CConstaterende datSúdwest-Fryslân
Koppel je AI →
Document · PDF

OUD Bijlage 5 - Omgevingsvisie Súdwest-Fryslân 1.0 2021

Raadsvergadering 18 september 2025, gemeente Súdwest-FryslânBij agendapunt: Planologyske ynstimming rekreaasjegebiet Galamadammen32.370 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

Omgevingsvisie Súdwest-Fryslân 1.0, 15 maart 2021

27 BÜO

Beschermen van cultureel en natuurlijk erfgoed. *

Bescherming stads- en dorpsgezichten, (immobiel) erfgoed met cultuurhistorische waarde en archeologische waarden; Bouwkundige kwaliteit van gebouwen en openbare ruimte borgen: Leegstand tegengaan; herbestemming leegstaande monumentale panden; Behoud en herstel van landschappelijke kernkwaliteiten en structuren; Bescherming waardevolle, kwetsbare en open landschappen en natuur; Gebiedseigen karakter en kwaliteiten als uitgangspunt nemen bij ontwerp; Tegengaan van 'landschapserosie' door grootschalige loodsen, leegstand er schaalvergroting in de landbouw

Economische, sociale en ecologische verbanden ondersteunen tussen gebieden Groene stadsranden, Isranden, Ilandschappelijke verbinding3 tussen bebouwde omgeving en buitengebied die ook dient als ecologische verbindingszone; Voedselproductie voor de stad in directe omgeving; korte ketens; Tegengaan agrarische leegstand en bevorderen brede verdienmodellen agrarische bedrijven voor wonen, gezondheidszorg, kleinschalige bedrijvigheid of recreatie, Goede OV-verbindingen en bereikbaarheid; Vormen van economische clusters.

Gezonde ecosystemen en biodiversiteit. mg v . , en vervulling door rond drijvend afval en voedingsstoffen. Zee- en kustecosystemen duurzaam beheren en beschermen en actie ondernemen om deze te herstellen. « * * «

Aanpak zwerfvuil, plastic en vervuiling water via bronmaatregelen, rioolbeheer, opruimacties, inzamelfaciliteiten in zee- en rivierhaven: milieuregulering zee- en rivierhavens; beschermen van de kustlijn via bouwvoorschriften; schoonhouden van rivierdelta's, stranden en kustgebied

Behoud, herstel en het duurzaam gebruik van zoetwaterecosystemen, waaronder bossen, heide, grondwaterlagen, moerassen en meren. Veilig en betaalbaar drinkwater voor iedereen.

Duurzaam beheer en revitalisering van bossen, ontbossing tegengaan en op duurzame manier (her)bebossen.

Efficiënter watergebruik in alle sectoren; duurzame winning van zoetwater garanderen

*

*

«

*

«

*

* *

Kraanwatergebruik bevorderen via openbare watertappunten; Gemeenielijk watergebruik zo efficiënt mogelijk maken, stimuleren en reguleren zuinig water verbruik particulieren en industrie; Ontwerp van infrastructuur afstemmen op verwachte natheid/droogte; Gebruiksfuncties grondwater- en oppervlaktewater bij droogte prioriteren; Verziĩtinģ tegengaan door tegengaan bodemdaling. Waterouffers inrichten.

Efficiënter watergebruik i alle sectoren, duurzame winning van zoetwater garanderen

*

*

Waterkwaliteit verbeteren door verontreiniging te beperken, de productie en lozing van gevaarlijke chemicaliën en materialen te beperken, recyclage en veilig hergebruik van water verhogen

»

«

Natuurinclusief ontwerpen met focus op versterken flora en fauna; Terugdringen stikstofdepositie, uitspoeling fosfaat en overige emissies uit landbouw, verkeer, industrie en bouw; hogere grondwaterstand om uitdroging en bodemdaling tegen te gaan, Natuurvolgend of revitaliserend en klimaatslim' bosbeheer; Aanplant (laan)bomen, bossen en tiny forests in steden; bomenkap tot uiterste beperken en systematisch compenseren; Bij boven- en ondergrondse (bouwwerkzaamheden en inrichting straten rekening houden met wortelstelsels bomen.

Waterkwaliteit verbeteren door verontreiniging te beperken, de productie en lozing van gevaarlijke chemicaliën en materialen te beperken, recyclage en veilig hergebruik van water verhogen. Geïntegreerd beheer van waterhulpbronnen, ook grensoverschrijdend. « » » « » *

Kwaliteit van grondwater en oppervlaktewater beschermen via bronmaatregelen; bouwen met onschadelijke materialen; Riooloverstorten tegengaan door afkoppelen regenwater; gescheiden inzamelen van ‘ruw’ afvalwater en centraal verwerken; Hergebruik bevorderen door kleinschalige, decentrale waterzuivering (ook op wijkniveau, bijvoorbeeld met gebruik van plantenzuivering) en ruimtelijke oplossingen die passen bij het natuurlijke systeem; Omzetten van (gezuiverd) afvalwater in gietwater (bijvoorbeeld binnen tuinbouwgebied), grondstoffen (nutriënten, energie) of voor stedelijk recreatiewater en waterbalans (bijvoorbeeld peil van grachten bij droogte); Aanleg natuurvriendelijke oevers en beekherstel; ecologische waterkwaliteit verbeteren door herstel leefgebied planten en dieren. Verbinden van infrastructuur boven en onder de grond voor afstemmen beheer en onderhoud.

Omgevingsvisie Súdwest-Fryslân 1.0, 15 maart 2021

Aftakeling natuurlijke leefgebieden en verlies van biodiversiteit stoppen en met uitsterven bedreigde soorten beschermen. Invasieve uitheemse soorten in land- en waterecosystemen beperken. * * « « *

Ruimte voor flora en fauna om zich te ontwikkelen door adequate bescherming en samenhangende leefruimte; uitbreiding natuurareaal, ecologische verbindingszones, Heterogene opbouw van landschappen en bodembiodiversiteit Tegengaan van verstoring door trilling, geluid en licht; stiltegebieden; Herstel van kruiden- en bloemrijke bermen door ecologisch groenbeheer en maaibeleid: natuurlijke oevers langs beken en waterlopen; Ruimte voor vissen en waterdieren om dammen en stuwen te passeren.

28 BüO

4.

VEERKRACHTIGE EN LEEFBARE WIJKEN, DORPEN EN STEDEN 4.1 Ambitie Súdwest-Fryslân Súdwest-Fryslân wil de aantrekkelijkste duurzame woon-, leef- en vestigingsklimaat van (Noord-) Nederland zijn. Daarom zorgt de gemeente voor een toekomstbestendig woonmilieu en voorzieningenniveau. Ook werkt de gemeente samen met partners aan een sterk en innova­ tief vestigingsklimaat. De vele activiteiten en evenementen dragen hieraan zeker bij. SúdwestFryslân sluit aan bij de eigen ontwikkelkracht van mensen: iedereen doet mee!

Omgevingsvisie Súdwest-Fryslân 1.0, 15 maart 2021

29 BüO

4.2 De relatie met het SDG-Kompas voor de omgeving Súdwest-Fryslân gebruikt twee leidraden voor de Omgevingsvisie 1.0. Dat zijn de SDG’s en de opbrengst van het Rondje Súdwest. Klik hier voor de introductie, onderdeel ‘Leidende principes’ > Het koepelthema 'Veerkrachtige en leefbare wijken, dorpen en steden’ telt drie centrale on­ derwerpen. Die komen uit de SDG-Kompas. Dat zijn: ^ inclusieve en bereikbare woonomgeving; ^ duurzame werkgelegenheid; ^ duurzame en veilige systemen voor het vervoer. Deze onderwerpen bepalen de opbouw van de tekst over dit koepelthema. Het oranje ‘themakompas’ laat de SDG's (sub)doelen zien die voor deze drie onderwerpen be­ langrijk zijn. Deze subdoelen zijn een afgeleide van de internationale doelen. Klik hier voor de agenda met per (sub)doel de aandachtspunten. Súdwest-Fryslân neemt die mee in haar beleid en dagelijks werk.

Omgevingsvisie Súdwest-Fryslân 1.0, 15 maart 2021

30 BüO

4.3 Wat doet Súdwest-Fryslân 4.3.1 Inclusieve en toegankelijke woonomgeving Goede balans tussen vraag en aanbod in alle kernen Samen met de mienskip zorgt Súdwest-Fryslân voor een schone en mooie leefomgeving waarin iedereen zich thuis voelt. Mensen wonen graag in Súdwest-Fryslân! Er is hier voor ieder wel iets. Dat komt door de grote diversiteit aan dorpen en steden en door een grote variatie aan aantrekkelijk woonmilieus. Wonen in de stad, aan het water, op het platteland: het kan in Súdwest! (Toekomstige) inwoners moeten een woning kunnen hebben die past bij hun situatie en be­ hoefte. De gemeente heeft een regisserende rol in de woningmarkt. Met diverse partners (zoals de corporaties) werken we samen aan een goede balans tussen vraag een aanbod. Voor een gezonde, groene en fraaie omgeving is het belangrijk om zorgvuldige keuzes te ma­ ken voor extra woningbouw. Súdwest-Fryslân legt daarom in haar woonbeleid de nadruk op: ^ herbestemmen van gebouwen; ^ ‘inbreiding’ (bouwen binnen de bestaande bebouwing) voor ‘uitbreiding’ van een kern of stad. Tegelijkertijd zet Súdwest-Fryslân in op vernieuwing van de woningvoorraad. Voor alle kernen blijft woningbouw mogelijk. Minder inwoners maar een blijvende vraag naar woningen tot 2030 Het aantal kinderen in Súdwest-Fryslân neemt af.

