CConstaterende datTerneuzen
Koppel je AI →
Document · PDF

d. 2022-03-10 IC2 - definitief besluit opleggen last onder dwangsom - Brief BW aan Raad

commissie Omgeving 18 mei 2022, gemeente TerneuzenBij agendapunt: Bespreken ingekomen stukken raadsvergadering 10 maart 202211.567 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Postadres. Postbus 35, 4530 AA Terneuzen Bezoekadres: Stadhuisplein 1. 4531 GZ Terneuzen Telefoon: 14 0115 Vanuit buitenland: +31 115 455 000 E-mail : gerneente@terneuzen nl Internet: www.terneuzen.n1 Bij beantwoording a u.b onderwerp. datum en zaaknummer van deze brief vermelden

De raad van de gemeente Terneuzen

uw brief van uw kenmerk zaaknummer 352686 contactpersoon : N.E.M. van Hurck . 14 0115 telefoon : n.vanhurck@terneuzen.n1 e-mail verzonden

2 5 JAN 2022 Terneuzen, 11 januari 2022 Onderwerp: Definitief besluit opleggen last onder dwangsom

Beste leden van de raad. Ons college heeft besloten, met medeweging van de ingediende zienswijzen en ontvangen relevante meetgegevens, een last onder dwangsom op te leggen aan GSNed aan de Rooseveltlaan 8 te Terneuzen. Voor de inhoud en overwegingen die ten grondslag liggen aan dit besluit wordt verwezen naar de last onder dwangsom die, inclusief bijlagen, hierbij ter kennisname worden aangeboden. Tegen dit besluit kunnen zowel de overtreder als de indieners van het verzoek tot handhaving een beroepschrift indienen bij de rechtbank. Het college heeft gemeente u van onderhavig besluit in kennis te moeten bestellen vanwege de betrokkenheid van de raad bij eerdere besluitvorming in dit dossier. Met vriendelijke groet, Burgemeester en Wethouders van Terneuzen, gemeentesecretaris,

burgemeester,

AANTEKENEN t‘te

Postadres Postbus 35 4530 AA Terneuzen Bezoekadres Stadhuispieer 1 4511 67 Terneuter Teleloon 14 0115 Vanuit buitenland +31 i15455 000 E mail gerreente@terneuzen ni Internet #^11,4 Ie/meuten nl beantwoogding a b onderwerp datum en zaakniimmer var deze brief vermelden

Geo Services Nederland (GSNED) Roosevettlaan 8 4536 GZ TERNEUZEN

uw boel van uw kenmerk zaaknummer 352686 contactpersoon N E M van Hurck 14 0115 telefoon n vanburch@terneuzen nl e mail verzonden

11 JAN 1012 Terneuzen, 11 januari 2022 Onderwerp: last onder dwangsom

Beste directie, Op 21 september 2021. verzonden 23 september 2021, heeft u van ons college. naar aanleiding van een hiertoe strekkend verzoek, een voornemen tot het opleggen van een last onder dwangsom ontvangen. Tegen dit voornemen hebben wij van u, en van de verzoekers tot handhaving, een zienswijze mogen ontvangen. In een bijlage bij deze last kunt u de reactie van ons college lezen op deze zienswijzen. Bij het nemen van het definitieve besluit hebben wij tevens de eerste resultaten van de geluidsmetingen in de directe omgeving van uw bedrijf meegewogen. Het definitieve besluit last onder dwangsom wijkt mede daardoor af van ons voornemen. Verzoek(en) tot handhaving Op 27 j' uli 2021 heeft het college een verzoek tot handhaving ontvangen van Sit wonende aan verzoek is gevolgd door gelijkluidende verzoeken uit de directe omgeving van uw bedrijf. In de verzoeken wordt aangegeven dat genoemde personen al geruime tijd forse geluid- en trillingoverlast van de activiteiten van dit bedrijf ondervinden. De geluid- en trillingproductie zijn. volgens verzoekers, van dien aard of intensiteit dat de activiteiten van dit bedrijf tot milieucategorie 3.1. behoren.

Dit is op grond van de ter plaatse geldende beheersverordening 'Oostelijke Kanaaloever', niet toegestaan Klachten Bij de Regionale uitvoeringsdienst Zeeland (RUD) komen vrijwel dagelijks klachten over geluidsoverlast binnen Deze klachten komen van bewoners van woningen in de directe omgeving van uw bedrijf aan de Rooseveitlaan 8 Terneuzen. Bewoners klagen niet alleen over geluidoverlast, maar ook over visuele hinder, lichthinder, trillinghinder, en het werken buiten -normale werktijden- De klachten van omwonenden over het bedrijf, duiden op een situatie dat het woonklimaat onder druk staat. De klachten concentreren zich op aankomend en vertrekkend zwaar vrachtverkeer op tijdstippen in de late avond en zeer vroege ochtend.

Het college acht overlast veroorzaakt door zwaar vrachtverkeer onaanvaardbaar voor de bewoners Controle Door een toezichthouder van de gemeente Terneuzen is op 23 juni 2021 controle uitgevoerd op het terrein bekend als Rooseveltlaan 8 te Terneuzen, kadastraal bekend onder de nummers TNZ E 3279 en TNZ E 4653 Het bezoekrapport met nummer MHSIBK - 1031335 is toegevoegd aan dit schrijven Tijdens deze controle is geconstateerd dat het gebruik op onderdelen in strijd is met de vigerende beheersverordening Oostelijke Kanaaloever. In onderstaande alinea's wordt dit toegelicht. Overtredingen planologisch regime Op 8 juli 2019 is er door GSNED een aanvraag voor een omgevingsvergunning voor het afwijken van het bestemmingsplan ingediend. Dit verzoek had betrekking op het gedeelte kadastraal bekend TNZ E 4653. Bij deze aanvraag was ook een ruimtelijke onderbouwing met als datum 5 juli 2019 toegevoegd. Op het terrein geldt de beheersverordening 'Oostelijke Kanaaloever', vastgesteld op 25 juni 2013 en de eerste en tweede wijziging van deze beheersverordening. Aan dit gebied is de functie Wonen toegekend, het gebruik als opslaglocatie van een bedrijf is niet toegestaan binnen deze functie. Tijdens de behandeling van deze aanvraag bleek dat GSNED in strijd handelt met de regels van de Beheersverordening Oostelijke Kanaaloever op de locatie Rooseveltlaan 8 te Terneuzen.

Deze locatie is kadastraal bekend als TNZ E 3279. De gemeenteraad van Terneuzen stelde deze beheersverordening vast op 25 juni 2013. De bestemming van het terrein is Bedrijventerrein B. Artikel 5 van de regels bepaalt dat op grond met deze bestemming, bedrijven zijn toegelaten tot maximaal milieucategorie 2 van de Staat van Bedrijfsactiviteiten. Het bedrijf is door zijn oppervlakte, aard en omvang niet in te delen als een bedrijf in deze milieucategorie. Het bedrijf valt onder categorie 3.1. U bent hiervan op de hoogte gesteld en als gevolg hiervan is er door GSNED op 12 maart 2021 een aanvraag voor een omgevingsvergunning voor afwijkend gebruik ingediend. Het doel van deze aanvraag was om het huidige gebruik alsnog te legaliseren. Geen overgangsrecht In 1993 kregen 1~111.1~111111111~~1~~en vrijstelling. als bedoeld in artikel 19 WRO, om het gebouw en het omringende terrein te gebruiken voor kantoordoeleinden. een werkplaats en beperkte opslag buiten. Kantoren vallen onder milieucategorie 1 van de Bedrijvenlijst (sbi-code 63, 73. 74). De werkplaats van het aannemersbedrijf was zo klein in oppervlakte dat die onder milieucategorie 2 viel ( < 1 000 m2 met sbi-code 41.42,43) In juni 2008 kocht BMNED het perceel van IIIMINIEDe artikel 19 WRO-vrijstelling zou mee over kunnen gaan.

