CConstaterende datTerneuzen
Koppel je AI →
Document · PDF

2026-06-25 a. Kaderbrief 2027-2030 - Ontwerpbesluit

commissie Bestuur en Middelen 25 juni 2026, gemeente TerneuzenBij agendapunt: Vaststellen kaderbrief 2027-20309.994 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Gemeenteraad Ontwerpbesluit

Zitting van 9 juli 2026 Middelen - Financiën zaaknummer: 701528

2026_Raad_00079 - Kaderbrief 2027-2030 Portefeuillehouder Frank van Hulle Programma en/of paragraaf Paragraaf Bedrijfsvoering Paragraaf Financiering Paragraaf Grondbeleid Paragraaf Lokale heffingen Paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen Paragraaf Verbonden partijen Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing Programma Economie & arbeidsmarkt Programma Goed bestuur Programma Jeugd & onderwijs Programma Klimaat & duurzaamheid Programma Wonen & leefbaarheid Programma Zorg & gezondheid Besluit Besluitpunt 1 De raad besluit akkoord te gaan met de kaderbrief 2027-2030 en deze te verwerken in de begroting 2027 en de meerjarenraming 2028-2030. Wat is de aanleiding? De aanleiding is de start van een nieuwe planning- en controlcyclus voor het begrotingsjaar 2027. De Kaderbrief 2027-2030 is hiervoor het eerste document. De Kaderbrief 2027–2030 van de gemeente Terneuzen geeft de belangrijkste beleidsmatige en financiële kaders voor de komende bestuursperiode. Deze kaderbrief wijkt af van eerdere kaderbrieven. Dit komt door de lopende coalitievorming en de voorbereiding van een nieuw bestuursakkoord. Wat willen we bereiken? Het stellen van uitgangspunten en kaders voor het opstellen van de Begroting 2027, inclusief de meerjarenraming 2028-2030. Argumenten 1.1 Uitgangspunten en kaders zijn nodig voor het opstellen van de Begroting 2027 inclusief meerjarenraming 2028-2030.

1/26

Kanttekeningen Geen Wat mag het kosten? De financiële positie staat beschreven in de kaderbrief. Hierin hebben we de verwachte uitkomsten van de Voorjaarsnota 2026 van het Rijk verwerkt. Na besluitvorming door het Rijk worden deze uitkomsten opgenomen in de Meicirculaire 2026 van het Gemeentefonds. Wij informeren u medio juni per brief over de uitkomsten van de meicirculaire. Wat gaan we ervoor doen? Opstellen Begroting 2027, inclusief meerjarenraming 2028-2030.

Bijlagen 1. 2026-05-26 Kaderbrief 2027-2030.pdf

2/26

Postadres: Postbus 35, 4530 AA Terneuzen Bezoekadres: Stadhuisplein 1, 4531 GZ Terneuzen 14 0115 | +31 115 455 000 terneuzen.nl

zaaknummer contactpersoon telefoon verzonden

De Raad van de gemeente Terneuzen

: 701528 : P. De Vet : 14 0115 :

Terneuzen, 26 mei 2026 Onderwerp: Kaderbrief 2027-2030 Beste raad, De Kaderbrief 2027–2030 van de gemeente Terneuzen geeft de belangrijkste beleidsmatige en financiële kaders voor de komende bestuursperiode. Deze kaderbrief wijkt af van eerdere kaderbrieven. Dit komt door de lopende coalitievorming en de voorbereiding van een nieuw bestuursakkoord. De gemeente wil werken aan een aantrekkelijke en leefbare omgeving waarin brede welvaart centraal staat: naast economische groei gaat het ook om gezondheid, veiligheid, sociale samenhang en een toekomstbestendige leefomgeving. Tegelijkertijd staat de gemeente voor financiële uitdagingen door stijgende kosten, met name in het sociaal domein, en afnemende middelen die we ontvangen van het Rijk. Hoewel de begroting in 2027 nog sluitend is, ontstaan vanaf 2028 tekorten, wat vraagt om scherpe keuzes en een zorgvuldige financiële koers. Inhoudelijk richt de gemeente zich onder andere op versnelling van (betaalbare) woningbouw, een sterke zorgstructuur met nadruk op preventie en het ondersteunen van zelfredzaamheid, en goede ontwikkelkansen voor jongeren, onder andere via Campus Terneuzen. Ook werkt de gemeente aan een realistische energietransitie en een sterk ondernemersklimaat, in nauwe samenwerking met partners, zowel in de regio als over de grens.

Goed bestuur, participatie, veiligheid en uitvoeringskracht zijn daarbij belangrijke randvoorwaarden. Tot slot leest u in deze brief de financiële vertaling van deze kaders, inclusief risico’s, kengetallen en het investeringsprogramma. Met deze koers wil Terneuzen blijven bouwen aan een leefbare, gezonde en veerkrachtige toekomst. Inhoudsopgave 1. Samen verder werken aan brede welvaart 2. Maatschappelijke ontwikkelingen 4. Ontwikkelingen en speerpunten 5. Financiële uitgangspositie 5. Risico’s en ratio’s 6. Investeringsprogramma 2026-2029

Gemeente Terneuzen

3/26

Terneuzen: een gemeente in beweging De gemeente Terneuzen is voor veel mensen een vertrouwde leefomgeving: een plek om prettig te wonen, te werken en met elkaar samen te leven. Met ruim 55.000 inwoners, verdeeld over veertien kernen en een gebied van meer dan 300 km², is het een veelzijdige gemeente waar stad, platteland, haven en industrie op een natuurlijke manier samenkomen. De gemeente ontwikkelt zich voortdurend en kijkt daarbij gericht vooruit. Terneuzen heeft als havenstad een duidelijke positie in de regio, en ook de kernen zijn volop in beweging. We zetten stappen om de leefomgeving duurzaam en toekomstbestendig te maken, zodat het voor iedereen een fijne plek blijft. Daarbij luisteren we naar wat inwoners belangrijk vinden, zoals gezondheid, onderwijs en een aantrekkelijke omgeving. Samen met partners uit de regio, andere overheden en maatschappelijke organisaties werken we aan het bereiken van gezamenlijke doelen. Onze gemeente biedt ruimte aan verschillende groepen mensen: inwoners, ondernemers en bezoekers. Iedereen kan hier zijn of haar plek vinden. Mensen komen naar Terneuzen om uiteenlopende redenen — voor werk, voor rust en veiligheid, of omdat de gemeente een prettige woonomgeving biedt. We zien kansen om te investeren in de leefbaarheid van onze gemeente. Door in te zetten op groei van zowel in inwonertal als in voorzieningen.

Daarom trekken we samen op met partners in de regio en het havengebied, werken we samen met het Rijk en sluiten we aan bij het toekomstperspectief Zeeland 2050. We investeren onder meer in de ontwikkeling van een levendige onderwijscampus en in de transformatie van de binnenstad tot een aantrekkelijk gebied om te wonen en te verblijven. Ook werken we aan opgaven rondom energie en duurzaamheid. Door op deze terreinen stappen te zetten, versterken we de aantrekkingskracht en leefbaarheid van onze gemeente – nu en in de toekomst. 1. Samen verder werken aan brede welvaart Voor de bestuursperiode 2022-2026 werd een breed akkoord gesloten: ‘Goed leven in Terneuzen. Verder bouwen aan een duurzame toekomst’. In dit akkoord stonden de ambities voor de bestuursperiode. Na de gemeenteraadsverkiezingen in maart wordt nu gewerkt aan een nieuw akkoord met ambities voor de komende vier jaar. De afgelopen jaren is op veel thema’s vooruitgang geboekt. Diverse onderwerpen blijven de komende jaren aandacht vragen. Dan gaat het bijvoorbeeld over de impuls die we geven aan de ontwikkeling van Campus Terneuzen, de rol van onze regio in het Nationaal Programma Vitale Regio’s, de ontwikkelingen op het gebied van energie, het inzetten op een efficiënte en effectieve jeugdzorg en Wmo en de investeringen in de binnenstad.