Het is positief dat een instroom van 25 tot 40jarigen het vertrekoverschot van 15 tot 25-jarigen compenseert. Daarnaast heeft Súdwest-Frys­ lân een zeer hoog percentage interne verhuizingen. Omdat het aantal personen per huishouden vermindert, is er nog wel behoefte aan nieuwe woningen. In Nederland is er in het algemeen een grote woningbouwopgave. Súdwest-Fryslân is op nationaal niveau niet aangewezen als een zoekgebied voor extra woningbouw. Maar trends als gevolg van de corona-pandemie en het toenemende thuiswerken zorgen er wel voor dat het aantrekkelijker wordt om in SúdwestFryslân te wonen en in de Randstad te werken. Naar verwachting zal de vraag naar woningen door mensen uit de Randstad toenemen. Na 2030 verwacht Súdwest-Fryslân een woningoverschot. Er zijn dan in Súdwest-Fryslân meer woningen dan huishoudens. Daar is nu al aandacht voor. Klik hier voor het woononderzoek uit 2018 Dat heeft deze ontwikkelingen en de effecten ervan op de woningmarkt in kaart ge­ bracht. Woningen voor diverse doelgroepen Súdwest-Fryslân wil dat er voldoende woningen zijn voor starters, jonge huishoudens, ouderen en kwetsbare mensen. Er moeten vooral voldoende mogelijkheden zijn voor starters die graag in Súdwest-Fryslân wonen. Voor ouderen zijn locaties in of nabij stads- en dorpscentra in trek om hun voorzieningenniveau.

Over het aanbod van sociale huurwoningen maken we afspraken met de woningbouwcorporaties.

Omgevingsvisie Súdwest-Fryslân 1.0, 15 maart 2021

31 BüO

Zo lang mogelijk in de eigen woning en woonomgeving Súdwest-Fryslân wil dat zoveel mogelijk mensen die zorg en begeleiding nodig hebben, goed zelfstandig kunnen blijven wonen. De woning en woonomgeving moeten daar goed bij passen. De gemeente biedt daarvoor ruimte. En helpt bij initiatieven die bijdragen aan de verbetering van de kwaliteit van het woonzorg-aanbod. Van belang is ook de toegankelijkheid van de omge­ ving en voorzieningen voor minder validen en ouderen. Denk aan brede stoepen zonder drem­ pels en obstakels en harde ondergrond van wandelpaden. We werken blijvend aan het verbete­ ren van de toegankelijkheid, onder andere door het betrekken van mensen die minder mobiel zijn bij het beleid en de uitvoering daarvan, door samenwerking met winkeliers en horecaonder­ nemers gericht op het toegankelijker maken van winkels en horeca. Daarnaast nemen we bij het verlenen van subsidies op dat de geleverde dienst of activiteit voor iedereen toegankelijk moet zijn. Aandacht voor kwaliteit van de woningvoorraad Súdwest-Fryslân wil een woningvoorraad die bijdraagt aan duurzaam, gezond en aantrekkelijk wonen. Het gaat hierbij om meer dan enkel woningen bouwen. Het opknappen en aantrekkelijk houden van de woningvoorraad en woon- en leefomgeving is een belangrijke toekomstige op­ gave, waaraan door veel partijen gezamenlijk gewerkt moet worden.

De kwaliteit van de be­ staande woningen moet blijven aansluiten op de veranderende woonbehoeften. Denk hierbij ook aan isolatie en energiegebruik. Dit draagt bij aan de aantrekkelijkheid van wijken, dorpen en gebieden als geheel. Ook aspecten als klimaatadaptatie, toegankelijkheid, biodiversiteit en het tegengaan van (winkel)leegstand spelen hierbij een rol. Súdwest-Fryslân wil in 2050 ruim 50.000 woningen van het aardgas af hebben. Er moet dus de komende dertig jaar flink wat gebeuren. Dat gaat wijk voor wijk en in een steeds hoger tempo. Súdwest-Fryslân weet eind 2021 welke wijk wanneer aan de beurt is. Daarvoor stelt de ge­ meente de Transitievisie Warmte (TVW) vast. De woningcorporaties zorgen dat de sociale wo­ ningvoorraad in 2050 is verduurzaamd. Onderwijs, sport en cultuur voor iedereen Súdwest-Fryslân staat voor goed onderwijs met kwaliteit voorop. Samen met de betrokken or­ ganisaties zorgen we ervoor dat de scholen en bibliotheken voldoen aan de wettelijke eisen. Ie­ dereen moet de kans krijgen om zich creatief te ontwikkelen, talent te ontdekken en cultuur te beleven. Actief of als toeschouwer. Enthousiaste en deskundige docenten leggen daarvoor op school de basis. Ook een gezonde leefstijl is belangrijk. Sport en bewegen horen daarbij. Lees daarvoor het thema 'Gezond en vitale mensen in een gezonde en veilige leefomgeving'.

Gebiedsgerichte aanpak Súdwest-Fryslân heeft aandacht voor al haar steden en dorpen. Het is de diversiteit die Súd­ west-Fryslân zo geliefd maakt. Ontwikkelingen moeten aansluiten bij de identiteit van een kern of gebied. Lees daarvoor het thema 'Sterke kernwaarden'. Via een gebiedsgerichte aanpak geeft Súdwest-Fryslân aandacht aan plattelandskernen en stadswijken waar de leefbaarheid onder druk staat. Klik hier voor de Ontwikkelvisie 2011 -2021 >

Omgevingsvisie Súdwest-Fryslân 1.0, 15 maart 2021

32 BüO

4.3.2 Duurzame werkgelegenheid Sterke sectoren In Súdwest-Fryslân zijn landbouw en industrie de belangrijkste takken van sport in de econo­ mie. Klik hier voor de sociaaleconomische data-analyse Deze sectoren kunnen nog verder versterken door vernieuwingen voor bijvoorbeeld verduurzaming en verbreding. Daarnaast is extra aandacht voor de sectoren waarin Súdwest-Fryslân het verschil kan maken. Maritiem (Ma­ ritiem cluster Sneek, Yachtbuilders Academy), toerisme, energie en water (duurzaamheid) en zorg. Klik hier voor de Kadernota 2020 Klik hier voor de Ontwikkelvisie 2011 -2021 Klik hier voor de Economische analyse en advies Súdwest-Fryslân uit 2017 Sterk en vernieuwend klimaat om te vestigen Een gemeente en regio met een sterk, vernieuwend en duurzaam klimaat om te vestigen. Daar staat Súdwest-Fryslân voor. Met als motto 'Van meer naar beter!' Súdwest-Fryslân werkt hier­ aan met partners uit het onderwijs, bedrijfsleven, kennisinstellingen en andere overheden. Bedrijven in Súdwest-Fryslân moeten zich voldoende kunnen ontwikkelen. Súdwest-Fryslân verbetert het startersklimaat. Daarnaast moedigt de gemeente bedrijven aan om zich hier te vestigen. Klik hier voor het beleidsdocument Werk en ondernemen 2018-2021 Nieuwe bedrij­ venterreinen brengen extra banen met zich mee. Súdwest-Fryslân richt zich in haar werving op bedrijven en sectoren die de economie kunnen versterken.

Stuwend zijn dus voor de werkgele­ genheid. Samen werken de vier grote gemeenten in Fryslân aan de verdere ontwikkeling van kennisclusters. Denk aan de Dairy, Watercampus en het Innovatiecluster Drachten. Súdwest-Fryslân wil dat er voldoende en goede terreinen en panden voor bedrijven zijn. De kwaliteit van de bestaande terreinen gaat nog onder de loep. Onderwerpen als duurzaamheid, efficiënt gebruik, klimaatadaptatie, een goede bereikbaarheid en snelle internetverbindingen zijn hierbij belangrijke onderwerpen. Het economisch zwaartepunt van Súdwest-Fryslân ligt in Sneek en Bolsward. Deze steden heb­ ben ook dé winkel- en horecagebieden van de regio voor inwoners en toeristen. Ook grootscha­ lige bedrijfslocaties horen hier thuis. In de grotere kernen in de landelijke clusters zijn er kansen voor ontwikkelingen die passen bij de kernen. Voor de landelijke clusters zet Súdwest-Fryslân in op diversiteit en menging van verschillende functies. Neem als voorbeeld kantoor, recreatie, zorg, wellness en/of mogelijkheden wonen en werken. Klik hier voor het beleidsdocument Detailhandelsstructuur Súdwest-Fryslân 2019 Klik hier voor het Horecabeleid 2014 Klik hier voor de gebiedsgerichte uitwerking in de Ontwikkelvisie 2011-2021 Toekomstbestendig toerisme Súdwest-Fryslân heeft een zeer gevarieerd en levendig aanbod voor recreanten en toeristen.

