CConstaterende datTexel
Koppel je AI →
Document · PDF

Agendabundel

Raadscommissie 2 februari 2022, gemeente Texel37.914 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 5 van 5

Planspecifiek Bij de uitruil van de twee bestemmingen van de planlocaties zal de woningvoorraad op Texel niet toenemen. De uitruil van bestemming vindt plaats tussen twee planlocaties in het buitengebied van Texel. Er zal door de beoogde plan ontwikkeling geen sprake zijn van onttrekking uit de kernen van Texel. Een deel van de beoogde ontwikkeling is het bestemmen van wonen op Molenbuurt 5, er is geen sprake van nieuwbouw. De beoogde ontwikkeling bevindt zich niet direct in een raakvlak met de belangrijke thema's die zijn genoemd in de Woonvisie Texel. Gezien de genoemde punten kan geconcludeerd kan worden het beoogde plan in lijn is met de woonvisie van Texel. 3.3.3 Nota verblijfsrecreatie 2016 Deze nota (vastgesteld februari 2016) geeft invulling aan de nadrukkelijke wens van de gemeenteraad om te komen tot een breed gedragen beleid voor de verblijfsrecreatie. Het gaat niet om meer (van hetzelfde), maar om beter. Kwaliteitsverbetering staat dan ook voorop in toekomstige ontwikkelingen. Een aantrekkelijk en gevarieerd aanbod in de verblijfsrecreatie is noodzakelijk en gewenst, maar vraagt ook om economische mogelijkheden voor een rendabele exploitatie. Tegelijkertijd biedt het beleid ondernemers een 'routekaart' bij de ontwikkeling. Van nature zijn zij gewend om plannen te ontwikkelen, de financiering rond te breien en pas dan naar buiten te treden.

De ervaring leert dat wanneer de gemeente er in een vroeg stadium bij wordt betrokken de kans van slagen groter is; er kan beter worden meegedacht met een constructievere samenwerking tot gevolg. In de nota verblijfsrecreatie 2016 wordt ook dieper ingegaan op verplaatsing van slaapplaatsen en eventuele conversie naar een andere verblijfscategorie. Het verplaatsen van recreatieve slaapplaatsen leidt in veel gevallen tot een wenselijke kwaliteitsverbetering en biedt ondernemers meer mogelijkheden om te komen tot een rendabele exploitatie. Verplaatsing van bestaande recreatieve slaapplaatsen met de mogelijkheid tot conversie is mogelijk binnen de concentratiegebieden en aangrenzende recreatieve bestemmingen en de dorpskernen volgens het 'ja, mits'-principe indien: 1. 2. 3. 4. 5.

6.

Dat het gaat om al gerealiseerde en bedrijfsmatig geëxploiteerde slaapplaatsen Texelse Kernwaarden via het Beeldkwaliteitsplan De motivatie en onderbouwing van de wijze waarop een plan voldoet aan de Texel Principes wordt bij de afweging beoordeeld Compensatie landbouwgronden (indien van toepassing) Verplaatsing geldt voor concentratiegebieden en aangrenzende recreatieve bestemmingen en de dorpskernen; deelverplaatsing geldt voor heel Texel op voorwaarde dat het tot minder verstening leidt De toekenning van een toeristische functie met recreatieve slaapplaatsen mag geen onevenredige afbreuk doen aan de ontwikkelings- en gebruiksmogelijkheden van omringende bedrijven en/of gronden, de milieu- of woonsituatie en natuurwaarden

17

7. 8.

Proportionele kwaliteitsverbetering van alle locaties De verblijfsrecreatieve accommodaties moeten bedrijfsmatig worden geëxploiteerd

Planspecifiek Met de beoogde ontwikkeling vindt de uitruil van twee bestemmingen plaats en daarmee ook een verplaatsing van slaapplaatsen. In het beoogde plan is rekening gehouden met de bovenstaande principes. De twee plangebieden liggen op een steenworp van elkaar verwijderd. Met de uitruil kan de monumentale waarde van het historische pand aan de Spangerweg 23 beter worden beschermd. Het pand aan de Spangerweg heeft op dit moment een woonbestemming en kent verder geen specifieke bescherming. In toelichting paragraaf 4.3.2 wordt de cultuurhistorische waarde van het pand aan de Spangerweg besproken en wordt duidelijk dat het pand een belangrijke cultuurhistorische waarde heeft voor Texel en Nederland. De uitruil van bestemmingen geeft de mogelijkheid voor de gemeente om de monumentale waarde van het pand te beschermen en behouden. Als het gaat om de kernwaarden van Texel geeft de gemeente in het beeldkwaliteitsplan onder andere aan dat: 'De rijkdom van natuurgebieden en van het cultuurland vormen een belangrijke aantrekkingskracht voor toeristen en bewoners. De cultuurhistorische waarden zijn van belang om de belevingswaarde van Texel te waarborgen'. Met onderhavig plan wordt de cultuurhistorische waarde gewaarborgd.

