2021-05-19 Bijlage 2 - Inventarisatie historische graven en opvallende grafbedekkingen op de gemeentelijke begraafplaatsen Terneuzen
Tekst van het document
Gemeente Terneuzen
INVENTARISATIE HISTORISCHE GRAVEN EN OPVALLENDE GRAFBEDEKKINGEN Op de gemeentelijke begraafplaatsen Bureau Funeraire Adviezen Amsterdam, maart1 van 2021 INVENTARISATIE OPVALLENDE EN HISTORISCHE GRAFBEDEKKINGEN 100
Opdrachtgever: Gemeente Terneuzen Postbus 35 4530 AA TERNEUZEN Contactpersoon: mevr. E. van der Hof
Uitvoering Bureau Funeraire Adviezen Jisperveldstraat 73 1024 AC Amsterdam Telefoon:
06-10816145
E-mail: Website:
info@funerair.nl www.funerair.nl
Tekst en fotografie Redactie
: Bureau Funeraire Adviezen, Leon Bok : Bureau Funeralia, René ten Dam
Met dank aan
Foto voorzijde: Grafpaal op graf voor P. Dieleman († 1959) op de begraafplaats Axel Burchtlaan.
Amsterdam, maart 2021
Rapport nr. 2021-94
© Bureau Funeraire Adviezen. Alle rechten voorbehouden. Conform de algemene voorwaarden, artikel 5, mag het opgeleverde product door de opdrachtgever aangewend worden voor presentatie en publicatie, binnen de strekking van de opdracht. Indien foto’s en teksten door opdrachtgever worden aangewend voor andere publicaties of andere doeleinden, dan dient Bureau Funeraire Adviezen hiervoor uitdrukkelijk toestemming te geven. Aan gebruik, anders dan voor de doelstelling van de opdracht, kan Bureau Funeraire Adviezen kosten verbinden. Ondanks alle zorg die aan de samenstelling van dit rapport is besteed, kan Bureau Funeraire Adviezen niet aansprakelijk worden gesteld voor enige schade die ontstaat of ontstaan is, doordat Bureau Funeraire Adviezen bij de uitvoering van de overeenkomst is uitgegaan van door de opdrachtgever verstrekte onjuiste en/of onvolledige gegevens.
INVENTARISATIE OPVALLENDE EN HISTORISCHE GRAFBEDEKKINGEN
2 van 100
SAMENVATTING In opdracht van de gemeente Terneuzen heeft Bureau Funeraire Adviezen een inventarisatie uitgevoerd op tien begraafplaatsen in de gemeente. Daarbij is gebruikt gemaakt van door de gemeente vastgestelde criteria waarbij grafmonumenten van vóór 1990 geïnventariseerd en geselecteerd zijn. Dat betrof de volgende begraafplaatsen:
1 2 3 4 5 6 7 8 9 10
Begraafplaats Begraafplaats Burchtlaan Begraafplaats Westsingel Begraafplaats Beukelsstraat Begraafplaats Begoniastraat Begraafplaats Molendreef Begraafplaats Oude Kerkstraat Begraafplaats Schapersweg Begraafplaats Nieuwe Kerkstraat Begraafplaats Bellamystraat Begraafplaats Veerstraat
Plaats Axel Axel Biervliet Hoek Hoek Philippine Sas van Gent Sluiskil Terneuzen Zaamslag
De inventarisatie heeft zich gericht op de graven die van historische betekenis zijn of waarvan de grafbedekking een opvallende kwaliteit heeft. Voor Axel - Burchtlaan en Zaamslag is enige informatie vooraf ontvangen, maar van de meeste begraafplaatsen is zelf informatie opgezocht over de belangwekkende personen. Voordat de inventarisatie werd uitgevoerd, is eerst gekeken naar de ontstaansgeschiedenis van de begraafplaatsen. Daarna is in januari en februari 2021 de inventarisatie ter plekke uitgevoerd aan de hand van de genoemde criteria. Uiteindelijk is van de 10 begraafplaatsen een selectie gemaakt die een lijst heeft opgeleverd van 411 graven met daarop 352 grafmonumenten. De samenstelling van de zogenaamde groslijsten is in de bijlage bijgevoegd. Na scoring vielen 6 grafmonumenten op 8 graven af, waarna de selectie is vastgesteld en uitgewerkt. De meeste grafmonumenten zijn geselecteerd in Zaamslag, terwijl Axel - Burchtlaan een goede tweede is. Opgemerkt dient te worden dat zonder input van lokale organisaties of verenigingen de mogelijkheid bestaat dat bijzondere personen niet zijn opgenomen. De geselecteerde graven en grafmonumenten vertegenwoordigen een soort ‘benchmark’ waartegen de overige grafmonumenten van de geïnventariseerde begraafplaatsen afgemeten kunnen worden.
Het is onmogelijk om op termijn alle grafmonumenten te behouden, maar deze selectie kan een hulpmiddel zijn bij het behoud van cultuurhistorische waarden. Er wordt daarom niet alleen geadviseerd over de wijze waarop omgegaan kan worden met de grafmonumenten uit de selectie, maar ook met de overige grafmonumenten. Primair dient men bij het behoud uit te gaan van een consoliderende aanpak. Daarbij zijn in het advies enkele aandachtspunten opgetekend die het onderhoud op de lange termijn ten goede kunnen komen. Bureau Funeraire Adviezen adviseert de gemeente Terneuzen de definitieve selectie formeel vast te laten stellen door het college en deze vervolgens vast te leggen, mede in de grafadministratie. Alle grafmonumenten die geselecteerd zijn, dienen in de administratie een aantekening te krijgen zodat ze niet per ongeluk verwijderd worden. Voorts dient nader gekeken te worden naar het beleid rondom onderhoud en beheer van de geselecteerde grafmonumenten in context tot de begraafplaatsen. Aangeraden wordt dit af te stemmen op de grafmonumenten op deze lijst en alle overige grafmonumenten. Het verdient aanbeveling een toegespitst beleids-, onderhoud- of beheerplan op te stellen (in de hoofdstukken 5 en 6 worden daartoe handvatten aangereikt).
Verder wordt geadviseerd een aantal grafvakken in het geheel aan te wijzen als gemeentelijk monument vanwege de waarde als karakteristiek onderdeel of vanwege de aldaar begraven personen. Dit geldt voor grafvak D en E op de begraafplaats Axel, Burchtlaan, grafvak A in Biervliet en grafvakken B en K in Zaamslag. INVENTARISATIE OPVALLENDE EN HISTORISCHE GRAFBEDEKKINGEN
3 van 100
In het verdere beleid rondom de begraafplaatsen kan de gemeente meenemen dat deze een brede rol kunnen blijven spelen binnen de lijkbezorging in de gemeente. Daarbij hoort een goede communicatie en voorlichting teneinde de bewoners van de verschillende dorpen en steden meer te betrekken bij deze plekken. Dat daarbij naast behoud van grafmonumenten ook het ruimen van teruggevallen graven een rol speelt, is vanzelfsprekend.
INVENTARISATIE OPVALLENDE EN HISTORISCHE GRAFBEDEKKINGEN
4 van 100
INHOUD SAMENVATTING .............................................................................................................................. 3 INHOUD .......................................................................................................................................... 5 INLEIDING ....................................................................................................................................... 7 1 FUNERAIRE HISTORIE VAN DE BEGRAAFPLAATSEN .................................................................... 9 1.1 Axel ............................................................................................................................................. 9 Gemeentelijke begraafplaats Burchtlaan ............................................................................. 10 Gemeentelijke begraafplaats Westerzicht aan de Westsingel............................................. 11 1.2 Biervliet .................................................................................................................................... 11 Gemeentelijke begraafplaats Beukelsstraat ........................................................................ 12 1.3 Hoek .........................................................................................................................................
