Bijlage Zienswijze Gooische Hart
Tekst van het document
LOYENSt LOEFF Law&Tax
POSTADRES
Postbus7ll7O
1008 BD AMSTERDAM KANTOORADRES
Parnassusweg 300 1081 LC AMSTERDAM
TELEFOON FAX
Aantekenen Tevens per e-mail vooruit Gemeente Terschelling College van burgemeester en wethouders Burg. Van Heusdenweg lOa 8881 EB WEST-TERSCHELLING
INTERNET
+31 205785350 +31 20 578 58 00 loyensloeff.com
——
INGEKOMEN 11’ SEP 2024 TerfloIlirq
AAN
B&Wvan Terschelling
NH
-C2 LO
VAN REFERENTIE DATUM
BETREFT
55007938 10september2024 Manege Boddelenweg 5 te Hoorn / ontwerp-weigering VVGB Gooische Hart en herhaalde oproep tot overleg
—
zienswijze
Geacht college, Onze cliënte Gooische Hart Recreatie B.V. (Gooische Hart) heeft kennisgenomen van de bij brief van 31juli jI. door uw college (het College) aan haar toegezonden ontwerp voor een herstelbesluit. Bij brief van 27 maart jl. heeft Gooische Hart reeds (vrij uitvoerig) gereageerd op het ontwerp zoals uw College dat als onderdeel van een raadsvoorstel aan de gemeenteraad ter besluitvorming heeft voorgelegd. Gooische Hart deed dat, kort en goed, omdat het raadsvoorstel een zeer eenzijdige en selectieve kijk bood op de stand van zaken. Gooische Hart vindt het teleurstellend dat er zowel tijdens de raadsvergadering als in het thans ter inzage gelegde ontwerp nog geen (wezenlijke) aandacht is geschonken aan de bovengenoemde reactie. Het moge duidelijk zijn dat Gooische Hart zich niet kan vinden in deze ontwerp-weigering, noch in de daaraan door uw College ten grondslag gelegde argumenten, en evenmin in de daaromtrent gevormde besluitvorming van de gemeenteraad. Uit uw brief van 31juli jl. volgt dat u onze reactie van 27 maart jI. als zienswijze bij het te nemen definitieve besluit zult betrekken. Gooische Hart heeft daarvan hierbij goede nota genomen, en wij merken voor alle zekerheid op dat zij in dit stadium geen aanleiding ziet tot een (nadere) aanvulling, zodat onze eerdere reactie als hier integraal herhaald en ingelast dient te worden beschouwd.
Loyeris & LoeS N V is gevestigd te Rotterdam en staat ingeschreven in het handelsregister bij de Kamer van Koophandel onder nr. 24370566. Uitsluitend Loyens & Loeif NV. geldt als opdrachtnemer. Op haar dienstverlening zijn haar Algemene Voorwaarden van toepassing, waarin onder meer een beperking van de aansprakelijlrkeid en een aanwijzing van de bevoegde rechter is opgenomen. Deze Algemene Voorwaarden zijn te raadplegen via wawloyensloeff nI Deze voorwaarden zijn ook gedeponeerd bil hel handelsregister van de Kamer van Koophandel onder nr. 24370566
Amsterdam. Brussel. Londen, Luxemburg, New York, Parijs, Rotterdam
Tokio, Zürich
1/2
LOYENS,ÉLOEFF Law & Tax
Gooische Hart heeft in de afgelopen jaren meermaals het initiatief getoond tot een inhoudelijk gesprek. In lijn daarmee doet zij uw College hierbij nogmaals dat verzoek. Het zou uw College sieren als u zich daarvan ditmaal rekenschap zou geven en als u kunt laten weten op welk moment u beschikbaar zou zijn voor overleg. Met vriendelijke groet, Loyens & Loeif N.V.
55007938
2/2
LOYENS, LOEFF
POSTADRES
Law & Tax KANTOORADRES
TELEFOON FAX INTERNET
Aantekenen Tevens per e-mail vooruit Gemeente Terschelling Tav. de leden van de gemeenteraad Burg. Van Heusdenweg lOa 8881 EB WEST-TERSCHELLING
Postbus7ll7O 1008 BDAMSTERDAM Parnassusweg 300 1081 LC AMSTERDAM +31 205785350 +31 20 578 58 00 loyensloeff.com
Gemeenteraad Terschelling
AAN VAN REFERENTIE
53681725
DATUM
27maart2024
EETREFT
Manege Boddelenweg 5 te Hoorn! ontwerp-weigering VVGB schriftelijke reactie Gooische Hart —
Geachte leden van de raad van de gemeente Terschelling, Onze cliënte Gooische Hart Recreatie B.V. (Gooische Hart) heeft kennisgenomen van de door het college van burgemeester en wethouders van Terschelling (het College) aan uw raad voorgelegde “(Ontwerp) Weigering specifieke verklaring van geen bedenkingen Omgevingsvergunning” (de Ontwerp-weigering). Gooische Hart constateert dat het College in de (toelichting bij) het onderhavige raadsvoorstel een zeer eenzijdige en selectieve kijk biedt op de stand van zaken. Onder meer waar het de inhoud betreft van de door de Rechtbank Noord-Nederland op 16 januari 2023 gewezen uitspraak betreft (met zaaknummer LEE 21/710, Bijlage 1) schetst het College helaas niet voor het eerst in deze kwestie aan uw raad een onvolledig, en daarmee onjuist, beeld van de positie van het College respectievelijk van de gemeente. Gooische Hart ziet zich om die reden genoodzaakt uw raad van de navolgende toelichting bij de Ontwerp-weigering te voorzien. —
—
ACHTERGROND VAN DE ONTWERP-WEIGERING 1
Het is inmiddels ruim vijf jaar geleden sinds het moment waarop Gooische Hart in 2018 voor het eerst met de gemeente in contact kwam over de door haar gewenste herontwikkeling van de manege aan de Boddelenweg 5 te Hoorn (de Locatie).
2
In een eerdere brief aan uw raad heeft Gooische Hart in 2020 al eens stilgestaan bij de lange voorgeschiedenis van (het bestemmingsplan voor) de Locatie. Destijds heeft zij uw
Loyens & Loeif N V is gevestigd te Rotterdam en staat ingeschreven in het handelsregister bij de Kamer van Koophandel onder nr 24370566 Uitsluitend Loyens & Loeif N V geldt als opdrachtnemer. Op haar dienstverlening zijn haar Algemene Voorwaarden van toepassing, wasrin onder meer een beperking van de aansprakelijkheid en een aanwijzing van de bevoegde rechter is opgenomen. Deze Algemene Voorwaarden zijn te raadplegen via waw. loyensloeff.nl. Deze voorwaarden zijn ook gedeponeerd bij het handelsregister van de Kamer van Koophandel onder nr 24370566
Amsterdam, Brussel, Londen, Luxemburg, New York, Parijs. Rotterdam. Tokio, Zurich
1/9
LOYENS,ÉLOEFF Law & Tax
raad al voorgehouden dat de hoogste bestuursrechter van ons land, de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op 25 april 2018— na 12 jaar overleg en diverse gerechtelijke procedures het geschil tussen de gemeente Terschelling en de voormalig eigenaar van de manege over het bestemmingsplan reeds definitief heeft beslecht. —
3
Een overzicht van de meest relevante rechtsoverwegingen, alsmede een kopie van de integrale uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (de Afdeling) zijn volledigheidshalve aangehecht als Bijlaqen 2 en 3 bij deze brief. INHOUD VAN DE UITSPRAAK VAN DE RECHTBANK
4
Met het oog op deze herontwikkeling heeft Gooische Hart onder meer een omgevingsvergunningaanvraag ingediend (met kenmerk 2020-FUMO-0038034) voor ‘de bouw en het gebruik van een manege met mestplaat en verlichting, opslagruimte, paardenstallen, logiesruimten, kantine en receptie’ (het Project). Over deze aanvraag gaat de hiervoor genoemde procedure, waarin de rechtbank Noord-Nederland uitspraak heeft gedaan.
5
Het College vat die uitspraak als volgt samen: a. het college terecht van mening was dat de aanvraag in strijd was met het bestemmingsplan. De recreatieappartementen kunnen niet kwalificeren als “bij de manege behorende logiesruimten. Enerzijds omdat de aangevraagde appartementen niet als logies kunnen worden aangemerkt, die wel in dit bestemmingsplan zijn toegelaten. En de ruimtelijke uitstraling van het geheel aan appartementen is zodanig dat het complex moet worden aangemerkt als (recreatie) appartementen en niet als een manege. b. De rechtbank is wel van mening dat het welstandsadvies onvoldoende deugdelijk is. Om die reden had moeten worden beoordeeld of er een afwijking kon worden verleend en kon deze niet met de kruimelafwijking worden verleend maar had de aanvraag een uitgebreide procedure moet doorlopen waarbij de gemeenteraad moet worden betrokken.
6
Deze weergave van het College is niet alleen onvolledig, maar bovendien onjuist.
7
Wat het College in zijn samenvatting niet benoemt, is dat de rechtbank heeft geoordeeld dat de in de aanvraag opgenomen managefaciliteiten weldegelijk met het voor de Locatie vigerende bestemmingsplan in overeenstemming zijn. De rechtbank heeft namelijk geconcludeerd dat sprake is van (i) activiteiten met een publieksgericht karakter gericht op het bereiden en verzorgen van paarden en pony’s, welke activiteiten (ii) weldegelijk een bedrijfsmatige omvang hebben. Anders gezegd: er is dus wel sprake van een manege.