Bij dit soort grote en complexe uitdagingen trekken we gezamenlijk op met partners. We werken nauw samen met de met onze buurgemeenten in de Strategische Regiovisie Zeeuws-Vlaanderen, we werken samen met andere Zeeuwse gemeenten in het Overleg Zeeuwse Overheden (OZO) en we zoeken samenwerking over de grens. Bijvoorbeeld in het North Sea Port District. Ook werken we steeds intensiever samen met het Rijk rond grote opgaven. Met deze gezamenlijke inzet willen we de brede welvaart in onze gemeente versterken. Brede welvaart betekent dat we verder kijken dan alleen economische groei en oog hebben voor de aspecten die inwoners belangrijk vinden: gezondheid, een veilige en aantrekkelijke leefomgeving, kansen op werk, een sterk onderwijsaanbod, cultuur en sociale

Gemeente Terneuzen

4/26 2

verbondenheid. Door brede welvaart als kader te gebruiken, kunnen we beter inzicht krijgen in de effecten van ons handelen op zowel de fysieke omgeving als de sociale en economische leefkwaliteit. Dat helpt ons om keuzes te maken die niet alleen nu, maar ook in de toekomst bijdragen aan een leefbare en veerkrachtige gemeente. Brede welvaart biedt bovendien de mogelijkheid om de verschillende opgaven in samenhang te blijven benaderen. Brede welvaart wordt iedere vier jaar gemonitord in het rapport ‘Leven in Zeeland’ van het Kenniscentrum Zeeuwse Samenleving van de Hogeschool Zeeland. Dit rapport is in maart 2026 verschenen1. 2. Maatschappelijke ontwikkelingen We leven in een tijd waarin ontwikkelingen elkaar snel opvolgen en maatschappelijke vraagstukken steeds complexer worden. Denk aan veranderingen in de economie, demografische ontwikkelingen zoals vergrijzing, aanpassingen in de energietransitie en internationale gebeurtenissen die op verschillende manieren doorwerken in het dagelijks leven. Deze ontwikkelingen hebben direct of indirect invloed op de leefbaarheid in onze gemeente. Als gemeente bereiden we ons zo goed mogelijk voor op wat komen gaat. We volgen maatschappelijke trends, luisteren naar wat onze inwoners belangrijk vinden en we investeren in de leefbaarheid van de regio. Daarbij houden we oog voor wat er kan, en gaan we zorgvuldig om met de beschikbare middelen.

Er is de afgelopen periode veel aandacht geweest voor de forse bezuiniging op het gemeentefonds. Hoewel het kabinet in de Voorjaarsnota extra middelen beschikbaar stelt voor de jeugdhulp, gaat het om tijdelijke ondersteuning. Ons meerjarenperspectief blijft daardoor onder druk staan. Dit betekent dat we in de komende jaren keuzes moeten blijven maken in wat we wel en niet kunnen doen. 3. Ontwikkelingen en speerpunten In dit hoofdstuk beschrijven we de belangrijkste ontwikkelingen binnen de verschillende programma’s: Programma Wonen en leefbaarheid We zetten ons in voor een aantrekkelijk woon- en leefklimaat in alle kernen, waarbij wonen, voorzieningen en bereikbaarheid stevig met elkaar verbonden zijn. Binnen de Zeeuwse Woondeal versnellen we de woningbouw en zorgen we dat minimaal twee derde van de nieuwe woningen in het betaalbare segment valt. We stimuleren het bouwen gericht voor starters, jonge gezinnen, senioren en bijzondere doelgroepen en ondersteunen de doorstroming via extra levensloopbestendige woningen. We zetten in op het verbeteren van de kwaliteit van de bestaande woningvoorraad, met speciale aandacht voor oudere en kwetsbare wijken. Bewoners stimuleren we om hun huis te verduurzamen, passend binnen ieders draagkracht en zonder onhaalbare verplichtingen.

We willen onderdak en een veilige plek bieden voor kwetsbare doelgroepen, middels bijvoorbeeld Skaeve Huse en tiny houses. We versterken de leefomgeving met meer groen, plekken om te ontmoeten, veilige speel- en sportvoorzieningen en een goede onderhouden openbare ruimte die beter bestand is tegen hitte, droogte en wateroverlast. De ontwikkeling van de binnenstad zetten we door: een 1 Leven in Zeeland I 2025 | HZ Kenniscentrum Zeeuwse Samenleving

Gemeente Terneuzen

5/26 3

compact en levendig centrum met ruimte voor cultuur, horeca, detailhandel en nieuwe woonmogelijkheden. Leegstand pakken we gericht aan. We verduurzamen het stadhuis en geven er na de verbouwing een eigentijdse invulling aan. De huisvesting van internationale werknemers regelen we zorgvuldig, met aandacht voor zowel de woonkwaliteit als de impact op de omgeving. Daarnaast nemen we binnen de landelijke kaders verantwoordelijkheid voor asielopvang. We verbeteren de bereikbaarheid via fiets- en wandelroutes, hubs en betrouwbaar openbaar en publiek vervoer, zodat voorzieningen voor iedereen bereikbaar blijven. Zo zorgen we dat onze kernen vitaal en leefbaar blijven, nu én in de toekomst. Programma Zorg & gezondheid We zetten in op een gezonde en inclusieve gemeente waarin iedereen mee kan doen. Toegankelijke zorg dichtbij huis blijft een belangrijke basis. En we blijven ons inspannen voor een volwaardige regionale zorgstructuur, inclusief bereikbare huisartsenzorg, tandzorg en spoedzorg. Door vergrijzing groeit de vraag naar ondersteuning. Daarom versterken we de samenwerking tussen zorg, welzijn en sociaal domein. We investeren in passende woonzorgvormen voor kwetsbare doelgroepen zoals met mensen met complexe problematiek of statushouders. We ondersteunen mantelzorgers en ontwikkelen maatregelen die inwoners helpen om langer zelfstandig te wonen in hun vertrouwde omgeving.

Preventie vormt de kern van ons gezondheidsbeleid. Via onder andere Positieve Gezondheid, Gezond en Actief Leven Akkoord GALA en Integraal Zorgakkoord (IZA) stimuleren we gezond gedrag, mentale veerkracht, valpreventie, welzijn op recept en een kansrijke start voor kinderen. We zetten in op het versterken van sociale netwerken, ontmoetingsplekken en laagdrempelige voorzieningen in wijken en dorpen. De Wmo blijft toegankelijk voor wie ondersteuning nodig heeft, maar moet ook financieel houdbaar blijven. Met vernieuwde contracten sturen we strakker op kwaliteit, effectiviteit en samenwerking. Daarnaast passen we structureel de doorbraakmethode toe om inwoners met complexe problematiek sneller en mensgerichter te helpen. Via een sterke sport- en beweeginfrastructuur stimuleren we vitaliteit en een actieve leefstijl. Zo bouwen we aan een gemeente waarin inwoners langer gezond, verbonden en zelfstandig kunnen leven. Het vraagt echter nog meer bijsturing om het financieel houdbaar te houden. Programma Jeugd & Onderwijs We investeren in kansrijke ontwikkeling voor alle jongeren door te zorgen voor kwalitatief, bereikbaar en toekomstbestendig onderwijs. De ontwikkeling van Campus Terneuzen vormt hierin een belangrijke pijler: een centrale plek waar jongeren onderwijs, sport, cultuur en ontmoeting kunnen combineren en waar bedrijven bijdragen aan talentontwikkeling.

Deze ontwikkeling voeren we gefaseerd, doelmatig en in nauwe samenwerking met onderwijspartners uit. Met het Integraal Huisvestingsplan (IHP) investeren we in moderne, veilige en duurzame schoolgebouwen in alle kernen, zodat elk kind dichtbij huis goed onderwijs kan volgen. We zetten sterk in op preventie, mentale gezondheid en vroegtijdige hulp. We zetten de inzet van de Praktijkondersteuner Huisarts Jeugd (POH-J) voort en blijven de preventieve aanpak rondom jongeren versterken. We werken aan de implementatie van de Hervormingsagenda Jeugdhulp, om de jeugdzorg financieel houdbaar te houden is bijsturing nodig. Dit met als

Gemeente Terneuzen

6/26 4

doel dat de jeugdhulp ook in de toekomst nog beschikbaar blijft voor de meest kwetsbaren. Een belangrijk onderdeel hierin is het Stevig Lokaal Team. Via het Stevig Lokaal Team, vrij toegankelijke voorzieningen, voorschoolse educatie en samenwerking met scholen en zorgpartners willen we de instroom in de jeugdzorg beperken en de druk op gezinnen verlichten. Daarnaast blijven we aandacht houden voor de hoge kosten van de jeugdzorg. We blijven werken aan een kansrijke start, extra ondersteuning voor kwetsbare kinderen en een gezonde schoolomgeving. Sport en cultuur worden nadrukkelijk ingezet als beschermende factoren tegen eenzaamheid, stress en schooluitval. We versterken de aansluiting tussen onderwijs en arbeidsmarkt door praktijkgericht leren, stageplekken en samenwerking met het bedrijfsleven te stimuleren. Hiermee maken we het aantrekkelijker voor jongeren om in onze regio te blijven. We blijven werken aan speel- en ontmoetingsplekken in de wijk, zodat kinderen en jongeren veilig, gezond en actief kunnen opgroeien. Zo bouwen we aan een omgeving waar jongeren kunnen leren, groeien en hun toekomst vorm kunnen geven. Programma Klimaat & Duurzaamheid We zetten in op een realistische, uitvoerbare en betaalbare verduurzamingsagenda die aansluit bij de draagkracht van inwoners en bedrijven.

