CConstaterende datTerneuzen
Koppel je AI →
Document · PDF

2022-06-22 - Bijlage 3 Bestemmingsplan Maartenshof Samengevoegd (toelichting, planregels, verbeelding)

gemeenteraad 7 juli 2022, gemeente TerneuzenBij agendapunt: Vaststellen bestemmingsplan Axel, Maartenshof24.357 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

21/21

40

VERKENNEND BODEMONDERZOEK

SINT MAARTENSHOF AXEL

Opdrachtgever

MCG Zuidwest B.V. Schouwersweg 9 4451 HS Heinkenszand T: 0113 567 926 I: www.mcgzuidwest.nl E: info@mcgzuidwest.nl

De Koster Ruimtelijke Ordening Sint Janstraat 6b 4565 EN Kapellebrug

Projectnummer 20MIT526.10 Status Definitief Versie 01 Datum 12 februari 2021 Projectleider Dhr. A.P.L.A.M Steenbergen MSc (Mede)auteur Mevr. M. van der Klooster

INHOUD SAMENVATTING

3

1

INLEIDING

4

1.1

Aanleiding en doel

4

1.2

Kwaliteit

4

1.3

Betrouwbaarheid

4

2

VOORONDERZOEK

5

2.1

Bodemgebruik

5

2.2

Terreinverkenning

5

2.3

Bodemkwaliteitskaart

6

2.4

Boomgaardenkaart

6

2.5

Eerdere onderzoeken

6

2.6

Conclusie vooronderzoek

7

2.7

Onderzoeksstrategie

8

3

VERRICHTE WERKZAAMHEDEN

9

3.1

Veldwerkzaamheden

9

3.2

Zintuiglijke waarnemingen en metingen grondwater

9

3.3

Laboratoriumonderzoek

9

4

RESULTATEN

11

4.1

Toetsingskader

11

4.2

Toetsing

11

5

CONCLUSIES EN ADVIES

13

5.1

Conclusies

13

5.2

Advies

13

BIJLAGEN 1: Kadastrale situatie 2: Situatietekening 3: Foto’s 4: Profielbeschrijvingen 5: Analyseresultaten 6: Toetsingsresultaten

2

20MIT526.10

SAMENVATTING Onderzoekslocatie

Nieuwbouwplan Sint Maartenshof te Axel. Kadastraal perceel T, nummer 454 (gedeeltelijk), 52, 208 en 209 (gedeeltelijk)

Soort onderzoek

Verkennend bodemonderzoek cf. NEN 5740.

Aanleiding

Bestemmingswijziging naar wonen van particuliere gedeelte en aanvraag omgevingsvergunning voor de nieuwbouw van woningen op de gehele locatie.

Doel

Bepalen bodemkwaliteit.

Conclusie vooronderzoek

Verdachte deellocaties: voormalige petroleum- en dieselolietanks, huidige bovengrondse dieseltank en voormalig boomgaardengebied Overige deel: onverdacht

Onderzoeksstrategie

Locatie als geheel: ONV-NL Verdachte deellocaties met tanks: VEP - 26 boringen tot 0,5 m-mv - 7 boringen tot 2,0 m-mv - 1 peilbuis t.p.v. vml. dieselolie-/petroleumtanks - 1 peilbuis t.p.v. bg. dieseltank - 3 peilbuizen overig terrein Analyse grond NEN pakket Tanks: minerale olie Voormalig boomgaardengebied: OCB pakket Analyse grondwater NEN pakket Tanks: minerale olie en BTEXN

Bodemopbouw

Bovengrond: klei; ondergrond: klei en/of zand. Bovengrond volkstuintjes: sterk zandige klei of zand; ondergrond: zand.

Zintuiglijke waarnemingen

Bijmenging met baksteen t.p.v. de tuin en de volkstuintjes. Geen asbestverdachte materialen.

Resultaten

Voormalige bovengrondse dieselolie- en petroleumtanks Grond: - sterk verhoogd gehalte minerale olie in de grondlaag van 2,0 tot 2,5 m-mv. - licht verhoogd gehalte minerale olie in de onderliggende laag van 3,0 tot 3,5 m-mv. - geen verhoogd gehalte minerale olie in de zintuiglijk schone bovenliggende laag van 1,5 tot 2,0 m-mv. De verontreiniging is verticaal afgeperkt. Grondwater: matig verhoogde concentratie minerale olie, licht verhoogde concentraties naftaleen en xylenen. Bestaande dieseltank, magazijn, volkstuintjes en voormalige boomgaarden Geen verhoogde gehalten die zijn te relateren aan de bedrijfsactiviteiten. - Dieseltank: geen verhoogde gehalten in de grond en het grondwater. - Bovengrond rond werkplaats: alleen licht verhoogd cadmium. - Bovengrond volkstuintjes: licht verhoogde gehalten cadmium en PAK. - Voormalig boomgaardengebied: geen OCB’s. Overige gedeelte Boven- en ondergrond: geen verhoogde gehalten. Grondwater: geen of alleen licht verhoogde concentraties barium en/of molybdeen.

Conclusie en advies

Voormalige bovengrondse dieselolie- en petroleumtanks De verontreiniging betreft een historisch geval dat is ontstaan voor 1987. Hierdoor is de zorgplicht niet van toepassing. De resultaten komen overeen met het onderzoek in 2012; alleen is bij het huidige onderzoek geen sterke verontreiniging in het grondwater meer aangetoond. Er zijn geen directe contact- of verspreidingsrisico’s. Er wordt van uitgegaan dat ter plaatse voor de bouwwerkzaamheden niet dieper dan circa 1,5 m-mv wordt ontgraven. Daarom is een verder afperkend onderzoek achterwege gelaten. Indien wel in de verontreinigde laag wordt ontgraven, dient alsnog een nader onderzoek te worden uitgevoerd. Indien dan sprake blijkt te zijn van een ernstig geval > 25 m³, dienen de werkzaamheden in de verontreiniging onder saneringscondities te worden uitgevoerd en dient de verontreinigde grond te worden afgevoerd naar een erkende verwerker. Overige deel onderzoekslocatie Een nader onderzoek is niet noodzakelijk. Vanuit milieukundig oogpunt zijn er geen belemmeringen voor het voorgenomen nieuwbouwplan.

3

20MIT526.10

1

INLEIDING

1.1

Aanleiding en doel In opdracht van De Koster Ruimtelijke Ordening heeft MCG Zuidwest B.V. in januari/februari 2021 een verkennend bodemonderzoek volgens de NEN 5740 uitgevoerd ter plaatse van het nieuwbouwplan Sint Maartenshof te Axel. De locatie is kadastraal bekend als gemeente Axel, sectie T, nummer 454 (gedeeltelijk), 52, 208 en 209 (gedeeltelijk), zie Bijlage 1. Aanleiding voor het verkennend bodemonderzoek is de bestemmingswijziging naar wonen van het niet particuliere gedeelte van de onderzoekslocatie. Tevens dient het onderzoek voor de aanvraag van een omgevingsvergunning voor de geplande nieuwbouw van woningen op de gehele locatie (zowel de landbouwgrond als het particuliere gedeelte). Doel van het onderzoek is het bepalen van de bodemkwaliteit van de onderzoekslocatie en op basis hiervan na te gaan of de bodemkwaliteit een belemmering kan opleveren voor de omgevingsvergunning / bestemmingswijziging.

