CConstaterende datTerneuzen
Koppel je AI →
Document · PDF

2022-02-23 Bijlage 1 Toelichting Eglantiersweg met bijlagen

commissie Omgeving 23 februari 2022, gemeente TerneuzenBij agendapunt: Vaststellen bestemmingsplan ‘Buitengebied, Eglantiersweg 3’22.425 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

9 2 Beschrijving huidige situatie en voorgenomen activiteiten.............................................10 3 Soortenbescherming.....................................................................................................14 3.1 Zoogdieren............................................................................................................14 3.2 Vogels ...................................................................................................................15 3.2.1 Broedvogels ......................................................................................................15 3.2.2 Watervogels ......................................................................................................15 3.3 Reptielen en Amfibieën .........................................................................................16 3.4 Vissen ...................................................................................................................16 3.5 Ongewervelden .....................................................................................................17 3.6 Vaatplanten...........................................................................................................17 4 Toetsing Natura 2000 (Vogelrichtlijn / Habitatrichtlijn) en Natuurbeschermingswet en Natuurnetwerk Zeeland

(NNZ)..............................................................................................18 5 Conclusies en aanbevelingen mbt de uitvoering ...........................................................19

Bijlage 1 Kaart Natuurbeheerplan, Natura 2000 Bijlage 2 Informatie Wet natuurbescherming

3

Quickscan aanwezigheid beschermde natuurwaarden project sloop bebouwing Eglantiersdijk 3 Magrette

1

Inleiding

1.1

Aanleiding en doel onderzoek

De opdrachtgever wil de bebouwing op de locatie Eglantiersdijk 3 te Magrette slopen. Voor deze sloopwerkzaamheden geldt een onderzoeksplicht in het kader van beschermde natuurwaarden. Deze rapportage bevat de resultaten van een voorstudie van beschikbare kennis op het gebied van beschermde natuurwaarden. Op basis van de gevonden resultaten kan op voorhand bepaald worden of significante effecten op de huidige (beschermde) natuurwaarden al dan niet uit te sluiten zijn en wat eventueel nog nader onderzocht dient te worden. In deze beoordeling worden dan ook de volgende vragen, voor zover mogelijk, beantwoord: • • • • •

1.2

Tot welke (mogelijke) effecten leidt de sloop van bebouwing op beschermde natuurwaarden? Wat is de reikwijdte van de mogelijke effecten? Hoe beïnvloeden de effecten de jaarrond beschermde soorten en de kwalificerende natuurwaarden, gelet op de instandhoudingsdoelen? Zijn mogelijke negatieve effecten significant? Al of niet in combinatie met andere projecten in de omgeving? Op welke wijze kunnen negatieve effecten voorkomen of gemitigeerd worden?

Kader

Soortbescherming De soortbescherming is per 01/01/2017 ook opgenomen in de Wet natuurbescherming. Deze wet omvat ook de bescherming van Habitatrichtlijnsoorten buiten de aangewezen Natura 2000-gebieden. Deze bescherming geldt overal in Nederland, ook in de beschermde gebieden. De soortbescherming kent geen externe werking. Projecten worden getoetst aan de directe invloed op beschermde waarden binnen de grenzen van het projectgebied. Conform deze wet is de initiatiefnemer bij ruimtelijke ingrepen verplicht op de hoogte te zijn van mogelijke voorkomende beschermde natuurwaarden binnen het projectgebied. Vanuit deze kennis dienen plannen e projecten getoetst te worden aan eventuele strijdigheid met de verbodsbepalingen uit de Wet natuurbescherming. Onder de werking van de soortbescherming vallen circa 930 dier- en plantensoorten. Alle inheemse zoogdieren, vogels, amfibieën, en reptielen zijn beschermd. Tevens hebben een aantal planten, vissen, insecten en ongewervelden een beschermde status. Voor de in het wild voorkomende planten en dieren geldt bovendien de algemene zorgplicht (art. 1.11). Volgens de Wet natuurbescherming mogen beschermde dier- en plantensoorten niet worden gedood, gevangen, opzettelijk worden verontrust of gedood. Voortplanting- of vaste rust of verblijfplaatsen mogen niet opzettelijk worden beschadigd of vernield.

Habitatrichtlijnsoorten mogen tevens niet opzettelijk worden verstoord. Beschermde planten mogen niet opzettelijk

4

Quickscan aanwezigheid beschermde natuurwaarden project sloop bebouwing Eglantiersdijk 3 Magrette

van hun groeiplaats worden verwijderd of vernield. De verbodsbepalingen van de Wet natuurbescherming (Wnb) staan vernoemd in onderstaand kader. Verbodsbepalingen Wet natuurbescherming (Wnb)

Bron: Soortenbescherming bij ruimtelijke ingrepen, Ministerie van Economische Zaken

5

Quickscan aanwezigheid beschermde natuurwaarden project sloop bebouwing Eglantiersdijk 3 Magrette

De werkingssfeer van de Wet natuurbescherming is niet beperkt tot of gerelateerd aan speciaal aangewezen gebieden, maar geeft de beschermde soorten overal in Nederland bescherming. In o.a. artikelen 3.3, 3.8 en 3.10 van de Wet natuurbeschermingswet worden de ontheffings- en vrijstellingsmogelijkheden weergegeven. Welke voorwaarden verbonden zijn aan de ontheffing- of vrijstelling (zoals werken met een goedgekeurde gedragscode) hangt af van de dier- of plantensoorten die voorkomen in het plangebied. Beschermde soorten – met (Provinciale) vrijstelling: Voor deze soorten geldt een vrijstelling van een of meerdere verbodsbepalingen (zoals bijvoorbeeld het vangen van dieren en/of het vernielen van vaste verblijfsplaatsen. Voor deze soorten is derhalve in veel gevallen geen ontheffing nodig. Wel geldt ten aanzien van deze soorten de zorgplicht, die eveneens van de Wet natuurbescherming uitgaat. Soorten die vallen onder de vrijstelling betreft over het algemeen (en dus per Provincie verschillend) onder andere algemene zoogdiersoorten, zoals algemene muizen- en spitsmuizen, de woelrat, de egel, konijn, ree en vos, algemene amfibiesoorten, waaronder de bruine kikker, gewone pad en kleine watersalamander.

