Bijlage VI - Risicoanalyse
Tekst van het document
Slachtofferbeeld en impact De beoordeling van de impact geschiedt met behulp van onderstaande tabellen: Status Doden
Aantal 160 – 400 > 400 > 40.000 ± 640.000
Gewonden (T1/T2) Getroffenen Betrokkenen
Impactcriterium 1.1 aantasting van de integriteit van het grondgebied 2.1 doden 2.2 ernstig gewonden en chronisch zieken 2.3 lichamelijk lijden (gebrek aan primaire levensbehoeften) 3.1 kosten 4.1 langdurige aantasting van milieu en natuur (flora en fauna) 5.1 verstoring van het dagelijks leven 5.2 aantasting van positie van het lokale en regionale openbaar bestuur 5.3 sociaal psychologische impact 6.1 aantasting van cultureel erfgoed
Score (A-E of Nvt) Nvt D hoog E Nvt D Nvt E Nvt E Nvt
Impact A
B
C
C-hoog
D
D-hoog
E
Waarschijnlijkheid De waarschijnlijkheid van dit scenario wordt als “mogelijk” ingeschat. Klasse
% waarschijnlijkheid
Kwalitatieve omschrijving
A
< 0.05
Zeer onwaarschijnlijk
B
0.05 – 0.5
Onwaarschijnlijk
C
0.5 – 5
Mogelijk
D
5 – 50
Waarschijnlijk
E
50 – 100
Zeer waarschijnlijk
‘Grotere’ incidenten die zich tussen 2009 en juli 2021 in Fryslân hebben afgespeeld en die gerelateerd aan dit scenario zijn, staan hieronder opgesomd: Datum 2014 2014 2014 Maart 2018 11 maart 2020
Incident Norovirus, Zorgcentrum Heremastate Heerenveen TBC-uitbraak, Leeuwarden Ebola in West-Afrika. Ziekenhuizen bereiden zich voor Griepgolf. Ziekenhuizen kampen met grote capaciteitsproblemen Coronacrisis
GRIP-niveau GRIP 0 GRIP 0 GRIP 0 GRIP 0 GRIP 4
2.8
Sociaal maatschappelijke omgeving
Binnen het thema sociaal maatschappelijke omgeving staan evenementen en bijkomende gevaren centraal als ook andere incidenten als amok of onrust bij demonstraties. Gezien het grote aantal evenementen wat jaarlijks binnen de provincie plaatsvindt is dit een relevant thema om nader uit te werken in dit hoofdstuk. Daarnaast wordt tevens aandacht geschonken aan de problematiek van geweld rondom voetbalwedstrijden waarbij aanhangers van verschillende voetbalclubs de confrontatie met elkaar en/- of de politie opzoeken. De geschiedenis en het aantal evenementen/ wedstrijden maakt dat dit relevante thema’s zijn binnen Friesland.
Scenario
Paniek groot evenement In Fryslân vinden jaarlijks veel evenementen plaats. Van de evenementen zijn er meer dan 1.500 aangemerkt als zijnde B (groot) of C (zeer groot). Sprekende voorbeelden hiervan zijn grote marathons, Luchtmachtdagen en de Elfstedentocht. Gezien het groene/ toeristische karakter van de provincie vinden traditioneel veruit de meeste (grote) evenementen plaats in de lente en zomermaanden.
Kenmerken Voor dit scenario zijn een aantal belangrijke kenmerken geselecteerd: • Het incident speelt zich af bij een van de grote evenementen in de provincie; • Minder validen, kinderen en ouderen worden als kwetsbare groepen aangemerkt; • De impact op vitale infrastructuur zoals elektriciteits- of gasvoorziening is niet meegewogen in dit scenario.
Beschrijving Tijdens een groot evenement ontstaat onder het aanwezige publiek paniek als gevolg van een brand bij het podium. Doordat er veel mensen op een relatief kleine ruimte aanwezig zijn ontstaat chaos waardoor mensen in de verdrukking komen of zelfs onder de voet worden gelopen. Doordat het evenement buiten plaatsvindt zijn de aanwezige personen relatief snel uit de buurt van de brand die aanleiding gaf voor de paniek. De gewonden (en één dodelijk slachtoffer) vallen daarom als gevolg van de paniek en niet door de brand. Door de paniek en ontstane chaos hebben hulpdiensten de eerste periode grote moeite met het vormen van een beeld en is het lastig vast te stellen hoeveel gewonden er daadwerkelijk zijn gevallen. Een aantal van hen zal de plaats van het incident op eigen kracht hebben verlaten en zullen zich op een later tijdstip bij een huisarts, huisartsenpost of eerste hulp melden.
