CConstaterende datTerschelling
Koppel je AI →
Document · PDF

7.c. Begroting 2022 12 oktober 2021.pdf

Raadscommissie 20 oktober 2021, gemeente TerschellingBij agendapunt: Begroting 202235.653 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

Voor het opstellen van de nota omgevingskwaliteit worden de kosten geraamd op circa € 60.000 in het jaar 2022. Omgevingswet De invoering van de omgevingswet pakken we tot 1 januari aan via het project Invoering Omgevingswet. Alle onderdelen zoals hiernaast genoemd zijn als aparte opdrachten belegd in projectteams. Aan het eind van dit jaar bepalen we via een plan van aanpak wat er volgend jaar nog opgeleverd moet worden en hoe: of dit nog via een project moet gaan of in de lijnorganisatie opgepakt kan worden. Ook maken we dan een kostenraming per onderdeel. Voor het project Omgevingswet is een incidenteel krediet beschikbaar. De omvang daarvan ligt net onder de raming van de VNG wat jaarlijks nodig is voor de implementatie. De piek in de werkzaamheden in dit project ligt in dit jaar. Hetzelfde geldt voor de kosten. Echter, we verwachten dat er ook volgend jaar de nodige kosten moeten worden gemaakt. Daarvoor zal het resterende budget waarschijnlijk onvoldoende zijn. Voor het opleveren van de resultaten in 2022 en mogelijk daarna, is het nodig een aanvullend incidenteel budget beschikbaar te stellen. Wij gaan ervan uit dat een eenmalige aanvulling met € 75.000 euro voldoende is. De bestemmingsplannen worden per deelgebied geactualiseerd en omgezet in een omgevingsplan. Als pilot is in 2021 gestart met het Omgevingsplan Midsland.

Het Omgevingsplan voor Midsland wordt in 2022 vastgesteld en dient als voorbeeld voor de daaropvolgende omgevingsplannen. De planning is als volgt: 2021/2022 2022/2023 2023/2024

Begroting 2022

Midsland, West aan Zee, Midsland Noord, Midsland aan Zee, Formerum Noord en Formerum aan Zee West, Hoorn en overige dorpen Polder en Natuurgebieden, haven en bedrijventerrein

49

De omgevingsplannen zullen samen met een extern adviesbureau worden opgesteld. Daarvoor wordt gebruik gemaakt van het budget dat structureel voor ruimtelijke plannen in de begroting is opgenomen (€ 57.000). De actualisering van de bestemmingsplannen vraagt om een projectmatige aanpak. In de loop van 2021 wordt daarvoor een projectplan opgesteld. Een deel van de werkzaamheden wordt uitbesteed. Daarvoor zullen offertes worden gevraagd. Dan wordt ook duidelijk of met € 57.000 per jaar kan worden volstaan. Wonen De huidige Woonvisie loopt tot 2022, met een doorkijk tot 2025. Het is wenselijk om een nieuwe Woonvisie op te stellen voor 2023 en verder. Hiervoor wordt een externe partij ingeschakeld. De verwachte kosten hiervan bedragen naar verwachting circa € 25.000 en kunnen worden gedekt vanuit het structurele budget van € 40.000 dat beschikbaar is voor wonen vanaf 2023 en verder. FUMO Het onderzoek naar de BRIKS-taken loopt nog, hiervoor is in 2021 een kwartiermaker aangesteld, die voor een deel ook in 2022 nog zijn werkzaamheden zal verrichten. Vooralsnog hebben wij de ramingen uit de aangeleverde begroting van de FUMO aangehouden voor de jaren 2022-2025. Uit het onderzoek blijkt dat het voor de gemeente Terschelling op termijn voordeliger is om in een pool met Harlingen de BRIKS-taken weer zelf te gaan uitvoeren. Dit betekent dat de begroting van de FUMO voor 2022 niet klopt.

ER blijft voor Terschelling alleen het milieudeel over. Dat bedraagt ca. € 112.000 bij een uurtarief van € 105,18. Risico’s Omgevingswet Omdat er nog veel onduidelijkheden zijn omtrent de invoering van de Omgevingswet is het nog niet bekend welke budgetten er benodigd zijn voor de uitvoering vanaf 2023. FUMO De begroting van de FUMO is alleen geïndexeerd aangeleverd en is geen rekening gehouden met de mogelijke gevolgen van de invoering van de Omgevingswet. Dat maakt het lastig om te beoordelen of de gevraagde bijdrage voldoende is en past binnen onze begroting. Het kan zijn dat met de invoering van de Omgevingswet, de bijdrage verhoogd gaat worden. Indien de samenwerking met de FUMO op het gebied van BRIKS-taken wordt beëindigd zal dit frictiekosten met zich meebrengen. Hiervoor is een budget in de begroting opgenomen.

Begroting 2022

50

PROGRAMMA 8 VOLKSHUISVESTING, RUIMTELIJKE ORDENING & STEDELIJKE VERNIEUWING Taakveld

L/B

8.1 RUIMTELIJKE ORDENING

8.2 GRONDEXPLOITATIE

8.3 WONEN EN BOUWEN

TOTAAL PROGRAMMA 8 VOOR RESULTAATBESTEMMING 0.10 MUTATIES RESERVES

2022

2023

2024

2025

Baten

-

-

-

-

Lasten

-132.000

-57.000

-57.000

-57.000 -57.000

-132.000

-57.000

-57.000

Baten

-

-

-

-

Lasten

-8.000

-8.000

-8.000

-8.000

-8.000

-8.000

-8.000

-8.000

Baten

670.000

663.000

671.000

672.000

Lasten

-912.000

-845.000

-853.000

-854.000

-242.000

-182.000

-182.000

-182.000

-382.000

-247.000

-247.000

-247.000

Baten

-

-

-

-

Lasten

-

-

-

-

-

-

-

-

-382.000

-247.000

-247.000

-247.000

2022

2023

2024

2025

TOTAAL PROG 8 VHROSV NA RESULTAATBESTEMMING L/B Baten

670.000

663.000

671.000

672.000

Lasten

-1.052.000

-910.000

-918.000

-919.000

-382.000

-247.000

-247.000

-247.000

Beleidsindicatoren Volkshuisvesting, Ruimtelijke ordening en Stedelijke vernieuwing

2020

2019

Gemiddelde WOZ waarde

€ 332.000 € 321.000

Nieuw gebouwde woningen (aantal per 1.000 woningen) Demografische druk (%)

0

3,9

66,1%

54,4%

Gemeentelijke woonlasten eenpersoonshuishouden (in €)

€

758 €

706

Gemeentelijke woonlasten meerpersoonshuishouden (in €)

€

758 €

706

Begroting 2022

51

4. Paragrafen Inleiding In het BBV is voorgeschreven dat in de begroting en het jaarverslag een aantal verplichte paragrafen worden opgenomen. Deze paragrafen geven een dwarsdoorsnede van de financiële aspecten van de begroting. De informatie komt verder gefragmenteerd bij de verschillende programma’s aan bod, maar is daardoor minder inzichtelijk voor de gemeenteraad. Het gaat hierbij met name om de beleidslijnen voor beheersmatige aspecten die grote financiële gevolgen kunnen hebben en/of van belang zijn voor het realiseren van de programma’s. Het is de bedoeling dat de paragrafen de raad de juiste en integrale informatie geven om zijn kaderstellende en controlerende rol ook op de beheersmatige aspecten waar te maken. Daarnaast zijn de paragrafen ook belangrijk voor de toezichthouder, die op deze manier de financiële positie van de gemeente beter kan beoordelen. Volgens het BBV dient de begroting tenminste de volgende paragrafen te bevatten: - Lokale heffingen - Weerstandsvermogen en risicobeheersing - Onderhoud kapitaalgoederen - Financiering - Bedrijfsvoering - Verbonden partijen - Grondbeleid In deze begroting is de bovenstaande volgorde aangehouden, maar is ook een tweetal niet verplichte paragrafen toegevoegd.

Dit is een paragraaf waarin de geprognosticeerde balans wordt gepresenteerd en een paragraaf die meer inzicht geeft over de verdeling van de personele lasten over de verschillende programma’s en taakvelden.

Begroting 2022

52

4.1 Lokale heffingen Onroerende zaakbelasting De grondslag voor de ozb is sinds 1995 de woz-waarde van een woning of niet-woning. De peildatum van deze woz-waarde ligt steeds op 1 januari van het jaar ervoor. De peildatum in 2022 is dus 1 januari 2021. Omdat de waardeontwikkeling die wordt gebruikt voor de tarieven ozb in 2022 nog niet volledig bekend is wordt er in deze begroting rekening gehouden met de voorlopig beschikbare gegevens. Bij deze voorlopige gegevens wordt rekening gehouden met een stijging van de gemiddelde woningwaarde van 4% en een daling van de waarde niet-woningen van 2%. Door de waardestijging van de woningen blijft het tarief ozb voor woningen nagenoeg gelijk aan 2021, de stijging betreft 0,001%. Het tarief voor de niet-woningen zal eveneens licht stijgen ten opzichte van 2021 om waardeverminderingen op te kunnen vangen. De tariefvoorstellen voor 2022 worden voorgelegd aan uw raad bij de behandeling van de verordening OZB in de raadsvergadering van uiterlijk december 2021. In verband met de afhandeling van de herwaardering is de verwachting dat deze tarieven eerst voorlopig zijn, waarna de definitieve tarieven OZB uiterlijk in de raadsvergadering van januari 2022 worden voorgelegd.