12 Gemeentelijke begraafplaats Begoniastraat ........................................................................ 13 Gemeentelijke begraafplaats Molendreef ........................................................................... 14 1.4 Philippine .................................................................................................................................. 15 Gemeentelijke begraafplaats Oude Kerkstraat .................................................................... 15 1.5 Sas van Gent ............................................................................................................................. 16 Gemeentelijke begraafplaats Schapersweg ......................................................................... 18 1.6 Sluiskil ....................................................................................................................................... 19 Gemeentelijke begraafplaats Nieuwe Kerkstraat ................................................................ 19 1.7 Terneuzen ................................................................................................................................. 20 Gemeentelijke begraafplaats Bellamystraat ........................................................................
23 1.8 Zaamslag ................................................................................................................................... 23 Gemeentelijke begraafplaats Zaamslag ............................................................................... 24 1.9 Samenvatting historie .............................................................................................................. 26 2 GEHANTEERDE CRITERIA ........................................................................................................ 28 2.1 Criteria voor inventarisatie....................................................................................................... 28 Biografische betekenis van de begravene ............................................................................ 28 Ouderdom grafmonument ................................................................................................... 29 Materiaalgebruik en hantering............................................................................................. 30 Vormgeving van het monument .......................................................................................... 30 Bijzondere symboliek ...........................................................................................................
31 Passend in karakter van het grafveld ................................................................................... 31 Technische staat ................................................................................................................... 32 3 SELECTIE OP GROND VAN CRITERIA ........................................................................................ 33 3.1 Toepassing van de criteria ........................................................................................................ 33 3.2 Uiteindelijke lijst en gegevens .................................................................................................. 33 3.3 Eindscore .................................................................................................................................. 40 4 ADVIES OMGANG MET GESELECTEERDE GRAFMONUMENTEN................................................. 43 4.1 Juridisch .................................................................................................................................... 44 Aanpak in (gemeentelijke) administratie ............................................................................. 44 4.2 Scenario omgang met grafmonumenten .................................................................................
45 Regels en beleidsuitvoering.................................................................................................. 46 Restauratie en onderhoud ................................................................................................... 46 Groen en padenstructuur ..................................................................................................... 47 5 ADVIES INZAKE OMGANG MET OVERIGE GRAFMONUMENTEN ............................................... 49 5.1 Betekenis overige grafmonumenten ........................................................................................ 49 5.2 Wijze van onderhoud en omgang ............................................................................................ 49 5.3 Communicatie en voorlichting ................................................................................................. 50 5.4 Voorbescherming ..................................................................................................................... 50 6 CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN........................................................................................... 51 VERKLARENDE WOORDENLIJST ......................................................................................................
53 LITERATUUR, INTERNET EN BRONNEN ........................................................................................... 58 INVENTARISATIE OPVALLENDE EN HISTORISCHE GRAFBEDEKKINGEN
5 van 100
BIJLAGE: SAMENSTELLING GROSLIJSTEN ........................................................................................ 59 7.1 Totstandkoming........................................................................................................................ 59 Leeswijzer ............................................................................................................................. 59 7.2 Groslijst gemeentelijke begraafplaats Burchtlaan, Axel .......................................................... 60 Toelichting groslijst gemeentelijke begraafplaats Burchtlaan, Axel .................................... 66 7.3 Groslijst gemeentelijke begraafplaats Westsingel, Axel .......................................................... 67 Toelichting groslijst gemeentelijke begraafplaats Westsingel, Axel .................................... 68 7.4 Groslijst gemeentelijke begraafplaats Beukelsstraat, Biervliet................................................ 69 Toelichting groslijst gemeentelijke begraafplaats Beukelsstraat, Biervliet.......................... 72 7.5 Groslijst gemeentelijke begraafplaats Begoniastraat, Hoek .................................................... 73 Toelichting groslijst gemeentelijke begraafplaats, Begoniastraat, Hoek .............................
76 7.6 Groslijst gemeentelijke begraafplaats Molendreef, Hoek ....................................................... 77 Toelichting groslijst gemeentelijke begraafplaats Molendreef, Hoek ................................. 78 7.7 Groslijst gemeentelijke begraafplaats Oude Kerkstraat, Philippine ........................................ 79 Toelichting groslijst gemeentelijke begraafplaats Oude Kerkstraat, Philippine .................. 80 7.8 Groslijst gemeentelijke begraafplaats Schapersweg, Sas van Gent ......................................... 81 Toelichting groslijst gemeentelijke begraafplaats Schapersweg, Sas van Gent ................... 82 7.9 Groslijst gemeentelijke begraafplaats Nieuwe Kerkstraat, Sluiskil .......................................... 83 Toelichting groslijst gemeentelijke begraafplaats Nieuwe Kerkstraat, Sluiskil .................... 84 7.10 Groslijst gemeentelijke begraafplaats Bellamystraat, Terneuzen ........................................... 85 Toelichting groslijst gemeentelijke begraafplaats Bellamystraat, Terneuzen ................. 89 7.11 Groslijst gemeentelijke begraafplaats Veerstraat, Zaamslag ................................................... 90 Toelichting groslijst gemeentelijke begraafplaats Veerstraat, Zaamslag .........................
98 7.12 Totaal aantal geïnventariseerde grafmonumenten en kenmerken ......................................... 99
INVENTARISATIE OPVALLENDE EN HISTORISCHE GRAFBEDEKKINGEN
6 van 100
INLEIDING De gemeente Terneuzen kreeg in 2003 haar huidige vorm na de fusie van de gemeenten Axel, Sas van Gent en Terneuzen. De gemeente telt in totaal tien gemeentelijke begraafplaatsen op een totaal van negentien begraafplaatsen. De gemeentelijke begraafplaatsen verschillen nogal van karakter. Vier begraafplaatsen dateren uit de eerste helft van de negentiende eeuw, twee zijn van rond de eeuwwisseling en vier begraafplaatsen zijn aangelegd na de Tweede Wereldoorlog, met de jongste daterend uit 1980. Enkele jaren geleden is het besluit genomen om de gemeentelijke begraafplaatsen opnieuw in te richten. De begraafplaatsen zijn anno 2020 te groot geworden en nemen voor de gemeente onevenredig veel kosten met zich mee. De gemeente Terneuzen wil eerst in kaart brengen hoe de herinrichting vorm moet krijgen. Daarbij is ook in ogenschouw genomen dat de begraafplaatsen onderdeel uitmaken van het cultureel erfgoed in de gemeente. Om nu vast te stellen welke grafmonumenten van waarde zijn of welke graven van bekende personen behouden dienen te blijven, heeft de gemeente Terneuzen aan Bureau Funeraire Adviezen opdracht gegeven tot inventarisatie van de volgende begraafplaatsen:
1 2 3 4 5 6 7 8 9 10
Begraafplaats Begraafplaats Burchtlaan Begraafplaats Westsingel Begraafplaats Beukelsstraat Begraafplaats Begoniastraat Begraafplaats Molendreef Begraafplaats Oude Kerkstraat Begraafplaats Schapersweg Begraafplaats Nieuwe Kerkstraat Begraafplaats Bellamystraat Begraafplaats Veerstraat
Plaats Axel Axel Biervliet Hoek Hoek Philippine Sas van Gent Sluiskil Terneuzen Zaamslag
De inventarisatie van de begraafplaatsen is uitgevoerd aan de hand van vooraf vastgestelde criteria, die samengevat als volgt luiden: 1. Biografische betekenis van de begravene; 2. Ouderdom grafmonument > 30 jaar; 3. Materiaalgebruik en hantering; 4. Vormgeving van het monument; 5. Bijzondere symboliek; 6. Passend in karakter van het grafveld; 7. Technische staat. Over de graven die van betekenis zijn vanwege de personen, is vooraf getracht contact te leggen met plaatselijke verenigingen en stichtingen die zich bezighouden met de cultuur in hun dorp of stad. Alleen vanuit Zaamslag is een lijst ontvangen met graven die volgens Zaamslag Geleefd van belang zijn. Tevens is door een vrijwilliger het belang van sommige graven en personen uiteengezet. In januari en februari 2021 is vervolgens ter plekke de inventarisatie zelf uitgevoerd. Daarbij is vooraf wel onderzoek gedaan naar personen van belang, slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog of andere gebeurtenissen. De inventarisatie is in eerste instantie vastgelegd in een zogenaamde groslijst per begraafplaats, waarbij met hulp van literatuur en verschillende internetbronnen alle voorgestelde en gevonden personen (zo goed als mogelijk) nagezocht zijn op hun biografische betekenis. Daarna is een nadere selectie gemaakt aan de hand van de vastgelegde criteria.