Slachtofferbeeld en impact De beoordeling van de impact geschiedt met behulp van onderstaande tabellen: Status Doden Gewonden (T1/T2) Getroffenen Betrokkenen
Aantal 1 2-4 < 4.000 < 40.000
Impactcriterium 1.1 aantasting van de integriteit van het grondgebied 2.1 doden 2.2 ernstig gewonden en chronisch zieken 2.3 lichamelijk lijden (gebrek aan primaire levensbehoeften) 3.1 kosten 4.1 langdurige aantasting van milieu en natuur (flora en fauna) 5.1 verstoring van het dagelijks leven 5.2 aantasting van positie van het lokale en regionale openbaar bestuur 5.3 sociaal psychologische impact 6.1 aantasting van cultureel erfgoed
Score (A-E of Nvt) Nvt A B Nvt A Nvt Nvt Nvt B Nvt
Impact A
B
C
C-hoog
D
D-hoog
E
Waarschijnlijkheid De waarschijnlijkheid van dit scenario wordt als mogelijk tot waarschijnlijk ingeschat. Klasse
% waarschijnlijkheid
Kwalitatieve omschrijving
A
< 0.05
Zeer onwaarschijnlijk
B
0.05 – 0.5
Onwaarschijnlijk
C
0.5 – 5
Mogelijk
D
5 – 50
Waarschijnlijk
E
50 – 100
Zeer waarschijnlijk
‘Grotere’ incidenten die zich tussen 2009 en juli 2021 in Fryslân hebben afgespeeld en die gerelateerd aan dit scenario zijn, staan hieronder opgesomd: Datum 10 mei 2013 19 juni 2013 21 mei 2014
Incident Oldtimer rijdt feesttent in, Wijckel Bijtende stof in feesttent, Damwoude Instorten dug-out tijdens schoolkorfbaltoernooi, Twijzel
GRIP-niveau GRIP 1 GRIP 1 GRIP 3
Scenario
Rellen rondom demonstraties of manifestaties Tegenwoordig wordt opgemerkt dat er steeds meer polarisatie plaatsvind in de samenleving. Beslissingen gemaakt door de overheid worden niet door iedereen geaccepteerd en de bedoeling van bepaalde beslissingen zelfs in twijfel getrokken. Via demonstraties en andere manifestaties worden meningen van groepen mensen verkondigd.
Kenmerken Voor dit scenario zijn een aantal belangrijke kenmerken geselecteerd: • De demonstratie is gericht tegen een beslissing van de overheid; • De demonstratie vind plaats tijdens een drukke zaterdagmiddag; • Minder validen en kinderen worden als meest kwetsbare groepen onderscheiden.
Beschrijving Na aanleiding van een genomen beslissing door de rijksoverheid is er onvrede ontstaat binnen een grote groep mensen die het hier niet mee eens is. Om uiting te geven aan deze mening is men op een zaterdagmiddag massaal bijeengekomen in de binnenstad van Leeuwarden om in een optocht te vertrekken naar het Provinciehuis. Bij het provinciehuis is men van plan om te demonstreren. Tijdens deze demonstratie is een tegendemonstratie zich ook richting het provinciehuis gaan bevinden om een tegengeluid te laten horen. Na het ontstaan van kleine opstootjes en vechtpartijen heeft de Mobiele Eenheid ingegrepen om de groepen uit elkaar te halen. De demonstratie heeft geleid tot gewonden onder de demonstranten en vernielingen aan onder andere straatmeubilair een eigendommen van winkels in de binnenstad.
Slachtofferbeeld en impact De beoordeling van de impact geschiedt met behulp van onderstaande tabellen: Status Doden Gewonden (T1/T2) Getroffenen Betrokkenen
Aantal 0 2–4 < 400 < 1.000
Impactcriterium 1.1 aantasting van de integriteit van het grondgebied 2.1 doden 2.2 ernstig gewonden en chronisch zieken 2.3 lichamelijk lijden (gebrek aan primaire levensbehoeften) 3.1 kosten 4.1 langdurige aantasting van milieu en natuur (flora en fauna) 5.1 verstoring van het dagelijks leven 5.2 aantasting van positie van het lokale en regionale openbaar bestuur 5.3 sociaal psychologische impact 6.1 aantasting van cultureel erfgoed
Score (A-E of Nvt) Nvt Nvt A Nvt A Nvt A Nvt B Nvt
Impact A
B
C
C-hoog
D
D-hoog
Waarschijnlijkheid De waarschijnlijkheid van dit scenario wordt als “waarschijnlijk” ingeschat. Klasse
% waarschijnlijkheid
Kwalitatieve omschrijving
A
< 0.05
Zeer onwaarschijnlijk
B
0.05 – 0.5
Onwaarschijnlijk
C
0.5 – 5
Mogelijk
D
5 – 50
Waarschijnlijk
E
50 – 100
Zeer waarschijnlijk
E
Scenario
Terreur aanslag Wereldwijd bestaat er een lange historie als het aankomt op terreur aanslagen/ extreem geweld. Dit zijn situaties waarbij een (of meerdere) dader(s) veel slachtoffers maken door een aanval op een groep mensen of gebouw. De laatste jaren kenmerken deze incidenten door het gebruik van (soms zware) vuurwapens. Sprekende voorbeelden in de VS zijn de jaarlijks terugkerende “schoolshootings”. In Nederland is het meest sprekende voorbeeld het schietincident in Alphen aan den Rijn.