Het bruisende karakter, 's zomers en 's winters, vergroot de aantrekkingskracht voor toeristen en eigen inwoners. Súdwest-Fryslân wil het toerisme toekomstbestendig maken met een ver­ dubbeling van bestedingen van toeristen in 2030.

Omgevingsvisie Súdwest-Fryslân 1.0, 15 maart 2021

33 BüO

De verwachting is dat toerisme in Nederland toeneemt. In Súdwest-Fryslân zal dat ook merk­ baar worden. In 2030 heeft elke inwoner profijt van de gastvrijheidseconomie, wanneer Súd­ west-Fryslân kiest voor toeristen die bij het landschap, de mienskip en de omgeving passen. Súdwest-Fryslân zet in op een slimme groei met kwaliteit. Die past bij de culturele identiteit, bij het MKB en bij de ecologische footprint. Te veel toerisme en recreatie mag natuurlijk niet het woon- en leefklimaat en de landschappelijke kernwaarden aantasten. Klik hier voor het thema Sterke kernwaarden > Slimme groei draagt bij aan: ^ een prettige en gezonde leefomgeving, omdat voorzieningen op peil blijven en inwoners maken er ook gebruik van in hun vrije tijd; ^ behoud van natuur- en cultuurerfgoed, omdat nieuwe inkomsten gebruikt kunnen worden voor instandhouding erfgoed; ^ toekomstbestendige banen, zodanig dat er ruimte is voor het midden- en kleinbedrijf om te investeren in betere arbeidsvoorwaarden, een hogere arbeidsproductiviteit en het bieden van een interessant vestigingsklimaat voor jonge ondernemers en gezinnen; ^ een circulaire economie. Het is belangrijk om meer (afwisseling in) belevenissen te creëren.

Daarom nodigt SúdwestFryslân de toeristische sector en ondernemers uit om: ^ het bestaande aanbod te verdiepen; ^ onderling tot meer samenwerking te komen in de vaargebieden (watertoerisme); ^ het beter vermarkten van het toeristisch aanbod door digitale informatieverstrekking. Klik hier voor de Ontwikkelvisie 2011 -2021 > Klik hier voor de visie Toerisme en Recreatie 2013 > Accenten van de inzet van Súdwest-Fryslân op het gebied van toerisme en recreatie liggen bij vitale logiesaccommodaties en aantrekkelijke dagrecreatieve netwerken. De kwaliteit van de fietsinfrastructuur wordt hoog gewaardeerd: Friesland is nummer één fietsprovincie in 2019. Dit moet zo blijven! De mienskip speelt ook een belangrijke rol bij het behoud en het gebruik van dagrecreatieve netwerken en gebieden, omdat het aanbod voor een groot deel drijft op vrijwil­ ligers. De gemeente faciliteert goede ideeën en initiatieven van ondernemers en inwoners. Zo geeft Súdwest-Fryslân invulling aan de gastheerrol. Dat gebeurt via de drie onderhoudsopgaven voor: ^ de 140 kilometer kades en oevers; ^ ongeveer 600 bruggen; ^ ruim 40 kilometer waterbodems. Versterken van het cultuurtoerisme Erfgoed speelt, naast water en het weidse landschap, een belangrijke rol in de recreatieve aan­ trekkingskracht. Súdwest-Fryslân werkt aan een visie voor cultuurtoerisme.

De inzet is: ^ versterking van de samenwerking in het cultuur-toeristisch veld; ^ ontwikkelen van producten; ^ promotie.

Omgevingsvisie Súdwest-Fryslân 1.0, 15 maart 2021

34 BüO

De gemeente wil mensen aantrekken die actie en vertier zoeken. En óók mensen die rust en ruimte willen. Stimuleren samenwerking 3 O’s Súdwest-Fryslân stimuleert samenwerking tussen de 3 O’s. Dat zijn het Onderwijs, de Onderne­ mers en de Overheid. Klik hier voor meer informatie daarover in de Kadernota 2020 > en klik hier voor het Hoofdlijnenakkoord Bestuursperiode 2018-2022 > Doel van deze samenwerking? Dat het in aantal afnemende beroepsbevolking goed blijft aansluiten bij de vraag vanuit de be­ drijven. Klik hier voor het Dasboard monitor arbeidsmarkt > 'Iedereen doet mee'. Dat motto geldt in Súdwest-Fryslân. De gemeente zorgt voor maximale uit­ stroom en minimale instroom als het gaat om de uitkeringssituatie. De gemeente betrekt lokale bedrijven zoveel mogelijk bij haar gemeentelijke taken en opdrachten. Daarnaast zijn er investe­ ringen in concrete projecten, zoals Techlab en Yachtbuilders Academy. Verder weten starters zich gesteund. Accountmanagers verbinden deze ondernemers aan partijen die hen verder kun­ nen helpen. Súdwest-Fryslân investeert ook in (kennis)organisaties, zoals het Innovatie Plat­ form Fryslân. Dit soort organisaties kunnen ondernemers verder kunnen. Circulaire economie Net als het Rijk en de provincie werkt Súdwest-Fryslân aan een circulaire economie in 2050. Dat betekent een economie waarbij afval een grondstof is die we hergebrui­ ken.

Súdwest-Fryslân gaat voor veel minder reststromen (afval). En mindert flink in het gebruik van nieuwe grond­ stoffen. 4.3.3 Duurzame en veilige vervoerssystemen Een verkeersveilige en leefbare gemeente Súdwest-Fryslân wil een verkeersveilige, leefbare en opti­ maal bereikbare gemeente zijn. Daartoe werkt de gemeente aan een herkenbare en logische inrichting van de wegen. Met meer ruimte voor de voetganger er meer stimulans om de fiets te gebruiken. Súdwest-Fryslân reguleert het landbouwverkeer en het goederenvervoer voor meer verkeersveiligheid. Daarnaast moeten er voldoende, klantvriendelijke parkeergelegenheid zijn. De vergrijzing van de inwoners betekent een afname van de individuele mobiliteit. Dat vraagt om een goede bereikbaarheid en toegankelijkheid van de basisvoorzieningen. Denk aan huis­ artsen, ziekenhuis, supermarkten en bushaltes. Maar ook de openbare ruimte moet goed toe­ gankelijk zijn, denk aan blindegeleidestroken, brede stoepen zonder drempels en obstakels en harde ondergrond van wandelpaden. Súdwest-Fryslân werkt met de provincie aan het bereikbaar houden van kleine kernen: ^ met het openbaar vervoer; ^ door tijdig in te spelen op nieuwe vormen van vervoerstechnieken, onder meer zelfrijdende auto’s. Klik hier voor het Koersdocument Omgevingsvisie Friesland >

Omgevingsvisie Súdwest-Fryslân 1.0, 15 maart 2021

35 BüO

Duurzaamheid rode draad Súdwest-Fryslân waardeert de laadinfrastructuur op. Dat draagt bij aan de verduurzaming van de mobiliteit. Er zijn in 2022 minimaal 500 autolaadpunten. Doel is ook dat in 2022 alle groepsvervoer op 10007o hernieuwbare energie rijdt. Daarnaast stimuleert Súdwest-Fryslân andere vor­ men van duurzamer vervoer. Denk aan het gebruik van deelauto’s en het bevorderen van het fietsverkeer. De gemeente wil in de top 50 e-mobiliteit van alle gemeenten staan. Online verbindingen Ook een hoogwaardige, digitale infrastructuur is belangrijk voor de leefbaarheid en de economi­ sche ontwikkeling. De glasvezelinfrastructuur voor snel internet is daarbij onmisbaar. De toe­ komst belooft veel nieuws, zoals zorg op afstand. Ook neemt het gebruik van data thuis en door bedrijven rap toe. De digitale infrastructuur moet dit ondersteunen. Warm contact blijft onmisbaar Súdwest-Fryslân wil eenzaamheid onder ouderen op tijd signaleren en doorbreken. Er is oog voor een goede balans tussen de digitale verbindingen en de échte verbinding. Mensen blijven elkaar altijd persoonlijk nodig hebben. Ook blijft er een groep mensen die niet digitaal of online is. Het online contact mag geen vervanger zijn van echte ontmoetingen. Wel kunnen digitale ontwikkelingen ontmoeting stimuleren.