In de openbare ruimte investeren we in klimaatadaptatie, vergroening en verkoeling, zodat wijken beter bestand zijn tegen hitte, droogte en wateroverlast. We ondersteunen woningeigenaren bij isolatie en energiezuinige maatregelen. Onze energietransitie voeren we samen met regionale partners uit binnen de Regionale Energiestrategie (RES) en de Transitievisie Warmte. We ontwikkelen wijkuitvoeringsplannen, stimuleren warmtenetten en zetten concrete stappen richting een toekomstbestendige energievoorziening. Tegelijkertijd pakken we de netcongestie gericht aan, omdat dit een randvoorwaarde is voor woningbouw, bedrijvigheid en verduurzaming. We werken actief mee aan rijksprojecten voor waterstof- en elektriciteitsinfrastructuur en behartigen hierbij stevig de belangen van inwoners en bedrijven. De gemeente stelt zich als betrokken partner op in het proces dat het Rijk doorloopt om een besluit te nemen over de locatie voor nieuwe kerncentrales. De gemeente wil (vanuit een neutraal standpunt) recht doen aan belangen en zorgen van inwoners, de leefomgeving, bedrijven en het havenbedrijf. De gemeente gaat daarbij uit van het Voorwaardenpakket dat werd opgesteld door de Adviesgroep Rijk-Regiopakket Sluis-Terneuzen. Natuur en biodiversiteit versterken we via bosontwikkeling, koppelingsgebieden, buurtgroen, groene routes en steeds meer ecologisch beheer.

Ook vergroten we de waterbeschikbaarheid door regenwateropvang, infiltratie en afkoppelen van verhard oppervlak. Door intensieve samenwerking en duidelijke keuzes werken we aan een gezonde, groene, biodiverse en toekomstbestendige leefomgeving. Programma Economie & Arbeidsmarkt We versterken onze positie als economische motor binnen de Kanaalzone en North Sea Port District. We ondersteunen bedrijven bij innovatie, verduurzaming en modernisering, en zetten in op een stabiel en voorspelbaar ondernemersklimaat. Onze bedrijventerreinen zijn grotendeels vol, daarom investeren we in uitbreiding, herinrichting en verduurzaming via programma’s zoals VerBeTer. We benutten actief regionale en Europese mogelijkheden voor investeringen en samenwerking.

Gemeente Terneuzen

7/26 5

De arbeidsmarkt in Zeeland en Zeeuws-Vlaanderen kent de nodige uitdagingen. Enerzijds staat zij onder zware druk; Zeeland heeft de hoogste krapte van Nederland. Daarom zetten we breed in op het aantrekken en behouden van werknemers, onder andere via het Zeeland International Center en het Grensinformatiepunt Scheldemond. Anderzijds zien we dat niet alle sectoren zich in gelijke mate ontwikkelen. In sommige sectoren is sprake van economische tegenwind. Dit onderstreept het belang van een wendbare arbeidsmarkt, waarin mensen zich kunnen blijven ontwikkelen en zo nodig de stap naar ander werk kunnen maken. We werken nauw samen met onderwijsinstellingen om opleidingsaanbod beter aan te laten sluiten op de behoeften van bedrijven, zoals straks binnen de campus. We stimuleren scholing, omscholing en een leven lang ontwikkelen. Leefkwaliteit wordt steeds belangrijker voor het aantrekken van werknemers. Daarom investeren we in voorzieningen, cultuur, woningen en bereikbaarheid, inclusief grensoverstijgend vervoer en hubs. Met Ervaar Terneuzen zetten we onze gemeente steeds beter op de kaart. We stimuleren een gezonde balans tussen economische groei en een prettige leefomgeving, zodat bedrijven kunnen investeren en inwoners veilig en gezond kunnen wonen. Zo bouwen we aan een sterke, toekomstbestendige economie waar brede welvaart centraal staat.

Programma Goed bestuur We staan voor betrouwbaar, transparant en voorspelbaar bestuur dat inwoners tijdig informeert, betrekt en ondersteunt. We blijven werken aan een inclusieve gemeente waar iedereen mee kan doen, met aandacht voor digitale toegankelijkheid en fysieke bereikbaarheid van dienstverlening. Door te investeren in participatie zorgen we dat inwoners invloed kunnen uitoefenen op plannen die hun leefomgeving raken. Veel opgaven kunnen we niet alleen oplossen. Daarom versterken we onze regionale en grensoverschrijdende samenwerking via onder meer de Strategische Regiovisie Zeeuws-Vlaanderen, het Overleg Zeeuwse Overheden, M50, het NOVEX-gebied North Sea Port District en de verschillende Regio Deals. We werken samen met andere overheden binnen Zeeland 2050 aan het verbeteren van de leefbaarheid in Zeeland. We benutten doelgericht subsidies en Europese programma’s om onze ambities te realiseren. We gaan verder samenwerken op het gebied van beschermd wonen en jeugdhulp en willen komen tot een nieuwe gemeenschappelijke regeling: Sociaal Domein Zeeland. Veiligheid blijft een basisvoorwaarde. In december 2025 nam de gemeenteraad unaniem de motie 'Veiligheid (ook) voor vrouwen' aan. De motie vraagt om maatregelen om de veiligheid in de openbare ruimte te vergroten, zowel sociaal als fysiek.

In de begroting werken we de uitvoering van de motie en de financiële impact ervan verder uit. We zetten in op zichtbare handhaving in kernen, we richten ons hierbij ook op de aanpak jeugdcriminaliteit en overlast op straat. We zetten ook in op bestrijding van ondermijning en een goede voorbereiding op incidenten en rampen. We ondersteunen vrijwilligers, verenigingen en maatschappelijke organisaties, als basis voor sociale cohesie. We blijven aandacht houden voor uitvoeringskracht en personele capaciteit binnen de organisatie, en zoeken actief naar innovatieve en efficiënte manieren van werken. Zo bouwen we aan een slagvaardige, toekomstbestendige en dienstbare overheid.

Gemeente Terneuzen

8/26 6

4. Financiële koers De komende raadsperiode staat de gemeente Terneuzen financieel voor belangrijke keuzes. Gemeenten ontvangen vanaf 2026 minder middelen van het Rijk. Een deel van deze terugval is doorgeschoven naar 2028, maar de structurele daling blijft bestaan. Ook voor Terneuzen betekent dit een afname van inkomsten, terwijl de uitgaven — met name in het sociaal domein — blijven stijgen. Hierdoor komt onze begroting onder druk te staan. In 2027 presenteren wij een sluitende begroting. Vanaf 2028 verwachten we een tekort. We denken dit met duidelijke keuzes het hoofd te kunnen bieden. Daarnaast signaleren wij dat het Rijk werkt aan een herijking van het gemeentefonds, in combinatie met aanvullende maatregelen ter borging van de financiële stabiliteit van medeoverheden. De uitwerking hiervan is op dit moment nog onderwerp van beleidsvorming, maar kan substantiële impact hebben op de meerjarige financiële positie van gemeenten. Wij blijven deze ontwikkelingen nauwlettend volgen en verwerken de consequenties zodra deze via de circulaires nader zijn geconcretiseerd. Een solide financieel beleid is essentieel voor onze gemeente. Het biedt stabiliteit, transparantie en een toekomstbestendige basis voor het realiseren van onze ambities.

Een gezond financieel beleid betekent onder andere dat de begroting sluitend is, dat er duidelijke keuzes worden gemaakt in prioriteiten en investeringen, en dat er voldoende reserves zijn om financiële tegenvallers op te vangen. Het nieuwe bestuursakkoord zal richting geven aan dit beleid. Het fungeert de komende jaren als ons financieel kompas. Wanneer we dit kompas vertalen naar windrichtingen, zien we vier belangrijke onderdelen: Noord – Budget Bestuursperiode 2026–2030 Deze windrichting staat voor de financiële kaders die we hanteren in de bestuursperiode 2026–2030. Het gaat om de keuzes die we maken in wat we willen bereiken, wat dit mag kosten en hoe we dit op een verantwoorde manier financieren. West – Inkomsten en uitgaven in balans Hier draait het om een structureel sluitende begroting. We streven naar evenwicht tussen structurele uitgaven en structurele inkomsten, zodat we niet afhankelijk worden van incidentele middelen om lopende verplichtingen te dekken. Oost – Algemene reserve en weerstandsvermogen De oostzijde van het kompas staat voor onze financiële robuustheid. Een voldoende hoge algemene reserve en een adequaat weerstandsvermogen zorgen ervoor dat de gemeente risico’s kan opvangen en ook in financieel zwaardere tijden wendbaar blijft.

