2024-06-19 - Bp Buitengebied, Westsingel (landgoed) Bijlagen toelichting geanoni.
Tekst van het document
Projectbijdrage (mol N/ha/jr)
-
6/10
Projectberekening
Per eigen rekenpunt
Naam
Coördinaat
24
Yerseke en Kapelse Moer H1310A (24 km)
14
Westerschelde & Saeftinghe H2160 (22 km)
X:58348 Y:388350 X:38434 Y:384055
RaydcWzpWRaZ (06 december 2023)
Projectbijdrage (mol N/ha/jr)
-
7/10
Projectberekening
Situatie 1, Rekenjaar 2024 1
Wegverkeer | Weg
Naam Locatie Lengte Wegtype Rijrichting Tunnelfactor Type hoogteligging Weghoogte t.o.v. maaiveld Verkeer
Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer 2
Max. snelheid
Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren
Links Rechts NOₓ 6,5 g/j - NO₂ 1,2 g/j - NH₃ 0,0 kg/j
-
-
Aantal voertuigbewegingen
0,0 /jaar 2,0 /jaar 0,0 /jaar 0,0 /jaar
In file
0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 %
Wegverkeer | Weg
Naam Locatie Lengte Wegtype Rijrichting Tunnelfactor Type hoogteligging Weghoogte t.o.v. maaiveld Verkeer
Bron 3 Tractor aan- en afvoer grond en zand Links Rechts NOₓ 29,7 g/j X:50485,18 Y:365281,33 Type scherm - - NO₂ 6,7 g/j 1.773,20 m Hoogte - - NH₃ 0,0 kg/j Binnen bebouwde kom (doorstromend) Afstand tot de weg - Beide richtingen 1 Normaal 0m
Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer 3
Bron 2. Aan- en afvoer graafmachine op dieplader X:50491,39 Y:365275,39 Type scherm 1.778,55 m Hoogte Buitenweg Afstand tot de weg Beide richtingen 1 Normaal 0m
Wegverkeer | Weg
Naam Locatie Lengte Wegtype Rijrichting Tunnelfactor Type hoogteligging Weghoogte t.o.v. maaiveld Verkeer
Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer
RaydcWzpWRaZ (06 december 2023)
Max. snelheid
Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren
Aantal voertuigbewegingen
0,0 /jaar 8,0 /jaar 0,0 /jaar 0,0 /jaar
Bron 4 Betonstorter van en naar locatie X:50482,75 Y:365285,92 Type scherm 1.762,89 m Hoogte Buitenweg Afstand tot de weg Beide richtingen 1 Normaal 0m Max. snelheid
Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren
Links Rechts NOₓ - NO₂ - NH₃
-
-
Aantal voertuigbewegingen
0,0 /jaar 10,0 /jaar 0,0 /jaar 0,0 /jaar
In file
0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 %
32,3 g/j 6,1 g/j 1,1 g/j
In file
0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 %
8/10
Projectberekening
4
Wegverkeer | Weg
Naam Locatie Lengte Wegtype Rijrichting Tunnelfactor Type hoogteligging Weghoogte t.o.v. maaiveld Verkeer
Bron 5 Vrachtverkeer van en naar bouwwerf X:50494,62 Y:365285,66 Type scherm 1.777,03 m Hoogte Buitenweg Afstand tot de weg Beide richtingen 1 Normaal 0m
Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer 5
Max. snelheid
Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren
Links Rechts NOₓ 0,2 kg/j - NO₂ 30,6 g/j - NH₃ 5,6 g/j
-
-
Aantal voertuigbewegingen
In file
0,0 /jaar 50,0 /jaar 0,0 /jaar 0,0 /jaar
0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 %
Wegverkeer | Weg
Naam Bron 6 Verkeer bouwvakkers en onderaannemers van en naar woning LinksRechtsNOₓ0,7 kg/j Locatie X:50499,61 Y:365273,62 Type scherm - - NO₂ 0,2 kg/j Lengte 1.797,51 m Hoogte - - NH₃ 2,6 g/j Wegtype Buitenweg Afstand tot de weg - Rijrichting Beide richtingen Tunnelfactor 1 Type hoogteligging Normaal Weghoogte t.o.v. maaiveld 0 m Beschrijving Euroklasse Aantal voertuigbewegingen
Personenauto - diesel - Euro-5 6
Naam Locatie
Bron 6 Aanleg landgoed X:50838,44 Y:365677,24
Stageklasse
Aanleg recreatiegebied
Naam
2 /etmaal
Mobiele werktuigen | Bouw, Industrie en Delfstoffenwinning
Naam
7
Euro klasse LPADEUR5
Stage-IV, 2014-2018, 75-560 kW, diesel, SCR: ja
NOₓ NH₃
Brandstofverbruik
250 l/j
Draaiuren AdBlue verbruik
280 u/j 0 l/j
RaydcWzpWRaZ (06 december 2023)
Stof Emissie
NOₓ NH₃
Mobiele werktuigen | Bouw, Industrie en Delfstoffenwinning
Bron 1 werktuigen Uittreedhoogte op de bouwplaats; Warmteinhoud 1. Graafmachine uitgraven bouwput woning Locatie X:50944,78 Y:365688,31 Wijze van ventilatie Niet geforceerd Temporele variatie Standaard Profiel Industrie
9,7 kg/j 60,0 g/j
4,0 m 0,000 MW
NOₓ
9,7 kg/j 60,0 g/j 10,4 kg/j
9/10
Projectberekening
8
Naam
Mobiele werktuigen | Bouw, Industrie en Delfstoffenwinning
Bron 1 werktuigen Uittreedhoogte op de bouwplaats; Warmteinhoud 2. Hijskraan voor bouw woning Locatie X:50940,57 Y:365690,41 Wijze van ventilatie Niet geforceerd Temporele variatie Standaard Profiel Industrie 9
Naam
4,0 m 0,000 MW
NOₓ
Mobiele werktuigen | Bouw, Industrie en Delfstoffenwinning
Bron 1 werktuigen Uittreedhoogte op de bouwplaats; Warmteinhoud 3. Betonstorter in bedrijf voor bouw woning Locatie X:50944,78 Y:365690,41 Wijze van ventilatie Niet geforceerd Temporele variatie Standaard Profiel Industrie
4,0 m 0,000 MW
NOₓ
8,8 kg/j
7,5 kg/j
Disclaimer Hoewel verstrekte gegevens kunnen dienen ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, kunnen er geen rechten aan worden ontleend. De eigenaar van AERIUS aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de inhoud van de door de gebruiker aangeboden informatie. Bovenstaande gegevens zijn enkel bruikbaar tot er een nieuwe versie van AERIUS beschikbaar is. AERIUS is een geregistreerd handelsmerk in Europa. Alle rechten die niet expliciet worden verleend, zijn voorbehouden. Rekenbasis Deze berekening is tot stand gekomen op basis van AERIUS versie 2023.0.1_20231106_3125d8b3c1 Database versie 2023.0.1_3125d8b3c1_calculator_nl_stable Voor meer informatie over de gebruikte methodiek en data zie: https://www.aerius.nl/
RaydcWzpWRaZ (06 december 2023)
10/10
Projectberekening Dit document geeft een overzicht van de invoer en rekenresultaten van een Projectberekening met AERIUS Calculator. De berekening is uitgevoerd binnen stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden, op rekenpunten die overlappen met habitattypen en/of leefgebieden die aangewezen zijn in het kader van de Wet natuurbescherming, gekoppeld aan een aangewezen soort, of nog onbekend maar mogelijk wel relevant, en waar tevens sprake is van een overbelaste of bijna overbelaste situatie voor stikstof.