1.2

Kwaliteit Het bodemonderzoek is uitgevoerd volgens de BRL SIKB 2000: veldwerk bij milieuhygiënisch bodem- en waterbodemonderzoek. De volgende onderliggende protocollen zijn van toepassing: - Protocol 2001: plaatsen van handboringen en peilbuizen, maken van boorbeschrijvingen, nemen van grondmonsters en waterpassen; - Protocol 2002: het nemen van grondwatermonsters. Het procescertificaat van MCG Zuidwest B.V. en het daarbij behorende keurmerk zijn uitsluitend van toepassing op de activiteiten inzake de monsterneming en de overdracht van de monsters, inclusief de daarbij behorende veldwerkregistratie aan een erkend laboratorium of de opdrachtgever. De analyses zijn uitgevoerd door een geaccrediteerd laboratorium. De analyseresultaten zijn getoetst aan de Circulaire bodemsanering d.d. 2013. De onderzochte locatie is niet in eigendom van MCG Zuidwest B.V. of gerelateerde zusterbedrijven. Hierdoor is de wettelijk voorgeschreven functiescheiding geborgd.

1.3

Betrouwbaarheid Het onderzoek is op zorgvuldige wijze verricht volgens de algemeen gebruikelijke inzichten en methoden. MCG Zuidwest B.V. streeft bij elk onderzoek naar een optimale representativiteit. Het onderzoek is echter gebaseerd op een beperkt aantal boringen/gaten en monsters. Hierdoor blijft het mogelijk dat plaatselijke afwijkingen in de samenstelling van de bodem en/of puinlaag aanwezig zijn welke tijdens het onderzoek niet naar voren zijn gekomen. MCG Zuidwest B.V. is niet aansprakelijk voor hieruit voortvloeiende schade of gevolgen van welke aard ook. Ondanks dit onderzoek kan achteraf aanvullende verontreiniging worden geconstateerd (restrisico). Daarom dient bij sloop- en bouwactiviteiten en bij grondwerkzaamheden steeds aandacht gegeven te worden aan afwijkende kenmerken van de bodem zoals een afwijkende kleur, geur, bijmenging en onbekende obstakels zoals leidingwerken, putten en puinlagen. Tevens wordt erop gewezen dat dit onderzoek een momentopname is. De bodem en/of puinlaag kan na het onderzoek van kwaliteit veranderen door bijvoorbeeld een calamiteit of aanvoer van grond. Om de aanvoer van verontreinigde grond te voorkomen, dient de leverancier van de grond en/of het ophoogzand een certificaat te overleggen van de herkomst en van de chemische kwaliteit van het materiaal.

In algemene zin wordt gesteld dat ongedefinieerd puin en funderingspuin waarvan de herkomst en tijdstip van productie en toepassing niet bekend is, verdacht zijn voor asbest, tenzij het materiaal is toegepast voor of nadat grootschalig met asbest werd gewerkt, of een asbestonderzoek conform de NEN 5707 en/of NEN 5897 is uitgevoerd. 4

20MIT526.10

2

VOORONDERZOEK Voor het vooronderzoek volgens de NEN 5725 is gebruik gemaakt van gegevens verkregen uit: - kadastrale, topografische en historische kaarten; - een terreinverkenning; - Geoloket Zeeuws Bodemvenster; - Bodemloket; - nazca-i provincie Zeeland; - informatie van de gemeente Terneuzen (email d.d. 8-1-2021); - eerdere onderzoeken; - informatie van de bewoner en opdrachtgever.

2.1

Bodemgebruik De onderzoekslocatie is gelegen aan de oostkant van Axel, net buiten de bebouwde kom. Uit historisch kaartmateriaal van topotijdreis blijkt dat de bebouwing aan de Sint Maartenlaan 1 stamt uit de jaren ’60 van de vorige eeuw. Uit historische informatie en uit informatie van de bewoner en de opdrachtgever blijkt dat hier in het verleden van 1966 tot 1978 een benzine-service-station, aanhangwagenfabriek en carrosserie-fabriek gevestigd is geweest. In 1968 is een hinderwetvergunning verleend voor het stallen en tonen van caravans, een ondergrondse benzinetank (6.000 liter) met een elektrische aftappomp en een bovengrondse dieselolietank (2.000 liter) met handpomp. In 1969 is een hinderwetvergunning verleend voor het oprichten van een caravanfabriek. De inrichting bestond uit een magazijn, een tweede bovengrondse dieselolietank (1.000 liter), een bovengrondse petroleumtank (300 l), een bovengrondse huisbrandolietank (400 liter) en een tweede ondergrondse benzinetank (4.000 l). De twee dieselolietanks en de petroleumtank waren gesitueerd aan de noordwestkant van de voormalige showroom / het magazijn. De huisbrandolietank was gelegen bij de woning, zie ook de situatietekening in Bijlage 2. Deze tanks waren reeds bij een eerder uitgevoerd bodemonderzoek in 2001 niet meer aanwezig, zie paragraaf 2.5.

Ook zijn destijds de twee ondergrondse benzinetanks niet meer aangetroffen; deze waren bij elkaar gelegen ten zuidwesten van de showroom / het magazijn. Wel is momenteel nog een dieseltank aan de noordoostzijde van het magazijn aanwezig, zie paragraaf 2.2. Op het overige gedeelte van de onderzoekslocatie is nooit bebouwing aanwezig geweest; het grootste gedeelte betreft landbouwgebied. Aan de zuidoostzijde maakt een klein gedeelte van de onderzoekslocatie onderdeel uit van een boomgaardengebied. Aan de zuidoostzijde bevinden zich momenteel volkstuintjes.

2.2

Terreinverkenning Uit de terreinverkenning die is uitgevoerd voorafgaand aan het veldwerk blijkt het volgende. Het noordelijke en noordoostelijke gedeelte betreft onverdachte landbouwgrond. Aan de zuidwestzijde is een perceel met woning, magazijn/showroom en tuin met groen aanwezig. Aan de noordoostzijde van het magazijn is een bovengrondse dieseltank aangetroffen. Er zijn geen aanwijzingen waargenomen die duiden op ondergrondse tanks. Aan de zuidwestzijde zijn volkstuintjes aanwezig. Er zijn hier geen asbestverdachte (plaat)materialen op het maaiveld waargenomen. Ook zijn er geen asbestverdachte objecten aanwezig, waarvan door verwering of beschadiging asbest in de bodem kan zijn gekomen. Ook op het overige gedeelte van de onderzoekslocatie zijn geen asbestverdachte materialen waargenomen. Er zijn verder geen verdachte deellocaties of bodembedreigende activiteiten zoals illegale lozingen of stortingen aangetroffen. De foto’s van de locatie zijn opgenomen in Bijlage 3. 5

20MIT526.10

2.3

Bodemkwaliteitskaart Op basis van de bodemkwaliteitskaart van de gemeente Terneuzen is de onderzoekslocatie gelegen in de zone ‘buitengebied en naoorlogse woonwijken’. De bodemfunctie is ‘wonen’ ter plaatse van het woongedeelte en ‘overig’ ter plaatse van het overige gedeelte. Zowel de bovenals de ondergrond is te classificeren als bodemkwaliteitsklasse ‘achtergrondwaarde’.