Alhoewel de beoogde ontwikkeling niet plaatsvindt binnen een van de toeristische concentratiegebieden is de beoogde ontwikkeling van groot belang voor het beschermen van het historische pand aan de Spangerweg. Zoals eerder vermeld bestaat in de huidige situatie planologisch de mogelijkheid om het gebouw te slopen en een veel grotere woning met bijbehorende bouwwerken terug te bouwen. Met beoogde ontwikkeling kan het gebouw beschermd worden voor toekomstige veranderingen. Daarnaast kan ook de kwaliteit van het landschap worden behouden. Er komen dus niet meer recreatieve slaapplaatsen. Er worden 5 recreatieve slaapplaatsen een steenworp afstand verplaatst en uitgeruild met een (plattelands)woning. Derhalve kan geconcludeerd worden dat de beoogde ontwikkeling in lijn is met de Nota verblijfsrecreatie 2016. 3.3.4 Beeldkwaliteitsplan Het beeldkwaliteitsplan Texel in ontwikkeling (vastgesteld in 2013) richt zich op de landschappelijke componenten en structuur van het buitengebied van Texel. Het beeldkwaliteitsplan biedt informatie en inzicht als hulp bij planvorming. In aanvulling op Beeld van Texel gaat het in woord en beeld nader in op de kernkwaliteiten van het eiland en noemt het de specifieke aspecten die van belang zijn. Texel wil zijn landschap verder laten uitgroeien.

Op sommige plekken, bijvoorbeeld rond De Koog, is de natuur ‘dichtgeslibt’ met recreatieterreinen en liefdeloze bebouwing. Herstel met meer openheid en allure is hier het streven. De provincie heeft op basis van de oorsprong, leeftijd en staat van de identiteit de landschappen van NoordHolland onderverdeeld in identiteitstypen. Er zijn zeven typen onderscheiden, waarvan er op Texel vier voorkomen Romantische identiteit, Ontworpen identiteit, Natuurlijke identiteit en Potentie identiteit. Voor elk type is een strategie geformuleerd die ontwikkelingen in de gewenste richting stuurt. Voor Texel betekent dat: Consolideren, Continueren, Eren of Initiëren Planspecifiek Romantische identiteit De twee plangebieden zijn beide onderdeel van een landschap met een romantische identiteit. Een romantische identiteit hebben landschappen met een grote sentimentele of nostalgische waarde. De landschappen zijn sterk beeldgericht, vaak historisch, als van oude landschapsschilderijen, ze zijn pittoresk. Het mooi en oud zijn (of lijken) is de pijler onder de identiteit van het romantisch landschap. Het onderhouden en herstellen en verder ontwikkelen van het pittoreske is primair doel. Dit betekent zorgvuldig omgaan met erfgoed, behoud speelt een grote rol. Toch is in deze landschappen ook veel ontwikkelingsruimte te vinden.

18

Belangrijk onderdeel van het beoogde plan is het beschermen van het historisch gebouw aan de Spangerweg 23 (bijlagen bij toelichting, bijlage 1). Het historisch gebouw kan met de bestemmingswijziging beter beschermd worden. Onder andere door het verkrijgen van een gemeentelijk monumentale status., maar ook omdat er geen 150 m2 woning en 100 m2 bijbehorende bouwwerken meer gebouwd kunnen worden. Op deze manier draagt de beoogde ontwikkeling in belangrijke mate bij aan het in stand houden van het open landschap (voorkomen van verstening) en blijft het ensemble met Spangerweg 21 en 22 in zijn huidige vorm behouden. Daarnaast wordt het voor de eigenaar mogelijk om geld te genereren en deze op een gepaste wijze te investeren in de onderhoud van het gebouw. Voor beide plangebieden geldt dat in de toekomstige situatie het romantische landschap word onderhouden. Het Oude Land De twee planlocaties zijn ook onderdeel van het gebied 'Het Oude Land'. Het Oude Land met de Hoge Berg als summum is de kern van Texel. Een vormingsgeschiedenis van meer dan 100.000 jaar en een bewoningsgeschiedenis van meer dan 10.000 jaar hebben een zeer gelaagd landschap opgeleverd met een enorme tijdsdiepte. Vooral op de Hoge Berg zijn er ondanks de ruilverkaveling die veel heeft doen verdwijnen nog van alle tijden sporen te vinden die samen een sterk herkenbaar ruimtelijk complex vormen.