Rioolheffing Sinds de introductie van de Wet gemeentelijke watertaken op 1 januari 2008 dient de gemeente niet alleen zorg te dragen voor stedelijk afvalwater, maar ook voor regenwater en grondwater. Om deze taken goed uit te voeren worden er kosten gemaakt. Deze kosten worden via de rioolheffing verhaald op gebruikers van woningen en niet-woningen. In de raadsvergadering van 29 oktober 2019 heeft de gemeenteraad het nieuw verbreed gemeentelijke rioleringsplan 2019-2023 (vGRP) vastgesteld. In de loop van 2021 zijn de cijfers uit het vGRP geactualiseerd. Indien dit aanleiding geeft tot bijstellingen, dan zal dit in het begin van 2022 aan de raad worden voorgelegd. In het jaar 2023 zal het vGRP opnieuw worden herzien en worden vastgesteld voor de daarop volgende 5 jaar. Tarieven rioolheffing Basistarief rioolheffing één- en meerpersoonshuishoudens €

2018

2019

2020

2021

2022

176 €

176 €

176 €

176 €

176

Naar verwachting wordt er in 2022 rioolheffing geheven bij 3.231 woningen en nietwoningen. Naar aanleiding van de ontwikkelingen in het programma 135+ kunnen deze eenheden nog verder stijgen. De inkomsten uit rioolheffing mogen de kosten die gemoeid zijn met deze taken niet overschrijden. In onderstaande tabel is de kostendekkendheid van de rioolheffing te zien. Het dekkingspercentage van 75% geeft bijvoorbeeld aan dat de kosten voor 75% gedekt worden door de ontvangen heffingen. Het tekort hoeft niet te worden gedekt door tariefsverhogingen maar wordt gedekt vanuit de voorziening. Op deze manier is de kostendekkendheid van riolering altijd 100%.

Begroting 2022

53

Kostendekkendheid riolering in €

2021

2022

2023

2024

2025

-748.500

-783.500

-788.500

-760.500

-760.500

Saldo exploitatielasten taakveld 7.2 Riolering

-748.500

-783.500

-788.500

-760.500

-760.500

Toerekening overhead

-235.000

-235.000

-235.000

-235.000

-235.000

BTW

-110.000

-118.000

-118.000

-110.000

-110.000

Saldo exploitatielasten taakveld 7.2

-1.093.500

-1.136.500

-1.141.500

-1.105.500

-1.105.500

Opbrengst heffingen

860.000

860.000

860.000

860.000

860.000

Saldo riolering

-233.500

-276.500

-281.500

-245.500

-245.500

Dekkingspercentage

79%

76%

75%

78%

78%

Lasten taak veld 7.2 Beheer en onderhoud riolering Baten taak veld 7.2 Overige opbrengsten

Afvalstoffenheffing Het huishoudelijk afval wordt door de gemeente ingezameld, afgevoerd en verwerkt. Met ingang van 2012 heeft de gemeente deze taken ondergebracht bij Omrin. Omrin is een samenwerkingsverband op het gebied van afvalinzameling van alle gemeenten in Friesland. Om deze samenwerking te kunnen bekostigen wordt er afvalstoffenheffing geheven per huishoudelijke aansluiting. Het tarief van deze afvalstoffenheffing wordt bepaald aan de hand van de begrote kosten van de inzameling. Wij stellen voor het tarief voor 2022 te laten stijgen met 2% ten opzichte van het tarief van 2021. Tarieven afvalstoffenheffing Basistarief afvalstoffenheffing één- en meerpersoonshuishoudens €

2018

2019

2020

2021

2022

197 €

202 €

207 €

211 €

216

Net zoals bij de rioolheffing mogen ook de inkomsten uit de afvalstoffenheffing de kosten die gemaakt worden voor de uitvoering van deze taken niet overschrijden. In de onderstaande tabel is de kostendekkendheid van de afvalstoffenheffing te zien. Het dekkingspercentage van 99% geeft aan dat de kosten voor 99% gedekt worden door de ontvangen heffingen. Kostendekkendheid afval in €

2021

2022

2023

2024

2025

-490.000

-499.000

-509.000

-519.000

-519.000

Lasten taak veld 7.3 Afvalinzameling Voorzieningen en materialen inzameling

-

Afvalverwerking

-335.000

-345.000

-355.000

-365.000

-365.000

Milieustraat

-85.000

-87.000

-90.000

-92.000

-92.000

Overslagstation

-3.000

-3.000

-3.000

-3.000

-3.000

Totaal lasten

-913.000

-934.000

-957.000

-979.000

-979.000

Afvalverwerking

60.000

60.000

60.000

60.000

60.000

Huuropbrengsten

12.000

12.000

12.000

12.000

12.000

-

-

-

-

-841.000

-862.000

-885.000

Baten taak veld 7.3

Overige opbrengsten Saldo exploitatielasten taaveld 7.3 Afval

-907.000

-907.000

Toerekening overhead

-19.000

-19.000

-19.000

-19.000

-19.000

Saldo exploitatielasten taakveld 7.3 incl. Overhead

-860.000

-881.000

-904.000

-926.000

-926.000

Opbrengst heffingen

830.000

847.000

864.000

882.000

882.000

Saldo afval

-30.000

-34.000

-40.000

-44.000

-44.000

Dekkingspercentage

97%

96%

96%

95%

95%

Begroting 2022

54

Toeristenbelasting De toeristenbelasting is een belasting die wordt geheven waarvan de opbrengst ten goede komt van het toeristisch product. Toeristenbelasting wordt geheven van degene die tegen vergoeding gelegenheid tot nachtverblijf biedt en voor de eerste dag via een opslag op het bootkaartje. De gemeente Terschelling heeft een vast tarief per persoon per dag welk tarief jaarlijks stijgt met de inflatiecorrectie van dat jaar. Het tarief voor 2022 komt uit op € 1,82 per persoon per dag. In bijlage 5 geven wij u een overzicht van de bestedingen van de door ons ontvangen toeristenbelasting. Forensenbelasting De forensenbelasting is een algemene belasting waarvan de opbrengst ten goede komt aan de algemene middelen van de gemeente. In onze gemeente wordt belasting echter specifiek geheven naast de toeristenbelasting ter dekking van de kosten van ons toeristisch product. De belasting wordt geheven van natuurlijke personen die zonder in de gemeente hoofdverblijf te hebben, op meer dan 90 dagen van het belastingjaar voor zich of hun gezin een gemeubileerde woning beschikbaar houden op het eiland. We stellen voor het tarief forensenbelasting voor 2022 vast te stellen op € 252,98 (per slaapplaats) met een maximum van € 1.264,90 per accommodatie. Leges Leges zijn vergoedingen die gemeenten vragen als tegenprestatie voor verrichte handelingen of taken.

De opbrengsten uit de heffing van leges worden gebruikt om de kwaliteit van de verrichte handelingen en taken te waarborgen en om de personeels-, huisvesting- en materieel kosten te dekken. De totale opbrengsten uit de leges mag de totale kosten niet overtreffen. Gemeenten kunnen geen winst maken op diensten die zij leveren. Alle leges stijgen mee met de inflatie. Havengelden Havengeld is een vorm van leges, waarbij als uitgangspunt geldt dat tegenover een dienst die door de gemeente wordt verricht een vergoeding wordt geheven. De gemeente Terschelling int havengelden van de schepen die aanleggen in onze haven en daar 1 of meer dagen verblijven. Deze gelden worden gebruikt voor het ‘draaiend’ houden van onze haven. Bij het innen van de havengelden wordt onderscheid gemaakt tussen de volgende soorten schepen: - Pleziervaart - Visserij - Vrachtschip - Passagiersschip - Overige schepen Iedere soort heeft zijn eigen tarief. Deze tarieven zijn terug te vinden in de verordening Havengelden 2022, welke in november 2021 aan uw raad wordt voorgelegd. Voor 2022 wordt voorgesteld om de havengelden te laten stijgen met de inflatiecorrectie van 2%. De totale opbrengst van de havengelden is in de begroting 2022 bijgesteld naar de werkelijk verwachte inkomsten op basis van de werkelijke inkomsten van het jaar 2020.

De totaal verwachte opbrengst van de havengelden is terug te vinden in het overzicht geraamde lokale heffingen onderaan deze paragraaf.