2.4

Boomgaardenkaart Op basis van de boomgaardenkaart, geraadpleegd op het Geoloket Zeeuws Bodemvenster, is een klein gedeelte aan de zuidoostkant (ca. 1.950 m²) gelegen in een voormalig boomgaardengebied. Daarom is dit gedeelte verdacht voor bestrijdingsmiddelen.

2.5

Eerdere onderzoeken Op de onderzoekslocatie zijn in het verleden diverse bodemonderzoeken uitgevoerd. De relevante onderzoeksresultaten worden hieronder nader besproken.  Oriënterend bodemonderzoek St. Maartenlaan 1 te Axel, SMA Zeeland B.V., d.d. 27 juli 2001. Projectnummer 805093a.  Nader bodemonderzoek St. Maartenlaan 1 te Axel, Oranjewoud, d.d. 10 september 2012. Projectnr. 246156-22.  Aanvullend bodemonderzoek St. Maartenlaan 1 te Axel, Oranjewoud, d.d. 22 oktober 2012. Projectnr. 246156-46. Deze onderzoeken zijn uitgevoerd op het woonperceel aan de Sint Maartenlaan 1, ter plaatse van de volgende deellocaties: - Twee ondergrondse benzinetanks (4.000 + 6.000 l) aftappomp, vulpunt - Voormalige bovengrondse dieselolietanks (2.000 + 1.000 l), petroleumtank (300 l) - Huisbrandolietank (400 l) De twee ondergrondse tanks zijn destijds niet aangetroffen. In de grond bij de voormalige petroleum- en dieselolietanks zijn matige tot sterke verhoogde gehalten minerale olie gemeten. Deze tanks bevonden zich aan de noordwestkant van het magazijn/de showroom en waren bij het onderzoek in 2001 al niet meer aanwezig. In de grond bij de voormalige hbo-tank nabij de woning is alleen een licht verhoogd gehalte minerale olie aangetroffen; in het grondwater zijn geen verhoogde gehalten gemeten.

Ter plaatse van de locatie van de benzinetanks met aftappomp en vulpunt zijn in de grond en het grondwater geen verhoogde gehalten aangetoond. Bij het nader en aanvullend onderzoek is de verontreinigingscontour t.p.v. de petroleum- en dieselolietanks bepaald. De grond is sterk verontreinigd van 2,0 tot 3,0 m-mv, het volume betreft circa 25 m³. Het grondwater is sterk verontreinigd in het traject van 2,1 tot ca 4,5 m-mv; het volume betreft circa 60 m³. Het betreft zodoende een geval van ernstige verontreiniging (in de grond). De verontreiniging bleek aan de noordzijde niet perceelsoverschrijdend te zijn. Gezien de historie van de locatie is het aannemelijk dat de verontreiniging is veroorzaakt voor 1987 en zodoende geen nieuw geval betreft. De verontreiniging levert geen acute humane, ecologische of verspreidingsrisico’s op. Gegevens over een sanering zijn niet bekend. In de omgeving van de onderzoekslocatie zijn de volgende onderzoeken uitgevoerd.  Eindsituatie bodemonderzoek Hulsterseweg 3 Axel, 2019, Colsen. Dit betreft een eindsituatie bodemonderzoek ter plaatse van het perceel aan de oostzijde van de huidige onderzoekslocatie. Alle bebouwing ter plaatse was reeds gesloopt. Uit de resultaten blijkt dat in de bovengrond ter plaatse van de voormalige werkplaats een sterk verhoogd gehalte PCB is aangetoond. Verder zijn alleen licht verhoogde gehalten gemeten.

De werkplaats bevond zich op meer dan 25 m afstand van de huidige onderzoekslocatie.

6

20MIT526.10

 Verkennend bodemonderzoek Liniedijk Axel, SGS EcoCare B.V., d.d. oktober 1996. Kenmerk EZ 854 349.  Analyserapport afzonderlijke analyses grondmonsters, Liniedijk te Axel, SGS EcoCare B.V., d.d. 19 november 1996. Kenmerk EZ 854 437. Dit onderzoek is uitgevoerd aan de noordkant van de Liniedijk, aan de noordoostkant van de huidige onderzoekslocatie. Uit de resultaten blijkt dat een matig verhoogd gehalte koper is aangetoond in een mengmonster van de bovengrond. Verder zijn geen of alleen licht verhoogde gehalten gemeten. De 3 deelmonsters (met koolas en/of slakken) zijn separaat geanalyseerd; hieruit blijkt dat in 1 deelmonster een matig verhoogd gehalte koper aanwezig is, en in de overige 2 monsters alleen licht verhoogde gehalten.  Indicatief bodemonderzoek Woonwagencentrum kern Axel, Heidemij Adviesbureau B.V., d.d. augustus 1987. Rapport nr. 821-87/3.  Indicatief bodemonderzoek Woonwagencentrum kern Axel (aanvullend onderzoek), Heidemij Adviesbureau B.V., projectnummer: 633-18219, oktober 1987. Ook deze onderzoeken zijn uitgevoerd aan de noordkant van de Liniedijk, ten noorden van de huidige onderzoekslocatie en ten westen van de locatie zoals onderzocht in 1996 door SGS. In de grond zijn geen verhoogde gehalten gemeten, en in het grondwater licht tot matig verhoogde concentraties minerale olie/aromaten.

Bij het aanvullend onderzoek zijn geen verhoogde gehalten minerale olie en aromaten meer aangetoond in het grondwater.  Verkennend bodemonderzoek Liniehof 1 t/m 7 Axel, Oranjewoud, d.d. 2 juni 2008, projectnr. 162342-130. Dit onderzoek is uitgevoerd op dezelfde locatie als bovenvermeld (woonwagencentrum). In de grond zijn alleen licht verhoogde gehalten DDT-DDE-DDD aangetoond; in het grondwater zijn geen verhoogde gehalten gemeten. 2.6

Conclusie vooronderzoek Op basis van het vooronderzoek is de hypothese gesteld dat ter plaatse van de voormalige petroleum- en dieselolietanks aan de noordoostzijde van de showroom / het magazijn een verontreiniging met minerale olie is te verwachten. Deze deellocatie is daarom beschouwd als verdacht. Tevens dient de huidige bovengrondse dieseltank aan de noordoostzijde van de showroom / het magazijn als een verdachte deellocatie te worden beschouwd. De HBO tank was reeds in 2001 verwijderd; ook de benzinetanks zijn destijds niet meer aangetroffen. Destijds zijn ter plaatse geen of hooguit licht verhoogde gehalten aangetoond. Deze deellocaties zijn beschouwd als afdoende onderzocht en als zijnde onverdacht. Het overige deel van de onderzoekslocatie is in eerste instantie als onverdacht beschouwd. Wel zullen enkele boringen rondom de (voormalige) werkplaats / het magazijn worden uitgevoerd en de verdachte bodemlaag separaat worden geanalyseerd. Ook zal aandacht worden besteed aan verdachte zaken ter plaatse van de volkstuintjes zoals asbestverdachte (plaat)materialen. De toplaag ter plaatse van het voormalige boomgaardengebied is verdacht voor bestrijdingsmiddelen.