Gemeente Terneuzen

9/26 7

Zuid – Koers uitzetten Deze windrichting staat symbool voor het vooruitkijken: het bepalen van strategische keuzes, het anticiperen op ontwikkelingen en het tijdig bijsturen wanneer dat nodig is. Hiermee zorgen we ervoor dat de gemeente duurzaam blijft investeren in maatschappelijke opgaven binnen de beschikbare financiële middelen. 5. Financiële uitgangspunten Voor de kaderbrief nemen we het begrotingsresultaat 2026 tot en met de 3e perioderapportage als beginstand. We gebruiken de basisuitgangspunten die te vinden zijn in bijlage 2 voor het maken van de begroting 2027 en de meerjarenraming 2028-2030. Deze percentages zijn geactualiseerd naar meest recente ontwikkelingen. Ook pasten we aantallen aan de actualiteit aan. We leggen de basisuitgangspunten elk jaar in de kaderbrief ter besluitvorming aan uw raad voor. Aanpassing van basisuitgangspunten heeft in de meeste gevallen financiële gevolgen. Hieronder brengen we de financiële gevolgen van de basisuitgangspunten in beeld. Deze worden onder de tabel afzonderlijk toegelicht. Wat opvalt, is dat er op dit moment geen reëel sluitend meerjarenperspectief is. Op basis van de huidige inzichten en uitgangspunten verwachten we vanaf 2028 een negatief begrotingsresultaat. Dit betekent dat er de komende jaren nog een aanzienlijke opgave ligt om de begroting in evenwicht te brengen.

Vooral binnen het domein Jeugdzorg en Wmo blijft het noodzakelijk om verdere kostenbeheersing te realiseren. Om dit te kunnen realiseren zijn we wel afhankelijk van maatregelen en compensatie vanuit het rijk. Blijven deze uit dan betekent dit dat onze besparingsopgave groter wordt en dat het maken van keuzes noodzakelijk is. Bij het maken van de begroting 2027 bekijken we het meerjarenperspectief financieel verder. Net als vorige jaren is het uitgangspunt en doel een reëel sluitende meerjarenbegroting. We vinden een gezonde financiële huishouding namelijk belangrijk om op een goede manier onze doelen te kunnen realiseren. Begrotingsresultaat (x € 1.000)

2027

2028

2029

2030

Stand Perioderapportage 3

-913

-10.234

-8.367

-8.368

Doorrekening kaders incl. verbonden partijen (excl. IJZ)

1.182

723

-1.283

-2.881

Subtotaal doorrekening uitgangspunten

1.182

723

-1.283

-2.881

Doorrekening uitgangspunten:

Actualisatie kosten Wmo

1.606

2.157

3.094

Actualisatie kosten Jeugdhulp

783

-614

-3.707

-4.453

Verlaging organisatiekosten

1.183

1.318

1.332

1.253

500

500

500

-254

-294

-336

-444

Actualisatie kapitaallasten

1.209

1.048

1.123

-103

Hogere rentebaten en lagere rentekosten

1.257

1.733

1.733

1.733

795

850

-487

-190

Bezuiniging personeelskosten Salarissen kaderbrief 2027-2030 - college en raad Bijstellen jaarschijf 2030

3.051

Voorjaarsnota 2026 Gemeentefonds Mutaties

4.972

6.148

2.315

4.442

Totaal

5.240

-3.363

-7.334

-6.807

Gemeente Terneuzen

10/26 8

Toelichting op de tabel In de eerste regel van deze tabel ziet u de beginstanden van het begrotingsresultaat in de jaren 2027 tot en met 2030 volgens de 3e perioderapportage 2026. Wij lichten hieronder de mutaties uit de tabel toe. Doorrekening kaders inclusief verbonden partijen In dit onderdeel rekenden we de basisuitgangspunten door die te vinden zijn in bijlage 2. Het gaat om meerjarige aanpassingen van indexeringen voor de onderdelen personele lasten, subsidies en materiële kosten. Daarnaast betreft het een verhoging van inkomsten door aanpassing van belastingopbrengsten en opbrengsten sportaccommodaties. We passen de tarieven van de lokale heffingen in 2027 aan met de inflatiecorrectie volgens de landelijke afgeleide consumentenprijsindex. Ook namen we de aanpassingen mee in het nieuwe jaar 2030 ten opzichte van het laatste jaar in de kaderbrief 2026-2029. Het gaat hier vooral om mutaties op kapitaallasten en de algemene uitkering. Daarnaast pasten we de rente aan op basis van onze actualisatie van de financieringsbehoefte. Tenslotte hielden we ook rekening in de doorrekening met aanpassingen in het investeringsprogramma 2027-2030. Voor dit programma verwijzen we naar onderdeel 8 van deze brief. Onze verbonden partijen zijn aan-z, Dethon, Publiek Vervoer Zeeland, GGD, RUD Zeeland, VRZ, OLAZ, Zeeuws Archief en Sabewa Zeeland.

Voor deze verbonden partijen is de VZGrichtlijn (3,3% in 2027) van toepassing. Actualisatie kosten Wmo (huishoudelijke hulp + begeleiding) (besparing vanaf 2028) De Wmo-uitgaven vormen een belangrijk onderdeel van de gemeentelijke begroting. Momenteel is uitgegaan van een jaarlijkse groei van het aantal cliënten met 2%, waarbij de tarieven opnieuw en realistischer zijn geïndexeerd op basis van de recente aanbesteding. We verwachten dat de ingezette maatregelen, zoals zorgvuldiger indiceren, het vergroten van kostenbewustzijn, het toepassen van innovatieve en efficiënte vormen van ondersteuning, het beter benutten van data en het versterken van het contractbeheer, op termijn zullen leiden tot stabilisatie van de vraag. Omdat veel van deze maatregelen nog in uitvoering zijn, rekenen we voor 2026 en 2027 nog met een groei. De maatregelen zullen naar verwachting vanaf 2028 moeten leiden tot een besparing. We voorzien een daling van het aantal cliënten met 5% ten opzichte van 2027, waarna het volume naar verwachting stabiel blijft. In combinatie met de aangepaste tariefindexatie leidt dit tot een realistischer en beter beheersbare ontwikkeling van de Wmo-kosten. We zijn verder afhankelijk van de keuzes en voornemens die gemaakt worden door het Rijk, zoals invoering van een inkomensafhankelijke eigen bijdrage en het schrappen van de huishoudelijke hulp uit de Wmo.

Gebeurt dat niet of gebeurt dat later zullen we extra moeten besparen. De kosten van de Wmo (huishoudelijke hulp + begeleiding) zijn nu als volgt in de begroting opgenomen: (x € 1.000)

2027

2028

2029

2030

21.730

23.396

24.825

26.342

0

1.606

2.157

2.760

Opgenomen in kaderbrief 21.730 21.790 * Jaarlijkse toename aanname cliënten met 2% en indexatie van de tarieven **Stagnatie aantal cliënten in 2028 en indexatie van de tarieven

22.668

23.582

Inschatting jaarlijkse kosten* Besparing**

Gemeente Terneuzen

11/26 9

Ondanks deze maatregelen blijven er risico’s die de Wmo-uitgaven kunnen beïnvloeden. In onze regio neemt het aandeel ouderen en kwetsbaren toe, waardoor de vraag naar ondersteuning kan stijgen. Het open-eindkarakter van de Wmo zorgt daarnaast dat volumestijgingen direct financiële gevolgen hebben. Verder kan de vergrijzing leiden tot meer aanvragen, terwijl landelijke wijzigingen in wet- en regelgeving extra kosten of uitvoeringslasten kunnen veroorzaken. Deze risico’s kunnen ervoor zorgen dat de verwachte besparing niet volledig gehaald wordt. Voor sommige maatregelen zijn politieke keuzes nodig, bijvoorbeeld om de toegang tot zorg te versoberen. Vanaf 2028 is daarom een extra bedrag van € 1 miljoen opgenomen in de stelpost indexering om dit risico op te vangen. Actualisatie kosten Jeugdhulp (vanaf 2027 oplopend) Jeugdhulp vormt een groot en financieel zwaar onderdeel van de gemeentelijke begroting. De inkoop organiseren we gezamenlijk met alle Zeeuwse gemeenten via de Inkooporganisatie Jeugd Zeeland (IJZ). IJZ verzorgt de inkoop, terwijl iedere gemeente haar eigen beleid bepaalt, uiteraard binnen de landelijke wet- en regelgeving en regionale afspraken. We zien de afgelopen jaren een structurele stijging van de kosten voor jeugdhulp. De zorgvraag wordt complexer en de tarieven stijgen.