Overige ‘nationaal beschermde’ soorten: Voor deze soorten geldt voor ruimtelijke ontwikkeling en bestendig beheer een mogelijkheid voor ontheffing, welke aan drie criteria wordt getoetst: er is sprake van een in of bij wet genoemd belang, er is geen alternatief en ‘doet geen afbreuk aan de gunstige staat van instandhouding van de soort’. Voor deze soorten is derhalve een ontheffing nodig of kan gewerkt worden met een goedgekeurde gedragscode. Soorten die vallen onder dit nationale beschermingsregime vallen betreft onder andere algemene zoogdiersoorten, zoals das, boommarter, algemene amfibieën en reptielen alpenwatersalamander, hazelworm, flora als schubvaren en bokkenorchis en vissoorten waaronder de grote modderkruiper. Daarnaast geldt ook voor deze soorten de algemene zorgplicht. Habitatrichtlijnsoorten: Voor deze soorten geldt het zwaarste beschermingsregime en is voor ruimtelijke ontwikkeling geen vrijstelling mogelijk van de ontheffingsplicht. Voor deze soorten dient een ontheffing te worden aangevraagd, welke aan drie criteria wordt getoetst: er is sprake van een in of bij wet genoemd belang, er is geen alternatief en ‘doet geen afbreuk aan de gunstige staat van instandhouding van de soort’. Wel kan als voldaan wordt aan een in de wet genoemd belang ook bij ruimtelijke ontwikkeling gewerkt worden met een goedgekeurd gedragscode.

Daarnaast geldt ook voor deze soorten de algemene zorgplicht. Tot dit beschermingsregime horen o.a. alle vleermuissoorten, de bever, otter, noordse woelmuis, verschillende amfibiesoorten waaronder rugstreeppad en kamsalamander.

6

Quickscan aanwezigheid beschermde natuurwaarden project sloop bebouwing Eglantiersdijk 3 Magrette

Vogelrichtlijnsoorten: Alle vogels zijn in Nederland gelijk beschermd. Voor deze soorten geldt het zwaarste beschermingsregime en is voor ruimtelijke ontwikkeling ook geen vrijstelling mogelijk van de ontheffingsplicht. Voor deze soorten dient een ontheffing te worden aangevraagd, welke aan drie criteria wordt getoetst: er is sprake van een in of bij wet genoemd belang, er is geen alternatief en ‘doet geen afbreuk aan de gunstige staat van instandhouding van de soort’. Wel kan als voldaan wordt aan een in de wet genoemd belang ook bij ruimtelijke ontwikkeling gewerkt worden met een goedgekeurd gedragscode. Daarnaast geldt ook voor deze soorten de algemene zorgplicht. Zorgplicht Voor alle in het wild voorkomende plant- en diersoorten, dus ook voor onbeschermde en beschermde soorten die zijn vrijgesteld geldt wel de ook ‘algemene zorgplicht’ (art. 1.11 Wet natuurbescherming). Deze zorgplicht houdt in dat initiatiefnemer passende maatregelen moet nemen om schade aan beschermde gebieden en in het wild voorkomend plant en diersoorten te voorkomen of zoveel mogelijk te beperken. Hierbij gaat het bijvoorbeeld om het niet verontrusten of verstoren in de kwetsbare perioden zoals de winterslaap, de voortplantingstijd en de periode van afhankelijkheid van de jongen. De kwetsbare perioden voor de verschillende soortgroepen zijn niet allen gelijk.

Als ‘veilige’ periode voor alle groepen geldt in het algemeen de periode van half augustus tot half november, de periode waarin de voortplantingstijd achter de rug is en diersoorten als vleermuizen, overige zoogdieren en amfibieën nog niet in winterslaap zijn. Indien een locatie in die periode bouwrijp wordt gemaakt, kan daarna gedurende het winterseizoen en het daarop volgende voorjaar probleemloos worden gewerkt. Zo kan bijvoorbeeld vegetatie gedurende het groeiseizoen kort gemaaid worden, zodat er geen vogels gaan broeden en het tegen de winter ook ongeschikt is voor kleine zoogdieren of amfibieën die in winterslaap gaan. Indien tijdens de uitvoering van de werkzaamheden beschermde soorten worden waargenomen dienen maatregelen genomen te worden om schade aan deze individuen zo veel mogelijk te voorkomen (bijvoorbeeld wegvangen en verplaatsen of terreindelen af te zetten en het werk ter plaatse stil te leggen). Ecologische begeleiding kan hierin voorzien. Gebiedenbescherming Natura 2000 De Europese Vogelrichtlijn (1979) regelt de bescherming van leefgebieden van Europees bedreigde en kwetsbare vogelsoorten. Met de Europese Habitatrichtlijn (1992) worden Europese (half-) natuurlijke habitats en bedreigde en kwetsbare dier- (andere dan vogels) en plantensoorten beschermd.

De Natura 2000-gebieden zijn de gebieden die zijn aangewezen als speciale beschermingszones (SBZ’s) in het kader van de EU Vogel- en/of Habitatrichtlijn. Deze gebieden samen vormen het omvangrijke Europese netwerk Natura 2000. Het hoofddoel van Natura 2000 is het stoppen van de achteruitgang en de waarborging van de biodiversiteit in Europa. De Europese Vogel- en Habitatrichtlijn zijn in Wet natuurbescherming (Wnb) overgenomen. Vanuit de Europese Vogel- en Habitatrichtlijn zijn belangrijke bepalingen overgenomen. Eén van die bepalingen is het afwegingskader, incl. compenserende maatregelen, zoals dat in artikel 6 van de Habitatrichtlijn staat. Het afwegingskader geeft aan op welke wijze besluitvorming plaats moet vinden voor plannen en projecten met mogelijke gevolgen voor beschermde natuurgebieden. Binnen Nederland zijn er, in de periode 1986-2005, 79 belangrijke vogelgebieden als speciale beschermingszone (SBZ) van de Vogelrichtlijn aangewezen. In het kader van de

7

Quickscan aanwezigheid beschermde natuurwaarden project sloop bebouwing Eglantiersdijk 3 Magrette