Hiervoor zou er sprake moeten zijn van een bedrijf dat naar aard en omvang van de bedrijfsvoering te vergelijken is met de voorganger. In het begin is dat wellicht het geval geweest. Al snel echter was de situatie anders. simpelweg omdat de buitenopslag van beide bedrijven niet vergelijkbaar was In 2008 stelde de gemeenteraad het bestemmingsplan Terneuzen Zuidoost vast. Dat bestemmingsplan werd van kracht op 6 augustus 2009. De bestemming van de gronden aan de Rooseveltlaan wijzigde door dit bestemmingsplan van -Agrarisch" naar -Bedrijf", met de aanduiding dat alleen bedrijven in milieucategone 2 zich zouden mogen vestigen. Omdat zij in strijd was met de agrarische bestemming van het voorgaande plan, was het 2

overgangsrecht van het bestemmingsplan Terneuzen Zuidoost niet van toepassing. In dit bestemmingsplan stond ook de bepaling dat het overgangsrecht niet van toepassing is op gebruik dat met het oude bestemmingsplan in strijd was De Afdeling Rechtspraak van de Raad van State accordeerde deze uitzonderingsbepaling meerdere malen ( ABRS 15 april 1996 en ABRS 16 december 1997). Op 25 juni 2013 stelde de gemeenteraad de Beheersverordening Oostelijke Kanaaloever vast. Deze verordening zette de bestemmingsregeling voor de betrokken gronden. zoals die eerder gold in het bestemmingsplan Terneuzen Zuidoost. voort Dus: Bestemming bedniventerrein —B. met de aanduiding. dat alleen bedrijven in milieucategorie 2 toelaatbaar zijn. Nadien heeft het bedrijf zich in westelijke richting uitgebreid, zonder enige gemeentelijke toestemming. De afwijking van het bestemmingsplan werd hierdoor telkens vergroot. Vergunningverlening via het overgangsrecht is niet mogelijk, omdat het overgangsrecht al vanaf 2009 niet op het toen aanwezige bedrijf betrekking had. De conclusie is dat het bedrijf in strijd met de planologische regels aanwezig is. Beheersverordening In de Staat van Bedrijfsactiviteiten behorende bij de van kracht zijnde beheersverordening is het bedrijf zelf niet genoemd.

Het meest nabij komt een aannemingsbedrijf met werkplaats (sbi-code 45) of een verhuurbedrijf voor machines en werktuigen (sbi-code 713). De bedrijfsvoering is tussen 2013 en 2017 steeds verder westwaarts opgeschoven richting de omringende woningen. Dat gebeurde overigens wel op gronden met de bestemming Bedrijf. Artikel 5 van de regels bepaalt dat op grond met deze bestemming, bedrijven zijn toegelaten tot maximaal milieucategorie 2 van de Staat van Bedrijfsactiviteiten. Het bedrijf is door zijn oppervlakte, aard en omvang niet in te delen als een bedrijf in deze milieucategorie. Het bedrijf valt onder categorie 3 1. Dit is ook als zodanig vastgesteld in de ruimtelijke onderbouwing behorende bij het verzoek om vrijstelling. Met uw aanvullende aanvraag van 12 maart 2021 voor een omgevingsvergunning voor afwijkend gebruik wilde u het huidige gebruik alsnog legaliseren. Omdat het gewenste gebruik strijdig is met de beheersverordening Oostelijke Kanaaloever stelt artikel 3.10. lid 1. onder a, van de Wabo dat in zo'n geval voor vergunningverlening, de openbare voorbereidingsprocedure van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) van toepassing is.

Standpunt gemeenteraad Terneuzen Hiervoor is het onder meer noodzakelijk dat de gemeenteraad een verklaring van geen bedenkingen verleent om het college de mogelijkheid te geven om legalisatie van het bestaande gebruik van beide eerder genoemde percelen voor onder meer opslag ten behoeve van het bedrijf gevestigd aan de Rooseveltlaan 8 te Terneuzen mogelijk te maken. De gemeenteraad van Terneuzen heeft op 22 april 2021 als zijn oordeel uitgesproken dat door deze omstandigheden (lees hier de door de omgeving ervaren overlast en uitbreidende activiteiten). de activiteiten van het bedrijf een ernstige inbreuk maakt op het waarborgen van een goed woon- en leefklimaat van omwonenden: de gemeenteraad van oordeel is dat door deze omstandigheden het verlenen van medewerking aan de aanvraag, niet zou leiden tot een "goede ruimtelijke ordening" Deze overlast kon naar het oordeel van de gemeenteraad. gelet op de vele meldingen van (geluids-)overlast, niet beperkt worden door het verbinden van voorwaarden aan een besluit tot medewerking. De gemeenteraad weigert dan ook. op grond van deze overwegingen, voor de activiteit een verklaring van geen beoenkingen voor de aangevraagde omgevingsvergunning af te geven. Het standpunt van de gemeenteraad is eveneens weergegeven in ons voorgenomen besluit van 22 april 2021. 3

Overtreden geluidsnormen Om de (geluids-)overtredingen van het bedrijf vast te stellen is op verzoek van het college op 10 oktober 2021 door een extern bureau een geluidsmonitoringssysteem geplaatst in de achtertuin van woonadres let geluidsmonitonngssysteem is geplaatst op een afstand van ongeveer 40 meter van de inrichtingsgrens van GSNed en heeft continu het ter plaatse optredende geluidsniveau gemeten en geregistreerd. Wekelijks zijn alle klachten over geluidsoverlast door GSNed gecontroleerd. Dit is gedaan door het aangegeven tijdstip van de melding te spiegelen aan de geluidsniveaus die het monitoringssysteem op de betreffende tijdstippen had gemeten. Na het zorgvuldig controleren van deze meldingen. bleek dat er gemiddeld bij 6% van alle meldingen ook daadwerkelijk een overschrijding van de grenswaarde voor het maximale geluidsniveau (LA,,,,) was gemeten. Bij het vervolgens terugluisteren van audio-opnames behorende bij de tijdstippen van deze meldingen bleek geen van de gemeten waardes boven de grenswaarde te herleiden naar activiteiten van GSNed De conclusie is dan ook dat op basis van de tOt nu toe uitgevoerde metingen niet is vastgesteld dat GSNed ook daadwerkelijk voor overschrijding van de geluidnormen zorgt.

Tevens is (nog) geen patroon in de mogelijke overlast vastgesteld waar het ter plaatse uitvoeren van metingen met een mobiele geluidmeter op gebaseerd zou kunnen worden. Bij deze conclusie moet wel de kanttekening worden gemaakt dat het hier een eerste conclusie betreft Ook is het van belang in ogenschouw te nemen dat de metingen niet zijn uitgevoerd bij de woningen die het dichtst gelegen is bij het bedrijf, maar bij de woning waarvan de eigenaren de meeste klachten naar voor brengen. Beginselplicht tot handhaving De beginselplicht tot handhaving houdt in dat indien de overheid een overtreding constateert, er gehandhaafd móét worden tenzij sprake is van 'bijzondere omstandigheden De Afdeling Bestuursrechtspraak formuleert deze beginselplicht als volgt: "Gelet op het algemeen belang dat gediend is met handhaving, zal in geval van overtreding van een wettelijk voorschrift het bestuursorgaan dat bevoegd is om met een last onder bestuursdwang of dwangsom op te treden, in de regel van deze bevoegdheid gebruik moeten maken. Slechts onder bijzondere omstandigheden mag het bestuursorgaan weigeren dit te doen." Naar het oordeel van het college is er geen sprake van bijzondere omstandigheden. die niethandhaving kunnen rechtvaardigen. Geen concreet zicht op leoalisatie Concreet zicht op legalisatie kan voor het bestuursorgaan dus een grond vormen om af te zien van handhavend optreden.

Voor concreet zicht op legalisatie door middel van een omgevingsvergunning voor afwijking van het bestemmingsplan dient ten tijde van de besluitvorming ten minste een begin te zijn gemaakt met de voor verlening van een omgevingsvergunning vereiste procedure. Dat is niet mogelijk zonder dat er een aanvraag is ingediend.) ABRvS 11 maart 2020. ECLI:NL RVS:2020:714: ABRvS 15 augustus 2018. ECLI:NL:RVS:2018:2735) In elk geval is dus vereist dat de overtreder een aanvraag om een omgevingsvergunning voor planologisch strijdig gebruik heeft ingediend. Aan deze vereiste heeft GSNED voldaan Het enkele feit dat de aanvraag is ingediend. is echter niet voldoende om concreet zicht op legalisatie aan te nemen. Het hangt vervolgens af van de te volgen voorbereidingsprocedure (regulier of uitgebreid) wanneer sprake is van concreet zicht op legalisatie Als de uitgebreide procedure zoals hier van toepassing is. dient. net zoals In het bestemmingsplanspoor. een ontwerpbesluit tot verlening van de omgevingsvergunning ter inzage te liggen, waarmee het illegale gebruik wordt vergund.) ABRvS 9 maart 2016. 4