Begroting 2022

55

Lijkbezorgingsrechten De gemeente Terschelling int grafrechten bij degene die een graf gebruiken van de gemeente. De opbrengsten van de grafrechten worden gebruikt voor het onderhouden van de gemeentelijke begraafplaatsen. Een raming van de inkomsten is terug te vinden bij het overzicht geraamde lokale heffingen onderaan deze paragraaf. Precariobelasting De gemeente Terschelling heft precariobelasting als vergoeding voor het gebruik van openbare grond. De precariobelasting wordt specifiek geheven voor het plaatsen van voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond. De precariobelasting wordt geheven bij onder andere de volgende partijen: - De uitbater van een terras op gemeentegrond - Andere ondernemers die waren uitstallen op gemeentegrond. De opbrengst precariobelasting valt toe aan de algemene middelen van de gemeente. Lastendruk gemeente Terschelling De gemiddelde woonlasten in een gemeente bestaan uit OZB, afvalstoffenheffing en rioolheffing. De gemiddelde woonlasten voor een eenpersoons- en een meerpersoonshuishouden komen voor 2022 uit op € 762,-. In de tabel hieronder is weergegeven hoe de gemiddelde lastendruk voor huishoudens in de gemeente Terschelling is opgebouwd1. Lastendruk in €

2021

2022

2023

2024

2025

Gemiddelde WOZ-waarde gemeente Terschelling

346.000

363.000

378.000

393.000

408.000

OZB lasten voor gezin bij gemiddelde WOZ waarde

349

370

389

409

432

Rioolheffing voor gezin

176

176

176

176

176

Afvalstoffenheffing voor gezin

211

216

220

224

229

Gemiddelde woonlasten gemeente Terschelling

736

762

786

810

838

Kwijtschelding Gemeenten kunnen in Nederland zelf bepalen welke gemeentelijke belastingen onder het kwijtscheldingsbeleid vallen. Het kwijtscheldingsbeleid van de gemeente Terschelling kent de volgende uitgangspunten: • Het kwijtscheldingspercentage voor de inkomensnorm is vastgesteld op 100% van de bijstandsnorm; • Kwijtschelding kan uitsluitend worden verleend voor: o OZB woningen (na afschaffing van het gebruikersdeel komt dit nog maar zelden voor) o Rioolheffing o Afvalstoffenheffing Sinds het jaar 2019 is het veel makkelijker geworden voor belastingplichtigen om kwijtschelding aan te vragen. Door de samenwerking met het Noordelijk Belastingkantoor kunnen belastingplichtigen digitaal hun kwijtscheldingsverzoek indienen. Het Noordelijk Belastingkantoor beoordeelt deze aanvraag en stuurt de uitkomst door naar de gemeente Terschelling. Wanneer het besluit tot kwijtschelding positief is, krijgt de belastingplichtige ook kwijtschelding voor de bovengenoemde belastingen van de gemeente Terschelling. De verwachting is dat er in 2022 twintig belastingplichtigen ambtshalve geheel of gedeeltelijke kwijtschelding krijgen. Hiervoor is in de begroting een post opgenomen van € 12.000.

1

voor de gemiddelde woonlasten in verhouding tot de landelijke woonlasten zie paragraaf 4.2, weerstandsvermogen en risicobeheersing, kopje gemeentelijke belastingcapaciteit. 56 Begroting 2022

Overzicht geraamde inkomsten lokale heffingen In de volgende tabellen wordt een totaaloverzicht gegeven van de opbrengsten die door belastingen en rechten worden gegenereerd. Daarna volgt, op grond van het BBV, een overzicht van de geraamde baten en lasten van rechten die door de gemeente Terschelling worden geïnd. Overzicht geraamde inkomsten lokale heffingen In €

Begroting 2022

2021

2022

2023

2024

2025

OZB eigenaar Woning

1.141.000

1.198.000

1.245.000

1.295.000

1.347.000

OZB eigenaar Niet-Woning

596.000

625.000

563.000

589.000

617.000

OZB gebruiker Niet-Woning

369.000

400.000

331.000

347.000

363.000

Rioolheffingen

850.000

860.000

860.000

860.000

860.000

Afvalstoffenheffing

800.000

830.000

847.000

864.000

882.000

Toeristenbelasting

2.276.000

3.248.000

3.321.000

3.394.000

3.467.000

Forensenbelasting

716.000

731.000

746.000

764.000

778.000

Secretarieleges

150.000

150.000

150.000

150.000

150.000

WABO-leges

456.000

456.000

456.000

456.000

456.000

Havengelden

332.000

260.000

265.000

270.000

275.000

Grafrechten

7.000

7.000

7.000

7.000

7.000

Precariobelasting

95.000

95.000

95.000

95.000

95.000

Totaal geraamde inkomsten

7.788.000

8.860.000

8.886.000

9.091.000

9.297.000

57

4.2 Weerstandsvermogen en risicobeheersing Inleiding Op grond van het BBV bevat de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing een vaste set van financiële kengetallen. Deze kengetallen moeten inzichtelijk maken hoeveel (financiële) ruimte de gemeente heeft om extra structurele en incidentele lasten op te vangen. De financiële kengetallen kunnen door de gemeenteraad en externe toezichthouders betrokken worden bij de beoordeling en vergelijking van de financiële positie. Naast de vaste set van kengetallen bevat deze paragraaf ook inzicht in de mogelijke risico’s die de gemeente loopt en de invloed van deze risico’s op de financiële positie. Om de risico’s te beperken, heeft de gemeente een beleid voor risicomanagement. Als beleidskaders voor dit risicomanagement gelden de financiële verordening (art. 212 Gemeentewet), de nota van reserves en voorzieningen en deze paragraaf die zowel in de begroting als in de jaarrekening is opgenomen. In dit onderdeel wordt ook de weerstandscapaciteit beschreven en de ratio weerstandsvermogen bepaald. Gekwantificeerde risico’s Een risico is een mogelijke gebeurtenis met een negatief (financieel) gevolg voor de organisatie. De risico’s relevant voor het weerstandsvermogen zijn die risico’s die niet anderszins zijn te ondervangen.

Reguliere risico’s - risico’s die zich regelmatig voordoen en die veelal vrij goed meetbaar zijn - kunnen worden opgevangen door het afsluiten van verzekeringen of door het vormen van voorzieningen. Voorbeelden van risico’s die opgevangen worden door het weerstandsvermogen zijn ondernemersrisico’s (of bedrijfsrisico’s) en hangen vooral samen met grondexploitatie, gebiedsuitbreiding, publiek private samenwerking (PPS), sociale structuur (bij neergaande conjunctuur), de algemene uitkering en open-einde regelingen. Op basis van de inventarisatie is een risicoprofiel opgesteld waarmee de per eind 2020 beschikbare buffers kunnen worden geconfronteerd. Met onderstaande lijst is geprobeerd het risicoprofiel voor de gemeente Terschelling in kaart te brengen. Voor de beoordeling van de kans dat een gebeurtenis zich voordoet, met de bijbehorende ‘gekwantificeerde kans’, hanteren we de volgende vijf klassen: Klassen risico's Klasse

Kans

Financiële impact

1

Zeer klein (0 - 20%)

5%

2

Klein (21 - 40%)

25%

3

Gemiddeld (41 - 60%)

50%

4

Groot (61 - 80%)

75%

5

Zeer groot (81 - 100%)

95%

Voorbeeld: Stel: de gemeente voert een onderhoudsproject uit van € 1 miljoen. Het financiële risico wordt bepaald op € 250.000 (het bedrag dat het budget kan worden overschreden). De kans dat dit risico zich voordoet wordt geschat op gemiddeld (klasse 3). De bijbehorende financiële impact bedraagt dan op grond van de bovenstaande tabel 50%. De benodigde incidentele weerstandscapaciteit voor dit project wordt dan berekend op € 125.000. Hieronder worden de naar onze mening bekende risico’s uitgewerkt en wordt een recapitulatie gegeven van het totaal.

Begroting 2022

58

Voor de hierna geïnventariseerde en gekwantificeerde risico’s is een rapporteringsondergrens voor het maximale financiële risico gehanteerd van € 250.000 of lager indien er bijzondere omstandigheden zijn. Maximale financiële risico’s onder de € 250.000 worden in principe niet gepresenteerd. Kosten sociaal domein Een van de grootste risico’s voor onze gemeente zijn de kosten in het sociaal domein. Het open eind karakter van de zorg voor jeugd en Wmo speelt hier een grote rol. Daarnaast worden deze kosten ook sterk beïnvloed door demografische factoren. Een stijging van het aantal ouderen in de gemeente kan hierdoor een stijgend effect hebben op de kosten van Wmo. Bij het onderdeel Jeugd spelen andere factoren. De informatiestroom op dit gebied is tot nu toe niet optimaal geweest, waardoor niet alle kosten tijdig inzichtelijk waren. Hierdoor kan het zijn dat de gemeente ieder jaar weer met andere kosten geconfronteerd wordt omdat de zorgbehoefte onder de jeugd niet duidelijk in beeld is. Wel zit hier een verbeterende lijn in en wordt verwacht dat hier steeds meer grip op komt. Tot eind 2019 had de gemeente Terschelling een reserve Sociaal Domein waaruit deze onvoorziene extra uitgaven gedekt konden worden.