7

20MIT526.10

2.7

Onderzoeksstrategie De onderzoekslocatie heeft een totale oppervlakte van circa 2,7 ha. In het kader van de NEN 5740 is voor de locatie als geheel uitgegaan van de onderzoeksstrategie voor een onverdachte locatie (ONV-NL); voor de verdachte deellocaties met tanks is de strategie voor een verdachte locatie aangehouden (VEP, puntbron). Hierbij is uitgegaan van het volgende: - Ter plaatse van de bestaande bovengrondse dieseltank zal een van de vier boringen met peilbuis worden geplaatst; de verdachte grondlaag zal worden geanalyseerd op minerale olie en het grondwater op het NEN pakket (gecombineerd met het overige terrein; minerale olie en aromaten (BTEXN) zijn opgenomen in het NEN pakket). - Ter plaatse van de voormalige petroleum- en dieselolietanks zal een extra boring met peilbuis worden geplaatst, om te verifiëren of en in welke mate de olieverontreiniging nog aanwezig is in de grond en het grondwater. De verdachte grondlaag zal worden geanalyseerd op minerale olie en het grondwater op minerale olie en aromaten. - De grond rondom de (voormalige) werkplaats / het magazijn wordt separaat geanalyseerd op het NEN pakket. - De toplaag ter plaatse van het voormalige boomgaardengebied zal aanvullend worden geanalyseerd op het OCB pakket. Bovengenoemde strategie wordt als afdoende beschouwd om een eventuele verontreiniging te kunnen aantonen.

In Tabel 1 is de onderzoeksstrategie samengevat weergegeven. Tabel 1: Onderzoeksstrategie Opp. 2,7 ha

Strategie ONV-NL / VEP

0,5 m-mv 26

Aantal boringen 2,0 m-mv Peilbuis 7 1 vml. dieselolie-/ petroleumtanks

Analyses Grond Grondwater 2 minerale olie dieselolie/ 1 minerale en BTEXN dieselolie-/ petroleumtanks petroleumtanks

1 bg. dieseltank (i.c.m. met overig terrein)

1 minerale olie dieseltank

1 NEN dieseltank

3 overig terrein

5 NEN bovengrond 4 NEN ondergrond 1 OCB toplaag vml. boomgaarden

3 NEN overig terrein

8

20MIT526.10

3

VERRICHTE WERKZAAMHEDEN

3.1

Veldwerkzaamheden Het veldwerk is uitgevoerd op 11 en 12 januari 2021 door dhr. S.P. Rijk en dhr. A.P. de Jonge, gecertificeerde en erkende veldwerkers van MCG Zuidwest B.V. De grondboringen 01 t/m 37 zijn verricht conform de onderzoeksstrategie. Boringen 01, 03, 04, 25 zijn uitgevoerd met een peilbuis; peilbuis 25 is geplaatst bij de bovengrondse dieseltank. Op 19 januari 2021 is het grondwater uit de peilbuizen bemonsterd. Tevens is op 19 januari de aanvullende boring met peilbuis nr. 38 uitgevoerd ter plaatse van de voormalige bovengrondse dieselolie- en petroleumtanks. Het grondwater van deze peilbuis is bemonsterd op 27 januari 2021. De bodemprofielen van de uitgevoerde grondboringen zijn beschreven en de opgeboorde grond is zintuiglijk beoordeeld. De bovengrond bestaat uit klei en de ondergrond uit klei en/of zand. Ter plaatse van de volkstuintjes bestaat de bovengrond uit sterk zandige klei of zand; de ondergrond bestaat uit zand. De bodemprofielen zijn opgenomen in Bijlage 4, de situatietekening is bijgevoegd in Bijlage 2. De grond is bemonsterd per traject van maximaal 0,5 m, of gerelateerd aan de bodemsamenstelling.

3.2

Zintuiglijke waarnemingen en metingen grondwater Bij de uitgevoerde grondboringen zijn zintuiglijk bijzonderheden waargenomen, zie Tabel 2. Tabel 2. Zintuiglijk waargenomen bijzonderheden Boring 03 07

Diepte boring (m-mv) 3,00 2,00

20 21 24 25 36 38

1,00 1,00 0,50 3,00 1,00 4,00

Traject (m-mv) 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 1,00 - 1,80 0,00 - 0,50 0,00 - 0,40 0,00 - 0,50 0,00 - 1,00 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 2,00 - 2,50 2,50 - 3,50

Grondsoort Klei Klei Zand Klei Klei Klei Klei Klei Klei Zand Zand

Waargenomen bijzonderheden sporen baksteen sporen baksteen sporen baksteen matig baksteenhoudend matig baksteenhoudend sporen baksteen sporen baksteen sporen baksteen, sporen kalk matig baksteenhoudend sterke olie-water reactie sterke olie-water reactie

De bijmenging met baksteen is aanwezig ter plaatse van de tuin en de volkstuintjes. Tijdens het veldwerk is aandacht geschonken aan de aanwezigheid van asbestverdachte materialen op het maaiveld en in de opgeboorde grond. Dit materiaal is niet waargenomen. In Tabel 3 zijn de meetgegevens tijdens de peilbuisbemonstering weergegeven. Tabel 3. Metingen grondwater Watermonster 01-1-1 03-1-1 04-1-1 25-1-1 38-1-1

3.3

Filterdiepte (m-mv) 2,00 - 3,00 2,00 - 3,00 1,00 - 2,00 2,00 - 3,00 2,00 - 3,00

Grondwaterstand (m -mv) 1,40 1,96 0,55 1,70 1,76

pH (-) 7,0 6,7 7,0 6,9 5,9

EC (µS/cm) 860 630 790 970 650

Troebelheid (NTU) 257 12,6 147 171 17,5

Laboratoriumonderzoek De grond- en grondwatermonsters zijn zo spoedig mogelijk na monsterneming aangeboden aan een door de Raad van Accreditatie erkend milieulaboratorium. Vooraf heeft door MCG Zuidwest B.V. conservering van de monsters plaatsgevonden. Het laboratorium is verzocht de grond(meng)monsters en de grondwatermonsters te analyseren volgens Tabel 4 en Tabel 5. De analysecertificaten zijn opgenomen in Bijlage 5.

