2021-05-19 b. bp Buitengebied, Zandstraat 100 en 102 Philippine
Tekst van het document
VASTGESTELD
BESTEMMINGSPLAN BUITENGEBIED, ZANDSTRAAT 100 EN 102 IN PHILIPPINE
ORDITO.NL
BESTEMMINGSPLAN BUITENGEBIED, ZANDSTRAAT 100 EN 102 IN PHILIPPINE GEMEENTE TERNEUZEN Planstatus
Vastgesteld
Datum
24 - 03 - 2021
Plan identificatie
NL.IMRO.0715.BPBG63-VG01
Auteur(s)
Rinaldo Konings, Cristian van Kuijk
Ordito b.v.
E
info@ordito.nl
Postbus 94
T
0161 801 022
5126 ZH
I
www.ordito.nl
Gilze
KVK
54811554
TOELICHTING
1.
Inleiding
3
1.1 1.2 1.3 1.4 1.5
Aanleiding Ligging en begrenzing plangebied Geldend bestemmingsplan Bij het plan behorende stukken Leeswijzer
3 3 4 5 5
2
Bestaande en toekomstige situatie
6
2.1 2.2 2.3
Historische context Ruimtelijke structuur omgeving Bestaande situatie
6 6 7
3.
Toekomstige situatie
9
3.1 3.2
Zandstraat 102 Zandstraat 100
9 12
4.
Beleidskader
14
4.1 4.2 4.3
Rijksbeleid Provinciaal beleid Gemeentelijk beleid
14 16 17
5
Randvoorwaarden
21
5.1 5.2 5.3 5.4 5.5 5.6 5.7 5.8 5.9 5.10 5.11 5.12
Archeologie Bedrijven en milieuzonering Bodemkwaliteit Cultuurhistorie Externe veiligheid Geluid Luchtkwaliteit Natuurwetgeving Niet-gesprongen explosieven Verkeer en parkeren Water Vormvrije mer
21 27 28 31 35 37 39 40 43 44 45 49
6.
Juridische aspecten
50
6.1 6.2 6.3
Verbeelding Planregels Toelichting op de bestemmingen
50 50 50
7.
Uitvoerbaarheid
52
7.1 7.2
Economische uitvoerbaarheid Maatschappelijke uitvoerbaarheid
52 52
Bijlagen: Bijlage 1: Ruimtelijke visie Bijlage 2: Aanvulling archeologische toets Bijlage 3: Verkennend bodemonderzoek incl. asbest Zandstraat 102 Bijlage 4: Asbest-bodemonderzoek Zandstraat 102 Bijlage 5: Verkennend bodemonderzoek Zandstraat 100 Bijlage 6: Akoestisch onderzoek Bijlage 7: Quickscan natuurwetgeving Bijlage 8: Aanvullend onderzoek kerkuilen Bijlage 9: Stikstofdepositie Zandstraat 100 en 102
Afbeelding 1 Locatie Zandstraat 100 en 102, plangebied is rood omlijnd
NL.IMRO.0715.BPBG63-VG01
Bestemmingsplan Buitengebied, Zandstraat 100 en 102 in Philippine
|3
1. INLEIDING 1.1 Aanleiding De aanleiding voor het opstellen van een bestemmingsplan zijn de ontwikkelingen op de locaties Zandstraat 100 en 102 in Philippine. Op de locatie Zandstraat 102 betreft het voornemen de sloop van de bestaande (voormalige) agrarische bebouwing en de realisatie van 3 compensatiewoningen in het kader van de ‘Ruimte voor Ruimte-regeling’. Binnen de 'Ruimte voor Ruimte-regeling' bestaat de mogelijkheid om ter compensatie voor de sloop van bedrijfsgebouwen één of meerdere woningen te realiseren (maximaal 3). Op de locatie Zandstraat 100 vindt de ontwikkeling plaats op het naast de woning liggende perceel (kadastraal Sas van Gent, Sectie R, nummer 432). Het genoemde perceel (nu nog agrarisch) krijgt de bestemming Wonen (erf), zodat daar een kleinschalige zonnepaneleninstallatie van 70 panelen op eigen terrein geplaatst kan worden. De bestaande woning aan de Zandstraat 100 blijft behouden. Ter plaatse van het plangebied vigeert het bestemmingsplan ‘Buitengebied’. De ontwikkelingen op de locaties Zandstraat 100 en 102 te Philippine zijn in strijd met het vigerend bestemmingsplan.
Dit voorliggend bestemmingsplan ‘Philippine, Zandstraat 100 en 102’ biedt het juridisch planologisch kader voor het mogelijk maken van drie woningen op het perceel van Zandstraat 102 en het vergroten van de woonbestemming op het perceel Zandstraat 100 ten behoeve van de plaatsing van zonnepanelen.
1.2 Ligging en begrenzing plangebied Het plangebied ligt aan de Zandstraat ten zuidoosten van de woonkern Philippine, in de gemeente Terneuzen. Het plangebied ligt binnen de percelen die kadastraal bekend zijn als gemeente Sas van Gent, sectie R, nummers 209, 432, 433 en 434 en heeft een totale oppervlakte van circa 17.400 m2.
Afbeelding 2 Ligging en begrenzing plangebied
NL.IMRO.0715.BPBG63-VG01
Bestemmingsplan Buitengebied, Zandstraat 100 en 102 in Philippine
|4
1.3 Geldend bestemmingsplan Ter plaatse van het plangebied geldt het bestemmingsplan ‘Buitengebied’ dat op 25 juni 2013 door de gemeenteraad is vastgesteld. Daarnaast geldt voor deze locatie het facetbestemmingsplan ‘parkeren Terneuzen’, vastgesteld op 7 februari 2019. In het bestemmingsplan heeft het plangebied de bestemming ‘Agrarisch’ en ‘Wonen’ met voor het gehele plangebied de gebiedsaanduiding ‘wrozone - wijzigingsgebied’. Verder loopt de dubbelbestemming ‘Leiding – Water – Waterleiding’ door het plangebied.
Afbeelding 3 Uitsnede geldend bestemmingsplan, plangebied is blauw omlijnd
De gronden behorend bij Zandstraat 102 en het betreffende deel van Zandstraat 100 voor de zonnepaneleninstallatie hebben de bestemming ‘Agrarisch’. Het betreft de gronden die kadastraal bekend zijn als gemeente Sas van Gent, sectie R, nummers 432, 433 en 434. Deze gronden zijn bestemd voor de uitoefening van grondgebonden agrarische bedrijven. De bestaande woning aan de Zandstraat 100 (kadastraal bekend als gemeente Sas van Gent, sectie R, nummer 209) heeft de bestemming ‘Wonen’. Een strook van 10 meter breed ten westen van de bestaande bebouwing aan de Zandstraat 102 heeft de dubbelbestemming ‘Leiding – Water – Waterleiding’. Deze gronden zijn, behalve voor de andere aldaar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor een waterleiding met een diameter van ten minste 400 mm. Burgemeester en wethouders kunnen het bestemmingsplan ter plaatse van gronden met de aanduiding ‘wro-zone – wijzigingsgebied’ wijzigen door de bestemming van gronden te wijzigen in de bestemmingen Wonen, Maatschappelijk met de aanduiding 'zorginstelling', Recreatie Verblijfsrecreatie, Bos, Natuur en/of Water ten behoeve van de realisering van landgoederen met een maatschappelijke, verblijfsrecreatieve of woonfunctie.
NL.IMRO.0715.BPBG63-VG01
Bestemmingsplan Buitengebied, Zandstraat 100 en 102 in Philippine
|5
1.4 Bij het plan behorende stukken Het postzegelbestemmingsplan bestaat uit de volgende onderdelen: Verbeelding: Op de verbeelding zijn de bestemmingen in het plangebied weergegeven. Deze bestemmingen zijn gerelateerd aan de in de regels opgenomen juridische regeling.
Regels: In de regels is het gebruik en de bouwhoogtes van de binnen het plangebied aangegeven gronden, opstallen en ander gebruik van de gronden juridisch geregeld. Per bestemming is aangeven wat binnen die bestemming mogelijk en/of toegestaan is.
Toelichting: In de toelichting worden de aan het plan ten grondslag liggende gedachten en de uitkomsten van eventueel uitgevoerde onderzoeken opgenomen.
1.5 Leeswijzer De toelichting is opgebouwd uit verschillende hoofdstukken. In hoofdstuk 2 wordt ingegaan op de huidige situatie van het plangebied, waarna in hoofdstuk 3 de beoogde toekomstige situatie wordt weergegeven. Een beschrijving en toetsing van het relevante beleidskader op nationaal, provinciaal en gemeentelijk niveau staat in hoofdstuk 4. Vervolgens komen in hoofdstuk 5 de milieukundige randvoorwaarden en onderzoeken aan de orde. De juridische opzet van het plan staat in hoofdstuk 6. De financiële en maatschappelijke uitvoerbaarheid worden in hoofdstuk 7 beschreven.