Graven en grafmonumenten hebben in die selectie een specifieke score gekregen wanneer ze: ➢ Een aanduiding of verwijzing naar historische persoon of familie geven;
INVENTARISATIE OPVALLENDE EN HISTORISCHE GRAFBEDEKKINGEN
7 van 100
➢ ➢ ➢ ➢ ➢ ➢
Een grafmonument bevatten dat ouder is dan dertig jaar (dat wil zeggen dat 1991 als grens is gehanteerd); Een grafmonument bevatten waarin sprake is van bijzonder materiaalgebruik en -hantering; Een grafmonument bevatten met een vormgeving met cultuurhistorische betekenis; Een grafmonument bevatten dat voorzien is van bijzondere symboliek of bijzondere teksten; Een grafmonument bevatten dat een impact heeft op de totale aanblik van de begraafplaats of van belang is voor de karakteristiek van het betreffende grafveld, en: Waarvan het grafmonument in een dusdanige technische staat verkeert (onderscheiden in Goed, Redelijk, Matig, Slecht) dat geen grote ingreep nodig is.
Aan de hand van de definitieve score wordt aan de gemeente Terneuzen een lijst voorgesteld van grafmonumenten of grafvelden (aangeduid per begraafplaats) die behouden zouden kunnen blijven. In dit rapport is deze aanpak uitgewerkt. Om de selectie te onderbouwen, is in hoofdstuk één een korte beschrijving gemaakt van de funeraire historie van de dorpen en steden en de geïnventariseerde begraafplaatsen. In hoofdstuk twee worden de criteria voor deze inventarisatie nader toegelicht met uitleg van het aantal punten dat aan de hand van de criteria kan worden toegekend. De groslijsten die na de inventarisatie zijn ontstaan, zijn opgenomen in een bijlage en worden daarbij kort toegelicht. Zaken als aantallen, bijzondere materialen, vormgeving of symboliek komen kort aan bod, evenals de oogst van bijzondere rollen en beroepen, voor zover van toepassing. In hoofdstuk drie wordt ingegaan op de toepassing van de geformuleerde selectiecriteria op de geïnventariseerde grafmonumenten uit de groslijst. Hieruit komt een definitieve lijst naar voren die als apart bestand (Excel) bij dit rapport is gevoegd. In dit hoofdstuk wordt op deze definitieve lijst een toelichting gegeven, waar nodig toegelicht met voorbeelden van de verschillende begraafplaatsen.
Hoofdstuk vier bevat een advies voor de omgang met de geselecteerde grafmonumenten, passend binnen het beleid en beheer van de begraafplaatsen. In hoofdstuk vijf wordt kort ingegaan op de wijze waarop omgegaan zou kunnen worden met alle overige grafmonumenten die ook een belangrijk onderdeel vormen van het beeld op de begraafplaats. Deze beide hoofdstukken kunnen dienen als input voor een beleid- of beheerplan dat opgesteld wordt voor het behoud van de geselecteerde grafmonumenten. Hoofdstuk zes is een afsluitend hoofdstuk waarin enkele conclusies en aanbevelingen op een rij worden gezet. Voor nadere duiding is nog een verklarende woordenlijst opgenomen waarin een groot aantal begrippen en termen die in dit rapport voorkomt, nader verklaard wordt. Vanzelfsprekend is een verwijzing opgenomen naar de gebruikte literatuur, internetsites en bronnen.
INVENTARISATIE OPVALLENDE EN HISTORISCHE GRAFBEDEKKINGEN
8 van 100
1 FUNERAIRE HISTORIE VAN DE BEGRAAFPLAATSEN Elke begraafplaats en kerkhof in Nederland heeft zo zijn eigen geschiedenis. De ouderdom en de verdere ontwikkeling van zo’n begraafplaats bepalen min of meer wat ter plekke kan worden aangetroffen. De grafmonumenten reflecteren een stuk geschiedenis en ontwikkeling van de begraafplaats, maar ook van de stad of het dorp waartoe ze behoren. In dit hoofdstuk wordt kort ingegaan op de funeraire geschiedenis van de dorpen en steden en specifiek die van de geïnventariseerde begraafplaatsen.
1.1 Axel De plaats Axel wordt voor het eerst genoemd in de tiende eeuw. Begin twaalfde eeuw is er sprake van een kerk, gewijd aan Sint Petrus. Met het verkrijgen van stadsrechten in 1213 (ook 1183 wordt wel genoemd) verkreeg Axel een belangrijke rol in de regio waar Gent de meeste macht bezat. De rijkdom van Gent bracht niet alleen voorspoed, want verschillende keren werd de stad door Gentse troepen geplunderd. Met de bouw van de vestingwerken verdwenen de oude kerk en kasteel en werd de bestaande Barbarkapel in gebruik genomen als kerk. Deze kapel werd vervolgens in de zeventiende eeuw vervangen en ingericht voor de hervormde eredienst. Bij deze kerk lag het belangrijkste kerkhof van de stad. Ongetwijfeld werd er tevens in de kerk begraven, maar daarvan zijn waarschijnlijk geen sporen meer te vinden nadat de kerk in 1923 is vervangen door een grotere kruiskerk. In het 1919 uitgebrachte Genealogische en heraldische gedenkwaardigheden in en uit de kerken der provincie. Zeeland van mr. P.C. Bloys van Treslong Prins wordt nog een vijftal zerken in de kerk aangetroffen. Deze zerken kunnen vandaag de dag aangetroffen worden aan de voet van de kerktoren. Het kerkhof zal gesloten zijn toen in 1828 op een van de zuidwestelijke stadswallen een nieuwe begraafplaats werd aangelegd.
De noodzaak daartoe werd van hogerhand afgedwongen door middel van de maatregel dat alle dorpen en steden in Nederland vanaf 1829 een begraafplaats buiten de bebouwde komt moesten aanleggen. Overigens werd in 1874 in het oosten van de stad op een van de andere stadswallen, een katholieke begraafplaats aangelegd. Later werd daar een katholieke kerk bij gebouwd. Vanaf 1990 is de katholieke begraafplaats niet meer in gebruik.
Afb. 1. Kadastrale tekening van ± 1830 met in het grote vierkant de begraafplaats, gelegen op wat nog herkenbaar is als oude stadswal (bron: Beeldbank RCE).
INVENTARISATIE OPVALLENDE EN HISTORISCHE GRAFBEDEKKINGEN
9 van 100
Gemeentelijke begraafplaats Burchtlaan Over de aanleg van de begraafplaats is weinig bekend. De kadastrale kaart van omstreeks 1830 geeft een vierkant perceel aan op een van de stadswallen met ten zuiden en westen water. In het register wordt de Hervormde kerk als eigenaar vermeld, maar in de loop van de eeuw moet de begraafplaats overgenomen zijn door de gemeente. Archeologische vondsten ter plekke en oude geschriften wijzen erop dat hier ooit een kerk stond, waar mogelijk al begraven werd. Bij het delven van de graven werden hier in het verleden soms dikke resten van muren gevonden die dan opgeruimd werden. In 1889 verkocht de gemeente populieren die op de wal rondom de begraafplaats stonden. De begraafplaats is nadien vrijwel zeker een aantal keren vergroot, zeker nog na de Tweede Wereldoorlog. Daarbij zijn de wallen die oorspronkelijk aan de west- en zuidzijde lagen, benut. In de jaren vijftig werd aan de zuidwestzijde op enige afstand een ontsluitende weg voor de nieuwe woonwijken in het westen van Axel aangelegd. Daarna kreeg de begraafplaats de huidige vorm van een nagenoeg vierkant perceel van ruim 1 hectare. In de Tweede Wereldoorlog werd bij de bevrijding van Axel zwaar gevochten. Daarbij sneuvelden in 1944 verschillende Poolse militairen en meerdere burgers. 22 Poolse militairen rusten sinds de oorlog op de begraafplaats (vak E).