Overzicht Samenvatting situaties Resultaten Detailgegevens per emissiebron Deze PDF is een digitaal bestand dat weer in te lezen is in AERIUS. Meer toelichting over deze PDF kunt u vinden in een bijbehorende leeswijzer. Deze leeswijzer en overige documentatie is te raadplegen via:
www.aerius.nl/handleidingen-en-leeswijzers
Projectberekening
Contactgegevens Rechtspersoon Inrichtingslocatie
Activiteit
Omschrijving Toelichting
Berekening
AERIUS kenmerk Datum berekening Rekenconfiguratie
De Koster Ruimtelijke Ordening BV Westsingel ong, 4571 VE Axel Realisatie landgoed met woning en natuurbegraafplaats, Axel Realisatie van een nieuw landgoed met natuurbegraafplaats en een burgerwoning (gebruiksfase). RsBSXVWBaRiL 06 december 2023, 09:22 Wnb-rekengrid incl. eigen rekenpunten
Totale emissie
Rekenjaar Gebruik natuurbegraafplaats Axel met woning - Beoogd 2024
Emissie NH₃
Emissie NOₓ
Resultaten
Hexagon
Gebied
Hoogste bijdrage Gebruik natuurbegraafplaats Axel met woning - Beoogd Gekarteerd oppervlak met toename (ha) Gekarteerd oppervlak met afname (ha) Grootste toename Grootste afname -
RsBSXVWBaRiL (06 december 2023)
0,8 kg/j
11,1 kg/j
2/9
Projectberekening
Gebruik natuurbegraafplaats Axel met woning (Beoogd), rekenjaar 2024 Emissiebronnen
Verkeersnetwerk
RsBSXVWBaRiL (06 december 2023)
Emissie NH₃
Emissie NOₓ
0,8 kg/j
11,1 kg/j
3/9
Projectberekening
Hoogste af- en toename op (bijna) overbelaste stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden.
1000 m Habitatrichtlijn Vogelrichtlijn Vogelrichtlijn, Habitatrichtlijn Niet bepaald
Grootste toename (projectberekening) Grootste afname (projectberekening) Hoogste totaal (achtergrond + projectberekening)
De letters bij de bronlabels op de kaart geven bij welke type situaties de bronnen horen: beoogde situatie (B), referentiesituatie (R) en/of salderingssituatie (S). RsBSXVWBaRiL (06 december 2023)
4/9
Projectberekening
Resultaten stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden situatie "Gebruik natuurbegraafplaats Axel met woning" (Beoogd) incl. saldering e/o referentie Berekend (ha gekarteerd)
Totaal
RsBSXVWBaRiL (06 december 2023)
-
Hoogste totale Met toename Grootste depositie (mol (ha gekarteerd) toename (mol N/ha/jr) N/ha/jr)
-
-
-
Met afname (ha Grootste afname gekarteerd) (mol N/ha/jr)
-
-
5/9
Projectberekening
Per eigen rekenpunt
20 21 19 16 15 26 27 28 9 10 11 12 13 5 6 7 8 17 18 1 2 3 4 25 22 23
RsBSXVWBaRiL (06 december 2023)
Naam
Coördinaat
Schelde- en Durmeëstuarium van de Nederlandse grens X:56375 tot Gent (17 km) Y:349431 Durme en Middenloop van de Schelde (20 km) X:58490 Y:347165 Schorren en Polders van de Beneden-Schelde (16 km) X:66927 Y:364520 Bossen en heiden van zandig Vlaanderen: oostelijk deel X:52755 (8 km) Y:357383 Westerschelde & Saeftinghe H1310B (24 km) X:73178 Y:374812 Oosterschelde H1330A (24 km) X:67765 Y:383233 Oosterschelde H1310A (24 km) X:67780 Y:383229 Oosterschelde H1320 (24 km) X:67821 Y:383247 Westerschelde & Saeftinghe H2110 (13 km) X:40798 Y:374497 Westerschelde & Saeftinghe H1330B (14 km) X:45213 Y:378921 Westerschelde & Saeftinghe H2120 (19 km) X:35019 Y:377451 Westerschelde & Saeftinghe H2190B (19 km) X:34231 Y:377419 Westerschelde & Saeftinghe H2130A (21 km) X:38871 Y:383433 Westerschelde & Saeftinghe (7 km) X:49062 Y:372953 Westerschelde & Saeftinghe H1320 (11 km) X:54138 Y:375923 Westerschelde & Saeftinghe H1330A (11 km) X:54601 Y:376125 Westerschelde & Saeftinghe H1310A (11 km) X:54537 Y:376165 Vogelkreek (10 km) X:57404 Y:373053 Vogelkreek Lg08 (11 km) X:58767 Y:373321 Krekengebied (6 km) X:43800 Y:364217 Polders (6 km) X:43745 Y:364233 Canisvliet (6 km) X:45277 Y:360996 Canisvliet Lg08 (7 km) X:45220 Y:360075 Oosterschelde (24 km) X:65048 Y:384898 Yerseke en Kapelse Moer (24 km) X:58046 Y:388334 Yerseke en Kapelse Moer H1330B (24 km) X:58207 Y:388349
Projectbijdrage (mol N/ha/jr)
-
6/9
Projectberekening
Per eigen rekenpunt
Naam
Coördinaat
24
Yerseke en Kapelse Moer H1310A (24 km)
14
Westerschelde & Saeftinghe H2160 (22 km)
X:58348 Y:388350 X:38434 Y:384055
RsBSXVWBaRiL (06 december 2023)
Projectbijdrage (mol N/ha/jr)
-
7/9
Projectberekening
Gebruik natuurbegraafplaats Axel met woning, Rekenjaar 2024 1
Wegverkeer | Weg
Naam Bron 1 Bezoekers natuurbegraafplaats (van en naar Tractaatweg) LinksRechtsNOₓ 3,7 kg/j Locatie X:50443,55 Y:365292,56 Type scherm - - NO₂ 0,8 kg/j Lengte 1.835,28 m Hoogte - - NH₃ 0,4 kg/j Wegtype Buitenweg Afstand tot de weg - Rijrichting Beide richtingen Tunnelfactor 1 Type hoogteligging Normaal Weghoogte t.o.v. maaiveld 0 m Verkeer Max. snelheid Aantal voertuigbewegingen In file
Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer 2
Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren
30,0 /etmaal 0,0 /etmaal 0,0 /etmaal 0,0 /etmaal
0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 %
Bron 2 bezoekers natuurbegraafplaats (richting N258) X:51562,63 Y:364743,55 Type scherm 2.855,46 m Hoogte Binnen bebouwde kom (normaal) Afstand tot de weg Beide richtingen 1 Normaal 0m
Links Rechts NOₓ 3,1 kg/j - - NO₂ 0,5 kg/j - - NH₃ 0,1 kg/j
Wegverkeer | Weg
Naam Locatie Lengte Wegtype Rijrichting Tunnelfactor Type hoogteligging Weghoogte t.o.v. maaiveld Verkeer
Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer 3
Max. snelheid
Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren
In file
10,0 /etmaal 0,0 /etmaal 0,0 /etmaal 0,0 /etmaal
0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 %
Bron 3 bezoekers natuurbegraafplaats (richting Terneuzen) X:50687,61 Y:367804,23 Type scherm 5.706,14 m Hoogte Buitenweg Afstand tot de weg Beide richtingen 1 Normaal 0m
Links Rechts NOₓ 2,3 kg/j - - NO₂ 0,5 kg/j - - NH₃ 0,2 kg/j
Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer
RsBSXVWBaRiL (06 december 2023)
-
Aantal voertuigbewegingen
Wegverkeer | Weg
Naam Locatie Lengte Wegtype Rijrichting Tunnelfactor Type hoogteligging Weghoogte t.o.v. maaiveld Verkeer
-
Max. snelheid
Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren
-
Aantal voertuigbewegingen
6,0 /etmaal 0,0 /etmaal 0,0 /etmaal 0,0 /etmaal
-
In file
0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 %
8/9
Projectberekening