Habitatrichtlijn zijn in 2003 141 gebieden aangemeld bij de Europese Commissie. Ongeveer 87% van het oppervlak van deze Habitatrichtlijngebieden heeft overlap met de gebieden die als Vogelrichtlijngebied zijn aangewezen. In Aanwijzingsbesluiten wordt door de minister van EZ de bescherming van de Natura 2000-gebieden juridisch vastgelegd. Centraal in de Aanwijzingsbesluiten staan de instandhoudingsdoelstellingen ten aanzien van leefgebieden, natuurlijke habitats en populaties van in het wild levende plant- en diersoorten, waarvoor het betreffende gebied is aangewezen. Het toetsingskader van de Wet natuurbescherming kent de volgende procedurevarianten: 1. Er is zeker geen kans op effecten: geen vergunningplicht; 2. Er een kans op effecten, maar zeker niet significant: vergunningaanvraag via een verstoringstoets/ verslechteringstoets; 3. Er is een kans op significante effecten: vergunningaanvraag via Passende Beoordeling (alternatieventoets + dwingende redenen van groot openbaar belang). Het referentiekader voor de toetsing wordt gevormd door de instandhoudingsdoelen voor de habitats en soorten waarvoor het Natura 2000gebied is aangewezen.

Natuurnetwerk Het Natuurnetwerk Zeeland, vroeger de Ecologische Hoofdstructuur (EHS) genoemd, is het Zeeuwse netwerk van bestaande en nieuw aan te leggen natuurgebieden. Het netwerk moet natuurgebieden beter verbinden met elkaar en met het omringende agrarisch gebied. Het maakt onderdeel uit van het Nederlandse netwerk. In het Natuurnetwerk Nederland liggen: • bestaande natuurgebieden, waaronder de 20 Nationale Parken; • gebieden waar nieuwe natuur aangelegd wordt; • landbouwgebieden, beheerd volgens agrarisch natuurbeheer; • ruim 6 miljoen hectare grote wateren: meren, rivieren, de kustzone van de Noordzee en de Waddenzee; • alle Natura 2000-gebieden. Vanaf 2014 zijn de provincies verantwoordelijk voor de begrenzing en ontwikkeling van dit natuurnetwerk. Tot die tijd was de Rijksoverheid hiervoor verantwoordelijk. In het Natuurpact hebben de provincies met het rijk afgesproken om tot 2027 80.000 hectare natuur in te richten. Het Natuurnetwerk Nederland moet uiteindelijk samen met de natuurgebieden in andere Europese landen het aaneengesloten pan-Europees Ecologisch Netwerk (PEEN) vormen.

1.3

Afbakening plangebied en werkwijze

Het plangebied is weergegeven in figuur 1. Het plangebied is het gebied waar de werkzaamheden zullen plaatsvinden (rood aangegeven).

8

Quickscan aanwezigheid beschermde natuurwaarden project sloop bebouwing Eglantiersdijk 3 Magrette

Figuur 1. Plangebied (rood) en studiegebied (blauw), in het rode gebied worden de maatregelen uitgevoerd. In tekst hieronder wordt gesproken over westelijke bebouwing (w) en oostelijke bebouwing (o).

Het plangebied is bezocht op 6 oktober 2020. Daarnaast zijn lokale verspreidingsatlassen geraadpleegd, zijn gegevens opgevraagd en zijn openbare websites geraadpleegd.

1.4

Opzet beoordeling

De opzet van deze beoordeling is als volgt. In hoofdstuk 2 is een korte beschrijving gegeven van het studiegebied, het plangebied en de voorgenomen activiteit. Hoofdstuk 3 geeft een beschrijving van de te verwachten en de aangetroffen natuurwaarden in het gebied. Deze gegevens zijn vervolgens geïnterpreteerd en beoordeeld in relatie tot de voorgenomen activiteit.

9

Quickscan aanwezigheid beschermde natuurwaarden project sloop bebouwing Eglantiersdijk 3 Magrette

2 Beschrijving huidige situatie en voorgenomen activiteiten In dit hoofdstuk wordt een korte beschrijving gegeven van de huidige situatie. Het plangebied waar deze beoordeling op van toepassing is, is weergegeven in figuur 1. Het plangebied is gelegen in het gehucht Margrette. Het bestaat uit een tweetal aan elkaar geschakelde loodsen. Deze loodsen waren tot voor kort intensief in gebruik als werkplaats (met veel bedrijvigheid). De oostelijk loods bestaat uit steen (met spouwmuren). De westelijke loods bestaat grotendeels uit damwand. In de omgeving staat bebouwing (huizen) met tuinen. Ten zuiden van de loodsen ligt een waterpartij. Ten noorden van de loodsen is een dijk met beplanting. Daarachter zijn landbouwgronden. De geplande werkzaamheden bestaan uit het slopen van de bebouwing en het saneren van het terrein. Figuur 2. Luchtfoto van het plangebied en de omgeving.

10

Quickscan aanwezigheid beschermde natuurwaarden project sloop bebouwing Eglantiersdijk 3 Magrette

Foto 1. Te slopen bebouwing (dakgoot, potentiële broedlocatie huismus), links oostelijke bebouwing, rechts westelijke bebouwing (damwand loods).

Foto 2. Te slopen bebouwing (binnen zijde).

11

Quickscan aanwezigheid beschermde natuurwaarden project sloop bebouwing Eglantiersdijk 3 Magrette

Foto 3. Loszittende gevelbeplating en openingen in gebouw (toegang voor vleermuizen).

Foto 4. Opening in muur (toegang tot spouwmuur).

12

Quickscan aanwezigheid beschermde natuurwaarden project sloop bebouwing Eglantiersdijk 3 Magrette

Foto 5. Kierende gevelbeplating (vleermuis).

13

Quickscan aanwezigheid beschermde natuurwaarden project sloop bebouwing Eglantiersdijk 3 Magrette

3

Soortenbescherming

Hieronder worden soorten vernoemd die in en nabij het plangebied voorkomen. Vervolgens wordt uitgewerkt of er eventueel nadelige effecten te verwachten zijn.