NL.IMRO.0715.BPBG63-VG01
Bestemmingsplan Buitengebied, Zandstraat 100 en 102 in Philippine
|6
2 BESTAANDE EN TOEKOMSTIGE SITUATIE 2.1
Historische context
Rond 1500 na Christus bestond het gebied rondom het huidige Philippine uit schorren, slikken en geulen. Philips de Schone gaf in 1505 toestemming aan zijn hoveling Jeronymus Laureijne om hier te herdijken en er een stad te bouwen: Philippine. De stad lag zeer gunstig aan het water, kreeg uitgebreide stadsrechten en mocht belasting heffen. Visserij was altijd de belangrijkste bron van inkomsten. Voor 1815 ging het om garnalen, haring en platvis, daarna beleefde de mosselvisserij haar opkomst. In 1839 werd Philippine de officiële mossellosplaats. Dat leidde tot de vestiging van ervaren vissers met kennis, waardoor de mosselteelt en –handel een grote vlucht nam. Na 1850 groeide de bevolking in snel tempo door en breidden de vissers hun mosselteelt uit naar de Braakman en andere Zeeuwse wateren. Uiteindelijk kwam er een einde aan de haven en visserij in Philippine. Ondanks de spuikom verzandde het kanaal naar de Braakman en weken grotere schepen uit naar de beter bereikbare havens zoals Terneuzen. Wat niet verdween uit Philippine is de mosselcultuur.
2.2
Ruimtelijke structuur omgeving
Philippine ligt zuidwestelijk van Terneuzen in het open agrarische gebied van West-ZeeuwsVlaanderen en heeft een landelijk karakter. De contouren van de kleine voormalige vestingstad zijn aan de zuidzijde nog aanwezig. In werkelijkheid zijn deze nauwelijks zichtbaar, behalve in de loop van watergangen tussen de agrarische gronden. Een brede strook met agrarisch grondgebruik vormt een harde grens met de bebouwingsrand van de oude kern. In het oudste deel van Philippine zijn de Weststraat en de Gentse Breedstraat, die samenkomen op het Philipsplein, van oudsher bepalend voor de ruimtelijke opbouw van de kern. Aan dit plein liggen woonhuizen, een aantal restaurants en een kerk.
Afbeelding 4 Landschapsstructuur Philippine, plangebied is rood omlijnd
NL.IMRO.0715.BPBG63-VG01
Bestemmingsplan Buitengebied, Zandstraat 100 en 102 in Philippine
|7
De Kasteelstraat is de belangrijkste weg van Philippine. Richting het oosten vormt de Zandstraat een belangrijke ontsluiting in de richting van Terneuzen en Sas van Gent. Deze vrij rustige doorgaande weg van oost naar west loopt langs de zuidzijde van het plangebied. De uitbreidingen in Philippine hebben een monofunctioneel karakter: het wonen overheerst en andere functies zijn slechts sporadisch aanwezig. Het kanaal, dat de haven met de Braakman verbond, is nu afgesloten. De grootste naoorlogse woonwijk van Philippine is westelijk van het kanaal, oostelijk ligt een kleinere, rustige wijk en een park.
2.3
Bestaande situatie
Het plangebied ligt ten noorden van de Zandstraat en ten oosten van Vergaertdijk. Zandstraat 102 bestaat uit een agrarisch bedrijf met één bedrijfswoning en schuren omringd door grasland. De bebouwing aan de Zandstraat 102 is centraal op het kavel gesitueerd. Ter plaatse van Zandstraat 100 staat één woning. Aan de voorzijde van de woning op de locatie Zandstraat 100 zijn enkele zonnepanelen aanwezig. Ten zuiden, oosten en westen van het plangebied zijn (grotendeels droogliggende) watergangen aanwezig.
Bedrijfsgebouw
Bedrijfsgebouw
Bedrijfsgebouw
Woning Zandstraat 100
Bedrijfswoning Zandstraat 102 Afbeelding 5 Bestaande situatie plangebied
NL.IMRO.0715.BPBG63-VG01
Bestemmingsplan Buitengebied, Zandstraat 100 en 102 in Philippine
|8
Afbeelding 6 Huidige situatie Zandstraat 102
Afbeelding 7 Huidige situatie Zandstraat 100
NL.IMRO.0715.BPBG63-VG01
Bestemmingsplan Buitengebied, Zandstraat 100 en 102 in Philippine
|9
3.
TOEKOMSTIGE SITUATIE
Het voorliggende bestemmingsplan betreft het mogelijk maken van ontwikkelingen op de locatie Zandstraat 100 en Zandstraat 102. In dit hoofdstuk worden de beoogde ontwikkelingen nader beschreven.
3.1
Zandstraat 102
Hoofdopzet Het planvoornemen op de locatie Zandstraat 102 betreft het mogelijk maken van 2 compenserende Ruimte voor Ruimte-woningen en een om te zetten bedrijfswoning naar burgerwoning. Met het voornemen worden de agrarische activiteiten beëindigd en alle huidige opstallen aan de Zandstraat 102 gesloopt (ca. 1.400 m2). Het gaat hier om meerdere agrarische opstallen en één bedrijfswoning. Binnen de Ruimte voor Ruimte-regeling bestaat de mogelijkheid om ter compensatie voor de sloop van bedrijfsgebouwen één of meerdere woningen te realiseren (maximaal 3). Voor het slopen van de agrarische bedrijfswoning op het perceel kan initiatiefnemer ter compensatie één woning bouwen. Om ter compensatie van de sloop van de agrarische opstallen twee nieuwe woningen te mogen bouwen is ten minste 1700 m2 nodig. De totale oppervlakte van de te slopen agrarische opstallen op het perceel bedraagt ca. 1400 m2. Hierdoor kan ter compensatie nog één woning worden gebouwd. In totaal komt dit neer op twee woningen die ter compensatie van de sloop gebouwd kunnen worden. De sloop van de bestaande bebouwing en het realiseren van de woningen brengt echter een ruimtelijke kwaliteitswinst met zich mee. Daarbij is ook de landschappelijke inpassing in relatie tot de aanwezige cultuurhistorie in acht genomen.
Hierdoor kan beroep worden gedaan op de hardheidsclausule uit de beleidsregel ‘Ruimte-voor-Ruimte-regeling’. Deze clausule maakt het mogelijk om af te wijken van de beleidsregel en medewerking te verlenen aan het realiseren van 2 compenserende Ruimte voor Ruimte-woningen. Door het toepassen van de clausule wordt niet voorbij gegaan aan de kwaliteitswinst die deze ontwikkeling oplevert. Op grond van de hardheidsclausule wordt daardoor medewerking verleend aan het realiseren van in totaal 3 woningen. Het doel van de ontwikkeling is om de kwaliteit van de leefomgeving te verhogen door het oppervlakte aan bebouwing te verminderen.
NL.IMRO.0715.BPBG63-VG01
Bestemmingsplan Buitengebied, Zandstraat 100 en 102 in Philippine
|10
Afbeelding 8 Globaal overzicht ontwikkelingen Zandstraat 102
Stedenbouwkundig plan Het planvoornemen voorziet ter plaatse van de locatie Zandstraat 102 in 2 compenserende vrijstaande woningen middels de Ruimte voor Ruimte-regeling en een om te zetten bedrijfswoning naar burgerwoning. Het voornemen is om twee woningen aan de zuidzijde van het perceel te realiseren en één woning aan de noordzijde. De beoogde woning aan de noordzijde van het plangebied wordt ontsloten via een nieuw aan te leggen dam aan de Vergaertdijk en dient als (hoofd)woning. Deze woning krijgt met een maximale inhoud van 1.250 m3 de grootste inhoudsmaat. De woningen aan de zuidzijde van het plangebied worden ontsloten middels de bestaande dam aan de Zandstraat. Beide woningen krijgen een maximale inhoudsmaat van 1.000 m3. De maximale goot- en bouwhoogte van de woningen sluiten aan op de regels van het momenteel vigerende bestemmingsplan. De goothoogte voor woningen bedraagt maximaal 6 meter. De maximale bouwhoogte voor woningen is 10 meter. De goot- en bouwhoogte sluit aan op de maximum toegestane hoogtes in de vigerende planregels voor de bestemming ‘Wonen’. De toegestane maten voor bijgebouwen en overkappingen, erfafscheidingen en overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde sluiten eveneens aan op de momenteel vigerende regels voor een woonbestemming.
De bouwmassa’s van de 3 compenserende woningen worden op een dergelijke wijze geplaatst dat de zichtlijnen op het open achterliggende landschap behouden blijft.