Kenmerken Voor dit scenario zijn een aantal belangrijke kenmerken geselecteerd: • Er is uitgegaan van één dader; • Gevolgen op vitale infrastructuur zijn niet meegewogen in dit scenario; • Door de chaos en systematische werkwijze van de dader zijn er geen specifieke kwetsbare groepen benoemd.
Beschrijving Een verwarde man besluit, gewapend met meerdere vuurwapens, tot het plegen van een aanslag op een gebouw in zijn directe omgeving. Hij gaat systematisch te werk en gaat in het gebouw van ruimte naar ruimte en probeert hierbij zoveel mogelijk slachtoffers te maken. Als de eerste politie-eenheden ter plaatse komen, treffen zij een chaotische situatie aan, veel mensen rennen in paniek en in shock naar buiten. Wanneer de politie het pand betreedt en ruimte voor ruimte veilig gaat stellen, treffen zij de dader dood aan. Vlak voor aankomst van de politie heeft hij zichzelf van het leven beroofd.
Slachtofferbeeld en impact De beoordeling van de impact geschiedt met behulp van onderstaande tabellen: Status Doden Gewonden (T1/T2) Getroffenen Betrokkenen
Aantal 16 - 40 4 – 16 < 400 < 1.000
Impactcriterium 1.1 aantasting van de integriteit van het grondgebied 2.1 doden 2.2 ernstig gewonden en chronisch zieken 2.3 lichamelijk lijden (gebrek aan primaire levensbehoeften) 3.1 kosten 4.1 langdurige aantasting van milieu en natuur (flora en fauna) 5.1 verstoring van het dagelijks leven 5.2 aantasting van positie van het lokale en regionale openbaar bestuur 5.3 sociaal psychologische impact 6.1 aantasting van cultureel erfgoed
Score (A-E of Nvt) Nvt C-hoog C Nvt A Nvt A Nvt D Nvt
Impact A
B
C
C-hoog
D
D-hoog
E
Waarschijnlijkheid De waarschijnlijkheid van dit scenario wordt als “Waarschijnlijk” ingeschat. Klasse
% waarschijnlijkheid
Kwalitatieve omschrijving
A
< 0.05
Zeer onwaarschijnlijk
B
0.05 – 0.5
Onwaarschijnlijk
C
0.5 – 5
Mogelijk
D
5 – 50
Waarschijnlijk
E
50 – 100
Zeer waarschijnlijk
‘Grotere’ incidenten die zich tussen 2009 en juli 2021 in Fryslân hebben afgespeeld en die gerelateerd aan dit scenario zijn, staan hieronder opgesomd: Datum 26 juni 2009 26 april 2012 26 oktober 2017 17 oktober 2017 1 juni 2018 9 januari 2020
Incident Melding ‘verdacht pakketje’, Leeuwarden Zeemijn (in Westersingel), Leeuwarden Aantreffen explosief (plofkraak Rabobank), Haulerwijk Plofkraak (Rabobank), Bakkeveen Plofkraak, Leeuwarden Verdacht pakket station, Leeuwarden
Bronvermelding •
Politie Noord-Nederland
GRIP-niveau GRIP 3 GRIP 3 GRIP 1 GRIP 1 GRIP 1 GRIP 1
Scenario
Personen met verward gedrag Er is een tendens waarneembaar dat mensen langer zelfstandig blijven wonen en minder snel worden opgenomen in het kader van zorg/ geestelijke gezondheidzorg. Verwarde personen hebben in Fryslân en omliggende regio’s al voor diverse incidenten gezorgd. Zo was er in december 2015 een explosie in een flatgebouw in Drachten veroorzaakt door een verward persoon. Eenzelfde incident gebeurde in mei 2020 in de stad Groningen. Beide explosies zijn ontstaan door het openzetten van de gaskraan, waardoor de hele woning volliep met gas. In de afgelopen periode zijn er ook meerdere meldingen geweest van personen die dreigen met een dergelijke explosie. Deze dreigingen komen steeds vaker naar voren in het nieuws en kunnen zeer divers zijn. Ook schiet/ steekincidenten en overlast zijn voorbeelden die kunnen plaatsvinden. Deze scenario’s geven vaak maatschappelijke onrust, waarbij ook de schuldvraag een belangrijk item is.
Kenmerken Voor dit scenario zijn een aantal belangrijke kenmerken geselecteerd: • Een verward persoon veroorzaakt een gasexplosie; • De explosie ontstaat in een appartementencomplex met 18 woningen; • Het appartementencomplex wordt bewoond door zowel gezinnen als minder zelfredzamen.