4
Wegverkeer | Weg
Naam Locatie Lengte Wegtype Rijrichting Tunnelfactor Type hoogteligging Weghoogte t.o.v. maaiveld Verkeer
Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer 5
Wegverkeer | Weg
Naam Locatie Lengte Wegtype Rijrichting Tunnelfactor Type hoogteligging Weghoogte t.o.v. maaiveld Verkeer
Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer
Bron 4 Bewonersverkeer (richting Tractaatweg) X:50450,21 Y:365291,08 Type scherm 1.827,13 m Hoogte Buitenweg Afstand tot de weg Beide richtingen 1 Normaal 0m Max. snelheid
Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren
Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren
-
-
Aantal voertuigbewegingen
6,0 /etmaal 0,0 /etmaal 0,0 /etmaal 0,0 /etmaal
Bron 5 bewonersverkeer (richting Hulst) X:51554,12 Y:364743,07 Type scherm 2.846,51 m Hoogte Binnen bebouwde kom (normaal) Afstand tot de weg Beide richtingen 1 Normaal 0m Max. snelheid
Links Rechts NOₓ 0,7 kg/j - NO₂ 0,2 kg/j - NH₃ 71,6 g/j
Links Rechts NOₓ 1,2 kg/j - NO₂ 0,2 kg/j - NH₃ 51,5 g/j
-
-
Aantal voertuigbewegingen
4,0 /etmaal 0,0 /etmaal 0,0 /etmaal 0,0 /etmaal
In file
0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 %
In file
0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 %
Disclaimer Hoewel verstrekte gegevens kunnen dienen ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, kunnen er geen rechten aan worden ontleend. De eigenaar van AERIUS aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de inhoud van de door de gebruiker aangeboden informatie. Bovenstaande gegevens zijn enkel bruikbaar tot er een nieuwe versie van AERIUS beschikbaar is. AERIUS is een geregistreerd handelsmerk in Europa. Alle rechten die niet expliciet worden verleend, zijn voorbehouden. Rekenbasis Deze berekening is tot stand gekomen op basis van AERIUS versie 2023.0.1_20231106_3125d8b3c1 Database versie 2023.0.1_3125d8b3c1_calculator_nl_stable Voor meer informatie over de gebruikte methodiek en data zie: https://www.aerius.nl/
RsBSXVWBaRiL (06 december 2023)
9/9
Bijlage 3: Watertoetstabel
52
De watertoetstabel ondersteunt de onderbouwing van de wateraspecten in een ruimtelijk plan.
Watertoetstabel Landgoed Westsingel Thema en water(beheer)doelstelling
Veiligheid waterkeringen Waarborgen van het veiligheidsniveau en rekening houden met de daarvoor benodigde ruimte.
Uitwerking
De ontwikkeling is niet gelegen nabij een waterkering. huidige situatie
na realisatie
Voorkomen overlast door oppervlaktewater Het plan biedt voldoende ruimte voor het vasthouden, bergen en afvoeren van water. Waarborgen van voldoende bouwpeil om overstroming vanuit oppervlaktewater in maatgevende situaties te voorkomen. Rekening houden met de gevolgen van klimaatverandering en de kans op extreme weersituaties.
Dakoppervlak woning
0
200
1
Dakoppervlak bebouwing natuurbegraafplaats
0
200
2
dichte bodemverharding
0
150
3
doorlatende bodemverharding
0
1.000
4
wateroppervlak
0
0
5
De oppervlakten zijn indicatief. Het bouwpeil is 20 centimeter boven straatniveau.
Voorkomen overlast door hemel- en afvalwater Waarborgen optimale werking van de zuiveringen/ RWZI’s en van de (gemeentelijke) rioleringen. Afkoppelen van (schone) verharde oppervlakken in verband met de reductie van hydraulische belasting van de RWZI, het transportsysteem en het beperken van overstorten.
Er is sprake van gescheiden afvoer van afvalen hemelwater. Het afvalwater van de woning wordt aangesloten op de vrij verval riolering aan de Westsingel. Dit is een gemengd stelstel. Gelet op de ruime oppervlakte van het perceel, is het mogelijk om het hemelwater ter plaatse vast te houden en te infiltreren. Op basis van de waterkansenkaart van de provincie Zeeland is er sprake van geringe infiltratiemogelijkheden. Dit wordt echter volledig gecompenseerd door de oppervlakte van de ontwikkeling. Het hemelwater van de woning wordt afgevoerd naar een aan te leggen kikkerput, met een overloop op de naastgelegen tertaire sloot. Op basis van de te verwachten te verharden oppervlakte van ca. 350 m2, dient op het terrein een solitaire waterberging te worden geraliseerd, welke in open verbinding met het oppervlaktewaterstelsel afvoert,
bedraagt de capaciteit tenminste 350 x 0,075 = 26,3 m3. Voor de te realiseren bebouwing nabij de natuurbegraafplaats, zal geen verbinding met het oppervlaktewaterstelsel worden gerealiseerd. Hier bedraagt de capaciteit 200 x 0,147 = 29,4 m3. Voor de toename van het verhard oppervlak in het plangebied is In de planregels van het bestemmingsplan voor de aanleg van compenserende waterberging een voorwaardelijke verplichting opgenomen Grondwaterkwantiteit en verdroging Voorkomen en tegengaan van grondwateroverlast en -tekort. Rekening houdend met de gevolgen van klimaatverandering. Beschermen van infiltratiegebieden en –mogelijkheden.
Grondwaterkwaliteit Behoud of realisatie van een goede grondwaterkwaliteit. Denk aan grondwaterbeschermingsgebieden.
Oppervlaktewaterkwaliteit Behoud of realisatie van goede oppervlaktewaterkwaliteit. Vergroten van de veerkracht van het watersysteem. Toepassing van de trits schoonhouden, scheiden, zuiveren.
Ter plaatse is geen grondwateroverlast bekend. Volgens de provinciale waterkansenkaart zijn er in het gebied geringe infiltratiemogelijkheden. Het afvoeren van hemelwater via infiltratie in de bodem past gelet op de ruime oppervlakte van de ontwikkeling. Door bij de bouw geen gebruik te maken van uitlogende materialen, zoals zink en lood, maar enkel door gebruik te maken van duurzame niet-uitloogbare bouwmaterialen, zal de ontwikkeling geen gevolgen hebben voor de grondwaterkwaliteit. Bij de bouw wordt geen gebruik gemaakt van uitlogende materialen. Het hemelwater wordt apart afgevoerd en ter plaatse geïnfiltreerd. Het afvalwater wordt aangesloten op de aanwezige drukriolering.
Volksgezondheid Minimaliseren risico watergerelateerde ziekten en plagen. Voorkomen van verdrinkingsgevaar/-risico’s via o.a. de daarvoor benodigde ruimte.
Bodemdaling Voorkomen van maatregelen die (extra) maaiveldsdalingen in zettinggevoelige gebieden kunnen veroorzaken.
Natte natuur
De ontwikkeling zal geen gevolgen hebben voor de volksgezondheid.