De vele burgerslachtoffers werden begraven op wat nu vak D is. In 1962 had de Oorlogsgravenstichting plannen om de Poolse graven over te brengen naar een centrale begraafplaats elders. Door verzet vanuit Axel besloot de Oorlogsgravenstichting echter dat de graven konden blijven waar ze waren. Eveneens in 1962 waren er plannen voor de bouw van een aula op de begraafplaats. Eerder al, in 1959, was besloten een nieuw lijkenhuis te bouwen. In die jaren was er tevens sprake van een kwestie rondom de onderhoudskosten. De inkomsten waren destijds lager dan de uitgaven. Waarschijnlijk is geen van de plannen uitgevoerd. In 1970 kwam de gemeente met de eerste plannen voor een nieuwe begraafplaats. Westelijk van de stad werd destijds een gebied opgespoten voor de uitbreiding van Axel. Ondertussen bleef de bestaande begraafplaats in gebruik en is er verschillende malen geruimd. Bij een grote ruiming in 1999 is twee derde van de begraafplaats geruimd en heringericht. Nadien is nog in 2013 een deel van de begraafplaats geruimd. Vandaag de dag bestaat de begraafplaats bijna twee eeuwen. Er is nog een aantal grafmonumenten uit de negentiende eeuw, maar het grootste deel dateert van de twintigste eeuw. Opvallend is dat een gedeelte van de eerder geruimde velden op een andere wijze opnieuw is ingericht met de paden en graven schuin op de bestaande richting.
Er zijn nog een drietal vakken met oudere Afb. 2. Eenvoudige grafzerk voor de in 1846 gestorven Anna Maria Michielsen op vak F. grafmonumenten, te weten vak D, F en G. Met name op vak F bevindt zich nog een aantal oudere grafmonumenten.
INVENTARISATIE OPVALLENDE EN HISTORISCHE GRAFBEDEKKINGEN
10 van 100
Gemeentelijke begraafplaats Westerzicht aan de Westsingel De plannen voor de nieuwe begraafplaats kwamen in de jaren zeventig van de vorige eeuw regelmatig in het (lokale) nieuws. In 1973 werd duidelijk dat op de begraafplaats naast een algemeen deel een rooms-katholiek deel zou worden ingericht. De rooms-katholieke parochie was het daar niet mee eens en wenste feitelijk haar eigen begraafplaats uit te breiden, maar de raad bleek daarop tegen. In 1977 stelden B&W voor om aan de Westsingel een perceel van 2 hectare te kopen voor een nieuwe begraafplaats. Uit de besprekingen daarna kwam naar voren dat het een begraafplaats met een parkachtige aanleg zou worden. Begin 1978 werd de beplanting rond het terrein aangebracht. In augustus 1978 keurde Gedeputeerde Staten het plan voor de begraafplaats goed, zodat niet lang daarna begonnen werd met de aanleg. Die aanleg zou in eerste instantie voor de eerste fase (verharding en beplanting) bijna 300.000 gulden kosten. Door bezuinigingen kon dit bedrag wat omlaag worden gebracht. In de loop van 1979 werd de aanleg gerealiseerd. In september van dat jaar werd nog een bedrag van 150.000 gulden uitgetrokken voor een wachtgelegenheid annex lijkenhuisje en berging. Met ingang van 1 januari 1980 werd de begraafplaats in gebruik genomen. Overigens werd toen al voorzien dat de begraafplaats na 12 jaar vol zou zijn.
De inrichting bleek een tegenvaller te zijn want het onderhoud ervan was veel arbeidsintensiever dan B&W zich hadden voorgesteld. Met het vol raken viel het wel mee, mede door het ruimen van graven waarvan de grafrechten verliepen en de toename van crematies. Inmiddels heeft dit op de oude grafvakken geleid tot behoorlijk lege velden. Van de eerste, vrij uniforme grafmonumenten uit de beginjaren resten nog maar weinig exemplaren.
Afb. 3. Vak E waar in 2017 grootschalig geruimd is, net als op de vakken A en B.
1.2 Biervliet De stad Biervliet is ontstaan op wat hoger gelegen gronden langs een bevaarbare stroom en groeide daardoor al snel uit tot een plaats van belang. In de tiende eeuw is de plaats al vermeld in documenten. In 1183 kreeg Biervliet stadsrechten en groeide uit tot een van de havensteden rondom Brugge en Gent. Handel via zee werd, naast zout- en lakenindustrie, een belangrijke bron van inkomsten. Het zout werd vooral gebruikt voor het haringkaken. De winning van het zout via het afgraven van veen brachten Biervliet welvaart, maar zorgde er tevens voor dat de dijken verzwakt raakten. Doorbraken in de veertiende en vijftiende eeuw maakten van Biervliet een eiland. In de zeventiende eeuw werd binnen de middeleeuwse stad een fort aangelegd en in 1660 werd een (nieuwe) kerk gebouwd. Van oudere kerken en het klooster zijn ten zuiden van de huidige stad enige sporen gevonden, waaronder een kerkhof. Die kerk is bij de vele overstromingen mogelijk ten onder gegaan. De huidige kerk in het fort INVENTARISATIE OPVALLENDE EN HISTORISCHE GRAFBEDEKKINGEN
11 van 100
werd in 1659 gebouwd. In en bij de kerk werd begraven, maar daarvan zijn nauwelijks nog sporen te vinden in de kerk. In 1919 lag er in de kerk nog een aantal verweerde zerken maar die zijn er vandaag de dag niet meer. Bij een restauratie in 2002 werd nog een grafkelder ontdekt, naar alle waarschijnlijkheid van Magiel de la Palma, die ten tijde van de bouw van de kerk burgemeester was van Biervliet. Het kerkhof in het centrum van het kleine stadje is tot 1833 in gebruik gebleven. Volgens het register werden toen de eerste graven uitgegeven op de nieuwe begraafplaats die ten westen van de stad was aangelegd. Overigens werd in 1893 een katholieke begraafplaats aangelegd ten noordoosten van de stad. Gemeentelijke begraafplaats Beukelsstraat Over de aanleg is zonder nader archiefonderzoek verder weinig te zeggen. Wel kunnen we aan de hand van de oude kadastrale percelen en topografische kaarten nagaan hoe de huidige begraafplaats tot stand is gekomen. Lange tijd werd een langwerpig perceel gebruikt dat toegankelijk was vanaf de oostzijde. Hier liggen nu de vakken A tot en met H. Van de vele burgerslachtoffers die in 1944 vielen bij de bevrijding van het dorp, ligt het merendeel op vak A begraven. In de jaren zestig van de vorige eeuw werd ten westen van de lange strook een uitbreiding gemaakt. Hiervoor werd door de toenmalige gemeente de Nederlandse Heidemij ingeschakeld.
In 1965 werd daar voor het eerst gebruik van gemaakt met een begrafenis op vak K. De uitbreiding sloot niet direct aan op de Afb. 4. De oorspronkelijke begraafplaats op de Topografische kaart van 1915. Ter hoogte oude begraafplaats, van waar nu vak A ligt, is nog een gebouw te herkennen en ook de zijde aan de maar kreeg een Beukelsstraat is bebouwd. andere oriëntatie. Lagen op het oude gedeelte de graven vaak dicht op elkaar, nu kwamen alle graven aan paden te liggen. De uitbreidingsplannen hadden met name te maken met het feit dat de roomskatholieke begraafplaats vol raakte in die tijd. Bij de uitbreiding is een dienstgebouwtje neergezet, mogelijk ter vervanging van een ouder gebouw op de oorspronkelijke begraafplaats. Eind 1975 maakte het rooms-katholieke kerkbestuur in Biervliet bekend dat ze het kerkhof met ingang van 1 februari 1976 wilde opheffen. Wel werd aangegeven dat men zal trachten zorg te blijven dragen voor het onderhoud van het kerkhof. Overigens zijn tot in deze eeuw bijzettingen gedaan op de rooms-katholieke begraafplaats. Eind jaren tachtig is aan de noordzijde een perceel aangekocht waar nog eens drie vakken (Q, R en S) werden aangelegd die in 1990 in gebruik werden genomen. Dit gedeelte kreeg een eigen ontsluiting waardoor de begraafplaats niet alleen twee ingangen kent, maar ook rondom een bestaand en bebouwd perceel is komen te liggen.
