CConstaterende datTerschelling
Koppel je AI →
Document · PDF

11.d. bijlage 2 Wrp

Raadsvergadering 5 november 2025, gemeente TerschellingBij agendapunt: (GEEN BEHANDELING)Financiën water- en rioleringsprogramma (WRP)31.282 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

Water- en rioleringsprogramma Terschelling 2025-2029

Gemeente Terschelling Terschelling augustus 2025

Water en rioleringsprogramma Terschelling 2025-2029

2

Samenvatting Onze visie is dat het stedelijk watersysteem van Terschelling nu en in de verre toekomst gezond, robuust en goed beheer- en beheersbaar is en bijdraagt aan de leefbaarheid van het eiland. Met het water- en rioleringssysteem willen we: • De volksgezondheid beschermen; • De fysieke leefomgeving beschermen en bijdragen aan de omgevingskwaliteit; • Een bijdrage leveren aan een klimaatbestendige en waterrobuuste omgeving. In dit Water- en rioleringsprogramma (Wrp) staat beschreven hoe we in de periode 2025-2029 toewerken naar het bereiken van de hierboven beschreven visie. We hebben beschreven wat we in de planperiode willen bereiken en wat de verantwoordelijkheden zijn van de actoren ten aanzien van afval-, hemel-, oppervlakte- en grondwater. Als gemeente zijn wij verantwoordelijk voor het afvalwatersysteem en het beheer en onderhoud van het oppervlaktewater in het bebouwde gebied en de duikers onder de wegen in het bebouwde gebied. Het functioneren van ons afvalwatersysteem wordt beïnvloed door de watersystemen waarmee ons afvalwatersysteem in verbinding staat. Dit zijn de watersystemen in het duin- en bosgebied aan de noordkant van Terschelling en het watersysteem in de polder beheerd door het Wetterskip Fryslân en de Noordzee en Waddenzee waarvoor Rijkswaterstaat verantwoordelijk is.

Om het stedelijk watersysteem zo optimaal mogelijk te laten functioneren willen we nauw met deze organisaties samenwerken. We moeten hard aan de slag. Door een beperkte personele capaciteit zijn er in de afgelopen jaren veel zaken blijven liggen. We zijn begonnen met het vastleggen van de infrastructuur die we beheren, en parallel daaraan wat daarvan de kwaliteit is. Beide processen willen we in 2025 afronden. Op basis van de verzamelde informatie gaan we in 2026 hydrodynamische modellen bouwen om het functioneren van het stedelijk watersysteem te toetsen. Deze modellen gaan we ook gebruiken om maatregelen te ontwerpen en masterplannen op te stellen. In de masterplannen gaan we per kern beschrijven hoe het stedelijk (afval)watersysteem er in 2080 uit moet zien. Op basis van de kwaliteit van de riolering, de masterplannen en de planningen van het wegen- en groenbeheer gaan we planningen maken om het (afval)watersysteem toekomstbestendig te maken. We willen een goed beheer- en een beheersbaar systeem waarbij vaak voorkomende buien door het watersysteem zelf kunnen worden verwerkt. Bij extreme buien die minder vaak voorkomen kan het water over wegen afstromen naar locaties waar het water de minste overlast geeft. Vanwege de toegenomen intensiteit van de buien is het niet altijd mogelijk om hinder en overlast te voorkomen. Iedereen heeft een taak in het waterbeheer.

Bewoners, huiseigenaars, de woningbouwvereniging en bedrijven zijn verantwoordelijk voor de binnenhuisriolering en de riolering op eigen terrein. Ook zijn de eigenaars van percelen langs watergangen verantwoordelijk voor het onderhoud van de secundaire watergangen, de dammen en de duikers langs de percelen.

3

Water en rioleringsprogramma Terschelling 2025-2029 De gemeente is verantwoordelijk voor het onderhouden van de riolering. De buitendienst voert het dagelijkse onderhoud uit. Voor specifieke onderhoudsdiensten en soms bij acute storingen of capaciteitskrapte huren we aannemers in. Het onderhoud bestaat onder ander uit het onderhoud van de drukrioleringunits en gemalen, het zuigen van de kolken, het verhelpen van storingen en het onderhoud van het stedelijk water. Het onderhoud bestaat verder uit het reinigen en inspecteren van de riolering, het verhelpen van geconstateerde problemen en het renoveren, vervangen of verbeteren van de riolering. Het Wetterskip is verantwoordelijk voor het transport van het afvalwater vanuit het gemeentelijk riool via gemalen en persleidingen naar de rioolwaterzuiveringsinstallatie (RWZI). Ook zijn zij verantwoordelijk voor het zuiveren van het afvalwater. De RWZI staat op het bedrijventerrein Nieuwe Dijk bij West-Terschelling. In het peilbesluit heeft het Wetterskip, na afweging van alle belangen, het waterpeil voor de peilvakken op Terschelling vastgelegd. Voor het handhaven van het waterpeil moet iedereen (perceeleigenaren, gemeente en Wetterskip) zijn onderhoudstaak uitvoeren. Het waterpeil beïnvloedt de grondwaterstanden en het functioneren van het afvalwatersysteem.

Samenwerking is noodzakelijk om afval-, hemel-, oppervlakte- en grondwatersysteem zo goed mogelijk te laten functioneren Voor het beheer van de riolering zijn personele en financiële middelen noodzakelijk. De afgelopen periode heeft aangetoond dat als er te weinig personele middelen zijn, alleen reactief gereageerd kan worden op meldingen. Volgens de kennisbank stedelijk water1 is de benodigde capaciteit voor Terschelling circa 4,75 fte. Eind 2024 is 3,1 fte beschikbaar waarvan 2,3 fte in vaste dienst. De uitgaven voor de komende jaren zijn nog onzeker omdat we nog geen compleet beeld hebben van de kwaliteit van de riolering en de benodigde investeringen. Een prognose voor de komende jaren is weergeven in de onderstaande tabel. Tabel 1, Verwachte lasten in de planperiode

Exploitatie Kapitaallasten verleden Investeringen (kapitaallasten) Investeringen (directe afschrijving) BTW Totaal

2025 592.000 255.366 0 0 108.204 955.571

2026 602.000 240.108 25.800 1.500.000 426.142 2.794.051

2027 2028 2029 602.000 592.000 592.000 231.987 229.122 176.447 27.558 75.624 115.439 31.838 226.794 245.798 117.003 162.187 161.036 1.010.385 1.285.728 1.290.720

Tot op heden worden de investeringen in de riolering op Terschelling geactiveerd en afgeschreven in 40 jaar. In de komende jaren gaan we de overstap maken naar de aanleg van een voorziening groot onderhoud. Dat betekent dat de riool en waterzorgheffing in de periode 2026-2041 met € 20,00 per jaar moet stijgen boven op de inflatiecorrectie, daarna enkele jaren constant blijft en daarna daalt. Op termijn is de jaarlijkse heffing hierdoor circa € 50,00 per jaar lager ten opzichte van de situatie waarin alle investeringen worden geactiveerd.