ECLI:NL:RVS:2016:594) Met de conceptweigeringsbesluiten d.d. 22 april 2021 is duidelijk dat er geen concreet zicht op legalisatie is. Andere bijzondere omstandigheden In uw zienswijze tegen het hierboven genoemd voorgenomen besluit geeft u aan dat er door of namens het college bij het bedrijf verwachtingen zijn gewekt. De weerlegging van deze zienswijze vormt geen onderdeel van de beslissing op het verzoek tot handhaving. Wel kan worden vermeld dat gewekt vertrouwen volgens de Afdeling doorgaans geen bijzondere omstandigheid is die ertoe moet leiden dat van handhaving wordt afgezien. Het algemeen belang dat met handhaving is gediend en het belang van derden bij handhaving van overtreden voorschriften weegt in dat kader meestal zwaarder. Ook een schending van het gelijkheidsbeginsel of het rechtszekerheidsbeginsel leidt vrijwel nooit tot het aannemen van een bijzondere omstandigheid. In de meeste gevallen oordeelt de Afdeling dat het algemeen belang zwaarder weegt dan het belang van de overtreder. Hier wordt opgemerkt dat enerzijds het niet eerder handhaven door het college werd ingegeven door de mogelijkheid tot legalisering, maar ook anderzijds door het feit dat de activiteiten in de loop der jaren steeds verder zijn uitgebreid. Het aantal klachten dat het college heeft bereikt, vooral met betrekking tot aankomst en vertrek van zwaar vrachtverkeer in het afgelopen jaar.

staat in geen verhouding tot de overlast die hiervoor werd ervaren. Onevenredigheid Ook als handhaven onevenredig is in verhouding tot de daarmee te dienen belangen. kan het zijn dat het college van handhaving moet afzien. Van onevenredigheid is sprake wanneer de aard en ernst van de overtreding gericht zijn en de overtreding het algemeen belang geen schade toebrengt. Gezien de vele klachten is het college van oordeel dat de belangen van de omwonenden dermate worden geschaad dat niet kan worden afgezien van handhavend optreden Het college is wel van oordeel dat de in eerste instantie voorziene dwangsom niet in relatie staat met de gemeten geluiden in de omgeving. Gedogen Als het bestuursorgaan niet handhaaft tegen een overtreding dan is sprake van gedogen van een onrechtmatige situatie. Op grote schaal gedogen van onrechtmatige situaties of handelingen is niet wenselijk. Toch zijn er situaties waar gedogen aanvaardbaar wordt geacht. Dit is alleen in uitzonderlijke gevallen mogelijk en zal vooral gaan om situaties waarbij overgangs- of overmachtssituaties spelen. Hiervan is in onderhavig geval geen sprake Herstelmaatregel Deze feiten en omstandigheden leveren een overtreding op van artikel 2.1. eerste lid, onder c.

van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht wegens het in strijd handelen met artikel 5 van de beheersverordening Oostelijke Kanaaloever voor wat betreft perceel TNZ E 3279 en artikel 20 van dezelfde beheersverordening voor wat betreft perceel TNZ E 4653. Wij verzoeken u dringend aan deze overtredingen een eind te maken op de volgende wijze: Een dag na verzending van dit besluit tot het opleggen van een last onder dwangsom het niet langer laten vertrekken en aankomen van vrachtverkeer binnen de periode van 23.00 uur in de avond en 07 00 uur in de ochtend van en naar de percelen TNZ E 3279 en E 4653. waarbij de grenswaarde van het maximale geluidsniveau (LA„.) van 60 dB(A) wordt overschreden.

5

Het in overeenstemming brengen met het bepaalde in de beheersverordening Oostelijke Kanaaloever binnen één jaar na verzending van het definitieve besluit tot het opleggen van een last onder dwangsom. Onder het in overeenstemming met de genoemde beheersverordening brengen wordt verstaan: Op perceel TNZ E 4653 dient het gebruik ten behoeve van opslag of anderzijds ten behoeve van het bedrijf te worden gestaakt en gestaakt te blijven, waarbij de oppervlakteverharding in verhouding dient te staan met het toegestane gebruik Enkel gebruik conform bestemming (Wonen) is toegestaan. Het gebruik van perceel TNZ E 3279 moet teruggebracht zijn tot maximaal 1000 m, bedrijfsoppervlak. Hier wordt in ieder geval onder verstaan de oppervlakte waarop feitelijk bedrijfsactiviteiten, in alle te onderscheiden soorten van gebruik. waaronder opslag. plaatsvinden De oorspronkelijke bebouwing voordat dit perceel aan de Rooseveltlaan 8 te Terneuzen in 2008 in eigendom werd verkregen wordt hier niet onder begrepen

Handhaving Voldoet u niet, niet volledig of niet op tijd aan de herstelmaatregel. dan overwegen wij aan u een last onder dwangsom op te leggen van E 1.000,00 ineens per overtreding van de herstelmaatregel 1 met betrekking tot aankomende en vertrekkende voertuigen met een maximum van E 10.000,00. De voorgenomen dwangsom voor het niet in overeenstemming brengen van de gronden met de beheersverordening bedraagt E 100.000.00 ineens voor het perceel TNZ E 3279 en € 100 000.00 ineens voor perceel E 4653. De dwangsom verbeurt als u geen gevolg geeft aan de door ons te versturen aanschrijving Verbeurde dwangsommen en eventueel bijkomende kosten vorderen wij zo nodig in met een dwangbevel. Het opleggen van de last onder dwangsom bedoelen wij niet als strafmaatregel. De dwangsom strekt tot het ongedaan maken van de overtreding. De bevoegdheid tot het opleggen van een last onder dwangsom hebben wij volgens artikel 125 van de Gemeentewet in samenhang met artikel 5:32 van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 5.2 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht. U kunt handhaving voorkomen als u binnen de gestelde termijn gevolg geeft aan de herstelmaatregelen. Toepassing handhavingsbeleid In het kader van deze overwegingen merken wij nog het volgende op.

Wij vinden dat centraal moet staan dat u bij of krachtens de wet gestelde voorschriften moet naleven Ook met het oog op belangen van derden moeten wij tegen niet-naleving overgaan tot handhaving. Daarmee handelen wij volgens het VTH beleid Zeeland. Ook de rechtspraak volgt deze lijn. Dit is inherent aan het beginsel- en zorgplichtkarakter van de bestuursrechtelijke handhaving. Ook volgt uit ons handhavingsbeleid dat uw belang bij het voortduren van de overtreding ondergeschikt is aan de andere belangen die dwingen tot handhaving Behalve als sprake is van dringende redenen of bijzondere omstandigheden die afwijken van het eerdergenoemde uitgangspunt rechtvaardigen. Van zodanige redenen of omstandigheden is ons niet gebleken. Het college is daarnaast van mening dat er in het belang van de leefbaarheid in de omgeving geen sprake mag zijn van (objectief vastgestelde) overlast van zwaar verkeer in de avonden nachtelijke uren Voor het terugbrengen van de terrein in overeenstemming met het volgens de beheersverordening toegestane gebruik gunnen wij u een redelijke en billijke termijn zoals hiervoor is aangegeven.

6

Beroep en voorlopige voorziening Als u het niet eens bent met dit besluit kunt u een beroepschrtft indienen bij de Rechtbank Zeeland-West-Brabant, Team Bestuursrecht. Postbus 90006. 4800 PA Breda. Dit moet u doen binnen zes weken na de datum van verzending van dit schrijven. In het kader hiervan kunt u ook een verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening richten tot de voorzieningenrechter van de Rechtbank Verdere informatie Voor vragen bent u welkom contact op te nemen met de bovenvermelde contactpersoon

Met vriendelijke groet. Burgemeester en Wethouders van Terneuzen, gemeentesecretaris.

burgemeester.

Bijlagen: bezoekrapport MHSIBK - 1031335; weerlegging zienswijzen 11 januari 2022 tussentijdse beoordeling geluidsmetingen

7

i

MoH IS

MOBIELE HANDHAVING & INSPECTIE SUITE

BEZOEK RAPPORT

Bezoek: MHSIBK-1031335 Traject: MHSITR-1020910

Deelzaak: GC-KLM210068-02 Hoofdzaak: GC-KLM210068 klacht m.b.t strijdig gebruik perceel

Aangemaakt: 23-6-2021

1. Inleiding 1.1

Algemene gegevens

Illezoek Datum afgerond

woensdag 23 juni 2021

Datum uitgevoerd

woensdag 23 juni 2021

Inspecteur

William Kootstra

Omschrijving

klacht m.b.t strijdig gebruik perceel

Adres Type

Controle

Locatie

Rooseveltlaan 8 in Terneuzen

Nummer

MHS1BK-1031335

Deelzaak

GC-KLM210068-02 00278281

Zaaktype

ininéle controle

Kaart

Traject Omschrijving

klacht m.b.t strijdig gebruik perceel 11111~111111111111~111

Locatie Nummer

MHSITR- 1020910

Verantwoordelijke

William Kootstra

Hoofdzaak

GC-KLM210068 00278250

Vergunning Locatiedossier Zaaktype

GEM klacht/melding

Onderdeel

Bouw

Bouwwerktype Objectcategorie

1.2

Bezoekhistorie

Pagina 2 ar 18

Uitgevoerd Afgerond

Duur

Bezoeknr

Inspecteur

8ev Ovt

23-6-2021

1 uur

mHSIBK-1031335

William Kootstra

8

23-6-2021

7

1.3 Betrokkenen

Er zijn geen betrokkenen bekend.