3.1

Zoogdieren

De volgende soorten zijn in de omgeving van het plangebied vastgesteld: Huisspitsmuis, konijn, haas, egel, bunzing, vos, bosmuis, rosse woelmuis. Wezel, hermelijn, gewone dwergvleermuis, laatvlieger, ruige dwergvleermuis, gewone grootoorvleermuis. Voorkomen / functie van het plangebied: Bron: Bekker 2009, Zoogdieren in Zeeland, verspreidingsatlas.nl en veldbezoek Grondgebonden soorten komen buiten de te slopen loodsen voor, ze zijn in de loodsen niet te verwachten (geen toegang). Vleermuizen komen voor in het plangebied. In de te slopen bebouwing zijn mogelijkheden voor dagverblijven, zie foto’s 1-6. Uit te voeren maatregelen: slopen van bebouwing. Verboden handelingen (doden, vernielen, verstoren van beschermde soorten): Nog niet te bepalen. Er dient nader onderzocht te worden of er vleermuizen voorkomen en wat de functie van de bebouwing is. Gunstige staat van instandhouding / effect op populatieniveau (lokaal): Nog niet te bepalen. Er dient nader onderzocht te worden of er vleermuizen voorkomen en wat de functie is. Mitigerende maatregelen / Worden er maatregelen uitgevoerd om eventuele schade tot een minimum te beperken: Nog niet te bepalen. Er dient nader onderzocht te worden of er vleermuizen voorkomen en wat de functie is. Conclusie: Voor grondgebonden zoogdieren is de te slopen bebouwing ongeschikt.

Er zijn wel mogelijkheden voor dagverblijven voor vleermuizen (in de oostelijke loods). Deze dagverblijven zouden met de sloop vernietigd kunnen worden en bij onzorgvuldig handelen zouden er vleermuizen gedood kunnen worden. Er dient nader onderzocht te worden of vleermuizen aanwezig zijn en wat dan de functie is van de bebouwing.

14

Quickscan aanwezigheid beschermde natuurwaarden project sloop bebouwing Eglantiersdijk 3 Magrette

3.2

Vogels

3.2.1 Broedvogels De volgende broedvogels zijn in de omgeving van het plangebied vastgesteld: Houtduif, Holenduif, Spreeuw, Zwarte kraai, Kauw, Tjiftjaf, Winterkoning, Heggenmus, Putter, Groenling, Vink, Merel, Zanglijster, Ekster, Koolmees, Pimpelmees, Staartmees, Zwarte Roodstaart, Turkse Tortel, Torenvalk, Huiszwaluw, Boerenzwaluw, Steenuil, Ransuil, Kerkuil, Huismus. Vetgedrukt zijn soorten waarvan het leefgebied jaarrond beschermd is. Voorkomen / functie van het plangebied: Vogelatlas van Nederland, NDFF. De genoemde soorten komen voor in de betreffende bebouwing en de directe omgeving (tuin). In de te slopen bebouwing zijn geen sporen aangetroffen van uilen. Vanwege de bedrijfsactiviteiten die hier tot voor kort waren, was het niet geschikt als broedlocatie. Nu de bedrijfsactiviteiten minder zijn, en er tevens gaten zijn die toegang bieden tot de gebouwen, zijn. Aan de buitenzijde zijn wel broedmogelijkheden in onder andere dakgoten. Er zijn broedmogelijkheden voor huismussen in de oostelijke loods. Uit te voeren maatregelen: slopen van bebouwing. Verboden handelingen (doden, vernielen, verstoren van beschermde soorten): Broedvogels kunnen verstoord worden tijdens de werkzaamheden. Het is niet bekend of soorten waarvan de broedlocatie jaarrond beschermd is in het plangebied voorkomen.

Gunstige staat van instandhouding / effect op populatieniveau (lokaal): Nog niet bekend. Er dient onderzocht te worden of er Huismussen broeden in de te slopen bebouwing. Worden er maatregelen uitgevoerd om eventuele schade tot een minimum te beperken: Nog niet bekend. Er dient onderzocht te worden of Huismussen broeden in de te slopen woningen. Conclusie: Om uit te kunnen sluiten welke vogels gebruik maken van de te slopen woningen dient een nader onderzoek gericht op broedvogels (met name Huismus) uitgevoerd te worden. Zo kan bepaald worden of er met de werkzaamheden rekening gehouden moet worden met broedvogels en of er mogelijk vogels broeden waarvan het nest en de functionele omgeving jaarrond beschermd zijn.

3.2.2 Watervogels Er komen geen watervogels voor in het plangebied of de directe omgeving. Trekvogels en watervogels Voorkomen / functie van het plangebied: (Ministerie van Verkeer en Waterstaat e.a., Deltavogelatlas, atlas van vogelconcentraties en vliegbewegingen in het Deltagebied, digitale versie 10-10-2030; SOVON Vogelonderzoek Nederland & Ganzenwerkgroep Zeeland.2018; In het plangebied zelf komen geen watervogels voor. Er is geen water aanwezig, het terrein is grotendeels verhard er is veel menselijke verstoring. Uit te voeren maatregelen: Slopen van bebouwing.

15

Quickscan aanwezigheid beschermde natuurwaarden project sloop bebouwing Eglantiersdijk 3 Magrette

Verboden handelingen (doden, vernielen, verstoren van beschermde soorten): Niet te verwachten. Gunstige staat van instandhouding / effect op populatieniveau (lokaal): Is niet in het geding. Worden er maatregelen uitgevoerd om eventuele schade tot een minimum te beperken: Niet van toepassing. Conclusie: Geen nadelig effect te verwachten.

3.3

Reptielen en Amfibieën

Bruine kikker, Groene kikker, Gewone pad, Kleine watersalamander, Kamsalamander. Voorkomen en functie van het plangebied: Bron: website www.ravon.nl In het plangebied zijn geen voortplantingswateren en er is geen geschikt landbiotoop aanwezig. Ten zuiden van de te slopen ligt een waterpartij die geschikt is als voortplantingslocatie voor amfibieën. De te slopen loodsen zijn niet geschikt als leefgebied voor amfibieën. Uit te voeren maatregelen: slopen van bebouwing. Verboden handelingen (doden, vernielen, verstoren van beschermde soorten): Niet van toepassing. Gunstige staat van instandhouding / effect op populatieniveau (lokaal): Niet in het geding. Worden er maatregelen uitgevoerd om eventuele schade tot een minimum te beperken: Niet van toepassing. Conclusie: geen nadelige effecten te verwachten.