1 https://www.riool.net/

4

Inhoudsopgave Samenvatting .......................................................................................................................................... 3 Inhoudsopgave........................................................................................................................................ 5 1

Inleiding........................................................................................................................................... 8

1.1

Doel en geldigheidsduur water- en rioleringsprogramma.......................................................... 8

1.2

Leeswijzer.................................................................................................................................... 9

2

Kaders ........................................................................................................................................... 10

2.1

Wet- en regelgeving .................................................................................................................. 10

2.2

Taken van actoren in het waterbeheer..................................................................................... 11

2.3

Ontwikkelingen ......................................................................................................................... 14

2.3.1

Klimaatverandering ............................................................................................................... 14

2.3.2

Energietransitie ..................................................................................................................... 15

2.3.3

Datagedreven werken........................................................................................................... 15

2.3.4

Zuiveringstechnieken ............................................................................................................ 15

2.3.5

Samenstelling afvalwater: nieuwe stoffen ........................................................................... 15

2.3.6

Verhouding tussen de overheid en haar inwoners ............................................................... 16

3

Visie en lange termijn doelen ....................................................................................................... 17

3.1

Visie ........................................................................................................................................... 17

3.2

Lange termijn doelen ................................................................................................................ 17

4

Situatie 2024 ................................................................................................................................. 20

4.1

Evaluatie GRP 2019-2023 .......................................................................................................... 20

4.1.1

Aandachtspunten naar aanleiding van de evaluatie............................................................. 20

4.2

Overzicht aanwezige voorzieningen ......................................................................................... 21

4.2.1

Toestand van de objecten..................................................................................................... 23

4.2.2

Functioneren van het watersysteem .................................................................................... 25

4.2.3

Aandachtspunten op basis van inzichten in het huidige watersysteem............................... 25

5

Beleid en Strategie ........................................................................................................................ 27

5.1

Zorgtaak stedelijk afvalwater .................................................................................................... 27

5.2

Zorgtaak hemelwater ................................................................................................................ 29

5.3

Zorgtaak grondwater ................................................................................................................ 33

5.4

Beleid oppervlaktewater als onderdeel van het hemelwatersysteem ..................................... 34

5.5

Drinkwater ................................................................................................................................ 35

5.6

Beheer verantwoordelijkheden gemeente ............................................................................... 35 5

Water en rioleringsprogramma Terschelling 2025-2029 6

Uitvoeringsagenda 2025-2029 ...................................................................................................... 38

6.1

Planvorming en onderzoek ....................................................................................................... 38

6.2

Periodiek onderhoud ................................................................................................................ 40

6.3

Verbeterings- en vervangingsmaatregelen............................................................................... 40

7

Middelen ....................................................................................................................................... 42

7.1

Personele middelen .................................................................................................................. 42

7.2

Financiële middelen: Regelgeving en mogelijkheden ............................................................... 42

7.3

Kostendekkingsplan .................................................................................................................. 43

7.3.1

Uitgangspunten ..................................................................................................................... 43

7.3.2

Uitgaven ................................................................................................................................ 45

7.3.3

Lasten .................................................................................................................................... 45

7.3.4

Inkomsten / baten................................................................................................................. 47

7.4

Risico’s....................................................................................................................................... 48

Bijlage A

Afkortingen en begrippen ................................................................................................. 50

A.1

Afkortingen ............................................................................................................................... 50

A.2

Begrippen .................................................................................................................................. 50

Bijlage B

Wet en regelgeving ........................................................................................................... 55

B.1

Europees richtlijnen voor het stedelijk waterbeheer ............................................................... 56

B.2

Nationaal wet- en regelgeving voor het stedelijk waterbeheer ............................................... 57

B.2.1

Omgevingswet ...................................................................................................................... 57

B.2.2

Nationaal Waterplan ............................................................................................................. 60

B.2.3

Nationaal Deltaprogramma, Deltaplan Ruimtelijke adaptatie ............................................. 60

B.2.4

Bestuursakkoord Water ........................................................................................................ 61

B.2.5

Wet Milieubeheer ................................................................................................................. 61

B.2.6

Gemeentewet ....................................................................................................................... 61

B.2.7 Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) en Notitie investeringen, Waardering en Afschrijving ........................................................................................... 61 B.2.8

WIBON................................................................................................................................... 62

B.2.9

Wet op de lijkbezorging en Besluit op de lijkbezorging ........................................................ 62

B.2.10

Drinkwaterwet ...................................................................................................................... 62

B.2.11

NEN ....................................................................................................................................... 63

B.3

Provinciale en regionale richtlijnen .......................................................................................... 63

B.3.1

Omgevingsvisie ..................................................................................................................... 63

B.3.2

Regionaal Waterprogramma 2022-2027 .............................................................................. 64

6

B.3.3

Blauwe Omgevingsvisie......................................................................................................... 65

Bijlage C

Overzicht stedelijk watersysteem ..................................................................................... 67

Bijlage D

Evaluatie GRP 2019-2023 .................................................................................................. 71

D.1

Evaluatie van de activiteiten uit het GRP .................................................................................. 72

D.2

Evaluatie personele en financiële middelen in de planperiode................................................ 76

Bijlage E

Uitgangspunten kostendekkingsplan ................................................................................ 81

Bijlage F

Aansluitverordening .......................................................................................................... 83

7

Water en rioleringsprogramma Terschelling 2025-2029

1

Inleiding

In dit Water- en Rioleringsprogramma (Wrp) hebben wij beschreven hoe wij als gemeente Terschelling willen zorgen voor een goed functionerend afval-, hemel-, oppervlakte- en grondwater systeem in het bebouwde gebied. Dit Wrp is de opvolger van het gemeentelijk rioleringsplan (GRP) Terschelling 2019-2023. De wijziging van GRP in Wrp is een gevolg van de invoering van de Omgevingswet in 2024. Het programma is verbonden met de omgevingsvisie Terschelling. Vaststelling van het programma is met ingang van de Omgevingswet per 1 januari 2024 een bevoegdheid van het college. Het programma wordt echter ook ter goedkeuring aangeboden aan de raad. De geraamde kosten en kostendekkende tarieven in het programma zijn richtinggevend. De riool en waterzorgheffing wordt jaarlijks door de gemeenteraad vastgesteld bij de Programmabegroting.

1.1

Doel en geldigheidsduur water- en rioleringsprogramma

Met ons stedelijk watersysteem beschermen wij de volksgezondheid en het milieu door huishoudelijk- en bedrijfsafvalwater af te voeren naar de rioolwaterzuivering. We proberen huishoudelijk en bedrijfsafvalwaterlozingen in de bodem en het oppervlaktewater te beperken of te voorkomen. Zo beschermen we het milieu en onze drinkwaterbronnen. Daarnaast is het stedelijk watersysteem ingericht om wateroverlast zoveel mogelijk te voorkomen. Tegelijkertijd proberen wij ook hemelwater vast te houden. Door het vasthouden van water dragen we bij aan het verminderen van overlast en vullen we het grondwater aan als watervoorraad voor droge perioden. Het is belangrijk dat bewoners en bedrijven zich bewust zijn van het belang om zorgvuldig met ons (afval)watersysteem om te gaan. We streven naar een zo natuurlijk mogelijke grondwaterstand, zonder grondwateroverlast of -onderlast. Slechts een klein deel van het stedelijk (afval)watersysteem is zichtbaar in de openbare ruimte. Desondanks zijn er veel relaties met andere disciplines in de boven- en ondergrondse openbare ruimte zoals wegen en groen. In dit Wrp beschrijven wij voor de periode 2025-2029 hoe we de hierboven beschreven doelen bereiken op Terschelling. We hebben beschreven wat we willen bereiken en wat de verantwoordelijkheden zijn van de actoren ten aanzien van afval-, hemel-, en grondwater. Het Wrp heeft vier hoofdfuncties: 1.