In 1995 is in Biervliet een columbarium gebouwd. Ruimingen hebben vaak plaatsgevonden op de begraafplaats, zoals in 2013. Op vak L is een verzamelgraf ingericht. Desondanks is op de oude vakken nog wel wat terug te vinden van de oude grafcultuur, alhoewel de vakken hier in sommige gevallen wel dicht gegroeid zijn met struiken.
1.3 Hoek Hoek is ontstaan nadat delen van de Braakman in de zestiende en zeventiende eeuw weer werden ingepolderd. De bewoners van het verdronken dorp Vremdijcke vestigden zich hier op een driesprong INVENTARISATIE OPVALLENDE EN HISTORISCHE GRAFBEDEKKINGEN
12 van 100
van dijken en bouwden er in 1608 een kerk. Zuidelijk van Hoek lag een fort met haven dat zorgde voor verbinding met andere delen van Zeeuws-Vlaanderen en Zeeland. Allengs groeide de bebouwing uit tot een dorp. De kerk werd in 1823 vergroot. Rondom lag het kerkhof dat zich ook nog enigszins naar het westen uitstrekte. Bij een verbouwing in 1905 zijn enkele oude grafzerken uit de kerk in de vloer bij de ingang geplaatst. In 2015 werd de kerk door een ernstige brand getroffen en van de zerken is waarschijnlijk niets overgebleven. Het kerkhof raakte halverwege de negentiende eeuw in onbruik, nadat er ten noorden van het dorp een nieuwe begraafplaats was aangelegd.
Afb. 5. Kadastrale kaart van Hoek van rond 1830 met kerk en kerkhof.
Gemeentelijke begraafplaats Begoniastraat Rond 1830 telde het dorp Hoek waarschijnlijk nog geen 1.000 inwoners. Daardoor hoefde niet meteen een nieuwe begraafplaats te worden aangelegd. Enkele decennia later was dat wel het geval en kocht de gemeente een perceel grond voor dit doel. Het eigendom van dat perceel was in handen van wat omschreven werd als de ‘Armen van Neuzen’, wat waarschijnlijk de Hervormde Armenkas uit Terneuzen was. Het terrein ter grootte van 4.370 m2 lag niet ver van de bebouwde kom, maar wel ruim honderd meter uit de Molendijk en ver genoeg van enige bebouwing verwijderd. Waarschijnlijk is de begraafplaats voor ingebruikname enigszins opgehoogd. Vanaf de Molendijk liep een lang pad naar de ingang van de begraafplaats. Omdat Hoek in de loop van de negentiende eeuw verder groeide, is rond de eeuwwisseling een rechthoekig stuk achter de begraafplaats ingericht als uitbreiding. Nadat eind jaren zestig ten zuiden van de begraafplaats een nieuwe woonwijk verrees, verdween het pad naar de begraafplaats. Nadat in de jaren zeventig ook ten noorden van de begraafplaats nieuwe woningen verrezen, kwam de begraafplaats midden in een woonwijk te liggen. Daarmee waren de mogelijkheden voor uitbreiding van de begraafplaats verdwenen.
Omdat er halverwege de jaren zeventig op de begraafplaats bijna geen ruimte meer was, heeft de gemeente daar een voorlopige oplossing voor gevonden, waarschijnlijk door te ruimen in vakken A en B. In maart 1977 meldde B&W van Terneuzen dat in Hoek een nieuwe begraafplaats zou worden aangelegd omdat de bestaande nu echt vol dreigde te raken. In eerste instantie was het idee om daarna de bestaande begraafplaats te ruimen, maar uiteindelijk is daarover anders besloten. De begraafplaats is na ingebruikname van de nieuwe begraafplaats in 1980 nauwelijks meer gebruikt om te begraven. Wel werd het groenplan bijgehouden. Het opvallende daaraan is dat in de loop der tijd enkele groenelementen zijn ingevoegd die niet altijd gebruikelijk zijn voor begraafplaatsen en zeker niet in dorpen zoals Hoek. Centraal achter de ingang ligt bijvoorbeeld een ovaal perk met rondom brede paden. Ook de gebogen lijnen in een deel van grafvak F wijst op andere plannen met de inrichting INVENTARISATIE OPVALLENDE EN HISTORISCHE GRAFBEDEKKINGEN
13 van 100
van de begraafplaats. Uiteindelijk is het bij enkele ingrepen gebleven en oogt de rest van de grafvakken zoals op de andere begraafplaatsen, strak op rijen langs paden of direct op elkaar bij wat oudere grafvakken, zoals op grafvak D. Rond 2011 werd het baarhuisje op de begraafplaats afgebroken. Het eenvoudige huisje had vanuit funerairhistorische zin een grote waarde. Ter plekke is nu een zitje gecreëerd met twee banken en een informatiebord. In 2017 stelde de dorpsraad van Hoek voor om de oude begraafplaats om te vormen tot wandelgebied. Als eerste werden de paden verbeterd, een tweede toegang gerealiseerd en een aantal bankjes geplaatst. Inmiddels wordt de begraafplaats door de omwonenden daadwerkelijk als Afb. 6. Het baarhuisje op de begraafplaats, gefotografeerd in parkje benut. Overigens werd in 2017 op 2009. grafvak E voor het laatst iemand begraven. Veel grafmonumenten op de begraafplaats dateren uit de twintigste eeuw. Slechts in vak D staan enige vroeg-twintigste-eeuwse grafmonumenten. Elders is een enkel ouder grafmonument onttrokken aan het zicht door opschot. Gemeentelijke begraafplaats Molendreef In 1977 ging de gemeente op zoek naar een geschikt terrein om een nieuwe begraafplaats aan te leggen. Het jaar daarop, in juni 1978, werd besloten de nieuwe begraafplaats aan te leggen in de Koudepolder ten zuiden van het dorp.
Daar verrees niet lang daarna ook een nieuwe woonwijk. De eerste begraving vond halverwege 1980 plaats. De aanleg van de begraafplaats werd uitgevoerd door aannemersbedrijf
Afb. 7. Zicht over het noordelijke grafvak, vak O richting de ingang.
INVENTARISATIE OPVALLENDE EN HISTORISCHE GRAFBEDEKKINGEN
14 van 100
’t Gilde uit Hoek. Van het totale beschikbare oppervlak van ruim 2 hectare werd 1,4 ingericht. De rest werd in reserve gehouden. Tot op heden is dit gedeelte in gebruik als volkstuinencomplex.
1.4 Philippine Het dorp Philippine is in 1505 gesticht als vesting door hertog Philips de Schone en kreeg als snel stadsrechten. De hertog koos voor de vesting een strategische locatie waar de Braakman zich splitste in het Axelse Gat en het Sasse Gat. Na de aanleg van een haven in 1599 ontwikkelde de vesting zich eveneens tot vissersplaats. In 1816 werd de vesting opgeheven, maar Philippine werd door de visserij van groter belang. Vissers uit België vestigden zich hier waarbij de mosselvangst een steeds belangrijker onderdeel werd. Nadat de vesting in 1633 in Staatse handen was gevallen, werd in 1646 een hervormde kerk gebouwd. Ten westen en ten noorden van de kerk lag het kerkhof. In de kerk zelf werd ook begraven. Daarvan getuigen in de muren nog twee zerken, daterende uit de zeventiende eeuw. In 1760 mochten de katholieke inwoners van de vesting een schuurkerk bouwen op het bastion Meyland. Na afbraak van de kerk in 1862 is waarschijnlijk het terrein als begraafplaats in gebruik genomen. Eerder, in 1847 was er nog een dispuut over het eigendom van het kerkhof bij de hervormde kerk tussen katholieken en hervormden. Beide maakten aanspraak op het kerkhof, maar er was meer aan de hand. Een jaar later bleek dat de katholieken het hervormde kerkhof ingenomen hadden, er een kruis hadden geplaatst en bomen rondom hadden geplant.