3.4

Vissen

In het plangebied komen geen vissen voor. Voorkomen en functie van het plangebied: (Website Ravon versie 10-10-2020). Er is geen water in het plangebied. Het biotoop is ongeschikt. Uit te voeren maatregelen: slopen van bebouwing. Verboden handelingen (doden, vernielen, verstoren van beschermde soorten): Niet van toepassing.

16

Quickscan aanwezigheid beschermde natuurwaarden project sloop bebouwing Eglantiersdijk 3 Magrette

Gunstige staat van instandhouding / effect op populatieniveau (lokaal): Niet in het geding. Worden er maatregelen uitgevoerd om eventuele schade tot een minimum te beperken: Niet van toepassing. Conclusie: Geen negatieve effecten te verwachten.

3.5

Ongewervelden

Voorkomen en functie van het plangebied: Vlinder- en Libellenwerkgroep 2003; Geene et. al. 2007; Wagenaar 2007. NDDF. www.verspreidingsatlas.nl In het plangebied komen geen dagvlinders, nachtvlinders, libellen, sprinkhanen en overige ongewervelde voor die beschermd worden door de Wet natuurbescherming. Uit te voeren maatregelen: slopen van bebouwing. Verboden handelingen (doden, vernielen, verstoren van beschermde soorten): Niet van toepassing Gunstige staat van instandhouding / effect op populatieniveau (lokaal): Niet van toepassing. Worden er maatregelen uitgevoerd om eventuele schade tot een minimum te beperken: Niet van toepassing. Conclusie: Geen negatieve effecten te verwachten.

3.6

Vaatplanten

In het plangebied komen geen beschermde soorten voor. Voorkomen en functie van het plangebied: In het plangebied komen geen beschermde soorten voor. Bron veldbezoek en Flora Zeelandica. Uit te voeren maatregelen: slopen van bebouwing. Verboden handelingen (doden, vernielen, verstoren van beschermde soorten): Niet van toepassing. Gunstige staat van instandhouding / effect op populatieniveau (lokaal): Niet in het geding. Worden er maatregelen uitgevoerd om eventuele schade tot een minimum te beperken: Niet van toepassing. Conclusie: Er komen geen beschermde soorten voor in het plangebied.

17

Quickscan aanwezigheid beschermde natuurwaarden project sloop bebouwing Eglantiersdijk 3 Magrette

4 Toetsing Natura 2000 (Vogelrichtlijn / Habitatrichtlijn) en Natuurbeschermingswet en Natuurnetwerk Zeeland (NNZ) Natura 2000 Het plangebied ligt in niet in een Natura 2000 gebied, zie bijlage 1. Het meest nabij gelegen Nature 2000 gebied is het gebied Westerschelde & Saeftinghe. Dit gebied is gelegen op circa 5 kilometers afstand. Andere gebieden die op ruimere afstand liggen zijn Canisvliet en Vogelkreek. De geplande ingrepen zijn relatief kleinschalig en hebben hierdoor geen effect op de genoemde Natura 2000 gebieden.

Natuurnetwerk Zeeland (NNZ) Het plangebied is niet begrensd in het kader van de Natuurnetwerk Zeeland (NNZ, voorheen Ecologische Hoofdstructuur (EHS)), zie bijlage 1. Het dichtstbijzijnde gebied is de Eglantiersdijk, op enkele tientallen meters afstand. Deze dijk heeft als functie landschappelijke dijk. Er worden geen beplantingen gekapt. De dijk ligt op voldoende afstand, er zijn geen negatieve effecten te verwachten.

Wet bescherming houtopstanden Het plangebied is gelegen binnen de bebouwde kom. Er wordt geen beplanting gekapt, de Wet bescherming houtopstanden is niet van toepassing. Conclusie: Werkzaamheden worden niet uitgevoerd in een Natura 2000 gebied en in een gebied dat is begrensd in het kader van het Natuurnetwerk Zeeland. Er is geen negatief effect te verwachten. Er zijn geen negatieve effecten te verwachten op gebieden die zijn aangewezen in het kader van het NNZ.

18

Quickscan aanwezigheid beschermde natuurwaarden project sloop bebouwing Eglantiersdijk 3 Magrette

5

Conclusies en aanbevelingen mbt de uitvoering

De voorgenomen maatregel bestaat uit het slopen van bebouwing. In de te slopen bebouwing zijn mogelijkheden voor dagverblijven voor vleermuizen. Dit betreft de oostelijke loods. Er dient onderzocht te worden of vleermuizen gebruik maken van het plangebied, welke soorten het betreft en wat de functie is van de bebouwing. Voor grondgebonden zoogdieren is de te slopen bebouwing niet geschikt. Er is veel menselijke verstoring en de gebouwen zijn niet toegankelijk voor grondgebonden zoogdieren. In en nabij de te slopen bebouwing zijn broedvogels te verwachten. Het betreft soorten die in de bebouwing broeden en waarvan het nest beschermd is zolang het in gebruik is. Daarnaast zijn er ook mogelijke broedlocaties voor de Huismus in de oostelijke bebouwing. Deze broedlocaties zijn ook buiten de broedperiode beschermd. Een onderzoek naar het voorkomen van deze soort dient uitgevoerd te worden. Voor andere beschermde soorten is het plangebied ongeschikt. Ze komen niet voor in de directe omgeving, of het biotoop in het plangebied is ongeschikt.

Gebiedsbescherming De reikwijdte van de tijdelijke verstoring blijft beperkt tot enkele tientallen meters van de te slopen bebouwing. Beschermde gebieden zijn gelegen op voldoende afstand. De werkzaamheden vinden plaats op een kleine oppervlakte en hebben een kort tijdsbeslag. Na afloop van de werkzaamheden is er geen effect. Grondlagen en (grond)waterstromingen worden niet verstoord. Er is dus geen significante verstoring op beschermde natuurwaarden.

19

Quickscan aanwezigheid beschermde natuurwaarden project sloop bebouwing Eglantiersdijk 3 Magrette

Bijlage 1 Natuurnetwerk Zeeland (voorheen Ecologische Hoofdstructuur). Groen Natuurnetwerk, rood plangebied.