4.4 Agenda Veerkrachtige en leefbare wijken, dorpen en steden Súdwest-Fryslân gaat aan de slag met: ^ het programma 'Gezond Wonen', met daarin onder andere: » onderzoek wat de vergrijzing vraagt van onder meer wonen, voorzieningen, inrichting openbare ruimte en vervoer » inrichten van een gezonde, veilige, duurzame en klimaatadaptieve omgeving » extra aandacht voor het aantrekkelijk maken van de gemeente voor jonge gezinnen; ^ het programma 'Vitaal Landschap' met onder andere: » uitvoeringsaanpak Circulaire Economie (met name de agro-food economie) » hulp om te komen tot biodiversiteit en klimaatmaatregelen » visie op gezond voedsel produceren en consumeren Súdwest-Fryslân werkt aan de SDG’s die centraal staan bij het koepelthema. Zie het themakompas voor het thema ‘Veerkrachtige en leefbare wijken, dorpen en steden’. Dat gebeurt met het beleid en de activiteiten die in dit hoofdstuk staan. Het themakompas hieronder geeft in de grijze vakken de subdoelen van de SDG’s als handvat naar het dagelijks beleid en de activiteiten van de ge­ meente, rondom het thema ‘Veerkrachtige en leefbare wij­ ken, dorpen en steden’. Deze subdoelen zijn een afge­ leide van de internationale doelen. Súdwest-Fryslân werkt tegelijkertijd en in goede samenhang aan de vijf thema’s. Alleen zo kan Súdwest-Fryslân de gemeente blijven die zij wil zijn.

Waar het goed en duurzaam wonen, werken en genieten is met een aantrekkelijke omgevingskwaliteit.

Omgevingsvisie Súdwest-Fryslân 1.0, 15 maart 2021

36 BüO

Omgevingsvisie Súdwest-Fryslân 1.0, 15 maart 2021

37 BÜO

5.

VITAAL EN AANTREKKELIJK LANDSCHAP 5.1 Ambitie Súdwest-Fryslân Súdwest-Fryslân kiest voor een vitaal en aantrekkelijk landschap gericht op een toekomstbestendig landelijk gebied. Er is ruimte voor verandering waarbij een goede balans tussen econo­ mische en ecologische functies steeds belangrijker wordt. Met vormen van voedselproductie die circulair en met meer oog voor de natuur vorm krijgen. Voor nieuwe ontwikkeling binnen landbouw, toerisme en natuur is een vitaal landelijk gebied van belang, ook in samenhang met andere functies zoals wonen en zorg/gezondheid. De in­ standhouding en doorontwikkeling van belangrijke kernwaarden -cultureel erfgoed, water, na­ tuur en open, agrarisch, landschap- is daarbij nodig. Binnen het thema “Vitaal en aantrekkelijk landschap” geldt de landbouwtransitie als grote op­ gave. Súdwest-Fryslân streeft met haar partners naar een circulaire en natuurinclusieve vorm van landbouw waarbij diversiteit voor de uitvoer van die opgave groot kan zijn. Dat gebeurt, veelal op gebiedsniveau, ook in samenhang met de opgaven rondom energie, klimaat, waterbe­ heer en biodiversiteit/natuur. Hierdoor ontstaan kansen, zoals ook nieuwe vormen van werkge­ legenheid. Een innovatieve ontwikkeling waar Súdwest-Fryslân zich wil ontwikkelen tot experimenteergemeente voor deze vernieuwingsopgave voor het landschap.

Veelal gericht op een natuurinclusief en circulair landschapsgebruik met daarop afgestemde vormen van maatschap­ pelijke diensten (zoals natuur- of waterbeheer). Deze landbouw- en landschapstransitie is van Europese betekenis en valt samen met de ambi­ ties van Noord Nederland en de provincie Fryslân op het gebied van circulaire en natuurinclu­ sieve landbouw. Hierbij speelt ook de samenhang en wisselwerking met aangrenzende dorpen en steden en met de natuurlijke zones zoals de Natura 2000-gebieden en de doorontwikkeling van het Natuurnetwerk Nederland. Het Nationaal Landschap Zuidwest-Friesland kan hiermee aanvullend inhoud worden gegeven. Ook zien we meer ruimte voor initiatieven die zich richten op korte voedsel ketens. Die krijgen veelal vorm in de meer lokale context. Naast deze voedselproductie initiatieven krijgen andere aspecten van de voedseltransitie meer aandacht. Denk daarbij aan het tegengaan van voedselverspilling of het doorbreken van ongezonde voedselpatronen.

Omgevingsvisie Súdwest-Fryslân 1.0, 15 maart 2021

38 BüO

Omgevingsvisie Súdwest-Fryslân 1.0, 15 maart 2021

39 BüO

5.2 De relatie met het SDG-Kompas voor de omgeving Súdwest-Fryslân gebruikt twee leidraden voor de Omgevingsvisie 1.0. Dat zijn de SDG’s en de opbrengst van het Rondje Súdwest. Klik hier voor de introductie, onderdeel ‘Leidende principes’ > Het koepelthema 'Vitaal en aantrekkelijk landschap’ telt twee centrale onderwerpen. Die ko­ men uit de SDG-Kompas. Dat zijn: ^ duurzame landbouw en voedsel. ^ circulaire economie en duurzame infrastructuur; Deze onderwerpen bepalen de opbouw van de tekst over dit koepelthema. Het groene ‘themakompas’ laat de SDG's (sub)doelen zien die voor deze twee onderwerpen belangrijk zijn. Deze subdoelen zijn een afgeleide van de internationale doelen..

Omgevingsvisie Súdwest-Fryslân 1.0, 15 maart 2021

40 BüO

Klik hier voor de agenda met per (sub)doel de aandachtspunten. Súdwest-Fryslân neemt die mee in haar beleid en dagelijks werk.

5.3 Wat doet Súdwest-Fryslân 5.3.1 Duurzame landbouw en voedsel In de agro-food keten, van boer tot consument, liggen diverse verduurzamingsopgaves die ge­ richt zijn op gezonde voedselproductie uit een gezonde leefomgeving. Het gaat daarbij bijvoor­ beeld om de transitie naar een natuurinclusief en circulaire landbouw. Dit vormt een belangrijke pijler onder de kwaliteit van het buitengebied. De agrarische sector biedt daarbij kansen voor diverse innovaties en die uiten zich bijvoorbeeld via korte keten initiatieven (bijvoorbeeld lokale voedselcoöperaties) en grotere internationale voedselketens (bijvoorbeeld de agro-food-industrie in Workum of Bolsward). De te realiseren maatschappelijke doelen zijn: ^ een natuurinclusieve circulaire landbouw; ^ vernieuwen van het verdienvermogen van een diverse agro-food sector; ^ herstel van biodiversiteit; ^ CO2-reductie; ^ reductie van stikstofemissie en -depositie; ^ verbeteren van de waterkwaliteit; ^ duurzame energie doelstellingen; ^ gezondere voedsel productie en consumptie. De transitie naar een betere balans tussen ecologische en economische factoren is al volop aan de gang door veel initiatieven in de gemeenschap. Súdwest-Fryslân moedigt die ontwikke­ ling aan en probeert de ‘bottom-up beweging’ top down te combineren met bijvoorbeeld de Eu­ ropese, nationale en regionale landbouwagenda’s.

De provincie werkt begin 2021 aan een nieuwe landbouwagenda en er komt een nieuw Friese Veenweideprogramma 2021-2030. Onderdelen van deze zoektocht zijn: ^ De agrariër als duurzame energieproducent: o Mestvergisting en -raffinage; o Zonnepanelen; ^ De agrariër als duurzame voedselproducent: o Kringlooplandbouw voor o.a. internationale agro-food ketens; o Korte keten initiatieven; ^ De agrariër als beheerder van landschappelijke diensten: o Natuurbeheer, schoon water, toeristische waarde; ^ Multifunctionele landbouw: o Verbreding van agrarische bedrijfsvoering met bijvoorbeeld recreatie of zorg. Agrofoodsector op wereldniveau De agrofoodsector in Fryslân functioneert op wereldniveau. Dat moet zo blijven. De verandering naar een natuurinclusieve en circulaire landbouw in 2030 raakt de hele keten van consument tot producent. Dat is kansrijk in Súdwest-Fryslân. Dit leidt tot een hernieuwde positie van met name

Omgevingsvisie Súdwest-Fryslân 1.0, 15 maart 2021

41 BüO

de zuivelsector binnen de agrofoodketen. Een veranderend verdienvermogen voor de primaire agrarische bedrijven in het bijzonder, maar ook van de sector/keten als geheel, is daarbij een belangrijke opgave. Gezonde agrarische bedrijfstak in een vitaal landschap Een duurzame, klimaatbestendige en natuurinclusieve transitie voor de agrofoodketen is een complexe opgave. Dit leidt tot en voorbij 2030 tot een omschakeling (of doorontwikkeling) van de landbouwbedrijven. Alle actoren die betrokken zijn bij deze transitie werken steeds meer sa­ men. We zetten in op het verduurzamen van de agrofoodketen van producent (boer), verwerker (agro-food industrie) tot distributie (retail) en consument (gezond voedsel). Dat gaat over verduurzaming van de productieketen binnen planetaire grenzen, het voorkomen van verspilling in die keten, de gezondheid van de eindproducten en samenhangende problematiek als bijvoor­ beeld obesitas. Herstel biodiversiteit/natuur Het herstel van biodiversiteit is bijvoorbeeld gericht op betere inpassing van natuur binnen de agrarische bedrijfsvoering en de betere aansluiting bij bestaande natuurgebieden. Die biodiver­ siteit in het agrarisch landschap richt zich met name op: ^ Functionele biodiversiteit gericht op ondersteuning van primaire voedselproductie. Bijvoor­ beeld een levende bodem of toepassing van natuurlijke bestrijdingsmiddelen.