8
Verder wijst Gooische Hart erop dat de rechtbank helemaal geen koppeling legt tussen het onjuiste welstandsadvies en de voor de aanvraag te doorlopen procedure. Zie rechtsoverwegingen 18.1 en 18.2 van de uitspraak van de rechtbank: —
53681725
—
2/9
L0YENS,,1LL0EFF Law & Tax
1 8. 1 Ten ecrtc kon ei’.’. eerder zich niet zonder meel op het standpunt stel en dat omgc mis’. erglinning nucst v orden ge’.’. eigerd \ an’.’. ege strijd met het bc5icm m ing.plan Gelet op artikel 2. 1 0. t’.’. eede lid. eelezen in samenhano net artikel 2. 1 2. eerste lid. aauhef en onder a.. onder 30 heeft er’.’. eerder niet deugdelijk gemoti’. eerd oF ergunnini’. erlening in af’.’. ik ing ‘. an de planreoels mogelijk zou zijn. In zo’. ene is het bestreden besluit genomen in strijd net artikel 3:2 en 7: 2 an cle A’.’. b. ‘.
En: 1 8.2. 1 en t’.’. eede kon er’.’. eerder zich liet baseren op het ‘.‘. elstandsad’. es an his en hieiu geLhiteerd 21 april 2020. In zo’. erre i5 het bestreden besluit genonien in strijd met artikel 3:9 an de A’.’. b. 9
Kortom, het College heeft naar het oordeel van de rechtbank twee afzonderlijke fouten gemaakt. Het gesuggereerde verband tussen de welstandsbeoordeling en de inhoud van het bestemmingsplan (of een mogelijke afwijking daarvan) wordt door de rechtbank helemaal niet gelegd.
10
Tot slot, ook dat blijft onvermeld in de toelichting op de Ontwerp-weigering, is van belang dat de rechtbank heeft geconstateerd dat het College zich inmiddels heeft neergelegd bij het feit dat conform de uitspraak van de Afdeling het bestemmingsplan niet bepaalt dat de logiesfuncties ondergeschikt zouden moeten zijn aan de manege-activiteiten: —
—
Kunnen cle 53 recreatieapartementen rechtens w orclen gek’.’. aliliceerd als “bij de mancoe behorende loeiesruiiuten” in cle zin ‘. an de planregels? Dc rechtbank stelt ast dat tussen partijen niet langer in geschil is dat de planregel s 11 niet voorschrij’. en dat de logiesfuncties op zichzelf ondergeschikt moeten zijn aan cle inaucge—act i ‘. iteiten .
11
Al met al bagatelliseert het College ten onrechte de consequenties van de uitspraak van de rechtbank, en wordt ten onrechte de indruk gewekt dat het bestemmingsplan slechts heel beperkte gebruiksmogelijkheden zou bevatten, terwijl daaruit juist het tegendeel blijkt.
OVERBLIJVENDE DE DISCUSSIE: (MOGELIJKE) LOGIESRUIMTES ALS ‘RECREATIEAPPARTEMENT’ 12
53681725
KWALIFICATIE
VAN
In de uitspraak heeft de rechtbank uiteindelijk geconcludeerd dat het Project toch niet geheel in overeenstemming is met het bestemmingsplan. Grond voor die conclusie is het feit dat het bestemmingsplan definities bevat van ‘(recreatie)appartementen’. De rechtbank heeft op dit punt de stelling van het College gevolgd dat de logiesruimtes die onderdeel uitmaken van het Project, gelet op hun inrichting, (kunnen) voldoen aan deze definitie omdat
3/9
LOYENS,ÉLOEFF Law & Tax
deze verblijven ‘zelfstandig bewoonbaar’ kookgelegenheid en een badkamer’. 13
14
zijn
‘door de
aanwezigheid
van
een
Gooische Hart kan zich op dit punt niet in de uitspraak van de rechtbank vinden en zij heeft daartegen daarom dan ook hoger beroep ingesteld. De reden daarvoor is dat het door het College ingenomen en door de rechtbank gevolgde standpunt dat de in het bestemmingsplan toegestane ‘bi] de manege behorende Iogiesverblijven’ niet zouden kunnen worden uitgerust met een kook- en leefgedeelte. Dat staat namelijk haaks op het eerder door uw raad gevoerde verweer bij de Afdeling. —
—
15
Gooische Hart roept in dit kader in herinnering wat door uw raad, ter zitting van de Afdeling, over de Locatie is bepleit: “21. 1. De raad stelt dat de verplichting tot bednjfsmatige exploitatie van logiesruimten in de planregels is opgenomen vanwege de al jarenlang bestaande trend op Terschelling om bij vernieuwing van verblijfsaccommodaties deze separaat te verkopen aan particuliere investeerders. Indien de accommodaties als tweede huis worden gekocht, ontvallen ze aan het recreatieve verhuurareaal, aldus de raad. Dit acht de raad onwenselijk, omdat de economie op Terschelling voor een belangrijk deel afhankelijk is verbljfsrecreatie waardoor het volgens de raad van belang is dat de verbli/fsaccommodaties daadwerkelijk worden verhuurd en niet voor andere doeleinden worden gebruikt.” (onderstreping toegevoegd, advocaat)”
16
Uit deze toelichting volgt klip en klaar dat uw raad bij het vaststellen van het bestemmingsplan voor de Locatie voor ogen had dat onder logiesruimtes verblijfsaccommodaties (kunnen) worden verstaan die gelet op hun uitrusting (slaapkamers, keuken/pantry en badkamer met wc) dienst kunnen doen als ‘tweede huis’. Naar de mening van Gooische Hart kan er dan ook geen twijfel over bestaan dat het Project voldoet aan het bepaalde in het Bestemmingsplan. De door het College aangehaalde bepalingen uit de Verordening Romte Fryslân 2014 zijn daarmee op het Project niet van toepassing.
17
Mocht uw raad er toch voor kiezen een besluit te nemen over de Ontwerp-weigering dan dient u zich in dat kader nadrukkelijk rekenschap te geven van de (werkelijke) inhoud van de uitspraak van de rechtbank, maar bovenal van datgene dat— uit uw naam heel expliciet is betoogd tijdens de zitting van de Afdeling over de inhoud van het bestemmingsplan. Gelet daarop is er voor het aannemen van dit raadsvoorstel geen plaats. —
IV
VERVOLG
18
Gooische Hart heeft van meet af aan aangegeven ervoor open te staan om in goed overleg met de gemeente te komen tot aanpassing van haar plannen. De onderhavige aanvraag
53681725
4/9
LOYENS,ÉLOEFF Law & Tax
getuigt ook van die intentie, aangezien de eerdere ontwikkelplannen daarin al aanzienlijk zijn aangepast, onder meer door het aantal logiesverblijven aanzienlijk terug te brengen. Het totaal te bebouwen oppervlakte is eveneens teruggeschroefd naar 1850 m2 (fors minder dan het totaal van 2650 m2 die op grond van het bestemmingsplan is toegestaan), en er is nog meer nadruk komen liggen op de agrarische uitstraling van het complex bijvoorbeeld door het schrappen van de in een eerdere aanvraag nog voorziene balkons. 19
Uiteindelijk werd Gooische Hart gedwongen tegen de verschillende weigeringen in beroep te gaan. Dat heeft er voor haar echter nooit aan in de weg gestaan om voorstellen te doen voor verdere aanpassingen aan het Project. Tot haar spijt constateert zij dat noch die voorstellen, noch het onderhavige Project een eerlijke kans hebben gekregen.
20
Langs deze weg roept zij uw raad op om hierover vooral met haar het gesprek aan te gaan, en om al dan niet via het College met haar het gesprek aan te gaan hoe deze kwestie voor de toekomst en naar tevredenheid met elkaar te kunnen afronden. —
21
—
In dit kader hopen wij dat u daarbij de droom ziet van een nieuwe generatie van Terschellinger ondernemers, die staan te trappelen iets moois te maken van de Locatie. Zij willen niets liever dan een mooi bedrijf opbouwen om zo een duurzame bijdrage te leveren aan de Eilander publieke voorzieningen en economie. Gooische Hart zal alles in het werk blijven stellen hen die kans te bieden.
Indien u voorafgaand aan de inhoudelijke behandeling vanavond in de vergadering van uw raad inhoudelijke vragen heeft over deze brief en/of de inhoud van de plannen van Gooische Hart dan staan wij u daarvoor nog altijd graag persoonlijk te woord. U kunt in dat geval rechtstreeks contact met ons opnemen ( (06) of ondergetekende (06)). Hoogachtend, Loyens & Loeff N.V.