NL.IMRO.0715.BPBG63-VG01
Bestemmingsplan Buitengebied, Zandstraat 100 en 102 in Philippine
|11
Afbeelding 9 Zichtlijnen vanaf de Zandstraat op het achterliggende landschap
Landschappelijke inpassing Bij de opstelling van het inrichtingsplan zijn de bestaande landschapsstructuren en zichtlijnen als uitgangspunt genomen. De zichtlijnen vanaf de Zandstraat op het open polderlandschap zijn namelijk belangrijk om te handhaven. Het handhaven van de zichtlijnen zijn van waarde, omdat een eerste vergezicht naar het buitengebied mogelijk is vanuit de verdichting van Philippine. De nieuwe bebouwing aan de Zandstraat 102 wordt, net als de bestaande bebouwing, centraal op het kavel gesitueerd, zodat de twee zichtlijnen vrij blijven. De 2 nieuwe woningen aan de zuidkant van het kavel worden ontsloten vanaf de bestaande dam aan de Zandstraat. Deze woningen zijn, net als de andere woningen langs deze weg, parallel gesitueerd in dezelfde rooilijn als de buurwoningen. De ontsluiting van de nieuwe woning aan de noordzijde van het kavel vindt plaats middels een nieuwe dam. Deze woning wordt haaks op de Vergaertdijk voorgesteld. Door deze iets gedraaide ligging kan het polderlandschap maximaal worden beleefd. Ook de sloot geflankeerd door de kenmerkende knotbomen versterken deze landschappelijke beleving. Om het vrije zicht op de polder zoveel mogelijk in stand te houden is het niet wenselijk om alle erfgrenzen geheel af te planten.
Daarom wordt voorgesteld om Zeeuwse hagen (dicht, hoog struweel) alleen op de meest cruciale delen te plaatsen zodat er voldoende privacy en afscherming tussen de percelen ontstaat maar ook de weidsheid en ruimtelijkheid vanaf de kavels en vanuit de omgeving waarneembaar blijft. Rondom de meest intensieve tuindelen bij de woningen worden daarnaast ook nog haakvormige hagen voorgesteld, waardoor de privacy en afscherming gewaarborgd wordt. Naast het handhaven van de 3 bestaande oude fruitbomen worden er verspreid over het perceel diverse nieuwe hoogstamfruitbomen toegevoegd (rekening houdend met de zichtlijnen). Hierdoor ontstaat een landschappelijke meerwaarde en wordt ook de erf,- en boerderijsfeer versterkt en vastgehouden. In bijlage 1 is de volledige ruimtelijke visie van de inpassing van de ontwikkeling opgenomen.
NL.IMRO.0715.BPBG63-VG01
Bestemmingsplan Buitengebied, Zandstraat 100 en 102 in Philippine
|12
Afbeelding 10 Landschappelijke inpassing Zandstraat 102
3.2
Zandstraat 100
Hoofdopzet Daarnaast wordt het perceel behorend bij Zandstraat 100 (kadastraal bekend als Sas van Gent, Sectie R, nummer 432) omgezet naar de bestemming ‘Wonen’ om de aanleg van een zonnepaneleninstallatie toe te staan. Het gaat om een kleine zonnepaneleninstallatie van 70 panelen. Het initiatief valt niet binnen het ‘Planologisch Toetsingskader Zonne-energie’ van de Gemeente Terneuzen, omdat het slechts om het plaatsen van enkele panelen op eigen erf gaat. Het plaatsen van panelen op de bestemming ‘Wonen’ is, in tegenstelling tot de bestemming ‘Agrarisch’, mogelijk.
NL.IMRO.0715.BPBG63-VG01
Bestemmingsplan Buitengebied, Zandstraat 100 en 102 in Philippine
|13
Afbeelding 11 Planvoornemen Zandstraat 100
De zonnepaneleninstallatie op de locatie Zandstraat 100 wordt aan de oost-, zuid- en westzijde volledig afgeschermd middels beplantingen. De zonnepanelen liggen zodoende niet in de zichtlijnen vanaf de Zandstraat.
NL.IMRO.0715.BPBG63-VG01
Bestemmingsplan Buitengebied, Zandstraat 100 en 102 in Philippine
|14
4.
BELEIDSKADER
4.1 Rijksbeleid Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) Op 13 maart 2012 is de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte vastgesteld. Deze structuurvisie geeft een totaalbeeld van het ruimtelijk- en mobiliteitsbeleid op rijksniveau en is de ‘kapstok’ voor bestaand en nieuw rijksbeleid met ruimtelijke consequenties. Nederland concurrerend, bereikbaar, leefbaar en veilig. Daar streeft het Rijk naar met een krachtige aanpak die ruimte geeft aan regionaal maatwerk, de gebruiker vooropzet, investeringen scherp prioriteert en ruimtelijke ontwikkelingen en infrastructuur met elkaar verbindt. Dit doet het Rijk samen met andere overheden. Bij deze aanpak hanteert het Rijk een filosofie die uitgaat van vertrouwen, heldere verantwoordelijkheden, eenvoudige regels en een selectieve rijksbetrokkenheid. Het Rijk formuleert drie hoofddoelen om Nederland concurrerend, bereikbaar, leefbaar en veilig te houden voor de middellange termijn (2028): Het vergroten van de concurrentiekracht van Nederland door het versterken van de ruimtelijkeconomische structuur van Nederland; Het verbeteren, in stand houden en ruimtelijk zekerstellen van de bereikbaarheid waarbij de gebruiker voorop staat; Het waarborgen van een leefbare en veilige omgeving waarin unieke natuurlijke en cultuurhistorische waarden behouden zijn.
De drie hoofddoelen van het ruimtelijk- en mobiliteitsbeleid kennen nationale opgaven die regionaal neerslaan. Om de samenhang tussen verschillende nationale opgaven inzichtelijk te maken, worden rijksopgaven per MIRT-regio beschreven. De gemeente Terneuzen ligt in de MIRT-regio Zuidwestelijke Delta. De opgaven van nationaal belang in dit gebied richten zich met name op waterveiligheid (versterking van de primaire waterkering en kustfundament) en het tot stand brengen en beschermen van het Natuurnetwerk Nederland. Daarnaast gaat het om het uitvoeren van de MIRT–VAR–afspraken voor het faciliteren van de ontwikkeling van de ‘logistieke delta’, de bereikbaarheid voor de binnenvaart en aansluiting op het internationale transportnetwerk van de Zeeuwse havens, het robuust en compleet maken van het hoofdenergie netwerk en het aanwijzen van voorkeursgebieden voor grootschalige windenergie in Zeeland en op en rond de Zuid-Hollandse eilanden. Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) De Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte bepaalt welke kaderstellende uitspraken zodanig zijn geformuleerd dat deze bedoeld zijn om beperkingen te stellen aan de ruimtelijke besluitvormingsmogelijkheden op lokaal niveau. Ten aanzien daarvan is een borging door middel van normstelling, gebaseerd op de Wro, gewenst.
Die uitspraken onderscheiden zich in die zin dat provincies en gemeenten wordt gevraagd om de inhoud daarvan te laten doorwerken in de ruimtelijke besluitvorming. Zij zijn dus concreet normstellend bedoeld en worden geacht direct of indirect, d.w.z. door tussenkomst van de provincie, door te werken tot op het niveau van de lokale besluitvorming, zoals de vaststelling van bestemmingsplannen.
NL.IMRO.0715.BPBG63-VG01
Bestemmingsplan Buitengebied, Zandstraat 100 en 102 in Philippine
|15
Het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) bevestigd in juridische zin die kaderstellende uitspraken. Het Barro is op 30 december 2011 in werking getreden. Ladder voor duurzame verstedelijking In het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) is de verplichting opgenomen om in het geval van een nieuwe stedelijke ontwikkeling in de toelichting een beschrijving op te nemen van nut en noodzaak van de nieuwe stedelijke ruimtevraag en de ruimtelijke inpassing. Hierbij wordt gebruik gemaakt van de 'ladder voor duurzame verstedelijking' zoals beschreven in, het per 1 juli 2017 gewijzigde, artikel 3.1.6 Bro. Nieuwe ontwikkelingen dienen getoetst te worden aan de Ladder voor duurzame verstedelijking mits er sprake is van een ‘stedelijke ontwikkeling’. Het begrip ‘stedelijke ontwikkeling' is in artikel 1.1.1, lid 1, sub i van de Bro gedefinieerd als: 'ruimtelijke ontwikkeling van een bedrijventerrein of zeehaventerrein, of van kantoren, detailhandel, woningbouwlocaties of andere stedelijke voorzieningen'. Uit jurisprudentie blijkt dat vanaf 12 nieuwe woningen sprake is van een nieuwe stedelijke ontwikkeling en dat deze Ladderplichtig is.