^ Gebied specifieke biodiversiteitsmaatregelen zoals landschapselementen of natuurlijke verbindingszones. ^ Specifieke soorten zoals de bijzondere verantwoordelijkheid voor de weidevogels die onder­ steunende aandacht vragen binnen Europese habitatrichtlijnen. Landschappelijk maatwerk Aangepaste vormen van voedsel produceren zorgen ook voor een ander type landschap. Daar­ voor is landschappelijk maatwerk nodig. De mogelijkheden hangen af van het landschapstype en type productie. Daarnaast zijn er andere mogelijkheden zoals het verhogen van de recrea­ tieve waarde van het landschap met bijvoorbeeld een boerderijwinkel of aan combinaties met zorg, behoud en ontwikkeling van cultuurhistorisch erfgoed. Binnen de aanpak Nationaal Land­ schap Zuidwest-Friesland kan hier inhoud aan worden gegeven. Klik hier voor meer informatie daarover in de Visie Ruimtelijke Kwaliteit Gemeente SúdwestFryslân 2013 Klik hier voor de Uitgangspuntennotitie Buitengebied Súdwest-Fryslân Veenweide/kleiweide In Súdwest-Fryslân is vooral sprake van kleiweide- en veenweidegebieden met voornamelijk melkveehouderijbedrijven. Hierdoor ontstaan mogelijkheden om juist binnen deze sector, en af­ gestemd op de veen- en kleigronden, tot innovaties te komen.

Voor de veenweide gebieden speelt hier de opgave rond de te hanteren waterpeilen om hiermee bodemdaling tegen te gaan, CO2-uitstoot te beperken en schade aan funderingen en wegen te voorkomen.. Ontwikkelmogelijkheden agrarische bedrijven Aan het gebied verbonden landbouw is voor Súdwest-Fryslân het uitgangspunt. Binnen de hui­ dige gemeentelijke planologische kaders is er ruimte voor verruiming van mogelijkheden voor agrarische bedrijven. Die verruiming kent verschillende vormen onder andere voor meer multi­ functionele bedrijfsvoering zoals recreatie of zorg maar ook voor bijvoorbeeld marktinitiatieven

Omgevingsvisie Súdwest-Fryslân 1.0, 15 maart 2021

42 BüO

die duurzame voedsel productie centraal zetten. Een positieve bijdrage aan de biodiversiteit, duurzaamheid en landschap is hierbij van belang. De gemeente volgt de uitgangspunten van de provincie rond nieuwvestiging of verbreding van een bedrijf. Er is geen ruimte voor nieuwe bouwpercelen voor intensieve veehouderij. Súdwest-Fryslân stuurt hierop via het bestemmings­ plan (straks het omgevingsplan). Klik hier voor de Omgevingsvisie Fryslân. Goede balans tussen functies, voorkomen van (milieu)hinder Naast (ruimtelijke) kwaliteit is ook het voorkomen van hinder voor gevoelige functies als ‘wonen’ van belang. Andersom kan een woning een agrarisch bedrijf belemmeren. Súdwest-Fryslân stuurt hierop via het bestemmingsplan (straks omgevingsplan). Met de Geurverordening is er meer ontwikkelingsruimte voor veehouderijen. Voedsel: diversiteit van korte lokale voedselketens tot internationale bulkketens Súdwest-Fryslân heeft melkveehouderijen die produceren voor de wereldmarkt. Daarnaast zijn er steeds vaker boeren die produceren voor niche markten (bijvoorbeeld biologisch) of klein­ schalige groentetelers en dorpstuinen. Die telen voor lokale consumptie en dragen bij aan een korte voedselketen. Zo is in de mienskip van (Súdwest-)Fryslân de Friese Voedselbeweging op­ gericht.

Deze Voedselbeweging heeft een Voedselvisie opgesteld die gericht is op een circulair, vitaal, transparant en eerlijk voedselsysteem. Waarbij de productie klimaatneutraal is. Doel is een korte, regionale voedselketen die bijdraagt aan: ^ een hogere voedselprijs; ^ vermindering van de voedselkilometers; ^ betrokkenheid van inwoners bij voedselproductie; ^ onderzoek naar nieuwe verdienmodellen. De voedseltransitie gaat over veel meer dan alleen een andere manier van productie. Denk on­ der meer aan: ^ de gezondheid; ^ een ander voedingspatroon (zoals minder dierlijke eiwitten en meer plantaardige eiwitten); ^ minder bewerkt voedsel eten; ^ minder voedselverspilling; ^ sociale aspecten; ^ beleving, smaak, seizoenproducten en bewustwording. Súdwest-Fryslân draagt hieraan op verschillende manieren bij. Met het verstrekken van infor­ matie, door te stimuleren/ondersteunen en met het mogelijk maken van initiatieven. SWF als experimenteergebied Vitaal Landschap Súdwest-Fryslân wil een experimenteergebied zijn voor deze circulaire natuurinclusieve landschapstransitie. Initiatieven binnen de gemeentegrenzen worden gestimuleerd. Súdwest-Frys­ lân beoogt daarin een laboratorium te zijn waar deze vernieuwing zichtbaar is. De gemeente ondersteunt bij die verandering als er implicaties zijn (bijvoorbeeld wetgeving) waar de overheid een katalyserende rol kan spelen.

Deze transitieopgave ligt grotendeels bij andere overheden (provincie, landelijk, Europa) dus de rol die we als gemeente hierin kunnen spelen vindt plaats binnen die kaders. Hierbij is van belang dat de kernwaarden -cultureel erfgoed, natuur, weids en waterrijk landschap- behouden blijven.

Omgevingsvisie Súdwest-Fryslân 1.0, 15 maart 2021

43 BüO

Gemeente geeft het goede voorbeeld Het kan gaan om: ^ beheren van bermen en groengebieden met extra aandacht voor biodiversiteit; ^ inkopen van gezonde, verse streekproducten voor in de personeelskantine; ^ stimuleren van dorpstuinen en voedseltuinen in de dorpen en wijken; ^ werken aan gedragsverandering via informatieverstrekking. 5.3.2 Circulaire economie en duurzame infrastructuur Binnen het landelijk gebied zal vooral de landbouw zich doorontwikkelen naar een circulaire be­ drijfsvoering. Circulaire economie binnen het landelijk gebied Binnen thema “Veerkrachtige en leefbare wijken, dorpen en steden” is het belang van het toe­ werken naar een circulaire economie binnen de context van duurzame werkgelegenheid be­ noemd. Voor circulaire landbouw is hiervoor bij paragraaf 5.4.1. de te kiezen aanpak binnen de context van duurzame landbouw meegenomen. Duurzame wegen- en padenstructuur Draagkracht en veiligheid van wegen en paden in het landelijk gebied moet worden afgestemd op het gebruik. De spanning die kan ontstaan tussen zwaar landbouwverkeer en toeristische en lokale routes vraagt waar nodig om veilige oplossingen. Vergroening/bermbeheer Een meer duurzame infrastructuur zal samengaan met vergroening. Denk daarbij aan bermbe­ heer of het vergroenen van bedrijventerreinen etc. Maar ook de manier waarop gemeentelijke gronden worden verpacht en beheerd.

Hoogwaardige, digitale infrastructuur In aanvulling op het thema “Veerkrachtige en leefbare wijken, dorpen en steden” is het belang van een hoogwaardige digitale infrastructuur ook voor de ontwikkeling van het landelijk gebied noodzakelijk.

5.4 Agenda Vitaal en aantrekkelijk landschap Súdwest-Fryslân gaat aan de slag met het programma Vitaal Landschap. Het programma Vitaal Landschap is samen met betrokken partijen/stakeholders opgezet. Er wordt op drie niveaus gewerkt aan landbouwvernieuwing en aan natuurherstel: ^ op strategisch niveau: o lijnen uitzetten richting 2030, met een streefbeeld per gebied o het volgen, ontwikkelen en verbreden van innovaties ^ op tactisch niveau: o projecten uitvoeren die een bijdrage leveren aan het halen van dat streefbeeld. Denk daarbij aan de opzet van gebiedsgerichte ontwikkelingen binnen de Regio Deal Natuurinclusieve Landbouw Noord-Nederland, het Veenweideprogramma, de aanpak Stikstof en aanpak knellende wetgeving.

Omgevingsvisie Súdwest-Fryslân 1.0, 15 maart 2021

44 BüO

^

op operationeel niveau: o bouwplannen bij ondernemers o opstartondersteuning van nieuwe vormen van voedselvoorzieningen o eventuele begeleiding van innovaties (waarbij de verantwoordelijkheid bij de initia­ tiefnemer blijft).

Súdwest-Fryslân werkt aan de SDG’s die centraal staan bij het koepelthema. Zie het themakompas voor het thema ‘Vitaal en aantrekkelijk landschap'. Dat gebeurt met het beleid en de ac­ tiviteiten die in dit hoofdstuk staan. Het themakompas hieronder geeft in de grijze vakken de subdoelen van de SDG’s als handvat naar het dagelijks beleid en de activiteiten van de ge­ meente, rondom het thema ‘Vitaal en aantrekkelijk landschap’. Deze subdoelen zijn een afge­ leide van de internationale doelen. Súdwest-Fryslân werkt tegelijkertijd en in goede samenhang aan de vijf thema’s. Alleen zo kan Súdwest-Fryslân de gemeente blijven die zij wil zijn. Waar het goed en duurzaam wonen, wer­ ken en genieten is met een aantrekkelijke omgevingskwaliteit.