20

Quickscan aanwezigheid beschermde natuurwaarden project sloop bebouwing Eglantiersdijk 3 Magrette

Natura 2000.(rode pijl is plangebied).

21

Quickscan aanwezigheid beschermde natuurwaarden project sloop bebouwing Eglantiersdijk 3 Magrette

Bijlage 2 Informatie Wet natuurbescherming Zeeland

22

Quickscan aanwezigheid beschermde natuurwaarden project sloop bebouwing Eglantiersdijk 3 Magrette

23

Quickscan aanwezigheid beschermde natuurwaarden project sloop bebouwing Eglantiersdijk 3 Magrette

24

Quickscan aanwezigheid beschermde natuurwaarden project sloop bebouwing Eglantiersdijk 3 Magrette

25

Quickscan aanwezigheid beschermde natuurwaarden project sloop bebouwing Eglantiersdijk 3 Magrette

Beschermde soorten provincie Zeeland Hieronder worden beschermde soorten en voor bepaalde activiteiten vrijgestelde soorten weergegeven. voor de provincie Zeeland. Deze pagina is opgesteld middels het besluit van Provinciale Staten van Zeeland inzake de Verordening Wet natuurbescherming Zeeland 2017. Let op, van alle broedvogels (met uitzondering van exoten) is het nest (eieren en jongen) beschermd.

Beschermingsregime andere soorten Onder dit beschermingsregime vallen de nationaal beschermde soorten als bedoeld in artikel 3.10 van de Wet natuurbescherming. Soortgroep

Nederlandse naam

Wetenschappelijke naam

Bescherming

Amfibiëen

alpenwatersalamander

Mesotriton alpestris

Andere soorten (bijlage A van de wet)

Amfibiëen

vinpootsalamander

Lissotriton helveticus

Andere soorten (bijlage A van de wet)

Amfibiëen

vuursalamander

Salamandra salamandra

Andere soorten (bijlage A van de wet)

Insectendagvlinders

aardbeivlinder

Pyrgus malvae

Andere soorten (bijlage A van de wet)

Insectendagvlinders

bosparelmoervlinder

Melitaea athalia

Andere soorten (bijlage A van de wet)

Insectendagvlinders

bruin dikkopje

Erynnis tages

Andere soorten (bijlage A van de wet)

Insectendagvlinders

bruine eikenpage

Satyrium ilicis

Andere soorten (bijlage A van de wet)

Insectendagvlinders

duinparelmoervlinder

Argynnis niobe

Andere soorten (bijlage A van de wet)

Insectendagvlinders

gentiaanblauwtje

Maculinea alcon

Andere soorten (bijlage A van de wet)

Insectendagvlinders

grote parelmoervlinder

Argynnis aglaja

Andere soorten (bijlage A van de wet)

Insectendagvlinders

grote vos

Nymphalis polychloros

Andere soorten (bijlage A van de wet)

Insectendagvlinders

grote weerschijnvlinder

Apatura iris)

Andere soorten (bijlage A van de wet)

Insectendagvlinders

iepenpage

Satyrium w-album

Andere soorten (bijlage A van de wet)

Insectendagvlinders

kleine heivlinder

Hipparchia statilinus

Andere soorten (bijlage A van de wet)

Insectendagvlinders

kleine ijsvogelvlinder

Limenitis camilla

Andere soorten (bijlage A van de wet)

Insectendagvlinders

kommavlinder

Hesperia comma

Andere soorten (bijlage A van de wet)

Insectendagvlinders

sleedoornpage

Thecla betulae

Andere soorten (bijlage A van de wet)

Insectendagvlinders

spiegeldikkopje

Heteropterus morpheus

Andere soorten (bijlage A van de wet)

26

Quickscan aanwezigheid beschermde natuurwaarden project sloop bebouwing Eglantiersdijk 3 Magrette Insectendagvlinders

veenbesblauwtje

Plebejus optilete

Andere soorten (bijlage A van de wet)

Insectendagvlinders

veenbesparelmoervlinder

Boloria aquilonaris

Andere soorten (bijlage A van de wet)

Insectendagvlinders

veenhooibeestje

Coenonympha tullia

Andere soorten (bijlage A van de wet)

Insectendagvlinders

veldparelmoervlinder

Melitaea cinxia

Andere soorten (bijlage A van de wet)

Insectendagvlinders

zilveren maan

Boloria selene

Andere soorten (bijlage A van de wet)

Insecten-kevers

vliegend hert

Lucanus cervus

Andere soorten (bijlage A van de wet)

Insecten-libellen

beekrombout

Gomphus vulgatissimus

Andere soorten (bijlage A van de wet)

Insecten-libellen

bosbeekjuffer

Calopteryx virgo

Andere soorten (bijlage A van de wet)

Insecten-libellen

donkere waterjuffer

Coenagrion armatum

Andere soorten (bijlage A van de wet)

Insecten-libellen

gevlekte glanslibel

Somatochlora flavomaculata

Andere soorten (bijlage A van de wet)

Insecten-libellen

gewone bronlibel

Cordulegaster boltonii

Andere soorten (bijlage A van de wet)

Insecten-libellen

hoogveenglanslibel

Somatochlora arctica

Andere soorten (bijlage A van de wet)

Insecten-libellen

kempense heidelibel

Sympetrum depressiusculum

Andere soorten (bijlage A van de wet)

Insecten-libellen

speerwaterjuffer

Coenagrion hastulatum

Andere soorten (bijlage A van de wet)

Kreeftachtigen

europese rivierkreeft

Astacus astacus

Andere soorten (bijlage A van de wet)

Reptielen

adder

Vipera berus ssp. berus

Andere soorten (bijlage A van de wet)

Reptielen

hazelworm

Anguis fragilis

Andere soorten (bijlage A van de wet)

Reptielen

levendbarende hagedis

Zootoca vivipara

Andere soorten (bijlage A van de wet)

Reptielen

ringslang

Natrix natrix

Andere soorten (bijlage A van de wet)

Vissen

beekdonderpad

Cottus rhenanus

Andere soorten (bijlage A van de wet)

Vissen

beekprik

Lampetra planeri

Andere soorten (bijlage A van de wet)