De in de toelichting van een bestemmingsplan vereiste onderbouwing van de nieuwe stedelijke ontwikkeling bevat een beschrijving van de behoefte aan die ontwikkeling, en, indien het bestemmingsplan die ontwikkeling mogelijk maakt buiten het bestaand stedelijk gebied, een motivering waarom niet binnen het bestaand stedelijk gebied in die behoefte kan worden voorzien. Toetsing Om te bepalen of een planvoornemen Ladderplichtig is dient getoetst te worden of de voorziene ontwikkeling wel een stedelijke ontwikkeling is. Onderliggend bestemmingsplan voorziet in de realisatie van drie woningen en de aanleg van een zonneweide. Het planvoornemen wordt mogelijk gemaakt door middel van een Ruimte voor Ruimte-regeling en voorziet in ontwikkelingen buiten bestaand stedelijk gebied. Ontwikkelingen die geen extra verstedelijking tot gevolg hebben maar bebouwing reduceren of verplaatsen, zoals bijvoorbeeld de Ruimte voor Ruimte-regelingen, worden niet gezien als een stedelijke ontwikkeling in de zin van de Ladder. In beginsel is sprake van een nieuw beslag op ruimte als het nieuwe ruimtelijke besluit meer bebouwing mogelijk maakt dan er volgens het voorheen geldende planologische regime aanwezig was of gerealiseerd kon worden. Het planvoornemen is een ontwikkeling middels de Ruimte voor Ruimte-regeling en voorziet in het reduceren van de bebouwing ten opzichte van de bestaande situatie.
Het planvoornemen wordt niet beschouwd als een ‘nieuwe stedelijke ontwikkeling’ en is zodoende niet Ladderplichtig. In het kader van een goede ruimtelijke ordening is wel een beknopte onderbouwing van de behoefte aan woningen op deze locatie opgenomen. Provincie Zeeland en gemeente Terneuzen hebben een plan van aanpak vastgesteld waarin afspraken zijn gemaakt over het terugdringen van de aanwezige plancapaciteit (deprogrammeringsopgave). In dit plan van aanpak is ook opgenomen wanneer sprake is van een kwalitatief gewenst woningbouwplan. Het bestemmingsplan ‘Buitengebied, Zandstraat 100 en 102 Philippine’ is opgestart voordat het plan van aanpak door de provincie Zeeland en gemeente Terneuzen is opgesteld. Hierdoor wordt het aantal extra wooneenheden (2) dat binnen dit plan gerealiseerd wordt toegevoegd aan de al bestaande deprogrammeringsopgave.
NL.IMRO.0715.BPBG63-VG01
Bestemmingsplan Buitengebied, Zandstraat 100 en 102 in Philippine
|16
Conclusie Het planvoornemen sluit aan bij het rijksbeleid.
4.2 Provinciaal beleid Omgevingsplan Zeeland 2018 Op 21 september 2018 hebben de Provinciale Staten van de Provincie Zeeland het Omgevingsplan Zeeland 2018 en de Omgevingsverordening 2018 vastgesteld. Het Omgevingsplan Zeeland 2018 geeft de provinciale visie op Zeeland. De bijbehorende regels zijn opgenomen in de verordening. Het omgevingsplan zal de transitie naar de Omgevingswet ondersteunen. Het Omgevingsplan Zeeland 2018 blijft geldig tot vaststelling van de Nieuwe Omgevingsvisie behorend bij de Omgevingswet, naar verwachting in 2021. Het Omgevingsplan Zeeland 2018 vervangt het voorgaande Omgevingsplan Zeeland 2012-2018. Het overgrote deel is geen nieuw beleid, maar flink opgeruimd en opnieuw ingericht op basis van vier grote strategische opgaven. Daarbij is het uitgangspunt dat de kwaliteiten en kansen van Zeeland op het gebied van economie, ruimte, mobiliteit, natuur, cultuur, water en milieu worden versterkt. De hoofdlijnen van het beleid richten zich daarom ook op: Duurzame en concurrerende economie; Klimaatbestendige en –neutrale samenleving; Waardevolle leefomgeving; Toekomstbestendige bereikbare woon-, werk- en verblijfsomgeving. De provincie heeft hierbij verschillende rollen en taken binnen het netwerk van samenwerkend Zeeland.
Voor zover het past in het wettelijk kader wordt er uitgegaan van de filosofie uit de omgevingswet, namelijk het denken van ‘nee tenzij’ naar ‘ja, mits’ en het hanteren van loslaten en vertrouwen. De provincie streeft daarbij naar een herkenbare, prettige, schone, veilige en aantrekkelijke leefomgeving, waar mensen graag wonen, werken en verblijven, die uitnodigt tot gezond gedrag en waar de druk op de gezondheid zo laag mogelijk is. Structuur, identiteit en inpassing van nieuwe ontwikkelingen in hun omgeving zijn belangrijk voor de ruimtelijke kwaliteit. Deze is op zijn beurt weer bepalend voor het woon- en leefklimaat van steden en dorpen. Provinciale Omgevingsverordening Provincie Zeeland 2018, 4e wijziging Op 21 april 2020 hebben de Provinciale Staten van de provincie Zeeland de Provinciale Omgevingsverordening Provincie Zeeland 2018, 4e wijziging vastgesteld. De Omgevingsverordening Zeeland 2018 vervangt de verordening ruimte provincie Zeeland. De Omgevingsverordening richt zich – net zo breed als het Omgevingsplan – op de fysieke leefomgeving in de Provincie Zeeland. Dit betekent dat vrijwel alle regels die betrekking hebben op de fysieke leefomgeving opgenomen zijn in de Omgevingsverordening. Het gaat hierbij om regels op het gebied van ruimtelijke ordening, maar ook op het gebied van mobiliteit, milieu, natuur, water en bodem.
In de Omgevingsverordening staat een specifieke regel voor woonbestemmingen in bestemmingsplannen. Deze regel geldt voor een bestemmingsplan waarin een nieuwe kleinschalige woningbouwlocatie in het landelijk gebied wordt toegelaten. Hierbij wordt aannemelijk gemaakt dat wordt voldaan aan de in Bijlage C bedoelde voorwaarden. Indien een dergelijk planvoornemen hier niet aan voldoet, wordt het niet toegelaten in een bestemmingsplan.
NL.IMRO.0715.BPBG63-VG01
Bestemmingsplan Buitengebied, Zandstraat 100 en 102 in Philippine
|17
Het plangebied ligt buiten bestaand stedelijk gebied. Zodoende is de opgenomen regel in de Omgevingsverordening van toepassing voor het onderhavig planvoornemen. In Bijlage C staat Ruimte voor Ruimte aangegeven als mogelijkheid om kleinschalige woningbouwlocaties in het landelijk gebied mogelijk te maken. Binnen de 'Ruimte voor Ruimte-regeling' bestaat de mogelijkheid om ter compensatie voor de sloop van bedrijfsgebouwen één of meerdere woningen te realiseren (maximaal 3). In de verordening zijn voorwaarden opgenomen voor het toepassen van de Ruimte voor Ruimteregeling. Voor één woning moet minimaal 500 m² schuur of vergelijkbare bebouwing worden gesloopt. Daarnaast mag de te slopen bebouwing niet van cultuurhistorische waarde zijn. Ook moet zijn gewaarborgd dat heroprichting niet mogelijk is. De totale oppervlakte van de te slopen agrarische opstallen op het perceel bedraagt circa 1.400 m2. Volgens de verordening komt dit neer op twee woningen die ter compensatie van de sloop gebouwd kunnen worden. Van het aantal toegestane compensatiewoningen (op basis van het te slopen oppervlak) kan echter worden afgeweken indien dit een aantoonbare meerwaarde oplevert voor het landschap. De sloop van de bestaande bebouwing en het realiseren van 3 woningen brengt een ruimtelijke kwaliteitswinst met zich mee.
Daarbij is ook de landschappelijke inpassing in relatie tot de aanwezige cultuurhistorie in acht genomen. Hierdoor kan eveneens beroep worden gedaan op de hardheidsclausule uit de beleidsregel ‘Ruimte voor Ruimte-regeling’. Deze clausule maakt het mogelijk om af te wijken van de beleidsregel en medewerking te verlenen aan het realiseren van 3 woningen. Door het toepassen van de clausule wordt niet voorbij gegaan aan de kwaliteitswinst die deze ontwikkeling oplevert. Op grond van de hardheidsclausule is de realisatie van 3 woningen mogelijk. Conclusie Het planvoornemen sluit aan bij het provinciaal beleid.