Beschrijving In een appartementencomplex met 18 woningen laat een verwarde bewoner opzettelijk de gaskraan openstaan, waardoor de complete woning volloopt met aardgas. Het appartement is een tussenwoning op de eerste verdieping. Door het aanzetten van een elektrisch apparaat, weet het gasmengsel zich te ontsteken en een explosie ontstaat onmiddellijk. Door de explosie stort een gedeelte van het appartementencomplex met haar 18 woningen in, waardoor er een grote ravage en paniek ontstaat. Door de explosie en de instorting zijn er meerdere doden (waaronder de dader) en zwaargewonden. Ook in de omgeving van het gebouw vallen licht gewonden door de explosie en het rond vliegend puin (o.a. glasscherven). Omdat er zowel gezinnen als verminderd zelfredzamen niet terug in de woning kunnen is er een zeer uitgebreide nazorgfase. De maatschappelijke onrust is ook erg groot en het incident heeft weerslag op de gehele gemeenschap. Ook de schuldvraag is hierbij een belangrijk item.
Slachtofferbeeld en impact De beoordeling van de impact geschiedt met behulp van onderstaande tabellen: Status Doden
Aantal 2-4 4-16 n.t.b. n.t.b.
Gewonden (T1/T2) Getroffenen Betrokkenen
Impactcriterium 1.1 aantasting van de integriteit van het grondgebied 2.1 doden 2.2 ernstig gewonden en chronisch zieken 2.3 lichamelijk lijden (gebrek aan primaire levensbehoeften) 3.1 kosten 4.1 langdurige aantasting van milieu en natuur (flora en fauna) 5.1 verstoring van het dagelijks leven 5.2 aantasting van positie van het lokale en regionale openbaar bestuur 5.3 sociaal psychologische impact 6.1 aantasting van cultureel erfgoed
Score (A-E of Nvt) Nvt B B Nvt B Nvt A A D Nvt
Impact A
B
C
C-hoog
D
D-hoog
E
Waarschijnlijkheid De waarschijnlijkheid van dit scenario wordt als “Waarschijnlijk” ingeschat. Dit mede gezien de toename van het aantal incidenten en de tendens van het langer zelfstandig blijven wonen. Klasse
% waarschijnlijkheid
Kwalitatieve omschrijving
A
< 0.05
Zeer onwaarschijnlijk
B
0.05 – 0.5
Onwaarschijnlijk
C
0.5 – 5
Mogelijk
D
5 – 50
Waarschijnlijk
E
50 – 100
Zeer waarschijnlijk
‘Grotere’ incidenten die zich tussen 2009 en juli 2021 in Fryslân hebben afgespeeld en die gerelateerd aan dit scenario zijn, staan hieronder opgesomd: Datum Incident GRIP-niveau 6 januari 2021 Verward persoon met vuurwapen, Oosterwolde GRIP 1
Bronvermelding • • •
Dossier Explosie Drachten. Leeuwarder Courant. Geraadpleegd van http://www.lc.nl/dossier/explosie-drachten; Dagblad van het Noorden. Geraadpleegd: https://www.dvhn.nl/groningen/Explosie-in-woningaan-Nijensteinheerd-in-Groningen-25657874.html; Expert Judgement: GGZ, Sociaal Domein Fryslân, Politie Noord-Nederland en Gemeente Súdwest-Fryslân.
3
Analyse en risicodiagram
In het vorige hoofdstuk is per scenario weging gegeven aan de impact van een scenario als ook de waarschijnlijkheid van plaatsvinden. Door deze twee componenten te wegen middels een Multi criteria-analyse zijn de scenario’s vergelijkbaar en weergegeven in een zogenaamd risicodiagram. In het risicodiagram zijn in één beeld de waarschijnlijkheid en impact is van de verschillende scenario’s gevangen en weergegeven.
3.1 Analyse Zoals in hoofdstuk 1 van dit rapport al is uitgelegd wordt in de volgende paragraaf het risicodiagram weergegeven. Dit diagram is tot stand gekomen door de parameters uit de hiervoor beschreven scenario’s te wegen en tegen elkaar af te zetten. Daarnaast is niet alleen heeft de weging van impactscores een invloed op de uitkomst van de aggregatie, maar ook de toegepaste aggregatiemethode (MCA-techniek) heeft dit. In dit onderzoek is gebruik gemaakt van de gewogen som methode. Wanneer de gewogen som methode wordt toegepast worden de A-E scores van een scenario op de tien criteria omgezet naar kwantitatieve scores. Deze worden daarna vermenigvuldigd met de overeenkomstige relatieve gewichten en vervolgens gesommeerd. Hoe groter de impacts van een incidentscenario, des te hoger zal de gewogen som van het scenario zijn. Voor een gedetailleerde beschrijving van de voor- en nadelen van de methodiek verwijzen wij naar het Methodiekboek van de Handreiking Regionaal Risicoprofiel. Om de gewogen som methode te kunnen toepassen zijn benodigd: (i) de scores van de incidentscenario’s op de tien afzonderlijke criteria, en (ii) het relatieve gewicht van elk van deze criteria. De impactscores van de incidentscenario’s zijn hierboven beschreven. De impactcategorieën A tot en met E voor de tien impactcriteria zijn niet lineair ingedeeld.
Bij de rekenkundige aggregatie van de tien impactscores met behulp van de gewogen som methode kan daarom geen gebruik worden gemaakt van een lineaire transformatie om de impactklasse om te zetten naar een kwantitatieve score. Hiertoe dient een exponentiële transformatie te worden gebruikt. In de onderstaande tabel zijn de getalswaarden opgenomen behorende bij de verschillende impactklassen. Deze getalswaarden voor elk impactcriterium worden vervolgens geaggregeerd met behulp van de gewogen som methode.