Kader gemeentelijke zorgplichten Het Wrp geeft een overzicht van de beleidskeuzes en ambities ten aanzien van de gemeentelijke zorgplichten stedelijk afvalwater, hemelwater en grondwater en bijdragen aan de zorgplichten oppervlaktewater en drinkwater. 2. Interne afstemming Met andere vakdisciplines binnen de gemeentelijke organisatie. 3. Externe afstemming Met bijvoorbeeld het Wetterskip, de provincie en Staatsbosbeheer, bewoners en bedrijven, woningcorporatie, projectontwikkelaars en bouwbedrijven. 4. Continuïteit en voortgangsbewaking

8

Vanwege de relatief lange levensduur (60 jaar) van stedelijke watervoorzieningen en kapitaalintensieve investeringen is een lange termijn aanpak essentieel (begroting, investeringen en evaluatie). Als gemeente bepalen we zelf de geldigheidsduur van het programma. De geldigheidsduur van dit Wrp is vijf jaar: 2025 tot en met 2029. Evaluatie van de voortgang en eventuele tussentijdse bijstelling van het programma vindt plaats als grote veranderingen zich voordoen. Verder zijn we voornemens om ook de financiële paragraaf periodiek te actualiseren als de situatie daarom vraagt.

1.2

Leeswijzer

In hoofdstuk twee hebben wij de kaders voor het (afval)waterbeheer beschreven. Deze bestaan uit de vigerende wet- en regelgeving, de taken van de verschillende organisaties die betrokken zijn bij het (afval)waterbeheer en een aantal ontwikkelingen waar we mee te maken krijgen. In hoofdstuk drie hebben we onze visie en lange termijn doelen beschreven. Dit zijn de situatie en doelen waar de activiteiten uit dit Wrp aan bij moeten dragen. In het vierde hoofdstuk beschrijven wij wat we geleerd hebben in de periode 2010-2024 en de infrastructuur die we hebben voor het beheer van het (afval)watersysteem. In hoofdstuk vijf beschrijven we het beleid en de strategie voor de komende planperiode. Deze is onderverdeeld op basis van onze zorgtaken. Per zorgtaak beschrijven wij wat de inwoners en bedrijven van ons kunnen verwachten en wat wij van hen verwachten. Dit hebben wij uitgewerkt in hoofdstuk zes. Hierin staan de activiteiten die we in de periode 2025-2029 willen gaan uitvoeren. Wat we nodig hebben om deze activiteiten uit te voeren hebben we beschreven in hoofdstuk zeven. Ook bevat dit hoofdstuk de verwachte hoogte van de riool en waterzorgheffing in de planperiode en in de periode daarna. De gebruikte afkortingen en begrippen hebben wij opgenomen in Bijlage A

9

Water en rioleringsprogramma Terschelling 2025-2029

2

Kaders

Als gemeente zijn wij verantwoordelijk voor het stedelijk afvalwaterbeheer. Wij mogen het stedelijk afvalwater ([een mengsel van] huishoudelijk afvalwater, bedrijfsafvalwater, afvloeiend hemelwater, grondwater of ander afvalwater) beheren op een manier die past bij Terschelling. Daarbij moeten wij ons beleid wel conformeren aan de geldende wet- en regelgeving. Deze is met de invoering van de Omgevingswet gewijzigd. In dit hoofdstuk geven wij hier een samenvatting van en in Bijlage B hebben we een uitgebreider overzicht opgenomen. Het stedelijk watersysteem bestaat uit stedelijk afvalwater, afvloeiend hemelwater, grondwater en oppervlaktewater. De waterstromen en systemen beïnvloeden elkaar en moeten daarom samen beheerd worden. Ons stedelijk watersysteem maakt onderdeel uit van een groter watersysteem dat op Terschelling beheerd wordt door het Wetterskip, Staatsbosbeheer en Rijkswaterstaat (RWS). Daarom willen wij bij het waterbeheer nauw samen werken met deze en andere organisaties. Dit is in lijn met het landelijke Bestuursakkoord Water. Hierin hebben het Rijk, de provincies, waterschappen, drinkwaterbedrijven en de gemeente afgesproken om de doelmatigheid van het waterbeheer te vergroten. De taken en bevoegdheden van de andere organisaties die betrokken zijn bij het waterbeheer staan in de tweede paragraaf van dit hoofdstuk.

In de derde paragraaf beschrijven wij een aantal ontwikkelingen die ons waterbeheer gaan beïnvloeden.

2.1

Wet- en regelgeving

Met het van kracht worden van de Omgevingswet begin 2024 is Terschelling verplicht om een omgevingsvisie op te stellen. Dit is een integraal beleidsdocument voor de gehele fysieke leefomgeving. Omdat het een integraal karakter heeft krijgt het stedelijk waterbeheer hierin ook een plek. We werken de omgevingsvisie uit in programma’s. Dit zijn beleidsdocumenten die het uitgewerkte beleid en de beleidsmaatregelen bevatten. Het Wrp is opgenomen in de Omgevingswet (Ow) als een facultatief rioleringsprogramma (art. 3.14 Ow). Hierin beschrijven wij het beleid en de maatregelen die worden opgesteld om onze watertaken uit te voeren. Het maakt aan onze burgers en bedrijven duidelijk wat zij van de gemeente kunnen verwachten. Ook bevordert het de afstemming tussen het Wetterskip Fryslân, Staatsbosbeheer, Rijkswaterstaat en ons. Bovendien maakt het de riool en waterzorgheffing en de besteding daarvan transparant. Het beleid uit het Wrp vertalen wij in bindende regels voor burgers en bedrijven. Dit doen wij in het omgevingsplan. Omdat het opstellen van het omgevingsplan nog een aantal jaren duurt hebben wij als bijlage bij dit Wrp een aansluitverordening opgenomen die wij op termijn laten overgaan in het omgevingsplan. Daarnaast hebben we de uitgangspunten opgenomen voor een hemelwaterverordening.

De waterschapsverordening van het Wetterskip Fryslân bevat algemene regels over het watersysteem (waterkeringen, watergangen en grondwater) binnen het beheergebied van het Wetterskip op Terschelling. Vanuit de wet- en regelgeving hebben we zorgtaken voor: • Stedelijk afvalwater: In artikel 2.16 lid 1a-3 van de Omgevingswet staat dat elke gemeente verantwoordelijk is voor de inzameling en het transport van stedelijk afvalwater afkomstig 10

•

•

•

•

•

van de in de gemeente gelegen percelen. Alle percelen binnen de bebouwde kom zijn daarom aangesloten op de riolering. Buiten de bebouwde kom zijn alle percelen aangesloten op de riolering of een geoorloofd alternatief. Het waterschap heeft de verplichting om het afvalwater te (laten) zuiveren. Hemelwater: In artikel 2.16 lid 1-a1 van de Omgevingswet staat dat gemeenten verplicht zijn afvloeiend hemelwater doelmatig in te zamelen en te verwerken. Dit geldt alleen als degene die zich van het hemelwater wil ontdoen niet redelijkerwijs het water zelf kan verwerken op het eigen perceel. Het verwerken op eigen perceel kan door het water af te voeren naar de bodem of het oppervlaktewater. Grondwater: In artikel 2.16 lid 1-a2 van de Omgevingswet staat dat de gemeente de zorg heeft om structureel nadelige gevolgen van de grondwaterstand voor de aan de grond gegeven bestemming zoveel mogelijk te voorkomen of te beperken. Dit doet de gemeente door maatregelen te treffen in het openbaar gemeentelijke gebied voor zover deze doelmatig zijn en niet tot de zorg van de (grondwater)beheerders of de provincie behoort. Drinkwater: De gemeente is samen met Rijk, provincie en waterschap verantwoordelijk voor een duurzame veiligstelling van de openbare drinkwatervoorziening (Drinkwaterwet, artikel 2).