9

20MIT526.10

Tabel 4. Analyses grond Analysemonster MM01

MM02 MM03 MM04

MM05

MM06

MM07

MM08

MM09 MMOCB01 25-1 38.5 38.7 38.4

Deelmonsters (m-mv) 01 (0,00 - 0,50) 06 (0,00 - 0,50) 10 (0,00 - 0,50) 12 (0,00 - 0,50) 17 (0,00 - 0,50) 18 (0,00 - 0,50) 19 (0,00 - 0,50) 33 (0,00 - 0,50) 11 (0,00 - 0,50) 36 (0,00 - 0,50) 37 (0,00 - 0,50) 02 (0,00 - 0,50) 25 (0,00 - 0,50) 26 (0,00 - 0,50) 03 (0,00 - 0,50) 07 (0,00 - 0,50) 20 (0,00 - 0,50) 21 (0,00 - 0,40) 23 (0,00 - 0,50) 29 (0,00 - 0,50) 08 (0,00 - 0,50) 09 (0,00 - 0,50) 24 (0,00 - 0,50) 27 (0,00 - 0,50) 28 (0,00 - 0,50) 31 (0,00 - 0,50) 01 (1,00 - 1,50) 03 (1,50 - 2,00) 06 (1,00 - 1,50) 07 (1,00 - 1,50) 08 (1,50 - 2,00) 04 (0,50 - 1,00) 04 (1,50 - 2,00) 09 (1,00 - 1,50) 10 (1,50 - 2,00) 11 (0,50 - 1,00) 11 (1,00 - 1,50) 03 (0,50 - 1,00) 05 (0,50 - 1,00) 05 (1,50 - 2,00) 07 (0,50 - 1,00) 08 (0,50 - 1,00) 09 (0,50 - 1,00) 25 (1,50 - 2,00) 25 (2,00 - 2,50) 11 (0,00 - 0,30) 36 (0,00 - 0,30) 37 (0,00 - 0,30) 25 (0,00 - 0,50) 38 (2,00 - 2,50) 38 (3,00 - 3,50) 38 (1,50 - 2,00)

Analysepakket

Motivatie

Standaardpakket

Bovengrond landbouwperceel

Standaardpakket

Bovengrond volkstuintjes

Standaardpakket

Bovengrond magazijn/werkplaats

Standaardpakket

Bovengrond woonperceel westzijde met baksteenbijmenging

Standaardpakket

Bovengrond woonperceel oostzijde

Standaardpakket

Ondergrond zand westzijde

Standaardpakket

Ondergrond zand oostzijde

Standaardpakket

Ondergrond klei

Standaardpakket

Ondergrond bestaande dieseltank

OCB pakket

Verdachte toplaag vml. boomgaard

Minerale olie Minerale olie Minerale olie Minerale olie

Bovengrond bestaande dieseltank Verdachte laag vml. dieselolie-/petroleumtanks Verdachte laag vml. dieselolie-/petroleumtanks Verticale afperking boven verontreiniging vml. dieselolie-/petroleumtanks

Analysepakket

Motivatie

Standaardpakket Standaardpakket Standaardpakket Standaardpakket Minerale olie en BTEXN

Landbouwperceel Woonperceel Volkstuintjes Dieseltank Vml. dieselolie-/petroleumtanks

Tabel 5. Analyses grondwater Analysemonster 01-1-1 03-1-1 04-1-1 25-1-1 38-1-1

Filterstelling (m-mv) 2,00 - 3,00 2,00 - 3,00 1,00 - 2,00 2,00 - 3,00 2,00 - 3,00

10

20MIT526.10

4

RESULTATEN

4.1

Toetsingskader De analyseresultaten worden beoordeeld aan de hand van de achtergrond/streef- en interventiewaarden uit de Wet bodembescherming en de Circulaire bodemsanering 2013. Voor grondwater wordt in plaats van achtergrondwaarde de term streefwaarde gebruikt. De betekenis van de richtwaarden is als volgt. - Achtergrond-/streefwaarden (AW / S): de gehalten zoals die op dit moment voorkomen in de bodem van natuur- en landbouwgronden waarvoor geldt dat er geen sprake is van belasting door lokale verontreinigingsbronnen. geven aan wanneer de functionele eigenschappen die - Interventiewaarden (I): de bodem heeft voor mens, dier en plant ernstig dreigen te worden verminderd. Bij de toetsing aan de achtergrond- en interventiewaarden worden de analyseresultaten omgerekend naar een gestandaardiseerde meetwaarde (GSSD) aan de hand van het organische stof- en/of lutumgehalte.

Bij het toetsingsresultaat is de zogeheten bodemindex van toepassing: (GSSD - AW) / (I - AW) - index grond: - index grondwater: (GSSD - S) / (I - S) Bij de beoordeling van de gehalten in de grond en/of het grondwater wordt de volgende terminologie aangehouden: gehalte < AW / S / detectiegrens - index = 0: gehalte ≥ AW / S (licht verhoogd gehalte) - 0 ≤ index < 0,5: gehalte ≥ tussenwaarde T (matig verhoogd gehalte) - 0,5 ≤ index < 1,0: gehalte ≥ I (sterk verhoogd gehalte) - Index ≥ 1,0: Bij gehalten groter dan de tussenwaarde worden mengmonsters indien nodig uitgesplitst en de separate deelmonsters geanalyseerd om de eventuele (sterke) verontreiniging te kunnen lokaliseren.

4.2

Toetsing In Tabel 6 en Tabel 7 zijn de toetsingsresultaten voor grond en grondwater samengevat weergegeven. De volledige toetsingsresultaten zijn opgenomen in Bijlage 6. Tabel 6: Toetsingsresultaten grond Analysemonster

Deelmonsters (m-mv)

Analyse

> AW (+index)

> I (+index)

Bbk conclusie indicatief

MM01

01 (0,00 - 0,50) 06 (0,00 - 0,50) 10 (0,00 - 0,50) 12 (0,00 - 0,50) 17 (0,00 - 0,50) 18 (0,00 - 0,50) 19 (0,00 - 0,50) 33 (0,00 - 0,50) 11 (0,00 - 0,50) 36 (0,00 - 0,50) 37 (0,00 - 0,50) 02 (0,00 - 0,50) 25 (0,00 - 0,50) 26 (0,00 - 0,50) 03 (0,00 - 0,50) 07 (0,00 - 0,50) 20 (0,00 - 0,50) 21 (0,00 - 0,40) 23 (0,00 - 0,50) 29 (0,00 - 0,50) 08 (0,00 - 0,50) 09 (0,00 - 0,50)

NEN

-

-

Altijd toepasbaar

NEN

Cadmium (-) PAK 10 VROM (0,02)

-

Altijd toepasbaar

NEN

Cadmium (-)

-

Altijd toepasbaar

NEN

-

-

Altijd toepasbaar

NEN

-

-

Altijd toepasbaar

MM02 MM03 MM04

MM05

11

20MIT526.10

Analysemonster

Deelmonsters (m-mv)