De grillige kavelstructuur, door de eeuwen heen gevormd. De nooit rechte wegen, soms dicht beplant, soms open. De losse landelijke korrels met groene voet van windsingels en bosjes die het landschap ruimtelijk zo afwisselend maken. De esthetische uitstraling en het historisch karakter van bebouwing is van heel Texel hier het grootst. De functiemenging is hoog. Naast reguliere bewoning en kleine op toerisme gerichte bedrijven zijn er ook grote moderne (agrarische) ondernemingen. Voor de locatie aan de Spangerweg 23 geldt dat de tuinwallen als grens van het plangebied worden gehouden. Vroeger waren er op Texel geen bossen. Hout was schaars en duur, daarom is de tuinwal uitgevonden. Tuinwallen komen voornamelijk voor op het Oude Land van Texel en geven het eiland een heel eigen landschapsbeeld. De tuinwal wordt in het beoogde plan behouden. De planlocatie aan de Molenbuurt 5 is onderdeel van een boerenensemble met een grote groene voet. De erven op het Oude Land vormen een belangrijk onderdeel van het landschap. Met hun erfbeplanting wordt het Oude Land ruimtelijk gevarieerd en ontstaat er een romantische sfeer. Op de oude erven neemt de beplanting veel plek in, de bebouwing in verhouding veel minder. Dit geldt ook voor het erf waar de planlocatie van de Molenbuurt 5 onderdeel van is.

Gezien de bovenstaande constateringen kan geconcludeerd worden dat de beoogde ontwikkeling in lijn is met het beeldkwaliteitsplan van Texel.

19

4 Randvoorwaarden omgevingsaspecten 4.1 Milieueffectrapportage De Omgevingsvisie NH2050 'Balans tussen economische groei en leefbaarheid' is op 19 november 2018 vastgesteld door Provinciale Staten. Deze vervangt de Structuurvisie Noord-Holland 2040, het Provinciaal Verkeers- en Vervoerplan, het Provinciaal Milieubeleidsplan 2015-2018 en de Agenda Groen. De leidende hoofdambitie in de Omgevingsvisie NH2050 is de balans tussen economische groei en leefbaarheid. Een gezonde en veilige leefomgeving, die goed is voor mens, plant én dier, is een voorwaarde voor een goed economisch vestigingsklimaat. Tegelijkertijd is duurzame economische ontwikkeling een voorwaarde voor het kunnen investeren in een prettige leefomgeving. De hoofdambitie is opgedeeld in de volgende aspecten met bijbehorende ambities: Leefomgeving a. b. c.

Klimaatverandering: een klimaat bestendig en waterrobuust Noord-Holland. Stad, land en infrastructuur worden klimaatbestendig en waterrobuust ingericht. Gezondheid en veiligheid: het behouden en waar mogelijk verbeteren van de kwaliteit van de fysieke leefomgeving. Biodiversiteit en natuur: de biodiversiteit in Noord-Holland vergroten, ook omdat daarmee andere ambities/doelen kunnen worden bereikt.

Gebruik van de leefomgeving a.

b.

c. d.

Economische transitie: een duurzame economie met innovatie als belangrijke motor. De provincie biedt ruimte aan ontwikkeling van circulaire economie, duurzame landbouw, energietransitie en experimenten. Wonen en werken: woon- en werklocaties dienen beter met elkaar in overeenstemming te zijn. Woningbouw wordt vooral in en aansluitend op de bestaande verstedelijkte gebieden gepland, in overeenstemming met de kwalitatieve behoeftes en trends. Mobiliteit: inwoners en bedrijven van Noord-Holland kunnen zichzelf of producten effectief, veilig en efficiënt verplaatsen. Landschap: het benoemen, behouden en versterken van de unieke kwaliteiten van de diverse landschappen en de cultuurhistorie.

Energietransitie a.