Vervolgcontrole

Bij afronding van het inspectie-bezoek is geen vervolgcontrole bekend.

Overtredingen

Nr

Overtreding

Ovt 1

Parkeerplaats personeel en van

Ovt 2

Parkeerplaats chauffeurs en stalling machines

Ovt 3

Opslag materiaal

Pagina 3 van 18

Ovt 4

Opslag van matertaal en stalling van een mach** ten behoeve van drukproeven

Ovt 5

Wasplaats

Ovt 6

Zuerf waar f[etsenstalling van personeel ts en momenteel een boot staat gestald

Pagina 4 van 18

Ovt 7

Dit gedeelte van het kantoor wordt verhuurd aan ander bedrijf: Dit bedrijf zat vroeger in Sas van ent op de grens met België en regelt douanezaken binnen Europa.

Bevindingen

Er zijn geen constateringen op basis van de checklist gedaan.

Opmerkingen

Nr

Opmerking

Opm

Parkeerplaats personeel en van bedrijf

Oprn 2

Parkeerplaats chauffeurs en stalling machines

Opm 3

Opslag materiaal

Opm 4

Opslag van materiaal en stalling van een machine ten behoeve van drukproeven

Opm Wasplaats 5

Pagina 5 van 18

Opm 6

Zijerf waar fietsenstalling van personeel is en momenteel een boot staat gestald.

Opm 7

Dit gedeelte van het kantoor wordt verhuurd aan ander bedrijf: ~111~Drt bedrijf zat vroeger in Sas van Gent op de grens met Belgie en regelt douanezaken binnen Europa.

Opm 8

itgelegd dat deze inspectie deel Ter plaatse gesproken met uitmaakt van de behandeling van het dossier in relatie tot de ter plaatse geldende beheersverordening.

6. Foto's

Nr Foto 1

Parkeerplaats personeel en van bedrijf'

2

J

Pagina 7 van 18

ming~tofto mealklgiaste, airt.ii~asiao Parkeerplaats chauffeurs en stalling machines

Pagina 8 van 18

PMS 3

.. mmtru-tozy.to ri,wit),,e.-1,2:31t31- 3 (Z3- 0t3- t921 l9:001

Paste» 9 ven 11

Pagina 10 van IR

Opslag materiaal Foto 4

Pagina 12 van 18

1114,10100.“, -

4 ( 1 3-04-2T2 1 1002

Pagina 13 van 18

Opslag van materiaal en stalling van een machine ten behoeve van drukproeven

Pagina 14 van 18

Foto 5

Foto 6

Pagina 15 van 18

Zijerf waar fietsenstalling van personeel is en momenteel een boot staat gestald

7. Bijlagen

MHSSNP-1009732_pagel_1500x1060.png

Pag4.a 16 van 18

~am. 1441111-3•21 Maal I Wie

V

M SSNP-1009733_pagel_1060x1500.png

Pagina 17 van 18

LM WhIONOM •••••••

.aglId~ble

a tom. • ~w.b... 12345

••••••••••••• ••••••••• rmol~ Y~

plek•

"draw a.m.. pm.

ka da ste r

110~1 1 100C Kalmeai* ipp.wneir Imam how«

1 3111

11~1~..•••• ome» ••••••+ a. Dom ~wow • mw.* ..••• *mrt ar • +we—

*oe • • •••••• ••••••••••••• MC.» ••••••••••• e. Be OM Mal m••••••••••• co. ••• ••••••• •••• •• •••••••••• ••••.••••

••••••••••••••• •••• •••••••••••

•••••••••••• ~0 •••••••••••••••••

k

Pagina 18 van 18

VOORNEMEN LAST ONDER DWANGSOM GSNED ZIENSWIJZEN EN WEERLEGGING 11 JANUARI 2022 Op 24 september 2021 heeft het college besloten tot het opleggen van een last onder dwangsom om een eind te maken aan de van het bedrijf GSNed, Rooseveltlaan 8 te Terneuzen, ondervonden overlast. Een voornemen hiertoe is op die datum verzonden aan GSNed en afschriften aan diegenen die een verzoek tot handhaving hadden ingediend Tegen het voornemen van het college zijn zienswijzen ingediend. Hieronder kunt u kennis nemen van de inhoud hiervan (cursief weergegeven) en de voorgestelde weerlegging. Reactie GSNed 22 oktober 2021 1. De indieners van het verzoek geven aan, als gevolg van onze bedrijfsactiviteiten, al geruime tijd forse geluid- en trilling overlast te ondervinden. Dit is van dien aard of intensiteit dat de activiteiten van ons bedrijf onder milieucategorie 3.1 behoren Dit is gebaseerd op subjectieve waarnemingen. Alle tot nu toe uitgevoerde wetenschappelijke onderzoeken spreken dit tegen. Ons aanbod om geluids- en trillingsmetingen direct op de gevels van die personen die de overlast ervaren uit te voeren is (om begrijpelijke redenen) van de hand gewezen. In dat kader zijn zelfs permanente metingen (periode van een of twee weken aangeboden en eveneens afgewezen. Meten is weten, dat zou de zaak voor alle partijen verduidelijken.

Het bedrijf heeft wel degelijk oog en oor voor de klachten, er is echter geen begrip voor de wijze waarop de buren een regelrechte hetze jegens het bedrijf hebben opgezet. Als we als (vermeende) veroorzaker van overlast weten na meting op de desbetreffende gevels waar de eventuele pijn exact zit dan kan op basis hiervan door het bedrijf worden geanticipeerd. Dit levert voor alle partijen(bedrijf, verzoekers en gemeente) duidelijkheid op. Het bedrijf ziet een dergelijk onderzoek met vertrouwen tegemoet en zal zich conformeren aan de daaruit voortvloeiende resultaten. De zwaarwegende conclusie dat de door buren ervaren intensiteit van zowel trillingals ook geluidsproductie van GSNed zou ressorteren onder milieucategorie 3.1 is uitsluitend gebaseerd op subjectieve waarnemingen. De gemeente moet zich niet baseren op 'van horen zeggen', maar op feiten. En dit kan heel simpel door het uitvoeren van geluids- en trillingsmetingen op de gevels van personen die zich beroepen op de door hen ervaren overlast. De conclusie zoals hiervoor omschreven is niet door het college getrokken. maar is een weergave van het verzoek tot handhaving, zoals dit bij het college is ingekomen. De genoemde milieucategorie of welke milieucategorie dan ook geeft niet de mate aan waarin overlast kan worden ondervonden. Feit is dat uit de aard van de klachten blijkt dat er overlast wordt ondervonden.

2 Dat er meerdere verzoeken zijn ingediend heeft geen belang, indien één persoon terecht en aantoonbaar overlast ervaart is dat voldoende. Maar dan moet dit wel gemeten zijn en niet gebaseerd op subjectieve waarnemingen. GSNed is verbaasd over het aantal en de frequentie van de klachten. Dit wordt gezien als een hetze tegen het bedrijf De reden hiervoor is onbekend. Gelet op de

Zienswijzen en weerlegging voornemen last onder dwangsom GSNed 11 januari 2022

2

belangen van beide kanten, dient het college zich niet te baseren op 'van horen zeggen' Het is mogelijk dat. ook als geen maximaal toegestane geluidsnormen wordt voldaan er overlast wordt ervaren. Het blijft subjectief of bepaalde geluiden en/of trillingen waarvan hier sprake is als hinderlijk worden ervaren Het is juist dat het aantal niet bepalend is en mag zijn voor de overwegingen die bij het college ten grondslag liggen aan het besluit tot handhaving. Ook het college ziet een enorme toename van het aantal klachten. Zeker vergeleken met de jaren ervoor, toen geen enkele klacht werd ingediend Dit kan betekenen dat er een enorme toename van de activiteiten heeft plaatsgevonden of dat er simpelweg meer klachten worden ingediend bij overlast gevende ervaringen. Of een combinatie hiervan Overigens is ook hier het aantal klachten niet enkel bepalend voor het besluit van het college. Er zijn ook klachten bij die zeker niet tot handhavende maatregelen zullen leiden. Toch kan ook het college zich niet aan de indruk onttrekken dat de klachten meer een logboek vormen van de activiteiten die het bedrijf uitvoert in plaats van een klacht van een activiteit die als overlast wordt ervaren. Uiteraard kan het zo zijn dat de emmer vol is en elke activiteit wordt gezien als overlast.