Volgens de provinciale waterkansenkaart is het plangebied matig tot sterk zettingsgevoelig. De nieuwe ontwikkeling zal geen gevolgen hebben ten aanzien van bodemdaling. In de nabijheid van het plangebied is geen natte natuur gelegen. De dichtstbijzijnde natte
Ontwikkeling/bescherming van een rijke gevarieerde en natuurlijk karakteristieke aquatische natuur.
Onderhoud oppervlaktewater Oppervlaktewater moet adequaat onderhouden worden. Rekening houden met obstakelvrije onderhoudsstroken vrij van bebouwing en opgaande (hout)beplanting.
natuur is de Axelse Kreek op zo’n 100 meter afstand van de ontwikkeling. Met uitzondering van de zuidzijde, wordt het gehele plangebied aan de oost- en noordzijde ontsloten door een secundaire sloot. Deze is vanaf de ontwikkeling en vanaf de straatzijde bereikbaar voor onderhoud. De ontwikkeling zal geen invloed hebben op het onderhoud en functioneren van dit water. Aan de westzijde ligt de Buthkreek, dit is een primaire watergang. Deze is vanaf het plangebied bereikbaar voor onderhoud. Aan de planzijde geldt formeel een obstakelvrije onderhoudsstrook. Daarnaast geldt er een ontvangst- en opruimplicht voor het aangrenzende perceel (planzijde) van de bij het onderhoud vrijkomende stoffen zoals maaisel en bagger.
Andere belangen waterbeheerder Relatie met eigendom waterbeheerder Ruimtelijke ontwikkelingen mogen de werking van objecten (terreinen, milieuzonering) van de waterbeheerder niet belemmeren.
Wegen in beheer bij het waterschap (alleen invullen voor zover van toepassing)
De ontwikkeling is niet gelegen in eigendommen van waterschap Scheldestromen.
De Westsingel is niet in beheer bij het Waterschap Scheldestromen.
Bijlage 4: Quickscan Flora en Fauna
54
Quickscan natuurwetgeving project landgoed Westsingel
Quickscan natuurwetgeving project
Landgoed Westsingel
1
Quickscan natuurwetgeving project landgoed Westsingel
Quickscan natuurwetgeving project
Landgoed Westsingel
Opdrachtgever: De Koster Ruimtelijke Ordening Datum: 5 december 2023 Uitgevoerd en opgesteld door: Adviesbureau Wieland Liniestraat 13 4561 ZS Hulst 0612352169
© Niets uit deze rapportage mag gekopieerd worden zonder schriftelijke toestemming van de auteur.
2
Quickscan natuurwetgeving project landgoed Westsingel
INHOUD 1
Inleiding ..........................................................................................................................4 1.1 Aanleiding en doel onderzoek .................................................................................4 1.2 Kader ......................................................................................................................4 1.3 Afbakening plangebied en werkwijze ......................................................................8 1.4 Opzet beoordeling ...................................................................................................9 2 Beschrijving huidige situatie en voorgenomen activiteiten .............................................10 3 Soortenbescherming.....................................................................................................12 3.1 Zoogdieren............................................................................................................12 3.2 Vogels ...................................................................................................................13 3.2.1 Broedvogels ......................................................................................................13 3.2.2 Watervogels ......................................................................................................14 3.3 Reptielen en Amfibieën
.........................................................................................14 3.4 Vissen ...................................................................................................................15 3.5 Ongewervelden .....................................................................................................15 3.6 Vaatplanten...........................................................................................................15 4 Toetsing Natura 2000 (Vogelrichtlijn / Habitatrichtlijn) en Natuurbeschermingswet en Natuurnetwerk Zeeland (NNZ) ..............................................................................................17 5 Conclusies en aanbevelingen mbt de uitvoering ...........................................................18
Bijlage 1 Bijlage 2
Kaart Natuurbeheerplan, Natura 2000 Informatie Wet natuurbescherming Zeeland
3
Quickscan natuurwetgeving project landgoed Westsingel
1
Inleiding
1.1
Aanleiding en doel onderzoek
Gepland is om op een agrarisch perceel nabij de begraafplaats Westsingel een nieuw landgoed te ontwikkelen. Het nieuwe landgoed maakt één extra woning mogelijk. Een deel van het nieuwe landgoed zal eveneens als natuurbegraafplaats worden gebruikt. Een quickscan in het kader van de Wet natuurbescherming is noodzakelijk om te bepalen of hierbij beschermde natuurwaarden een nadelig effect ondervinden. Deze rapportage bevat de resultaten van een voorstudie van beschikbare kennis op het gebied van beschermde natuurwaarden. Op basis van de gevonden resultaten kan op voorhand bepaald worden of significante effecten op de huidige (beschermde) natuurwaarden al dan niet uit te sluiten zijn en wat eventueel nog nader onderzocht dient te worden. In deze beoordeling worden dan ook de volgende vragen, voor zover mogelijk, beantwoord: • • • • •
1.2
Tot welke (mogelijke) effecten leidt het bouwrijp maken van het terrein en het bouwen van de woning en de realisatie van het landgoed op beschermde natuurwaarden? Wat is de reikwijdte van de mogelijke effecten? Hoe beïnvloeden de effecten de jaarrond beschermde soorten en de kwalificerende natuurwaarden, gelet op de instandhoudingsdoelen? Zijn mogelijke negatieve effecten significant? Al of niet in combinatie met andere projecten in de omgeving? Op welke wijze kunnen negatieve effecten voorkomen of gemitigeerd worden?
Kader
Soortbescherming De soortbescherming is per 01/01/2017 ook opgenomen in de Wet natuurbescherming. Deze wet omvat ook de bescherming van Habitatrichtlijnsoorten buiten de aangewezen Natura 2000-gebieden. Deze bescherming geldt overal in Nederland, ook in de beschermde gebieden. De soortbescherming kent geen externe werking. Projecten worden getoetst aan de directe invloed op beschermde waarden binnen de grenzen van het projectgebied. Conform deze wet is de initiatiefnemer bij ruimtelijke ingrepen verplicht op de hoogte te zijn van mogelijke voorkomende beschermde natuurwaarden binnen het projectgebied. Vanuit deze kennis dienen plannen en projecten getoetst te worden aan eventuele strijdigheid met de verbodsbepalingen uit de Wet natuurbescherming. Onder de werking van de soortbescherming vallen circa 930 dier- en plantensoorten. Alle inheemse zoogdieren, vogels, amfibieën, en reptielen zijn beschermd. Tevens hebben een aantal planten, vissen, insecten en ongewervelden een beschermde status. Voor de in het wild voorkomende planten en dieren geldt bovendien de algemene zorgplicht (art. 1.11). Volgens de Wet natuurbescherming mogen beschermde dier- en plantensoorten niet worden, gevangen, opzettelijk worden verontrust of gedood. Voortplanting- of vaste rust of verblijfplaatsen mogen niet opzettelijk worden beschadigd of vernield.
Habitatrichtlijnsoorten mogen tevens niet opzettelijk worden verstoord. Beschermde planten mogen niet opzettelijk van hun groeiplaats worden verwijderd of vernield. De
4
Quickscan natuurwetgeving project landgoed Westsingel
verbodsbepalingen van de Wet natuurbescherming (Wnb) staan vernoemd in onderstaand kader.