4.3 Gemeentelijk beleid Structuurvisie gemeente Terneuzen 2025 Op 16 december 2010 is de Structuurvisie Terneuzen vastgesteld. De structuurvisie geeft richting aan de gewenste ruimtelijke inrichting van een gebied, waardoor voor een ieder in algemene zin duidelijk is of bepaalde initiatieven daarbinnen passen. Voor het gemeentebestuur is de structuurvisie een belangrijk kader voor de afweging van concrete ruimtelijke beslissingen en voor de inzet daartoe van uitvoeringsinstrumenten, zoals het opstellen van bestemmingsplannen, het beschikbaar stellen van financiële middelen en het sluiten van (bestuurs)overeenkomsten. De structuurvisie gaat tevens in op de wijze waarop het gemeentebestuur zich voorstelt de voorgenomen ontwikkelingen te doen verwezenlijken. De visiekaart kan gezien worden als een doorvertaling vanuit het duurzaam ruimtelijke structuurbeeld naar een te verwachten toekomstbeeld anno 2025, rekening houdende met de ontwikkelingen in de economie en in de leefomgevingskwaliteit (wonen, maatschappelijke voorzieningen, recreatie, natuur en water). Deze visiekaart is geënt op het gehele grondgebied van Terneuzen en doet derhalve geen concrete uitspraken over kleinschalige ontwikkelingen in kernen. Structuren, routes en zoneringen vormen de ingrediënten waarmee de visiekaart is opgebouwd.
NL.IMRO.0715.BPBG63-VG01
Bestemmingsplan Buitengebied, Zandstraat 100 en 102 in Philippine
|18
Afbeelding 12 Uitsnede structuurvisie kaart gemeente Terneuzen, plangebied globaal rood omlijnd
Het perceel ligt in een gebied dat onder ‘open polderlandschap (klein)’ valt. Vanuit de structuurvisie is de ruimtelijke strategie voor een dergelijk gebied ‘Behouden’. Voor die strategie geldt dat men tevreden is over de huidige functie en kwaliteit, hierbinnen zijn kleinschalige aanpassingen mogelijk, maar er vindt geen actieve benadering plaats door de gemeente. De strategie ‘Behouden’ is daarvoor verder onderverdeeld in verschillende gebieden, te weten ‘Westerschelde’, ‘Woongebieden’, ‘Werkgebieden’, ‘Voorzieningen’, ‘Infrastructuur’, ‘Landbouw’ en ‘Reservering Westelijke Kanaaloever’. Het plangebied ligt binnen het gebied ‘Landbouw’. Het buitengebied van de gemeente bestaat voor een groot deel uit agrarisch gebied. De agrarische sector draagt voor een groot deel zorg voor het onderhoud en het beeld van het landschap. Het agrarische gebied functioneert goed en ook de uitstraling volstaat. Grote ruimtelijke ingrepen worden de komende jaren niet verwacht. Voor zover ontwikkelingen plaatsvinden binnen het buitengebied, die niet zijn gericht op de agrarische functie (bijvoorbeeld door de toevoeging van Nieuwe Economische Dragers), geldt dat deze ontwikkelingen de agrarische bedrijfsvoering niet in de weg mogen staan.
De ontwikkeling kan bestempeld worden als kleinschalige ingreep via de Ruimte voor Ruimte-regeling, waarbij de omliggende agrarische bedrijfsactiviteiten niet beperkt worden. Daarnaast ligt het plangebied in het gebied waar de Liniezone dient te worden versterkt. De Liniezone met de restanten van de Staats-Spaanse Linies zal worden opgewaardeerd op een zodanige manier dat de verschillende forten en verdedigingswerken in het landschap beter herkenbaar worden en een waardevolle bijdrage kunnen leveren aan de toeristisch-recreatieve infrastructuur van de gemeente. Zowel ten oosten (rondom Axel) als ten westen (rondom Hoek en Philippine) zal deze verbinding een impuls krijgen. Het planvoornemen voorziet niet in ontwikkelingen die betrekking hebben tot de toeristischrecreatieve infrastructuur van de Liniezone. Beleidsregel ‘Ruimte-voor-Ruimte-regeling, eerste wijziging’ gemeente Terneuzen De gemeente Terneuzen heeft een eigen beleid opgesteld ten aanzien van de Ruimte-voor-Ruimteregeling. Dit beleid is vastgelegd in de Beleidsregel 'ruimte-voor-ruimte-regeling' en in werking getreden op 3 mei 2018. Deze beleidsregel is van toepassing bij de afweging of in het kader van de
NL.IMRO.0715.BPBG63-VG01
Bestemmingsplan Buitengebied, Zandstraat 100 en 102 in Philippine
|19
ruimte-voor-ruimte-regeling meegewerkt kan aan de realisering van één of meerdere nieuwe woningen (maximaal 3) ter compensatie van de sloop van onbruikbare, detonerende of nietwaardevolle bebouwing. In deze beleidsregel is opgenomen dat: minimaal 500 m² aan bedrijfsbebouwing wordt gesloopt (daarvan dient één gebouw een oppervlakte te hebben van 375 m²) om voor 1 compensatiewoning in aanmerking te komen; minimaal 1.700 m² moet worden gesloopt om in aanmerking te komen voor 2 compensatiewoningen; minimaal 2.500 m² gesloopt moet worden om in aanmerking te komen voor 3 compensatiewoningen. Het college kan bij het beoordelen van de aanvraag afwijken van de onderhavige beleidsregel, in die gevallen dat onverkorte toepassing van de beleidsregel voor een of meer belanghebbenden gevolgen zou hebben die wegens bijzondere omstandigheden onevenredig zijn in verhouding tot de met de beleidsregel te dienen doelen. Door het slopen van de agrarische bedrijfswoning op het perceel kan de initiatiefnemer ter compensatie één woning bouwen. Om ter compensatie van de sloop van de agrarische opstallen twee nieuwe woningen te mogen bouwen is ten minste 1.700 m2 nodig. Echter, de totale oppervlakte van de te slopen agrarische opstallen op het perceel bedraagt ca. 1.400 m2. Hierdoor kan ter compensatie nog één woning worden gebouwd.
In totaal komt dit neer op twee woningen die ter compensatie van de sloop gebouwd kunnen worden. De sloop van de bestaande bebouwing en het realiseren van 3 woningen brengt echter een ruimtelijke kwaliteitswinst met zich mee. Daarbij is ook de landschappelijke inpassing in relatie tot de aanwezige cultuurhistorie in acht genomen. Hierdoor kan beroep worden gedaan op de hardheidsclausule uit de beleidsregel ‘Ruimte-voor-Ruimte-regeling’. Deze clausule maakt het mogelijk om af te wijken van de beleidsregel en medewerking te verlenen aan het realiseren van 3 woningen. Door het toepassen van de clausule wordt niet voorbij gegaan aan de kwaliteitswinst die deze ontwikkeling oplevert. Op grond van de hardheidsclausule is de realisatie van 3 woningen mogelijk. Excessenregeling Terneuzen, Beleidsnota welstand (2013) De gemeenteraad van Terneuzen heeft eind 2012 besloten het welstandsbeleid te herzien. Hierbij heeft de gemeenteraad tevens gebruik gemaakt van de mogelijkheid die de wetgever biedt om de welstandscommissie af te schaffen. Het nieuwe welstandsbeleid, de excessenregeling, wordt ambtelijk getoetst. Het ‘nieuwe’ welstandsbeleid van de gemeente Terneuzen gaat uit van de gedachte dat burgers zelf voldoende inzicht hebben in redelijke eisen van welstand. De gemeente zorgt daarom slechts voor een minimaal noodzakelijk vangnet voor ruimtelijke kwaliteit.
De gemeente grijpt alleen achteraf in bij een exces. Van een exces is sprake wanneer een bouwwerk in ernstige mate in strijd is met redelijke eisen van welstand. Criteria hiervoor zijn opgenomen in de beleidsnota welstand. Voor monumenten en een aantal beeldbepalende boerderijen en schuren in het buitengebied zal welstandstoezicht vooraf blijven bestaan.
NL.IMRO.0715.BPBG63-VG01
Bestemmingsplan Buitengebied, Zandstraat 100 en 102 in Philippine
|20
Voor het planvoornemen is geen welstandstoezicht van toepassing, met uitzondering van de excessenregeling. Conclusie Het planvoornemen sluit aan bij het gemeentelijk beleid.
NL.IMRO.0715.BPBG63-VG01
Bestemmingsplan Buitengebied, Zandstraat 100 en 102 in Philippine
|21
5 RANDVOORWAARDEN Dit hoofdstuk bevat een beschouwing op die factoren die een beperking kunnen inhouden voor het planvoornemen. Het gaat hierbij om onder andere archeologie, bodem, externe veiligheid, luchtkwaliteit en water.