25-1 38.4 38.5

24 (0,00 - 0,50) 27 (0,00 - 0,50) 28 (0,00 - 0,50) 31 (0,00 - 0,50) 01 (1,00 - 1,50) 03 (1,50 - 2,00) 06 (1,00 - 1,50) 07 (1,00 - 1,50) 08 (1,50 - 2,00) 04 (0,50 - 1,00) 04 (1,50 - 2,00) 09 (1,00 - 1,50) 10 (1,50 - 2,00) 11 (0,50 - 1,00) 11 (1,00 - 1,50) 03 (0,50 - 1,00) 05 (0,50 - 1,00) 05 (1,50 - 2,00) 07 (0,50 - 1,00) 08 (0,50 - 1,00) 09 (0,50 - 1,00) 25 (1,50 - 2,00) 25 (2,00 - 2,50) 11 (0,00 - 0,30) 36 (0,00 - 0,30) 37 (0,00 - 0,30) 25 (0,00 - 0,50) 38 (1,50 - 2,00) 38 (2,00 - 2,50)

38.7

38 (3,00 - 3,50)

MM06

MM07

MM08

MM09 MMOCB01

Analyse

> AW (+index)

> I (+index)

Bbk conclusie indicatief

NEN

-

-

Altijd toepasbaar

NEN

-

-

Altijd toepasbaar

NEN

-

-

Altijd toepasbaar

NEN

-

-

Altijd toepasbaar

OCB

-

-

Altijd toepasbaar

Minerale olie Minerale olie Minerale olie

-

Altijd toepasbaar Altijd toepasbaar Niet Toepasbaar > I

Minerale olie

Minerale olie (totaal) (0,11)

Minerale olie (totaal) (5,47) -

Niet Toepasbaar > industrie

Tabel 7: Toetsingsresultaten grondwater Watermonster

Filterdiepte (m -mv)

> S (+index)

> I (+index)

01-1-1 03-1-1 04-1-1 25-1-1

2,00 - 3,00 2,00 - 3,00 1,00 - 2,00 2,00 - 3,00

-

38-1-1

2,00 - 3,00

Barium (0,01) Barium (0,01) Molybdeen (0,01) Barium (0,1) Xylenen (som) (-) Naftaleen (-) Minerale olie (totaal) (0,53)

-

Ter plaatse van de voormalige bovengrondse dieselolie- en petroleumtanks is een sterk verhoogd gehalte minerale olie aangetoond van 2,0 tot 2,5 m-mv. In de onderliggende laag van 3,0 tot 3,5 m-mv is alleen nog een licht verhoogd gehalte aangetoond. Voor de verticale afperking is de bovenliggende laag van 1,5 tot 2,0 m-mv aanvullend onderzocht op minerale olie; hierin is geen verhoogd gehalte gemeten.

12

20MIT526.10

5

CONCLUSIES EN ADVIES

5.1

Conclusies Uit de resultaten blijkt dat bij de voormalige bovengrondse dieselolie- en petroleumtanks een sterk verhoogd gehalte minerale olie is aangetoond in de grond van 2,0 tot 2,5 m-mv. In deze laag is zintuiglijk een sterke olie-waterreactie en brandstofgeur waargenomen. In de onderliggende laag van 3,0 tot 3,5 m-mv met eveneens een sterke olie-waterreactie en brandstofgeur is analytisch alleen nog een licht verhoogd gehalte aangetoond. In de zintuiglijk schone bovenliggende laag van 1,5 tot 2,0 m-mv is geen verhoogd gehalte minerale olie gemeten, waardoor de verontreiniging verticaal is afgeperkt. In het grondwater zijn een matig verhoogde concentratie minerale olie en verder (zeer) licht verhoogde concentraties naftaleen en xylenen gemeten. Ter plaatse van de bestaande dieseltank, magazijn, volkstuintjes en voormalige boomgaarden zijn geen verhoogde gehalten gemeten die zijn te relateren aan de bedrijfsactiviteiten. - Bij de dieseltank zijn geen verhoogde gehalten in de grond en het grondwater gemeten. - In de bovengrond rond de werkplaats is alleen een licht verhoogd cadmium aangetoond. - In de bovengrond van de volkstuintjes zijn cadmium en PAK licht verhoogd aangetoond. - In de toplaag van het voormalig boomgaardengebied zijn geen OCB’s aangetoond.

In de overige mengmonsters van de boven- en ondergrond van het landbouw- en woonperceel zijn geen verhoogde gehalten van de onderzochte stoffen gemeten. In het grondwater van de gehele locatie (behalve t.p.v. bovengenoemde verontreiniging) zijn geen of alleen licht verhoogde concentraties barium en/of molybdeen aangetoond.

5.2

Advies Gezien de resultaten is de hypothese ‘verdachte locatie’ voor de voormalige petroleum- en dieselolietanks bevestigd; voor de bestaande dieseltank en het voormalige boomgaardengebied kan deze hypothese worden verworpen. Uit het vooronderzoek blijkt dat de verontreiniging ter plaatse van de voormalige bovengrondse dieselolie- en petroleumtanks waarschijnlijk een historisch geval betreft dat is ontstaan voor 1987. Hierdoor is de zorgplicht niet van toepassing. De resultaten komen overeen met het onderzoek in 2012; destijds betrof het volume verontreinigde grond circa 25 m³. Een verschil met het eerdere onderzoek is dat bij het huidige onderzoek geen sterke verontreiniging in het grondwater meer is aangetoond. De grondverontreiniging is pas aanwezig vanaf een diepte van 2,0 m-mv, waardoor er geen directe contactrisico’s zijn. De verspreidingsrisico’s kunnen als beperkt worden beschouwd, omdat in het grondwater alleen een matig verhoogde concentratie is aangetoond. Tevens wordt ervan uitgegaan dat ter plaatse voor de bouwwerkzaamheden niet dieper dan circa 1,5 m-mv wordt ontgraven. Daarom is een verder afperkend onderzoek in eerste instantie achterwege gelaten. Indien wel in de verontreinigde laag wordt ontgraven, dient alsnog een nader onderzoek te worden uitgevoerd om de ernst en de omvang van de verontreiniging vast te stellen.

Indien sprake is van een ernstig geval > 25 m³, dienen de werkzaamheden in de verontreiniging onder saneringscondities te worden uitgevoerd en dient de verontreinigde grond te worden afgevoerd naar een erkende verwerker. Vanwege de aangetoonde gehalten in de bovengrond en in het grondwater dient de hypothese ‘onverdachte locatie’ voor het overige deel van het onderzoeksgebied formeel te worden aangenomen. Omdat echter alleen (zeer) licht verhoogde gehalten zijn gemeten, is hier een nader onderzoek in het kader van de Wet bodembescherming niet noodzakelijk en zijn er vanuit milieukundig oogpunt geen belemmeringen voor het voorgenomen nieuwbouwplan. Aanbevolen wordt om vrijkomende (schone) grond te hergebruiken binnen de perceelsgrenzen. Dit onderzoek kan niet gebruikt worden om grond afkomstig van de onderzoekslocatie elders toe te passen. Hiervoor dienen de eisen van het Besluit bodemkwaliteit in acht genomen te worden.