5
Quickscan natuurwetgeving project landgoed Westsingel
Verbodsbepalingen Wet natuurbescherming (Wnb)
Bron: Soortenbescherming bij ruimtelijke ingrepen, Ministerie van Economische Zaken
De werkingssfeer van de Wet natuurbescherming is niet beperkt tot of gerelateerd aan speciaal aangewezen gebieden, maar geeft de beschermde soorten overal in Nederland bescherming. In o.a. artikelen 3.3, 3.8 en 3.10 van de Wet natuurbeschermingswet worden de ontheffings- en vrijstellingsmogelijkheden weergegeven. Welke voorwaarden verbonden zijn aan de ontheffing- of vrijstelling (zoals werken met een goedgekeurde gedragscode) hangt af van de dier- of plantensoorten die voorkomen in het plangebied. Beschermde soorten – met (Provinciale) vrijstelling: Voor deze soorten geldt een vrijstelling van een of meerdere verbodsbepalingen (zoals bijvoorbeeld het vangen van dieren en/of het vernielen van vaste verblijfsplaatsen. Voor deze soorten is derhalve in veel gevallen geen ontheffing nodig. Wel geldt ten aanzien van deze soorten de zorgplicht, die eveneens van de Wet natuurbescherming uitgaat. Soorten die vallen onder de vrijstelling betreft over het algemeen (en dus per Provincie verschillend) onder andere algemene zoogdiersoorten, zoals algemene muizen- en spitsmuizen, de woelrat, de egel, ree en vos, algemene amfibiesoorten, waaronder de bruine kikker, gewone pad en kleine watersalamander.
Overige ‘nationaal beschermde’ soorten: Voor deze soorten geldt voor ruimtelijke ontwikkeling en bestendig beheer een mogelijkheid voor ontheffing, welke aan drie criteria wordt getoetst: er is sprake van een in of bij wet genoemd belang, er is geen alternatief en ‘doet geen afbreuk aan de
6
Quickscan natuurwetgeving project landgoed Westsingel
gunstige staat van instandhouding van de soort’. Voor deze soorten is derhalve een ontheffing nodig of kan gewerkt worden met een goedgekeurde gedragscode. Soorten die vallen onder dit nationale beschermingsregime vallen betreft onder andere algemene zoogdiersoorten, zoals das, boommarter, algemene amfibieën en reptielen alpenwatersalamander, hazelworm, flora als schubvaren en bokkenorchis en vissoorten waaronder de grote modderkruiper. Daarnaast geldt ook voor deze soorten de algemene zorgplicht. Habitatrichtlijnsoorten: Voor deze soorten geldt het zwaarste beschermingsregime en is voor ruimtelijke ontwikkeling geen vrijstelling mogelijk van de ontheffingsplicht. Voor deze soorten dient een ontheffing te worden aangevraagd, welke aan drie criteria wordt getoetst: er is sprake van een in of bij wet genoemd belang, er is geen alternatief en ‘doet geen afbreuk aan de gunstige staat van instandhouding van de soort’. Wel kan als voldaan wordt aan een in de wet genoemd belang ook bij ruimtelijke ontwikkeling gewerkt worden met een goedgekeurd gedragscode. Daarnaast geldt ook voor deze soorten de algemene zorgplicht. Tot dit beschermingsregime horen o.a. alle vleermuissoorten, de bever, otter, noordse woelmuis, verschillende amfibiesoorten waaronder rugstreeppad en kamsalamander. Vogelrichtlijnsoorten: Alle vogels zijn in Nederland gelijk beschermd.
Voor deze soorten geldt het zwaarste beschermingsregime en is voor ruimtelijke ontwikkeling ook geen vrijstelling mogelijk van de ontheffingsplicht. Voor deze soorten dient een ontheffing te worden aangevraagd, welke aan drie criteria wordt getoetst: er is sprake van een in of bij wet genoemd belang, er is geen alternatief en ‘doet geen afbreuk aan de gunstige staat van instandhouding van de soort’. Wel kan als voldaan wordt aan een in de wet genoemd belang ook bij ruimtelijke ontwikkeling gewerkt worden met een goedgekeurd gedragscode. Daarnaast geldt ook voor deze soorten de algemene zorgplicht. Zorgplicht Voor alle in het wild voorkomende plant- en diersoorten, dus ook voor onbeschermde en beschermde soorten die zijn vrijgesteld geldt wel de ook ‘algemene zorgplicht’ (art. 1.11 Wet natuurbescherming). Deze zorgplicht houdt in dat initiatiefnemer passende maatregelen moet nemen om schade aan beschermde gebieden en in het wild voorkomend plant en diersoorten te voorkomen of zoveel mogelijk te beperken. Hierbij gaat het bijvoorbeeld om het niet verontrusten of verstoren in de kwetsbare perioden zoals de winterslaap, de voortplantingstijd en de periode van afhankelijkheid van de jongen. De kwetsbare perioden voor de verschillende soortgroepen zijn niet allen gelijk.
Als ‘veilige’ periode voor alle groepen geldt in het algemeen de periode van half augustus tot half november, de periode waarin de voortplantingstijd achter de rug is en diersoorten als vleermuizen, overige zoogdieren en amfibieën nog niet in winterslaap zijn. Indien een locatie in die periode bouwrijp wordt gemaakt, kan daarna gedurende het winterseizoen en het daarop volgende voorjaar probleemloos worden gewerkt. Zo kan bijvoorbeeld vegetatie gedurende het groeiseizoen kort gemaaid worden, zodat er geen vogels gaan broeden en het tegen de winter ook ongeschikt is voor kleine zoogdieren of amfibieën die in winterslaap gaan. Indien tijdens de uitvoering van de werkzaamheden beschermde soorten worden waargenomen dienen maatregelen genomen te worden om
7
Quickscan natuurwetgeving project landgoed Westsingel
schade aan deze individuen zo veel mogelijk te voorkomen (bijvoorbeeld wegvangen en verplaatsen of terreindelen af te zetten en het werk ter plaatse stil te leggen). Ecologische begeleiding kan hierin voorzien. Gebiedenbescherming Natura 2000 De Europese Vogelrichtlijn (1979) regelt de bescherming van leefgebieden van Europees bedreigde en kwetsbare vogelsoorten. Met de Europese Habitatrichtlijn (1992) worden Europese (half-) natuurlijke habitats en bedreigde en kwetsbare dier- (andere dan vogels) en plantensoorten beschermd. De Natura 2000-gebieden zijn de gebieden die zijn aangewezen als speciale beschermingszones (SBZ’s) in het kader van de EU Vogel- en/of Habitatrichtlijn. Deze gebieden samen vormen het omvangrijke Europese netwerk Natura 2000. Het hoofddoel van Natura 2000 is het stoppen van de achteruitgang en de waarborging van de biodiversiteit in Europa. De Europese Vogel- en Habitatrichtlijn zijn in Wet natuurbescherming (Wnb) overgenomen. Vanuit de Europese Vogel- en Habitatrichtlijn zijn belangrijke bepalingen overgenomen. Eén van die bepalingen is het afwegingskader, incl. compenserende maatregelen, zoals dat in artikel 6 van de Habitatrichtlijn staat. Het afwegingskader geeft aan op welke wijze besluitvorming plaats moet vinden voor plannen en projecten met mogelijke gevolgen voor beschermde natuurgebieden.