5.1
Archeologie
Wettelijk kader en beleid Met de ondertekening van het Verdrag van Malta in 1992 door bijna alle Europese landen (waaronder Nederland), werd archeologie steeds meer een onderdeel van de ruimtelijke planvorming. Sinds het in werking treden van de Wet op de archeologische monumentenzorg (WAMZ) op 1 september 2007 dienen alle bestemmingsplannen en beheersverordeningen voorzien te zijn van een archeologische paragraaf, waarin is opgenomen hoe wordt omgegaan met bekende en te verwachten archeologische waarden. De Erfgoedwet uit 2016 borduurt hier op voort. Interim-beleid archeologie gemeente Terneuzen Op 27 januari 2011 is door de gemeenteraad van Terneuzen het Interim-beleid archeologie vastgesteld. De insteek van dit beleid is het regelen van archeologie in ruimtelijke plannen. In een cyclus van 10 jaar zullen alle ruimtelijke plannen aangepast worden, waarbij archeologie in de plannen zal worden ingebracht of geactualiseerd aan de hand van het dan geldende beleid. Als vangnet fungeert de Erfgoedverordening Terneuzen 2011. Deze verordening is geactualiseerd en is in samenhang met het archeologiebeleid opnieuw vastgesteld. In lijn met de intentie van de wetgever wordt een algemene vrijstelling voor archeologie verleend tot 100 m2 voor de zogenaamde kruimelgevallen.
De achterliggende gedachte van het archeologiebeleid is het in beeld brengen van de gebieden in de gemeente Terneuzen met een archeologische verwachtingswaarde. Deze verwachtingswaarde kan per gebied en per geologische laag verschillen. De insteek is daarbij soepel waar het kan en streng waar nodig. Voor een aantal gebieden is de huidige kennis ontoereikend. Deze leemten worden in de toekomst ingevuld. Aan de hand van de archeologische verwachtingswaarde wordt per deelgebied een grens gesteld waarboven archeologisch onderzoek verplicht is en waaronder vrijstelling wordt verleend. Een en ander is uitgewerkt in een stroomschema in bijlage 1 van de beleidsnota ‘De onderste steen boven? Interim-beleid archeologie gemeente Terneuzen’. Wanneer archeologisch onderzoek verplicht is, dient de archeologische monumentenzorg cyclus (AMZ-cyclus) te worden doorlopen. Deze cyclus is er op gericht om te beoordelen of verdergaand onderzoek of behoud noodzakelijk is. Voor de uitvoering en de beoordeling van de onderzoeken wordt aangesloten bij de landelijke en provinciale regelgeving. Door deze cyclus op een goede manier te doorlopen kan een gedegen afweging gemaakt worden waar behoud ter plaatse (in situ) of een opgraving (ex situ) noodzakelijk is of achterwege kan blijven.
Toetsingscriteria Om inzicht te krijgen in de archeologische verwachtingswaarde van een gebied of locatie dient aan vijf criteria te worden getoetst. Daarnaast dient de actuele vrijstellingenkaart archeologie van de gemeente geraadpleegd te worden.
NL.IMRO.0715.BPBG63-VG01
Bestemmingsplan Buitengebied, Zandstraat 100 en 102 in Philippine
|22
1.
2.
3.
4.
5.
De Archeologische Monumentenkaart (AMK). Deze kaart geeft de wettelijk beschermde archeologische monumenten weer, waarvoor het Rijk bevoegd gezag is. In de gemeente Terneuzen zijn dat restanten van kastelen in Axel en Zaamslag (Torenberg). Daarnaast bevat de kaart de door de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) gewaardeerde gebieden met een (hoge) archeologische waarde. Dit betreft vele oude dorps- en stadskernen zoals Axel, de oude kern van Terneuzen en Zaamslag. De Indicatieve Kaart Archeologische Waarden (IKAW). Deze kaart geeft de trefkans weer op het aantreffen van archeologische vindplaatsen binnen de bovenste 1,20 meter van de bodem. Deze kaart is gebaseerd op de Geomorfologische en Geologische kaart van Nederland. Bij een hoge trefkans wordt aangesloten bij de wettelijke vrijstelling van 100 m 2. Voor een middelhoge trefkans kan een ruimere norm gelden. Deze wordt arbitrair vastgelegd op 500 m 2. Archis (Archeologisch Informatie Systeem) 3.0. Dit is de landelijke database waarin alle (recent uitgevoerde) archeologische onderzoeken en vondsten worden opgeslagen. Deze database geeft een indicatie van de vondsten die gedaan zijn. Veel of belangrijke vondsten kunnen een hogere archeologische verwachtingswaarde geven aan een gebied. Archief van het Zeeuws Archeologisch Depot (ZAD) en informatie die aanwezig is bij de beleidsmedewerker archeologie van de gemeente.
In het ZAD berusten de verslagen van een aantal in het verleden in Zeeland uitgevoerde archeologische onderzoeken, gegevens over losse vondsten en dergelijke. Dit archief geeft een indicatie van de vondsten die in het verleden gedaan zijn. Veel of belangrijke vondsten kunnen een hogere archeologische verwachtingswaarde geven aan een gebied. In de praktijk wordt de toets op Archis, ZAD en gemeente gecombineerd, of in het kader van het bureauonderzoek uitgevoerd. De bodemopbouw. Aan de hand van de Geologische kaart van Nederland kan nagegaan worden welke geologische, voor de archeologie relevante, bodemlagen aanwezig zijn. Daarbij kan gedacht worden aan de volgende bodemlagen: o Pleistoceen dekzand: vanaf de Steentijd o Hollandveen: vanaf de ijzertijd en Romeinse tijd o Duinkerke II, inclusief ‘oudere afzettingen van Duinkerke’: vanaf de middeleeuwen o Duinkerke IIIa/b: vanaf de Nieuwe Tijd
In de loop van 2014 werd door de gemeente de vrijstellingenkaart archeologie opgesteld en deze werd in 2017 geactualiseerd. Op deze kaart is aangegeven waar en met welke diepte de vrijstellingsdiepte verruimd kan worden.
NL.IMRO.0715.BPBG63-VG01
Bestemmingsplan Buitengebied, Zandstraat 100 en 102 in Philippine
|23
Toetsing 1. De Archeologische Monumentenkaart (AMK) Binnen de grenzen van het plangebied bevinden zich volgens de Archeologische Monumentenkaart (AMK) geen terreinen met een vastgestelde archeologische waarden.
Afbeelding 13 Uitsnede Archeologische Monumentenkaart (AMK), plangebied is rood omlijnd
2. De indicatieve Kaart Archeologische Waarden (IKAW) Op de Indicatieve Kaart Archeologische Waarden (IKAW) ligt het plangebied binnen een zone die wordt gekenmerkt door een zeer lage trefkans op het aantreffen van archeologische waarden.
Afbeelding 14 Uitsnede Indicatieve Kaart Archeologische Waarden (IKAW), plangebied globaal rood omlijnd
NL.IMRO.0715.BPBG63-VG01
Bestemmingsplan Buitengebied, Zandstraat 100 en 102 in Philippine
|24
3. Archeologische Informatie Systeem (Archis) Ten behoeve van het Archeologisch Informatie Systeem (Archis) heeft Aeres Milieu B.V. een archeologische toets ten behoeve van Archis1 voor de Zandstraat 100 en 102 te Philippine uitgevoerd. Binnen de omgeving van het plangebied is één archeologisch monument en zijn meerdere onderzoeksmeldingen en vindplaatsen bekend. Monumentnummer 13.501 Op een afstand van 150 meter ten zuidwesten van het plangebied ligt een monument van hoge archeologische waarde. Het betreft en terrein met de oude vestingstad Philippine. Philippine werd als 'gesloten stad' in een nieuw bedijkte polder gesticht in 1505. In 1583 legde Parma er een vierkante schans (50x50 m) aan, zeker ten dele als reactie op de door Staatsen opgeworpen Moffenschans ten zuiden van Terneuzen. In 1633 viel Philippine toch in handen van de noordelijke Nederlanden en werd het verder versterkt en uitgebreid met een kasteel, bastions, ravelijnen en een waterpoort. Zaakidentificatie
Afstand
Soort onderzoek /vondst IVO-o door RAAP Archeologisch Adviesbureau in 1997
2026574100
Plangebied ligt in het onderzoeksgebied
2324062100
Circa 200 m ten ZW van het plangebied
AB door Sweco in 2011
2329960100
Circa 340 m ten ZW van het plangebied
BO door Sagro in 2007
2434360100
Circa 520 m ten ZW van het plangebied
Stichting Cultureel Erfgoed Zeeland
2228572100
Circa 490 m ten W van het plangebied
AB door SOB Research in 2009
Omschrijving Het onderzoeksgebied betreft het landinrichtingsgebieden Hoek en Philippine en heeft een omvang van 6,8 ha. Het onderzoeksgebied bevat globaal gezien drie landschappelijke zones: dekzandgebied, inbraakgeul de Braakman en het Oudland in de omgeving van Hoek. Bewoningssporen uit het mesolithicum, late middeleeuwen en nieuwe tijd zijn aangetroffen op de hogere delen van het dekzandlandschap. Uit het veldonderzoek zijn meerdere landschappelijke zones aangeduid voor vervolgonderzoek. Hierbij is een steen (beeld) en versterking aangetroffen uit de nieuwe tijd midden. Het onderzoeksgebied is gelegen ten zuidoosten van de dorpskern van Philippine waarin resten van de 18e eeuwse Stenen Beer gelegen zijn. De onderzoekslocatie is gelegen op het terrein van de voormalige paletfabriek en palethandel. Op basis van het verkennend veldonderzoek is een archeologisch vervolgonderzoek geadviseerd. Dit onderzoek is in het kader van het opstellen van een archeologische verwachtingskaart in 2014. Er zijn geen verdere gegevens bekend in Archis en DansEasy. Tijdens de AB van graafwerkzaamheden bij de rioolreconstructie ter plaatse van de Kasteelstraat zijn vondsten keramiek (steengoed geglazuurd: kruik, Fayence: bordDelfts blauw, roodbakkend geglazuurd: bord – Nederrijns), ijzer (gesp) en bewoning (inclusief verdediging) aangetroffen uit de nieuwe tijd midden.