Bouw en onderhoud van het openbaar vuilwaterriool: Uit artikel 3.16 van het Besluit kwaliteit leefomgeving volgt dat de gemeente verantwoordelijk is voor het ontwerp, aanleg en onderhoud zodat: 1) het zoveel mogelijk berekend is op de eigenschappen, samenstelling en hoeveelheid van het afvalwater, 2) lekkage zoveel mogelijk wordt voorkomen, en 3) de lozing zo beperkt is als voor een doelmatig beheer van afvalwater mogelijk is. Het beheren en uitwisselen van gegevens: Als netbeheerder van de riolering is de gemeente onder andere verantwoordelijk voor het aanleveren van netinformatie over de ligging van het riool en de huisaansluitingen (Wet informatie-uitwisseling bovengrondse en ondergrondse netten en netwerken [WIBON])

De Wet Milieubeheer is nog steeds deels van toepassing. Daarin staat onder andere de voorkeursvolgorde voor het omgaan met afvalwater. Leidend principe is het beperken van het ontstaan van afvalwater en het water schoonhouden wat schoon is. Op basis van art. 228a Gemeentewet innen wij de riool en waterzorgheffing om de watertaken te bekostigen. Hiervoor stellen wij jaarlijks een begroting op. Het beleid dat in dit Wrp is beschreven is hierbij leidend.

2.2

Taken van actoren in het waterbeheer

De zorg voor de waterketen is een gedeelde verantwoordelijkheid. Rijkswaterstaat, Provincie Fryslân, het Wetterskip Fryslân, Vitens, de perceeleigenaren, de ondernemers, de burgers en de gemeente moeten samen zorgen voor een goed functionerende waterketen. De verplichtingen en bevoegdheden zijn vastgelegd in wetgeving en beleid.

11

Water en rioleringsprogramma Terschelling 2025-2029 Tabel 2 samenvatting van de belangrijkste taken en bevoegdheden van de actoren in het stedelijk waterbebeer

Actor Europa

Taak / bevoegdheid Opstellen richtlijnen om: • De kwaliteit van het grond- en oppervlaktewater op goed niveau te krijgen en te houden. • Het milieu te beschermen door het opvangen en zuiveren van afvalwater van huishoudens en bedrijven • Ruimtelijke gegevens voor het milieubeleid te delen

Basis KRW Richtlijn inzake de behandeling van stedelijk afvalwater INSPIRE

Rijk

Het Rijk (Minister van Infrastructuur en Waterstaat) is opsteller van het Nationaal Waterprogramma, het nationale beleidskader en de strategische doelen en maatregelen voor het waterbeheer in Nederland. Daarnaast is het Rijk verantwoordelijk voor het behalen van omgevingswaarden en andere doelstellingen uit de KRW. De Minister van Infrastructuur en Milieu is eindverantwoordelijk voor de uitvoering van de Kaderrichtlijn Water (KRW) en het Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie. Rijkswaterstaat heeft de regiefunctie over onder andere de Rijkswateren waaronder de Waddenzee. Voor Terschelling is Rijkswaterstaat verantwoordelijk voor de kustlijnzorg en het onderhouden van de kustlijn. De taak van Rijkswaterstaat in de Waddenzee bestaat onder meer uit het onderhouden van de vaargeulen in verband met de bereikbaarheid van de havens en eilanden. Daarnaast heeft Rijkswaterstaat een taak voor het behoud en de ontwikkeling van de Waddenzee als natuurgebied. De provincie is verantwoordelijk voor de vertaling van het rijksbeleid naar een regionaal beleidskader en voor strategische regionale opgaven. De provincie doet dit onder andere in het Regionaal Waterprogramma. Hierin worden de EU-richtlijnen zoals de KRW en de Grondwaterrichtlijn (GWR) geïmplementeerd.

De provincie is tevens bevoegd gezag voor vergunningverlening, het toezicht en handhaving van onderstaande grondwateronttrekkingen en infiltraties: • Industriële onttrekkingen > 150.000 m³ • Grondwateronttrekkingen t.b.v. drinkwaterwinning • Bodemenergiesystemen

Omgevingswet Nationaal Waterplan Nationaal Deltaprogramma

Rijkswaterstaat

Provincie Fryslân

12

Nationaal Water Programma Agenda voor het waddengebied 2050

Omgevingswet

Wetterskip Fryslân

Ten aanzien van het Wrp heeft de provincie een adviserende en toetsende rol. De provincie kan een aanwijzing geven indien er tegenstrijdigheden zijn tussen het Wrp en de provinciale plannen. Het Wetterskip is verantwoordelijk voor het operationele regionale waterbeheer voor het grootste deel in de polders op Terschelling. Dit betekent dat zij zorgen voor droge voeten (veiligheid), schoon en voldoende water (zorgplicht voor het beheer van regionale wateren en keringen.) De visie hierop en de bijhorende maatregelen zijn beschreven in het Waterbeheerprogramma. Bij de vaststelling hiervan moet rekening gehouden worden met het Regionale Waterprogramma van de provincie. Het waterschap heeft een zorgplicht voor de zuivering van stedelijk afvalwater en is bevoegd gezag voor directe lozingen op de RWZI en naar het oppervlaktewater. Voor de regulering van indirecte lozingen (naar het riool) heeft het waterschap een adviserende rol naar gemeenten.

Omgevingswet

Via de waterverordening reguleert het Wetterskip handelingen in het oppervlaktewatersysteem. Het Wetterskip is ook verantwoordelijk voor vergunningverlening, het toezicht en de handhaving van grondwateronttrekkingen en infiltraties in haar beheergebied, met uitzondering van de drie categorieën waarvoor de provincie verantwoordelijk is. Tenslotte is het Wetterskip verantwoordelijk voor het beheer van de Waddendijk. Ten aanzien van het Wrp heeft het Wetterskip een adviserende rol. Staatsbosbeheer Het beheer van het water in het bos- en duingebied aan de noordkant van Terschelling. Vitens Overheden die (in)direct betrokken zijn bij de bescherming van drinkwater hebben een verantwoordelijkheid voor de invulling van de zorgplicht drinkwater. De zorgplicht drinkwater geldt zowel voor de bescherming van bronnen van drinkwater als voor de infrastructuur. Gemeente De gemeente heeft drie zorgtaken t.a.v. stedelijk waterbeheer (zie paragraaf 2.1). Bij de verwerking van (afval)water houdt de gemeente rekening met de wettelijke voorkeursvolgorde. Volgens de wet hebben gemeenten een belangrijke taak in het voorkomen van graafschade aan kabels en leidingen (Wet informatie-uitwisseling bovengrondse en ondergrondse netten en netwerken, WIBON) en

Drinkwaterwet

13

Water en rioleringsprogramma Terschelling 2025-2029

Perceeleigenaar

2.3

het beschikbaar stellen van gegevens over de ondergrond. In het kader van het Besluit op de lijkbezorging hebben gemeenten een toetsende rol in de ontwatering van begraafplaatsen. Als onderdeel van het Fries bestuursakkoord Waterketen (FBWK) is de regionale uitwerking van het Deltaplan Ruimtelijke adaptatie samen op te pakken. In het Wrp vindt de uitwerking van het onderdeel water hiervan plaats. De perceeleigenaar is verantwoordelijk voor de staat van zijn woning en perceel. Dit betekent dat de eigenaar zelf verantwoordelijk is voor het op eigen perceel treffen van maatregelen om de waterdichtheid te garanderen en voor de inzameling van stedelijk afvalwater en overtollig hemel- en grondwater. Pas als de perceeleigenaar zich redelijkerwijs niet kan ontdoen van het overtollige hemel- en grondwater, is er een taak voor de gemeente of het Wetterskip. De perceeleigenaar heeft ook een zorgplicht. Dit betekent dat hij geen handelingen mag verrichten waarvan hij kan verwachten dat deze het doelmatige functioneren van (water)voorzieningen belemmeren.