Binnen Nederland zijn er, in de periode 1986-2005, 79 belangrijke vogelgebieden als speciale beschermingszone (SBZ) van de Vogelrichtlijn aangewezen. In het kader van de Habitatrichtlijn zijn in 2003 141 gebieden aangemeld bij de Europese Commissie. Ongeveer 87% van het oppervlak van deze Habitatrichtlijngebieden heeft overlap met de gebieden die als Vogelrichtlijngebied zijn aangewezen. In Aanwijzingsbesluiten wordt door de minister van EZ de bescherming van de Natura 2000-gebieden juridisch vastgelegd. Centraal in de Aanwijzingsbesluiten staan de instandhoudingsdoelstellingen ten aanzien van leefgebieden, natuurlijke Habitats en populaties van in het wild levende plant- en diersoorten, waarvoor het betreffende gebied is aangewezen. Het toetsingskader van de Wet natuurbescherming kent de volgende procedurevarianten: 1. Er is zeker geen kans op effecten: geen vergunningplicht; 2. Er een kans op effecten, maar zeker niet significant: vergunningaanvraag via een verstoringstoets/ verslechteringstoets; 3. Er is een kans op significante effecten: vergunningaanvraag via Passende Beoordeling (alternatieventoets + dwingende redenen van groot openbaar belang). Het referentiekader voor de toetsing wordt gevormd door de instandhoudingsdoelen voor de habitats en soorten waarvoor het Natura 2000gebied is aangewezen.
Natuurnetwerk Het Natuurnetwerk Zeeland, vroeger de Ecologische Hoofdstructuur (EHS) genoemd, is het Zeeuwse netwerk van bestaande en nieuw aan te leggen natuurgebieden. Het netwerk moet natuurgebieden beter verbinden met elkaar en met het omringende
8
Quickscan natuurwetgeving project landgoed Westsingel
agrarisch gebied. Het maakt onderdeel uit van het Nederlandse netwerk. In het Natuurnetwerk Nederland liggen: • bestaande natuurgebieden, waaronder de 20 Nationale Parken; • gebieden waar nieuwe natuur aangelegd wordt; • landbouwgebieden, beheerd volgens agrarisch natuurbeheer; • ruim 6 miljoen hectare grote wateren: meren, rivieren, de kustzone van de Noordzee en de Waddenzee; • alle Natura 2000-gebieden. Vanaf 2014 zijn de provincies verantwoordelijk voor de begrenzing en ontwikkeling van dit natuurnetwerk. Tot die tijd was de Rijksoverheid hiervoor verantwoordelijk. In het Natuurpact hebben de provincies met het rijk afgesproken om tot 2027 80.000 hectare natuur in te richten. Het Natuurnetwerk Nederland moet uiteindelijk samen met de natuurgebieden in andere Europese landen het aaneengesloten pan-Europees Ecologisch Netwerk (PEEN) vormen.
1.3
Afbakening plangebied en werkwijze
Het plangebied is weergegeven in figuur 1. Het plangebied is het gebied waar de werkzaamheden zullen plaatsvinden (rood aangegeven).
9
Quickscan natuurwetgeving project landgoed Westsingel
Figuur 1. Plangebied.
Het plangebied is bezocht op 17 augustus 2022. Daarnaast zijn lokale verspreidingsatlassen geraadpleegd, zijn gegevens opgevraagd en zijn openbare websites geraadpleegd.
1.4
Opzet beoordeling
De opzet van deze beoordeling is als volgt. In hoofdstuk 2 is een korte beschrijving gegeven van het studiegebied, het plangebied en de voorgenomen activiteit. Hoofdstuk 3 geeft een beschrijving van de te verwachten en de aangetroffen natuurwaarden in het gebied. Deze gegevens zijn vervolgens geïnterpreteerd en beoordeeld in relatie tot de voorgenomen activiteit.
10
Quickscan natuurwetgeving project landgoed Westsingel
2 Beschrijving huidige situatie en voorgenomen activiteiten In dit hoofdstuk wordt een korte beschrijving gegeven van de huidige situatie. Het plangebied waar deze quickscan op van toepassing is, is gelegen aan de westzijde van Axel. Het betreft een perceel dat agrarisch wordt gebruikt. Ten zuiden en ten noorden van het plangebied is bebouwing. Aan de oostzijde is een dijk. Aan de zuidkant grenst het plangebied aan landbouwgrond. De werkzaamheden bestaan uit het bouwrijp maken van het terrein en het bouwen van een woning. Figuur 2. Luchtfoto van het plangebied.
11
Quickscan natuurwetgeving project landgoed Westsingel
Foto 1. Plangebied.
12
Quickscan natuurwetgeving project landgoed Westsingel
Foto 2. Plangebied (oeverzone Buthkreek).
13
Quickscan natuurwetgeving project landgoed Westsingel
3
Soortenbescherming
Hieronder worden soorten vernoemd die in de omgeving van het plangebied voorkomen. Vervolgens wordt uitgewerkt of deze soorten ook in het plangebied voorkomen en of er eventueel nadelige effecten te verwachten zijn van de geplande werkzaamheden.
3.1
Zoogdieren
Overige soorten: egel, bosmuis, huisspitsmuis, rosse woelmuis, ree, vos. Beschermde soorten: Gewone dwergvleermuis, Ruige dwergvleermuis, Laatvlieger, haas, wezel, hermelijn, bunzing, watervleermuis, waterspitsmuis, veldspitsmuis. Voorkomen / functie van het plangebied: Bron: Bekker 2009, Zoogdieren in Zeeland, NDFF 15 augustus 2022. Het terrein bestaat uit grazige vegetatie. Het wordt begraasd door een paard. Er zijn geen schuilmogelijkheden voor marterachtigen aanwezig. Er zijn geen sporen van konijnen en hazen aangetroffen. Er zijn geen bomen of gebouwen aanwezig die geschikt zijn als verblijfplaats voor vleermuizen. Het plangebied maakt geen onderdeel uit van foerageergebieden of vliegroutes voor vleermuizen. De oeverzone en het water van de Buthkreek maken wel onderdeel uit van vliegroutes en foerageergebieden van vleermuizen en mogelijk ook van het leefgebied van kleine marterachtigen en de waterspitsmuis. Uit te voeren maatregelen: Bouwrijp maken van het terrein, bouwen van een woning, aanleg beplanting. Verboden handelingen (doden, vernielen, verstoren van beschermde soorten): Niet van toepassing indien mitigerende maatregelen getroffen worden.. Mitigerende maatregelen / Worden er maatregelen uitgevoerd om eventuele schade tot een minimum te beperken: De zone tot 30 meter van de kreek dient intact te blijven.
Indien hier akker omgezet wordt dient eerst nader onderzocht te worden wat het effect is op beschermde soorten. Er wordt vanuit gegaan dat hier ook geen verlichting wordt aangebracht. Conclusie: Het plangebied is geschikt terrein voor grondgebonden zoogdieren. De zone (30 meter) tot de oeverzone is het meest geschikt. Door dit deel ongemoeid te laten kan voorkomen worden dat essentieel leefgebied van zoogdieren verloren gaat. De oeverzone en de kreek zijn ook belangrijk foerageergebied en vliegroute voor vleermuizen. Het terreindeel aan de oostzijde is minder geschikt voor zoogdieren. Hier zijn geen essentiële leefgebieden.