3.2 Diagram Na analyse van alle criteria zijn in onderstaand diagram op de horizontale as de waarschijnlijkheid van de scenario’s weergegeven en deze zijn afgezet tegen de impact van de scenario’s die op de verticale as zijn weergegeven. Het diagram maakt inzichtelijk welke scenario’s een hoge impact op de vitale belangen en een hoge waarschijnlijkheid op optreden hebben.
Bijlagen Bijlage 1:
Toelichting op impactcriteria en waarschijnlijkheidsbeoordeling
Hieronder wordt de toelichting gegeven op de impactcriteria en de waarschijnlijkheidsbeoordeling. Deze toelichting is afkomstig uit de Handreiking Regionaal Risicoprofiel, versie 1.10. Territoriale veiligheid “Het ongestoord functioneren van Nederland als onafhankelijke staat in brede zin, dan wel in de territoriale integriteit in enge zin.” Criterium 1.1 Aantasting van de integriteit van het grondgebied “Het feitelijke of functionele verlies van, dan wel het buiten gebruik zijn van, dan wel het verlies van zeggenschap over delen van de regio.” Onder functioneel verlies wordt vooral verstaan het verlies van het gebruik van gebouwen, woningen, infrastructuur, wegen en grond. Bepalend voor de impact zijn: ▪ oppervlakte van het bedreigde of aangetaste gebied (geografische afbakening); ▪ tijdsduur gedurende welke het gebied wordt bedreigd of aangetast. Oppervlakte Tijdsduur 2 tot 6 dagen 1 tot 4 weken 1-6 maanden 1/2 jaar of langer
Wijk, dorp Max. 4 km2
Lokaal 4-40 km2
Gemeentelijk 40-400 km2
Regionaal > 400 km2
A A B C
A B C D
B C D E
C D E E
Het resultaat van de impactscore wordt eventueel gecorrigeerd op basis van de bevolkingsdichtheid van het bedreigde of getroffen gebied: ▪ indien de bevolkingsdichtheid > 750 personen/km2 dan + 1 (bijv. klasse B wordt C). ▪ indien de bevolkingsdichtheid < 250 personen/km2 dan - 1 (bijv. klasse C wordt B). Fysieke veiligheid “Het ongestoord functioneren van de mens in Nederland en zijn omgeving.”
Criterium 2.1 Doden “Dodelijk letsel, direct overlijden of vervroegd overlijden binnen een periode van 20 jaar.” Als indicatoren voor het meten van de impact worden gehanteerd: ▪ het aantal doden als gevolg van het beschreven incident; ▪ het tijdstip van overlijden. Aantal
<1
2-4
4-16
16-40
40-160
160-400
>400
A
B
C
C hoog
D
D hoog
E
A
A
B
C
C hoog
D
D hoog
Tijdstip Direct (binnen 1 jaar) Vervroegd overlijden (binnen 1-20 jaar)
In het geval beide indicatoren van toepassing zijn, geldt de score van de hoogste impactklasse.
Criterium 2.2 Ernstig gewonden en chronisch zieken “Letsel gevallen behorend tot categorie T1 en T2, en personen met langdurige of blijvende gezondheidsproblemen zoals ademhalingsklachten, ernstige verbrandingen of huidaandoeningen, gehoorbeschadiging, lijden aan oorlogssyndroom. Slachtoffers behorend tot categorie T1 of T2 hebben onmiddellijk medische hulp nodig en behandeling dient binnen 2 uur te starten (T1) dan wel moeten continu gemonitord worden en behandeling binnen 6 uur (T2). Chronisch zieken zijn personen die gedurende een lange periode (> 1 jaar) beperkingen ondervinden: medische zorg nodig hebben, niet of gedeeltelijk kunnen deelnemen aan het arbeidsproces, belemmering ervaren in het sociale functioneren.” Als indicator voor het meten van de impact wordt gehanteerd: ▪ het aantal ernstig gewonden en chronisch zieken. Aantal
1
2-4
4-16
16-40
40-160
160-400
>400
A
B
C
C hoog
D
D hoog
E
Criterium 2.3 Lichamelijk lijden (gebrek aan primaire levensbehoeften) “Blootstelling aan extreme weer- en klimaat omstandigheden, alsmede het gebrek aan voedsel, drinkwater, energie, onderdak of anderszins primaire levensbehoeften.”