Ontwikkelingen

Het stedelijk waterbeheer speelt zich voor een groot deel af in de openbare ruimte. Hierdoor kan het niet als een op zichzelf staande activiteit worden gezien maar moet rekening gehouden worden met andere ontwikkelingen en uitdagingen die de openbare ruimte beïnvloeden. Deze uitdagingen zijn samen met aan aantal andere ontwikkelingen die relevant zijn voor het waterbeheer in deze paragraaf beschreven.

2.3.1 Klimaatverandering Het klimaat is aan het veranderen. Dit leidt tot meer extremen. Het wordt natter, droger en warmer en de zeespiegel stijgt. We willen een stedelijk watersysteem dat goed kan omgaan met de extreme gebeurtenissen. Dat betekent dat het (hemel)watersysteem en de afvalwaterketen de neerslag zo goed als mogelijk moeten kunnen verwerken. We willen een voldoende grote (grond)watervoorraad hebben om langdurig droge perioden te kunnen overbruggen. Dit is voor Terschelling belangrijk, want als eiland hebben we wij maar beperkt de mogelijkheid om zoetwater aan te voeren vanaf een andere plek. Het opslaan van (grond)water moet echter niet leiden tot extra overlast. Een integrale aanpak is noodzakelijk waarbij we beseffen dat alleen het vergroten van rioolbuizen niet voldoende is. Om goed voorbereid te zijn op de zeespiegelstijging is de ‘Integrale Waterveiligheid Strategie Waddeneilanden’ opgesteld. Het beschermen van voorzieningen voor de (stedelijke) waterhuishouding is hiervan een onderdeel bij ambitieniveau twee en hoger. In het Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie (DPRA) zijn doelstellingen opgenomen om in 2020 klimaatrobuust te handelen en in 2050 een klimaatrobuuste leefomgeving te hebben.

In het Fries bestuursakkoord Waterketen (FBWK) is met de provincie, het waterschap en de Friese gemeenten afgesproken om de regionale uitwerking van het Deltaplan Ruimtelijke adaptatie samen op te 14

pakken. We gaan in de komende planperiode onderzoeken hoe we dit kunnen uitwerken voor Terschelling. We gaan een afweging maken tussen het accepteren of beperken van schade door wateroverlast bij extreme buien. Deze aanpak richt zich op afstemming binnen de waterketen, in de openbare ruimte (klimaatadaptatie) en op particulier terrein. We gaan onderzoeken hoe we een transitie kunnen maken naar een klimaatrobuust watersysteem en hoe we rekening kunnen houden met de risico’s en gevolgen van overstromingen, wateroverlast, verdroging en hitte. De uitkomsten hiervan beschrijven we in een navolgend masterplan.

2.3.2 Energietransitie De energietransitie leidt tot aanpassingen in de openbare ruimte. Een aardgasloze samenleving vraagt om aanpassingen in de ondergrondse energie-infrastructuur. Voor deze aanpassingen zal de straat open gaan. We zoeken naar kansen om de onder- en bovengrondse infrastructuur kostenefficiënt te vernieuwen. Een concrete actie hiervoor is een overzicht maken van de noodzakelijke aanpassingen in het watersysteem op de korte en middellange termijn.

2.3.3 Datagedreven werken Het gebruik van data (datagedreven werken) wordt steeds belangrijker, ook in het waterbeheer. De beschikbare (digitale) gegevens worden steeds beter door nieuwe en verbeterde meettechnieken. Om deze gegevens te kunnen analyseren, delen en uitwisselen is standaardisatie noodzakelijk. Daarnaast hebben Artificial Intelligence (AI) en Machine learning hun intrede gedaan in het stedelijk waterbeheer.

2.3.4 Zuiveringstechnieken Nieuwe zuiveringstechnieken beïnvloeden de mogelijkheden voor het verwerken van afvalwater. Deze technieken maken het mogelijk om afvalwater op kleine schaal te zuiveren. Mogelijk kan dit helpen bij het inspelen op de effecten van klimaatverandering (bijvoorbeeld effluent inzetten tegen droogte) en kan energie worden teruggewonnen. Investeringen in de riolering hebben een lange technische levensduur (60 jaar). De uitdaging is om flexibiliteit te creëren in de afvalwaterketen (technisch én financieel), om in te kunnen spelen op nieuwe technieken, omstandigheden en inzichten. In 2024 is de richtlijn inzake de behandeling van stedelijk afvalwater herzien. Deze richtlijn geeft kaders voor de inzameling en zuivering van huishoudelijk afvalwater en is dus van belang voor gemeenten (riolering) en waterschappen (rioolwaterzuivering). De richtlijn moet leiden tot een betere bescherming van de waterkwaliteit en de volksgezondheid.

2.3.5 Samenstelling afvalwater: nieuwe stoffen Het zuiveren van afvalwater wordt steeds complexer. We vinden steeds meer stoffen in het afvalwater die niet (kunnen) worden verwijderd in de huidige rioolwaterzuiveringsinstallaties. Het gaat hierbij om stoffen als medicijnresten, zware metalen, gewasbeschermingsmiddelen en een veelheid aan microverontreinigingen afkomstig uit consumentenproducten en bedrijfsprocessen. Deze stoffen kunnen nadelige effecten hebben op de waterkwaliteit. De uitdaging is om te voorkomen dat deze nieuwe stoffen in de riolering, de ondergrond en het watersysteem terechtkomen. Dat vraagt om specifieke aandacht van het domein vergunningverlening-toezichthandhaving (VTH).

15

Water en rioleringsprogramma Terschelling 2025-2029

2.3.6 Verhouding tussen de overheid en haar inwoners Bij de invulling van onze gemeentelijke watertaken willen wij handelen vanuit een brede maatschappelijke afweging. We willen transparant handelen en goed toegankelijk zijn voor inwoners en bedrijven. Tegelijkertijd hebben wij de hulp nodig van andere organisatie om de gevolgen van klimaatveranderingen tegen te gaan. We zoeken daarom de samenwerking met onze buureilanden, Staatsbosbeheer, RWS en het Wetterskip. De Omgevingswet vraagt om een andere manier van werken die uitgaat van samenwerking met alle betrokken partijen, waarbij wordt geluisterd naar de wensen vanuit de samenleving en waarbij oog is voor het waarborgen van kwaliteit. Vanuit onze taak om bijvoorbeeld veiligheid en volksgezondheid te waarborgen en het milieu te beschermen, willen wij aangeven wat wel en niet kan.

16

3

Visie en lange termijn doelen

3.1

Visie

Terschelling heeft nu en in de verre toekomst een gezond, robuust en goed beheer- en beheersbaar stedelijk watersysteem dat bijdraagt aan de leefbaarheid van het eiland. Met ons watersysteem willen we: • De volksgezondheid beschermen; • De fysieke leefomgeving beschermen en bijdragen aan de omgevingskwaliteit; • Een bijdrage leveren aan een klimaatbestendige en waterrobuuste omgeving. De volksgezondheid beschermen Het hoofddoel van het watersysteem in het bebouwde gebied is en blijft het beschermen van de volksgezondheid. Daarom minimaliseren we het risico dat mensen in contact komen met afvalwater. Om dit te bereiken zamelen we het afvalwater in. Samen met het Wetterskip Fryslân zorgen we voor het transport van het afvalwater naar de zuivering waar het water door het Wetterskip wordt gezuiverd. Daarnaast willen we zoveel mogelijk voorkomen dat afvalwater op straat staat bij extreme neerslag. Daarom houden we huishoudelijk afvalwater en hemelwater bij nieuwbouw gescheiden en gaan we dit bij vervanging van bestaande systemen scheiden. Hierbij houden we rekening met de mogelijke negatieve effecten als piekafvoeren en verontreiniging van het oppervlaktewater door foutaansluitingen. De fysieke leefomgeving beschermen en bijdragen aan de omgevingskwaliteit Door het uitvoeren van onze wettelijke zorgtaken riolering beschermen we de leefomgeving, de waterkwaliteit en het milieu.