BIJLA GEN
Bijlage 1 Bijlage 2 Biilage 3
53681725
—
—
—
uitspraak Rb. Noord-Nederland van 16januari 2023 overzicht rechtsoverwegingen uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State
5/9
LOYENSt LOEFF Law & Tax
Bijlage 1
53681725
6/9
uitspraak RECHTBANK NOORD-NEDERLAND 7itt ingsplaats [.eeu\\ arclen
Bestu ursreeht zaaknummer: LEE 21:710 uitspraak van (le meervou(lige kamer van 16 januari 2023 in de zaak tussen Gooische [lart Recreatie 13.V.. uit es (Fr.). eiseres gemachtigden:
)
en het college an burgemeester en w etlloLl(lers van Terschelling. ei’.’. eerder gemaclitieden: ). Al derde—partijen nemen aan cle zaak deel:
ceniaclitigdeu:
en.. de 0fl’.’. oneiiden. uit T Ioorii. Tersclicll ing ). en
Inleiding Eiseres heeft hij er’.’. eerder meerdere aan’. racen gedaan om omge’. ings’. ergunning oor dezelfde locatie. de Boddelen’.’.eg 5 te Iloorn. Terschelline. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank liet beroep an eiseres tegen de af’.’. ijzing an de aan’. raae die is ingediend op 2fl20 (dc aan’. taag 2020). 5 Ver’.’. eerder heeft ge’.’. eigerd omgc\ ings’. ergunn ing te ‘. erlenen hij primair heslu t an 25 mei 2020. liet hei’.’. aarsehri 0 an eiseres is ongegrond erklaard hij besluit an 1 8 januari 202 1 (liet bestreden hesi ii it Eiseres heeft tegen dat besluit pro forma beroep ingesteld. Haar beroep is inceschre’. en onder zaaknummer LEE 2 7 10. .
Eiseres heeft erzocht de onderha’. ee zaak gevoegd te behandelen met de zaak die is ingesehre’. en onder zaaknummer lEE 21 ‘13 (de aan’. raag 2019). De rechtbank heeft liet verzoek inge’.’. illigd (artikel 8: 14 an cle Algemene ‘.‘.et hestuursreclit .A’.’. h). Eiseres heeft de gronden van liet beroep aange’. uld. Ver’.’.eerder heeft een ‘.er’.’.eerschrift ingediend. De om’.’.onenden hebben een schriftelijke uiteenzetting gege’. en o’.er de zaak. Eiseres heeft gereageerd op het ver’.’. eerschri 0. De rechtbank heeft de zaken op 5 december 2022 op zitting behandeld. Hieraan hebben cleeleenomen: de geniaehtmgden ‘. an eiseres. de gemaehtigden ‘. an ‘.er’.veerder en en
taaknninmer: [. EE 2 1/710
. mccle namens andere om onenden Het onderzoek is ter zitting gesloten \er olgeiN zijn de zaken gesplitst. Naast deze uitspraak ordi daarom separaat uitspraak gedaan in cle zaak bekend onder LEE 21 / 13 (artikel 8: t-) van de Ae. b). Ovcrw eingen
1
De rechtbank gaat uit an het volgende.
Bij besluit an 25 oktober 20 1 6 heeft cle raad an erveerders gemeente het .1 besiemum ingsplan 1 lerstelhesinit \1:mnece BoddeIemi eo 5 te Hoorn astgesteld. 1 )aarieucn s beroep ingesteld bi1 de .\Idclnmg llcNttmnrsreelmtspraak an de Raad an State (Al3R S). [)c ARR S heeft op 25 april 21)! S nuspraak daan (l(’Il:NL:RVS:20l8: 1307. w rechtspraak nl). 1 .2. In oktober 201 8 heeft eiseres t ee percelen aangekocht inclusief de daarbii behorende opstallen. gelegen aan de I3oddelen eg 5 te 1 bom. Terschelling. l)e percelen zijn kadastraal bekend gemeente 1 ersclmel Ing. sectie IK. 1370 (perceel IK 1379) en K 1030 (perceel IK 1030). 1.3.
t )e aau raac 202t) ziet op het
lgenilc
)p perceel IK 1379: a. 53 appartementen met een receptie en kantine ( hedrijfscebon 1): h. 1$ paardcnho\en en opslagruimte t hedrijRcchoii’a 2): 37 parkeerplaatsen. c
op perceel IK 1039: cl. een u iet—o erdekie paardenbak: een longcercirkel: e. een mestplaat net toebehoren. l .4. an
De aan maag 2020 is behandeld op basis an de regu 1 cme oorheremd iuusprocedurc 3.2 van de \\ et algemene bepalingen oniee\ mngsreelim: \\ abo ).
1 .5. Bij brief gedateerd 2 1 april 2020 heeft de ( entrale Ad eseomumu issie Ruimtelijke IK al temt an his en hiem ( hûs en hiem 1. gead i eerd dat het ee ijziede plan niet oldoet aan edel ij ke eisen an elstand. ‘
1 .6 Hit besluit au 25 mei 2020 luech \ er\\ eerder oinge\ ings\ crolmnniuig ge eicerd. Eiseres heeft door tussenkomst an haar oeniaehtigde he,aar geumiaakt. 1 )e (onmmnisslc au ad ies koor de hez aarschri Hen heeft een hoorzittimui belegd. Eiseres heeft zich ter hoorzitting laten emiegen\\ oomclmgen door haar gemachtigden Bij advies gedateerd 6 pammimari 21)21 heeft de comum ussie er” eerder gead iseerd het bez aar an eiseres ongegrond te erklaren en het primaire besluit in stand te laten. Daarnaast is er eerder geail useerd om het verzoek an eiseres om cci proceskosten ergoeding afte ijzen. ‘
zaaknummer: LEE 21/710
3
Bij het bestreden hesliut heeft er\’ eerder het hez\\aar \ nu eiseres ongegrond 2. erklaarci. Daaraan is het ad les van 6 januari 202 1 ten grondslag eiegd. t dat ach ies is het ‘ olgende afl\omstio.
Omdat de verhlijfsrecreatie e functie overheersend is aan de maneoe is het voorziene hou plan naar het oordeel an cle commissie e eneens niet passend binnen cle hestemm ing Sport Manegc —
3.5.4 aR ijken hestemminesplan Ad 2 Bor De comni issie zal in dit kader bezien of het mogelijk is op de locatie an perceel 370 ccii zei [standig hotel te realiseren. tonls ook uit de uitspraak nu de Raar! nu State bi ijkt is een ze1 fstandio hotel in strijd met het 1 lorecaheleid lerschelling. astoesteld 20 januari 2013. oedeeltelijk herzien 24 juni 2014’ ook cl 1 lorecanota genoemd. ‘
HI
De commissie ziet. e\ enals liet college. in al hetgeen is aange\ oerd geen zodanig hi1iondere om anieheden. die onc enred ig zijn in erhoud Ing tot de met het beleid te dienen doelen. om van het beleid al te ijken.
Act 3 pro ectomge\ ings\ ergunning md en liet plan valt binnen cle reikv ijdie nu het Bor. maar op grond \ nu het oe oerde beleid geen on1ge irlgs\ergunning kan orden erleenci. is liet college nu burgemeester cii ‘u ethouder niet be oegd om een projectouige i ngs\ ergunn ing Le \ erlenen. t )p grond
nu ‘. orenstaande o er egingen is de commissie \ an oordeel dat het hou plan in strijd is niet een goede ruimtelijke orcien ing en daarom niet a fge\\ ekcn kan orden ‘ an liet besteummu 1 ngplan.
3.5.5, \\elstancl De commissie is \ nu oordeel dat het eistandsad es van hûs en hiem niet zodan ge gebreken vertoont dat liet niet aan de hesiuit orm ing ten grondslag heeti mocen ligen. [it liet ad ics blijkt dat cle elstandscomnnimssie de \ elstaudscritcrin hij zijn beoordeling in acht heeft genomen. De coium isie i5 op grond nu oienstaande o er egiilgen nu oordeel dat het bou plan terecht is ge eigerd v egeus strijd met redelijke eisen nu elstaud. Dce) conclusie Omdat liet bouo plan niet oldoet aan liet bestemmingsplan en aan redelijke eisen van \elstand is cle commissie van oordeel dat liet college de aan\ rang op grond au artikel 2.10. eerste lid. \ nu de \Vnho moest \eigeren. ‘
[
zaaknummer: LEE 21/710
4
\\etteliik kader 3. Artikel 2.1 eerste 1 in aanhef en onder a. en c.. nu de \\ abn bepaalt dat het \ erhoden is zonder omge\ ingsvergunning een project uit te ocren. oor zover dat geheel ol cdeeltelijk bestaat uit: (a. ) het bou\\ en van een bou erk en je.) het nebru ken nu wonden of hou erken in strijd met een bestemm insplan [ ..
‘
.
.
Artikel 2.10. eerste lid, onder c. en d. bepaalt dat voor zover de aanvraag betrekking heeft op een acti iteit als bedoeld in artikel 2, 1. eerste lid, onder a. de omge\ ings\ ergnnning ooit geeigerd indien: (c. ) de ac1i iteit in stripd is met het bcstemm inesplan L. J en (ci.) het uiterlijk of cle plaatsing iii liet hoii\\ erk o aarop de aanvraag betrekking heeft (.1 /o\\ cl op zichzelf becho1I\ d al in erband met de omge\ ing of cie te er achten onto ikkeling daar\ an. iii strijd i net redelijke eisen an elstand. beoordeeld naar de critei’ia. bedoeld in artikel 1 2a. eer’te liii. onder a. an de \\ oninget [ ‘
...
lIet t\\ eede lid bepaalt dat in ge allen al’ bedoeld in hei eerste lid, onder c. de nan\ mag niede aaiieemerkt \\ordt aL een aan ‘aag om een \ergunnine oor een activiteit als bedoeld in artikel 2. 1 eerste lid, onder c. en cle ergunn Ing op de grond. bedoeld in het eerste lid. onder c. slechts ot’di ge eigeril 1 nd cii vergunn ng erlen Ing niet toepassing van artikel 2.12 niet mogelijk is. .