Als indicatoren voor het meten van de impact worden gehanteerd: ▪ het aantal getroffenen; ▪ tijdsduur. Aantal Tijdsduur 2 tot 6 dagen 1 tot 4 weken 1 maand of langer
< 400 Getroffenen
< 4.000 Getroffenen
< 40.000 Getroffenen
> 40.000 Getroffenen
A B C
B C D
C D E
D E E
Economische veiligheid Criterium 3.1 Kosten “Euro’s in termen van herstelkosten voor geleden schade, extra kosten en gederfde inkomsten.” Als indicatoren voor het meten van de impact worden gehanteerd: ▪ Materiële schaden en kosten; ▪ Gezondheid schaden en kosten; ▪ Financiële schaden en kosten; ▪ Kosten van bestrijding, hulpverlening en herstel. De impact is gebaseerd op de schade die in totaal geleden wordt. Dus de afzonderlijke categorieën worden opgeteld. Kosten in €
<2 miljoen
< 20 miljoen
< 200 miljoen
<2 Miljard
>2 Miljard
1. Materiële schade 2. Gezondheid schade 3. Financiële schade 4. Bestrijdingskosten en herstel Economische schade totaal A B C D E Zie voor een toelichting op de individuele posten voor schaden en kosten het Methodiekboek van de Handreiking Regionaal Risicoprofiel. Ecologische veiligheid “Het beschikken over voldoende zelfherstellend vermogen van de leefomgeving bij aantasting.”
Criterium 4.1 Langdurige aantasting van het milieu en natuur (flora en fauna) “Langdurige of blijvende aantasting van de kwaliteit van het milieu, waaronder verontreiniging van lucht, water of bodem, en langdurige of blijvende verstoring van de oorspronkelijke functie, zoals het verlies van soortendiversiteit flora en fauna, verlies van bijzondere ecosystemen, overrompeling door uitheemse soorten.” Aantasting van de ecologische veiligheid wordt gemeten aan de hand van twee aspecten: A. Aantasting van natuur- en landschappelijke gebieden die als beschermwaardig zijn aangewezen, en B. Aantasting van het milieu in algemene zin, ook buiten de genoemde natuur- en landschappelijke gebieden. Criterium 4.1A “Impact of natuur- en landschappelijke gebieden die als beschermwaardig zijn aangewezen (natuurgebieden), waarbij ecosystemen geheel of gedeeltelijk verloren gaan of voor langere tijd worden aangetast, of waarbij soorten (flora en fauna) verloren gaan.” Bepalend voor de impact zijn: ▪ Type natuurgebieden die in het getroffen gebied liggen: er wordt nagegaan of er zich gebieden bevinden die behoren tot de broedgebieden van weidevogels, tot de EHS of Natura 2000. Aantasting van deze gebieden wordt in die volgorde als ernstiger ingeschat. ▪ Relatief oppervlak van het getroffen natuur- of landschappelijk gebied. ▪ Duur van de aantasting.
▪
Relatieve oppervlakte Type gebied
< 3%
3-10%
>10%
Broedgebieden weidevogels EHS-gebieden Natura2000
A
B
C
B C
C D
D E
Als de duur van de aantasting wordt ingeschat als langer dan 10 jaar, dan wordt de ernst van de impact een stap hoger gescoord.
Criterium 4.1B “Aantasting van het milieu in algemene zin, ook buiten de genoemde natuurlijke en landschappelijke gebieden, zal over het algemeen leiden tot impacts die gescoord moeten worden.” Onder criterium 4.1B wordt aandacht geschonken aan die impacts die een ernstige aantasting van het milieu op zich veroorzaken. Er is sprake van ernstige aantasting van het milieu indien: ▪ milieuprocessen die voorwaardenscheppend zijn voor het onderhouden van levensprocessen (denk bijvoorbeeld aan mineralisatie kringlopen, reiniging van water en lucht), worden aangetast, waarbij (indien van toepassing) bestaande normen worden overschreden, en:
▪
die aantasting plaatsvindt gedurende een periode van tenminste 3 jaar.
Bepalend voor de impact zijn: ▪ absolute oppervlakte van het getroffen gebied. Oppervlakte
▪
Wijk, dorp Max. 4 km2
Lokaal 4-40 km2
Gemeentelijk 40-400 km2
Regionaal > 400 km2
A
B
C
D
Als de duur van de aantasting wordt ingeschat als langer dan 10 jaar, dan wordt de ernst van de impact een stap hoger gescoord.
De hoogste gescoorde impact op 4.1a en 4.1b geldt als impact voor het criterium 4.1. Sociale en politieke stabiliteit “Het ongestoorde voortbestaan van een maatschappelijk klimaat waarin groepen mensen goed met elkaar kunnen samenleven binnen de kaders van de democratische rechtstaat en gedeelde waarden.” Criterium 5.1 Verstoring van het dagelijks leven “De aantasting van de vrijheid zich te verplaatsen en samen te komen op publieke plaatsen en in openbare ruimten, waardoor de deelname aan het normale maatschappelijk verkeer wordt belemmerd.” Als indicatoren voor het meten van de impact worden gehanteerd: ▪ geen onderwijs kunnen volgen; ▪ niet naar het werk kunnen gaan; ▪ geen gebruik kunnen maken van maatschappelijke voorzieningen als die voor sport, cultuur, of gezondheidszorg; ▪ verminderde bereikbaarheid door blokkade van wegen en uitval van openbaar vervoer; ▪ niet kunnen doen van noodzakelijke aankopen wegens winkelsluiting. De genoemde indicatoren worden gewaardeerd op basis van: ▪ aantal getroffenen; ▪ tijdsduur; ▪ aantal indicatoren van toepassing. Aantal
< 40.000
> 40.000
Tijdsduur 1 tot 2 dagen 3 tot 1 week 1 week tot 1 maand 1 maand of langer ▪ ▪
< 400 inwoners A A B C
< 4.000 inwoners A B C D
inwoners
inwoners
B C D E
C D E E
in het geval maximaal 1 indicator van toepassing is dan score - 1 (bijv. klasse C wordt B). in het geval 3 indicatoren van toepassing zijn dan score + 1 (bijv. klasse B wordt C).