Vanaf dat moment begroeven de katholieken hun doden op het hervormde kerkhof zonder vergoeding. Later werd het kerkhof weer teruggegeven aan de hervormden omdat de katholieken het eigendom niet konden aantonen. Vanaf dat moment werd het kerkhof verhuurd aan de gemeente en werd een stuk afgeschermd voor katholieken, totdat ze in 1862 het vrijgekomen terrein van de kerk waren gaan gebruiken. In 1899 werd het gemeentelijke kerkhof gesloten nadat er bij de katholieke begraafplaats een klein deel voor de gemeente was ingericht.
Afb. 8. De katholieke kerk op bastion Meyland rond 1830.
Gemeentelijke begraafplaats Oude Kerkstraat In 1899 werd de gemeentelijke begraafplaats in gebruik genomen. Deze kwam er nadat de Inspecteur van het Geneeskundig Staatstoezicht in 1897 had vastgesteld dat de toestand van het oude kerkhof niet gunstig was. Het kerkhof bleek overvol en de ligging was niet ideaal.
INVENTARISATIE OPVALLENDE EN HISTORISCHE GRAFBEDEKKINGEN
15 van 100
De situatie in 1899 verschilde waarschijnlijk niet veel van die vandaag de dag. Een klein rechthoekig terrein, afgescheiden van de katholieke begraafplaats. Een gedeelte achter de gemeentelijke begraafplaats is later benut voor een uitbreiding van de katholieke begraafplaats. Op een luchtfoto van voor 1940 is de scheiding tussen de verschillende delen duidelijk zichtbaar. Het lijkenhuisje dat rond 1870 gebouwd was bij de katholieke begraafplaats werd door beide partijen gebruikt. Op de luchtfoto is overigens te zien dat het huisje destijds een schilddak had, terwijl dat vandaag de dag een zadeldak heeft. Bijzondere elementen in het huisje zijn de schedels met knoken, verwijzend naar de onvermijdelijke dood.
Afb. 9. Luchtfoto van vóór de Tweede Wereldoorlog, waarop de begraafplaatsen goed te zien zijn. Grote delen van beide begraafplaatsen bevatten nog nauwelijks grafmonumenten.
De begraafplaats wordt vandaag de dag vooral gekenmerkt door het grijze split dat er overal ligt. Er zijn tien rijen uitgetekend, maar niet alle bevatten nog grafmonumenten. De oudste grafmonumenten liggen achteraan, alles omgeven door hoge hagen.
1.5 Sas van Gent Sas van Gent is zoals de naam het al zegt, ontstaan bij een sas, oftewel sluis. Die sluis werd tussen 1551 en 1563 gebouwd. Enkele jaren eerder, in 1547, had Karel V een octrooi aan de stad Gent gegeven voor de aanleg van een kanaal van Gent naar de Westerschelde. De versterking die rond de sluis werd gebouwd, werd de vesting Sas van Gent. Nadat de vesting in 1644 ingenomen was door Frederik Hendrik kreeg deze in 1648 een hervormde Afb. 10. De uit 1648 daterende kerk met daaromheen het oude kerkhof op de kruiskerk. De bestaande kadastrale tekening van rond 1830. INVENTARISATIE OPVALLENDE EN HISTORISCHE GRAFBEDEKKINGEN
16 van 100
kapel in Sas van Gent werd in 1660 verkocht, evenals het kerkhof dat erbij lag. Bij de hervormde kerk werd een kerkhof aangelegd en in de kerk werden hoge adellijke heren begraven die behoorden tot het garnizoen in de vesting. Van de graven in de kerk is na een brand in 1896 niets meer terug te vinden. Pas rond 1700 vestigden zich weer katholieken in Sas van Gent en in 1720 bouwden ze een schuurkerk. Later werd een volwaardige kerk gebouwd die rond 1890 vervangen werd door de huidige katholieke kerk. In 1846 kregen de katholieken toestemming voor de aanleg van een begraafplaats bij de kerk, gelegen aan de Noorderstraat. In 1816 verkreeg Sas van Gent stadsrechten van koning Willem I. Halverwege de negentiende eeuw telde Sas van Gent 900 inwoners. Een nieuwe begraafplaats was niet direct noodzakelijk. Het hervormde kerkhof is op een kadastrale kaart van 1830 gelegen ten zuiden van de kerk, maar ongetwijfeld zal eerder ook de verdere ruimte rond de kerk gebruikt zijn als kerkhof. Halverwege de negentiende eeuw kon Sas van Gent dus beschikken over twee begraafplaatsen binnen de vesting. Met de afbraak van de vestingwallen was overigens al eind achttiende eeuw begonnen, wat betekende dat er rond Sas van Gent veel grond vrij kwam. In 1874 werd besloten een deel van de vestinggrond aan de gemeente over te dragen voor een begraafplaats.
Daarbij kwam naar voren dat er mogelijk een servituut van uit- en overweg op zou komen te rusten, wat niet wenselijk werd geacht. Aan de regering werd ter overweging gegeven het achterliggende perceel te verkopen aan de gemeente. Waarschijnlijk zijn toen de plannen niet doorgegaan. In ieder geval werd in 1896 door Gedeputeerde Staten geadviseerd dat dat de katholieke begraafplaats in de kom van Sas van Gent gesloten diende te worden omdat ze te klein was voor het aantal begrafenissen dat er jaarlijks plaatsvond. Met dit advies werd vooralsnog niets gedaan omdat niets was gebleken van nadelige effecten op de omwonenden. In 1900 werd een deel van de westelijke wallen gebruikt voor de aanleg van een nieuwe begraafplaats. Het grootste deel was bestemd als katholieke begraafplaats en ten noordwesten ervan werd een kleine algemene begraafplaats aangelegd. Daarbij werd een lijkenhuisje gebouwd, net zoals in Philippine het geval was. In 1961 werd een uitbreiding van de begraafplaats goedgekeurd. Uitbreidingen van Sas van Gent stonden verdere groei ter plekke niet toe en in 1976 werd ten noorden van het dorp een nieuwe begraafplaats in gebruik genomen. De oude gemeentelijke begraafplaats werd in 2012 geruimd en is inmiddels geheel bebouwd. De katholieke begraafplaats bleef evenwel bestaan, maar wordt niet meer gebruikt voor begravingen.
Afb. 11. Luchtfoto van het westen van Sas van Gent met daarop de in 1900 aangelegde katholieke begraafplaats met achteraan de gemeentelijke begraafplaats.
INVENTARISATIE OPVALLENDE EN HISTORISCHE GRAFBEDEKKINGEN
17 van 100
Gemeentelijke begraafplaats Schapersweg In 1972 kocht de gemeente Sas van Gent grond aan ten noorden van de Schapersweg met het oog op de aanleg van een nieuwe begraafplaats. Voor de aanleg werd de Nederlandse Heidemij aangetrokken. Bij de begraafplaats werd onder meer een aula gepland, een ruime parkeerplaats, een strooiweide en wandelpaden. In eerste instantie werden 1.420 graven gepland met de mogelijkheid deze met 1.600 graven uit te breiden. In 1974 werd besloten op de nieuwe begraafplaats de klassenindeling niet langer te hanteren en geen onderscheid te maken tussen religies. In maart 1976 werd besloten de nieuwe begraafplaats eind april van dat jaar in gebruik te nemen. De naam van de begraafplaats werd Sint-Jan Schorre. Bedoeling was na ingebruikname van de nieuwe begraafplaats de katholieke en algemene begraafplaats te sluiten. De inrichting van de begraafplaats vormt een groot verschil met wat Sas van Gent tot dan toe kende. Op een groot perceel werd een ruime begraafplaats aangelegd waar de graven niet meer strak aaneen werden uitgegeven, maar langs rondlopende paden in een landschappelijke omgeving. Opvallend daarbij is wel het hoogteverschil. De graven zijn aangelegd op een hoger gelegen gedeelte dat via een breed pad ontsloten wordt en aansluit op beklinkerde rondlopende paden.