Artikel 2.12. eerste lid, onder n.. bepaalt dat oor io er de ;i:in\ raac betrekking heeft op ccii aeti dcii als bedoeld in artikel 2.1. eerste liii. onder e. dc oinge\ iitgs\ ergunning slechts kan orden erleend indien de aeti telt niet in strijd iN niet een goede ruimtelijke ordening en: uidien de aeti\ iteit in ‘Strijd IN liet liet heNtelnniinusplan { a. 1°. 2°. in de bij algemene maatregel an bestuur aange\\ ezen ge allen. ...
01’
3°.
in O\ enge ee allen. indien de moti\ ening \ an het besluit een goede ruimte 1 ij ke onderbou i lig be at.
Ter lLiI\ nering van de uilspi’aak an de A [1R S bekend onder 3. 1 l 1.1 :\ 1 .:R\’S:20 IS: 1397. heel’t de raad \ an er\\ eerders gemeente het betcmm ingsplan 1 leoaelhesluii Manege Bodidelen\\ eg 5 te 1 bom \ astgesteld 1. 1 1 RU.l)l)93 .11 ERSTEI.\IA\ l.c I—\’G02. v v \ .ruinitelijkeplannen.nl. liet bestei lijn ing p1 li n .
zaaknummer: LEE 21/710
,ijbee//ing 1: de p/un/oL’a/ie aan de Boddelc’inieg 5. ie Hoorn, 7er.vchL’//ing (of/snede it/t de ‘L’e;’heeldnîg beho;’L’nd hij het hestennning.vplctn. svivsi. i’ziimteljkeplunnen. i/). Het perceel K 1379 is aangewezen voor de bestemming •Sport-Manege’ (ter hoogte van de kruising van de Boddelenweg met de Eesweg. aangeduid in de donkergroene kleur). Hei perceel K 1039 is gedeeltelijk aange\ezen voor dezelfde bestemming, met de functieaanduiding ‘specifieke vorm van sport manegefaciliteiten’. Waar de lichigroene kleur is ingetekend rust op het perceel de enkelhestemming “Agrarisch”. Tussen genoemde percelen is een zwarte lijn getrokken. Die lijn verbeeldt een “relatie” tussen de beide percelen. -
Met het oog op de bestemming zijn regels gegeven (dc planregels). Deze regels 3.2. luiden, voor zover relevant, als volgt. Artikel 1. lid 1.5. an de planregels bepaalt dat onder “appartement” ordt verstaan: het geheel van bijbehorende vertrekken als afzonderlijk gemeuhileerde voongelegenheid. bedoeld voor verblijfsrecreatie, in een groter gebouw. Artikel 1, lid 1 12. bepaalt dat onder “bewoning” wordt . erstaan: de huisvesting aii een persoon (en diens/haar gezin of een daarmee gelijk te stellen groep personen): recreatieve bewoning: a. de bewoning die plaatsvindt in het kader van de weekend- en/of 1. verblijfsi ecieatie: b. Artikel 1, lid 1 .27, bepaalt dat onder “manege-activiteiten” ordt verstaan: bedrijfsactiviteiten met een publieksgericht karakter, die zijn gericht op het bieden van gelegenheid tot het berijden en verzorgen van paarden en/of pon\s (saaronder liet lesgeven, de verhuur of het organiseren van edstrijden en/of andere Ii ippische evenementen).
zaaknuinmer: LEE 21/710
6
Artikel 1 . lid 1 .32. bepaalt dat ni der paardenhouderij’’ ordt verstaan: een agrarisch bedrijf dat is geric lii up hei a flichten, het opleiden en het tin men, alsmede liet UP\ angen. stal en en verhuren. aarunder [mi flar erhuur. \ an paarden. pon\ 5 en of ezels, aanverv ant
Artikel 1 lid 1 .35. bepaalt dat unde r’reereatieappa tement” v ordi erstaan : het geheel an bijbehorende ertrekken als aftunderlijk genieubileerde oongelegenheid telt behoe e nu erbi ii Isrecreatie in een groter geboti .
\o ikel 1 is getiteld “Agrarisch”. \iiikel 3. lid 3.1.. getiteld ‘Bestemmingsomschrijving” luidt als olgt: our Agrarisch aunge ezen gronden zijn bestemd ‘ oor: 1 het grundgebonden agrarisch gebruik: b. en ltuuriirund: c.
liet daaraan ondergeschikt
II
d-e.
e\tensiel dagrecieut ie inedegebru ik:
1.. 1 1 net de daarbij behorende:
bou ‘. erken. u.en gehuu en tij nde. ,\rtikel 4 is getiteld ‘Sport
-
\lanege”.
.‘\itikel 4. 1. getiteld Bestenun iin.tsomsclirij ing” luidt aR volgt: De \ oor Sport Manege’ aange’.\ eten gronden zijn heNtemd oor: a. dagrecreatie\ e oorzieniiigen zoals een in idoetgultbaan of een pon baan: —
net de daarbij behorende ‘ oor/ieningen:
h.
c. (I-g.
onderdelen: kant mes: 2. ccii illanegL net de daarbij behorende \oorzieningen zuuR stal cii. opslagloodsen en helieersruimten: 3. hij de inanege behorende logiesru imten: nianeeelhciliteiien in cle \ orin \ nu een niehtplaat. lonueercirkel. stapniolen en ccii bui ten rij hak:
1)
Op urond van artikel 1 2a an de \\ uil ng ei heeft de rand nu er eerders 3.3. gemeente cle “\Velstandnota Terschelling 2008’ astgesteld (cle elstandsnota ). loetsinuskader In deze zaak gaat liet om een project als bedoeld in artikel 2.1. eerste lid. aanhef cii 4. onder a. van de \\ abu. Als liet be oegd gezag. in dit iie al er’ eerder. een aan aug oor een dergelijk project ontvangt dan moet hij de aan rang toetsen aan all ikel 2. 1 0. eerste 1 icl. \ an de ‘\ aho.
zaaknumnier: LkE 21/710
7
Artikel 2. l 0. eerste lid. an de \\aho be\ at een zocenoemd iim tatiet—imperatiet 5. stelsel”. \erw eerder moet beoordelen of zich édn of meer van de v eigeringseronden uit artikel 2.10. eerste lid. an dc \Vabo oordoen. \ls dat het ee al is. dan moet hij eigeren om ccii omge nes\ ergininine te erlenen. Ver eerder heeft dan geen ruimte out een belangenaf\’s ecing te maken. Gaat het e en cl om de e—grond. dan kan er\\eerder alleen op basis daar an eigeren als ergunninct\ erlening niet moed ijk 5 liet toeflassing an artikel 2.12 \an de \\aho. ‘
‘
Ver eerder kan dus op eroid an artikel 2.12 an cle \\ aho af ijken an liet bestenint itmesplan . De rechtbank oordeelt niet zelf of erleit lig an de onige’. ings\ ergunnine in o ereenstem m ing is met een goede ru tule 1 ijke ordening. Zij beoordeelt aan cle hand an de herocpsgronden of liet besluit in o erecnstemm ing is niet het echt. 1-let geschil liet geschil spitst zich toe op t’.\ee aspecten. Voor liet eerste aspect is \ an belang 6. eiseres “Gebou \ in de gronden \ an beroep als olgi otiischrijft: dat ‘
“een gehou niet ma imale bou’.\ hoogte an l 0 meter en een gronclopper lakte an 1 .435 ierkanie meter es aarin een kantine. een receptie, keuken. personeelsrui uien en 53 logiesrLi mies es orden ee CSIiCLI t Geboiies :\ ). De logtesruimtes beschikken naast een slaapgedeelte ook o er een zit— leelgecleelte en een badkamer: [ Bij het eerste aspect gaat het erom of de 53 logieruimteii in Geboues .\ kunnen es orden gek alificeercl als “bij cle manege behorende loeiesruimien” in 11e tin nu artikel 4. 1 . aanhef en onder h.. onder 3. nl de planregels. Het tes eede aspect is of liet ach. ies O\ er cle es elstancl aan liet bestreden besluit ten grondslag gelegd kon es orden. H erna ;‘aI de rechtbank \ ragen beantes oorden ter beoordeling \ nu beide as pec telt. Is er sprake ‘. an een ‘nianece” in cle zin \ nu cle planregels’? De rechtbank o eres ccci dat cle .—\BRs S in haar uitspraak reeck is meegaan op de es ijze es aarop de in cle planregels opgenomen definitie van ‘manege—acti\ iteiten’ reehiens moet es orden uitgelegd. Ii it clie cntspraak is het olgende citaat afkomstig: 7.
‘.
103 Blijkens cle in cle planregels opgenomen definitie an maliege—aetivitelten en de er ijzing van de raad in zijn eres eerschrift naar de VNG—liandreiking paardenhoticlerij is een manege. zoals dat in liet hesienim inesplan op liet perceel [locatie 1] is toegestaan. een gebruiksgerichte paardenhouclerij es aar liet rijden met paarden cii het mennen mi paarden pr imair is gericht op de ‘.