Deze reserve is per ultimo 2019 gedaald naar 0 en eventuele onvoorziene uitgaven moeten nu worden gedekt vanuit de andere beschikbare buffers en dus vanuit het weerstandsvermogen. Campus (Maritiem Instituut) In 2017 heeft de gemeente de gebouwen van de voormalige campus teruggekocht voor een waarde van 2,9 miljoen. De verwachting is dat deze gebouwen, gezien de huidige marktomstandigheden, verkocht of herontwikkeld kunnen worden waarbij de actuele boekwaarde kan worden terugverdiend. Hiermee wordt het bijbehorende risico ingeschat op zeer klein. Complex voormalige dancing Dellewal De huidige boekwaarde van deze grond is 2,2 miljoen. Afgelopen jaar is ingestemd met het voornemen tot het bouwen van 13 appartementen. Door verkoop van deze appartementen kan het complex naar verwachting tegen de huidige boekwaarde worden verkocht en is de verwachting dat geen afboeking hoeft plaats te vinden. Toch bestaat er een zeer klein risico dat de plannen anders lopen; hiermee is in het risicoprofiel rekening gehouden. Gewaarborgde leningen De gemeente staat garant voor een aantal leningen, onder andere voor de leningen die door de woningcorporatie via het WSW (waarborgfonds sociale woningbouw) zijn aangetrokken en rechtstreekse leningen aan WoonFriesland. In totaal gaat het om een bedrag van 9,86 miljoen euro.

De kans dat een beroep wordt gedaan op deze garantstellingen is zeer klein, maar in theorie wel aanwezig. Onderhoud kapitaalgoederen Door het ontbreken van een vastgesteld beheerplan voor het groenonderhoud en een aflopend plan voor het onderhoud van de gemeentelijke gebouwen kunnen de financiële risico’s die dit met zich mee brengt op dit moment niet goed worden ingeschat. Er is een voorziening onderhoud gebouwen opgenomen in de balans, maar er is niet direct bekend of deze voorziening toereikend is voor de toekomstige kosten. Daarnaast kunnen extreme weersomstandigheden zorgen voor een zwaardere belasting van de kapitaalgoederen. Dit geldt zeker op Terschelling. Hierdoor is er een risico op ongepland onderhoud. Verzekeringen tegen extreme weersomstandigheden zijn ook niet altijd mogelijk. Deze kosten worden bij calamiteiten voor een gedeelte gedekt uit de beschikbare voorzieningen, maar er blijft een kans dat deze niet toereikend zijn. Dit risico wordt echter geschat op klein.

Begroting 2022

59

De consequenties van bestaande en nieuwe bestemmingsplannen Het opstellen van ruimtelijke plannen wordt steeds complexer door de nieuwe wet- en regelgeving. Ook in de komende jaren gaat er veel veranderen met de invoering van de nieuwe Omgevingswet. In het verleden is al gebleken dat Terschelling veel verschillende bestemmingsplannen kent met allemaal hun eigen karakter. Dit maakt het risico groter dat bij wijzigingen in bestemmingsplannen ingewikkelde juridische procedures moeten worden gevolgd die vaak tijd- en geldrovend zijn. Dit risico wordt door ons vooralsnog ingeschat op klein maar de ervaring is wel dat deze procedures wel sterk toenemen. Terugloop toerisme De gemeente Terschelling is voor een groot deel van haar inkomsten afhankelijk van de toeristenbelasting. Mocht de aanloop van toeristen om welke reden dan ook plotseling teruglopen dan heeft dit grote gevolgen voor de financiële positie. Een dergelijke situatie deed zich voor in 2020, toen Nederland in een lockdown ging vanwege het coronavirus. Een gedeelte van de accommodaties moest sluiten en ook de veerdiensten voeren minder. Dit heeft ervoor gezorgd dat er minder toeristenbelasting binnen kwam. In deze situatie werd er compensatie geboden vanuit het Rijk en blijkt de werkelijke financiële schade gelukkig mee te vallen.

Ook in de toekomst is niet uit te sluiten dat het toerisme nog eens terugloopt door onverwachte gebeurtenissen, al achten wij de kans hierop klein en gaan wij ervan uit dat ook dan het Rijk ons dan financieel zal ondersteunen. Verstrekte geldleningen De gemeente Terschelling heeft een viertal leningen verstrekt aan onder andere twee sportinstellingen. De verstrekte leningen brengen als risico met zich mee dat deze, door eventuele financiële problemen bij de lenende partij, niet volledig kunnen worden afgelost. De kans dat hier een beroep op wordt gedaan is zeer klein omdat de leningen worden gedekt door onderliggende hypothecaire rechten, maar is wel aanwezig. Masterplan haven Op 23 september 2020 is het uitvoeringsplan Havenfront Terschelling vastgesteld door de gemeenteraad. Binnen het uitvoeringsplan zijn een aantal initiatieven en projecten gepland. De totale kosten van het plan worden voorlopig geraamd op € 20,7 miljoen. Deze kosten zullen gedeeltelijk worden gedekt door investeringen door de gemeente, maar om de totale financiering rond te krijgen wordt ook gekeken naar cofinanciering vanuit andere overheden. Door de omvang brengt het project risico’s met zich mee. Deze risico’s liggen voornamelijk op het gebied van aanbesteding en uitvoering van de werkzaamheden. Door een adequaat projectmanagement achten wij het verantwoord het risico op klein in te schatten.

Niet-gekwantificeerde risico’s De niet-gekwantificeerde risico’s hebben eveneens een (negatief) effect op de bedrijfsvoering en/of de financiële positie van de gemeente Terschelling. Het effect hiervan is echter niet meetbaar te maken in euro’s. Hieronder is een aantal risico’s en onzekerheden benoemd, zowel eenmalig, structureel, groot, klein, etc. De volgorde van presentatie geeft geen indicatie van prioriteit of rangorde. Rijksbeleid Het beleid van het Rijk is van grote invloed op de gemeentelijke organisatie. Bezuinigingen, decentralisatie van taken, herijking van het gemeentefonds zijn actuele onderwerpen die tot onzekerheden in het (financieel) beleid leiden. Het beleid van het Rijk wordt nauwkeurig gevolgd door de organisatie, zodat er een goede inschatting gemaakt kan worden van eventuele gevolgen.

Begroting 2022

60

Kosten juridische bijstand bij gegrond verklaarde bezwaren Burgers hebben de mogelijkheid om bij de indiening van bezwaarschriften tegelijk te verzoeken de kosten van juridische bijstand te vergoeden. De gemeente is verplicht deze kosten te vergoeden als een bezwaarschrift gegrond wordt verklaard en vaststaat dat het besluit waartegen de bezwaren zich richtten, onrechtmatig is genomen. Het is vooraf niet in te schatten hoeveel hiervan gebruik zal worden gemaakt. Automatisering/ICT Alle afdelingen binnen de gemeente Terschelling zijn voor een groot gedeelte afhankelijk van automatisering en ICT. In de toekomst zal dit alleen maar groeien. Om deze reden is het van belang dat systemen up-to-date blijven, adequaat beveiligd zijn en uitval moet zo nodig opgevangen kunnen worden. De gemeente Terschelling heeft het beheer van onze ICT omgeving ondergebracht bij het shared service centrum Leeuwarden (SSC). De kwaliteitsafspraken en -eisen over onze ICT omgeving zijn opgenomen in een jaarlijks af te sluiten servicelevel agreement (SLA) en onderliggende afspraken en overeenkomsten. De navolging van deze afspraken en overeenkomsten wordt gezamenlijk in Waddenverband gedaan, waardoor dit risico ook beperkt wordt. Algemene risico’s verbonden aan het subsidiëren van stichtingen en instellingen De gemeente Terschelling verstrekt jaarlijks vele subsidies.

Deze variëren van enkele euro’s tot aan tonnen. Met behulp van deze subsidies kunnen stichtingen en instellingen voorzieningen voor burgers in stand houden. Veelal heeft de gemeente hierbij ook het belang dat deze voorzieningen van een bepaald niveau zijn. Naarmate de tijd verstrijkt zal het steeds moeilijker worden om deze voorzieningen met de beschikbare middelen goed op peil te houden. Beschermd Wonen Tot op heden worden de taken met betrekking tot beschermd wonen uitgevoerd via Centrumgemeenten, in ons geval Leeuwarden. Met ingang van 2018 ligt het financieel risico al bij de gemeente zelf. In jaarrekening 2019 was het aandeel van Terschelling in het tekort van de gemeente Leeuwarden nihil. Vooralsnog is het voor de gemeente Terschelling lastig in te schatten wat de kosten voor beschermd wonen jaarlijks zijn, omdat er tot op heden niet veel gebruik hiervan wordt gemaakt. Vanaf 2022 worden de taken overgeheveld naar de afzonderlijke gemeenten. Ziekteverzuim Op 1 januari 2004 is de Wet verlenging loondoorbetalingverplichting bij ziekte (WVLBZ) in werking getreden. Als gevolg van deze wet is de loondoorbetalingperiode verlengd van één naar twee jaar. Het totale loon over deze periode mag niet meer bedragen dan 170% van het laatstverdiende loon. In de CAO gemeenten is bepaald dat een zieke medewerker gedurende de eerste zes maanden recht heeft op 100% doorbetaling.