Het voorste gedeelte van het terrein ligt laag en bevat onder andere een aula, parkeerplaatsen en een fors gazon. De begraafplaats ligt op ruime afstand van Sas van Gent, tegen de Belgische grens aan. Vanaf het begin was de regel dat de grafmonumenten zo uniform mogelijk moesten zijn en alle geplaatst op een betonnen rand. De hoogte was maximaal 80 centimeter en de breedte 70 Afb. 12. Het graf van de eerstbegravene Gilbert A. Rotthier, gestorven op 15 mei 1976. centimeter bij een dikte van 10 centimeter. Alleen hardsteen was toegestaan en dekstenen werden niet toegestaan. De gemeente Sas van Gent streefde naar die uniformiteit omdat ze van mening was dat uiterlijk vertoon niet meer van de tijd was. Een dergelijke opvatting is op veel meer begraafplaatsen uit die tijd zichtbaar. De restricties zijn later losgelaten wat leidde tot een grotere variatie aan grafmonumenten. Overigens was de grafsteen van de eerstbegravene van graniet maar de steen is helaas verwijderd (zie afbeelding 12). In de loop van de tijd zijn de resten uit een tiental graven van de oude begraafplaats overgebracht naar de nieuwe begraafplaats. Dat vond zowel in individuele gevallen plaats als grootschalig na ruiming van de oude begraafplaats in 2012. De resten van de laatste ruiming zijn verzameld in een graf rechts van het hoofdpad op de begraafplaats.
De in 1981 gebouwde urnenmuur werd in 1991 uitgebreid omdat met de komst van een crematorium in de gemeente een toename verwacht werd. Inmiddels is een gedeelte nabij de aula ingericht als strooiveld. De grafmonumenten vertonen onderling nog steeds weinig verschil en zijn vanuit cultuurhistorisch oogpunt nog weinig interessant.
INVENTARISATIE OPVALLENDE EN HISTORISCHE GRAFBEDEKKINGEN
18 van 100
1.6 Sluiskil Het dorp Sluiskil is ontstaan nadat het kanaal van Gent naar Terneuzen in 1825-1826 werd gerealiseerd. Daar waar het Axelse Gat werd afgesloten, kwam enige bebouwing ter weerszijden van het kanaal tot stand. In 1905 werd bij het kanaal een hervormde kerk gebouwd, maar al in 1897 was wat meer westelijk in de polder een klooster gesticht met kerkgebouw. Na een brand werd de kerk in 1901 opnieuw gebouwd. In of bij die kerken vonden geen begrafenissen meer plaats. Bij de verbreding van het kanaal is een groot deel van de oude bebouwing verdwenen, inclusief de kerk uit 1905.
Afb. 13. Situatie in 1913 met linksonder de begraafplaats nog ver van het dorp.
Sluiskil kreeg haar eerste begraafplaats in 1905, gelegen aan de westzijde van de spoorlijn van Gent naar Terneuzen, op behoorlijke afstand van de toenmalige bebouwing. Of er toen al een roomskatholieke begraafplaats was voor zusters of broeders, is niet duidelijk. Wel werd in 1919 bij het ziekenhuis een begraafplaats aangelegd voor de zusters van het Heilig Hart. Voor de katholieke inwoners van Sluiskil werd in 1929 een verzoek tot de aanleg van zo’n begraafplaats gedaan. Die kwam iets ten noorden van de algemene begraafplaats tot stand en werd nog dat jaar in gebruik genomen, getuige de oudste stenen ter plekke. Gemeentelijke begraafplaats Nieuwe Kerkstraat In 1903 werd in de gemeenteraad van Terneuzen melding gemaakt van een ingesteld onderzoek naar de noodzaak van een begraafplaats in Sluiskil. Uitkomst was dat er een geschikt stuk grond gekocht kon worden, waarvoor de gemeente - inclusief beplanting, lijkenhuisje en het graven van een sloot - 3.500 gulden wilde lenen. De aangekochte 66 are bleek in zijn geheel te groot om in te richten als begraafplaats, waardoor een deel van de grond verpacht kon worden. Uiteindelijk bleken de kosten voor de begraafplaats 2.833 gulden te bedragen. Ten aanzien van het gebruik van de nieuwe begraafplaats was de verwachting in 1905 laag.
Men dacht dat de overwegend katholieke bevolking van Sluiskil zich waarschijnlijk niet zou laten begraven op de algemene begraafplaats. Dat zou niet het enige probleem zijn waarmee de begraafplaats in de beginjaren te maken kreeg.
INVENTARISATIE OPVALLENDE EN HISTORISCHE GRAFBEDEKKINGEN
19 van 100
Het feit dat de begraafplaats was aangelegd aan een onverharde weg, leverde bij de weinige begrafenissen veel klachten op. Het Rijk was de onderhoudsplichtige, maar deze deed weinig aan het onderhoud van de weg en verbetering bleef lange tijd uit. Kennelijk was de begraafplaats ook niet beplant met bomen of struiken, want in 1908 kwam ter sprake dat enige beplanting aangebracht zou moeten worden ter verfraaiing. De meeste raadsleden waren tegen de beplanting die volgens hen een luxe en weelde was die de gemeente zich niet kon veroorloven. De begraafplaats bestond destijds feitelijk uit wat nu vak D is met Afb. 14. Het huisje dateert waarschijnlijk uit de jaren zestig toen het daarnaast enkele kleinere vakken, nu westelijk deel bij de begraafplaats getrokken werd. G, H en K. Een langwerpig terrein dus met op het eind een eenvoudig baarhuisje. Slechts een klein gedeelte werd dus daadwerkelijk gebruikt. Naast dat de weg naar de begraafplaats jarenlang een probleem bleef, viel het gebruik van de begraafplaats inderdaad tegen. Delen die bestemd waren als begraafplaats werden jarenlang verpacht, zodat de gemeente toch nog enige inkomsten genoot. In 1919 werd de rijksweg die naar de begraafplaats leidde door het Rijk overgedaan aan de gemeente en kon de weg eindelijk verhard worden. Niet lang daarna zijn er bij de begraafplaats bomen geplant.
In 1929 was slechts 500 m2 van de begraafplaats in gebruik. Ondanks het geringe gebruik, raakte het deel toch vol en na de oorlog werd de begraafplaats uitgebreid naar het zuiden en begin jaren zestig nog eens naar het westen. In die jaren werd Sluiskil aan de westzijde uitgebreid, waarbij een deel van het oude Sluiskil verdween door de verbreding van het kanaal. Overigens waren er ook plannen om ten oosten van het kanaal een geheel nieuw dorp op te bouwen, inclusief nieuwe begraafplaats. Deze plannen zijn nooit uitgevoerd. In 1966 werd het noordelijke deel van de begraafplaats voor katholieke begravingen gereserveerd met het oog op het volraken van de katholieke begraafplaats. Dit deel is echter nooit gebruikt terwijl op de katholieke begraafplaats tot op de dag van vandaag nog steeds begraven wordt. Na de uitbreiding van Sluiskil lag de begraafplaats niet meer verlaten in de polder, maar sloot de bebouwing aan op de begraafplaats. In 2014 is op de begraafplaats een aantal graven geruimd waarvan de rechten verlopen waren. Een aantal oudere vakken oogt inmiddels zeer leeg of, zoals met vak H, zijn de grafmonumenten overwoekerd door klimop en andere beplanting. Door de wijze waarop de begraafplaats gebruikt is, dateren de meeste grafmonumenten uit de tweede helft van de twintigste eeuw.