Een andere oorzaak hiervoor kan zijn het verzoek van toezichthouders om exact aan te geven wanneer er overlast wordt ervaren. Het college zal echter alleen handhavend optreden als de in het Activiteitenbesluit genoemde geluidsnormen overtreden worden. En uiteraard zal het college enkel toestaan hetgeen op grond van de vigerende beheersverordening is toegestaan.

3. Er heeft een controle plaatsgevonden, maar de conclusies die hieraan verbonden worden zijn niet terecht/onjuist. De argumenten op basis waarvan het college de conclusie heeft opgetekend zijn relatief simpel en eenvoudig te repareren. Een verzoek tot verandering van een perceel met de bestemming wonen is door de gemeente negatief beoordeeld. Los van het feit of dit terecht is, kan het gebruik als opslagruimte worden getransformeerd naar tuin, waar huisdieren. bij voorkeur ganzen. gehouden kunnen worden. Dit is een correctieve maatregel. die eenvoudig uit te voeren is. Het is onjuist dat ons bedrijf zou ressorteren onder milieucategorie 3.1 en wordt betwist. De woning van de personen die overlast ervaren van ons bedrijf bevinden zich buiten de in de tabel behorende tabel 'Richtafstanden' van 30 meter (in een gemend gebied). omdat de kortst mogelijke afstand tussen de perceels grens van GSNed en desbetreffende woning 44 meter bedraagt. Milieu categorie 1 2 3.1

Richtafstand tot "rustige woonwijk" of 1 Richtafstand tot "gemend gebied'« rusti buiten ebied 0 10 meter 30 meter 10 50 meter 30

Op basis van deze tabel is er geen aanleiding tot indeling in categorie 3.1. Als gevolg van jurisprudentie heeft deze 'Richtingafstanden Tabel' bijna de status van pseudowetgeving' gekregen. waaraan slechts gemotiveerd kan worden afgeweken. Verwezen wordt naar de uitspraken: ABRyS 13 mei 1997, BR 1997. 830 en ABRyS 3 april 2001. JM 2001. nr.85. Uit jurisprudentie (200809208/1/R1) blijkt ook dat de bouwstenen (richtafstandenlijst, omgevingstypen en functiemenging) correct moeten worden toegepast. Het college heeft op basis van subjectieve waarnemingen. ongemotiveerd of gebaseerd op en zeer ondermaatse motivering, het door de

Ztenswgzen en weerleggtng voornemen last onder dwangsom GSNed 1 I lanuan 2022

3 gemeente ingenomen standpunt proberen te rechtvaardigen. Dit getuigt niet van de zorgvuldigheid die mag worden verwacht Uit de tabel(Bouw- en aannemersbedrijven) uit de handreiking van de VNG 'Bedrijven en Milieuzonering' zou kunnen worden afgeleid dat op grond van het bebouwd oppervlak ons bedrijf ingedeeld moet zijn in milieucategorie 3.1. Dit hoeft niet zo te zijn. In het voornemen stelt het college dat er geen sprake zou zijn of kunnen zijn van overgangsrecht. Hiermee zijn wij het niet eens. Ons huidige vestingadres is tot wij het perceel aan de Rooseveltlaan 8 te Terneuzen hebben aangekocht. het vestigingsadres geweest de destijds daaraan gelieerde zusterbedrijven. Door het college wordt gesteld dat deze bedrijven in 1993 een vrijstelling van uw gemeente hebben gekregen als bedoeld in artikel 19 WRO De vrijstelling zou bedoeld zijn geweest om het gebouw en het omliggende terrein te gebruiken voor kantoordoeleinden, een werkplaats en beperkte opslag buiten. Een eerste kanttekening hierbij is dat het huidige gebruik exact overeenstemt met het gebruik van onze rechtsvoorganger had op grond van artikel 19 WRO. Belangrijk daarbij is evenwel dat deze afwijking relatief simpel kan worden gerepareerd. De afwijking rechtvaardigt niet het door het college onherroepbare standpunt. Meer op zijn plaats zou zijn geweest ons de te wijzen op de reparatie mogelijkheden.

Verder stelt het college dat de werkplaats van onze rechtsvoorganger kleiner zou zijn geweest dan de voor milieucategorie 2 gestelde maximale omvang van 1000 m2. Tweede kanttekening is dat een dergelijke notering om uw punt te maken niet juist. zeer onterecht, onzorgvuldig en zelfs onbehoorlijk is. Reden en legitimering van mijn stellingname is simpel en kunnen door de gemeente ook niet anders worden uitgelegd. Bovendien is mijn stellingname in deze voor u als gemeente. als ook voor een elk ander belanghebbende, erg makkelijk verifieerbaar Sinds wij het perceel hebben aangekocht namelijk zijn daaraan geen verbouwingen gedaan en/of verzoeken daartoe ingediend. om de opstallen te vergoten. M.a.w. de werkplaatsen hebben exact dezelfde omvang dan zoals dit het geval was bij onze rechtsvoorgangers. Terecht stelt het college daarom dat de artikel 19 WRO op grond van het overgangsrecht wel degelijk had kunnen overgaan. Het voorbehoud dat u vervolgens maakt om dat overgangsrecht onderuit te halen treft geen doel of hoeft geen doel te treffen. Het college dat hiervoor sprake had moeten zijn van een bedrijf (het onze) dat naar aard en omvang van de bedrijfsvoering te vergelijken zou moeten zijn met dat van haar rechtsvoorganger. Verder stelt u dat hiervan -in het begin' wellichtsprake is geweest. Vervolgens stelt u dat, op grond van het thans als opslag in gebruik zijnde buitenterrein.

de vergelijkbaarheid van ons bedrijf met dat van onze rechtsvoorganger gaat manken en dat daardoor geen sprake zou zijn of kunnen zijn van een rechtsovergang. Dit is een uiterst merkwaardige stellingname van de gemeente. een stellingname die bovendien zeer neigt naar een ongezonde mate van vooringenomenheid ten faveure van de personen die hebben aangegeven last te ondervinden van onze bedrijfsactiviteiten. Ook dit zal ik onderstaand nader verklaren In eerste aanleg stelt u dat bedrijven vergelijkbaar zijn hetgeen op meerdere vlakken ook een volledig juiste vaststelling is. De op ons adres gevestigde bedrijven van onze rechtsvoorganger waren een aannemersbedrijf en een architectenbureau. Hetzelfde geldt voor ons, een aannemersbedrijf en een bouwkundig ingenieursbureau. Met andere woorden het een verdient de kost met "de handen uit de mouwen te steken" het andere met het Zienswijzen en weerlegging voornemen last ~er owangsorn GSNecI 11 januari 2022

4

verzinnen van bouwkundig mooie of slimme oplossingen. Terecht stelt u derhalve dat een en ander perfect op elkaar aansloot en nog steeds perfect op elkaar aansluit. Deze aansluiting gaat volgens het college mank lopen vanwege het feit dat wij momenteel een groter oppervlak van ons buitenterrein als opslag zouden gebruiken Zoals eerder al aangegeven betreft dit evenwel een relatief simpel te repareren (als het dat al zou zijn) -overtreding". Geenszins rechtvaardigt dit uw stellingname dat wij (zonder daarvan door u als gemeente tijdig in kennis te zijn gesteld) hierdoor onze rechten mogelijk zouden kunnen "verspelen", hierdoor ons het overgangsrecht. waarvan u stelt dat daarvan sprake is geweest, te ontzeggen te ontnemen. Ook dit getuigt van onbehoorlijke besluitvorming en/of bestuur. Uw zeer boute stellingname dat wij ons bedrijf in welke windrichting dan ook zouden hebben uitgebreid zonder toestemming van de gemeente is geen argument om ons bedrijf bepaalde rechten te ontzeggen. Het had u als gemeente daarom gesierd ons te melden dat, ingeval wij mogelijke overtredingen zouden laten voortduren, wij daarmee rechten zouden kunnen kwijtraken. Nu komt alles als de welbekende mosterd na de maaltijd. Wij kunnen en gaan niet instemmen met het ons oneigenlijk ontzeggen van rechten. Zie met betrekking tot dit onderwerp ook al het voorgaande.