De aanbesteding voor 2026 en 2027 (met mogelijke uitloop naar 2028) is in het eerste kwartaal van 2026 afgerond. De nieuwe contracten gaan in op 1 juni 2026. Tot die tijd maken we gebruik van overbruggingscontracten. De nieuwe contracten leiden tot een stijging van de tarieven. Inmiddels is gestart met de nieuwe aanbesteding voor de periode daarna. Om de kosten beter te beheersen, zijn de afgelopen jaren verschillende maatregelen genomen. De raad is hierover eind 2025 per brief geïnformeerd. Deze aanpak sluit aan bij de landelijke Hervormingsagenda Jeugd, een pakket afspraken tussen Rijk, gemeenten, aanbieders en cliënten om de jeugdzorg structureel te verbeteren. In overleg met de Provincie Zeeland is in onze begroting een besparing opgenomen die aansluit bij maatregelen die haalbaar worden geacht. Daarnaast hebben we middelen gereserveerd voor de investeringen die nodig zijn om de hervormingsagenda uit te voeren. We werken aan een lokale uitwerking van de Hervormingsagenda Jeugd, zodat landelijke afspraken goed aansluiten bij onze lokale situatie. Een belangrijk onderdeel hiervan is de opbouw van een Stevig Lokaal Team dat meer hulp zelf kan bieden en daardoor minder snel hoeft door te verwijzen naar duurdere vormen van jeugdhulp.

Daarnaast scherpen we het beleid aan, zodat duidelijker wordt wanneer jeugdhulp wel of niet noodzakelijk is en ondersteuning op de juiste plek wordt ingezet. Ook werken we samen met aan-z aan maatregelen die bijdragen aan het beperken van de kosten en het efficiënter organiseren van jeugdhulp. We verbeteren in doelmatigheid van de jeugdhulp. Dit doen we in meerdere deelprojecten. Zo wordt ingezet op het bevorderen van uitstroom naar de Wet langdurige zorg (Wlz) door passende ondersteuning te zoeken en dossiers opnieuw te beoordelen. Daarnaast wordt gewerkt aan het terugdringen van het aantal dagdelen dagbehandeling door onnodige inzet te voorkomen en waar mogelijk meer gebruik te maken van kinderopvang. Ook wordt de inzet van verlengde jeugdhulp beperkt tot situaties waarin dit wettelijk verplicht is. Verder worden beschikkingen strakker gevolgd, zodat trajecten korter en minder zwaar kunnen worden ingericht wanneer dit verantwoord mogelijk is.

Gemeente Terneuzen

12/26 10

Het is moeilijk precies te berekenen hoeveel de maatregelen opleveren. Er zijn verschillende onzekerheden en risico’s, zoals de complexe zorgvraag, landelijke maatregelen en de verplichting die de gemeente heeft om jeugdhulp te blijven bieden (open-eindregeling). De huidige begrotingscijfers zijn gebaseerd op oudere schattingen van IJZ. In het verleden bleken de voorspellingen van IJZ niet altijd betrouwbaar. We hebben in april 2026 nieuwe doorrekeningen gekregen voor 2026 en 2027 welke zijn gebaseerd op de nieuwe aanbesteding en de ontwikkelingen in de declaraties van de zorgaanbieders tot en met 2025. Daarnaast speelt de transformatie van de gesloten jeugdzorg een rol. Besparingen in het kader van de Hervormingsagenda Jeugd zijn niet opgenomen in deze doorrekening. Vanaf 2028 verwachten we dat het gebruik van jeugdhulp met 2% per jaar zal dalen. De afname komt doordat er minder cliënten instromen, trajecten korter worden en de inzet van hulp lichter kan plaatsvinden. In de raming houden we rekening met een realistische indexatie van de tarieven. Verdere besparingen kunnen echter gevolgen hebben voor de kwaliteit van de jeugdhulp, wat om politieke keuzes vraagt. Vanaf 2028 is een extra bedrag van € 1 miljoen opgenomen in de stelpost indexering door de eerdergenoemde risico’s en onzekerheden.

De kosten van de jeugdhulp zijn nu als volgt in de begroting opgenomen: (x € 1.000) Inschatting kosten jeugdhulp* Besparing**

2027

2028

2029

2030

36.832

38.316

39.860

41.467

0

766

1.578

2.439

Opgenomen in kaderbrief 36.832 37.550 38.282 39.028 * 2027 op basis van opgave IJZ. Vanaf 2028 toepassen van een prijsindex. Geen mutaties in de volumes. In de bedragen is geen rekening gehouden met besparingen vanuit de Hervormingsagenda Jeugd. **Jaarlijkse daling van het volume met 2%. Tevens toepassen van een prijsindex.

De ingeschatte besparingen en investeringen vanuit de Hervormingsagenda Jeugd zijn als volgt in de begroting opgenomen: (x € 1.000)

2027

2028

2029

2030

Besparingen

- 1.933

- 2.155

-2.155

-2.155

Investeringen

573

548

548

548

- 1.360

- 1.607

- 1.607

- 1607

Saldo Hervormingsagenda Jeugd

De bedragen die hierboven zijn opgenomen, zijn afgestemd met onze toezichthouder. Ze komen boven op de besparingen die eerder al zijn genoemd. Een belangrijk deel van de besparingen moet komen uit fundamentele keuzes die genomen moeten worden door het rijk. Als deze niet genomen worden, is realisatie van de besparingen onzeker. Verlaging organisatiekosten Als organisatie hebben wij vanuit proactief budgetbeheer op eigen initiatief een integrale analyse uitgevoerd naar structurele besparingsmogelijkheden en terugkerende overschotten binnen de begroting. Op basis hiervan zijn gerichte en onderbouwde bijstellingen doorgevoerd. De gerealiseerde besparingen hebben onder meer betrekking op inhuur van personeel, verzekeringen, organisatiekosten en diverse kleinere budgetten. Deze maatregelen dragen bij aan een structurele versterking van de financiële positie en

Gemeente Terneuzen

13/26 11

verbeteren het meerjarenbeeld, met een financieel effect van € 1.183.000 in 2027, € 1.318.000 in 2028, € 1.332.000 in 2029 en € 1.253.000 in 2030. Bezuiniging personeelskosten Als organisatie hebben wij vanuit eigen initiatief en proactief budgetbeheer onderzocht waar structurele besparingen op de formatie mogelijk zijn. Op basis van deze analyse wordt vanaf 2028 een structurele besparing van € 500.000 gerealiseerd. Deze besparing vloeit voort uit een combinatie van natuurlijk verloop, herprioritering van werkzaamheden en een doelmatiger inrichting van taken en processen. De besparing van € 500.000 wordt vanaf 2028 structureel in het meerjarenbeeld verwerkt. Salarissen kaderbrief 2027-2030 - college en raad (structureel) Per 1 januari 2026 gaan de vergoedingen voor raads- en commissieleden omhoog. De vergoedingen stijgen met 5,3%. Vergoedingen voor lokale volksvertegenwoordigers worden jaarlijks aangepast; de 'index cao-lonen overheid' van het CBS is daarvoor de leidraad. Wij passen voor de komende jaren een indexatie toe op de vergoedingen, gebaseerd op een 3jaarsgemiddelde van 5,6%. Voor 2027, € 254.000, 2028, € 294.000, 2029, € 336.000 en 2030 € 444.000. Toelichting Bijstellen jaarschijf 2030 De kaderbrief vormt de start van een nieuwe planning- en controlcyclus. In dit kader voegen wij de jaarschijf 2030 toe aan de meerjarenbegroting.