14
Quickscan natuurwetgeving project landgoed Westsingel
3.2
Vogels
3.2.1 Broedvogels De volgende broedvogels zijn in de omgeving van het plangebied vastgesteld: Houtduif, Holenduif, Merel, Zanglijster, Koolmees, Pimpelmees, Kauw, Ekster, Zwarte kraai, Spreeuw, Turkse Tortel, Huiszwaluw, Zwarte roodstaart, Groenling, Putter, Kneu, Grasmus, Winterkoning, Heggenmus, Kleine karekiet, Bosrietzanger, Waterhoen, Wilde eend, Meerkoet, Witte kwikstaart, Krakeend, Dodaars, Fuut, Fazant, Huiszwaluw, Huismus. Vet zijn soorten die zijn soorten waarvan het leefgebied beschermd zijn Cursief zijn soorten die zijn opgenomen in categorie 5. Voorkomen / functie van het plangebied: Bron: veldinspectie, vogelatlas van Nederland, NDFF versie 15 augustus 2022. Het plangebied is geschikt voor grondbroeders en vogels die in ruigte en riet broeden. Er zijn geen soorten als broedvogel te verwachten waarvan het leefgebied jaarrond beschermd is. Het plangebied is geen essentieel leefgebied voor soorten waarvan het leefgebied jaarrond beschermd is. Uit te voeren maatregelen: Bouwrijp maken van het terrein, bouwen van een woning. Verboden handelingen (doden, vernielen, verstoren van beschermde soorten): Niet van toepassing indien het bouwrijp maken van het terrein uitgevoerd wordt buiten de broedperiode. Worden er maatregelen uitgevoerd om eventuele schade tot een minimum te beperken: Het bouwrijp maken van het terrein wordt uitgevoerd tussen 15 augustus en 1 maart.
Conclusie: Geen nadelige effecten te verwachten indien het bouwrijp maken van het terrein en aanplant uitgevoerd wordt buiten de broedperiode.
15
Quickscan natuurwetgeving project landgoed Westsingel
3.2.2 Watervogels In de waterpartij naast het plangebied komen wilde eend, krakeend, slobeend, dodaars, fuut, bergeend, grauwe gans, meerkoet en waterhoen voor.
Voorkomen / functie van het plangebied: (Ministerie van Verkeer en Waterstaat e.a., Deltavogelatlas, atlas van vogelconcentraties en vliegbewegingen in het Deltagebied, digitale versie 15 augustus 2022.; SOVON Vogelonderzoek Nederland & Ganzenwerkgroep Zeeland.2019; Het terrein is gelegen naast de Buthkreek. Hier komen watervogels voor. Het betreft kleine aantallen van wilde eend, slobeend, krakeend, dodaars, fuut, bergeend, meerkoet, waterhoen en grauwe gans. Op de landbouwgronden die wat verder legen en op het deel van de kreek dat verder van het dorp is gelegen komen meer watervogels voor. Uit te voeren maatregelen: Bouwrijp maken van het terrein, bouwen van een woning. Verboden handelingen (doden, vernielen, verstoren van beschermde soorten): Niet te verwachten Worden er maatregelen uitgevoerd om eventuele schade tot een minimum te beperken: Niet van toepassing. Conclusie: Geen nadelig effect te verwachten. Het plangebied is ongeschikt voor watervogels. De afstand tot belangrijke watervogel gebieden is voldoende groot.
3.3
Reptielen en Amfibieën
Amfibieën die kunnen voorkomen in de ruimere omgeving van het plangebied zijn: Algemene beschermde soorten: Bruine kikker, Groene kikker, Kleine watersalamander, Gewone pad. Voorkomen en functie van het plangebied: Bron: website www.ravon.nl, NDFF datum 15 augustus 2022. De genoemde soorten komen voor in de omgeving van het plangebied. Uit te voeren maatregelen: Bouwrijp maken van het terrein, bouwen van een woning. Verboden handelingen (doden, vernielen, verstoren van beschermde soorten): Niet te verwachten. Worden er maatregelen uitgevoerd om eventuele schade tot een minimum te beperken: Niet van toepassing. Conclusie: Het plangebied is geen essentieel leefgebied voor amfibieën. Het biotoop is ongeschikt voor reptielen.
16
Quickscan natuurwetgeving project landgoed Westsingel
3.4
Vissen
Voorkomen en functie van het plangebied: (Website Ravon versie 15 augustus 2022). (Nie, Hendrik W. de, Atlas van de Nederlandse zoetwatervissen, Doetinchem, febr. 1996).Waterschap Scheldestromen. Er komen geen vissen voor. Er is geen water. Uit te voeren maatregelen: Bouwrijp maken van het terrein, bouwen van een woning. Verboden handelingen (doden, vernielen, verstoren van beschermde soorten): Niet van toepassing. Worden er maatregelen uitgevoerd om eventuele schade tot een minimum te beperken: Niet van toepassing. Conclusie: Geen negatieve effecten te verwachten. Er is geen water..
3.5
Ongewervelden
Voorkomen en functie van het plangebied: Vlinder- en Libellenwerkgroep 2003; Geene et. al. 2007; Wagenaar 2007, NDFF 15 augustus 2022. In het plangebied komen geen dagvlinders, nachtvlinders, libellen, sprinkhanen en overige ongewervelden voor die beschermd worden door de Wet natuurbescherming. Het biotoop is niet geschikt. Bouwrijp maken van het terrein, bouwen van een woning. Verboden handelingen (doden, vernielen, verstoren van beschermde soorten): Niet van toepassing. Worden er maatregelen uitgevoerd om eventuele schade tot een minimum te beperken: Niet van toepassing. Conclusie: het biotoop is niet voor beschermde ongewervelden. Er zijn geen negatieve effecten te verwachten.
3.6
Vaatplanten
In het plangebied komen geen beschermde soorten voor. Voorkomen en functie van het plangebied: Flora Zeelandica en veldbezoek. NDFF versie 15 augustus 2022 In het plangebied komen geen beschermde soorten voor. Tijdens het veldbezoek zijn deze niet vastgesteld. Beschermde vaatplanten komen vooral voor in kalkrijke (vochtige) biotopen, voedselarme akkers en schraallanden. Deze zijn in het plangebied niet aanwezig. Er zijn geen muren waarop beschermde muurplanten kunnen voorkomen. Uit te voeren maatregelen Bouwrijp maken van het terrein, bouwen van een woning, aanplant. Verboden handelingen (doden, vernielen, verstoren van beschermde soorten): Niet van toepassing.
17
Quickscan natuurwetgeving project landgoed Westsingel
Gunstige staat van instandhouding / effect op populatieniveau (lokaal): Niet in het geding. Worden er maatregelen uitgevoerd om eventuele schade tot een minimum te beperken: Niet van toepassing. Conclusie: Er komen geen beschermde soorten voor in het plangebied. Geen negatieve effecten te verwachten.
18
Quickscan natuurwetgeving project landgoed Westsingel
4 Toetsing Natura 2000 (Vogelrichtlijn / Habitatrichtlijn) en Natuurbeschermingswet en Natuurnetwerk Zeeland (NNZ) Natura 2000/Natuurbeschermingswet Het plangebied is geen Beschermd Natuurmonument of Natura 2000 gebied, zie bijlage 1. Het dichtstbijzijnde Natura 2000-gebied is het gebied Westerschelde & Saeftinghe. Dit is gelegen op 7 kilometer afstand. De Canisvlietkreek is eveneens op zo’n 7 kilometer afstand gelegen. De afstand tussen het plangebied en het Natura 2000 gebied is groot genoeg om geen negatieve effecten van trilling, geluid of optische verstoring te veroorzaken. Er wordt ook geen grondwater onttrokken dus er zijn geen verdrogingseffecten. De instandhoudingsdoelstellingen van Natura 2000 gebieden worden niet aangetast. Natuurnetwerk Zeeland (NNZ) Het plangebied is niet begrensd in het kader van de Natuurnetwerk Zeeland (NNZ, voorheen Ecologische Hoofdstructuur (EHS)), zie bijlage 1. Gebieden die begrensd zijn in het kader van het NNZ liggen op een tiental meters afstand. Dit betreft de Westsingel/Buthdijk en de Axelse Kreek op ruimere afstand. Op de natuurwaarden van de dijk en de Axelse Kreek zijn geen nadelige effecten te verwachten. Er wordt geen beplanting gekapt. Het onderdeel houtopstanden in de Wet natuurbescherming is niet van toepassing. Conclusie: Er is geen negatief effect te verwachten op een Natura 2000 gebied.