Naast de voorgenomen last onder dwangsom is er ook een door het college afgewezen verzoek tot legalisatie van enerzijds het terrein gebruikt voor opslag en anderzijds de uitbreiding van het terrein gelegen naast het bedrijfsgebouw. Het betoog zoals hierboven past uitstekend in een bezwaar of beroep tegen deze afwijzing. Feit is wel dat als uitvloeisel van deze afwijzing het college besloten heeft tot handhaving. In de door afdeling Bestuursrechtsspraak van de Raad van State gevormde beginselplicht tot handhaving is namelijk vereist dat eerst de mogelijkheid tot legalisatie bezien moet worden. Deze afweging is ook terug te vinden in het voornemen van het college en in het uiteindelijke besluit. Het bedrijf wordt in de gelegenheid gesteld om binnen één jaar na het opleggen van de last onder dwangsom de bedrijfsactiviteiten te staken en gestaakt te houden op het thans illegaal in gebruik zijnde perceel en perceelsgedeelte. Hierdoor heeft het bedrijf de gelegenheid om, indien dit door het bedrijf zelf wenselijk wordt geacht. de overlast veroorzakende activiteiten elders voort te zetten 4

Het college stelt dat GSNed zelf niet wordt genoemd in de Staat van bednjvenactiviteiten. GSNED is een aannemersbedrijf, neemt dus werken aan voor eigen risico. Los staat daarvan of dit grondwerken zijn, het bouwen van huizen en zo verder. Deze activiteiten ressorteren gewoon onder de sbi-code 45 waarvan al eerder in deze reactie een overzicht is gegeven. Men kan, vooral met kwade en. of oneigenlijk bedoelingen, daar nog allerhande activiteiten bij verzinnen. Echter aan het eind van de dag zijn deze ofwel te kwalificeren als werken in aanneming of als zijnde adviesdiensten Dat volgens het college onze bedrijfsvoering tussen 2013 en 2017 steeds verder in westwaartse richting is opgeschoven is evenmin een juiste bewering. Het extra aangekochte perceel bevind zich immers aan de zuidzijde van ons oorspronkelijke bedrijfsterrein. Aan de westzijde zijn parkeerplaatsen aangelegd die bedoeld zijn om te parkeren en dus weinig van doen hebben met onze bedrijfsvoering als zodanig. (Ter verduidelijking: bedrijfsvoering. bedrijfsvoeringen (meerv.) manier waarop de processen in een bedrijf worden georganiseerd en aangestuurd. Bron dikke van Dale).

Het is correct en het college heeft dit steeds als zodanig gezien dat er sprake is van een aannemingsbedrijf Anderzijds moet ook erkend worden dat dit aannemingsbedrijf is zoverre

Zienswitzen en weerlegging voornemen last onder dwangsom GSNed 11 Januari 2022

5 afwijkt van een 'regulier aannemingsbednjf dat aankomend en vertrekkend zwaar vrachtverkeer in de nachtelijke uren niet gebruikelijk is bij dergelijke bedrijven Dat in de in onze opdracht opgestelde ruimtelijke onderbouwing met verzoek om vrijstelling is gesproken over een milieucategorie 3.1 zie ik, zeker met de kennis van nu, als een rechtstreeks gevolg van uw steeds wisselende argumenten om ons le helpen" om op deze vestging aan de Roosevelt/aan ons werk ook in de toekomst te kunnen blijven uitvoeren", feitelijk als een rechtstreekse misleiding uwerzijds. Dit onbehaaglijke gevoel wordt bovendien versterkt door alle pas nu door u als gemeente aangevoerde argumenten om ons zaken op te dringen en rechten te doen ontnemen. Het college betreurt dat u haar handelen als misleidend ziet. Het college is positief met uw verzoek omgegaan om uw bedrijf uit te mogen breiden. U heeft zelf, vooraleer een en ander was vergund. besloten om geen formele vergunning af te wachten en het bedrijf uit te breiden. Het moet bekend zijn dat niet elk verzoek wat bij het college komt en waaraan het college mee wenst te werken tot het gewenste resultaat komt. In een procedure, die daarvoor ook bedoeld is. komen de belangen van anderen ook aan de orde. De gemeenteraad heeft deze belangen gewogen en het woon- en leefklimaat prioritair gesteld boven uw belangen.

Het standpunt dat de gemeente nu jegens ons bedrijf inneemt is, zeker gelet op de periode waarin wij met dezelfde gemeente in overleg zijn geweest. stuitend. U stelt dat de gemeenteraad van Terneuzen op 22 april van dit jaar haar oordeel heeft uitgesproken dat als gevolg van de door de omgeving ervaren overlast en uitbreidende activiteiten van onze onderneming, genoemde activiteiten een ernstige inbreuk doen op het waarborgen van een goed woon- en leefklimaat van omwonenden. Een hele mond vol die zeker bij met name de onwetenden een ernstige indruk moet achterlaten. Zoals evenwel al talloze malen aan u als gemeente in (live) meetings is medegedeeld en dit nogmaals is gedaan in dit schrijven, is dit alles feitelijk gebaseerd op subjectieve waarnemingen. Uitgevoerde metingen wijzen op het tegendeel. Metingen direct op de gevels van de personen die de overlast zeggen te ervaren zou nog meer kunnen verduidelijken. De gemeente. evenals de personen die zeggen overlast te ervaren, weigeren hieraan mee te werken als gevolg waarvan ons feitelijk het recht wordt ontnomen om het tegendeel aan te tonen Dit alles is zeer onterecht en kan derhalve door u als gemeente ook niet als een rechtsgeldige basis dienen om niet alleen ons elke medewerking om te komen tot een werkbare oplossing te ontzeggen en daarenboven ons ook nog rechten te ontnemen (zie m.b.t.

dit onderwerp ook onze eerder geplaatste opmerkingen in deze reactie). Het door de gemeenteraad ingenomen standpunt moet voor het college ook leidend zijn in de verdere besluitvorming. Feit blijft dat ongeacht de (veelheid) aan meldingen van overlast van één of meerdere personen het bedrijfsmatig gebruik van de gronden niet in overeenstemming is met de van kracht zijnde beheersverordening. 7

Wij begrijpen de door het college beschreven beginselplicht tot handhaving en willen/kunnen daaraan ook niets af doen Waarvan wij echter overtuigd zijn is dat de oproep op te handhaven op oneigenlijke gronden geschied. Bovendien leiden wij uit uw bericht af dat u als gemeente zich in alle mogelijke bochten wringt of tracht te wringen om gehoor te kunnen geven aan het verzoek tot handhaving.

Zienswijzen en weerlegging voornemen tast onder dwangsom GSNed 11 januari 2022

6

Feitelijk is dat zeer ongepast handelen, evenals dit het geval is m.b.t. het kennelijke besluit van het college dat geen sprake is of kan zijn van omstandigheden die -niet handhaving -, al dan niet tijdelijk, zouden kunnen rechtvaardigen. Wij zijn namelijk van mening dat die omstandigheden er wel degelijk zijn. De meest belangrijke, zo niet de belangrijkste, is dat het college feitelijk op basis "van horen zeggen - het door haar ingenomen standpunt doet rechtvaardigen. Het kan niet vaak genoeg gezegd zijn. maar dit staat haaks op elke vorm van rechtsgelijkheid. Het college handhaaft niet op 'van horen zeggen'. maar op basis van het op grond van de beheersverordening toegestane gebruik van de gronden en dientengevolge ook het strijdige gebruik van de gronden. Had het handhavingsverzoek het college niet bereikt, dan was het college zelf tot handhaving overgegaan op basis van eerder genomen besluiten in het kader van de (niet-)legalisering van (de uitbreiding van) het bedrijf.

Feitelijkheden, met name de met betrekking tot het geluids- en trillingsniveau uitgevoerde wetenschappelijke studies, worden kennelijk door het college gewoon opzij gelegd Daarenboven worden metingen direct op de gevels van de partijen die overlast ervaren door deze personen niet toegestaan noch door de gemeente afgedwongen Let wel: de gemeente heeft die bevoegdheid wel om tenminste aan de desbetreffende personen te vragen daaraan medewerking te verlenen zodat zij zichzelf daarmee in staat kan stellen een gefundeerde afweging te maken. Als in een dergelijk geval de desbetreffende personen nog steeds elke medewerking hieraan weigeren, is wel degelijk sprake van een bijzondere omstandigheid als gevolg waarvan de besluitvorming van het college volkomen legitiem zou kunnen zijn om (nog) niet te handhaven. Het college zal eerst een overtreding (lees hier: overschrijding van het geluidsniveau) vast moeten stellen. Hiervoor is medewerking van omwonenden om ter plaatse te mogen meten noodzakelijk. Mocht die medewerking er niet zijn, dan zal ook geen overtreding kunnen worden vastgesteld. Het college stelt dat geen zicht is op legalisatie. De vragen die zich dan bij mij stellen is wat dan moet worden gelegaliseerd. Zoals al eerder in dit schrijven aangegeven en onderbouwd ben ik van mening dat wij wel degelijk gebruik kunnen maken van het overgangsrecht.