UIL
aHIciLL’lIC IIICIlII. L}C rXlUHhLC CI ‘. Ijt
IItLJiJ Ilciltl
dLC III (IC
\J—
‘.
handreiking paardenhociderij opgenomen clelinitie van een manege: Een bedrijf kan als een ntanege es orclen heschoues cl indien cle acti iteiten uitsluitend of ïn hoofdzaak bestaan uit liet geven van instructie in één of meerdere disciplines aan derden met gebruik van paarden in eigendom van liet bedrijf of aan derden met eigen paarden en liet bieden van huis esting aan die paarden. Ook kunnen er es edstrijden orden georganiseerd oor ruiters en amazones clie met hun paarden van buitenaf komen. De nieeste maneges hebben een kantine foyer ingericht om klanten te ont\ angen en es aar gebruik kan es orclen gemaakt van consumptie. Gelet “
‘.
taaknuminer: LEE 21/7 0
8
hierop zijn het ge en van paardrij lessen en het bieden an tall Ing aan paarden an derden acti’ iteiten die naar liet oordeel nu cle Al’delmg hij een inanege zijn toe ties ta a n. 19.4.
[.1
19.5.
[...]
19.6 Ook hij het ee en \ an instrueties’lessen aan derden met eigen paarden en het bieden nu lnns esting aan clie paarden. is sprake van een nanege. T )e in de planregels openolncn detin itie van manege—acti iteiten vereist naar het .urdeel nu de .\ ‘dcl uto ook liet dat op de manege bedrij Fseigen paarden aan ezig fijn. .
.
,
‘
19.7. \\ nar appel Linie tot slot de vraag aan de orde stelt ‘ anneer voldoende icn\ itclteu orden ontplooid out te kunnen spreken van een manege. o er’\eeot cle :\ l’cleliug dat blijkens de in de pl.iitregels openomen detinitic an een nianege sprake moet zijn au acti ileiten een bedrij Rmatte ni eau net een puhlicksnericht karakter gericht op hei bieden \ an gelegenheid tot het berijden en er/orgen van paarden enol’ pott s. 1 )e .\l’deluie \ olgi de raad iii lijn stelling dat liet ut algemene zin \ oom!’ kan \\oi’deil bepaald hoes cel stallen clan eI paarden tel pliatse e\aet aan\\e,iL! ltaeIeli lijn. In de praltijk ml aan de hun) van cle oehiuclen aeti\ iteiten moeten ordeit beoordeeld di sprake s ‘ alt bedrijl’smnioc aeti\ iteiten liet een publiekeeriehit karakter. [)e Aldelnig liet in at iIpielIiilitL’ heeft aange’ oerd geen aanleiding oor let oordeel dat een dergelijke dein ii iebepal mtt uit een oogpulit \ nu reehtszekei’ Iteicl ii let aan\ aardbaar is. 1 )aarover over\d eegt cle Afdel lig ten over bede dat de raad ter zitting heeft meI ieht [siej dat om te kunnen spreken van een inancge het niet nooclzakel ijk is dat een o erchekte rij hal aanv ezig is.
Van een tuanege kan ook sprake zijn indien cle rij Faciliteiten niet er erdekt zijn’ De rechtbank bertjpt cle tilt leg art de ABR S alchii dat er sprake is art een ‘‘nianege” in de zin van cle planregeR als aannemelijk is dat liet botl\\ plan 1 exelusiel cle logies) dienstig is aan activiteiten op een bedrij Fsmatig niveau liet een publ ekseericht karakter, gericht op het biecleit art ge legetiheid tot het berijden en erzougen an paarden eito[pon s. 8.
Is sprake art acti iteiteu op een bedri t Rmatiii iu eau met ccii pubi ekseericlit karakter dat is gericht op het hiedenan geleeenhieicl tot liet bej_jclen \ erzoreen an paarden cii oh p_0_n_ s? 9. Tussen partijen is niet in geseli il dat cle acti’ iteiteti een pulil ieksgerieht karakter hebben dat is gericht op het bieden an gelegenheid tot het ben dcii en erzorgen Hit paarden en/of pcin s. In geschil is of sprake is \ an acti tenen op ccii bedrij I’stnatig n ieau. It). Eiseres heeft ter zitting gesteld dat sprake is an acti\ iteiten op een bedrijfsmatig ni\ eau. In dit erhanci heFt zij ge ezen op cle in estering clie met het project gemoeid is. Ook liet gege en dat liet gaat om achttien paardenstal en en een eigen rijbak is een indicatie dat liet gaat om bedrij l’smatige exploitatie. Volgens haar is rele ant dat cle mariege zeI lstand ug n tet—renclabel is. \ Is dat anders zou zijn, clan zouden geen appartementen nodig ‘
zaaknummer: T EE 21 710
1)
zijn. Ook zou nioeten
orden gekeken naar het geheel, in plaats an te tcussen op cle nkomsien uit cle manecte.
\‘er eerder stelt zich op liet standpunt dat de economische onclerbou ing an liet 1 0. 1 . project ii let vol ledig is. Volgens hem olgi daaruit (lat de oorgenomen nanege—activiteiten niet alle ondersteunende ‘ oorzieningen (zonder de substantiële bijdraue an de logiesruncties) een structureel negatieF rendement kennen. Daarmee is geen sprake van een op geldelijk ge iii gerichte (sein i—)bedrijFsinatige activiteit, aldus erv eerder. 10.2.
De rechtbank oordeelt als nlgt.
0,2. l . De o er eing an de A BR S au de strekking dat in de praktijk aan de hand an de geboden act 1 teOen moet orden beoordeeld ol’ sprake is an bed ‘ij t’smatige act iv itel ten met ccii puhl ieksgerieht karakter begrijpt de rechtbank alcitis dat dii eelcer een estic is an handha Ing. Dit aspect v ordi daarom in de onderhavige zaak ii ei beoordeeld. ‘
l 0.2.2. De rechtbank o\ er eegt dat het bou\\ plan realisatie an: a. b. c. d. e. t’.
--
oor zo er hier rele ani
oorziet in
een receptie cii kantine ( bedrij Fsgebouos 1): 18 pialentoxcn en opslagruimte ( hedril fsgebou 21: 37 parkeerplaatsen. een niet—os erdekte parIeuibak: een longeercn’kel: een m estp laat in ei toebehoren.
1 0.2.3. De rechtbank o er eegt dat perceel IK 1 Q3c) isaange\\ ezen oor de bestemming “Agrarisch”. In artikel 4. 1. aanlieF en onder c.. an de planreoels /ijn “manege—tuci liteiten” o penoui en. ‘.aar bij de Ge liie iten l let’. oor genoemd onder cl. tot en met t’.. C\i ie ict Zi i benoemd. Daarnaast is an belang dat de geschatte projectkosten olgens de aan raac € 4.500.001) belopen ( mcl iisicf de appartcnlenten). Voorts betrekt de rechtbank Ii ier bij. zoals de \ BR S ook heefi o er ogen. dat een manege op Terschelling bI ikens het bij de plantoel ichting gc\ oegde rapport larkt oor \lanege Terseheli ing’’ \ an T lanzeConnect oor de inkomsten sterk alliankel j k is an liet toerisme Gelet hierop is een inanege op [erseheli ing niet één op één \ ergel ijkhaar met een naneec op liet a.te land aar de hoolUacti iteiten aak v orden ge ornid door hei aanbieden \ an rij lessen aan ruiters uit cle onigc\ ing \ an de manege. ‘
1 0.2.3. ( )nder deze omstandigheden acht de rechtbank liet aatneinel ijk dat cle onderdelen a. tot en met f.. die zijui opgesomd in rechtso\ erw ecinut 10.2.2.. o ercenkomstie de bestemming ‘. an liet perceel kunnen orclen gerealiseerd.
Kunnen de 53 recrealieappartementen rechiens worden eekw alil1ceerd als “hij de manece behorende loeiesruimten in cle zin an de l)Ianregels? De rechtbank stelt vast dai tussen partijen niet langer in geschil is dat de planreels 1 1 .
niet voorschrj\ en dat de logiesf’uncties op ziclizelfonclergeschikt moeten zijn aan de man ege—a ct i \ ite ite ii.
zaaknunimer: lEE 21/710
10
Bij de toetsing an een houv plan aan een bestemmingsplan moet niet slechts t 2. orden bezien of het erk o ereenkomstig cle bestemin ing an het perceel kan ‘ orden gerealiseerd. Daarnaast zal n oeten \ orden bezien of het hoti erk ook met het oog op zodanig gebruik wordt opgericht. Een hou erk moet in strijd mei de bestemming v orden geoordeeld als redelijker ijs alt aan te nemen dat het bou erk uitsluitend of mede zal worden gebruikt voor andere doeleinden dan clie anrin de bestem m ing voorziet ( vgl. ro 5.2 van cle uitspraak an de ABR S \ nu 24 december 2019. ECLI NL: RVS:20 19:4429. rechtspraak. n Ij. 13, Eiseres stelt dat de planregels niet eraan in de eg staan dat op de locatie iogies\ erhlij en ordeit gerealiseerd. ‘o nar behalve een slaapgedeelte. ook een leelgedeelte en badkamer onderdeel na uitmaken. Ver\seerdel stelt iich in tijn er\\eerschril op het standpunt dat de aeti’ iteit in 13.1. strijd is niet het besienHuinusplan. \oloens hem heeft hij aan cle tand ‘ an de plans stematiek uitgeleud dat er oor is gekozen oni een ersehil ie maken in soorten reereaiie e o\ eriiaclui iuS\ oortieningeii. Reereatieapp:irienieiiieii orden in artikel 1.