Omdat water een waardevolle grondstof is houden we het water (zoveel mogelijk) vast op het eiland. Dit doen we zichtbaar om de bewustwording bij de burgers te vergroten. De voorzieningen hiervoor hebben overloopvoorzieningen om de kans op (grond)wateroverlast te beperken. Hierbij minimaliseren we de negatieve effecten van lozingen op het oppervlakte- en grondwater. Bij het toewijzen van functies aan de gebieden houden we rekening met het de sturende principes van water en bodem zodat we de kans op wateroverlast of tekort minimaliseren. Een bijdrage leveren aan een klimaatbestendige en waterrobuuste omgeving Terschelling is voorbereid op extreme weersomstandigheden. We kunnen omgaan met zowel extreme neerslag, extreme droogte als hitte. Het watersysteem is zo ontworpen dat water zoveel mogelijk wordt vastgehouden voor droge periodes. Hierbij zijn oplossingen gebruikt die bijdragen aan het verminderen van hitte en een positieve bijdrage leveren aan de biodiversiteit. Dit doen we met zichtbare bovengrondse oplossingen, om de bewustwording te vergroten. Ook richten we de openbare ruimte zo in dat als het water niet door ons watersysteem verwerkt kan worden, het water naar de locaties stroomt waar het de minste overlast geeft.

3.2

Lange termijn doelen

Om onze visie te bereik gaan we uit van de volgende uitgangspunten: • We wentelen niet af: o Niet op toekomstige generaties. o Niet op andere gebieden of functies. o Niet van publiek naar privaat of andersom. • We gaan bij het nemen van maatregelen uit van het integrale watersysteem (stedelijk water, grondwater, oppervlaktewater, zee) en de daarbij behorende natuurlijke dynamiek. We letten daarbij op functionaliteit, kwantiteit, kwaliteit en de locatie (omgeving).

17

Water en rioleringsprogramma Terschelling 2025-2029 •

•

• • •

We gebruiken flexibele maatregelen die mee kunnen “groeien” met de klimaatveranderingen. Voor de toekomstbeelden gaan we uit van de meest recente KNMIklimaatscenario’s en we houden rekening met zowel de positieve als de negatieve scenario’s. Maatregelen zijn ook gericht op het beperken van gevolgen van wateroverlast/overstromingen. We beschermen de kwetsbare en vitale functies extra door bijvoorbeeld compartimentering of het aanleggen van voorzieningen op verhoogde locaties. De aanpassingen in watersysteem dragen bij aan het behoud van de natuur. We werken samen met onze partners en nemen daarbij onze eigen verantwoordelijkheden. We werken samen met de andere Waddeneilanden om kennis te ontwikkelen en te delen.

Om onze visie te bereiken werken we bij de uitvoering van de gemeentelijke watertaken, binnen de beschikbare middelen en mogelijkheden, aan de volgende doelen voor de korte en lange termijn: • Stedelijk afvalwater: o Voorkomen van het ontstaan van afvalwater door het gescheiden houden van waterstromen; o Doelmatige inzameling en transport van stedelijk afvalwater; o Beperken van de milieubelasting op bodem, grond- en oppervlaktewater; o Beperken van de overlast voor de omgeving; o Bijdragen aan een duurzame verwerking van afvalwater; o Bij vervanging en renovatie vuilwater en hemelwater scheiden. • Hemelwater: o Het regenwater zoveel mogelijk vasthouden in de buurt van waar het water valt; o Doelmatige inzameling en verwerking van hemelwater; o Zichtbaar verwerken van hemelwater om de bewustwording te vergroten; o Beperken van het risico op wateroverlast; o We zijn voorbereid op klimaatveranderingen door een klimaatadaptieve inrichting van het openbare gebied. • Grondwater: o Bijdragen aan klimaatadaptatie en de aanvulling van de grondwatervoorraad; o Voorkomen van structurele grondwateroverlast en -onderlast afgestemd op de functie van het gebied/object. • Oppervlaktewater: o Borgen bergings- en ontwateringsfunctie van het stedelijk oppervlaktewater; o Bijdragen aan een biologisch gezond watersysteem; o Bijdragen aan klimaatadaptatie.

• Drinkwater: o Bijdragen aan de bescherming van drinkwatervoorzieningen. o Bijdragen aan het beperken van drinkwatergebruik • Beheer: o We hebben goed beheerbare objecten en systemen; o We beschermen de vitale en kwetsbare functies in het stedelijk watersysteem tegen overstromingen; o We beheren onze infrastructuur risicogestuurd; o We treffen doelmatig maatregelen; o Verlagen van de kwetsbaarheid van de organisaties in de waterketen; o We hebben voldoende personele en financiële middelen; o We werken op een integrale manier; o We hebben een actueel inzicht in de toestand en het functioneren van het stedelijk watersysteem; 18

o

o

We dragen bij aan het verbeteren van de fysieke leefomgeving. Hiervoor bouwen we onze groenblauwe structuren verder uit en verbinden we ze onderling. Verder koppelen we de structuren aan onze andere maatschappelijke opgaven; We behouden en ontwikkelen de kwaliteit en diversiteit van water, landschappelijke waarden en ecologie.

19

Water en rioleringsprogramma Terschelling 2025-2029

4

Situatie 2024

4.1

Evaluatie GRP 2019-2023

In Bijlage D is een evaluatie opgenomen van het Gemeentelijk RioleringsPlan (GRP) 2019-2023. Uit de evaluatie komen de volgende punten naar voren: • Ons stedelijk watersysteem functioneert relatief goed. Er zijn in de afgelopen planperiode enkele meldingen ontvangen over wateroverlast. Deze zijn soms het resultaat van hoge piekintensiteiten en soms van grote water volumes; • Een deel van de geplande activiteiten van de binnendienst (beleid, onderzoek, coördineren onderhoud, coördineren maatregelen) is niet uitgevoerd. De belangrijkste oorzaken zijn personele wisselingen en een te beperkte personele capaciteit (gemiddeld was er minder dan 1 fte beschikbaar in plaats van de volgens het GRP benodigde 3,7 fte voor de binnendienst). Ook is er meer aandacht besteed aan het vergroten van inzicht in de werking van het systeem; • In de periode 2019-2023 zijn er nagenoeg geen verbeteringsmaatregelen of vervangingsprojecten uitgevoerd. De reden is de beperkte personele capaciteit; • De geplande activiteiten van de buitendienst (onderhoud, gemalenbeheer, kleine werkzaamheden) zijn grotendeels uitgevoerd; • We hebben een redelijk overzicht van de aanwezige gemengde riolering maar nog onvoldoende inzicht in de overige gegevens die noodzakelijk zijn voor het waterbeheer; • We hebben nog onvoldoende inzicht in de kwaliteit van de waterinfrastructuur.