Dat daarvoor mogelijke correctieve maatregelen noodzakelijk zijn is heel goed mogelijk Om die reden is het derhalve een veel te kort door de bocht stelling zijdens u als gemeente dat geen sprake is of kan zijn van legalisatie. Ook met betrekking tot uw argumenten dat geen zicht is of kan zijn op legalisatie delen wij uw zienswijze dus absoluut niet Zoals al eerder als reactie in deze zienswijze gegeven hoort de opmerking niet hier gemaakt te worden. Dit hoort dit onderdeel te zijn van een reactie gericht tegen het besluit om niet mee te werken aan legalisatie. Uw uiteenzetting of sprake is of kan zijn van bijzondere omstandigheden is door het college mooi op schrift gezet. Uw conclusie dat op verschillende gronden daarvan geen gebruik kan worden gemaakt is dan feitelijk ook een logisch gevolg. Feit is evenwel ook dat u bij uw uiteenzetting steeds alles ophangt aan het feit dat het algemeen belang (dat van de "klager" dus) in de meeste gevallen altijd zwaarder weegt dat het belang van de overtreder. Deze stelling van het college kan en zal zelfs mogelijk in vele gevallen zoals u schrijft juist zijn. Echter en dan voor de zoveelste maal, u hangt in dit geval steeds alles op aan "van horen zeggen - en niet aan feitelijkheden En voor alle duidelijkheid, of er bij Zienswijzen en weemegging woornemen last onder dwangsom GSNed 11 januari 2022

7

uw afdeling handhaving nu 1 melding of 100 meldingen van overlast per maand binnenkomen, zijn betreffen dit ontegensprekelijk subjectieve waarnemingen. Geen ervan wordt immers door metingen bevestigd. Uw motiveringen volgend zou ingeval een kwade genius een willekeurig bedrijf het werken onmogelijk willen maken door de ene melding van overlast na de andere bij uw afdeling handhaving binnen te brengen. automatisch moeten leiden tot een in ongelijkheidstelling van het desbetreffende bedrijf Ik kan mij niet voorstellen dat het college dat met uw prachtige uiteenzetting heeft willen bedoelden. Elke vorm van ervaren overlast zal enige vorm van subjectiviteit met zich dragen. Het woord 'ervaren' impliceert dit immers. Het feit dat er vrachtverkeer vertrekt en aankomt in de nachtelijke uren is niet iets wat enkel door de klachten tot het college komt. In de ruimtelijke onderbouwing wordt ook aangeven dat er dagelijks drie vrachtwagens vertrekken in de uren voor 07.00 uur. Hierbij wordt nogmaals benadrukt dat het college niet tolereert dat het maximaal toegestane geluidsniveau in de nachtelijke uren wordt overschreden. 11 In het kader van onevenredigheid gaat ook hier de motivering dat niet kan worden afgezien van handhaving volledig mank. U doet dit immers ophangen aan het aantal klachten hetgeen een puur emotionele niet rationele afweging is.

Het is niet het aantal klachten dat u zou moeten beoordelen maar de aard ervan, in dit geval het geluids- en trillingsniveau waarvan wordt verondersteld dat dit onacceptabel hoog zou zijn. zonder dat "directe metingen" zijn uitgevoerd om deze beweringen te staven dan wel te ontkrachten. Metingen die wel zijn gedaan legt u bovendien nog zonder enige vorm van schroom naast u neer. Gelet op al het voorgaande zij wij derhalve van mening dat de gemeente. gebaseerd op uw uiteenzetting. de spelende belangen in deze kwestie wel degelijk onevenredig benaderd. Zij doet dit ten nadele van ons bedrijf zelfs uitermate onevenredig. Het aantal klachten geeft aan dat er sprake is van een verstoord woon- en leefklimaat en dat het woongenot van de directe omwonenden ernstig is aangetast. Dit heeft alles te maken met het strijdig gebruik van (een gedeelte) van het bedrijfsterrein. Dit dient binnen één jaar, na ontvangst van ons besluit tot het opleggen van een dwangsom, te worden gestaakt. waarbij de geluidsnormen in de nachtelijke uren niet mogen worden overschreden Mocht dit toch het geval zal, dan zal het bedrijf een dwangsom verbeuren. Met betrekking of sprake is of kan zijn van een gedogen situatie beroept het college zich op het feit dat hiervan alleen sprake kan zijn in uitzonderlijke en/of bijzondere omstandigheden. Hierop. dat sprake is of kan zijn van een bijzondere omstandigheid.

heb ik reeds omstandig gereageerd. De bijzondere omstandigheid waarvan thans sprake is. is dat feitelijk de hele zaak wordt opgehangen aan niet met onderzoek onderbouwde subjectieve waarnemingen. Dit op zich lijkt mij bijna een schoolvoorbeeld van een bijzondere en bovenal een zeer onevenredige basis om het door uw gemeente aangekondigd. zeer zwaarwegend. standpunt te rechtvaardigen. Bovenstaande kan niet gezien worden als een uitzonderlijke of bijzondere omstandigheid Op hetgeen hier wordt aangevoerd wordt elders in dit verweer teruggekomen Ondersteund door verschillende door het college aangekondigde op te leggen dwangsommen wordt ons, op basis van uw argumenten zoals die zijn opgetekend af gedwongen dat wij zouden overgaan tot het nemen van herstelmaatregelen Deze maatregelen zouden het navolgende (cursief in zienswijze) behelzen.'

Ziensmizen er weerlegging voornemen last onder Owargsor. GSNed 11 ianuari 2022

8

Een dag na verzending van het definitieve besluit tot het opleggen van een last onder dwangsom het niet langer laten vertrekken en aankomen van vrachtverkeer binnen de periode van 23:00 uur in de avond en 07:00 uur in de ochtend. In casu kunnen wij instemmen met deze herstelmaatregel. Echter. het lijkt mij meer dan billijk en logisch dat u als gemeente deze herstelmaatregel doet opleggen pas nadat feitelijk is vastgesteld dat überhaupt sprake is van een mate van overlast zoals deze door de personen, genoemd in de eerste alinea van uw schrijven, wordt beweerd. Thans zijn deze beweringen niets meer of minder dan subjectieve, niet door metingen ondersteunde, waarnemingen. De gemeente kan dit laatste niet anders dan zoals wij dit doen beoordelen. namelijk dat de klachten met geen enkele meting wordt gestaafd. In opdracht van het college zijn er in de periode oktober/november/december 2021 door een extern bureau geluidsmetingen uitgevoerd. Daarvoor is een peluidsmonitoringssysteem Het geplaatst in de achtertuin van woonadres geluidsmonitoringssysteem staat op een afstand van ongeveer 40 meter van de inrichtingsgrens van GSNed en meet en registreert continu het ter plaatse optredende geluidsniveau. Er zijn omwonenden. welke dichterbij wonen bij GSNed, maar deze doen geen melding van geluidsoverlast of wilden geen medewerking verlenen aan het uitvoeren van geluidsmetingen.

Wekelijks zijn alle klachten over geluidsoverlast door GSNed gecontroleerd. Dit is gedaan door het aangegeven tijdstip van de melding te spiegelen aan de geluidsniveaus die het monitoringssysteem op de betreffende tijdstippen had gemeten. Na het zorgvuldig controleren van deze meldingen, bleek dat er gemiddeld bij 6% van alle meldingen ook daadwerkelijk een overschrijding van de grenswaarde voor het maximale geluidsniveau (LArna..) was gemeten. Bij het vervolgens terugluisteren van audio-opnames behorende bij de tijdstippen van deze meldingen bleek geen van de gemeten waardes boven de grenswaarde te herleiden naar activiteiten van GSNed. Verder is van een meetperiode van 12 dagen, op basis van intervallen van 1 uur, een export gemaakt van de data van het geluidsmonitoringssysteem. Hierin zijn van de 296 metingen. 134 overschrijdingen van de grenswaarde voor het maximale geluidsniveau gemeten. Een aantal van 29 daarvan waren in de nachtperiode (tussen 23:00 en 07:00 uur) waarvoor een maximale waarde van 60 dB(A) geldt. Ook bij het analyseren van deze overschrijdingen, blijken deze geen van allen te herleiden naar activiteiten van GSNed. maar gaat het bijvoorbeeld om een knal (vuurwerk), hoesten van mensen, passerende auto's of een vogel nabij de microfoon.