Omgevingsvisie Súdwest-Fryslân 1.0, 15 maart 2021

45 BüO

Omgevingsvisie Súdwest-Fryslân 1.0, 15 maart 2021

46 BüO

6.

DUURZAAM, ENERGIENEUTRAAL EN KLIMAATADAPTIEF

6.1 Ambitie Súdwest-Fryslân Súdwest-Fryslân wil in 2050 CO2-neutraal, klimaatbestendig, energieneutraal en circulair zijn. Dat sluit aan bij de nationale klimaatdoelstellingen. Het is wenselijk om de verschillende opga­ ven met elkaar te verbinden. Dat leidt tot een gezonde, veilige en goede kwaliteit van de leef­ omgeving. Het heeft de voorkeur dat Súdwest-Fryslân initiatieven vanuit de mienskip aanmoedigt en mogelijk maakt. Maatschappelijke acceptatie en draagvlak zijn daarbij van groot belang. Uitleg over de begrippen energie-, klimaatneutraal, weerbaarheid en circulaire economie . Energieneutraal: de energie die mensen gebruiken, komt alleen uit hernieuwbare energiebron­ nen. Dus zonlicht, windkracht en aardwarmte. Dit zijn energiebronnen die geen CO2 uitstoten. . Klimaatneutraal: deze aanpak richt zich op de afname van broeikasgassen, zoals CO2, in de volle breedte. Het gaat hierbij ook om maatregelen in het veengebied die zorgen voor een CO2afname. . Weerbaarheid: dit omvat alle maatregelen die goed voorbereiden op de effecten van klimaat­ verandering. Denk aan hittestress, verdroging en stijging van de zeewaterspiegel. . Circulaire economie: dit is een breed begrip. Het anders omgaan met grondstoffen staat hierbij centraal. De gebruikte grondstoffen moeten zoveel mogelijk in de kringloop blijven.

Producten zijn het einde van hun leven geen afval maar een grondstof voor andere processen of pro­ ducten.

Omgevingsvisie Súdwest-Fryslân 1.0, 15 maart 2021

47 BÜO

6.2 De relatie met het SDG-Kompas voor de omgeving Súdwest-Fryslân gebruikt twee leidraden voor de Omgevingsvisie 1.0. Dat zijn de SDG’s en de opbrengst van het Rondje Súdwest. Klik hier voor de introductie, onderdeel ‘Leidende principes’ > Het koepelthema ‘Duurzaam, energieneutraal en klimaatadaptief telt twee centrale onderwer­ pen. Die komen uit de SDG-Kompas. Dat zijn: ^ schone energie; ^ weerbaarheid. Deze onderwerpen bepalen de opbouw van de tekst over dit koepelthema. Het blauwe ‘themakompas’ laat de SDG's (sub)doelen zien die voor deze twee onderwerpen belangrijk zijn. Deze subdoelen zijn een afgeleide van de internationale doelen. Klik hier voor de agenda met per (sub)doel de aandachtspunten. Súdwest-Fryslân neemt die mee in haar be­ leid en dagelijks werk.

Omgevingsvisie Súdwest-Fryslân 1.0, 15 maart 2021

48 BüO

6.3 Wat doet Súdwest-Fryslân 6.3.1 Samenhang tussen de transities en integraal werken Gebruikssystemen zijn robuust, veerkrachtig en dienstbaar Wat is er nodig om te komen tot de klimaatadaptatie, energietransitie en circulaire economie? Het vraagt om vernieuwing en aanpassingen die flink ingrijpen. Denk aan: ^ de uitbreiding van de energie-infrastructuur; ^ de aanleg van warmtenetten; ^ het klimaatbestendig en veilig maken van het systeem van het water. Súdwest-Fryslân zet in op robuuste en veerkrachtige systemen als dragers van wat er veran­ dert. Dat eerste betekent dat de systemen gezond, veilig, functioneel en duurzaam zijn. Het tweede betekent dat de systemen kunnen meebewegen met de tijd. Lees: met wat er verandert aan wensen en opgaven. Dit vraagt om samenwerken. En om het in goede samenhang combi­ neren van kennis, proces, inwoners, landschap, financiën en technologie. Bij elke opgave. Súd­ west-Fryslân zet hierop maximaal in. Maatschappelijke en ruimtelijke inpassing De nagestreefde ontwikkelingen rondom energie en klimaat kan de gemeente niet alleen reali­ seren. Súdwest-Fryslân faciliteert en werkt samen waar het kan en initieert waar het moet. Op dit moment zijn al veel boeren, energiecoöperaties, ondernemers en individuele inwoners goed op weg. Súdwest-Fryslân wil zoveel mogelijk overbodige hindernissen wegnemen.

Kernen en wijken doorlopen elk hun eigen proces, elk in een verschillende fase. Súdwest-Fryslân speelt in op de stand van zaken. Middelen die voortkomen uit de energiemaatregelen moeten zoveel mogelijk terugvloeien naar de lokale mienskip. Kernwaarden van het landschap en van de kernen zijn leidend voor een goede inpassing. Burgerraadpleging Regionale Energiestrategie Om de Energietransitie vorm te geven is voor de Regionale Energiestrategie in Súdwest-Frys­ lân in 2020 een Burgerraadpleging gehouden. De resultaten zijn in zes hoofdconclusies: 1. Deelnemers zien een grote rol voor de gemeente en de inwoners zelf. 2. Deelnemers zijn terughoudend over een te grote rol voor de markt. 3. De overgrote meerderheid van de deelnemers wil niet dat Súdwest-Fryslân energieleveran­ cier van Nederland wordt, jongeren zijn relatief positief over deze optie. 4. Het landschap is een belangrijke waarde en de aantasting daarvan een reden tot zorg (staat onder geluk) 5. Kosteneffectiviteit is een belangrijk onderwerp voor deelnemers. 6. Deelnemers hebben zorgen over de eerlijkheid van de verdeling van lusten en lasten. Het streven is dat elk dorp en wijk zijn eigen energiecoöperatie heeft. Ieder dorp wordt gestimu­ leerd een brede dorpsvisie te ontwikkelen. Súdwest-Fryslân stimuleert het ontstaan van netwer­ ken in en tussen de dorpen en maatschappelijke partijen.

Omgevingsvisie Súdwest-Fryslân 1.0, 15 maart 2021

49 BüO

6.3.2 Schone energie Trias energetica: besparen, duurzaam opwekken en hergebruik van energie De klimaatmitigatie bestaat uit een pakket van maatregelen. Doel daarvan is om in 2030 4907o minder broeikasgassen uit te stoten dan in 1990. Twee pijlers dragen elke op hun eigen manier bij aan CO2 reductie: 1. elektriciteit (energieopwek) 2. Gebouwde Omgeving (energieverbruik); Circulaire Economie loopt als rode draad door deze twee pijlers. Elke pijler is onmisbaar om de klimaatdoelen (4907o CO2 reductie in 2030) te halen. Het denken hierover gebeurt vanuit de ‘trias energetica’: ^ stap 1: beperk de vraag naar energie; ^ stap 2a: gebruik energie uit reststromen; ^ stap 2b: gebruik energie uit hernieuwbare bronnen ^ stap 3: als gebruik van eindige (fossiele) energiebronnen onvermijdelijk is, gebruik ze dan zeer efficiënt. Compenseer dit op jaarbasis met 10007o hernieuwbare energie. Klik hier voor de bron van de informatie over trias energetica Besparen Energie besparen is goed voor het klimaat én ook voor de portemonnee. Gedrag is hierbij een belangrijke factor. Het draait niet alleen om grote investeringen, zoals het isoleren van wonin­ gen. Súdwest-Fryslân zet in op het stimuleren van bespaargedrag en bespaarmaatregelen. Hernieuwbare energie: mixen! Het opwekken van duurzame energie ligt in Súdwest-Fryslân landelijk gezien boven het gemid­ delde.