13

20MIT526.10

BIJLAGE 1 Kadastrale situatie

14

20MIT526.10

Kadastrale kaart

Uw referentie: 20MIT526.10

Deze kaart is noordgericht

12345 25

Schaal 1: 3400

Perceelnummer Huisnummer Vastgestelde kadastrale grens Voorlopige kadastrale grens Administratieve kadastrale grens

Kadastrale gemeente Sectie Perceel

Axel T 209

Bebouwing Voor een eensluidend uittreksel, geleverd op 7 januari 2021 De bewaarder van het kadaster en de openbare registers

Aan dit uittreksel kunnen geen betrouwbare maten worden ontleend. De Dienst voor het kadaster en de openbare registers behoudt zich de intellectuele eigendomsrechten voor, waaronder het auteursrecht en het databankenrecht.

BIJLAGE 2 Situatietekening

-LegendaBoring tot 0,5 m-mv Boring tot 1,0 m-mv Boring tot 2,0 m-mv Boring afgewerkt met een peilbuis

Klinkers Braak Beton Tegels Asfalt

Bestaande bebouwing Onderzoekslocatie Bossage en erfgrens

06

Toekomstige situatie Contour voormalige boomgaard

14

13 15

32 01

12

25

19

10

bg. dieseltank

38

09 vml. bg. dieselolie/ petroleumtanks

16 05

18 33 bg. hbo-tank

26 02 23

34 27

17

35

24 (vml.) og. benzinetanks met vulpunt en aftappomp

07

28

36 08 11 04 20

22 37 03

DATUM VELDWERK: 31

21

30

SCHAAL:

1: 500

NAAM VELDWERKER: SR en JdJ NAAM VELDWERKER: SR en JdJ NAAM VELDWERKER: JdJ NAAM VELDWERKER: SR OPMERKINGEN:

21-01-2021 Sint Maartenshof GECONTR: AS 22-01-2021 Axel 22-01-2021 GEZIEN: AS BENAMING: Verkennend bodemonderzoek Situatieschets met boorpunten en peilbuizen GET:

29

11-01-2021 12-01-2021 19-01-2021 27-01-2021

SR

FORMAAT:

A2 Schouwersweg 9, 4451 HS Heinkenszand Tel: (0113) 56 79 26 www.MCGzuidwest.nl Info@MCGzuidwest.nl

WERKNUMMER:

20MIT526.10 TEKENINGNUMMER:

20MIT526.10/01 WIJZIGINGEN A:

B:

C:

BIJLAGE 3 Foto’s

BIJLAGE 4 Profielbeschrijvingen

Schaal 1: 30 Boring:

01

Boring: 0

0

braak

02 0

0

Klei, zwak siltig, sporen roest, grijsbruin

braak Klei, zwak siltig, sporen wortels, bruin

1

1

50

-50

50

2

-100

100

Zand, zeer fijn, matig siltig, bruinbeige 3

150

4

-200

200

Zand, zeer fijn, sterk siltig, beige

5

250

6

-300

300

Boring:

03

Boring: 0

0

braak

04 0

0

Klei, zwak siltig, sporen baksteen, bruin

Zand, matig fijn, zwak siltig, beige 5

1

1

-50

50

braak

-50

50 Klei, sterk zandig, grijsbeige

Zand, zeer fijn, matig siltig, beige

2

2

100

100

3

3

-150

150

150 Zand, zeer fijn, matig siltig, lichtbeige

4

4

200

200

-200

5

-250

250

Zand, zeer fijn, matig siltig, lichtbruin 6

300

-300

Projectcode: 20MIT526.10

Projectnaam: Sint Maartenshof te Axel getekend volgens NEN 5104

Schaal 1: 30 Boring:

05

Boring: 0

0

braak

06 0

0

Klei, zwak siltig, sporen roest, bruin

braak Klei, zwak siltig, bruin

1

1

50

-50

50

Klei, zwak siltig, sporen roest, neutraalbruin 2

2

-100

100

-100

100 Klei, matig siltig, bruingrijs

Zand, uiterst siltig, grijsbruin

3

3

150

150

4

4

-200

200

Boring:

07

Boring: 0

0

-200

200

braak

08 0

0

Klei, zwak siltig, sporen baksteen, neutraalbruin

Klei, zwak siltig, bruin

1

1

-50

50

-50

50 Klei, matig zandig, neutraal beigebruin

Klei, zwak zandig, matig roesthoudend, beigebruin

2

2

-100

100

braak

100 Zand, zeer fijn, matig siltig, sporen baksteen

3

3

150

-150

150

Zand, zeer fijn, matig siltig, beige 4 4

-180

Klei, matig siltig, sporen roest, bruin

5 200

-200

Projectcode: 20MIT526.10

200

-200

Projectnaam: Sint Maartenshof te Axel getekend volgens NEN 5104

Schaal 1: 30 Boring:

09

Boring: 0

0

braak

10 0

0

Klei, zwak siltig, bruin

braak Klei, zwak siltig, sporen roest, bruin

1

1

-50

50

50 Klei, matig siltig, matig roesthoudend, bruin

2

2

-100

100

-100

100 Zand, zeer fijn, matig siltig, grijsbruin

Zand, uiterst siltig, grijsbruin

3

3

-150

150

150 Zand, uiterst fijn, matig siltig, beige

4

4

-200

200

Boring:

11

Boring: 0

0

-200

200

braak

12 0

0

Klei, sterk zandig, neutraalbruin

Klei, zwak siltig, sporen roest, bruinbeige

5 1

1

-50

50

braak

50

-50

Zand, matig fijn, zwak siltig, beige

2

-100

100

Zand, zeer fijn, matig siltig, grijsbeige 3

150

4

200

-200

Projectcode: 20MIT526.10

Projectnaam: Sint Maartenshof te Axel getekend volgens NEN 5104

Schaal 1: 30 Boring:

13

Boring: 0

0

braak

14 0

0

Klei, zwak siltig, sporen roest, bruinbeige

Klei, zwak siltig, sporen roest, bruinbeige

1

1

-50

50

Boring:

Boring: 0

0

-50

50

15 braak

16 0

0

Klei, zwak siltig, sporen roest, bruinbeige 1

-50

50

Boring: 0

0

-50

50

17 braak

18 0

0

Klei, zwak siltig, sporen roest, bruinbeige

braak Klei, zwak siltig, sporen roest, bruinbeige

1

1

-50

50

Boring:

braak Klei, zwak siltig, sporen roest, bruinbeige

1

Boring:

braak

19

Boring: 0

0

-50

50

braak

20 0

0

Klei, zwak siltig, sporen roest, bruinbeige

braak Klei, matig siltig, matig baksteenhoudend, bruin

1

1

-50

50

-50

50

Klei, matig zandig, grijsbruin

2

-100

100

Boring:

21

Boring: 0

0

braak

22 0

0

Klei, zwak siltig, matig baksteenhoudend, bruin

braak Klei, sterk zandig, bruin

1

1 -40

50

Klei, zwak siltig, bruin

2

50

-50

-60

Zand, zeer fijn, matig siltig, lichtbruin 3

100

-100

Projectcode: 20MIT526.10

Projectnaam: Sint Maartenshof te Axel getekend volgens NEN 5104

Schaal 1: 30 Boring:

23

Boring: 0

0

braak

24 0

0

Klei, zwak siltig, zwak wortelhoudend, sporen roest, neutraalbruin

Klei, zwak siltig, sporen wortels, sporen baksteen, bruin

1

1

-50

50

Boring:

-50

50

25

Boring: 0

0

braak

braak

26 0

0

Klei, zwak siltig, sporen roest, sporen baksteen

braak Klei, matig zandig, sporen wortels, bruin

1

1

50

50

-50

2

-100

100

Zand, zeer fijn, matig siltig, beige

3

-150

150

Zand, uiterst fijn, matig siltig, grijsbeige 4

200

5

250

6

300

-300

Projectcode: 20MIT526.10

Projectnaam: Sint Maartenshof te Axel getekend volgens NEN 5104

Schaal 1: 30 Boring:

27

Boring: 0

0

braak

28 0

0

Klei, zwak siltig, sporen roest, bruin

Klei, zwak siltig, sporen roest, bruin

1

1

-50

50

Boring:

Boring: 0

0

-50

50

29 braak

30 0

0

Klei, matig siltig, sporen roest, bruin

1

-50

50

Boring: 0

0

-50

50

31 braak

32 0

0

Klei, matig siltig, sporen roest, bruin

1

-50

50

Boring: 0

0

-50

50

33 braak

34 0

0

Klei, zwak siltig, sporen wortels, bruin 1

-50

50

-50

50

35

Boring: 0

0

braak

36 0

0

Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalbeige

2

braak Klei, sterk zandig, sporen baksteen, sporen kalk, bruin

3

1

50

braak Klei, zwak siltig, sporen wortels, bruin

1

Boring:

braak Klei, zwak siltig, sporen wortels, bruin

1

Boring:

braak Klei, matig siltig, sporen roest, bruin

1

Boring:

braak

1

-50

-50

50

Zand, matig fijn, zwak siltig, beige

2

100

Projectcode: 20MIT526.10

-100

Projectnaam: Sint Maartenshof te Axel getekend volgens NEN 5104

Schaal 1: 30 Boring:

37 0

0

braak Klei, sterk zandig, neutraalbruin

2 1

50

-50

Projectcode: 20MIT526.10

Projectnaam: Sint Maartenshof te Axel getekend volgens NEN 5104

Schaal 1: 30 Boring:

38 0

0

braak Klei, zwak siltig, matig baksteenhoudend, grijsbruin, Edelmanboor

1

-50

50

Klei, zwak siltig, grijsbruin, Edelmanboor 2

-100

100

Zand, matig fijn, zwak siltig, beige, Edelmanboor 3

150

4

-200

200

Zand, zeer fijn, matig siltig, sterke olie-water reactie, uiterste brandstofgeur, grijs, Edelmanboor 5

-250

250

Zand, zeer fijn, sterk siltig, sterke olie-water reactie, uiterste brandstofgeur, grijs, Edelmanboor 6

300

7

-350

350

Zand, zeer fijn, uiterst siltig, geen olie-water reactie, Zuigerboor 8

400

-400

Projectcode: 20MIT526.10

Projectnaam: Sint Maartenshof te Axel getekend volgens NEN 5104

Legenda (conform NEN 5104)

Schaal 1: 30 grind

klei Grind, siltig

geur Klei, zwak siltig

geen geur zwakke geur

Grind, zwak zandig

matige geur

Klei, matig siltig

sterke geur Grind, matig zandig

Klei, sterk siltig

Grind, sterk zandig

Klei, uiterst siltig

uiterste geur

olie geen olie-water reactie zwakke olie-water reactie Grind, uiterst zandig

Klei, zwak zandig

matige olie-water reactie sterke olie-water reactie

Klei, matig zandig

Klei, sterk zandig

zand

uiterste olie-water reactie

p.i.d.-waarde >0

Zand, kleiïg

>1 >10

Zand, zwak siltig

>100

leem

>1000 Zand, matig siltig

Leem, zwak zandig

Zand, sterk siltig

Leem, sterk zandig

Zand, uiterst siltig

>10000

monsters

geroerd monster

overige toevoegingen

ongeroerd monster

zwak humeus volumering

veen Veen, mineraalarm

matig humeus

Veen, zwak kleiïg

sterk humeus

Veen, sterk kleiïg

zwak grindig

Veen, zwak zandig

matig grindig

Veen, sterk zandig

sterk grindig

overig bijzonder bestanddeel Gemiddeld hoogste grondwaterstand grondwaterstand Gemiddeld laagste grondwaterstand slib

water

peilbuis

blinde buis

casing

hoogste grondwaterstand gemiddelde grondwaterstand laagste grondwaterstand zand afdichting bentoniet/mikoliet/klei afdichting

grind afdichting filter

Projectcode: 20MIT526.10

Projectnaam: Sint Maartenshof te Axel getekend volgens NEN 5104

BIJLAGE 5 Analyseresultaten

SYNLAB Analytics & Services B.V. Correspondentieadres Steenhouwerstraat 15 · 3194 AG Rotterdam Tel.: +31 (0)10 231 47 00 · Fax: +31 (0)10 416 30 34 www.synlab.nl

Analyserapport

MCG Zuidwest B.V. Alexander Steenbergen Schouwersweg 9 4451 HS HEINKENSZAND

Uw projectnaam Uw projectnummer SYNLAB rapportnummer Rapport-verificatienummer

Blad 1 van 16

: Sint Maartenshof te Axel : 20MIT526.10 : 13385115, versienummer: 1. : XQUHHUUB

Rotterdam, 20-01-2021

Geachte heer/mevrouw, Hierbij ontvangt u de analyse resultaten van het laboratoriumonderzoek ten behoeve van uw project 20MIT526.10. Het onderzoek werd uitgevoerd conform uw opdracht. De gerapporteerde resultaten hebben uitsluitend betrekking op de monsters zoals deze door SYNLAB ontvangen zijn. De door u aangegeven omschrijvingen voor de monsters, het project en de monsternamedatum (indien aangeleverd) zijn overgenomen in dit analyserapport. SYNLAB is niet verantwoordelijk voor de gegevens verstrekt door de opdrachtgever. Het onderzoek is uitgevoerd door SYNLAB Analytics & Services B.V., gevestigd aan de Steenhouwerstraat 15 in Rotterdam (NL). Indien het onderzoek is uitgevoerd door derden of het SYNLAB laboratorium in Frankrijk (99-101 Avenue Louis Roche, Gennevilliers) is dit in het rapport aangegeven. Dit analyserapport bestaat inclusief bijlagen uit 16 pagina's. In geval van een versienummer van '2' of hoger vervallen de voorgaande versies. Alle bijlagen maken onlosmakelijk onderdeel uit van het rapport. Alleen vermenigvuldiging van het hele rapport is toegestaan. Voor meer informatie, omtrent bijvoorbeeld meetonzekerheid of gebruikte analysemethoden, kunt u contact opnemen met de afdeling Customer Support. Wij vertrouwen er op u met deze informatie van dienst te zijn. Hoogachtend,

Jaap-Willem Hutter Technical Director

SYNLAB Analytics & Services B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028

AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11562702/1