Criterium 5.2 Aantasting positie lokale en regionale openbaar bestuur “De aantasting van het functioneren van de Nederlandse overheid, in het bijzonder de lokale en regionale overheid, en haar instituties en/of de aantasting van rechten en vrijheden en andere kernwaarden verbonden aan de Nederlandse democratie en vastgelegd in de grondwet.” Als indicatoren voor het meten van de impact worden gehanteerd: ▪ aantasting van het functioneren van de politieke vertegenwoordiging; ▪ aantasting van het functioneren van het openbaar bestuur; ▪ aantasting van het functioneren van het financiële stelsel; ▪ aantasting van de openbare orde en veiligheid; ▪ aantasting van vrijheden en/of rechten; ▪ aantasting van geaccepteerde Nederlandse waarden en normen. De genoemde indicatoren worden gewaardeerd op basis van: ▪ Aantal indicatoren van toepassing; ▪ Tijdsduur; ▪ Omvang waarmee een indicator is aangetast. Aantal indicatoren Tijdsduur Dagen Weken Maanden 1 of meer jaren
Max. 1 uit 6 Indicatoren
Max. 2 uit 6 Indicatoren
3 uit 6 Indicatoren
A B C D
B C D E
C D E E
Het resultaat van de impactscore wordt gecorrigeerd op basis van de mate van aantasting van een indicator: indien een indicator voor meer dan 50% wordt aangetast, dan wordt de score verhoogd met 1 (bijv. klasse C wordt D).
Criterium 5.3 Sociaal psychologisch impact “Gedragsmatige reactie van de bevolking die zich uit in angst en woede, verdriet of afschuw en waaraan de media aandacht besteden. Angst en woede kunnen leiden tot passiviteit c.q. mijdingsgedrag of tot agressief gedrag, vechten of vluchten. Angst en woede worden voornamelijk gevoed door wantrouwen, door een gevoel van machteloosheid, vrees voor herhaling en gebrek aan kennis. Afschuw kan leiden tot paniek en massahysterie.” Het aspect sociaal psychologische impact is uitgewerkt in een aantal indicatoren. Deze zijn in de onderstaande tabel opgenomen. Perceptie van het incident Onbekendheid met de aard of de oorzaak van het risico Onzekerheid over de mate van dreiging of gevaar en over de mogelijkheid dat je er persoonlijk door geraakt kan worden Mate van onnatuurlijkheid van (de oorzaken van) het incident Mate waarin kwetsbare groepen onevenredig zwaar worden getroffen Verwachtingspatroon rond het incident en de gevolgen Mate van gevoelde verwijtbaarheid van relevante partijen bij het ontstaan van het incident dan wel het optreden van ongewenste gevolgen ervan. Mate van verlies van vertrouwen in het optreden van de overheid en betrokken bedrijven inzake enerzijds de beheersing van het incident en anderzijds de informatieverschaffing.
Mate van verlies van vertrouwen in het optreden van de hulpdiensten bij de beheersing van het incident. Handelingsperspectief voor getroffenen bij het incident Mate van onbekendheid en/of onervarenheid met mogelijke vormen van zelfredzaamheid in de specifieke situatie Mate van persoonlijke onmogelijkheid tot beheersing van de eigen situatie Per indicator dient te worden aangegeven of deze wel of niet van toepassing is. Indien de indicator wel van toepassing is dan zijn de volgende vier intensiteiten mogelijk: ▪ ‘geen’, d.w.z. de indicator is in dit scenario niet aanwezig en dus niet van invloed op het ontstaan van angst en/of woede; ▪ ‘beperkt’, d.w.z. dat de indicator in zwakke mate aanwezig is en in isolement beschouwd niet voldoende is voor het optreden van de uiting(en) van angst en/of woede; ▪ ‘normaal’, d.w.z. dat de indicator duidelijk herkenbaar aanwezig is en in isolement beschouwd in beperkte mate bijdraagt aan het optreden van de uiting(en) van angst en/of woede; ▪ ‘aanzienlijk’, d.w.z. dat de indicator in sterke mate aanwezig is en in isolement beschouwd dominant bijdraagt aan het optreden van de uiting(en) van angst en/of woede. De intensiteit waarin en indicator van toepassing is, kan bepalend zijn voor het optreden van angst of woede, maar moet niet worden verward met de omvang van de uitingen van angst en woede.