De ambitie van de Provincie is dat Noord-Holland als samenleving in 2050 volledig klimaatneutraal en gebaseerd is op hernieuwbare energie.

Daarnaast wordt er met de Omgevingsvisie NH2050 geprobeerd om een richting uit te zetten en houvast te bieden. Daarvoor wordt een aantal bewegingen voor de toekomst benoemd: 1. 2. 3. 4. 5. 6.

Noord-Holland in beweging: Op weg naar een economisch duurzame toekomst. Dynamisch schiereiland: Benutten van een unieke ligging. Metropool in ontwikkeling: Vergroten agglomeratiekracht door het ontwikkelen van een samenhangend internationaal concurrerend metropolitaan systeem. Sterke kernen, sterke regio's: Sterke kernen houden regio's vitaal. Nieuwe energie: Economische kansen benutten van energietransitie. Natuurlijk en vitaal landelijke omgeving: vergroten van biodiversiteit en ontwikkelen van een economisch duurzame agrifoodsector.

20

Er wordt in de Omgevingsvisie NH2050 uitgegaan van het principe ‘lokaal wat kan, regionaal wat moet’. Hierbij wordt gelet op de diversiteit aan regio's en wordt ruimte geboden aan maatwerk en ruimte om vorm te kunnen geven aan een wendbare samenleving. Planspecifiek De ambitie van de provincie is onder andere het streven naar een goede balans tussen leefbaarheid en economische ontwikkeling. Om de kwaliteit van de fysieke leefomgeving te behouden en te versterken is een goed beheer van de bestaande kwaliteiten en het toevoegen van nieuwe kwaliteiten van belang. Er dient voldaan te worden aan de wettelijke basiskwaliteit voor een gezonde en veilige leefomgeving. De beoogde ontwikkeling betreft de uitruil van twee bestemmingen van plangebieden op Texel. Met de ontwikkeling kan de kwaliteit van accommodaties op Texel worden versterkt en leefbaarheid worden verbeterd en kan de cultuurhistorische woning op Spangerweg 23 in deze vorm behouden blijven. De bebouwingsmogelijkheden blijven vrijwel gelijk in vergelijking met de bestaande (planologische) situatie. Er kan dan ook gesteld worden dat er geen sprake is van een stedelijk ontwikkelingsproject. Dit betekent dat het Besluit milieueffectrapportage niet van toepassing is en dat er geen m.e.r.-(beoordelings)plicht geldt.

Desondanks zijn in het kader van dit ruimtelijk plan de belangrijkste milieuaspecten waaronder bodem, luchtkwaliteit, geluid, externe veiligheid en ecologie in beeld gebracht. Hieruit is niet gebleken dat er sprake is van een ontwikkeling die een forse invloed heeft op het milieu. Belangrijke milieugevolgen kunnen worden uitgesloten. De huidige onderzoeken geven voldoende inzicht in de milieugevolgen om een gewogen besluit omtrent dit ruimtelijke plan te nemen. Het opstellen van een milieueffectrapportage zal geen verder inzicht verschaffen op de relevante milieuaspecten. De kenmerken van het project, de plaats van het project en de kenmerken van de potentiële effecten zijn niet van dien aard dat er aanleiding bestaat tot het opstellen van een milieueffectrapportage.

4.2 Water 4.2.1 Generiek beleid Op Rijksniveau en Europees niveau zijn de laatste jaren veel plannen en wetten gemaakt met betrekking tot water. De belangrijkste hiervan zijn het Waterbeleid voor de 21e eeuw, de Waterwet en het Nationaal Waterplan. Waterbeleid voor de 21e eeuw De Commissie Waterbeheer 21e eeuw heeft in augustus 2000 advies uitgebracht over het toekomstige waterbeleid in Nederland. De adviezen van de commissie staan in het rapport ‘Anders omgaan met water, Waterbeleid voor de 21e eeuw’ (WB21). De kern van het rapport WB21 is dat water de ruimte moet krijgen, voordat het die ruimte zelf neemt. In het Waterbeleid voor de 21e eeuw worden twee principes (drietrapsstrategieën) voor duurzaam waterbeheer geïntroduceerd:

•

vasthouden, bergen en afvoeren: dit houdt in dat overtollig water zoveel mogelijk bovenstrooms wordt vastgehouden in de bodem en in het oppervlaktewater. Vervolgens wordt zo nodig het water tijdelijk geborgen in bergingsgebieden en pas als vasthouden en bergen te weinig opleveren wordt het water afgevoerd.