Van de infrastructuur waarvan we de kwaliteit kennen (25% van het areaal) is de kwaliteit minder goed dan verwacht. Daarom is de theoretische technische levensduur verkort van 80 naar 60 jaar; • We hebben nog te weinig inzicht in het werkelijk functioneren van de riolering. Dit is wel nodig om de juiste maatregelen te bepalen; • We hebben de juridisch bindende regels voor het omgaan met hemelwater en de aanleg van nieuwe riolering nog niet op orde; • De rioolheffing tot en met een waterverbruik van 150 m³ per jaar is gestegen van €176,49 in 2019 tot €190,50 in 2024. Uitgaande van een inflatiecorrectie van 3% per jaar zou de rioolheffing gestegen moeten zijn tot €204,60. De voorziening grootonderhoud riolering is gestegen tot €953.000 op 01-01-2024. Hiermee is de voorziening hoger dan gepland. Dit komt doordat er in de afgelopen planperiode vrijwel geen maatregelen zijn uitgevoerd; • Voor het waterbeheer werken we samen met het Wetterskip. We wisselen informatie uit en proberen werkzaamheden op elkaar af te stemmen.

4.1.1 Aandachtspunten naar aanleiding van de evaluatie Op basis van de evaluatie van het GRP 2019-2023 komen de volgende aandachtspunten naar voren voor het Wrp 2025-2029: • Het op orde brengen van de benodigde informatie voor het waterbeheer. Het gaat hierbij zowel om informatie over de beschikbare infrastructuur, de kwaliteit van de infrastructuur en het functioneren van het watersysteem. De duikers maken hier expliciet onderdeel van uit omdat deze noodzakelijk zijn voor de afvoer van het hemelwater; • Het opstellen van een strategie voor het aanpassen van ons watersysteem om voorbereid te zijn op de gevolgen van klimaatveranderingen; • Het opstellen van de benodigde juridische instrumenten voor de aansluiting op de riolering en het omgaan met hemelwater;

20

• •

4.2

Het verder versterken van de samenwerking met de andere waterbeheerders op Terschelling en de andere Waddeneilanden; Voldoende personele capaciteit voor de uitvoering van de werkzaamheden.

Overzicht aanwezige voorzieningen

Voor het beheer van het water hebben we infrastructuur nodig. De infrastructuur bestaat uit: • Voorzieningen voor het beheer van het afvalwater: de riolering; • Voorzieningen voor het beheer van het hemelwater: de riolering en het stedelijk oppervlaktewater inclusief de duikers; • Voorzieningen voor het beheer van het grondwater. Zoals in de evaluatie is aangegeven hebben we nog geen volledig overzicht van de infrastructuur. Een overzicht van de infrastructuur is weergegeven in

21

Water en rioleringsprogramma Terschelling 2025-2029 Tabel 3 3. De riolering bestaat uit vrijvervalriolering en mechanische riolering. Bij vrijvervalriolering wordt het afvalwater getransporteerd door de zwaartekracht. Bij mechanische riolering wordt het afvalwater getransporteerd via gemalen en persleidingen. Drukriolering is een onderdeel van de mechanische riolering. Dit zijn de kleine pompunits en persleidingen met een kleine diameter die we gebruiken voor de inzameling en transport van het afvalwater van de afgelegen panden. De drukriolering is in ons beheer. De overige mechanische riolering is in beheer bij het Wetterskip. Het vrijvervalsysteem bestaat voor ongeveer 85% uit een gemengd stelsel (één buis voor de afvoer van schoon en vuilwater) en 15% een vorm van een gescheiden stelsel (twee aparte buizen voor de afvoer van schoon en vuilwater). Om de overloop uit het gemengde stelsel op het oppervlaktewater te beperken zijn op vijf lozingspunten randvoorzieningen aangebracht. Deze voorzieningen bergen afvalwater en laten het vuil bezinken voordat het overstort op het oppervlaktewater. De overige lozingspunten lozen overtollig afval- en regenwater direct op het oppervlaktewater op het moment dat het rioleringssysteem vol is. Bij gescheiden riolering lozen de hemelwaterleidingen op het oppervlaktewater (hemelwateruitlaat in tabel 2).

Dit water is minder vervuild en wordt daarom niet gezuiverd. Omdat het huishoudelijke en bedrijfsmatige afvalwater in een aparte buis zit lozen we minder afvalwater op het oppervlaktewater en neemt de vuilbelasting bij de overstorten af. Door minder hemelwater naar de zuivering te sturen, zorgen we voor een besparing op de zuiveringskosten. Een overzicht van de lozingspunten is opgenomen in Bijlage C

22

Tabel 3 overzicht van de stedelijk waterinfrastructuur op Terschelling.

Systeem Vrijvervalriolering

object

aantal

eenheid

Gemengd riool Hemelwaterriool Vuilwaterriool Loze leidingen Putten Putten met zandvang Kolken lijngoten Bergingsvoorzieningen Externe overstorten zonder randvoorziening Externe overstorten met randvoorzieningen Hemelwateruitlaat

42,8 7,3 3,0 0,4 1.520 onbekend 1.628 150 3 4

Km Km Km Km stuks stuks stuks m stuks stuks

5

stuks

32

stuks

Drukrioleringsgemalen Drukriool Gemalen Gemalen randvoorzieningen Gemalen (beheer Wetterskip) Persleidingen (beheer Wetterskip) Vacuümstelsel in de haven Installaties bestrijding H2S Kolkenzuiger

101 16,5 6 5 9 onbekend

stuks km stuks stuks stuks Km

1 1

stuks stuks stuks

Watergangen in beheer gemeente (landelijk gebied) Watergangen in beheer gemeente (stedelijk gebied) Doorstroming in beheer Wetterskip, constructief perceel eigenaar Doorstroming in beheer Wetterskip, constructief wegbeheerder In beheer bij Staatsbosbeheer Beheer onbekend

Ca. 125

km

Ca. 3,5

km

72

stuks

191

stuks

3 83

stuks stuks

Drainage Peilbuizen

onbekend 0

km stuks

Mechanische riolering

Materieel Oppervlaktewater2

Duikers

Grondwater

2 Alleen het stedelijk waterdeel van het oppervlaktewater en de duikers maakt deel uit van het Wrp.

23

Water en rioleringsprogramma Terschelling 2025-2029

4.2.1 Toestand van de objecten Voor het opstellen van een vervangingsplanning gaan we uit van een theoretische technische levensduur. Voor de civieltechnische onderdelen van de riolering is deze 60 jaar en voor de elektromechanische onderdelen 15 jaar. Gedurende de levensduur inspecteren we de riolering om de kwaliteit te beoordelen. We vervangen de riolering als uit de inspecties blijkt dat de kwaliteit onvoldoende is. Om dit te beoordelen gaan we uit van de landelijk geldende waarschuwings- en ingrijpmaatstaven. Op Terschelling is meer dan de helft van de vrijvervalleidingen aangelegd in de periode 1974-1984. In deze periode is ook circa de helft van de pompunits van de mechanische riolering aangelegd. Tussen 2002 en 2010 is nog circa 20% van de drukrioleringsgemalen aangelegd. Deze voeren het water af van de verder weg gelegen panden. De helft van de totale lengte aan drukrioleringleiding is nodig om het water van deze panden af te voeren. Van deze riolering lopen de elektromechanische onderdelen op het eind van de technische levensduur. Dat betekent dat we ons moeten voorbereiden op grootschalige vervangingen. Per 1 januari 2025 is circa 3,7 km riool ouder dan 60 jaar. De leeftijdsopbouw van de riolering is weergegeven in Figuur 1 en Figuur 2.

Figuur 1 Overzicht van het jaar van aanleg van de riolering en/of renovatie

24

Figuur 2 Geografisch overzicht van het jaar van aanleg van de riolering

In 2022 is 25% van de gemengde riolering (291 leidingen) geïnspecteerd om inzicht te krijgen in de kwaliteit van de leidingen. Bij circa 40% van de leidingen wordt op een of meerdere punten een ingrijpmaatstaf overschreden. Bij circa 40% van de leidingen wordt op een of meerdere punten een waarschuwingsmaatstaf overschreden. Bij de overige 20% van de leidingen zijn geen gebreken geconstateerd waarbij een waarschuwings- of ingrijpmaatstaf3 wordt overschreden. De kwaliteit van de riolering is minder goed dan we op basis van de leeftijd verwachtten (zie Figuur 3). Daarom gaan we in 2024 en 2025 het overige deel van de riolering inspecteren.