1.7 Terneuzen De stad Terneuzen kent een lange geschiedenis die vergelijkbaar is met de steden Biervliet en Axel. In 1325 werd ‘Neuzen’ of ‘Nose’ voor het eerst genoemd. Een kerk werd gebouwd in 1339. Aan het begin van de Tachtigjarige Oorlog werd de plaats versterkt tegen aanvallen van de Watergeuzen. In 1583 veroverden Staatse troepen de stad en een jaar later verleende Prins Willem I Terneuzen onder voorbehoud van goedkeuring door de Staten-Generaal stadsrechten, uiteindelijk zou koning Willem I deze rechten in 1816 pas officieel maken. Het door de Spanjaarden gebouwde fort werd uitgebouwd tot vesting om de Westerschelde te kunnen afsluiten. Centraal in de vesting werd een kleine hervormde kerk gebouwd met daarvoor een kerkhof. Rond 1650 was Terneuzen een enigszins langwerpige vesting waar een vaart vanaf zee toegang bood tot het achterland en de stad Axel. Veel van die vesting is later weer prijsgegeven aan de zee. In 1659 werd de kerk vernieuwd. In de kerk en op het kerkhof vond men oude grafzerken die teruggingen INVENTARISATIE OPVALLENDE EN HISTORISCHE GRAFBEDEKKINGEN
20 van 100
tot eind zestiende eeuw. Bij een verbouwing en vergroting van de kerk verdwenen alle grafzerken onder een laag aarde. In 1966 kwamen de zerken weer aan het licht bij opgravingen die nodig waren omdat de vloer verzakte. Nadien zijn enkele zerken in de kerk geplaatst. Op een van de stenen was nog een begrafenis van 1827 vermeld.
Afb. 15. Kadastrale kaart uit ± 1830 met kerk en daarvoor het kerkhof.
Overigens lag buiten de vesting een aantal gehuchten zoals Driewegen, Othene en Triniteit. De laatste had een eigen kerkhof. Dit kerkhof was in 1339 gesticht. In Othene heeft in ieder geval ook een kerk gestaan, maar die is bij de inundaties rond 1586 verloren gegaan. Nadat het begraven binnen de bebouwde kom verboden werd, legde de gemeente ten zuiden van de stad in de Lievenspolder, een nieuwe begraafplaats aan. In 1845 werd op deze begraafplaats een gedeelte voor de katholieken afgescheiden. Van deze begraafplaats is weinig meer bekend dan dat ze
Afb. 16. De begraafplaats op een luchtfoto van vóór de Tweede Wereldoorlog, toen oostelijk van de stad alweer een nieuwe begraafplaats was aangelegd.
INVENTARISATIE OPVALLENDE EN HISTORISCHE GRAFBEDEKKINGEN
21 van 100
een rechthoekige vorm had en via de Kerkhoflaan ontsloten werd. Elders is aangegeven dat de begraafplaats dateerde uit 1850, maar dit lijkt onwaarschijnlijk omdat een graf bekend is dat dateert van 1846. Begin twintigste eeuw bood de begraafplaats onvoldoende ruimte voor de groeiende stad en lag deze in de weg voor uitbreidingen van de fabrieken in de omgeving. Ten oosten van de stad werd begin jaren twintig een nieuwe begraafplaats aangelegd. In de Noordpolder, langs het uitwateringskanaal, was een rechthoekige begraafplaats aangelegd, bestaande uit twee aparte delen, waarvan het oostelijke deel bestemd was voor katholieke inwoners van de stad. De oude begraafplaats, waar weinig grafmonumenten meer stonden, werd nog enige tijd verpacht als weide terwijl sommige delen al benut werden door belendende fabrieken. Later is een deel van de oude begraafplaats gebruikt als kwekerij voor de plantsoenendienst. In 1957 werd een stuk begraafplaats in erfpacht gegeven aan de naastgelegen betonfabriek. De graven ter plekke moesten toen nog geruimd worden.
Afb. 17. Luchtfoto uit dezelfde tijd als de vorige, nu met de nieuwe begraafplaats in de Noordpolder, later ook wel Java genaamd naar de wijk die vlakbij lag.
De tweede begraafplaats bleek eveneens snel vol te zijn en lag boven bovendien in de weg voor de broodnodige uitbreiding van de stad. In 1945 werden plannen gemaakt voor een nieuwe begraafplaats, dit keer op behoorlijke afstand van de stad. Snel ging het niet met die plannen, want in 1954 was de gemeente nog steeds op zoek naar een geschikte locatie. Een jaar later was een plan gereed. De noodzaak voor een nieuwe begraafplaats was toen groot omdat er op de bestaande begraafplaats nauwelijks nog nieuwe graven uitgegeven konden worden. In 1961 werd de oude begraafplaats officieel gesloten en in 1974 werd een groot deel van de begraafplaats geruimd. Wat restte was toen al sterk in verval. In 1973 had de katholieke parochie al aangekondigd dat het katholieke deel geruimd zou worden. Het oostelijke deel dat was blijven liggen, werd in 1990 geruimd. Ter plekke is een deel van de rondweg aangelegd met daarbij nieuwe kantoorgebouwen en woningen. Afb. 18. Beeld van het katholieke deel van de oude begraafplaats van Terneuzen in 1971.
INVENTARISATIE OPVALLENDE EN HISTORISCHE GRAFBEDEKKINGEN
22 van 100
Gemeentelijke begraafplaats Bellamystraat In 1958 werd bekend gemaakt dat in de Zuidlandpolder gronden zouden worden onteigend ten behoeve van de aanleg van de nieuwe begraafplaats. In 1961 was de begraafplaats gereed en kon deze in gebruik worden genomen. De afstand tot de stadskern leverde in eerste instantie problemen op omdat de begraafplaats niet meer op loopafstand lag. Op de oude begraafplaats kon alleen nog bijgezet worden in de eigen graven. De begraafplaats kreeg de naam Zuiderbegraafplaats. Twee grote velden aan de voorzijde bij de toegang werden ingericht voor de katholieke graven. In tegenstelling tot de rijke katholieke grafcultuur op de oude begraafplaats, waren hier alleen eenvoudige uniforme stèles toegestaan. Wel was er plaats voor een kruis waar de priesters werden begraven. Nieuw bij deze begraafplaats, maar zeker noodzakelijk, was de aula met daarvoor een ruime parkeerplaats. Al snel werden bij begravingen eerder overleden partners van de oude begraafplaats overgebracht. In 1974 werden zo’n 120 graven overgebracht van de oude begraafplaats, waarvan de meeste inclusief de grafstenen. Veel van die graven kregen een plek op grafvak A (herbegraving Java), maar ook elders zijn nog grafstenen te vinden met achter op de tekst “Herbegraven 1974”. Een dergelijke vermelding is op zich een bijzonderheid.
Afb. 19. In vak G, rij 13, staat een aantal grafmonumenten met achter op de aanduiding dat ze in 1974 van elders zijn overgebracht.
In 1983 werd op de begraafplaats een columbarium gebouwd, terwijl in 1989 plannen bekend werden gemaakt voor een crematorium op de begraafplaats. Tegen de komst van het crematorium ontstond nogal wat verzet, maar in 1990 werd deze toch geopend bij de begraafplaats. In 2015 werd duidelijk dat in de toekomst uitbreidingen van de begraafplaatsen niet meer nodig zouden zijn. Het aantal crematies was inmiddels dusdanig hoog dat de ruimte op de begraafplaats voor jaren voldoende was. In 2017 vond een omvorming van de begraafplaats plaats. Daarbij is veel van het voorheen groene karakter verdwenen waardoor een meer open begraafplaats is ontstaan. Ondanks een aantal oudere grafmonumenten dat overgebracht is van de oude begraafplaats is de grafcultuur relatief sober en eentonig. De regels uit de beginjaren hebben lange tijd een rol gespeeld waardoor de meeste grafvakken een relatief uniform aanzicht kennen. Pas de afgelopen jaren is het aantal opvallende grafmonumenten toegenomen door verschillen in materiaalgebruik en vorm en een meer persoonlijke invulling.