lid 1.35 van de planregels gedetinieerd als “het geheel nu bij behorende ertrekken als al ,onderl ijk gemetibi leerde oongelegenheid telt belioe\e nu erhlijRreere:itie in ccii groter eehoii\\ l)e term logiestuiteties is niet gecletiiiieei’d. maat d:inniiec ordi ccii :iiidei’e \ orni nu reci e:itue bedoeld dan recreiiiie\mIngeIi. l):iiiruaast ijst hij erop dat, lioeel de teun logies niet in het besiemni inusplnn is gedefluteerd. de rand daarmee heett bedoeld een nacht’. erblijt toe te staan. lIet gaat daarbij om een ruimte ‘.‘. aariuu s naelits kan ‘.‘. orden geslapen. ii iet oni zei tstnnduge ‘.‘. oningen. Dergelijke zei fstandige ‘s’. uninuen zijn in cie planregels toegelaten onder cie ftuietie “recreatie—appartementen. een begrip dat ook in liet bestemmingsplan Is gedelinieerd. Daaruit blijkt dat met logies geen zelfstandige ‘.‘. oning is bedoeld, anders zouden recrentienpparlenienten zijn toecestaan [)uidel ijk Is dat de aan’. mag Ziet op reereatieappartenleutetl. nu deze zei stand ig be\\ oonbaar zij ii door de aan’.’. ezigheid nu ccii kookgelegenheid en badkamer en als zeI lstnndige ‘.‘.ooneenliedeui ‘.‘.orden verkocht. aldus ver’.’. eerder. .
.
13.2. In reactie op het er’.’. eereliri Ii het.iogt eiseres dat \ er’.’. eerder ‘. oor liet integrale karakter ‘.an liet proleet on’. oldoende ooc lieel’t gehad. Zij ‘.erbi ndi daimnan de conclusie dat de aan’. mag 01) 0fl uiste gronden is ge’.’ eicerd. i)e rechtbank is van oordeel cmi cle 53 recreatieappnrtemeliten reehtens niet kunnen l3.3. orden gek’.’. alt liceerd als ‘‘bij cle niaueue behorende logiesruiiiiten in cle zin \ an cle planregels. Reclel ijker’.’. ijs alt aan te tenten dat liet hou’.’. ‘.‘. erk ‘.‘. aar nu cle logiesru uiten deel u itinakeit mede gebruikt zal ‘.‘. orden our andere doe leinclen clan clie ‘.‘. aarin cle bestenim ing oorziet. Dat betekent dat cle acti’. iteit in strijd is niet liet beteuini ingsplaul artikel 2.1 0. eerste lid. aanhet cii ouder c.. an de \\ abu). Daartoe o’. er’.’. eegt de rechtbaiik als ‘.olgt. ‘.‘.
Volgens ‘. aste rechtspraak nu cle A B R’. S zijn cle op cle erheelci ing aangege’. en 13.3.1 bestemmingen en cle daarbij behorende regels bepalend voor liet witt’. oord op de vraag of een hou’.’. plan en liet gebruik iii strijd is niet liet bestemmingsplan. De niet—bindende toelichting hij liet bestemmingsplan heel’t in zo’. ene betekenis dat deze over cle bedoeling
zaaknuinmer: LEE 21 ‘7 (J
1 1
an de planetgever meer inzicht kan ge en indien de bestemmingen en de bijbehorende planregels \ aaraan moet orden getoetst. op zichzelf noch in samenhang duidelijk 0• Oni iiie van de rechtszekerheid moet een planregel letten i1k orden uitgelegd (\ cl. ro 5.1. an ECLI:NL:RVS:2022:2307. .rechtspraak.nl). 3.3.2. De rechtbank is an oordeel dat de planregels naraan moet orden getoetst in samenhang duidelijk zijn. gelet op de s stematiek an het besiemm inesplan. ‘
De rechtbank leest artikel 4 an cle planrecels in onderlinge samenhang met artikel 1 an de plamreeels zo. dat liet al ccii moet orden getoetst aan de bijzondere regel in artikel —1. lid —1.1. aanhef en onder b.. onder 3.. an de planregels. naar dat daarbij ook moet ‘ orden betrokken dat in cle planregels de onderstaande begriPpen separaat zij ii gecleti nieerd: ‘
appartement, in artikel 1. 1 cl 1 .5: recreatieve bew Oning. in artikel 1. lid 1 .12 en recreatieappartement. in artikel 1 lid 1 .35.
a. h. c.
.
Daarbij bestaat tuen de begrippen “appartement en “recreatieappartement ontlerha ioe ge al geen juridisch rele ant onderscheid.
oor liet
1 3.5.3. aar het oordeel van cle rechtbank is er geen redelijke t” ij [‘eI mogelijk dat de planrecels die net het oog op de bestemming /ijn eege\ en. uitsluitend liet gebruik van de bou erken toestaan oor ‘logies” én dat dat begrip niet gelijk te stellen is niet ‘‘appartementen. “uecreatie e be on Ing’’ of ‘‘recreatieappartementen”. Die begrippen zijn i mnicrs dl gecle tin werd in liet hestem in ingsplan. naar behoren ii dt tot liet toegestane gebruik op cle percelen k 1379 en K 039. De reactie an eiseres op het er’.eerschrift maakt liet oorgaancle niet anders. De bepaald gebruik binnen ecn hctcmm ing pa• kan v orden bcoodecld aan de hand an cle ruimtelijke uitstraling clie dat gebrink heeft gezien de aard. om ang en intensiteit. Bepalend is of de tutstral ing zodanig is dat deze niet meer valt te rijmen met cle tunctie au het perceel. Gelet op cle tekeningen die zich in het dossier he indeu en de te er” achten gebruiksintensiteit op een toeristisch ei land zoals Terschelline. is cle ruunitelij ke uitstralmg ‘ an het plan zodanig dat cle 53 appartementen eeleer moeten \‘. orden gek ah ficeerd als recreatie tappartenieuten’ mi de zin van de planrecels. ter ij 1 de planregels voor pei’ceel K 1379 niet in de hou daarvan oorzien. 13.3,4.
‘
\ rang ofeen
‘
1 leeft er eerder denedelijk eemoti eerd dat ergunnine erlening met toepassine an artikel 2.12 an dc \Vaho niet moeelijk is? Tussen partijen is niet in geschil dat liet bestemmingsplan geen rele ante 14. mogelijkheid bevat om hinnenplans af te vijken van de lanregels. zoa Is bedoeld in arfikel 2. 2. eersie lid, onder a.. onder i an de \\ aho. ‘
,
Eiseres oeri aan dat cle Ach iescomniissie o er toepassing van cle 15. kruimelgevallenreceling door er eerder heeft O\ er ogen dat zij heeft “bezien of liet mogelijk is op cle locatie an perceel 1379 een zelfstandig hotel te realiseren”. Eiseres stelt dat zij geen aan’ rang heeft ingediend koor een zelfstandig hotel. Eiseres verbindt daaraan de conclusie dat cle over\\egingen in het ad ies daarover vat haar betreft onjuist zijn. ‘
zaaknummer: LEE 2 I’7 0
12
\‘er eerder stelt zich 01) het standpunt dat eiseres de sioop heeE aange raagd an 15. cie bestaande rij hal en n ieu bo1i\ an recreatieappartenienten en ( samenge\ al) een gehou\ met daarin paardenho\en en opslag. 0p grond an vaste jurisprudentie kan claar\ oor geen krti inehi R ijk ing orden verleend, aldus er eerder. in ci it erhanci heeft hij ver ezen naar de uitspraak van de A [3 RvS an 4 hbruari 2020 (ECLI:N t.: RVS:2020:33 8. .rechtspraak.ni,t. .
‘
‘
15.2. De rechtbank begrijpt de beioepsorond o er toepassine an de kru i iiielge al lenregel lig aldus dat eiseres daarmee beoogt te betogen dat \ an de planregeiN kan orden a[ge\ cken op grond \ uit artikel 2. 1 2. eerste lid. onder a.. onder 20. an de \\ ubo. ‘
5.3. De rechtbank i5 mm oordeel dat de beroepsgrond faalt. Daartoe O\ er eegt zij dat er eerder zich terecht op het standpunt stelt dat artikel 4. aanhet en onderdeel ), van bijlace II an het Bor in dit gc al geen grondslag biedt oor gebruik in aR ijking van cie planregels. 1 let geboii is immers niet i’eitel ijk aan’. ciie en vergund. In onderdeel S) staat dat het aR ijkende gebruik ii een vergund mag v ordeit als (lat niet gepaard gaat niet bou\\ acti\ iteiten clie ertoe leiden dat de beboim de opper lakte en liet hou oluine orden vergroot. In geval \ au iieu bouv gaat liet aR\ ijkende gebruik pem dehnitie gepaard met dergelijke hou acti iteiten ( vgl 7.2. an T CLI Nl .:I< \S:2022: 571. .rechtspraak.nl t. .
.