Daarbij zijn de ramingen voor deze jaarschijf geactualiseerd en getoetst, zowel aan de baten- als aan de lastenkant. Ten opzichte van de vorige stand laat de jaarschijf 2030 per saldo een voordeel zien. Dit voordeel wordt grotendeels veroorzaakt door een hogere uitkering uit het gemeentefonds. De algemene uitkering wordt jaarlijks geïndexeerd op basis van de ontwikkeling van het bruto binnenlands product (bbp). Voor 2030 bedraagt de gecombineerde BBP-index ten opzichte van 2029 4,6%, wat leidt tot een hogere raming van de inkomsten uit het gemeentefonds. Toelichting Kapitaallasten De kapitaallasten zijn geactualiseerd op basis van de gerealiseerde uitgaven zoals opgenomen in de jaarrekening 2025, evenals de aangepaste fasering van investeringen uit de vastgestelde investeringsprogramma’s. Voor 2027, € 1.209.000, 2028, € 1.048.000, 2029, € 1.123.000 en 2030 -/- € 103.000. Toelichting Hogere rentebaten en lagere rentekosten (structureel) De lagere rentekosten worden veroorzaakt door het later uitvoeren van investeringen ten opzichte van de oorspronkelijke planning. Hierdoor ontstaat een lagere financieringsbehoefte, wat leidt tot lagere rente-uitgaven. Daarnaast ramen wij in 2027 hogere rentebaten op kort geld als gevolg van hogere uitstaande liquide middelen die worden aangehouden bij de schatkist.

Over deze middelen wordt rente ontvangen, wat resulteert in een structurele toename van de rentebaten. Voor 2027, € 1.257.000, vanaf 2028, € 1.733.000. Toelichting voorjaarsnota Rijk 2026 Zoals gebruikelijk stelt het ministerie van Financiën de Voorjaarsnota op. Op vrijdag 27 maart 2026 is de nieuwe Voorjaarsnota gepubliceerd. Deze nota geeft een vooruitblik op de rijksbegroting voor de komende jaren en bevat diverse financiële bijstellingen die doorwerken in het gemeentefonds en daarmee in onze begroting. Ook is de Startnota opgenomen, waarin de financiële afspraken uit het coalitieakkoord zijn uitgewerkt.

Gemeente Terneuzen

14/26 12

De gevolgen voor gemeenten worden uiteengezet in de meicirculaire, die naar verwachting uiterlijk op 29 mei verschijnt. Vooruitlopend op de meicirculaire is een eerste inschatting gemaakt van de te verwachten financiële effecten. Mutaties voorjaarsnota 2026

2026

2027

2028

2029

2030

Bijstelling accres o.b.v. CEP 2026

554

725

1.019

581

Plafond BTW compensatiefonds

-239

-234

-236

-236

878 -236

DU CDOKE 2027

2.021 67

67

-899 67

850

-487

-190

Huishoudelijke hulp uit Wmo met vangnet

-899

Indexatie Wmo demografie 2026

67

Uitstel vervanging abonnementstarief WMO

67 237

Totaal mutaties voorjaarsnota 2026

382

2.816

De actualisatie van het accres op basis van de nieuwste macro‑economische inzichten uit het Centraal Economisch Plan leidt tot een voordeel voor gemeenten. Deze bijstelling werkt door in de algemene uitkering en zorgt voor een positief effect in onze meerjarenraming. Voor onze gemeente wordt het voordeel momenteel geraamd op € 725.000 in 2027, € 1.019.000 in 2028, € 581.000 in 2029 en € 878.000 in 2030. Deze bedragen worden definitief vastgesteld bij de meicirculaire; tot die tijd betreft het voorlopige ramingen. Daarnaast blijft het BTW-compensatiefonds onder het landelijke plafond, waardoor een deel van een eerder verstrekt voorschot wordt teruggedraaid. Gemeenten mogen twee derde van hun aandeel hiervan opnemen. Voor onze gemeente levert dit een structureel nadeel op van circa € 240.000. Via de decentralisatie-uitkering CDOKE ontvangt onze gemeente € 2.021.000 voor de uitvoering van klimaat- en energietaken. Deze middelen worden gereserveerd en meerjarig ingezet. Hiervoor wordt een bestedingsplan opgesteld en de middelen worden verwerkt in verschillende jaarschijven in de meerjarenraming. Binnen de Wmo wordt de huishoudelijke hulp als maatwerkvoorziening per 1 januari 2029 geschrapt. Inwoners die dat kunnen, worden geacht hun huishoudelijke hulp zelf te regelen. De gemeente ondersteunt alleen inwoners die dit niet zelf kunnen.

Deze landelijke beleidswijziging leidt voor onze gemeente tot een structurele verlaging vanaf 2029 van € 899.000. Daarnaast stelt het Rijk extra middelen beschikbaar voor Wmo-indexatie in verband met demografie en vergrijzing. Voor onze gemeente levert dit een structurele toevoeging op van € 67.000. Tot slot wordt de invoering van een inkomens- en vermogensafhankelijke eigen bijdrage binnen de Wmo uitgesteld. Hierdoor schuift de eerder voorziene korting op het gemeentefonds een jaar op, wat voor onze gemeente in 2027 een voordeel oplevert van € 237.000. 6. Begrotingscirculaire 2026 Van de Provincie Zeeland, onze toezichthouder, hebben wij de Begrotingscirculaire 2027 ontvangen. In deze circulaire informeert de toezichthouder ons over de meest actuele ontwikkelingen en verduidelijkt zij op welke wijze de meerjarenbegroting wordt beoordeeld. Onderstaand lichten wij een aantal relevante onderwerpen uit de circulaire toe en geven wij – waar van toepassing – de impact voor onze gemeente weer.

Gemeente Terneuzen

15/26 13

Dividend ZEH NV en GBE Aqua BV De Zeeuwse gemeenten ontvangen de komende jaren dividenduitkeringen vanuit de Zeeuwse Energie Houdstermaatschappij (ZEH). In het ondernemingsplan geeft ZEH een prognose van de te verwachten dividenden. Zoals eerder aangekondigd in het Ondernemingsplan ZEH 2025 zijn deze dividendverwachtingen naar beneden bijgesteld. Voor de komende jaren gaat het om de volgende (lagere) dividenduitkeringen: 2027: € 156 miljoen 2028: € 177 miljoen 2029: € 100 miljoen 2030: € 100 miljoen De toezichthouder geeft aan dat tot een maximum van 75% van ons aandeel van € 100 miljoen dividenduitkering als structureel dekkingsmiddel in de begroting kan worden opgenomen. Het gebruik van deze structurele dekking brengt echter een risico met zich mee. Dit risico moet worden opgenomen en onderbouwd in de risicoparagraaf. De provincie benadrukt dat het totaal aan risico’s volledig gedekt moet worden door het weerstandsvermogen. We mogen tot een maximum van 75% van ons aandeel van € 100 miljoen dividenduitkering verwerken als structureel dekkingsmiddel. ZEH Dividend (x € 1.000)

2027

2028

2029

2030

ZEH dividend totaal

156.000

177.000

100.000

100.000

Aandeel ZEH dividend Terneuzen (7,357%)

11.477

13.022

7.357

7.357

Inzet structureel dividend (75% van 100 miljoen)

5.518

5.518

5.518

5.518

Restant naar algemene reserve

5.959

7.504

1.839

1.839

De dividenduitkeringen van ZEH zijn eindig en lopen vooralsnog door tot eind 2033. De toezichthouder vraagt daarom om inzichtelijk te maken hoe de structurele inzet van deze dividendinkomsten richting 2033 stapsgewijs wordt afgebouwd tot 0. Bij de kaderbrief 20262029 is besloten om de structurele inzet van het dividend vanaf 2027 in zeven jaarlijkse stappen af te bouwen naar nihil. Afbouw in 7 stappen (x € 1.000) ZEH dividend

2027

2028

2029

2030

2031

2032

2033

2034

5.518

5.518

5.518

5.518

5.518

5.518

5.518

0

Afbouwschema

-788

-1.577

-2.365

-3.153

-3.941

-4.730

-5.518

0

4.730

3.941

3.153

2.365

1.577

788

0

0

Begrotingssaldo en SRE (structureel reëel evenwicht) De begroting wordt beoordeeld op basis van het wettelijke criterium van het structureel en reëel evenwicht (SRE). Dit houdt in dat de begroting 2027 of – uiterlijk – de meerjarenraming tot en met 2030 structureel en reëel sluitend moet zijn. Dit betekent dat structurele lasten gedekt moeten worden door structurele baten, rekening houdend met een reëel beeld van de financiële ontwikkeling. Naast het structureel en reëel evenwicht moet de begroting tevens formeel in evenwicht zijn. Dit vereist dat alle lasten in het begrotingsjaar volledig zijn gedekt door baten. De gemeentelijke regelgeving biedt ruimte om in één of meerdere jaren een negatief begrotingssaldo te tonen, mits het structureel en reëel evenwicht over de hele looptijd

Gemeente Terneuzen

16/26 14

positief is. Wanneer er sprake is van een begrotingstekort, maar het structureel en reëel evenwicht wel positief is, dient in het raadsbesluit te worden opgenomen op welke wijze het tekort in het begrotingsjaar wordt gedekt. Dit kan bijvoorbeeld door een onttrekking aan de algemene reserve Surplus regeling Het inzetten van de surplus regeling is een financieel technische mogelijkheid om structurele tekorten te dekken. De Provincie Zeeland houdt als toezichthouder, op basis van het Gemeenschappelijk Financieel Toezichtkader (GTK), toezicht op het financiële beleid van de gemeente. In het GTK staat onder welke voorwaarden de algemene reserve als structurele dekking voor de exploitatie mag worden ingezet. Dit is alleen toegestaan wanneer het betreffende deel van de reserve niet nodig is om risico’s af te dekken. Om te bepalen welk deel van de algemene reserve vrij inzetbaar is, brengen wij eerst de financiële risico’s in beeld. Op basis daarvan bepalen we de benodigde weerstandscapaciteit en het vrij inzetbare deel; de toezichthouder beoordeelt dit. Wanneer we gebruik willen maken van de surplusregeling, adviseren wij dit vooraf met de Provincie af te stemmen. Het GTK geeft daarbij aan dat deze regeling niet bedoeld is als “reddingsboei” om de (meerjaren)begroting structureel sluitend te krijgen.