Dit laatste wordt pas in tweede instantie als correctiemechanisme gebruikt. De klassenindeling is gebaseerd op het aantal indicatorcategorieën (perceptie, verwachtingspatroon of handelingsperspectief) dat ‘significant’ is, en een eindoordeel over ‘gradatie’ die op de intensiteit van de afzonderlijke indicatoren is gebaseerd (zie ook het Methodiekboek Handreiking Regionaal Risicoprofiel).
Een indicatorcategorie (perceptie, verwachtingspatroon of handelingsperspectief) is significant indien: ▪ Er minstens één indicator een intensiteit van aanzienlijk heeft in de categorie, OF ▪ Indien aan de volgende twee voorwaarden gelijktijdig wordt voldaan: o Minimaal de helft van de indicatoren (per categorie) scoren een intensiteit beperkt, normaal of aanzienlijk, en o Er minstens één indicator met intensiteit normaal in de categorie aanwezig. Een categorie die bijvoorbeeld uitsluitend uit beperkt van toepassing zijnde indicatoren bestaat, is niet significant. Indien alle indicatoren niet van toepassing zijn of niet optreden dan scoort dit criterium NVT. Het eindoordeel over de gradatie berust op het voorkomen van bepaalde intensiteiten van de afzonderlijke indicatoren in de categorieën: ▪ Laag inzien er geen relevante indicatoren met intensiteit normaal of aanzienlijk zijn; ▪ Hoog inzien één van de volgende situaties zich voordoet: o Er zijn minstens twee of drie significante categorieën aanwezig en deze bevatten elk minstens één indicator met de intensiteit aanzienlijk, o Er is slechts één significante categorie en van deze hebben alle indicatoren een intensiteit van aanzienlijk; ▪ Gemiddeld in alle overige gevallen.
Aantal categorieën Eindgradatie Laag Gemiddeld Hoog
significante
0 significante categorieën
1 significante categorie
2 significante categorieën
3 significante categorieën
A A -
B C
C D
D E
Het resultaat van de impactscore wordt gecorrigeerd: ▪ Indien de omvang en tijdsduur van de waarneembare uitingen van angst en/of woede gering zijn, d.w.z. < 10.000 personen gedurende max. 2 dagen, dan -1 (bijv. C wordt B); ▪ Indien de omvang en tijdsuur van de waarneembare uitingen van angst en/of woede grootschaligheid van de gevolgen aanduiden, d.w.z. > 1.000.000 personen (waaronder in 2 of meer grote steden) gedurende tenminste 1 week, dan + 1 ( C wordt D). Cultureel erfgoed Criterium 6.1 Aantasting cultureel erfgoed “De beschadiging, vernietiging of verdwijning van materiële sporen of getuigenissen uit het verleden in het heden die de samenleving om redenen van o.a. collectieve herinnering en identiteitsbehoud dan wel identiteitsvorming van belang acht om te bewaren, te onderzoeken, te presenteren en over te informeren.”
Als indicatoren voor het meten van de impact worden gehanteerd: ▪ Er is sprake van uniciteit, d.w.z. het object is de enige of een van de weinige overgebleven representant(en) van een soort of type; ▪ Er is sprake van aantasting van de identiteit, d.w.z. de betekenis en gevoel van eigenwaarde die de samenleving of een gemeenschap ontleent aan het object; ▪ Er is sprake van aantasting van de harmonie en/of waarde en/of samenhang van een groter geheel door de aantasting van het object als deel van dat geheel; ▪ Er zijn beperkte mogelijkheden tot restauratie; ▪ Het betreft bronmateriaal, d.w.z. het verklarende en/of inspirerende begin of uitgangspunt voor een stroming, school, cultureel begrensde groep, e.d.
De impact is gebaseerd het aantal indicatoren dat geldt voor het scenario. Aantal indicatoren
Max. 1 indicator
Max. 2 indicatoren
Max. 3 indicatoren
4 of meer indicatoren
A
B
C
D
Het resultaat van de impactscore wordt gecorrigeerd op basis van de mate van aantasting van een indicator. Indien minsten een indicator voor meer dan 50% wordt aangetast, dan wordt de score verhoogd met 1 (bijv. C wordt D). Waarschijnlijkheidsbeoordeling Voor het inschatten van de waarschijnlijk geldt de volgende verdeling in hoofdklassen. Klasse A B C D E
% waarschijnlijkheid < 0,05 0,05 – 0,5 0,5 - 5 5 - 50 50 -100
Kwalitatieve omschrijving Zeer onwaarschijnlijk Onwaarschijnlijk Mogelijk Waarschijnlijk Zeer Waarschijnlijk
Klasse A B C D
Kwalitatieve omschrijving dreiging Geen concrete aanwijzingen en gebeurtenis wordt niet voorspelbaar geacht Geen concrete aanwijzingen maar gebeurtenis wordt enigszins voorspelbaar geacht Geen concrete aanwijzingen en gebeurtenis wordt voorspelbaar geacht De gebeurtenis wordt zeer voorspelbaar geacht
E
Concrete aanwijzingen dat de gebeurtenis geëffectueerd zal worden