In de zevende tot en met de twaalfde maand 90% en in het tweede ziektejaar 75%. Na deze 24 maanden moet bij voortdurende arbeidsongeschiktheid tot aan het einde van het dienstverband 70% van het loon worden doorbetaald. De wachttijd voor een uitkering op grond van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (WIA) – voorheen WAO – is voor volledig arbeidsongeschikten verlengd naar twee jaar. Voor gedeeltelijk arbeidsongeschikten, die op of na 1 juli 2007 ziek zijn geworden, geldt sinds 1 juli 2008 nog een “derde ziektejaar”. Dit risico proberen wij als gemeente zoveel mogelijk te beperken door onder andere het stimuleren van een gezonde leefstijl en het aanbieden van preventief medisch onderzoek (periodiek). Om dit risico financieel op te kunnen vangen is er in de begroting een bedrag opgenomen voor de lasten voor eventuele vervanging bij ziekte maar in extreme situaties kunnen de werkelijke kosten de geraamde budgetten overstijgen.

Begroting 2022

61

WW en bovenwettelijke WW Werkgevers in de sector Overheid en Onderwijs zijn verplicht eigenrisicodrager voor de Werkloosheidswet (WW). De gemeente is ingeval van ontslag eigen risicodrager als het aankomt op WW en WW gerelateerde uitkeringen, ook wel bovenwettelijke en nawettelijke werkloosheidsuitkeringen genoemd. Ook is de gemeente eigenrisicodrager in geval van ziekte en re-integratie van medewerkers. In het bedrijfsleven, waar premie betaald wordt aan het UWV, vangt het UWV dergelijke lasten op. Bij de overheid factureert het UWV (of een andere uitvoerende instantie voor het bovenwettelijke deel bij ontslag) aan de werkgever de maandelijkse kosten van de uitkering van de werknemer. Voor een overheidswerkgever of onderwijsinstelling kunnen dus aanzienlijke financiële kosten gepaard gaan met een ontslagof ziektetraject dat recht geeft op een werkloosheids- of ziekte-uitkering. Verbonden partijen De gemeente Terschelling neemt deel in een aantal verbonden partijen (zie paragraaf 6). Deze partijen voeren veelal gemeentelijke taken uit in opdracht van de gemeente Terschelling. Deelname aan deze verbonden partijen brengt een aantal risico’s mee voor gemeenten.

Voorbeelden van risico’s zijn: - Financiële tekorten bij verbonden partijen; - Taken, doelstellingen en prestaties worden niet gerealiseerd; - Er zijn onvoldoende sturingsmogelijkheden door de organisatievorm (verschil in inzicht door de verschillende deelnemers) Mochten deze risico’s zich voordoen dan worden deze in de paragraaf verbonden partijen benoemd en eventueel toegelicht. Duidelijke afspraken en frequente rapportering met en door de verbonden partijen kan bijdragen aan het verkleinen van dit risico.

Begroting 2022

62

Benodigde weerstandscapaciteit In onderstaande tabel is de totale financiële impact van alle gekwantificeerde risico’s weergeven. Deze financiële impact is nagenoeg gelijk aan de door de raad eerder gestelde minimale weerstandscapaciteit zoals wij die al een aantal jaren hanteren. Benodigde weerstandscapaciteit Risico

Max financieel risico

Financiële impact

Kosten sociaal domein

€

250.000

Gemiddeld

€

125.000

Campus (Martiem Instituut)

€

2.900.000

Zeer klein

€

145.000

Complex voormalig dancing Dellewal

€

2.200.000

Zeer klein

€

110.000

Gewaarborgde leningen

€

9.800.000

Zeer klein

€

490.000

Onderhoud kapitaalgoederen

€

1.000.000

Klein

€

250.000

Bestemmingsplannen

€

500.000

Zeer klein

€

25.000

Terugloop toerisme

€

4.000.000

Klein

€

1.000.000

Verstrekte geldleningen

€

450.000

Zeer klein

€

23.000

Masterplan haven

€

6.300.000

Klein

€

1.575.000

Totaal

€ 27.400.000

n.v.t.

€

3.743.000

Kans

Wij verwachten dat de gestelde weerstandscapaciteit voldoende is om de hierboven geschetste risico’s te kunnen ondervangen indien deze zich voordoen. Ratio weerstandsvermogen beschikbaar = 9.459.000 Ratio weerstandsvermogen 2022 =

= 2,72 benodigd = 3.478.000

Het waarderingscijfer voor een ratio hoger of gelijk aan 2,0 is A en betekent uitstekend. Weerstandscapaciteit Op 18 december 2018 is door de Raad de Nota reserves en voorzieningen 2019-2023 vastgesteld; de nota is in werking getreden op 1 januari 2019. Het rentepercentage voor de berekening van de rentetoevoeging aan de algemene reserve is 1,5%. In onderstaande tabellen is de weerstandscapaciteit nader uitgewerkt. Reservepositie per 31 december in € Algemene Reserve

2021

2022

2023

2024

2025

4.157.000

3.771.000

3.346.000

3.427.000

3.626.000

Bestemmingsreserves (onbeklemd)

327.000

327.000

327.000

327.000

327.000

Bestemmingsreserves (beklemd)

5.361.000

5.361.000

5.361.000

5.361.000

5.361.000

Totaal

9.845.000

9.459.000

9.034.000

9.115.000

9.314.000

2021

2022

2023

2024

2025

Algemene reserve

4.157.000

3.771.000

3.346.000

3.427.000

3.626.000

Minimaal benodigde weerstandscapaciteit

3.446.000

3.478.000

3.550.000

3.621.000

3.660.000

Totaal

711.000

293.000

-204.000

-194.000

-34.000

Weerstandscapaciteit per 31 december in €

Uit de tabel valt af te lezen dat de gemeente Terschelling in de jaren 2023 tot en met 2025 tijdelijk niet aan de door de raad geformuleerde weerstandsnorm voldoet. Wanneer de reserve recreatie wordt meegenomen in de berekening ziet het plaatje er als volgt uit:

Begroting 2022

63

Weerstandcapaciteit inclusief reserve recreatie per 31 december in € Algemene reserve

2021

2022

2023

2024

2025

4.157.000

3.771.000

3.346.000

3.427.000

3.626.000

Reserve recreatie

327.000

327.000

327.000

327.000

327.000

Minimaal benodigde weerstandscapaciteit

3.446.000

3.478.000

3.550.000

3.621.000

3.660.000

Totaal

1.038.000

620.000

123.000

133.000

293.000

In de volgende tabel is te zien dat de ratio weerstandsvermogen uitstekend blijft. Ratio weerstandsvermogen 2021

2022

2023

2024

2025

Beschikbare weerstandscapaciteit (totaal reserves)

9.845.000

9.459.000

9.034.000

9.115.000

9.314.000

Benodigde weerstandscapaciteit

3.446.000

3.478.000

3.550.000

3.621.000

3.660.000

Ratio weerstandsvermogen

2,86

2,72

2,54

2,52

2,54

Financiële kengetallen De volgende kengetallen dienen ter ondersteuning bij de beoordeling van de financiële positie van de gemeente: 1. Netto schuldquote 2. Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen 3. Solvabiliteitsratio 4. Structurele exploitatieruimte 5. Gemeentelijke belastingdruk Bij de beoordeling van de financiële positie is het van belang de kengetallen van een adequate toelichting te voorzien. Overzicht kengetallen Jaarrekening Begroting 2021 Begroting 2022 2020

Kengetal Netto schuldquote

41%

58%

60%

Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle leningen

45%

62%

63%

Solvabiliteitsratio

31%

33%

32%

Kengetal grondexploitatie

10%

10%

10%

Structurele exploitatieruimte

3%

0%

1%

Belastingcapaciteit

94%

90%

91%

Netto schuldquote Netto schuldquote Hoe lager, hoe beter

2021

2022

2023

2024

2025

11.329.000

10.372.000

9.288.000

8.330.000

7.506.000

Overlopende passiva +

3.373.000

5.268.000

6.195.000

6.412.000

6.455.000

Financiële vaste activa -

872.000

862.000

852.000

842.000

832.000

Saldo =

13.830.000

14.778.000

14.631.000

13.900.000

13.129.000

Totaal baten

23.866.000

24.806.000

24.667.000

25.176.000

25.482.000

Netto schuldquote per 31 december

58%

60%

59%

55%

52%

Vaste schulden + Netto vlottende schulden +

Uitzettingen met looptijd korter dan 1 jaar Liquide middelen Overlopende activa -

* In deze berek ening is rek ening gehouden met een gelijk blijvend werk k apitaal

De netto schuldquote geeft aan of de gemeente investeringsruimte heeft of juist op zijn tellen moet passen. De signaleringswaarden vanuit het provinciaal toezicht zijn: • Schuldquote onder de 90%: Minst risicovol • Schuldquote tussen de 90% en 130%: Neutraal • Schuldquote boven de 130%: Meest risicovol

Begroting 2022

64

De gemeente Terschelling heeft volgens deze cijfers dus ruim voldoende investeringsruimte. Netto schuldquote gecorrigeerd voor verstrekte leningen Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle leningen Hoe lager, hoe beter