De archeologische resten zijn op basis van de waarderingscriteria uit de KNA 3.1 niet behoudswaardig.
1 Aeres Milieu B.V., Archeologische quickscan Zandstraat 100-102 te Philippine, Projectnummer AM20229, 27-08-2020
NL.IMRO.0715.BPBG63-VG01
Bestemmingsplan Buitengebied, Zandstraat 100 en 102 in Philippine
|25
2429039100
Circa 700 m ten W van het plangebied
BO door Artefact in 2014
2044694100
Circa 530 m ten ZW van het plangebied
IVO-o door Archeomedia in 2003
2026574100
Circa 650 m ten ZW van het plangebied
4864961100
Circa 520 m ten ZW van het plangebied
IVO-o door RAAP Archeologisch Adviesbureau in 1997 IVO-o door Artefact in 2020
2394866100
Circa 500 m ten ZW van het plangebied
AB door SOB Research in 2013
Op basis van het BO geldt er een hoge verwachting op het aantreffen van archeologische resten uit de nieuwe tijd vanaf het maaiveld. Er is geadviseerd om de graafwerkzaamheden te begeleiden. Tijdens deze begeleiding is een wal/ omwalling en versterking uit de nieuwe tijd vroeg aangetroffen. Er zijn geen verdere gegevens bekend in Archis en DansEasy. Er zijn meerdere vondsten keramiek, ijzer, glas, bot, steen, kalksteen/mergel, brons, nederzetting met stedelijk karakter aangetroffen uit de nieuwe tijd midden en nieuwe tijd laat. Er zijn geen verdere gegevens bekend in Archis en DansEasy. Er zijn geen verdere gegevens bekend in Archis en DansEasy.
Hierbij is aardewerk (roodbakkend geglazuurd aardewerk, pijp), ophogingslaag en bewoning (inclusief verdediging) aangetroffen uit de nieuwe tijd. De bodemopbouw bestaat uit een recent opgebracht ophoogpakket op afzettingen van Duinkerke IIIb. In deze ophogingslaag zijn concentraties aardewerk aangetroffen uit de 17e tot 18e eeuw. Er zijn geen sporen van bewoning aangetroffen. Op basis van het veldonderzoek kan gesteld worden dat het een deel van het plangebied gesitueerd binnen de vesting van Philippine op een oude geul.
Afbeelding 15 Uitsnede Archeologische gegevens Archis 3
NL.IMRO.0715.BPBG63-VG01
Bestemmingsplan Buitengebied, Zandstraat 100 en 102 in Philippine
|26
4. Zeeuws Archeologisch Depot (ZAD) Aeres Milieu B.V. heeft navraag gedaan of er informatie bekend is van het plangebied of de omgeving in het Zeeuws Archeologisch Depot (ZAD). Hierbij is op 27 augustus 2020 per mail aangegeven dat in het archief van het ZAD geen aanvullende informatie bekend is. 5. Bodemopbouw Uit de geologische kaart van Van Rummelen blijkt dat het plangebied zich geheel bevindt op kreekafzettingen van Duinkerke IIIb. Op gronden met afzettingen van Duinkerke III geldt geen onderzoeksplicht bij bodemverstoringen.
Afbeelding 16 Uitsnede geologische kaart Van Rummelen, plangebied globaal rood omlijnd
6. Vrijstellingenkaart Uit de ‘vrijstellingenkaart gemeente Terneuzen 2017’ blijkt dat voor het plangebied een vrijstellingsdiepte tot 4 m –mv geldt.
NL.IMRO.0715.BPBG63-VG01
Bestemmingsplan Buitengebied, Zandstraat 100 en 102 in Philippine
|27
Afbeelding 17 Uitsnede vrijstellingenkaart gemeente Terneuzen 2017, plangebied is paars omlijnd
Conclusie Binnen het plangebied zijn, op basis van de archeologische toets, geen aanwijzingen aanwezig van eventuele archeologische resten. Zodoende kan geconcludeerd worden dat nader archeologisch onderzoek niet noodzakelijk wordt geacht, waardoor een dubbelbestemming specifieke Waarde Archeologie geen onderdeel uitmaakt van de regels en/of verbeelding van dit bestemmingsplan. Het aspect archeologie vormt geen belemmering voor het planvoornemen.
5.2
Bedrijven en milieuzonering
De Wet milieubeheer zorgt ervoor dat milieuoverlast in woongebied zoveel mogelijk wordt beperkt. Alle voorzieningen en bedrijven die overlast veroorzaken moeten daarom een vergunning hebben in het kader van de Wet milieubeheer. In de Handreiking ‘Bedrijven en Milieuzonering’ van de VNG (Vereniging van Nederlandse Gemeenten) is een indicatieve richtafstandenlijst voor milieubelastende activiteiten opgenomen. Alle bedrijven die in de buurt van de planlocatie liggen worden aan de hand van een milieucategorie verbonden met een maximale hinderafstand. In deze paragraaf dient getoetst te worden of de voorgenomen functie past binnen het plangebied met inachtneming van eventuele milieubelastende functies in de directe omgeving. Onderzoek De benodigde afstand tussen bedrijven en woonbuurten is afhankelijk van aard en omvang van het bedrijf en de omgeving. Voor een rustige woonomgeving gelden andere eisen dan voor drukke woonwijken, gemengde gebieden en landelijk gebied. Het plangebied ligt in een landelijk gebied nabij de dorpskern Philippine. Gelet op de omgevingskarakteristieken kan voor dit gebied gesproken worden van het omgevingstype rustig buitengebied. In de nabijheid van het plangebied komen de volgende bedrijven en instellingen voor:
NL.IMRO.0715.BPBG63-VG01
Bestemmingsplan Buitengebied, Zandstraat 100 en 102 in Philippine
|28
Locatie Zandstraat 243 Philipsplein 10 Waterpoortstraat 3 Zandstraat 94 Havenplein 3 Jacob Hobeinstraat Waterpoortstraat 4 Philippineweg 9
Soort bedrijf/instelling Autogarage Kerk Restaurant Akkerbouw (bedrijfsgebouwen) Apotheek Begraafplaats Supermarkt Opslagloods
Milieucategorie
Richtafstand
2 2 1 2
30 meter 10 meter 10 meter 30 meter
Werkelijke afstand ± 40 meter ± 360 meter ± 330 meter ± 180 meter
1 1 1 2
10 meter 10 meter 10 meter 30 meter
± 350 meter ± 170 meter ± 350 meter ± 100 meter
Tabel 1 Milieuzonering plangebied (op basis van richtafstanden omgevingstype rustige woonwijk)
De milieugevoelige bebouwing binnen het plangebied ligt op voldoende afstand van de milieubelastende activiteiten, waardoor sprake is van een goed woon- en leefklimaat. Daarnaast kan gesteld worden dat omliggende bedrijven niet in hun bedrijfsvoering worden beperkt. Conclusie Het aspect bedrijven en milieuzonering vormt geen belemmering voor het planvoornemen.