We zien de inzet van de algemene reserve via de surplusregeling – net als de toezichthouder – als een financieel-technische optie, die we met terughoudendheid inzetten. De regeling werkt als een revolving fund: onttrekkingen zijn tijdelijk en moeten in volgende jaren worden aangezuiverd. Dit vraagt om spaarzaamheid, terughoudendheid en een kritische afweging vooraf bij nieuwe initiatieven. De nadruk verschuift van “budget opmaken” naar duurzame financiële houdbaarheid. Deze werkwijze versterkt de financiële discipline en helpt robuuste reserves te behouden. De exacte hoogte van de mogelijk vrij inzetbare middelen hangt af van de jaarlijkse onttrekkingen aan de algemene reserve en ons risicoprofiel. Op basis van de huidige inzichten schatten wij dit op circa € 4 tot € 5 miljoen. 7. Risico’s en ratio’s Onderdeel van een solide gemeentelijke begroting is een goed zicht op mogelijke financiële risico’s. We willen de risico’s zo klein mogelijk houden. Financiële ratio's zijn verhoudingsgetallen of kengetallen die inzicht geven in de financiële situatie en de ontwikkeling van de gemeente.

Risico’s De belangrijkste financiële risico’s voor de meerjarenbegroting 2026-2029 zijn: • Informatiebeveiliging en bedrijfscontinuïteit: Dit vraagt continue risicobeheersing, onder andere op het vlak van informatieveiligheid en cybersecurity, kritische processen, functies en bemensing bij onvoorziene omstandigheden; • Onzekerheid ten aanzien van lange termijn uitkeringen uit het gemeentefonds: In afwachting van de vorming van een nieuw kabinet is er vooralsnog geen lange termijn zekerheid over de te verwachten uitkering uit het gemeentefonds, wat de voorspelbaarheid van een meerjarenbegroting risicovol maakt; • PFAS vervuiling: In Zeeuws-Vlaanderen zijn er zorgen over PFAS-vervuiling, vooral in gebieden met industriële activiteiten of waar PFAS-houdend blusschuim is gebruikt. Het is belangrijk om proactief te zijn in het identificeren en aanpakken van mogelijke PFASvervuiling om toekomstige kosten en gezondheidsrisico's te beperken;

Gemeente Terneuzen

17/26 15

• •

• • •

•

•

Hogere bijdragen aan verbonden partijen: Door nieuw beleid, beleidswijzigingen of doorbelasting van hoger dan verwachte kosten door inflatie; De oplopende kosten van het Sociaal domein en de Jeugdhulp en Wmo in het bijzonder: Onder meer door een groter beroep op de jeugdhulp en Wmo en stijgende kosten door inflatie; De onzekerheid of de geraamde besparingen realistisch zijn, mede omdat jeugdhulp en Wmo een open einde regeling zijn; Projectrisico’s Campus Terneuzen: Door de complexiteit en omvang van dit project monitoren we de voortgang en risicobeheersing continue; Energiekosten en inflatie: De aanhoudende onrust en verstoringen in de energie-aanvoer vanuit het Midden-Oosten leiden wereldwijd tot stijgende olie- en gasprijzen, waardoor de inflatie oploopt en kostenstijgingen ook voor gemeenten reëel zijn. Voor onze organisatie blijft de directe impact vooralsnog beperkt, omdat wij beschikken over vaste energiecontracten voor onze eigen energievoorziening.

Op de langere termijn blijft echter onzekerheid bestaan: langdurige geopolitieke spanningen kunnen de inflatie structureel hoger houden en daarmee druk zetten op toekomstige begrotingsruimte en financiële weerbaarheid; Mogelijke komst kerncentrale: In de voorbereidende fase kunnen ruimtelijke, juridische en financiële claims ontstaan bij toekomstige besluitvorming of procedures, onder meer rond de Omgevingswet en nadeelcompensatie. Daarnaast kunnen druk op capaciteit, hogere kosten voor deskundige ondersteuning, maatschappelijke weerstand of vertraging in planvorming leiden tot extra bestuurlijke en financiële risico’s. Overigens is het wel zo dat we alle risico’s op claims e.d. in principe doorzetten naar het rijk. Dit ligt nu nog niet vast in een overeenkomst. Dit volgt na relevante besluitvorming; Netcongestie: Vertraging in ontwikkeling van projecten en betrouwbare energielevering.

Ratio’s Voor de investeringen in het investeringsprogramma, zoals de campus en Totaalplan binnenstad, moeten we nieuwe geldleningen aangaan. De prognose van de financieringsbehoefte geeft aan dat we de volgende leningen moeten aantrekken: • 2027: € 56 miljoen • 2028 € 36 miljoen • 2029 € 26 miljoen • 2030 € 51 miljoen Om de gezondheid van de financiële positie van de gemeente te bepalen, gebruiken we de solvabiliteitsratio, de debt ratio en de netto schuld per inwoner. De belangrijkste is de solvabiliteitsratio. Deze geeft de verhouding weer tussen het eigen vermogen en het totale vermogen. Dit geeft inzicht in de mate waarin de gemeente in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Hoe hoger de solvabiliteitsratio, hoe groter de weerbaarheid van de gemeente. In 2027 is deze 51,6%. Volgens de signaleringswaarden van de provincie betekent dit een A, minst risicovol (A is minst risicovol, C is meest risicovol). De debt ratio en de netto schuld per inwoner lichten we toe in bijlage 4 Overzicht indicatoren. 8. Investeringsprogramma 2027-2030 Het totale investeringsprogramma 2027-2030 met uitleg vindt u in bijlage 3. Naast deze investeringen zijn er ook 3 posten die op PM staan. Dit betreft verduurzaming van scholen en het integraal huisvestingsplan (IHP) 2024-2028, de inrichting van het openbaar gebied, de verkeersmaatregelen voor de Campus.

Op dit moment zijn hier nog geen bedragen voor te noemen.

Gemeente Terneuzen

18/26 16

De investeringen in 2027 schrijven voor het eerst af in 2028. Uw raad stelt bij vaststelling van de begroting 2027 de kredieten voor de investeringen van het begrotingsjaar 2027 (de zogenaamde 1e jaarschijf) beschikbaar. Tot slot Deze kaderbrief is (nog) gebaseerd op de uitgangspunten uit bestuursakkoord 2026-2030 ‘Goed leven in Terneuzen. Verder bouwen aan een duurzame toekomst’. In de begroting 2027 werken we de ambities uit van het nieuwe bestuursakkoord. Met deze brief vertrouwen we erop dat we uw raad inzicht geven in de kaders voor de begroting 2027 en de financiële positie voor de komende jaren. Met vriendelijke groet, Burgemeester en Wethouders van Terneuzen, gemeentesecretaris,

burgemeester,

Steven de Waal

Franc Weerwind

Bijlagen: 1. Basisuitgangspunten begroting 2027-2030 2. Investeringsprogramma 2027-2030 3. Overzicht indicatoren

Gemeente Terneuzen

19/26 17

Bijlage 1. Basisuitgangspunten Begroting 2027-2030 Voor het opstellen van de (meerjaren)begroting gelden onderstaande uitgangspunten. Uitgangspunten Inwoners

Bron

1.

Vaststelling CBS 01-01-2026

2027 56.155

2028 56.255

2029 56.355

2030 56.455

2.

Woonruimten

3.

Verbonden partijen

Regionale woonvisie

28.235

28.440

28.645

28.850

Centraal economisch Plan, VZG richtlijn 2027

3,30%

3,30%

3,30%

3,30%

4.