Súdwest-Fryslân wil de hernieuwbare energie laten bestaan uit een mix van verschil­ lende vormen van duurzame energie. Voorbeelden zijn zonnepanelen, oppervlaktewarmte, warmte uit de aardbodem en bodemwater en het gebruik van waterstof. De technieken ontwik­ kelen zich namelijk snel. De visie en ambities gaan ze uitwerken in: ^ de Regionale Energie Strategie (RES); ^ de Transitievisie Warmte (TVW). Accent op zon en water Súdwest-Fryslân legt het accent via de zonneladder op zonne-energie. En op de kansen die er zijn in relatie tot ons blauwe, waterrijke profiel. De zonneladder houdt in dat de voorkeur uitgaat naar zonnepanelen op daken in bebouwde omgeving. Uit indicatief onderzoek blijkt dat potentiële opwek op panden met (zeer) geschikte daken neer­ komt op ~0,323 TWh. Daarbij is er niet op gelet of een dakconstructie geschikt is. Of dat het plaatsen van zonnepanelen volgens de regelgeving mag. In theorie kan Súdwest-Fryslân dus meer energie opwekken dan dat bewoners en bedrijven bij elkaar verbruiken. Daarnaast zijn er door het vele water kansen voor watergerelateerde technieken. Súdwest-Fryslân wil hiervoor een proeftuin zijn. Denk bijvoorbeeld aan aquathermie. Klik hier voor een verdere uitwerking in de Ontwikkelvisie 2011-2021

Omgevingsvisie Súdwest-Fryslân 1.0, 15 maart 2021

50 BüO

Duurzame energieopgave voor 50y0 uit lokale initiatieven Ook de inpassing en de verbetering van de energie-infrastructuur zijn belangrijk aandachtspun­ ten. Dat geldt voor elektriciteit en voor warmte (warmtenetten). Súdwest-Fryslân brengt samen met de regio de ruimte voor opwekking van hernieuwbare energie in kaart. Dat gebeurt via de Regionale Energie Strategie. Hierbij is aanwezigheid van lokale inzet en/of acceptatie noodza­ kelijk. Het Rijk formuleerde een belangrijk uitgangspunt. Namelijk dat het streven is dat 5007o van de energieopwek in eigendom komt van burgers en bedrijven. Voor de verwarming van alle gebouwen gaat Súdwest-Fryslân op zoek naar alternatieven voor het aardgas. Er komt inzicht in welke alternatieve oplossingen (on)mogelijk zijn voor het aard­ gas. Dat gebeurt voor wijken of buurten die voor 2030 op de planning staan in de TVW. In het algemeen werkt Súdwest-Fryslân aan bewustwording. Dat gebeurt door voorlichting te geven en laagdrempelige maatregelingen aan te bieden. De gemeente werkt de TVW samen met de samenleving uit in wijkuitvoeringsplannen. Energietransitie versterkt de identiteit Verandering van het landschap door veranderend energiegebruik is van alle tijden. De energie­ transitie voegt een nieuw hoofdstuk toe aan deze geschiedenis. Delen van het landschap zijn in het verleden gebruikt voor turfwinning.

Windmolens zijn al vijf eeuwen lang aanwezig in ons landschap. Ook vroeger dachten ze na over zuinig omgaan met energie. De overgang naar een duurzame energievoorziening heeft (weer) een groot invloed op de om­ geving. Súdwest-Fryslân wil niet te veel van de ruimte vragen. Daarom gebruikt de gemeente de ‘zichtbaarheidsladder’. Daarbij gaat de voorkeur uit naar vormen van energieopwekking met geen of een minimale zichtbaarheid. Klik hier voor het koepelthema ‘Sterke kernwaarden: cultu­ reel erfgoed, natuur, weids en waterrijk landschap’ > Het vraagt om zorgvuldige omgang met de kernwaarden als er sprake is van een grote zicht­ baarheid. Dan is het tijd voor een (nieuwe) omgevingskwaliteit. Denk aan nieuwe energielandschappen, energieparken en energieboeren. Súdwest-Fryslân gaat er dan van uit dat een pro­ ces op gang komt. Een proces waarbij betrokken partijen elkaar opzoeken om het samen eens te worden over de inpassing. 6.3.3 Weerbaarheid De effecten van klimaatverandering zijn heel uiteenlopend en sterk afhankelijk van de plek op aarde. In Nederland leidt klimaatverandering tot hogere temperaturen, meer(extreme) neerslag, drogere zomers en een stijgende zeespiegel. Het gaat daarbij niet alleen om geleidelijke veran­ deringen. Extreem weer, zoals hittegolven en forse regen- en hagelbuien, komt steeds vaker voor.

Dat leidt tot meer schade en slachtoffers dan voorheen het geval was. Klimaatverandering heeft effect op de kernen, het landelijke gebied en de mensen die er wo­ nen. Als we niets doen, neemt de schade toe. Súdwest-Fryslân gaat met betrokken partijen (zo­ als het Wetterskip Fryslân) aan de slag met een klimaatbestendige en water robuuste inrichting. Samen werken we aan een strategie. Die richt zich op het voorkomen van overlast van water en het voorkomen van hittestress en droogte. Uiteraard heeft de gemeente lang niet op alle facto­ ren invloed.

Omgevingsvisie Súdwest-Fryslân 1.0, 15 maart 2021

51 BÜO

Voorkomen overlast van water Eén van de klimaateffecten is ‘wateroverlast in stedelijke gebied’. Over het algemeen gaat het bij wateroverlast om gebeurtenissen van beperkte omvang, zoals extreme regenbuien. Die kun­ nen wel plaatselijk grote hinder veroorzaken. Door de zeespiegelstijging komen de huidige zee­ kust-, IJsselmeer- en Waddenzeenatuur onder druk te staan. Dat betekent dat leefgebieden voor dieren en planten aantasten of verdwijnen. Daarnaast is er sprake van verzilting van land­ bouwgrond in combinatie met bodemdaling. Dat vraagt om het beperken en zo mogelijk voorko­ men van overstroming en de gevolgen daarvan. Rijkswaterstaat en het Wetterskip Fryslân zijn verantwoordelijk voor het onderhouden en functi­ oneren van de dijken en waterkeringen. Zij zorgen er ook voor dat er voldoende water is in het gebied. Súdwest-Fryslân zorgt voor de juiste afvoer van het vuilwater en het overtollige regen­ water. Zo zetten we met elkaar in op een robuust en veerkrachtig watersysteem voor 2050. Voorkomen van hittestress en droogte Binnen de grotere kernen en steden is het gemiddeld één graad warmer dan in een landelijke omgeving. Inwoners van steden hebben hierdoor meer last van hitte. De verwachting is dat de zomers alleen maar warmer worden. Door hitte kan de luchtverontreiniging toenemen. Mensen ervaren overlast van hitte doordat ze ‘s avonds niet goed kunnen slapen.

Kwetsbare groepen, vaak ouderen, hebben hier vaak extra last van. Ook uitval van arbeidskrachten, toename van ziektes en vervroegde sterfte zijn gevolgen van de warmte en slaaptekort. En wat denk je van de invasie van de eikenprocessierups? Over overlast gesproken. Die gedijt goed in het warmere klimaat. Súdwest-Fryslân heeft voor Sneek en Bolsward het effect van hitte in kaart gebracht. Hierbij valt op dat Bolsward gevoeliger is voor hittestress dan Sneek. De oorzaak hiervan is dat Bolsward op sommige plekken dichtere bebouwing kent dan Sneek. Andere problemen als gevolg van toenemende hitte zijn de verdroging van natuurgebieden en een verminderde landbouwproductie. Extreme droogte kan zorgen voor een tekort aan zoet wa­ ter. En ook aan verzilting aan de kust en tot ver in het land. Ook dit probleem is een belangrijk onderdeel van de strategie waaraan Súdwest-Fryslân samenwerkt met het Wetterskip.

6.4 Agenda Duurzaam, energieneutraal en klimaatadaptief Súdwest-Fryslân gaat aan de slag met: ^ het programma Klimaatmitigatie* met daarin de pijlers: 1. elektriciteit, waar de Regionale Energiestrategie (RES) onder valt; 2. Gebouwde Omgeving**, uit te werken in wijkuitvoeringsplannen, met daarin onder meer: o keuzes voor duurzame energiesystemen o het isoleren van woningen; 3. Circulaire Economie; ^ het programma Klimaatadaptatie; ^ het programma Vitaal landschap met: o de uitvoeringsaanpak Circulaire Economie

Omgevingsvisie Súdwest-Fryslân 1.0, 15 maart 2021

52 BÜO

o o

biodiversiteit en klimaatadaptatie aanmoedigen visie op gezond en duurzaam voedsel (onder meer productie, innovatie en con­ sumptie).

*Dit is een pakket maatregelen. Doel daarvan is om in 2030 490Zo minder broeikasgassen uit te stoten dan in 1990. **Daaronder valt de integrale aanpak Transitievisie Warmte (TVW). Súdwest-Fryslân werkt aan de SDG’s die centraal staan bij het koepelthema. Zie het themakompas voor het thema ‘Duurzaam, energieneutraal en klimaatadaptief. Dat gebeurt met het beleid en de activiteiten die in dit hoofdstuk staan. Het themakompas hieronder geeft in de grijze vakken de subdoelenSDG’s als handvat naar het dagelijks beleid en de activiteiten van de gemeente, rondom het thema ‘Duurzaam, energieneutraal en klimaatadaptief’. Deze sub­ doelen zijn een afgeleide van de internationale doelen. Súdwest-Fryslân werkt tegelijkertijd en in goede samenhang aan de vijf thema’s. Alleen zo kan Súdwest-Fryslân de gemeente blijven die zij wil zijn. Waar het goed en duurzaam wonen, wer­ ken en genieten is met een aantrekkelijke omgevingskwaliteit.

Omgevingsvisie Súdwest-Fryslân 1.0, 15 maart 2021

53 BüO

Omgevingsvisie Súdwest-Fryslân 1.0, 15 maart 2021

54 BüO

7.