•

schoonhouden, scheiden en zuiveren: hier gaat het erom dat het water zoveel mogelijk schoon wordt gehouden. Vervolgens worden schoon en vuil water zoveel mogelijk gescheiden en als laatste komt het zuiveren van verontreinigd water aan bod.

Waterwet Centraal in de Waterwet staat een integraal waterbeheer op basis van de ‘watersysteembenadering’. Deze benadering gaat uit van het geheel van relaties binnen watersystemen. Denk hierbij aan de relaties tussen waterkwaliteit, -kwantiteit, oppervlakte- en grondwater, maar ook aan de samenhang tussen water, grondgebruik en watergebruikers. Het doel van de Waterwet is het integreren van acht bestaande wetten voor waterbeheer. Door middel van één watervergunning regelt de wet het beheer van oppervlaktewater en grondwater en de juridische implementatie van Europese richtlijnen, waaronder de Kaderrichtlijn Water. Via de Waterwet gelden verschillende algemene regels. Niet alles is onder algemene regels te vangen en

21

daarom is er de integrale watervergunning. In deze integrale watervergunning zijn zes vergunningen uit eerdere wetten (inclusief keurvergunning) opgegaan in één aparte watervergunning. Nationaal Waterplan Op basis van de Waterwet is het Nationaal Waterplan vastgesteld door het kabinet. Het Nationaal Waterplan geeft op hoofdlijnen aan welk beleid het Rijk in de periode 2016 - 2021 voert om te komen tot een duurzaam waterbeheer. Het Nationaal Waterplan richt zich op bescherming tegen overstromingen, beschikbaarheid van voldoende en schoon water en de diverse vormen van gebruik van water. Het geeft maatregelen die in de periode 2016 - 2021 genomen moeten worden om Nederland ook voor toekomstige generaties veilig en leefbaar te houden en de kansen die water biedt te benutten. 4.2.2 Regionaal en lokaal waterbeleid Waterprogramma 2016-2021 Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier (HHNK) presenteert hierin het beleid, de maatregelen, de programma’s en de projecten die ze in die periode zelf en samen met anderen gaan uitvoeren. Ze bouwen voort op de regionale Deltavisie (2012) en verankeren de landelijke Deltabeslissingen. De komende jaren staat de hoogheemraadschap voor de taak om hun beheergebied klimaatbestendig te maken. De hoogheemraadschap doet zich te richten op vijf thema's:

• • • • •

waterveiligheid; wateroverlast; watertekort; schoon en gezond water; en crisisbeheersing.

Op Texel werkt de Hoogheemraadschap aan tien verschillende dijksecties. Gemeente Texel, provincie Noord-Holland, Ministerie van Infrastructuur & Milieu, Wadden-fonds, Programma Naar een Rijke Waddenzee en HHNK werken intensief samen aan deze versterking. Keur en Beleidsregels Op grond van de Waterwet is HHNK bevoegd via een eigen verordening, de Keur, regels te stellen aan handelingen die het watersysteem beïnvloeden. Denk hierbij aan handelingen in of nabij:

• • • •

waterkeringen (onder andere duinen, dijken en kaden); watergangen (onder andere kanalen, rivieren, sloten, beken); andere waterstaatswerken (o.a. bruggen, duikers, stuwen, sluizen en gemalen); de bodem van kwelgevoelige gebieden;

Maar ook aan:

• •

Onttrekken en lozen van grondwater; Het aanbrengen van verhard oppervlak.

De Keur vermeldt expliciet welke handelingen vergunningplichtig zijn en welke aan algemene regels of aan de zorgplicht moeten voldoen. Wie bv. op een waterkering wil bouwen, moet een watervergunning aanvragen bij HHNK. In de uitvoeringsregels die bij de Keur horen is dit nader uitgewerkt. Water- en rioleringsplan Texel 2016-2021 In dit plan geeft de gemeente aan hoe zij invulling geven aan nieuwe ontwikkelingen als klimaatveranderingen, besparingen in de waterketen, gegevensbeheer, levensduurverlenging. Samen met het integrale beheerplan openbare ruimte, leidraad inrichting openbare ruimte, moederbestek en het basisrioleringsplan vormt dit GRP de invulling van de gemeentelijke rioleringszorg.

22

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Texel&id=5c76b306-ff3d-4ce5-b264-eecdaf89bab2