Vissen

elrits

Phoxinus phoxinus

Andere soorten (bijlage A van de wet)

Vissen

gestippelde alver

Alburnoides bipunctatus

Andere soorten (bijlage A van de wet)

Vissen

grote modderkruiper

Misgurnus fossilis

Andere soorten (bijlage A van de wet)

Vissen

kwabaal

Lota lota

Andere soorten (bijlage A van de wet)

27

Quickscan aanwezigheid beschermde natuurwaarden project sloop bebouwing Eglantiersdijk 3 Magrette Zoogdierenlandzoogdieren

boommarter

Martes martes

Andere soorten (bijlage A van de wet)

Zoogdierenlandzoogdieren

damhert

Dama dama

Andere soorten (bijlage A van de wet)

Zoogdierenlandzoogdieren

das

Meles meles

Andere soorten (bijlage A van de wet)

Zoogdierenlandzoogdieren

edelhert

Cervus elaphus

Andere soorten (bijlage A van de wet)

Zoogdierenlandzoogdieren

eekhoorn

Sciurus vulgaris

Andere soorten (bijlage A van de wet)

Zoogdierenlandzoogdieren

eikelmuis

Eliomys quercinus

Andere soorten (bijlage A van de wet)

Zoogdierenlandzoogdieren

grote bosmuis

Apodemus flavicollis

Andere soorten (bijlage A van de wet)

Zoogdierenlandzoogdieren

molmuis

Arvicola scherman

Andere soorten (bijlage A van de wet)

Zoogdierenlandzoogdieren

steenmarter

Martes foina

Andere soorten (bijlage A van de wet)

Zoogdierenlandzoogdieren

veldspitsmuis

Crocidura leucodon

Andere soorten (bijlage A van de wet)

Zoogdierenlandzoogdieren

waterspitsmuis

Neomys fodiens

Andere soorten (bijlage A van de wet)

Zoogdierenlandzoogdieren

wild zwijn

Sus scrofa

Andere soorten (bijlage A van de wet)

Zoogdierenzeezoogdieren

gewone zeehond

Phoca vitulina

Andere soorten (bijlage A van de wet)

Zoogdierenzeezoogdieren

grijze zeehond

Halichoerus grypus

Andere soorten (bijlage A van de wet)

Sporenplantenvarens

blaasvaren

Cystopteris fragilis

Andere soorten (bijlage B van de wet)

Sporenplantenvarens

groensteel

Asplenium viride

Andere soorten (bijlage B van de wet)

Sporenplantenvarens

schubvaren

Ceterach officinarum

Andere soorten (bijlage B van de wet)

Zaadplanten

akkerboterbloem

Ranunculus arvensis

Andere soorten (bijlage B van de wet)

Zaadplanten

akkerdoornzaad

Torilis arvensis

Andere soorten (bijlage B van de wet)

Zaadplanten

akkerogentroost

Odontites vernus subsp. vernus

Andere soorten (bijlage B van de wet)

Zaadplanten

beklierde ogentroost

Euphrasia rostkoviana

Andere soorten (bijlage B van de wet)

Zaadplanten

berggamander

Teucrium montanum

Andere soorten (bijlage B van de wet)

Zaadplanten

bergnachtorchis

Platanthera montana

Andere soorten (bijlage B van de wet)

Zaadplanten

blauw guichelheil

Anagallis arvensis subsp. foemina

Andere soorten (bijlage B van de wet)

Zaadplanten

bokkenorchis

Himantoglossum hircinum

Andere soorten (bijlage B van de wet)

28

Quickscan aanwezigheid beschermde natuurwaarden project sloop bebouwing Eglantiersdijk 3 Magrette Zaadplanten

bosboterbloem

Ranunculus polyanthemos subsp. nemorosus

Andere soorten (bijlage B van de wet)

Zaadplanten

bosdravik

Bromopsis ramosa subsp. benekenii

Andere soorten (bijlage B van de wet)

Zaadplanten

brave hendrik

Chenopodium bonus-henricus

Andere soorten (bijlage B van de wet)

Zaadplanten

brede wolfsmelk

Euphorbia platyphyllos

Andere soorten (bijlage B van de wet)

Zaadplanten

breed wollegras

Eriophorum latifolium

Andere soorten (bijlage B van de wet)

Zaadplanten

bruinrode wespenorchis

Epipactis atrorubens

Andere soorten (bijlage B van de wet)

Zaadplanten

dennenorchis

Goodyera repens

Andere soorten (bijlage B van de wet)

Zaadplanten

dreps

Bromus secalinus

Andere soorten (bijlage B van de wet)

Zaadplanten

echte gamander

Teucrium chamaedrys subsp. germanicum

Andere soorten (bijlage B van de wet)

Zaadplanten

franjegentiaan

Gentianella ciliata

Andere soorten (bijlage B van de wet)

Zaadplanten

geelgroene wespenorchis

Epipactis muelleri

Andere soorten (bijlage B van de wet)

Zaadplanten

geplooide vrouwenmantel

Alchemilla subcrenata

Andere soorten (bijlage B van de wet)

Zaadplanten

getande veldsla

Valerianella dentata

Andere soorten (bijlage B van de wet)

Zaadplanten

gevlekt zonneroosje

Tuberaria guttata

Andere soorten (bijlage B van de wet)

Zaadplanten

glad biggenkruid

Hypochaeris glabra

Andere soorten (bijlage B van de wet)

Zaadplanten

gladde zegge

Carex laevigata

Andere soorten (bijlage B van de wet)

Zaadplanten

groene nachtorchis

Coeloglossum viride

Andere soorten (bijlage B van de wet)

Zaadplanten

groot spiegelklokje

Legousia speculum-veneris

Andere soorten (bijlage B van de wet)

Zaadplanten

grote bosaardbei

Fragaria moschata

Andere soorten (bijlage B van de wet)

Zaadplanten

grote leeuwenklauw

Aphanes arvensis

Andere soorten (bijlage B van de wet)

Zaadplanten

honingorchis

Herminium monorchis

Andere soorten (bijlage B van de wet)

Zaadplanten

kalkboterbloem

Ranunculus polyanthemos subsp. polyanthemoides

Andere soorten (bijlage B van de wet)

