Gelet op • de aanvraag omgevingsvergunning voor de buitenplanse omgevingsplanactiviteit van 3 januari 2025 met zaaknummer 3541211 voor de plaatsing van 10 stacaravans op het perceel Krimweg 44 in De Cocksdorp voor de huisvesting van tijdelijke medewerkers van Strandpaviljoen Paal 28 voor een periode van 10 jaar (tot en met 23 juli 2035); • de Omgevingswet, waaronder de artikelen 16.15 en 16.15a, lid b, onder 1; • het (tijdelijk) omgevingsplan Texel, onderdeel bestemmingsplan Buitengebied Texel 2013, inclusief de reparatieplannen, specifiek de functie ‘Tuin’; • het raadsbesluit “Vaststellen besluit bindend adviesrecht onder de Omgevingswet” van 13 juli 2022; Overwegende dat de overwegingen in het bestuurlijk advies worden gevolgd en daaruit wordt geconcludeerd dat: • meewerken aan de aanvraag in strijd is met het geldende beleid en het gelijkheidsbeginsel, en het niet wenselijk is om hiervan af te wijken; • de aanvraag niet is voorzien van een onderbouwing waaruit blijkt dat er sprake is van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties; • de gevraagde omgevingsvergunning niet kan worden verleend;