Op basis van de tot nu toe uitgevoerde metingen is niet vastgesteld dat GSNed ook daadwerkelijk voor overschrijding van de geluidnormen zorgt. Dit maakt dat het ter plaatse vaststellen van overschrijding van de normen door een toezichthouder vooralsnog weinig kansrijk lijkt. 14.

Het in overeenstemming brengen met het bepaalde in de Beheersverordening Oostelijke Kanaaloever binnen één jaar na verzending van het definitieve besluit tot het opleggen van een last onder dwangsom. Onder het in overeenstemming met de genoemde Beheersverordening brengen wordt verstaan. a) Op perceel TNZ E 4653 dient het gebruik te behoeve van opslag of anderzijds ten behoeve van het bedrijf te worden gestaakt en te blijven. waarbij de oppervlakteverharding verwijdert dient te worden. Enkel gebruik conform bestemming (wonen) is toegestaan Wij zullen ons neerleggen bij het oordeel van het college dat dit perceel de bestemming wonen heeft en dat deze bestemming door uw college noch uw gemeenteraad zal worden omgezet in de bestemming bedrijf.

Zienswijzen en weerlegging voornemen last onder dwangsom GSNed 11 ianuan 2022

9 Het lijkt ons daarenboven niet onmogelijk om binnen de door u gestelde termijn het terrein te ontruimen en onze bedrijfsgoederen elders op te slaan Wij zijn daarvoor druk in onderhandeling met verschillende partijen om daarvoor een terrein met de juiste milieucategorie aan te kopen dan wel te huren. Dat het college meent te kunnen opleggen dat verharding zou moeten zijn weggehaald wordt evenwel zeer ernstig door GSNed betwist. Wonen en erfverharding zijn immers onlosmakelijk met elkaar verbonden. Overigens is het plan, zoals ik ook al eerder heb aangeven in dit schrijven, het desbetreffende perceel om te turnen tot een tuinrgroenzone waarbij wellicht om het groen kort te houden wat ganzen worden ingezet. Wij gaan er vanuit dat dit de bestemming wonen geenszins en op geen enkele wijze doet schaden, waarbij wij er vanuit gaan dat een verharding als een tuinpad of anderszins niet terug aanleiding voor u zal zijn of zal geven tot het opleggen van onzinnige dwangmaatregelen. Het college kan erin meegaan dat de erfverharding niet noodzakelijk verwijderd dient te zijn. Ook de door het bedrijf aangebrachte funderingspalen moeten ook niet verwijderd worden. Het is de afweging van het bedrijf zelf in hoeverre men het terrein geschikt denkt te maken voor het toegestane gebruik. Voor een bestemming wonen is en oppervlakteverharding niet ondenkbaar.

Er kan echter niet gesteld worden dat het volledig verharden van een perceel past bij een bestemming wonen In dat geval zal er van een goede afwatering van het perceel geen sprake zijn. Voor het verharden van het terrein was een bijdrage in het waterbergingsfonds voorzien. Indien gekozen wordt voor het niet verwijderen van de erfverharding zal alsnog een financiële bijdrage ten aanzien van het waterbergingsfonds moeten worden voldaan. Indien hiervoor niet gekozen wordt moet (een deel van) de erfverharding verwijderd worden. b) Het gebruik van perceel TNZ E 3279 moet zijn teruggebracht tot maximaal 1000 m2 bedrijfsoppervlak. Hier wordt in ieder geval onder verstaan de oppervlakte die waarop feitelijke bedrijfsactiviteiten, in alle te onderscheiden soorten van gebruik. waaronder opslag parkeren en inrit plaatsvinden De oorspronkelijke bebouwing voordat dit perceel aan de Rooseveltlaan 8 te Terneuzen in 2008 in eigendom werden verkregen worden hier niet onder begrepen Ook voor deze zeer zwaarwegende door u op te leggen herstelmaatregel(en) zij wij van mening dat ook hier zou moeten gelden dat u dit als gemeente niet kunt opleggen op basis "van horen zeggen". Daarnaast kan ik mij niet aan de indruk onttrekken dat het college zich met deze maarteregel ook schuldig maakt aan "cherry picking".

Deze herstelmaatregel wordt opgelegd op basis van eigen waarneming door of namens het college en hetgeen toegestaan is op grond van de beheersverordening. Of ons bedrijfsgebouw nu wel of niet meedoet in de beoordeling gerelateerd aan de grens van 1000 m2 was ook de verharde buitenruimte bij aankoop destijds al groter of gelijk aan de hiervoor genoemde 1000 m2. Daarnaast doet u met deze maatregel nu en in de toekomst oneigenlijk hard, bovendien op niets gebaseerd. sanctioneren. Legitimering van mijn hiervoor gegeven stellingname is de volgende. De situatie zoals deze was in 2008 wordt gelegitimeerd. De maximale oppervlakte die destijds bij inwerkingtreding van het bestemmingsplan gold is duidelijk minder dan hetgeen in de laatste vijf jaar is gerealiseerd. Belangrijke kanttekening hierbij is dat het niet enkel over 1000 m2 buitenruimte gaat. maar over 1000 m2 bedrijfsoppervlakte.

Zienswgzen en weerlegging voornemen last onder dwangsom GSNed 11 januari 2022

10

Voornamelijk omdat wij, in tegenstelling tot wat verschillende van uw collega's menen in de media te moeten slingeren, geen cowboys zijn maar fatsoenlijke mensen, zien wij dat de situatie waarin wij thans verkeren op termijn onhoudbaar wordt en daarenboven ontzettend veel negatieve energie zal consumeren. Om die reden zij wij druk in de weer dit probleem op te lossen door enkele van onze bedrijfsactiviteiten elders voort te zetten (zie ook enkele alinea's hoger in dit schrijven). Voor de alsdan vrijkomende ruimtes, zoals kantoren, werkplaatsen, inpandige opslagruimten en vrijkomende parkeergelegenheden, zoeken wij nu andere bestemmingen of een huurder(s). Het kan natuurlijk nooit de bedoeling zijn dat ingeval ons dit zou lukken om een gegadigde te vinden met de juiste milieucategorie maar toevallig met veel personeel en/of auto's deze in een dergelijk geval op de openbare weg (bijvoorbeeld in Driewegen) zou moeten parkeren. Dit is het paard achter de wagen spannen Het college is niet verantwoordelijk voor hetgeen. al dan niet door tussenkomst van raadsleden, in de media komt. Ook het college heeft kennis genomen van de beeldvorming in de media, maar is bij het nemen van beslissingen altijd uitgegaan van objectieve criteria. Of een bedrijf als passend op deze bestemming wordt gezien is uiteraard niet enkel afhankelijk van de (juiste) milieucategorie.

Resumé, wij zien nog steeds mogelijkheden om in deze kwestie op zowel menselijk als juridisch vlak fatsoenlijk met elkaar tot een oplossing te komen zonder dat dit gepaard hoeft te gaan met een bijna volledige decimering van de gebruiksmogelijkheden van ons bedrijfsobject. Met dit voornemen kunnen en gaan wij ook niet instemmen. Voor het college prefereert een goed woon- en leefklimaat. Met het bedrijf in de huidige vorm is dit niet mogelijk. Mocht er een andere oplossing zijn, waarbij hetzelfde resultaat wordt gehaald, dan staat het college hier altijd voor open. Duidelijk moet wel zijn dat, zolang er geen andere oplossing is. het door het college ingezette handhavingstraject wordt voortgezet. Handhaving, toepassing handhavingsbeleid en zienswijze. Wij zijn van mening dat wij voldoende omstandig en zeer gemotiveerd hebben gereageerd waaruit u als gemeente zou moeten kunnen besluiten dat uw voornemen last onder dwangsom ten minste te voorbarig is en bovendien is gebaseerd op emotie en subjectieve waarnemingen. Dit is niet correct noch acceptabel voor ons. Wij gaan er evenwel vanuit dat u inziet dat wij oprecht werken aan een voor alle partijen aanvaardbare oplossing. Wij zijn evenwel van mening dat wij daarom niet alle onze rechten onvoorwaardelijk zomaar overboord moeten gooien of moeten laten varen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11450073/1