Zaadplanten

kalketrip

Centaurea calcitrapa

Andere soorten (bijlage B van de wet)

Zaadplanten

karthuizeranjer

Dianthus carthusianorum

Andere soorten (bijlage B van de wet)

Zaadplanten

karwijselie

Selinum carvifolia

Andere soorten (bijlage B van de wet)

29

Quickscan aanwezigheid beschermde natuurwaarden project sloop bebouwing Eglantiersdijk 3 Magrette Zaadplanten

kleine ereprijs

Veronica verna

Andere soorten (bijlage B van de wet)

Zaadplanten

kleine schorseneer

Scorzonera humilis

Andere soorten (bijlage B van de wet)

Zaadplanten

kleine wolfsmelk

Euphorbia exigua

Andere soorten (bijlage B van de wet)

Zaadplanten

kluwenklokje

Campanula glomerata

Andere soorten (bijlage B van de wet)

Zaadplanten

knollathyrus

Lathyrus linifolius

Andere soorten (bijlage B van de wet)

Zaadplanten

knolspirea

Filipendula vulgaris

Andere soorten (bijlage B van de wet)

Zaadplanten

korensla

Arnoseris minima

Andere soorten (bijlage B van de wet)

Zaadplanten

kranskarwij

Carum verticillatum

Andere soorten (bijlage B van de wet)

Zaadplanten

kruiptijm

Thymus praecox

Andere soorten (bijlage B van de wet)

Zaadplanten

lange zonnedauw

Drosera longifolia

Andere soorten (bijlage B van de wet)

Zaadplanten

liggende ereprijs

Veronica prostrata

Andere soorten (bijlage B van de wet)

Zaadplanten

moerasgamander

Teucrium scordium

Andere soorten (bijlage B van de wet)

Zaadplanten

muurbloem

Erysimum cheiri

Andere soorten (bijlage B van de wet)

Zaadplanten

naakte lathyrus

Lathyrus aphaca

Andere soorten (bijlage B van de wet)

Zaadplanten

naaldenkervel

Scandix pecten-veneris

Andere soorten (bijlage B van de wet)

Zaadplanten

pijlscheefkelk

Arabis hirsuta subsp. sagittata

Andere soorten (bijlage B van de wet)

Zaadplanten

roggelelie

Lilium bulbiferum subsp. croceum

Andere soorten (bijlage B van de wet)

Zaadplanten

rood peperboompje

Daphne mezereum

Andere soorten (bijlage B van de wet)

Zaadplanten

rozenkransje

Antennaria dioica

Andere soorten (bijlage B van de wet)

Zaadplanten

ruw parelzaad

Lithospermum arvense

Andere soorten (bijlage B van de wet)

Zaadplanten

scherpkruid

Asperugo procumbens

Andere soorten (bijlage B van de wet)

Zaadplanten

schubzegge

Carex lepidocarpa

Andere soorten (bijlage B van de wet)

Zaadplanten

smalle raai

Galeopsis angustifolia

Andere soorten (bijlage B van de wet)

Zaadplanten

spits havikskruid

Hieracium lactucella

Andere soorten (bijlage B van de wet)

Zaadplanten

steenbraam

Rubus saxatilis

Andere soorten (bijlage B van de wet)

30

Quickscan aanwezigheid beschermde natuurwaarden project sloop bebouwing Eglantiersdijk 3 Magrette Zaadplanten

stijve wolfsmelk

Euphorbia stricta

Andere soorten (bijlage B van de wet)

Zaadplanten

stofzaad

Monotropa hypopitys

Andere soorten (bijlage B van de wet)

Zaadplanten

tengere distel

Carduus tenuiflorus

Andere soorten (bijlage B van de wet)

Zaadplanten

tengere veldmuur

Minuartia hybrida

Andere soorten (bijlage B van de wet)

Zaadplanten

trosgamander

Teucrium botrys

Andere soorten (bijlage B van de wet)

Zaadplanten

veenbloembies

Scheuchzeria palustris

Andere soorten (bijlage B van de wet)

Zaadplanten

vliegenorchis

Ophrys insectifera

Andere soorten (bijlage B van de wet)

Zaadplanten

vroege ereprijs

Veronica praecox

Andere soorten (bijlage B van de wet)

Zaadplanten

wilde averuit

Artemisia campestris subsp. campestris

Andere soorten (bijlage B van de wet)

Zaadplanten

wilde ridderspoor

Consolida regalis

Andere soorten (bijlage B van de wet)

Zaadplanten

wilde weit

Melampyrum arvense

Andere soorten (bijlage B van de wet)

Zaadplanten

wolfskers

Atropa bella-donna

Andere soorten (bijlage B van de wet)

Zaadplanten

zandwolfsmelk

Euphorbia seguieriana

Andere soorten (bijlage B van de wet)

Zaadplanten

zinkviooltje

Viola lutea subsp. calaminaria

Andere soorten (bijlage B van de wet)

Zaadplanten

zweedse kornoelje

Cornus suecica

Andere soorten (bijlage B van de wet)

Vrijgestelde soorten Van de verboden als bedoeld in artikel 3.10, eerste lid, van de wet gelden de in dat lid opgenomen verboden niet voor de onderstaande soorten mits het gaat om handelingen die worden verricht in verband met:

•

de ruimtelijke inrichting of ontwikkeling van gebieden, daaronder begrepen het daarop volgende gebruik van het ingerichte of ontwikkelde gebied;

•

bestendig beheer of onderhoud in de landbouw of bosbouw;

•

bestendig beheer of onderhoud aan vaarwegen, watergangen, waterkeringen, waterstaatswerken, oevers, vliegvelden, wegen, spoorwegen of bermen, of in het kader van natuurbeheer;

•

bestendig beheer of onderhoud van de landschappelijke kwaliteiten van een bepaald gebied. Soortgroep

Nederlandse naam

Wetenschappelijke naam

Amfibiëen

bruine kikker

Rana temporaria

Amfibiëen

gewone pad

Bufo bufo

Amfibiëen

kleine watersalamander

Lissotriton vulgaris

Amfibiëen

meerkikker

Pelophylax ridibundus

Amfibiëen

middelste groene kikker/bastaard kikker

Pelophylax kl. esculentus

31

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11180139/1