2021

2022

2023

2024

2025

11.329.000

10.372.000

9.288.000

8.330.000

7.506.000

3.373.000

5.268.000

6.195.000

6.412.000

6.455.000

Saldo

14.702.000

15.640.000

15.483.000

14.742.000

13.961.000

Totaal baten

23.866.000

24.806.000

24.667.000

25.176.000

25.482.000

Netto schuldquote

62%

63%

63%

59%

55%

Vaste schulden Netto vlottende schulden Overlopende passiva Financiële vaste activa Uitzettingen met looptijd korter dan 1 jaar Liquide middelen Overlopende activa

* In deze berek ening is rek ening gehouden met een gelijk blijvend werk k apitaal

De genoemde criteria bij de netto schuldquote gelden ook voor dit kengetal. Solvabiliteitsratio Solvabiliteitsratio Hoe hoger, hoe beter

2021

2022

2023

2024

2025

Eigen vermogen

9.845.000

9.459.000

9.034.000

9.115.000

9.314.000

Totaal vermogen

29.447.000

29.720.000

28.985.000

28.241.000

27.505.000

33%

32%

31%

32%

34%

De solvabiliteitsratio geeft inzicht in de mate waarin de gemeente in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen: De signaleringswaarden vanuit het provinciaal toezicht zijn: • Solvabiliteitsratio van 50% en hoger: Minst risicovol • Solvabiliteitsratio tussen de 20% en 50%: Neutraal • Solvabiliteitsratio van kleiner dan 20%: Meest risicovol De solvabiliteitsratio van de gemeente Terschelling kan worden bestempeld als neutraal. Dit houdt in dat er risico’s aanwezig zijn. Hierbij moet wel worden opgemerkt dat in het totale vermogen een tweetal complexen zijn opgenomen die het totale vermogen sterk beïnvloeden, te weten het complex Dellewal en het complex Oude campus. De totale boekwaarde van beide complexen is circa € 5,2 mln. Indien deze complexen worden verkocht, ontstaat een geheel ander beeld van de solvabiliteitsratio. Grondexploitaties De boekwaarde van de voorraden gronden moet worden terugverdiend bij de verkoop. Kenmerkend voor grondexploitaties is dat de looptijd meerdere jaren is. Naarmate de inkomsten verder in de toekomst liggen, brengt dit meer rentekosten en risico’s met zich mee.

Begroting 2022

65

Grondexploitatie Hoe lager, hoe beter NIEG (Niet In Exploitatie Genomen gronden)

2021

2022

2023

2024

-

-

-

-

2025 -

In Exploitatie Genomen gronden

2.483.000

2.483.000

2.483.000

2.483.000

2.483.000

Totaal baten

23.866.000

24.806.000

24.667.000

25.176.000

25.482.000

10%

10%

10%

10%

10%

De signaleringswaarden vanuit het provinciaal toezicht zijn: • Grondexploitatie onder de 20%: Minst risicovol • Grondexploitatie tussen de 20% en 35%: Neutraal • Grondexploitatie boven de 35%: Meest risicovol De grondexploitaties van de gemeente Terschelling kunnen derhalve als niet-risicovol worden aangemerkt. Structurele exploitatieruimte Dit kengetal geeft aan hoe groot de structurele vrije exploitatieruimte is. Een positief percentage betekent dat de structurele baten toereikend zijn om de structurele lasten te dekken. Daarnaast geeft dit kengetal ook aan of de gemeente in staat is om structurele tegenvallers op te vangen dan wel of er nog ruimte is voor nieuw beleid. Structurele exploitatieruimte Hoe hoger, hoe beter

2021

2022

2023

2024

2025

Totaal structurele lasten

-23.402.000

-24.169.000

-24.238.000

-24.618.000

-24.790.000

Totaal structurele baten

23.507.000

24.365.000

24.418.000

24.759.000

25.212.000

Structurele toevoeging aan reserves

-

-

-

-

Structurele onttrekking aan reserves

-

-

-

-

-

Saldo

105.000

196.000

180.000

141.000

422.000

Totaal baten

23.866.000

24.806.000

24.667.000

25.176.000

25.482.000

0,4%

0,8%

0,7%

0,6%

1,7%

Gemeentelijke belastingcapaciteit Belastingcapaciteit Hoe lager, hoe beter

2021

2022

2023

2024

2025

OZB lasten voor gezin bij gemiddelde WOZ waarde

349

370

389

409

432

Rioolheffing voor gezin

176

176

176

176

176

Afvalstoffenheffing voor gezin

211

216

220

224

229

Eventuele heffingskorting

-

-

-

-

-

Totale woonlasten vvoor gezin

736

762

786

810

838

Landelijk gem. woonlasten meerpersoons huishouden

811

831

852

873

1.092

91%

92%

92%

93%

77%

* Bij deze b erekening is rekening gehouden met een gemiddelde lastenstijging van 2,5% (b ehalve op de OZB lasten en rioolheffing)

Dit kengetal laat de belastingdruk in de gemeente Terschelling ten opzichte van de landelijke belastingdruk zien. De signaleringswaarden vanuit het provinciaal toezicht zijn: • Belastingcapaciteit onder de 95%: Minst risicovol • Belastingcapaciteit tussen de 95% en 105%: Neutraal • Belastingcapaciteit boven de 105%: Meest risicovol De belastingcapaciteit van de gemeente Terschelling kan als minst risicovol worden weergeven. In de tabel is te zien dat de gemiddelde woonlasten voor een meerpersoonshuishouden onder het landelijk gemiddelde zitten. Begroting 2022

66

4.3 Onderhoud kapitaalgoederen Inleiding De gemeente Terschelling heeft openbare ruimten en gebouwen in beheer en onderhoud. Voor veel activiteiten zijn kapitaalgoederen nodig, bijvoorbeeld groen, wegen, riolering, haven en gebouwen. De kwaliteit van de kapitaalgoederen en het onderhoud ervan zijn bepalend voor het voorzieningen niveau. Openbaar groen Het onderhoud van de groenvoorziening is vastgelegd in een groenonderhoudsplan. De hoeveelheid groen per inwoner in beheer van de gemeente Terschelling bedraagt 43 m2 per inwoner. In september 2015 heeft de Raad het groenbeleidsplan vastgesteld. Daarin wordt onderscheid gemaakt tussen de hoofdgroenstructuur, wijkgroenstructuur, buurtgroen en bijzondere objecten (de groene parels). Op dit moment wordt gewerkt aan een actualisatie van het groenbeleidsplan en een daaruit volgend groenbeheersplan. Openbaar groen en (openlucht)recreatie In €

2021

2022

2023

2024

2025

Eiland Griend

-2.000

-2.000

-2.000

-2.000

-2.000

Beheer en onderhoud openbaar groen

-157.000

-140.000

-140.000

-140.000

-140.000

Onderhoud begraafplaatsen

-19.000

-19.000

-19.000

-19.000

-19.000

Totaal openbaar groen en (openlucht)recreatie

-178.000

-161.000

-161.000

-161.000

-161.000

Beheer en onderhoud wegen De gemeente Terschelling bezit ongeveer 600.000 m² aan verhardingen. Deze verhardingen moeten goed worden beheerd. In 1992 heeft de gemeenteraad besloten voor het onderhoudsniveau de normen van de Stichting C.R.O.W. voor rationeel wegbeheer toe te passen. Dit gebeurt door middel van een geautomatiseerd beheerprogramma waarin de inspecties van de wegen worden ingevoerd. Het wegenbeheersplan voor de komende jaren is onlangs geactualiseerd en de lasten zijn in de meerjarenbegroting opgenomen. Beheer en onderhoud wegen In € Specifieke kleine gebruiksgoederen