Belastingen en heffingen

Afgeleide CPI voor 2027

2,10%

2,00%

2,00%

2,00%

Rentepercentage nieuwe leningen 6. Salarissen en inhuur personeel 7. Overige goederen en diensten 8a. Subsidies

Marktinschatting Treasurer

3,50%

3,50%

3,50%

3,50%

Gemiddelde Cao ontwikkeling 2023-2027

2,62%

2,62%

2,62%

2,62%

Septembercirculaire 2025 Prijsindex overheidsconsumptie, materieel Centraal economisch Plan, VZG richtlijn 2026

2,20%

2,20%

2,20%

2,20%

3,30%

3,30%

3,30%

3,30%

8b. Subsidies

Afgeleide CPI voor 2027

2,10%

2,00%

2,00%

2,00%

9.

Afgeleide CPI voor 2027

2,10%

2,00%

2,00%

2,00%

5.

Sportaccommodaties

Toelichting uitgangspunten 1. Inwoners Het door het CBS vastgestelde aantal inwoners op 1 januari 2026 is 55.955. We houden rekening met een toename van het aantal inwoners van 100 per jaar. Dit is op basis van de prognoses reëel. De ambitie is dat het aantal inwoners gaat toenemen. 2. Woonruimten We ramen het aantal woonruimten inclusief recreatiewoningen in 2027 tot en met 2030 met een verhoging van 205 per jaar. Dit op basis van het in de regionale woonvisie opgenomen extra ambitieprogramma voor onze woningbouwopgave. Dit gaat om maximaal 75 extra woningen per jaar bovenop de reguliere uitbreidingsbehoefte van 120 extra woningen. 3. Verbonden partijen In Zeeland spraken we af dat we de verbonden partijen indexeren met de VZG-richtlijn. Deze is voor 2027 3,3%. Deze richtlijn wordt alleen gegeven voor het eerstvolgende begrotingsjaar. De verbonden partijen waarvan we de kaderbrief of begroting hebben ontvangen, hebben we verwerkt in deze kaderbrief of we hebben hiervoor middelen opgenomen in een stelpost. Vanaf 2027 ramen we volgens dezelfde systematiek van de VZG richtlijn. We ramen in de begroting onze bijdrage volgens de begroting(-swijzigingen) van de gemeenschappelijke regelingen. Deze begrotingen en begrotingswijzigingen leggen we apart aan de raad voor. De raad kan op deze begrotingen een zienswijze indienen. 4.

Lokale heffingen Uit het Bestuursakkoord 2022-2026 volgt dat we de lasten voor de inwoners met niet meer dan het jaarlijkse prijspeil willen corrigeren, behalve als meer noodzakelijk is. We passen de tarieven van de lokale heffingen in 2027 aan met de inflatiecorrectie volgens de landelijke afgeleide consumentenprijsindex (CPI). De stijging voor de begroting 2027

Gemeente Terneuzen

20/26 18

is hierdoor 2,1%. Omdat we rekening hielden met een stijging van 2%, leidt de verhoging naar 2,1% tot een financieel voordeel in onze begroting. Om sterke fluctuaties in het meerjarenperspectief te voorkomen, houden we vanaf 2028 rekening met een constante stijging van 2%. Niet alle tarieven van de lokale heffingen passen we aan. Op basis van het huidige parkeerbeleid blijven de tarieven voor het parkeren in de parkeergarages (€ 1,40 per uur) en het straat parkeren (€ 1,60 per uur) gelijk. Daarnaast zijn er wettelijke tarieven van lokale heffingen die aan een maximumbedrag gebonden zijn. Denk aan leges voor een identiteitskaart en rijbewijs. Voor de tarieven voor de lijkbezorgingsrechten geldt dat we deze elk jaar opnieuw bepalen, waarbij het uitgangspunt 100% kostendekkend is. Voor de tarieven van de afvalstoffenheffing en de rioolheffing gaan we uit van kostendekkende tarieven in 2027. De definitieve berekening en afweging van de tariefstijging vindt plaats bij het opstellen van de begroting 2027. 5. Rente nieuwe leningen Volgens berekening van de financieringsbehoefte ramen we de volgende nieuwe geldleningen in de komende jaren. Hierbij vermelden we het rentepercentage zoals ingeschat op actuele informatie door de gemeentelijke Treasurer.

De aanhoudende onrust en verstoringen in de energie-aanvoer vanuit het Midden-Oosten leiden hogere inflatie verwachten we op langere termijn geen renteverlagingen. Jaar

Lening

Rentepercentage

2027

€ 56.000.000

3,50%

2028

€ 36.000.000

3,50%

2029

€ 26.000.000

3,50%

2030

€ 51.000.000

3,50%

6. Salarissen en inhuur De cao voor gemeenteambtenaren loopt tot en met 31 maart 2027. In de afgelopen jaren indexeerden we de salarissen met de prijsindex overheidsconsumptie beloning werknemers uit het Centraal Economisch Plan. We constateren echter dat deze indexen in de afgelopen jaren structureel hoger lagen dan de feitelijke cao-ontwikkelingen voor gemeentepersoneel. Hierdoor werd er meer budget gereserveerd dan uiteindelijk nodig was. Van dit uitgangspunt wijken we vanaf 2027 af en baseren we ons op de gemiddelde loonstijging van de periode 2023 tot en met 2027. We hanteren voor 2027 een percentage van 2,62% Voor de jaren erna ramen we volgens dezelfde systematiek. 7. Overige goederen en diensten Voor inflatie houden wij rekening met een verhoging van de budgetten voor overige goederen en diensten. Naast allerlei contacten, bijvoorbeeld voor ICT en onderhoud, vallen hieronder te diverse maken kosten onder. We hanteren hierbij de index van het Centraal Economisch Plan voor materieel. 8. Subsidies In deze kaderbrief indexeren we sommige subsidies met 2,1%. We sluiten hierbij aan met de inflatiecorrectie volgens de landelijke afgeleide consumentenprijsindex (CPI). Dit betreft de subsidies die vallen binnen de reikwijdte van de Algemene subsidieverordening Terneuzen 2025. Daarnaast zijn er subsidies waar de VZG-richtlijn op van toepassing zijn.

Gemeente Terneuzen

21/26 19

9. Sportaccommodaties De tarieven voor de sportaccommodaties verhogen we met 2,1% We sluiten hierbij aan met de inflatiecorrectie volgens de landelijke afgeleide consumentenprijsindex (CPI). Voor de jaren 2028 tot en met 2030 passen we 2,0% toe. 10. Onderuitputting De afgelopen jaren zien we regelmatig onderuitputting op zowel exploitatie- als investeringsbudgetten. Dit komt vooral door te optimistische planningen en incidenteel door een tekort aan uitvoeringscapaciteit. Onverwachte omstandigheden maken het vaak lastig om alle voorgenomen activiteiten uit te voeren, zoals vertragingen in bestuurlijke besluitvorming of tijdelijke capaciteitsproblemen wanneer medewerkers van functie wisselen. Op basis van de analyse van eerdere jaren kunnen wij de onderuitputting onderbouwen met een bedrag van € 1.500.000. Voor onderuitputting kapitaallasten zijn er recent nieuwe regels vastgesteld door de toezichthouder. De kapitaallasten die worden gedekt uit een bestemmingsreserve of die betrekking hebben op riool en afval, mogen niet meer meegenomen worden. Wij berekenen momenteel de impact hiervan, en verwerken dit in de begroting 2027. De inschatting is dat de reeds opgenomen stelpost onderuitputting kapitaallasten van € 1.500.000 naar beneden moet worden bijgesteld. 11. Algemene Uitkering Voor de berekening van de algemene uitkering baseerden we ons op de Voorjaarsnota 2026 van het Rijk.

De voorjaarsnota is op 27 maart 2026 gepubliceerd. De voorjaarsnota is een voorbode van de meicirculaire. Op basis hiervan maakten we een inschatting van de gevolgen voor onze begroting. De echte gevolgen weten we pas bij het uitkomen van de meicirculaire.

Gemeente Terneuzen

22/26 20

Bijlage 2. Overzicht indicatoren Naast de solvabiliteitsratio (Deze geeft de verhouding weer tussen het eigen vermogen en het totale vermogen. Dit geeft inzicht in de mate waarin de gemeente in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen) kijken we ook naar de debt ratio. De debt ratio is het omgekeerde van de solvabiliteitsratio en geeft de verhouding van de schulden ten opzichte van het totale vermogen weer. Hoe lager de debtratio, hoe groter de weerbaarheid van de gemeente. Voor 2027 bedraagt de debt ratio 48,4%. In de jaren erna loopt deze verder op door investeringen in vooral het onderwijs.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16989494/1