1 6. Eiseres heeb erder als beroepserond itaar voren gebracht dat een inhoudelijke beoordeling had moeten plaats i ndemi op de oct an artikel 2. 1 2 eerste lid. aanliel’ en onder a.. onder 30, an cle \Vabci (ccii ‘‘buitenplanse aR\ ijking’’ ). \‘er\\ eerder stelt zich primair op liet standpunt dat er een 1 6. 1 . eede \\eigeringsgroiid is (behalve strijd liet het bestemmingsplan). 1 let project is olgeits hein k in strijd niet de redelijke eisen au v elstand. (_)nidat er eerder zei Istandig hc oegd is om de aan ‘aag te eigeremi egens strijd mud de redelijke eisen nu elstand, is er geen reden om de raad te ragen cie ru imtel ijke aspecten an (leze aan rang te beoordelen, aldus er eerder. stibsidiami slelt ereerder zich op het standpunt dat zoel uit het primaire besluit als int liet besluit op het\\ nar blijkt dat en aaromn liet door aan racer oorziene recreat ieappartementencomple\ ter plaatse niet ensel ijk is,
1 6.2.
1 6.2.1
De rechtbank is an oordeel dat de heroepsgrond slaagt. Daartoe o er’ eect zij a Is
.
i it de hierna olgende rechtso\ er’ egingen 1 7. tot cii niet 17.3.7. olgt dat. en rechtbank \ er eerder niet olgt in zijn primaire standpunt.
\ aaroni. cie
1 6.2.2. De rechtbank oIgt ver eerder C\ Cliii) in in zijn subsidiaire standpunt. Ver eerder heel’t ten onrechte in zijn besluit\ orin ing tot uitgangspunt eenonien dat sprake zou zijn an een ‘‘zellstandig (appartemenren)hotel’’. Dc betekenis van liet begrip “hotel’’ is in het hestemni ingsplan niet oiiiseltie cii. l_)aaroiii tnekt de rechtbank oor de uitleg van ii ml begrip aansluit ing bij de betekenis die daaraan in het normale spraakgebruik ordt gege en. De Dikke \ an Dale ( )nl iiie. liet groot oiirdenboek an cie Nederlandse taal, ermneldt onder het 1cm ma ‘‘hotel”: ‘‘gehoim ingericht oor liet onderdak hm’engen \ an reizigers’’. Dat erschilt in ezenl i ke mate an het project c aarvoor eisei’es onige\ inuzs\ ergunn ing heeft ‘
zaaknumnier: LEE 21/710
aanee raagd.
3
aarhi immers oor
at betreft de 53 recreatieappartemenlen geen sprake is
an een hotel. restaurant ofcafé (“horeca” t.
1 6.2.3. Saar her oordeel an de rechtbank i de dooi er eerder in dit \ erhand aangehaalde horecanota niet—rele\ ant iii het onderha ge ge al Dat betekent dat CF\\ eerder ii ei kon volstaan met een ver ijzine naar die horecanota ter uoti’ erine an het niet— toepassen van artikel 2.12 eerste lid. aanhef en onder a.. 3°. an cle \\aho. ‘
Kon vereerder cle besluitvormine baseren op liet advies van hûs en hiem gedateerd april 2020.1 7. Eiseres heeft ter zitting gesteld dat zi met het project hee6 aangesloten hij de elstandscriteria. In dit erband heeft zij VeR’ ezen naar cle \‘ elstandscriteria die op paoina IS an de es clstandsnota staan. Ver eerder stelt zich op het standpunt dat tnt de \ elstandsnota olot dat \‘ ordt 7. 1 gestreefd naar harmonie met cle eilander hoti trant. \‘oluens hem is cle gesloten kap daar an een oncleideel. ter\\ ij 1 clie in het hou plan ontbreekt. 1-1 ij lieeP in dit erhand er eten naar cle objectgerichte criteria crmeld 01) pagina 53 an cle ‘es elstandsnota. .
‘.
‘.
De rechtbank begrijpt cle heroepsgrond. zoals hicr oor ‘es eergege cii onder t 7.. 1 7.2. aldus dat \ er’ eerder heeFt gehandeld in strijd mci cle erge\\ isplicht dooi het bestreden hein ii te baseren op liet ach es an li(is en hieni ( ar ikel 3:9 an de b). 1 7.3.
De rechtbank is
\ olet.
mi
oordeel dat cle herocpsgrcsnd slaagt. I)aartoe o’ er eegt tij als
1 7•3• 1 t bijlage 1 an de elstanclsnota. getiteld “Kaart met gebiedsinclel Ing. olgt dat cle percelen zijn gelegen in Deelgebied 2 Poldcrgebiecl niet buurtschappen en verspreide bcbou ing’, .
.
1 7.3.2. Op paoina 13 an cle ‘es elstanclsitota staat een wel ichtmg op liet gehiedsoericht benorde 1 ingskader. Daaruit olgt dat het hoii plan zou moeten orden getoetst aan cle elstandscritcria die zijn te \ inden op pagina 1 en 19 tin de \\ elstancisnota. 1 7.3.3. Er is ruimtelijk kesaliteitsbeleid oor deehtebiecl 2. Dat is bcschrc en op pagina S an cle \\ elstancisnota. Daaruit is het olgencie citaat aflomstig.
zaaknum nier: LEE 2 1/7 t)
1—1
“3
RUI\f[ELIJK KWALlTElTSBEiJl[) TLRSCI IELLING
3.1
INLI.lDlN(1
[.1 3.2
lilDlG RI 1\l lElIJK BËI.I:ll) PER (iEBlE[)
[.1 Poldergebied met buurtschappen en erspicide bebouw ing In het poldergebied bc iiidcii zich enkele buurtschappen cii erspreide beboii inn. liet kenmerk van liet poLl ecHed is de openheid. liet behoud van de natuur aarden cii de openheid is oor liet poldergebied ccii helanerijke doelstel I inn, I )oor cle aan’ ijzino art de polder als beIieer’eebied is hei agrariclie gebruik art de polder rti inder ntiensicf ge orden. in het Structuurplan v ordt aangege\ en dat cle bestaande anra ri che bedrij ven zich in oeten kun tien ontv% ikkelen 1)1 zal in somin ge ne allen betekenen dat er niett e bedrij fsgebou en gerealiseerd iil cii v orden. 1)eze uitbreidingsmogelijkheden urdei in de tenen de dorpei 1 aan 1 tugende “randen” van de polder gegeven. N ieiiv e ont ikkelingen dienen te passen binnen de aard en cle schaal art liet landschap ccl. liet dorp. liet ruintielitls beleid \OO[ cle polder is juridisch astgelegd ni liet Besteiinningsplan Buitengebied l)e Polder, \ledirt 2007 is een ooront\\erp oor cle her,’ieninn an liet be’ienininie’plait Buitencehied gereed. [ —
.
7.3.4. Uit liet luerho cii eeciieei’de deel iit liet ruiintelitls k\aIIieitsbeleidl kan orden benrepen dat cle volgende elsiandsapeeien bel:ingrij k orden geacht dooi’ de raad art \ er cerclers gemeente:
a. b.
behoud art de natu Ur aarden en cle openheid van het polciergebieci en ol’ dat nienv e ont ikkel innen dienen te passen binnen de aard en cle schaal an liet Iandsc hap ccl liet dorp.
1 )e aNpecten h ierho cii genoemd onder a. en b.. keren e eirn eI liet terug iii de eRtatidseriteria oor deelgebied 2. Bij deze stand an zaken kan cle ektandseomni isste de criteria genoemd in cle orige al rica niet in haar heorirdel iiie betrekken also I het elstandscriieria betrert. ‘
1 7.3.5. De rechtbank o er\ eegt dat liet elstandsad ies art I1ÛN en hiem gedateerd 2 1 april 2020. ziet op t ee elstandseriteria:
b.
.‘\anzichten 1 errein t urichiting.
[3e rechtbank stelt ast dat hetgeen cle eRtandscommissie o er” eegt over cle aanzichien niet is gebaseerd op de v elstanciseriter ia clie lijn gel’ormu leerd over cle “Aanziehten’ clie van toepassing lijn rt deelgebied 2 (zie pagina l 0 mi cle \\ eI stancisnota). De rechtbank stelt vast dat oor deelgebied 2 geen zien op •Terreininricliiinn”.
elstandseriteria zijn geforniuleerci clie
zaakn ummer: LEE 2 1/710
5
De rechtbank is van oordeel dat hûs en hiem niet op kenbare ‘.‘. ijze heeft getoetst aan de rele’. ante gehiedseerichte criteria die zijn opeesteld ‘.oor deelgebied 2. l 7.3.6. Dat er’aecrcier ter zitting heeft er’.’. ezen naar het ohjectgericht heoordelincskader haat hem niet (pagina 53. van de \Velstandsnota). 1 let ohjectgerichte heoordelingskader ziet op bestaande objecten (zie pagina 1 4. laatste alinea, van de \Ve lstandsnota). in dit ge’. al “karakteristieke boerderijen op Terschelling”. In het onderha’. ige geval gaat het echter om n 1cm’. hou’.’., zodat niet alt in te zien dat en ‘.‘.aarom aan de ohjectgeriehte criteria betekenis zou toekomen iist cie ‘.‘.elstaiidscriteria die zijn opgesteld ‘.oor deelgebied 2. De er’.’. ijzinn naar de “eilander hou’.’. trant” naakt dat niet anders. liet had op iie v. eg an er’.’. eerder gelegen om dat benrip int te ‘.‘. erken in de Beleidsintentic. hetgeen niet is gedaan. ‘.