Er zijn geen negatieve effecten te verwachten op gebieden die zijn aangewezen in het kader van het NNZ indien mitigerende maatregelen getroffen worden.
19
Quickscan natuurwetgeving project landgoed Westsingel
5
Conclusies en aanbevelingen mbt de uitvoering
Op een agrarisch perceel aan de Westsingel is een nieuw landgoed gepland met een natuurbegraafplaats en een nieuwe woning. Hiervoor dient het terrein bouwrijp gemaakt te worden. Het plangebied bestaat uit een agrarisch perceel dat jaarlijks bewerkt wordt. De achterzijde van het plangebied is lager gelegen en grenst aan de Buthkreek.
Bij de ontwikkelingen dient rekening gehouden te worden met broedvogels, zoogdieren en de natuurwaarden van de Buthkreek. Door minimaal 30 meter van de oeverzone van de Buthkreek vrij te houden van activiteiten, worden aanwezige waarden of fauna niet aangetast. Indien hier toch activiteiten gepland zijn dient eerst nader onderzocht te worden welke functie dit deel van het plangebied heeft voor beschermde soorten. Door geen verlichting in de 30 meter zone tot de oeverzone van de Buthkreek te plaatsen kan voorkomen worden dat vliegroutes en foerageergebieden van vleermuizen verloren gaan. Aanlegactiviteiten mogen niet tijdens het broedseizoen worden uitgevoerd. Het terrein is niet geschikt voor andere beschermde soorten. Er is geen negatief effect te verwachten op een Natura 2000 gebied. Er is ook geen negatief effect te verwachten op de natuurkwaliteiten van terreinen die zijn aangemerkt in het kader van het natuurnetwerk Zeeland.
20
Quickscan natuurwetgeving project landgoed Westsingel
Bijlage 1 Natuurnetwerk Zeeland (voorheen Ecologische Hoofdstructuur), rood is plangebied.
21
Quickscan natuurwetgeving project landgoed Westsingel
Natura 2000 (rood is plangebied).
22
Quickscan natuurwetgeving project landgoed Westsingel
Bijlage 2 Informatie Wet natuurbescherming Zeeland
23
Quickscan natuurwetgeving project landgoed Westsingel
24
Quickscan natuurwetgeving project landgoed Westsingel
25
Quickscan natuurwetgeving project landgoed Westsingel
26
Quickscan natuurwetgeving project landgoed Westsingel
27
Quickscan natuurwetgeving project landgoed Westsingel
28
Bijlage 5: Historisch bodemonderzoek
56
Adres:
Tel: Email: Website: Bankrekening: IBAN: BIC code: Kamer van Koophandel: BTW nummer:
Briefrapportage
MCG Zuidwest B.V. Schouwersweg 9 4451 HS Heinkenszand Nederland 0113-567926 info@mcgzuidwest.nl www.mcgzuidwest.nl 970076177 NL94ABNA0970076177 ABNANL2A 22049175 NL818122468B01
De Koster Ruimtelijke Ordening T.a.v. Dhr. T. De Koster Overdamstraat 1A 4561 AL Hulst Projectnummer: Onderwerp: Datum:
23MCG369.10 Briefrapport historisch onderzoek – Westsingel te Axel (v.01) 20 oktober 2023
Geachte heer De Koster, In opdracht van U heeft MCG Zuidwest B.V. een historisch onderzoek uitgevoerd conform de NEN 5725. In deze briefrapportage worden de onderzoeksresultaten besproken. Locatie De locatie is gelegen aan de Westsingel te Axel, kadastraal perceel Axel, sectie S, nummers 735, 1047, 1048, 1078, 1106, 1134 en 1144, met een oppervlakte van in totaal circa 8,6 ha. In onderstaande figuur is het plangebied weergegeven.
Figuur 1: Plangebied
1
23MCG369.10
Projectnummer 23MCG369.10 Natuurbegraafplaats Westsingel te Axel v.01
Aanleiding en doel Aanleiding voor het onderzoek is de aanvraag voor een omgevingsvergunning voor de voorgenomen ontwikkeling van het plangebied. Men is voornemens een nieuw landgoed te ontwikkelen. Binnen dit landgoed wordt tevens een natuurbegraafplaats gerealiseerd. Aan de Westsingel zal één extra woning worden gebouwd. Het doel van het onderzoek is inzicht te verkrijgen of er in het verleden bodembedreigende activiteiten hebben plaatsgevonden op de locatie en op basis hiervan na te gaan of bodemonderzoek noodzakelijk wordt geacht. Resultaten Ten behoeve van het historisch onderzoek zijn de volgende bronnen geraadpleegd: - kadastrale, topografische en historische kaarten; - Geoloket Zeeuws Bodemvenster; - Bodemloket; - nazca-i provincie Zeeland; - informatie van het bevoegd gezag (gemeente Terneuzen, d.d. 13-10-2023); - eerder onderzoek. Kadastrale, topografische en historische kaarten De onderzoekslocatie ligt ten westen van Axel. Uit kaartmateriaal van topotijdreis.nl blijkt dat de locatie altijd onbebouwd is geweest. In 1920 en 1950 is op het kaartmateriaal ter plaatse van het zuidelijk deel een boomgaard zichtbaar. Verder zijn de percelen in gebruik (geweest) als agrarisch gebied. Uit het locatiebezoek d.d. 19 oktober 2023 blijkt dat de locatie in gebruik is als agrarisch gebied, in gebruik voor de teelt van suikerbieten en aardappelen.
In de nabije omgeving van de locatie, aan de Buthdijk 2A, is een tankstation gevestigd (Total Energies). Aangrenzend aan de onderzoekslocatie is een agrarisch bedrijf, een hoveniersbedrijf en een begraafplaats met bijbehorend mortuarium aanwezig. Tijdens het locatiebezoek zijn binnen de contouren van de onderzoekslocatie geen bijzonderheden waargenomen welke van invloed kunnen zijn op de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem. De globale ligging van de locatie is weergegeven in bijlage 1. Bodemgebruik Uit de nazca-i rapportage en de informatie van www.bodemloket.nl blijkt geen informatie bekend eventuele bodembedreigende activiteiten op de onderzoekslocatie. Ook bij het Zeeuws Archief is geen aanvullende informatie beschikbaar. Ter plaatse van het tankstation zijn diverse bodemonderzoeken uitgevoerd (zie eerder uitgevoerd bodemonderzoek). Bodemkwaliteitskaart en boomgaardenkaart De locatie is gelegen in zone A ‘Buitengebied en naoorlogse woonwijken’ van de bodemkwaliteitskaart van de gemeente Terneuzen. Zowel de boven- als ondergrond zijn te classificeren als bodemkwaliteitsklasse ‘Achtergrondwaarde’. Op basis van de boomgaardenkaart, geraadpleegd op het Geoloket Zeeuws Bodemvenster, is de onderzoekslocatie niet gelegen in een voormalig boomgaardengebied. Echter is op historische kaarten ter plaatse van het zuidelijk deel een boomgaard te onderscheiden.
De locatie voor dat deel is derhalve mogelijk verdacht voor organochloorbestrijdingsmiddelen. PFAS Er is geen aanleiding om op of in de directe omgeving van de werklocatie een locatie specifiek bron (PFAS producerende of verwerkende industrie) voor een verontreiniging met PFAS te verwachten.
2
23MCG369.10