2021

2022

2023

2024

2025

-13.000

-13.000

-13.000

-13.000

-13.000

Specifieke verbruiksgoederen

-1.000

-1.000

-1.000

-1.000

-1.000

Uitbestede werkzaamheden

-544.000

-519.000

-519.000

-490.000

-490.000

Onttrekking voorziening wegen, straten en pleinen

465.000

465.000

465.000

465.000

465.000

Betaalde leges en rechten

-15.000

-16.000

-17.000

-18.000

-18.000

Overige diensten

-4.000

-4.000

-4.000

-4.000

-4.000

Inkomensoverdrachten

-2.000

-2.000

-2.000

-2.000

-2.000

Dotatie voorziening ten laste van exploitatie

-465.000

-465.000

-465.000

-465.000

-465.000

Afschrijvingen

-132.000

-124.000

-122.000

-116.000

-116.000

Rente

-40.000

-37.000

-34.000

-31.000

-31.000

Leges en andere rechten

1.000

1.000

1.000

1.000

1.000

Totaal beheer en onderhoud wegen, straten en pleinen

-750.000

-715.000

-711.000

-674.000

-674.000

Verloop onderhoudsvoorziening gemeentelijke gebouwen in €

Begroting 2022

2021

2022

2023

2024

2025

Stand per 1 januari

550.000

511.000

403.000

367.000

359.000

Af: onderhoud

-319.000

-340.000

-268.000

-240.000

-327.000

Bij: Storting

280.000

232.000

232.000

232.000

232.000

Stand per 31 december

511.000

403.000

367.000

359.000

264.000

67

Investeringsoverzicht wegen In €

2021 Aanpassingen openbaar vervoer

2022

2023

2024

2025

75.000

75.000

75.000

75.000

548.000

75.000

75.000

75.000

173.000

Verkeersveiligheid Hoofdweg

300.000

Openbare verlichting

75.000

Onderzoek parkeren West

70.000

Totaal beschikbaar gesteld krediet

145.000

De voorbereidingen voor de aanpak van de verkeersveiligheid Hoofdweg zijn opgestart en zal begin 2022 worden uitgevoerd. Riolering De gemeente draagt zorg voor de inzameling en transport van stedelijk afvalwater, het ontvangen van hemelwater en het voorkomen van overlast van grondwater als de burger dat zelf niet kan. Deze zorgplichten zijn afkomstig uit diverse wetten en zijn vertaald naar concrete maatregelen in het verbreed gemeentelijke rioleringsplan (cGRP). In augustus 2019 is het rioleringsbeheerplan 2020-2024 opgesteld waarin de gemeente inzicht geeft aan de invulling van deze zorgplicht. Het rioleringsbeheerplan is in februari 2020 behandeld in de raad. Riolering In €

2021

2022

2023

2024

Specifieke kleine gebruiksgoederen

0

0

0

0

2025 0

Specifieke verbruiksgoederen

-100.000

-100.000

-100.000

-100.000

-100.000

Uitbestede werkzaamheden

-100.000

-100.000

-100.000

-100.000

-100.000

Betaalde leges en rechten

-3.000

-3.000

-3.000

-3.000

-3.000

Overige diensten

-40.000

-75.000

-75.000

-40.000

-40.000 -2.500

Inkomensoverdrachten

-2.500

-2.500

-2.500

-2.500

Dotatie voorziening ten laste van exploitatie

0

0

0

0

0

Afschrijvingen

-160.000

-165.000

-170.000

-177.000

-177.000

Rente

-55.000

-53.000

-53.000

-53.000

-53.000

Doorbelastingen

-285.000

-285.000

-285.000

-285.000

-285.000

Leges en andere rechten

290.000

290.000

290.000

290.000

290.000

Heffing rioolbelasting

570.000

570.000

570.000

570.000

570.000

Totaal riolering

114.500

76.500

71.500

99.500

99.500

2021

2022

2023

2024

2025

Stand per 1 januari

862.000

836.000

757.000

667.000

608.000

Onttrekkingen

-26.000

-79.000

-90.000

-59.000

-46.000

Storting

0

0

0

0

0

Stand per 31 december

836.000

757.000

667.000

608.000

562.000

2021

2022

2023

2024

2025

vGRP2021

150.000

Verloop onderhoudsvoorziening riolering In €

Investeringsoverzicht riolering In € vGRP2022

150.000

vGRP2023

150.000

vGRP2024

150.000

vGRP2025

150.000

Kolkenzuiger

175.000

Totaal beschikbaar gesteld krediet

325.000

150.000

150.000

150.000

150.000

Gebouwen Het onderhoud van de gemeentelijke gebouwen is gebaseerd op het MOP (meerjarenonderhoudsplan). Het meerjarenonderhoudsplan is opgenomen in het gebouwenbeheerplan 2016 – 2020 en de voorziening is aangepast bij de vaststelling van het beleid ‘toekomstbestendig vastgoed’ in 2017. Er wordt gewerkt met een 25-jaars gemiddelde van het uit te voeren onderhoud voor de gebouwen die behoren tot de basisvoorziening.

Begroting 2022

68

In 2022 zal met name doorgegaan worden met het programma “Eigen huis op orde”, een onderdeel van het duurzaamheidsprogramma, waarmee het eigen gebouwenbezit in de loop van de jaren zal worden verduurzaamd. Overzicht onderhoud gebouwen volgens planning In €

2021

2022

2023

2024

2025

Musea

-14.000

-9.000

-12.000

-14.000

-41.000

Sportgebouwen

-96.000

-123.000

-89.000

-104.000

-142.000

Dorpshuizen

-17.000

-22.000

-50.000

-19.000

-32.000

Gemeentehuis

-39.000

-85.000

-72.000

-49.000

-53.000

Gemeentewerf

-19.000

-63.000

-14.000

-14.000

-14.000

Binnenhavens

-5.000

-5.000

-5.000

-5.000

-5.000

Woningen

-25.000

-20.000

-23.000

-28.000

-33.000

Overige gebouwen

-104.000

-13.000

-3.000

-7.000

-7.000

Totaal onderhoud gebouwen

-319.000

-340.000

-268.000

-240.000

-327.000

Verloop onderhoudsvoorziening gemeentelijke gebouwen in €

2021

2022

2023

2024

2025

Stand per 1 januari

550.000

511.000

403.000

367.000

359.000

Af: onderhoud

-319.000

-340.000

-268.000

-240.000

-327.000

Bij: Storting

280.000

232.000

232.000

232.000

232.000

Stand per 31 december

511.000

403.000

367.000

359.000

264.000

Haven Op 1 januari 2006 is de haven in eigendom en beheer overgenomen van het Rijk. De overdrachten van het Rijk naar de gemeente zijn begin 2020 definitief geregeld. Er is het afgelopen jaar voortvarend gewerkt aan het uitvoerings- programma Havenfront Terschelling, welke op 23 september 2020 is vastgesteld door de gemeenteraad. Dit programma is een integrale weerslag van alle plan- en workshopsresultaten van de afgelopen 2 jaar. Hierin zijn de disciplines havenlogistiek, nautica, hydraulica, verkeer, ecologie, economie, hoogwaterveiligheid, stedenbouw en landschapsarchitectuur bij elkaar gebracht. Het project bevindt zich nu in de definitie- en ontwerpfase waarin onder andere voorontwerpen en een plan van aanpak met een businesscase worden opgesteld. Dit gebeurt met gerichte betrokkenheid van stakeholders, waaronder de inwoners van Terschelling, de gebruikers en het recreatieplatform én daarbij is er in het voortraject al veel bruikbare informatie uit eerdere sessies. In de memo daterend van 13 januari 2021 is uw gemeenteraad verder geïnformeerd over de stand van zaken van het project. Daarnaast bent u door middel van informatiebijeenkomsten op de hoogte gehouden van de voortgang en eind september 2021 wordt een informatiepunt geopend.

Tot de realisatie van alle plannen genoemd in het uitvoeringsprogramma Havenfront Terschelling wordt de exploitatie van de haven op de huidige manier voortgezet. Hieronder volgt een financieel overzicht van de exploitatie van de haven:

Begroting 2022

69

Economische haven en watergangen In € Salariskosten haven

2021

2022

2023

2024

2025

-169.000

-173.000

-176.000

-180.000

-186.000

Specifieke kleine gebruiksgoederen

-2.000

-2.000

-2.000

-2.000

-2.000

Specifieke verbruiksgoederen

-61.000

-61.000

-61.000

-61.000

-61.000

Uitbestede werkzaamheden

-99.000

-265.000

-100.000

-270.000

-170.000

Onderhoud onroerende zaken

-5.000

-5.000

-5.000

-5.000

-5.000

Onttrekking voorziening

5.000

5.000

5.000

5.000

5.000

Verzekeringen

-2.000

-2.000

-2.000

-2.000

-2.000

Betaalde leges en rechten

-14.000

-14.000

-14.000

-14.000

-14.000

Overige diensten

-6.000

-6.000

-6.000

-6.000

-6.000

Inkomensoverdrachten

-8.000

-8.000

-8.000

-8.000

-8.000

Uitvoering masterplan haven

-216.000

-300.000

-300.000

-300.000

-300.000

Dotatie voorziening ten laste van exploitatie

-71.000

-71.000

-71.000

-71.000

-21.000

Afschrijvingen

-33.000

-35.000

-35.000

-35.000

-35.000

Rente

-59.000

-60.000

-59.000

-59.000

-59.000

Verrekeningen

-5.000

-5.000

-5.000

-5.000

-5.000

Leges en andere rechten

260.000

265.000

270.000

275.000

275.000

Totaal beheer binnenhavens en watergangen

-485.000

-737.000

-569.000

-738.000

-594.000

2021

2022

2023

2024

2025

Stand per 1 januari

4.078.000

4.198.000

4.149.000

4.272.000

4.259.000

Onttrekking

-204.000

-383.000

-221.000

-367.000

-367.000

Storting

324.000

334.000

344.000

354.000

364.000

Stand per 31 december

4.198.000

4.149.000

4.272.000

4.259.000

4.256.000

2021

2022

2023

2024

2025

0

0

0

0

Verloop reserve havenbedrijf In €

Investeringsoverzicht beheer binnenhavens In € De Kom: Nutsvoorzieningen

56.000

Totaal beschikbaar gesteld krediet

56.000

Begroting 2022

70

4.4 Financiering Inleiding Financiering betreft de wijze waarop de gemeente benodigde geldmiddelen aantrekt en (tijdelijke) overtollige geldmiddelen belegt. Treasury is het proces dat er op is gericht de financiering- en het kasstroommanagement (cashflow) te optimaliseren en te waarborgen dat voldaan wordt aan de verplichtingen richting schuldeisers. De uitvoering van treasury vindt plaats conform het door de raad vastgestelde treasurystatuut van 16 januari 2016. Deze financieringsparagraaf is samen met het treasurystatuut een belangrijk instrument voor het transparant maken en daarmee voor het sturen en beheersen van de financieringsfunctie. Wet FIDO De Wet FIDO (Financiering Decentrale Overheden) geeft verplichte richtlijnen voor de bewaking en beheersing van renterisico’s: • Kasgeldlimiet: hoeveel geld mag de gemeente lenen voor een periode van maximaal één jaar • Renterisiconorm: hoeveel geld mag de gemeente maximaal lenen voor een periode langer dan één jaar • Schatkistbankieren: het verplicht onderbrengen van overtollige geldmiddelen bij het Rijk • Financieringspositie. Onder renterisico wordt verstaan de mate waarin het saldo van rentelasten en -baten verandert door wijzigingen in het rentepercentage voor zowel de korte als voor de lange financiering.