1 7.3.7. Uit het ‘. oorgaande olgt (lat ‘. er’.’. eerder zich liet ‘. oldoende er’. au heeft erge’.’. it dat het onderzoek an liüs en hiem op zorg’. uH ee v. ijle leeft plaatsge’. onden. Daarom kon hij dat ad’. ies niet ten grondslag lengen aan i ijn standpunt dat het uiterlijk of de plaatsing an het hou’.’. ‘.‘. erk ‘.‘. aarop de aan’. raag betrekking heeft. zo’.’ cl op zichzelf beschouwd als in erband net de oinge\ ing of de te ‘. er’.’. achten out’.’. ikkel ing daar’. nu. iii striid is met redelijke eisen au ‘.‘. elstanil. beoordeeld naar cie criteria, bedoeld in artikel 1 2a. eerste lid. oniler a. au iie \\ nu ing’.’. et (artikel 2.10. eerste lid. aanhet’en onder d.. van de \Vaho). .
‘.
17.3.8. Cielci op het ‘. oornaande is het niet nodig om de o’. enge beroepsnrnnden o’. er het ‘.‘.elstandsad’. ics te beoordelen. Coiicliisie en gevolgen
De rechtbank zal het beroep gegrond \ erklaren. /ij zal het besluit op bez’.’. nar 1 S. gedateerd 1 8 januari 202 1 ‘. cru uctugen Daar’. oor zij ii t’.’. ee redenen. .
1 S. 1 . ten eerste kon er’.’. eerder zich ii ei zonder meer op het standpunt stel cii dat oniec’. ings’. ergunning moest ‘.‘. orden ge’.’. cigerd ‘. an’.’. cgc strijd met het bestemmingsplan. Cielet op artikel 2. It). t’.’. cciie 1 id. gelezen in samenhang liet artikel 2. 1 2. eerste lid. aanhef en onder a.. onder 30 heeft er’.’. eerder niet deugdelijk nemoti’. eeril of’. ergunnune’. erleit inn in af’.’. ijkinu ‘. mi de planregels mogelijk zou zijn. In ZO’. ene is liet bestreden besluit genomen iii strijd met artikel 3:2 en 7: 12 an de A’.’. b. ‘.
‘.
Ten t.’. cciie kon er’.’. eerder zich niet baeren op liet ‘.‘. elstandsadvies ‘.nu hûs cii 1 8.2. hiem gedateerd 2 1 april 2020. In zoverre is liet hetreden besluit genomen in strijd met artikel 3:9 van de A’.’.b. ‘.
Gri ftierecht 1 9. Omdat de rechtbank liet beroep gegrond zal erklaren. zal zij ver’.’. eerder opdragen liet betaalde gritïuerecht ‘. an € 36(1.— aan eiseres te ernoeden. Proceskosten De rechtbank stelt de proceskosten ‘.oor de beroepsfase ast op € 1 .674.— (1 punt oor liet indienen an liet beroepschrift. 1 punt voor liet erschijnen ter zittiitg. met een ‘.‘.aarde punt nu € 837.— en ‘.‘. egingsfactor t ). Over cie proceskosten voor de bez’.’.aart’ase moet ver’.’.eerder een beslissing nemen in liet te nemen besluit op bez’.’.aar ter uit’. oering van deze uitspraak.
20.
‘.
‘.
zaaknummer: LEE 21/710
16
Beslissing De rechtbank: -
—
—
verklaart het beroep gegrond: vernietigt het besluit op bezwaar gedateerd 1 t januari 202! (zaaknummer JC/84499): draagt verweerder op liet betaalde griflierecht van € 360.— (zegge: driehonderdzestig euro) aan eiseres te vergoeden: veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiseres tot een bedrag van € 1 .674.— (tegge: zestienhonderdvierenzeventig euro).
Deic uitpr;ik is gedaan door mr. II..). Bastin. voorzitter. en mrs. P.H.M, Tapper-Vv’essels en 1). Pul. leden. in aanwezigheid van mr. DH. ter Beek. griffier. De uitspraak is u Itgespi ken ii het openbaar op 1 6 januari 2023.
gri l’fl er
ur/.it
Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:
16 AN 2023
Informatie over hoger beroep Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerheroepschrift sturen naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin vordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is iliet deze uitspraak. Het hogerheroepschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag aarop een afschrift van deze uitspraak is verzonden. Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft. dan kan de indiener de voorzieningenrechter van de Afdeling hestuursrechtspraak van de Raad van State vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen.
LOYENS,ÉLOEFF Law & Tax
Bij lage 2
Rechtsoverweging 15.2, waaruit klip en klaar volgt dat logiesverblijven niet ondergeschikt hoeven zijn aan de manege én dat met het bestemmingsplan geen beperkingen zijn beoogd van het soort gasten dat van de logiesverblijven gebruik mag maken: —
—
“De raad heeft ter zitting toegelicht dat de vermelding in de planregels dat bij de manege behorende logiesruimten zijn toegestaan, betekent dat de verhuur van logiesruimten uitsluitend mogelijk is op het moment dat op het perceel [locatie 1] een manege wordt geëxploiteerd. Met deze planregel is volgens de raad echter geen beperking beoogd van het soort gasten dat van de logiesruimten gebruik mag maken. Daarbij heeft de raad ter zitting toegelicht dat, anders dan [appellante] vreest, het bestemmingsplan geen grondslag biedt voor handhavend optreden indien andere gasten dan de bezoekers van de manege gebruik maken van de logiesruimten. Dit betekent volgens de raad dat toeristen op Terschelling in de logiesruimten kunnen overnachten zonder dat zij gebruik maken van de manegeactiviteiten of van de dagrecreatieve activiteiten die [appellantel op haar percelen aanbiedt. Verder heeft de raad ter zitting toegelicht dat de in de planregels gemaakte koppeling tussen manege en logiesruimten niet betekent dat de verhuur van de logiesruimten ondergeschikt moet zijn aan de manege. Op het moment dat op het perceel [locatie 1] een manege wordt geëxploiteerd, mogen blijkens de planregels ter plaatse logiesruimten worden verhuurd. Aan het aantal logiesruimten zijn in de planregels geen beperkingen gesteld, aldus de raad.
De Afdeling stelt vast dat deze uitleg van de raad in overeenstemming is met de planregels.” (rov. 15.2) Rechtsoverweging 11.2, waarin onder meer het volgende staat over de toegestane combinatie van gebruiksvormen op de Locatie: “De planregels laten aan [appellante] de keuze om op haar percelen uitsluitend dagrecreatieve voorzieningen aan te bieden dan wel een manege te exploiteren. De planregels staan er ook niet aan in de weg te kiezen voor een combinatie van beide gebruiksvormen. Bovendien bieden de planregels de mogelijkheid om op het moment dat een manege wordt geëxploiteerd, daarbij ook logiesruimten te verhuren.” (rov. 11.2) Rechtsoverweging 11.5 die de toegestane hoge bouwdichtheid op het Perceel illustreert, luidt onder meer als volgt:
53681725
7/9
LOYENS,IL LQEFF Law & Tax
“Wat betreft de bebouwingsdichtheid op perceel [locatie 1], stelt de Afdeling vast dat op zichzelf tussen partijen niet in geschil is dat deze dichtheid hoog zal zijn indien de bouwmogelijkheden ter plaatse volledig worden benut (...).“ (rov. 11.5) Rechtsoverweging 19.7 waaruit volgt dat een overdekte rijhal gn vereiste is om te kunnen spreken van een manege, bepaalt onder meer: “Daarover overweegt de Afdeling ten overvloede dat de raad ter zitting heeft toelicht dat om te kunnen spreken van een manege het niet noodzakelijk is dat een overdekte njhal aanwezig is. Van een manege kan ook sprake zijn indien de rijfadiiteiten niet overdekt zijn.” (rov. 19.7)
53681725
8/9
LOYENS,ÉLQEFF Law & Tax
Bijlage 3
53681725
9/9
Uitspraak 201608986/11R3 Raad van State
Page 1 of 30
-
Raad van State Uitspraak 201608986/1 /R3 ECLI:
ECLI:NL:RVS:201 8:1397
Datum uitspraak:
25 april 2018
Inhoudsindicatie:
Bij besluit van 25 oktober 2016 heeft cle raad het bestemmingsplan ‘Herstelbesluit Manege (locatie 1] te Hoorn’ vastgesteld.
4 eerste aanleg meervoudig
4 ro friesland -
Volledige tekst 201 608986/1/R3. Datum uitspraak: 25 april 2018 AFDELING BESTU URSRECHTSPRAAK Uitspraak in het geding tussen: [appellantel, gevestigd te Hoorn, gemeente Terschelling, en
(
de raad van de gemeente Terschelling, verweerder. Prôcesverloop Bij besluit van 25 oktober 2016 heeft de raad het bestemmingsplan ‘Herstelbesluit Manege (locatie 1] te Hoorn’ vastgesteld. Tegen dit besluit heeft (appellante] beroep ingesteld. De raad heeft een verweerschrift ingediend. De Stichting Advisering Bestuursrechtspraak voor Milieu en Ruimtelijke Ordening (hierna: StAB) heeft een deskundigenbericht uitgebracht. [appellante] en de raad hebben hun zienswijze daarop naar voren gebracht. tappellante) heeft nadere stukken ingediend.