5.3
Bodemkwaliteit
Wettelijk kader en beleid Bij het opstellen/wijzigen van een bestemmingsplan dient te worden bepaald of de aanwezige bodemkwaliteit past bij het toekomstige gebruik (functie) van die bodem, of dat beiden alsnog op elkaar kunnen worden afgestemd. Bodemgebruiksfuncties nemen namelijk af naarmate bodemverontreinigingen en gerelateerde risico’s toenemen. Sanerende maatregelen kunnen nodig zijn. Het gemeentelijk bodemkwaliteitsbeleid volgt de kaderwet Wet bodembescherming en daaruit voortvloeiende regelgeving. Uitgangspunten zijn dat de bodem duurzaam geschikt moet zijn voor de beoogde functie en dat de bodemkwaliteit niet mag verslechteren. Verontreinigingen in stabiele eindsituaties worden daarbij niet vanzelfsprekend geaccepteerd; voor mobiele verontreinigingen moeten maatregelen gericht zijn op verwijderen en soms is het inpassen van immobiele verontreinigingen onder voorwaarden toelaatbaar. De oppervlakte van het plangebied en de conclusie van een vooronderzoek (historisch onderzoek) zijn bepalend voor het uitvoeren van eventueel veld- en laboratoriumonderzoek, op basis waarvan (on)mogelijkheden inzichtelijk worden. Het planvoornemen betreft de realisatie maken van drie compenserende woningen middels de Ruimte voor Ruimte-regeling en het vergroten van de woonbestemming (Wonen (erf)) om een zonnepaneleninstallatie mogelijk te maken.
Voor deze ontwikkeling dient een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd te worden. Verkennend bodemonderzoek inclusief asbest Zandstraat 102 Ten behoeve van de voorgenomen transactie op de locatie Zandstraat 102 te Philippine heeft SMA Zeeland B.V. een verkennend bodemonderzoek inclusief asbest 2 uitgevoerd. Ten behoeve van het onderzoek is de locatie opgedeeld in 3 deellocaties. Onderstaande conclusies zijn geordend naar deellocatie.
2 SMA Zeeland B.V., verkennend bodemonderzoek inclusief asbest, projectnummer 23190201, 20-12-2019
NL.IMRO.0715.BPBG63-VG01
Bestemmingsplan Buitengebied, Zandstraat 100 en 102 in Philippine
|29
Algemeen terreindeel In zowel de boven- als de ondergrond zijn op de onderzoekslocatie achtergrondwaardeoverschrijdingen aangetoond voor diverse zware metalen, PAK, PCB en minerale olie. In het grondwater is een van nature licht verhoogde concentratie arseen waargenomen. In de grond onder de dakrand van de kapschuur met het asbestdak zonder dakgoot is een indicatief asbestgehalte van 150 mg/kg.ds asbest aangetroffen, hetgeen de interventiewaarde voor asbest ruim overschrijdt. Verder worden de op asbest onderzochte grond- en puinlagen ten hoogste een marginaal verhoogd asbestgehalte aangetoond. Bovengrondse dieseltank Ter plaatse van de bovengrondse dieseltank zijn in de grond en in het grondwater geen overschrijdingen van de detectiewaarden voor olie gerelateerde parameters waargenomen. Voormalige huisbrandolietank Ter plaatse van de voormalige HBO-tank is in het grondwater een van nature licht verhoogde concentratie barium aangetoond. Voor olie gerelateerde parameters zijn geen overschrijdingen aangetoond. Opgemerkt wordt dat onder de dakranden van de kapschuur een aanzienlijke hoeveelheid asbest is aangetoond. Het hoogste gewogen gehalte ligt ruim boven de halve interventiewaarde van 50 mg/kg.ds.
Om na te gaan of sprake is van een geval van ernstige bodemverontreiniging met asbest alsmede teneinde de exacte situering en omvang vast te stellen is een ander bodemonderzoek naar asbest op deze locatie in principe gewenst. Uit meerdere bodemonderzoeken blijkt dat de bovengrond van een smalle strook langs de fundering van een schuur met asbestdak zonder dakgoot verontreinigd is met asbest. Meestal gaat het om een diepte van 10 cm en een breedte van 1 meter. Naar verwachting zal dat ter plaats van de kapschuur ook het geval zijn. Uitvoering van een nader bodemonderzoek is echter wel gewenst om meer inzicht te krijgen in de verontreinigingssituatie m.b.t. asbest in de bodem Gezien de voormalige aanwezigheid van boomgaarden aan de oostzijde van de onderzoekslocatie en de aanwezigheid van een moestuin dient met name de bovengrond op deze delen formeel te worden beschouwd als verdacht op de aanwezigheid van organochloorbestrijdingsmiddelen (OCB). Deze OCB zijn persistent en kunnen in de bovengrond binnen tientallen meters rondom de boomgaarden worden aangetroffen. Er vindt zelden verspreiding naar de ondergrond en zeer zelden naar het grondwater plaats. De bij het chemisch analytisch onderzoek geconstateerde verhoogde gehalten in de grond en het grondwater geven verder geen directe aanleiding tot het uitvoeren van aanvullend of nader bodemonderzoek.
Op de onderzoekslocatie zijn lagen met meer dan 50% bodemvreemd materiaal aanwezig. Deze lagen zijn niet geanalyseerd omdat ze niet onder het beleid van de Wet bodembescherming vallen. Bodemvreemde lagen of bijmengingen kunnen stoffen bevatten die, bij vermenging met grond, een bodemverontreiniging kunnen veroorzaken of reeds hebben veroorzaakt. Vermenging met (bijvoorbeeld onder-, boven-, en naastgelegen) grond dient daarom voorkomen te worden.
NL.IMRO.0715.BPBG63-VG01
Bestemmingsplan Buitengebied, Zandstraat 100 en 102 in Philippine
|30
Asbest-bodemonderzoek Zandstraat 102 Aanleiding voor het asbest-bodemonderzoek van SMA Zeeland B.V.3 zijn de voorgenomen bouw van een woning en de resultaten van het eerder uitgevoerde bodemonderzoek, gerapporteerd in het door SMA Zeeland B.V. opgestelde ‘Eindrapport verkennend bodemonderzoek inclusief asbest Zandstraat 102 te Philippine, project 23190201, d.d. 20 december 2019’. Tijdens het verkennend bodemonderzoek werd in de vier proefgaten onder de dakranden van een kapschuur (met een asbesthoudend dak zonder (goed functionerende) dakgoot) een (indicatief) asbestgehalte van 150 mg/kg ds aangetoond. Doel van het onderhavige onderzoek is om meer inzicht te krijgen in de verontreinigingssituatie m.b.t. asbest in de bodem en het bepalen van het PFAS-gehalte van de met asbest verontreinigde grond. Er zijn achttien gaten (nrs. 101 t/m 118) tot circa 0,15 m-mv gegraven. In het uitgegraven materiaal uit de gaten 105 t/m 108, 116 en 117 zijn grove asbestverdachte materialen aangetroffen. In het uitgegraven materiaal uit de overige gaten zijn geen grove asbestverdachte materialen aangetroffen. De monsters uit de overige gaten zijn geanalyseerd in een laboratorium (van de fractie grond/puin kleiner dan 20 mm). In de monsters van een zestal gaten is asbest aangetroffen. In de bijlage zijn de boorpunten middels een kaart weergegeven.
Het is, zonder toestemming van het bevoegd gezag, niet toegestaan grondroerende werkzaamheden ter plaatse en nabij de kapschuur te verrichten. Voor de bodemsanering dient een Plan van aanpak op te worden gesteld. Hierin moet onder andere worden vermeld wanneer waar wordt gesaneerd en door wie het wordt uitgevoerd. Na goedkeuring van dit Plan van aanpak kan worden begonnen met de uitvoering. Na de uitvoering moet aangetoond worden dat de grond voldoet aan de uitgangspunten. Qua PFAS voldoet de grond aan de bodemkwaliteitsklasse ‘Wonen en Industrie’. Vooronderzoek bodem Zandstraat 100 Ten behoeve van de voorgenomen bestemmingswijziging op de locatie Zandstraat 100 te Philippine heeft Aeres Milieu B.V. een vooronderzoek conform de NEN 5725 4 uitgevoerd. Het doel van het vooronderzoek is om op basis van de onderzoeksgegevens vast te stellen of er sprake is van een mogelijke verontreiniging van de bodem met stoffen die een belemmering kunnen vormen met het oog op de voorgenomen ontwikkelingen. De onderzoekslocatie ligt aan de Zandstraat 100 Philippine. Kadastraal is de locatie bekend als gemeente Sas van Gent, sectie R, nr. 432.
Gebaseerd op de verzamelde gegevens uit het vooronderzoek wordt de onderzoekslocatie in zijn geheel als “verdacht” beschouwd op het voorkomen van organochloorbestrijdingsmiddelen (OCB’s) in de bovengrond in verband met het gebruik van de locatie als fruitboomgaard. Het noordelijk deel van de onderzoekslocatie kan tevens als verdacht worden aangemerkt door het dempen van een deel van de op de locatie aanwezige watergang. De aanwezigheid van asbestverdacht materiaal in de bodem wordt niet verwacht (niet verdacht).