Het is de bedoeling grote fluctuaties in de rentelasten, die mogelijk consequenties hebben voor de financiële positie, te vermijden. Kasgeldlimiet Juist voor korte financiering (tijdelijke liquiditeitstekorten voor lopende uitgaven opvangen) geldt dat het renterisico aanzienlijk kan zijn. Fluctuaties in de korte rente hebben direct een relatief grote impact op de rentelasten. Door middel van de kasgeldlimiet wordt een grens gesteld aan de mogelijkheid om lopende uitgaven kort te financieren, en daarmee wordt dan het risico beperkt. De kasgeldlimiet wordt bepaald op basis van een door het Rijk vastgesteld percentage (8,5%) van het begrotingstotaal. Kasgeldlimiet 2020: 1.9 miljoen Kasgeldlimiet 2021: 2,1 miljoen Kasgeldlimiet 2022: 2.1 miljoen Netto vlottende schuld Netto vlottende schuld

in € 1.000

Kasgeldlimiet

Ruimte (+) overschrijding (-)

Q3 2020

1.000.000

2.100.000

1.100.000

Q4 2020

1.000.000

2.100.000

1.100.000

Q1 2021

1.000.000

2.100.000

1.100.000

Q2 2021

1.000.000

2.100.000

1.100.000

Renterisiconorm Lange financiering vormt een integraal onderdeel van het lange termijn investeringsbeleid. Renterisico’s zijn van te voren in te schatten en daarmee goed beheersbaar. Dit kan worden bereikt door informatie over rente en leningen actueel en transparant te krijgen. Verder is het van groot belang om een spreiding van looptijden in de lening portefeuille te realiseren. Het renterisico uit hoofde van renteherzieningen en herfinancieringen van leningen wordt dan in voldoende mate beperkt.

Begroting 2022

71

Het volgende overzicht geeft inzicht in de samenstelling, grootte en rentegevoeligheid van de opgenomen geldleningen. Leningportefeuille 2020 in €

2021

2022

2023

2024

2025

Stand per 1 januari

-12.286.000

-11.329.000

-10.246.000

-9.288.000

-8.397.000

Reguliere aflossingen

3.457.000

958.000

958.000

958.000

891.000

Nieuwe leningen: Reguliere opname

-2.500.000

Wegens rente aanpassingen Wegens herfinanciering Stand per 31 december

-11.329.000

-10.372.000

-9.288.000

-8.330.000

-7.506.000

Rentelast

111.000

100.000

87.000

78.000

69.000

Gemiddelde rentevoet

-0,94%

-0,92%

-0,89%

-0,89%

-0,87%

De lening portefeuille bestaat uit een 9-tal leningen die allen een verschillende rentevaste periode hebben. In 2021 is de rente van 2 leningen herzien wat een rente voordeel met zich meebracht van respectievelijk 3.7% naar 0,30% en 4,6% naar 0,20% In het volgende overzicht worden de risico’s van renteherzieningen en herfinanciering van leningen afgezet tegen de risiconorm van de vaste schuld. Het renterisico op de vaste schuld mag de renterisiconorm in beginsel niet overschrijden. Renterisiconorm in € 1. Begrotingstotaal

2021

2022

2023

2024

2025

24.243.000

25.181.000

24.531.000

24.917.000

25.090.000

2. Wettelijk percentage

20%

20%

20%

20%

20%

3. Renterisiconorm (1 x 2)

4.848.600

5.036.200

4.906.200

4.983.400

5.018.000

4. Renteherziening

111.000

100.000

87.000

78.000

69.000

5. Aflossing

3.457.000

958.000

958.000

958.000

891.000

6. Renterisico (4 + 5)

3.568.000

1.058.000

1.045.000

1.036.000

960.000

7. Ruimte vs. Norm (3 - 6)

1.280.600

3.978.200

3.861.200

3.947.400

4.058.000

Schatkistbankieren In 2014 is het verplichte schatkistbankieren ingevoerd voor decentrale overheden. Schatkistbankieren houdt in dat tegoeden (liquide middelen) worden aangehouden in de Nederlandse schatkist. Over deze tegoeden wordt een rente vergoed die gelijk is aan de rentes die de Nederlandse staat betaalt op leningen die ze op de markt aangaat. Het drempelbedrag voor schatkistbankieren ligt voor onze gemeente op 0,75% van het begrotingstotaal, met een drempelbedrag van € 250.000. Deelname aan schatkistbankieren draagt bij aan een lagere EMU-schuld van de collectieve sector (Rijk en decentrale overheden samen). Schatkistbankieren vermindert de externe financieringsbehoefte van het Rijk. Dit vertaalt zich in een lagere staatsschuld. Financieringspositie Bij de berekening van de financieringspositie wordt de boekwaarde van de vaste activa en voorraad gronden afgezet tegen de beschikbare financieringsmiddelen (reserves, voorzieningen en langlopende leningen). Bij een financieringsoverschot zet de gemeente middelen weg, bij een financieringstekort heeft de gemeente onvoldoende eigen financieringsmiddelen waardoor de gemeente geld moet aantrekken bij de Bank Nederlandse Gemeenten. In de begroting 2022 wordt hiervoor een rentepercentage gehanteerd van 0%. In onderstaande tabel wordt het jaarlijks financieringstekort of -overschot berekend.

Begroting 2022

72

Financieringspositie 2021-2025 In € per 1 januari

2021

2022

2023

2024

2025

Lopende en voorgenomen investeringen

26.964.000

27.237.000

26.502.000

25.758.000

25.022.000

Bouwgronden en panden in exploitatie

2.483.000

2.483.000

2.483.000

2.483.000

2.483.000

Totale boekwaarde

29.447.000

29.720.000

28.985.000

28.241.000

27.505.000

Te financieren

Financieringsmiddelen

Begroting 2022

Stand van de reserves

9.845.000

9.459.000

9.034.000

9.115.000

9.314.000

Stand van de voorzieningen

4.900.000

4.621.000

4.468.000

4.384.000

4.230.000

Stand lang vreemd vermogen

11.329.000

10.372.000

9.288.000

8.330.000

7.506.000

Totaal vermogen

26.074.000

24.452.000

22.790.000

21.829.000

21.050.000

Financieringsoverschot/- tekort

-3.373.000

-5.268.000

-6.195.000

-6.412.000

-6.455.000

73

4.5 Bedrijfsvoering De bedrijfsvoering heeft als reikwijdte de gemeentelijke organisatie, niet alleen de ambtelijke organisatie, maar ook de ‘bestuurlijke’ organisatie. De burger verwacht van de gemeente dat de gelden rechtmatig, doelmatig en doeltreffend besteed worden en dat de gemeente een betrouwbare partner voor de burgers is en transparant is. Deze verwachtingen zijn tevens criteria voor de bedrijfsvoering. COVID-19 en bedrijfsvoering Hybride werken.. een term die in 2021 trending werd als gevolg van de COVID-19 pandemie. Het einde van de COVID-19 maatregelen lijkt langzaam in zicht te komen. Thuiswerken is nog de maatstaf maar ook dat zal deels gaan veranderen. Terug naar hoe het was vóór de pandemie zal niet meer gaan gebeuren. Het hybride werken, dus een combinatie van thuis en op kantoor werken, gaat nu verder in ontwikkeling en zal de standaard worden. Ook voor het werken bij de gemeente Terschelling. De eerder ingezette werkwijze BALANS maakt dat de gemeente Terschelling al een geruim aantal jaren de mogelijkheid kent voor medewerkers om thuis te werken. En het afgelopen jaar zijn alle werkplekken conform de wensen van medewerkers, in combinatie met het beschikbaar stellen van ICT voorzieningen, verder geschikt gemaakt voor het hybride werken.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Terschelling&id=d27916f7-f4d6-4426-8ea0-4769cc1b0335