3 Waarschuwingsmaatstaf: de grenstoestand van een rioleringsobject waarbij de actuele toestand

discutabel is en nader onderzoek benodigd. Ingrijpmaatstaf: de grenstoestand van een rioleringsobject waarbij ingrijpen noodzakelijk is en maatregelen moeten worden opgesteld.

25

Water en rioleringsprogramma Terschelling 2025-2029

Figuur 3 Resultaten van de inspectie uit 2022 (links) en het jaar van aanleg (rechts)

4.2.2 Functioneren van het watersysteem We beschikken niet over recente modelberekeningen van de riolering. We hebben daarom geen goed beeld van het theoretisch functioneren van de riolering. Niet in de buizen en ook niet in combinatie met afstroming over het maaiveld. Ook hebben we geen inzicht in de interactie riolering oppervlaktewater. Vanuit de praktijk weten we dat de riolering (in combinatie met het oppervlaktewatersysteem) niet overal optimaal functioneert. De volgende knelpunten zijn bij ons bekend: • Midsland: De capaciteit van de riolering is hier onvoldoende waardoor er regelmatig hinder optreedt. De oorzaak van de hinder is niet exact bekend. • Duikers: in 2023-2024 zijn er relatief veel meldingen binnen gekomen over het functioneren van de duikers. Een deel van de duikers heeft een kleine (< 200 mm) diameter waardoor de kans op verstopping groot is en de duikers moeilijk te beheren zijn. • Grondwater: Na de vele neerslag in het najaar van 2023 en de winter van 2024 zijn er relatief veel meldingen van grondwateroverlast geweest. • Bosgebied: een deel van de wegen en fietspaden in het bosgebied heeft in 2024 langdurig onder water gestaan.

4.2.3 Aandachtspunten op basis van inzichten in het huidige watersysteem Op basis van de analyse van de infrastructuur voor het waterbeheer komen de volgende aandachtspunten naar voren voor het Wrp 2025-2029: • Het verder aanvullen van en controleren van de data in het beheersysteem BrutIS. Het gaat hierbij zowel om de vaste gegevens van de objecten als de toestand van de objecten; • Het vergroten van het inzicht in het functioneren van de riolering in samenhang met het oppervlaktewatersysteem; 26

•

Het opstellen van een vervangingsplan in combinatie met verbetermaatregelen.

27

Water en rioleringsprogramma Terschelling 2025-2029

5

Beleid en Strategie

In Hoofdstuk 3 ‘Visie en lange termijn doelen’ hebben we omschreven wat we willen bereiken. In dit hoofdstuk beschrijven we voor de verschillende zorgtaken wat de verantwoordelijkheden zijn van de verschillende actoren en hoe wij de visie en lange termijn doelen willen bereiken.

5.1

Zorgtaak stedelijk afvalwater

Verantwoordelijkheden huiseigenaren en bewoners De huiseigenaar is verantwoordelijk voor de riolering op eigen terrein. Vanaf de perceelgrens is de gemeente verantwoordelijk. Op of nabij de erfgrens is een ontstoppingsput aanwezig. Bij een verstopping moet de huiseigenaar controleren of er water in de ontstoppingsput staat. In dat geval verhelpen wij het probleem in openbaar gebied. Zo niet dan ligt het probleem op eigen terrein en moet de eigenaar het probleem zelf (laten) verhelpen. In een appartementencomplex is de verhuurder of de vereniging van eigenaren verantwoordelijk voor de gemeenschappelijke leidingen. Om verstoppingen te voorkomen dient het riool alleen te worden gebruikt voor de afvoer van afvalwater. Alle andere materialen zoals verf, schoonmaakdoekjes en frituurvet zorgen voor verstopping en vervuiling en mogen níet in het riool terechtkomen. Daarnaast moet het riool niet zwaarder belast worden dan waarop het riool is ontworpen. Dat betekent dat de eigenaar piekafvoeren uit warmte- en koudeopslag systemen (WKO’s), zwembaden, et cetera moet voorkomen door water tijdelijk op eigen terrein te bergen. Verantwoordelijkheden van bedrijven Net zoals bij de huiseigenaren zijn bedrijven verantwoordelijk voor de riolering op eigen terrein.

Net als bij particulieren geldt voor de bedrijven dat het riool alleen gebruikt mag worden voor de afvoer van afvalwater met een afvoerpiek die afgestemd is op het achterliggende stelsel. Dat betekent dat bedrijven piekafvoeren moeten voorkomen door water tijdelijk op eigen terrein te bergen. Ook moeten zij ervoor zorgen dat de kwaliteit van het afvalwater zodanig is dat het de riolering niet aantast, het niet leidt tot verstopping en goed biologische afbreekbaar is. Dat betekent dat bedrijven op eigen terrein de noodzakelijke voorzieningen moeten hebben en onderhouden zoals vet- en olieafscheiders en bergingsputten. Als het bedrijfsafvalwater biologisch slecht afbreekbaar is en het in grote hoeveelheden wordt geloosd, is het doelmatig en voor het milieu beter dat een bedrijf een eigen zuivering gebruikt. Verantwoordelijkheden van woningcorporatie en projectontwikkelaars Nieuwe aanleg van riolering valt onder de bouwgrondexploitatie of het bouwplan. De kosten voor nieuwe aansluitingen op het hoofdriool en de benodigde aanpassingen aan het bestaande systeem zijn dan ook voor rekening van de initiatiefnemer. Verantwoordelijkheden van het Wetterskip Fryslân Het Wetterskip is verantwoordelijk voor het transport van het afvalwater vanuit de gemeentelijke riolering vanaf de hoofdgemalen tot aan de zuivering.

Daarnaast is het Wetterskip verantwoordelijk voor de zuivering van het afvalwater.

28

Verantwoordelijkheden gemeente Aanleg riolering bebouwde kom Binnen de bebouwde omgeving zijn alle percelen aangesloten op de riolering. Dit betekent dat er geen ongezuiverde afvalwaterlozingen plaatsvinden. Bij nieuwe riolering moeten hemelwater en vuilwater gescheiden worden aangeboden en wij houden deze stromen zoveel mogelijk apart. We streven naar een gescheiden inzameling en transport van vuilwater en hemelwater. Bij kleinschalige in/uitbreidingen kan tijdelijke aansluiting op de bestaande (gemengde) riolering acceptabel zijn. We gaan door met het scheiden van waterstromen. Aanleg riolering buiten de bebouwde kom De Omgevingswet geeft gemeenten de beleidsruimte om voortaan zelf te bepalen wanneer aansluiten op de riolering wenselijk/doelmatig is. Voor de planperiode van dit Wrp continueren we het bestaande beleid. Dat betekent dat het uitgangspunt is dat ook buiten de bebouwde kom alle panden aangesloten worden op de riolering. Industriële, bedrijfsmatige en tijdelijke lozingen Industriële, bedrijfsmatige en tijdelijke lozingen kunnen in de riolering tot capaciteitsproblemen leiden. Denk hierbij aan bronneringswater en spoelwater van WKO’s of zwembaden of industriële lozingen. We gaan eisen stellen aan de maximum lozingshoeveelheid. We gaan capaciteitsbeperkende regels opnemen in een aansluitverordening en daarna in het Omgevingsplan.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Terschelling&id=0688374d-7e90-42fe-8514-06f917712420