IDEEKAARTEN DEELGEBIEDEN

Voor ieder deelgebied is een IDeekaart gemaakt. De IDeekaarten benoemen de aandachtspun­ ten voor de gebieden. Hierbij is weer dezelfde indeling van de vijf thema's gebruikt (klik hier voor 'thema's'). De IDeekaarten bestaan uit een kaart met legenda met gebied specifieke punten en daarnaast punten die voor het deelgebied als geheel gelden. De kaart is (in de website van de Omgevingsvisie 1.0) een pdf waarop ingezoomd kan worden. Súdwest-Fryslân gebruikt de IDeekaar­ ten als opstap voor het gesprek met de mienskip in de gebieden. Dit wordt als vervolg op de Omgevingsvisie 1.0 uitgewerkt in (Gebieds)Agenda's. Voor het IJsselmeergebied is het Ambitiedocument al klaar. Met de gebiedsindeling volgt Súdwest-Fryslân de indeling die gebruikt is tijdens het Rondje Súdwest (klik hier voor de ‘intro’). Ook sluit deze goed aan op de Ontwikkelagenda (klik hier voor de Ontwikkelagenda 2019 - 2023). De grenzen van de gebieden zijn afgestemd op de grenzen die het Centraal Bureau voor Statistiek in haar onderzoeken gebruikt. Dit maakt het ge­ bruiken en vergelijken van onderzoeksgegevens eenvoudiger. Uiteraard kunnen de gebieden niet los van elkaar gezien worden. Ze vullen elkaar aan en heb­ ben elkaar nodig. Samen zijn ze Súdwest-Fryslân. Net als er een sterke relatie is tussen Súd­ west-Fryslân en de provincie en (Noord-)Nederland.

De grenzen tussen de gebieden zijn niet hard, maar vloeien in elkaar over.

Omgevingsvisie Súdwest-Fryslân 1.0, 15 maart 2021

55 BüO

I Dee kaarten

ýmt

Lişşins deelgebieden

SBSm ffrtitr

I Dee kaart Deelgebied Sneek - Locotiespedfieke aandachtspunten

''S' i|nM*iMiìBp|t««wki«l|«Man U» ratfái aanp* to «lar t*toa «an Man W*mI rvtovialt# d* etam**»*

|MI hlK »4K w M«t

v.%

Aaadarfct ioor mAh) va» da par .«a Hat ««i hal rw-pfetod lanp hat ««er

»ié«|ii«*i «and» fc*mrt«hal*—a«srad .'

Vaat va»Vtoa« («aariaa» «al am ha« «maart Waat ap* to hai mawiaaá

ar»r* da ratafia nat hal IwaaUrrraar nnr buhsnáti da marm tm Qaaaw Ito toadaal aétda İL1L w«»atodMrá«toáMKto

taaaaròa nadaift-a acc4a|tocha toatoaactorM ka» «ia «at aa(áf «aehr dl

naad da harran rarto da «ad •rţtiepnŕ bnãir ináiMi ■ to»m*aptoani dar aa* «araa ni*m

vanad tof A.’t-iaaa Mar lţp« ianaaa entoaei apaaMaM aft psartoa Ksrtaaŕrrtaadatpto a» athht hawhadi toad da b#*a*«aá a» Vaah toľá daar da raadaam ai Ma(nasctolatobMwncawi įad adai-atoatiaitoad an átoar da »ai daar da maan ás da toaraban saa* radi Ihaatoen] mm d« a* aa« da amarta a M»—«ao ah ^mmairt htj vawavwapr Cmvtmr dKáhadá In da

toaardid aa arslad ìtod als Uawlatolda aaitohd^áad war aUMd mmm*

«ardai lada -*dp* ixara» a»ta*aa ìaaaadaaaa Mmaa* maf» naar latotladaM rvtoM «aar omwtjiiM po-i mts » da yaaaa hwailtoa vanhar*a« la nadar data adfaa* m —fcpļ *a»*a aan tatapda «tol» sa da ahá stat *ah om op nat da baaran to da to toļnaaiaa ptaraHthi oetndlalhi *an da gadtraadma—naaaaa

I Dee kaart Deelgebied ineei - Gebiedsbfede aandachtspunten įt f2) «lor Sm*k «m» (C«è*»^»Àf»«d9 y irt» O» «wlarfttiiitnlia imìi ImqmI In *i» IM* *r I wnfdme, ti dn (C«ll»ái)A|wtdi rtş mitit er. mtşivWI lol KR Idiyia vdti. Ďţ d* al—rl^n van do (C**—*k*0m4a —49 4e — tvmàlp fcvtioi*#n. MH

noi 4» OnytMfrR» «el 4»

Oenkavlvr mrnl di# ww 4» —nla opklap Op OwIupI h 4» fn^tvlalwlw Op bant nvt tnpnnéa ywtt 4p pbttdnļm M» aandachhp—itnn. ♦♦•♦na ratpn éa MadacMippil pp dm opor h+t ftfcela yM»4 ftidao Va—» «ooMfl ie 4* Dadoart pp— Satab 4—aan —dan oitjradyd vol M»e«al— In bum* Sed—nt f 'yilèn 4nn*l m+m warrior taltalana van —top banaa, fvdrafnr. wmdaa pp m**rw*»ré* .lofeòpn voot aaa

Gezonde vtt»le mensen tn eer gezonde en veilige omgeving lw*«*S l*w(o«ţ*.Hţ *

» * * i

Aaadkchc voet Mn apenbar* turnt» At «nnop-gt tol aan getonde leehai)! a.i cbvmlMrt tot taa|*» '. Speet tula nenOecMa nodig raar aan baţ patr^Up wapatlil nadar jongman In Wetdaad Mm» da wad goed ĮMpap)! «aar «aryttllaoO» Jaa |»a ma* an Uarnįdaa Breng op gabaduaraau Ot neen'corgepga*»* ia tmald a**.»ckt rata acntaamPeid ar «eideenda ontmoeongpiahten M Pa stap Laar daarnaast aan da ja tot ntaia rapű oergaang loupiea an rape Sunrai mar PamanBavnanPatij» aonae. Aaeootht raar teilhard In da mart nada» jonget** ** Sraat Iteotd an IMP

CoaOe albuenaliMK a

Aandacht veer mleMnalital lbo Pan. water luebt, ai Vaat Hat n belangrijk nrgta Pafan «per aan gagoaPa boPat», «ar pan tan. paraat an ataman.

'

*

a

In nat algemeen: Karnat bttuaada groan» gat*etoa* an -cructuran voet da b*ed**rsM*tt, tummadagciot an gaiomwid. oaa tnfraa^aatd Pa gdutotn naar m*tcaihacp*ii|ba (tncbat riant In nat poet U|(an. Aandacht root mogeöjkhaOan mar a*n rardara *er groaning von da oparteara netme.MwA fear») getrvat van rnaanoppaütarMn «termeer ar bj*oorb**Ld a an Pa rtounng lavtrhi aardt M fct; htmnchBrg. lam w banonamilant in da pa ana ovtevgjrrgiane op urgnidge at j*e, alt orderdaol vaa hat tanawŕ m nat *aP*r vaa pa rtauw* botartuga mar «aPartand Meatier taart») Mat ape* UndKtup an Pa overt p lute Bat tub pa Landbouw. loot, naatappalxaman mat Pa UaaaatapaaPa. Mtarwlpian Uapavw an ««ton piaid In ahsenvn ng mat da mtanpup

titaan walor a

Pat* bat malar maar rcMbrjr an Balaalbaar. maat Pa pavart tOveat tragelijk apenhaar

WerkTpchtige en leefbtie wrtÿken. dorpen er tteOen altar devnlle oaagrvmg » « a i I

t t

v

Skitt matantw*A*tingan tan It) da gagnroda tovetvm an uggng; tnaat ate *iptr"ta terptud tan tat natal *p da evergang ttpaatW-an taa«eat4aP. Wak it eakwmalalip varBonPtn «al Pa darpan aiaratoan; vaat «adamjpa itttoai. BantPtr kat alt aan samwiherpttd tefteei waar Houdt darpan rriplggand tan gaaotda eta d Via at vraagt tv; ladar* furnbab^ra on tw*ü»Mng ora wm" ruvnta voor proaa an •itat an or» tan poada baian *g arvan. UtPcM voer rarptra iaipaann| ran da ataP. oat tutrn da ««Kan. la Pa ttadnaap bum aaaardara opgaren an rwntaciaWH lanatoar Pna m unama^. alįotem ep Pa tarrt-ival taitan an onder grotto an want aaa integral* vtaa. Maarvoupp narreagaoru-t a *l| onrwthaiugar tat leidend* pntopa 0* l*ndKtappat;ha!i|piap, da bodem. ciibarlntanvlv meerden or «avian* ?ngnrnan da bun an t*v*m Hap'iviMn Bí) ontvMhaBngoa Attache veer baloud on narbattarmwig tntometa gabatrwan. teola tartan on and** naatxnrepair ;w an indualnee! artgpad Data r)r bepalend mar Pa idanowt an van Patang voor pa too ala tanantant taadKtc mer roan*. tmlnUaapi an painptupaanat

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15871577/2